Jaarrekening 2022 (VRT)
Tekst van het document
41 // JAARSTUKKEN 2022
Informatie Instandhouding van het pand aan de Demmersweg, waar de Meldkamer in gevestigd is, volgens het vastgestelde reglement als bedoeld in artikel 111d, Boek 5 van het B.W. De eigenaren in de gemeenschap zijn stemgerechtigd voor de volgende delen: • Veiligheidsregio Twente 39 stemmen • Stichting Ambulance Oost 61 stemmen Het bestuur van de vereniging bestaat uit twee bestuurders van Veiligheidsregio Twente namelijk de portefeuillehouder Financiën en de secretaris VRT en één bestuurder (directeur) van de Stichting Ambulance Oost. In 2020 is de stallingsruimte van het appartement aan de Demmersweg te Hengelo verkocht aan de Ambulance Oost. Het deel dat Veiligheidsregio Twente bezit is hiermee gedaald van 52 naar 39. Zij kan voor 39/100 deel aansprakelijk gesteld worden bij een faillissement of bij een financieel probleem. Invloed op bedrijfsvoering is mogelijk via de benoemde bestuurders en de meerderheid van stemmen. 2022
2021
€ 24.199 € 85.806 € 71.455
-€ 4.388 € 61.607 € 11.811
Informatie Het bevorderen van multidisciplinaire samenwerking van de meldkamers van de Politie Twente, Ambulance Oost en Veiligheidsregio Twente, door het faciliteren van ondersteunende processen. Zij tracht haar doelstelling te bereiken door het verwerven en exploiteren van infrastructuur en andere voorzieningen. De stichting wordt financieel gevoed door de achterliggende organisaties. (Politie, Ambulance Oost en VRT). Het stichtingsbestuur wordt gevormd door de directeuren van de verschillende hulpverleningsdiensten. De beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is redelijk groot gelet op het lidmaatschap van VRT in het stichtingsbestuur. 2022
2021
€ -45.562 € 955.257 € 5.256
-€ 20.685 € 984.329 € 4.611
Overige partijen Stichting Expertisebureau Risicobeheer Veiligheidsregio’s Niemand vanuit de Veiligheidsregio is afgevaardigd in het bestuur. De Veiligheidsregio is om reden daarvan niet bestuurlijk vertegenwoordigd binnen de stichting. Om reden hiervan ontbreekt het bestuurlijk belang. Meldkamer Oost-Nederland Binnen de meldkamer Oost-Nederland heeft de Veiligheidsregio Twente een financieel en bestuurlijk belang echter ontbreekt een formele entiteit voor de meldkamer. De meldkamer is onderdeel van de VNOG. Om reden daarvan is de meldkamer niet opgenomen als verbonden partij. BOGO -
NIPV -
De Veiligheidsregio Twente heeft binnen de BOGO geen bestuurlijk belang. De commandant van Brandweer Twente zit in het bestuur echter op eigen titel. De BOGO heeft beleidsvrijheid om benoeming van het bestuur zelf te regisseren.
Voor het NIPV ontbreekt het financieel belang. De Veiligheidsregio Twente heeft geen middelen ter beschikking gesteld aan het NIPV maar betaalt een jaarlijkse bijdrage waar een directe tegenprestatie tegenover staat. Daarbij is het NIPV een zelfstandig bestuursorgaan en daarmee kunnen zij geen beroep op de Veiligheidsregio doen bij financiële problemen
4.5
Financiering
Treasury gaat over het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen en de hieraan verbonden risico’s. Het in 2018 vastgestelde treasurystatuut stelt hiervoor de beleidskaders. Het Rijk heeft met de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) en aanvullende regelgeving regels gesteld over hoe decentrale overheden hun geld en kapitaal beheren. De regeling schatkistbankieren houdt in dat overtollige middelen van decentrale overheden bij het ministerie van financiën moeten worden aangehouden. Het treasurystatuut sluit aan op de regelgeving en geeft ook de verdeling van verantwoordelijkheden en bevoegdheden weer. Belangrijk instrument voor de uitvoering van de treasury is de liquiditeitsplanning. Tweemaal per jaar wordt een treasurybericht opgesteld voor de portefeuillehouder Middelen. Dit bericht geeft inzicht in de stand van zaken van de treasury en legt een basis voor de uitvoering van de treasury in de komende periode. Risico’s Door de wet Fido en aanvullende regelgeving zijn de risico’s op de treasuryactiviteiten als beperkt te kwalificeren. De wet Fido stelt grenzen aan de mogelijkheid om goederen te financieren met kortlopende middelen (kasgeldlimiet) en maximeert de aflossing en renteherziening op aangetrokken leningen in enig jaar (renterisiconorm).
Daarmee wordt het renterisico beperkt. Ook zijn er regels gesteld ten aanzien van het gebruik van derivaten, de vorm waarin leningen worden opgenomen of verstrekt en met welk soort instellingen financiële transacties mogen worden gedaan. Door proactief uitvoering te geven aan de treasuryfunctie (periodiek opstellen liquiditeitenplanning en periodieke check op renteprognoses) zijn de restrisico’s verder te verminderen. Met de gedifferentieerde leningenportefeuille van € 45,7 miljoen (stand ultimo 2022) is een groot deel van de activa met langlopende financiering afgedekt. Wettelijke kengetallen Vanuit de regelgeving zijn er drie kengetallen die periodiek moeten worden berekend. De kasgeldlimiet en het schatkistbankierenpercentage worden achteraf gemiddeld per kwartaal berekend. Voor de renterisiconorm wordt vooruitgekeken met een berekening voor het komende jaar en een doorkijk naar de volgende drie jaren.
Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is opgenomen om de directe gevolgen van een snelle rentestijging te beperken. Deze limiet beperkt het aandeel van de financieringsbehoefte dat met kortlopend vreemd vermogen mag worden gefinancierd. Bij wet is het maximum gesteld op 8,2% van het begrotingstotaal (in 2022 € 5,1 mln.). De percentages voor 2022 staan in de onderstaande grafiek. 42 // JAARSTUKKEN 2022
Kasgeldlimiet
Q1 0,1%
Q2 1,0%
Q3 2,2%
Q4 6,4%
Schatkistbankieren Schatkistbankieren houdt in dat decentrale overheden de verplichting hebben om hun middelen aan te houden bij het ministerie van financiën. Voor de middelen beneden het drempelbedrag (0,75% van het begrotingstotaal) geldt deze verplichting niet. De kwartaalgemiddelden voor 2022 staan in onderstaande tabel. Met de bank is automatische afdracht naar de rekening schatkistbankieren afgesproken.
Schatkistpercentage
Q1 0,0%
Q2 0,2%
Q3 0,0%
Q4 0,0%
Renterisiconorm De renterisiconorm bepaalt dat van de vaste schuld jaarlijks een bedrag van maximaal 20% (in 2022 € 11,9 mln.) van het begrotingstotaal onderhevig mag zijn aan renteherziening en herfinanciering. Hiermee is een grens gesteld aan het renterisico op de leningenportefeuille. De renterisicopercentages vanaf 2023 zijn berekend op basis van het begrotingstotaal 2023. Deze staan in onderstaande tabel en laten zien dat de norm ruimschoots wordt gehaald.
Renterisiconorm
2022 4,2%
2023 5,1%
2024 0,0%
2025 3,7%
Omslagrentepercentage Renteschema 2022 (x € 1.000,-) a. de externe rentelasten over korte en lange financiering b. de externe rentebaten over de korte en lange financiering Saldo rentelasten en rentebaten c1.
1.147 15 1.133
De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden doorberekend De rentebaat van door-verstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken, die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
n.v.t. n.v.t.
d1. d2.
Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
n.v.t. n.v.t. 0
e. f.
De aan taakvelden toe te rekenen rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld treasury
1.068 65 -/-
c2. c3.
n.v.t.
0
Het renteresultaat bedraagt 6% van de werkelijke rentelasten en ligt hiermee ruim binnen de limiet (25%) waardoor een correctie van de omslagrente niet nodig is.
43 // JAARSTUKKEN 2022
Jaarrekening
44 // JAARSTUKKEN 2022
5 Balans per 31-12-2022 Voor resultaatbestemming en na verwerking van tussentijdse mutaties in de reserves ACTIVA (in €)
Ultimo 31-12-2022
Ultimo 31-12-2021
60.380.037 4.342.456 31.943.302 14.496.486 264.949 7.369.768 1.963.077
53.410.885 4.063.312 27.203.452 13.864.849 231.112 7.007.195 1.040.964
0 0
72.610 72.610
60.380.037
53.483.495
4.371.409 328.707 3.442.837 302.160 297.705
5.083.286 277.767 4.581.906 196.703 26.909
2.808 174 2.634
13 13 0
5. Overlopende activa Overige vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen: Europese overheidslichamen Het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen Overige nog te ontvangen bedragen
1.756.427 1.306.590
2.919.751 2.682.036
0 9.301 389.527 51.009
0 2.060 163.366 72.290
Totaal vlottende activa
6.130.644
8.003.050
TOTAAL GENERAAL
66.510.681
61.486.544
1. Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Gronden en terreinen Bedrijfsgebouwen (incl. civieltechnische aanpassingen) Vervoermiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiële vaste activa Activa in uitvoering 2. Financiële vaste activa Overige langlopende leningen u/g
Totaal vaste activa
Vlottende activa 3. Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ‘s Rijks schatkist Overige vorderingen Kortlopende vorderingen 4. Liquide middelen Kassaldi Bank- en girosaldi
45 // JAARSTUKKEN 2022
PASSIVA (in €)
Ultimo 31-12-2022
Ultimo 31-12-2021
6. Eigen vermogen
1.962.627
2.068.682
Algemene reserve Bestemmingsreserve Nog te bestemmen resultaat
-1.132.840 2.346.430 749.037
-1.522.696 2.256.370 1.335.008
327.865 304.497 23.368
0 0 0
8. Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
45.700.000
39.700.000
45.700.000
39.700.000
Totaal vaste passiva
47.990.492
41.768.682
9. Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar
14.941.919
14.697.897
Kasgeldleningen
7.900.000
5.000.000
Overige schulden
7.041.919
9.697.897
10. Overlopende passiva Vooruit ontvangen bedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen: Europese overheidslichamen
3.578.272
5.019.965
22.519
22.519
2.562.818 992.934
4.293.150 704.296
Totaal vlottende passiva
18.520.191
19.717.862
TOTAAL GENERAAL
66.510.681
61.486.544
Vaste passiva
7. Voorzieningen Verlof Verlofspaarregeling
Vlottende passiva
Het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen
46 // JAARSTUKKEN 2022
6 Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening Bedragen x € 1.000,-
Programma
Begroting 2022 voor wijziging Baten
Begroting 2022 na administratieve wijziging
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Realisatie 2022
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Multidisciplinaire onderwerpen
2.008
1.430
578
2.214
1.544
670
5.855
4.431
1.424
Brandweer
7.573
44.378 -36.805
7.131
43.950
-36.819
8.331
45.815
-37.484
GHOR
929
1.256
-327
929
1.256
-327
971
1.188
-217
Gemeenten
467
503
-36
467
503
-36
422
442
-20
Subtotaal
10.977
47.566 -36.589
10.742
47.253
-36.511
15.579
51.876
-36.297
47.826
47.826
47.827
47.827
47.827
525
11.763 -11.238
525
-11.315
978
12.077
-11.099
Algemene dekkingsmiddelen Gemeentelijke bijdrage Overhead
11.841
Heffing VPB
0
0
Bedrag onvoorzien
0
0
47.827
Subtotaal
48.352
11.763
36.589
48.352
11.841
36.511
48.805
12.077
36.727
Totaal gerealiseerde saldo baten en lasten
59.329
59.329
0
59.094
59.094
0
64.384
63.954
430
585
266
319
0
0
64.220
749
Toevoegingen/ onttrekkingen aan reserves
0
0
Onttrekking aan weerstandsvermogen
0
0
Gerealiseerd resultaat
59.329
* Resultaat is exclusief interne verrekening BRW-TSC
47 // JAARSTUKKEN 2022
59.329
0
59.094
59.094
0
64.969
7 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Algemeen De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals overlopende verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming te weten vier jaar.
Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (reorganisaties) dient wel een verplichting gevormd te worden. Balans Vaste activa Materiële vaste activa met economisch nut Overige investeringen met economische nut: Activa worden gewaardeerd op basis van de verkrijgingsprijs of aanschafwaarde. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en bijkomende kosten. De aanschafwaarde omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte gronden hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de aanschaf kunnen worden toegerekend (kosten van de architect bij nieuwbouw of de inbouwkosten van de inventaris bij vervoermiddelen). In de aanschafprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak dat aan de vervaardiging van het actief kan worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze rente is geactiveerd. Reserves worden niet in mindering gebracht op de boekwaarde van een investering. Deze mogen wel worden gebruikt ter dekking van de jaarlijkse kapitaallasten. Bijdragen van derden moeten op de waarde van de investering in mindering worden gebracht indien er een directe relatie aanwezig is met het actief. Implementatiekosten van software kunnen alleen worden geactiveerd wanneer het een eigen actief betreft of indien er sprake is van gebruiksrechten voor onbepaalde duur.
In andere gevallen worden implementatiekosten jaarlijks in de exploitatie begroot en verantwoord. Op vaste activa met een beperkte levensduur wordt vanaf het moment van ingebruikneming jaarlijks afgeschreven volgens de lineaire afschrijvingsmethode dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur. Bij materieel wordt rekening gehouden met een restwaarde van 5%. Op grond en op activa in uitvoering wordt niet afgeschreven. De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: • Gronden en terreinen n.v.t. • Woonruimten 5 – 40 • Bedrijfsgebouwen 5 – 40 • Vervoermiddelen 3 – 20 • Machines, apparaten en installaties 3 – 15 • Overige materiële vaste activa diverse
48 // JAARSTUKKEN 2022
Inhaalafschrijving Extra afschrijvingen vloeien voort uit duurzame waardeverminderingen van het actief (art. 65 lid 1). De waardevermindering wordt bij constatering als last genomen. Materiële vaste activa met maatschappelijk nut Niet van toepassing. Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen en leningen u/g zijn opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid in mindering gebracht. Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid kan een voorziening in mindering worden gebracht. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste passiva Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves worden gevormd door instemmen van het algemeen bestuur. Dit gebeurt aan de hand van een format waarin wordt aangegeven wat de bestemming is, hoe deze wordt gevormd/gevoed, het wel of niet toevoegen van rente, de looptijd van de reserve en de maximale hoogte van de reserve. Indien het format is vastgesteld kunnen toevoegingen en onttrekkingen plaatsvinden binnen de gestelde normen zonder aanvullend besluit van het algemeen bestuur. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies.
Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
49 // JAARSTUKKEN 2022
8 Toelichting op de balans per 31-12-2022 Alle bedragen zijn in euro’s. 1.
Activa
Materiële vaste activa De materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen: Boekwaarde 31-12-2022 € 60.380.037 € 60.380.037
Overige investeringen met een economisch nut Totaal materiële vaste activa
Boekwaarde 31-12-2021 € 53.410.885 € 53.410.885
De overige investeringen met economisch nut kunnen als volgt worden onderverdeeld: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2022 31-12-2021 € 4.342.456 € 4.063.312 Gronden en terreinen € 31.943.302 € 27.203.452 Bedrijfsgebouwen € 14.496.486 € 13.864.849 Vervoermiddelen € 231.112 Machines, apparaten en installaties € 264.949 € 7.369.768 € 7.007.195 Overige materiele vaste activa € 1.963.077 € 1.040.964 Activa in uitvoering € 60.380.037
Totaal investeringen economisch nut
€ 53.410.885
Het onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met economisch nut weer. De kolom ‘bijdrage van derden’ en ‘afwaardering’ is achterwege gelaten, omdat dit niet van toepassing was in 2022. Boekwaarde Boekwaarde Investering Desinvestering Afschrijving 01-01-2022 31-12-2022 Gronden en terreinen € 4.063.312 € 279.145 € 4.342.456 Bedrijfsgebouwen € 28.218.749 € 6.104.385 € 966.106 € 1.413.726 € 31.943.302 Vervoermiddelen € 13.864.849 € 3.177.905 € 654.546 € 1.891.723 € 14.496.486 Machines, app. en € 232.112 € 76.550 € 42.713 € 264.949 installaties Overige materiele € 7.007.195 € 2.306.215 € 1.943.642 € 7.369.768 vaste activa Activa in uitvoering € 25.668 € 1.937.409 € 1.963.077 Totaal € 53.410.885 € 13.881.608 € 1.620.652 € 5.291.804 € 60.380.037 De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen staan in het onderstaande overzicht vermeld: € 5.858.405 € 1.979.714 € 1.168.757 € 634.223 € 370.116 € 149.873 € 204.701 € 254.763 € 10.620.552
Nieuwbouw kazerne Almelo Tankautospuiten Dienstvoertuigen Schuimblusvoertuigen Bepakking tankautospuiten Bluspakken Nieuwbouw Hellendoorn Verbouwing Hengelo
2. Financiële vaste activa Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2020 wordt in onderstaand overzicht weergegeven: Boekwaarde 31-12-2021
Investering
Desinvestering
Afloss. / Afschr.
Afwaar- Boekwaarde Deringen 31-12-2022
Overige langlopende leningen Hypothecaire leningen personeel
€ 72.610
€ 72.610
€0
Totaal financiële vaste activa
€ 72.610
€ 72.610
€0
50 // JAARSTUKKEN 2022
Vlottende activa 3. Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden:
Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijksschatkist Overige vorderingen Debiteuren Overige vorderingen Kortlopende vorderingen Totaal uitzettingen korter dan één jaar
Boekwaarde 31-12-2022 328.707 3.442.837
Boekwaarde 31-12-2021 277.767 4.581.906
223.363 78.797 297.705 4.371.409
156.890 39.814 26.909 5.083.286
Uitzettingen in ’s Rijksschatkist Schatkistbankieren houdt in dat decentrale overheden de verplichting hebben om hun middelen aan te houden bij het ministerie van financiën. Voor de middelen beneden het drempelbedrag (0,75% van het begrotingstotaal) geldt deze verplichting niet. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar 2022 (1)
Drempelbedrag
444,9675 Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
5
113
0
1
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
440
332
445
444
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
-
-
-
-
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
(2)
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een Drempelbedrag minimum van €250.000
59.329 59.329 -
444,97
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
443
10.260
11
49
90
91
92
92
5
113
0
1
4. Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten:
Kasgelden Rekening-courant tegoeden banken Totaal liquide middelen
51 // JAARSTUKKEN 2022
Boekwaarde 31-12-2022 174 2.634 2.808
Boekwaarde 31-12-2021 13 13
5. Overlopende activa De post overlopende activa zijn als volgt te onderscheiden: Boekwaarde 31-12-2022 1.306.590
Overige vooruitbetaalde bedragen Nog te ontvangen bedragen van Europese en Nederlandse overheidslichamen: Europese overheidslichamen het Rijk overige Nederlandse overheidslichamen Overige nog te ontvangen bedragen Totaal overlopende activa
Boekwaarde 31-12-2021 2.682.036
447.838
237.715
1.754.428
2.919.751
Overige nog te ontvangen is als volgt opgebouwd: •
Te ontvangen overige bedragen
€
• •
Te ontvangen bedragen van Het Rijk Te ontvangen bedragen van Overige Overheid
€ 9.301 € 387.527
51.009
Passiva Vaste passiva 6. Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten:
Algemene Reserve Bestemmingsreserves: overige bestemmingsreserves Resultaat na bestemming Totaal eigen vermogen
Boekwaarde 31-12-2022 -1.132.840 2.346.430
Boekwaarde 31-12-2021 -1.522.696 2.256.370
749.037 1.962.627
1.335.008 2.068.682
De algemene reserve is als volgt opgebouwd: Reserve FLO Enschede Gemeente Enschede en Veiligheidsregio Twente hebben op 16 oktober 2013 sluitende afspraken gemaakt over de afwikkeling van het FLO-dossier brandweer Enschede. Deze additionele set afspraken is vastgelegd in een juridisch bindende overeenkomst. Onderdeel van de afspraak is dat Veiligheidsregio Twente een vordering van gemeente Enschede ad. € 1.980.000 accepteert die bestaat uit in het verleden gemaakte FLOkosten. Om deze last niet af te wentelen op de overige gemeenten is in het AB overleg van 30 juni 2014 besloten om hiervoor een bestemmingsreserve in te stellen. Per ultimo 2022 is de stand van de reserve als uitvloeisel van deze FLO afspraak en navolgende afspraken bijgesteld tot €-1.232.420,-. Reserve FLO Borne Per 1 januari 2006 is het FLO bij de brandweer herzien en wordt de 2 e loopbaan ingevoerd. Voor medewerkers die onder de FLO-regeling vielen is FLO-overgangsrecht afgesproken. De gemeenten hebben afzonderlijk structureel budget ingebracht. Resultaten op deze begrotingspost worden afzonderlijk met betrokken gemeenten verrekend. In dat kader is in het AB overleg van 30 juni 2014 besloten om per gemeente een egalisatiereserve in te stellen.
Door de reparatie van het FLO-overgangsrecht (en het daaruit volgende versneld volstorten van de levensloop) is het nadelige saldo van de egalisatiereserve gemeente Borne verder opgelopen. In het BBV staat dat het niet mogelijk/toegestaan is om een negatieve bestemmingsreserve te vormen. Derhalve zijn de bovenstaande reserves op verzoek van de accountant en conform besloten in het AB overleg van 29 juni 2015 tijdelijk in mindering gebracht op de algemene reserve.
52 // JAARSTUKKEN 2022
FLO algemeen Op 30 juni 2014 is in het AB het besluit genomen om egalisatiesreserves te vormen voor een viertal gemeenten. Het resultaat op FLO wordt elke jaar cf. het besluit toegevoegd/ onttrokken aan de ingestelde egalisatiereserves. 7.
Voorzieningen Boekwaarde 31-12-2022 € 304.497 € 23.368 € 327.865
Verlof Verlofspaarregeling Totaal voorzieningen
8.
Boekwaarde 31-12-2021 -
Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Boekwaarde 31-12-2022
Boekwaarde 31-12-2021
Onderhandse leningen van: Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
€ 45.700.000
€ 39.700.000
Totaal vaste schulden van één jaar of langer
€ 45.700.000
€ 39.700.000
De leningenportefeuille ziet er als volgt uit: Lening 3.000.000 2.200.000 2.500.000 5.000.000 5.000.000 5.000.000 10.000.000 3.500.000 3.500.000 3.000.000 3.000.000 45.700.000
Looptijd 9 jaar en 364 dagen 10 jaar 10 jaar 14 jaar en 365 dagen 20 jaar 25 jaar 30 jaar 10 jaar 5 jaar 8 jaar 10 jaar
Aangetrokken bij BNG BNG Gemeente Huizen BNG NWB NWB NWB NWB NWB NWB Gemeente Huizen
Einddatum 03-03-2023 13-10-2025 24-05-2027 03-03-2028 04-03-2033 04-03-2038 04-03-2043 07-04-2031 07-04-2026 01-04-2030 13-04-2032
Rentepercentage 2,68% 1,33% 1,075% 3,30% 3,65% 3,80% 3,91% 0,07% -0,36% 1,319% 1,35%
De rentelasten van de bovenstaande leningenportefeuille bedraagt in 2022 € 1.120.620,-. Dit is exclusief de rente van de lening die gepresenteerd staat onder netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar. 9. Netto vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen kortlopende schulden kunnen als volgt gespecificeerd worden:
Kasgeldleningen Overige kortlopende leningen Overige schulden Crediteuren Diverse overige schulden nog te betalen kortlopende verplichtingen Kruisposten Totaal netto vlottende schulden
53 // JAARSTUKKEN 2022
Boekwaarde 31-12-2022 7.900.000
Boekwaarde 31-12-2021 5.000.000 2.500.000
798.336
984.438
5.218.045 59.709 965.829 14.941.919
5.320.704 7.946 884.808 14.697.897
Nog te betalen Boekwaarde per 31-12-2022 bestaat voornamelijk uit de volgende bedragen: • Af te dragen UWV premies / loonbelasting • Netto Salarissen • Af te dragen BTW 21% • Te verrekenen BTW belastingdienst Rekening-courant verhouding Deze post heeft betrekking op de rekening-courant verhouding tussen VRT en Meldkamer Twente. De rekening-courant verhouding is ingesteld om het betalingsverkeer voor de stichting Meldkamer Twente als verbonden partij van de VRT te regelen. 10. Overlopende passiva De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt: Boekwaarde 31-12-2022
Boekwaarde 31-12-2021
Vooruit ontvangen bedragen Europese overheidslichamen het Rijk Overige Nederlandse overheidslichamen
22.519 2.562.818 992.935
22.519 4.293.150 704.296
Totaal vooruit ontvangen bedragen:
3.578.272
5.019.965
Europese overheidslichamen V&K / Kenniscentrum S&O / Management Het Rijk S&O / Management S&O / Mens en Organisatie S&O / OIV V&K / Kenniscentrum BV / Brandveilig Leven B&T / Onderhoud & Techniek Twente Safety Campus Gemeenten VB / Management VRT Algemeen VRT VB CTB Overige Nederlandse overheidslichamen V&K / Kenniscentrum V&K / Vakbekwaamheid Brandveilig leven B&T / Onderhoud & Techniek B&T / Service & Beheer TSC Kenniscentrum Mensenhandel Veiligheidshuis Twente VB / Management Totaal
54 // JAARSTUKKEN 2022
Boekwaarde 31-12-2021
Vermindering
Vermeerdering
Boekwaarde 31-12-2022
Herallocatie
22.519
-
-
22.519
0
21.677 842
21.677 842
4.293.150 959.940
1.953.675 437.333
75.000
23.561
51.439
410.329 79.498 14.489
178.068 57.334 14.489
232.261 22.164 0
155.472
5.472
150.000
363 346.000 277.500 347.817 1.626.742
363 82.134 223.343 36.460 1.118.461
0 263.866 500.843 311.357 508.281
704.296
537.064
825.703
992.935
165.685 300.000
28.327 388.116
223.343
2.562.818 522.607
0
0
137.358 613.190
525.074
15.000 -
15.000
129.967
12.180
6.456 87.188 5.019.965
108.441 2.490.919
117.787 212.512 1.049.046
6.456 191.259 3.578.272
0
NUBBV Langlopende financiële verplichtingen In het kader van de overdracht van de brandweer zijn de contracten geïnventariseerd en voor zover mogelijk gekwantificeerd. Per ultimo 2022 beschikt de Veiligheidsregio Twente over ca. 126 lopende contracten die voornamelijk betrekking hebben op de volgende organisatieonderdelen: • Gebouwenbeheer; • Beheer & Techniek; • Informatievoorziening; • Algemeen beheer. De resterende verplichting van de lopende contracten is in totaal berekend op € 20.815.542
55 // JAARSTUKKEN 2022
8.1
Toelichting op de mutaties van de reserves
In deze paragraaf worden de mutaties van de reserves toegelicht. De aard, reden en het oordeel per 31-12-2022 van de onderstaande reserves zijn te vinden in bijlage 2. Naam reserve Algemene reserve Algemene reserve Reserve FLO Enschede Reserve FLO Borne Totaal algemene reserve Bestemmingsreserves Brandweermaterieelplan Bedrijfsvoering Troned/ TSC FLO Almelo FLO Hengelo Innovatie Veiligheidsstrategie Veiligheidshuis Twente IVZ Totaal bestemmingsreserves Totaal reserves
56 // JAARSTUKKEN 2022
Saldo 31-12-2021 426.911 -1.784.906 -164.701 -1.522.696
14.699 237.725 111.639 973.256 267.001 108.077 543.973
Resultaatbestemming Toevoegingen 2021 2022
359.121 37.710 396.831
249.354 249.354
Onttrekkingen 2022
-55.989 -200.340 -256.329
-14.699
Saldo 31-12-2022 426.911 -1.232.420 -327.331 -1.132.840
2.256.370
22.962 401.867
322.430
-634.237
0 297.087 5.171 831.717 267.001 171.440 751.052 22.962 2.346.430
733.674
798.698
571.784
-890.566
1.213.590
59.362 145.971 169.571
55.989
-252.439 -367.099
63.363 207.079
8.2
Toelichting op de mutaties van de voorzieningen
In 2022 heeft de VRT twee voorzieningen getroffen. Eén voor verlofstuwmeren en één voor de verlofspaarregeling. Verlof Het verlofsaldo van de Veiligheidsregio is opgebouwd uit wettelijk en bovenwettelijk verlof. Het wettelijk verlof kent een verjaringstermijn van 12 maanden na einde kalenderjaar, het bovenwettelijke van 60 maanden na einde kalenderjaar volgens de AVT. Bij de overgang van RAET naar AFAS (01-01-2022) is al het resterende verlof van de periode 2021 en daarvoor overgegaan met als oormerk ‘resterend verlof 2021’. De verwachting is dat dit verlof echter deels betrekking heeft op de jaren voor 2021. Op basis van de overgang van RAET naar AFAS is niet meer te achterhalen hoe de ontwikkeling van het verlof is geweest. Het verlof van repressieve collega’s wordt bijgehouden in het roosterprogramma (brandweerrooster). AFAS wordt op een later moment afgeboekt ten gevolge van de boekingen in het roosterprogramma. Dit om reden van het feit dat het verlofsaldo van repressieve collega’s zich verhoudt tot het ‘tijd-voor-tijd saldo’. Op basis van bovenstaande gebrekkige historie is de VRT in relatie tot een eventueel te vormen voorziening voor verlofstuwmeren voornemens de volgende maatstaaf aan te houden. Voor het wettelijke verlof wordt uitgegaan van een gemiddelde ‘doorloop’ van verlof over het jaar van 72 uur. Dit is 50% van de toegekende 144 uur (bij fulltime aanstelling).
Binnen de VRT ligt het bezettingspercentage boven de 0,9fte. Om reden daarvan wordt in de beredenering gerekend met full time aanstellingen (144 uur). De toekenning van bovenwettelijk verlof is gerelateerd aan leeftijd. Voor een ‘jonge’ medewerker komt dit verlof neer op 7,2 uur, voor een ‘oudere’ collega kan dit oplopen tot 43,2 uur. Ook voor het bovenwettelijke deel wordt een gemiddelde toegepast om te kunnen bepalen wat het meer dan trendmatige deel is. Dit gemiddelde is als volgt berekend (verlof tussen de 7,2 en 43,2 uur, gemiddeld 25 uur, vermenigvuldigd met 5 jaar -> 125 uur als genormaliseerd saldo). Wanneer op individueel niveau de omvang van het verlof beoordeeld wordt kan gesteld worden dan 9.204 uur meer dan trendmatig is. Voor de bezoldigingsgrondslag wordt uitgegaan van het uurtarief geldend voor de betreffende medewerker. De totale omvang van de voorziening komt hiermee op € 304.497. Verlofspaarregeling De verlofspaarregeling biedt medewerkers de mogelijkheid om niet besteed verlof te sparen voor een ‘langere’ periode van afwezigheid of vervroegde uitdiensttreding. In 2022 is voor het eerste jaar gedoteerd aan deze verlofspaarpot. De omvang is nog beperkt echter is de verwachting dat deze omvang in de komende jaren verder gaat toenemen. Momenteel is 677 uur gedoteerd aan de verlofspaarpot.
Uitgaande van dezelfde uurtarieven komt de totale voorziening voor verlofsparen op € 23.368.
57 // JAARSTUKKEN 2022
9
Toelichting op het overzicht van baten en lasten 9.1
Analyse op afwijkingen tussen de begroting na wijziging en de jaarstukken
De analyse op de programma’s is inclusief het taakveld overhead. Programma Multidisciplinaire onderwerpen Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Lasten Totaal
Begroting na wijziging 2.214 1.544
Realisatie
Verschil
5.855 4.431
3.641 2.887
Analyse afwijkingen Toelichting ( x € 1.000,-) Voordeel op salariskosten doordat enkele functies later of (tijdelijk) niet zijn ingevuld. Het multidisciplinair oefenen heeft grotendeels conform planning plaatsgevonden. Enkele oefeningen (vooral aan het begin van het jaar) zijn niet doorgegaan i.v.m. de opvang van Oekraïense vluchtelingen. Daartegenover staat dat er uitgaven gedaan zijn die vallen onder de dekking van de incidentele middelen. Dit verklaard de ‘meer opbrengst’ en bijbehorende kosten. De kosten van de gemeenschappelijke meldkamer worden doorbelast naar LMS. Deze verrekening (lasten en baten) is niet geraamd. De kosten van Platform IVZ zijn in 2022 hoger uitgevallen dan begroot. Daarnaast is de bijdrage in 2021 verhoogd van 0,2 naar 0,3 euro per inwoner. De intentie is het tekort te dekken uit de vorig jaar ingestelde reserve. Opbrengsten zijn lager dan begroot omdat de rekening voor de MMA kosten niet is gedeclareerd bij de gemeenten maar bij de provincie. De baten en lasten van Veiligheidsstrategie Oost-Nederland zijn niet begroot. Veiligheidsstrategie Oost Nederland wordt via separate invorderingen gedekt. Weerbaar Twente is niet gebudgetteerd. De activiteiten binnen weerbaar Twente worden gedekt vanuit incidentele middelen. Veiligheidshuis Twente heeft gedurende het boekjaar een aanvullende bijdrage ontvangen.
Deze bijdrage wordt gereserveerd voor in 2023 te realiseren doelstellingen. De bedrijfsvoering en personele bezetting van 2022 was nog niet op deze aanvullende bijdrage ingesteld. Momenteel loopt een advies traject om te komen tot sluitende bezetting met inzet van aanvullende bijdragen en reserveringen. Kenniscentrum Mensenhandel is in 2021 gestart. Het saldo over 2022 is ligt negatief maar kan gedekt worden uit de vorig jaar ‘gereserveerde’ middelen. De opvang voor vluchtelingen uit Oekraïne is in de begroting van 2022 niet voorzien en niet gebudgetteerd. Inhoudelijk is het wel onderdeel van de crisisorganisatie. Op basis van een eerste inschatting is een voorschot door het ministerie uitgekeerd. De realisatie van kosten moet hiermee worden verrekend. De coördinatie van CNO en statushouders is net als de vluchtelingen opvang een onvoorzien onderdeel van de crisisorganisatie geworden. Baten en lasten zijn om reden daarvan niet geraamd. Zorgfraude is in 2022 geïntroduceerd als nieuw beleid met aanvullende financiering. De baten en lasten nivelleren elkaar daardoor. Baten en lasten waren in de begroting van 2022 niet geraamd. Handhaving CTB heeft bij de gemeenten plaatsgevonden 2021 en gelden zijn verantwoord in 2022. Overig. Totaal
58 // JAARSTUKKEN 2022
Lasten
Baten -7 6
66 37
412
722
2
-21
196
248
108
108
69
358
112
112
646
646
122
122
96
112
1.118
1.118
7 2.887
13 3.641
Programma Brandweer Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Repressie Beheer & Techniek Brandveiligheid Vakbekwaamheid Strategie & Ondersteuning TSC Totaal baten Lasten Repressie Beheer & Techniek Brandveiligheid Vakbekwaamheid Strategie & Ondersteuning Troned Totaal lasten Totaal
Begroting na wijziging
Realisatie
Verschil
0 127 40 0 4.534 2.430 7.131
181 641 655 240 4.893 2.638 9.249
181 514 615 240 359 208 2.118
13.419 14.034 4.200 5.768 4.100 2.429 43.950
14.484 13.138 4.772 6.079 5.681 2.579 46.597
1.065 -896 572 311 1.582 150 2.783
Analyse afwijkingen Toelichting (x € 1.000,-) Brandweer algemeen (salarissen) De uitkomst is het resultaat van diverse ontwikkelingen: • Het werkelijke periodiek gewogen gemiddelde loopt verder weg van de begrotingsnorm (max-1). • Formatie/ bezetting: boven formatief aandeel in de bezetting t.o.v. formatie. • Noodgedwongen inzet van extra menskracht (o.a. voor opvang ziekte en uitval). • Het uitloopeffect (via het overgangsprotocol gegarandeerd voor het zittende personeel) is slechts ten dele in de geraamd loonsom betrokken. Daar tegenover staan inkomsten met betrekking tot detacheringen en uitkeringen (zwangerschap, ziekte etc.) Repressie 2022 is een druk repressief jaar geweest. De storm in februari en het grote aantal natuurbranden in de zomerperiode hebben geleid tot hogere uitgaven op vergoedingen voor vrijwilligers. Het aantal uitrukken heeft zich meer dan trendmatig ontwikkeld. Daarnaast is in 2022 het piket voor kazernes Borne en Haaksbergen afgekocht en zijn de vakbekwaamheidsactiviteiten weer in volle omvang opgepakt. Voor het budget op natuurbrandbeheersing middels luchtsurveillance is in 2020 besloten dit niet meer te doen. Momenteel wordt nagedacht over de wijze waarop deze middelen anderszins worden ingezet voor dit specialisme. Activiteiten in het kader van brandweerwedstrijden/ jeugdbrandweer hebben weer plaatsgevonden in 2022.
Waarbij één en ander is ingehaald naar aanleiding van de COVID jaren. In 2022 zijn een aantal open dagen geweest waaronder de viering van het 300 jarig bestaan van brandweer Haaksbergen. Toelichting (x € 1.000,-) Beheer & Techniek Lagere kosten op kapitaallasten repressieve uitrusting o.a. door de vertraagde levering van het operationeel uniform en nieuwe ademluchtvoorzieningen. Uitrol van het operationeel uniform vindt plaats in Q1 en Q2 van 2023. Ademlucht wordt eveneens vervangen in 2023. Dit leidt tot directe voordelen in de kapitaallasten sfeer in 2022.
59 // JAARSTUKKEN 2022
Lasten
Baten
721
47
127
-16
18
8
-3
4
Lasten
-241
Baten
De kosten met betrekking tot schadeherstel is voor een deel gedekt vanuit de schade-uitkeringen. Het verschil heeft voornamelijk te maken met het eigen risico. De persoonlijke uitrusting is dit jaar intensief gebruikt. Daardoor zijn de daaraan verbonden uitgaven iets hoger dan normaal. Daarnaast zijn de begrote inkomsten (o.a. ademlucht) niet volledig gehaald. De schattingswijziging in 2017 en de aanbestedingseffecten in 2022 (later leveren van de basisvoertuigen van de brandweer) heeft geresulteerd in een positief saldo op kapitaallasten materieel. Daarbij is per 2022 de materieelbegroting opgesteld op basis van actuele informatie, waardoor het overschot in de eerste jaren nog zal aanhouden. De begrotingsaanpassing is in administratieve zin taakstellend opgevangen. Zie de opmerking onder het kopje Strategie & Ondersteuning over taakstellende bedragen. In 2022 is het budget mede overschreden vanwege het feit dat het wagenpark is verouderd. Hierdoor zijn meer onderhoudskosten gemaakt dan begroot. De verwachting is dat de werkelijke uitgaven weer in lijn zijn te brengen met het budget als het wagenpark in de loop van 2023 en 2024 (met name tankautospuiten en dienstvoertuigen) is vernieuwd. Daarnaast is voor één van de hoogwerkers een midlife update uitgevoerd waardoor directe vervangingen niet direct noodzakelijk is. Verkoop van een reeks dienstvoertuigen.
Het gros van deze goederen is reeds afgeschreven. Daarbij lag de verkoopprijs veelal hoger dan verwacht. In 2022 heeft een forse prijsstijging op brandstofkosten plaatsgevonden. De verzekeringsportefeuille is in de afgelopen jaren gegroeid en duurder geworden. Vanaf 2023 worden hier fundamenteel andere keuzes in gemaakt. Overige afwijkingen binnen Onderhoud en Techniek die het resultaat zijn van wat kleine positieve en negatieve verschillen. Projecten Onderhoud en Techniek betreft het aanbod van projecten voor andere partijen (andere Veiligheidsregio’s of onderwijsinstituten). Omdat hier geen kosten en opbrengsten voor geraamd zijn leidt dit tot een verschil. Eind 2018 is een eenduidige bepakkingslijst voor de tankautospuiten vastgesteld met als uitgangspunt dat deze bij de aanschaf van nieuwe tankautospuiten wordt gehanteerd. Op basis van de vastgestelde lijst is in 2022 beroep gedaan op het laatste deel van de hiervoor beschikbare incidentele middelen om de huidige tankautospuiten te harmoniseren. Deze middelen waren echter niet toereikend. I.v.m. vertraging in de nieuwbouwprocessen liggen de werkelijke kapitaallasten in 2022 lager dan begroot. In de komende jaren verdwijnt dit verschil t.o.v. de begroting. In het tweede helft van het jaar is kritisch gekeken naar de onderhoudsprojecten. Hierbij zijn alleen de noodzakelijke projecten opgepakt.
Daarnaast zijn een aantal onderhoudswerkzaamheden die in 2022 gepland stonden niet doorgegaan. De schoonmaakkosten liggen structureel hoger dan begroot. Dit komt mede door hoge indexeringen van aanbiedende partijen. In 2023 volgt een nieuwe aanbesteding. Prijzen van gas en elektra zijn door latere invoerdatum van de overeenkomst met Vatanfall conform begroting in 2022. Door wijzigingen in de catering zijn kosten conform begroting uitgevallen aangezien er inkomsten tegenover het tekort staan door bijdrage van werknemers. In 2022 zijn eenmalige kosten gemaakt voor de tijdelijke huisvesting in Almelo. Daarbij is de tijdelijke remise verkocht aan de TSC, dit verklaard de opbrengst. Overige afwijkingen binnen de kosten voor gebouwen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen. Brandveiligheid De lasten en baten van Risk Factory Twente zijn deels niet begroot. De lasten zijn gedekt binnen de bestaande gelden voor Risk Factory Twente en Brandveilig leven. Daarnaast is afgelopen jaar het VO gedeelte van de Risk Factory opgetuigd. De kosten voor deze bouw zijn verrekend met de daarvoor verkregen subsidie. Op de lopende kostendrager van Voorlichting en Toezicht zijn een aantal kleine voordelen gerealiseerd door verminderde activiteit. Brandveiligheid is in 2022 overgestapt op een nieuw zaaksysteem. De eenmalige lasten voor dit systeem waren niet begroot.
60 // JAARSTUKKEN 2022
48
20
13
-36
-1.204
287
-9
358 135 66 138
6
14
0
80
5
-452
-127
35 -48 15
18
183
50
68
51
604
582
-7
14
245
Vakbekwaamheid & Kennis Vakbekwaamheidsactiviteiten hebben in 2022 weer in volledige omvang kunnen plaatsvinden. Dit leidt in 2022 tot een tekort door vooral aanvullende activiteit in het kader van bijscholing en de opzet van het nieuwe oefenprogramma. In 2022 zijn de opleidingsprogramma’s ‘gewoon’ door gegaan om de organisatie niet kwetsbaar te maken voor onderbezetting. De doorgang van de meeste leergangen is terug te zien in het verschil. De opleidingsbehoefte ligt structureel hoger dan het beschikbare budget. Activiteiten van het Kenniscentrum kennen een reguliere doorloop. Voor 2022 leidt dit tot een minimaal overschot. Subsidietrajecten/ projectuitgaven zijn in 2022 voor een groot deel gedekt vanuit subsidie inkomsten en/of bestemde incidentele middelen. Daarbij is een klein deel van de kosten voor eigen rekening wat leidt tot een minimaal negatief resultaat op deze projecten. Strategie & Ondersteuning Voor het overgangsrecht FLO zijn egalisatiereserves ingesteld, die dienen ter verrekening van resultaten met de betreffende gemeenten. De uitgaven voor FLO waren in 2022 hoger dan geraamd vanwege het versneld volstorten van de levensloop. Het saldo wordt onttrokken aan de hiervoor ingestelde reserves. Een aantal opleidingen heeft in 2022 geen doorgang gevonden ten opzichte van het vooraf begrootte.
De afwikkeling van Repressieve keuringen heeft in 2022 een hoger kostenplaatje gehad dan begroot. De opbrengsten van de interne verrekening zijn niet begroot en leiden tot een afwijking. Internationaal en FEU waren in de begroting 2022 niet geraamd. Een substantieel deel van de kosten is voorzien van dekking. Betreft het in 2022 niet gerealiseerde deel van de taakstellende bedragen die in de begroting nog niet zijn opgelost. Voor een groot deel hangt dit samen met de begrotingsaanpassing voor het materieel (zie opmerking hierover onder het kopje “Beheer & Techniek”). De kosten van OMS worden gedekt middels een bijdrage vanuit de aangesloten objecten. Kosten en opbrengsten waren in het afgelopen jaar lager dan verwacht. Het OMS-traject wordt in 2023 verder afgebouwd. De kosten voor Regionale Toezicht ruimte worden volledig doorbelast naar de deelnemende partijen. Die doorbelasting is niet geraamd. Kosten voor het Drone project staan sinds 2022 in de begroting. De lasten overschrijden voor een deel in 2022. In 2022 zijn niet begrote kosten gemaakt voor cyber security en deels gedekt vanuit daarvoor bestemde incidentele middelen. Het overige verschil betreft oplopende kosten voor software en licenties. Financieringsresultaat Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen.
Troned Het omzetniveau voor 2022 ligt op niveau van de begroting. De kosten zijn echter wat hoger dan geraamd. Dit is vooral ingegeven in de laatste twee maanden van het jaar door aanvullende (niet voorziene) personele lasten en aanvullende lasten voor inkoop materiaal ihkv de meer dan trendmatige inflatie. Totaal
61 // JAARSTUKKEN 2022
60
56
-18 262
230
571
-80 36
56
115
70
668
-127
32
199
199
10 70
39
107 6
126
150
209
2.118
2.783
Programma GHOR Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Lasten Totaal
Begroting na wijziging 929 1.256
Realisatie
Verschil
971 1.188
42 -68
Analyse afwijkingen Toelichting (x € 1.000,-) Voordeel op salarissen wegens het tijdelijk niet invullen van vacature De kosten van het convenant met Ambulance Oost is in 2022 hoger uitgevallen door stijgende personele lasten. In 2022 zijn substantieel minder oefeningen en opleidingen geweest dan begroot. De jaarlijkse licentiekosten van LCMS-GZ wordt volledig in rekening gebracht bij de GHOR en vervolgens weer doorbelast naar de partners (gebruikers). Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen. Totaal
Lasten
Baten
-33 60
1
-96 20
32
-20
9
-68
42
Realisatie
Verschil
422 442
-45 -61
Programma Gemeenten Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Lasten Totaal
Begroting na wijziging 467 503
Analyse afwijkingen Toelichting (x € 1.000,-) Lagere personele lasten door niet volledige gevulde formatie De OTO kosten voor bevolkingszorg is in 2022 i.v.m. de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne lager uitgevallen. Dit heeft geleid tot een restitutie van de bijdrage van de gemeenten. Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen. Totaal
62 // JAARSTUKKEN 2022
Lasten
Baten
-13 -36
-36
-12
-9
-61
-45
Overhead Overzicht baten en lasten (x € 1.000,-) Baten Lasten Totaal
Begroting na wijziging 525 11.841
Realisatie
Verschil
978 12.077
453 237
Analyse afwijkingen Toelichting (x € 1.000,-) Algemeen VRT (salarissen) De uitkomst is het resultaat van diverse ontwikkelingen: • Formatie / bezetting: verschillende vacatures zijn dit jaar tijdelijk niet of later vervuld. • De werkelijke periodiek stijgt gewogen gemiddeld uit boven de begrotingsnorm (max-1). • Hoger dan gemiddeld aandeel gedetacheerde collega’s Multidisciplinaire onderwerpen In 2022 zijn minder opleidingen gevolgd. Er zijn in 2022 nagenoeg geen kosten gemaakt voor deelname aan symposia en/ of congressen. Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen. Brandweer Betreft het eigen risico m.b.t. ziekte, arbeidsongeschiktheid en WW. In combinatie met lager uitvallende verzekeringskosten. De zelf betaalde kosten voor schade zijn wel hoger uitgevallen in 2022 Opleidingskosten vallen dit jaar hoger uit dan begroot mede door inhaal van leergangen welke zijn geannuleerd in 2021 Het voordeel binnen ICT houdt vooral verband met de vrijgevallen investeringen in ICT-infrastructuur en geactiveerde software. Vervanging daarvan lijkt voorlopig niet aan de orde. Daarnaast zijn oude ICT-goederen verkocht en zijn licentiekosten doorbelast naar gebruikers (andere Veiligheidsregio’s). Aan de andere kant zien we dat kosten voor software en licenties steeds verder oplopen. Afgelopen jaar is ingehuurd conform begroting.
In 2022 waren de huisvestingskosten (bureaubehoeften en frankeerkosten) lager dan begroot. In 2022 zijn er minder kosten gemaakt voor promotie (geen open dagen etc.) en minder kosten voor personele activiteiten. In 2022 zijn boven budgettaire kosten gemaakt voor gezondheidsbevordering als aanvulling op sport- en keuringsprogramma’s. Overige afwijkingen die het resultaat zijn van wat kleinere positieve en negatieve verschillen. GHOR In 2022 zijn minder personele activiteiten uitgevoerd dan gepland. Totaal
63 // JAARSTUKKEN 2022
Lasten
Baten
157
254
-14 -19 47
2
19
40 112
80
-14 -106 -19 6 73
117
-45 237
453
9.2
Aanwending van het bedrag voor onvoorzien
Veiligheidsregio Twente kent geen bedrag voor onvoorzien.
9.3
Incidentele baten en lasten Incidentele baten (x € 1.000,-)
Brandweer Diverse projecten Verkoop roerende en onroerende activa Tijdelijke huisvesting Almelo Risk Factory VO Eenmalige besteding wagenpark Vrijval incidentele middelen
Realisatie begrotingsjaar
Raming begrotingsjaar na wijziging
Raming begrotingsjaar voor wijziging
230 358 50 500 6 427
0 0 0 0 0
0 0 0 0 0
457 771 1.118
0 0
0 0
3.917 Realisatie Begrotingsjaar
0 Raming begrotingsjaar na wijziging
Brandweer Diverse projecten Tijdelijke huisvesting Almelo Risk Factory VO Eenmalige besteding wagenpark Implementatie nieuw zaaksysteem
261 182 500 81 243
0 0 0 0 0
0 0 0 0 0
Multidisciplinaire onderwerpen Diverse projecten Oekraïne/CNO/Statushouders Bijdrage gemeenten handhaving CTB
400 771 1.118
0 0
0 0
Totaal incidentele lasten
3.544
0
0
Multidisciplinaire onderwerpen Diverse projecten Oekraïne/CNO/Statushouders Rijksbijdrage handhaving CTB
Totaal incidentele baten Incidentele lasten (x € 1.000,-)
0 Raming begrotingsjaar voor wijziging
Toelichting: Brandweer Diverse projecten In 2022 zijn binnen de programma brandweer verschillende projecten uitgevoerd, die deels zijn gedekt met inkomsten van het Rijk, subsidies, reserves, partners dan wel anderszins. Deze projectmatige activiteiten zijn in de primitieve begroting veelal niet weergegeven. Het gaat hierbij om o.a. de volgende projecten: • Uiver • Accumulate • Doorontwikkeling Drone Verkoop roerende en onroerende activa In 2022 is een aantal voertuigen verkocht. Deze voertuigen zijn volledig afgeschreven. Hiertegenover staan de kosten die worden gemaakt voor het aanmelden van het voertuig voor verkoop (veiling). Risk Factory VO De Risk Factory heeft in 2022 een nieuwe programmalijn geïmplementeerd voor het voortgezet onderwijs. Deze kosten voor implementatie waren niet begroot maar zijn in volledigheid afgedekt vanuit een ontvangen subsidie.
64 // JAARSTUKKEN 2022
Tijdelijke huisvesting Almelo In 2022 zijn kosten gemaakt om de tijdelijke huisvesting in Almelo op orde te krijgen. Deze kosten zijn onevenredig verdeeld over de tijdelijke huisvestingsperiode. Het zwaartepunt ligt in 2020-2021-2022. Eenmalige besteding wagenpark De bepakking en inzetmogelijkheden van de nieuwe tankautospuiten (voortkomend uit de aanbesteding) zijn verbeterd ten opzichte van de ‘oude lichting’. Aangezien aanschaf van nieuwe voertuigen gespreid wordt uitgevoerd dient een aantal bestaande voertuigen omgebouwd te worden om eenduidige wijze van inzet te kunnen waarborgen. Implementatie nieuw zaaksysteem In 2022 is binnen Brandveiligheid het nieuwe zaaksysteem geïntroduceerd. Dit zaaksysteem is toekomstbesteding met het oog op de implementatie van de omgevingswet. De incidentele lasten zijn binnen de begroting van Brandveiligheid opgevangen. Vrijval incidentele middelen Een deel van de incidentele middelen zonder onderliggende verplichting is vrijgevallen ten gunste van de exploitatie. Multidisciplinaire onderwerpen Diverse projecten In 2022 zijn binnen het programma multidisciplinaire onderwerpen verschillende projecten uitgevoerd, die grotendeels zijn gedekt met inkomsten van het Rijk, subsidies, partners dan wel anderszins. Deze projectmatige activiteiten zijn niet in de primitieve begroting weergegeven. Het gaat hierbij om o.a.
de volgende projecten: • Veiligheidsstrategie • Weerbaar Twente • Zorgfraude Oekraïne/CNO/Statushouders De crisisorganisatie is in Q1 van 2022 geconfronteerd met een vluchtelingenstroom uit Oekraïne. Dit heeft een forse last met zicht meegebracht die niet in de begroting was voorzien. De kosten voor deze onderwerpen zijn volledig gedekt door een aanvullende rijksbijdrage. CTB In boekjaar 2021 zijn door gemeenten kosten gemaakt in het kader van de handhaving op corona toegangsbewijzen. Deze geldstroom is via de VRT verlopen. Na verantwoording van de gemeenten in boekjaar 2022 verantwoordt de VRT de baten en lasten in de exploitatie van 2022 voor het aandeel waarin de gemeenten dit hebben aangewend.
9.4
Structurele toevoegingen en onttrekking aan de reserves
Op 30 juni 2014 is in het AB het besluit genomen om egalisatiesreserves te vormen voor een viertal gemeenten. Het resultaat op FLO wordt elke jaar cf. het besluit toegevoegd/ onttrokken aan de ingestelde egalisatiereserves. In 2022 is € 570.526,- onttrokken aan de reserves. Bij de resultaatbestemming van 2022 zal de reserve voor het betreffende aandeel van de gemeentes weer deels worden aangevuld. Daarnaast is conform besluit het positief saldo voor de TSC (€ 58.893,-) en VHT (€ 207.079,-) toegevoegd aan de gelijknamige reserve. Voor het tekort op IVZ (€ -35.096,-) ligt het voorstel om dit te dekken vanuit de gelijknamige bestemmingsreserve conform besluit DVO. Voor Veiligheidsstrategie Oost Nederland is het een voorstel gedaan het overschot (€ 52.014,-) te doteren aan de gelijknamige reserve. Besluitvorming hierover vindt plaats in de BBG (bestuurlijke begeleidingsgroep). Daarnaast wordt het voorstel gedaan het overschot op zorgfraude als gefinancierd vanuit een gemeentelijke bijdrage (€ 16.596) toe te voegen aan de nog in te stellen reserve voor zorgfraude.
9.5
Wet Normering Topinkomsten (WNT)
De Wet Normering bezoldiging topfunctionarissen (WNT) (semi) publieke sector is per 1 januari 2013 van kracht en stelt maxima aan de bezoldiging van bestuurders en hoogste leidinggevenden in de (semi) publieke sector. De WNT zegt dat de bezoldiging van bestuurders en hoogste leidinggevenden niet mag uitstijgen boven een beloningsmaximum. Dit komt voor het boekjaar 2021 neer op een bedrag van € 216.000,- (inclusief belaste onkostenvergoeding en werkgeversbijdrage pensioenpremie). Daarnaast geldt een maximale ontslagvergoeding voor topfunctionarissen van € 75.000,- dan wel naar rato van voltijdsdienstverband.
65 // JAARSTUKKEN 2022
1. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende functionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling 2022
H.G.W. Meuleman
S.J.M. Wevers
Functiegegevens
Secretaris, hoofd Veiligheidsbureau
Commandant Brandweer Twente
Aanvang en einde functievervulling in 2021 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking?
1/1 - 31/12
1/1 - 31/12
1,0
1,0
ja
ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€
132.500,73
€
168.431,52
Beloningen betaalbaar op termijn
€
22.563,96
€
22.766,52
Subtotaal
€
155.064,69
€
191.198,04
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€
216.000,00
€
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Totale bezoldiging
N.v.t. €
155.064,69
216.000,00
N.v.t. €
191.198,04
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
N.v.t.
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t
N.v.t.
H.G.W Meuleman
S.J.M. Wevers
Gegevens 2021 Aanvang en einde functievervulling in 2020 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking?
1/1 - 31/12
1/1 - 31/12
1,0
1,0
Ja
Ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€
Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Totale bezoldiging
66 // JAARSTUKKEN 2022
126.553,92
€
160.466,34
€
21.946,80
€
22.004,04
€
148.518,72
€
182.470,38
€
209.000,00
€
209.000,00
€
148.518,72
€
182.470,38
1b. Leidinggevende functionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12 S. Dinsbach Functiegegevens
Directeur Publieke Gezondheid
Kalenderjaar Periode functievervulling in het kalenderjaar (aanvang – einde) Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
2022
2021
1-1 t/m 31-12
1-1 t/m 31-12
12
12
Maximum uurtarief in het kalenderjaar Maxima op basis van de normbedragen per maand Individueel toepasselijke maximum gehele periode kalendermaand 1 t/m 12 Bezoldiging Werkelijk uurtarief lager dan het (gemiddeld) maximum uurtarief? Bezoldiging in de betreffende periode Totale bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12 (-/-) Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Totale bezoldiging, exclusief BTW Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
€ 206
€ 199
€ 301.800
€ 292.200
€ 77.044
€ 74.426
Ja
Ja
€ 32.048
€ 29.824
€ 32.048
€ 29.824
€ 32.048
€ 29.824
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
1d. Topfunctionarissen met een bezoldiging van € 1.700,- of minder Naam topfunctionaris de heer A. Gerritsen de heer mr. drs. R.G. Welten mevrouw ir. C.A.M. Kroon de heer ir. R.W. Bleker mevrouw A.H. Raven BA de heer drs. S.W.J.G. Schelberg mevrouw drs. H.A.M. Nauta-van Moorsel de heer J.G.J. Joosten de heer A.C. Hofland mevrouw M.A.W. Haverkamp-Wenker mevrouw drs. A.E.H. van der Kolk de heer P.G. Welman mevrouw D. Tigchelaar de heer J.H.R. Pierik de heer mr. J.C.F. Broekhuizen de heer Th.J.F.M. Bovens de heer A. Gerritsen de heer dr. G.O. van Veldhuizen de heer drs. S.W.J.G. Schelberg de heer A.C. Hofland de heer P.G. Welman
67 // JAARSTUKKEN 2022
Functie AB Lid AB Lid AB Lid Voorzitter AB AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid Voorzitter AB (Q1 2022) DB lid DB lid DB lid DB lid DB Lid
9.6
EMU saldo
In de onderstaande tabel is het EMU-saldo van Veiligheidsregio Twente berekend voor 2022. Daarmee draagt VRT negatief bij aan het EMU-saldo van Nederland. Belangrijkste oorzaak is de toename van de vaste activa door de hoge investeringen. Jaar
2022
EMU-SALDO
-7.070
(x € 1.000,-) Kapitaalverstrekkingen en Financiële vaste activa leningen Uitzettingen Activa Mutaties (1 januari tot 31 december)
Uitzettingen Vlottende activa
-73 -712 3
Liquide middelen Overlopende activa
1.617
Vaste schuld
3.500
Vlottende schuld
2.744
Overlopende passiva
1.304
Eventuele boekwinst bij verkoop effecten en (im)materiële vaste activa
358
Vaste Passiva Passiva Vlottende passiva
9.7
Investeringen
In de begroting 2022 is een investeringsbehoefte van € 11,7 mln. aangegeven voor de jaarschijf 2022. Dit was gebaseerd op de investeringsplanning die begin 2021 is opgesteld. In de tussenliggende periode hebben zich allerlei ontwikkelingen voorgedaan, waardoor de werkelijke investeringen afwijken van de oorspronkelijke planning. In december 2022 is de prognose van de afwijkingen, voor zover die boven de begroting uitstijgen, ter goedkeuring voorgelegd aan het algemeen bestuur. Het grootste deel van de afwijkingen kwam voort uit vertraging van projecten (m.n. nieuwbouw Almelo), waardoor was verwacht dat die investeringen al in 2021 hadden plaatsgevonden. Onderstaand een overzicht met de planning uit de begroting, de goedgekeurde prognose en de werkelijke investeringen in 2022 Investering (mln.) Gebouwen Materieel
Gepland € 4,9 € 4,0
Prognose € 8,1 € 4,7
Werkelijk € 7,9 € 4,4
Materialen (w.o. blus- en dienstkleding)
€ 2,6
€ 2,6
€ 0,6
ICT
€ 0,2
€ 0,6
€ 0,5
Totaal
€ 11,7
€ 16,0
€ 13,9
68 // JAARSTUKKEN 2022
Opmerking Een deel van de aanschaf dienstvoertuigen is doorgeschoven naar 2023 De investeringen zijn achtergebleven onder andere vanwege de vertraging in de landelijke aanbesteding van het operationeel uniform
10 Analyse begrotingsrechtmatigheid Normering van de begrotingsrechtmatigheid conform het controleprotocol voor de accountantscontrole op de jaarrekening 2018 e.v. van Veiligheidsregio Twente. Legenda: Rechtmatig is een kostenoverschrijding op programmaniveau die: a) geheel of grotendeels wordt gecompenseerd door direct daaraan gerelateerde inkomsten; b) past binnen het bestaande beleid, maar die niet tijdig kon worden gesignaleerd; c) bij het opmaken van de jaarrekening bekend is geworden nadat de overhead is toegerekend, mits op de kostenplaatsen geen overschrijdingen voorkomen en past binnen het geformuleerde beleid; d) het gevolg is van een hoger investeringsbedrag in een voorgaand jaar. Onrechtmatig is een kostenoverschrijding op programmaniveau die: a) past binnen het bestaande beleid maar die ten onrechte niet tijdig is gesignaleerd; b) niet past binnen het bestaande beleid en waarvoor geen begrotingswijziging is ingediend; c) gevolg is van een activiteit die achteraf als onrechtmatig moet worden beschouwd; d) leidt tot kosten binnen de begroting, waarvoor minder prestaties zijn geleverd. Kostenoverschrijdingen die op grond van het voorgaande als onrechtmatig moeten worden gekwalificeerd, worden hierna op programmaniveau geanalyseerd. Deze worden, voorzien van een toelichting, aan het algemeen bestuur verantwoord.