CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota beantwoording zienswijzen Omgevingsvisie.pdf

Raadsvergadering 23 februari 2022, gemeente GoudaBij agendapunt: Omgevingsvisie12.304 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Bij de uitwerking van de Omgevingsvisie naar programma’s en het omgevingsplan wordt bepaald of het nodig is nieuwe programma’s vast te stellen, of dat op andere manieren in de uitwerking van de Omgevingsvisie naar programma’s en omgevingsplan kan worden ingespeeld. Voor de taken in het waterbeheer die de gemeente zijn toegekend (zorgplichten afval-, grond- en hemelwater) kan worden verwezen naar het gemeentelijke rioleringsplan (GRP) en de Strategische agenda Klimaatadaptatie. Daarin staat hoe de gemeente omgaat met het veranderende klimaat waarin de stad moet worden voorbereid op meer en extremere neerslag, periode van langdurige droogte en hittestress. Voorstel plannen en programma’s De KNVV stelt voor om een planning aan te geven voor de opstelling van het omgevingsplan en programma’s. Ruimtelijke plannen zijn genoemd voor historische linten en zouden ook nuttig zijn voor groenstructuren Beantwoording Het omgevingsplan wordt over een termijn van een aantal jaren opgesteld, te beginnen met Goverwelle. In het vervolg worden steeds nieuwe gebieden en thema’s aangeschakeld. De Omgevingswet geeft hiervoor de tijd tot 2029. De vraag hoe groen en de kwaliteitsdoelstellingen daarvan in het Omgevingsplan en/of programma’s een plek moeten krijgen wordt de komende tijd onderzocht.

Aanvullingen op omschrijvingen De KNNV doet verschillende tekstvoorstellen voor de paragraaf “groen-blauwer Gouda”: - over de Oostpolder en de Goudse Hout, waar de beeldkwaliteit, de biodiversiteit en de recreatieve waarde de komende jaren zal worden verbeterd; - over de toegankelijkheid van het Weegje, polder Bloemendaal en de Krimpenerwaard; - over natuurinclusief bouwen, met het voorstel om dit ook bij de tekst “groen-blauwer Gouda” op te nemen in plaats van alleen onder het kopje “ontwikkel strategieën”. Beantwoording Er wordt een punt toegevoegd aan de opsomming onder “groener-blauwer Gouda” met de volgende tekst: Van de grootste groengebieden binnen de gemeentegrens, de stadsparken Oostpolder en Goudse Hout zal de beeldkwaliteit, biodiversiteit en de recreatieve waarde de komende jaren worden verbeterd, overeenkomstig het “Ontwikkelplan Groenalliantie 2030”.

pagina 18

De tekst over de verbetering van de toegankelijkheid van het landschap rond de stad volstaat in een hoofdlijnendocument als de Omgevingsvisie. Het is voldoende dat natuurinclusief bouwen als ontwikkelstrategie te benoemen. Het is geen instrument dat los van bouwplannen kan worden ingezet. De verwijzing naar het niet bestaande convenant “aan de slag met natuurinclusief bouwen” in de inleiding van paragraaf 5.2 en in paragraaf 7.1.1 zal worden gecorrigeerd. Bedoeld is inderdaad de brochure van de Zuid-Hollandse Milieufederatie. Ook zal bij het thema natuurinclusief bouwen een verwijzing worden toegevoegd naar het PVE klimaatadaptief bouwen, dat ook ingaat op natuurinclusief bouwen en dat een goede basis is voor een verdere uitwerking van het natuurinclusief bouwen in Gouda. Vergroting biodiversiteit KNNV stelt voor om een aantal begrippen rond biodiversiteit in de Omgevingsvisie te introduceren, de omschrijving van ecologisch groenbeheer uit te breiden en de tekst over biodiversiteit onder “natuur en recreatie” naar het kopje Biodiversiteit te verplaatsen, omdat het hier gaat om een kwaliteit van natuurgebieden. Beantwoording De gekozen teksten in de Omgevingsvisie zijn op het abstractieniveau van de Omgevingsvisie voldoende. De gemeente continueert zijn beleid rond biodiversiteit. De tekst van de Omgevingsvisie wordt niet aangepast.

Natuur en recreatie in evenwicht Bij “natuur buiten onze gemeentegrens” wordt voorgesteld om de volgende gebieden te benoemen en deze ook op kaart aan te geven: “Noordkant van de Krimpenerwaard (polders Veerstalblok en Beneden Haastrecht), Gouwe Wierikke (polder Bloemendaal), polder Stein en Reeuwijkse Plassen (natuurplassen)”. Bij “samen met stakeholders … recreatieve mogelijkheden” is KNVV het niet eens met de stelling dat in Goudse Hout tot nu “recreatie en natuurbehoud hand in hand gaan”. Beantwoording Het voorstel om bij het benoemen van het benoemen van het omliggende waardevolle landschap compleet te zijn wordt overgenomen. De zin in paragraaf 4.2.4 komt te luiden: “Buiten de gemeentegrens van Gouda, maar mogelijk wel binnen het Goudse invloedsgebied, bevinden zich de noordkant van de Krimpenerwaard (polders Veerstalblok en Beneden Haastrecht), Gouwe Wiericke (polder Bloemendaal), de polder Stein en de Reeuwijkse Plassen (natuurplassen)”. Het kaartbeeld onder de tekst bevat alleen de aangewezen natuur- en recreatiegebieden die worden beheerd door de gemeente Gouda of de Groenalliantie. De polders Bloemendaal en Beneden Haastrecht zijn grotendeels agrarisch gebruikte polders. De tekst over recreatie en natuurbehoud die hand in hand gaan in de Goudse Hout is wellicht wat te optimistisch.

In aansluiting op het Ontwikkelplan van de Groenalliantie wordt hier aan toegevoegd: “hoewel het behouden van die precaire balans een aandachtspunt vormt”. Gezondheid bevorderen Bij “versterken van verbindingen naar groengebieden” kan worden aangegeven waar problemen (grote omwegen voor wandelaars) zijn bij spoorwegen (bijv. tussen Oosterwei en Goudse Hout), bij snelwegen (bijv. Bloemendaal met polder Bloemendaal) en grote waterwegen (bijv. fietsverbinding met Waddinxveen). Een snelle fietsverbinding met Westergouwe wordt onderzocht. KNVV suggereert ook te onderzoeken of een fietspad is te koppelen aan het (kleine) spoor naar Alphen. Een aangename fietsverbinding, die is door te trekken naar Waddinxveen en verder weg het Bentwoud. Beantwoording In het verkeerscirculatieplan, dat als één van de onderleggers van de omgevingsvisie is gebruikt, is een gemeentelijk wensbeeld opgenomen voor zowel voetgangers als fietsers. Deze wensbeelden zijn opgesteld na diverse sessies met verschillende belangenorganisaties, zoals de fietsersbond en wijkteams. Daarin is ook de nieuwe oeververbinding over de Gouwe om de Oostpolder en ’t Weegje opgenomen. Het opnemen

pagina 19

van andere nieuwe verbindingen past niet bij het Verkeerscirculatieplan en het Ontwikkelplan van de Groenalliantie. Details Groen moet je doen “Groen moet je doen” wordt genoemd onder ‘convenanten’, maar is een Goudse stimulering van beheer van openbaar groen door burgers (contract over een begrensd stuk openbaar gebied of over een boomspiegels). Beantwoording Dat is terecht opgemerkt. De zin zal worden geherformuleerd als: “Convenanten zoals ‘Klimaatadaptief bouwen’, het ‘Schone lucht-akkoord’, de ‘City-deal elektrische deelmobiliteit’, ‘Binnenstedelijk bouwen’, en ‘Green deal zero emission stadslogistiek’ worden dan ook omarmd met deze visie. Inwoners kunnen soms zelf bijdragen aan een meer aantrekkelijke en minder anonieme openbare ruimte door de ‘Groen moet je doen-contracten’.” Grijs wordt groen Bij verharding omzetten naar groen wordt “Groen Moet je Doen” genoemd. Bedoeling is “Grijs wordt groen”, een Gouds programma voor ‘vergroening’ van versteende openbare ruimte (stenen eruit, planten erin). Beantwoording Dat is terecht opgemerkt. Deze tekst op p.41 (paragraaf 7.3) zal worden gecorrigeerd. Taakstelling gestapeld parkeren Bij een ‘Programma Vergroening’ is in dicht bebouwde gebieden (Binnenstad, Kort Haarlem) ook gebruik te maken van intensief ruimtegebruik, vooral door het ‘stapelen van autoparkeren’.

Het voorstel is om taakstellingen te hanteren en niet te wachten op de onzekere maatschappelijke ontwikkeling van duurzame mobiliteit. Beantwoording Stapelen van auto-parkeren kan in sommige gevallen een middel zijn om meer ruimte voor groen vrij te spelen, maar het heeft ook nadelen. Er moet een gebouw moet worden gerealiseerd, wat minder duurzaam is, het oogt massiever dan op maaiveld geparkeerde auto’s en bovendien brengt het bouw- en onderhoudskosten met zich mee. Een taakstelling zal daarom niet worden opgenomen in de Omgevingsvisie, wel wordt de suggestie meegenomen bij de herinrichtingsplannen voor dicht bebouwde gebieden, waar vaak toch al een hoge parkeerdruk is. Het stadsbrede parkeerbeleid zal in het omgevingsplan overigens per wijk steeds worden toegespitst op de situatie ter plaatse. Vergroening en cultuurhistorische waarden De tekst over Vergroening “in balans met cultuurhistorische waarden” verdient onderbouwing. Bomen langs grachten en klimplanten aan kerken zijn er al eeuwen. Zo heeft bijv. de beheerder van de Sint Jan n.a.v. historische prenten voorgesteld om groen (met moderne techniek) aan te brengen aan dit iconische gebouw. Beantwoording Inderdaad is groen al eeuwenlang aanwezig in de stad.

Zo bezien kan een vergroeningsopgave ook god passen bij cultuurhistorische waarden, maar de plekken waar extra groen wordt aangelegd en de manier waarop dat gebeurt kan wel effect hebben op de historische betekenis van een plek of een gebouw. Met de genoemde tekst in de Omgevingsvisie wordt beoogd die overweging ook mee te nemen bij het realiseren van extra groen in de binnenstad. Steenbreek “Steenbreek” is een landelijk programma (waaraan Gouda deelneemt) met advisering over en stimulering van particuliere tuinen en geveltuinen (openbaar gebied grenzend aan huis).

Beantwoording

pagina 20

Dat klopt, maar het is niet nodig dat in de Omgevingsvisie uit te schrijven. Watervisie Wateralliantie De Watervisie van Wateralliantie wordt niet duidelijk omschreven. De gemeente kan beter aangeven welke doelen men wil overnemen onder welke randvoorwaarden. Beantwoording De Watervisie is een bestaand document, opgesteld door de Wateralliantie. Op het niveau van de Omgevingsvisie is de opvatting van de gemeente daarover helder genoeg verwoord in de Omgevingsvisie. Waterveiligheid en wateroverlast door regenbuien Onder waterveiligheid wordt de inbreng van de gemeente niet genoemd bij de aanstaande dijkversterking door het waterschap nabij de binnenstad. Bij risico op wateroverlast door regenbuien is volgens de KNNV voortaan ‘water-regulerende’ verharding toe te passen. Daarbij wordt regenwater eerst afgevoerd naar groen en ondergrondse berging. Beantwoording Dat er inbreng is van de gemeente bij de dijkversterking spreekt voor zich. De toepassing van waterregulerende verharding wordt bijvoorbeeld in Westergouwe toegepast. Mogelijk kan dit ook op andere plekken in de stad worden uitgevoerd.

17 Zienswijze Mozaïek Wonen Mozaiek Wonen complimenteert de gemeente met het bijeenbrengen van de talloze ruimtelijke vraagstukken in één visiedocument. Helaas is in de eindversie bij paragraaf 7.5 (Sterke wijken) niet opgenomen dat drie buurten zijn aangewezen voor de Aanpak Kwetsbare Buurten: de Burgen- en Lustenbuurt, OudAchterwillens en de Polderbuurt. Het voorstel van Mozaiek is om deze buurten te noemen of aan te geven dat de gemeente in gesprek gaat met de corporaties over de aanpak van andere kwetsbare buurten. Tevens wordt het jammer gevonden en qua beeldvorming verkeerd dat in hoofdstuk 5.3 bij aanpak kwetsbare wijken en buurten alleen Korte Akkeren specifiek wordt genoemd op het punt van veiligheidsbeleving. Het voorstel van Mozaïek is om deze wijk niet zo te vermelden of Korte Akkeren op te nemen in een opsomming van buurten. Beantwoording Inderdaad is de gemeente in constructief gesprek met de corporaties over de aanpak van andere kwetsbare buurten dan Gouda Oost en Korte Akkeren. De laatste zin onder het kopje “kwetsbare buurten” wordt als volgt geherformuleerd: “Wij gaan met de woningcorporaties in gesprek over het voortzetten van deze aanpak in andere buurten waar dit wenselijk is om tot een verbetering van de leefbaarheid te komen. De opmerking over Korte Akkeren in paragraaf 5.3 is terecht. De zin zal worden verwijderd.

18 Zienswijze Platform binnenstad en haar randen Het platform heeft de omgevingsvisie met belangstelling gelezen, maar een steviger visie is naar de mening van het platform noodzakelijk. In de benoeming van de kernwaarden worden de thans geldende visies die de raad eerder vaststelde voor de binnenstad en haar randen gemist. Genoemd worden de stedenbouwkundige visie op de binnenstad en haar randen, de beleidsnotitie openbaarheid zijlen, stegen, hofjes, poorten en plaatsen in de binnenstad, de nota intieme vaarroute en de toekomstvisie “Gouda ligt goed”. Deze dienen naar de mening van het Platform onderdeel uit te maken van de Omgevingsvisie. De uitgangspunten en richtinggevende elementen van deze visie worden echter niet teruggevonden in de huidige conceptvisie van de Omgevingsvisie. Er wordt een voorstel gedaan de belangrijkste visies te benoemen en een aantal kernelementen hieruit te benoemen in de pop-up-teksten bij de kaart “Kernwaarde van Gouda” .

pagina 21

Beantwoording Het behoud en het versterken van de kernwaarden van binnenstad is in de Omgevingsvisie een belangrijk thema, dat voldoende is beschreven. De suggestie om een aantal belangrijke bestaande beleidsvisies te noemen is waardevol, om het misverstand dat deze niet meer leidend zouden zijn, te vermijden. De kaart “Kernwaarde van Gouda” is één op één overgenomen uit de toekomstvisie “Gouda ligt goed”. Het is daarom niet logisch om deze kaart aan te passen. Concreet zal in paragraaf 5.1 (Historische stad doorgeven aan volgende generaties) onder de deelopgave “historische binnenstad beschermen, benutten en versterken” de volgende toevoeging worden gedaan: “Belangrijke uitgangspunten daarvoor zijn vastgesteld in de “stedenbouwkundige visie op de binnenstad en haar randen”, de “beleidsnotitie openbaarheid zijlen, stegen, hofjes, poorten en plaatsen in de binnenstad” en de Toekomstvisie “Gouda ligt goed”. Met betrekking tot de nota intieme vaarroute en het thema van de doorvaarbaarheid in het algemeen wordt opgemerkt dat uitvoering wel haalbaar moet zijn. Het Kaderplan Bodemdaling Binnenstad maakt het bijvoorbeeld noodzakelijk om twee peilstuwen te plaatsen.

19 Zienswijze T.D.K. Kraamwinkel In “Goudse keuzes” ziet de heer Kraamwinkel niks terugkomen om het zware vrachtverkeer te weren in de binnenstad. Waarom niet denken aan het vervoer over water en binnenwateren rondom Gouda. Aanleveren via het water en verder vervoer naar de winkels met kleinere en lichtere transportmiddelen. Hierdoor voorkom je beschadigingen aan de wegen on onderliggende kabels en rioolvoorzieningen (verzakkingen). Gouda is groot geworden door zijn strategische liggen tussen de Gouwe en de IJssel. Het veiligheidsaspect met drukker wordend verkeer en in het plan meer de fiets te gebruiken of te lopen zou deze gedachten kunnen versterken om dit ook in het plan mee te nemen. Beantwoording In de Omgevingsvisie wordt verwezen naar het Verkeerscirculatieplan als onderlegger voor het verkeersaspect. (Hoofdstuk 7.2): “In verschillende trajecten wordt gekeken naar verbetering van de mobiliteit voor Gouda en omgeving: het Regionaal Verkeer en Vervoersplan (RVVP), het Mobiliteitsplan en Verkeerscirculatieplan (VCP). Het VCP bevat concrete uitwerkingen van het Mobiliteitsplan. In deze omgevingsvisie zijn de hoofdpunten uit genoemde stukken opgenomen en wordt voor details naar de betreffende stukken verwezen”.

In het VCP wordt een aanpak van het zware verkeer voorgesteld, in de vorm van een beleidsnota grote voertuigen, dat de basis biedt voor een (verdere) beperking van zwaar verkeer in de binnenstad en de rest van Gouda.

20 Zienswijze Veiligheidsregio De visietekst is erg abstract (ook in vergelijking met andere gemeenten). De Veiligheidsregio ziet dan ook slechts op drie plaatsen het begrip (fysieke) veiligheid terugkomen. Er wordt bijvoorbeeld verwezen naar de ‘IVB Kadernota’ In dit stuk wordt echter niet ingegaan op de fysieke veiligheid gezien vanuit fysieke veiligheidsscenario’s zoals; brand, explosie, gifwolk, overstroming, energietransitie, etc.? Het eerder gegeven advies om de vier kernwaarden voor fysieke veiligheid (alsmede de zes ontwerpprincipes) op te nemen in de Omgevingsvisie Gouda is niet teruggekomen is in de Ontwerpomgevingsvisie Gouda. De Veiligheidsregio had graag gezien dat de drie-eenheid Gezondheid-Veiligheid-Duurzaamheid ook in de opbouw/hoofdstukken van de Visie terug te zien was, zeker voor een grote gemeente met een risicovolle spoorzone, zware industrie (categorie 4) en de uitdagingen die het heeft met de bestrijdbaarheid van incidenten rondom de locaties Spoorzone, Schielandse Hoge Zeedijk, etc. Er vindt momenteel een grote toename van mensen plaats die binnen de invloedsgebieden van de spoorzone komen te wonen en werken. Dit is een mooie ontwikkeling voor de gemeente, echter dit neemt ook een toename van risico’s voor de aanwezige personen binnen dit risicogebied met zich mee.

De cumulatie van het aantal mensen die binnen de invloedsgebieden van spoorzone zijn komen te wonen worden vooralsnog niet bestuurlijk meegewogen, dit heeft mede te maken dat er per plan een

pagina 22

bestemmingsplanwijziging wordt ingediend en daar vindt de verantwoording van de richtwaarde per plan wel plaats, maar niet over het gehele gebied zoals een spoorzone. De geadviseerde maatregelen om een effectief en tijdig optreden op het spoor door hulpdiensten mogelijk te maken zijn niet overal rond de Spoorzone genomen en bij ontwikkelingen waarbij de bereikbaarheid minimaal is, zoals GOUDasfalt en de Schielandse Hoge Zeedijk. Heeft de gemeente een visie op het minimale niveau of willen ze inwoners in deze gebieden extra beschermen, gezien de complexiteit met betrekking tot zelfredzaamheid en tot bestrijdbaarheid in deze ontwikkelgebieden? Advies: 1. Maak een aanvulling in de Omgevingsvisie met betrekking tot het waarborgen van een fysieke veilige en gezonde leefomgeving in bijvoorbeeld de nog op te stellen MER/OER; 2. Vul de IVB kadernota fysieke veiligheid met betrekking tot de fysieke ontwerpprincipes in de openbare ruimte aan. Of de gemeente Gouda kan er ook voor kiezen in het stuk te verwijzen naar de Visie Veiligheidsregio Hollands Midden Omgevingsvisie, (zie bijlage, e-mail) 3. Neem de 4 omgevingswaarden en bijbehorende ontwerpprincipes vanuit de ‘Visie VRHM Omgevingsvisie’ over in het toekomstig omgevingsplan De Veiligheidsregio houdt het pleidooi om de komende tijd vooral in te zetten op een concrete inhoudelijke invulling van het Omgevingsplan.

Beantwoording De aanbevelingen die worden gedaan voor de structuur van de Omgevingsvisie zijn op zichzelf waardevol, maar zouden teveel het accent leggen op veiligheid, terwijl de Omgevingsvisie een integrale beleidsvisie over het omgevingsbeleid hoort te zijn. Op verschillende plekken in de Omgevingsvisie is veiligheid benoemd. Dat de omgevingsvisie in zekere zin abstract blijft klopt. Dat is een bewuste keuze, vanuit de wens om wel alle aspecten van het omgevingsbeleid volwaardig te belichten, maar te voorkomen dat de omgevingsvisie een te omvangrijk document zou worden. In de Foto voor de Leefomgeving (bijlage bij het MER) is wel een complete paragraaf over Veiligheid opgenomen die ingaat op omgevingsveiligheid, sociale veiligheid, verkeersveiligheid en bereikbaarheid van hulpdiensten. De kernwaarden en ontwerpprincipes uit de Visie VRHM Omgevingsvisie zullen worden bestudeerd op toepasbaarheid bij de regelgeving in het omgevingsplan. In het kader van Spoorzone is in 2019 een risico-analyse voor de hele Spoorzone gemaakt. Mede op basis hiervan wordt voor elke deellocatie in de afzonderlijke bestemmingsplannen steeds een verantwoording gegeven van de veiligheidssituatie en de maatregelen die in overleg met de Veiligheidsregio worden genomen.

21 Zienswijze WaarborgHolland WaarborgHolland is een Zelfstandig BestuursOrgaan gevestigd aan het Stationsplein 9 en aangewezen door het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat om de Waarborgwet uit te voeren. De Omgevingsvisie benoemt het gebied Stationsplein als ‘gemengd stedelijk gebied’. Ondanks niet expliciet genoemd, is het niet uitgesloten dat de gemeente een voorkeur heeft om dit gebied als woongebied te bestemmen en in het verlengde daarvan overwegen om het kantoorgebouw ook een woonbestemming te geven. Een woonbestemming zou veel financieel voordeel kunnen opleveren voor de eigenaar met als gevolg dat er voor hem alles aan gelegen is om snel afscheid te nemen van zijn huidige huurders. Een ‘gedwongen’ verhuizing kan veel kwalijke gevolgen voor de onderneming en haar medewerkers en vandaar dat WaarborgHolland wil wijzen op het belang van de ondernemingen aan het Stationsplein 9a. Daarom is het verzoek om in de besluitvorming het belang van de bestaande ondernemers aan het Stationsplein 9-a in de overwegingen mee te wegen. Beantwoording

pagina 23

Inderdaad is het gebied rond het Stationsplein benoemd als ‘gemengd stedelijk gebied’. Dit betekent dat een mix van functies wenselijk is, waaronder ook wonen. Een omvorming van het bedoelde gebouw aan het Stationsplein naar woongebouw is niet ondenkbaar, maar ook niet persé wenselijk. Juist de mix aan functies in het gebied maakt het tot een levendige stationsomgeving. Het toevoegen van wonen in het gebouw zou vragen om een bestemmingsplanwijziging, waarin alle afwegingen, ook die van de bestaande ondernemers, nog ten volle zullen moeten worden gemaakt.

22 Zienswijze White House Development In paragraaf 7.2 (p. 39) staat de volgende tekst: “Zo lang er nog volop behoefte bestaat aan parkeergelegenheid bieden we die aan, ter voorkoming van parkeeroverlast." Op meerdere plekken in de visie wordt echter het STOMP-principe genoemd. Dat spoort niet elkaar. Het verzoek is om de genoemde passage aan te passen Beantwoording De passage kan inderdaad misverstand oproepen. De bedoeling van de tekst is om aan te geven dat bestaande parkeerruimte niet wordt omgevormd naar groen zolang daar nog volop behoefte aan bestaat. De woorden “bieden we die aan” lijken te suggereren dat ook in nieuwe situaties het aanbod volledig de vraag volgt, terwijl het inderdaad juist de bedoeling is daar meer sturend in te zijn. De zin in paragraaf 7.2 zal als volgt worden geherformuleerd: “Zolang er nog volop behoefte bestaat aan parkeergelegenheid wordt bestaande parkeerruimte in stand gehouden, ter voorkoming van parkeeroverlast. Voor nieuwbouwontwikkelingen ingezet op de ontwerpprincipes van “STOMP”.

23 Zienswijze D.J. de Wit De heer De Wit is het eens met het feit dat groot vrachtverkeer geweerd wordt uit de binnenstad en de directe periferie. Noodzakelijk transport kan met kleine elektrische voertuigen vanaf centrale punten aan de rand van de stad of met elektrische platbodems over water. Een combinatie van deze twee kan natuurlijk ook en ligt voor de hand. De ouderwetse (elektrische)bakfiets kan natuurlijk ook, onze historische binnenstad is te klein en te kwetsbaar voor groot vrachtverkeer. Beantwoording Dit is een ondersteuning van de lijn die de gemeente al heeft ingezet om groot vrachtverkeer zoveel mogelijk uit de binnenstad te weren.

pagina 24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=7df14158-64b7-4b70-b520-b8ea431edb82