CConstaterende datGroningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Evaluatie rekenkamer Groningen - eindrapport - routekaart-samengevoegd.pdf

gemeenteraad 17 december 2025, gemeente GroningenBij agendapunt: 5e1: Aanpassen vergoeding leden rekenkamer, uitbreiding aantal leden en verhoging budget voor 2026 (raadsvoorstel 4-12-25)21.446 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

4.2.1 Onderzoek gemeentelijke vennootschappen (2024) In 2024 onderzocht de rekenkamer in welke mate en op welke onderdelen de gemeenteraad invloed uit kan oefenen op een gemeentelijke vennootschap en welke risico’s er zijn voor de gemeente bij het uitbesteden van het bewerkstelligen van doelen aan een gemeentelijke vennootschap. Inrichting en uitvoering onderzoek Aanleiding voor het onderzoek naar gemeentelijke vennootschappen zijn de voornemens in het coalitieakkoord 2022-2026 om meerdere nieuwe gemeentelijke bedrijven op te richten. Daarnaast was 32 College van Burgemeester en Wethouders Groningen. (2024, 22 mei). Raadsinformatiebrief ‘Voortgang aanbevelingen

rekenkamerrapport Meldpunt Overlast en Zorg (MOZ)’. Kenmerk 106299-2024 33 Rekenkamer Groningen. (2025, 15 mei). Intern memo ‘Rapportage navolgen van door de raad overgenomen rekenkamer-

aanbevelingen’. 34 Onder meer: voorgangsrapportages 2020-II, 2021-I, 2021-II, 2023-II, 2024-II. 35 College B&W, gemeente Groningen. (2023, 19 oktober). Voortgangsrapportage 2023-II. Pp. 52-53. 36 College B&W, gemeente Groningen. (2024, 23 oktober). Voortgangsrapportage 2024-II. Pp. 48-49. 37 College B&W, gemeente Groningen. (2020, 12 december). Reactie aanbevelingen rekenkameronderzoek Vensterscholen.

44.

er onder raadsfracties behoefte aan een onderzoek naar het effect van hun rol op de democratische controle van gemeentelijke vennootschappen. Zowel de urgentie van het thema als de timing van het onderzoek halverwege de collegeperiode maken het onderzoek relevant. De hoofdvraag bestaat uit twee delen. Enerzijds richt het onderzoek zich op de rol van de raad en de invloed die deze uitoefent, anderzijds op de risico’s voor de gemeente bij uitbesteding aan gemeentelijke vennootschappen. De deelvragen zijn geordend aan de hand van de onderzoeksopzet. Gekozen is voor een algemeen deel en een deel dat zich richt op vier concrete casussen. De ambtelijke organisatie is door de rekenkamer betrokken bij de casusselectie. Als onderzoeksmethode is er gekozen voor een documentanalyse in combinatie met interviews waarbij zowel het gemeentelijk perspectief als het perspectief van de vennootschappen aan bod komt. Opvallend hierbij is dat het raadsperspectief en het bestuurlijk perspectief ontbreekt bij de gesproken gesprekspartners. Per casus is binnen de gemeente alleen de accountmanager, concerncontroller en concerndirecteur gesproken. Elk hoofdstuk wordt afgesloten met een paragraaf met bevindingen. In totaal worden er zo 53 bevindingen geformuleerd.

In een conclusie en aanbevelingen hoofdstuk wordt er op basis van de bevindingen eerst de voor en nadelen van gemeentelijke vennootschappen weergegeven waarna er verdeeld over vijf thema’s 23 conclusies volgen. Vervolgens worden er 16 aanbevelingen geformuleerd aan college en raad. Hoewel de conclusies en aanbevelingen aansluiten op de bevindingen en de gestelde onderzoeksvraag beantwoorden, ontbreekt het aan een heldere prioritering. De veelheid en spreiding van de bevindingen maakt dat het voor de lezer lastig is om de lijn van bevinding, naar conclusie, naar aanbeveling te volgen. Het onderzoeksrapport is overzichtelijk vormgegeven. Het rapport wordt voorafgegaan door een leesbare bondige samenvatting, en door het gehele rapport wordt er gewerkt met een heldere indeling en duidelijke kopjes. Er wordt door de rekenkamer niet gewerkt met bronvermelding in de lopende tekst. Geraadpleegde bronnen worden in een bijlage vermeld. Dit komt de leesbaarheid van het rapport ten goede, maar zorgt wel voor een beperkte navolgbaarheid van het feitenrelaas. Het bestuurlijk wederhoorgesprek werd voor dit onderzoek gepland voordat het rapport in het college was besproken. Dat is als een onlogische volgorde ervaren door betrokkenen, omdat het voor een portefeuillehouder dan lastiger is om namens het college te spreken.

Presentatie, besluitvormingsproces en doorwerking In een meningsvormende sessie werd het raadsvoorstel naar aanleiding van het rekenkameronderzoek gemeentelijke vennootschappen besproken in aanwezigheid van 10 raadsleden en de portefeuillehouder. Een lid van de rekenkamer gaf hierin een toelichting op het onderzoek en beantwoorde vragen vanuit de raad. In de vergadering worden verschillende conclusies en aanbevelingen inhoudelijk en uitvoerig besproken. Afgesproken wordt om een tijdelijke klankbordgroep in te stellen vanuit de raad om de aanbevelingen te borgen in de nieuwe kadernota verbonden partijen. Naar aanleiding van dit onderzoek heeft de griffie aan het presidium een voorstel gedaan om de behandelwijze van rapporten van de rekenkamer te wijzigen. Het opstellen van een raadsvoorstel gebeurt naar aanleiding van dit voorstel niet langer meer door de rekenkamer maar door het presidium. Voor dit specifieke onderzoek is het reeds geagendeerde raadsvoorstel aangehouden. In plaats van

45.

behandeling in de raad worden de inhoudelijke aanbevelingen verwerkt in de nieuwe kadernota verbonden partijen. Betrokkenen uit de organisatie geven aan dat het onderzoek voor de ambtelijke organisatie een leereffect had. De organisatie denkt nu nadrukkelijker na, en geeft scherper aan waarom er gekozen wordt om een nieuwe verbonden partij op te richten. Daarnaast wordt bij besluitvorming over grote projecten vaker de vraag gesteld of de raad hierover geïnformeerd moet worden.

4.2.2 Onderzoek Meldpunt Overlast en Zorg (2023) Het onderzoek naar Meldpunt Overlast en Zorg richt zich op de vraag hoe het Meldpunt Overlast en Zorg in de praktijk bijdraagt aan de gemeentelijke doelstelling om woonoverlast te bestrijden en of dit op een doeltreffende en doelmatige wijze wordt gerealiseerd. Inrichting en uitvoering onderzoek Aanleiding voor het onderzoek van de rekenkamer naar het Meldpunt Overlast en Zorg zijn door de ombudsman Groningen ontvangen signalen. De ombudsman had de indruk dat in de afgelopen jaren woonoverlast niet is afgenomen en dat meldingen bij het Meldpunt niet altijd het gewenste effect hebben. In een gesprek met de onderzoekers wordt aangegeven dat het voor de ambtelijke organisatie gedurende het onderzoek onvoldoende duidelijk was wat de aanleiding en doel van het onderzoek vormden. Voorafgaand aan het onderzoek heeft er geen startgesprek plaatsgevonden met (een contactpersoon/vertegenwoordiger namens) de ambtelijke organisatie wat de samenwerking tussen organisatie en rekenkamer in de ervaring van betrokkenen niet ten goede kwam. De interviews in dit onderzoek werden uitgevoerd door één onderzoeker. Vanuit de ambtelijke organisatie wordt aangegeven dat de verslaglegging van deze gesprekken niet aansloot op de inhoud hiervan en dat gewenste wijzigingen niet werden gehonoreerd.

In het onderzoek worden er naast een documentanalyse en interviews, verschillende casussen bestudeerd. Het betrof een selectie van goede voorbeelden en voorbeelden waarbij de afhandeling beter had gekund of had gemoeten. Daarnaast zijn er casussen onderzocht die ook bij de ombudsman terecht zijn gekomen. Tot slot zijn er nog casussen bestudeerd die aan casustafels woonoverlast behandeld zijn. De onderzoeksmethoden sluiten goed aan op de onderzoeksvraag. De bevindingen van het onderzoek worden per hoofdstuk geformuleerd in bullets. Omdat het per hoofdstuk om zo’n acht tot vijftien bevindingen gaat is het voor de lezer soms lastig de rode draad van het rapport te volgen. Daarnaast zijn analyse en conclusies op sommige plekken vermengd. Hoofdstuk 6.1 is hiervoor illustratief. Conclusies, bevindingen en analyse lopen in deze paragraaf door elkaar heen. Daarnaast is het soms onduidelijk of en hoe bevindingen en perspectieven gewogen zijn en of deze door triangulatie tot stand zijn gekomen. Een voorbeeld hiervan in dezelfde paragraaf is een kader, wat de mening van één enkele burger weergeeft die zichzelf bij de rekenkamer heeft gemeld. Deze persoon staat niet in de lijst met geïnterviewde personen. Of en hoe de rekenkamer dit perspectief gewogen heeft blijft in het rapport onduidelijk. Het onderzoek heeft één hoofdconclusie en daarnaast dertien kleinere conclusies.

De conclusies corresponderen niet één op één met de deelvragen maar zijn wel gethematiseerd en geven antwoord op de gestelde onderzoeksvragen. Hierna volgen vijftien aanbevelingen voor het college, de raad en het meldpunt zelf. Per aanbeveling staat aangegeven welke partij hierop actie moet ondernemen. De meeste aanbevelingen en conclusies zijn concreet geformuleerd. Wel is er in verschillende conclusies en aanbevelingen sprake van overlap.

46.

Het rapport is helder vormgegeven en de vorm sluit aan op de inhoud. In tegenstelling tot andere rapporten van de rekenkamer ontbreekt er een samenvatting. Door het consequente gebruik van nummering, kaders en kleuren komt de vormgeving de leesbaarheid van het rapport ten goede. Na ontvangst van het definitieve rapport heeft het college, als bestuurlijk wederhoor, schriftelijk middels een brief reactie gegeven op het uitgevoerde onderzoek. Presentatie, besluitvormingsproces en doorwerking Het onderzoek is besproken in een meningsvormende sessie in aanwezigheid van raadsleden en portefeuillehouder. De aanwezige raadsleden konden zich vinden in het rapport en stelden aanvullende vragen. De wethouder gaf in de sessie aan alle aanbevelingen over te willen nemen. Bij de bespreking van het rapport in de raad in november 2023 werd unaniem een motie aangenomen waarin de raad gehoor geeft aan de aanbeveling van de rekenkamer om concrete afspraken met het college te maken ten aanzien van de informatievoorziening.38 In mei 2024 informeert het college van B&W met een brief de raad over de voortgang van de opvolging van de aanbevelingen. Het college benoemt hierin een vijftal punten waarop concreet opvolging is gegeven en stappen zijn gezet.

In de brief wordt aangegeven dat er in het najaar nogmaals gerapporteerd zal worden aan de raad.39 In de tweede voortgangsrapportage van 2024 staat vermeldt dat de raad bij de tweede voortgangsrapportage van 2025 opnieuw over de voortgang geïnformeerd zal worden. 40 In de zomer van 2025 is de ambtelijke organisatie een terugkoppeling aan het voorbereiden over de voortgang naar aanleiding van de gedane aanbevelingen. In een gesprek wordt aangegeven dat er vanuit de uitvoering stappen zijn gezet en er beleidsmatig wordt gezocht naar een manier om het meldpunt beter te positioneren.

4.2.3 Onderzoek resultaat fusie SSMG/KCG en rol Vrijdag (2022) Een onderzoek naar de fusie tussen de Stedelijke Muziekschool Groningen en de Kunsten Centrum Groep, waaruit in 2013 VRIJDAG als organisatie voor amateurkunst is ontstaan. Het onderzoek richtte zich op de vraag wat het resultaat van de fusie is, en wat de rol van VRIJDAG is bij het realiseren van de gemeentelijke doelstellingen op het gebied van amateurkunst en -cultuur. Inrichting en uitvoering onderzoek De rekenkamer geeft in het onderzoek naar de fusie en rol van VRIJDAG duidelijk aan op basis van welke selectiecriteria ze tot het onderzoeksonderwerp en -ontwerp zijn gekomen. Zo is er een maatschappelijk belang, is de rol van VRIJDAG meermaals in de media aan bod gekomen, is er een duidelijke beleidsverschuiving geweest en ontbreekt een duidelijk beeld van de effectiviteit en doelmatigheid van de veranderde beleidsopvatting van de gemeente. De urgentie en relevantie van het onderzoek wordt daarmee goed onderbouwd. Een kanttekening vanuit de ambtelijke organisatie bij deze insteek richt zich echter op het moment van onderzoek. Het onderzoek vindt negen jaar na de fusie plaats. De onderliggende doelstellingen aan de fusie, corresponderen daarom niet meer met het cultuurbeleid van de gemeente negen jaar later. In het onderzoek van de rekenkamer vormen deze fusiedoelstellingen echter wel een sterk kader.

38 Gemeenteraad Groningen. (2023, 29 november). Motie (M 03) Raad050 voor Effectief Meldpunt Overlast en Zorg 39 College B&W, gemeente Groningen. (2024, 22 mei). Brief voortgang aanbevelingen rekenkamerrapport Meldpunt Overlast

en Zorg. 40 College B&W, gemeente Groningen. (2024, 23 oktober). Voortgangsrapportage 2024-II. Pp. 48-49.

47.

De onderzoeksvraag is tweeledig en gaat enerzijds over het resultaat van de fusie en anderzijds over de rol van VRIJDAG in het realiseren van de gemeentelijke doelstellingen op het domein amateurkunst en cultuur. De hoofdvraag is in 22 deelvragen uitgewerkt, verdeeld over vier thema’s: beleid, uitvoering, de relatie tussen de gemeente en VRIJDAG, en de rol van de raad. Voorafgaand aan het onderzoek heeft er een startbijeenkomst plaatsgevonden met het ambtelijk contactpersoon waarin het onderzoek is toegelicht. De gekozen onderzoeksmethoden, interviews, documentanalyse en uitgezette vragenlijsten sluiten aan op de onderzoeksvraag. In het rapport zijn bevindingen op verschillende manieren vastgelegd. Elk hoofdstuk begint met een kader waarin de bevindingen worden samengevat. Daarnaast hebben sommige hoofdstukken nog een paragraaf “samenvattend” of een paragraaf “overige bevindingen”. Ook bevindingen uit gesprekken worden soms met bullets in een paragraaf weergegeven. Het is voor de lezer door de verschillende paragrafen en kaders niet duidelijk welk stuk van de tekst analyse is en welk stuk bevinding. Doordat de input uit gesprekken ook in bullets als bevindingen worden gepresenteerd is het onduidelijk of dit gaat om de mening van gesprekspartners ofwel de bevindingen van de onderzoekers.

Door het ontbreken van bronvermelding in de lopende tekst zijn in de analyse gedane uitspraken soms beperkt navolgbaar. Op diverse plekken is het onduidelijk of beweringen worden gestaafd door documenten of interviews, of dat het gaat om een conclusie van de onderzoekers. Presentatie, besluitvormingsproces en doorwerking Het onderzoek kwam aan de orde in een meningsvormende sessie van de raad. Een lid van de rekenkamer beantwoordde hierin de technische vragen die raadsleden op basis van het rapport stelden. Vervolgens gingen raadsleden met de portefeuillehouder over de inhoud van het rapport en de conclusies en aanbevelingen in gesprek. Besloten werd om het raadsvoorstel conform door te geleiden naar de raad. De raad neemt de aanbevelingen van de rekenkamer vervolgens integraal over. De raad geeft daarbij ook aan het college de opdracht uitvoering te geven aan de aanbevelingen en hierover jaarlijks te rapporteren aan de raad. In de tweede voorgangsrapportage van 2023 en 2024 wordt hier door het college ten dele opvolging aan gegeven.4142 Bij zeven aanbevelingen aan VRIJDAG en aan het college geeft het college aan op welke manier hier opvolging aan wordt en is gegeven.

4.2.4 Onderzoek informatievoorziening Aanpak Ring Zuid (2022) Dit betreft een gezamenlijk onderzoek met de Noordelijke Rekenkamer naar de informatievoorziening over de besluitvorming rond de Aanpak ring Zuid vanuit het college van Gedeputeerde Staten aan de Provinciale Staten en vanuit het college van B&W aan de gemeenteraad en aan burgers. Inrichting en uitvoering onderzoek De urgentie van het onderzoek naar de informatievoorziening ten aanzien van Aanpak Ring Zuid komt in het rapport helder naar voren. Het project is drie jaar vertraagd en verschillende betrokkenen gaven aan dat de informatievoorziening onder de maat zou zijn. De hoofdvraag in het onderzoek richt zich op de informatievoorziening van de Gedeputeerde Staten aan de Provinciale Staten en door het college van B&W aan de gemeenteraad en aan burgers. De 41 College B&W, gemeente Groningen. (2023, 19 oktober). Voortgangsrapportage 2023-II. Pp. 52-53. 42 College B&W, gemeente Groningen. (2024, 23 oktober). Voortgangsrapportage 2024-II. Pp. 48-49.

48.

hoofdvraag is uitgewerkt in zes deelvragen. De deelvragen volgen uit de hoofdvraag en zijn dekkend voor de vraagstelling. Onderzoekmatig wordt er gekozen voor een analyse van de informatievoorziening over de besluitvorming door middel van documentonderzoek. Een analyse van de vergaderingen van gemeenteraad en Provinciale Staten. Een analyse van ingediende WOB-verzoeken en interviews met verantwoordelijken bij provincie en gemeente. In de interviews zijn zowel raadsleden als statenleden geïnterviewd als ook de portefeuillehouders in gemeente en provincie. De gekozen onderzoeksmethoden sluiten goed aan op de vraagstelling. Het onderzoek is samen met de Noordelijke Rekenkamer uitgevoerd. Door voor dit onderzoek samen te werken kan de informatievoorziening zowel vanuit gemeente als vanuit provincie volledig in beeld gebracht worden. De keuze voor een gezamenlijk onderzoek versterkt daarmee de waarde van het onderzoek. Dit is door betrokkenen uit de organisatie ook als zodanig ervaren. Ook de diepgang van het onderzoek, de open blik tijdens het onderzoek en de uiteindelijke aanbevelingen zijn positief ontvangen. Het rapport start met de aanleiding en vraagstelling waarna direct de conclusies en aanbevelingen volgen. De rekenkamers trekken één hoofdconclusie, waarna in detail elke deelvraag apart beantwoord wordt.

Op basis van de conclusies geven de rekenkamers drie aanbevelingen mee. De conclusies en aanbevelingen zijn navolgbaar op basis van de inhoud van het rapport. Presentatie, besluitvormingsproces en doorwerking Het onderzoek is in een meningsvormende sessie in aanwezigheid van een lid van de rekenkamer besproken door de raad. De raad stelde verduidelijkende vragen aan het rekenkamerlid om vervolgens met elkaar en de portefeuillehouder in gesprek te gaan. In de raadsvergadering waarin het rapport voorlag werd één amendement ingediend om een aanbeveling aan te passen. De geamendeerde aanbevelingen werden daarna door de raad aangenomen. In gesprekken is aangegeven dat het rapport aanvankelijk goed is ontvangen, maar dat de aandacht voor de uitvoering van de aanbevelingen daarna is verslapt.

49.

Bijlage 1. Onderzoeksverantwoording Geraadpleegde bronnen Voor de geraadpleegde schriftelijke documentatie wordt verwezen naar de voetnoten in de rapportage. Gevoerde interviews In het kader van deze evaluatie zijn de onderstaande gesprekken gevoerd: Datum gesprek

Gesprekspartners

Type gesprek

7 mei 2025

Opdrachtgever en plv. griffier

Startgesprek

7 mei 2025

Rekenkamer Groningen

Oriënterend gesprek

18 juni 2025

Klankbordgroep rekenkamer

Verdiepend gesprek

18 juni 2025

Gemeentesecretaris en concerncontroller

Verdiepend gesprek

18 juni 2025

5 raadsleden, niet zijnde lid van de klankbordgroep

Verdiepend gesprek

18 juni 2025

Rekenkamer Groningen en secretaris ad interim

Verdiepend gesprek

23 juni 2025

Betrokken ambtenaar onderzoek meldpunt overlast en zorg

Verdiepend gesprek

(2023) 24 juni 2025

Betrokken ambtenaar onderzoek gemeentelijke

Verdiepend gesprek

vennootschappen (2024) 24 juni 2025

Griffier en plv. griffier

Verdiepend gesprek

24 juni 2025

Betrokken ambtenaar onderzoek resultaat fusie SSMG/KCG

Verdiepend gesprek

en rol Vrijdag (2022) 26 juni 2025

Betrokken ambtenaar onderzoek Aanpak Ring Zuid (2022)

Verdiepend gesprek

2 juli 2025

Gesprek betrokken portefeuillehouders onderzoeken

Verdiepend gesprek

gemeentelijke vennootschappen (2024) en meldpunt overlast en zorg (2023) 24 september 2025

Rekenkamer Groningen, klankbordgroep, afvaardiging

Gezamenlijke eindsessie

presidium

Uitvoering van het onderzoek Het onderzoek is uitgevoerd tussen mei 2025 en oktober 2025. Het onderzoek is in de volgende fasen uitgevoerd: Fase 1: Startgesprek De evaluatie is gestart met een startgesprek tussen de onderzoekers, twee vertegenwoordigers van het presidium als opdrachtgever van deze evaluatie en de plaatsvervangend griffier. In dit gesprek is de onderzoeksopzet vastgesteld en zijn er procesmatige afspraken gemaakt. Ook is in dit gesprek stilgestaan bij accenten die in de evaluatie aandacht verdienden. Na het startgesprek hebben de onderzoekers een informatieverzoek neergelegd bij de plaatsvervangend griffier en de secretaris ad interim van de rekenkamer. Fase 2: Inrichting van de rekenkamer en het rekenkamerproces In de tweede fase is een eerste beeld van de vier onderzoekaspecten gevormd op basis van een documentanalyse. Ook is in deze fase een oriënterend gesprek gevoerd met de leden van de rekenkamer. In deze fase was met name aandacht voor de ‘papieren werkelijkheid’ van de rekenkamer en hoe deze zich tot de praktijk verhoudt.

50.

Fase 3: Het functioneren in de praktijk en wensen voor de toekomst In de derde fase zijn verdiepende gesprekken gevoerd met verschillende betrokkenen rondom het werk van de rekenkamer. In deze gesprekken is verdiepend stilgestaan bij hoe deze betrokkenen het functioneren van de rekenkamer in de praktijk ervaren. De gesprekken zijn vormgegeven aan de hand van het analysekader. Fase 4: Analyse & perspectief In de zomer van 2025 hebben de onderzoekers op basis van het onderzoeksmateriaal hun analyse uitgevoerd aan de hand van het analysekader. In september is de nota van bevindingen voorgelegd aan de rekenkamer voor een feitenverificatie. Fase 5: Opstellen van de eindproducten en gezamenlijke eindsessie De onderzoekers hebben na de feitenverificatie conclusies en adviezen opgesteld. Op 24 september vond een gezamenlijke eindsessie met de onderzoekers, de opdrachtgever, de rekenkamer en de klankbordgroep plaats waarin is gereflecteerd op de conclusies en aanbevelingen uit de evaluatie. Daarna hebben de onderzoekers het rapport definitief gemaakt. Een deel van de adviezen is vormgegeven in een routekaart, waarmee betrokkenen op korte en langere termijn aan de slag kunnen.

51.

Bijlage 2. Analysekader Aspecten functioneren rekenkamer Inrichting

Werkwijze & rolinvulling

Analysepunten

Toetsing aan..

• • • • •

• • •

• • • • • •

Onderzoek & producten

Samenspel & samenwerking

• • • • • • • • • • •

Gekozen model Samenstelling Interne taakverdeling (Ambtelijke) ondersteuning Budget & budgetverdeling

Rolopvatting rekenkamer Totstandkoming onderwerpkeuze & onderzoeksprogramma Contact met externe onderzoekers Stappen in onderzoekuitvoering Intern samenspel in rekenkamer Procedures in aankondiging onderzoek, inrichting wederhoor, bespreken onderzoeksresultaten Onderzoekskwaliteit: passende methoden, valide bevindingen, congruente conclusies en aanbevelingen Aantal onderzoeksproducten Type onderzoeksproducten Transparantie onderzoeksopzet Relevantie Timing Aard, frequentie en wijze communicatie rekenkamer met klankbordgroep, raad, college en ambtelijke organisatie Mate van zichtbaarheid van de rekenkamer Mate van (in)formaliteit in samenwerking Contactmomenten Gespreksvormen

• • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •

Wettelijke kaders Verordening Profielen/Vacatureteksten + ervaring en CV’s leden en mate van complementariteit Profiel secretaris/onderzoeker RvO Jaarstukken/financiële administratie Ambitie vs. budget Afwegingen raad t.a.v. budget Wettelijke kaders Onderzoeksprotocol Beelden rekenkamer, KBC, gemeenteraad Beelden college en organisatie Werkwijze opdrachtgeverschap Communicatie rondom onderzoek Inhoud wederhoorreacties Wettelijke kaders Kwaliteitskaders onderzoek (VvR) en ervaring Necker Handreiking evaluatie VvR Beelden rekenkamer, KBC, gemeenteraad Beelden college en organisatie Mate van doorwerking Wettelijke kaders Randvoorwaarden voor een onafhankelijke positie Mate van gezag en vertrouwen RvO Afspraken samenwerking rekenkamer en KBC Samenwerking met andere rekenkamers / koepelvereniging

52.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.groningen.nl/api/v1/meetings/5195/documents/91449