CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Locatievergelijking Muziekcentrum Groningen.pdf

gemeenteraad 24 september 2025, gemeente GroningenBij agendapunt: a: Renovatiebesluit Oosterpoort en locatiebesluit De Grote Popzaal (raadsvoorstel 12-6-25)21.021 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Woningen en faciliteiten De woningen in de drie buurten hebben een gemiddelde WOZ-waarde van 243.000 euro in 2022. Dit is lager dan de gemiddelde WOZ-waarde in de gemeente Groningen van circa 251.000 euro. Dit is te verklaren door een relatief hoog aandeel huurwoningen en een kleiner dan gemiddeld woonoppervlak. Van alle woningen in de drie buurten is 33% een koopwoning en 67% een huurwoning. Dit zijn relatief weinig koopwoningen in vergelijking met gemeente Groningen waar gemiddeld 40% koopwoning is. De afstand tot voorzieningen is goed. De gemiddelde afstand tot belangrijke voorzieningen als onderwijs, de huisarts en de supermarkt is minder dan een kilometer. De wijken zelf zijn voornamelijk woonwijken met wijkvoorzieningen. Aan de rand ligt het centrum en culturele voorzieningen als MartiniPlaza en De Oosterpoort op loop/fietsafstand1.

Bedrijvigheid In de drie buurten zijn 415 panden met bedrijvigheid (inclusief woningen waar een bedrijf geregistreerd is) met ongeveer 1.200 bedrijven die bij elkaar ongeveer 2.250 arbeidsplaatsen hebben2. Circa de helft hiervan zit in de zorg en commerciële dienstverlening.

1Bron: CBS Statline 2022

2Bron: Vastgoeddata.nl

52

Suikerzijde – kenmerken omgeving De (huidige) bewoners Direct rondom het Voorterrein wordt nog nauwelijks gewoond. Hierdoor zeggen de huidige cijfers weinig. Om het Voorterrein is voornamelijk perifere detailhandel en bedrijvigheid. Hier gaat echter verandering in komen door de ontwikkeling van De Suikerzijde toon grote woonwijk. Door deze ontwikkeling zal het Voorterrein niet meer aan de rand van de stad liggen, maar ligt het midden tussen woon-werk en winkelgebied in. Het Voorterrein wordt een verbinding tussen de toekomstige wijk op De Suikerzijde, Hoogkerk en Vinkhuizen richting het Stadspark. Vanwege de (toekomstige) connectie tussen De Suikerzijde en Hoogkerk/Vinkhuizen is het relevant om te kijken naar de bewoners van deze wijken. Bewoners Hoogkerk: gezinswijk voor de werkende middengroep Hoogkerk had in 2022 een inwoneraantal van 12.220. Er wonen relatief veel gezinnen en daarmee meer kinderen én ook iets meer 65-plussers dan gemiddeld in Groningen-stad. Het gemiddeld inkomen per inkomensontvanger in 2022 was 34.600 euro, wat iets hoger is dat het Groningse gemiddelde van 33.100 euro per inkomensontvanger. Daarnaast had 2% van de inwoners een bijstandsuitkering, 4% had een arbeidsongeschiktheidsuitkering en 1% had een werkloosheidsuitkering. In gemeente Groningen heeft 4% een bijstandsuitkering, dus in Hoogkerk ligt dit relatief laag.

De andere percentages zijn hetzelfde als in gemeente Groningen. Kijkend naar het opleidingsniveau had 32% van de inwoners in 2022 een hoog opleidingsniveau ten opzichte van 44% in gemeente Groningen, 43% had een middelbaar opleidingsniveau ten opzichte van 39% in de gemeente Groningen en 24% had een laag opleidingsniveau ten opzichte van 16% in de Gemeente Groningen. De WOZ-waarde in Hoogkerk lag relatief hoog met 271.000 euro. In gemeente Groningen was de gemiddelde WOZ-waarde 251.000 euro.

De bewoners van Hoogkerk bestaan gezinnen van de werkende middengroep, met een gemiddeld inkomen en relatief weinig mensen in de bijstand. In vergelijking met de gemeente Groningen zijn ze gemiddeld wat lager opgeleid. Vinkhuizen: wijk met meer sociale achterstanden Vinkhuizen had in 2022 een inwonersaantal van 10.725. Hiervan is 19% 65 jaar of ouder. De inwoners van Vinkhuizen hadden in 2022 een gemiddeld inkomen van 21.000 euro. Het gemiddeld inkomen per inkomensontvanger was 25.000 euro. Daarnaast had 8% van de inwoners een bijstandsuitkering, 5% had een arbeidsongeschiktheidsuitkering en 1% had een werkloosheidsuitkering. Kijkend naar het opleidingsniveau had 28% van de inwoners in 2022 een hoog opleidingsniveau, 43% had een middelbaar opleidingsniveau en 29% had een laag opleidingsniveau. De WOZ-waarde in Vinkhuizen lag gemiddeld op 197.000 euro.

De bewoners van Vinkhuizen zijn hebben dus een relatief laag inkomen, laag inkomensniveau, hoog percentage inwoners in de bijstand, wonen in goedkopere huizen en zijn relatief oud. Vinkhuizen ervaart dus wat meer sociale achterstand ten opzichte van Hoogkerk en het gemiddelde van de gemeente Groningen1. Vinkhuizen en Hoogkerk buiten directe invloedgebied van Voorterrein De beschrijving van deze gebieden is ingestoken vanuit de gedachte dat een investering in de westkant van de stad specifiek impact op deze bewoners kan hebben. Uit het onderzoek is echter gebleken dat het directe invloedsgebied van het muziekcentrum circa 500 meter betreft. Daarbuiten is het vooral relevant óf er een muziekcentrum is, maar speelt de locatie een beperkte rol. 1Bron: CBS Statline 2022

53

Leefbaarometer

54

Bijlage II: analyse exploitatie, bestedingen en mobiliteit

55

Analyse bezoekersaantallen en exploitatie (binnen muziekcentrum) •

•

•

Binnen de Nederlandse grote poppodia, met een capaciteit tussen de 1.000 – 3.000 bezoekers, heeft De Oosterpoort een aandeel van ongeveer 4% met ongeveer 133.000 bezoeken in 2019, waarvan ongeveer 123.000 bezoekers vanuit Noord-Nederland. Dit komt neer op 0,09 bezoek per huishouden per jaar in Noord-Nederland (EMC cultuuronderzoek, 2023). In 2035 trekt de White zaal in totaal 450.000 bezoekers door een forse uitbreiding van de programmering (conform scenario SPOT). Het marktaandeel van de DNP in grote poppodia groeit naar 10%. 360.000 bezoekers, oftewel 80%, komen uit de Noord-Nederland. 15% uit de rest van Nederland en 5% uit het buitenland. Dit betekent een toename van het aantal concertbezoeken in 2035 naar 0,253 per huishouden per jaar in Noord-Nederland. Dat ligt nog steeds ver onder het gemiddeld aantal concertbezoeken van 0,51 per huishouden per jaar in Nederland.

Aantal bezoekers muziekcentrum 1.000.000

Commercieel

800.000 600.000

Maatschappelijk

400.000 200.000

-

Cultureel (Muziek/Nacht/NNO/Theater/ESN S/Festivals)

Het Spoorkwartier (conform uitwerking PVE) • Het totaal aantal events op de programmalijnen cultureel, maatschappelijk en commercieel komt in 2035 op 779 met in totaal ruim 820 duizend bezoekers. • De totale opbrengsten uit de evenement komen op 28,2 miljoen euro, oftewel 34,4 euro per bezoeker. De totale lasten, exclusief kosten/afschrijving gebouw en bedrijfsmiddelen, komen op 25 miljoen euro, of 30,50 euro per bezoeker. Het operationele resultaat komt op 3,2 miljoen euro in 2035. Het Voorterrein • Het totaal aantal events op de programmalijnen cultureel, maatschappelijk en commercieel komt in 2035 voor Het Voorterrein op 730 met in totaal ruim 750 duizend bezoekers. Na realisatie zal het muziekcentrum zich op deze locatie na 2035 nog verder doorontwikkelen tot ongeveer het niveau van het Spoorkwartier. Het aantal bezoekers blijft waarschijnlijk iets achter vanwege de afstand van het stadscentrum en station Groningen. Het gaat daarbij om 2 á 3 procent minder bezoekers in 2040. • De totale opbrengsten uit de evenement komen op 25,4 miljoen euro, oftewel 33,8 euro per bezoeker. De totale lasten, exclusief kosten/afschrijving gebouw en bedrijfsmiddelen, komen op 23,3 miljoen euro, of 31,00 euro per bezoeker. Het operationele resultaat komt op 2,1 miljoen euro in 2035. Richting 2040 groeit dit door tot op het niveau van de operatie die is te verwachten bij het Spoorkwartier. 56

Analyse bezoekersaantallen en exploitatie (binnen muziekcentrum) Belangrijk is dat in de huidige de sterfhuisconstructie het operationele resultaat -€ 3,6 miljoen euro jaarlijks bedraagt. Waar het nieuwe muziekcentrum (als het eenmaal gebouwd is) jaarlijks geld oplevert, kost de huidige locatie jaarlijks geld. Kijken we los van de bouw- en inrichtingskosten naar het operationele resultaat over een periode van de eerste 10 jaar, dan leidt de exploitatie van het Spoorkwartier tot een positief saldo van ruim € 70 mln. ten opzichte van het in standhouden van de huidige locatie. Voor het Voorterrein ligt het totaal op ongeveer € 62 mln. ten opzichte van de sterfhuisconstructie. Op het Voorterrein heeft het muziekcentrum meer tijd nodig om tot volledig wasdom te komen. Hierdoor blijven de bezoekersaantallen iets achter vergeleken bij het Spoorkwartier met als gevolg een lager operationeel resultaat in de eerste 10 jaren.

Extra bezoekers incl. herkomst Nieuwe Muziekcentrum (Spoorkwartier) tov De Oosterpoort 600.000

500.000

400.000

300.000

4.000.000 200.000

3.000.000 2.000.000

Saldo Operatie Stationsgebied 100.000

1.000.000 Saldo Operatie Suiker

0 -1.000.000

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10 Saldo nulalternatief (sterfhuis)

2030

2031

2032

2033

2034

2035

2036

2037

2038

2039

2040

-2.000.000 Stad Groningen

Noordelijke Provincies

Rest NL

Buitenland

-3.000.000 -4.000.000

57

Analyse bestedingen muziekcentrum en bestedingen in de binnenstad Bestedingen in muziekcentrum Het aantal bezoekers in het nieuwe muziekcentrum, door voornamelijk de komst van de nieuwe White-zaal, neemt ten opzichte van de huidige Oosterpoort fors toe. Op basis van de economische impactanalyse uit de MKBA van 2020 en de nieuwe inzichten uit de bezoekersanalyses (SPOT en EMC cultuuronderzoek, 2023) leiden de extra bestedingen van de bezoekers in het nieuwe muziekcentrum tot werkgelegenheid in het muziekcentrum en ook bij toeleveranciers. In bruto waarden gaat het in 2040 om ruim 200 banen en ruim 3 miljoen euro aan extra bestedingen/omzet t.o.v. de huidige Oosterpoort. Het betreft voor een groot deel een verschuiving van werkgelegenheid en economische activiteit in de stad Groningen: deels omdat Groningers zonder muziekcentrum hun geld elders uitgeven in de stad en deels omdat werknemers zonder muziekcentrum anders ander werk zouden doen. De arbeidsmarkt is krap, dus ook zonder muziekcentrum hebben veel van deze mensen een baan. Netto of additioneel draagt het nieuwe muziekcentrum ongeveer 0,3 miljoen euro bij aan de bedrijfswinsten en ruim 4 additionele banen.

Totaal FTE

Bruto-effect

Additioneel (netto)

€ 3,2

€ 0,3

142

3

Totaal banen 213 Bron: MKBA Oosterpoort (Decisio 2020), bewerking Decisio naar situatie 2024

Economische bijdrage (ten opzichte van huidige Oosterpoort/nulalternatief) in extra bestedingen/omzet en werkgelegenheid in binnenstad door het muziekcentrum, bruto en netto (additioneel) Economische bijdrage in binnenstad door muziekcentrum In 2040 Totaal bestedingen (omzet)

Economische bijdrage (ten opzichte van huidige Oosterpoort) in extra bestedingen en werkgelegenheid binnen het muziekcentrum, bruto en netto (additioneel)

Economische bijdrage binnen muziekcentrum In 2040 Totaal bestedingen (omzet, mln. Euro’s)

Bestedingen in de binnenstad (buiten muziekcentrum) – Spoorkwartier Omdat het Spoorkwartier dichterbij het stadscentrum van Groningen ligt, is de verwachting dat bezoekers relatief vaker vooraf en/of achteraf nog additionele bestedingen in de horeca of winkels in de binnenstad zullen doen vanaf deze locatie vergeleken met de locatie op Het Voorterrein. Op het Voorterrein zullen de bestedingen van bezoekers in de binnenstad een kleine 30 procent lager liggen. Een deel ven deze bestedingen zal (afhankelijk van inrichting van Het Voorterrein) op het Voorterrein worden gedaan.

4

Bruto-effect

Additioneel (netto)

Spoorkwartier

Voorterrein

Spoorkwartier

Voorterrein

€ 5,9

€ 4,2

€ 0,6

€ 0,4

Totaal FTE

45

32

2

2

Totaal banen

66

47

3

2

Daarnaast ligt, vanwege de al goede (OV)-bereikbaarheid en eerdere realisatie van het muziekcentrum in het Spoorkwartier, het totaal aantal jaarlijkse bezoekers hoger in de eerste jaren na realisatie vergeleken met het Voorterrein. In 2040 is overigens wel de verwachting dat beide locaties tot volledige wasdom zijn gekomen. 58

Analyse mobiliteit bezoekers muziekcentrum Modal Split bezoekers In de huidige Oosterpoort is de modal split van bezoekers in 2023 als volgt:

Bron: Enquête onder ruim 5.300 bezoekers oktober-november 2023 door Goudappel (Parkeeroplossing De Nieuwe Poort, januari 2024) Daarbij gaf 14 procent van de autobezoekers aan dat ze zeker van het OV gebruik zouden maken indien dit meer in de nabijheid van het muziekcentrum zou zijn. Op de locatie van het Spoorkwartier verwachten we dan ook dat het OVgebruik hoger zal liggen vergeleken met het Voorterrein. Het aandeel OV en Auto (en Kiss + Ride) zal wel relatief toenemen omdat het aandeel bezoekers van buiten de stad Groningen zal groeien (zeker bij de grotere concerten). Daarnaast zal bij grotere evenementen en concerten sprake zijn van een hogere autobezetting. Dit heeft gevolgen voor de parkeerbehoefte, maar er is nog geen vergelijking gemaakt met de impact voor beide locaties.

0%

10%

20%

30%

40%

Fiets

33%

Auto

32%

33%

Te voet

13%

OV

13%

K+R

13%

37%

Stationsgebied Suikerzijde

18%

4%

5%

Bron: Parkeeroplossing DNP, Goudappel en bewerking Decisio obv EMC cultuuronderzoek, 2023 Doordat het autogebruik op de locatie Spoorkwartier lager zal liggen heeft tot ook een lagere uitstoot van emissies tot gevolg. Richting 2040, als beide locaties volledig tot wasdom zijn gekomen, zal de CO2-uitstoot van het vervoer van bezoekers per jaar ongeveer 85 ton lager zijn op het Spoorkwartier vergeleken met Het Voorterrein. Dit in 2040 neer op ongeveer 15 duizend euro (obv CO2-prijs 2040 van 168 euro, WLO-Hoog). Hierbij is rekening gehouden met de trendmatige daling van uitstoot van emissies door elektrificatie van het wagenpark in 2040. 59

Effect van ligging op bezoekersaantallen Minder bezoek Het Voorterrein In de eindsituatie zal Het Voorterrein iets minder bezoek trekken dan het Spoorkwartier, maar dit is beperkt. Alleen de OV-bereikbaarheid is minder. Voor uitverkochte concerten is de zaalcapaciteit leidend en niet de OVbereikbaarheid. Dus alleen voor de categorie eronder is er een effect én dan alleen voor de OV-reiziger. Dus niet op de toevoeging van het nieuw popprogramma, maar vooral op het programma dat nu ook draait. ▪ Als we uitgaan van een OV-aandeel van 10 – 15% op circa 300 duizend bezoekers (huidige programma, excl. White), gaat het om 40 duizend OVreizigers voor wie de ligging op het Voorterrein ongunstiger is. ▪ Bij een gemiddelde reistijd van 45-60 minuten zijn deze reizigers ongeveer 20 – 40 euro kwijt aan reiskosten (bus/treinkaartje) en reistijd (waardering van reistijd). Daarnaast geven ze gemiddeld 30 – 40 euro uit in De Oosterpoort. In totaal zijn de kosten voor een concertbezoek voor deze bezoekers dus circa 65 euro. ▪ Bij het Voorterrein komt daar een half uur lopen of een bus/fietsritje van 10 minuten (plus kosten daarvoor). Dit is circa 10 euro aan kosten. Oftewel een stijging van 15 procent van de ervaren kosten (moeite + financiële kosten) om bij het concert te komen.

Dit leidt naar verwachting tot een daling van maximaal 15% bezoek, van de categorie bezoekers waar dit op van toepassing is. Oftewel de 40 duizend OV-reizigers. Dat gaat dus om 6.000 bezoekers per jaar, oftewel circa 1 procent van het totaal aantal bezoekers dat het nieuwe Muziekcentrum op het Voorterrein gaat (t.o.v. van de stationslocatie).

De naastgelegen berekening laat het deel zien dat relatief hard te maken is. Er spelen wel andere overwegingen: ▪ Is de laatste trein te halen? Dat kan de drempel voor de OV-reiziger is verder vergroten ▪ Als het Voorterrein geen aantrekkelijk gebied wordt, maakt dat de totaalbeleving minder aantrekkelijk. En zijn mensen om die reden minder bereid om tijd en geld uit te geven en zorgt dat voor een lager bezoek. Bij het station is dat risico kleiner, omdat de binnenstad om de hoek ligt. ▪ Het Spoorkwartier biedt wat meer kansen voor publiciteit door de passanten die er lopen. En voor activiteiten die mogelijk spontaan bezoek kunnen aantrekken, zoals nachtprogrammering waarbij uitgaanspubliek in de stad spontaan besluit bij het muziekcentrum te kijken. Maar in de regel zal men daarvoor altijd éérst op de website kijken of er iets is, voor men gaat. En dan is Het Voorterrein iets verder gelegen, maar gegeven de doelgroep (mensen die al in de stad zijn en bereid zijn een ritje te maken, want ook vanaf de binnenstad naar de zuidzijde van het station, moet men bewust een stukje lopen of fietsen), lijkt dit geen groot effect. ▪ Horecabezoek van spontane aanloop zal lager zijn op het Voorterrein, maar horecabezoek in het muziekcentrum is mogelijk hoger door concertbezoekers omdat er minder alternatieven in de omgeving zijn.

Daarmee zal de ligging een impact hebben, maar is dat waarschijnlijk beperkt tot een paar procent. Zolang een vergelijkbare programmering wordt gedraaid. 60

Herkomst bezoekers • Bezoekers en hun herkomsten: – Van een aantal theaters en podia hebben we de herkomst van bezoekers kunnen vinden. Deze zijn in de regel vrij vergelijkbaar met die van Groningen: bij de 013 in Tilburg en TivoliVredenburg in Utrecht komt circa 40% procent van het bezoek uit de eigen stad1. De overige 40% komt uit de omliggende steden/provincie(s) en circa 10-20% uit het buitenland en de rest van Nederland. – Voor specifieke evenementen of artiesten kan de samenstelling anders zijn. Zo weet de 013 in Tilburg relatief veel artiesten te trekken die maar één optreden in Nederland geven of zelfs maar één in de Benelux. Deze optredens trekken relatief veel bezoekers uit midden en noord Nederland en uit het buitenland (tot wel 80% van buiten de provincie). Maar voor het grootste deel van de artiesten – ook omdat Groningen waarschijnlijk vooral veel artiesten zal trekken die een aantal optredens in Nederland doen - lijkt de bovenstaande verdeling een redelijke afspiegeling.

1Bronnen: Jaarverslagen TivoliVredenburg; POPnl en VNPF (2018) De waarde van pop

– De huidige prognose van bezoekers, waarbij circa 80% uit de drie noordelijke provincies komt (is nu 90%), lijkt dan ook reëel. The White met grotere artiesten heeft impact op bezoekersaantallen van verder weg. De programmering van artiesten heeft waarschijnlijk een grotere impact dan de locatie station of Voorterrein (voor de artiesten die uit heel het land bezoekers trekken). – TivoliVredenburg wordt veel aangehaald als voorbeeld van een muziekcentrum op een stationslocatie. De tijdelijke verhuizing naar buiten de stad had vooral effect op de klassieke markt en de kleinere artiesten (bereikbaarheid en akoestiek speelden mee). Voor de grotere namen bleef men komen. Op de huidige locatie is TivoliVredenburg gegroeid, maar vooral op het gebied van pop en dance, wat groeimarkten zijn: door programmering en een grotere zaal was deze groei mogelijk. – Voor de exploitatie van het muziekcentrum – waar pop de grootste impact heeft – is impact van locatie beperkt. Voor bereik van kleine artiesten en klassiek, mogelijk groter. Dit zijn de activiteiten die het sterkst gesubsidieerd worden: deze subsidies worden daarmee minder effectief.

61

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/5192/documents/85857