Nr. 86 Reactie Ruimte voor Retail.pdf
Tekst van het document
Verzonden: zondag 14 november 2021 16:43 Aan: Raad <Raad@groningen.nl> Onderwerp: reactie Ruimte voor Retail Geachte raad, Omdat de Inspraakrapportage Concept-detailhandels- en horecavisie - Ruimte voor Retail - (onder 8) geen inhoudelijk antwoord gaf op mijn inspraakractie, stuur ik u deze reactie hierbij inclusief de bijlagen. Het gemeentelijk beleid lijkt meer op bevordering van de grootschalige, globale commercie in de vorm van online winkelen en van het ruimteverslindende autosysteem dan op het koesteren van een sociaal, inclusief Groningen met een binnenstad voor alle stadjers (GHtB'ers), centraal in OV en 'digitale stad'. Dit willen oplossen met een vastgoedbedrijf (DvhN211108) is precies aan de verkeerde kant beginnen: met symptoombestrijding. Wat de behandeling van mijn reactie betreft: het is het verhaal van de man die in het donker zijn sleutel alleen maar zocht onder de lantaarnpaal omdat het daar licht was. Nordic City was een veelbelovend begin voor herontwerp van Groningen tot een postfossiele stad, maar er is niets meegedaan - er wordt alleen onder de lantaarnpaal gezocht, anders lijkt niet mogelijk. Kortom, beste raad, als u nu de boel niet opschudt, blijft u krijgen wat u kreeg. De inspraakrapportage gaat ook hierbij. Met vriendelijke groeten,
inspraakreactie ‘Ruimte voor Retail’ (zie ook de bijlagen A, B en C)
11 augustus 2021 1/2
Het ontbreekt aan infrastructuur op twee punten Geachte lezer,
afbakening maar schrijven niet, waardoor een ‘niemandsland’ ontstaat dat een wet-
Er zit een hoop werk en aandacht in ‘Ruimte voor Retail’. Mijn zorg betreft de grote lijn en is dat de gemeente te passief meebuigt met trends, zich te gemakkelijk laat uitspelen door de ontwrichtende krachten van (internet)kapitaal en (economisch handelende) universiteit terwijl het DNA van Groningen vraagt om een nuchtere, mense-
houder dan maar mensmoedig voor de kiezen moet nemen. Doe dat een paar nota’s (over verschillende beleiden) achter elkaar en de kans op onsamenhangendheid, versnippering, onverantwoording en vervreemding neemt toe als bij een virusuitbraak. Nog anders gezegd, uitbesteden betekent telkens een extra tussenstuk tussen mens en werkelijkheid, tussen willen en doen, doe het dus alleen als het niet anders kan (zie ook bijlage A, in het begin, over salamiprocedures).
lijke maat voor allen: sociaal, leefbaar, inclusief, waarde boven prijs. Wat dat betreft koos de raad al voor velen verkeerd door het autosysteem te omhelzen en het OV uit de binnenstad te verbannen, de voorkeur gevend aan studenten, kenniswerkers en toeristen als doelgroep. Hiermee borduur ik voort op mijn eerdere bijdragen (zie de bijlagen): A. inspraakreactie op ‘Bestemming Binnenstad’ (2015), B. inspiratie voor collegevorming (2018), C. pleidooi voor meer democratische controle over studentenstroom (2018). vooraf: liefst niet uitbesteden Het is niet goed dat dit weer een uitbestede nota is. Zo krijg je nooit genoeg deskundigheid binnen het toch niet onderbemande ambtelijke apparaat. Het is dubbelop dus duur. En het maakt dat de verantwoording niet helder is te krijgen – de projectleider schrijft over een afgebakend geheel en hoeft zich extern niet te verantwoorden, de ambtenaren geven aanwijzingen over de
Het ontbreekt aan infrastructuur op twee punten De binnenstad vormt de cumulatieve attractie, het hoogtepunt, het centrum van stad en ommeland. En beleid is expressie van hoe we (willen) leven. Aan de overheid (dat zijn wij samen) de taak om de basis, de infrastructuur te bieden. Dat betekent OV met het centrum als centrum, zodat dat ook voor ieder het centrum is. Met optimale OV-verbinding met wijken en regio is er ook optimaal ruimte voor retail. Dat is één. En als retail (deels) on line gedreven is, zal daarvoor een lokale digitale infrastructuur (zoals de digitale stad) moeten worden geboden — een ‘burgernet’ als veilig, beschaafd, normaal alternatief voor ontwrichtende commerciële media is sowieso noodzakelijk. Hierna in het kort wat opmerkingen over deze twee punten.
inspraakreactie ‘Ruimte voor Retail’ (zie ook de bijlagen A, B en C)
11 augustus 2021 2/2
Klimaat vereist OV van/naar centrum Zolang de heilige duurzame-energiegraal niet is (uit)gevonden, zullen we het van een minder onbescheiden leefstijl moeten hebben. Wat dat betreft racen we achteruit de toekomst in. Er had allang een pauze moeten worden ingelast om ons te bezinnen op schadelijke projecten als ringweg zuid. Om vervolgens nieuw groen beleid uit te zetten. In ieder geval kan (groen elektrisch) autorijden niet meer, al die bewegingen zullen
Internet vereist ‘Digitale Stad’
voortaan per voet, fiets of OV moeten kunnen. De ‘fossiele’ stad zal opnieuw moeten worden ingericht voor een post-fossiele samenleving zoals in 2016 al in ‘Nordic
je data opslaan en soms zelfs gijzelen. Normaal dus — dat bestaat vreemd genoeg nog niet, wat dat betreft leven we nog in een jungle. Eerder heette zoiets de Digitale Stad. Je zou bijvoorbeeld moeten kunnen stream shoppen (in stad maar ook met, zeg, de wijkwinkel: de verkoper toont en praat) en dan net zo gemakkelijk naar die winkel gaan en de draad weer oppakken.
City’ van Atelier Stadsbouwmeester Groningen werd betoogd. Dat betekent een OV gericht op het centrum met ringen en spaken (niet door het centrum maar erheen en terug). De OV-dienstregeling bepaalt dan waar gebouwd kan worden, niet omge-
Vorig jaar was er het prima initiatief warenhuisgroningen.nl om in tijden van corona de Groninger retail te faciliteren en tegenwicht te bieden tegen de online verkoop. Dat zou veel breder moeten ingebed. De fysieke stad hoort, qua interface, zijn evenbeeld op internet te hebben: een manier om met de overheid, winkels en elkaar veilig te communiceren, zonder algoritmes ertussen die je de verkeerde kant opsturen,
keerd. Zie verder met name bijlage B. Aan de andere kant wordt het tijd de dominerende rol en economisch gedreven studentengroei van met name de RUG terug te dringen (bijlage C). Het kluitjesvoetbal dient gespreid: UB-filialen/faculteiten in de wijken en in de regio, waardoor ook het OV evenwichtiger wordt (anders dan met het topzware Zernike).
tenslotte
Ook voor de wijkinrichting lijken er consequenties te zijn van klimaatbeleid: wijkhubs voor pakjesbezorging, deelauto’s, energieopslag en dergelijke. Dat kan de retail ondersteunen.
Overigens noemt figuur 3.8 ten onrechte KWANTUM als verdwenen speler.
(Bezorg)diensten die evident niet rendabel zijn en teren op aandeelhouderskapitaal, dienen geweerd wegens anti-leefbaarheid. Gemist in de tekst de rol van klimaat, warenmarkt, bussen, parkeergarages, RUG & studenten en bovenal de (beleving van de) Stadjer.
Met vriendelijke groeten,
210811 BIJLAGE A inspraakreactie ʻBestemming Binnenstadʼ
Aan het College van B&W van de gemeente Groningen 21 september 2015 1/3
Graag meer taart, minder slagroom Best Stadsbestuur, Goed dat u zich bekommert om de binnenstad. Hoewel het een luxe probleem lijkt te zijn: te veel mensen, jongeren, als ik het goed begrijp. Dat de bussen bekneld zouden raken door het verkopen van 1000 m2 publieke ruimte (voor de oostwand) aan projectontwikkelaars, had natuurlijk meteen bij de Forum-discussie mee moeten worden gewogen, evenals het feit dat straks de Grote Markt te klein zal zijn voor een grote markt. Waarmee ik maar wil zeggen dat de gemeentelijke besluitvorming te vaak wordt bedreigd door versnippering en salami-procedures: steeds een plakje in plaats van meteen de hele worst — of die worst is er dan niet, of hij is alleen bekend bij insiders; elk plakje wordt mooi gemaakt en gepresenteerd met behulp van een legertje communicatiemedewerkers zodat minder opvalt dat het maar een plakje is; heb je er dan eenmaal van gegeten, blijkt er later een hele worst aan vast te zitten die je dan helemaal moet opeten terwijl je er niet om had gevraagd. Dan ben je erin gerommeld. Hoe dan ook, het zicht op het geheel ontbreekt. Men weet niet goed waar men ja tegen zegt. Zo ook in dit geval. De visie is te veel een beperkte, en elitaire, ‘nog even die vervelende bussen uit de binnenstad’-nota.
Geen totaalvisie op twee punten
Op twee punten ontbreekt het aan een ‘totaalplaatje’: 1. de Stadjer ontbreekt
De ‘gewone Stadjer’ kom ik niet tegen in de tekst, laat staan in de afweging. Terwijl juist die Stadjer veelal is aangewezen op een busverbinding met het centrum. In plaats daarvan lees ik over kenniswerkers, studenten en andere jongeren. En over het faciliteren van internet-startups en leisure. En het bedienen en terugwinnen van bovenregionale consumenten en (buitenlandse) toeristen. Kortom, veel slagroom, weinig taart. Laten we vaststellen dat een groot deel van de drukte komt door de toename van studenten. Universiteit en Hanzehogeschool hebben het makkelijk. Ze kunnen ‘eindeloos’ (internationale) studenten werven zonder op te hoeven draaien voor de effecten van hun kluitjesvoetbal op onze stedelijke samenleving. Zoals daar zijn: de verdringing van Stadjers uit lagelonenbanen (door oud-burgemeester Vreeman gesignaleerd in zijn afscheidsinterview), de verstoring van het woonmilieu in de wijken, de toename van de verkeersdrukte, de toename van het OV-gebruik (ook naar het ‘waterhoofd’ Zernike) en de fietsparkeerproblemen. Het is alle studenten van harte gegund een mooie tijd in Groningen te hebben. Maar gemeente, pas op voor de democratisch ongecontroleerde zakken geld die RUG en Hh feitelijk zijn.
inspraakreactie ʻBestemming Binnenstadʼ
Aan het College van B&W van de gemeente Groningen 21 september 2015 2/3
Kijk toch uit voor hun hoge moed1 en het gemak waarmee zij problemen over de gemeentelijke schutting kieperen, door niemand tot de orde geroepen. Waarom niet paal en perk gesteld aan de ongebrei-delde groei? Of een bedrag per student geheven, nu er wordt geworven op kosten van de gemeenschap. Kaart het in ieder geval aan en antwoord niet elitair met het weren van de gewone Stadjer uit de binnenstad. Dat is de omgekeerde wereld (slagroom zonder taart). Kijk naar het geheel, weeg en kies. Drijf niet kritiekloos mee op de stroom. Wat mijns inziens helemaal niet kan, is wat op p 13 staat: “We zijn ons er wel van bewust dat de bereikbaarheid per bus voor ouderen en mensen die slecht ter been zijn en die géén beroep kunnen doen op aanvullend WMO-vervoer onder druk staat. We gaan hiervoor bij de uitwerking op zoek naar een passende oplossing.” Eerst oplossen, dan uitwerken. 2. er is geen OV-ʻtotaalplaatjeʼ
Het belangrijkste bezwaar van ‘Bestemming Binnenstad’ is dat er ad hoc (dat wil zeggen: omdat dat hier goed uitkomt) aan de structuur van het openbaar vervoer (OV) wordt gesleuteld terwijl je in zo’n geval het geheel opnieuw hoort te doordenken. Nu is het de binnenstad, straks het Hoofdstation, dan weer de verbinding met Zernike; er wordt in plakjes gewerkt. Zo ga je van incident naar incident. Zoals iemand die steeds een stukje bijklust aan zijn huis (zie 1
Zie het interview met oud-voorzitter Hilly Mast in DvhN150912, waarin onder andere het Chinese avontuur van de RUG aan de orde komt. Zie bijv. de tekst in een RUG-personeelsadvertentie in NRC150912: “Born leaders reach for infinity”
de ‘gammaficatie’ voor het Hoofdstation). En loop je, zoals dat heet, achter de feiten aan. Dan krijg je rommeligheid. Dat is geen beleid maken. Zo’n handelwijze getuigt ook van desinteresse voor de basistaak van de gemeente: zorgen voor een goede OV-infrastructuur. Er is dus een masterplan nodig, een degelijke lange termijnvisie, waarin het binnenstadsprobleem wordt meegenomen — daarover zometeen. Intussen is de voorgestelde route voor de stadsbussen een staaltje van of wereldvreemdheid of minachting voor de OVreiziger: “Hoofdstation > Hereplein > Gedempte Zuiderdiep > Stationsstraat > Emmaplein > Eeldersingel > Westerhaven > A-weg > Westersingel”. Naar Vinkhuizen via het Hereplein! Dit is hét recept om de reiziger de bus uit te jagen. Terwijl op p 12 staat “door de grotere aantrekkelijkheid van looproutes verwachten we geen reizigersverlies”. Het belang van een OV-masterplan
Routes zijn niet genoeg om een OVsysteem te laten werken. De dienstregeling moet kloppen. Want dat is wat de reiziger krijgt. Je moet dus bereid zijn om net zo lang te proberen totdat de dienstregeling van het geheel past (eerst de software, dan de hardware). Daarvoor moet je bereid zijn om bijvoorbeeld een gebouw of een straat op te offeren (vergelijk de voor het UMCG verdwenen Antonius Deusinglaan). Denk daarbij ook op een termijn van zeg dertig jaar. Heb visie en durf. Anders loop je steeds meer achter je zelf aan. Dan rommel
inspraakreactie ʻBestemming Binnenstadʼ
Aan het College van B&W van de gemeente Groningen 21 september 2015 3/3
je Groningen de toekomst in — zoals in de visie met de brug over het Schuitendiep. Dit alles is behoorlijk abstract gezegd. Daarom hierna een voorbeeld-masterplan. Ter illustratie: een vcp voor het OV
De oplossing ligt voor de hand: doe als bij het verkeerscirculatieplan (vcp), zorg voor een verdeelring die een snelle verbinding geeft aan wie niet in de binnenstad hoeft te zijn en laat het OV vanaf die ring de binnenstad in en weer uit rijden, dus niet er doorheen. Hierbij wordt niet op één punt, het Hoofdstation, overgestapt maar op de ring(stations). Plan je dit goed, heb je wellicht geen busstation achter het Hoofdstation meer nodig. En kan de ‘gammaficatie’ (het verhoogde stationsplein) weer verdwijnen. Ook kun je al naar gelang de drukte doseren hoeveel bussen/trams er over de verdeelring gaan (werkspits) en hoeveel er de binnenstad in en uit gaan om passagiers af te leveren en op te pikken (winkelspits). Waarmee maar gezegd mag zijn dat dit een masterplan is, een totaalplan dat flexibel onderdak biedt aan diverse OV-behoeften. Essentieel is hier de omlooptijd van de ring. Want deze vormt de klok van het systeem. Daar moet je zoals gezegd net zo lang aan schaven tot meerdere omlooptijden precies een uur maken. Denk bijvoorbeeld aan een doorsteek vanaf de Eeldersingel door het Westerhavencomplex naar de Westersingel. Formuleer nu die wens. Geef het OV-bureau ruim mandaat voor stedelijke ingrepen. Anders wordt het nooit wat en blijf je rommelen. Doe je het goed, zit je op rozen.
Wat de ring betreft: de lijnen uit de regio en de wijken komen erop uit, bij een ringstation, waar kan worden overgestapt, en volgen dan bijvoorbeeld een halve ring om dan weer de wijk/regio in te gaan. Of ze gaan bij het ringstation de binnenstad in en uit. Dit kan afwisselend. Zo is er een groot aantal mogelijkheden om het model te benutten. Zelfs een aparte ringbediening zou kunnen: bijvoorbeeld een tram die rondjes rijdt; daarbij wordt dan vaker overgestapt. slot: bevorder fietsen met opklapbaar stuur en opklapbare trappers
In Californië legde de overheid de autofabrikanten simpelweg strenge normen op voor de uitstoot van uitlaatgassen. De fabrikanten zeiden dat die normen onhaalbaar waren. Maar ze werden gehaald. Sindsdien is dat vele malen herhaald. De les: heb visie, durf en vasthoudendheid. Net zo zou de overheid de fietsenfabrikanten op moeten leggen dat een toenemend aantal van de fietsen over x jaar eenvoudig opklapbare sturen en trappers heeft. Dat zou de mogelijkheid om fietsen te stallen en mee te nemen in het OV ineens sterk vergroten, zo niet verdubbelen! Je hebt dan drie soorten fietsstalplaatsen: bijvoorbeeld smart (opklapbaar, goedkoper), gewoon (2 x de prijs van smart) en dik (bijv met krat, 3 x de prijs van smart). Werk hieraan. Maak er een speerpunt van als Groningen fietsstad 1. Dan wens ik u veel wijsheid. Met vriendelijke groeten,
210811 BIJLAGE B 210811 bijlage B - 181210v2ingekort Inspiratie voor collegeprogramma EERST HET OV PLANNEN - basisideeën voor een langetermijn aanpak.docx
EERST HET OV PLANNEN Neem Kardinge. Eerst werd rond 1980 het hoofdkantoor voor KPN gepland in Ulgersmaborg. Toen kwam het Oosterhamriktracé en vervolgens (transferium) Kardinge in dit ‘niets’ tussen Beijum en Lewenborg.. Met eerst een OV-plan was dit niet gebeurd. Dit is een voorbeeld van vastgoed gedreven stadsplanning.
Neem de binnenstad, de bereikbaarheid is vooral uitgekiend voor auto’s met een ring van parkeergarages, plus twee centraal. Logisch is (ook) een ring van OV-stations. Nu moest busstation Westerhaven ad hoc worden geïmproviseerd, met excuuspendelbusje, het maakte geen deel uit van een totaal OVplan. Zo ook was er nog even een Kattenbrug nodig, de dienstregeling hoefde zelfs niet veranderd; dat lijkt sterk.
basisideeën voor een langetermijn aanpak Peter Nieuwhof
Van belang voor het Gronings collegeprogramma is • dat het OV een in tijd samenhangend geheel vormt en dus voorop moet staan in de planning; dan volgt infrastructuur (VCP), dan invulling met bakstenen en groen • dat de klimaatopdracht formidabel is en een forse ommezwaai vergt van auto naar fiets en OV1 • dat stadjers allang beter willen maar te weinig initiatief zien waardoor geld op de plank blijft liggen • dat een solide langetermijnplanning de enige manier is om geld ervoor uit Den Haag te krijgen • dat daarom een masterplan dringend nodig is als opstap naar een super-leefbare stad.
1/3
Neem Zernike, min of meer vanzelf gegroeid (‘baksteen gedreven’), in ieder geval niet gerealiseerd in het kader van een OV langetermijnplan. Nu rijdt er in de spits iedere vier minuten een volle gelede bus (overigens per december over de busbrug bij het Hoofdstation terwijl die tweemaal 6,5 minuut per uur omhoog moet kunnen). Met zoveel drukte is het de hoogste tijd voor rails. Toch vond de provincie het in het kader van de westelijke ringweg niet nodig om hierover na te denken. De gemeente deed tot nu geen moeite en heeft net met RUG en Hanzehogeschool afgesproken Zernike op te knappen: baksteen- in plaats van OV-gedreven.
Waarop te letten in het algemeen 1. VANZELFSPREKEND, SCHIJNBAAR MOEITELOOS Een goed ontwerp is onopvallend en vanzelfsprekend, het tegendeel van spectaculair. Het is er schijnbaar moeiteloos. Het geheim is hier om zo lang te ordenen en voor te bereiden dat de puzzelstukjes uiteindelijk (schijnbaar moeiteloos) op hun plaats vallen. Geen tijdgedreven, losse, lastige, riskante keuzes met rode koppen op basis van smaak en halve waarheden, maar de gevonden logica en samenhang voor ieder zichtbaar en met ieders betrokkenheid het werk laten doen. Dat vergt geduld. De kunst is de definitieve invulling zo laat mogelijk te kiezen, risico’s te mijden. Laat je niet opjutten. Stad en land zijn het waard. Het klimaatverdrag ook.
Er is een hoop kennis op dit gebied bij de onderwijsinstellingen. Waar zijn de studies en onderzoeken? En waar de kruisbestuivende samenwerkingsverbanden? Of is innovatie alleen om óver te praten?
2. MASTERPLAN Maak dus een moederplan, een plan om te plannen, een matrijs, kortom een masterplan. Plan de kern hard en strak maar maak dat de invulling zacht en flexibel kan zijn. Zo kun je én op de nodige lange termijn plannen, zeg voor dertig tot vijftig jaar, én op korte termijn met beleid en richting meeveren met de mogelijkheden. Begin bijvoorbeeld met bussen (dubbeldeks voor minder ruimtebeslag) en schakel over op rail of beter als er voldoende ervaring en klandizie is. Neem de tijd. 3. DIENSTREGELING EERST De dienstregeling is wat de reiziger krijgt, de interface. Die dient dus voorop te staan. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat keuzes van route en materieel er niet toe doen. Maar als puntje bij paaltje komt, is de dienstregeling leidend – zoals een automatiseerder uitgaat van de software en daar de hardware bij zoekt — en worden route en materieel aangepast. Je moet dus bereid zijn een stukje stad drastisch te veranderen als dat problemen elders oplost of voorkomt. Kortom, pak de problemen aan aan de voorkant; wees ze vóór in plaats van steeds maar ad hoc achter de feiten aan te hobbelen. 1 EU 28-11-18: Commissioner for Transport, Violeta Bulc said: “All transport modes should contribute to the decarbonisation of our mobility system. The goal is to reach net-zero emissions by 2050.
This requires a system approach with low and zero emission vehicles, strong increase in rail network capacity, and a much more efficient organisation of the transport system, based on digitalisation; incentives for behavioural changes; alternative fuels and smart infrastructure; and global commitments. All this driven by innovation and investments."
Vergelijk de opoffering van kostbare stad aan de zuidelijke ringweg. Of die van de Antonius Deusinglaan aan het UMCG omdat het gemeentelijk beleid is om grote instellingen voor de stad te behouden.
210811 bijlage B - 181210v2ingekort Inspiratie voor collegeprogramma EERST HET OV PLANNEN - basisideeën voor een langetermijn aanpak.docx
BASISINGREDIËNTEN OV-MASTERPLAN, LOKAAL
De reizen en reisjes in de stad zijn in te dikken tot een raster van horizontale/verticale en diagonale lijnen. Groningen is een stad met een duidelijk centrum. A. centrum: naaf en spaken (evt verre ring) Het raster is dan in te dikken tot een naaf met spaken: reizen naar het centrum, eventueel overstappen en reizen vanaf het centrum. Omdat reizen via het centrum naar een naastliggende wijk onhandig is, en wel meer naarmate de afstand tot het centrum groter is, zou er hierbij redelijk ver van het centrum een ringlijn kunnen zijn.
B. centrum te druk: eronder, erover of eromheen Wat wanneer het centrum te druk is om het OV door te laten? Het gaat dan om deze situatie:
Het stadshart is dan weer voor iedereen (de inclusieve stad) en niet alleen voor fietsers, studenten en automobilisten. De winkeliers vormen weer het logische, OV-bereikbare midden voor de Groningers in wijken en regio. Ina en Fokko gaan weer per OV naar de stad om te winkelen. Winkeliers blij — ze moeten toch al tegen webwinkels opboksen —, binnenstad solider en het geïmproviseerde excuuspendelbusje kan weer weg.
Is het centrum zo te druk, dan ga je eronderdoor, eroverheen of je maakt een ring voor het OV vanwaar je naar binnen prikt en weer terug gaat, zoals bij het vcp 1977.
2/3
In de ontwerp-Omgevingsvisie (‘The Next City’) staat ook onder Top 12 keuzes voor de stad (punt 3): “We houden vast aan één centrum. De binnenstad wordt wel groter.”
Zo was het ook tot 1992: de Grote Markt was het centrale station voor stadsbussen, die tegelijk vertrokken (synchronisatiepunt). In het verleden hadden veel regionale bussen in de stad eigen busstations zoals Damsterdiep, Bedumerweg), Zuiderdiep en A-weg. Men hoefde immers niet op het Hoofdstation te zijn maar in Stad.
210811 bijlage B - 181210v2ingekort Inspiratie voor collegeprogramma EERST HET OV PLANNEN - basisideeën voor een langetermijn aanpak.docx
B.1
3/3
eronderdoor: metro, regionaal?
In principe dezelfde lijnenopzet als onder A. Maximaal snel en punctueel. Kostbaar. Boren voorkomt gedoe. Ondergronds haalt wel de reuring van de straat: geen toegevoegde (commerciële) waarde bovengronds. Bij regionaal vervoer, met grotere afstanden, telt dat minder. Past gezien ingrijpendheid voor de langere termijn, bijvoorbeeld als eindbeeld. Let wel: één deel ondergronds (HstKorenbeurs) kan al uitkomst zijn. B.2
eroverheen: ‘sky train’, kabelbaan
In principe dezelfde lijnenopzet als A. Punctueel. Kostbaar. Capaciteit voldoende? Gedoe? Bovengronds haalt wel de reuring weg: geen toegevoegde waarde voor de straat. Één deel bovengronds kan uitkomst zijn. B.3
eromheen: centrumring die synchroniseert
De OV-centrumring spreidt bussen/trams/… en reizigers over (ring)stations.
De op zich prima ambitie van Regiotram vond geen ‘vanzelfsprekende’ uitwerking. Ten eerste werd eerst voor de tram gekozen terwijl de materieelkeuze volgend is. Ook kunnen tram en trein niet samen op één spoor. Ten tweede werd niet uitgegaan van een gelijkmatig raster en dus optimale verbinding: het eerste tracé Zernike - Hoofstation voerde de reiziger via Eikenlaan, Noorderstation, Boterdiep en Oostersingel (UMCG), wel comfortabel maar niet direct. Daarbij kannibaliseerde deze lijn 1 het belendend OV. Zoals nu in Amsterdam bij de introductie van de Noord-Zuidlijn (‘visgraatmodel’). Waarmee ook gezegd wil zijn dat het nauw luistert bij OV-planning.
Dit model voorziet in alle routes die nodig kunnen zijn. De overstappunten zijn daar waar de spaken de centrumring kruisen (ringstations). Daar ontmoeten de via de ring rijdende en de van/naar het centrum rijdende bussen (trams) elkaar. Daar wordt gesynchroniseerd: de ring is de klok van het systeem. De omlooptijd van de ring moet zodanig zijn dat meerdere omlooptijden samen een uur vormen. Dit voor een duidelijke dienstregeling (interface) voor de reiziger. Van de keuze van het ringtracé hangt de dienstregeling af, en omgekeerd. De ring is het station. Een centraal station is lokaal (en regionaal) niet nodig — een kwestie van de problemen vóór zijn. Alles op één punt, op een kluitje, is niet meer van deze tijd (en was dat vroeger ook niet — je had Damsterdiep, Bedumerweg, Zuiderdiep, Aweg voor de regionale bussen). Interregionaal is wel een centraal punt vereist, daarom is het Hoofdstation ingetekend, met een ‘aorta’ (een snelle verbinding op welke manier ook naar het stadshart). Dit is een masterplan: allerlei routes en materieel zijn mogelijk. Bij wijze van voorbeeld twee uitersten: - klassieke ringbediening met een tram + (bus)lijnen van en naar het centrum - geavanceerde (bijna) deur-tot-deur bediening met (elektronisch) koppelbare/geleide busjes of trams.
Let wel. Als er weinig reizigers zijn, dan kan dat reden zijn om het OV te concentreren op één punt. Groningen met zijn vele bussen lijkt ver voorbij dat stadium. De cijfers moeten bevestigen dat dat het geval is. En de ambitie is groot: een forse ommezwaai van auto naar OV en fiets.
Deze opzet is innovatie. In de ontwerp-Omgevingsvisie (‘The Next City’) heet het (blz 7 bovenaan): “We gaan onze kwaliteiten als proeftuin beter vertellen en vermarkten. Want wat in Groningen werkt kan daarna opgeschaald worden naar de Randstad. Groningen én het noorden als living lab voor het slimme en groene vervoer in de toekomst.”
210811 BIJLAGE C 23 oktober 2018 , pag. 14
OPINIE
Regel groeiende studentenstroom met hart voor de stad Groningen Er is te weinig democratische controle op de jacht van universiteit en hogeschool op studenten. Hoogste tijd dat de gemeente de verantwoordelijkheid opeist en staat voor een superleefbare stad.
Nieuwe studenten tijdens de Keiweek afgelopen zomer.
PETER NIEUWHOF
V
ertrekkend burgemeester Ruud Vreeman zag ‘een gekke paradox’, zo zei hij in Dagblad van het Noorden van 13 december 2014. „Groningen heeft een heel hoog opgeleide bevolking. (… )En tegelijkertijd zitten er bijna nergens in Nederland zoveel mensen thuis niks te doen als hier. Er zijn wel banen voor ze, maar die worden allemaal vervuld door studenten.” Zijn antwoord was: niet minder studenten, maar meer sociale werkvoorziening. Intussen werven RUG en Hanzehogeschool bij wijze van economische activiteit internationale studenten. In 2015 lanceerden B en W het voorstel ‘Bestemming Binnenstad’. De bussen moesten uit het centrum want het werd te druk. Een groot deel van die drukte, zo schreef ik in een inspraakreactie „komt door de toename van studenten. Universiteit en Hanzehogeschool (…) kunnen ‘eindeloos’ (internationale) studenten werven zonder op te hoeven draaien voor de effecten van hun kluitjesvoetbal in onze stedelijke samenleving. Gemeente, pas op voor de democratisch ongecontroleerde zakken geld die RUG en Hanzehogeschool feitelijk zijn. Kijk toch uit
voor (…) het gemak waarmee zij problemen over de gemeentelijke schutting kieperen.” Inmiddels is het zover dat de huisvesting tekortschiet, in de spits eens per 4 minuten een overvolle lijn 15 naar Zernike rijdt (die dus een trein moet worden) en fietsroutes uitpuilen, terwijl al eerder sprake was van ongemak door studenten in de wijken. Er staat geen maat op. Het lijkt wel Airbnb, maar dan door de met gemeenschapsgeld op extra studenten jagende onderwijsinstellingen. Zo krijgen de Stadjers ook deze globalisering voor hun kiezen. Een paar citaten uit het verslag op dvhn.nl van de hoorzitting op 3 oktober door de gemeenteraad. RUG: „We nodigen de gemeente uit om extra energie te steken in het op peil houden van het woningaanbod de komende jaren.” Groninger Studenten Bond: „De internationale student wordt gediscrimineerd op de Groningse huizenmarkt. Het wordt tijd om de studenten op de eerste plaats te zetten.” Hanzehogeschool: „Een numerus fixus kun je niet zomaar instellen, wanneer je te veel studenten hebt. Dat kan alleen als er een overschot op de arbeidsmarkt ontstaat. Dat moet ook niet zomaar gebeuren, dan loopt de toegankelijkheid van het onderwijs gevaar.” Ver-
FOTO ARCHIEF DVHN
Er staat geen maat op de groei van de onderwijsinstellingen der: „We moeten als hogeschool niet de rol van anderen overnemen. Zo zijn wij geen woningcoöperatie.” En: „Maak vaart met bouwen op Zernike.” De wethouder: „We moeten doorgaan met bijbouwen. Ook specifiek voor buitenlandse studenten.” En: „Iedereen die in de stad wil wonen, moet dat kunnen doen.” Tot zover de hoorzitting. De toon is: onderwijs is heilig, dus, gemeente, faciliteer de jacht op studenten; de gemeente zegt ja. De bekostigingsregels van het Rijk voor instellingen, studerenden en gemeente zijn democratisch afgestemd op de gewone situatie dat iedereen onderwijs moet kunnen volgen. Daarin zit automatisch een rem: het aantal studenten staat in verhouding tot de omvang van de bevolking – wat overigens al problemen gaf (zoals minder beschikbaar werk en de splitsing van huizen). Maar nu gebruiken de instellingen
hun met gemeenschapsgeld opgebouwde apparaat om internationale studenten te werven. Weg rem! De regels worden opgerekt. Het is dus zaak de democratische controle te herstellen. Dat kan door de gemeente mee te laten beslissen over het aantal toe te laten buitenlandse studenten en het Rijk en instellingen mee te laten betalen en werken aan de nodige extra inspanningen. Begin dan met een adempauze en stop de studentenaanwas voor bijvoorbeeld drie jaar. Bedenk in die periode hoe de Stadjers worden gecompenseerd voor hun marginalisering op het vlak van werk, huisvesting en openbaar vervoer en of een verdergaande ontwrichting moet worden gestopt dan wel met extra beleid in banen geleid. Als het laatste wordt verkozen: plan relevant beleid opnieuw op basis van de geraamde aantallen; voorkom dat wéér achter de feiten moet worden aangelopen. En dien nog morgen het plan in voor die trein naar Zernike. Er is, kortom, stuur nodig om de kwaliteit van Groningen als super leefbare stad te behouden.
Peter Nieuwhof noemt zich ‘verontrust burger’ van de stad Groningen
Inspraak rapportage Nr.
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
Concept-detailhandelsen horecavisie
Ruimte voor Retail
Inleiding Op 22 juni 2021 heeft het college van B&W van Groningen de concept-visie Ruimte voor Retail vrijgegeven voor inspraak. Vervolgens lag de concept-horeca- en retailvisie Ruimte voor Retail van 1 juli t/m 11 augustus 2021 ter inzage.
Tijdens de inspraakperiode zijn 24 inspraakreacties ontvangen, die kunnen worden onderverdeeld in vier categorieën: • Diverse ondernemers(verenigingen) en bewonersorganisaties uit de binnenstad • Ondernemersverenigingen van wijkwinkelcentra en dorpscentra • Supermarktorganisaties Vastgoedeigenaren en ondernemersverenigingen • in perifere gebieden (Sontplein e.o. en Hoendiep / Peizerweg) In de inspraakrapportage zijn alle inspraakreacties samengevat en is ook de gemeentelijke reactie daarop weergegeven. Waar er sprake is van wijziging van de definitieve visie ten opzichte van de concept-visie, is dat ook benoemd in de inspraakrapportage. De inspraakreacties zijn gebruikt om het beleid op een aantal punten aan te scherpen en om voor een aantal onderwerpen definitieve keuzes te maken. Deze keuzes zijn verwerkt in de definitieve visie.
1
Inleiding
Leeswijzer In deze inspraakrapportage is in een tabel de inspraakreactie per inspreker puntsgewijs samengevat en is per punt de gemeentelijke reactie weergegeven. Als de inspraakreactie heeft geleid tot een wijziging van de visie, is dat ook in de kolom ‘gemeentelijke reactie’ weergegeven. Eerst geven we de belangrijkste wijzigingen van de visie weer. Wijzigingen van de visie De belangrijkste wijzigingen in de definitieve visie betreffen de volgende thema’s. We noemen hieronder per thema de belangrijkste zaken in het definitieve beleid. Vestiging van de daghoreca in de binnenstad (paragraaf 5.6 van de visie) Het huidige bestemmingsplan Binnenstad (2016) bevat een direct recht voor de vestiging van daghoreca binnen de bestemmingen Centrum 1 (o.a. Herestraat, Vismarkt, Grote Markt, Westerhaven) en Centrum 2 (belangrijkste aanloopstraten, zoals Zwanestraat, Oosterstraat). Primaire uitgangspunt is dat de daghoreca de winkelfunctie ondersteunt. De aanwezigheid van (dag)horeca in de binnenstad krijgt daarbij een steeds grotere waarde. Het aandeel daghoreca is weliswaar gegroeid, maar dit past ook bij de trend dat binnensteden verkleuren van koopcentra naar belevingscentra, waar ontmoeting en verblijf meer en meer centraal staan.
In een benchmark met andere steden (onder andere Utrecht, Breda en Eindhoven) is bovendien te zien dat in Groningen een vergelijkbare hoeveelheid horeca aanwezig is per inwoner. Daghoreca, die overigens vele facetten en verschijningsvormen kent, voegt daarbij waarde toe aan de aantrekkelijkheid en functiemix van de binnenstad. Belangrijk is dat de daghoreca niet concurreert met de reguliere (avond) horeca. Uitgangspunt is immers dat daghoreca ondersteunend is aan functies overdag (winkels, onderwijs, werken/kantoren, etc.). Om te voorkomen dat daghoreca (verder) opschuift richting reguliere horeca moet het onderscheid ertussen scherper worden. We gaan daarom handhaven op de openingstijden (minimaal 4 dagen per week om 11.00 uur open), sluitingstijden (conform winkeltijdenverordening) en het verbod op het schenken van sterk alcoholische drank. Voor nieuwe daghorecazaken sluiten we het schenken van alcohol in zijn geheel uit. We verwachten dat het daarmee voor ondernemers minder interessant wordt om restaurant-achtige concepten te openen binnen de kaders voor daghoreca. Bestaande daghorecazaken die niet willen of kunnen voldoen aan de regels voor daghoreca, hebben de mogelijkheid om een omgevingsvergunningaanvraag te doen voor omzetting naar reguliere horeca.
Nachthoreca (zie paragraaf 4.2 van de visie) De kwaliteit en rijkdom van de stad zit vooral in de diversiteit van de verschillende formules in de nachthoreca, die bovenregionale bekendheid geniet. Dit hoort bij de Groningse identiteit en maakt Groningen de uitgaansstad van het noorden. Avond- en nachthoreca is toegestaan in de daarvoor aangewezen gebieden (Grote Markt Zuidzijde ter hoogte van de Gelkingestraat tot en met de Poelestraat en Peperstraat). Deze clusters handhaven wij. Buiten deze clusters is verspreid nachthoreca aanwezig. Toevoeging van nachthoreca buiten de clusters is mogelijk, mits deze ontwikkeling passend is op de plek (vanuit overlast) en er sprake is van een kwalitatieve toevoeging aan het horeca-aanbod. Met KHN stellen we hiervoor een afwegingskader op. De functie nachthoreca willen we planologisch extra beschermen, door het niet meer mogelijk te maken om de functie nachthoreca bij recht te wijzigen (in bijvoorbeeld wonen).
2
Inleiding
Perifere clusters (paragraaf 4.7 en 5.4 van de visie) Naast de binnenstad en wijkwinkel-/buurtcentra kent Groningen clusters voor perifere en grootschalige detailhandel, namelijk het Sontplein e.o. en Hoendiep/ Peizerweg. Bij het faciliteren van nieuwe initiatieven geldt voor de perifere clusters dat complementariteit met de reguliere centra, in het bijzonder de binnenstad, onze voorwaarde is. Op de perifere clusters gaat het om doelgerichte aankopen, terwijl in de binnenstad beleving centraal staat. We willen leegstand in de reguliere centra voorkomen en leefbaarheid in de stad en dorpen op peil houden. Branches die wij als essentieel voor onze binnenstad en reguliere centra hebben aangemerkt, horen niet thuis in de perifere clusters. Hiermee beschermen we de binnenstad, die mede als gevolg van de coronacrisis onder druk staat. De sinds 2011 ingezette lijn met de Structuurvisie Detailhandel 2011-2020 en het Masterplan Sontplein 2017 wordt grotendeels gecontinueerd. We zetten in op de ontwikkeling van zowel het Sontplein e.o. als Hoendiep/Peizerweg tot zelfstandig functionerende gebieden, met een eigen kwalitatief sterk profiel en complementair aan de binnenstad.
Wel kiezen we ervoor om het onderscheid tussen het gebied Hoendiep en Peizerweg als dé woonboulevard, en Sontplein als hét retailpark voor grootschalige detailhandel vanaf 1.500 m² wvo (winkelvloeroppervlak), te versterken. In het bestemmingsplan voor het Sontplein is een limitatieve opsomming opgenomen van de toegestane branches en metrages. Aanvullend hebben we in het Masterplan Sontplein een aantal branches uitgesloten die we essentieel achten voor de binnenstad. Voor de woonbranche kiezen we voor verdere concentratie op Hoendiep/Peizerweg. Bezorgeconomie (paragraaf 3.4 van de visie) Mede door de coronacrisis en de recente komst van flitsbezorgsupermarkten in de binnenstad is de bezorgeconomie flink gegroeid. Deze draagt echter niet bij aan beleving, maar vooral aan gemak en heeft een negatief effect op de openbare ruimte, uitstraling van winkelstraten en verkeersveiligheid. We willen maatregelen nemen om deze negatieve effecten tegen te gaan. We zetten in op een verbod van stallen van bezorgfietsen en -scooters op basis van de APVG. En onderzoeken welke maatregelen we aanvullend kunnen nemen om de negatieve effecten op de openbare ruimte en andere gebruikers van de binnenstad te beperken. Bijvoorbeeld door de vestiging van bezorgfuncties uit het kernwinkelgebied (centrum1 en centrum2) planologisch te weren.
Wijkcentra (paragraaf 5.3 van de visie) De (nieuwe) ontwikkelzones, Meerstad, Suikerzijde, De Held III, Stadshavens en Zernike Campus, worden ontwikkeld tot gemengde woon-werkzones. Waarbij in breder perspectief aandacht is voor passende voorzieningen, zoals detailhandel, horeca en hotels. Maar ook diensten, maatschappelijke voorzieningen en kantoren. Ook hier staan ‘nabijheid, voetganger, fietser en een prettige openbare ruimte’ centraal. Voor elke gebiedsontwikkeling is het van belang om rekening te houden met fasering. Voorzieningen moeten logisch kunnen meegroeien met een ontwikkeling, ook in de toekomst. In de visie leggen wij beleidsmatig vast dat we ruimte zien voor nieuwe economische voorzieningen in onze ontwikkelgebieden. Om de maatschappelijke functie van centra te versterken, is het van belang om enkele solitaire supermarkten te verplaatsen. Enkele solitaire supermarktlocaties hebben geen meerwaarde voor de omgeving, maar veroorzaken juist overlast. Met name op verkeersgebied en druk op de openbare ruimte. En dat leidt tot grote negatieve effecten op het functioneren van supermarkten in bestaande buurt-, wijk- en dorpscentra. Deze supermarkten willen we in deze visie juist overeind houden en versterken. Uitgangspunt van deze visie is in principe geen verdere uitbreiding meer van solitaire supermarkten of supermarktclusters, buiten de aangewezen hoofdstructuur.
Verplaatsing van solitaire supermarkten naar (bestaande of nieuwe) wijk- of buurtcentra behoort tot de mogelijkheden (indien ruimtelijk en verkeerskundig inpasbaar). Supermarkten binnenstad Het aantal supermarkten in de binnenstad is de laatste jaren toegenomen, daarnaast zijn en worden een aantal van deze supermarkten vergroot. Dat zorgt voor steeds meer druk op de openbare ruimte en onveilige verkeerssituaties, met name door laad- en losverkeer en geparkeerde fietsen. Doordat de supermarkten kiezen voor een maximaal winkelvloeroppervlak – ten koste van magazijnruimte – worden deze meerdere keren per dag bevoorraad met grote vrachtwagens. En zien we dat de binnenstad als een magazijn wordt gebuikt. Deze ontwikkeling willen we tegengaan. Met uitzondering van kleinschalige mandjessupermarkten (nader te bepalen grootte, bijvoorbeeld maximaal 300 m 2 wvo) willen we dat er in de binnenstad geen supermarkten meer worden toegevoegd. Ook niet door samenvoeging met aangrenzende panden. Dit nemen we mee in de actualisatie van het bestemmingsplan/omgevingsplan voor de binnenstad.
3
Inleiding
Nr.
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
Overzicht ontvangen inspraak reacties Nr. 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24
HOP, Poelestraat, Groningen
5
Indiener GCC (Groningen City Club) Ondernemersvereniging Ebbingekwartier Ondernemers A-straat/Vereniging Westerkwartier Baloe Big size fashion Buurtvereniging Het A-Kwartier Bewoners van de Grote Kromme Elleboog en de Turftorenstraat Bewonersorganisatie HortusEbbinge Dhr. Nieuwhof Dhr. Boekschoten Winkelcentrum Lewenborg Winkelcentrum Paddepoel Ondernemersvereniging Ten Boer Aldi Lidl Nederland GmbH De Hoge Dennen F. van der Heide / H.J. van der Heide Alice Meins Maripaan Groep Aprisco Retail Parks III Kennemerland Beheer Bedrijvenvereniging West (WEST) Meubelboulevard Hoendiep/Peizerweg Bedrijvenvereniging Zuidoost KHN (Koninklijke Horeca Nederland, afdeling Groningen)
Overzicht ontvangen inspraakreacties
Pagina 6 10 11 11 12 15 16 16 17 20 22 22 23 26 29 30 31 31 33 34 35 37 38 39
Nr.
1
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
Nr.
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
GCC
GCC uit haar zorgen over het proces
De beperkingen door het coronavirus in de
GCC kan zich vinden in de uitgangs-
In het beleid zetten we in op het vergroten
(Groningen
van totstandkoming van de visie, mede
afgelopen tijd maakte de afstemming met
punten voor daghoreca, waarbij scherp
van het onderscheid tussen daghoreca
City Club)
door de timing van het proces (o.a. de
partijen uitdagender dan normaal. Daarvan
gehandhaafd wordt op het verschil
en reguliere horeca. Op basis van de
inspraakperiode in de zomer) en de
zijn wij ons bewust. Toch hebben wij de
tussen daghoreca en reguliere horeca
inspraakreacties en gesprekken denken we
zorgen bij ondernemers vanwege het
ondernemers- en bedrijvenverenigingen
en de sluitingstijd op de feitelijke
dat we dit het beste bereiken door enerzijds
coronavirus. Tijdens bijeenkomsten heeft
op verschillende momenten in het proces
sluitingstijd van de winkels wordt gesteld
streng te handhaven op de bestaande regels
slechts een beperkte groep ondernemers
betrokken bij de totstandkoming van de
(19.00 uur).
voor daghoreca (minimaal 4 dagen per week
zich uitgesproken en zijn belangrijke
visie, zoals tijdens de brede bijeenkomt in
om 11.00 uur open, sluitingstijden conform
discussiepunten onvoldoende aan de
februari 2020 en via de enquête in het najaar
winkeltijdenverordening en een verbod op
orde gekomen.
van 2020.
het schenken van sterke drank). Anderzijds om voor nieuwe daghoreca alcohol geheel
Uit de ontvangen inspraakreacties zijn een
te verbieden, zodat het onderscheid tussen
aantal grote thema’s /discussiepunten naar
daghoreca en horeca-2-bedrijven wordt
voren gekomen. Waar nodig zijn we hierover
vergroot. En er een eerlijker speelveld
nog in gesprek gegaan en hebben we onze
ontstaat voor restaurants, bistro's en
visie aangepast. Hierbij hebben we ook
daarmee vergelijkbare horecabedrijven.
gesproken over het uitvoeringsprogramma. Wijziging visie: Ook na de vaststelling van het beleid blijven
In de tekst in de visie is de passage over
we met u in gesprek over het uitvoeringspro-
‘scherpere handhaving op sluitingstijden
gramma en de uitvoering. Daarbij wisselen
van daghoreca’ vervangen door:
we graag met u van gedachten over hoe
•
Meer inzet op handhaving op openingstijden van daghoreca.
we de betrokkenheid van de individuele
Dit betekent dat daghoreca ook
ondernemers kunnen verbeteren.
in de ochtend open moet zijn. Toename van horeca kan leiden De concept-visie heeft volgens GCC een
Er is bewust voor gekozen om een algemene
tot de noodzaak van scherpere
hoog beleidsmatig karakter. Er wordt
beleidsvisie voor de langere termijn op
regels of beperking over, van,
gevraagd om snel te komen met een
te stellen en hieraan een uitvoerings-
voor het toestaan van terrassen en
concreet uitvoeringsprogramma, die met
programma toe te voegen met concrete
uitstallingen. Hierbij dient voldoende
ondernemers kan worden gedeeld.
maatregelen. Dit uitvoeringsprogramma
openbare ruimte te worden behouden voor de voetganger.
zal regelmatig worden geactualiseerd. Het uitvoeringsprogramma wordt gelijktijdig
6
Overzicht ontvangen inspraakreacties
•
Voor nieuwe daghoreca-zaken
met de visie aangeboden aan de gemeen-
sluiten we het schenken van alcohol
teraad. De inspraakreacties en gesprekken
in zijn geheel uit. Dit versterkt
met ondernemers-/bedrijvenverenigingen
het onderscheid tussen dag-
zijn gebruikt om deze aan te scherpen.
en avondhoreca.
7
Overzicht ontvangen inspraakreacties
Nr.
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
GCC stelt dat nieuwe formules gericht op snelle toelevering van food en non-food
Nr.
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
Ook wij zien dat de recente ontwikkelingen
GCC is geen voorstander van het
De sinds 2011 ingezette lijn met de
op het gebied van (flits-)bezorging een
loslaten van de voorwaarden met
Structuurvisie Detailhandel 2011-2020
producten en dienstverlening niet altijd
groot beslag leggen op de kwaliteit en
betrekking tot metrages en branchering
en het Masterplan Sontplein 2017 wordt
een plek hoeven te hebben in het kern-
toegankelijkheid van de openbare ruimte
op het Sontplein. Anders voorziet zij
grotendeels gecontinueerd. We zetten in
winkelgebied. Mede door de druk op de
in de binnenstad en vinden dat ongewenst.
een leegloop vanuit de Woonboulevard
op de ontwikkeling van zowel het Sontplein
openbare ruimte die zij veroorzaken.
We zetten in op handhaving bij overtreding
Groningen naar het Sontplein en een
e.o. als Hoendiep/Peizerweg tot zelfstandig
Er wordt gevraagd om duidelijke
van bijvoorbeeld de APVG of welstands-
verdere vervaging van de grenzen tussen
functionerende gebieden, met een eigen
afspraken over het aantal van dit soort
regels. En onderzoeken welke maatregelen
de binnenstad enerzijds en het Sontplein/
kwalitatief sterk profiel en complementair
concepten. En in het beleid de ambitie op
we aanvullend kunnen nemen om de
Woonboulevard anderzijds.
aan de binnenstad. Wel kiezen we ervoor om
te nemen om mogelijkheden te verkennen
negatieve effecten op de openbare ruimte
om deze concepten planologisch te
en andere gebruikers van de binnenstad te
GCC vraagt om in de tekst duidelijker
en Peizerweg als dé woonboulevard, en
weren uit straten waar deze ongewenst
beperken. Bijvoorbeeld door aanvullende
op te nemen wat wordt bedoeld met de
Sontplein als hét retailpark voor volumineuze
zijn. Ook stelt GCC dat er duidelijke
regels te stellen waaraan deze bedrijven
aanscherping van de eerder gemaakte
en grootschalige detailhandel, te versterken.
richtlijnen moeten worden opgesteld om
moeten voldoen.
beleidskeuzes voor het Sontplein.
Dat betekent dat we voor de woonbranche
het onderscheid tussen het gebied Hoendiep
dit soort concepten te toetsen aan de
kiezen voor verdere concentratie op
uitgangspunten voor de binnenstad van
GCC signaleert dat er een einde komt
Hoendiep/Peizerweg. Op het Sontplein staan
‘verblijven, ontmoeten en beleven’.
aan de trend in de retail van ‘groot,
we in de woonbranche alleen woonwaren-
groter, grootst’, en ziet niet op voorhand
huizen toe van minimaal 1.500m2.
de urgentie om te zoeken naar nieuwe GCC hecht veel waarde aan een verdere
We hebben de uitwerking van de sfeer-
uitbreidingsfasen voor het Sontplein in
Wijziging visie:
concretisering en voorzetting van
gebieden als opgave benoemd in het
verband met een ‘kwantitatieve behoefte’.
Ten opzichte van de concept-visie is,
de plannen voor het indelen van de
uitvoeringsprogramma. We zien daarbij een
binnenstad in sfeergebieden.
belangrijke rol voor de ondernemers(vereni-
GCC heeft zorgen over de gelijkscha-
de beleidslijn gewijzigd. In het kort zijn de
gingen) om te zorgen voor breed draagvlak.
keling van Woonboulevard Hoendiep/
volgende wijzigingen het meest relevant:
Peizerweg en het Sontplein. En voorziet
•
mede naar aanleiding van de zienswijzen,
Het beleid zet niet in op een verdere
een directe negatieve invloed op
verbreding van maatvoering en
GCC is geen voorstander van het in grote
Webwinkels met een winkelachtige
zowel het Hoendiep/Peizerweg als de
branchering op het Sontplein e.o.
getalen laten vestigen van webshops
uitstraling (showroom) en adviserende
binnenstad van Groningen.
De huidige juridische situatie in het
in het kernwinkelgebied. Zij dragen niet
functies richting bezoekers (balie met
bestemmingsplan blijft uitgangspunt.
bijdragen aan de aantrekkelijkheid van
afrekenmogelijkheid, bezoekmogelijkheid)
Mede om te voldoen aan het
het winkelgebied en etalages worden
worden wel beschouwd als detailhandel
uitgangspunt om de binnenstad
ingezet als reclamebord voor een
en faciliteren we binnen de aangewezen
webwinkel of specifiek product.
centrumgebieden. Deze lijn is opgenomen
duidelijk op nummer 1 te zetten. •
De complementariteit tussen Hoendiep/Peizerweg en Sontplein
in de visie.
blijft behouden. Door vergelijkbaar met de huidige situatie op het Sontplein uitsluitend woonwarenhuizen vanaf 1.500 m2 wvo toe te staan. Er is niet langer sprake van een gelijkschakeling. •
De kwantitatieve behoefte in doelgericht aanbod is gemeten door BRO. Afhankelijk van de aard en omvang van initiatieven wordt bezien welke locatie het meest geschikt is. Met dit beleid wordt aangestuurd op duidelijke voorwaarden per winkelgebied om de complementariteit te behouden.
8
Overzicht ontvangen inspraakreacties
9
Overzicht ontvangen inspraakreacties
Nr.
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
Nr.
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
GCC stelt dat het toevoegen van klein-
Wij zien hier geen precedent voor het
3
Ondernemers
De Ondernemers A-straat vragen
Deze visie gaat niet in op verkeersveiligheid.
schalige detailhandel in de ontwikkeling
Sontplein. Omdat de mogelijkheid van een
A-straat /
aandacht voor de verkeersveiligheid:
Uw opmerkingen zijn gedeeld met
van de Stadshavens, met tussen haakjes
mandjessupermarkt in de Stadshavens
Vereniging
met borden aangeven dat het om een
het Gebiedsteam
het woord ‘mandjessupermarkt’,
is ingegeven door het beleidsdoel om te
Westerkwartier
shared-space-gebied gaat en dat verkeer
potentieel op gespannen voet staat met
zorgen voor een fijnmazig boodschappen-
van rechts voorrang heeft, en handhaven
het consistente beleid op het Sontplein.
aanbod. Daarbij past het toevoegen van
en beperken van vergunningen
Omdat dit zou kunnen leiden tot onduide-
kleinschalige detailhandel in nieuwe wijken
voor ‘spookrijden’ (in relatie tot het
lijkheden of precedentwerking.
en ontwikkelzones dicht bij huis.
eenrichtingsverkeer).
Wij maken een afwegingskader voor mandjessupermarkten, inclusief de nog
De Ondernemers A-straat vragen om een
Wij werken aan maatregelen om de overlast
te bepalen metrage grens. In onze
fietsparkeerverbod om het parkeren van
van de bezorgeconomie zoveel mogelijk in
afwegingen zullen we ook de bestaande
bezorgfietsen tegen te gaan.
te perken.
De Ondernemers A-straat vragen om
Met de inzet van ANPR-camera’s
handhaving van de venstertijden.
organiseren we de handhaving vanaf medio
supermarkten meenemen.
GCC uit haar zorgen over de toeganke-
Wij begrijpen dat er zorgen zijn over de
lijkheid van de binnenstad voor de retail-
nieuwe venstertijden. Met de onderne-
2022 effectiever, zodat de pakkans van
en horecaondernemers in de nabije
mers(verenigingen) maken we daarom
overtreders wordt vergroot en de regels
toekomst. Omdat met de invoering van
goede afspraken over het ontheffingen-
beter worden nageleefd. Tegelijkertijd
de nieuwe venstertijden (veelal kleinere)
beleid voor ondernemers die afhankelijk zijn
blijft de inzet van toezichthouders op straat
ondernemers worden beperkt in de
van leveringen buiten de venstertijden.
(Boa’s), naast de inzet van ANPR-camera’s,
mogelijkheden om naast de venstertijden
nodig om te controleren of er ook daadwer-
in de avonduren de zaak te bereiken. GCC
kelijk wordt geladen of gelost.
gaat graag in gesprek over de richtlijnen om te komen tot een non-bureaucratische werkwijze rondom het toekennen
De Ondernemers A-straat vragen om te
Wij zien momenteel geen mogelijkheden om
van ontheffingen aan winkeleigenaren.
kijken naar mogelijkheden om de overlast
deze overlast te beperken.
door wachtrijen (van bezorgers) bij (dag) horeca tegen te gaan. 2
Ondernemers-
Ondernemersvereniging Ebbingekwartier
Het opstellen van het beleid en de inspraak-
vereniging
dringt aan op overleg met de onder-
periode is de start van een doorlopend
Ebbingekwartier
nemersvertegenwoordigers over de
gesprek over het uitvoeringsprogramma
omgang met de flexibiliteit in beleid.
en de uitvoering. Wij staan altijd open voor
4
een gesprek over actuele ontwikkelingen
Baloe Big size
Inspreker wijst op de achteruitgang van
Het oplossen van de fietsparkeerproble-
fashion
de Oude Ebbingestraat door een aantal
matiek is een belangrijk onderdeel van
ontwikkelingen:
onze binnenstadsaanpak. De afgelopen jaren zijn diverse maatregelen genomen
en verbetermogelijkheden. Overlast/slechte toegankelijkheid door
om de overlast van het fietsparkeren in
geparkeerde fietsen en gevaarlijk gedrag
de binnenstad te beheersen. Zo is de
Ondernemersvereniging Ebbingekwartier
Ook wij zien dat dergelijke invullingen
van bezorgers op elektrische fietsen. Er
Fietsenstalling Nieuwe Markt in 2019
stelt dat de invulling van leegstaande
van panden niet altijd bijdragen aan
wordt gepleit voor het aanpakken van
geopend en openen we in de loop van 2021
panden niet altijd gezien wordt als
een kwalitatief aanbod in de winkelstraten.
wildparkeren van fietsen binnen
de Fietsenstalling Grote Markt (onder Het
een aanvulling op de straat. Genoemd
We onderzoeken momenteel hoe we meer
de diepenring: het aanwijzen van een
Groot Handelshuis). De inzet van fiets-
voorbeeld is de Gorillas-winkel,
grip kunnen krijgen op deze ontwikkelingen.
aantal parkeerplaatsen voor fietsen
stewards is de afgelopen tijd zeer succesvol
waartegen handhavend opgetreden
Deze aanpak is tevens een belangrijk thema
van potentiële klanten en verder
gebleken, dus daar gaan we voorlopig mee
zou moeten worden.
in het uitvoeringsprogramma.
een parkeerverbod.
door. Waar het kan breiden we stallingscapaciteit uit, zonder de openbare ruimte verder onder druk te zetten.
10
Overzicht ontvangen inspraakreacties
11
Overzicht ontvangen inspraakreacties
Nr.
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
De aanwezigheid van functies als sportscholen en bezorgsupermarkten.
Nr.
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
Ook wij zien dat een dergelijke invulling
Buurtvereniging Het A-Kwartier vraagt
Het gebruik van de fysieke ruimte in de
van panden niet altijd bijdraagt aan een
om een bestuurlijke visie op het gebruik
binnenstad door de Rijksuniversiteit is
Deze passen niet bij de overige retail,
kwalitatief aanbod in de winkelstraten. We
van de fysieke ruimte in de binnenstad
geen onderdeel van het detailhandels-
veronaangenamen het bezoek aan de
onderzoeken momenteel hoe we meer grip
door de Rijksuniversiteit.
en horecabeleid.
bestaande winkels en geven overlast
kunnen krijgen op deze ontwikkelingen.
door extra geparkeerde fietsen en
Deze aanpak is tevens een belangrijk thema
afvalcontainers op de stoep. Er wordt
in het uitvoeringsprogramma.
Buurtvereniging Het A-Kwartier
Prostitutie valt niet onder het detailhandels-
voorgesteld om het bestemmingsplan
mist aandacht voor de prostitutie
en horecabeleid. Hiervoor verwijzen wij u
te wijzigen zodat bezorgservices kunnen
als bedrijfstak.
naar prostitutiebeleid 2016/evaluatie 2018.
Buurtvereniging Het A-Kwartier mist
In 2020 hebben we enkele uitgangspunten
aandacht voor alternatieve verblijfs-
opgenomen in het ‘Kaderdocument
worden geweerd in de winkelstraten binnen de diepenring.
5
Buurtvereniging
Buurtvereniging Het A-Kwartier stelt
Bewoners zijn via het Koopstromen-
accommodaties (anders dan hotels
Overnachtingenmarkt en short stay 2020’.
Het A-Kwartier
dat bij de voorbereiding van de concept-
onderzoek en de enquête (inwonerspanel)
en B&B’s).
De uitgangspunten hierin maken integraal
visie niet is gesproken met bewoners
in 2019 betrokken. Er zijn twee brede
onderdeel uit van de visie. De uitwerking is
en buurtvereniging.
bijeenkomsten georganiseerd (februari
onderdeel van het uitvoeringsprogramma
2020, november 2020) waarin iedereen de
dat bij deze visie hoort.
mogelijkheid heeft gehad om te reageren. Buurtvereniging Het A-Kwartier stelt dat
De binnenstad is de plek waar we ruimte
Buurtvereniging Het A-Kwartier vraagt
De Omgevingsvisie beschrijft de ontwik-
er beperkingen zijn aan de (economische)
willen bieden aan bovenregionale
wat de status zal zijn van de nota in
kelingen en ambities voor de fysieke en
groei in de binnenstad (winkel- en
economische functies. We willen deze groei
relatie tot andere beleidsvisies en
sociale leefomgeving. Deze detailhandels- en
horecafuncties). En dat deze groei moet
afwegen tegen andere functies zoals wonen.
wettelijke bepalingen.
horecavisie geeft een uitwerking van
worden afgewogen tegen andere functies
In de visie is als uitgangspunt opgenomen:
de ambities voor de detailhandel en
zoals wonen.
•
Voor de binnenstad liggen kansen om
horeca en de visie is op te vatten als een
zich te herpositioneren: van winkel-
thematisch programma binnen de nieuwe
gebied naar verblijfsgebied met een
Omgevingsvisie. De genoemde ambities en
combinatie van functies, waaronder
ontwikkelingen zullen worden opgenomen in
winkels, horeca, leisure, ambachten, werken en wonen.
het Omgevingsplan. De Retailvisie is daarmee het primaire toetsingskader voor nieuwe
•
Binnen het kernverblijfsgebied zijn in de plint uitsluitend publieksfuncties
initiatieven in de retail.
mogelijk, zoals detailhandel, horeca en diensten. Wonen (in de plint) Buurtvereniging Het A-Kwartier vraagt
Ook wij vinden eenduidigheid van begrippen
om een begrippenlijst en het consequent
in de visie belangrijk. In de definitieve visie
hanteren van de begrippen in de tekst.
hebben we het gebruik van begrippen
of bedrijven worden hier expliciet niet toegestaan. •
Buiten het kernverblijfsgebied wordt
gecontroleerd en waar nodig aangepast.
een bredere functiemix voorzien
Ook is een begrippenlijst toegevoegd.
en zijn de juridische mogelijkheden breder. Hier zijn wel bedrijven en
Wijziging visie:
beperkt wonen (onder voorwaarden
In Bijlage 1 van de visie is een begrippenlijst
in de plint) toegestaan.
opgenomen. Buurtvereniging Het A-Kwartier vindt
Ook wij zien dat dergelijke invulling van
Buurtvereniging Het A-Kwartier mist
In de definitieve visie is een passage over
het onwenselijk dat vrijkomende winkel-
panden niet altijd bijdragen aan een
aandacht voor de markten en ambulante
de warenmarkt opgenomen. Deze visie gaat
ruimte wordt ingevuld met internet-ser-
kwalitatief aanbod in de winkelgebieden.
handel. Tevens wordt betreurd dat er in
niet in op de warenmarkt en de ambulante
vices, bezorgdiensten en daghoreca,
We onderzoeken momenteel hoe we meer
de binnenstad geen alternatieve locatie
handel, wel is in de visie een verwijzing naar
vanwege de mogelijk negatieve gevolgen
grip kunnen krijgen op deze ontwikkelingen.
is gevonden voor de regionale markt
de warenmarkt opgenomen.
voor de binnenstad (verkeer, parkeren).
Deze aanpak is ook een belangrijk thema
(voorheen op Harmonieplein).
12
Overzicht ontvangen inspraakreacties
in het uitvoeringsprogramma.
13
Overzicht ontvangen inspraakreacties
Nr.
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
Buurtvereniging Het A-Kwartier stelt dat bij de vaststelling van de beschikbare
Nr.
Indiener
Inspraakreactie (samengevat)
Gemeentelijke reactie + eventuele wijziging visie
Het aantal supermarkten in de binnenstad
Buurtvereniging Het A-Kwartier staat
Binnen het kernuitgaansgebied zien we dat
is de laatste jaren toegenomen, daarnaast
achter het impliciete voornemen
nachthoreca (categorie 3 en 4) zich rondom
ruimte voor supermarkten moet worden
zijn en worden een aantal van deze
om geen voortgaande nachthoreca-
de Grote Markt ZZ t.h.v. Gelkingestraat tot en