Bijlage 4 Onderbouwing omgevingsplanwijziging De Suikerzijde deelgebied Noord
Tekst van het document
1 Plangebied De Suikerzijde, deelgebied Noord Onderbouwing omgevingsplanwijziging Onderbouwing Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord Inhoudsopgave Onderbouwing | 5 Hoofdstuk 1 Inleiding | 5 1.1 Aanleiding en aanduiding wijzigingsgebied | 5 1.2 Relatie met Structuurvisie De Suikerzijde | 6 1.3 Milieueffectrapportage | 7 1.4 Leeswijzer | 7 Hoofdstuk 2 Planbeschrijving | 7 2.1 Benutten bestaand stedelijk gebied | 7 2.2 De Suikerzijde | 8 2.3 Ruimtelijk-functionele structuur deelgebied Noord | 8 2.4 Wijziging omgevingsplan | 11 Hoofdstuk 3 Toetsing aan regelgeving en beleid | 11 3.1 Toetsing Rijksbeleid | 11 3.2 Toetsing provinciaal beleid | 15 3.3 Toetsing beleid waterschap | 17 3.4 Toetsing gemeentelijk beleid | 18 Hoofdstuk 4 Evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) | 23 4.1 Geluid | 24 4.2 Bodem en grondwater | 27 4.3 Onder- en bovengrondse infrastructuur (kabels en leidingen) | 30 4.4 Luchtkwaliteit | 30 4.5 Omgevingsveiligheid | 31 4.6 Geur | 34 4.7 Milieueffectrapportage | 35 4.8 Milieuzonering | 37 4.9 Lichthinder en schaduw | 38 4.10 Natuur | 40 4.11 Groen | 45 4.12 Archeologie, cultuurhistorie en landschap | 46 4.13 Trillinghinder | 48 4.14 Water | 50 4.15 Verkeer, parkeren en infrastructuur | 52 4.16 Gezondheid | 54 4.17 Klimaatadaptatie | 55 4.18 Uiterlijk en plaatsing van
bouwwerken | 56 4.19 Windhinder | 59 4.20 Duurzaamheid en energie | 59 4.21 Niet-gesprongen munitie | 60 4.22 Bestrijdingsmiddelen | 62 Hoofdstuk 5 Participatie | 62 5.1 Wettelijk kader | 62 5.2 Motivering | 62 5.3 Conclusie | 64 Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid | 64 6.1 Economische uitvoerbaarheid | 64 3 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 65 4 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord Onderbouwing Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding en aanduiding wijzigingsgebied In 2021 is het Chw bestemmingsplan 'De Suikerzijde, deelgebied Noord' vastgesteld voor de ontwikkeling van een nieuwe, levendige stadswijk ín de stad Groningen. Deze unieke situatie is ontstaan nadat de gemeente de gronden in 2010 heeft aangekocht na sluiting van de voormalige suikerfabriek in 2008. De ontwikkeling heeft enige tijd op zich heeft laten wachten vanwege economisch minder gunstige tijden en het feit dat er voldoende woningbouwlocaties voor handen waren. Inmiddels is het tij gekeerd en heeft de stad dringend behoefte aan woningen voor verschillende doelgroepen. In het Chw bestemmingsplan is met 750 woningen en 12.500 m2 aan commerciële en maatschappelijke voorzieningen ruimte geboden voor een eerste stap in de ontwikkeling van deelgebied Noord. Het plangebied is echter zo groot, dat hier meer programma in past.
Daar is in de ruimtelijke structuur van het stedenbouwkundige plan al rekening mee gehouden. Ook zijn in het structuurvisie MER de effecten van een minimaal en maximaal scenario aan woningbouw- en voorzieningenprogrammering onderzocht. In het voormalige bestemmingsplan is bepaald, dat zodra meer bekend is hoe het gebied zich na deze eerste stap gaat ontwikkelen, via een vervolgprocedure het aantal woningen en voorzieningen in deelgebied Noord wordt vergroot. Voor de verdere ontwikkeling van deelgebied noord is het nu de ambitie om ruimte te creëren voor 2.500 woningen en 55.000 m2 aan commerciële en maatschappelijke voorzieningen. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn alle bestemmingsplannen overgegaan in het omgevingsplan van rechtswege. De gemeente is voornemens om het tijdelijke omgevingsplan gebiedsgericht om te zetten naar een volwaardig omgevingsplan. De in deze onderbouwing bedoelde wijziging van het omgevingsplan loopt daaraan parallel. Het programma wordt ingepast binnen de huidige kaders van de structuurvisie 'De Suikerzijde juni 2021' (hierna: de structuurvisie). Een scenario met een vergroting van het woningbouw- en voorzieningenprogramma was destijds opgenomen in de structuurvisie. In de structuurvisie, is beschreven dat het niet gaat om een blauwdruk, maar een ruimtelijk raamwerk voor de komende 30 à 40 jaar.
Het ruimtelijk raamwerk verwijst naar volgende deelplannen waarin invulling wordt gegeven aan de uitgangspunten van de structuurvisie. Deze wijziging van het omgevingsplan geeft invulling hieraan in de vorm van een wijziging van het woningbouw- en voorzieningenprogramma in deelgebied noord. In oktober 2016 is de voorbereiding van de voorgenomen ontwikkeling van start gegaan met het vaststellen van de ontwikkelstrategie 'Nieuw Energie voor de Suikerfabriek' door de gemeenteraad (hierna: de raad). In 2017 heeft de raad het bijbehorend uitvoeringsprogramma 'New Sugar' vastgesteld. Als basis voor de verdere uitwerking zijn de voorgaande documenten in 2018 uitgewerkt in de structuurschets 'De Suikerfabriek, een nieuw stadsdeel voor Groningen'. Deze schets heeft in de zomer van 2018 ter inzage gelegen en vormt de inhoudelijke basis voor de uitwerking van de plannen voor de deelgebieden en de milieueffectrapportage. Voor het eerste deelgebied, Noord, is de detaillering verder uitgewerkt in een stedenbouwkundig plan, de onderlegger van het Chw-bestemmingsplan 'De Suikerzijde, deelgebied Noord'. 5 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord De kaders uit de in 2018 door de raad vastgestelde omgevingsvisie 'The Next City' zijn het vertrekpunt geweest.
In de omgevingsvisie 'Levende Ruimte' uit 2021 wordt De Suikerzijde nogmaals bevestigd als beoogd gemengd stedelijk gebied met een mix van wonen, werken en voorzieningen, in hoge dichtheden. Dit wordt als een van de grootste 'ontwikkelzones' beschouwd binnen de gemeente (zie ook de toetsing aan regelgeving en beleid in Hoofdstuk 3). Wijzigingsgebied Het plangebied maakt onderdeel uit van het structuurvisiegebied De Suikerzijde en wordt 'deelgebied Noord' genoemd. In onderstaande afbeelding is het wijzigingsgebied aangegeven. Figuur 1.1: Aanduiding wijzigingsgebied (in rood kader weergeven) 1.2 Relatie met Structuurvisie De Suikerzijde Ten tijde van het opstellen van het Chw bestemmingsplan 'De Suikerzijde, deelgebied Noord' heeft de gemeente parallel een structuurvisie op grond van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) opgesteld voor het gehele plangebied van De Suikerzijde. Deze structuurvisie bevat het gemeentelijke beleid voor de ontwikkeling van dit gebied op langere termijn. Het wijzigingsgebied maakt deel uit van het plangebied voor de structuurvisie en wordt daarin genoemd. De structuurvisie is vastgesteld en het Chw bestemmingsplan 'De Suikerzijde, deelgebied Noord' is inmiddels onherroepelijk. De planregels behorend bij dit wijzigingsbesluit kunnen worden gezien als een uitwerking van het structuurvisiebeleid.
De vergroting van het programma is in de structuurvisie opgenomen als een mogelijkheid voor het gehele gebied. Naast de structuurvisie voor het gehele gebied, is op een later moment een omgevingsprogramma voor de DCP-locatie opgesteld. Het omgevingsprogramma genaamd 'Structuurvisie De Suikerzijde, DCP locatie' is vastgesteld op 12 juni 2024. Dit is gedaan ter bestendiging van het voorkeursrecht ter plaatse. Alleen de DCP-locatie is omgezet naar een formeel omgevingsprogramma. De DCP-locatie biedt kansen om diverse verbindingen tussen De Suikerzijde en de omgeving tot stand te brengen. Het omgevingsprogramma voor de DCP-locatie wordt daarom beschouwd als toekomstige uitbreiding van en aanvulling op de structuurvisie van De Suikerzijde. 6 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord Ander relevant gemeentelijke beleid wordt behandeld in paragraaf 3.4. 1.3 Milieueffectrapportage Ten behoeve van het structuurvisiegebied De Suikerzijde en het Chw bestemmingsplan is in 2020 een MER opgesteld. Hier zijn twee aanvullingen op gedaan. Relevant voor onderliggende wijziging van het omgevingsplan is de oplegnotitie MER ten aanzien van de aanvullende invulling van Deelgebied Noord. Voor de gehele structuurvisiegebied is een MER opgesteld. Hierin wordt ook een scenario 'hoog' beschreven.
In dit scenario wordt uitgegaan van 5.000 woningen met bijbehorende voorzieningen in De Suikerzijde, waarvan 2.000 in deelgebied Noord. De structuurvisie wordt vooralsnog niet aangepast, de programmering voor de andere deelgebieden blijft ongewijzigd. Dit past binnen de kaders van het adaptief ruimtelijk beleid van de gemeente (zie paragraaf 3.4.1). In de oplegnotitie wordt aangetoond dat het verschil tussen de MER van maart 2020 en de huidige beoogde programmering niet leidt tot ernstige verschillen wat betreft de effectbeoordelingen. Daarnaast wordt in bijlage 2 van de oplegnotitie beschreven dat ook 5.500 woningen met bijbehorende voorzieningen binnen de kaders van scenario 'hoog' van de MER structuurvisie past. De oplegnotitie MER is toegevoegd als Bijlage 1. 1.4 Leeswijzer Deze onderbouwing is als volgt opgedeeld. Hoofdstuk 2 beschrijft de huidige en toekomstige situatie. Hoofdstuk 3 toetst het voornemen aan de geldende regelgeving. Hoofdstuk 4 behandelt de verschillende omgevingsaspecten. Hoofdstuk 5 gaat in op de participatie. Hoofdstuk 6 behandelt de uitvoerbaarheid van het plan. Tot slot volgen de bijlagen. Hoofdstuk 2 Planbeschrijving 2.1 Benutten bestaand stedelijk gebied In 2008 is de Suikerfabriek van Groningen gesloten. In 2010 heeft de gemeente Groningen het fabrieksterrein gekocht.
Het gebied is gelegen aan de westzijde van Groningen, samen met Hoogkerk en de wijken Vinkhuizen, De Held, Reitdiep, Gravenburg en de Buitenhof. De gemeente heeft als doel hier een stadsdeel te ontwikkelen waar wonen, werken, ontspannen en ontwikkelen centraal staan. In de omgevingsvisie 'The Next City' (2018) van de gemeente Groningen zijn strategische keuzes voor de toekomstige ontwikkeling van de stad gemaakt met het oog op de groei van Groningen en met het accent op de fysieke leefomgeving. Een belangrijke strategische keuze is dat de gemeente die groei op wil vangen in het bestaande stedelijke gebied. Het leidende principe van de compacte stad wordt voorgezet en het landelijk groen wordt ontzien. De gemeente kiest voor verdichting en voor transformatie van voormalige bedrijventerreinen en industriegebieden in de bestaande stad. Het ontwikkelen van het terrein van de voormalige suikerfabriek past uitstekend in deze strategie. In de omgevingsvisie 'Next City' is daarom prioriteit gegeven aan de ontwikkeling van De Suikerzijde tot een nieuw en compleet stadsdeel, waarbij verbinding, ruimtelijke kwaliteit, leefklimaat en duurzaamheid (energieneutraal, aardgasloos en klimaatbestendig) voorop staan. In de omgevingsvisie 'Levende Ruimte' (2021) (hierna: omgevingsvisie), zet de gemeente Groningen deze 7 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord strategie voort.
De Suikerzijde en Stadshavens zijn de twee grootste ontwikkelzones binnen het bestaand stedelijk gebied. Binnen de ontwikkelzone wordt ruimte gemaakt voor gemengd stedelijk gebied met een mix van wonen, werken en voorzieningen, in hoge dichtheden. 2.2 De Suikerzijde De Suikerzijde bestaat uit vier deelgebieden. Voorterrein: dit is het voormalige fabrieksterrein van de SuikerUnie waar het productieproces plaatsvond. Het terrein is ca 10 hectare en grotendeels verhard. Tot 2030 is het voorterrein verhuurd aan derden. Zij zijn verantwoordelijk voor beheer en invulling van het terrein. Na 2030 stoppen de tijdelijke activiteiten en zal het terrein worden herontwikkeld door de gemeente. Deelgebied Noord: dit deelgebied is ca 50 hectare en ligt tussen het spoor en het kanaal Hoendiep. Momenteel zijn hier nog deels voormalige vloeivelden aanwezig. Inmiddels is hier de ontwikkeling van De Suikerzijde gestart, met (grond)werkzaamheden, ten behoeve van de bouwplannen in de eerste fase. AOC Terra heeft delen van het gebied in tijdelijk gebruik. Deelgebied Zuid: dit deelgebied is ca 80 hectare groot en omvat de zuidelijke vloeivelden en het overige gebied ten zuiden van de spoorlijn. Hiertoe behoren ook de voormalige droogbedden en de aan de percelen van de Peizerweg grenzende weilanden. Deelgebied Hoendiep-Zuid: dit gebied van 14 hectare is bestaand stedelijk gebied.
Er is veel verharding en bedrijfsbebouwing aanwezig. Deelgebied Noord wordt als eerste ontwikkeld. Daarvoor is gekozen omdat dit deelgebied zich goed leent voor juist die stedelijke woonvormen waar momenteel de meeste vraag naar is. Bovendien worden inmiddels de eerste stappen gezet in de transformatie van het bedrijventerrein Hoendiep-Zuid, een logische aansluiting op de ontwikkeling van het noordelijk deel. 2.3 Ruimtelijk-functionele structuur deelgebied Noord De Suikerzijde wordt een gemengd stadsdeel met een centrum-stedelijk karakter en een goede verhouding tussen wonen, werken, leren en ontspannen. Dit stadsdeel is goed bereikbaar en belangrijker nog: naar alle zijden toe overtuigend verbonden met de omringende stadsstructuur en het landschap. De stad van de toekomst krijgt hier haar plek, volgens de principes van de omgevingsvisie: een stad waar gewoond, gewerkt en geleerd wordt, met voldoende ruimte voor groen en openbare pleinen, CO2-neutraal, met een degelijke voorzieningenstructuur en met de nadruk op fietsen en openbaar vervoer. Toekomstbestendigheid vereist een flexibele hoofdstructuur: veranderingen en tendensen op de lange termijn worden soepel opgenomen. Tegelijkertijd is de stedenbouwkundige structuur solide zodat vanaf het begin de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd is. Een speciale opgave is een verknoping van de plek van De Suikerzijde met de binnenstad.
Het gebied moet bij de stad gaan horen. De nabijheid staat centraal, dat wil zeggen de nabijheid van de stad en het groen, de nabijheid van banen en voorzieningen. De omgevingsvisie kent vier uitgangspunten. 1. Verbinden: de Suikerzijde heeft een goede verbinding met de (binnen)stad en omgeving. 2. Gevarieerde straten: een rijke variatie aan stadsstraten en lanen – zo typerend voor Groningen – is ook te vinden in De Suikerzijde. 3. Royaal: de stedelijke structuur van De Suikerzijde biedt ruimte voor een mix van programma's en functies, zoals wonen, onderwijs, bedrijvigheid en recreatie. 4. Leefkwaliteit: de zorgvuldig ingerichte buitenruimte bepaalt het karakter van het openbaar gebied met volop ruimte voor stedelijke programma's, groen en water op alle schaalniveaus: een gezonde leefomgeving voor mens en dier. 8 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord Figuur 2.1: Stedenbouwkundig plan De Suikerzijde, deelgebied Noord Programma Deelgebied Noord wordt ontwikkeld tot een gemengd stedelijk gebied. Naast wonen worden ook andere passende functies toegelaten, zoals horeca, detailhandel, onderwijs, zorg, cultuur en/of lichte bedrijvigheid geschikt voor functiemenging.
Binnen de bestemming 'Gemengd - Ontwikkelgebied' is het voornemen om de toegestane programma te vergroten van 750 woningen en 12.500 m² commerciële en maatschappelijke voorzieningen naar 2.500 woningen en 55.000 m² commerciële en maatschappelijke voorzieningen. Voor de oorspronkelijke opgave van 5.000 woningen binnen De Suikerzijde kan het aandeel sociale huur in ieder geval in noord, substantieel worden verhoogd van 15% naar 25- 30%. Woningen zijn in de laatste jaren ook steeds kleiner geworden door gestegen kosten en woningprijzen. Behoefte aan één of tweepersoonshuishoudens is blijvend groot. Al met al zorgt dit voor een situatie waarin 2.500 woningen beter past. Deze verdere vulling valt binnen de oorspronkelijke kaders van De Suikerzijde. Hierbij is het nu toegestane programma van 750 woningen en bijbehorende voorzieningen een eerste stap in de ontwikkeling van het hele deelgebied Noord. Het past dan ook binnen de huidige stedenbouwkundige structuur. Bij het ontwikkelen van dit deelgebied, groeit het voorzieningenniveau overeenkomstig het aanwezige draagvlak in de wijk mee. In de beginfase zal naar verwachting vooral onderwijs, horeca en diensten gerelateerde werkgelegenheid worden ontwikkeld. Passend binnen het gemeentelijk detailhandelsbeleid, kan te zijner tijd ontwikkelruimte ontstaan voor detailhandel.
In de structuurvisie is vastgesteld dat het deelgebied qua omvang zo groot is dat er voldoende ruimte is voor de beoogde vergroting van het programma. In de ruimtelijke structuur uit het stedenbouwkundig plan is ook op de vergoting geanticipeerd. Nu meer bekend is hoe het gebied zich na de eerste stap zich zal ontwikkelen, wordt het aantal woningen en de 9 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord voorzieningen in deelgebied Noord vergroot met onderliggende wijziging omgevingsplan. Leefkwaliteit Aan de westzijde van De Suikerzijde komt een park, als verbindend groenblauw hart in combinatie met het recreatiegebied van Hoogkerk. In het park komt een ca 5 hectare grote waterpartij. Er zijn routes voor langzaam verkeer vanuit het park richting binnenstad en Hoogkerk. In de hoofdopzet van het nieuwe stadsdeel worden zowel in oost-west als in noord-zuid richting groene straten, lanen en singels gemaakt. Net als de bouwvelden heeft de basisstructuur van straten en pleinen een zekere overmaat. Zo ontstaat ruimte voor een groenblauw netwerk. Het park voorziet in een ecologische verbinding van noord naar zuid: van de landerijen rondom Leegkerk en het Westpark naar – zodra de ontwikkeling ten zuiden van het spoor start – Polder Bangeweer, het Stadspark en de Onlanden.
Het groenblauwe netwerk van park, kanaal, natuurvriendelijke oevers, sloten, stedelijk groen en groene daken versterkt de klimaatbestendigheid van het stadsdeel en onderstreept een van de ambities van de omgevingsvisie: de groeiende stad blijft leefbaar en aantrekkelijk voor iedereen. De ambitie is een klimaatbestendig stadsdeel. Er wordt gezorgd voor voldoende (groene) openbare ruimte om hevige regenval op te vangen, het water vast te houden en de afvoer te vertragen. Water en vooral de vele bomen in de openbare ruimte zorgen voor verkoeling. De oever aan het Hoendiep is bewust openbaar gehouden. De oever is voor iedereen toegankelijk, vormt een mooie route voor langzaam verkeer in en door de wijk, wordt als landschappelijke zone ingericht en krijgt een natuurvriendelijke oever. Mobiliteit In deelgebied Noord staat de fiets op 1, het openbaar vervoer op 2, en het autoverkeer op 3. Het gebied krijgt een groot aantal snelle en veilige fietsverbindingen en er wordt door het plangebied een goede busverbinding aangelegd. Ook wordt in deelgebied Noord geanticipeerd op de mogelijke toekomstige aanleg van een treinstation. Infrastructuur langzaam verkeer De gemeente wil de planontwikkeling benutten om de omliggende wijken beter met elkaar te verbinden.
Richting Hoogkerk wordt een fietsverbinding onder de Johan van Zwedenlaan voorzien, en richting Vinkhuizen een fietsverbinding over het kanaal en de weg Hoendiep. Richting het zuiden wordt rekening gehouden met twee ongelijkvloerse fietsverbindingen onder het spoor door. Een tunnel bij een beoogde station zorgt voor een verbinding naar deelgebied Zuid. Daarnaast zorgt een tunnel ter hoogte van de DCP-locatie voor een fietsverbinding richting de Peizerweg. Tevens is een nieuwe langzaam verkeer verbinding aangelegd die via het voorterrein onder de ringweg en het spoor richting de binnenstad gaat. Infrastructuur wegverkeer Deelgebied Noord wordt ontsloten met nieuwe verbindingswegen die aantakken op het Hoendiep, de Energieweg en de Johan van Zwedenlaan. De aansluiting op het Hoendiep wordt voorzien van een verkeersregelinstallatie. Ter plaatse van de Energieweg sluit de nieuwe weg aan op de bestaande weg. Bij de Johan van Zwedenlaan wordt de aansluiting gemaakt met een rotonde. Deze wegen die rondom het plangebied liggen, zijn op dit moment geschikt om allerlei soorten verkeer te ontsluiten. Een directe koppeling is hierdoor niet nodig. Een herinrichting van deze wegen heeft vooral zin als ook de omgeving is veranderd. Voor de verbindingen met het Hoendiep en Energieweg worden bruggen gebouwd over het Hoendiep, waarvan de brug naar de Energieweg inmiddels is gerealiseerd.
Richting het zuiden wordt rekening gehouden met ongelijkvloerse autoverbinding naar Deelgebied Zuid. Deze nieuwe infrastructuur kan ook benut worden door het openbaar vervoer (bus). 10 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord Bouwvelden De bouwvelden hebben in principe een overmaat, die de gelegenheid geeft om verschillende binnenterreinen te maken: pleinen, hoven, velden. Ook maakt deze overmaat een combinatie van gebouwtypen mogelijk: stadshuizen, vrijstaande woningen, collectieve blokken, hoogteaccenten. Er is ruimte voor het mengen van wonen en werken (kantoren en bedrijven) als ook de combinatie met een recreatieve invulling (zoals een moestuin). De bouwvelden bieden flexibiliteit voor de invulling, ook op de langere termijn. Beeldkwaliteit De gemeente heeft een beeldkwaliteitsplan opgesteld voor deelgebied Noord. Tijdens de ontwikkeling van de bouwvelden wordt hieraan getoetst. In Bijlage 15 van deze motivering is het beeldkwaliteitsplan opgenomen. Het beeldkwaliteitsplan is op 12 juni 2024 door de gemeenteraad vastgesteld als beleidsregel.
2.4 Wijziging omgevingsplan De wijziging van het omgevingsplan van de gemeente Groningen ziet op het vergroten van de programmering van 750 woningen en 12.500 m2 aan commerciële en maatschappelijke voorzieningen naar 2.500 woningen en 55.000 m2 aan commerciële en maatschappelijke voorzieningen in deelgebied Noord van De Suikerzijde. Daarnaast wordt het omgevingsplan aangepast zodat deze, op advies van de veiligheidsregio Groningen, voldoende bescherming biedt in het kader van omgevingsveiligheid. Het omgevingsplan wordt op de volgende punten aangepast: regels en aanduidingen ten aanzien van omgevingsveiligheid (zie paragraaf 4.5); en programmering (zie voorgaande paragraaf 2.3 onder programmering); en het vastellen van het gezamenlijk geluid (zie paragraaf 4.1). Hoofdstuk 3 Toetsing aan regelgeving en beleid 3.1 Toetsing Rijksbeleid Het beleid van de rijksoverheid is neergelegd in verschillende beleidsdocumenten en regelgeving. De beleidsdocumenten en regelgeving die in dit hoofdstuk worden besproken zijn: de Nationale Omgevingsvisie, Instructieregels Rijksoverheid en de Ladder voor duurzame verstedelijking. 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Algemeen Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven.
Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor de leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak en leidt tot een duurzaam perspectief voor de leefomgeving. Dit is nodig om de doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving. Vier prioriteiten 1. Ruimte voor klimaatadaptieve en energietransitie Opgave: In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving. Tegelijkertijd dragen deze maatregelen bij aan de verbetering van de kwaliteit van de leefomgeving. Hiermee ontstaan ook kansen voor de natuur. Opgave: In 2050 heeft Nederland een duurzame energievoorziening. Het realiseren van een duurzame energievoorziening vraagt om ruimte. De benodigde ruimte is ook voor het uitvoeren van andere activiteiten relevant. Het is van belang dat het realiseren van duurzame energievoorzieningen worden gecombineerd met andere activiteiten. Door het gebruik van ruimte te clusteren wordt versnippering van landschap voorkomen. Hierdoor wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut. Het Rijk zet zich in door het 11 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal. 2.
Duurzaam economisch groeipotentieel Opgaven: Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan Nederland haar positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Het Rijk zet in op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede kwaliteit op leven. Belangrijk is dat de Nederlandse economie toekomstbestendig wordt. Deze economie is concurrerend, duurzaam en circulair. 3. Sterke en gezonde steden en regio's Opgaven: In steden en stedelijke regio's zijn vooral locaties nodig voor wonen en werken. Hierbij is de voorkeur voor binnen de bestaande stadsgrenzen. Hierdoor blijft de open ruimte tussen stedelijke regio's behouden. Dit vraagt optimale afstemming op investeringen in mobiliteit. Voorafgaand aan de keuze van verstedelijkingslocaties moet helder zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid stelt. Ook moet duidelijk zijn welke maatregelen nodig zijn om kwaliteit en veiligheid te waarborgen. Op deze manier blijft in steden en regio's de gezondheid gewaarborgd. 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Opgaven: Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw.
Een goed verdienpotentieel voor bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zetten we in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is dan ongewenst en wordt tegengegaan. Afwegingsprincipes Niet alles kan en niet alles kan overal. De druk vanuit allerlei sectoren (wonen, landbouw, natuur, water, luchtvaart, bereikbaarheid, duurzame energie & klimaat en defensie) op de fysieke leefomgeving is groot. Dit geldt voor de boven- en ondergrond. De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. De NOVI gebruikt hiervoor afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies In het verleden is scheiding van functies rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van de ruimte. 2.
Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal Het verschilt tussen gebieden wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling en tussen concurrentiekracht en leefbaarheid. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere. 3. Afwentelen wordt voorkomen Het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie inwoners, zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. 12 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord 3.1.2 Instructieregels Rijksoverheid (AMvB's) Artikel 8.0b, eerste lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) bepaalt dat bij een aanvraag om een buitenplanse omgevingsvergunning de instructieregels in hoofdstuk 5 van het Bkl, de provinciale instructieregels het beoordelingskader vormen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Uit het tweede lid van artikel 8.0b van het Bkl volgt dat de omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit geweigerd wordt als: a. de activiteit zou leiden tot een situatie die niet is toegelaten op grond van instructie(regel)s; b. de omgevingsplanactiviteit betrekking heeft op een voorbeschermingsregel in het omgevingsplan (opvolger van het voorbereidingsbesluit); c.
de omgevingsplanactiviteit het uitvoeren van een project waarvoor een projectbesluit is vastgesteld door provincie of Rijk, belemmert. Hieronder zijn de hoofdonderwerpen opgesomd waarvoor het Bkl instructieregels bevat: waarborgen van veiligheid (paragraaf 5.1.2); beschermen van waterbelangen (paragraaf 5.1.3); beschermen van gezondheid en milieu (paragraaf 5.1.4), waaronder instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht, trillingen, geluid en geur en bodemkwaliteit; beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed (paragraaf 5.1.5), waaronder de ladder voor duurzame verstedelijking; het behoud van ruimte voor toekomstige functies (paragraaf 5.1.6) voor autowegen, buisleidingen, natuur- en recreatiegebieden; het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten (paragraaf 5.1.7), waaronder landsverdediging en nationale veiligheid, elektriciteitsvoorziening, rijksvaarwegen en luchtvaart, fiets- en wandelroutes, aanwijzing van woningbouwcategorieën; het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen (paragraaf 5.1.8). Daarnaast bevat afdeling 5.2 van het Bkl instructieregels voor de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving. In heel bijzondere gevallen kunnen B&W de Minister vragen om een ontheffing van bepaalde instructieregels te verlenen.
Dit volgt uit afdeling 5.3 van het Bkl. 3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking De Ladder voor duurzame verstedeling (hierna: Ladder) is een instructieregel voor zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand. Artikel 5.129g Bkl bevat de instructieregel voor gemeenten bij het wijzigen van het omgevingsplan. Artikel 5.129g Bkl is van toepassing op een stedelijke ontwikkeling die bestaat uit de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelvoorziening of een andere stedelijke ontwikkeling en die voldoende substantieel is. Er wordt geen grens gegeven over wat voldoende substantieel is. In uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is een lijn uitgezet. Er is een overzichtsuitspraak (ECLI:NL:RVS:2017:1724) over de Ladder voor duurzame verstedelijking. De afdeling geeft hierin geen harde ondergrenzen, maar stelt 'in beginsel' grenzen. Bij het beschrijven van de behoefte dient te worden uitgegaan van het saldo van de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling, verminderd met het aanbod in planologische besluiten, ook als het feitelijk nog niet is gerealiseerd. De Ladder is bij ruimtelijke ontwikkelingen niet van toepassing als geen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling.
Of sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. 13 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord 3.1.4 Woondeal Op 9 januari 2019 ondertekenden toenmalig burgemeester Den Oudsten en minister Ollongren de Woondeal die - kort gezegd - moet helpen bij de versnelling van de bouw van 20.000 woningen in de gemeente en de versterking van de leefbaarheid van wijken. De minister stelt daarvoor geld, expertise en capaciteit beschikbaar. In de Woondeal staan meer dan dertig afspraken over onder meer het versnellen van de woningbouwopgave, integrale gebiedsontwikkeling, de werking van de woningmarkt en samenwerking tussen betrokken partijen (met name gemeente, verhuurders en corporaties) en over aanbod van voldoende woningbouwplannen in Groningen. Voor de kortere termijn gaat het om afspraken over locaties waar woningbouw versneld van de grond kan komen. Voor de langere termijn gaat het om het zeker stellen van voldoende plancapaciteit door als partners samen te werken bij enkele complexe ontwikkellocaties. In Groningen zijn voor de korte termijn vooral Stadshavens, De Suikerzijde, Meerstad en wijkvernieuwingswijk Selwerd in beeld. Het Rijk en de gemeente willen de productie versnellen naar ca 8.000 woningen. Op de langere termijn komen daar nog circa 12.000 woningen bij.
3.1.5 Conclusie Toetsing aan de NOVI Het initiatief raakt het thema 'sterke en gezonde steden en regio's'. Echter ligt het projectgebied verder niet in een gebied, of omvat geen onderwerp waarvoor de NOVI gerichte belangen of opgaven kent. Om die reden kan verdere toetsing aan de NOVI achterwege blijven. Toetsing Instructieregels Rijksoverheid (AMvB's) Hoofdstuk 4 werkt de omgevingsaspecten die relevant zijn voor de wijziging van het omgevingsplan nader uit. De Ladder is hierna in deze paragraaf getoetst. Toetsing 'Ladder voor duurzame verstedelijking' Bij de toetsing aan de Ladder voor duurzame verstedelijking worden de volgende vragen doorlopen. Is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling? Het plan voorziet in een vergroting van de programmering van deelgebied Noord van De Suikerzijde. Het betreft een vergroting van 750 woningen naar 2.500 woningen en 12.500 m2 naar 55.000 m2 aan commerciële en maatschappelijke voorzieningen. Er is sprake van een stedelijke ontwikkeling Wat is het ruimtelijk verzorgingsgebied? Het project is onderdeel van de ontwikkeling De Suikerzijde in de gemeente Groningen. Het betreft een grote stedelijke ontwikkeling in een middelgrote stad. Vanwege de aard en omvang van het plan kan gesteld worden dat er sprake is van een regionaal verzorgingsgebied, groter dan enkel de lokale stedelijke omgeving van gemeente Groningen.
Is er behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling? Het plan omvat een divers en hoogwaardig programma dat bestaat uit 2.500 woningen en 55.000 m2 aan diverse voorzieningen. De nieuwbouw past binnen het regionale en gemeentelijke beleid. Het plan speelt in op de verhoogde woningbehoefte, en de daarbij behorende stedelijke voorzieningen. Ligt de ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied? De ontwikkeling vindt plaats op gronden waar in het verleden bedrijfsbebouwing en bedrijfsgronden aanwezig waren. De locatie bevindt zich binnen bestaand stedelijk gebied en wordt middels herstructurering geschikt gemaakt voor de bouw van woningen. 14 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord Het voorgenomen initiatief betreft een nieuwe stedelijke ontwikkeling waaraan aantoonbaar behoefte is. Tot slot gaat het om een ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied. Daarmee is er sprake van een ontwikkeling die past binnen het kader van duurzame verstedelijking. Toetsing Woondeal Door het woonprogramma te verhogen van 750 naar 2.500 woningen wordt invulling gegeven aan de in totaal 8.000 benodigde woningen uit de woondeal op korte termijn. De bijbehorende stedelijke voorzieningen dienen daarmee ook te worden vergroot. Het voornemen is daarmee in lijn met de woondeal. 3.2 Toetsing provinciaal beleid Het provinciaal beleid is verwoord in een tal van plannen.
Het belangrijkste plan betreft de Omgevingsvisie provincie Groningen en de daarbij behorende Omgevingsverordening provincie Groningen. 3.2.1 Omgevingsvisie provincie Groningen Een belangrijk doel van de Omgevingsvisie is om op strategisch niveau samenhang aan te brengen in het beleid voor de fysieke leefomgeving. Daarom zijn in deze Omgevingsvisie zoveel mogelijk de visies op verschillende terreinen zoals ruimtelijke ontwikkeling, landschap en cultureel erfgoed, natuur, verkeer en vervoer, water, milieu en gebruik van natuurlijke hulpbronnen samengevoegd en inhoudelijk met elkaar verbonden. Er zijn ook onderdelen opgenomen van het provinciale beleid voor economie, energie en cultuur en welzijn, voor zover die gevolgen hebben voor de fysieke leefomgeving. In deze Omgevingsvisie is het provinciale beleid dat op een of andere manier aan de fysieke leefomgeving raakt geformuleerd en geordend in vijf samenhangende thema's en elf provinciale 'belangen'. Ruimte 1. Ruimtelijke kwaliteit 2. Aantrekkelijk vestigingsklimaat 3. Ruimte voor duurzame energie 4. Vitale landbouw Natuur en landschap 5. Beschermen landschap en cultureel erfgoed 6. Vergroten biodiversiteit Water 7. Waterveiligheid 8. Schoon en voldoende water Mobiliteit 9. Bereikbaarheid Milieu 10. Tegengaan milieuhinder 11.
Gebruik van de ondergrond 3.2.2 Omgevingsverordening provincie Groningen De Omgevingsverordening is een instrument waarin het beleid uit de Omgevingsvisie Groningen doorwerkt. De Omgevingsverordening is het provinciaal juridisch instrument dat wordt ingezet voor de doorwerking van de Omgevingsvisie en de juridische borging. 3.2.3 Conclusie Toetsing aan de Omgevingsvisie provincie Groningen De volgende kaarten uit de provinciale Omgevingsvisie zijn relevant voor het plangebied en het voornemen. 15 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord Ruimte De provincie streeft naar een zo hoog mogelijke ruimtelijke kwaliteit in de provincie. Ruimtelijke kwaliteit wordt bepaald door de mate waarin binnen een gebied de gebruikswaarde, de belevingswaarde en de toekomstwaarde in onderlinge verhouding geoptimaliseerd zijn. De provincie richt haar omgevingsbeleid zoveel mogelijk op het bieden van kansen die zich voordoen in lokale en regionale situaties. Zij wil daarbij ruimte geven aan maatwerk en vraagt aan onder meer gemeenten om ruimtelijke kwaliteit ook in hun plannen te borgen. In het beleid wordt onderscheid gemaakt tussen stedelijk gebied en buitengebied. Het projectgebied is aangeduid als stedelijk gebied. Gemeenten zijn primair verantwoordelijk voor de ruimtelijke kwaliteit binnen het stedelijk gebied.
Bij de inpassing van grootschalige ruimtelijke ontwikkelingen in het stedelijk gebied en ruimtelijke ingrepen in het stedelijk gebied die een effect hebben op het buitengebied ondersteunt en adviseert de provincie de gemeenten. Landschap De provincie kent veel verschillende landschappen met elk hun eigen belangrijke natuurlijke, cultuurhistorische en aardkundige waarden. De provincie hecht grote waarde aan de bijzondere kwaliteiten van het landschap, zoals de weidsheid, de diversiteit en de herkenbaarheid. Deze kwaliteiten vormen een belangrijke onderlegger voor het ruimtelijk beleid, dat gericht is op behoud van de kwalitatief hoogwaardige leefomgeving. Het beschermen en versterken van de kenmerkende landschapsstructuren die bijdragen aan de identiteit van en variëteit in de provincie is een provinciaal belang en een kerntaak, waar samen met partners invulling aan wordt gegegeven. De provincie stelt kaders voor de bescherming, het beheer en de ontwikkeling van de samenhangende landschapsstructuur, waarbinnen ruimte is voor gebiedsinitiatieven en maatwerk. Gemeenten dragen de zorg voor het landschap op het lokale schaalniveau. Het projectgebied is onderdeel van het landschap Gorecht.
Het Gorecht bestaat uit het parkachtig esdorpenlandschap van de Hondsrug met twee reeksen esdorpen overgaand in open beekdalvlakten van de Hunze en de Drentsche Aa, waarin vrijwel geen bebouwing voorkomt. In dit deelgebied dient in het bijzonder rekening te worden gehouden met: het contrast tussen de kleinschalig besloten, hoger gelegen Hondsrug en aan weerszijden de laaggelegen zeer open beekdalen van de Drentsche Aa en Hunze; de parkachtige esdorpenstructuur op de Hondsrug met afwisselend essen, bossen, graslanden en statige bebouwing; het reliëf van de glaciale ruggen en essen; de natte landschapselementen in de vorm van pingoruïnes en petgaten. Het voornemen ligt in het stedelijk gebied van de stad Groningen. De wijziging van programma doet geen afbreuk aan landschappelijke waarden ter plaatse. Milieu Omgevingsveiligheid gaat over de beheersing van risico's van het industriële gebruik en de grootschalige opslag van gevaarlijke stoffen. De focus ligt op risico's voor de leefomgeving en in het bijzonder de risico's voor de burger. Ook het vervoer van gevaarlijke stoffen brengt risico's voor de omgeving met zich mee. Bij een ongeval tijdens het transport kunnen gevaarlijke stoffen vrijkomen met schadelijke of zelfs dodelijke gevolgen voor mens en milieu (bijvoorbeeld een explosie, een brand of het vrijkomen van een gifwolk).
Om de risico's hiervan te beperken zijn landelijke routes door het Rijk aangewezen. In aanvulling daarop heeft provincie een provinciaal Basisnet aangewezen. Ook nieuwe technologieën kunnen een risico vormen voor de omgeving (bijvoorbeeld een losgeraakt deel van een windturbine of het grootschalige gebruik van waterstof). In de Structuurvisie Eemsmond-Delfzijl heeft zij instructies opgenomen hoe om te gaan met omgevingsveiligheid in dat gebied. Met de Omgevingswet is een nieuw instrument geïntroduceerd, de zogenaamde aandachtsgebieden. De grootte daarvan wordt bepaald aan de hand van de rekenkundige effecten van ongevalsscenario's (brand, explosie of gifwolk). Aandachtsgebieden maken de risico's inzichtelijker en ondersteunen daarmee de 16 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord provinciale en gemeentelijke afweging van de belangen van de initiatiefnemers en de omgeving. Een deel van het plangebied is onderdeel van de kaartlaag Provinciaal basisnet, vanwege Laan 1940-1945. De doorwerking hiervan vind plaats in de POV in de vorm van veiligheidszones. Geen van de veiligheidszones zoals beschreven in de POV reikt echter tot in het plangebied vanwege Laan 1940-1945. Zie paragraaf 4.5 voor de onderbouwing van het aspect omgevingsveiligheid.
Wonen, werken, recreëren Uit artikel 3.28 van de POV (aanwijzing omgevingsplanactiviteiten) volgt dat de volgende omgevingsplanactiviteiten in ieder geval worden aangewezen: a. het bouwen van nieuwe woningen; b. de aanleg van een nieuw bedrijventerrein of uitbreiding van een bedrijventerrein; c. vestiging of uitbreiding van afvalbewerkende bedrijven, afvalverwerkende bedrijven en bedrijven voor de op- en overslag van afvalstoffen; d. de vestiging van een factory outlet center; e. de vestiging of uitbreiding van recreatiebungalowparken; en f. de vestiging of uitbreiding van zelfstandige kampeerterreinen. Opgaven Sterke demografische groei en krimp liggen in de provincie op korte afstand van elkaar. Er wordt doorverwezen naar de Laddertoets, zie paragraaf 3.1.3. Toetsing aan de Omgevingsverordening provincie Groningen Aardbevingsgebied Voorliggende locatie is onderdeel van het aardbevingsgebied. De POV geeft in dit kader regels voor karakteristieke gebouwen. Dit is niet van toepassing op dit voornemen. Omgevingsplanactiviteit Met deze wijziging van het omgevingsplan wordt het bouwen en het gebruik van woningen aangemerkt als omgevingsplanactiviteit. Daarmee wordt voldaan aan de instructieregel 'aanwijzing omgevingsplanactiviteiten' uit artikel 3.28 van de POV. Beschermd gebied B Het projectgebied is onderdeel van beschermd gebied B.
Voor beschermd gebied B dat wordt beschermd door regionale waterkeringen geldt een omgevingswaarde van 1:300. Het aspect water komt nader aan bod in paragraaf 4.14 3.3 Toetsing beleid waterschap Gemeente Groningen valt onder het werkingsgebied van twee waterschappen. Het waterschap Hunze en Aa's en het waterschap Noorderzijlvest zijn binnen de gemeente verantwoordelijk voor het waterbeheer. Het waterschap zorgt onder andere voor genoeg en schoon water en het voorkomen van wateroverlast. Het werkingsgebied van het initiatief valt onder het gebied waar het waterschap Noorderzijlvest verantwoordelijk is voor de waterstaatkundige verzorging. 3.3.1 Waterschapsverordening waterschap Noorderzijlvest De waterschapsverordening is de verordening op grond van de Omgevingswet waarin vrijwel alle regels over de fysieke leefomgeving zijn opgenomen als het gaat om water. In de waterschapsverordening staan regels over activiteiten van burgers, bedrijven en mede-overheden die van invloed zijn op het watersysteem, de waterveiligheid en de zuiveringstechnische werken (rioolwaterzuiveringsinstallaties, RWZI).
De regels zijn gesteld met het doel om: 17 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord overstromingen, wateroverlast en waterschaarste te voorkomen en beperken; fysisch-chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen beschermen en verbeteren; met het watersysteem maatschappelijke functies te vervullen; de zuiveringtechnische werken doelmatig te laten werken en te beschermen en verbeteren. 3.3.2 Conclusie Toetsing aan de Waterschapsverordening waterschap Noorderzijlvest Het waterbelang wordt verder behandeld in paragraaf 4.14. Vooruitlopend hierop is de conclusie hieruit dat het voorgenomen initiatief niet in strijd is met de regels van de waterschapsverordening. 3.4 Toetsing gemeentelijk beleid Binnen de gemeente Groningen heeft men verschillende onderwerpen waarvoor beleid is gemaakt. In deze paragraaf wordt ingegaan op relevante integrale beleidsstukken. Overige sectorale beleidsstukken worden besproken in Hoofdstuk 4. 3.4.1 Omgevingsvisie De omgevingsvisie Levende Ruimte gaat over de ontwikkeling van de ruimtelijke en sociale leefomgeving van Groningen. De ontwikkelingen en uitgangspunten van plannen dragen bij aan het doel van de omgevingsvisie: een zo hoog mogelijke leefkwaliteit in een groene, gezonde en veilige leefomgeving. Groningen staat voor een bijzonder stevige ontwikkelopgave op het gebied van wonen en werken.
Daarbij hoort ook dat voorzieningen voor onder andere sport, welzijn en onderwijs meegroeien. De gemeente moet letterlijk ruimte maken: voor een deel op bestaande locaties, maar ook op nieuwe locaties in de stad. Een enorm karwei, temeer omdat de gemeente hierbij vasthoudt aan het idee van de compacte stad en het landelijk gebied open en groen willen houden. Figuur 3.1: Visiekaart Omgevingsvisie gemeente Groningen 18 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord De vijf belangrijkste opgaven voor de gemeente Groningen: 1. faciliteren groei van de gemeente; 2. de werkgelegenheid groeit mee in stad en regio; 3. de groeiende gemeente blijft leefbaar, veilig en aantrekkelijk voor álle inwoners; 4. de energietransitie wordt versneld; 5. iedereen doet mee en helpt mee in een gezonde groeiende gemeente. 3.4.2 Woonvisie en Strategische woningbouwprogrammering 2023-2032 De Woonvisie "Een thuis voor iedereen" uit 2020 schetst het woonbeleid van de gemeente Groningen. Door de hoge druk op de woningmarkt en de gemeentelijke herindeling was een nieuwe woonvisie nodig. De visie kent vijf speerpunten. Bouwen met kwaliteit: de gemeente wil tot 2030 zo'n 20.000 nieuwe woningen bouwen, met nadruk op kwaliteit en leefbaarheid. De focus ligt op ontwikkelzones als Stadshavens, Meerstad en de Suikerzijde. Dit is een verhoging van ambitie ten opzichte van de woondeal uit 2019.
Samenwerking via het Woonakkoord: met woningcorporaties, marktpartijen en bewoners worden bindende afspraken gemaakt over nieuwbouw, betaalbaarheid en wijkvernieuwing. Publieke regie: de gemeente wil meer grip op de woningmarkt krijgen door instrumenten als de doelgroepenverordening, verhuurverbod en mogelijk een Gemeentelijk Ontwikkelbedrijf. Regionale samenwerking: met buurgemeenten wordt een verstedelijkingsstrategie opgesteld die wonen, landschap, energie, transport en klimaat integreert. Focus op specifieke doelgroepen: extra aandacht gaat uit naar ouderen, kwetsbare bewoners en groepen die anders willen wonen (wooncoöperaties, collectief opdrachtgeverschap). De woonvisie benadrukt het belang van leefkwaliteit, duurzaamheid en betaalbaarheid. Er wordt ingezet op sociale cohesie in wijken en dorpen, met ruimte voor initiatieven die passen bij de schaal en karakter van hun omgeving. De visie streeft naar een ongedeelde gemeente waar iedereen kan wonen en stimuleert nieuwe woonvormen via manifestaties over thema's als ouderenhuisvesting en natuurinclusief bouwen. Voor een doorvertaling naar een uitvoeringsagenda is de Stategische woningbouwprogrammering 2023-2032 opgesteld. Hierin wordt het volgende gewenste programma geambiëerd.
Figuur 3.2: Gewenst programma 2023 t/m 2032 uit strategische woningbouwprogrammering 2023-2032 Deze woningen en de productie daarvan heeft als zwaartepunt onder andere de vier grote locaties: De Held, Meerstad, Stadshavens en De Suikerzijde. 3.4.3 Huisvestingsverordening 2025 De Huisvestingsverordening gebruikt verschillende instrumenten om ervoor te zorgen dat woonruimte eerlijk en efficiënt wordt verdeeld. Uit de onderbouwing hiervan blijkt dat er in vrijwel alle woningtypologieën sprake is van schaarste. Dit blijkt onder andere uit de krapte-indicator. Bij een krapte-indicator tussen de 5 en 10 is sprake van een evenwichtige markt. Wanneer deze onder de 5 zakt, spreken we van een hoge marktdruk en krapte. In Groningen is de krapte-indicator momenteel 1,5. Bovendien zijn de woningprijzen tussen 2019 en 2024 met circa 42% gestegen. Deze forse stijging heeft verschillende oorzaken. In 2025 zijn dat bijvoorbeeld de 19 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord verbeterde koopkracht van veel huishoudens, lagere hypotheekrentes en versoepelde leennormen. Het aandeel particuliere verhuur is de afgelopen jaren aanzienlijk toegenomen, met een stijging van 39% sinds 2018.
Hoewel de opkoopbescherming deze groei heeft afgeremd, is een toename zichtbaar van het aantal woningen in het hogere segment dat van koop naar particuliere huur is veranderd sinds de invoering van de opkoopbescherming. Starters en middeninkomens concurreren dus niet alleen met elkaar, maar ook met beleggers. Om het woningaanbod voor deze doelgroepen beschikbaar te houden, is gemeentelijke sturing noodzakelijk. Vanwege het voorgaande is de prijsgrens voor de opkoopbescherming aangepast en wordt het toewijzen van middeldure huurwoningen als instrument aan de Huisvestingsverordening toegevoegd. 3.4.4 Verordening doelgroepen woningbouw Groningen 2020 In de 'Woonvisie Groningen, een thuis voor iedereen' is opgenomen dat Groningen streeft naar een groeiende voorraad sociale huurwoningen. Daarnaast is ook opgenomen dat er meer aandacht moet komen voor het realiseren van middeldure huurwoningen en sociale koopwoningen in Groningen. De gemeente wil dit onder andere bereiken door het inzetten van ruimtelijke instrumenten, maar ook door het maken van afspraken met marktpartijen en corporaties.
De aanleiding voor en de uitgangspunten en keuzes in de Doelgroepenverordening worden gevormd door verschillende visies, zoals de omgevingsvisie The Next City, de Woonvisie Groningen - een thuis voor iedereen, verschillende woningmarktonderzoeken, het onderzoek “Vraag en aanbod in de ongedeelde gemeente” opgesteld door adviesbureau KAW en de Strategische Woningbouwprogrammering. De Doelgroepenverordening geeft aan voor welke doelgroepen de te bouwen sociale huurwoningen en middeldure huurwoningen zijn bedoeld. De doelgroepen worden bepaald aan de hand van inkomensgrenzen. Hiervoor wordt aangesloten bij de Wet op de huurtoeslag en het huurprijsbeleid (2023) van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Op 20 december 2023 is de verordening met wijzigingen opnieuw vastgesteld alszijnde 'Wijziging Verordening doelgroepen woningbouw Groningen 2020'. 3.4.5 Ruimte voor retail De detailhandels- en horecavisie "Ruimte voor Retail" uit 2021 schetst het toekomstbeeld voor de detailhandel en horeca in de gemeente Groningen. Door veranderingen in de retail sector, de gemeentelijke herindeling en de groeiende bevolking was een geactualiseerde visie noodzakelijk. De visie kent zes hoofduitgangspunten: Faciliteren van dynamiek: De gemeente streeft naar een compleet, modern en aantrekkelijk aanbod voor zowel inwoners als regionale, nationale en internationale bezoekers.
The Next City: De groei van Groningen als belangrijkste centrumstad van het noorden vraagt om balans tussen functiemix, gezonde marktwerking en passende maatregelen. Bruisende en gastvrije binnenstad: De Groningse binnenstad is het visitekaartje van de stad, waarbij winkels en horeca geconcentreerd worden in een compact gebied, omringd door sfeergebieden met verschillende functieprofielen. Leefbare wijken en dorpen: Buurt-, wijk- en dorpswinkelcentra worden ontwikkeld tot integrale centrumgebieden met een bredere functiemix die aansluit op lokale behoeften, met voorzieningen zoveel mogelijk op loop- en fietsafstand. Doelgericht kopen: Het Sontplein e.o., Hoendiep en Peizerweg zijn de aangewezen clusters voor doelgerichte aankopen, waarbij gemak en efficiëntie centraal staan. Perifere sanering: De gemeente zet in op het terugdringen van ongewenste en structuurverstorende verspreide bewinkeling ten gunste van de aangewezen centrumgebieden. 20 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord De visie benadrukt het belang van lokaal ondernemerschap, diversiteit in aanbod en het versterken van een fijnmazig netwerk voor dagelijkse boodschappen.
Er wordt gestreefd naar een evenwichtige balans tussen levendigheid, leefbaarheid en meerwaarde voor de stad, met aandacht voor de bezorgeconomie, nachtcultuur en de integratie van detailhandel en horeca in nieuwe ontwikkelgebieden zoals De Suikerzijde, Meerstad en Stadshavens. 3.4.6 Mobiliteitsvisie De mobiliteitsvisie 'Goed op weg' bevat de visie van gemeente Groningen op mobiliteit en op het gebruik van de schaarse openbare ruimte. Groningen staat bekend als een gemeente die het aandurft een vooruitstrevend verkeersbeleid te voeren. Dat is nodig ook, want in de compacte stad is de ruimte schaars. Groningen is een van de sterkste groeiers in inwonertal in Nederland. Dat heeft allerlei gevolgen voor de stad en de dorpen, zoals toenemende verkeersdrukte, bereikbaarheid en effecten op de leefkwaliteit. Op weg naar 2040 maakt gemeente Groningen nieuwe keuzes. Keuzes die de toekomstige bereikbaarheid van Groningen versterken en tegelijkertijd de leefkwaliteit verbeteren. Dit doet zij door te kijken naar de volgende aspecten: Leefkwaliteit : De kwaliteiten van Groningen zijn alom bekend. Groningen is compact, heeft een hoge leefkwaliteit, kent de gezondste leefomgeving van Nederland en telt het hoogste aandeel fietsers ter wereld. Leefkwaliteit is de mate waarin bewoners en gebruikers de woon- en leefomgeving waarderen.
Concreet gaat het om veilige en voldoende bewegingsruimte om te lopen, maar ook voor ontmoeting en spelen. Het gaat over hoeveel groen er aanwezig is. Over welke kansen er zijn om water, architectuur of cultuurhistorie te beleven. En ook om zo min mogelijk luchtvervuiling of geluidsoverlast. Bereikbaarheid : Bereikbaarheid blijft in de ogen van de gemeente cruciaal voor het functioneren van de samenleving. Bereikbaarheid is de mate waarin mensen en goederen binnen een billijke reistijd en met enige gemak op bestemmingen kunnen komen. En dat met een vervoerswijze die past bij de locatie en de aard van de activiteit op de bestemming. Dat betekent lopen, fiets of OV als het kan en auto als het moet. Bereikbaarheid is een vestigingsvoorwaarde voor bedrijven. Mobiliteit en openbare ruimte voor iedereen : Iedereen moet gemakkelijk kunnen reizen. Reizigers die, om wat voor reden dan ook, niet of minder makkelijk zelfstandig autorijden, fietsen of per OV reizen, biedt zij afdoende alternatieven. Nieuwe koers : De vooruitstrevende verkeersbeleid heeft de gemeente veel gebracht. Daar voegen ze een logische stap aan toe: de gemeente geeft leefkwaliteit in de openbare ruimte voorrang op verkeersruimte. De gemeente staat voor de opgave om zowel de bereikbaarheid te behouden als de leefkwaliteit te versterken.
Daarom stelt zij in deze mobiliteitsvisie twee doelen: 1) Creëren van leefbare en aantrekkelijke straten door ruimte voor (auto)verkeer te verminderen; en 2) Verplaatsingsgedrag veranderen naar ruimte efficiënt, schoon en gezond vervoer. Ruimte voor (auto)verkeer verminderen : De leefkwaliteit in de gemeente is hoog. Maar door de toenemende mobiliteit komt deze onder druk te staan. Dat vindt de gemeente onacceptabel. Ze wilop meer plekken de dominantie van het (auto)verkeer in onze straten terugdringen.De gemeente gaat in Groningen de ruimte voor verkeer inperken. Dat doet ze vooral door de vervoersvorm die verreweg de meeste ruimte inneemt, de auto, op meer plekken terug te dringen. Daarom wordt de snelheid waarmee auto’s zich door de stad bewegen verlaagd, vooral op plekken waar de leefkwaliteit onder druk staat. Dit verlaagt geluidshinder, biedt kansen fijnstof te beperken en zorgt voor een rustiger verkeersbeeld en verbetert de verkeersveiligheid. Ook het parkeren op straat willen we verminderen. Ruimte efficiënte, schone en gezonde mobiliteit : We verplaatsen ons veel en ook nog eens vaak tegelijk. Mobiliteit is belangrijk want het maakt onze samenleving. De gemeente wil dan ook dat zij een goed bereikbare gemeente zijn en blijven. Daarbij kiest ze expliciet voor mobiliteit die weinig ruimte inneemt, schoon en gezond is.
Die verandering in mobiliteit wil ze bereiken via een drietrapsraket: verminderen; en/of veranderen; en/of vergroenen. De gemeente wil omschakelen naar efficiënte, schone en gezonde mobiliteit. Groningen wil een inclusieve gemeente zijn waarin niemand belemmeringen kent bij het deelnemen aan het economische, sociale en maatschappelijke leven, en iedereen dus mobiel is. Maar de ongeremde groei van met name automobiliteit zorgt ook voor negatieve effecten, zoals files en opstoppingen, minder ruimte op straat, verkeerslawaai en 21 Wijziging omgevingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord luchtverontreiniging. Daarom wil de gemeente dat het verplaatsingsgedrag verandert. 3.4.7 Conclusie Toetsing aan de omgevingsvisie Bij toetsing aan de omgevingsvisie Levende Ruimte blijkt dat Groningen een stevige ontwikkelopgave heeft vanwege de oververhitte woningmarkt. De gemeente heeft met het Rijk afgesproken 20.000 nieuwe woningen te bouwen tot 2030, vasthoudend aan het principe van de compacte stad. De Suikerzijde wordt in de omgevingsvisie expliciet genoemd als prioritaire ontwikkelzone die versneld wordt ontwikkeld vanaf 2020. De visie beschrijft De Suikerzijde als een stedelijk, stoer maar ook groen en royaal stadsdeel met ruimte voor zo'n 5.000 woningen en diverse voorzieningen, waaronder een mbo-campus.
De omgevingsvisie benadrukt dat aan de westflank meerdere grote gebiedsontwikkelingen plaatsvinden met in totaal ruim 8.000 woningen. De Suikerzijde wordt specifiek benoemd als een compleet en veelzijdig stadsdeel voor iedereen. De wijziging van het omgevingsplan voor deelgebied Noord van De Suikerzijde verhoogt de programmering van 750 naar 2.500 woningen en van 12.500 m² naar 55.000 m² voorzieningen. Dit is nodig om de beoogde verdere vulling van programma binnen deelgebied Noord planologisch mogelijk te maken. De omgevingsvisie stelt dat de gemeente "Adaptief ontwikkelt met kleine deelplannen om tijdig te kunnen bijstellen". Deze aanpassing volgt de adaptieve ontwikkelstrategie uit de omgevingsvisie Levende Ruimte. De wijziging toont deze benadering door de oorspronkelijke programmering aan te passen op basis van actuele inzichten over de woningbehoefte. Toetsing aan de woonvisie De wijziging van het omgevingsplan voor deelgebied Noord van De Suikerzijde sluit nauw aan bij de woonvisie "Een thuis voor iedereen" uit 2020. De visie benadrukt de urgentie om tot 2030 circa 20.000 nieuwe woningen te bouwen, met specifieke aandacht voor de ontwikkelzones zoals De Suikerzijde. De woonvisie signaleert een grote vraag naar woningen voor jonge één- en tweepersoonshuishoudens en ouderen die voorkeur hebben voor een stedelijk woonmilieu.
In deelgebied Noord wordt hierop ingespeeld door de programmering te verhogen van 750 naar 2.500 woningen, met een nadrukkelijke focus op hoogstedelijkheid. Enkele kernprincipes uit de woonvisie die in dit plan worden gerealiseerd: bouwen met kwaliteit; gedifferentieerd woningaanbod voor verschillende doelgroepen; aandacht voor sociale cohesie en leefbaarheid. De toename van woningen en voorzieningen kan ruimte bieden voor bijvoorbeeld wooncoöperaties, ouderenhuisvesting en nieuwe woonvormen. Daarmee geeft De Suikerzijde invulling aan de ambitie om een inclusieve, ongedeelde stad te creëren waar iedereen een passende woning kan vinden. Daarnaast geeft dit plan concrete invulling aan de Strategische woningbouwprogrammering 2023-2032. De bouwvelden worden ontwikkeld in aansluiting op de woonbehoefte. Toetsing aan de Huisvestingsverordening 2025 Op het uitwerken van het voornemen is de Huisvestingsverordening 2025 van toepassing. Bij nadere ontwikkeling wordt duidelijk hoe de woonruimtes worden vormgegeven, wie deze beheert en/of uitgeeft en welke exacte typologiën worden gebouwd. Dit is voor onderliggende wijziging van het omgevingsplan echter niet aan de orde.