Bijlage 1 Uitvoeringskrediet Museum aan de A - Programma van Eisen.pdf
Tekst van het document
Vernieuwing Museum aan de A Programma van Eisen
200295, rapport versie 4.0 februari 2024
Groningen krijgt een kans, een gouden kans om te bouwen aan een splinternieuw museum over de rijke Groninger geschiedenis: Museum aan de A. Een zelfbewust museum dat met lef de verhalen van Groningen vertelt en de geschiedenis verbindt met de opgaven van vandaag. Een museum dat agendeert, verrast en inspireert. Hier staan de deuren open voor een brede doelgroep van binnen en buiten Groningen.
Draaijer
2
Inleiding Programma van Eisen Museum aan de A Voor u ligt het Programma van Eisen (PvE) voor de vernieuwing van Museum aan de A. Dit document is tot stand gekomen in nauwe samenwerking met vertegenwoordigers van het museum, de gemeente Groningen, vector-i architecten, abtWassenaar, Bureau1232, Holstein restauratie, de provincie Groningen en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). In de volgende hoofdstukken beschrijven we achtereenvolgens: • Introductie van het project. • De visie, ambities en concrete projectdoelen. • De kaders en uitgangspunten. • De organisatie en belangrijkste gebruikers/doelgroepen. • De functionele eisen inclusief de belangrijkste activiteiten, interne logistiek en relaties. • De ruimtelijke eisen inclusief ruimtebehoefte. • De eisen ten aanzien van beeldverwachting voor de sfeer/inrichting, architectuur en terreininrichting. • De technische prestaties. Het voornemen is dat de gemeente als opdrachtgever voor de verdere uitwerking van dit PvE, het ontwerp en de bouw zal optreden. Museum aan de A en de gemeente Groningen zullen hierover afspraken met elkaar maken. Eerst is er een besluit van de gemeenteraad nodig over het beschikbaar stellen van middelen voor dit project.
Status en doel van het document Dit Programma van Eisen beschrijft de eisen en wensen voor de vernieuwing van het museum. Het project is integraal bekeken, hierbij zijn ook de bestaande (monumentale) gebouwen meegenomen. Bij de integrale benadering is specifieke aandacht geweest voor het borgen van de gewenste integrale toegankelijkheid van het museum. Het doel van dit document is drieledig, namelijk: 1. Om de eisen en wensen van Museum aan de A en specifieke gebruikers vast te leggen. 2. Om, in samenwerking met een kostendeskundige, de investerings- en exploitatiekosten inzichtelijk te maken en besluitvorming over haalbaarheid en doorgang naar de volgende fase mogelijk te maken. 3. Als selectie- en contractdocument. Het wordt als zodanig gebruikt voor het ontwerpteam en de uitvoerende partijen en voor het toetsen van het ontwerp en de bouw.
3
Programma van Eisen 1. Introductie 2. Visie & ambities
3. Kaders & uitgangspunten 4. Organisatie 5. Functioneel Programma van Eisen 6. Ruimtelijk Programma van Eisen 7. Beeldverwachting 8. Technische prestaties
Bijlagen 1. Strategische visie 2022 – 2024 2. Plattegronden huidige situatie 3. Bouwhistorische onderzoeken 4. Masterplan 2020 5. Ruimtebehoefte 6. Ontwerp inpassingsstudie 7. Technisch PvE (incl. functionaliteiten GBS) – wordt aangepast n.a.v. nog te nemen besluiten 8. Onderhoudsrapporten 4
Introductie Vernieuwing Museum aan de A
5
Aanleiding Introductie Museum aan de A in Groningen is de opvolger van het in 1930 opgerichte Noordelijk Scheepvaartmuseum. Vanaf 2022 heeft het museum de koers verlegd en is het verder gegaan onder de nieuwe naam. Het museum is in transitie van museum over de Noord-Nederlandse scheepvaart naar een museum over de geschiedenis van de stad en provincie Groningen. Het museum is daarvoor een structurele samenwerking aangegaan met het Groninger Museum, de Groninger Archieven en Noorderpoort. De verhalen die Museum aan de A wil vertellen, gaan over het leven van de (buiten)gewone Groningers. Over successen én schaduwkanten. Van Rabenhaupts overwinning in 1672 tot de Groningse betrokkenheid bij de slavernij. Het museum blijft ook verhalen over de Groninger scheepvaart vertellen. Want Groningen zonder scheepvaart zou Groningen niet zijn. Het museum wil naast een vaste presentatie ook meer ruimte bieden aan wisselende tentoonstellingen en activiteiten die te maken hebben met de geschiedenis en het leven in Groningen en van Groningers. Hierdoor zal het museum meer bezoekers en vaker dezelfde trekken. Een recent voorbeeld hiervan is de tentoonstelling ‘Vraauwlu’. Voor de liefhebber van een vlotte historische snack én de culturele en historische fijnproever: Museum aan de A wordt voor iedereen. Voor deze transitie heeft het museum een paar jaar nodig. Werk in uitvoering dus.
Deze transitie geldt ook voor de huisvesting. De monumentale panden van het Museum aan de A staan al meer dan 700 jaar in het A-kwartier, tussen de Akerk en Abrug in de Brugstraat. De unieke ligging en rijksmonumentale 14e-eeuwse kroonjuwelen van het museum hebben echter ook een keerzijde. Het museum ligt verscholen in het centrum en is daarmee slecht vindbaar voor (spontane) bezoekers. Ook de oriëntatie in de gebouwen is lastig en grote delen van het museum zijn niet toegankelijk voor kinderwagens en / of mensen met een beperking. Daarnaast kan de huidige huisvesting niet voorzien in de museale ambities van het museum (o.a. vanwege te beperkte ruimte en het gebrek aan ruimte met uitstekende klimatologische omstandigheden). Met dit Programma van Eisen beoogt Museum aan de A zich door te ontwikkelen tot een zichtbaar en toegankelijk museum met een grotere aantrekkingskracht op bezoekers. Een bezoek aan Museum aan de A in de stad vormt slechts het begin van de verdere ontdekkingstocht door Groningen.
6
Museum onderdeel van de ontwikkeling A-kwartier Introductie Het gebouwencomplex vormt de basis voor de museale ontwikkeling. De publiek toegankelijke gebouwen maken de historie zichtbaar en tastbaar, ze vertellen letterlijk en figuurlijk het verhaal van de stad. Deze parels in de binnenstad willen we nog beter benutten om ons verhaal te vertellen aan iedereen die dit wil horen. Er zijn dan wel investeringen nodig voor de instandhouding en de toegankelijkheid. Daarnaast is de ontwikkeling van het museum onderdeel van de revitalisering van het A-kwartier. Het gebouwencomplex vormt een geheel van rijksmonumenten, een gemeentelijke monument en karakteristieke panden die de geschiedenis van de buurt vertellen. Doel van de revitalisering is een levendige buurt waar je graag wil zijn en waar anderen graag komen. Een groene buurt met een sterke identiteit met samenhang en ruimtelijke kwaliteit. Het museum genereert een belangrijke bijdrage aan de gebiedsontwikkeling. Met de transformatie wordt meteen de kans gepakt om een impuls te geven aan een betere doorwaadbaarheid en een betere verdeling van de verkeersdruk aan de westkant van de stad.
Met het verbeteren van de vindbaarheid van de entree, het verbeteren van de kwaliteit van de Schuitemakersstraat met de vele achterkanten en het verbeteren van de aantrekkelijkheid van de binnenplaats creëren we aantrekkelijke nieuwe routes om langs te fietsen of doorheen te lopen mét ook nog eens zicht op het bijzondere erfgoed. De nieuwe alternatieve routes zorgen ook voor een betere zichtbaarheid van het museum zonder dat hiervoor een kaartje gekocht hoeft te worden. De vergroening van de binnenplaats zorgt voor vermindering van de wateroverlast en gaat hittestress tegen. Hiermee ontstaat een prettige verblijfsplek en tegelijkertijd wordt het museum de impuls gegeven die het nodig heeft om meer bekendheid te krijgen, nieuwe activiteiten te organiseren en te groeien. Een aanwinst voor de gemeente, het museum en de bezoekers. Kortom: het museum wordt in de stad gebracht en de stad in het museum.
7
Visie & ambities Vernieuwing Museum aan de A
8
Strategische Visie 2022 – 2024 Visie & ambities Museum aan de A werkt aan een transitie binnen de organisatie wat betreft programmering, ontwikkeling, bedrijfsvoering en professionalisering. In augustus 2022 is de visie en aanpak vertaald in de Strategische visie 2022 – 2024 (zie bijlage 1). Belangrijke punten hieruit zijn: • Ambitie: Museum aan de A heeft de ambitie om hét museum over de geschiedenis van stad en provincie Groningen te worden, met onder andere een historische ontmoetingsplek, een plek voor educatie (basis- en voortgezet onderwijs) en als leerbedrijf voor studenten van Noorderpoort. Museum aan de A wil nadrukkelijk niet de rol van de musea in de provincie overnemen, maar vooral wil inspireren om deze musea ook te bezoeken voor meer verdieping. • Missie: Zoals vastgelegd in de statuten, verbindt Museum aan de A inwoners en bezoekers van Groningen met de geschiedenis van stad en provincie. Het museum treedt op als een regisseur / programmeur die ervoor zorgt dat het publiek actief bijdraagt aan de programmering en ontwikkeling van activiteiten. Zo bepaalt het publiek mede de inhoud van het museum. Het museum ontwikkelt verder activiteiten en tentoonstellingen samen met (culturele) partners in provincie en stad. • Visie: In de huidige globaliserende wereld is aandacht voor geschiedenis van de eigen omgeving en identiteit voor veel mensen belangrijk.
Daarom geeft het museum een beeld van het ontstaan en de ontwikkeling van Groningen en de Groningers. Het museum geeft zo context aan de actualiteit. • Kernwaarden: De vijf kernwaarden vormen de intrinsieke motivatie bij alles wat het museum doet: 1. Zelfbewust: Groninger eigenwaarde 2. Lef: Onverwacht en onconventioneel 3. Toegankelijk: Een pleisterplaats voor iedereen, inclusief, bereikbaar en laagdrempelig 4. Verbinding: Een ontmoetingsplek met combinatiekracht 5. Relevant: Geschiedenis voor de toekomst
9
Value Case Visie & ambities De strategische doelen vanuit de Strategische visie zijn in de zogenaamde Value Case geconcretiseerd naar projectdoelen. Als Museum aan de A heropent… 1. …ontvangt het minimaal 50.000 bezoekers per jaar met een diverse achtergrond; 2. …is het toegankelijk voor iedereen doordat het de plaats voor ontmoeting en verbinding is in het historisch A-kwartier; 3. … hebben inwoners en toeristen een ruimere keuze aan kwalitatief hoogwaardige musea in de stad en is dit vaker aanleiding voor toeristen om langer in Groningen te verblijven; 4. … ontstaat een prettige, nieuwe verblijfsplek in de binnenstad; 5. … zorgt de vergroting en vergroening van de binnenplaats voor vermindering van de wateroverlast en gaat het hittestress tegen; 6. …verbinden inwoners en bezoekers van Groningen zich met de geschiedenis en toekomst van stad en provincie en denken ze mee met de programmering en doen ze actief mee; 7. …heeft het een scherp profiel als historisch museum van Groningen en verzamelt en exposeert het in samenspraak met het Groninger Museum en Groninger Archieven voorwerpen en verhalen over Groningen;
8. …is er een nieuwe vaste presentatie ontwikkeld, waarbij rondleiders hun verhaal aanpassen aan de vraagstukken van bezoekers en de collectie gebruiken om vragen te beantwoorden, vooroordelen te ontkrachten en contexten te schetsen; 9. …is het museum het startpunt voor een ontdekkingsreis door de provincie; 10. …is er een nieuw educatief aanbod op het gebied van geschiedenis van Groningen voor iedereen; 11. …volgen studenten mbo, hbo en universiteit lessen in het museum en leveren ze een bijdrage aan thema's, vormgeving en publieksbegeleiding in het nieuwe museum;
12. …is het dè plek waar leerlingen uit het primair onderwijs en het voortgezet onderwijs uit stad en de provincie Groningen kennis maken met de geschiedenis van hun eigen leefomgeving op een betekenisvolle en activerende manier; 13. …heeft het zich ontwikkeld als ondernemer op zakelijk, cultureel en maatschappelijk gebied.
10
Kaders & uitgangspunten Vernieuwing Museum aan de A
11
Huidige situatie gebouwdelen Kaders & uitgangspunten
Feithhuis
Gotisch Huis
Motorenhal
Achterhuis
Canterhuis
Werkplaats
Poortgebouw
Pakhuis
Brugstraat
Museum aan de A bezit een historisch gebouwencomplex in de binnenstad. Zie bijlage 2 voor plattegronden van de huidige situatie.
4
1. Jhr. Rhijnvis Feithhuis: het Feithhuis is een gemeentelijk monument (light) aan de Kleine der A 5. Op dit moment is het gebouw als back-office van het museum in gebruik. Dit pand kent een vraagstuk ten aanzien van het verbeteren van de bouwfysische en installatietechnische kwaliteit en de integrale verbetering van de toegankelijkheid.
3
5
2. Motorenhal: dit gebouw is onderdeel van een beschermd stadsgezicht. In samenspraak met instanties kan sloop overwogen worden. 3.
6
Canterhuis: het Canterhuis aan de Brugstraat 26 dateert uit de 14e eeuw en behoort tot het architecturale erfgoed van Groningen. Deze gebouwen dragen door hun authenticiteit en sfeer bij aan de totaalbeleving van het museum. In de rijksmonumenten speelt met name het verbeteren van de bouwfysische en installatietechnische kwaliteit en het verbeteren van toegankelijkheid en routing. Het gebouw is voorzien van een kelder.
4. Poortgebouw: de verbinding tussen de twee rijksmonumenten aan de Brugstraat op niveau van de eerste verdieping.
2
6. Achterhuis: het achterhuis is onderdeel van het Gotisch Huis en heeft net als het Gotisch Huis een kelder. 7. Werkplaats: dit betreft geen monument en zou gesloopt kunnen worden. 8. Pakhuis: het Pakhuis aan de Schuitemakersstraat 17 is in eigendom van de gemeente. De gemeente is bereid om deze locatie bij het project te betrekken.
Kleine der A
5. Gotisch Huis: het Gotisch Huis aan de Brugstraat 24 is net als het Canterhuis een rijksmonument uit de 14 e eeuw.
1 8
7
Schuitemakersstraat 12
Huidige situatie Kaders & uitgangspunten
Draaijer
13
Toegankelijkheid en museale routing Kaders & uitgangspunten Toegankelijkheid De wens van zowel de gemeente als het museum is om cultuur toegankelijker en inclusiever te maken. Dit is opgenomen in de Agenda Toegankelijk Groningen 2022-2025 en het Coalitieakkoord 2022-2026. Het begint in Groningen: voor wat echt van waarde is. Hierbij is het uitgangspunt dat het gehele museum integraal toegankelijk is. Om een integrale toegankelijkheid in het museum te kunnen realiseren, is een aantal ingrepen nodig. Het doel is om het gehele museumcomplex rolstoeltoegankelijk te krijgen. Hierbij wordt gekeken naar het verbreden van doorgangen, zodat ze breed genoeg zijn voor rolstoelgebruikers en eveneens als vluchtroute kunnen dienen. Andere ingrepen zijn: het toepassen van liften, het plaatsen van hellingbanen en het toepassen van FlexStep-trappen (een trap die ook te gebruiken is als plateaulift). Op dit thema heeft afstemming plaatsgevonden met de werkgroep Toegankelijk Groningen. Voor de uitvoering van de werkzaamheden op het gebied van toegankelijkheid is reeds een vergunning afgegeven. Hierbij is intensief samengewerkt met de RCE en de afdeling monumenten van de gemeente Groningen. Compartimentering Het vernieuwde gebouwencomplex heeft een heldere en duidelijke compartimentering. Hierbij is aandacht voor de afsluitbaarheid van bijvoorbeeld een compartiment in de avonduren.
Dit om onder andere mogelijkheden tot verhuur zo optimaal mogelijk te maken. Dit betekent dat ruimtes logisch bij elkaar geplaatst moeten worden. Het heeft de voorkeur om de publieke ruimtes zoveel mogelijk op de begane grond te plaatsen, zodat deze ook buiten openingstijden goed te exploiteren zijn. Daarnaast heeft de verbinding met de binnenplaats met bijvoorbeeld het auditorium en de horeca meerwaarde voor de exploitatie. Museale routing Voor een optimale beleving en voor het reguleren van bezoekersstromen is het uitgangspunt om een logische museale route te realiseren met het voorkomen van zoveel mogelijk dode gangen/dode einden. Een logische museale rondgang is in de huidige situatie niet mogelijk. 14
Stedenbouwkundige en monumentale randvoorwaarden Kaders & uitgangspunten Door de afdeling stedenbouw van de gemeente Groningen zijn enkele stedenbouwkundige randvoorwaarden opgesteld. Daarnaast is door vector-i in nauwe samenwerking met de monumentencommissie, Holstein Restauratie en de RCE onderzoek gedaan naar het aanwezige erfgoed. Hierbij is gebruik gemaakt van de waardestelling die is opgesteld voor de drie monumentale gebouwen door J.A. van der Hoeve (zie bijlage 3). Deze waardestelling geldt als belangrijk uitgangspunt voor het realiseren van de gewenste toegankelijkheid, routing, verduurzaming, verbouwing en uitbreiding met minimale impact op de monumenten. Zichtlijnen • Zicht op de achtergevels van het Gotisch Huis en het Canterhuis dient in principe intact gehouden te worden. Indien ingrepen worden voorzien, vraagt dit om een zeer zorgvuldig inpassing en aansluiting op de monumenten. • De monumenten mogen niet overvleugeld worden door nieuwbouw. • Installaties zijn onderdeel van het ontwerp en werken niet verstorend op het beeld van de monumenten. • Indien ter plaatse van de motorenhal een hogere bebouwing wordt voorzien, wordt geadviseerd een setback van de bovenste verdieping toe te passen of een kap.
Morfologie van het bouwblok • De bebouwing oriënteren vanaf de Brugstraat (lengterichting perceel). • De parcellering van de afzonderlijke gebouwen moet herkenbaar blijven. • Bestaande rooilijn aan de Schuitemakersstraat respecteren. • Handhaven openbare karakter doorgang (behoud doorwaadbaarheid). • Het dak van het nieuwbouwdeel moet een eigentijdse wisselwerking aangaan met het bestaande daklandschap. Wenselijk is dat bezoekers het daklandschap ook kunnen beleven. Erfgoedstatus
• Pakhuis: in geval van sloop dient vervangende nieuwbouw toegepast te worden met een vergelijkbare waarde. Hierbij gaat het alleen om de buitenzijde van het pakhuis. De herkenbaarheid als pakhuis dient terug te komen in het ontwerp en de bouwhoogte moet passend zijn bij de Schuitemakersstraat. • Jhr. Rhijnvis Feithhuis: alleen de buitenzijde (incl. voorzijde) is monumentaal beschermd.
• Canterhuis en Gotisch Huis: rijksmonumenten waarbij het hele exterieur, de constructie en het interieur beschermd is. • Werkplaats: er dient een doorgang/poort behouden te blijven aan de zijde Schuitemakersstraat. • Ook de motorenhal en binnenplaats hebben een erfgoedstatus. 15
Zichtbaarheid, bereikbaarheid en openbare ruimte Kaders & uitgangspunten Zichtbaarheid en bereikbaarheid De huidige entree bevindt zich in het midden van de binnenplaats. Deze is vanaf zowel de Brugstraat als de Schuitemakersstraat niet zichtbaar. Er wordt nu gewerkt met bebording op straat om de route naar de entree aan te geven aangezien er geen reclame op de gevels mag worden aangebracht i.v.m. de rijksmonumentale status van de panden. Het is belangrijk om bij het nieuwe museum een duidelijk vindbare entree te hebben. Aan de Brugstraat is veel loop- en fietsverkeer (ca. 25.000 fietsers per dag), maar gezien de monumentale panden met een relatief gesloten gevel is het lastig om hier een duidelijke (en royale) entree te realiseren met direct achter de entree een grotere ontvangstzone. Een mogelijkheid is om door de deuren te openen van het Canterhuis het interieur beter zichtbaar te maken. Dit trekt aandacht, wekt nieuwsgierigheid van de voorbijgangers op en werkt uitnodigend. Daarnaast kan het helpen om de entree op het binnenterrein beter zichtbaar te maken door vanaf de Brugstraat zicht te hebben op nieuwbouw op het binnenterrein.
Ook vanaf de Schuitemakersstraat. Voorbijgangers moeten worden gestimuleerd om de binnenplaats te betreden. Als zij zien dat hier wat gebeurt, worden ze verleid om door de poort de binnenplaats te betreden. De ruimte wordt beter ingericht, waarbij het schip Alida weggaat. De binnenplaats dient bij te dragen aan de klimaatadaptieve stad (verkoeling) en dient ook de zichtbaarheid en daarmee de kwaliteit en beleefbaarheid van de rijksmonumenten aan de achterzijde te vergroten. Het binnenterrein biedt kansen voor een betere exploitatie van het museum door het te koppelen aan bijvoorbeeld de horeca en het auditorium.
Openbare ruimte versus binnenterrein
De eis is dat er een prettige verblijfsplaats ontstaat. Vanuit de stedenbouwkundige randvoorwaarden is de eis dat de binnenplaats bereikbaar blijft vanaf de openbare weg aan de Brugstraat en wenselijk
16
Organisatie Vernieuwing Museum aan de A
17
Organisatie Museum aan de A Organisatie Huidige organisatie Museum aan de A is een stichting onder leiding van een directeurbestuurder in een Raad van Toezicht model. De organisatie is in ontwikkeling en bestaat op dit moment uit 9,4 fte’s verdeeld over 14 vaste medewerkers met daaromheen een schil van 3 tot 6 tijdelijke (project)medewerkers, ZZP-ers en medewerkers die deels bij het Groninger Museum of de Groninger Archieven werken en deels bij Museum aan de A. Via subsidies zijn de volgende toekenningen gegeven september 2023): 1 marketingcommunicatie medewerker, 1 educatie medewerker en 1 onderzoeksmedewerker. → Inhoud en publieksprogrammering: hoofd educatie, hoofd tentoonstellingen en collectie, junior conservator collectie, registrator, collectiemedewerker en medewerker programmering HOP (historische ontmoetingsplek).
→ Partners: Groninger Museum, Groninger Archieven en Noorderpoort leveren een ruimhartige bijdrage in natura (uren van medewerkers) aan de ontwikkeling van de herinrichting vaste presentatie → Raad van Toezicht met 5 leden (onbezoldigd)
→ Raad van Advies met 8 leden (onbezoldigd) Verwachte ontwikkeling De verwachting is dat het museum zich verder ontwikkelt in een groeimodel met enkele fte's extra ten opzichte van nu. In de toekomst zal meer worden samengewerkt met het Groninger Museum in de back-office. De eerste functie die gezamenlijk geworven is, is die van Financial en Business Controller. Met de Groninger Archieven deelt Museum aan de A nu al een communicatie medewerker.
→ Externe betrekkingen: hoofd commerciële zaken, hoofd marketing en communicatie, medewerker m&c, medewerker relatiebeheer provincie en medewerker museumwinkel/kassa. → Interne zaken: controller, hoofd bedrijfsvoering, beleidsmedewerker en vrijwilligers coördinator, huismeester en facilitair medewerker. → ca. 55 vrijwilligers (o.a. baliemedewerkers en bemanning schip Emma)
Afbeelding: organisatie Museum aan de A in ontwikkeling (Masterplan 2020)
18
Bezoekers (I) Organisatie Doelgroepen Het museum zet in op de volgende doelgroepen: • Inwoners van Groningen Stad en provincie • Scholieren (primair en voortgezet onderwijs) • Studenten mbo, hbo en universiteit • Families • Toeristen uit binnen- en buitenland Bezoekers en prognose De afgelopen jaren zijn door sluitingen en geen evenementen als gevolg van de pandemie veel minder bezoekers geweest. Sinds de pandemie is een stijgende lijn ingezet. De transitie van het scheepvaartmuseum naar een museum over de geschiedenis van Groningen in stad en provincie, heeft het afgelopen jaar meer vorm gekregen. Het museum sloot 2023 af met een stijgende lijn in de bezoekcijfers die weer aansloot bij de precorona cijfers. Vanaf de heropening van Museum aan de A wordt ingezet op minimaal 50.000 bezoekers per jaar, afgezien van de evenementen. WinterWelVaart gaat deel uitmaken van de winterprogrammering van Groningen. Dit aantal is realistisch op basis van een benchmark die door
Berenschot is gevalideerd. Er is gekeken naar vergelijkbare musea en de bezoekersaantallen in de periode kort voor corona en in 2022 (het meest recente jaar waarvoor benchmark data beschikbaar zijn op dit moment via Museana, het systeem van de Museumvereniging). Om tot een selectie te komen van vergelijkbare musea is gekeken naar musea met een focus op cultuur/historie. Daarnaast is gekeken naar locaties die vergelijkbaar zijn, qua omvang van de betreffende steden/gemeentes. Voorbeelden van Musea in de benchmark zijn o.a. het Westfries Museum in Hoorn, het Stadsmuseum Harderwijk en het Limburgs Museum in Venlo. Bezoekers
Evenementen
40.000 30.000
8.374 13.361
12.666 Sluitingen en geen evenementen als gevolg van Pandemie
20.000
11.000
27.522 21.364
10.000
168
191
8.390
7.940
2020
2021
18.716
21.101
2022
2023
0 2018
2019
19
Bezoekers (II) Organisatie Op piekmomenten zullen er circa 180 bezoekers gelijktijdig aanwezig zijn, bijvoorbeeld bij openingen van tentoonstellingen. Het gemiddeld aantal bezoekers is 175 per dag. In de periode 2024/2028 zal de verbouwing plaats gaan vinden. Er wordt onderzocht of er mogelijkheden zijn om de werkzaamheden gefaseerd uit te voeren, waardoor het museum in de tussentijd al gedeeltelijk open kan. Er wordt een plan gemaakt hoe het museum enkele activiteiten kan blijven organiseren, bijvoorbeeld op locaties en in een soort pop-up museum.
20
Functioneel Programma van Eisen Vernieuwing Museum aan de A
21
Museumconcept Functioneel Programma van Eisen Op basis van het Masterplan 2020 (bijlage 4) is een museumconcept uitgewerkt. Er vinden veel activiteiten plaats in het museum. Alle partners en vrijwilligers werken samen aan het actief beleven van de geschiedenis van Groningen. Dit vindt ook in de provincie plaats, ook samen met culturele instellingen en inwoners. Het museumconcept gaat uit van een transitie naar een museum met een historische ontmoetingsplek. Vaste en tijdelijke presentaties sluiten aan op de collectie Groningen, hebben een link met de Groninger Canon en de verhalen van Groningen. Het museum zoekt de link met de actualiteit, zodat het verleden context geeft aan het heden. Ook wordt ingezet op publieksparticipatie. Geschiedenis moet je (ook) doen en maken. Het museum bestaat uit de volgende 3 pijlers:
1. Vaste presentatie verdeeld in meerdere thema’s over de geschiedenis van Groningen 2. Tijdelijke tentoonstellingen 3. Activiteitenprogramma Het activiteitenprogramma bestaat uit diverse onderdelen, waaronder educatieve projecten voor het onderwijs (po, vo, mbo, hbo en wo), maar ook de historische ontmoetingsplaats (HOP). In de HOP vinden allerlei verschillende activiteiten plaats die iets te maken hebben met de Groninger geschiedenis: tijdelijke tentoonstellingen, workshops,
randprogrammering met theater en muziek, lezingen, debat, publieksparticipatieve projecten, et cetera. Museum aan de A hecht veel waarde aan samenwerking en verbinding. Dit doet het Museum o.a. samen met partners zoals het Groninger Museum, Groninger Archieven, Noorderpoort en culturele instellingen. Ook wordt samenwerking gezocht met zorginstellingen (partnerships). Het museum wil nadrukkelijk een rol spelen bij het verbinden en faciliteren van culturele en erfgoedinstellingen in Stad en provincie. Doel is de verhalen van Groningen en Groningers gezamenlijk vertellen. Om de sociale verbinding van specifiek de vele internationale studenten met de stad te vergroten, wordt ingezet op het meer samen gaan werken met de Rijksuniversiteit en de Hanzehogeschool.
-
-
Samenvattend Overzichtelijke vaste presentatie voor scholieren, inwoners en toeristen. Levendige historische ontmoetingsplek met activiteiten, workshops, lezingen en tijdelijke tentoonstellingen samen met veel verschillende partners uit stad en provincie en de bezoekers. Leer-werkplek, (atelier- en) leslocatie voor Noorderpoort. Activiteiten in het museum, maar ook op locatie in de gemeente en provincie. Publieksparticipatie.
22
Hospitalityconcept Functioneel Programma van Eisen De horeca in het museum bedient zowel de basishoreca als de eventcatering. De horeca in het gebouw is geconcentreerd aanwezig met daarbij de binnenplaats als verlengstuk buiten. De horeca is een belangrijke en centrale ontmoetingsplaats. Voor de horeca/het café wordt uitgegaan van een simpele kaart: koffie, thee, gebak, beperkt drankassortiment, borrelhapjes, soep, broodje en een eenvoudige maaltijd. Alles wordt vers bereid. De horeca in het museum wordt gerund samen met stagiaires van het Noorderpoort (leer-werkplek). Het betreft een eigen horecavoorziening waarbij ondersteuning van het begeleiden van stagiairs verzorgd wordt door de horecaondernemer die ook het Pomphuis runt. Dit is contractueel vastgelegd. Als het Groninger Monumenten Fonds t.z.t. het Pomphuis overdraagt aan de gemeente wordt deze contractuele band voortgezet. Er wordt niet gewerkt met bediening, maar met een uitgiftebalie. Hier kunnen de aankopen opgehaald en direct ook afgerekend worden. De keuken is geen volledige industriële keuken, maar een ‘basiskeuken’. Voor eventcatering zal gebruik worden gemaakt van het aanleveren van maaltijden waarbij in de keuken van het museum voldoende plek aanwezig is om het eten klaar te maken voor het uitserveren. De horeca in het museum heeft een duidelijke band met het Pomphuis (o.a. leerwerkplek Noorderpoort).
Diverse functies zullen worden gedeeld met het Pomphuis (o.a. zaalverhuur/diners en afvalberging). 23
Functionele doelen Functioneel Programma van Eisen Om het museumconcept goed neer te kunnen zetten, zijn de volgende functionele doelen geformuleerd (ten opzichte van de huidige situatie): → Herkenbare en duidelijk vindbare entree. → Uitnodigende entree met ruimte voor ontvangst (kaartverkoop, garderobe en toiletten) en ruimte voor de winkel, een eerste indruk van het museum en overzicht op de verschillende functies vanaf de centrale balie. → De kwaliteiten van de huidige gebouwen beter benutten en meer zichtbaar maken. → Voldoende en geschikte ruimte voor de vaste presentatie en voor de wisselende tentoonstellingen. → Een heldere oriëntatie en doorlopend circuit langs de tentoonstellingen mogelijk maken. → Het verbeteren en klimaatbestendiger maken van de binnenplaats waardoor hier meer activiteiten georganiseerd kunnen worden. → Het toevoegen van een fijne plek voor verblijf in de binnenstad die ook moet aanzetten tot een bezoek aan het museum. → Het vergroten en activeren van de binnenplaats en ook binnen meer ruimte voor de HOP (activiteiten, workshops, lezingen, muziek, theater etc.). → Aantrekkelijke ruimte voor educatie aan zowel kinderen als volwassenen. → Het museum 100% bereikbaar maken voor iedereen inclusief integrale toegankelijkheid van de monumenten (o.a. liften, doorgangen, etc.). → Goede werkomstandigheden creëren voor de medewerkers en vrijwilliger.
24
Ontvangst-/centrale functies (1/3) Functioneel Programma van Eisen Entree De goed vindbare hoofdentree wordt een aantrekkelijke entree met een eenduidige, uitnodigende vormgeving. Er is een tochtportaal aanwezig. De entree moet uitstralen wat er achter de deur te beleven valt: een museumfunctie (met deels vrije toegang), een ontmoetingsfunctie en verblijfsruimte waar men kan eten, drinken en werken. Ontvangstzone met vrije expositie, receptie en horeca De entree mondt uit in een vrij toegankelijke ontvangstruimte. In deze ruimte kan je je eenvoudig oriënteren en vindt de bezoeker intuïtief zijn weg. In deze zone vind je informatie over het museum en bereik je eenvoudig voorzieningen zoals de garderobe, horeca, toiletten, de museumwinkel en receptie. Ook is een watertappunt aanwezig. De belangrijkste functies van de receptiebalie zijn: • informatiepunt voor alle bezoekers van het museum (ook telefonisch)
De receptiebalie heeft een in hoogte verstelbare werkplek en voldoet aan de Arbo-eisen. De balie heeft voldoende bergingsmogelijkheden. De balie heeft een natuurlijke inpassing voor mensen in rolstoelen. De balie heeft voorzieningen om te kunnen pinnen en medewerkers in de ogen te kunnen kijken. De historische VVV is onderdeel van de receptiebalie. In de openbaar toegankelijke entreehal zal tevens de geschiedenis van de plek in het A-kwartier worden belicht. Ook krijgen de Groninger Archieven een presentatieplek. Het is een uitnodigende en prettige plek. Het is wenselijk dat er aangrenzend aan of in de receptie een berging aanwezig is voor kantoormateriaal en overige opslag. De receptie heeft rechtstreeks zicht op de entree en de vrij toegankelijke functies.
Voor het permanent tentoonstellen van het 17e-eeuws plafond dient een plek bedacht te worden nabij de entree en ontvangstzone. Aandachtspunt hierbij is de afmeting, het gewicht en de vereiste klimaateisen.
• toezicht op de ingangen en centrale publieksruimte • kassa voor kaartverkoop en winkel • een ‘historische VVV (en culturele VVV)’ met o.a. een kaart over de verschillende culturele instellingen in de provincie en informatie over de instellingen Foto: 17e eeuwse plafond
25
Ontvangst-/centrale functies (2/3) Functioneel Programma van Eisen Horeca
Keuken
Onderdeel van de ontvangstzone is ook de horeca. De horeca biedt een ontspannen en inspirerende plek voor circa 40 bezoekers, van passanten tot studenten tot de eigen medewerkers. Het horecagedeelte is de ‘huiskamer’ voor Groningen en Groningers en kan gebruikt worden als flexwerkplek(ken) of overlegruimte op rustige momenten door de medewerkers. De horeca heeft ook een ‘buurthuisfunctie’, die betekent dat direct na binnenkomst de horeca aanwezig is en daarna pas de receptie. Wel dient er vanaf de entree goed zicht te zijn op de receptiebalie, zodat bezoekers direct weten waar ze naar toe moeten.
De keuken is geen volledige bedrijfskeuken, maar is in ieder geval voorzien van:
Daarnaast doet de horeca dienst als foyer van het auditorium of bij een event. Dit vraagt een overzichtelijke en flexibele indeling en logistiek. Het vraagt dat de horeca gemakkelijk kan schakelen van hoge capaciteit (pauze in een grotere voorstelling) naar klein of zelfs onbemand op uitzonderlijk rustige momenten. De horeca is eenvoudig aan te passen aan het soort activiteit, zoals een concert, presentatie, lezing, muzieksessie etc. Hierop moeten de akoestische eigenschappen van de ruimte en de AV-voorzieningen afgestemd zijn.
• een fornuis met afzuiging
• warmhoudvitrine • een werkblad met mogelijkheid voor het bereiden van soepen en simpele maaltijden en ruimte voor het uitserveren van eventcatering • een horeca-vaatwasmachine • een frituur
De verdere uitwerking van de keuken vindt plaats in overleg met de gebruiker. Ook is een werkplek met opbergruimte gewenst voor de horeca, dit mag ook tussen de kantoormedewerkers op de kantoorverdieping. Berging keuken Direct nabij de keuken is een aparte afsluitbare berging met stellingen, 3 koelingen en een vriezer. In deze berging worden ook o.a. tafelkleden, droogwaren en frisdranken opgeslagen.
In het horecagedeelte is een uitgiftebar aanwezig. Deze is voorzien van koelingen en een kassa. Verdere uitwerking dient plaats te vinden in afstemming met gebruiker. 26
Ontvangst-/centrale functies (3/3) Functioneel Programma van Eisen Garderobe
Museumwinkel
De garderobe beschikt over zowel kapstokken als lockers voor jassen en tassen. De exacte capaciteit dient nader bepaald te worden. Het is een onbewaakte ruimte en het uitgangspunt is zelfstandig gebruik door bezoekers. Naast de publieke garderobe zijn er ook kapstokhaken aanwezig bij de bijeenkomstruimten en bij de educatieruimte.
De museumwinkel ligt aan het eind van het museale circuit en maakt onderdeel uit van het vrij toegankelijke deel van het museum. Er is geen aparte bergruimte waar artikelen in opgeslagen kunnen worden benodigd. Opslag voor voorraadartikelen dient plaats te vinden in het aanwezige meubilair.
Sanitair
De winkel is onderdeel van de ontvangstzone en is vrij doorloopbaar, waardoor men verleid wordt een kijkje te nemen. Afrekenen van aankopen gebeurt aan de receptiebalie. Een zichtbare nabijheidsrelatie van de receptiebalie is dus gewenst.
Het sanitair voldoet aan de volgende eisen: • 6 genderneutrale toiletten met voorruimte voor publiek. • Toiletten zijn voorzien van wastafels, spiegels en elektrische handendrogers. • Op de begane grond is op een centrale plek een MIVA-toilet aanwezig. • Een deel van het sanitair bevindt zich nabij de entree. Overige toiletten zijn logisch geplaatst ten opzichte van de verschillende functies. • In de buurt van de toiletten bij de entree is een verschoningsruimte aanwezig.
• Voor het personeel dient voorzien te worden in twee aparte toiletten, inclusief wastafel, spiegel en handendroger.
27
Expositiefuncties Functioneel Programma van Eisen Museale circuits Vanaf de ontvangstreceptie beginnen twee museale circuits door de diverse betaalde expositieruimten: één langs de vaste presentatie en één langs de wisseltentoonstelling. Deze tentoonstellingen vertellen het verhaal van de provincie en stad Groningen en verbinden Museum aan de A met regionale musea en bezienswaardigheden.
In alle expositieruimten wordt een passende verlichting met elektraophangvoorzieningen aangebracht. De expositieruimten zijn voorzien van een ophangsysteem voor schilderijen e.d. en een verlichtingssysteem. Ook is er een camerasysteem aanwezig om de expositiestukken goed te kunnen bewaken.
Introductieruimte
Het Gotisch Huis en Canterhuis zijn rijksmonumentale en middeleeuwse panden (14e eeuw), hebben een eigen sfeer en vertellen een verhaal over Groningen. De balans tussen enerzijds bouwfysische ingrepen en de toe te passen afwerking / inrichting en anderzijds het karakter en de aanwezige ruimte in de panden is van groot belang. Het Gotisch Huis leent zich het best voor de vaste presentatie. Dit rijksmonument is beter te optimaliseren voor de vaste presentatie dan voor wisseltentoonstellingen.
Dit is de eerste ruimte waar de bezoekers terecht komen nadat ze een kaartje hebben gekocht voor de vaste presentatie. Hierin wordt een brede boodschap verteld als het begin van de museale reis over de geschiedenis van Groningen. Er dienen 30-35 personen tegelijk aanwezig te kunnen staan, deels zittend/deels staand. Expositieruimten Expositieruimten in nieuwbouwdelen worden voorzien van centrale klimaatbeheersing. Dit is belangrijk voor het gebruik van museumobjecten in bruikleen. Expositieruimten in de monumentale panden krijgen lokale/doelgerichte klimaatbeheersing, zoals klimaatvitrines die op een zorgvuldige wijze worden ingepast in de sfeer en het beeld.
Vaste expositie
Wisseltentoonstelling In nieuwbouw zijn de expositieruimten beter af te stemmen op de behoeften van wisselexposities. Tijdelijke tentoonstellingen wisselen namelijk periodiek in zijn geheel, deze ruimten zijn met betrekking tot sfeer, voorzieningen en grootte multifunctioneel en flexibel. Ook zijn ze afsluitbaar voor afbouw en opbouw van tentoonstellingen. Een ligging aan de Schuitemakersstraat heeft hierbij de voorkeur i.v.m. logistiek.
28
Bijeenkomstfuncties (1/2) Functioneel Programma van Eisen Auditorium In het auditorium vinden o.a. lezingen, presentaties, vertoningen van films en documentaires en openingen van exposities plaats. In de zaal moeten 75 mensen kunnen zitten (waarvan ca. 50 op een inschuifbare tribune) en in totaal moeten er circa 100 mensen in kunnen (deels staand). De ruimte wordt ook gebruikt als collegezaal voor het ontvangen van studenten en als leslocatie. De zaal oogt fris en uitnodigend en kent een prettige sfeer. Bij de afwerking wordt bijzondere aandacht besteed aan de akoestiek in de ruimte. Hiervoor wordt verwezen naar het Technisch PvE. De ruimte kan opgesplitst worden in twee ruimten zodat de ruimte multifunctioneel te gebruiken is. De ene ruimte is dan geschikt voor bijeenkomsten met 15 tot 25 personen en in het andere zaaldeel staat de inschuifbare tribune die ingezet kan worden als kleedruimte of als productiekantoor bij grote evenementen. Er is natuurlijke daglichttoetreding aanwezig en het aanwezige meubilair is los en de stoelen zijn stapelbaar. Hiervoor is in de nabijheid een opslagruimte aanwezig. Het auditorium moet bij de ontvangstzone/horeca betrokken kunnen worden zodat het geschikt is voor nog grotere bijeenkomsten. Het auditorium ligt bij voorkeur dicht bij de entree zodat grote groepen niet het hele gebouw doorhoeven.
De ruimte is toegankelijk zonder de voorstellingen te storen. Bijzonder aandachtspunt is de uitwerking van de
zichtlijnen, zodat iedereen goed zicht heeft. Het auditorium heeft een vlakke vloer en vlak podium. De audiovisuele voorzieningen worden geïntegreerd in de zaal. Educatieruimte
In de educatieruimte wordt met name aan kinderen en jongeren lesgegeven over de geschiedenis van Groningen en de presentaties van Museum aan de A. De educatieruimte is vanuit de entree eenvoudig te bereiken. Er is ruimte voor 30-35 zitplekken (klasgrootte). Een garderobe is aanwezig in de vorm van een nis (in de verkeersruimte). In de ruimte staan een aantal kasten voor het opbergen van educatiemateriaal. De ruimte is fris, licht, uitnodigend en stimulerend. De huidige ruimte van de educatieruimte is op de zolder van het Canterhuis onder een prachtige kap welke een middeleeuws gevoel uitstraalt. Dit spreekt de leerlingen erg aan. De inrichting en afwerking moeten prettig en gemoedelijk zijn en het middeleeuwse gevoel niet afbreken. In de educatieruimte zijn alle moderne AV-middelen aanwezig. De ruimte is akoestisch zodanig dat zowel de leerlingen als de overige bezoekers geen geluidsoverlast van elkaar hebben. In de nabijheid van de educatieruimte is een vergaderruimte aanwezig die gebruikt kan worden als overloopruimte.
29
Bijeenkomstfuncties (2/2) Functioneel Programma van Eisen Atelier en vergaderruimte Naast de centrale ruimte inclusief horeca, auditorium en de educatieruimte is er een atelier en vergaderruimte aanwezig. Diverse activiteiten van de HOP worden hier geprogrammeerd en de ruimten kunnen multifunctioneel ingezet worden. Denk bijvoorbeeld aan een workshop pandenonderzoek verzorgd door Groninger Archieven, een (intiem) poëzieoptreden door Stichting Pittig Gekruid, een cursus van Erfgoedpartners voor museumvrijwilligers uit de hele provincie, een lezing verzorgd door het Groninger Museum, een les van Noorderpoort en vergaderingen van buurtvereniging het A-kwartier. Als de zalen niet gebruikt worden voor de HOP, worden ze tegen betaling gebruikt door externen. Het atelier is geschikt voor 30-35 personen en de vergaderruimte voor 8-10 personen. De flexibel in te zetten ruimten zijn bij voorkeur gesitueerd nabij de entree. De ruimten zijn voorzien van alles wat nodig is om te vergaderen en presenteren, waaronder smartboards, projectie, geluid en goede akoestiek. Het atelier is een ‘vieze’ ruimte, de inrichting van de ruimte is hier op afgestemd. Ook is een wastrog aanwezig. De atelierruimte kan ook gebruikt worden als overloopruimte van de educatieruimte. Wenselijk is dat deze ruimten in de nabijheid van elkaar liggen.
30
Kantoorfuncties Functioneel Programma van Eisen Overlegruimte
Kolfruimte
Voor de medewerkers zijn twee overlegruimtes in de nabijheid van de werkplekken benodigd voor maximaal 4 personen. Deze ruimte kan ook gebruikt worden voor een digitale vergadering, om te bellen of even geconcentreerd te werken.
Er is een kolfruimte aanwezig die door de medewerkers te gebruiken is, maar ook door externen (bijvoorbeeld docenten van schoolgroepen). De ruimte is voorzien van een wasbak en koelkast.
Werkplekken
In de verkeersruimte is een open kastenwand aanwezig nabij de werkplekken van circa 10 strekkende meter waarin boeken kunnen worden geplaatst (5 planken hoog).
Er dient een aantal kantoorruimten aanwezig te zijn: • Directeur: 1 werkplek (kan ook gecombineerd worden met een overlegruimte)
Bibliotheek
Repro
• Tentoonstelling/collectie: 6 werkplekken
Er is een ruimte aanwezig voor het plaatsen van een printer/scanner.
• Marketing, communicatie, educatie en vrijwilligerscoördinator: 5 werkplekken
Personeelsruimte
• Financiën en commerciële zaken: 3 werkplekken • Huismeester en vrijwilligers: 2 werkplekken In de kantoorruimten is opbergruimte aanwezig voor de opslag van o.a. kantoorinventaris en archief. In de ruimte van financiën is ook een kluis aanwezig. Alle werkplekken voldoen aan de Arbonormen. Dit geldt voor zowel de vaste werk- en flexplekken als voor aanlandplekken.
Voor de medewerkers is er een pantry aanwezig met daarbij ruimte voor een tafel waar medewerkers koffie kunnen halen en hun lunch kunnen nuttigen. In de personeelsruimte moeten 16 personen kunnen staan, waarvan ca. 10 kunnen zitten aan een tafel. De ruimte kan ook worden ingezet als overlegruimte of aanlandwerkplek.
Personeelstoilet Voor het personeel is een genderneutraal toilet met voorruimte aanwezig.
31
Expositie-ondersteunende functies Functioneel Programma van Eisen Werkplaats
Acclimatiseringsruimte
Voor het uitvoeren van werkzaamheden van het werken aan tentoonstellingsmateriaal zoals sokkels, maar ook andere werkzaamheden aan het gebouw is een werkplaats aanwezig. Ook vindt in deze ruimte houtbewerking plaats voor bijvoorbeeld het museumschip de Emma.
In deze ruimte kunnen museumobjecten voor een tijdelijke tentoonstelling tijdelijk opgeslagen worden voordat ze naar de expositieruimte gaan. Deze ruimte is volledig geklimatiseerd en ligt dicht bij de expeditie-ingang en tijdelijke tentoonstellingsruimte. De ruimte is goed afsluitbaar.
De ruimte wordt ook veel gebruikt door vrijwilligers. In deze ruimte is een werkbank aanwezig en is voldoende ruimte voor opslag van materiaal en materieel. De ruimte ligt in de nabijheid van de opslag voor tentoonstellingsmaterialen en de expositieruimten. De ruimte is goed bereikbaar met grotere materialen, bij voorkeur direct vanaf de openbare ruimte bereikbaar (i.v.m. aanvoer van onderdelen het museumschop de Emma).
Het museum maakt gebruik van externe depots. Op de locatie van het museum is een klein depot benodigd voor het kunnen opslaan van een gedeelte van de collectie. Dit betreft een depot dat volledig geklimatiseerd is. Het depot ligt bij voorkeur nabij de ruimten van de wisseltentoonstelling. De hoogte van de ruimte mag een standaard ruimte zijn en dient goed bereikbaar te zijn (aandacht voor grotere objecten).
Werkatelier Dit is een ruimte waar museumobjecten worden in- en uitgepakt en beschreven. Hier vinden o.a. conditiechecks plaats en worden objecten gefotografeerd. Het is een ruimte waar met grotere objecten gewerkt moet kunnen worden. De ruimte ligt nabij de acclimatiseringsruimte.
Depot
Opslag tentoonstellingsmaterialen Voor het tentoonstellen van objecten wordt gebruikt gemaakt van lijsten, sokkels, et cetera. Deze onderdelen dienen in een ruimte opgeslagen te kunnen worden. De ruimte is goed bereikbaar en ligt bij voorkeur in de nabijheid van de expositieruimten.
32
Facilitaire en logistieke functies (1/2) Functioneel Programma van Eisen Schoonmaakkasten Voor de schoonmaak zijn er logisch verspreid door het gebouwencomplex voldoende werkkasten aanwezig. Hierin is ruimte voor de schoonmaakapparatuur zoals een stofzuiger, bezem, mop, e.d. alsmede voor voorraden schoonmaakmiddelen. In de werkkast is een uitstortgootsteen opgenomen met een aansluiting op warm en koud water. Er wordt geen gebruik gemaakt van schrobmachines. Opslag facilitair Er is een berging aanwezig voor opslag van meubilair van de binnenplaats voor de wintermaanden. Deze ligt in de nabijheid van het binnenterrein. Ook is een tweede berging aanwezig voor het opbergen van facilitaire zaken (bijv. opslag meubilair auditorium).
33
Facilitaire en logistieke functies (2/2) Functioneel Programma van Eisen Laad- en losruimte
Bij voorkeur zijn er twee aparte laad- en losruimten:
De laad- en losruimte is fysiek gescheiden van de centrale entree. Korte looplijnen zijn voor de interne logistiek het uitgangspunt. Doorgangen dienen niet uitgevoerd te worden met zware deurdrangers.
1. Expositiemateriaal (objecten met zeer uiteenlopende groottes)
Het is de opgave van het ontwerpteam om, in overleg met de gemeente, de logistiek rond het pand zo optimaal mogelijk op te lossen. Hierbij lijkt de logistieke route via de Schuitemakersstraat het meest voor de hand liggend.
Containerberging
Bij het uitwerken van de logistiek wordt rekening gehouden met de aanvoer van goederen welke worden aangevoerd met bakwagens (2,2 x 7,2 meter) en trailers. Er hoeft geen laadperron te komen, maar wel een eventuele tijdelijke opslagfaciliteit buiten. Dichtbij (op straat) moet een trailer kunnen worden opgesteld van waaruit met behulp van een meeneemheftruck (kooiaap) het pand veilig kan worden bevoorraad. Bij de positionering van de laad- en losruimte rekening houden met:
2. Horecabenodigdheden (bierfusten, kratten, etenswaren) en kantoorbenodigdheden en inventaris Ook voor afvalstromen is een goede route aanwezig. Afval wordt verzameld in de containerberging en van daaruit aangeboden. Er is sprake van meerdere containers (milieustraat). De stalplaats voor afvalcontainers dient overdekt en afsluitbaar te zijn. De ruimte dient goed geventileerd te zijn. Er zijn korte lijnen met de horeca. De berging is gescheiden van de laad- en losruimte. Tegelijkertijd moeten bijvoorbeeld bezoekers van het terras geen hinder hebben van geur. Het Pomphuis maakt ook deels gebruik van de containerberging bij het museum.
• een goede aansluiting van de externe op de interne logistiek • het beeld op de binnenplaats
• veiligheid en zo veel mogelijk vermijden van ingewikkelde manoeuvres en kruisende verkeersstromen met voetgangers en fietsers
34
Binnenplaats Functioneel Programma van Eisen Binnenplaats De binnenplaats is een verlengstuk van de ontmoetingsruimte in het gebouw. De binnenplaats verleidt bezoekers vanuit de ontmoetingsruimte de binnenplaats op te lopen, maar ook vanaf de openbare weg aan de Brugstraat en Schuitemakersstraat. De binnenplaats is uitnodigend om te verblijven, bijvoorbeeld op het terras in de directe omgeving van de horeca. Het publiek kan op de binnenplaats plaatsnemen en bij de horeca een drankje halen. Er is ruimte voor 50 bezoekers om een plaats te kunnen nemen. Meubilair is eenvoudig te verplaatsen en verwijderen (denk aan stapelbare stoelen). De binnenplaats kan ook dienst doen als openbaar toegankelijke expositieruimte. Hierbij kan gedacht worden aan het toevoegen van beleving met licht, projectie en/ of andere technologie.
Beeldmateriaal: Buitenruimte Akerk
De binnenplaats kan ook ingezet worden voor theatervoorstellingen bijvoorbeeld tijdens Bommen Berend en Keti Koti. Hiervoor is de aanwezigheid van een podium gewenst. Dit podium dient ook ingezet te kunnen worden als deel van het terras bijvoorbeeld op het moment dat er geen voorstelling aanwezig is. De binnenplaats dient ook vergroend te worden om zo ook bij te dragen aan de klimaatadaptieve stad, rekening houdend met het multifunctionele gebruik van de binnenplaats. Er is een watertappunt aanwezig (i.s.m. het waterschap Groningen), daarnaast is ook een waterwerk aanwezig (bijv. fontein). De binnenplaats dient buiten openingstijden van het museum afgesloten te kunnen worden.
Beeldmateriaal: Projectie bij Depotgebouw Rotterdam en Papengang
35
Zonering en relaties Functioneel Programma van Eisen Het gebouw is opgebouwd uit vier ‘zones’:
Toelichting op relaties/compartimentering:
1. Openbaar gebied met de entree, de horeca en grenzend hieraan de bijeenkomstfuncties/HOP (auditorium, educatieruimte, vergaderzalen, etc.)
• Expositie daar waar een volledige rondgang (museale route) mogelijk is.
2. Museale functies met de vaste presentatie en tijdelijke tentoonstelling 3. Werkplekken voor de medewerkers
• Het café kan zelfstandig, buiten de openingstijden van het museum, opereren. In de segmentering hier rekening meehouden.
4. Facilitair en logistiek
• De toegangscontrole tot zones c.q. ruimten dient nog verder uitgewerkt te worden. Het betaald gebied is voorzien van toegangscontrole (bij voorkeur werkend met transparante/glazen poortjes) en ook zijn de nietpubliek toegankelijke zones voorzien van toegangscontrole.
Hoofdentree
1. Openbaar gebied
Ontvangstfuncties Bijeenkomstfuncties
• Bij voorkeur liggen de bijeenkomstruimten aan de centrale hal, zodat de expositieruimten afgesloten kunnen worden en de bijeenkomstruimten toegankelijk blijven. Als dit niet mogelijk is, dient de zonering waarin deze ruimten komen te liggen een aparte ingang te krijgen.
2. Betaald gebied
Vaste presentatie Tijdelijke tentoonstelling
3. Niet publiek toegankelijk (personeel)
Personeelsruimte Kantoorruimten
4. Niet publiek toegankelijk (ondersteuning expositie)
Goederenentree
Depot Werkatelier Werkplaats
36
Relatieschema Functioneel Programma van Eisen
Atelier Vergaderruimte Buitenexpositie
Ontvangst
Werkplekken Overlegruimte
Educatieruimte
Terras
Auditorium
Horeca
Toiletten
Vrije expositie Receptie
Winkel
Museaal circuit
Personeelsruimte
Opslag tentoonstellingsmaterialen
Vaste expositie Introductieruimte Wissel expositie
Depot
Werkplaats
Acclimatiseringsruimte
Laad- en losruimte
Werkatelier
Containerberging
Keuken
NB: Niet alle aanwezige ruimten zijn opgenomen in het relatieschema
37
Ruimtelijk Programma van Eisen Vernieuwing Museum aan de A
38
Ruimtebehoefte Ruimtelijk Programma van Eisen Ruimte
m² functioneel nuttig
Ruimtelijke uitgangspunten
Centrale ruimten
216
Expositieruimten
1.150
Bijeenkomstruimten (auditorium, educatie, etc.)
275
Er dient in het ontwerp rekening te worden gehouden met voldoende breedte van deuren en gangen om transport (expositiestukken) te kunnen laten plaatsvinden. Voor de lift (in de nieuwbouw) dient uitgegaan te worden van een minimale grootte van 3,2m diep, 2,5m breed en 2,5m hoog. Voor de afmetingen van de lift in de monumenten dient gekeken te worden naar de mogelijkheden voor een zo groot mogelijke lift met behoud van de monumentale waarden.
Personeelsruimten
181
Definities oppervlakten
Expositie-ondersteunende ruimten
380
Facilitaire en logistieke ruimten
46
De volgende termen worden gebruikt: • FNO (functioneel nuttig oppervlak): alle functioneel in te zetten ruimten (exclusief liften, trappen en verkeersruimten, etc.). • NO (nuttig oppervlak): verschil met FNO is een toeslag voor inpassingsverlies.
Totaal
2.248
• NVO (netto vloeroppervlak): verschil met NO is dat de oppervlakten voor gebouwinstallaties, trappen en liften er wel in zit.
Een gedetailleerde uitwerking van de ruimtebehoefte is opgenomen in bijlage 5.
• BVO (bruto vloeroppervlak): verschil met nvo is dat de scheidingswanden, buitenwanden, schachten, etc. er ook in zitten.
39
Inpassingsstudie Ruimtelijk Programma van Eisen Inpassingsstudie Door vector-i is een schetsontwerp gemaakt (bijlage 6). De functie van dit plan is: 1) onderzoekend ontdekken welke ruimte het museum nodig heeft.
2) welke mogelijkheden de monumenten bieden. 3) kunnen vaststellen dat het totale programma op de locatie kan worden gerealiseerd.
3. Canterhuis: gezien de monumentale waarden vooral aanpassingen op het gebied van toegankelijkheid uitvoeren, naast herstelwerkzaamheden en verduurzaming. 4. Poortgebouw: behoud vanuit monumentale waarden en rondloop met aanpassingen op het gebied van toegankelijkheid. 5. Gotisch Huis: gezien de monumentale waarden vooral aanpassingen op het gebied van toegankelijkheid uitvoeren, naast herstelwerkzaamheden en verduurzaming.
In het ontwerp is gekeken hoe de verschillende functies van het museum ingepast kunnen worden, rekening houdend met gewenste relaties, mogelijkheden vanuit de monumentale waarden en de constructieve mogelijkheden. Er zijn ruimtes gereserveerd voor installaties (technische ruimte), maar de exacte grootte is nog niet bepaald. Vanuit de inpassingsstudie zijn de volgende uitgangspunten geformuleerd:
6. Achterhuis: gezien de monumentale waarden vooral aanpassingen op het gebied van toegankelijkheid uitvoeren, naast herstelwerkzaamheden en verduurzaming.
1. Jhr. Rhijnvis Feithhuis: dit gebouw kan worden afgestoten.
8. Pakhuis: het is de wens om de beschikbare ruimte van het museumcomplex te vergroten met de locatie van het Pakhuis. Hiermee kan de zichtbaarheid en bruikbaarheid van het museum verbeterd worden en ook een verbetering van het aangezicht aan de Schuitemakersstraat. Het huidige gebouw is qua indeling en vloerhoogtes niet geschikt voor de museumfunctie en met name voor expositieruimten voor wisseltentoonstelling. De wens is om het pand te slopen en te vervangen voor nieuwbouw.
2. Motorenhal: Het uitgangspunt is om een extra laag op de motorenhal te plaatsen die meteen de verbinding vormt tussen de vaste presentatie in de oude gebouwen en de tijdelijke tentoonstellingen in de nieuwbouw. Eventueel wordt de huidige motorenhal sloopt. en vervangen door nieuwbouw.
7. Werkplaats: de wens is om de werkplaats aan de Schuitemakersstraat te slopen en hier nieuwbouw te realiseren.
40
Inpassingsstudie – huidige situatie Ruimtelijk Programma van Eisen Oppervlaktes gebouwen Het huidige museumcomplex heeft een oppervlakte van ca. 2.252 m² 2 netto vloeroppervlak en circa 510 m2 aan buitenruimte. Van de 2.252 m 2 netto vloeroppervlak is op dit moment circa 665 m integraal toegankelijk 2 en circa 1.588 m niet. Opmetingen bestaande gebouwen Er zijn diverse inmetingen van de bestaande gebouwen verricht. Gezien de leeftijd van de bouw is er sprake van veel afwijkingen in de metingen doordat wanden niet recht zijn en de plek waar gemeten wordt van grote invloed is op de oppervlaktes. Er dient rekening te worden gehouden met een afwijking van +/- 10%.
Gebruik bestaande gebouwen De gebouwen zijn op dit moment redelijk kruip door sluip door. De doorgangen zijn smal en het plafond is laag. Dit geldt met name voor de keldervloeren en de tweede verdieping van het Canterhuis. Hierdoor zijn de gebouwen niet optimaal in te delen en functioneel te gebruiken.
Ruimte
Bestaande situatie m² NVO
Canterhuis (incl. achterhuis)
907
Gotisch Huis (incl. achterhuis)
868
Poortgebouw
30
Jhr. Rhijnvis Feithhuis
257
Motorenhal
135
Werkplaats
55
TOTAAL
2.252
NVO = netto vloeroppervlak, waarbij niet zijn meegenomen de scheidingsconstructies tussen gebouwde functie, niet-toegankelijke leidingschachten, statische bouwdelen en ruimten lager dan 1,5 meter. Deze onderdelen zitten wel in de BVO vierkante meters.
41
Inpassingsstudie – nieuwe situatie Ruimtelijk Programma van Eisen Indelingsverlies bestaande bouw Aangezien het grotendeels een verbouwing betreft van bestaande gebouwen, is er sprake van indelingsverlies om alle ruimten in te passen. Doordat daarnaast niet alle ruimten functioneel inzetbaar zijn door de lage plafondhoogtes dient er rekening gehouden te worden met 6% aan inpassingsverlies.
Ruimte
Nieuwe situatie m² NVO
Canterhuis (incl. achterhuis)
907
Gotisch Huis (incl. achterhuis)
868
Poortgebouw
30
Bepaling oppervlakte nieuwbouw
Motorenhal
0
In de nieuwe situatie (na het slopen van de werkplaats en de motorenhal) blijft er ca. 1.805 m2 aan netto vloeroppervlak over van de bestaande gebouwen.
Werkplaats
0
Pakhuis
0
• Functioneel nuttig vloeroppervlak: Vanuit de ruimtebehoefte dient er een oppervlakte ingepaste te worden van ca. 2.248 m2 functioneel nuttig vloeroppervlak. • Nuttig vloeroppervlak: gerekend wordt met een verhoging van 6% (*1,06) voor inpassingsverlies in bestaande gebouwen, dit betekent ca. 2.383 m2 nuttig vloeroppervlak. • Netto vloeroppervlak (NVO): dit is een verhoging met factor 1,25 voor o.a. technische ruimten, verticaal en horizontaal vloeroppervlak = ca. 2.979 m2 netto vloeroppervlak.
TOTAAL BESTAANDE GEBOUWEN
1.805
• Benodigde oppervlakte nieuwbouw/uitbreiding t.p.v. de motorenhal en het Pakhuis: Dit betekent dat er nog nieuwbouw benodigd is voor circa 1.174 m2 netto vloeroppervlak (ca. 1.292 m2 bruto vloeroppervlak). Uitgangspunt bruto vloeroppervlak is 1,1 * netto vloeroppervlak.
42
Beeldverwachting Vernieuwing Museum aan de A
43
Toelichting sfeerbeelden Beeldverwachting Karakter en sfeer moeten in dialoog tussen architect en gebruiker worden bepaald. Voor de monumenten staat het behoud van monumentale waarden voorop bij de sfeer en uitstraling van de ruimten en het gebouw. Met betrekking tot de nieuwbouw staat Museum aan de A open voor een andere sfeer dan de rijksmonumenten. Hierdoor wordt het contrast en de overgang tussen nieuw en oud opgezocht en mag de nieuwbouw zich echt onderscheiden (manifestatie). Dat gebeurt op een zorgvuldige wijze met respect voor de aangrenzende monumenten en omgeving. Kernwoorden voor de gewenste sfeer en uitstraling zijn fris, representatief, industrieel en transparant. Er dient aandacht voor circulariteit te zijn bij de uitwerking van sfeer en uitstraling.
44
Architectuur Beeldverwachting
Draaijer
45
Architectuur Interieur
Draaijer
46
Architectuur Binnenplaats
Draaijer
47
Technische prestaties Vernieuwing Museum aan de A
48
Uitgangspunten Technisch Programma van Eisen De technische prestaties zijn uitgewerkt in bijlage 7. In het functionele Programma van Eisen is ook een aantal technische uitgangpunten per ruimte genoemd. Die worden in dit hoofdstuk niet herhaald. In een latere fase zal een ruimteboek worden uitgewerkt met per ruimte opgenomen een overzicht van vaste voorzieningen, aansluitingen en wand-, plafond- en vloerafwerking.
Ook zijn in de bijlage de onderhoudsrapporten van de bestaande gebouwen toegevoegd (bijlage 8). Voor de technische eisen wordt het museum opgesplitst in twee onderdelen: 1) Verbouwing Canterhuis en Gotisch Huis 2) Nieuwbouw Pluspakket verduurzaming