CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Strategische Verkenningen Gouda

Raadsvergadering 17 maart 2022, gemeente GoudaBij agendapunt: Aanbieden Strategische Verkenningen17.854 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Nieuwe manier van werken: interventieteam Binnen de veiligheidsketen is veel aandacht voor jongeren en families die risico lopen om het criminele pad op te gaan. Sommige netwerken maken het jongeren bijna onmogelijk om in vrijheid goede keuzes te maken. Begin 2022 is de gemeente daarom gestart met een interventieteam, om met name jongeren bij de ‘’eerste signalen’’ vast te kunnen pakken en er bovenop te zitten dat zij hulp en begeleiding krijgen. In het interventieteam wordt nauw samengewerkt met zorg, onderwijs en toezicht. Alles is er op gericht om interventies uit te voeren die tot verandering kunnen leiden en zo dichtbij mogelijk aan te sluiten bij de problematiek die er is. Om afglijden en recidive te voorkomen is strakke regie vanuit de gemeente onontbeerlijk op het snijvlak 31

Cybercrime: versterken van de weerbaarheid in de organisatie, bij ondernemers en in de stad

van straf en zorg. Geen regie op afstand en niet alleen sturen met beleid, maar ook daadwerkelijk contact opbouwen met de families waar het om gaat en op die manier een zichtbare overheid zijn. Naast jongeren zijn momenteel criminele families en ondermijning casuïstiek onderwerpen waar het interventieteam zich op richt. Er is behoefte om dit in de toekomst uit te breiden naar de aanpak van overlast van personen met verward gedrag.

Er is een verschuiving gaande van traditionele vormen van criminaliteit (woning­inbraken, overvallen) naar digitale vormen van criminaliteit. Bij cybercrime gaat het om delicten die gepleegd worden met ICT en gericht zijn op ICT, zoals het hacken van een computer, een DDoS-aanval of het plaatsen van ransom­ware. De jeugd is een kwetsbare groep: zij wordt relatief vaak slacht­offer (vooral van hacken en cyberpesten) en zijn ook vaker betrokken als verdachten. Ouderen lijken meer kwetsbaar te zijn voor specifieke vormen van gedigitaliseerde fraude zoals vriend-in-noodfraude. Ook bedrijven worden steeds vaak slachtoffer van cybercrime. Bij cybercrime is verder zichtbaar dat de impact voor organisaties toeneemt: bedrijfsprocessen en dienstverlening komen stil te liggen door bijv. datalekken of hacken. De gemeente zoekt naar haar rol en taak op het gebied van het tegengaan van cybercrime. Deze rol lijkt in eerste instantie te liggen in het vergroten van cyberweerbaarheid van ondernemers en bewoners. Het ontbreekt de gemiddelde internetgebruiker en ondernemer vaak aan voldoende kennis en kunde om zich goed te beschermen tegen digitale risico’s. Ook vraagt cybercrime om nieuwe vormen van crisis­ beheersing: cyberincidenten kunnen een grote impact hebben op de openbare orde en veiligheid van de gemeente, met zelf maatschappelijke ontwrichting als gevolg.

Dit vraagt om een risicoanalyse van de vitale processen in de organisatie.

Strategische afweging en keuze • Een nieuw gemeentebestuur staat voor de opgave om het Goudse ­Veiligheidsbeleid voor de periode 2023-2026 vorm te geven en de prioriteiten vast te stellen. In 2022 wordt het huidige Goudse Veiligheidsbeleid geëvalueerd en worden nieuwe prioriteiten opgesteld, die het nieuwe gemeentebestuur input en richting geven. Ondermijning, waaronder drugscriminaliteit, vraagt blijvende prioritaire aandacht. Een effectieve en gerichte aanpak vergt ook lef en daadkracht: het weren van foute ondernemers (ook op bedrijventerreinen), het consequent toepassen van bibob onderzoek en het sluiten van woningen bij de vondst van drugs en wapens. • Om de problemen op het gebied van ondermijning in Gouda effectiever aan te pakken, is ook meer integrale samenwerking met partners (o.a. op het gebied van gegevensuitwisseling) en een gezamenlijke lobby richting politie en het Rijk noodzakelijk om aanspraak te maken op Rijksmiddelen. Daarnaast is het de komende jaren cruciaal dat de beperkte politiecapaciteit ingezet wordt voor onderzoek en aanhoudingen in Gouda nu de aard en omvang van de criminaliteit dit rechtvaardigen. • Versnelling en versteviging van het interventieteam is gewenst. Hiervoor is het nodig om structureel middelen ter beschikking te stellen voor dit interventieteam.

Strategische afweging en/of keuze • Investeer in het weerbaar maken van de gemeentelijke organisatie tegen cyberincidenten. • Voorlichtingsprogramma voor ondernemers (met name MKB) en inwoners tegen cybercrime.

32

Gouda, duurzame verstedelijkingsopgave 18% bomen in Gouda 25% landelijk

schaarse ruimte 247 Ha infrastructuur, parkeren, verharding

geluidsbelasting > 60 dB 229 Ha bedrijven

Gouda 14,8% NL 13,4%

470 Ha openbaar groen

vervoermiddelen

579 Ha wonen

totaal 1812 Ha 72 Ha sport

9%

Gouda is een compacte stad. 215 Ha water Dat vraagt om creatief om te gaan met de bestaande ruimte.

38% 53% Voorzieningen liggen dichtbij (dichterbij dan gemiddeld in NL), maar omdat Gouda centraal ligt en men vaak werkt in een andere gemeente, is de auto toch het belangrijkste vervoermiddel.

elektrische personenauto’s per 1.000 inwoners Gouda NL

Gouda NL 0

4

8

12

laadvermogen in Gouda 52% van laadbehoefte 33 ranglijst: 117e van 352 gemeenten

deelauto’s

0

20

40

60 %

Gouda, duurzame verstedelijkingsopgave eigenaarschap woningen

Gouda als dichtbevolkte stad

4.464 inwoners/ km2

55,5

Gouda

29,6

koop

57,2

NL

particuliere huur

28,9

25 %

0

14,9

sociale huur

50 %

13,9

75 %

100 %

bouwjaar woningen 7e plaats van 352 gemeenten (hoger dan Utrecht en Rotterdam)

voor 1945

33.725 in 2021

1971-1990

1991-2000

2001-2010

na 2010

Gouda

21,9

17,5

40

9,7 3,9 7

NL

18,5

23,7

29,7

11,5 9,3 7,3

woningaanbod 34000

1945-1970

25 %

0

50 %

75 %

100 %

33000 32000

gas verbruik m3 per m2

31000 30000 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021

34

elektriciteit verbruik kWh per m2

huizen met zonnepanelen

Gouda 36,0

10,8

12,3%

NL 44,2

12,2

15,7%

4.4.

Gouda, duurzame verstedelijkingsopgave

Omgevingswet heeft grote gevolgen voor de manier van werken en de ruimtelijke procedures. Participatie wordt nog belangrijker. Tot slot ligt er een flinke opgave op het gebied van mobiliteit om Gouda bereikbaar te houden en ook onze nieuwe wijken goed te ontsluiten. De positionering van de gemeente en strategische samenwerking met onze buurgemeenten is hierbij van groot belang. Daarnaast vraagt de uitvoering van het Verkeerscirculatieplan met meer ruimte voor fietsers, wandelaars en het openbaar vervoer de volle aandacht van een nieuw gemeentebestuur.

Inleiding In de Randstad is sprake van een grote druk op de woningmarkt, die ook merkbaar is in Gouda. In aanvulling op de bestaande 33.750 woningen1 in Gouda is er behoefte aan duizenden extra woningen. Het gaat niet alleen om aantallen. Gouda wil een stad zijn waar het voor iedereen mogelijk is om te kunnen wonen. Hoe Gouda dat wil realiseren is vastgelegd in de Woon(zorg)visie 2030. Dat vormt ook voor de komende coalitieperiode het kader voor wonen in Gouda. In de Verstedelijkingsagenda Gouda is verkend dat er tot en met 2040 nog 8.500 woningen kunnen worden gebouwd in de stad. Bijna de helft hiervan in de nieuwbouwwijk Westergouwe. De andere helft zal verdeeld over de stad een plaats krijgen: voor het grootste deel in de Spoorzone en voor het overige in herstructureringsgebieden (oud wonen wordt modern wonen) en transitiegebieden (verouderde [bedrijven-]terreinen maken plaats voor gemengde stedelijke functies). Dat gaat niet zomaar, er moet ook oog zijn voor de (woon)omgeving.

Aandachtspunten De hierboven genoemde uitdagingen concurreren met elkaar om schaarse ruimte. Gouda is een compacte stad, de meest ingewikkelde opgave is dan ook om hier de juiste keuzes in te maken, zodat huidige en toekomstige Gouwenaars in een aantrekkelijk, leefbaar en gezond Gouda kunnen wonen. De meer eenvoudige oplossingen zijn al benut. Dit vraagt dan ook om creativiteit. De beschikbare (ambtelijke) capaciteit is daarnaast bepalend voor de hoeveelheid plannen die gerealiseerd kunnen worden en ook voor het tempo waarin dat gebeurt. De beschikbare capaciteit is beperkt beïnvloedbaar, niet alleen vanwege de zeer krappe arbeidsmarkt op alle functies in het ruimtelijk domein, maar ook omdat versterking op één plek niet het beoogde effect zal hebben. Bij de realisatie van ruimtelijke plannen zijn meerdere disciplines betrokken. Capaciteitsuitbreiding vraagt dus om versterking van de hele keten. De invoering van de Omgevingswet leidt daarbij tot extra kosten (capaciteit en middelen) in de transformatiefase, die langjarig op de begroting zullen drukken. Ook de context van de Goudse bodem moet meegewogen worden. Door onze slappe bodem is een meer dan gemiddelde voorbereidingstijd nodig voor het voorbereiden van de bodem voor dat gestart kan worden met de bouw van wegen of woningen. Tijd is dus een niet te onderschatte factor in het proces.

Tot slot vragen ook de zeer snel stijgende bouwkosten budgettaire aandacht.

Niet alleen de woningbehoefte groeit. Er liggen ook andere stevige opgaven om Gouda nu én in de toekomst aantrekkelijk te houden als stad om te wonen, werken en recreëren. Het verduurzamen van de bestaande (oude) woningvoorraad is daar een voorbeeld van. De specifieke Goudse funderingsproblematiek en bodemdaling zorgt voor een extra uitdaging. Ook de in de Regionale Energiestrategie en de Transitievisie Warmte beschreven overstap naar een aardgasvrij Gouda is zo´n opgave. Daarnaast hebben ook de veranderingen in het sociaal domein gevolgen voor de woningbehoeften, bijvoorbeeld door de behoefte van mensen met fysieke beperkingen, ouderen met zorgbehoefte en kwetsbare jongeren. De Goudse Omgevingsvisie schetst daarnaast de ruimtelijke invulling voor Gouda in 2040. Meer woningen zorgt ook dat er meer voorzieningen nodig zijn en het legt een claim op de publieke ruimte en vergroening. De Omgevingsvisie moet worden uitgewerkt in gebiedsgerichte en thematische programma’s. Daarnaast wordt gewerkt aan het Omgevingsplan. De inwerkingtreding van de 1

Basisregistratie Adressen Gemeente (BAG), mei 2021 35

Passend woningaanbod Betaalbaarheid, toekomstbestendigheid en een gevarieerd woningaanbod zijn cruciale onderdelen van de Woonzorgvisie. Gouda kiest voor een evenwichtig woningbouwprogramma dat recht doet aan wat er al aan bestaande woningen is, ook in relatie tot de regio. De visie ligt er en nu wordt gewerkt aan de uitvoeringsagenda van de Woonzorgvisie. Daarbij is specifieke aandacht voor het verder ten uitvoer brengen van de ingezette versnelling van de woningbouw en is er extra aandacht voor groepen die zelf niet in staat zijn om aan passende huisvesting te komen. Er wordt ook ingezet op gemengd wonen: verschillende woningen voor verschillende doelgroepen en in verschillende prijsklassen. Langer thuis wonen en een goede doorstroming zijn daar onderdeel van. Het is de komende coalitieperiode van belang om te sturen op de uitvoering en realisatie van deze plannen. De Rijksoverheid geeft gemeenten de komende jaren meer instrumenten. Zo is er ruimte om eigen inwoners voorrang te geven op de woningmarkt en de mogelijkheid om bepaalde groepen particuliere verhuurders te weren ten faveure van starters en de leefbaarheid van de buurt. Bijzonder aandachtspunt is de uitwerking van het Regeerakkoord, omdat de financiering van woningbouw anders vorm gaat krijgen. Ook moet rekening worden gehouden met het leren werken met de Omgevingswet.

In de beginperiode kan dit resulteren in een langere looptijd van projecten. Tot slot: een toename van het aantal woningen heeft gevolgen voor de verkeersintensiteiten op ons wegennet. In het Verkeerscirculatieplan is rekening gehouden met een woningbouwprognose, maar wanneer de woningaantallen daarvan sterk gaan afwijken kan dit ertoe leiden dat andere/forsere ingrepen in het wegennet noodzakelijk worden.

•

•

•

sturen en welk instrumentarium zij wil inzetten om voldoende woonmogelijkheden voor verschillende doelgroepen te realiseren en een (zo eerlijk mogelijke) balans te vinden tussen de doelgroepen. Om uitvoering te geven aan de Woonzorgvisie is een verdere versterking van de samenwerking met woningcorporaties en zorgaanbieders nodig én met onze buurgemeenten. Door de woonopgave vanuit een regionaal perspectief te bekijken, zijn er meer mogelijkheden en kansen. Een nieuw gemeentebestuur dient deze strategisch samenwerking (meerjarig) vorm te geven en steviger dan nu te verankeren. De doorstroming van met name ouderen en senioren op de woningmarkt is beperkt. Het is een strategische afweging om hier extra op in te zetten o.a. door stringentere afspraken te maken over de realisatie van geclusterde woonvormen voor ouderen in nieuwbouw en/of bestaande woningvoorraad. De samenloop met verduurzaming van bestaande woningen biedt kansen en uitdagingen. Bij het aanbrengen van voorzieningen voor langer zelfstandig wonen kan een woning mogelijk ook geïsoleerd worden. Tegelijkertijd zijn er ook particuliere woningen waar investeringen eigenlijk niet lonen. Hoe wil het gemeentebestuur daarmee om gaan?

Regie op beschikbare ruimte boven en onder de grond De opgaven op het gebied van de energietransitie, woningbouw, mobiliteit en klimaatadaptatie concurreren met elkaar om de beperkte ruimte boven én onder de grond. Daarbij kent Gouda bovendien veel bijzonder erfgoed, boven en onder de grond. Waar kabels en leidingen liggen of het grondwater hoog staat, kunnen geen bomen groeien. Een verdeelstation voor glasvezel of elektriciteit betekent minder ruimte voor groen of een speelvoorziening. Het is dus balanceren tussen verschillende belangen en opgaven. Dit vraagt om meer integrale ruimtelijke afwegingen én keuzes.

Strategische afweging en keuze: • De realisatie van de Woonzorgvisie vraagt om meer actieve sturing dan wel inmenging van de gemeente, bijvoorbeeld door kwetsbare huurders te beschermen en door ook in bestaande wijken te sturen op een meer gevarieerde woningvoorraad voor verschillende doelgroepen. Het is aan een nieuw gemeentebestuur om te bepalen hoe actief zij wil

Regie onder de grond Op dit moment geldt voor nieuwe systemen in de ondergrond het principe ‘wie 36

het eerst komt, wie het eerst maalt’, zonder een vorm van regie. Dit in combinatie met in het verleden gemaakt keuzes beperkt de gebruiksmogelijkheden onder de grond voor de toekomst, terwijl deze ook hard nodig zijn om bijvoorbeeld de energietransitie te laten slagen. De vraag naar bodemenergiesystemen, zoals WKO installaties, neemt toe en deze systemen hebben ruimte nodig in de grond en boven de grond, en voldoende afstand om interferentie te voorkomen. Toestemming voor de één beperkt de mogelijkheden voor de ander. Ook de ver(der)gaande digitalisering en elektrificering zorgt voor extra druk op de ruimte in de ondergrond. Omdat deze ruimte al bijna volledig gebruikt is, vraagt dit dus om regie. Ook het kwetsbare bodemwatersysteem en het ondergrondse archeologisch archief in Gouda maakt dit des te belangrijker.

•

gecombineerd worden, vaak ook niet. Los van de klassieke vraag van parkeren of groen, is er bijvoorbeeld steeds vaker vraag om private bodemlussen onder openbaar gebied toe te staan. De afweging is voor elke plek anders. Dit vraagt aandacht van de organisatie om elke keer de opties in beeld te brengen en van het bestuur om (privaatrechtelijke) maatwerkafspraken te maken. Komende bestuursperiode moet worden benut om te concretiseren hoe de regie wordt vormgegeven en welke keuzes daarvoor gemaakt moeten worden, daarbij moeten we vooral ook leren van ervaringen in andere gemeenten.

Toegankelijkheid in combinatie met bodemdaling

Regie boven de grond – (klimaat)adaptief omgaan met openbare ruimte De openbare ruimte is de plek waar het leven plaatsvindt en bloeit. Een goed ingerichte openbare ruimte is ook van belang voor de gezondheid en veiligheid van inwoners. Voor klimaatadaptatie is meer groen en water nodig om bijvoorbeeld hittestress te voorkomen, overtollig water op te vangen en wateroverlast tegen te gaan. Daarnaast is voor een gezonde leefomgeving meer behoefte aan openbare sportvoorzieningen, speelruimte en ruimte voor wandelaars en fietsers. Een toegankelijke leefomgeving vraagt daarbij om trottoirs en fiets­ paden van voldoende breedte die goed aansluiten op de bebouwde omgeving. Inwoners hechten veel waarde aan voldoende parkeerruimte in de buurt. Het kan echter niet allemaal tegelijk. Bovendien geldt dat wat boven de grond zit vaak ook ondergronds ruimte nodig heeft (wortelpakket van bomen, funderingen) en omgekeerd. Dit alles maakt dat een visie op de toekomstige inrichting van de openbare ruimte – in combinatie met de onderliggende ondergrondbelangrijker is dan ooit.

Eén van de doelstellingen vanuit de Lokale Inclusieagenda is het verder verbeteren van de fysieke toegankelijkheid van de openbare ruimte, wegen, trottoirs en gebouwen voor ouderen en mensen met een beperking. Mede als gevolg van eerdere bezuinigingen heeft de Goudse gemeenteraad de droogleggingsnorm (het ingrijpmoment voor ophogingen) en de kwaliteitsnorm (hoe vlak ligt de straat) naar beneden bijgesteld. Samen met de gevolgen van bodemdaling heeft dit ertoe geleid dat de toegankelijkheid in Gouda juist is afgenomen. In sommige straten is de opstap naar een woning bijna een halve meter, wegen hebben steeds meer kuilen wat leidt tot hoge vervangingskosten en de levensverwachting van bomen is in Gouda de helft lager dan in vergelijkbare monumentale steden. Zonder ingrijpen verslechtert de toegankelijkheid van de openbare ruimte de komende decennia nog verder. Strategische afweging en keuze: • Vanuit de Lokale Inclusieagenda worden de grootste knelpunten in de toegankelijkheid van de openbare ruimte in beeld gebracht. De gewenste doorlooptijd van bouw- en mobiliteitsprojecten moet betrokken worden bij keuzes over ophogen. Mede door de in het verleden gemaakte keuzes dient de gehele openbare ruimte, inclusief de aanwezige infrastructuur en natuur, boven en onder de grond elke

Strategische afweging en keuze: • Steeds vaker zal het gemeentebestuur lastige afwegingen moeten maken over wat er op welke plek moet komen, omdat de beleidsambities niet allemaal passen in de ruimte die er is. Soms kunnen functies 37

•

•

dertig tot veertig jaar te worden vervangen. Door in ontwikkelgebieden te kiezen voor strengere normen t.a.v. bodemdaling is ophoging van de openbare ruimte, inclusief de daar aanwezige infrastructuur, pas na tachtig jaar nodig. Dit vraagt echter wel om een grote investeringen op de korte termijn. Op de lange termijn wordt uiteindelijk flink in kosten bespaard. Het vergt wel een langere voorbereidingstijd van bouwprojecten en staat dus op gespannen voet met het versnellen van de woningbouwprogramma’s. Als met het oog op toegankelijkheid de norm voor drooglegging wordt verhoogd moeten er nieuwe ophoogprogramma’s worden opgestart met bijbehorende mensen en middelen1. Ook vraagt dit om een bijstelling van de planning van groot onderhoud en andere projecten. Bij dit alles moet de gemeente bovendien nadenken over een goede aansluiting van de openbare ruimte op particuliere tuinen en terreinen. Een nieuw gemeentebestuur dient structureel te investeren in kennis en expertise over bodemdaling in combinatie met innovatieve technieken voor binnenstedelijke toepassing in de vorm van het Kenniscentrum voor Bodemdaling en Funderingsherstel.

lastiger. In de uitvoering zijn veel keuzes te maken over welke wijk eerst en welk tempo. Strategische afweging en keuze: • In het Regeerakkoord is een langjarig Nationaal Isolatieprogramma aangekondigd, waarin woningen die het slechts geïsoleerd zijn als eerst worden aangepakt. Hier ligt een kans voor Gouda om (financieel) bij aan te haken en het lijkt dan ook verstandig om hier als Gouda bij aan te sluiten en te starten met het verduurzamen van slecht geïsoleerde woningen (o.a. in Korte Akkeren, Bloemendaal en Kort Haarlem). Daar is ook de meeste winst te behalen in termen van energiebesparing en voor de bewoners die nu al moeite hebben de hoge energiekosten te betalen. • Het isoleren van de gebouwde omgeving is een kostbare opgave. Het is aan een nieuw gemeentebestuur om (naast de door het Rijk beschik­ baar gestelde middelen) dit wel of niet extra te financieren en als gemeente een actieve rol te spelen bij voorlichting en advies. Ook kunnen aanvullende afspraken met woningcorporaties worden gemaakt. Denk aan het slim benutten van overcapaciteit van energiesystemen of het laten meeliften van particuliere eigenaren in de aanpak van een woningbouwcomplex. • In Gouda zijn nog ongeveer 4000 woningen gebouwd op een houten paalfundering, die kwetsbaar zijn voor funderingsschade2.

Woning­ eigenaren zijn wettelijk zelf verantwoordelijk voor de staat van hun fundering en funderingsherstel. De gemeente heeft géén financiële verantwoordelijkheid. De gemeente speelt wel een rol als vergunningverlener of als het gaat om het geven van advies en voorlichting, bijvoorbeeld bij de aanpak van monumenten. Het herstellen is complex en vraagt om een zorgvuldige aanpak, waarbij het gemeentebestuur een keuze kan maken in strategie.

Verduurzaming woningen en funderingsherstel De komende vier jaar staan in het teken van de uitvoering van enerzijds de Transitievisie Warmte (TVW) en anderzijds de Regionale Energiestrategie (RES). Gouda heeft de ambitie uitgesproken om in 2040 CO2 neutraal en aardgasvrij te zijn. Dit is ambitieuzer dan de landelijke ambities. De realisatie van de plannen is een omvangrijke operatie die veel aandacht en tijd zal vragen van de ambtelijke organisatie. Per wijk moet samen met bewoners een uitvoeringsplan worden opgesteld waarbij er oog is voor de samenloop met andere projecten (zoals nieuwbouw of riolering). In de TVW ligt de focus op alternatieven voor aardgas en de mogelijkheden van isoleren. Nieuwere woningen zijn vaak goed geïsoleerd waardoor de transitie haalbaar is, maar bij oudere woningen is dit 1 2

Voor een programma Meerjarig ophoogplan bedragen de verwachte kosten hiervan dertig tot veertig miljoen voor 10 jaar. De woningen bevinden zich met name in de vooroorlogse wijken van Gouda, te weten Kaderbuurt, Korte Akkeren, Kort Haarlem, Ouwe Gouwe, Nieuwe Park en de binnenstad. 38

Grondbeleid en gemeentelijk vastgoed

nieuwe fiets-, auto en OV-verbindingen. Het provinciale wegennet rondom Westergouwe loopt tegen zijn grenzen en de doorstroming vormt een knelpunt. Samenwerking in de regio Midden-Holland, met buurgemeenten (o.a. Zuidplas en Waddinxveen) en de provincie is hier essentieel, ook om de kansen die het regeerakkoord biedt (inzet op multimodale vervoer en OV-hubs) te verzilveren.

In 2022 moeten de nota Grondbeleid en de kadernota Vastgoed worden geactualiseerd. Dat is ook het moment om opnieuw strategisch na te denken over onze rol en positie als gemeente waar het gaat om grondverwerving en de aankoop van strategisch vastgoed. Ten aanzien van de huidige gemeentelijke vastgoedportefeuille ligt er een stevige uitdaging op het gebied van verduurzaming. De gemeente Gouda heeft de ambitie uitgesproken om uiterlijk in 2040 haar vastgoed aardgasvrij en energieneutraal te maken. Subdoelstelling is om 49% energiereductie en vermindering CO2 uitstoot in 2030 te hebben gerealiseerd. Deze doelstelling is lager dan de nieuw geformuleerde doelstelling in het regeerakkoord en wordt met de huidige inzet niet gehaald.

Strategische afweging en keuze • Op dit moment ontbreekt t.a.v. de regionale samenwerking een duidelijke regie en er zijn op onderdelen zelfs tegengestelde belangen. Dat kan de positie van Gouda aantasten en de bereikbaarheid in de toekomst onder druk zetten. Om onze mobiliteitsdoelstellingen te realiseren moet steviger worden ingezet op strategische samenwerking en lobby met onze buurgemeenten die een gemeenschappelijke agenda delen, zoals Zuidplas, maar ook Zoetermeer Samenwerkingsverbanden die minder opleveren of niet bijdragen moeten worden beëindigd. • De ruimte in Gouda is schaars. Om het aantal (geparkeerde) auto’s in de stad te verminderen kan het nieuwe college de mobiliteitstransitie verder stimuleren door o.a. andere parkeernormen, meer inzet op deelmobiliteit en verdere regulering van parkeren, waarbij naast draagvlak ook gezondheid en klimaat meer nadrukkelijk worden meegewogen. • Voor een gezonde leefomgeving in de stad is het belangrijk dat de auto’s die er nog zijn zoveel mogelijk elektrisch zijn en dat elektrisch rijden verder wordt gestimuleerd. Bij nieuwbouw kan sterker worden gestuurd op parkeren met (mogelijkheid tot) e-laden op eigen terrein. Er zijn ook koppelkansen met de verduurzaming van woningen door elektrische auto´s groene stroom te laten bufferen.

Strategische afweging en keuze: • Een nieuw gemeentebestuur kan bij het herijken van de nota Grondbeleid en de kadernota Vastgoed kiezen voor een meer actieve strategisch c.q. faciliterend grond- en vastgoedbeleid. • Om de vastgestelde ambitie en doelstellingen te realiseren zal meer tempo moeten worden gemaakt en fors meer middelen beschikbaar moeten worden gesteld in de volgende coalitieperiode. Op dit moment wordt gewerkt aan een routekaart om de omvang van benodigd budget in beeld te brengen, voorzien van een planning.

Toekomstige bereikbaarheid De goede bereikbaarheid en centrale ligging zijn een onbetwiste kracht van Gouda. Met de verwachte groei van het aantal inwoners, arbeidsplaatsen en toeristen ontstaan steeds meer verplaatsingen. Om Gouda ook in de toekomst uitstekend bereikbaar te houden en goed te ontsluiten is de gefaseerde uitvoering van de maatregelen uit het Verkeerscirculatieplan (VCP) een belangrijke opdracht voor een nieuw gemeentebestuur. Er is daarnaast meer nodig. De ruim dertienduizend nieuwe woningen in het zuidwesten van Gouda (Westergouwe, Vijfde Dorp) vragen om een versnelde verbetering van bestaande én 39

Doorbraak forceren: buurt- en wijkgerichte aanpak (voorlopig)

aantal inwoners per 1-1-2022 Gouda 74.095

Kort Haarlem

gezondheid & levensstijl goede gezondheid percentage

Westergouwe

9828

veiligheid

Gouda gemiddeld 78,2

aantal registraties overlast per 1.000 inwoners Westergouwe

86,7

Korte Akkeren Kort Haarlem

75,5 77 70

75

85

percentage Westergouwe

42,4

0

Westergouwe

2078

9625

15

8,3

7,2

37,5

50

51

34

Korte Akkeren Kort Haarlem

54

49

60

0

15

30

45

60

werk & inkomen

61 78

34 0

20

moeite met rondkomen

percentage

49 40

60

66

Westergouwe Korte Akkeren Kort Haarlem

42 0

25

50

75

100

12

Westergouwe

Korte Akkeren 40 Kort Haarlem

65

5

7

0

17,5

35

52,5

70

18,7

16,4 0

daken met zonnepanelen

58

12,3

Korte Akkeren Kort Haarlem

energie

94

14,3

Westergouwe

80

tevreden met onderhoud wijk

6,9

Westergouwe

tevreden met groenvoorziening Korte Akkeren Kort Haarlem

Westergouwe Kort Haarlem Korte Akkeren

45

25

openbare ruimte Westergouwe

rapportcijfer buurt als plek om te wonen Gouda7,5

30

12,5

aantal misdrijven per 1.000 inwoners

47,5 55,3

47,4

0

45

90

wekelijkse sporters

Korte Akkeren

39

Korte Akkeren Kort Haarlem 80

Korte Akkeren Kort Haarlem

34

11

4

8

12

16

20

4.5.

Doorbraak forceren: buurt- en wijkgerichte aanpak

Ook is de levensverwachting hier aanzienlijk lager – circa zes jaar –dan in andere delen van de stad. Om gelijke kansen voor alle Gouwenaars te realiseren is hier een impuls nodig.

Inleiding Het is van belang dat elke Gouwenaar kan opgroeien en wonen in een leefbare, fijne en veilige buurt of wijk. In de meeste buurten en wijken is het fijn wonen, maar in Gouda zijn ook een aantal kwetsbare buurten en wijken waar verschillende problemen zich opstapelen en de hiervoor genoemde maatschappelijke opgaven allemaal samenkomen. De ontwikkeling van juist deze buurten en wijken is de sleutel voor veel van problemen en biedt daarmee een kans, maar het is ook een complexe opgave. Een nieuw gemeentebestuur moet meerjarig structureel investeren in een nieuwe buurt- en wijkaanpak waar problemen in samenhang worden aangepakt. Met de huidige werkwijze is het ons de afgelopen jaren niet gelukt om tot een doorbraak te komen. Dit vraagt dan ook om creativiteit en een vernieuwende Goudse aanpak samen met de belangrijkste partners op het gebied van onderwijs, sport, gezondheid, veiligheid en huisvesting. Hiervoor lijkt nu het momentum te zijn. In veel gemeenten en binnen corporaties, zorginstellingen, sportorganisaties en andere partijen wordt nagedacht over de juiste werkwijze en ook de rijksoverheid heeft dit onderwerp weer hoog op de agenda staan.

Strategische keuze en afweging • Om een doorbraak te kunnen forceren en het verschil te kunnen maken is een stevige Goudse aanpak op buurt- en wijkniveau nodig met vooral een sociaal-maatschappelijke focus. Dit betekent een breuk met de “oude aanpak” van stedelijke vernieuwing die vooral gericht was op grootschalige fysieke ingrepen in de wijk (sloop en nieuwbouw).Het verdient aanbeveling om twee of drie specifieke buurten of wijken te kiezen en hiervoor in samenwerking met partners een meerjarig integraal programma voor te ontwikkelingen met concrete buurt- en wijkdoelstellingen. Ook dient de reikwijdte te worden vastgesteld van een dergelijk programma. Een buurt- of wijkgerichte aanpak vraagt een goede voorbereiding en een doordacht plan. Wat past bij de Goudse schaal en wat werkt in Gouda? Het is belangrijk om te investeren in contacten met de buurt en een netwerk op te bouwen (community-building). Van de ambtelijke organisatie vraagt het mogelijk een andere manier van werken en mogelijk een andere structuur. Gekozen kan worden om een onafhankelijke kwartiermaker aan te stellen om dit een impuls te geven.

Problematiek De urgentie om met een vernieuwende buurt- en wijkontwikkeling aan de slag te gaan is groot. De coronapandemie heeft verschillende problemen uitvergroot. Het gaat om straten en buurten waar de meest kwetsbare Gouwenaars wonen en de veerkracht laag is, er sprake is van gezondheidsproblemen en sociaal-psychische problematiek, waar werkloosheid en schooluitval hoog zijn, de openbare ruimte verslechterd, de woningvoorraad vooral uit verouderde huurwoningen bestaat die toe zijn aan renovatie en verduurzaming, waar sprake is van criminaliteit, zoals ondermijning, (drugs)overlast, mensenhandel en relatief veel woningbraken en waar soms ook een informele economie heerst met netwerken van criminele families die intimideren en de dienst uitmaken. 1 1

Ondermijnende criminaliteit vindt een voedingsbodem in buurten waar problemen van armoede, achterstand en achterstelling zich opstapelen . 41

5. Uitdagingen voor de ambtelijke organisatie

42

Uitdagingen voor de ambtelijke organisatie vaste bezetting per 1000 inwoners

instroom

Gouda

25%

8 6,7

6

7,8

20%

22,7% in 2021

2

73

20%

72

10%

5%

5%

0%

0%

benchmark 50-100K

Gouda

2006 2008 2010 2012 2014 2016 2018 2020 aantal medewerkers

15,3% in 2021 79 54

2006 2008 2010 2012 2014 2016 2018 2020

ziekteverzuim Gouda

18%

22%

22%

17%

18%

6,4 19%

4,4% in 2021

4,8 3,2

10%

Gouda 0% 2018

benchmark

8

30%

20%

64

aantal medewerkers

percentage inhuur t.o.v. totale loonkosten 30%

benchmark

15%

10%

0 Gouda

25%

103

15%

4

uitstroom

benchmark

benchmark 2019

2020

1,6

2021

43

0

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

Uitdagingen voor de ambtelijke organisatie medewerkerstevredenheidsonderzoek hoe tevreden ben je met de ontwikkelmogelijkheden?

69% (zeer)tevreden 7% (zeer)ontevreden

572

werkdruk

55% werdruk is (veel) te hoog 42% werkdruk is goed

medewerkers

rapportcijfer voor je baan

7,8

2018: 7,6 2021: 7,8

Aantal Fte feb 2022:

517

betrokkenheid

73% voelt zich altijd/ vaak betrokken bij de organisatie 20% regelmatig 44

Inleiding

programma- en projectleiders (al dan niet samen met andere gemeenten). De kennis van complexe projecten en programma’s wordt dan beter geborgd in de organisatie.

De ambtelijke organisatie van de gemeente Gouda staat als gevolg van verschillende ontwikkelingen onder druk. De opeenvolgende bezuinigingsrondes van de afgelopen decennia hebben roofbouw op de organisatie gepleegd en sommige functies en processen zijn hierdoor kwetsbaar geworden. Als gemeente voeren we daarbij een steeds groter aantal (complexe) taken uit, inclusief taken voor de regio als centrumstad. Ook de coronacrisis, het vluchtelingenvraagstuk en de oorlog in Oekraïne hebben tot extra taken en werkzaamheden geleid. Er wordt veel gevraagd van onze medewerkers en te veel medewerkers ervaren de werkdruk als te hoog. Om te zorgen dat het reguliere werk door blijft gaan én nieuwe ambities kunnen worden uitgevoerd, is het noodzakelijk dat een nieuwe gemeentebestuur hier nadrukkelijk aandacht voor heeft. Dit vraagt om een structurele investering om te komen tot een robuuste ambtelijke organisatie met aandacht voor de kwaliteit van de uitvoering. Zoals eerder geschetst, vraagt ook maatwerk en het toepassen van de menselijke maat extra capaciteit.

Een goede bedrijfsvoering is essentieel in een robuuste organisatie om haar opgaves te realiseren. Het versterken van de financiële functie is hierbij één van de belangrijkste speerpunten. Ambities als circulair inkopen, data- en informatiegestuurd werken en strategische personeelsplanning stellen extra eisen aan de bedrijfsvoering.

Uitvoeringstoets Een nieuwe coalitie heeft ongetwijfeld nieuwe en extra ambities, maar zijn deze ook te realiseren en uitvoerbaar? De komende jaren ligt er veel werk wat uitgevoerd moet worden: van het verkeerscirculatieplan tot de lokale inclusieagenda. Ook staan veel projecten in de stad op het punt van uitvoering. Niet voor niets is de ondertitel van dit stuk “ruimte voor de uitvoering en sturen op realisatie”. Bij het formuleren van de ambities is het van belang om hier nadrukkelijk oog voor te hebben. Er zitten namelijk grenzen aan het ‘absorptievermogen’ van de ambtelijke organisatie om nieuwe ambities uit te voeren en/of veranderingen in beleid te implementeren. Het is daarom raadzaam om tijdens de totstandkoming van een nieuw coalitie­ akkoord te beoordelen of alle afspraken en intenties kunnen worden uitgevoerd door middel van een uitvoeringstoets.

Robuuste organisatie Een robuuste organisatie betekent dat het fundament stevig staat. In vergelijking met soortgelijke gemeenten qua omvang blijft de vaste formatie van Gouda in de benchmark met zo’n 16% achter. Voor het realiseren van de opgaven is het aantrekken en behouden van medewerkers een grote uitdaging. Veel (specialistische) vacatures zijn moeilijk te vervullen op de krappe arbeidsmarkt. De vergrijzing en het hoge inhuurpercentage maken dit een nog grotere uitdaging. Dit vraagt om te investeren in de langere termijn door het aantrekken en opleiden van jonge medewerkers bijvoorbeeld via traineeships en het werken met zogenaamde ‘dakpanconstructies’. Hierbij leren jongere medewerkers het vak van oudere medewerkers, waarbij er sprake kan zijn van tijdelijke overbezetting. Op plekken waar veel of structureel wordt ingehuurd is daarnaast de ambitie om dit om te zetten in vaste formatie. Bijvoorbeeld door meer te werken met een vaste pool van 45

Organisatievisie: ambtelijk vakmanschap centraal

Datagestuurd werken en digitalisering

Momenteel wordt gewerkt aan een nieuwe organisatievisie, waarin de focus ligt op de professionalisering van de medewerkers en nieuwe vormen van samenwerking intern én extern. De maatschappelijke opgaven en de complexer wordende taken vragen om een andere, meer integrale, manier van samenwerken. Zo vraagt de ontwikkeling van een nieuwe wijk als Westergouwe om vroegtijdig nadenken over de openbare ruimte en de benodigde maatschappelijke voorzieningen. De opgave op het gebied van gezondheid slaagt alleen als we in beleid en uitvoering op andere terreinen – van openbare ruimte en groen tot mobiliteit en woningbouw – ook kansen verzilveren. Ook vraagt het om een versterking van het ambtelijk vakmanschap: van onze consulenten in het sociaal domein, de adviseurs die bouwplannen in het kader van de nieuwe Omgevingsvisie beoordelen, onze beleidsmedewerkers die beleid opstellen en het college adviseren tot onze schuldhulpverleners, onze mensen aan de balie en aan de telefoon. Voor elke medewerker is het van belang om te blijven investeren in vaardigheden en nieuwe competenties. Daarbij geldt ook dat er voldoende tijd en ruimte moet zijn voor het dagelijkse werk, reflectie en waar nodig een pas op de plaats (een ‘time out’) om vervolgens weer de juiste koers te varen.

Digitalisering is een noodzakelijk onderdeel van het meegroeien met de complexe maatschappelijke opgaven waar Gouda voor staat. Data- en informatie gestuurd werken vormt daarbij de basis en deze inzichten moeten bijdragen aan het nemen van beter onderbouwde besluiten. Gouda wil dit de komende jaren verder uitbreiden, waarbij we het principe van “fast follower” hanteren, waar het aankomt op verdere innovaties zoals robotisering en artificiële intelligentie. Goede voorbeelden worden gevolgd en daar waar mogelijk overgenomen. Met slimmer data- en informatie gestuurd werken wordt het mogelijk om pro-actiever te sturen. Door het slimmer inzetten en analyseren van real-life data wordt het mogelijk om meer te kunnen voorspellen. Data wordt ook meer ingezet ten behoeve van managementinformatie. Om dit te bereiken dienen middelen beschikbaar gesteld te worden om de ambtelijke organisatie op te leiden en te voorzien van juiste hulpmiddelen. Mogelijk vraagt dit een investering in de onderliggende informatiearchitectuur of in de benodigde technologie. Meer data- en informatie gestuurd werken brengt ook een grote verantwoordelijkheid met zich mee. Er moet altijd aandacht zijn voor de ethische aspecten van het verzamelen en verwerken van data. Daarnaast is informatiebeveiliging een zeer relevant thema. Gemeentes dienen zoveel mogelijk voorbereid te zijn op cybersecurity-incidenten.

Ook dit is een belangrijk aandachtspunt binnen de digitale transformatie.

De gemeente Gouda wil ook een diverse en inclusieve organisatie en werkgever zijn. Dit betekent dat het personeelsbestand divers is samengeteld, mensen met een diverse achtergrond zich uitgenodigd voelen om bij de gemeente te komen werken en hier ook graag blijven werken vanwege het inclusieve werkklimaat. Op dit moment is de organisatie qua samenstelling en diversiteit nog een onvoldoende afspiegeling van de Goudse samenleving. In 2022 wordt diversiteits- en inclusiebeleid vastgesteld met een concrete uitvoeringsagenda, waarin aandacht is voor inclusief leidinggeven, inclusieve werving en selectie en onbewuste vooroordelen.

Onze externe dienstverlening en interne werkprocessen worden daarnaast verder gedigitaliseerd. De dienstverlening vormt het gezicht van de gemeente Gouda. Om de menselijke maat voorop te stellen in de dienstverlening moet deze voor iedereen betrouwbaar, persoonlijk en toegankelijk zijn. Daarbij is het belangrijk om mensen te ondersteunen die digitaal minder vaardig zijn. 46

6. Gouda in de regio

47

Inleiding

Voor de samenwerking binnen de OMDH speelt nog het volgende: de rijksoverheid wil met alle betrokken partijen in het VTH-milieustelsel komen tot een versterking van het stelsel en de positie van omgevingsdiensten. Dit betekent dat de gemeenten in Midden-Holland met Alphen aan den Rijn en de ODMH de komende periode keuzes moeten gaan maken over de toekomst van de OMDH. Het is mede aan een nieuw gemeentebestuur om hier strategisch vorm aan te geven

In de Toekomstvisie Gouda 2030 – Gouda ligt goed! is de ambitie van Gouda in regionale samenwerking neergelegd: groter denken en positie kiezen. Dit vraagt om duidelijke keuzes in onze samenwerkingen. Gouda maakt onderdeel uit van zo’n 30 verschillende samenwerkingsverbanden: op sociaal gebied, veiligheid, ruimtelijk en bestuurlijk. Veel samenwerkingen kennen een wettelijke basis, zoals de samenwerking binnen de Veiligheidsregio Hollands-Midden (VRHM), de Omgevingsdienst Midden-Holland (ODMH) en de Regionale Dienst Openbare Gezondheidszorg (RDOG) Hollands Midden. Andere samenwerkingen kennen een vrijwillige basis, zoals de regio Midden Holland en de samenwerking Alphen a/d Rijn, Gouda, Woerden (AGW). Om goed aan te sluiten bij de ambitie uit de toekomstvisie en bij de maatschappelijke opgaves is het belangrijk dat een nieuw gemeentebestuur kritisch kijkt naar de verschillende samenwerkingsverbanden en de huidige rol van Gouda daarin.

Welke samen­werkingsverbanden zijn noodzakelijk om de maatschappelijke opgaven waar Gouda voor staat te realiseren? Zijn er samenwerkingen die strategisch bijdragen aan de Goudse inhoudelijke agenda en wordt de potentie van de samenwerking ook voldoende benut? Waar is versterking nodig in termen van middelen en menskracht? En welke samenwerkingsverbanden krijgen minder aandacht of kunnen zelfs worden beëindigd? Daarbij is het ook van belang om het vizier naar buiten gericht te houden en waar nodig in te spelen op nieuwe ontwikkelingen en eventuele nieuwe strategische partners, bijvoorbeeld Zoeter­meer, die kunnen bijdragen aan het verwezenlijken van de Goudse ambities. Kiezen voor samenwerking vanuit strategie en inhoud dus. Dat sluit ook aan bij het advies van de Raad voor het Openbaar Bestuur. Daarin wordt gesteld dat zinvolle samenwerking wordt gedreven vanuit de inhoud, en niet noodzakelijkerwijs vanuit de ligging.1 Ook gezien de huidige druk op de ambtelijke organisatie is het maken van keuzes van belang en de ambtelijke capaciteit niet teveel te versnipperen.

1

Een aantal samenwerkingsverbanden die aandacht behoeft of om koersbepaling vraagt, wordt hieronder toegelicht.

Regio Midden-Holland Gouda vormt samen met de gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Krimpenerwaard, Waddinxveen en Zuidplas de regio Midden-Holland. In een netwerk­ samenwerking wordt door de 5 gemeenten gewerkt aan gezamenlijke gemeente­-overstijgende opgaven. In de vorige hoofdstukken zijn diverse voorbeelden genoemd, waaronder de samenwerking rondom Campus Gouda. In de regio Midden-Holland liggen tal van opgaven en net zo veel kansen onder meer op het gebied van mobiliteit, onderwijs en arbeidsmarkt, energietransitie, sociaal domein en ruimte. Op papier zijn de gezamenlijke opgaven helder, maar de praktijk is weerbarstiger. De regionale samenwerking wordt voor veel zaken gebruikt, maar niet altijd even doelgericht en strategisch. Ook is het nog onvoldoende gelukt om tot een eenduidig overkoepeld verhaal te komen en een gezamenlijke lobbyagenda. Wel wordt er een toenemende urgentie gevoeld – ook door Gouda - om strategischer op te trekken en hiertoe te komen. De samenwerkende gemeenten hebben elkaar op verschillende onderwerpen nodig en versterken elkaar richting de provincie en het Rijk, die ook vooral oog hebben voor de gezamenlijke belangen. Om de samenwerking in de regio Midden-Holland te kunnen verstevigen is een verdere professionalisering van de regionale samenwerking nodig met bijbehorende ambtelijke ondersteuning en een stevige lobbyagenda.

Raad voor het Openbaar Bestuur – Dromenland of Niemandsland, 1 juni 2021 48

Samenwerking sociaal domein In het sociaal domein wordt op het gebied van Jeugdhulp en Wmo met ingang van 2022 samengewerkt via een samenwerkingsovereenkomst in aanvulling op de netwerksamenwerking in de gemeenschappelijke regeling Midden-Holland. Voor de nieuwe inkoopperiode Jeugd en Wmo zal de gemeente in 2022 een keuze moeten gaan maken over in welke regionale samenstelling de inkoop vanaf 2025 zal worden gedaan. Hiertoe wordt een gezamenlijke regionale verkenning gemaakt op basis waarvan individuele gemeenten in de zomer van 2022 een besluit dienen te nemen. De urgentie hiervoor zit in het voorbereidingsproces van de nieuwe inkoopperiode. In het najaar van 2022 komt er ook een natuurlijk moment om de wijze van samenwerking te heroverwegen: blijven we dit doen op de huidige netwerkwijze (samenwerkingsovereenkomst met bevoegdheden bij de colleges), of lijkt het toch verstandiger om de stap naar een gemeenschappelijke regeling te zetten. En zo ja, voor welke taken dan en met welke gemeenten?

en Woerden. Aanleiding voor de samenwerking tussen de AGW-steden is de opvatting dat kansen voor economische groei in het Groene Hart onvoldoende worden benut, vanwege het ontbreken van een ruimtelijke en economische agenda. De verbindende factor tussen deze gebieden is de dalende bodem. Door rondom dit thema de krachten te bundelen heeft de AGW samenwerking de regiodeal Bodemdaling binnengehaald. Met de toekenning van deze regiodeal is de problematiek van bodemdaling in het Groene Hart definitief op de Rijksagenda gekomen. Het voortzetten van deze samenwerking is niet per sé vanzelfsprekend, omdat een gezamenlijke inhoudelijke agenda voor de toekomst ontbreekt. Dit moet dan ook kritisch worden bezien en overwogen kan worden om de samenwerking af te bouwen of te minimaliseren.

Samenwerking NOVI-gebied In 2021 is het Groene Hart door het Rijk aangemerkt als NOVI-gebied. Met NOVI Groene Hart wil het Rijk samen met provincies, waterschappen én gemeenten als één overheid werken aan een gebiedsagenda voor het Groene Hart (incl. regionale investeringsagenda). Dit biedt de 38 Groene Hart gemeenten, waaronder Gouda, de kans om vanuit de eigen doelstellingen en realisatiekracht invulling te geven aan opgaven van het Groene Hart. Er spelen verschillende maatschappelijke opgaven die allemaal een (ruimte)claim leggen op het Groene Hart, zoals de verstedelijkings- en mobiliteitsbehoefte van de grote steden, het tegengaan van verdere veenbodemdaling en de vraag naar recreatiemogelijkheden. Er liggen kansen om bijvoorbeeld de economische opgaven en verstedelijkingsopgave van Gouda te koppelen aan het NOVI traject. De komende periode moet onderzocht worden of Gouda hier slim op kan aanhaken zonder dat dit tot de inzet van extra capaciteit of middelen leidt. Ook kan worden gekozen om wel het bestuurlijk commitment uit te spreken voor bijvoorbeeld de ontwikkelingen binnen het Groen Hart (“zijn van ambassadeur”), maar qua (financiële) middelen en ambtelijke inzet terughoudend te zijn.

De regionale samenwerking in het sociaal domein wordt ook bepaald door de landelijke ontwikkelingen. Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft een wetsvoorstel in voorbereiding voor verplichte regionale inkoop van specialistische jeugdhulp. In het proces rondom de hervormingsagenda tussen het Rijk en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) wordt gesproken over de verplichte opschaling van regionale samenwerking voor specialistische en hoog-specialistische jeugdhulp. Mogelijk worden gemeenten verplicht om voor een deel van de taken op een groter schaalniveau samen te gaan werken. Welk schaalniveau dat is, is op dit moment nog niet duidelijk. De verwachting is dat dat voor de zomer van 2022 wel zo is. Ook de consequenties van deze verandering moeten voor Gouda in kaart worden gebracht.

Samenwerking AGW Een voorbeeld van hoe een leidende opgave heeft geleid tot doelgerichte regionale samenwerking is de netwerksamenwerking tussen Alphen a/d Rijn, Gouda 49

Durven kiezen De belangrijkste opgave voor een nieuw gemeentebestuur is dus om in de veelheid van samenwerkingsverbanden te durven kiezen voor die samenwerkingsverbanden die voor Gouda strategische meerwaarde hebben en daar ook in investeren. Dat betekent ook kritisch zijn op samenwerkingsverbanden die eigenlijk niet (meer) bijdragen.

50

7. De financiën van Gouda

51

De financiën van Gouda

5 4

6

9 7 8 TOTAAL 291,1 MLN

3

7 6 5 1

8 10 9 1 2 TOTAAL 295,1 MLN

Solvabiliteitsratio 3

>50% 20 - 50% < 20%

2 4

Inkomsten 1. Gemeentefonds 2. Specifieke uitkeringen 3. Rioolheffing 4. OZB 5. Overig 6. Afvalstoffenheffing 7. Grondexploitaties 8. Huur en erfpacht 9. Overige lokale heffingen 10.Inzet van reserves

(in miljoen)

166,3 32,0 18,9 17,2 8,0 13,7 9,7 11,6 7,8 5,9

Netto schuldquote 83,9% < 90% 90 - 130% > 130%

Uitgaven

(in miljoen)

1. Economie, werk en onderwijs 2. Energie en klimaat 3. Wonen en leefomgeving 4. Sociaal domein 5. Cultuur, sport en recreatie 6. Leefbaarheid en veiligheid 7. Bestuur en organisatie 8. Algemene dekkingsmiddelen 9. Toevoeging aan reserves

22,9 29,8 44,3 132,1 18,7 10,3 31,9 0,4 4,7

Belastingcapaciteit 133,9% < 95% 95 - 105% > 105%

52

17,6%

Weerstandsratio

2,27

> 2,0 1,4 - 2,0 1,0 - 1,4 0,8 - 1,0 0,6 - 0,8 < 0,6

Grondexploitatie < 20% 20- 35% > 35%

5,6%

Inleiding

Strategische afweging en keuze: Het behouden van een gezonde financiële positie vraagt ook deze bestuursperiode om een aantal financiële uitgangspunten. Die hebben betrekking op de volgende drie invalshoeken: • voldoende reserves (gezonde weerstandsratio) • een stabiele schuldpositie • een sluitende programmabegroting

De gemeente Gouda staat voor forse uitdagingen. De begroting staat nog steeds onder druk door de overheveling van taken in het sociaal domein van het Rijk naar gemeenten. Daarnaast staan we als gemeente voor grote opgaven zoals de energietransitie, de woningmarkt, de afnemende koopkracht en de coronacrisis. Dit betekent ook forse financiële uitdagingen. De gemeentelijke begroting bedraagt 295 miljoen euro in 2021. Het grootste deel van de inkomsten ontvangt de gemeente van het Rijk (198 miljoen euro) in de vorm van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds of uit specifieke geldstromen. Het grootste programma aan de uitgavenkant is het sociaal domein met 132 miljoen. Dit is 45% van de totale begroting. Wonen en leefomgeving is daarna de grootste met 44 miljoen.

Belangrijk uitgangspunt is begrotingsdiscipline. Tussentijds krijgt de gemeente te maken met incidentele mee- of tegenvallers. In geval van incidentele meevallers, worden deze in eerste instantie toegevoegd aan de algemene reserve. Pas daarna vindt besluitvorming plaats over de allocatie daarvan. Tegenvallers worden zoveel als mogelijk in het lopende begrotingsjaar binnen de bestaande budgetten opgelost.

De programmabegroting 2022-2025 geeft een gunstig financieel vooruitzicht. Door een strak financieel beleid is de financiële positie van Gouda sterk verbeterd de afgelopen jaren. Dit ondanks de sterk stijgende kosten voor de jeugdzorg en maatschappelijke ondersteuning. De uitgangspositie is gunstiger dan de afgelopen jaren. Er is zelfs enige financiële ruimte (structurele exploitatieruimte).

7.1.

De drie invalshoeken zijn: • Voldoende reserves: Om in staat te zijn om de gevolgen van de risico’s op te vangen zonder dat het beleid of de uitvoering daarvan in gevaar komt, wordt geadviseerd om een weerstandsratio aan te houden van minimaal 1,4. De weerstandsratio voor Gouda ultimo 2021 is 2,27 en kwalificeert als uitstekend. • Stabiele schuldpositie: Het voortzetten van het gebruik van de schuldquote als monitorinstrument, waarbij gestreefd wordt naar een schuldquote van onder de 100% (VNG norm). De netto schuldquote bedraagt per 30-12-2020 84,2%. De VNG stelt dat als de netto schuldquote tussen 100% en 130% ligt, de gemeenteschuld hoog (oranje) is. • Een sluitende programmabegroting Voor Gouda is sprake van een meerjarig sluitend perspectief. Met het structureel en reëel in evenwicht zijn van de begroting en de meerjarenraming wordt voldaan aan een van de belangrijkste pijlers van de financiële positie. Het college kan (opnieuw) de handremprocedure instellen. Indien de sluitende

Financiële positie

De vorige coalitie heeft een aantal financiële spelregels vastgelegd in het coalitieakkoord. Door hier consequent op te sturen staat Gouda er nu financieel gezond voor. De reservepositie is enorm verbeterd de afgelopen jaren. Daardoor is de gemeente veel beter in staat om onverwachte tegenvallers op te kunnen vangen. De schuldpositie is de afgelopen periode afgebouwd en nu op een acceptabel niveau. Jarenlang had Gouda een (te) hoge schuldpositie. De belastingdruk is onverminderd hoog. De woonlasten in Gouda liggen 28% boven het landelijk gemiddelde. Dit is vooral het gevolg van de hoge rioolheffing, de hoogste van alle Nederlandse gemeenten.

53

7.3.

meerjarenbegroting onder druk dreigt te komen, de ratio voor het weerstands­ vermogen < 1,4 dreigt te worden dan geldt een handremprocedure. Dat houdt in dat alles tijdig in werking moet worden gesteld om binnen de normen te blijven en dat reeds gemaakte inhoudelijke afspraken ter discussie mogen worden gesteld.

7.2.

Belastingcapaciteit/ lokale lasten De lokale lasten in Gouda zijn relatief hoog. In de ranglijst van totale woonlasten voor een meerpersoonshuishouden staat Gouda op de 14e plaats van duurste gemeenten van Nederland. Dit wordt vooral veroorzaakt door de hoge rioollasten. Gouda is de gemeente met de hoogste rioollasten per inwoner.

Financiële ruimte

Door het verbeteren van de financiële gezondheid is er financiële ruimte ontstaan. In de onderstaande tabel staat de financiële ruimte als de weerstandsratio wordt teruggebracht naar 1,4. De cijfers zijn gebaseerd op de 4e begrotingswijziging begin 2022.

Herverdeling gemeentefonds Het gemeentefonds is de belangrijkste bron van inkomsten voor de gemeente. De herverdeling van dit fonds is een belangrijke onzekerheid. Het Rijk maakt voor dit gemeentefonds een nieuwe verdeelsleutel. Deze herverdeling leidt tot forse verschuiving van geldstromen. De invoering staat vooralsnog gepland voor 2023. Vooralsnog lijkt de herverdeling een (klein) voordeel op te leveren voor Gouda.

Daarbij moeten de volgende kanttekeningen worden geplaatst: • Nieuwe beleidsambities betekenen ook aanvullende risico´s. Dat betekent dat het benodigd weerstandsvermogen hoger wordt dan in de onderstaande tabel, terwijl het beschikbare weerstandsvermogen lager wordt (omdat nieuwe ambities ook vaak extra budget vragen). • Structurele uitgaven verlagen de beschikbare ruimte veel meer dan incidentele uitgaves • Uitgangspunt is dat de begroting structureel en reëel in evenwicht blijft Begroting

2022

2023

2024

2025

Stand algemene reserve

38.042.000

38.514.000

44.186.000

50.901.000

Benodigd weerstands­ vermogen

15.709.000

15.709.000

15.709.000

15.709.000

Ruimte bij een ratio van 1,4

16.049.400

16.521.400

22.193.400

28.908.400

Financiële knelpunten/ risico´s

Opschalingskorting In het regeerakkoord wordt de zogenaamde opschalingskorting tot en met 2025 bevroren op het niveau van 2019. Dit betekent dat de korting op het gemeentefonds van structureel € 675 miljoen de komende kabinetsperiode niet wordt geëffectueerd. In 2026 wordt de  opschalingskorting echter weer ingeboekt, waarmee de totale korting alsnog uitkomt op € 975 miljoen. Wat dit precies voor de begroting van Gouda betekent is nog niet bekend, maar als deze korting in 2026 weer wordt ingevoerd, betekent dit een forse daling van het gemeentefonds. Kosten jeugdzorg De gemeentelijke financiën blijven onder druk staan door de tekorten in het sociaal domein. Tegenover de kosten voor jeugdzorg, staan onvoldoende structurele Rijksmiddelen.  Ook is er onzekerheid hoe deze Rijksmiddelen zich gaan ontwikkelen in de toekomst. Dit dwingt het nieuwe stadsbestuur om de sturing en grip op de kosten verder te versterken. 54

Corona De coronacrisis nog niet voorbij en lijkt een vast onderdeel te worden van onze samenleving. De gevolgen van corona blijven ook de komende jaren nog voelbaar. Dit betekent dat een structureel financieel Meerjarenbeleid nog belangrijker is geworden. Scherp inzicht op de financiële situatie is nodig om op basis van scenario´s goede financiële keuzes te maken. Het belang van financiële weerbaarheid en wendbaarheid wordt nog belangrijker. Borgstellingen Het aantal aanvragen voor borgstellingen is in 2021 aanzienlijk gestegen. Dit levert risico’s op voor de gemeente. De gemeente heeft immers niet geheel grip op de wijze waarop een instelling tegemoet komt aan de voorwaarden die zijn opgenomen in de borgstellingsovereenkomst. De vraagt om een goede monitoring van de borgstellingen en beoordeling van nieuwe borgstellingen.

55

Relevante publicaties en studies De volgende publicaties en studies zijn geraadpleegd bij het opstellen van dit stuk: • Platform 31, “Herstel en perspectief in tijden van transitie”(juli 2021) • Platform 31, “Kompas voor Keuzes” (juli 2020) • Raad voor Openbaar Bestuur, “Droomland of Niemandsland, uitgangspunt voor het besturen van regio’s” (juli 2021) • Provincie Zuid-Holland, “Navigeren in de mist, Perspectieven na de coronapandemie” (februari 2021) • Propositie de winst van het sociaal domein • WRR, “Vertrouwen in Burgers” (mei 2012) Ook het in december 2021 gesloten Regeerakkoord “Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst” is geanalyseerd, en waar relevant genoemd en verwerkt. Voor meer informatie over de specifieke impact van corona op Gouda wordt verwezen naar de Goudse coronamonitor.

56

Bijlage – samenwerkingsverbanden waar Gouda in participeert Administratiekantoor DataLand (Gouda) Arbeidsmarktregio Midden-Holland Bank Nederlandse Gemeenten Bedrijventerrein Gouwe Park Belasting samenwerking Gouwe-Rijnland Bestuurlijk platform Groene Hart City Deal Binnenstedelijk Bouwen en Transformatie City Deal Klimaatadaptatie Cyclus N.V. G40 Groenalliantie Midden - Holland e.o. Grondbank RZG Zuidplas Haags Economisch Interventie Team N.V. Waterbedrijf Oasen Omgevingsdienst Midden-Holland ParkeerService U.A. Platform Slappe Bodem Promen Regio Deal bodemdaling Groene Hart Regio Midden-Holland Regionale Dienst Openbare Gezondheidszorg Hollands Midden Regionale Informatie- en Expertise Centrum Haaglanden/Hollands Midden RES Midden-Holland Servicehuis Parkeer en Verblijfsrechten U.A. Stichting A&O fonds Stichting Klasse (openbaar onderwijs) Stichting RIONED Stichting Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten Streekarchief Midden-Holland

Veiligheidsregio Hollands Midden Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) Vereniging Zuid-Hollandse gemeenten

57

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=b456db2e-bc4f-418a-a6a2-ba6fb9d4659e