CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Bestemmingsplan De Suikerzijde, deelgebied Noord.pdf

Politieke woensdag (Dag agenda) 26 mei 2021, gemeente GroningenBij agendapunt: 2: Structuurvisie De Suikerzijde bestemmingsplan De Suikerzijde deelgebied Noord en het MER De Suikerzijde (raadsvoorstel 21-4-2021)28.511 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

de lengte: 26 meter;

b.

de breedte: 5.10 meter;

c. de hoogte: 3.50 meter boven de waterspiegel, met dien verstande dat voor maximaal 25% van het totaal aanwezige horizontale oppervlak van het schip, kajuiten en andere ondergeschikte opbouwen tot een hoogte van maximaal 5 meter boven de waterspiegel zijn toegestaan; d. voor zover de bestaande lengte, breedte of hoogte de afmetingen genoemd onder 1 tot en met 3 overschrijden: de legaal bestaande lengte, breedte of hoogte; 2. de onderlinge afstand tussen twee woonschepen of andere drijvende bouwwerken dient minimaal 5 meter te bedragen, gemeten vanuit de uitwendige scheidingsconstructie; b. voorzieningen voor een woonschip met een maximale bouwhoogte en totale oppervlakte van respectievelijk 3 meter en 18 m²; c. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, voor de functies als bedoeld onder 8.3.1 met een maximale bouwhoogte van 3 meter.

vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan De Suikerzijde, deelgebied Noord

93

8.3.4 Specifieke gebruiksregels Tot een gebruik in strijd met een bestemmingsplan, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en artikel 7.2 van de Wet ruimtelijke ordening, wordt in ieder geval het gebruik van gronden ten behoeve van ligplaatsen voor woon- en bedrijfsschepen gerekend. 8.3.5 Afwijken a. Met een omgevingsvergunning kan het college van burgemeester en wethouders tijdelijk afwijken van het bepaalde in artikel 8.3 en toestaan dat het gebruik zoals mogelijk is op grond van de voorlopige bestemming, zoals is bepaald in artikel 8.1, wordt toegestaan tot maximaal zeven jaar na vaststelling van dit plan. b. Een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 8.4 sub a kan slechts worden verleend, indien de omgevingsvergunning ten behoeve van de aanleg van de brug over het Hoendiep richting de Energieweg nog niet is aangevraagd. 8.4

Wijzigingsbevoegdheid

Het college van Burgemeester en Wethouders is bevoegd om de bestemming Water Voorlopig te wijzigen voordat de in lid 8.2 genoemde termijn verlopen is, waarbij de in artikel 8.3 genoemde definitieve bestemming in werking treedt.

vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan De Suikerzijde, deelgebied Noord

94

Artikel 9 9.1

Leiding - Gas

Functietoedeling

De bouwwerken en/of gronden in het op de verbeelding als 'Leiding - Gas' aangegeven gebied hebben, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, primair de functie voor de aanleg, de instandhouding en bescherming van aardgastransportleidingen. 9.2

Gebruiksactiviteiten

9.2.1 Gebruik dat is toegestaan zonder melding of vergunning Het aanvangen of veranderen van een functie is zonder melding of vergunning mogelijk, als het één van de onderstaande activiteiten betreft: a. activiteiten die reeds in uitvoering zijn bij het van kracht worden van het plan; b. activiteiten die het normale onderhoud betreffen ten aanzien van de leiding en belemmeringenstrook of ten aanzien van de functies van de andere voorkomende bestemming(en); c. graafwerkzaamheden als bedoeld in de Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten (WION). 9.2.2 Gebruik dat is toegestaan met een omgevingsvergunning Burgemeester en wethouders kunnen het aanvangen of veranderen van een functie dat op grond van artikel 9.2.1 niet direct is toegestaan, met een omgevingsvergunning toestaan: a. voor zover het één van onderstaande activiteiten betreft: 1. het aanbrengen en/of rooien van diepwortelende beplantingen en bomen; 2. het aanleggen van wegen of paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; 3. het indrijven van voorwerpen in de bodem; 4. het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; 5. het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren; 6. het permanent opslaan van goederen; en b.

voorafgaand aan het verlenen van omgevingsvergunning schriftelijk advies is ingewonnen bij de betreffende leidingbeheerder; en c. geen afbreuk wordt gedaan aan het veilig en doelmatig functioneren van de aardgastransportleiding. 9.3

Bouwactiviteiten

9.3.1 Bouwactiviteiten die zijn toegestaan met een omgevingsvergunning In afwijking van de bepalingen bij de andere voorkomende bestemming(en), zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouw zijnde toegestaan ten behoeve van de aardgastransportleidingen, met een maximale bouwhoogte van 3 meter.

vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan De Suikerzijde, deelgebied Noord

95

9.3.2 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 9.3.1 voor de bouw van in de andere bestemming(en) genoemde bouwwerken, geen gebouw zijnde, indien: a. vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen bij de leiding beheerder; b. de veiligheid van de buisleiding niet wordt geschaad; c. geen kwetsbare objecten worden toegelaten.

vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan De Suikerzijde, deelgebied Noord

96

Artikel 10 10.1

Waarde - Archeologie 1

Functietoedeling

De voor 'Waarde - Archeologie 1' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden. 10.2

Gebruiksactiviteiten

10.2.1

Gebruik dat is toegestaan zonder melding of vergunning

Het aanvangen of veranderen van een functie en het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, is zonder melding of vergunning mogelijk, als het één van de onderstaande activiteiten betreft: a. activiteiten die het normale onderhoud betreffen; b. activiteiten die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; c. activiteiten die worden uitgevoerd in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen, mits verricht door een daartoe bevoegde instantie; d. activiteiten die niet dieper gaan dan 0,3 meter beneden het oorspronkelijk maaiveld en een kleinere oppervlakte dan 50 m2 beslaan. 10.2.2

Gebruik dat is toegestaan met een omgevingsvergunning

Burgemeester en wethouders kunnen het aanvangen of veranderen van een functie en het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, dat op grond van artikel 10.2.1 niet direct is toegestaan, met een omgevingsvergunning toestaan: a. voor zover het één van de volgende activiteiten betreft: 1. het ontgronden, afgraven, (waaronder het graven van watergangen en waterpartijen), egaliseren en ophogen van de gronden en/of het anderszins ingrijpend wijzigen van de bodemstructuur; 2. het verwijderen en/of aanbrengen van bomen en diepwortelende beplanting; 3. het aanleggen van ondergrondse of bovengrondse energie-, transport- en/of communicatieleidingen; en b. voor zover het gebruik betreft dat op grond van de andere voorkomende bestemming(en) is toegestaan; en c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de archeologische waarden van de gronden; en d. nadat de aanvrager een rapport heeft overgelegd waarin naar het oordeel van het bevoegd gezag: 1. de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld; en 2. in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd; e. in afwijking van het bepaalde onder d behoeft aanvrager geen rapport te overleggen als naar het oordeel van het bevoegd gezag: 1.

reeds voldoende informatie beschikbaar is over de archeologische waarden die zich in de bodem bevinden; en 2. behoud en/of documentatie van die waarden niet noodzakelijk is; f. indien uit het rapport of de informatie als bedoeld onder d en e blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het uitvoeren van activiteiten kunnen worden verstoord, kunnen één of meerdere van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning:

vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan De Suikerzijde, deelgebied Noord

97

1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen van onderzoek door middel van opgravingen; 3. de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan bij de vergunning te stellen kwalificaties. 10.3

Bouwactiviteiten

10.3.1 Bouwactiviteiten die zijn toegestaan met een omgevingsvergunning De bouw van in de andere bestemming(en) genoemde bouwwerken is uitsluitend toegestaan voor zover het bouwwerken betreft met een oppervlakte tot en met 50 m 2 en een diepte kleiner dan of gelijk aan 0,3 meter beneden het oorspronkelijk maaiveld. 10.3.2

Afwijken van de bouwregels

Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 10.3.1 ten behoeve van de bouw van in de andere bestemming(en) genoemde bouwwerken met een oppervlakte groter dan 50 m² en een grotere diepte dan 0,3 meter beneden het oorspronkelijk maaiveld, mits: a. een rapport van een archeologisch deskundige is overgelegd waarin naar het oordeel van het bevoegd gezag: 1. de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld; en 2. in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd. b. in afwijking van het bepaalde onder a behoeft aanvrager geen rapport te overleggen als naar het oordeel van het bevoegd gezag: 1. reeds voldoende informatie beschikbaar is over de archeologische waarden die zich in de bodem bevinden; en 2. behoud en/of documentatie van die waarden niet noodzakelijk is; c. indien uit het rapport of de informatie als bedoeld onder a of b blijkt dat door het verlenen van de omgevingsvergunning voor het bouwen archeologische waarden kunnen worden verstoord, kunnen aan de omgevingsvergunning voor het bouwen één of meerdere van de volgende voorwaarden worden verbonden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem worden behouden; 2.

de verplichting tot het doen van onderzoek door middel van opgravingen; 3. de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan bij de vergunning te stellen kwalificaties.

vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan De Suikerzijde, deelgebied Noord

98

Artikel 11 11.1

Waarde - Archeologie 2

Functietoedeling

De voor 'Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden. 11.2

Gebruiksactiviteiten

11.2.1

Gebruik dat is toegestaan zonder melding of vergunning

Het aanvangen of veranderen van een functie en het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, is zonder melding of vergunning mogelijk, als het één van de onderstaande activiteiten betreft: a. activiteiten die het normale onderhoud betreffen; b. activiteiten die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; c. activiteiten die worden uitgevoerd in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen, mits verricht door een daartoe bevoegde instantie; d. activiteiten die niet dieper gaan dan 0,45 meter beneden het oorspronkelijk maaiveld en een kleinere oppervlakte dan 200 m 2 beslaan. 11.2.2

Gebruik dat is toegestaan met een omgevingsvergunning

Burgemeester en wethouders kunnen het aanvangen of veranderen van een functie en het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, dat op grond van artikel 11.2.1 niet direct is toegestaan, met een omgevingsvergunning toestaan: a. voor zover het één van de volgende activiteiten betreft: 1. het ontgronden, afgraven, (waaronder het graven van watergangen en waterpartijen), egaliseren en ophogen van de gronden en/of het anderszins ingrijpend wijzigen van de bodemstructuur; 2. het verwijderen en/of aanbrengen van bomen en diepwortelende beplanting; 3. het aanleggen van ondergrondse of bovengrondse energie-, transport- en/of communicatieleidingen; en b. voor zover het gebruik betreft dat op grond van de andere voorkomende bestemming(en) is toegestaan; en c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de archeologische waarden van de gronden; en d. nadat de aanvrager een rapport heeft overgelegd waarin naar het oordeel van het bevoegd gezag: 1. de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld; en 2. in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd; e. in afwijking van het bepaalde onder d behoeft aanvrager geen rapport te overleggen als naar het oordeel van het bevoegd gezag: 1.

reeds voldoende informatie beschikbaar is over de archeologische waarden die zich in de bodem bevinden; en 2. behoud en/of documentatie van die waarden niet noodzakelijk is; f. indien uit het rapport of de informatie als bedoeld onder d en e blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het uitvoeren van activiteiten kunnen worden verstoord, kunnen één of meerdere van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning:

vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan De Suikerzijde, deelgebied Noord

99

1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het doen van onderzoek door middel van opgravingen; 3. de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan bij de vergunning te stellen kwalificaties. 11.3

Bouwactiviteiten

11.3.1 Bouwactiviteiten die zijn toegestaan met een omgevingsvergunning De bouw van in de andere bestemming(en) genoemde bouwwerken is uitsluitend toegestaan voor zover het bouwwerken betreft met een oppervlakte tot en met 200 m 2 en een diepte kleiner dan of gelijk aan 0,45 meter beneden het oorspronkelijk maaiveld. 11.3.2

Afwijken van de bouwregels

Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 11.3.1 ten behoeve van de bouw van in de andere bestemming(en) genoemde bouwwerken met een oppervlakte groter dan 200 m² en een grotere diepte dan 0,45 meter beneden het oorspronkelijk, mits: a. een rapport van een archeologisch deskundige is overgelegd waarin naar het oordeel van het bevoegd gezag: 1. de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld; en 2. in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd. b. in afwijking van het bepaalde onder a behoeft aanvrager geen rapport te overleggen als naar het oordeel van het bevoegd gezag: 1. reeds voldoende informatie beschikbaar is over de archeologische waarden die zich in de bodem bevinden; en 2. behoud en/of documentatie van die waarden niet noodzakelijk is; c. indien uit het rapport of de informatie als bedoeld onder a of b blijkt dat door het verlenen van de omgevingsvergunning voor het bouwen archeologische waarden kunnen worden verstoord, kunnen aan de omgevingsvergunning voor het bouwen één of meerdere van de volgende voorwaarden worden verbonden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem worden behouden; 2.

de verplichting tot het doen van onderzoek door middel van opgravingen; 3. de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan bij de vergunning te stellen kwalificaties.

vastgesteld gemeente Groningen - bestemmingsplan De Suikerzijde, deelgebied Noord

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/4226/documents/62139