Bijlage 1 Uitvoeringskrediet Museum aan de A - Programma van Eisen.pdf
Tekst van het document
Naast het basisscenario is voor de twee onderdelen een pluspakket uitgewerkt. Het basisscenario is het uitgangspunt. In een latere fase wordt nog gestudeerd op de haalbaarheid van het pluspakket en vindt een nadere afweging plaats. Door de ontwerpende partijen wordt een variantenstudie uitgevoerd waarbij van de mogelijke uitvoeringen wordt aangegeven: de benodigde aanpassingen aan het gebouw en de installaties, de extra investeringskosten, de effecten op het energieverbruik en de exploitatielasten en de effecten op het binnenklimaat. Energieneutraal is op te vatten als BENG2 < 0 kWh/m².
49
Uitgangspunten (vervolg) Technisch Programma van Eisen Uitgangspunten verbouwing Canterhuis en Gotisch Huis
Uitgangspunten nieuwbouw
In het kader van monumentenbehoud worden er minimale werkzaamheden uitgevoerd. Globaal zijn de werkzaamheden:
Voor de nieuwbouw is het uitgangspunt voldoen aan de eisen vanuit het bouwbesluit, gasloos en bijna energieneutraal (BENG).
• minimaal aanpassen installaties aan nieuwe inrichting
Pluspakket
• vernieuwen elektra (voldoen aan NEN1010)
Onderzocht dient te worden in hoeverre het haalbaar is om de nieuwbouw energieneutraal te maken.
• toevoegen FlexStep-trappen, hellingbanen en nieuwe liften • minimale afwerking aanpak vloeren, wanden en plafonds • verbeteren isolatie dak, dichten kieren en toepassing achterzet/voorzetglas
• verbeteren akoestiek van o.a. de vloeren
Voor de pluspakketten geldt dat mogelijkheden voor een gezamenlijke warmtekoude opwekking (WKO) in de omgeving en het gebruik maken van aquathermie (vanuit het Pomphuis) thema’s zijn, waar al naar is gekeken, maar die nog verder op haalbaarheid onderzocht moeten worden.
• constructieve aanpassingen daar waar nodig (afhankelijk benodigd draagvermogen vloeren) • uitvoeren van herstelwerkzaamheden inclusief de buitenmuren waaronder herstel aardbevingsschade (kosten via Instituut Mijnbouwschade Groningen)
Pluspakket Voor de monumentale gebouwen dient onderzocht te worden in hoeverre een gasloze uitvoering en bijna energieneutraal gebouw (BENG) mogelijk is.
50
Duurzaam, circulair en klimaatbestendig Technisch Programma van Eisen Energie
Klimaatbestendig (adaptie, mitigatie)
Op het gebied van energie is het uitgangspunt dat het gebouwencomplex met uitzondering van de rijksmonumenten voldoet aan de wettelijke eisen (onder andere het bouwbesluit). De ambitie voor nieuwbouw is gasloos. Als uitgangspunt geldt dat het gebouwencomplex bijna energieneutraal (BENG) is.
De vernieuwing van het museum dient bij te dragen aan een klimaatadaptieve stad. Het klimaat is aan het veranderen. Stedelijke omgevingen worden warmer en de intensiteit van regenbuien, sneeuw, stormen wordt heftiger. Veel groen (ook op daken) en een goede afwatering en waterbufferingssystemen kunnen de effecten van dit soort uitwassen beperken. Ten aanzien van bestrating, situering, vormgeving van gebouwen dient rekening gehouden te worden met het veranderende klimaat. Denk aan thema’s als hittestressreductie, waterberging, minder verstening en vergroening.
Circulair Op het gebied van duurzaamheid dient te worden gekeken naar alternatieve oplossingen, zoals materiaalkeuze en circulariteit. Bij de sloop van bestaande gebouwelementen dient gekeken te worden welke onderdelen her te gebruiken zijn. Daarnaast heeft het de voorkeur materialen vanuit de sloop die niet her te gebruiken zijn, als toeslagstof te gebruiken in nieuw beton of in nieuwe bouwmaterialen (bijv. isolatie, vloerbedekking).
Regenwater wordt afgekoppeld en wordt apart opgevangen richting een apart rioolsysteem. Op de daken dient water vastgehouden te worden in het kader van klimaatadaptatie. Ook ecologie kan hierin worden meegenomen. Denk aan het meenemen van bijvoorbeeld nestkasten voor diverse soorten vogels en vleermuizen.
51
Exploitatiebewust ontwerpen Technisch Programma van Eisen Het gebouwencomplex moet goed te exploiteren zijn. Dit kan worden bereikt door een logische indeling en toepassing van onderhoudsarme materialen die eenvoudig te reinigen (bijvoorbeeld waterbestendige materialen) zijn. In het ontwerp moet aandacht worden besteed aan het minimaliseren van de kosten voor: • slimme compartimentering om verhuur mogelijk te maken en niet alle ruimten verlicht en verwarmd hoeven te worden; • multifunctioneel en dubbel gebruik van ruimten (efficiënt ruimtegebruik); • logistiek en bedrijfsvoering; • onderhoud aan gebouw en installaties;
• energie; • schoonmaak. In het algemeen geldt dat alle te verwerken materialen en aan te brengen installaties en gebouwdelen kritisch moeten worden beoordeeld op hun invloed op de exploitatiekosten (energie, onderhoud en kwetsbaarheid). Niet onderhoudsarme materialen dienen eenvoudig vervangbaar te zijn. Ten behoeve van de onderhoudsplanning van het gebouwencomplex en gebouwdelen worden lijsten met materialen (gespecificeerd naar fabricagemerken, hoeveelheden, afmetingen, garantieverklaringen) voor de oplevering overhandigd door de aannemer aan het museum. Op basis hiervan kan een onderhoudsplanning (MJOP) worden gemaakt, zodat het onderhoud preventief en gestructureerd kan plaatsvinden. 52