2021-06-23-10.00-Radesingel Politieke-woensdag - Gemeenterekening.pdf
Tekst van het document
Voorzitter: U heeft eerst een interruptie van de heer Koks. 01:13:14
De heer Nieuwenhuijsen: Dat dacht ik al.
19
01:13:15
De heer Koks: Het is alleen maar applaus hoor, dus wat dat betreft. Om het eens even concreet te maken: op de buurthuizen, waar we het eerder ook over hadden, is dit jaar vierenhalve ton overgebleven. Vindt u nu dat u in de begroting voor volgend jaar kunt zien dat daar viereneenhalve ton extra budget bovenop – als dat nodig is natuurlijk – beschikbaar is voor buurthuizen? Bovenop wat er al regulier al beschikbaar is? Wilt u het zo concreet? Zou u daar wat over kunnen zeggen? 01:13:43
De heer Nieuwenhuijsen: Dank, Voorzitter, voor deze interruptie. Dank de heer Koks voor deze interruptie, sorry. Ja, dat is mogelijk dat we op die manier daarnaar gaan kijken. Ik moet wel zeggen, in eerdere interrupties die de SP had met andere partijen had ik het idee dat er toch wel erg makkelijk werd omgegaan met hoe corona daar invloed op heeft gehad. Het is echter waar dat er structureel 'onderbegrotingen' zullen plaatsvinden en dat we daar echt kritischer naar moeten kijken en ervoor moeten zorgen dat het geld dat we ervoor reserveren, er ook aan wordt besteed om de problemen die we te lijf wil aan te pakken. Eventjes zien. Ik ga door met mijn woordvoering. Er is overigens niet heel veel geld over op bijvoorbeeld armoede en minimabeleid. Dat is vermoedelijk door de snelle wijzigingen die zijn gemaakt naar aanleiding van de coronacrisis en daar zijn we als raad ook over ingelicht. Veel voorzieningen vielen weg, omdat alles op slot ging, maar er werd snel geschakeld. Daarnaast, en daar werd ook al aan gerefereerd, lijken de investeringen van hulp via de GKB de vruchten af te werpen, omdat we meer inwoners hebben kunnen helpen en er ook veel meer succesvolle minnelijke regelingen zijn getroffen. Dat is dus heel goed. Het kan niet vaak genoeg gezegd worden: het wegnemen van zorgen over schulden is van groot, groot belang.
Dit alles heeft iets meer budget gekost dan gehoopt, maar wij zien het liever hier besteed dan aan handhaving, waar geld is overgebleven door verminderde huisbezoeken. Wat mijn fractie betreft, zetten we die lijn voort. Voor Onderwijs geld dat het klassenverschil misschien wel het meest pijnlijk duidelijk naar voren is gekomen. Het is goed dat de gemeente zo snel bijvoorbeeld die laptops heeft geregeld en geleverd en we gaan ervan uit dat wordt bekeken hoe dit verduurzaamd kan worden voor kinderen die het nodig hebben. Over verduurzaming gesproken; dat dit nu snel met de schoolgebouw gebeurt, inclusief goede ventilatie en klimaatbeheersing, is natuurlijk ook van groot belang. Dan nog wel een aantal zaken die mijn fractie verontrusten. Ik hoop dat ik de tijd heb. Allereerst het feit dat in programma 4 een gebrek aan vergelijkingscijfers maakt dat de indicatoren weinigzeggend zijn. Het is daardoor lastig hier iets zinnigs over te zeggen, al helemaal omdat corona het zorglandschap natuurlijk ook overhoop heeft gegooid. Kan de wethouder alsnog een poging doen om iets zinnigs daarover te zeggen? Daarnaast viel ons op dat er van het doorbraakproject in Ten Boer wordt gezegd dat het administratief erg lastig is gebleken. Dit kan zijn, maar juist het ontschotten van de organisatie en integraal te werk gaan, zijn belangrijke ambities van het college.
Kan ze daarom aangeven, wanneer we van het doorbraakproject een evaluatie van kunnen verwachten, met name over het effect van het samenvoegen van budgetten. Tenslotte, vinden we in de aanbiedingsbrief een overschot van maar liefst 5,8 miljoen op de maatschappelijke opvang. Hiervan wordt gezegd dat dit geld nog hard nodig zal zijn voor de centrumregeling die Groningen als centrumgemeente zal uitvoeren. Kan de wethouder hier iets verder op ingaan? Het gaat om een enorm bedrag dat ten gunste moet komen van vaak zeer kwetsbare mensen, dus wat ons betreft zetten we dit 20
geld zo snel en goed mogelijk in, bijvoorbeeld door het intensiveren van hulp bij de opvang en het regelen van daken voor mensen die dakloos zijn. 01:16:41
Voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Atema. 01:16:43
De heer Atema: Ja, even over doorbraak, want ik zat even na te denken. In de presentatie die wij erover gezien hebben, waren ze juist heel juichend over het resultaat, dus waar haalt u dan ...? Administratief gaat het misschien niet goed, maar het resultaat is toch hoopvol. Bent u het daarmee eens? 01:17:00
De heer Nieuwenhuijsen: Dat is dan in die zin nieuwe informatie voor mij, omdat er in de jaarrrekening wat gematigder over wordt gesproken, dus daarom ben ik benieuwd naar de reactie van het college daarop. 01:17:15
Voorzitter: Kunt u ook tot een afronding komen? 01:17:18
De heer Nieuwenhuijsen: Ja, dat kan ik zeker, ik rond af. Ik heb hier ook staan. Ik denk dat we allemaal hopen dat de nieuwe raad ergens in juni 2022 niet nogmaals meer dan 500 keer het woord corona hoeft tegen te komen in de jaarrekening. Toch valt het niet uit te sluiten en weet niemand wanneer deze pandemie echt eindigt. Laten we er daarom alles aan doen, in elke overheidslaag, de risico's op dit soort pandemieën sterk terug te brengen en de samenleving eerlijker in te delen, zodat niet de meest kwetsbaren het zwaarst getroffen worden. Dank u wel. 01:17:45
Voorzitter: Dank u wel. Welke fractie mag ik dan het woord geven? Student en stad? 01:17:53
Mevrouw Berenschot: Ja, dank u wel, Voorzitter. We bespreken vandaag een deel van de gemeenterekening, namelijk de delen één tot en met zes. De delen die gaan over het sociaal domein en die duidelijk weergeven hoe absurd het afgelopen jaar is geweest. Alles was natuurlijk anders en dus is wat begroot was grotendeels niet gegaan zoals gepland en dat maakt het bespreken van deze rekening uiteraard ook anders. Door steun van het Rijk en flexibiliteit van de gemeentelijke organisatie is, naar het lijkt, vooralsnog gelukkig het ergste voorkomen. De coronacrisis valt met name terug te zien in bijvoorbeeld het programma Cultuur, één van de zwaarstgetroffen sectoren landelijk, maar ook zeker in Groningen. Als Student en Stad zijn wij voorstander van een bruisende levendige stad en het doet ons dus pijn te zien hoe anders het afgelopen jaar daarin is geweest. Uiteraard geldt dit voor ons als studenten op persoonlijk vlak, maar het feit dat ook veel kinderen en jongeren verstoken zijn gebleven, van iets wat zo belangrijk is in je vorming, doet met name pijn. Gelukkig is daar ook goed nieuws te melden, namelijk de succesvolle lobby richting het Rijk voor cultuursubsidie en het gestegen aantal leden van de bibliotheek. Wat betreft Sport is ons opgevallen dat het percentage inwoners dat tevreden is met de sportieve infrastructuur erg laag is.
Met name als het gaat om plekken in de openbare ruimte die geschikt zijn voor sport, 21
spel en bewegen. Allicht zal de lockdown hier een versterkend effect hebben gehad, maar wij zouden graag zien dat naar aanleiding van deze cijfers de komende tijd wordt gekeken naar beter beleid hierop. Verder vonden wij het goed om te zien dat er veel meer organisaties dan gepland zich hebben verbonden aan de thema's van de diversiteitsagenda. Ons viel echter ook op dat er een laag percentage inwoners is dat bekend is met wat WIJteams doen, terwijl dit juist nu zo belangrijk is gezien corona. Verder waren er ook lage percentages 'tevreden met het leven' en dat zou uiteraard beter kunnen. Wat betreft economie: op 21 maart stond er in Dagblad van het Noorden een artikel over de jaarlijks braindrain van studenten die de stad uittrekken. Uiteraard is dit iets wat ons al jaren zorgen baart en wij zouden er daarom ook op aan willen dringen om de komende jaren bezig te blijven met talent en bedrijfsleven koppelen. Wij vonden het goed om te zien dat er meer is uitgeven aan Groningen Kennisstad. Al met al vinden wij het een prima stuk, maar moeten we nog wel zien wat er te voorschijn zal komen als de rook enigszins is opgetrokken. Dank u wel, Voorzitter. 01:20:27
Voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer Koks. 01:20:31
De heer Koks: Over die braindrain. Dat gaat met name over hoger opgeleiden. Heeft Student en Stad ook gelezen dat in de maakindustrie, zoals het heet, voor praktisch geschoolde mensen de werkgelegenheid minstens net zo hard onder druk staat? Vindt Student en Stad niet met ons dat daar ook met name in geïnvesteerd zou moeten worden? 01:20:51
Mevrouw Berenschot: Zeker, daar kan ik het helemaal mee eens zijn. 01:20:54
Voorzitter: Dan heeft u ook nog een interruptie van de heer Atema. 01:20:56
De heer Atema: Het feit dat er volstrekt te weinig kamers en woningen beschikbaar zijn voor studenten dit jaar en volgend jaar. Heeft u daar nog een opvatting over? 01:21:06
Mevrouw Berenschot: Daar hebben wij zeker wel opvattingen over als Student en Stad. Ik denk dat wij die ook al vaak hebben besproken, maar 01:21:13
Voorzitter: Ik zou wel willen zeggen dat dat eigenlijk onderdeel is van een ander programma dat vanmiddag besproken wordt. Mag ik dan mevrouw Menger het woord geven? 01:21:27
Mevrouw Menger: Ja, dank u wel, Voorzitter. Allereerst wil mijn fractie haar complimenten uitspreken voor het aangeleverde overzichtelijke document. Goed uitgelegd en inzichtelijk. Met betrekking tot de programma's het volgende. Zorg, Welzijn en Gezondheid. We zijn met name blij met de focus die de gemeente heeft voor een adequate schuldhulpverlening; de vroegsignalering. Wat mijn fractie betreft, behaal je daar de winst en beperk je onoverkomelijke verliezen. Zorg blijft een grote zorg en dan met name de jeugdzorg. Als grote kostenpost rijzen de kosten de pan uit. De wachtlijsten die er zijn, blijven en gaan 22
wellicht oplopen. Zoals al benoemd door diverse fracties, de aantallen qua uithuisplaatsingen zijn zeer zorgelijk en daar graag een reactie van de wethouder. Desalniettemin 01:22:19
Voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Koks. 01:22:22
De heer Koks: Ja, Voorzitter, over die tekorten in de jeugdzorg. Er is een tekort van 6,4 miljoen in dat rekeningjaar, maar er staat ook een niet-uitgave in. Hoe heet het ook alweer? Dat fonds dat voor de vernieuwing van jeugdzorg is. Op zich zijn die tekorten in de jeugdzorg relatief fors teruggelopen en nu komt de regering ook nog met extra geld over de brug, dus is het langzamerhand dat probleem van dat gat in de begroting niet aan het dichten? 01:22:49
Mevrouw Menger: Ja, zo kun je dat zien, maar desalniettemin blijft het een zorgelijk iets. Als je ook landelijk kijkt, dat er bijvoorbeeld in Limburg jeugdbeschermingsinstellingen sluiten en dat gemeenten ook zeggen: handen omhoog en Rijk zoek het maar uit, wij kunnen niets en we doen niets meer. Het blijft volgens mij een onderwerp dat zeer zorgelijk is en waar we allemaal bovenop moeten blijven zitten. Ik ben het echter met u eens, het wordt iets positiever. Even kijken hoor, waar was ik? Desalniettemin, spreken wij onze waardering uit voor het feit dat onze gemeente de focus behoudt en waar mogelijk de samenwerking zoekt, zeker op regionaal niveau. Kortom, blijft denken in mogelijkheden en oplossingen. Kwaliteit van de leefomgeving. Leefbare en groene openbare ruimte is en blijft belangrijk, zeker in onze groeiende gemeente met een compacte binnenstad. Het feit dat de gemeente dit hoog op haar agenda heeft staan, waarderen wij dan ook. Je leefomgeving bepaalt ten tenslotte voor het overgrote deel je welzijn op mentaal, fysiek en sociaal gebied. Werk en Inkomen. Dit is en blijft een bepalende factor voor iedere inwoner; de vraag heb ik en behoud ik mijn werk? Ditzelfde geldt ook voor het inkomen. Een gemeente dient dit hoog op de agenda te hebben en behouden. Het feit dat de gemeente hier veel aandacht aan geeft, vinden wij niet meer dan normaal en wenselijk.
Dat door de coronacrisis de overduidelijke mismatch op de arbeidsmarkt significant naar voren is gekomen, is wat mijn fractie betreft een geluk bij een ongeluk. Wij gaan ervan uit dat de knelpunten nu nog inzichtelijker zijn, waardoor we er op een adequate oplossingsgerichte wijze mee aan de slag kunnen. Gelukkig is de grote voorspelde malaise en faillissementengolf vooralsnog niet uitgekomen. Met betrekking tot Onderwijs. Wij blijven hameren op omscholing en samenwerken met kennisinstellingen en mbo-opleidingen. Goed onderwijs is en blijft prioriteit. Hier sluit ik verder aan bij de woordvoering van de Partij voor de Dieren. De grote klappen bij cultureel zijn diep triest en hopelijk kunnen we ondanks de al verlengde steun voorkomen dat er nog meer Groningse poppodia omvallen. Cultuur is immers belangrijk voor de algemene ontwikkeling van kinderen en jongeren, maar ook voor volwassenen. Het zorgt voor verbinding tussen inwoners. Groningen kent een mooie en bekende traditie op het gebied van cultuur- en muziekaanbod. De vraag van de VVD met betrekking tot Forum en MartiniPlaza vinden wij een zeer relevante en daar sluit mijn fractie zich bij aan en we zijn dan ook benieuwd naar de beantwoording van de wethouder. Ik sluit af met het onderdeel Sport, Voorzitter. Mijn fractie vindt dit een elementair onderdeel. Het moet voor iedereen toegankelijk en laagdrempelig zijn en blijven.
Sportverenigingen en sportclubs staan zwaar onder druk en 23
zijn tegelijkertijd ook met alle sportaanbieders een spil in de samenleving en daarmee van absolute toegevoegde waarde in buurten, wijken en op scholen. Ten slotte sluit ik af met: wij zijn blij dat onze sportmotie is aangenomen en ondanks de druk en de moeite 'as we speak' in uitvoering is. Dank u wel, Voorzitter. 01:26:14
Voorzitter: U heeft nog een interruptie van meneer Loopstra. 01:26:18
De heer Loopstra: Ja, want ik was blij met de woorden van mevrouw Menger over het sporten en onze partij maakt zich al jaren sterk voor de minima. Volwassenen die op een bepaald moment ook moet kunnen sporten, ondanks het feit dat ze een smalle beurs hebben. Beluister ik goed dat u zich daar ook in kunt vinden? 01:26:41
Mevrouw Menger: Absoluut en ik ga er ook een beetje vanuit dat de heer Loopstra dat ook heeft meegekregen in onze sportmotie. Dat is ook waar wij echt de nadruk op hebben gelegd, juist voor deze mensen, voor deze doelgroep en voor ouderen superbelangrijk. Dank u wel. 01:26:55
Voorzitter: Dank u wel voor uw woordvoering. Dan zou ik nu graag het woord willen geven aan de heer Onnes van de PVV. 01:27:05
De heer Onnes: Ja, Voorzitter, bedankt voor het woord. Ik zal het kort houden in dit verband, want er is al erg veel gezegd. Wat de PVV-fractie betreft kunnen wij ons in grote lijnen aansluiten bij de bijdrage van de VVD, waar het gaat om de positie van de ondernemers in het hele gebeuren, ook door corona. Ik zou ook graag over het onderdeel Werk en Inkomen een vraag willen stellen aan het college, als dat mag. Dat betreft met name het onderdeel handhaving. Door corona is er minder controle geweest en bij twijfel wordt doorbetaald. Dat lijkt mij volkomen terecht wat dat betreft. Dan staat er: "In samenspraak met onder andere de WIJ worden uitkeringen vaker gecontinueerd, vanwege sociaal belang of vanwege de openbare orde en veiligheid". Mijn vraag aan het college is: waarom is daarvoor gekozen? Dat was het, Voorzitter. 01:28:07
Voorzitter: Dat was mooi kort. Dan hebben we nu alle fracties aan het woord gehad en dan schorsen we even voor tien minuutjes, waarna we verder gaan met de collegebeantwoording. 00:07:42
Voorzitter: Dames en heren, welkom terug bij de meningsvormende sessie over de gemeenterekening, de eerste zes programma's. Wie van het college mag ik het woord geven? 00:07:52
De heer De Rook: Voorzitter, ik heb maar een paar vragen, dus ik verwacht dat ik er snel doorheen kan. 24
00:07:58
Voorzitter: Oké. 00:07:58
De heer De Rook: Er zijn een aantal opvattingen gegeven, daarom houd ik de reflectie nog maar even vast voor het voorjaarsdebat en zal ik vooral de vragen even beantwoorden. De Partij voor de Dieren heeft gevraagd over de Ommelander Markt en het belang ziet het college ook. Tot september is er nog een contract bij bij de RUG. Daar lopen ook gesprekken over het vervolg en we hebben aangeboden dat, op het moment dat dat niet tot een resultaat leidt, de gemeente graag inspringt om met de Ommelander Markt te kijken voor een nieuwe plek. De Partij van de Arbeid heeft gevraagd naar de Vrijdag en de WIJ. Het beeld dat het college heeft is dat met de gebiedsteams de samenwerking met Vrijdag ontzettend goed gaat. Bij WIJ is dat in alle eerlijkheid wisselend. In sommige wijken gaat het heel goed en in anderen is dat echt nog voor verbetering vatbaar. Ik wil u eigenlijk voorstellen, naar de suggestie van de heer Van der Meide, dat wij vanuit de gemeente proberen een gesprek te faciliteren tussen de directies van WIJ en Vrijdag om te kijken of dit verder verbeterd kan worden. De Partij van de Arbeid en Stad en Ommeland hebben gevraagd of het college de zorgen deelt over de detailhandel. Zeker. Is daar een plan voor? Ja, dat staat natuurlijk in de herstelagenda.
Daar hebben we er een aantal voorstellen voor opgenomen en wij verwachten volgende week de nieuwe detailhandelsvisie voor de gemeente vast te stellen en daarin wordt ook uitgebreid op dit thema ingegaan, dus die urgentie wordt ook door het college gedeeld. De VVD heeft gevraagd naar de toekomstbestendigheid van de werkwijze tijdens corona. Een aantal elementen is laaghangend fruit, dus gaan we daarmee door? Absoluut. Er zijn ook een aantal elementen uit die plannen die, als je dat langjarig zou willen doen, dan kost dat geld. We moeten even kijken of we dat ook kunnen waarmaken. Het derde is dat we ook vermoeden dat een aantal dingen, bijvoorbeeld de uitbreiding van terrassen, ook politieke besluitvorming vraagt. Er zitten namelijk wel dilemma's achter, want niet iedereen is er bijvoorbeeld blij mee dat het voor zijn deur staat. Als we dat langjarig willen doen, dan zal dat opnieuw bij uw raad moeten worden voorgelegd. Er is ook gevraagd naar het toezicht van Forum en het museum. Wij zien dat de gemeente een groot belang heeft bij deze instellingen. Het is dus niet, omdat er nu concreet iets aan de hand is, maar omdat wij bij het Forum het exploitatietekort voor een aantal jaren afdekken. Het Groninger Museum – wat u ook weet – heeft nogal op de reserves ingeteerd de afgelopen jaren en staan al een aantal jaren onder toezicht.
Dat is niet omdat er acuut iets aan de hand is, maar vooral omdat de belangen van de gemeente groot zijn en we ook weten dat uw raad daar bovenop zit, dus vandaar dat dat zo is. Het CDA heeft gevraagd of het economisch programma nog actueel is? Het afgelopen jaar hebben we natuurlijk heel veel moeten omschakelen richting acute steun voor ondernemers. Het beeld is echter dat de speerpunten blijven: digitalisering, energie, gezondheidseconomie en creatieve industrie. Ja, dat blijven de speerpunten. Dat is onveranderd is en daarmee is de inzet ook nog steeds heel actueel. We kijken natuurlijk wel altijd wat er concreet nodig is, want er is wel heel veel dynamiek en dat actualiseren we. De richting van het programma echter, staat wat ons betreft nog recht overeind. Voorzitter, dat waren mijn vragen. Dan maak ik nu plaats voor wethouder Jongman.
25
00:10:36
Voorzitter: Ja, voordat u gaat, heeft u nog een vraag van de heer Koks. 00:10:39
De heer Koks: Ja, want ik ben wel benieuwd wat de wethouder van Financiën zegt op onze stelling dat er zo langzamerhand een stuwmeer in onze financiële huishouding zit op de sociale onderwerpen van 20 miljoen of 27 miljoen – dan kun je discussiëren over hoe hoog dat zou moeten zijn – en dat het alsmaar weer doorgeschoven wordt naar volgende jaren om dat dan mogelijk uit te gaan geven. Klopt die stelling of klopt die stelling niet? 00:11:03
De heer De Rook: Voorzitter, ik vraag me af, als ik deze vraag nu beantwoord of ik deze dan vanavond niet meer hoef te beantwoorden van de SP-fractie? We hebben dadelijk natuurlijk een hele commissievergadering, alleen maar over de financiën. Ik zit hier als wethouder van EZ en Cultuur. Als u nu zegt, ik wil dat nu, dan ga ik ervan uit dat uw fractie die vraag vanavond niet nog een keer stelt. 00:11:17
De heer Koks: Nu, ik heb het hier met name over de sociale paragrafen en zoals u is opgevallen, is de begroting breder dan alleen de sociale onderdelen 00:11:26
De heer De Rook: Zeker. 00:11:26
De heer Koks: Het gaat mij specifiek om het sociale deel. 00:11:28
De heer De Rook: Volgens mij staat dat vanavond op de agenda, dus ik kan er best even op ingaan, maar dan ben ik nu even drie minuten aan het woord is, dus ik kijk even naar de voorzitter of dat wenselijk is of dat de voorzitter zegt: nee, dat heeft de raad voor vanavond geagendeerd. Ik vind het allebei goed. 00:11:41
Voorzitter: Het is misschien zuiverder om de financiële discussies vanavond te doen, maar als de heer Koks graag een antwoord wil, dan heeft hij daar ook recht op. 00:11:51
De heer Koks: Ik kijk vanavond wel even mee. Dan kan ik helaas geen vragen stellen dat is jammer. 00:11:56
De heer De Rook: Ik vermoed dat u het heeft afgestemd in de fractie, wat u allemaal gaat zeggen vandaag. 00:12:01
Voorzitter: Oké, hartelijk dank voor deze beantwoording. Welke wethouder mag ik dan het woord geven? Mevrouw Diks. 00:12:07
Mevrouw Diks: Ja, dank u wel, Voorzitter. Ik wilde graag beginnen met me aan te sluiten bij de complimenten die door alle, of heel veel partijen in ieder geval, in deze raad zijn geuit, als 26
het gaat om hoe deze gemeente heeft gereageerd op de eerste keer dat we met corona zijn geconfronteerd. Er zijn hele mooie voorbeelden van noaberschap getoond in deze gemeente, met mensen die contact met elkaar hebben gezocht, die dat daarvoor niet hebben gedaan. Er zijn nu andersoortige connecties gelegd. Bij dat compliment sluit het college zich graag aan en dat geldt denk ik ook voor de complimenten die vanuit u zijn gekomen voor de organisatie. Onze eigen gemeentelijke organisatie, die ook met een manvrouw en macht heeft gewerkt om zo snel als mogelijk en zo als flexibel mogelijk te kunnen reageren op al die nieuwe zaken die in deze situatie op ons afgekomen zijn. Ik zal natuurlijk de vragen beantwoorden en misschien ook wat in een kader gezet. Wat we zien, in tijden van corona, is dat de tweedeling wel verscherpt is. Een aantal van u heeft dat ook al aangegeven, dat is één van de redenen, waarom met name de burgemeester zich heel actief heeft opgesteld bij de ontwikkeling van de manifeststeden. De 15 grotere steden in Nederland die met deze hele specifieke situatie worden geconfronteerd. Die tweedeling is een zorg voor ons allemaal, zou ik zo zeggen. Zoals we hier zitten, maar ook voor onze gemeente, om echt goed daar zicht op te blijven houden en daar met elkaar ook snel, slim en verstandig op te reageren.
Dat hebben wij natuurlijk zo veel als mogelijk geprobeerd met alle zaken die in deze tussentijd in gang zijn gezet. Een aantal daarvan zitten in mijn portefeuille en die gaan bijvoorbeeld over de schuldhulpverlening, waar een aantal van u ook de complimenten voor heeft uitgesproken en die geef ik graag door aan de organisatie. Wij hebben sterk en snel ingezet op vroegsignalering en op snelle, adequate ondersteuning van mensen die op weg zijn naar schulden, dan wel in schulden zitten. Het kan niet vaak genoeg gezegd worden: bij schulden kan onze gemeente echt heel snel mensen van dienst zijn om te voorkomen dat het problematische schulden worden. Ik roep zo ongeveer in elke vergadering mensen op: blijf er niet mee zitten, vraag advies bij de gemeentelijke kredietbank bijvoorbeeld of bij de WIJ-teams, want zij kunnen je echt heel snel helpen. Met name de inzet op de vele minnelijke regelingen maakt dat wij ook relatief goedkoop deze ondersteuning kunnen bieden. Zoals de heer Nieuwenhuijsen het al aangaf dat is precies wat je graag wil, namelijk in het voorstadium van dergelijke situaties insteken en actief handelen – ja, ik zag een hand te verschijnen, geloof ik – om te voorkomen dat mensen problematische schulden ontwikkelen. Ik wilde niet een interruptie uitlokken, maar ik zag u bewegen volgens mij, meneer Rebergen. 00:15:30
Voorzitter: De heer Rebergen. 00:15:31
De heer Rebergen: Ja, dank u wel, De wethouder geeft aan, we zijn bezig met die vroegsignalering. We denken ook dat het heel belangrijk is om dat te doen. Toch kan ik me wat verschillende reacties van inwoners voorstellen, als je dan bij zo een inwoner komt, waarvan je een signaal hebt ontvangen. Dat zou het kunnen zijn van 'fijn dat u er bent, ik wil inderdaad graag geholpen worden' tot 'waar bemoeit u zich mee'. Kan de wethouder ook aangeven hoe dit beeld over het algemeen is en hoe mensen dat ontvangen? 00:16:03
Mevrouw Diks: Ja, u geeft zelf al aan wat er dan kan gebeuren, want zoals natuurlijk met heel veel regelingen, mensen zijn natuurlijk autonoom. Je mag dus van alles krijgen en aannemen van deze gemeente, maar het hoeft natuurlijk in veel gevallen niet. Mochten we 27
echt indicatie hebben dat mensen zodanig in problemen zitten dat ze daardoor zo gestrest zijn en hun eigen situatie misschien niet goed genoeg meer kunnen beoordelen, dan kunnen we natuurlijk ook altijd via de WIJ-teams een wat dieper gesprek voeren met deze gezinnen. We zitten natuurlijk ook met zijn allen in de voorzieningenwijzer samen met de woningbouwcorporaties, energiebedrijf enzovoort. Ja, dat loopt nog niet zo hard, als dat ik graag had gewild, maar het loopt wel. Laat ik het even zo benoemen. Even kijken. Ja, een aantal van u heeft ook aangegeven – en dat zien we natuurlijk allemaal – dat de armoede in onze gemeente een heel serieus probleem is. Even terugkomend inderdaad op die tweedeling en die manifeststeden. Ja, dat is natuurlijk één van de belangrijke redenen om met elkaar in deze gemeente ook echt in te gaan zetten, zodat ... Ja, waar rijken rijker worden, is misschien nog wel te hanteren, maar waar armen armer worden, dat zien wij natuurlijk als college ook niet als een optie. Een aantal van u geeft daarom ook aan 00:17:22
Voorzitter: U heeft een vraag van de heer Koks. 00:17:26
De heer Koks: Nu, daar zijn we blij mee met die constatering van die verscherping van die tweedeling. Bent u het ook met ons eens dat, door de onderbesteding op een aantal posten van jaar tot jaar, er daardoor volgend jaar extra middelen beschikbaar zouden moeten kunnen zijn, om juist die tweedeling verder en harder tegen te gaan? 00:17:48
Mevrouw Diks: We hebben voor de programma's in mijn portefeuille – zal ik maar zeggen, ik praat even namens mezelf en niet vanuit de coördinatie van het sociaal domein – nagenoeg alles uitgegeven. Er is misschien wat minimale onderbesteding geweest. Ik denk dat dat voor armoede en schuldhulp en bijzondere bijstand heel goed te verklaren is. Kijk, wij zijn natuurlijk nu ook als college dapper bezig, zal ik maar zeggen, en vooral druk bezig om te kijken, hoe gaan we nu reageren met zijn allen op corona. U heeft laatstelijk het economisch herstelplan voorbij zien komen. U zal straks informatie krijgen over een sociaal herstelplan en dat zijn natuurlijk de instrumenten en de manieren, waarop wij willen proberen om als college – samen met de raad uiteraard – zo flexibel en zo adequaat mogelijk te reageren op dit soort nieuwe vragen die op ons afkomen. Het tegengaan van de tweedeling in de maatschappij is natuurlijk ook niet iets wat alleen vanuit de gemeente Groningen georganiseerd kan worden. Dat zal sowieso regionaal, maar vooral ook landelijk moeten. Daarbij zou de totstandkoming van een nieuw kabinet ons allen ook erg kunnen helpen, denk ik, want dan zouden we met elkaar kunnen doorontwikkelen. Het oponthoud in Den Haag is denk ik negatief voor iedereen, laat ik het zo zeggen.
Een aantal van u is ook ingegaan op de toename in de bijstand? Mevrouw Akkerman had het even gespecificeerd. We stonden op negen in de top 10 en we staan nu op zeven. Gemeenlijk ben je dan positief, maar niet in dit geval uiteraard. Hoe zou dat allemaal kunnen komen? Ja, corona is daarbij natuurlijk echt een serieuze factor en vooral ook het feit dat er heel veel jongeren zijn. We zijn natuurlijk een grote studentenstad. Heel veel jongeren die, vanwege de sluiting door corona van de horeca en cultuur, natuurlijk even geen bijbaan of gewone baan meer hadden. Die toename is dus zeer goed te verklaren. De heer Loopstra -
28
00:19:57
Voorzitter: U heeft daar een vraag over van mevrouw Akkerman. 00:20:02
Mevrouw Akkerman: Ja, ik zit even te denken. Studenten doen een beroep – volgens mij – op studiefinanciering, dus het lijkt mij raar dat die dan de toename in de bijstand veroorzaken. Ik had ook gevraagd, komt het niet doordat we ambitieuzer moeten zijn? 00:20:16
Mevrouw Diks: Ja, dat zou een hele filosofische discussie zijn of we ambitieus genoeg zijn. Dat is, denk ik, niet voor de jaarrekening. We zijn natuurlijk met zijn allen heel druk bezig om mensen die in de bijstand zitten zo goed mogelijk te ondersteunen en mensen die uit de bijstand willen, uit te nodigen of te verleiden om uit de bijstand te gaan. Wethouder Bloemhoff zal daar straks vanuit participatie nog wat dieper op ingaan. De heer Loopstra Studenten? 00:20:47
Voorzitter: Dat studenten geen beroep doen op de bijstand, maar op studiefinanciering. 00:20:52
Mevrouw Diks: Ja, studenten kunnen gewoon een beroep doen op de bijstand. Sterker nog, de wachttijd van een maand die normaal gesproken in de regeling zit, hebben we juist afgeschaft ten tijde van corona. Zodat ook jongeren die van de ene op de andere dag zonder bijbaan kwamen te zitten, van de ene op de andere dag ook die bijstandsuitkering konden aanvragen, wat in de normale situatie niet het geval was. De heer Loopstra – derde keer, denk ik – zegt: ja, zouden de minimaregelingen eigenlijk ook niet voor ouderen moeten zijn? Minimaregelingen zijn echter ook voor ouderen. Minimaregelingen zijn voor iedereen die minima is, dus dat heeft feitelijk niets te maken met of je in de bijstand zit of een bepaalde situatie hebt. Als je een oudere bent met een heel laag inkomen of iemand met een kleine baan en tekort aan inkomen, kun je altijd daar een beroep op doen. 00:21:43
De heer Loopstra: Daar zijn we heel blij mee, Voorzitter, maar ik had gericht het even over sport en dat mensen gaan sporten op oudere leeftijd. Als je jong bent, dan krijg je die voorzieningen van Bslim en het Jeugdfonds, maar als je vijftig jaar bent en je gaat sporten en je hebt een minimumuitkering, dan staat daar altijd weinig tegenover. Dat willen we graag anders zien. 00:22:07
Voorzitter: Helemaal goed. Ik sprak voor mijn beurt, want het was helemaal niet aan mij gericht, begrijp ik. Een aantal van u is op de jeugdhulp ingegaan. Ik heb u een beetje bijgepraat dat het regionaal wat stroef liep, was de samenvatting van de heer Atema. Nu, tijd is mooi spul roep ik weleens. We zijn ondertussen weer on speaking terms en dapper bezig met de ontwikkelingen op dat gebied. Heeft corona ook geleid, vraagt mevrouw Van Doesen, tot extra vraag naar jeugdhulp. Ja, dat is zo. We zagen echt – ik heb u daar op een aantal andere momenten ook over bijgepraat – dat tijdens de eerste lockdown en de eerste grote zorg over wat corona überhaupt was, het fysieke bezoek aan WIJ-teams natuurlijk onmogelijk was. Niet alleen voor onze inwoners, maar natuurlijk ook voor de medewerkers van de WIJ, want we moesten nog even wennen aan wat is dit nu precies en wat overkomt 29
ons? We zagen dus dat mensen die vragen, als ik het zo mag zeggen, even 'opsloten' en daarna met een grotere en complexere vraag kwamen die ook tot een extra dotatie aan de WIJ hebben geleid. Wachtlijsten, mevrouw Menger ging daar nadrukkelijk op en volgens mij een aantal andere van u ook. Ja, dat is treurig, heel zorgelijk, zeer ongewenst, weerbarstig en heel moeilijk te bestrijden. Ik geef het u wel mee, want ik zou natuurlijk net zo lief zeggen dat het morgenochtend klaar is met die wachtlijsten, maar zo zit de wereld niet in elkaar. We zien ook daar natuurlijk dat het echt een probleem is, dat we een gebrek aan mensen in deze zorgeconomie hebben. Dat is echt lastig. Bovendien zijn het natuurlijk ook vaak opleidingen die een aantal jaren duren. Ja, je kunt niet psychologen van de plank kopen, zal ik maar zeggen, dus dat kost tijd om dat te ontwikkelen. We zijn daar wel, ook regionaal, hard mee bezig om dat echt beter te gaan doen. 00:24:11
De heer Koks: Even daaraan gekoppeld, daar had de Partij voor de Dieren het ook over, is het aantal kinderen dat uit huis geplaatst is gestegen van 60 naar 99. Ook het aantal kinderen dat in de vrouwenopvang zit, is fors gestegen. Wijt u dat ook allemaal aan de coronacrisis of zitten daar andere oorzaken onder? Het is natuurlijk helemaal tegen wat we willen met de jeugdzorg, namelijk dat kinderen zoveel mogelijk thuis blijven wonen. 00:24:36
Mevrouw Diks: Zo thuis mogelijk inderdaad. Dat is de zoektocht. Ik heb het u al eerder gezegd, maar het is zo. Elke uithuisplaatsing leidt, afgezien van extreme voorbeelden, tot meer trauma, dan alles wat kinderen thuis meemaken. Dat voor het perspectief. Tegelijkertijd zien we de de getallen oplopen. Dat is overigens niet alleen in Groningen zo, maar landelijk. De getallen lopen op van die uithuisplaatsingen. Dat is echt zeer ongewenst, maar ook daar ... Op het moment dat je ... Dat is natuurlijk ook wel – wat mij betreft – de grondslag voor die jeugdhulp die we nu willen gaan inkopen en gaan ontwikkelen, dat je echt voor aan het proces wil zitten. Dat geldt natuurlijk ook even kijkend naar de WIJ, een aantal van u heeft daar ook vragen over gesteld. Ik meen dat de heer Van der Meide er ook wat nader op inging. De clou is natuurlijk dat je probeert om aan de voorkant de zaken zo goed te regelen dat uiteindelijk kinderen en gezinnen niet in deze situatie van uithuisplaatsing terechtkomen. Echter, ook dat is natuurlijk niet binnen tien minuten geregeld. 00:25:38
De heer Koks: Voorzitter, mijn vraag was meer of het coronagerelateerd is die stijgingen, met name bij die uithuisplaatsingen en die kinderen in de opvang? 00:25:46
Voorzitter: U heeft ook nog een vraag van mevrouw Menger. 00:26:00
Voorzitter: Stelt u uw vraag ook maar direct, dan kan mevrouw Diks die straks allebei beantwoorden. 00:26:05
Mevrouw Menger: Aanhakend op wat, Voorzitter, de wethouder aangeeft van we willen vooral aan de voorkant zitten. Nu, vanuit de raad is er ook een initiatiefvoorstel ingediend met betrekking tot gezinsverzorger. Onder andere mijn fractie heeft daar ook het initiatief in 30
genomen. Wij denken dat is per definitie geschikt om het voor te zijn dat het misschien zwaarder wordt. Onze vraag is: hoe loopt dat traject? Is dat al lopende? De wethouder heeft al aangegeven dat ze daar nog op terugkomt voor de zomer, maar we denken – als dit zo een grote problematiek is en als we naar de getallen kijken die hoog oplopen – dat je echt heel erg moet insteken op juist dat voortraject, dus het preventieve. Dat zou mijn vraag zijn. 00:27:00
Mevrouw Diks: Ja, precies. Dat preventieve is natuurlijk waar we met elkaar op inzetten. Echter, ook dan, als je preventieve inzet, wil dat natuurlijk niet zeggen dat een dag later de gevolgen daarvan helder zullen zijn. Wat je, denk ik, voor een tijdje aan het doen bent, is dat je twee sporen te gelijk beloopt. Je gaat preventief sneller en eerder inzetten en tegelijkertijd moet de normale dagelijkse hulp natuurlijk ook nog steeds worden verleend, dus in die zin is dat natuurlijk een heel traject en daar komen wij in de doorontwikkeling WIJ natuurlijk nadrukkelijk bij u op terug. Dat heeft ook alles te maken met dat initiatiefvoorstel gezinsverzorger, waarbij we natuurlijk wel hebben moeten constateren – en dat heb ik u ook al eerder meegegeven – dat de situatie corona en de extra druk en vraag die op de WIJ lag wel even heeft geleid tot enige vertraging van dit programma. De heer Koks: heeft corona dan een effect op uithuisplaatsingen? Ja, dat vind ik best ingewikkeld, om het zo te zeggen. Ik zou willen aanbieden – ik weet het niet, ik doe dat hier blijkbaar altijd verkeerd – om na de zomer daar met de raad eens wat dieper op in te gaan. We hadden natuurlijk gehoopt dat we na de zomer een bijeenkomst konden hebben met Geweld hoort nergens thuis. Dat wordt nu november.
Dat duurt mij te lang, dus ik zou het fijn vinden om dat ergens, als het kan in september te doen en dan iets dieper te prikken en te zeggen, hoe steekt dit nu. De heer Rebergen gaf net ook aan, een aantal gezinnen had ook veel meer ontspanning en minder instabiliteit, dus of je het nu één op één kunt koppelen? Dat zou ik hier niet durven te doen. Ik zie collega's wiebelen, dus ik ga snel afsluiten. De diversiteitsagenda, die neem ik even waar voor collega Chakor. Discriminatie is natuurlijk onaanvaardbaar, dus dat is evident. Daar hoeven we geen discussie over te hebben. U gaf ook aan, het loopt goed. Er zijn veel meer partijen aangehaakt dan aanvankelijk was verwacht, dus dat is heel positief. Zijn er meer mensen nodig, kunnen we meer doen? Het ministerie van BZK heeft in de meicirculaire extra geld beschikbaar gesteld. We weten nog niet precies hoeveel, maar er is wel in het algemeen extra geld. Dat kunnen we u misschien na de zomaar even doen toekomen, hoe we daar in Groningen mee om willen gaan. Dan denk ik dat ik mijn best heb gedaan. Als ik nog één zin, iets met gezond eten. Ik vat het even heel kort samen. Heel erg eens, dus we komen na de zomer met informatie over hoe we dit ook veel breder – ik kijk even naar de heer De Haan – kunnen oppakken. Dank u wel. 00:29:31
Voorzitter: Dan heeft u nog twee vragen. Eén van de heer Onnes en één van de heer Van der Meide. Eerst de heer Onnes. Oh, en de heer Rebergen. 00:29:39
De heer Onnes: Ja, Voorzitter, bedankt. Ik heb nog geen antwoord gehoord op mijn vraag met betrekking tot de handhaving. Dat de uitkeringen vaak gecontinueerd worden, vanwege sociaal belang of vanwege de openbare orde en veiligheid, waarom daarvoor gekozen is?
31
00:29:54
Mevrouw Diks: Ja, Voorzitter, corona was natuurlijk een ingewikkelde tijd, dus de handhaving is toen logischerwijs op een iets lager pitje gezet. Nogmaals, natuurlijk om inwoners te beschermen, maar ook om de handhavers van onze eigen diensten niet in besmettingsgevaar te brengen. Dat is één van de redenen geweest waarom we, bij situaties waarin er wat vragen waren van onze kant, toch die uitkering hebben doorgezet om niet extra sociale problematiek te veroorzaken. 00:30:26
Voorzitter: De heer Van der Meide. 00:30:28
De heer Van der Meide: Ja, dank u wel Voorzitter. Ik had nog een vraag aan het college gesteld over de WIJ-medewerkers. Zij hebben het zwaar, zeker in corona. Hoe zit het op langere termijn met scholing, bijscholing en kwaliteit van de medewerkers? 00:30:43
Mevrouw Diks: Ja, helemaal eens. Een aantal van u heeft nog veel meer vragen gesteld over de WIJ. Collega Jongman en ik zijn dapper bezig om het gesprek met de WIJ te voeren over de doorontwikkeling; gaan wij eventueel ook iets met jeugdhulp doen, hoe past dit nu allemaal, hoe verhoudt zich dat nu tot elkaar en hoe past dit allemaal in elkaar? Dan komen we zeker natuurlijk met een veel breder verhaal over de WIJ naar u terug, maar die scholing van medewerkers is wat mij betreft echt een nadrukkelijk onderdeel daarvan. Dat hoort allemaal bij de vraag, kan de WIJ dit allemaal aan en wat zou er nog meer moet gebeuren om er een nog stevigere organisatie van te maken? 00:31:17
De heer Van der Meide: Dank u. 00:31:18
Voorzitter: Dan de heer Rebergen. 00:31:19
De heer Rebergen: Ja, dank u wel, Voorzitter. Onze vraag sluit daar wel bij aan en gaat ook over de WIJ. We hebben gezien dat tijdens corona de WIJ er meer op uitging, ander soort gesprekken met inwoners voerden en ook bij mensen kwamen die anders niet zo gauw de stap naar de WIJ maken. Ik denk dat dat belangrijk is. Maakt dit ook onderdeel uit van de doorontwikkeling van de WIJ? Nog even een andere over de maatschappelijke diensten. Ik weet niet bij welke collega dat thuishoort? Oh, bij mevrouw Jongman. Dank u wel. 00:31:49
Voorzitter: De wethouder knikte. Ik hoop dat dat genoeg antwoord is op de vraag. Welke wethouder kan ik dan het woord geven? Mevrouw Bloemhoff. 00:31:56
Mevrouw Bloemhoff: Dank u wel, Voorzitter. Ja, het rondje begon met de complimenten voor het onderwijs. Dat is, denk ik, belangrijk dat we alle leerkrachten de complimenten geven voor de manier, waarop ze het afgelopen jaar – bijna anderhalf jaar inmiddels – hebben gefunctioneerd. Ik zal nu maar meteen even naar de vragen gaan, gelet op de tijd. De Partij voor de Dieren had een vraag over ouderen en cijfers. Dat is een technische vraag. 32
Ik zou die even door willen geven, zodat het technisch gesteld kan worden. De aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt en leven lang ontwikkelen, hoe concreet dat is? Nu, we doen aan crisisdienstverlening, waar we een hele mooie aansluiting hebben. Daar bent u laatst over geïnformeerd. Het 1000-banenplan. Het praktijkleren zetten we in via de mboorganisaties, bbl-plekken, dus dat zijn hopelijk een paar praktische voorbeelden van hoe het gaat. Dan heeft de SP-vragen gesteld over de overschotten en die heb ik maar zo geïnterpreteerd in elk geval voor mijn portefeuille, als het gaat over werk en participatie. Daar heeft de VVD ook wat over gezegd. Daar wil ik het volgende over zeggen. Eén: we hebben in december bij de decembercirculaire geld gekregen, onder andere voor reintegratie, voor buurthuizen. Dat is pas in december beschikbaar gekomen en dat kunnen we dus dan ook niet in december uitgeven. Dat geven we dit jaar uit, dus dat nemen we ook mee. In de bijlage bij de jaarrekening ziet u ook alle bestemmingsvoorstellen, waar we dat dan naartoe willen ... en die budgetten blijven beschikbaar. Dan heeft de VVD ook iets gezegd: "Ja, als je een begroting maakt, dan moet je dat ook uitgeven".
Nu, volgens mij hebben we die begroting in november 2019 met elkaar vastgesteld en is corona in maart in Nederland gekomen, dus ik denk niet dat dat iets is wat we hebben kunnen voorspellen op het moment dat we de begroting vaststelden. Vervolgens denk ik dat het ook van belang is dat we aangeven dat, in elk geval voor de re-integratiepoot, het mensenwerk is. De heer Rebergen gaf het al aan, de A van aandacht dat werkt, dus persoonlijk contact. Het is ontzettend lastig geweest om het werk te doen voor de mensen. We hebben alleen maar thuis gewerkt. Binnen een maand zijn de medewerkers overgeschakeld naar fenomenen als WIS-TV, online seminars, maar niets werkt zo goed als persoonlijke begeleiding, zeker voor de kwetsbare doelgroep. Waar het ons dus niet is gelukt om mensen te plaatsen, heeft het te maken met de beperkingen die COVID had. Wij zijn niet bij mensen aan de deur geweest in het kader van Kansen in Kaart. Allemaal dat soort dingen, dus wij zijn juist ondanks COVID blij dat we nog het 1000-banenplan en dat we de duizendste baan hebben gerealiseerd. Bijvoorbeeld die duizendste baan was een verkeersregelaar die aan het werk is bij de vaccinatielocatie, dus we hebben juist ingespeeld op de nieuwe vraag die er kwam. Ook met een aantal basisbanen is het gelukt om de mensen nog te plaatsen, voor een deel. Voor een deel ook niet 00:34:50
Voorzitter: U heeft nog een interruptie van meneer Koks. 00:34:54
De heer Koks: Ja, Voorzitter. Onze stelling is dat van jaar tot jaar, op dat sociale hoofdstuk een fors bedrag overblijft en vervolgens doorgeschoven wordt. Dat wordt versterkt natuurlijk door corona – dat begrijpen wij ook wel – de hoogte van dat bedrag, maar wij constateren dat reservoir. Wij vinden dat dat reservoir nu eindelijk eens een keertje ingezet moet worden om die tweedeling in de samenleving fors tegen te gaan. Of het nu precies op postje X en postje Y is, het gaat om het totaal 00:35:19
Voorzitter: De vraag is duidelijk. De wethouder. 00:35:20
Mevrouw Bloemhoff: Ja, ik denk dat die algemene vraag over reservoir iets is voor vanavond. 33
Wat ik wel hier kan zeggen, is dat we dat meenemen om dit jaar ook weer in te kunnen zetten voor deze doelgroep. Dat is belangrijk en we gaan natuurlijk geen geld over de balk smijten. We willen het nog steeds effectief inzetten, juist voor de doelgroep. U wordt ook in het najaar geïnformeerd, bijvoorbeeld met een update over het werkprogramma, wat gaan we dan precies doen? U bent trouwens ook tussentijds geïnformeerd over de resultaten. Dan hebben we D66. Zij heeft een opmerking gemaakt over de mismatch en hoe zouden opleidingen goed kunnen. Daar zijn we ook met de opleidingen over in gesprek. We doen dat onder andere door middel van praktijkleren. Dat heeft afgelopen jaar een boost gekregen en daar willen we mee doorgaan, juist voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Dan was er nog een debatje bij de ChristenUnie – volgens mij – over kansen laten liggen. In hoeverre worden kansen ... Er staat ergens, er zijn kansen blijven liggen. Door corona is het lastiger geweest voor mensen om een baan te vinden. Soms paste de baan ook niet bij mensen en soms hebben de mensen de baan ook bewust laten liggen. Echter, dan vindt er altijd een persoonlijk gesprek plaats, omdat je natuurlijk de plicht hebt om, als het wel passend werk is, dat te accepteren. De VVD had nog een vraag over hadden de ambities dan omhoog gemoeten in relatie tot de bijstandsdichtheid.
Volgens mij is het zo dat het college hele hoge ambities heeft, ook vastgesteld in het werkprogramma en ook door uw raad. De bijstandsdichtheid van negen naar zeven gestegen. Dat is een meting van halverwege 2020 en toen zag je een enorme toename, een hoos van toename in de bijstand. Je ziet dat die weer is afgenomen en dat we het juist het afgelopen halfjaar beter doen dan landelijk. Landelijk stijgt het 3,6 procent, wij een stijging van anderhalf procent. Ik denk dus dat het meer het moment van de meting is geweest, namelijk medio 2020, waar u aan refereert. Kortom aan de ambitie ligt het niet en ik zie nu dat we het beter doen dan landelijk gemiddeld. Dat heeft denk ik ook te maken met een goede samenwerking met de UWV aan de voorkant. De Partij van de Arbeid heeft een vraag gesteld over het VVEprogramma, waarom haal je nog geen 100 procent bereik onder kinderen? Ja, ik zou zeggen 93 procent is voor meeste regelingen vrij hoog. Ik vind echter elk kind telt, dus je moet elk kind proberen te bereiken tot die 100 procent. Je ziet dat sommige ouders zestien uur VVE zelf te veel vinden. Je ziet ook dat soms ouders het stigmatiserend vinden. Daar proberen we wat aan te doen. Wij stellen voor dat wij een brief gaan sturen naar alle ouders van kinderen vanaf twee jaar om ze nog eens te wijzen op de mogelijkheid.
We organiseren ook speelochtenden binnen de kinderopvang om kinderen weer meer aan VVE deel te laten nemen, dus daar wordt actie op gezet. De Partij van de Arbeid had nog een vraag over de school en de WIJ-teams, hoe kan die verbinding beter? Nu, dat doen we binnen het voortgezet speciaal onderwijs en het voortgezet onderwijs door middel van de VO WIJteams. In het primair onderwijs hebben we gesprekken om een betere aansluiting te laten vinden. Dat gaat onder andere door het inzetten van kindteams. De Partij van de Arbeid had nog een vraag over flexwerk. Er zijn natuurlijk diverse rapporten op dit moment verschenen, waaronder van Borstlap het WRR, die flexibilisering willen aanpakken. Dat juichen wij toe. Er is ook een mooi rapport van zelfs de VNO verschenen dat dat beperkt moet worden, dus werknemers en werkgeversorganisaties zijn het erover eens. Wat we zelf kunnen doen? We zijn niet aan de slag met een actieplan op dit moment. We hebben vanuit de VNG wel altijd aandacht gevraagd hiervoor, dat het moet worden aangepakt en dat de bestaanszekerheid van mensen beter moet. We kunnen ook vragen aan onze accountmedewerkers Werk om het goed werkgeverschap ook mee te nemen bij het plaatsen van mensen en ook van 34
jongeren. Dat is iets wat de gemeente zelf kan doen, dat ze er alert op is bij het plaatsen van mensen. Er was een vraag over Omarm Groningen. Nu, wij zien juist in de coronaperiode dat de bedrijven zich niet hebben teruggetrokken. Er is heel veel aangeboden. Dat kan ook worden gezien in het jaaroverzicht van Omarm. Men heeft bijvoorbeeld busjes ter beschikking gesteld aan de voedselbanken op het moment dat het taxibedrijf niet reed. Er zijn allerlei kleine acties geweest. We hebben geen reden om aan te nemen dat dat zal afnemen de komende jaren, dus we willen heel graag blijven inzetten op die bedrijven om mede een oplossing te laten bieden voor de armoedebestrijding. Daar gaan we dus mee door. Omarm en de Stadjerspas zijn ook twee aparte zaken. Bij Omarm gaat het echt over het matchen van vraag en aanbod; er is een vraag vanuit de samenleving voor iets op het gebied van armoede en welk bedrijf kan dat bieden. Dan de vraag over John de Wolf en de vijftigplussers en de aanpak van ouderenwerkloosheid. Er is niet meer een specifieke aanpak van ouderenwerkloosheid vanuit het Rijk, want dat was toen vanuit het Rijk. Wij richten via het regionaal mobiliteitsteam ons op mensen die mogelijk aan de kant komen te staan binnen het bedrijfsleven, dus mensen die hun baan kwijtraken. Je ziet dat dat vaak 50plussers zijn die wat extra hulp nodig hebben.
Ook worden er loopbaancoaches ingezet om deze mensen verder op weg te helpen. We doen het dus nu door middel van het regionaal mobiliteitsteam om te zorgen dat ook 50-plussers een kans maken om een stap te maken in hun loopbaan, dus naar een vervolg. Dan heb ik denk ik de vragen van de Partij van de Arbeid beantwoord. Dan resteert nog een vraag van de VVD over natuur- en duurzaamheidseducatie, waarom is dat minder gegaan? Eigenlijk gaf de heer De Haan al het antwoord: de scholen zijn dicht geweest een hele periode. Natuur- en duurzaamheidseducatie is juist vaak in het voorjaar dat ze naar de kinderwerktuinen gaan. Toen waren de scholen dicht. Toen de scholen weer open mochten, hebben ze zich denk ik eerst vooral op taal en rekenen gefocust. In de zomer mocht er vooral veel en toen waren de scholen dicht. Het is helaas wat het is, maar we hopen wel dat we dat komend jaar weer kunnen verbeteren. Wat betreft basiseducatie en waarom is daar een afname van? Er is een verschuiving geweest van formele naar informele educatie, dus je ziet minder deelnemers op scholen, maar je ziet meer deelnemers op de Taalhuizen. Er heeft dus een verschuiving plaatsgevonden. Het CDA maakte nog een opmerking over dat mooie project van FC Groningen. Ik zou echt willen aangeven dat we dat soort dingen via de verlengde schooldag willen vormgeven.
Over de verlengde schooldag wordt uw raad – als het goed is – volgende week – in elk geval voor het voorjaarsdebat – geïnformeerd, want daar is ook een motie over ingediend. De verlengde schooldag willen we vormgeven, vanuit waar de school behoefte aan heeft. Dat kan zijn bewegen, dat kan zijn cultuur of iets anders en daar willen we graag bij aansluiten. De behoefte van de school moet leidend zijn en als daar een mooi project een aanvulling op is, dan kunnen we dat doen, maar het is wel afhankelijk van wat de school graag wil. Dan heeft GroenLinks nog een opmerking gemaakt over buurthuizen in die discussie. Nu, zoals ik al heb gezegd, dat geld voor buurthuizen van vorig jaar – voor COVID – is meegenomen, dus dat kunnen we dit jaar weer inzetten. GroenLinks heeft ook een opmerking gemaakt over laptops en wat kunnen wij daarvan meenemen? Nu, ik keek al even naar de heer De Haan. Hij heeft namelijk namens het CDA toen een motie ingediend. Vandaag zullen wij bekendmaken dat we de regeling gaan uitbreiden. Dat wordt dus, als het goed is, over een uurtje bekend. Ik denk dat nu de resterende vragen voor mevrouw Jongman moeten zijn. 35
00:43:03
Voorzitter: Ja, mevrouw Jongman. 00:43:05
Mevrouw Jongman: Ja, dank u wel, Voorzitter. In – hoe noem je dat? – de extra minuten die er gegeven zijn. Ik sla even de complimenten over die iedereen ... Nee, ik ga er toch even bij stilstaan, omdat namelijk in de wereld van zorg en welzijn de ambtenaren keihard – soms met baby's op schoot – hebben doorgewerkt, evenals in alle instellingen, om daar alle zorgen welzijnstaken te kunnen vervullen en die geef ik dan ook graag door. Ik ga staccato de vragen langs. Over vrouwen in de opvang. Het lijkt een koud cijfer, maar er zit wel een warme wereld achter, namelijk dat iedere keer als een vrouw zich meldt, wordt altijd gevraagd of er ook andere opvangmogelijkheden zijn. Soms wordt er ook tijdelijk een hotel of een vakantiehuisje aangeboden of in eigen kring, soms lukt dat ook wel. In ieder geval in al die gevallen wat hier zo staat – het lijkt, alsof die vrouwen dan geen opvang hebben gehad – is passende opvang wel gevonden. Het Kopland heeft dan ook het aantal crisisplekken wel uitgebreid met twee plaatsen en we zetten ook in op versterking van ambulante hulp om ook op tijd mensen en vrouwen daarin te kunnen ondersteunen. Namelijk in een instelling zitten, is niet altijd noodzakelijk en heeft ook niet altijd de meest positieve gevolgen, dus je wil zo goed als mogelijk op tijd erbij zijn.
We gaan daarnaast ook inzetten op versnellen van de uitstroom, dus in die zin proberen we aan alle kanten, A. met hulp, B. met de instroom en C. met de uitstroom om daar een goed pakket voor deze vrouwen in al deze gevallen aan te kunnen bieden. Het CDA en de ChristenUnie hebben vragen gesteld over maatschappelijke diensttijdtijd. We rapporteren u daarover in oktober. We hebben daar twee pilots op lopen. Het was natuurlijk wel coronatijd, dus alles wat we hadden gewild is niet gelukt. Wel een klein deeltje daarvan en op basis daarvan bepalen we ook het vervolg, maar de impuls van het mooie in coronatijd, namelijk hoe kun je iets voor elkaar betekenen, dat willen we zeker vasthouden – ook in antwoord op het CDA – maar ook in overleg met de jongeren, want we willen ook kijken, waar hebben de jongeren zelf behoefte aan. Wij kunnen van alles verzinnen, maar als zij zeggen, dit is het niet, dan gaan ze het ook echt niet doen. De Partij van de Arbeid stelde een soortgelijke vraag, de goede zaken uit de coronatijd doorzetten. Wethouder Diks heeft al iets aangegeven over de WIJ die op een andere manier ook naar de inwoners toe zijn gegaan. Die goede zaken willen we ook graag meenemen bij het vormgeven van een sociale basis in fase twee; wat hebben inwoners meegemaakt en wat willen ze voor de toekomst vasthouden.
Wellicht ook in de accommodaties die al genoemd zijn, maar misschien ook op andere plekken. Bijvoorbeeld het voorbeeld van het Schimmelpenninck Huys werd genoemd. Vanmiddag komt er ook een brief uit, namens het college, over iedereen doet mee in 050, over het coronaherstelplan. Daar zult u ook een deel van dit vraagstuk in beantwoord zien. Sport voor volwassenen. Ik kan niet vooruitlopen op de begroting '22, aangezien we nu de rekening behandelen. Het is echter in het meerjarenprogramma sport zeker als ambitie benoemd en ik heb u nogmaals goed gehoord, de heer Loopstra. Het staat dus heel goed genoteerd. De VVD stelde een hele technische vraag over het sportfonds voor de jeugd. Dat vind ik erg belangrijk, maar ik zou u willen aanbieden om daar nog even technisch op terug te komen. Ja, ik krijg seintjes links, maar ik ga nog wel even door. Eenzaamheid blijft een thema wat uiteraard ook vanmiddag in de brief van het coronaherstelplan zeker naar voren komt en waarin ook nieuwe ... De babbelbankjes zijn al genoemd en de lief- en leedstraten, waarin mensen ook in deze tijd 36
nieuwe verbintenissen met elkaar hebben gevonden en waar ook goede voorbeelden zijn ontstaan in straten, wijken en buurten. De blaashal. Het CDA vroeg daarnaar, want dat hebben we inderdaad opgeschreven. U heeft er al een technisch antwoord op gehad, maar dat wil ik best voor u herhalen, namelijk: er is een vergunningsaanvraag ingediend en de beoogde locatie daarvan is in Hoogkerk. De acht miljoen van de maatschappelijke opvang. Er is inderdaad een overschot van de voorgaande jaren en dat wordt ingezet voor de opvang van de komende jaren. We hebben namelijk fors extra coronamiddelen in 2020 ontvangen, die we ook niet konden uitgeven, maar we hebben – dat wil ik nadrukkelijk benoemen – het maximale wat nodig is, gedaan voor de inzet van deze doelgroep. We gaan het geld dat nu nog beschikbaar is, inzetten voor de komende jaren. Over de ontwikkelingen, zowel rondom beschermd wonen als maatschappelijke opvang volgen binnenkort ook nog twee brieven, zodat u het hele pakket ook kunnen aanschouwen wat we allemaal doen en welke nieuwe bewegingen we daarin willen zetten, bijvoorbeeld in een nieuwe leidraad maatschappelijke opvang. Het punt over de tevredenheid over onze sportvoorzieningen en sportinfrastructuur. Over het algemeen kan ik zeggen dat qua tevredenheid er een hoge tevredenheid is. Wat we inzetten qua middelen per inwoner is er een hoge inzet.
Ik heb een iets ander beeld dan Student en Stad gelezen heeft, maar natuurlijk staan we altijd open voor verbetering. Wat we gezien hebben, is dat die openbare sportplekken, de bankjes, de parken en de lanen en noemt u maar op zijn echt in coronatijd ontzettend veel gebruikt en hebben juist tot heel veel tevredenheid geleid. 00:48:26
Voorzitter: Hartelijk dank. Dan kijk ik nog even rond of er nog dringende vragen zijn. De heer Loopstra. 00:48:30
De heer Loopstra: Een hele korte vraag. Ik hoorde de wethouder praten over sportende minima die ouder zijn dan 18. Hoorde ik nu een toezegging dat het college met een voorstel gaat komen voor 2022, want dat bespaart me dan een motie straks, Voorzitter. 00:48:53
Mevrouw Jongman: Het is wat lastig, want ik kan niet vooruitlopen op een begroting 2022, want die is nog niet vastgesteld. We hebben wel u goed gehoord en het staat in het meerjarenprogramma, dus dat is een toezegging die ik al kan doen dat ik u goed gehoord heb. 00:49:06
Voorzitter: Dan zie ik nog een vraag van GroenLinks. 00:49:13
De Heer Nieuwenhuijsen: Dank, Voorzitter. Nog één ding, ik noemde nog even iets over de vergelijkingscijfers en dat het lastig was met de indicatoren in programma vier. Kan de wethouder daar nog iets meer over zeggen over de lastigheid voor ons, om dan dus beoordelingen te doen? 00:49:26
Mevrouw Jongman: Ja, het is misschien ook technisch wel uitgevraagd, neem ik aan. We hebben een aantal cijfers niet kunnen uitzoeken en niet kunnen uitgeven. Ik geef toe, ik heb het zelf ook nog even heel goed gelezen, dat af en toe het cijfer er net niet is. Volgens mij 37
bent u ook bezig met een nieuwe begroting en nieuwe indicatoren, waarin u echt vanuit de leesbaarheid en vanuit dat aspect hele grote sprongen kunt maken, want de constatering deel ik met u. 00:49:54
Voorzitter: Dank u wel. Dan zou ik hiermee de meningsvormende sessie willen beëindigen. U mag volgende week uw conclusies trekken in het gemeenteraaddebat. Dank u wel. Fijne middag. 00:50:06
Mevrouw Van Doesen: Jij ook bedankt.
38