CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota beantwoording zienswijzen Omgevingsvisie.pdf

Raadsvergadering 23 februari 2022, gemeente GoudaBij agendapunt: Omgevingsvisie12.304 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

rapport notitie

Nota van beantwoording zienswijzen Omgevingsvisie Gouda

Inhoudsopgave Inhoudsopgave

2

1

Inleiding

3

2

Zienswijze Belangenvereniging Goudse Poort (BVGP)

3

3

Zienswijze Wateralliantie Gouda

4

4

Zienswijze dhr. B. Been

5

5

Zienswijze Oasen

6

6

Zienswijze Gouda Onderneemt

7

7

Zienswijze Watersportverbond

10

8

Zienswijze Bewonersplatform Binnenstad

11

9

Zienswijze Breevast

12

10

Zienswijze Cumela

13

11

Zienswijze Dunea

14

12

Zienswijze Fietsersbond

14

13

Zienswijze Gouda sterk aan de IJssel

15

14

Zienswijze Green Real Estate

16

15

Zienswijze H2-E Waste Logistics

17

16

Zienswijze KNNV

18

17

Zienswijze Mozaïek Wonen

21

18

Zienswijze Platform binnenstad en haar randen

21

19

Zienswijze T.D.K. Kraamwinkel

22

20

Zienswijze Veiligheidsregio

22

21

Zienswijze WaarborgHolland

23

22

Zienswijze White House Development

24

23

Zienswijze D.J. de Wit

24

pagina 2

1 Inleiding De aanstaande Omgevingswet vraagt van gemeenten om een Omgevingsvisie vast te stellen, waarin een integrale visie op de fysieke leefomgeving wordt verwoord en verbeeld. Het afgelopen anderhalf jaar is in samenspraak met de raad, met betrokken bewoners en groeperingen uit de stad een ontwerp van een Omgevingsvisie voor Gouda opgesteld. In de periode van 14 oktober 2021 tot en met 24 november 2021 is het ontwerp van de Omgevingsvisie ter inzage gelegd, conform het bepaalde in artikel 16.26 van de Omgevingswet. In totaal zijn 23 zienswijzen binnengekomen. Deze nota bevat de beantwoording van de binnengekomen zienswijzen.

2

Zienswijze Belangenvereniging Goudse Poort (BVGP)

De typering van Goudse Poort in de Omgevingsvisie is gebaseerd op de “Ontwikkelstrategie Goudse Poort” van 2017, waarbij een opdeling wordt gemaakt in “Go business, Go living, Go offices en Go stores. Dit is niet langer actueel en is niet in lijn met recent vastgesteld beleid van de gemeente en met actuele toezeggingen. Inmiddels is een “Bedrijventerreinenvisie Gouda 2021-2030” vastgesteld en er is het voornemen om samen met marktpartijen een integrale gebiedsvisie op te stellen. In de Bedrijventerreinenvisie staat het doel om de perifere en grootschalige functies op Goudse Poort versterken en perifere detailhandel op Kromme Gouwe te verplaatsen. Voor een winkelcluster moet echter wel ruimte zijn. De BVGP mist in de Omgevingsvisie de expliciete mogelijkheid voor de vestiging van winkels die passen bij de in de Omgevingsvisie genoemde doestelling van een “gemengd stedelijk gebied voor wonen en werken” . Het bestaande winkelcluster aan de Kampenringweg is in de Omgevingsvisie benoemd als gebied met “focus op kantoren”, aansluitend op de Ontwikkelstrategie uit 2017. Het blok “Kampenringweg” leent zich door zijn aansluiting bij de Go Stores echter goed voor de gewenste verplaatsing van de winkels van Kromme Gouwe en voor vestiging van andere functie die passen bij een gemengd stedelijk gebied.

Het verzoek is om in de Omgevingsvisie niet meer de scherpe opdeling in functies uit de Ontwikkelstrategie van 2017 te hanteren, maar aan te sluiten bij de bedrijventerreinenvisie en aan te geven dat bij “gemengd stedelijk gebied” ook daarbij passende detailhandel mogelijk is. Het voornemen is om een integrale gebiedsvisie vast te stellen voor Goudse Poort. In dat verband is door alle betrokkenen aan bureau Buhrs gevraagd een visie op te stellen waarin actuele ontwikkelingen in de markt worden betrokken en een gefaseerde toekomstvisie wordt uitgewerkt. Het rapport is bijgevoegd. Het rapport omschrijft Goudse Poort als een gemengd gebied voor wonen, werken en winkels, een stedelijk milieu met water en groen. Dit rapport is een goede basis voor gemeente en marktpartijen om gezamenlijk te werken aan een integrale gebiedsvisie die aansluit bij de huidige marktontwikkelingen en actuele ontwikkelingen in het gebied. Beantwoording De Ontwikkelstrategie Goudse Poort is voor de gemeente niet achterhaald. Zowel de Bedrijventerreinenvisie, de Winkelvisie als de Omgevingsvisie borduren hierop voort.

In paragraaf 7.6.2 van de Omgevingsvisie wordt over de Spoorzone & Goudse Poort gesproken als een “gemengd woonwerkgebied”, maar uit het daar onder geplaatste kaartbeeld blijkt dat dit het bij het wonen gaat over het deel van Goudse Poort tussen Burgemeester Jamessingel en Burgemeester van Reenensingel “(go-living” in de Ontwikkelstrategie Goudse Poort). De Omgevingsvisie (paragraaf 7.1.1) geeft een afwegingskader voor functieverandering waar functieverandering onder strikte voorwaarden wordt mogelijk gemaakt. Iets soortgelijks staat in de bedrijventerreinenvisie (p.12), namelijk “Transformatie naar gemengde woonwerkgebieden ten westen van de Goudse Poortweg is alleen onder strikte voorwaarden mogelijk”. Gezien bovenstaande teksten is de opdeling in functieprofielen ook niet zo scherp als de Ontwikkelstrategie Goudse Poort en de Omgevingsvisie misschien suggereren. Voor wat betreft het blok “Kampenringweg” inclusief het Goudse Poortgebouw is goed denkbaar dat hier een uitbreiding van grootschalige detailhandel plaatsvindt, aansluitend op de “Go Stores”. Dat blijkt ook uit de “Kansenskaart detailhandel” op p.44 van de Ontwikkelstrategie Goudse Poort. Het gemeentebestuur is zeker bereid om aan een goed plan voor hervestiging van detailhandel uit Kromme Gouwe Oost mee te werken. Op de kaart in paragraaf 7.6.2 zal op

pagina 3

het gebied rond de Kampenringweg een extra aanduiding “kansen voor grootschalige detailhandel” worden opgenomen. De analyse van bureau Buhrs is bekend bij de gemeente, deze is ter kennisname gedeeld met de gemeente door de EVGP en BVGP. De visie van de gemeente op wonen op Goudse Poort is al vastgelegd in de bedrijventerreinenvisie. Op pagina 12 en 13 van de bedrijventerreinenvisie wordt aangegeven dat mengen met wonen alleen wordt toegestaan wanneer er sprake is van meerwaarde en versterking van het gebied, dit milieutechnisch haalbaar is en de ontwikkeling kan rekenen op draagvlak in de omgeving. In de uitwerking moet hinder tussen de functies worden voorkomen. Dit kan o.a. met ruimtelijke oplossingen,- een goede mix van doelgroepen, contractuele (privaat/publiek-private) afspraken en planologisch juridische instrumenten. Wonen mag geen beperkende invloed hebben op de bedrijfsvoering van gevestigde reguliere en/of (HMC) watergebonden bedrijven.

3 Zienswijze Wateralliantie Gouda De omgevingsvisie benoemt de thema’s economische vitaliteit, historische erfgoedstructuur en klimaatadaptatie. De Watervisie “Gouda leeft met water” van de Wateralliantie geeft een visie op de betekenis van water voor deze thema’s. De Wateralliantie vraagt het gemeentebestuur hier kennis van te nemen zodat de potentie van water voor de ontwikkelingsopgaven zo goed mogelijk wordt benut. De risico’s van de uitvoering het Kaderplan Bodemdaling Binnenstad zijn in de uitvoeringsplannen nog onvoldoende beschreven. De Wateralliantie doet de aanbeveling om dit op te nemen in de Omgevingsvisie.

Vaarverbindingen, en de wenselijkheid van behoud en uitbreiding daarvan, worden in de concept Omgevingsvisie niet benoemd. De woorden ‘waterrecreatie’ en ‘doorvaarbaarheid’ worden in de visie, in de tekst van deelgebied Binnenstad, éénmaal gebruikt gekoppeld aan een onzekere uitvoerbaarheid in relatie tot de bereikbaarheid van de zuidelijke binnenstad en verdwenen grachten. Het woord ‘varen' of ‘vaarverbinding’ komt in de visie geheel niet voor. De Wateralliantie vraagt om dit te verbeteren. Gezien eerder uitgesproken en vastgestelde ambities is de onzekere verwoording in de concept omgevingsvisie van de doorvaarbaarheid van de binnenstad en het ontbreken van het benoemen van de zuidelijke invaart bij het Tolhuis niet terecht. De Wateralliantie vraagt om deze duidelijke lijn door te zetten in de tekst van de omgevingsvisie in de tekst van deelgebied Binnenstad en Krimpenerwaard en IJsselfront. De mogelijkheid tot het terugbrengen van ‘Verdwenen grachten’ is in het project Gouda Hollandse Waterstad’ (2006 – 2009) beperkt tot daar waar de ondergrondse infrastructuur dat toestaat. De mogelijkheid is open gelaten voor de Intieme Vaarroute en de vaarverbinding over het Nonnenwater en Verlorenkost. De Verdwenen grachten als Nieuwehaven, Raam, Achter de Vismarkt en Naaierstraat, maken daar geen onderdeel van uit.

Deze laatsten worden toch vermeld op het kaartmateriaal van deelgebied binnenstad. Dit is onjuist en leidt daarmee af van de essentie. De verdwenen gracht in Achter de Waag ontbreekt juist op de kaart. De Wateralliantie vraagt om alleen tot de ‘haalbare’ vaarverbindingen te benoemen en daarbij te refereren aan de eerdere haalbaarheidsstudie van het project Gouda Hollandse Waterstad. Verder wordt gevraagd om het varen en het behoud en uitbreiding van vaarverbindingen te benoemen in de tekst van Gezonde groen-blauwe stad. De Wateralliantie is graag bereid te participeren in de definitieve Omgevingsvisie en ziet uit naar een uitnodiging daartoe. Eerder is met het college overeengekomen, dat de Wateralliantie participeert in de monitoring van de risico’s bij uitvoering van de eerder genoemde verlaging van de waterstand in het compartiment. Beantwoording Het gemeentebestuur kent de Watervisie van de Wateralliantie. Inderdaad heeft water de potentie om bij te dragen aan de invulling van de genoemde ontwikkelingsopgaven. Mogelijk kan hier straks met het Waterfonds op worden ingespeeld. De Omgevingsvisie is niet de plek om verder in te gaan op de uitvoering van het Kaderplan Bodemdaling Binnenstad en de gevolgen ervan. Het kaderplan is weliswaar benoemd in de Omgevingsvisie, maar het

pagina 4

KBB is inmiddels vastgesteld en zal ook worden uitgevoerd. Inderdaad is afgesproken dat de Wateralliantie wordt betrokken bij het monitoren van de risico’s van de uit te voeren verlaging van de waterstand in het beoogde compartiment van de binnenstad. In de paragrafen 7.1.3 (toerisme) en 7.6.1 wordt het vergroten van doorvaarbaarheid van de stad als doelstelling genoemd. De gemeente wil daar niks aan af doen, maar ook geen verwachtingen wekken die niet kunnen worden waargemaakt. Wat betreft de opening van de havensluis is in het coalitieakkoord een duidelijk uitgangspunt opgenomen, namelijk dat substantiële private financiering en een gevalideerde businesscase noodzakelijk zijn als eerste stappen om het gesprek over het openen van de havensluis aan te gaan. De opmerking over het opnemen van de “haalbare” vaarverbindingen op het kaartbeeld van de Binnenstad is terecht. Het kaartmateriaal zal op dat punt worden gecorrigeerd. Ook wordt de suggestie overgenomen om in de tekst van Gezonde groen-blauwe stad het varen en het behoud en uitbreiding van vaarverbindingen in de binnenstad en daarbuiten te benoemen, zoals de vaarverbinding met Reeuwijk en het rondje Rijn-IJssel. Wel geldt daarbij de kanttekening dat dit zowel praktisch als financieel haalbaar moet zijn binnen de beschikbare budgetten voor aanleg en onderhoud van bruggen.

De tekst onder “historische grachten” in paragraaf 7.6.1 zal duidelijker en completer worden geformuleerd, met de volgende tekst: “Historische grachten De historische grachten zijn van grote betekenis voor het stadsbeeld en het ‘verhaal’ dat ze over de stad vertellen. Ze verdienen bescherming in meerdere opzichten. Het herstellen van verdwenen grachten is wenselijk vanuit het oogpunt van beeldkwaliteit en cultuurhistorie en zou meerwaarde hebben voor de waterrecreatie. De mogelijkheid tot het terugbrengen van ‘Verdwenen grachten’ is in het project Gouda Hollandse Waterstad’ (2006 – 2009) beperkt tot daar waar de ondergrondse infrastructuur dat toestaat. De mogelijkheid is open gelaten voor de Intieme Vaarroute en de vaarverbinding over het Nonnenwater en Verlorenkost. Verder zou door het openen van de Havensluis in het zuidelijk deel van de binnenstad meer levendigheid kunnen ontstaan. Zowel het terugbrengen van verdwenen grachten, het realiseren van de intieme vaarroute als het openen van de havensluis zijn echter ingrepen met hoge kosten en veel impact op bestaande functies in de stad, bijvoorbeeld met het oog op bereikbaarheid. Ook heeft het Kaderplan Bodemdaling effect op de doorvaarbaarheid van de stad. De peilscheidingen worden zo aangelegd dat ze tegen zo laag mogelijke kosten in de toekomst kunnen worden aangepast om er sluizen van te maken.

Waar mogelijk stimuleren we de doorvaarbaarheid van de binnenstad (zie § 5.1). Wat betreft de opening van de havensluis staat de gemeente op het standpunt dat substantiële private financiering en een gevalideerde businesscase noodzakelijk zijn als eerste stappen om het gesprek hierover aan te gaan.” Ten aanzien van participatie over de vaststelling van de Omgevingsvisie wordt opgemerkt dat de zienswijze wordt betrokken bij de besluitvorming over de Omgevingsvisie. Verdere participatie is niet aan de orde. Dat geldt wel voor toekomstige uitvoeringsprogramma’s en het Omgevingsplan, waarvoor de Omgevingsvisie het kader vormt.

4 Zienswijze dhr. B. Been Ad. 7.5 Sterke wijken Het is goed dat de Omgevingsvisie specifiek aandacht heeft voor Goverwelle. Een meer volledige analyse waarom Goverwelle kwetsbaar is ontbreekt echter. Het is goed om dat aan te vullen. De heer Been geeft aan dat Goverwelle relatief veel woningen per hectare heeft, te weinig groen heeft en ruimtelijke kwaliteit mist door het ontbreken van aansprekende architectuur. Dat draagt allemaal bij aan de kwetsbaarheid van de leefomgevingskwaliteit. Risico’s op verpaupering zijn aanwezig, niet alleen in de Polderbuurt, die expliciet wordt genoemd, maar ook in de Molenbuurt. Ad 7.3 Gezonde groene stad versus 7.5 ad Groen en gezond Goverwelle Voor een gezonder en groener Goverwelle wordt een aantal suggesties gedaan:

pagina 5

-

Met name starters ontmoedigen hun tuin te verstenen. Operatie Steenbreek is in Goverwelle een mislukking

-

Nu helaas geen rivierparkje op de voormalige plek van Ouwe Gouwe is gerealiseerd, bestaat nog wel de kans voor herstel van het jaagpad. Verzocht wordt herstel van het jaagpad als doelstelling op te nemen.

-

Absoluut nodig voor een gezond en groene oppepper voor Goverwelle is dat de polder Beneden Haastrecht een goed bewandelbaar gebied wordt, met de Haastrechtsebrug, de Waaiersluis en de Goverwellebrug als “poorten”. Nog steeds is dit gebied in de plannen van de provincie en van de gemeente Krimpenerwaard een primair agrarisch gebied.

Ad. 4.2 Te midden van het groen De polder Bloemendaal is wel aangewezen als groengebied rond de stad. Ook voor de polder BenedenHaastrecht is dit nodig. De gemeente wordt opgeroepen om hier samen met de gemeente Krimpenerwaard plannen voor te maken (natuur-inclusieve landbouw, recreatief gebruik, kunnen wandelen over de Haastrechtse Tiendweg). Beantwoording De aanvulling die wordt gesuggereerd voor paragraaf 7.5 zal worden overgenomen, waarbij wordt aangetekend dat niet overal in Goverwelle aansprekende architectuur wordt gemist. Waar mogelijk probeert de gemeente in Goverwelle bij herinrichtingen van de openbare ruimte meer groen te maken. Dat is echter niet eenvoudig, omdat de wijk ook parkeerproblemen heeft. Verstening van tuinen is overal in de stad aan de orde. In het kader van de uitvoering van de Omgevingsvisie zal worden nagedacht over het inzetten van extra instrumenten om de hoeveelheid verstening terug te dringen, in aansluiting op de “strategie en uitvoeringsagenda klimaatadaptatie”. Zo worden in Westergouwe de tuinen met zwarte aarde opgeleverd in plaats van met ophoogzand om zo een goede uitgangssituatie te creëren voor groene tuinen. Verder is blijvende inzet nodig voor de operatie Steenbreek. Het vrijmaken van het jaagpad is een met het Hoogheemraadschap gedeelde ambitie en zal worden opgenomen onder het kopje “gezond en groen Goverwelle” (paragraaf 7.6.6).

Er is regelmatig contact tussen de gemeente en het Hoogheemraadschap over dit onderwerp. In de bestemmingsplannen voor nieuwbouwlocaties in de uiterwaard is de afgelopen jaren benadrukt dat toe-eigening en bebouwing van de jaagpaden niet mogelijk is, om een eventueel gebruik als toekomstige wandelverbinding niet te blokkeren. Het terugbrengen van het jaagpad als doorlopende wandelverbinding is alleen mogelijk als de al jaren geleden in gebruik genomen stukjes jaagpad die grenzen aan bestaande woningen/ panden ook worden vrijgemaakt. De gemeente heeft geen grondeigendom op het jaagpad. Het hele jaagpad is eigendom van Rijkswaterstaat en word overgedragen aan het Hoogheemraadschap Stichtse Rijnlanden. Er zal met het Hoogheemraadschap contact worden gezocht om te bezien of vrijmaking van de in gebruik genomen delen van het jaagpad mogelijk is. De polder Beneden Haastrecht is inderdaad niet optimaal recreatief aangesloten op Goverwelle. De polder ligt op het grondgebied van de gemeente Krimpenerwaard en is bestemd als agrarisch gebied. Het is niet mogelijk om op korte termijn een wandelpad door het gebied naar Goverwelle aan te leggen. Dat de polder Bloemendaal (Waddinxveen) wel is opgenomen als groengebied voor de stad heeft er mee te maken dat daar al wandelmogelijkheden bestaan die zijn aangesloten op de wijk Bloemendaal.

5 Zienswijze Oasen Drinkwaterbedrijf Oasen vraagt om bij de toepassing van een warmtenet rekening te houden met de aanleg en ligging van drinkwaterleidingen. Warmtenetten dienen zover mogelijk van de waterleidingen vandaan te blijven of, indien het niet anders kan, dient te worden aangetoond dat de opwarming van de ondergrond beperkt blijft.

pagina 6

Beantwoording De optie van een warmtenet is genoemd in de Transitievisie Warmte en ook in de Omgevingsvisie. Of en waar deze in Gouda zullen worden aangelegd is nog niet duidelijk. Het aandachtspunt van Oasen zal bij de verdere uitwerking van de Transitievisie Warmte worden meegenomen.

6 Zienswijze Gouda Onderneemt Gouda Onderneemt complimenteert het gemeentebestuur met de Omgevingsvisie. De gestelde ambities worden herkend en grotendeels ondersteund. Wel heeft Gouda Onderneemt een aantal opmerkingen bij de stukken. 1. Beschouwt de gemeente het participatie traject met het bedrijfsleven als voldoende nu op de werkversie? Na een input-sessie begin 2021 is er geen gelegenheid meer geweest om op- en aanmerkingen te maken bij de ‘werkversie’ van de omgevingsvisie. De ‘werkversie’ heeft Gouda Onderneemt nooit bereikt. Door communicatiefouten en personele wisseling bij het projectteam van de gemeente is de beoogde participatie met het bedrijfsleven niet goed uit de verf gekomen. Beantwoording Tijdens de totstandkoming van de Omgevingsvisie is verschillende keren contact geweest met Gouda Onderneemt. De werkversie van de Omgevingsvisie is per e-mail naar Gouda Onderneemt gestuurd. Inderdaad is hier geen reactie op ontvangen, omdat deze blijkbaar in de “spam-box” is terecht gekomen. Wellicht was het zorgvuldig geweest als hierover vanuit de gemeente even contact was gezocht met “Gouda Onderneemt”. Door personele wisselingen is dit inderdaad niet gebeurd. Bij de start van de terinzagelegging heeft wel telefonisch- en email contact plaatsgevonden met Gouda Onderneemt en is een gesprek aangeboden. Het is mooi dat er een zienswijze kenbaar is gemaakt.

Daarin zit een aantal terechte aandachtspunten (zie hieronder) die in de definitieve versie van de Omgevingsvisie zal worden verwerkt. De gemeente beschouwt het participatietraject met het bedrijfsleven, alles overziende, als voldoende. 2. De activiteiten op bedrijventerreinen bieden werk aan ca. 11.000 mensen. Het behoud van werkgelegenheid zou nadrukkelijker benoemd mogen worden, het liefst in een deelopgave onder de “blijvend sterke economie en regionale positie”. Beantwoording Onder paragraaf 5.5, tweede aandachtspunt wordt al op een heldere manier benadrukt hoe belangrijk behoud van werkgelegenheid is. Hier staat: “Goed functionerende bedrijventerreinen en werklocaties stimuleren eigentijdse en innovatieve vormen van ondernemen. Dit is nodig om een gunstig vestigingsklimaat te bieden en een sterke positie in te nemen in de regionale economie. Daarmee wordt ingezet op het behoud van arbeidsplaatsen en tegengaan van leegstand.” Het uitwerken van een aparte paragraaf over werkgelegenheid hoort meer in een economische visie thuis dan in een omgevingsvisie. 3. Bij de ontwikkelstrategie “Functieverandering” is een afwegingskader geformuleerd. Een van de elementen daarin is dat er draagvlak voor functieverandering moet zijn onder omliggende bedrijven.

In de bedrijventerreinenstrategie is dit scherper geformuleerd met de volgende tekst: “Het waarborgen van de ongehinderde bedrijfsvoering van de bestaande bedrijvigheid is hieraan (bij functieverandering) bovengeschikt. Dat wil zeggen, de gereserveerde milieuruimte (geluidszonering) van de zittende (HMC) bedrijven mag niet verloren gaan.” Gouda Onderneemt doet het verzoek deze tekst over te nemen in de Omgevingsvisie. In de opsomming met 9 bullits onder genoemd afwegingskader zijn ook twee gebiedsspecifieke uitspraken gedaan over ongewenste functieverandering van bedrijventerreinen aan de zuidkant van de Hollandsche IJssel en een mogelijke transformatie van Kromme Gouwe Oost na 2025. Deze uitspraken horen niet onder het afwegingskader. Het verzoek is deze opmerking te laten vervallen bij het afwegingkader.

pagina 7

Beantwoording Het voorstel m.b.t. het draagvlak voor functieveranderingen zal worden overgenomen. Daarmee wordt de tekst van de Omgevingsvisie op dit punt identiek met de tekst van de Bedrijventerreinenvisie. Verder is inderdaad de tekst over Kromme Gouwe Oost en over de bedrijven ten zuiden van de Hollandsche IJssel op een verkeerde plek terecht gekomen. De teksten zullen boven het kopje “Afwegingskader functieverandering” worden gezet, waarbij voor Kromme Gouwe Oost wordt aangesloten op de tekst uit de bedrijventerreinenvisie. Concreet luidt deze: “Op het zuidoostelijk deel van Kromme Gouwe doen zich op termijn kansen voor om door verdichting, transformatie of herbestemming een gemengd hoogstedelijk milieu tot stand te brengen3. Het waarborgen van de ongehinderde bedrijfsvoering van de bestaande bedrijvigheid is hieraan bovengeschikt. Dat wil zeggen, de gereserveerde milieuruimte (geluidszonering) van de zittende (HMC) bedrijven mag niet verloren gaan. Uitwerking van deze kansen is daarom aan strikte voorwaarden gebonden.” 4. Gouda Onderneemt ondersteunt de ambitie voor lokale betrokkenheid bij de energietransitie, maar geeft in overweging om in de zin “hierbij is de ambitie om 50% lokaal eigendom en medezeggenschap van de hernieuwbare energie opwek te realiseren. het woordje “en” te wijzigen in “of”.

Bij de spelregels rond energietransitie wordt geadviseerd om een bullit toe te voegen, namelijk: o “houd rekening met beschikbare energie-infrastructuur”. Beantwoording De tekst over lokaal eigendom en medezeggenschap is zo overgenomen van de Regionale Energiestrategie (RES). Gouda volgt op dit punt de in regionaal verband gemaakte afspraken. Het voorstel wordt dus niet overgenomen. Dat rekening moet worden gehouden met de beschikbare energie-infrastructuur is een terecht punt. Gouda doet dit al, maar het is goed om dit ook in de Omgevingsvisie op te schrijven. Er zal een extra bullit met de voorgestelde tekst worden opgenomen. 5. Bij het onderdeel Transitievisie Warmte wordt voorgesteld een tekst toe te voegen over bedrijventerreinen, over gebruik maken van natuurlijke momenten om de situatie te wijzigen en over inhoudelijke en financiële ondersteuning vanuit de gemeente. Verder wordt voorgesteld om de gemeente leidend te laten zijn ten aanzien van het aardgasvrij maken van maatschappelijk vastgoed, aansluitend op de wijkuitvoeringsplannen (inclusief bedrijventerreinen). Beantwoording Inderdaad is het de bedoeling om aan te sluiten op natuurlijke momenten om de situatie te wijzigen.

In de opsomming onder 1 t/m onder het kopje Transitievisie Warmte wordt daarom een punt toegevoegd dat luidt: “er wordt zoveel mogelijk aangesloten op natuurlijke momenten om de situatie te wijzigen (fasering volgens de TVW Gouda 2021: bedrijventerreinen vallen in de categorie “natuurlijk spoor”). Niet alle maatschappelijk vastgoed is eigendom van de gemeente. Ten aanzien van maatschappelijk vastgoed heeft de gemeente daarom ook een regierol. Maatschappelijk vastgoed zal als onderdeel meegenomen worden in wijkuitvoeringsplannen. Het toezeggen van inhoudelijke en financiële ondersteuning door de gemeente bij ontwikkeling en realisatie van plannen is niet iets dat in de omgevingsvisie geregeld wordt. Binnen de kaders van de omgevingsvisie zegt de gemeente samenwerking toe, meer concrete afspraken over inzet van financiële en personele middelen worden gemaakt binnen het proces van opstellen van wijkuitvoeringsplannen en een strategie voor aardgasvrij maken van bedrijventerreinen. 6. Binnenstad (paragraaf 7.6.1): naar aanleiding van de zinsnede over niet-dagelijkse boodschappen is SBG van mening dat de Binnenstad bij uitstek geschikt is voor niet dagelijkse boodschappen, maar

pagina 8

tegelijkertijd moet de Binnenstad, gelet op het aantal inwoners, ook mogelijkheden blijven bieden voor een supermarkt of andere winkels ten behoeve van de dagelijkse benodigdheden. SBG ziet graag een uitbreiding op de ambitie “toegankelijkheid van de binnenstad voor voetgangers en fietsers, waarbij ingezet wordt op onderzoek om van het kernwinkelgebied voetgangersgebied te maken met aan de randen voldoende stallingsmogelijkheden voor fietsers. Daaraan gekoppeld duidelijke fietsroutes om de veiligheid van de voetgangers te waarborgen. Verder vraagt Gouda Onderneemt om voor de slimme en schone stadslogistiek in te zetten op een regionale hub, dit in verband met de haalbaarheid. Tevens wordt gevraagd om zware elektrische vrachtwagens te weren, gezien de kwetsbaarheid van de kades. Onder het kopje “historische grachten” ziet Gouda Onderneemt graag een verduidelijking van de tekst over de het verlevendigen van de binnenstad en de doorvaarbaarheid. Suggestie: ‘We zetten in op het verlevendigen van het gebied rond de Veerstal voor bezoekers van de binnenstad. Het autoluw maken van dit gebied is echter een voorwaarde. Daarvoor is een positieve uitkomst van de pilot Nieuwe Veerstal, zoals dat in het uitvoeringsprogramma van het VCP is opgenomen, noodzakelijk.

Bij het slagen van de genoemde pilot liggen er ook mogelijkheden voor het openen van de havensluis en daarmee de bevordering van de doorvaarbaarheid van de binnenstad (zie § 5.1)’”. Beantwoording Inderdaad moet de Binnenstad ook beperkt ruimte blijven bieden voor dagelijkse boodschappen, in overeenstemming met de Winkelvisie. In paragraaf 7.6.1, onder het kopje “levendig historisch centrum” wordt daarom toegevoegd: “Er is in de binnenstad beperkt ruimte voor dagelijkse boodschappen”. Wat betreft de opmerking over het voetgangersgebied: de gemeente zal ter uitvoering van het Verkeerscirculatieplan een fietsparkeerplan opstellen, als onderdeel van het wijkmobiliteitsplan binnenstad. De wens om straten vrij van fietsers te maken is begrijpelijk, maar het is belangrijk om een goed evenwicht te vinden tussen het creëren van een prettig verblijfsklimaat in de binnenstad en de wens om een fietsvriendelijke stad te zijn. De inzet voor stadsdistributie is een distributie hub om de kwetsbare binnenstad zoveel mogelijk te ontlasten van zwaar en vervuilend verkeer. Het kan een bestaande regionale hub zijn en met een groeimodel op termijn een nieuwe (regionale) hub. De (verdere) beperking van zware voertuigen in de binnenstad krijgt een uitwerking in de nota grote voertuigen die in 2022 wordt opgesteld.

Het tekstvoorstel voor de Nieuwe Veerstal wordt overgenomen, met dien verstande dat de laatste zin wordt geherformuleerd als: “Bij het slagen van de genoemde pilot is er in ieder geval geen verkeerskundige belemmering voor het openen van de havensluis en daarmee de bevordering van de doorvaarbaarheid van de binnenstad (zie § 5.1)’”. 7. Spoorzone &Goudse Poort (7.6.2): een deel van bedrijventerrein Gouwespoor is meegenomen als transitiegebied. Dit is onjuist en strook niet met de bedrijventerreinenvisie 2021-2030. Het verzoek is om het kaartje “Florerende stad” daar op aan te passen. Beantwoording Dit wordt terecht opgemerkt. De fout zal worden hersteld door op het kaartbeeld bij “Florerende stad” Gouwespoor niet meer als transitiegebied aan te merken. 8. Voor Gouwepark 2 is de tekst niet in overeenstemming met de tekst van de Bedrijventerreinenvisie. Verzocht wordt om de Omgevingsvisie op de Bedrijventerreinenvisie te laten aansluiten op dit punt. Beantwoording Dit is een goede suggestie. De zin “Voordat een start gemaakt wordt met Gouwepark 2 moet eerst Goudse Poort duurzaam en optimaal benut zijn” wordt vervangen door de volgende tekst:

pagina 9

“Om de verdichtingsopgave in Gouda te versnellen zijn uitbreidingsmogelijkheden een belangrijk instrument om schuifruimte te creëren. Kansen dienen zich aan wanneer gevestigde bedrijven zich kunnen verplaatsen naar een Gouwe Park II. Dit zorgt voor ruimte op de bestaande terreinen om de intensivering en verdichting te starten. Met het op de markt brengen van te veel nieuw areaal wordt de urgentie om te verdichten echter wel verlaagd. Daarom is regionale afstemming over de ontwikkeling en uitgifte van het bedrijventerrein belangrijk waarbij ook strikte afspraken worden gemaakt over de realisatie van de gewenste intensivering en verdichting op de achterlaatlocaties.” 9. In hoofdstuk 8 wordt de uitvoering van de Omgevingsvisie beschreven. Wordt er bij het ontwerp van het instrumentarium rondom de Omgevingsvisie ook participatie van inwoners en bedrijven nagestreefd? En zo ja, op welke wijze wordt dat vormgegeven? Beantwoording De twee kerninstrumenten naast de Omgevingsvisie zijn het omgevingsprogramma en het omgevingsplan. Zoals te doen gebruikelijk vindt participatie plaats over beleidsnota’s en omgevingsprogramma’s. De gemeente zal op een vergelijkbare manier een voorstel doen voor de inrichting van het omgevingsplan en daarover dus inwoners en organisaties raadplegen.

7 Zienswijze Watersportverbond Vaarverbindingen en de wenselijkheid van verbetering en uitbreiding daarvan worden in de Omgevingsvisie niet genoemd. De woorden ‘waterrecreatie’ en ‘doorvaarbaarheid’ worden in de visie, in de tekst van deelgebied Binnenstad, éénmaal gebruikt gekoppeld aan een onzekere uitvoerbaarheid in relatie tot de bereikbaarheid van de zuidelijke binnenstad en verdwenen grachten. De ambitie om de zuidelijke invaart (bij het Tolhuis) te herstellen, net zoals het meer bevaarbaar maken van de Motte, Rondje Binnenstad (Turfmarkt en Zeugwateren) zullen de stad veel nieuw elan geven. Dit staande beleid verdient meer prioriteit. Verder wordt gevraagd om correctie van de kaart bij het deelgebied Binnenstad op het punt van de haalbare vaarverbindingen (zie hierboven ook de reactie van de Wateralliantie). Ook wordt gevraagd om het varen en het behoud en uitbreiding van vaarverbindingen te benoemen in de tekst van Gezonde groen-blauwe stad en bij de tekst van de sterke wijken. Deelgebied Westergouwe verdient daarbij extra aandacht door naast het toevoegen van de vaarmogelijkheden binnen de wijk een vaarverbinding met de Ringvaart en het Vijfde Dorp toe te voegen. Het watersportverbond vraagt met klem vragen om de blauwe structuren net zo prominent op te nemen als de fietsroutes.

Beantwoording In de paragrafen 7.1.3 (toerisme) en 7.6.1 wordt het vergroten van doorvaarbaarheid van de stad als doelstelling genoemd. De gemeente wil daar niks aan af doen, maar ook geen verwachtingen wekken die niet kunnen worden waargemaakt. Wat betreft de opening van de havensluis is in het coalitieakkoord een duidelijk uitgangspunt opgenomen, namelijk dat substantiële private financiering en een gevalideerde businesscase noodzakelijk zijn als eerste stappen om het gesprek over het openen van de havensluis aan te gaan. De opmerking over het opnemen van de “haalbare” vaarverbindingen op het kaartbeeld van de Binnenstad is terecht. Het kaartmateriaal zal op dat punt worden gecorrigeerd. Ook wordt de suggestie overgenomen om het varen en het behoud en uitbreiding van vaarverbindingen te benoemen in de tekst van Gezonde groen-blauwe stad, maar wel met de kanttekening dat dit haalbaar moet zijn gelet op de beschikbare budgetten voor aanleg en onderhoud van bruggen. In het geactualiseerde masterplan voor Westergouwe wordt een waterverbinding mogelijk gemaakt tussen het westelijk deel van Westergouwe en de Vijfde Tocht. In de komende tijd wordt door de gemeente Zuidplas en de provincie onderzocht of het mogelijk is om een vaarverbinding tussen de Vijfde Tocht en het Vijfde Dorp te realiseren.

Als dat haalbaar blijkt is het goed om te bezien of ook een verbinding tussen Vijfde Tocht en Ringvaart mogelijk, maar de kosten hiervoor zijn vermoedelijk hoog omdat een sluis moet worden aangelegd. Budget daarvoor is op dit moment bij gemeente en Hoogheemraadschap niet beschikbaar.

pagina 10

8 Zienswijze Bewonersplatform Binnenstad Leefbaarheid Bij de doelstelling “levendig historisch centrum” wordt de doelstelling “leefbaar” gemist. Een goede balans tussen historie, wonen, werken en recreëren is van belang. Overleg met bewoners bij de planning van evenementen zou een standaard werkwijze moeten zijn. Beantwoording De aandacht die voor leefbaarheid wordt gevraagd is terecht. In de eerste zin onder het kopje “levendig historisch centrum” zal het woord “leefbaar” worden toegevoegd. Op de gemeentelijke website wordt de evenementenkalender gepubliceerd. De organisator moet de omgeving informeren over het betreffende evenement. Wonen “Wonen” wordt alleen genoemd als “wonen boven publieksfuncties. Dat geldt ook voor wonen boven winkels, met een verwijzing naar het staande Programma Wonen. Een toenemend ruimtebeslag voor toeristisch verblijf (B&B’s, appartementen, hotels) kan strijdig zijn met de betaalbaarheid van het wonen, de woonomstandigheden en de sociale samenhang. Waarschijnlijk dreigen in Gouda geen ‘Amsterdamse toestanden’ (gentrificatie), maar het bewonersplatform vraagt de gemeente om de ontwikkelingen goed bij te houden en zo nodig grenzen aan de groei te stellen. Beantwoording De tekst zal worden gewijzigd naar “wonen boven winkels en andere publieksfuncties”. Tevens zal de verwijzing gemaakt naar de subsidieregeling “Wonen boven winkels”.

De zorg voor de leefbaarheid bij een toenemend gebruik voor B&B’s wordt begrepen. De gemeente heeft een “Parapubestemmingsplan wonen” ter inzage, dat voor de gemeente de mogelijkheid biedt om meer grip te krijgen op de opdeling van woonruimtes in kamers en de verhuur voor Bed en Breakfast. Naar verwachting wordt dit plan in het voorjaar van 2022 vastgesteld. Zuidelijke binnenstad en water Onder de noemer “historische grachten” (wat is hier de opgave?) wordt gestreefd naar het verlevendigen van het zuidelijk deel van de binnenstad. Gevraagd wordt om deze doelstelling uit te werken in een Programma voor Commerciële en Culturele Voorzieningen buiten het centrale winkelgebied. Daarbij past bijvoorbeeld een “belevingscentrum water”. Beantwoording De tekst onder de noemer “historische grachten” kan duidelijker. Zie hiervoor de beantwoording van de zienswijze van de Wateralliantie. Op dit moment worden nog geen beslissingen genomen over programma’s ter uitvoering van de Omgevingsvisie. De winkelvisie gaat juist uit van concentratie van commerciële en culturele voorzieningen. Het risico bij teveel spreiding is dat er weinig massa overblijft voor een levensvatbaar kernwinkelgebied. Ondergrondse werken Een toename van ondergrondse werken vormt vooral een bedreiging van oude bomen, die belangrijk zijn voor o.a. het tegengaan van hittestress.

Opgave van de aangekondigde pilot ‘planvorming ondergrond’ kan o.a. zijn de innovatie van graaftechnieken. Ook is innovatie nodig in techniek van verharding die water-regulerend zijn: regenbuien eerst afvoeren naar groen en ondergrondse berging en pas daarna naar riolering. Het platform ziet geen spanning tussen vergroening en cultuurhistorie. Bomen langs grachten en klimplanten aan kerken zijn er al eeuwen. Beantwoording De zorg voor oude bomen wordt begrepen. De gemeente zal bezien of in de pilot planvorming ondergrond ook alternatieve graaftechnieken een plek kunnen krijgen. Inderdaad is innovatie nodig om een meer

pagina 11

klimaatbestendige openbare ruimte te krijgen. De gemeente werkt hier al aan en dat zal in de komende jaren worden voortgezet. Kwaliteit leefomgeving en groen Het platform verzoekt om een “Programma vergroening” teneinde problemen als hittestress en wateroverlast bij hevige buien in de binnenstad te voorkomen. Beantwoording Overal in de stad en dus ook in de binnenstad wordt gezocht naar manieren om hittestress en wateroverlast bij hevige buien te voorkomen. Dat is inmiddels routine bij elk regulier project in de openbare ruimte. Beslissingen over programma’s zijn nu nog niet aan de orde.

9 Zienswijze Breevast Breevast is eigenaar van het “Goudse Poort-gebouw”. De afgelopen tijd was er een constructief gesprek met de gemeente over mogelijke toekomstige ontwikkelingen. Die insteek ziet Breevast niet terug komen in de omgevingsvisie. De in de omgevingsvisie omschreven mogelijkheden beoordeelt Breevast als een 'stap terug', ook ten opzichte van de onderstaande documenten: 1. De ontwikkelstrategie Goudse Poort uit 2017 (traject met Provincie, Gemeente, eigenaren en gebruikers van het huidige bedrijventerrein). Deze strategie bood een duidelijke mogelijkheid voor een multifunctionele invulling van het Goudse Poort-gebouw die Breevast in zijn geheel niet meer terug leest. 2. De marketingstrategie van bureau Buhrs, met het nieuwe verhaal en de kernpropositie. Eigenaren en gebruikers van de Goudse Poort willen dat het hele gebied — als zich kansen voordoen — kan transformeren naar een modernere gemengde woon-werk locatie. Om de veroudering tegen te gaan, dienen nieuwe wegen niet te worden uitgesloten. Deze marketingstrategie is bekend bij het college. Desgewenst kan Breevast die nog nazenden. Momenteel onderzoekt Breevast twee mogelijkheden: een gemengd programma met werken en wonen, met de nadruk op spoedzoekers en een invulling voor de langere termijn, waarbij woningbouw onder voorwaarden een meer definitieve plek zou kunnen krijgen.

Bureau Stedelijke planning heeft Breevast daarbij ondersteund (bijlage toegevoegd aan de zienswijze). Ook is bekend dat het COA interesse heeft in het Goudse Poort gebouw. Dat sluit in beginsel goed aan op het korte termijn-initiatief van Breevast. Verder verwijst Breevast naar een recent gestart traject voor de komende 1,5 jaar, samen met de provincie en de gemeente. Breevast vraagt hoe zich dit verhoudt tot de Omgevingsvisie. De aanduiding “hedendaags woon- en werkgebied” voor Goudse Poort is hoopgevend, maar helaas wordt aan het westelijk deel van het bedrijventerrein de aanduiding “kantorenlocatie” gegeven. Daarvoor bestaat geen marktruimte. De onderbouwing voor deze aanduiding ontbreekt. Ten aanzien van de werkgelegenheid wordt in hoofdstuk 13 van het achtergronddocument bij de planMER vermeld dat de autonome situatie zich in 2030 gaat ontwikkelen tot een situatie waarin wordt voldaan aan de kwalitatieve en kwantitatieve vraag naar werklocaties. Dat is onvoldoende onderbouwd, ook in de bedrijventerreinenstrategie. De STEC groep concludeerde in 2020 dat voor groei en nieuwvestiging van bepaalde Goudse bedrijven ook buiten de gemeentegrenzen zou moeten worden gekeken. Breevast voert een pleidooi voor een mix van functies op Goudse Poort, waar ook wonen onderdeel van is. Voordeel van Goudse Poort is ook dat sporvoorzieningen en OV op acceptabele afstand aanwezig zijn.

Samengevat vraagt Breevast voor de locatie van het Goudse Poort-gebouw en diens directe omgeving: De ontwikkeling niet op slot zetten zoals de afgelopen ruim 10 jaar het geval was (zonder resultaat).

pagina 12

-

De recente actualiteiten mee te blijven nemen. Bij die initiatieven waren eigenaren en gebruikers betrokken. Dat zijn de partijen die de situatie ter plaatse dienen te gaan verbeteren, met steun van de gemeente.

-

Ruimte te houden voor realisatie van het door Breevast opgestarte initiatief voor de kortere termijn én voor de uitkomsten van het net gestarte proces om de ontwikkeling van de Goudse Poort verder te concretiseren. Hier ligt een raakvlak met het initiatief voor de wat langere termijn.

-

Geen — richtinggevend — beleid vast te stellen over de mogelijke programmering, kwantitatief én kwalitatief, zonder duidelijke onderbouwing van die marktvraag, wenselijkheid en haalbaarheid op genoemde locaties.

-

Voor toekomstige werkgelegenheid (in de breedste zin van het woord, zie toelichting eerder) te focussen op werkgelegenheid die te mengen is met wonen.

Beantwoording De Omgevingsvisie neemt geen afstand van de Ontwikkelstrategie Goudse Poort. De Ontwikkelstrategie wordt ook genoemd in paragraaf 5.5. In de Ontwikkelstrategie Goudse Poort (p.41) en ook in de bedrijventerreinenvisie (p.43) zijn expliciete teksten opgenomen over het Goudse Poort-gebouw en de directe omgeving, die ruimte bieden voor gesprek over een diverse invulling. De gemeente kijkt graag integraal naar de herontwikkelingsmogelijkheden voor Goudse Poort en het Goudse Poort gebouw. De gemeente hoopt dit met de nieuwe projectleider ‘Beter Benutten Goudse Poort’ ook in samenwerking met eigenaren en gebruikers teweeg te brengen. Het gaat dan ook echt om het maken van afspraken en het zetten van stappen, niet om het opleveren van een nieuwe visie. In het kader van dit project blijft de gemeente graag in gesprek met Breevast en andere partijen. De marketingstrategie van Bureau Buhrs is opgesteld in opdracht van de EVGP/BVGP en is ter kennisname gedeeld met de gemeente. Ook het rapport van BSP is ter kennisname gedeeld met de gemeente. De Foto van de Leefomgeving (achtergronddocument bij het PlanMER) bevat een beschrijving van de huidige situatie en de autonome ontwikkeling als het gaat om de beschikbaarheid van bedrijventerrein.

Het rapport van Stec wordt hierin ook genoemd met de conclusie dat voor nieuwvestiging en uitbreiding mogelijk buiten de gemeentegrenzen zal moeten worden gekeken. In de bedrijventerreinenvisie (uitgangspunt bij de beschrijving van de autonome ontwikkeling) wordt echter uitgegaan van benutten van braakliggende kavels en herontwikkeling/ transformatie van bestaande bedrijventerreinen en meerlaags ontwikkelen. Dan is de conclusie dat de uitbreidingsvraag past bij de beschikbare ruimte. Dit is voldoende onderbouwd. Wel wordt de kanttekening gemaakt dat om op het gezonde niveau van frictieleegstand te komen een extra behoefte van 2 hectare nodig is. Voor eventueel wonen op Goudse Poort geldt het afwegingskader Functieverandering uit de Omgevingsvisie (paragraaf 7.1.1).

10 Zienswijze Cumela Cumela Nederland is de brancheorganisatie van de ondernemers die met mensen en materieel als specialisten in de groen-, grond- en infrasector werken. Namens enkele leden die in Gouda zijn gevestigd wordt deze zienswijze kenbaar gemaakt. Cumela vraagt om mogelijkheden te creëren om de bestaande bedrijfslocaties te kunnen ontwikkelen alsook te kunnen uitbreiden, alsmede nieuwvestiging in het buitengebied mogelijk te maken om uitvoering te kunnen geven aan de in de omgevingsvisie vermelde ambities. Verzocht wordt om samen met Cumela als belangrijke sector in het buitengebied te kijken naar reële mogelijkheden om het buitengebied / grondgebied van de gemeente Gouda veiliger, mooier en beter te maken. Het verzoek is derhalve om met inachtneming van onderhavige zienswijze deze belangen en gevolgen te heroverwegen.

pagina 13

Beantwoording Uit de zienswijze wordt niet duidelijk namens welke bedrijven deze zienswijze wordt kenbaar gemaakt en waar deze bedrijven gevestigd zijn. Als er concrete vragen zijn over ontwikkel- en uitbreidingsruimte van in Gouda gevestigde bedrijven kunnen die uiteraard gesteld worden. Dan kan worden bezien of hieraan medewerking kan worden verleend, eventueel bij het opstellen van het omgevingsplan in de komende jaren. De gemeente Gouda heeft overigens geen buitengebied.

11 Zienswijze Dunea Dunea verzoekt om het belang van het bestaande vitale leidingtracé (de BAL-1 leiding) een plek te geven in het gedeelte van de Omgevingsvisie dat gaat over de ruimtelijke uitdagingen. Het belang van bestaande vitale ondergrondse infrastructuur verdient vroeg in beeld te zijn en te worden meegenomen in planvorming. De gemeente heeft net als de Provincie een zorgplicht met betrekking tot drinkwatervoorziening. Beantwoording De BAL-1 leiding loopt in Gouda door Westergouwe. Deze leiding speelt in de planontwikkeling van een belangrijke rol. In de daar geldende bestemmingsplannen en de lopende planontwikkeling is het belang van deze leiding goed verankerd. Het is voor het beschermen van het belang van de drinkwaterleiding niet nodig om deze expliciet in de Omgevingsvisie te benoemen.

12 Zienswijze Fietsersbond De Fietsersbond wil dat de Omgevingsvisie de uniciteit van Gouda als volledige befietsbare stad meer benadrukt. En stelt voor om, als uitwerking van het STOMP-principe, een algemeen criterium toe te voegen voor verplaatsingen tussen de wijken en sport/recreatiegebieden: het gebruik van de fiets moet aantrekkelijker worden dan het gebruik van de auto voor dezelfde verplaatsing. Hierbij gaat het met name om het ontwikkelen en aantrekkelijk maken van fietsroutes in de verplaatsingscorridors GoverwellePlaswijk/Bloemendaal-Goudse Poort v.v. en Goverwelle-Binnenstad-Westergouwe v.v. zoals aangegeven in onderstaande tekening (bron: VCP Denktank). Beantwoording In algemene zin is de inzet om het gebruik van de fiets aantrekkelijker te laten zijn dan de auto voor dezelfde afstand. Dit wordt onderschreven in het VCP. Over hoe dit tot stand wordt gebracht is een kwestie van uitwerking. De tekening in de zienswijze is bekend, omdat deze is ingebracht in het VCP traject. Veel onderdelen hiervan hebben een plek gekregen in het VCP, maar niet allemaal (tweerichtingsfietspad Van Reenensingel, gebruik en positie Rotterdamseweg). Dit vanwege de belangenafweging tussen verschillende beleidsvelden en stakeholders. De omgevingsvisie is gebaseerd op het VCP, dus het ligt niet voor de hand om deze visie op onderdelen afwijkend te laten zijn van het VCP.

In de tekening van Westergouwe staat een prominente pijl voor “sterke verbinding tussen wijkcentrum en HOV knoop” en een miniem pijltje voor de fietsverbinding naar het hoofdstation en de Binnenstad die gaat lopen via de nieuwe Gouwekruising (Ambitieroute). De Fiestersbond wijst er op dat voor veel fietsende OVreizigers de route naar ruime intercityaansluitingen op het hoofdstation belangrijker is dan naar beperkte sprinteraansluitingen op Gouweknoop (zoals de HOV-knoop heet in het Mobiliteitsplan). De Fietsersbond zou dan ook graag zien dat dit op de tekening duidelijker zichtbaar wordt, bijvoorbeeld door het minieme pijltje even prominent te maken als vertakking richting nieuwe Gouwekruising, hoofdstation en Binnenstad. Beantwoording Dit is een goed voorstel. De betreffende verbinding wordt erg belangrijk. De tekening wordt aangepast.

pagina 14

Tot slot vraagt de Fietsersbond aandacht voor voetgangersvoorzieningen rond Westergouwe. In de huidige ontsluiting zijn er geen trottoirs of voetpaden tussen Westergouwe en de Julianasluizen. Voetgangers - al dan niet met kinderwagens, buggy’s, rolstoelen of zelfstandig met scootmobiels - moeten gebruik maken van de fietspaden. Maar omdat Westergouwe groeit en er zowel absoluut als relatief meer zal worden gefietst met ook snellere en grotere fietsen (zoals voor zero-emissie bezorgsysteem vanaf 2025) wordt die beperkte ruimte alras te krap en gevaarlijk. Het scheppen van adequate voetgangersruimte voor haar inwoners is een verantwoordelijkheid van de gemeente want de provincie legt geen voetgangersvoorzieningen aan. Een en ander geldt ook voor de verbindingen met de Oostpolder als uitloopgebied voor Westergouwe, die worden momenteel gepland zonder trottoirs of extra maatvoering. Beantwoording De gemeente ondersteunt dit pleidooi. De mogelijkheden voor versterking van voetgangersvoorzieningen zullen worden onderzocht. In de overleggen met de provincie bepleit de gemeente in ieder geval de aanleg van voetgangersvoorzieningen.

13 Zienswijze Gouda sterk aan de IJssel Vaarverbindingen, en de wenselijkheid van behoud en uitbreiding daarvan, worden in de concept Omgevingsvisie niet benoemd. De woorden ‘waterrecreatie’ en ‘doorvaarbaarheid’ worden in de visie, in de tekst van deelgebied Binnenstad, éénmaal gebruikt gekoppeld aan een onzekere uitvoerbaarheid in relatie tot de bereikbaarheid van de zuidelijke binnenstad en verdwenen grachten. Het woord ‘varen' of ‘vaarverbinding’ komt in de visie geheel niet voor. Gouda sterk aan de IJssel vraagt om dit te verbeteren. Gezien eerder uitgesproken en vastgestelde ambities is de onzekere verwoording in de concept omgevingsvisie van de doorvaarbaarheid van de binnenstad en het ontbreken van het benoemen van de zuidelijke invaart bij het Tolhuis niet terecht. Gouda sterk aan de IJssel vraagt om deze duidelijke lijn door te zetten in de tekst van de omgevingsvisie in de tekst van deelgebied Binnenstad en Krimpenerwaard en IJsselfront. De mogelijkheid tot het terugbrengen van ‘Verdwenen grachten’ is in het project Gouda Hollandse Waterstad’ (2006 – 2009) beperkt tot daar waar de ondergrondse infrastructuur dat toestaat. De mogelijkheid is open gelaten voor de Intieme Vaarroute en de vaarverbinding over het Nonnenwater en Verlorenkost. De Verdwenen grachten als Nieuwehaven, Raam, Achter de Vismarkt en Naaierstraat, maken daar geen onderdeel van uit.

Deze laatsten worden toch vermeld op het kaartmateriaal van deelgebied binnenstad. Dit is onjuist en leidt daarmee af van de essentie. De verdwenen gracht in Achter de Waag ontbreekt juist op de kaart. De Wateralliantie vraagt om alleen tot de ‘haalbare’ vaarverbindingen te benoemen en daarbij te refereren aan de eerdere haalbaarheidsstudie van het project Gouda Hollandse Waterstad. Verder wordt gevraagd om het varen en het behoud en uitbreiding van vaarverbindingen te benoemen in de tekst van Gezonde groen-blauwe stad. Deelgebied Westergouwe verdient daarbij extra aandacht door naast het toevoegen van de vaarmogelijkheden binnen de wijk een vaarverbinding met de Ringvaart en het Vijfde Dorp toe te voegen. Beantwoording In de paragrafen 7.1.3 (toerisme) en 7.6.1 wordt het vergroten van doorvaarbaarheid van de stad als doelstelling genoemd. De gemeente wil daar niks aan af doen, maar ook geen verwachtingen wekken die niet kunnen worden waargemaakt. Wat betreft de opening van de havensluis is in het coalitieakkoord een duidelijk uitgangspunt opgenomen, namelijk dat substantiële private financiering en een gevalideerde businesscase noodzakelijk zijn als eerste stappen om het gesprek over het openen van de havensluis aan te gaan. De opmerking over het opnemen van de “haalbare” vaarverbindingen op het kaartbeeld van de Binnenstad is terecht.

Het kaartmateriaal zal op dat punt worden gecorrigeerd. Ook wordt de suggestie overgenomen om in de tekst van Gezonde groen-blauwe stad het varen en het behoud en uitbreiding van vaarverbindingen in de binnenstad en daarbuiten te benoemen, zoals de vaarverbinding met Reeuwijk en

pagina 15

het rondje Rijn-IJssel. Wel geldt daarbij de kanttekening dat dit zowel praktisch als financieel haalbaar moet zijn binnen de beschikbare budgetten voor aanleg en onderhoud van bruggen. In het geactualiseerde masterplan voor Westergouwe wordt een waterverbinding mogelijk gemaakt tussen het westelijk deel van Westergouwe en de Vijfde Tocht. In de komende tijd wordt door de gemeente Zuidplas en de provincie onderzocht of het mogelijk is om een vaarverbinding tussen de Vijfde Tocht en het Vijfde Dorp te realiseren. Als dat haalbaar blijkt is het goed om te bezien of ook een verbinding tussen Vijfde Tocht en Ringvaart mogelijk is, maar de kosten hiervoor zijn vermoedelijk hoog omdat een sluis moet worden aangelegd. Budget daarvoor is op dit moment bij gemeente en Hoogheemraadschap niet beschikbaar.

14 Zienswijze Green Real Estate Green Real Estate is via haar (dochter)vennootschappen eigenaar van verschillende posities binnen het gebied Goudse Poort in Gouda waaronder het winkelgebied Go Stores, het winkelcluster aan de Kampenringweg en de “Engelvaartlocatie”. Door bij Goudse Poort uit te gaan van de opdeling uit de Ontwikkelstrategie Goudse Poort is de ontwerpomgevingsvisie niet actueel. Ook voldoet deze niet aan actuele toezeggingen en recent vastgesteld beleid door de gemeente, zoals de bedrijventerreinenvisie. Green Real Estate mist de expliciete mogelijkheid voor de vestiging van winkels die aansluiten en passen bij een “gemengd stedelijk gebied”, zoals Goudse Poort in de omgevingsvisie wordt getypeerd. Verder is het bestaande winkelcluster aan de Kampenringweg in de ontwerp-omgevingsvisie, gebaseerd op de ontwikkelstrategie uit 2017, aangemerkt als locatie met “focus op kantoren”. Green Real Estate meent echter dat, mede gezien de huidige functie, deze locatie ook aansluit op het bestaande winkelgebied Go Stores. Dit cluster kan dan ook de noodzakelijke ruimte bieden voor de gewenste verplaatsing van winkels van elders uit Gouda. Het Kampenringweg-blok leent zich door de meer “solitaire” ligging ook goed voor andere functies die passen bij gemengd stedelijk gebied.

Het verzoek is dan ook om de ontwerp-omgevingsvisie aan te passen door allereerst expliciet te benoemen dat bij gemengd stedelijk gebied ook daarbij passende detailhandel mogelijk moet zijn. Verder verzoekt Green Real Estate een minder scherpe opdeling in de verschillende functies, ontleend aan de ontwikkelstrategie uit 2017, te hanteren en aan te sluiten bij de bedrijventerreinenvisie. Het voornemen is om een integrale gebiedsvisie vast te stellen voor de Goudse Poort. In dat verband heeft Green Real Estate aan Bureau Stedelijke Planning gevraagd een visie op te stellen waarin actuele ontwikkelingen in de markt zijn betrokken. Het rapport van BSP is bij de zienswijze gevoegd. In dit rapport wordt aangegeven dat in de markt een verschuiving zichtbaar is waarbij monofunctionele gebieden/bedrijventerreinen verkleuren naar dynamische gemengde gebieden met een goede bereikbaarheid en een hoog voorzieningenniveau. Green Real Estate meent dat dit rapport als basis kan dienen om een integrale gebiedsvisie Goudse Poort op te stellen en met marktpartijen en de gemeente dit verder op te pakken. Een paar onderliggende trends die ook voor Gouda gelden zijn: de woningbehoefte, het tekort aan betaalbare woningen met name voor jongeren en alleenstaanden, en de verkleuring van PDV-winkels naar doelgerichte winkels.

Gelet op het voorgaande verzoekt Green Real Estate om de ontwerp-omgevingsvisie gewijzigd vast te stellen. Daarnaast wenst Green Real Estate graag het gesprek tussen de gemeente en eigenaren van gronden binnen de Goudse Poort verder voort te zetten. Het doel van dit gesprek is om te komen tot een integrale gebiedsvisie voor de Goudse Poort die aansluit bij de huidige marktontwikkelingen en actuele ontwikkelingen binnen het gebied. Beantwoording De Ontwikkelstrategie Goudse Poort is voor de gemeente niet achterhaald. Zowel de Bedrijventerreinenvisie, de Winkelvisie als de Omgevingsvisie borduren hierop voort. In paragraaf 7.6.2 van de Omgevingsvisie wordt over de Spoorzone & Goudse Poort gesproken als een “gemengd woon-

pagina 16

werkgebied”, maar uit het daar onder geplaatste kaartbeeld blijkt dat het bij het wonen gaat over het deel van Goudse Poort tussen Burgemeester Jamessingel en Burgemeester van Reenensingel “(go-living” in de Ontwikkelstrategie Goudse Poort). De Omgevingsvisie (paragraaf 7.1.1) geeft een afwegingskader voor functieverandering waar functieverandering onder strikte voorwaarden wordt mogelijk gemaakt. Iets soortgelijks staat in de bedrijventerreinenvisie (p.12), namelijk “Transformatie naar gemengde woonwerkgebieden ten westen van de Goudse Poortweg is alleen onder strikte voorwaarden mogelijk”. Gezien bovenstaande teksten is de opdeling in functieprofielen ook niet zo scherp als de Ontwikkelstrategie Goudse Poort en de Omgevingsvisie misschien suggereren. Voor wat betreft het blok “Kampenringweg” inclusief het Goudse Poortgebouw is goed denkbaar dat hier een uitbreiding van grootschalige detailhandel plaatsvindt, aansluitend op de “Go Stores”. Dat blijkt ook uit de “Kansenskaart detailhandel” op p.44 van de Ontwikkelstrategie Goudse Poort. Het gemeentebestuur is zeker bereid om aan een goed plan voor hervestiging van detailhandel uit Kromme Gouwe Oost mee te werken. Op de kaart in paragraaf 7.6.2 zal op het gebied rond de Kampenringweg een extra aanduiding “kansen voor grootschalige detailhandel” worden opgenomen.

De gemeente heeft geen behoefte aan een nieuwe visie op Goudse Poort, maar gaat graag de samenwerking met eigenaren en gebruikers aan over het maken van afspraken over herontwikkelingen en het toevoegen van nieuwe functies.

15 Zienswijze H2-E Waste Logistics H2-E Waste Logistics heeft een vooronderzoek uitgevoerd naar de haalbaarheid om de vloot van publieke afvalinzamelvoertuigen als vliegwiel te gebruiken voor introductie van waterstof in de zware logistiek. Dit haalbaarheidsonderzoek is in december 2020 afgerond en gerapporteerd aan direct betrokken partijen. Gezien de recente ontwikkelingen rond CO2-reductie, de politieke situatie in Gouda en de activiteiten rond emissie vrije logistiek binnen de NVRD stuurt H2-E nogmaals een samenvatting van het initiatief waar Gouda/Cyclus zich nog steeds bij zouden kunnen aansluiten. Het initiatief is eerder gedeeld met wethouder Niezen en de directie van Cyclus. Het idee van een planmatige, structurele en langdurige, collectieve aanpak van de vervanging van de publieke afvalinzamelvoertuigen door waterstof aangedreven varianten realistisch en kansrijk is. Bij uitvoering van het initiatief zouden er bovendien positieve business cases ontstaan voor ca. 30 private waterstof tankstations. Hierdoor creëert dit initiatief koppelkansen voor andere lokale waterstof initiatieven en is daarmee het beoogde vliegwiel. Voor de ontwikkeling van de waterstofeconomie is het wachten op een flinke extra duw die het vliegwiel in werking kan zetten, de kip-ei impasse kan doorbreken en een meer “level playing field” ten opzichte van batterijtechnologie kan realiseren.

Uit de kostenscenario’s volgt dat de businesscase voor het scenario met laag tot gemiddeld ingeschatte kosten, binnen 10 jaar positief kan worden. Er kan geconcludeerd worden dat enkele leveranciers op korte termijn al voldoende capaciteit hebben om aan de groeiende vraag te voldoen waarbij: -kleinere leveranciers een reële kans moeten krijgen om met de vraag mee te groeien; -grote OEM bezig zijn met alliantievorming en mogelijk pas later zelf belangstelling zullen tonen; -de geringe ervaring bij aftersales een zorgpunt is wat zich vertaalt in hoge inschattingen van onderhoudskosten; -H2 leveranciers slechts gestimuleerd hoeven worden met structurele voorspelbare lokale vraag naar waterstof en geholpen moeten worden bij vergunningen. Beantwoording De gemeenteraad heeft al besloten dat de binnenstad van Gouda emissievrij moet worden. In dat kader voert de gemeente overleg met Cyclus over de wijze waarop dit het beste kan. Waterstof is daarbij één van de mogelijkheden. De gemeente zal het initiatief van H2-E nog een keer onder de aandacht brengen van Cyclus.

pagina 17

16 Zienswijze KNNV Systematische opmerkingen bij “gezonde en groene stad” Soorten beleidsstukken en plannen De omgevingsvisie verwijst vaak naar beleidsstukken en soms naar programma’s. Daarbij wordt onvoldoende onderscheiden naar soort van stukken. Men kan interpreteren dat de “Structuurvisie Groen” van Gouda een brede beleidsvisie over groen is, waaronder biodiversiteit. Maar deze beleidsnota (met regelgeving) beperkt zich tot het bouwen (projectontwikkeling) en de financiering van ‘vergroening’. Beantwoording Het klopt dat de Structuurvisie Groen primair gaat over eisen bij bouwontwikkelingen en areaal groen, maar weinig zegt over biodiversiteit. Bevorderen van biodiversiteit is wel een doelstelling van het gemeentelijk groenbeleid en het beheer van openbaar groen. Voorstel beleidsvisies De KNNV stelt voor een brede Groenvisie op te stellen met meetbare doelstellingen over thema’s biodiversiteit, openbaar groen, ecologisch beheer, beschermde gebieden, duurzaam bouwen en bomen. Ook is het voorstel om een Watervisie op te stellen over veiligheid, berging, peilbeheer, chemische kwaliteit en ruimtelijke kwaliteit. Beantwoording De genoemde thema’s hebben allemaal de aandacht van de gemeente.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=7df14158-64b7-4b70-b520-b8ea431edb82