Bijlage 5 bijlagenbundel 1 tm 15 bij het bestemmingsplan.pdf
Tekst van het document
Langs het projectterrein loopt een strook met verbindend groen (Johan van Zwedenlaan).
23 (149)
G
Doelsoortenbeleid uniek en doelgericht beheer van stadsnatuur (2016)
Water P Kaderrichtlijn Water
duurzaamheidsambities van de gemeente Groningen. De kwaliteit van de zogeheten Stedelijke Ecologische Structuur (SES) wordt door middel van een intensief monitoringsprogramma nauwlettend in de gaten gehouden en is daarmee een belangrijk instrument om het ecologische beheer en de inrichting de juiste kant op te sturen.
Ten noorden van het SFT ligt het Westpark en in het zuidoosten ligt het Stadspark. Aan de grenzen van het SFT liggen te ontwikkelen / versterken SES ondersteuningspunten, knelpunten in verbinding en en te ontwikkelen / versterken groenverbinding. Daarnaast ligt er in het zuiden een ecologisch kerngebied groen een ecologische waterverbinding. In het oosten ligt zowel een ecologische groen- als waterverbinding.
Voor de KRW moetenwaterlichamen in 2027 in een (ecologisch) goede toestand verkeren. Indien nodig moeten hiervoor maatregelen genomen worden. Het provinciaal beleid zet in op de waterveiligheid en op schoon en voldoende water. Klimaatverandering veroorzaakt wateroverlast in de winter en droogte in de zomer. Om wateroverlast te bestrijden en watertekorten te beperken moeten verdere maatregelen worden genomen. Waterveiligheidsbeleid ten aanzien van primaire, regionale en overige keringen.
Nabij het SFT liggen enkele KRWwaterlichamen: het Hoendiep-Aduarderdiep, Benedenlopen Eelder- en Peizerdiep en Matslootgebied. Het SFT is aangewezen als een laaggelegen gebied waar nieuwbouw in principe waterrobuust plaats moet vinden. Dit betekent dat de inrichting moet worden aangepast zodat er minder schade ontstaat bij overstromingen. Het Hoendiep is aangewezen als een regionale kering. Het Hoendiep is als regionale kering aantrekkelijk voor meervoudig gebruik. Uitgangspunt van het waterschap is dat het andere belangen toestaat als het niet botst met de hoofdfunctie: waterveiligheid nu en in de toekomst. Meer dynamiek en levendigheid op het water in en nabij het SFT. Er zijn kansen voor (tijdelijk) wonen op het water langs het Hoendiep, op nieuw gegraven water en de creatie van een waterrijk milieu. Er wordt mogelijk een haven gerealiseerd. Ontwikkelingsplannen (zoals die voor het Suikerfabriekterrein) vooraf worden getoetst op klimaatbestendigheid. Belangrijk aspect is de hoeveelheid water die geborgen en afgevoerd moet kunnen worden bij zware neerslag. De gemeente formuleert enkele specifieke beleidsrichtlijnen voor de klimaatbestendige inrichting van nieuwbouwlocaties. Deze hebben betrekking op hitte en op wateroverlast en droogte.
P
Omgevingsvisie provincie Groningen 2016-2020
W
Waterkeringbeheerplan 2019
G
Watervisie Groningen 2017
Deze Visie biedt een ruimtelijk-economisch perspectief op het gebruik van water in de stad Groningen.
G
Het Groninger Water en Rioleringsplan (GWRP), 2019
Het GWRP geeft het beleid weer voor de periode 2020-2024. De gemeente kiest voor vier speerpunten: klimaatadaptatie, waterkwaliteit, ketenoptimalisatie en duurzaamheid.
G
Klimaatbestending Groningen 20202024 – uitvoeringsagenda op klimaatadaptatie (in ontwikkeling)
Om Groningen in 2050 klimaatbestending te maken, formuleert de gemeente de volgende doelstellingen: • Wateroverlast voorkomen; • Hittestress voorkomen en verminderen; • Ruimtelijke kwaliteit verbeteren; • Kwetsbare groepen extra beschermen
24 (149)
Landschap, cultuurhistorie en archeologie P Omgevingsvisie In de omgevingsvisie is het beleid provincie Groningen opgenomen gericht op het beschermen 2016-2020 van het landschap en cultureel erfgoed. G Cultuurhistorische Een kaart die informatie bevat over zowel waardenkaart, bovengronds als ondergronds erfgoed. Erfgoed
Energie en Klimaat G The Next City
G
2.2
Routekaart Groningen CO2-neutraal 2035
Omgevingsvisie voor de gemeente Groningen met betrekking tot strategische keuzes gemaakt voor de toekomstige ontwikkeling van de stad, met het accent op de fysieke leefomgeving. Maatregelen van de gemeente Groningen om C02-neutraal te worden.
In het SFT bevindt zich geen beschermd landschap of cultureel erfgoed.
Het voorterrein van het SFT is opgenomen om de historisch-geografische structuur. Het Suikerdepot, de oude schoorsteen, de werkplaats en het zeefgebouw zijn opgenomen als beeldbepalend. Daarnaast zijn er enkele beeldbepalende boerderijen op het SFT. Tot slot ligt er een archeologisch terrein in de middeleeuwse polder ‘De Verbetering’. Het SFT is aangewezen als ontwikkelzone waarbij gebouwen minimaal energieneutraal en aardgasloos worden. Daarnaast wordt er ingezet op flexibiliteit: inspelen op voorziene en onvoorziene ontwikkelingen qua energietransitie. Er komt een energietransitieplan (ETP) op maat. Het heeft de voorkeur de warmte dichtbij het gebruik op te wekken.
Te nemen besluiten
Wro en Omgevingswet De gemeente zal voor het Suikerfabrieksterrein een Structuurvisie in de zin van de Wet ruimtelijk ordening (Wro) vaststellen. Ter uitvoering van deze Structuurvisie wordt, nog onder de Wro, een bestemmingsplan vastgesteld voor Deelgebied Noord. Samen met dit bestemmingsplan zullen op grond van de Wet geluidhinder (Wgh) ook hogere waarden worden vastgesteld. Bij de verdere doorontwikkeling zal naar verwachting de Omgevingswet van toepassing zijn. Voor latere deelgebieden zal in beginsel een omgevingsplan worden vastgesteld. Vergunningen Voor de uitvoering van de plannen is een groot aantal vergunningen nodig, van diverse bevoegde gezagen. Hieronder zijn enkele belangrijke vergunningen genoemd (lijst is niet uitputtend bedoeld). In deze vergunningprocedures zal meer in detail worden gekeken naar mogelijke milieueffecten. Activiteit Ontgrondingen Grondwateronttrekkingen Saneren ernstige bodemverontreiniging Effecten op beschermde soorten Aanpassen waterhuishouding, verleggen waterkering Bouwen gebouwen, bruggen, e.d.
Vergunning (huidige wetgeving) Ontgrondingsvergunning Grondwateronttrekkingsvergunning Goedkeuring saneringsplan
Bevoegd gezag Provincie Groningen Provincie Groningen Provincie Groningen
Ontheffing Wet natuurbescherming Watervergunning
Provincie Groningen Waterschap Noorderzijlvest Gemeente Groningen
Omgevingsvergunning onderdeel bouwen
25 (149)
3
Voorgenomen activiteit
3.1 Beschrijving voorgenomen activiteit In dit hoofdstuk wordt de voorgenomen activiteit beschreven. De voorgenomen activiteit bestaat uit het realiseren van een gemengd stedelijke gebied op het Suikerfabriekterrein. De ontwikkeling gebeurt in meerdere fases. In een Structuurvisie wordt het gemeentelijke beleid vastgelegd voor de lange termijn ontwikkeling van het gehele Suikerfabriekterrein. De Structuurvisie heeft vanwege de lange looptijd een wat globaler en indicatiever karakter. Het eerste deelgebied dat in een bestemmingsplan wordt uitgewerkt is Deelgebied Noord. Hierin is het structuurvisiebeleid uitgewerkt en geconcretiseerd. In par. 3.1.1 zal het Suikerfabriekterrein als geheel aan de orde komen en in par. 3.1.2. Deelgebied Noord. 3.1.1 Suikerfabriekterrein In 2008 sloot de Suikerfabriek van Groningen. In 2010 heeft de gemeente Groningen het terrein van de Suikerfabriek gekocht. Het Suikerfabriekterrein is onderdeel van de westzijde van Groningen, samen met Hoogkerk en de wijken Vinkhuizen, De Held, Reitdiep, Gravenburg en de Buitenhof. Doel is dat hier een stadsdeel ontstaat waar wonen, werken, ontspannen en ontwikkelen centraal staan. In de omgevingsvisie ‘Next City’ van de gemeente Groningen worden strategische keuzes voor de toekomstige ontwikkeling van de stad gemaakt met het oog op de groei van Groningen en met het accent op de fysieke leefomgeving.
Een belangrijke strategische keuze is dat de gemeente die groei op wil vangen in het bestaande stedelijke gebied. Het leidende principe van de compact stad wordt voorgezet en het landelijk groen wordt ontzien. De gemeente kiest voor verdichting en voor transformatie van voormalige bedrijventerreinen en industriegebieden in de bestaande stad. Het terrein van de voormalige Suikerfabriek past uitstekend in deze strategie. Als uitwerking van de Next City is een Structuurvisie voor het Suikerfabriekterrein opgesteld. Met deze Structuurvisie wordt richting gegeven aan het transformeren van het voormalige bedrijventerrein naar een gemengd stedelijk gebied met een mix van wonen, werken en voorzieningen.De uitgangspunten van de Structuurvisie zijn: • • • • •
De Structuurvisie is de basis voor een volwaardige ontwikkeling van een nieuw stadsdeel dat kan voorzien in de groeiende ruimtebehoefte van de Groninger bevolking en economie; De Structuurvisie gaat uit van een planning die nog aanpast kan worden, zonder vastgesteld eindplaatje; De Structuurvisie biedt een ruimtelijk raamwerk waarin verschillende flexibele programma’s en waarbij tijdelijke initiatieven en kansrijke voorstellen de ruimte krijgen zich permanent te bewijzen; Het Structuurvisiegebied wordt bezien vanuit de binnenstad: de ontwikkelings-as begint bij de Westerhaven en eindigt in het hart van het Suikerfabriekterrein; Er worden goede verbindingen gemaakt met de gebieden rondom het Structuurvisiegebied. Het voormalige fabrieksterrein vormde tot nu toe een witte, ontoegankelijke ‘vlek’ op de kaart. De gemeente wil het gebied inzetten als schakel in het weefsel van stad, dorp, wijken en linten. De gemeente geeft prioriteit aan langzaam verkeer en openbaar vervoer, en wil het gebied van betekenis laten zijn in het recreatieve netwerk;
26 (149)
•
• • •
De gemeente ziet het Structuurvisiegebied als een stedelijk gebied, met een herkenbare structuur en eenzelfde diversiteit als in de binnenstad en de Hortusbuurt, maar met een ondergrond die verkleurt van compact, stenig en robuust (en industrieel erfgoed) op het oostelijk gelegen voorterrein naar landschappelijk met groen en water in het westelijk gelegen gebied; Er wordt gebruik gemaakt van de kernkwaliteiten als belangrijke onderdelen van het gebied: het landschap, het water, industrieel erfgoed en de kades; De gemeente zet in op leefkwaliteit en een duurzame ontwikkeling, waarbij rekening wordt gehouden met klimaatverandering en ruimte wordt geboden aan nieuwe vormen van energie- en watervoorziening, voedselproductie en duurzaam ruimtegebruik. De gemeente zet zich in voor een gezonde bevolking in een gezonde leefomgeving. Daarnaast streeft de gemeente naar ongedeelde wijken en dorpen, om een verdere toename van tweedeling in de maatschappij tegen te gaan. Op het Suikerfabriekterrein wil de gemeente hieraan bijdragen door het ruimtelijke en het sociale domein aan elkaar te verbinden.
Figuur 3.1 Structuurvisie (concept)
Programma Het Suikerfabriekterrein zal worden ontwikkeld tot een gemengd stedelijk gebied. Naast wonen worden ook andere passende functies toegelaten, zoals horeca, detailhandel, onderwijs, zorg, cultuur en/of lichte bedrijvigheid geschikt voor functiemenging. De Structuurvisie formuleert het gemeentelijke beleid voor het Suikerfabriekterrein voor een
27 (149)
lange periode (ca 30 jaar). In deze periode wil de gemeente flexibel kunnen inspelen op veranderingen in de behoefte aan wonen, werken en voorzieningen. Dit heeft als gevolg dat er geen vastomlijnd programma is. Voor deze MER-studie wordt uitgegaan van 2.500 – 5.000 woningen en 2.000 - 3.000 arbeidsplaatsen. Bij de planvorming is vanaf het begin naar mogelijke milieueffecten gekeken en daar zoveel mogelijk rekening mee gehouden. Zo is er bijv. bij de situering van bouwvelden rekening gehouden met hindercontouren van wegen en bestaande industrieterreinen, met de inpassing van bekende archeologische waarden. Mobiliteit In het Suikerfabriekterrein staat de fiets op 1, het openbaar vervoer op 2, en het autoverkeer op 3. Er wordt een groot aantal snelle en veilige fietsverbindingen aangelegd en het plangebied wordt goed aangesloten op het busnetwerk. Ook wordt geanticipeerd op de mogelijke toekomstige aanleg van een treinstation. Infrastructuur langzaam verkeer De gemeente wil de planontwikkeling benutten om de omliggende wijken beter met elkaar te verbinden. Er zijn in alle richtingen fietsverbindingen voorzien. Van oost naar west loopt een snelfietsroute van Hoogkerk naar de binnenstad door het plangebied, richting binnenstad loopt deze door een fietstunnel onder het spoor Groningen-Sauwerd door.
Voor de verbinding met Vinkhuizen zijn vier locaties voorzien om het Hoendiep te kruisen (waarvan twee uitsluitend voor langzaam verkeer). Onder het spoor Groningen-Leeuwarden door komt ook een fietsverbinding. Infrastructuur OV De gemeente heeft de wens om in het hart van het Suikerfabriekterrein een nieuw treinstation te realiseren. Als een station wordt gebouwd zal waarschijnlijk een extra spoor nodig zijn. Hiervoor is ruimte beschikbaar aan de zuidzijde van het huidige spoor. Infrastructuur wegverkeer De gemeente streeft ernaar om de verkeerseffecten op omliggende wegen te beperken door een goede spreiding van het verkeer. Op het Voorterrein en Hoendiep Zuid worden de bestaande ontsluitingswegen benut, in Deelgebied Noord en Deelgebied Zuid worden in totaal 6 nieuwe ontsluitingswegen voorzien, en deze twee Deelgebieden worden ook onderling met elkaar verbonden met een tunnel (voor auto en bus). Groen en blauw Aan de westzijde van Deelgebied Noord en Deelgebied Zuid komt een grote parkzone. Deze zone kan recreatief gebruikt worden maar dient ook als ecologische verbinding tussen het Stadspark in het zuiden en Westpark in het noorden. In Deelgebied Zuid is voorts een robuuste groenblauwe zone voorzien langs de bestaande Hoogkerkstertocht.
Bouwvelden De invulling van de bouwvelden zal later worden ingevuld, op een wijze die past bij het betreffende deelgebied en rekening houdend met aangrenzende functies. Op het Voorterrein zal het Zeefgebouw een prominente plek behouden. Energievoorziening De energievoorziening moet nog worden uitgewerkt. Vooralsnog denkt de gemeente aan ontwikkeling van meerdere collectieve Warmte Koude Opslag (WKO)-systemen die het grondwaterpakket tussen ca 60 en 290 meter diepte benutten. Op dit moment is nog niet
28 (149)
duidelijk hoeveel water de WKO in het plangebied per jaar gaat verpompen. De inschatting is dat in het hele Structuurvisie gebied de hoeveelheid ca 8 mln m 3 kan bedragen. 3.1.2 Deelgebied Noord Voor Deelgebied Noord is een stedenbouwkundig plan opgesteld, dat als basis dient voor het op te stellen bestemmingsplan. Hieronder wordt een korte weergave gegeven van de ruimtelijk-functionele structuur.
Figuur 3.2 Stedenbouwkundig plan Deelgebied noord
Programma De gemeente wil met het eerste bestemmingsplan ruimte bieden voor maximaal 750 woningen en 750 arbeidsplaatsen. Het deelgebied is in omvang zo groot dat er meer programma in past. In de ruimtelijke structuur uit het Stedenbouwkundigplan is hierop geanticipeerd. Zodra meer bekend is hoe het gebied zich na de eerste stap gaat ontwikkelen, wil de gemeente later, via aparte procedures, het aantal woningen en de voorzieningen in Deelgebied Noord vergroten. Mobiliteit In Deelgebied Noord staat de fiets op 1, het openbaar vervoer op 2, en het autoverkeer op 3. Er wordt een groot aantal snelle en veilige fietsverbindingen aangelegd en er wordt door het plangebied een goede busverbinding aangelegd. Ook wordt in Deelgebied Noord geanticipeerd op de mogelijke toekomstige aanleg van een treinstation. Infrastructuur langzaam verkeer De gemeente wil de planontwikkeling benutten om de omliggende wijken beter met elkaar te verbinden. Richting Hoogkerk wordt een fietsverbinding onder de Johan van Zwedenlaan voorzien, en richting Vinkhuizen een fietsverbinding over het kanaal en de weg Hoendiep. Richting het zuiden wordt rekening gehouden met ongelijkvloerse fietsverbinding naar Deelgebied Zuid door later te realiseren tunnel onder het spoor.
Infrastructuur wegverkeer Deelgebied Noord wordt ontsloten met nieuwe verbindingswegen die aantakken op het Hoendiep, de Energieweg en de Johan van Zwedenlaan. De aansluiting op het Hoendiep wordt voorzien van een verkeersregelinstallatie. Ter plaatse van de Energieweg sluit de nieuwe weg aan op de bestaande weg. Bij de Johan van Zwedenlaan wordt de aansluiting gemaakt met een rotonde. Voor de verbindingen met het Hoendiep en de Energieweg
29 (149)
worden nieuwe bruggen over het Hoendiep aangelegd. Richting het zuiden wordt rekening gehouden met ongelijkvloerse autoverbinding naar Deelgebied Zuid. Deze nieuwe infrastructuur kan ook benut worden door het openbaar vervoer (bus). Groen en blauw Aan de westzijde van Deelgebied Noord komt een park, als verbindend groen hart in combinatie met het recreatiegebied van Hoogkerk. Er zijn routes voor langzaam verkeer vanuit het park richting binnenstad en Hoogkerk. In de hoofdopzet van het nieuwe stadsdeel worden zowel in oost-west als in noord-zuid richting groene straten, lanen en singels gemaakt. Net als de bouwvelden heeft de basisstructuur van straten en pleinen een zekere overmaat. Zo ontstaat ruimte voor een groenblauw netwerk. Het park voorziet in een ecologische verbinding van noord naar zuid: van de landerijen rondom Leegkerk en het Westpark naar – zodra de ontwikkeling ten zuiden van het spoor start – Polder Bangeweer, het Stadspark en de Onlanden. De ambitie is een klimaatbestendig stadsdeel. Er wordt gezorgd voor voldoende (groene) openbare ruimte om hevige regenval op te vangen, het water vast te houden en de afvoer te vertragen. Water en vooral de vele bomen in de openbare ruimte zorgen voor verkoeling.
Bouwvelden De bouwvelden hebben in principe een overmaat, die de gelegenheid geeft om verschillende binnenterreinen te maken (pleinen, hoven, velden) Ook maakt deze overmaat een combinatie van gebouwtypen mogelijk: stadshuizen, vrijstaande woningen, collectieve blokken, hoogteaccenten. Er is ruimte voor het mengen van wonen en werken (kantoren en bedrijven) als ook de combinatie met een recreatieve invulling (zoals een moestuin). De bouwvelden bieden flexibiliteit voor de invulling, ook op de langere termijn. Energievoorziening De energievoorziening moet nog worden uitgewerkt. Vooralsnog denkt de gemeente aan ontwikkeling van één of meerdere collectieve Warmte Koude Opslag (WKO)-systemen die het grondwaterpakket tussen ca 60 en 290 meter diepte benutten. Op dit moment is nog niet duidelijk hoeveel water de WKO in het plangebied per jaar gaat verpompen. De inschatting is dat in Deelgebied Noord met 750 de hoeveelheid ca 3 mln m3 kan bedragen. 3.2 Te onderzoeken alternatieven en scenario’s Structuurvisie In de NRD en de Nota van Antwoord is beschreven welke alternatieven en scenario’s in het MER worden onderzocht. Deze worden hieronder beschreven. zoals in par. 3.1 reeds is beschreven wil de gemeente een gemengd stedelijk gebied realiseren, waarin woningen, bijpassende bedrijvigheid en (maatschappelijke) voorzieningen door elkaar heen voorkomen.
30 (149)
3.2.1 Alternatieven Suikerfabriekterrein De Structuurvisie formuleert het gemeentelijke beleid voor het Suikerfabriekterrein voor een lange periode (ca 30 jaar). In deze periode wil de gemeente flexibel kunnen inspelen op veranderingen in de behoefte aan wonen, werken en voorzieningen. Dit heeft als gevolg dat de MER-alternatieven niet bestaan uit een vastomlijnd programma. Om in dit MER toch milieueffecten in beeld te kunnen brengen is voor elk alternatief een indicatief programma bepaald. Dit programma kan worden gezien als een representatieve invulling van het betreffende alternatief, maar andere invullingen zijn nadrukkelijk niet uitgesloten. In het verkeersonderzoek is het indicatieve programma vervolgens omgezet in enkele concrete aannames t.a.v. de typen bedrijvigheid en de verdeling over de deelgebieden (zie bijlage 1 bij verkeersonderzoek). Deze aannames zijn enkel gedaan om onderzoekstechnische redenen, en kunnen niet worden gezien als vaststaande gegevens. Een invulling die niet overeenkomt met deze aannames is mogelijk. Wel zijn de aannames zoveel mogelijk als reële worst case gedaan, zodat de verkeerseffecten ook als reële worst case kunnen worden beschouwd. Hieronder wordt de inhoud van de alternatieven kort weergegeven.
Alternatief Laag: gemengd stedelijk gebied met 2.500 woningen In alternatief Laag worden verspreid over het Suikerfabriekterrein 2.500 woningen gerealiseerd en 2.000 arbeidsplaatsen. De gemiddelde bebouwingsdichtheid (gebouwen per ha) is iets lager dan bij de andere alternatieven. Alternatief Midden: gemengd stedelijk gebied met 3.750 woningen In alternatief Midden worden verspreid over het Suikerfabriekterrein 3.750 woningen gerealiseerd en 2.500 arbeidsplaatsen. De gemiddelde bebouwingsdichtheid (gebouwen per ha) zit tussen de andere twee alternatieven in. Alternatief Hoog: gemengd stedelijk gebied met 5.000 woningen In alternatief Hoog worden verspreid over het Suikerfabriekterrein 5.000 woningen gerealiseerd en 3.000 arbeidsplaatsen. De gemiddelde bebouwingsdichtheid (gebouwen per ha) is iets hoger dan bij de andere alternatieven. 3.2.2 Bestemmingsplan Deelgebied Noord Het eerste formele plan voor de nieuwe ontwikkelingen binnen het plangebied, is een bestemmingsplan voor een deelgebied met 750 woningen en 750 arbeidsplaatsen in Deelgebied Noord. Voor deze ontwikkeling wordt geen ander alternatief onderzocht. 3.2.3 Gevoeligheidsanalyses Op en nabij het Suikerfabriekterrein zijn plannen in ontwikkeling. De uitvoering hiervan is nog onzeker. Niettemin is voor deze ontwikkelingen in het kader van dit MER een gevoeligheidsanalyse uitgevoerd.
Hieronder wordt beschreven voor welke ontwikkelingen dit is gedaan. Grootschalige publiekstrekker Voorterrein In dit scenario wordt uitgegaan van een publieksaantrekkende functie op het Voorterrein. Deze functie zal een sterke verkeersaantrekkende werking hebben. Er is geanalyseerd welke extra verkeerseffecten kunnen optreden en tot welke extra milieuhinder dit kan leiden. Aanpak Ring West De Aanpak Ring West houdt in dat de gelijkvloerse kruispunten in de Westelijke Ringweg worden vervangen door ongelijkvloerse aansluitingen. Voor de ontsluiting van de woongebieden in Groningen-west is een nieuwe verbinding voorzien tussen de Diamantlaan
31 (149)
en de Ringweg. Er is geanalyseerd welke verkeerseffecten optreden als de plannen voor Suikerfabriekterrein en Aanpak Ring West beide worden uitgevoerd. De Held III Toekomstig woongebied De Held III omvat circa 1.600 nieuwe woningen. De Held III heeft een nieuwe wijkontsluitingsweg die aan de noordzijde aansluit op de Friesestraatweg en aan de zuidzijde op de Siersteenlaan. Er is geanalyseerd welke verkeerseffecten optreden als de plannen voor Suikerfabriekterrein en voor De Held III beide worden uitgevoerd. Spoorverdubbeling en station In de NRD is benoemd dat een gevoeligheidsanalyse wordt uitgevoerd voor een station en/of een spoorverdubbeling. De bouw van een nieuw station (en de daarvoor mogelijk benodigde aanleg van een extra spoor bij het station) is in dit MER opgenomen in het planvoornemen, en de effecten hiervan worden daarom beschreven in hoofdstuk 6 van dit MER. Een gevoeligheidsanalyse is daarom niet meer van toepassing. 3.2.4 Realisatiefase Het Suikerfabriekterrein ligt in bestaand stedelijk gebied. Rondom het terrein liggen woningen, deze kunnen tijdens de lange realisatiefase hinder ondervinden. Om dit in beeld te brengen zijn enkele specifiek analyses uitgevoerd naar hinder in de realisatiefase.
32 (149)
4
Huidige situatie en autonome ontwikkelingen
4.1 Inleiding In het MER zijn drie situaties belangrijk: de huidige situatie, de referentiesituatie en de situatie waarin de voorgenomen activiteit uit hoofdstuk 3 is uitgevoerd. De huidige situatie is de situatie zoals het nu is, de referentiesituatie is de huidige situatie aangevuld met de nu autonome ontwikkelingen. In dit MER worden de effecten van de voorgenomen activiteit onderzocht. De effecten van de voorgenomen activiteit worden vergeleken met de referentiesituatie. In het recente verleden was de situatie op en rond het Suikerfabriekterrein nog heel anders dan nu. Voor 2008 was de Suikerfabriek nog volop in werking. Tijdens de bietencampagne zorgde het productieproces in de fabriek zelf voor milieubelasting voor de omgeving (zoals geur en geluid). Ook het gebruik van de uitgestrekte vloeivelden in Deelgebied Noord en grondbergingen in Deelgebied Zuid had impact op de omgeving (vooral geur). Verder reden er tijdens de campagne ruim 1200 vrachtwagens per dag naar de Suiker Unie. Deze vrachtwagens kwamen vooral uit Friesland en Drenthe richting Groningen en namen bij de Westelijke Ringweg de ingang van de fabriek. Na 2008 is het gebied in een ‘pauzestand’ gekomen: een tijdelijke situatie tussen het vroegere industriële gebruik en de toekomstige functie als gemengd stedelijk gebied. In dit MER worden de effecten beoordeeld ten opzichte van deze pauzestand.
Herstart van de Suikerfabriek of de vestiging van andere grootschalige industriële activiteit past niet in het gemeentelijke beleid en is daarom geen autonome ontwikkeling. Door de effecten te beoordelen ten opzichte van de pauzestand, wordt de effecten relatief negatief ingeschat (worst case). Een vergelijking van de toekomstige functie als gemengd stedelijk gebied met de vroegere industriële functie wordt in dit MER niet gemaakt. Indien deze vergelijking wel zou worden gemaakt, zouden de effecten van de voorgenomen activiteit minder negatief en deels zelfs positief zouden zijn (voorbeeld door substantiële afname geurhinder). Het Suikerfabriekterrein bestaat uit 4 deelgebieden. Hieronder wordt per deelgebied de huidige situatie beschreven.
• Voorterrein: Dit is het voormalige fabrieksterrein van de Suiker Unie waar het productieproces plaatsvond. Het terrein is ca 14 ha en grotendeels verhard. Tot 2030 is het voorterrein verhuurd aan derden. Zij zijn verantwoordelijk voor beheer en invulling van het terrein. Na 2030 stoppen de tijdelijke activiteiten en zal het terrein worden herontwikkeld door de gemeente. • Deelgebied Noord: Dit deelgebied is ca 53 ha en ligt tussen het spoor en het kanaal Hoendiep. Momenteel zijn hier oude vloeivelden aanwezig. AOC Terra heeft delen van het gebied in tijdelijk gebruik. • Deelgebied Zuid: Dit deelgebied is ca 80 ha groot en omvat de zuidelijke vloeivelden en het overige gebied ten zuiden van de spoorlijn. Hiertoe behoren tevens de voormalige droogbedden en de aan de percelen van de Peizerweg grenzende weilanden. • Deelgebied Hoendiep-Zuid: Dit gebied van ca 10 ha is reeds bestaand stedelijk gebied. Er is veel verharding en bedrijfsbebouwing aanwezig.
33 (149)
4.2 Verkeer en vervoer Voor de beschrijving van de huidige situatie voor verkeer en vervoer wordt uitgegaan van de situatie zoals die zich in 2016 voordeed. Voor 2016 is gekozen omdat voor dit jaar een betrouwbaar en gevalideerd model beschikbaar is. Er is gebruik gemaakt van de rapportage Verkeer van Goudappel (zie bijlage 1 bij dit MER). 4.2.1
Gemotoriseerd verkeer
Huidige infrastructuur gemotoriseerd verkeer In het oostelijk deel van het plangebied (deelgebieden ‘Voorterrein’ en ‘Hoendiep Zuid’) ligt al (auto)infrastructuur die gebruikt wordt voor de ontsluiting van de bestaande activiteiten. Het Voorterrein is te bereiken via de huidige aansluiting op de westelijke Ringweg en de Suikerlaan. De Suikerlaan wordt alleen gebruikt door een beperkte hoeveelheid bestemmingsverkeer (enkele tientallen mvt/etmaal). Deelgebied Hoendiep-Zuid wordt ontsloten door de Energieweg. Ter plaatsen van de beide uitgangen van de Energieweg rijden respectievelijk 700 en 2.200 motorvoertuigen (mvt) per etmaal. De uitgang nabij Ring West wordt het meest gebruikt vanwege de gunstige ligging ten opzichte van de hoofdinfrastructuur van Groningen. De overige deelgebieden zijn niet ontsloten voor gemotoriseerd verkeer (met uitzondering van onderhoudspaden, ontsluiting van tijdelijke functies etc.). Rondom het plangebied van het Suikerfabriekterrein liggen gebiedsontsluitingswegen die tevens de begrenzing vormen voor de toekomstige planontwikkeling (zie ook figuur 4.4). Aan de noordzijde is dat het Hoendiep, aan de westzijde de Johan van Zwedenlaan, aan de zuidzijde de Peizerweg die ter plaatse van woonwijk De Buitenhof overgaat in de Hunsingolaan. Op het Hoendiep varieert de verkeersdruk tussen de 7.300 en 13.000 mvt/etmaal.
Nabij Ring West is de verkeersintensiteit op het Hoendiep het hoogst. Op de Johan van Zwedenlaan varieert de verkeersdruk tussen de 5.500 en 7.900 mvt/etmaal. Nabij het Hoendiep is de verkeersintensiteit op de Johan van Zwedenlaan het hoogst. Op de Peizerweg rijden 10.600 mvt/etmaal ter hoogte van de aansluiting met Ring West. De Hunsingolaan wordt gebruikt door ca 5.000 mvt/etmaal. De Diamantlaan wordt dagelijks gebruikt door circa 1.700 mvt. Verkeersafwikkeling De inrichting van de wegen voldoet voor de aantallen voertuigen die daar in de huidige situatie gebruik van maken. Op basis van modelonderzoek worden de volgende aandachtspunten geconstateerd in de huidige situatie: •
• •
Ter hoogte van de rotonde Hoendiep – Johan van Zwedenlaan kan in de spitsperioden filevorming ontstaan. Op dit kruispunt hebben fietsers voorrang op het gemotoriseerde verkeer, wat ten koste gaat van de beschikbare capaciteit voor het gemotoriseerde verkeer. Het kruispunt Diamantlaan – Hoendiep – Energieweg is voorzien van een verkeersregelinstallatie (VRI), waar in de spitsperioden wachtrijen kunnen ontstaan. Het kruispunt Atoomweg – Hoendiep – Energieweg-oost heeft soms moeite om het verkeer op de zijtakken te verwerken. Dit zorgt soms voor filevorming in de ochtend- en avondspits.
Het Hoendiep en de Johan van Zwedenlaan zijn de aangewezen routes voor de aanvoer van bieten en afvoer van suiker, pulp, betacal en bietengrond van en naar de suikerfabriek in Hoogkerk. De suikerbieten worden in een periode van 150 dagen (ca 5 maanden) in het
34 (149)
najaar aangevoerd naar de suikerfabriek in Hoogkerk. De afvoer van suiker gaat het hele jaar door, met ca 100 vrachtwagens per dag. Momenteel wordt onderzocht of er alternatieve rijroutes zijn. In dit MER is nog uitgegaan van de huidige situatie. Het vrachtverkeer van en naar de suikerfabriek Hoogkerk is in het Groningen-Plus Dynamisch-model verdisconteerd in de werkdaggemiddelde intensiteiten op de toe- en afvoerwegen. In deze intensiteiten zijn de ‘pieken’ van de suikerfabriek Hoogkerk dus meegenomen. 4.2.2 Langzaam verkeer en openbaar vervoer Groningen heeft een uitgebreid hoofdfietsnetwerk (zie onderstaande uitsnede van Fietsstrategie Groningen). Ten noorden en ten zuiden van het plangebied liggen routes die deel uitmaken van het netwerk hoofdfietsroutes (via het Hoendiep NZ en de Peizerweg). De route Peizerweg is tevens onderdeel van de regionale Doorfietsroute tussen Roden/Leek, P+R Hoogkerk en het centrum van Groningen . Deze aanduiding heeft met name betrekking op het verbeteren van de herkenbaarheid van deze route. Daarnaast zijn er concrete plannen voor het realiseren van twee ontbrekende schakels, namelijk een nieuwe fietsroutes tussen het plangebied en het centrum van Groningen aan de zuidzijde van het Hoendiep (via een nieuwe spooronderdoorgang) en een noord-zuid fietsroute tussen Vinkhuizen en Stadspark via het plangebied.
Naast deze hoofdroutes zijn in het plangebied al enkele fietspaden aanwezig, zoals het fietspad door polder de Verbetering in het verlengde van de Peizerweg en de fiets/voetgangersbrug over het Hoendiep richting het Voorterrein.
Figuur 4.1 Fietsnetwerk (bron: Fietsstrategie Groningen 2019-2025)
Ten zuiden van het plangebied ligt parallel aan de Peizerweg de HOV-as West met een hoogfrequente busverbinding tussen het Hoofdstation en P+R Hoogkerk en verder (Q-link lijnen 3 en 4 richting Roden en Leek en Q-liners richting Drachten/Heerenveen). Ook ten
35 (149)
noorden van het plangebied rijden bussen over het Hoendiep, zoals lijn 8 van Centrum naar Hoogkerk, lijn 18/182/183/184 van Vinkhuizen naar P+R Hoogkerk en de streeklijn 139. Er lopen geen busverbindingen over het Suikerfabriekterrein zelf. De spoorverbinding Groningen – Leeuwarden loopt in oost-westelijke richting door het plangebied (enkel spoor). Er is momenteel geen station in de directe omgeving.
Figuur 4.2 Bestaande buslijnen rondom plangebied (stand december 2019, bron Qbuzz)
4.2.3 Verkeersveiligheid In de figuur 4.3 zijn de locaties weergegeven waar de afgelopen 5 jaar een (geregistreerd) verkeerongeval heeft plaatsgevonden. Locaties met ongevallenconcentraties zijn de rotonde Hoendiep – Johan van Zwedenlaan en de kruising Hoendiep – Energieweg oost – Atoomweg. Verspreid over het Hoendiep, Johan van Zwedenlaan en Peizerweg (oostelijk deel) zijn ook meerdere ongevallen geregistreerd. De ongevallen vinden meestal plaats bij uitritten en locaties waar overgestoken wordt en bij drukke wegvakken en rotondes/kruisingen (kop-staart-botsingen). Dit betreffen ongevallen met zowel auto’s onderling als tussen auto’s en fietsers. Ten tijde van de bietencampagne is sprake van extra verkeersbewegingen op het Hoendiep. Uit de ongevallenregistratie van de laatste 5 jaar (2014-2019) blijkt echter niet dat het bietenverkeer een rol speelt in de ongevallen op dit wegvak. Op het oostelijk deel van de Peizerweg zijn de ongevallen gerelateerd aan een groot aantal in- en uitritten op korte afstand en een concentratie van publiekstrekkers in de vorm van perifere detailhandel (bouwmarkten, woonwinkels en tuincentra).
36 (149)
Op basis van de hoeveelheid ongevallen worden geconcludeerd dat het Hoendiep tussen rotonde Johan van Zwedenlaan en ring West en de oostelijk deel Peizerweg tot Ring West wegen zijn met een verhoogd ongevallen risico (o.b.v. de hoeveelheid ongevallen).
Figuur 4.3 Geregistreerde ongevallen (bron: VIA Statistiek 2014-2019)
4.2.4
Autonome ontwikkelingen
Gemotoriseerd verkeer Op de wegen rondom het Suikerfabriekterrein zal sprake zijn van een autonome verkeersgroei. In het verkeeronderzoek is modelmatig berekend welke verkeersgroei wordt verwacht. Op de Ring West is een sterke toename van verkeer zichtbaar. Op het onderliggend wegennet valt op dat zowel de Peizerweg als het Hoendiep nabij de Ring drukker worden. Een belangrijk gevolg van deze autonome ontwikkeling is de verdere toename van verkeer op de in de huidige situatie al zwaar belaste rotonde Hoendiep-Johan van Zwedenlaan. De Johan van Zwedenlaan wordt de komende jaren steeds belangrijker als toegangsroute vanaf de A7 voor Hoogkerk en de (nieuwe) woongebieden aan de westzijde van de stad Groningen.2
2
Dit toenemende belang van de Johan van Zwedenlaan is niet direct terug te zien in de intensiteiten in de tabel. Dit komt doordat in de modellering van de autonome ontwikkeling ook de verbetering van het Vrijheidsplein als onderdeel van Aanpak Ring Zuid is meegenomen. Deze verbetering zorgt ervoor dat de Johan van Zwedenlaan wordt ontlast, omdat verkeer makkelijker via het Vrijheidsplein de Westelijke Ring kan bereiken. Tegenover dit effect (=minder auto’s op Johan van Zwedenlaan) staat het effect dat er aan de westkant van Groningen extra woningen gebouwd worden (=meer auto’s op Johan van Zwedenlaan).
37 (149)