CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Zienswijze 18 TVW_Opmerkingen_en_vragen_TVW

Raadsvergadering 8 december 2021, gemeente GoudaBij agendapunt: Transitie Visie Warmte Gouda 202125.661 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Concept Transitievisie Warmte Gouda 2021

DWTM20035 – concept TVW gemeente Gouda 1

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021 2

Inhoudsopgave Voorwoord ....................................................................................................................................................4 1

Inleiding en randvoorwaarden voor de uitvoering ...................................................................6

2

CO2-neutraal en aardgasvrij. Wat betekent dat? .....................................................................11

3

Afwegen en keuzes maken.........................................................................................................16

4

Warmtevraag en warmtebronnen .............................................................................................21

5

Warmtevoorziening: kansen in 2040 ........................................................................................34

6

Welke buurt wordt wanneer aardgasvrij? ................................................................................38

7

Uitvoeringsstrategie ...................................................................................................................47

Nawoord .....................................................................................................................................................62 Colofon........................................................................................................................................................63 Begrippenlijst .............................................................................................................................................64

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021 3

1 2

Voorwoord Het is 2040. Van Plaswijck tot Korte Akkeren en van Goudse Poort tot Goverwelle zijn we volledig overgegaan op duurzame, schone alternatieven voor aardgas. De aardgasketel en de geiser zijn in heel Gouda verleden tijd. We hebben nu vloerverwarming, een warmtepomp en soms zelfs een installatie die ons huis verkoelt op warmere dagen. Veel huizen hebben zonnepanelen en daken zijn groen. Goudse bedrijven verduurzaamden hun bedrijfsprocessen en werken zoveel mogelijk circulair. Onze CO2-uitstoot is bijna nul.

3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39

De hele stad ging er tijdens deze transitie op vooruit. Tijdens de werkzaamheden in de stad leerden we elkaar beter kennen. We hielpen elkaar bij het oplossen van problemen. Daardoor versterkte de onderlinge band in de buurten en kwamen we dichter bij elkaar. We verbeterden rioleringen en we vernieuwden verouderde panden die aan renovatie toe waren. Het had wat voeten in de aarde, maar uiteindelijk is het ons gelukt. Onze lucht is schoner, we hebben minder wateroverlast en veel meer groen in de stad. Als Gouwenaren gaan we gezamenlijk klimaatverandering tegen. Anno 2021 is bovenstaande situatieschets het toekomstbeeld zoals ik het voor ogen heb. En door mijn oogharen heen kan ik de vormen ervan zelfs al zien. Steeds meer initiatieven ontpoppen zich, steeds meer Gouwenaren verduurzamen hun huizen en steeds meer gezamenlijk enthousiasme ontstaat. Die energie, dat enthousiasme inspireert mij om me als wethouder elke dag weer in te zetten om onze duurzame doelstellingen te bereiken. Ik ben trots op al die Goudse ondernemers en inwoners die al aan de slag zijn gegaan, en trots op ieder die dat de komende jaren nog gaat doen. De Transitievisie Warmte vormt de basis van vele duurzame mijlpalen die we de komende twintig jaar gaan bereiken. Met deze visie geven we een duidelijke route naar een CO2-neutraal en aardgasvrij Gouda.

Ontwikkelingen zoals nieuwe technologie, warmtebronnen en financiële regelingen houden we scherp in het oog. Daarom herzien we de Transitievisie Warmte ten minste elke vijf jaar. Als wethouder wil ik dat elke Gouwenaar mee kan doen aan de transitie en zich er ook eigenaar van voelt. Zodat we samen klimaatverandering tegengaan. In de periode van het opstellen van deze visie heb ik ook veel zorgen gehoord, met name over de kosten voor huiseigenaren. Ik deel deze zorgen. Het streven is dan ook dat de transitie woonlastenneutraal is voor inwoners. We rekenen daarvoor onder andere ook op Rijk en provincie, wier hulp we bijvoorbeeld op financieel en juridisch vlak hard nodig hebben bij de uitvoering. Deze transitie kan namelijk alleen slagen als voldaan is aan randvoorwaarden op financieel, juridisch en sociaal-maatschappelijk vlak1. Bij de totstandkoming van deze visie werkte Gemeente Gouda nauw samen met professionele partners en bewoners2. Netbeheerder Stedin, woningcorporaties Woonpartners Midden-Holland en Mozaïek Wonen, Duurzaamheidsplatform Gouda en Energiecoöperatie Gouda maakten deel uit van de regiegroep. Daarnaast namen partners deel aan vijf ”Transitietafels”. Veel dank gaat naar de organisatoren van en deelnemers aan buurtbijeenkomsten in de (verkennings)buurten. Door hun kritische en uiteenlopende blikken en hun onmisbare inzet ligt hier nu een breed gedragen visie.

Een visie die ik beschouw als de wegwijzer naar een CO2-neutraal en aardgasvrij Gouda in 2040. Hilde Niezen, Wethouder Klimaat, Duurzaamheid en energie

1

Verder uitgewerkte tekst over deze randvoorwaarden vindt u in paragraaf 1.5 “Randvoorwaarden voor de uitvoering van de warmtetransitie en in hoofdstuk 3 en 7. 2 Een volledig overzicht van samenwerkingspartners is weergegeven in bijlage A

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021 4

Ad 04.12Zie bij Ad 11.01 en mijn opmerkingen onder ALG01.

Reactie:

Aldaar beantwoord. Ad 04.14: Zie mijn opmerkingen onder ALG03.

Reactie:

Aldaar beantwoord.

Ad 04.18: Zie mijn opmerkingen bij Ad 16.31-32 en die onder ALG06.

Reactie:

Aldaar beantwoord.

Ad 04.20-22: Zie mijn opmerkingen bij Ad 62.16-17:

Reactie:

Aldaar beantwoord.

Ad 04.28-29: De buurtbijeenkomsten die zijn gehouden gingen niet over de concept-TVW. Het gegeven dat er kritisch en vanuit uiteenlopende invalshoeken is gereageerd op deel-informatie geeft geen basis om te concluderen dat er nu een “breed” gedragen visie op papier staat. Over hoe breed het draagvlak, met name onder de bevolking, is kan mijns inziens pas enigszins een beeld worden gevormd nadat de zienswijzen die betrekking hebben op de visie zijn ingediend.

Reactie:

Dat de visie breed gedragen is blijkt onder andere ook uit reacties die Gouda krijgt van andere gemeenten. Hóe breed het draagvlak is kan niet gemeten worden. Draagvlak voor de warmtetransitie zal in de komende jaren verder toenemen.

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46

Leden van de regiegroep Deze visie is tot stand gekomen in intensieve samenwerking met een kerngroep van stakeholders. Samenvormen zij de regiegroep. Deelnemers aan deze regiegroep zijn Gemeente Gouda, netbeheerder Stedin, woningcorporaties Mozaïek Wonen en Woonpartners Midden-Holland, een vertegenwoordiging van bedrijven vanuit Duurzaamheidsplatform Gouda en Energiecoöperatie Gouda. Energiecoöperatie Gouda

“We hopen dat de gemeenteraad Gouda het besluit over de Transitievisie Warmte gebruikt om de vermindering van CO2-uitstoot in Gouda op te pakken. Niet alleen vanuit ieders afzonderlijk belang maar juist vanuit een gezamenlijk belang, waarbij we elkaars problemen onder ogen zien en helpen oplossen. De Energiecoöperatie Gouda, voor en door betrokken burgers in en tussen buurten, wil daar de noodzakelijke bijdrage aan leveren. Dit doen we door kennis en krachten te bundelen en door verbindingen te versterken tussen burgers, bedrijfsleven en overheid. De versterking van de samenwerking zien wij tevens als een transitie, op sociaal vlak.” Léon van der Meij, voorzitter van Energiecoöperatie Gouda

Mozaïek Wonen

“Het vaststellen van een Transitievisie Warmte is een belangrijke stap in een ingewikkeld traject naar aardgasloos wonen. We zijn blij dat we als corporatie hier nauw bij betrokken worden en de belangen van onze huurders meegenomen worden. Wij zien uit naar een voortzetting van de goede samenwerking in het vervolg van het oppakken van deze opgave. Ron de Haas, directeur-bestuurder Mozaïek Wonen”

DPG

“DPG ondersteunt ondernemers in de transitie naar duurzame warmte, zodat ze goed geïnformeerd op tijd de nodige maatregelen kunnen treffen.” Teun Bokhoven, Voorzitter Duurzaamheidsplatform Gouda

Stedin

“De Transitievisie Warmte geeft Stedin een inzicht in de impact op de energie infrastructuur. Om de energietransitie mogelijk te maken, is samenwerking cruciaal. Stedin blijft graag betrokken bij de verdere uitwerking van de TVW in wijkuitvoeringsplannen.” Eelco de Vink, gebiedsregisseur Energietransitie regio Zuid-Holland Woonpartners Midden-Holland

“Het verbeteren van de isolatie van de woningen is de eerste stap in het verminderen van energieverbruik. Inmiddels hebben alle huurwoningen van Woonpartners gemiddeld label B. De komende jaren zullen we met name investeren in de huurwoningen die nu nog onvoldoende geïsoleerd zijn en investeren in zuinige installaties. We voeren duurzaamheidsmaatregelen uit bij projecten waar ook andere groot onderhoudswerkzaamheden op de planning staan. Integrale aanpak zorgt voor de minste overlast voor huurders en is efficiënt in de uitvoering. Woonpartners zal binnen haar mogelijkheden een bijdrage leveren in deze doelstellingen. Daarbij gelden wel drie randvoorwaarden: tenminste 70% van onze huurders moet met de maatregelen op complexniveau vooraf instemmen; de alternatieve energiebron voor aardgas moet voor de huurder niet tot hogere woonlasten leiden en onze organisatie investeert niet in de aanleg en exploitatie van nieuwe warmtenetten.” René Mascini, directeur-bestuurder Woonpartners Midden-Holland.

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021 5

Ad 05.03-05: Van belang is om te realiseren dat binnen de regiegroep de twee regionale woningcorporaties en netbeheerder Stedin als organisatie rechtstreeks een vertegenwoordiger hebben in de Regiegroep, een deel van de bedrijven één representant hebben via het Duurzaamheidsplatform Gouda (DPG) en de grote, diverse groep bewoners één representant hebben via de eerst ENiGH en later de EnergieCoöperatie Gouda (ECG).

Reactie:

Dat realiseert het college zich.

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17

1

Inleiding

Een CO2-neutraal Gouda in 2040. Dat is één van de ambities uit het coalitieakkoord 2018 - 2022 van de gemeente Gouda. Dan moet ook het aardgas overal in Gouda zijn vervangen voor schone en duurzame warmtebronnen. Landelijk is de afspraak om deze transitie uiterlijk in 2050 af te ronden. Duurzaamheidsbeleid staat in Gouda al jaren hoog op de agenda. Al in 2018 besloot de gemeente om bij gronduitgifte de aanleg van aardgas(leidingen) te verbieden. Daarmee liep de gemeente voor op de nationale wet- en regelgeving. Dit hoge bewustzijn komt voor uit de wereldwijde stijging van de temperaturen en daaropvolgende klimaatafspraken. Ook landelijke ontwikkelingen, zoals aardbevingen in Groningen, spelen een grote rol in deze hoge ambities. Stoppen met gebruik van aardgas is onderdeel van deze strijd tegen klimaatverandering. Samen met inwoners, bedrijven en maatschappelijke partners gaat de gemeente op zoek naar de beste oplossingen voor een duurzaam Gouda. Oplossingen waarmee onze én volgende generaties een prettige en leefbare toekomst hebben. In deze Transitievisie Warmte wordt het pad geschetst naar deze duurzame en toekomstbestendige warmtevoorziening in Gouda.

18

1.1

Waarom een warmtevisie?

19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36

De Nederlandse overheid wil de uitstoot van broeikasgassen in Nederland in 2030 met 49% terugdringen ten opzichte van 1990. Dit is vastgelegd in de Klimaatwet. In 2050 moet deze vermindering 95% zijn. In 2019 ondertekenden meer dan 100 partijen daarom het landelijke klimaatakkoord. In het klimaatakkoord zijn tientallen maatregelen vastgelegd om klimaatverandering tegen te gaan. Ook staat daarin dat elke gemeente uiterlijk in 2021 een plan presenteert voor de overstap van aardgas op andere, duurzame warmtebronnen. Dat plan vindt u in deze Transitievisie Warmte. Ook in Europees verband zijn hierover afspraken. De EU wil in 2030 55% CO2-reductie bereiken ten opzichte van 1990. Dit vraagt om ingrijpende veranderingen in allerlei sectoren. Van industrie tot landbouw en van mobiliteit tot de productie van elektriciteit en de wijze waarop gebouwen worden verwarmd. Eén van de wegen die leiden naar deze doelstelling, is het afscheid van fossiele brandstoffen. Ook aardgas is zo’n fossiele brandstof. Veel mensen gebruiken deze brandstof om te koken en voor het verwarmen van de woning en tapwater. Het afscheid van aardgas en andere fossiele brandstoffen en het inzetten van nieuwe duurzame vormen van warmte wordt de warmtetransitie genoemd. Het doel van deze warmtetransitie is dus om de CO2-uitstoot aanzienlijk te verlagen.

Deze Transitievisie Warmte is de eerste in een reeks van plannen tot 2040 die hiervoor gaan zorgen. Om dit in Gouda te bewerkstelligen, moeten gemiddeld tot 2040 ruim 1.500 woningen per jaar van het aardgas af. Dat is een enorme opgave!

Wereld

Parijs

Warmtewet 2.0, omgevingswet, energiewet

NL Regio

RES

Gemeente

TVW Warmte

Buurt 37 38

Klimaatakkoord

Wijkuitvoeringsplan 1

Wijkuitvoeringsplan 2

Wijkuitvoeringsplan X

Figuur 1. Samenhang tussen de klimaat- en warmteplannen op verschillende niveaus

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021

6

Ad 06.02 en 06.03: Er wordt door het woord “dan” in de tweede volzin een één op één relatie gelegd tussen CO2 neutraal worden en vervanging van aardgas door schone en duurzame warmtebronnen. In het kader van transparantie bepleit ik een onderbouwing van die uitgangsstelling en die ofwel direct erna op te nemen ofwel een verwijzing op te nemen naar waar die onderbouwing te vinden is.

Reactie:

Het woordje “dan” in deze zin is een tijdsaanduiding en slaat op het jaartal 2040.

Ad 06.03: De tekst “overal in Gouda” is niet in overeenstemming met de beperking die feitelijk wordt gemaakt in hoofdstuk 4 en waarbij de proceswarmte in bedrijven verder buiten beschouwing wordt gelaten. Zie ook mijn opmerking onder ALG08.

Reactie:

De geest van de tekst is duidelijk.

Ad 06.28: Het bevordert de duidelijkheid als, eventueel via een verwijzing, wordt toegelicht in welke zin fossiele brandstoffen leiden tot CO2-uitstoot en dus het afscheid nemen ervan “één van de wegen (is) die leiden” tot uitstoot-reductie.

Reactie:

Dat zou de tekst te lang maken

Ad 06.33-34: Zie mijn opmerkingen onder ALG03. Ad 06.34-35: Er wordt niet aangegeven hoe is gerekend, onder meer vanaf welk jaar. Uitgaande van de op blz. 21 genoemde 34.000 woningen zou er bij 1.500 per jaar meer dan 22,5 jaar mee zijn gemoeid. Mocht het al mogelijk zijn dat in 2022 de eerste 1.500 woningen worden gerealiseerd (hetgeen ten minste op gespannen voet staat met de uitspraak op blz. 52, regel 12, dat de voorbereiding van een uitvoeringsplan al gauw 2 jaar gaat duren) zelfs dan wordt de grens van 2040 dus met 4,5 jaar overschreden. Op basis van de termijnen van 2 en 8 jaar die op blz. 52 worden genoemd lijkt het voor de hand liggender er vanuit te gaan dat de eerste serie woningen pas tussen 2 en (2+8=) 10 jaar na de eerste voorbereidingen in 2022 van het gas af gaan. Als het al mogelijk zou zijn om al in 2024 de eerste afsluitingen (vooralsnog puur op basis van vrijwilligheid nu de aansluitplicht in de Gaswet nog niet is aangepast) te realiseren, dan komt het jaargemiddelde bij een einde in 2039 uit op (34.000/15=) 2.267. Dit aantal Ad 47.09-11 komt vlak in de buurt van het aantal van 2.300, dat op blz. 47 regel 09 als gemiddelde wordt genoemd. Als in regel 35 een aantal van 1.500 al als “enorme opgave” wordt gekwalificeerd is dan is een (met veel optimisme geraamd) aantal van 2.267 resp.

2.300 (bijna 1,5 x zo veel) überhaupt haalbaar? Belangrijkste vraag op grond van het voorgaande is wat mij betreft: is het reëel om met de huidige kennis vast te houden aan de ambitie om in 2040 aardgasvrij te zijn? Als die vraag hoe dan ook met ja wordt beantwoord dan behoeft dat naar mijn mening een duidelijke onderbouwing. Zie voor wat de planning betreft overigens ook mijn opmerkingen in Bijlage ¿. De betreffende tekst behoeft wat mij betreft dus aanpassing.

Reactie:

Zie reactie onder zienswijze nr 117

1

1.2

De totstandkoming van deze visie

2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47

Allerlei partijen werkten intensief samen met Gemeente Gouda in de totstandkoming van deze visie. De overlegstructuur is hieronder beschreven:

48 49 50 51 52 53

3

Stuurgroep en regiegroep Drie wethouders zijn gezamenlijk portefeuillehouder voor de energietransitie. Zij vormen de stuurgroep. Samen met de kerngroep van stakeholders vormen zij de regiegroep. In deze regiegroep nemen Gemeente Gouda, netbeheerder Stedin, woningcorporaties Mozaïek Wonen en Woonpartners Midden-Holland en een vertegenwoordiging van bedrijven vanuit Duurzaamheidsplatform Gouda plaats. Vanaf november 2020 is ook bewonerscollectief ENiGH3 (later vervangen door Energiecoöperatie Gouda) vertegenwoordigd in de regiegroep. In de regiegroep zijn alle stappen om tot de huidige TVW te komen besproken. De deelnemende partijen leverden input op zowel inhoud als proces. De partners in de regiegroep onderschrijven de plannen in deze TVW. Transitietafel De Transitietafel Gouda is een overleg van stakeholders uit diverse sectoren van de Goudse samenleving (zie bijlage A). In deze Transitietafel wordt nadrukkelijk gezocht naar voorlopers uit de Goudse samenleving. Doel van de Transitietafel is een brede Goudse beweging op gang te brengen naar een aardgasvrije stad. Via de achterban van de stakeholders aan de Transitietafel is het plan om structuren te vormen waarlangs de stad aardgasvrij kan worden. Op 21 juni 2019 kwam deze brede stakeholdersgroep voor de eerste keer samen. De Transitietafel was betrokken bij alle stappen in het proces om tot deze eerste warmtevisie te komen.

Bijlage A bevat een overzicht van alle participatiemomenten. Raadswerkgroep In het proces speelde de raadsbrede werkgroep energie4 een continue rol. De werkgroep is meegenomen door middel van presentaties en workshops en kon steeds input geven tijdens de verschillende stappen in het proces. Daarnaast organiseerde de raadsbrede werkgroep zelf discussiebijeenkomsten en gesprekken met inwoners. Inwoners verkenningsbuurten Naast deze vooraf afgesproken overlegstructuur is intensief samengewerkt met een aantal actieve inwoners. Deze samenwerking kreeg gaandeweg vorm. Initiatiefnemers in de verkenningsbuurten zijn gaan optreden als contactpersoon naar de buurten en schoven in de loop van het proces vaker ambtelijk, bestuurlijk en in de regiegroep aan als gesprekspartner. Ook werden in de verkenningsbuurten door de bewoners zelf enquêtes uitgezet. Bewoners van de buurten Kort Haarlem en Kadenbuurt die zich zorgen maakten over de ontwikkelingen als verkenningsbuurt organiseerden daarnaast een handtekeningenactie. De handtekeningen werden, tezamen met een petitie,aangeboden aan wethouder Niezen. Naar de zorgen die in deze petitie werden geuit, is door de regiegroep geluisterd. Duidelijk werd dat in deze verkenningsbuurt veel weerstand was tegen het ideeom al binnen 10 jaar een aardgasvrije buurt te worden.

Deze buurt is dan ook niet als korte termijnoptiemeegenomen in deze Transitievisie Warmte. Tijdens bijeenkomsten, georganiseerd door zowel bewoners als gemeente, gaven honderden bewoners in de verkenningsbuurten daarnaast hun mening. Per verkenningsbuurt werden daarvoor minimaal drie bijeenkomsten per buurt georganiseerd. Hierin werd informatie gegeven over het proces en meningen, In 2020 werd ENiGH opgericht. ENiGH wil inwoners mede-eigenaar maken van de oplossingen voor de duurzaamheidsopgaven waar zij voor staan en streeft na dat inwoners elkaar door bundeling van kennis, kracht en kapitaal in staat stellen om een eigen koers te kiezen en eigen verantwoordelijkheid te nemen in duurzaamheidsvraagstukken. 4 In het coalitieakkoord Nieuwe Energie (2018-2022) is de medewerking aan raadsbrede samenwerking op onder meer het programma Energietransitie beschreven

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021 7

Ad 07.07-11: Naar mijn mening is het onjuist te spreken over “de kerngroep van stakeholders”. Stakeholders zijn de betrokken groepen van belanghebbenden. De Regiegroep vormt niet de kern van het totaal aan stakeholders. Het bevreemd me dat wat betreft de oorspronkelijke samenstelling van de Regiegroep niet is verwezen naar het Programmaplan Energietransitie, en ook niet voor wat betreft de totstandkoming van de (concept-)TVW.

Reactie:

De intensieve manier waarop samengewerkt is bij het ontwikkelen van de TVW is nieuw en heeft zich gaandeweg ontwikkeld. Betrokkenen zijn akkoord met de gegeven benaming. In de uitvoeringsfase wordt de samenwerking voortgezet en geïntensiveerd. Wellicht wijzigt dan de benaming. Ad 07.14-15: “De bewoners” worden regelmatig aangemerkt als “partners” en de EnergieCoöperatie Gouda (EcG) wordt aangemerkt als representant van de bewoners (zie bij Ad 05.03-05). Kennelijk onderschrijft de EcG de plannen in de concept-TVW. Worden nu “de bewoners” geacht die plannen te hebben onderschreven?

Reactie:

Hier wordt exact bedoeld wat er staat: “de partners in de regiegroep onderschrijven de plannen”. Ad 07.18: In mijn beleving is de Transitietafel niet aan te merken als “overleg”(want daarvan is nauwelijks sprake geweest) maar als forum; wordt het begrip stakeholder hier vreemd gebruikt: de deelnemers aan de Transitietafel zijn niet zelf stakeholder maar representanten daarvan.

Reactie:

De rol van de Transitietafel is divers. De benaming ‘forum’ zou in de ogen van andere misschien weer niet juist zijn. Ad 23-24: “Betrokken bij” had de vorm van het kunnen leveren van ingekaderde input.

1 2 3 4 5 6 7 8 9

Ad 07.28: Ik heb bezwaar tegen de rol die de betreffende werkgroep van het college van B&W heeft gekregen en heeft genomen in het proces en mogelijk opnieuw krijgt waar het gaat om het leveren van “input”. Daarvoor zijn (alleen) de in artikel 82 van de Gemeentewet bedoelde raadscommissies, die openbaar vergaderen. De beslotenheid van die Werkgroep, juist waar het gaat om “overleggen” met B&W en staat wat mij betreft haaks op de door B&W en raadsleden uitgedragen wens tot betrokkenheid van bewoners. Omdat de Raadsbrede Werkgroep NIET in het openbaar vergadert onttrekt de kennelijk geleverde input door raadsleden zich aan de waarneming door kiezers, partijleden, journalistiek en andere belanghebbenden. Over de in regel 29-30 genoemde discussiebijeenkomsten en gesprekken met inwoners is dus ook geen openbare informatie beschikbaar. Raadsbrede samenwerking kan naar mijn overtuiging overigens functioneren met behoud van de aan onze democratie verbonden openbaarheid. Ad 07.33: Het is tekenend dat de betrokkenheid van bewoners niet in de “afgesproken overlegstructuur” was opgenomen. Ook voor de fase van voorbereiding van de (concept-)TVW, die met het van kracht worden van het op 14 januari 2020 aan de gemeenteraad aangeboden Programmaplan Energietransitie, in gang was gezet, was (op blz..

09) opgenomen dat er afzonderlijk document over participatie en communicatie zouden worden opgesteld. Een “Participatie- en communicatiestrategie” is pas “openbaar” geworden via een zogeheten raadsmemo d.d. 19 januari 2021. De ‘actieve’ openbaarmaking is beperkt gebleven tot formele toezending aan de gemeenteraad als bijlage bij een raadsmemo, dat alleen op de lijst van raadsmemo’s heeft gestaan en niet is behandeld door de gemeenteraad of in een raadscommissie. Dus heb ik zorgen met betrekking tot inhoud en vorm van de aankondiging op blz. 57 in paragraaf 7.6 dat een participatiestrategie afzonderlijk zal worden opgesteld.

Reactie:

uw zorg wordt serieus genomen. Inmiddels bent u persoonlijk geïnterviewd in het kader van het opstellen van deze strategie Ad 07.37-41: Naast inwoners van Kort Haarlem en Kadebuurt hebben ook bewoners van andere toen zogeheten verkenningsbuurten hun zorgen geuit. Die zijn verwerkt in de door de bewonersgroepen opgestelde en aan de gemeente gezonden rapportages, die (o.a.) op een webpagina van MaakGoudaDuurzaam zijn geplaatst. Zie ook de tekst op blz. 08 regel 03-05.

Ad 07.45: Hier past een toevoeging als bijv. toen zogeheten voorafgaand aan verkenningsbuurt. Zie ook mijn opmerkingen onder ALG04.

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021 8

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26• 27• 28• 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56

kennis en voorwaarden opgehaald over de warmtetransitie. Ook op de gemeentelijke enquête reageerden ruim 1.500 bewoners uit de verkenningsbuurten (responsratio van 13,1%). Op die manier kregen bewoners de ruimte om hun mening te geven over de energietransitie en het beleid van de gemeente. De contactpersonen in de verkenningsbuurten rapporteerden uiteindelijk de reacties van bewoners uit de verkenningsbuurten aan de regiegroep. Op basis daarvan is de keuze gemaakt dat verder onderzoek nodig is voordat een startbuurt kan worden gekozen.

1.3

Doel van deze visie

In de Transitievisie Warmte (verder in dit document: TVW) stippelt de gemeente de stappen richting een aardgasvrije gemeente in 2040 uit. In deze visie wordt de warmtevraag – zowel ruimteverwarming als koken en het verwarmen van water – van de hele gebouwde omgeving meegenomen. De proceswarmte die ingezet wordt in de industrie wordt niet geanalyseerd in deze TVW. Dit is een heel specifieke opgave. De TVW is de eerste visie over dit onderwerp. Voor alle buurten staan in deze visie opties voor verwarming die het meest waarschijnlijk lijken (zie hoofdstuk 5). Deze visie beschrijft daarnaast welke stappen als eerste worden gezet. Ook wordt een indicatie op buurtniveau gegeven van de periode wanneer deze buurten van het aardgas af zullen gaan (zie hoofdstuk 6). Voor de buurten waar vóór 2030 wordt onderzocht of ze aardgasvrij kunnen worden, staat daarnaast welk alternatief voor aardgas het meest geschikt lijkt. Ook geeft deze visie inzicht in het traject richting een wijkuitvoeringsplan (WUP) (zie hoofdstuk 7). In dit plan staat hoe de gemeente samen met bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden een nieuwe, duurzame warmtevoorziening wil creëren. Zo kan iedereen zich voorbereiden op een toekomst zonder aardgas. Hierboven vindt u wat een TVW wél inhoudt. Om de kaders van deze TVW duidelijk te schetsen, staat hieronder ook wat deze TVW dus niét bevat.

De TVW bevat géén definitief besluit over het alternatief voor aardgas of het uitvoeringsplan; De TVW bevat noch een precieze kostenraming per buurt, noch een precies financieringsmodel; De TVW bevat géén verplichting; voor geen enkele partij.

1.4

Een eerste TVW. En nu?

Deze TVW geeft een doorkijk naar wat de komende twintig jaar in de gemeente gaat gebeuren. Bewoners en ondernemers weten daardoor waar ze aan toe zijn. Zo kunnen zij beslissen hoe zij hun woning hierop afstemmen. De TVW vormt daarmee de start van het proces om Gouda buurt voor buurt aardgasvrij te maken. In deze TVW staat een aantal clusters van woningen en gebouwen die kansrijk zijn om als eerste van het aardgas af te gaan. Deze clusters heten verkenningsblokken. Als het in een verkenningsblok inderdaad haalbaar blijkt om als eerste van het aardgas af te gaan, wordt voor deze buurt vervolgens een ‘wijkuitvoeringsplan’ gemaakt. Hierin worden de plannen concreter, en zal per buurt of zelfs per huishouden worden gekeken wat mogelijk is. Het besluit om daadwerkelijk over te stappen naar een duurzame warmtevoorziening wordt pas later in het proces genomen. Daarvoor moeten de consequenties voor de woonlasten van bewoners en ondernemers in deze wijken bekend zijn. Daarnaast moet een gedegen haalbaarheidsstudie uitsluitsel bieden over de oplossing. Ook hecht de gemeente aan breed draagvlak. Het spreekt dan ook voor zich dat bewoners en ondernemers goed geïnformeerd en nauw betrokken worden bij de wijkuitvoeringsplannen. Als het aardgas in een buurt wordt afgesloten, krijgen bewoners en ondernemers dat ruim van tevoren te horen5.

In hoofdstuk 7 wordt uitgebreider ingegaan op de vervolgstappen. Alles in deze TVW is met de kennis van nu opgeschreven. Gedurende het proces zullen nieuwe initiatieven in de stad ontstaan en nieuwe technieken worden ontwikkeld die nu nog niet konden worden meegenomen. De analyses en plannen in de TVW zullen daarom aan verandering onderhevig zijn. De TVW zal regelmatig, maar minimaal eens in de vijf jaar geactualiseerd worden. Na verloop van tijd zal deze visie dus ook steeds nauwkeuriger beschrijven welke warmteoplossingen het beste passen in elke buurt. 5

De termijn van 8 jaar is voorlopig in het klimaatakkoord opgenomen en zal uiterlijk 2022 worden geëvalueerd. Dan wordt definitief vastgesteld wat een goede termijn is

Ad 08.01: De ‘gemeentelijke enquête’, met onder meer vragen naar ‘randvoorwaarden’, was al opengesteld nog voordat de informatieve bijeenkomsten in de toen zogeheten verkenningsbuurten hadden plaatsgevonden resp. waren afgerond. Naar mijn mening kan daarom hooguit sprake zijn van peiling van voorlopige, nog niet afgeronde meningen over “de energietransitie en het beleid van de gemeente.”

Reactie

Het klopt dat de enquête een momentopname is geweest. In de nabije toekomst zullen waarschijnlijk nog meer enquêtes gehouden worden. Er wordt vanuit gegaan dat ook daarin veel mensen een “nog niet afgeronde mening” laten horen. Ad 08.05-06: In mijn beleving is wat hier staat niet consistent met de keuze van verkenningsblokken, zoals vermeld op blz. 19 en verder en in hoofdstuk 6. Zie met betrekking tot het gebruik van het begrip startbuurt mijn opmerkingen onder ALG04. Ad 08:14-22: Zie mijn opmerkingen onder ALG08.

Ad 08.17-19: Terwille van consistentie binnen de TVW meen ik dat er afstemming moet komen ten aanzien van de nu verschillende vermeldingen van de start van onderzoek resp. voorbereiding van een uitvoeringsplan. In regel 17 wordt gesproken over “vóór 2030”, in hoofdstuk 6 wordt gesproken over “vanaf” met daarachter een jaartal.

Reactie:

De jaartallen en startmomenten staan nog niet precies vast. Meer duidelijk dan wat er nu staat is in dit stadium niet mogelijk Ad 08.19: Het komt mij niet juist over om te vermelden dat de TVW “inzicht” geeft “in het traject richting een wijkuitvoeringsplan”. Hooguit kan worden gesproken over “enige informatie”, immers de concrete invulling van het participatieproces is buiten behandeling gelaten en er wordt verwezen naar een nog op te stellen participatiestrategie. Daarnaast is het niet logisch het begrip wijkuitvoeringsplan in de TVW te gebruiken nu hierin is opgenomen dat er waarschijnlijk niet meer voor een wijk als geheel een uitvoeringsplan zal worden opgesteld. Alternatief voor een wijkuitvoeringsplan zou kunnen zijn een TransitieUitvoeringsPlan (TUP) of UitvoeringsPlan EnergieTransitie ( UPET).

Reactie:

Voorlopig wordt aangesloten bij de landelijke benaming. Ad 08.35-37: Terwille van consistentie binnen de TVW meen ik dat er afstemming moet komen in het gebruik van begrippen als “verkenningsblok”/”verkenningsbuurt” en startbuurt / Zie mijn opmerkingen onder ALG04.

Reactie:

De TVW geeft precies weer hoe de naamgeving tijdens het proces is gewijzigd. Deze naamgeving is nog steeds in ontwikkeling. Meer duidelijk dan dit is op dit moment niet mogelijk. Ad 08.45-46: Hoe verhoudt deze informatie zich ten opzichte van wat is opgenomen op blz. 39 regel 1012: “Deze fasering is in lijn met het Klimaatakkoorddoel van 2030 (min. 20% van de huidige woningvoorraad – 6.900 woningen – verduurzaamd en/of aardgasvrij) en het doel van Gouda om in 2040 aardgasvrij te zijn” en ambitie die staat opgenomen in het coalitieakkoord dat de eerste wijk in 2025 aardgasvrij is?

Reactie:

De informatie op beide plekken is op zichzelf juist. Ad 08.51: Zie mijn opmerkingen onder ALG03.

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021

9

1 2 3

De definitieve TVW zal na vaststelling door de gemeenteraad onderdeel worden van de Omgevingsvisie. Verdere uitwerkingen op buurtniveau zullen vervolgens een plek krijgen in het Omgevingsplan.

Samenhang met de Regionale Energiestrategie Uiteraard wordt verder gekeken dan de gemeentegrenzen. De puzzel van warmte-opwek, -opslag en -gebruik wordt samen met andere gemeenten in de regio en de provincie gemaakt. Daar wordt toegewerkt naar de Regionale Structuur Warmte, als onderdeel van de Regionale Energiestrategie (RES) MiddenHolland. Hier werkt Gouda samen met vier buurgemeenten, drie waterschappen, de Provincie Zuid-Holland en andere belanghebbenden zoals de land- en tuinbouwsector, milieuorganisaties en de netbeheerders. De regio MiddenHolland heeft als doelstelling om in 2050 energieneutraal te zijn. Dat betekent dat de regio evenveel energie opwekt als gebruikt.

4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33• 34• 35

1.5……Randvoorwaarden voor uitvoering Gouda hoeft niet te wachten. De stad kan aan de slag met onderzoeken en het toepassen van no-regret maatregelen zoals isoleren. Gouda kan echter de doelen zoals omschreven in deze visie alleen halen, als aan een aantal cruciale voorwaarden is voldaan. Financiële voorwaarden

Proceskosten

In het Klimaatakkoord heeft de gemeente de regie in de energietransitie. Vanuit dat uitgangspunt draagt zij een groot deel van de proceskosten. Het betreft hier kosten voor programma- en projectleiders, en adviseurs op communicatief, juridisch en financieel vlak. Daarnaast komen ook de kosten voor onderzoek naar alternatieve warmtebronnen en technische oplossingen voor rekening van de gemeente. In opdracht van de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) is onderzoek verricht naar de kosten voor overheden voor uitvoering van het Klimaatakkoord. Gouda kan haar ambitie alleen waarmaken als het Rijk de benodigde middelen ter beschikking stelt. Daarnaast verwacht Gouda dat het Rijk met marktpartijen tot goede afspraken komt om vormen van marktfinanciering binnen ons bereik te brengen. Extra financiering door de markt kan knelpunten in de financiering oplossen. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat marktpartijen uiterlijk 2022 hun actieplannen bekend maken.

Uitvoeringskosten voor pandeigenaren Alle gebouwen met een warmtevoorziening op aardgas moeten worden aangepast. Uitgangspunt in het Klimaatakkoord is dat iedereen mee kan doen met de energietransitie en dat dit voor iedereen betaalbaar is. Het is dan ook noodzakelijk dat het Rijk voldoende financieringsconstructies en subsidies beschikbaar stelt om alle partijen mee te laten doen in de energietransitie. Het Rijk biedt hiervoor al verschillende subsidies en financieringsmogelijkheden. Deze staan in bijlage G. Het huidige financiële pakket is echter ontoereikend om: de oudste / slechtst geïsoleerde gebouwen aardgasvrij te makken. de meest kwetsbare doelgroepen te ondersteunen, zoals starters of mensen met weinig of geen investerings- of leenruimte.

Ad 09.01-02: Naar mijn mening is het logisch dat deze stappen, al is het in een bijlage, worden uitgewerkt. Nog op de voorgaande blz. 8 staat in regel 9-10: “In de Transitievisie Warmte (verder in dit document: TVW) stippelt de gemeente de stappen richting een aardgasvrije gemeente in 2040 uit”. Waarom dan niet ook “de” stappen richting Omgevingsvisie en Omgevingsplannen? Voor ons als bewoners is het belangrijk van de consequenties van de betreffende procedurele zaken op de hoogte te worden gesteld.

Reactie:

Hoe de verwerking in het omgevingsplan precies in z’n werk gaat is nu nog niet bekend. Wel dát het gebeurt. Meer duidelijkheid kan er dus niet gegeven worden.

Ad 09.03.06: Net als ten aanzien van Omgevingsvisie en -plannen (zie Ad 09.01-02) is het naar mijn mening logisch dat deze samenhang, al is het in een bijlage, wordt uitgewerkt. Het gaat vooral om de consequenties die vaststelling van die Regionale Structuur Warmte zou kunnen hebben voor wat in de Goudse TVW is en wordt opgenomen. Ook als er géén consequenties aan zijn of kunnen zijn verbonden verdient dat vermelding.

Reactie: Waarschijnlijk kan in de eerstvolgende versie van de TVW hierover meer informatie worden verstrekt

Ad 09.09-10: Juist omdat deze constatering logisch is, dient in de TVW ook de strategie te worden geschetst in het geval aan de cruciale voorwaarden niet voldaan wordt resp. kan worden. Het Klimaatakkoord kan als voorbeeld dienen. Daarin worden randvoorwaarden duidelijk verwerkt. Zo komen formuleringen voor als: “De partijen spreken af dat ….. wordt gerealiseerd indien: ……”

Reactie: Zie onder antwoord zienswijze nr 42: Goede suggestie en een terechte vraag! Deze toevoeging zet het betoog van Gouda kracht bij. Aan hoofdstuk 1.5 toevoegen: “zonder aanvullende financiering van het Rijk kan Gouda niet het tempo maken dat nodig is om in 2050 aan de landelijke doelstelling “geheel aardgasvrij” te voldoen Zonder garanties op een voor inwoners haalbare en betaalbare warmteoplossing en gedegen onderliggende financiële arrangementen, wordt er wel gewerkt aan plannen, maar blijft de uitvoering nog even liggen.

Ad 09.18-19: Op zich een logische constatering, zeker gelet op de ervaringen die zijn opgedaan met eerdere taken (zoals de jeugdzorg) waaromtrent de rijksoverheid heeft bepaald dat die het best door gemeenten kunnen worden uitgevoerd. Maar na zo’n constatering komt de vraag op: wat als er niet voldoende middelen beschikbaar komen? Wordt dan ambitie losgelaten? Zo nee, wat is dan de waarde van het gehanteerde begrip randvoorwaarde? Zo ja, in welke zin of op welke manier? Op welk(e) moment(en) wordt geijkt of er beschikbaar is wat nodig wordt gevonden? Naar mijn mening dient in de dit jaar vast te stellen TVW te worden opgenomen dat één van de redenen tot herziening ervan ontstaat als blijkt dat aan één of meer van de randvoorwaarden niet zal of lijkt te worden voldaan (en dus de in die TVW vastgelegde ambities moeten worden bijgesteld). Ad 09.21: In vergelijkbare zin geldt wat bij Ad 09.18-19 staat maar dan ten aanzien van de “knelpunten in de financiering” waar in regel 21 op wordt gedoeld. Ad 09.28 in relatie met 09.32: In vergelijkbare zin geldt wat bij Ad 09.18-19 staat maar dan ten aanzien van het “financieringsconstructies en subsidies” waar in regel 28 op wordt gedoeld en het “ontoereikend” zijn van het financiële pakket waar in regel 32 op wordt gedoeld.

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021

10

1 2 3

Daarnaast ondervinden de woningcorporaties een aantal financiële obstakels zoals verhuurderheffing en huurbevriezing. Ook voor bedrijven geldt dat financierbaarheid een randvoorwaarde is. Aantrekkelijke financieringsconstructies moeten voor deze doelgroep komen6.

4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19

Juridische voorwaarden Er bestaan nog veel onduidelijkheden over de juridische inkadering van de warmtetransitie. Voor draagvlak is het van belang dat duidelijkheid over wettelijke rechten en plichten van gemeente en inwoners bestaat.

20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49

Sociaal maatschappelijke voorwaarden De energietransitie is niet alleen een technische opgave in het ruimtelijk domein. Het is ook – en misschien nog wel meer – een sociale opgave. Breed draagvlak voor en kennis over de energietransitie is van cruciaal belang. De gemeente kan dit niet alleen. Alle overheidslagen zullen moeten bijdragen aan het vergroten van kennis en draagvlak. Dit kan om te beginnen bijvoorbeeld door grootschalige landelijke campagnes en ondersteuningsprogramma’s.

50

Zolang de nieuwe Warmtewet (Wet Collectieve Warmtevoorziening of WCW) niet is vastgesteld kan de gemeente ook geen duidelijkheid over het proces bieden aan haar inwoners. Ook garanties rondom de ontwikkeling van warmtenetten kan de gemeente niet geven. De gemeente moet in de geest van de Klimaatakkoord de bevoegdheid krijgen om buurten over te laten stappen op een duurzaam alternatief en om vervolgens de aardgaslevering in deze buurt te beëindigen. Hoe de gemeente deze bevoegdheid uit gaat oefenen en onder welke condities, is nu onbekend. Voor de gemeente geldt in ieder geval dat alleen aangestuurd kan worden op een overstap naar duurzame warmte als de oplossing haalbaar en betaalbaar is voor iedereen. Ook moet de gemeente ten tijde van de uitvoering de beschikking hebben over voldoende middelen en bevoegdheden om afspraken en regelgeving te kunnen handhaven.

6

Zie hier initiatief van VNO - NCW / Techniek Nederland / EZK / BZK: https://bespaargarant.nl/

Ad 10.03: In vergelijkbare zin geldt wat bij Ad 09.18-19 staat maar dan ten behoeve van woningcorporaties en bedrijven ten aanzien van de “financieringsconstructies” waar in regel 03 op wordt gedoeld. Ad 10.04-19: In vergelijkbare zin geldt wat bij Ad 09.18-19 staat maar dan ten aanzien van de in deze regels genoemde juridische en feitelijk ook financiële randvoorwaarden. Het bevordert de transparantie als duidelijk wordt gemaakt hoe zal worden omgegaan met het vaststellen van uitvoeringsplannen in situaties waarbij de WCW nog niet in werking is. Dat vanwege de daarin opgenomen regelingen over zeggenschap over warmtenetten en wijziging van de nu in art. 10 lid 6 onder a. en b. van de Gaswet verwerkte “aansluitplicht”.

Reactie:

Dit zijn zaken die in de uitvoeringsfase hun beslag moeten krijgen.

Ad 10.22: Op zich ben ik blij met de verwoording van de onderkenning dat de energietransitie ook en vooral en sociale opgave betreft. Maar woorden zonder daden zijn hol. Het bevordert de transparantie als wordt verduidelijkt waar concreet staat beschreven hoe door de gemeente invulling wordt gegeven aan het belang dat wordt gehecht aan “draagvlak voor en kennis over de energietransitie”. Naar mijn mening heeft de aan deze concept-TVW voorafgaande voorbereidende fase aangetoond dat het aan middelen heeft ontbroken om een breed draagvlak te verkrijgen door verschillende, ook bij het zeer beperkte kennisniveau van veel burgers passende, vormen van kennisoverdracht en om met anderen dan een aantal koplopers in contact te zijn voor kennisoverdracht en overleg. Ondanks waardering voor de bedoelingen ermee hebben menselijke en financiële investeringen in bijvoorbeeld MaakGoudaDuurzaam en de Transitietafels in mijn beleving een te beperkte betekenis gehad, evenals de inbreng van gemeentewege bij de bewonersbijeenkomsten in de verkenningsbuurten. Mocht de mate waarin samenhangen met een tekort aan steun van de rijksoverheid ten aanzien van de op blz. 09 vanaf regel 12 bedoelde proceskosten dan geldt in vergelijkbare zin wat bij Ad 09.18-19 staat maar dan ten aanzien van de benodigde middelen ten behoeve van “het vergroten van kennis en draagvlak”.

Reactie:

Het draagvlak voor de warmtetransitie is iets dat zich heel langzaam ontwikkelt. Dat kan de gemeente niet alleen, daarvoor zijn ambassadeurs nodig onder inwoners. Het was niet de intentie om tijdens het proces naar een eerste TVW draagvlak onder alle inwoners te krijgen. Dat draagvlak zal moeten groeien tijdens de uitvoeringsfase. Het college rekent op voorlopers onder inwoners; hun voorbeeldfunctie kan anderen meetrekken

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021

11

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25

2 CO2-neutraal en aardgasvrij, wat betekent dat? Het omschakelen van verwarming met aardgas naar verwarming met een duurzame bron is complex. Vrijwel alle huishoudens en bedrijven in Gouda krijgen ermee te maken. In dit hoofdstuk staat de verwachte impact hiervan beschreven. Bijna alle huizen in Gouda gebruiken aardgas. Om het huis te verwarmen (via centrale verwarming en radiatoren), om te koken, en voor warm tapwater. Ook de meeste bedrijven gebruiken aardgas. Soms alleen voor verwarming, soms ook in het bedrijfsproces. De overstap van aardgas op een andere duurzame bron vergt daarom een aantal aanpassingen. De belangrijkste aanpassingen die in woningen en andere gebouwen nodig zijn, staan hieronder toegelicht.

Isoleren en besparen Om aan de klimaatdoelstellingen te voldoen is energie besparen een belangrijke eerste stap. De meest duurzame energie is immers energie die niet wordt gebruikt. Veel duurzame warmtebronnen zijn daarnaast schaars. Het is daarom nodig om eerst de energievraag van huizen en bedrijfspanden omlaag te brengen door beter te isoleren. Dat is niet alleen goed voor het milieu. Het verlaagt ook de energierekening en verbetert het comfort in de woning. Het isoleren van de buitenmuur, het dak en de vloer en het plaatsen van goed isolerend glas zijn hiervoor effectieve maatregelen. Daarna kan ook de temperatuur van het water van de ketel naar de radiatoren verlaagd worden. Dat maakt het systeem efficiënter. Dit zorgt voor extra besparing. Met het isoleren van huizen en bedrijfspanden kan nu al worden gestart. Verder energie besparing kan met kleine maatregelen. Dit zijn bijvoorbeeld maatregelen als Ledverlichting, het aanbrengen van radiatorfolie en het kiezen van nieuwe apparaten met een hoog energielabel.

26 27 28 29• 30 31• 32 33• 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44

Verwarming en warm water De aardgasvrije manieren om te verwarmen zijn in te delen in drie groepen: Individuele oplossing: een oplossing per woning, gebouw of woonblok. Bijvoorbeeld een warmtepomp of infraroodpanelen. Warmtenet: dit is een collectieve oplossing voor de hele buurt. Warm water stroomt doorleidingen onder de grond naar de huizen. Duurzaam gas: aardgas wordt vervangen door een ander type gas, zoals biogas of groene waterstof.

Koken Koken kan met een inductieplaat, elektrische kookplaat of keramische kookplaat. De meeste mensen kiezen voor inductie. Dat verbruikt minder stroom dan andere elektrische kookplaten, en het lijkt op koken op gas. Met koken op inductie kun je de temperatuur snel veranderen. De meest geschikte oplossing hangt onder andere af van het type woning en buurt. Per oplossing verschillen de aanpassingen in de woning. Deze aanpassingen staan schematisch weergegeven in de vier factsheets op de volgende pagina’s. In hoofdstukken 4 en 5 komt aan bod welke oplossing het best past bij de verschillende buurten in Gouda.

Ad 11.01: Zie mijn opmerkingen onder ALG01.

Op blz 47 “Het is belangrijk om te beseffen dat een gemeentebrede aanpak op zichzelf niet genoeg zal zijn om CO2- neutraal en aardgasvrij in 2040 te worden. De verwachte warmtebesparing met rendabele maatregelen voor de bestaande woningen is 24% in 2040. Voor de bestaande utiliteitsbouw is dit 30% in 2040 (zie hoofdstuk 4).”

Reactie:

Het college realiseert zich dit.

Ad 11.29-30: In relatie tot mijn opmerkingen onder ALG01 meen ik dat de transparantie wordt bevorderd als ten aanzien van de “individuele oplossingen” de relatie met de elektriciteitsvraag wordt gelegd. En dat dus wordt vermeld dat het voor beperking van de CO2-uitstoot van belang is dat de extra elektriciteit die nodig is voor pompen, panelen en andere warmte gerelateerde apparatuur kan worden geput uit gelijktijdig gerealiseerde extra ‘groene’ bron zoals zon-PV (en dan dus niet meer meetelt als besparing op het elektriciteitsverbruik).

Reactie:

Dit is iets voor de uitvoeringsfase Ad 11.31-32: Hiervoor geldt mogelijk dezelfde redenering als onder Ad 11.29-30, tenzij vast staat dat de elektriciteitsvoorziening die nodig is om een warmtenet te kunnen laten functioneren lager ligt dan wat nodig is om het aardgasnet te kunnen laten functioneren. Ad 11.37-39: Hiervoor geldt een soortgelijke kanttekening als onder Ad 11.29-30.

Ad 11.43-44: Hoe verhoudt deze aankondiging zich tot het vermelde op blz. 38 regel 13-14: “Het streven is dat in 2025 alle buurten in Gouda duidelijkheid hebben over welk warmtealternatief in die buurt het meest kansrijk is”?

Reactie:

Dat streven staat los van de informatie over welke alternatieven er zijn voor koken zonder aardgas.

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021

12

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12

Factsheets individuele en collectieve oplossingen Infographic 1: vier individuele oplossingen

13

phic warmtenet aphic warmtenet

Infographic 2: warmtenet

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021

1325

Infographic 3: duurzaam gas/waterstof

Infographic 4: waterstofladder

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021

15

Ad 15.Infografic 4: Het ontbreekt aan een verwijzing naar een document of tekstdeel waar de infografic op is gebaseerd. Met name is van belang dat duidelijk wordt of deze al dan niet is gebaseerd op enig Gouds beleid, speciaal wat betreft de aangeduide prioritering.

Reactie:

De infographic over waterstof wordt vervangen door een ander, beter leesbaar exemplaar. De afbeelding is extra informatie bij infographic nr 3, waar waterstof benoemd staat. Het is bekend dat over waterstof veel vragen zijn. Bij de afbeelding zal een onderschrift worden toegevoegd waaruit blijkt op welk beleid de informatie is gebaseerd.

3

1 2 3 4 5 6 7

Afwegen en keuzes maken Gouda moet in 2040 een betaalbare, betrouwbare en duurzame warmtevoorziening zonder aardgas hebben. Dit betekent dat er keuzes gemaakt moeten worden. Waar starten we? Waarom daar? En voor welke alternatieve warmteoplossing wordt er gekozen? Om deze vragen weloverwogen te beantwoorden zijn uitgangspunten noodzakelijk. Deze zijn in samenspraak met stakeholders benoemd en vastgesteld. In de TVW van Gouda zijn drie soorten uitgangspunten gehanteerd: 1. Algemene uitgangspunten voor de warmtetransitie. Deze zijn in het hele proces leidend; 2. Uitgangspunten voor het bepalen van de verkenningsblokken; 3. Uitgangspunten voor het kiezen van aardgasvrije technieken.

8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49

3.1

Algemene uitgangspunten

Elke buurt is anders, met een andere samenstelling van bewoners, gebouwen, ondernemers, omgeving en warmtebronnen. De benadering per buurt zal dus maatwerk zijn. Gemeente Gouda wil namelijk overal zorgvuldig omgaan met de belangen van bewoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. De Transitietafel en de regiegroep benoemden daarom een aantal uitgangspunten die gedurende het hele proces centraal zullen staan. Toekomstige plannen voor de warmtetransitie zullen steeds getoetst worden aan deze uitgangspunten: • De warmtetransitie is een proces dat we samen doen Alle inwoners en bedrijven in de stad krijgen te maken met de warmtetransitie. De enige manier om de transitie te realiseren is dan ook door het samen te doen. Samen werken aan de warmtetransitie houdt onder andere in dat de deze TVW is opgesteld met stakeholders en inwoners. Het betekent ook dat wanneer bedrijven of (groepen) inwoners een initiatief nemen, gekeken zal worden in hoeverre dit uit te breiden is voor een hele buurt. In de toekomst zullen mogelijk andere vormen van eigendom een rol spelen; bewoners van één buurt gaan misschien samen een warmtenet aanbesteden en worden dan samen eigenaar. Bewoners en ondernemers zullen, als het gaat om warmte, in de toekomst veel meer samen gaan beslissen.

• In de warmtetransitie moet iedereen mee kunnen Het spreekt voor zich dat Gouda niemand letterlijk in de kou laat staan. De warmtetransitie is dan ook een proces waar bewonersparticipatie een zeer grote rol in speelt. Ontwikkelingen kunnen soms snel gaan. Zo snel, dat dit voor sommige bewoners té snel is. Door met elkaar in gesprek te blijven kan het tempo van de transitie afgestemd worden op eenieder. Het kan niet zo zijn dat inwoners uiteindelijk van het aardgas worden afgesloten zonder een redelijk en betaalbaar alternatief. De transitie moet in ieder geval voor iedereen betaalbaar zijn. Woonlastenneutraliteit7 is nadrukkelijk het streven. • De warmtetransitie is een technisch én sociaal proces De warmtetransitie gaat niet alleen over techniek en over ‘iets’ anders dan aardgas, zoals een warmtenet of een volledig elektrische oplossing. Het gaat ook over basisvoorzieningen, zoals warm douchen, koken en een warm huis. Die voorzieningen blijven bestaan, maar de manier waarop zal veranderen. Dit vraagt aanpassingen in alle woningen van Gouda en aanpassingen van de inwoners in hun manier van koken en verwarmen. Het betekent ook dat in de meeste gevallen de straat open gaat om warmtenetten aan te leggen of het elektriciteitsnet te verzwaren.

Die combinatie van aanpassingen in de woning, in gedrag en het openbreken van de straat kan in veel gevallen aanleiding zijn tot het aanhalen van sociale contacten in de buurt. Daarnaast biedt het de gelegenheid om de warmtetransitie te combineren met andere opgaven. Daarmee worden waar mogelijk de sociale omstandigheden van inwoners verbeterd.

7 Met woonlastenneutraliteit wordt bedoeld dat de financieringskosten of huurverhoging als gevolg van energiebesparende

maatregelen gelijk is aan of lager dan de besparing op de energiekosten.

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021

16

Ad 16.02: Het woord “moet” werkt vertekenend. Het betreft hier een door het gemeentebestuur aan zichzelf opgelegde ambitie (zie blz. 06 regel 02-04).

Reactie:

De TVW gaat uit van de ambitie die in het coalitieakkoord is verwoord. Het woord “moet” in deze zin duidt op de urgentie van het probleem. Ad 16.05-06: Ik bepleit verandering van de laatste volzin van deze alinea. Op regel 21-22 staat dat in september door de regiegroep en het college de algemene uitgangspunten en randvoorwaarden zijn vastgesteld. Dat geeft correcter weer wat heeft plaatsgevonden dan “samenspraak met stakeholders”. Zie ook Ad 16.13. Ad 16.07.01: In relatie tot Ad 16.05 behoeft de tekst “In de TVW van Gouda zijn drie soorten uitgangspunten gehanteerd” verduidelijking resp. verandering. Als de betreffende uitgangspunten nog niet eerder door de gemeenteraad zijn vastgesteld dan hoort de gemeenteraad zich daar nu in het kader van de vaststelling van de TVW over uit te spreken omdat het om uitgangspunten voor de door de gemeenteraad vast te stellen TVW gaat. Te plaatsen is dat daaraan voorafgaand over de formulering ervan met stakeholders is gesproken. Niet te plaatsen is als buiten de gemeenteraad om sprake zou zijn geweest van “vaststelling”. Mocht sprake zijn van een ongelukkig woordgebruik dan stel ik voor in een bijgestelde tekst te laten uitkomen dat op voorspraak van overleg met stakeholders in de TVW drie soorten uitgangspunten worden gehanteerd.

Reactie:

De suggestie wordt overgenomen en de tekst aangepast naar: “in de TVW worden 3 soorten uitgangpunten gepresenteerd. Ad 16.13-15: Mede in relatie tot Ad 16.07.01 bepleit ik een zorgvuldige beschrijving van de rolverdeling. In het kader van de door de gemeenteraad vast te stellen TVW is van belang dat door formuleringen duidelijk wordt wat de gemeenteraad bepaalt, onder meer waar het uitganspunten betreft. Dat belemmert niet dat kan worden aangegeven dat formuleringen door anderen zijn voorgesteld/aangedragen.

Reactie:

De rolverdeling tussen college en gemeenteraad wordt in het college- en raadsvoorstel uitgewerkt. Ad 16.13: De Transitietafel is een forum, geen besluitvormend orgaan. Ik vind het daarom geen juiste voorstelling van zaken als wordt gesteld dat “de” Transitietafel uitgangspunten “heeft benoemd” en daarbij syntactisch op gelijke voet wordt gesteld met de regiegroep. In het kader op blz. 18 komt bij vergelijking tussen regel 09-10 en regel 21-22 het verschil tot uiting.

Reactie:

De Transitietafel wordt niet gepresenteerd als besluitvormend orgaan. Ad 16.20: Opvallend is dat in deze zin ineens onderscheid wordt gemaakt tussen stakeholders en inwoners. Het komt mij vertekenend over als wordt gesteld dat “deze TVW is opgesteld met …..inwoners”. Mocht het al zo zijn dat belangrijke tekstdelen met “inwoners” zijn doorgenomen (wat nodig is om de formulering ‘opstellen met’ van toepassing te kunnen verklaren) dan is het uit oogpunt van legitimiteit en draagvlak van belang te duiden wie dat zijn geweest. Mocht worden gedoeld op de informatieavonden in de verkenningsbuurten dan zijn daar géén concept-teksten voor de TVW besproken en kan hooguit worden gesproken over op basis van contacten met inwoners.

Reactie:

Zo mag dat inderdaad ook geïnterpreteerd worden. Ad 16.21: Van belang is om ook te formuleren wat het plan is als inwoners niet zelf initiatief nemen.

Reactie:

Dat wordt later uitgewerkt Ad 16.24-25: Zie mijn opmerkingen onder ALG07. Aldaar beantwoord

Ad 16.31-32: Hoe hard is deze uitspraak? Betekent dit dat degenen die het langste tijd nodig zeggen te

hebben het tempo bepalen? Het woord “kan” is in deze context multi-interpretabel. “Zal” het tempo ook “op eenieder” worden afgestemd? Er zijn ook verwachtingen geschapen door de verhandeling door een medewerker van DWTM, namens het college, tijdens de digitale informatiebijeenkomst op 12 juli jl. Op de video is rond 10:53 de uitspraak te horen: “Om over te stappen zijn er een aantal punten die goed voor elkaar moet zijn voordat we actie gaan ondernemen” En even verder: “Één van de belangrijkste is dat iedereen betrokken moet zijn”. En rond 11:35: “Voor alle typen bewoners die we hebben moet er een oplossing komen.”

Reactie:

Hoe hard de uitspraak is gaat de uitvoeringsfase uitwijzen. Ad 16.33-34: Zie mijn opmerkingen onder ALG06. Aldaar beantwoord

Ad 16.45: Als de volledige volzin in regel 45 blijft staan dan behoeft het toelichting dat in samenhang met het warmtetransitieproces “de sociale omstandigheden” waar mogelijk “worden” verbeterd. Ad 16:48-49: Zie mijn opmerkingen onder ALG07. Aldaar beantwoord

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021

17

1 2 3 4 5 6 7 8

• De warmtetransitie leidt tot significante vermindering van CO2-uitstoot Het terugdringen van de CO2-uitstoot is het achterliggende doel van de mondiale afspraken over verduurzaming. Om deze doelstelling niet uit het oog te verliezen wordt bij alle voorgestelde alternatieven voor aardgas bekeken wat de impact op het klimaat en het milieu is. Het warmtealternatief moet dus altijd een duurzame oplossing zijn die bijdraagt aan de doelstelling om de CO2-uitstoot te verlagen. Deze overkoepelende uitgangspunten krijgen een concrete invulling. Deze invulling staat in de randvoorwaarden voor de uitvoeringsfase. Zie hiervoor ook paragraaf 7.1 in hoofdstuk 7.

Ad 17.02-05: Zie mijn opmerkingen onder ALG06. Aldaar beantwoord

Ad 17.07: Zie mijn opmerkingen onder ALG06. Aldaar beantwoord

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021

18

1 2

Wat vinden de stakeholders: Goudse Transitietafel Energie

3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19

Met zo’n 40 stakeholders vond op 21 juni 2019 de eerste Goudse Transitietafel Energie plaats. Het doel: een gezamenlijke start maken rond de vraag “Hoe krijgen we in Gouda de energietransitie voor elkaar?” Met oranje en groene post-its werden ‘beren op de weg’ en ‘Goudse succesfactoren’ in beeld gebracht. De uitkomsten van deze eerste Goudse Transitietafel Energie werden verwerkt in workshops en gesprekken met andere stakeholders (inwoners, raadswerkgroep, regiegroep, ambtenaren).

20 21 22 23 24 25 26 27 28

Op 1 november 2019 was het tijd voor de tweede bijeenkomst. De stakeholders gingen aan de slag met de vraag: “Wat zijn belangrijke uitgangspunten bij de warmtetransitie?” Ook de uitkomsten van deze bijeenkomst zijn vervolgens weer verwerkt in workshops/gesprekken met andere stakeholders en de regiegroep.

In september 2020 zijn door de regiegroep en het college de algemene uitgangspunten en randvoorwaarden vastgesteld. Aansluitend is op 16 oktober 2020 de stakeholdertafel aan de slag gegaan met de vraag “Wat is jullie rol in de warmtetransitie van Gouda en wat is belangrijk bij hetkiezen van verkenningsbuurten?” Op 11 december vond de 4e Transitietafel plaats. De stakeholders gingen toen met elkaar in gesprekover de 5 potentiële verkenningsbuurten. Na deze bijeenkomst werkt de gemeente samen met Energiecoöperatie Gouda verder aan de participatie in de verkenningsbuurten.

Ad 18.09-10: Zie Ad 16.05-06 en Ad16.13.

Ad 18.21-22: Zie Ad 16.05-06 en Ad16.13.

Concept Transitievisie Warmte Gouda juni 2021

19

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48

3.2

Verkenningsblokken kiezen

In de warmtetransitie van Gouda zijn in de eerste fase verkenningsbuurten en in de tweede fase verkenningsblokken aangewezen. Dit zijn clusters van panden waar de gemeente kansen ziet om voor 2030 geheel of gedeeltelijk van het aardgas af te gaan (zie hoofdstuk 6). De volgende criteria wegen het zwaarst mee bij het kiezen van de verkenningsblokken: Draagvlak Buurten waar het verwachte draagvlak en de sociale cohesie hoog zijn, worden als kansrijk gezien voor een buurtaanpak. Is er een buurtinitiatief? Buurten waar bewoners en/of vastgoedeigenaren het voortouw nemen om aardgasvrij te worden (of open staan voor een collectieve oplossing), kunnen mogelijk vooroplopen. De gemeente bevordert en ondersteunt alvast dergelijke initiatieven en zal dat blijven doen in de toekomst. Contracteerbaarheid (veel corporatiebezit, grote warmtevrager, gemeentelijk bezit) “Hoe meer corporatiebezit, hoe geschikter de buurt is om mee te starten”. Het idee achter deze uitspraak is dat woningcorporaties kunnen fungeren als ‘startmotor’ voor veranderingen in de buurt. Denk hierbij bijvoorbeeld aan grootschalige isolatieprojecten of de aanleg van een warmtenet. Is er sprake van maatschappelijk vastgoed of grote afnemers? Dan kan dit een extra reden zijn om eerder met een buurt of bedrijventerrein aan de slag te gaan. In de praktijk moet blijken of deze benadering werkelijk klopt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=23d898bf-b6ac-47e5-b345-1fcb8d77885e