CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2023

Raadsvergadering 3 juli 2024, gemeente GoudaBij agendapunt: Besluit: Jaarstukken 2023 (Hamerstuk)49.796 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

2023

2022

Beschikbaar weerstandsvermogen

37.994

61.207

Benodigd weerstandsvermogen

18.262

20.538

2,1

3,0

Weerstandsratio Waardering

Ratio

Betekenis

A

>2,0

Uitstekend

B

1,4-2,0

Ruim voldoende

C

1,0-1,4

Voldoende

D

0,8-1,0

Matig

E

0,6-0,8

Onvoldoende

F

<0,6

Ruim onvoldoende

Jaarstukken 2023

75

Het beschikbaar weerstandsvermogen moet minimaal gelijk zijn aan het benodigd weerstandsvermogen om voldoende weerstand te kunnen bieden als de risico’s zich daadwerkelijk voordoen.

4.2.3 Kengetallen Het opnemen van financiële kengetallen in de begroting en de jaarstukken past in het streven naar meer transparantie. Ook geven de kengetallen meer inzicht in de ontwikkeling van de financiële positie en de baten en lasten van de gemeente. Het biedt de mogelijkheid om normen te stellen, net als bij de beoordeling van het weerstandsvermogen gebeurt. We relateren de normering zoveel mogelijk aan normen die door de VNG zijn voorgesteld. In het BBV is bepaald dat gemeenten vijf financiële kengetallen moeten opnemen in de begroting en de jaarstukken. Rekening 2022

Begroting 2023

Rekening 2023

GTK-richtlijn

Netto schuldquote

Kengetallen

71,4%

84,1%

68,8%

< 90% = minst risicovol

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

71,7%

83,8%

68,4%

< 90% = minst risicovol

Solvabiliteitsratio

24,8%

21,6%

25,2%

< 20% = meest risicovol

Grondexploitatie

2,7%

2,0%

8,0%

< 20% = minst risicovol

Structurele exploitatieruimte

7,0%

-1,1%

0,6%

> 0,0% = minst risicovol

Belastingcapaciteit

119,1%

126,8%

117,7%

> 105% = meest risicovol

4.2.3.1 Toelichting Netto schuldquote De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen in de begroting. Hoge schulden brengen hoge rentelasten met zich mee. De rentelasten hebben effect op de flexibiliteit van de begroting en mogen niet een te groot deel van de begroting worden. De netto schuldquote wordt berekend door de netto schuld conform BBV te delen door de totale baten (exclusief mutaties reserves). Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote weergegeven zonder en met correctie voor verstrekte leningen. De rentelasten en aflossingen van de schulden die hier tegenover staan, drukken niet op de exploitatie. Een laag percentage is gunstig. Het GTK van de provincie Zuid-Holland adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. De VNG geeft aan dat er bij een schuldquote van 130% sprake is van een hoge schuld. De VNG geeft hierbij wel aan dat de hoogte van de rente van invloed is op de betaalbaarheid van de schuld. Bij een zeer lage rentestand zoals nu zijn de schuldverplichtingen die uit de schuld volgen veel lager. De netto schuldquote is per 31-12-2023 68,8%% (2021: 71,4%%).

De schuldquote in 2023 is daarmee verder gedaald ten opzichte van 2022 en ligt ver onder de norm. De daling wordt vooral verklaard doordat de gerealiseerde baten hogere zijn, ondanks de stijgende schuldenlast. Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen De netto schuldquote wordt zowel in- als exclusief doorgeleende gelden gepresenteerd. Op die manier wordt duidelijk in beeld gebracht wat het aandeel van de door de gemeente verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldpositie. Het kengetal wordt op dezelfde wijze berekend als de netto schuldquote, met dien verstande dat bij de financiële activa ook alle verstrekte leningen worden betrokken. De ontwikkeling van de netto schuldquote, gecorrigeerd voor verstrekte leningen, vertoont een vergelijkbaar beeld als de ontwikkeling van de netto schuldquote. In percentage uitgedrukt, is het aandeel van de verstrekte leningen duidelijk zeer beperkt. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De VNG hanteert als richtlijn een minimum omvang van 20% als norm. Indien er sprake is van een forse schuld én veel eigen vermogen, hoeft een hoge schuld geen probleem te zijn. De solvabiliteitsratio is licht toegenomen ten opzichte van 2022 en bedraagt 25,2%%.

Grondexploitatie Grondexploitaties kunnen een forse impact hebben op de financiële positie van een gemeente. De boekwaarde van de voorraden grond is dan ook van groot belang omdat deze waarde bij de verkoop moet worden terugverdiend. Voor de berekening van dit kengetal wordt de balanswaarde (= boekwaarde grondexploitaties gecorrigeerd met de voorzieningen grondexploitaties) van de bouwgrond in exploitatie (onderhanden werken) gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. Hoe hoger het kengetal hoe hoger het risico voor de exploitatie indien het terugverdienen onverhoopt niet geheel lukt. De VNG adviseert dat maximaal 20% een acceptabele omvang van dit kengetal is. Het percentage per

76

Jaarstukken 2023

31-12-2023 bedraagt 8,0% (2022: 2,7%). Deze ligt daarmee ruim onder deze norm. De stijging is het gevolg van het overboeken van grond in westergouwe van de materiele vaste activa naar de grondexploitatie. Structurele exploitatieruimte De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoeging aan reserves te delen door de totale baten en uit te drukken in een percentage. Een positief percentage betekent dat incidentele lasten deels uit structurele middelen worden gedekt, dat wil zeggen dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken. Een negatief percentage betekent dat structurele lasten deels uit incidentele baten worden gedekt. Het positief percentage van 0,6% laat zien dat de structurele lasten volledig en incidentele lasten deels worden gedekt door structurele baten. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit wordt berekend door de totale woonlasten (bestaande uit de afvalstoffen- en rioolheffing van een meerpersoonshuishouden en de OZB met een gemiddelde WOZ-waarde) te vergelijken met het landelijk gemiddelde en uit te drukken in een percentage. Dit gebeurt op realisatiebasis. Een belastingcapaciteit van 100% betekent dat de woonlasten op het landelijk gemiddelde liggen.

Ondanks de daling ten opzichte van 2022 ligt het percentage van 117,7% (2022: 119,1%) boven deze norm. Dit wordt met name veroorzaakt door het tarief voor de rioolheffing. Zie hiervoor ook de paragraaf lokale heffingen.

4.2.3.2 Conclusie Uit de kengetallen blijkt dat de financiële positie ongeveer gelijk is gebleven. De schuldpositie is de afgelopen jaren sterk verbeterd. Dit blijkt uit de ontwikkeling van de netto schuldquote: In 2014 was de quote nog boven de 130%. De netto schuldquote is in 2023 iets verder gedaald t.o.v. 2022 en ligt ruim onder de norm. Door de afname van de algemene reserve is de beschikbare weerstandscapaciteit gedaald. De weerstandsratio kwalificeert desondanks als ruim voldoende. De structurele exploitatieruimte laat zien dat de structurele lasten (waaronder de lasten die samenhangen met de schuldenlast van de gemeente (rente en aflossing) in 2023 volledig gedekt worden door structurele baten. Het risico van de grondexploitaties is beperkt. Dit blijkt uit het lage percentage grondexploitaties, dat ruim onder de norm ligt. Aandachtspunten blijven de solvabiliteit en belastingcapaciteit. De solvabiliteitsratio is in 2023 weliswaar opnieuw licht verbeterd, maar is vanwege de relatief hoge schulden gevoelig voor terugval. Het kengetal voor de belastingcapaciteit blijft ondanks de daling in 2023 nog hoger dan het landelijk gemiddelde. Dit wordt met name verklaard door de hoge rioolheffing. Het blijft dan ook van belang om deze ratio’s te monitoren en hierop te sturen gedurende het jaar 2024 en verder.

Jaarstukken 2023

77

4.3 Onderhoud kapitaalgoederen 4.3.1 Inleiding Deze paragraaf geeft een dwarsdoorsnede van de jaarrekening. Kapitaalgoederen zijn nodig om de gemeentelijke diensten te kunnen leveren. Voorbeelden zijn wegen, openbare verlichting, civiele kunstwerken als bruggen, kademuren en viaducten, verkeersmaatregelen, watergangen en havens, openbaar groen, speelvoorzieningen, riolering en gemeentelijke gebouwen. In deze paragraaf is per groep kapitaalgoederen aangegeven waarop het onderhoudsbeleid is gebaseerd en wat het onderhoud heeft gekost. Het onderhoudsbeleid is gebaseerd op de volgende door de raad vastgestelde nota's: Nota

Datum vaststelling

Uitvoeringsplan 1e tranche IHP 2020 - 2024

Vastgesteld op 19-02-2020

Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs gemeente Gouda 2020

Vastgesteld op 19-02-2020

Kadernota Vastgoed 2023

Vastgesteld op 13-12-2023

Nota kwaliteitsplan openbare ruimte (KOR)

Vastgesteld op 03-10-2005, actualisatie in 2018 (ter kennisname) aan de raad aangeboden

Nota Lange Termijn Investeringen (LTI)

Vastgesteld op 25-05-2011

Nota beheerplan Groot onderhoud en vervanging Openbare Ruimte 2023-2029

Vastgesteld op 27-09-2023

Klimaatadaptatiestrategie

Vastgesteld op 11-12-2019

Nota Water- en Rioleringsprogramma 2024-2028

Vastgesteld op 13-03-2024

Nota maatschappelijke voorzieningen Westergouwe

Vastgesteld op 26-05-2021

4.3.2 Onderwijsgebouwen Beleid 2023 stond het teken van verdere realisering en onderhoud van toekomstbestendige, kostenefficiënte en duurzame schoolgebouwen. Ten eerste door de uitvoering van het Uitvoeringsplan Onderwijshuisvesting 2020 – 2024 IHP 1e tranche (verder: Uitvoeringsplan). In 2023 zijn de projecten Nieuwbouw Auris Taalplein – De Triangel en Uitbreiding Johannes Calvijnschool in uitvoering gegaan. In 2023 zijn de andere projecten in (vergaande) planvoorbereiding. Een tussentijdse evaluatie over het Uitvoeringsplan is samen met de uitvoeringskaders voor de volgende fase (IHP 2e tranche) voorbereid en ter besluitvorming in de raad aangeboden. Het doel van deze tussentijdse evaluatie is om inzicht te geven in de inhoud, proces en de financiën van dit uitvoeringsplan tot nu toe (‘lessons learned’), inclusief aanbevelingen voor het Uitvoeringsplan IHP 2e tranche. Naast de uitvoeringsprojecten zijn in 2023 het vernieuwde schoolgebouw van De Goudse Waarden (DGW) aan de Heemskerkstraat opgeleverd en is het Kindcentrum (KC) De Ontdekkingsreizigers in vergaande planvorming. Ten tweede is in 2023 gestart met de planvoorbereiding van het Uitvoeringsplan 2e tranche IHP. In 2024 wordt het plan met onderliggende financiën aan de Raad ter besluitvorming aangeboden. Ten derde is er gewerkt aan concrete projecten en beleidsterreinen.

Zo is de zoektocht naar een alternatieve huisvesting voor de Internationale Schakelklas (ISK) afgerond en de voorbereiding getroffen om een bestaand schoolgebouw daarvoor geschikt te maken. Besluitvorming vindt plaats in het voorjaar 2024. Daarnaast is er een raadsvoorstel voorbereid om een subsidieregeling voor vergroening van schoolpleinen (na studie in andere gemeenten), welke in het voorjaar 2024 zal zijn uitgewerkt. Dagelijks onderhoud De gemeente is verantwoordelijk voor het onderhouden van de zes bruikleenscholen waarvoor gemeente verantwoordelijk is. Gebruik vindt plaats op basis van medegebruiksovereenkomsten. In 2023 is er een bruikleenschool bijgekomen, namelijk de Calslaan 100 (voormalig DGW), waar tijdelijk onderdak wordt geboden voor het ISK. Dit gebouw zal in de toekomst worden gebruikt voor tijdelijke huisvesting in het kader van het Uitvoeringsplan. Een ander pand, de Burgemeester Martenssingel 15, is in 2023 vrijgevallen door aflopende huurcontracten, zodat deze in de toekomst opnieuw als onderwijsgebouw in gebruik genomen kan worden. In 2023 zijn aan het dagelijkse onderhoud de volgende middelen besteed: Omschrijving (bedragen * € 1.000)

Onderwijshuisvesting

78

Jaarstukken 2023

Begroting 2023 (basis) 3.322

Begroting 2023 (na wijzigingen) 3.996

Realisatie 2023

Verschil

4.188

-192

4.3.3 Gemeentelijke gebouwen en gronden Beleid Het Meerjarig OnderhoudsPlan (MOP) 2019-2058 is opgesteld op basis van de onderhoudsbehoefte per object. Daarbij hebben er in de loop van de jaren diverse aanpassingen op de uitvoering van de MJOP’s plaatsgevonden. Deze zijn met name gedaan op basis van de jaarplannen die per pand worden vastgesteld. Het uit te voeren onderhoud wordt per jaar binnen het beschikbare budget geprioriteerd op basis van de conditie van een pand en de daarmee samenhangende risico’s. Hierbij worden werkzaamheden uitgevoerd, maar ook gecombineerd, vooruit gehaald, uitgesteld en/of aangepast . Hiermee wordt een doelmatige en efficiënte wijze van onderhoud gewaarborgd. Door deze aanpassingen in de uitvoering van de MJOP’s geen directe rekenkundige aansluiting meer tussen de oorspronkelijke MJOP’s en de daarop gebaseerde voorzieningen en de werkelijke hoogte van de voorziening. De accountant vindt deze aansluiting een voorwaarde voor het aanhouden van de voorziening. Omdat de aansluiting niet 100% aanwezig is, zijn de onderhoudsvoorzieningen op aanwijzing van de accountant vrijgevallen in de jaarrekening 2022. De saldi van de voorzieningen zijn gestort in een bestemmingsreserve groot onderhoud, teneinde de lopende onderhoudsverplichtingen te kunnen dekken In 2024 vindt een nieuwe inventarisatie en inspectie plaats.

Na inspectie, actualisatie en analyse van de uitkomsten wordt aan het college een nieuwe MJOP voorgelegd dat gebaseerd is op de gemiddelde behoefte in de jaren 2024-2063. Wanneer het nodig blijkt om de begroting aan te passen als gevolg van het nieuwe MOP wordt de raad om besluitvorming gevraagd. In het kader van de verbetering van de financiële functie zal ook een werkwijze worden geïmplementeerd om ook de jaren tussen 2 actualisaties de rekenkundige aansluiting te bewaken tussen de geactualiseerde MJOP’s en de hoogte van de voorziening. Financiële middelen Planmatig / groot onderhoud De kosten voor het planmatig en het groot onderhoud in 2023 worden gedekt met een onttrekking uit de Reserve Groot onderhoud. Het verloop van deze reserve was in 2023 als volgt: Omschrijving (bedragen * € 1.000)

Begroting 2023 Begroting 2023 Realisatie 2023 (basis) (na wijzigingen)

Verschil

Stand 1 januari

0

0

0

Toevoegingen

0

4.256

4.256

0 0

Onttrekkingen

0

1.841

1.531

310

Stand 31 december

0

2.415

2.725

-310

Oorzaak van de afwijking in de onttrekkingen (naast de vrijval van de voorziening die hierboven is toegelicht): het MJOP wordt vastgesteld op basis van conditiemeting van gebouwen die vastgesteld wordt bij aanvang van de 5-jaarsperiode (2019-2023). Elk jaar wordt een bestedingsplan vastgesteld waarbij gekeken wordt of de werkzaamheden daadwerkelijk uitgevoerd moeten worden, kunnen worden uitgesteld of naar voren worden gehaald. Werkzaamheden kunnen dan integraal in een periode worden uitgevoerd zodat de gebruikers zo min mogelijk last hebben van de werkzaamheden. Daarnaast kan vanwege kostenbesparing besloten worden om werkzaamheden te clusteren waarbij er geschoven kan wordt binnen het MOP. Voorbeelden van onderhoud dat in 2023 is uitgevoerd: • Werkzaamheden elektra Schouwburg • Vernieuwen LBK Schouwburg • Schilderwerk museum • Herstel stelling en schilderwerk molen ’t Slot • Aanpassen klimaatinstallatie Garenspinnerij • Herstel stelling molen de Roode Leeuw • Balustrade aanpassen Westhaven • Aanvang vervangen luchtbehandeling Chocoladefabriek • Maai en slootwerk Oostpolder • Voorbereiding inspectie ten behoeve van nieuwe MJOP • Vervangen staalkabels en diverse werkzaamheden liften Huis vd Stad • Schilderwerk diverse locaties Dagelijks onderhoud Voor dagelijks onderhoud aan de gemeentelijke gebouwen en gronden zijn de volgende middelen besteed: Omschrijving (bedragen * € 1.000)

Beheer overige gebouwen en gronden

Begroting 2023 (basis) 1.211

Begroting 2023 (na wijzigingen) 1.381

Realisatie 2023

Verschil

2.832

-1.451

Jaarstukken 2023

79

4.3.4 Openbare ruimte (wegen en kunstwerken, water en groen) Beleid Het groot onderhoud komt ten laste van de voorziening "Groot Onderhoud Openbare Ruimte". Vanuit de exploitatie vinden dotaties plaats aan deze voorziening. Met ingang van 2017 is de nieuwe wetgeving Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) van kracht. Vanaf dat jaar is er de verplichting om investeringen met maatschappelijk nut te activeren (op investeringsbudgetten te verantwoorden en in meerdere jaren af te schrijven). Vervangingsinvesteringen openbare ruimte worden op basis van het beheerplan openbare ruimte geprogrammeerd en komen ten laste van de investeringsbudgetten Vervangings Investeringen Openbare Ruimte. Financiële middelen Groot onderhoud openbaar gebied (projectprogrammering) De kosten van het groot onderhoud worden verrekend met de voorziening groot onderhoud openbare ruimte. Vanuit de diverse programma's vinden dotaties aan deze voorziening plaats. Het verloop van deze voorziening in 2023 was als volgt: Omschrijving (bedragen * € 1.000)

Begroting 2023 Begroting 2023 Realisatie 2023 (basis) (na wijzigingen)

Verschil

Stand 1 januari

4.494

5.626

5.626

0

Toevoegingen

3.641

5.141

5.277

-136

Onttrekking

4.262

6.648

4.691

1.956

Stand 31 december

3.873

4.119

6.211

-2.092

Begroting 2023 Begroting 2023 Realisatie 2023 (basis) (na wijzigingen)

Verschil

Voorbeelden van vervangingsinvesteringen in 2023: • Aanleg plastic fietspad en vervanging tegels door klinkers op Aschpotpad • Vervangen lichtmasten en armaturen • Ophogen Wilhelmina van Pruisenlaan • Ophogen Gloriantplantsoen • Ophogen Edisonstraat-James Wattstraat • Ophogen Willenskade en Voorwillensewg • Vervanging speelondergronden en speeltoestellen • Vervanging beschoeiingen • Vervanging asfaltdeklagen • R. van Catsweg wegvak 4 • Ouwe Gouwe Zuid • Centrale objectbediening bruggen • Vervanging riolering Vogelbuurt en Kort Haarlem • Vervanging diverse rioolgemalen Dagelijks onderhoud Voor het uitvoeren van het dagelijks onderhoud zijn de volgende middelen beschikbaar: Omschrijving (bedragen * € 1.000) Dagelijks onderhoud verkeer en vervoer

8.081

9.593

8.726

534

586

625

-39

Dagelijks onderhoud openbaar groen en (openlucht) recreatie

5.668

6.560

5.727

833

Totaal

14.282

16.738

15.078

1.661

Dagelijks onderhoud economische havens en waterwegen

867

Voorbeelden dagelijks onderhoud in 2023: • Herstellen van wegen, voet- en fietspaden • Onderhoud openbare verlichting • Jaarrond snoei, kap-, herplant- en maaiwerkzaamheden

4.3.5 Riolering Beleid In maart 2019 is het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP) 2019-2023 (inclusief een doorkijk en planning over de lange termijn) door de gemeenteraad vastgesteld. Met ingang van 2020 worden de investeringsuitgaven niet meer geactiveerd en worden deze uitgaven gedekt door de onttrekking van een identiek bedrag uit de spaarvoorziening riolering. In maart 2024 is het Water- en Rioleringsprogramma 2024 -2028 vastgesteld. De financieringssystematiek gelijk gebleven, met als uitzondering twee projecten die over hun looptijd geactiveerd worden. Er blijft aandacht voor klimaatmaatregelen, zoals vergroening in gebieden waar wateroverlast kan optreden. Financiële middelen In het gemeentelijke rioleringsplan en de begroting zijn de jaarlijks benodigde bedragen opgenomen voor de uitvoering van het plan. Middelen voor groot- en vervangingsonderhoud, kapitaallasten van (historische) vervangingsinvesteringen en

80

Jaarstukken 2023

dagelijks onderhoud zijn hierin bij elkaar genomen. Het totaal van deze bedragen moet gelijk zijn aan het totaal dat aan gemeentelijke rioleringsheffing zal worden ontvangen. Aan de hand van de actuele kosten- en heffingsontwikkelingen en prognose van komende jaaruitgaven worden jaarlijks de tarieven rioolheffing door de raad bijgesteld. De verschillen tussen jaarlasten en jaaropbrengsten worden verrekend via de voorziening riolering. Omschrijving (bedragen * € 1.000)

Begroting 2023 Begroting 2023 Realisatie 2023 (basis) (na wijzigingen)

Verschil

Stand 1 januari

13.896

16.820

16.820

0

Dotatie Vz (op basis van nacalculatie exploitatie)

5.903

5.903

4.820

1.083

Ontrrekking Vz (op basis van investeringsuitgaven)

12.188

14.184

5.571

8.613

Stand 31 december

7.611

8.539

16.069

-7.530

* voor de uitsplitsing van de voorziening (egalisatie en spaardeel) verwijzen we naar de paragraaf lokale heffingen ** De onttrekking aan voorziening ligt significant lager vanwege het besluit twee projecten te activeren

Kwetsbare funderingen van woningen In de gebieden waar komende jaren rioolvervanging plaats vindt, is veelal sprake van kwetsbare funderingen onder woningen. Vanwege de impact van de werkzaamheden heeft het college besloten om in alle wijken waar rioolprojecten gepland staan, eerst te communiceren met de woningeigenaren over het belang van een goede fundering. Aan de woningeigenaren is de tijd gegeven om onderzoek te doen naar de staat van de fundering van hun woning. Hierdoor is de planning en daarmee ook het uitvoeringsmoment van deze rioolprojecten verschoven. Het gevolg is dat in 2020 met name de voorbereiding heeft plaatsgevonden en de geplande uitvoering zou vanaf 2021 (en komende jaren) plaatsvinden. Start uitvoering twee rioolprojecten In 2021 is de rioolvervanging in de wijken Kort Haarlem en de Vogelbuurt aanbesteed. De werkzaamheden in deze twee wijken zijn in het najaar 2021 gestart. Daarnaast is de voorbereiding van rioolvervanging in verschillende wijken in volle gang. Dit betreft de wijken: Kadenbuurt, Korte Akkeren Oud, Vossenburchkade, binnenstad en Ouwe Gouwe Noord en Zuid. Vanuit het rioolreparatiebestek zijn in 2021 in verschillende wijken rioolputten aangepakt en onder andere voorzien van een nieuwe coating. Deze projecten lopen door in 2023. Dagelijks onderhoud riolering en gemalen in 2022 • Diverse reparaties en onderhoud aan verschillende rioolgemalen.

• Meerdere (spoel)schuiven zijn vervangen.

4.3.6 Sportgebouwen Beleid De gemeente is verantwoordelijk voor het onderhoud van de sporthallen, gymnastieklokalen, het Groenhovenbad en de velden op een aantal sportparken in Gouda. De onderhoudsniveaus zijn vastgelegd in de dienstverleningsovereenkomst tussen gemeente en SPORT•GOUDA. SPORT•GOUDA verzorgt voor de gemeente de uitvoering van het groot en dagelijks onderhoud. Dit gebeurt in nauwe samenspraak met de sportclubs. De sportclubs onderhouden zelf hun eigen accommodaties zoals kleedkamers en kantines. De dienstverleningsovereenkomst met SPORT•GOUDA loopt in ieder geval tot en met 2027. Na deze periode kan, op basis van de evaluatie, besloten worden om nogmaals met vijf jaar te verlengen. Financiële middelen De kosten voor het onderhoud van de binnensportaccommodaties moet SPORT•GOUDA vinden in het lumpsumbedrag dat zij jaarlijks van de gemeente ontvangt voor uitvoering van de dienstverleningsovereenkomst. Investeringen in sportvelden staan op de gemeentelijke begroting. Groot onderhoud De meerjarenonderhoudsplanningen voor zowel de binnensport als de buitensport worden jaarlijks door SPORT•GOUDA bijgesteld. Grote projecten in 2023 waren de vervanging van een kunstgrasveld op sportpark DONK en de vervanging van alle nog bestaande conventionele verlichting door ledverlichting op de bij SPORT•GOUDA in beheer zijnde sportvelden.

Ook werden drie gymzalen voorzien van HR++ isolatieglas en werd daar ledverlichting geïnstalleerd. Dagelijks onderhoud Het contractonderhoud (jaarlijkse onderhoudsbeurten van installaties, schilderwerk, servicecontracten) en het klachtenonderhoud maakt deel uit van de meerjarenonderhoudsplannen

Jaarstukken 2023

81

4.4 Financiering 4.4.1 Inleiding In deze paragraaf wordt besproken hoe de gemeente Gouda in 2023 is omgegaan met de financieringspositie, het beheer van de geldstromen en het beheersen van renterisico’s. Tevens wordt verantwoording afgelegd over het in de begroting 2023 voorgenomen treasury beleid.

4.4.2 Belangrijkste conclusies De belangrijkste conclusies uit de paragraaf financiering zijn: • De omvang van de bancaire schuldpositie per 31-12-2023 bedraagt € 234 miljoen en ligt onder het schuldenplafond van € 285 miljoen • De omvang van de bancaire schuldpositie per 31-12-2023 ligt op niveau van 2022 en is € 6 miljoen lager dan waar in de primitieve begroting van werd uitgegaan. • In 2023 is een tweetal langlopende geldleningen voor in totaal € 16,0 miljoen gestort die in 2022 zijn afgesloten. De rentepercentages van deze leningen zijn al vastgelegd, om toekomstig renterisico te beperken. • Het renteresultaat bedraagt € 1,4 miljoen (22%); hiermee wordt voldaan aan BBV-normering. • Er is voldaan aan de voorschriften vanuit de wet Fido (kasgeldlimiet en renterisiconorm).

4.4.3 Wettelijk kader Het beheersen van de risico’s die verband houden met de financiering is een belangrijke taak van de gemeente. In de Wet Financiering Decentrale Overheden (Fido) is een aantal beheersmaatregelen vastgelegd. Deze zijn vervolgens nader uitgewerkt in het gemeentelijk treasurystatuut dat periodiek wordt geactualiseerd en vastgesteld door de gemeenteraad. Momenteel is het op 1 juli 2020 door de gemeenteraad vastgestelde treasurystatuut 2020 leidend. Daarnaast moet de gemeente zich conformeren aan de voorschriften uit de Wet Houdbare Overheidsfinanciën (HOF) en het zogenaamde Schatkistbankieren.

4.4.4 Beleid Het financieringsbeleid wordt uitgevoerd door de treasury van de afdeling Financiën en gedurende het jaar getoetst door het treasury comité. Het treasuryproces wordt in control gehouden door een adequate administratieve organisatie en interne controle. Dit is vastgelegd in het handboek treasury en het handboek borgstellingen. Het financieringsbeleid is erop gericht een efficiënte financiering te realiseren. De gemeente doet dat door op grond van de liquiditeitsplanning en de analyse van de meerjarige financieringsbehoefte te streven naar een optimale verhouding tussen kortlopende en langlopende financieringsmiddelen, rekening houdend met marktontwikkelingen. Bij de begroting 2023 zijn de volgende doelstellingen van treasurybeheer en beleid vastgelegd: Prioriteiten

Doelstelling

Realisatie

Beheersen omvang leningenportefeuille

Blijven onder het schuldenplafond 31-12-2023 van € 285 miljoen

Met werkelijke schuldpositie van € 234 miljoen op 31-12-2023 binnen de doelstelling gebleven.

Beheersen financieringsbehoefte

• Kasgeldlimiet: 8,5% • Renterisiconorm op vaste schuld: 20% • Limiet schatkistbankieren 2%

Beheersen renterisico's

• Kasgeldlimiet < 8,5% • Renterisico vaste schuld < 20% • Limiet < 2% Zo goedkoop mogelijk en ≤ de rekenrente uit • De financieringsbehoefte is waar mogelijk met kort geld

de begroting financieren in combinatie met gedekt, binnen de wettelijke kaders van de kasgeldlimiet. het tijdig signaleren en beperken van risico’s. • In 2023 is twee langlopende geldleningen gestort aangetrokken die in 2022 zijn aangetrokken. Onderhouden In control houden van de treasuryfunctie. administratieve organisatie van de treasuryfunctie

De in 2023 uitvoerde treasury transacties zijn conform de vastgelegde processen in het treasurystatuut en de handboeken treasury en borgstellingen.

Onderhouden cashflowprognose

Cashflowprognose is voldoende betrouwbaar voor beheersing van het wettelijk kader. De gerealiseerde uitgaande cashflow is desondanks vaak lager dan geprognotiseerd.

De cashflowprognoses met een horizon van < 2 jaar is voldoende betrouwbaar.

Duurzaamheid In het treasurystatuut is vastgelegd dat de gemeente Gouda streeft naar de aanschaf en het gebruik van duurzame financiële producten en de samenwerking met duurzame, financiële instellingen. De in 2023 gesloten geldleningen hebben voornamelijk via BNG Bank en de Nederlandse Waterschapsbank plaatsgevonden. Beide banken voeren een actief beleid op het gebied duurzaamheid. Dit beleid wordt op de websites en in de jaarverslagen uitvoering toegelicht.

82

Jaarstukken 2023

4.4.5 Rente Het voordelig renteresultaat voor 2023 komt uit op € 1,4 miljoen, € 0,7 miljoen hoger dan de primitieve begroting: • In 2023 is € 6,7 miljoen aan rentekosten geboekt. Dit is € 0,3 miljoen hoger dan de primitieve begroting, waarin € 6,4 miljoen was opgenomen. Deze hogere rentelast wordt met name veroorzaakt door de hogere rente op kort aangetrokken financieringsmiddelen in 2023. • De doorbelasting van rente naar de grondexploitaties bedraagt € 0,2 miljoen. In de primitieve begroting is eveneens € 0,191 miljoen opgenomen. • Via de methodiek van de renteomslag is in totaal € 7,9 miljoen aan rentelasten doorbelast aan de taakvelden. De afwijking tussen de toegestane aan taakvelden toe te rekenen rentelasten en de werkelijk toegerekende rente bedraagt € 1,4 miljoen, oftewel 22.2%. Volgens de kaders vanuit het BBV zijn gemeenten verplicht tot nacalculatie van het omslagpercentage als de afwijking groter of gelijk aan 25% is (beneden deze grens is dit optioneel). Schema rentetoerekening jaar 2023 BBV Omschrijving

Bedragen * € 1.000

a

De externe rentelasten voor de korte en lange financiering

6.754

b

De externe rentebaten

-121

Totaal berekenende externe rente

6.632

c

De rente die aan de grondexploitaties wordt doorberekend

c

De rente van projectfienanciering die aan het betreffende taakveld wordt toegerekend

-200 0

Totaal doorgerekende externe rente

-200

d1

Rente over eigen vermogen

0

d2

Rente over voorzieningen die gewaardeerd zijn op contacte waarde

0

De werkelijk aan taakvelden toe te rekenen rente

6.432

e

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

7.905

f

Renteresultaat op taakveld treasury

1.473

Gehanteerde rentetarieven De gehanteerde rentetarieven zijn als volgt: Omschrijving

Realisatie 2022

Begroting 2023

Omslagrente

2,25%

2,25%

Realisatie 2023 2,20%

Rekenrente over boekwaarde grondexploitaties

1,95%

1,95%

1,95%

Rekenrente in de grondexploitaties

2,40%

2,40%

2,40%

De hoogte van de omslagrente, de rente over de boekwaarden van de grondexploitaties en de hoogte van de rekenrente in de grondexploitaties zijn vastgesteld op basis van de kaders die het Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV) hiervoor stelt. De afwijking tussen de in de primitieve begroting 2023 geraamde rekenrente over de boekwaarden van de grondexploitaties en de werkelijke in 2023 wordt met name veroorzaakt door de lage rentepercentages waartegen de afgelopen jaren langlopende financieringsmiddelen zijn aangetrokken.

4.4.6 Leningenportefeuille In 2023 is, evenals in voorgaande jaren, de kortlopende financieringsbehoefte gedekt met kasgeldleningen. Deze kasgeldleningen werden in 2023 gesloten tegen veel hogere rente dan voorheen. Opgenomen gelden (o/g) Onderstaand een overzicht van de mutaties in de leningenportefeuille opgenomen langlopende financiering en opgenomen en uitgezette kortlopende financiering. Uit de tabel kan ook de gemiddelde rentevoet van het vreemd vermogen worden afgeleid. Opgenomen gelden (o/g) Bedragen * € 1.000.000

Begroting 2023

Realisatie 2023

Verschil

Langlopende financiering

234,6

234,6

0,0

Kortlopende financiering

5,2

9,0

3,8

Stand per 1 januari

Jaarstukken 2023

83

Bedragen * € 1.000.000 Uitzetting in 's Rijkskist Omvang leningenportefeuille/bancaire schuldpositie

Begroting 2023

Realisatie 2023

Verschil

0,0

0,0

0,0

239,8

243,6

3,8

0,0

Aflossingen en herfinanciering Langlopende financiering - reguliere aflossingen

-16,5

-16,5

Langlopende financiering - extra aflossingen

0,0

0,0

0,0

Langlopende financiering - nieuwe leningen

22,0

16,0

-6,0

Kortlopende financiering - mutatie gedurende het jaar

3,3

1,0

-2,3

Uitzetting in ' S Rijks Schatkist - mutatie gedurende het jaar

0,0

0,0

0,0

Mutaties in leningenportefeuille/bancaire schuldpositie

8,8

0,5

-8,3

Langlopende financiering

240,1

234,1

-6,0

Kortlopende financiering

8,5

10,0

1,5

Uitzetting in 's Rijks schatkist

0,0

0,0

0,0

Omvang leningenportefeuille/bancaire schuldpositie

248,6

244,1

-4,5

Schuldenplafond

285,0

285,0

0,0

Ruimte onder het schuldenplafond

36,4

40,9

2,80%

2,80%

Stand 31 december

Gemiddelde rente opgenomen gelden per 31 december

0,00%

De omvang van de bancaire schuldpositie bedraagt op 31 december 2023 € 234 miljoen en is op hetzelfde niveau de van het jaar 2022 maar € 6 miljoen lager dan in de begroot voor 2023. Belangrijkste oorzaak is dat voordelen die bij de begrotingswijzigingen 2023 zijn verwerkt ten tijde van het opstellen van de begroting 2022 (najaar 2022) nog niet bekend waren. Daarnaast is het minder geïnvesteerd dan begroot wat resulteerde in een lagere financieringsbehoefte. In 2023 is een tweetal langlopende geldleningen gestort voor in totaal € 16 miljoen waarvan is de rente in 2022 vastgezet. Hiermede is het renterisico in 2023 volledig gedekt. Onderstaande grafiek geeft inzicht in de ontwikkeling van de bancaire schuld over de afgelopen 10 jaar.

84

Jaarstukken 2023

4.4.7 Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij de uitvoering van het financieringsbeleid bij de gemeente Gouda zijn renterisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s. De Wet Fido kent een tweetal wettelijke normen te weten de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Deze hebben tot doel de renterisico’s van lagere overheden binnen de perken te houden en te beheersen. De kasgeldlimiet ziet hierbij toe op het beheersen van de kortlopende schuld (met een looptijd korter dan 1 jaar) en de renterisiconorm op het beheersen van de langlopende schuld (met een looptijd langer dan 1 jaar).

Kasgeldlimiet Om grote fluctuaties in de rentelasten van de gemeente te vermijden is de omvang van de korte financiering door de wet Fido begrenst op maximaal 8,5% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar, met een minimum van € 0,3 miljoen. Het is hierbij niet toegestaan meer dan twee kwartalen achtereen de kasgeldlimiet te overschrijden. Kwartaal 2

Kwartaal 3

Begrotingstotaal (primitief)

Omschrijving (bedragen * € 1.000)

Kwartaal 1 -328

-328

-328

Kwartaal 4 -328

In procenten van de grondslag

8,50%

8,50%

8,50%

8,50%

Kasgeldlimiet

-28

-28

-28

-28

Gemiddelde kortlopende schuld (-/- = schuld, + = tegoed)

-21,0

-29,5

-13,1

-2,6

Vrije ruimte

-49

-57

-41

-30

Bovenstaande tabel toont aan dat het limiet in het tweede kwartaal is overschreden als gevolg van een terugkerend patroon van uitgaven. In het derde en vierde kwartaal van 2023 is ruimschoots voldaan aan de kasgeldlimiet. Renterisico op langlopende schuld Om grote fluctuaties in de rentelasten bij lange financiering te vermijden is door de wet Fido bepaald dat een gemeente elk jaar maximaal 20% van het begrotingstotaal mag aflossen, met een minimum van € 2,5 miljoen. Doel van de norm is dat gemeenten de renterisico’s over de jaren spreiden. Renterisiconorm Omschrijving (bedragen * € 1.000.000)

Begroting 2023

Realisatie 2023

Begrotingstotaal (primitief)

-328

-367

In procenten van de grondslag

20%

20%

Renterisiconorm

-66

-73

Aflossing op vaste schuld

17

17

Ruimte (+) / overschrijding (-)

-82

-90

Ten tijde van het opstellen van de paragraaf financiering bij de begroting 2023 was de definitieve primitieve begrotingsomvang 2023 nog niet bekend. Dit is de reden van de afwijking tussen begroting en realisatie. Kredietrisico De gemeenteraad heeft als algemeen uitgangspunt vastgesteld dat alleen leningen of borgstellingen uit hoofde van de publieke taak worden verstrekt. Andere uitzettingen zijn op grond van de Wet Fido niet toegestaan. Eventuele overtollige financiering mag uitsluitend nog worden belegd bij banken die voldoen aan de juiste kredietwaardigheid, de Rijksoverheid of medeoverheden. Kredietrisicobeheersing richt zich op de kredietwaardigheid (en dus risicoprofiel) van de tegenpartij bij financiële transacties. Kredietrisico’s kunnen worden gelopen vanuit uitzettingen (verstrekte geldleningen, beleggingen) of uit verleende garanties. Onderstaande tabel geeft inzicht in de aard van de uitzettingen per 31 december 2023. Totaal uitzettingen Omschrijving (bedragen * € 1.000)

Begroting 2023

Realisatie 2023

Leningen aan verenigingen, stichtingen en natuurlijke personen

43

84

Leningen aan woningbouwcorporaties

0

0

2.353

2.437

Publieke taak

Prudent beheer Financiele instellingen (rating A en hoger) Overige (semi-)overheidsinstellingen

0

0

Overige toegestane instellingen

0

250

Overige niet toegestane instellingen

0

Jaarstukken 2023

85

Omschrijving (bedragen * € 1.000) Totaal

Begroting 2023

Realisatie 2023

2.396

2.771

De uitzettingen aan verenigingen, stichtingen en natuurlijke personen betreffen verstrekte geldleningen aan het Dierentehuis Midden Holland en de Smartphones aan het gemeentelijk personeel. De uitzettingen bij financiële instellingen met een rating van A+ of hoger betreffen de deelname in het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting en het Nationaal Restauratiefonds. Onder overige toegestane instellingen zijn de kortlopende leningen aan het Kenniscentrum Bodemdaling en Fundering en aan Jeugdbescherming West verantwoord. Bij de totstandkoming van de begroting 2023 was nog niet bekend dat deze leningen in 2022 verstrekt zouden gaan worden. Het risicobeslag van verstrekte borgstellingen is opgenomen in paragraaf 6.7 onder “Niet uit de balans blijkende langlopende financiële verplichtingen”. Het kredietrisico op deze borgstellingen wordt meegenomen in de bepaling van de benodigde weerstandscapaciteit. Liquiditeitsrisico Liquiditeitsrisico is het risico dat er onvoldoende middelen zijn om aan directe betalingsverplichtingen te kunnen voldoen. In 2023 was de toegang tot de geld- en kapitaalmarkt het gehele jaar gewaarborgd. Hierdoor waren er voldoende geldmiddelen beschikbaar om aan directe verplichtingen te kunnen voldoen.

86

Jaarstukken 2023

4.5 Investeringen In deze paragraaf is een overzicht opgenomen van de investeringen gedurende het begrotingsjaar. Ook wordt er aangegeven of een investering afgesloten kan worden of doorloopt naar het volgende jaar. Pr. Omschrijving (bedragen*€1000)

1 1e inr. 4 extra groep Kesper

Krediet totaal

Uitgaven tm 2022

Uitgaven 2023

Bijdragen Restant Heffing van 31-12-2023 derden

Jaar gereed

Afsluiten

59

0

0

0

59

E

2023

nee

1 IHP

42.095

2.750

2.317

0

37.027

E

2025

nee

1 Kinderopvang bij de nieuwbouw Auris Taalplein

1.300

0

0

0

1.300

E

2025

nee

1 Maatschappelijke Voorzieningen Wester-Gouwe

8.933

0

0

0

8.933

E

2034

nee

2 Ecopark

4.002

3.216

785

0

0

H

2023

ja

2 ECOpark fundering

4.644

0

645

0

3.999

E

2024

nee

2 Ondergrondse containers PMD ombouw

150

124

39

0

-13

H

2023

ja

2 Onderhoudsinvesteringen Schouwburg

1.259

146

878

0

235

E

2023

nee

2 Rioleringskrediet

5.571

0

5.571

5.571

0

H

2023

ja

2 Rioleringskrediet

7.633

0

7.633

0

0

H

2024

ja

3 Aanpassen kruising AZC Molenwiek

250

0

246

0

4

M

2023

ja nee

3 Aanvulling 2022 Chocoladefabriek

98

0

0

14

98

E

2023

1.850

0

1.810

0

40

E

2023

ja

3 Dubbelzijdig fietspadverb Jamessingel

835

0

0

0

835

M

2023

nee

3 Duurzame distributie (bestuursakkoord)

2.000

0

0

0

2.000

M

2026

nee

3 Herinrichting Agnietenstraat

409

0

0

0

409

M

2024

nee

3 Herontwikkeling Zuidelijk Stationsgebied

4.057

3.173

221

200

663

M

2023

nee

3 Herstel Voliere Van Bergen IJzendoornpark

85

6

70

0

10

E

2023

nee

3 Klimaatadaptatie (bestuursakkoord)

500

0

0

0

500

M

2023

nee

3 Arti Legi

3 Kruising Jamessingel/Rijsselseweg

1.441

0

0

0

1.441

M

2023

nee

3 Kwaliteitsverhoging binnenstad

2.385

26

49

0

2.311

M

2025

nee

3 Maatr. Knelpunt.verkeer en VCP

21.008

2.513

2.543

1.021

15.952

M

2027

nee

3 Maatschappelijke Voorzieningen Wester-Gouwe

37.778

715

1.480

18

35.583

E

2027

nee

3 Noord-Zuid fiets- en wandelroutes bereikbaar Hoogv

1.454

4

0

0

1.450

M

2023

nee

3 Onderhoudsinvesteringen Overig

36

0

0

0

36

E

2023

nee

3 Onderhoudsinvesteringen Schouwburg

787

0

0

0

787

E

2025

nee

3 Parkeerplan Gouda

100

26

74

0

0

M

2023

ja

3 Sanitair Waterrecreatie Regentesseplantsoen

180

7

122

0

51

E

2023

ja

3 Sporten in de buitenruimte (bestuursakkoord)

500

0

167

36

333

E

2027

nee

3 Stadhuis 2023 (bestuursakkoord)

4.655

0

0

0

4.655

E

2024

nee

3 Toegankelijkheid Openbare Ruimte 20 jr (bestuursakkoord)

2.500

0

5

0

2.495

M

2028

nee

3 Uitbr. Parkeergarage Spoorzone

2.850

0

62

0

2.788

E

2023

nee

3 Uitbreiding woonwagen standplaatsen

1.150

0

25

0

1.125

E

2023

nee

3 Valondergronden (speeltuinen)

250

172

4

0

74

E

2023

nee

3 Verduurz Gem.Vastgoed (bestuursakkoord)

16.387

0

145

0

16.242

E

2040

nee

3 Verduurzamen/verb./2e etage Chocoladefabriek

395

298

23

0

74

E

2023

nee

3 Verv VRI Graaf Florisweg Zwartew (2018)

185

0

20

0

165

M

2023

nee

Jaarstukken 2023

87

Pr. Omschrijving (bedragen*€1000)

Krediet totaal

Uitgaven tm 2022

Uitgaven 2023

Bijdragen Restant Heffing van 31-12-2023 derden

Jaar gereed

Afsluiten

3 Verv. viaduct Noothoven van Goorstraat

3.664

112

398

0

3.154

M

2023

nee

3 Vervanging Kade- en Walmuren (bestuursakkoord)

3.578

90

607

0

2.881

M

2025

nee

3 Vervanging Kade- en Walmuur 20jr

3.000

0

0

0

3.000

M

2024

nee

3 Vervanging populieren

3.120

0

0

0

3.120

M

2026

nee

408

4

0

0

404

M

2024

nee

3 Vervangings investering Openbare Ruimte

7.283

0

7.283

28

0

M

2023

ja

3 Vervangings investering Openbare Ruimte

51.932

0

0

0

51.932

M

2028

nee

3 Voorbereiding kruising Jamessingel/Rijsselseweg

253

117

3

0

134

M

2023

nee

3 Voorbereidingskrediet Herbestemming Stadhuis

785

213

608

0

-35

E

2024

nee nee

3 Vervanging VRI Goejanverw FI singel

3 Zonnepanelen Brandweerkazerne

147

0

115

0

32

E

2023

5 Buitensport

1.106

0

1.113

0

-7

E

2023

ja

5 Buitensport

3.355

0

0

0

3.355

E

2028

nee

6 Investering t.b.v. inzet scanauto

98

92

0

0

5

E

2023

ja

6 Vervanging camera toezicht

216

5

0

0

211

E

2025

nee

6 Vervanging camera toezicht js 2021-2026

42

0

40

0

2

E

2023

ja

6 Vervanging zakpalen binnenstad

350

0

0

0

350

E

2024

nee

7 Aanp. klantzone SocDo

150

41

77

0

32

E

2023

ja

7 Aanp. klantzone UWV

250

156

127

0

-33

E

2023

ja

7 Automatisering

900

300

595

0

5

E

2023

ja

7 Automatisering

5.182

0

623

40

4.560

E

2028

nee

7 Belcellen

160

144

6

0

10

E

2023

nee

7 Brandmeldinstallatie

60

0

0

0

60

E

2023

nee

7 Verbetering faciliteiten vergadercentrum HvdS

155

112

0

0

43

E

2023

ja

7 Werkplek concept aanpassing HvdS - 15 jr

475

337

10

0

127

E

2023

nee

259.508

14.007

35.303

6.887

210.198

Totaal

88

Jaarstukken 2023

4.6 Bedrijfsvoering 4.6.1 Inleiding Een goede bedrijfsvoering is essentieel in een robuuste organisatie om haar opgaves te realiseren. Een robuuste organisatie betekent dat het fundament stevig staat. Een organisatie met voldoende en vakkundige medewerkers waar ambtelijk vakmanschap centraal staat. Dit begint met een duidelijke stip aan de horizon: wat kenmerkt de organisatie, wat zijn daarin de belangrijkste waarden en welk gedrag hoort daarbij? Wat is de meest passende inrichting gezien de uitdagingen? Het aantrekken en behouden van medewerkers is een grote uitdaging en vraagt om een goede strategische personeelsplanning. Gemeente Gouda wil een aantrekkelijke werkgever zijn en een leerschool. Andere belangrijke speerpunten zijn het verbeteren van het informatiegestuurd werken en een goed werkende financiële functie. Tot slot is de gemeente Gouda een diverse en inclusieve organisatie en werkgever. Deze speerpunten worden hieronder verder toegelicht.

4.6.2 Wat waren de belangrijkste prioriteiten in 2023 4.6.2.1 Verbetering financiele functie Wat is bereikt? • Verbetering van de kaderstelling van diverse bedrijfsvoeringsonderwerpen; • Verbetering van de P&C-cyclus en P&C-producten, waardoor er beter overzicht en inzicht is met betrekking tot de financiën en er beter kan worden gestuurd op de effectiviteit van beleid; • Verbetering van de informatievoorziening door middel van het ontwikkelen van aangepaste financiële rapportages en dashboards voor de monitoring van kosten van externe inhuur; • Verbetering van het financiële kennisniveau in de organisatie, waardoor de organisatie beter in staat is om de financiële beheersing goed te organiseren en te sturen op de financiën; • Besluitvorming omtrent de clusterteams voor het financieel beheer, waardoor gestart kan worden met de inrichting van deze teams die dichtbij de vakafdelingen worden georganiseerd en verantwoordelijk zijn voor de registratie van financiële mutaties (basis op orde); • Robuuster maken van de organisatie door meer interne collega’s aan ons te binden met financiële kennis en vaardigheden, van strategie tot uitvoering.

Wat is gedaan? • De kaderstelling is verder aangescherpt door kaders vast te stellen of voor te bereiden voor: ◦ de onderbouwing en vastlegging van prestatielevering, afstemming van deze kaders met de externe accountant en implementatie daarvan binnen de organisatie; ◦ een aangepaste budgethouderregeling, waarin de mogelijkheid is opgenomen om verantwoordelijkheden lager in de organisatie te beleggen en sturing op budgetten dichterbij de inhoudelijk verantwoordelijke medewerkers wordt georganiseerd; ◦ de aanpak van de rechtmatigheidsverantwoording. • De P&C-cyclus en P&C-producten zijn verder verbeterd door: ◦ in de kadernota 2024 per programma een aantal eigen indicatoren op te nemen ten behoeve van het meten van de effectiviteit van beleid; ◦ in de bestuursrapportages procesverbeteringen in de gegevensverwerking door te voeren en de opmaak volledig in lijn te brengen met de andere P&C-documenten. • De financiële informatievoorziening is verbeterd door: ◦ Ontwikkeling van aangepaste financiële rapportages die rechtstreeks digitaal toegankelijk zijn voor budgethouders en budgetbeheerders; ◦ Ontwikkeling van dashboards voor de monitoring van kosten van externe inhuur.

• De financiële administratie is verder ontwikkeld door: ◦ het verbeteren van (het gebruik van het) financiële systeem Key2Financiën door implementatie van een aanvraagmodule, het geautomatiseerd inlezen van begrotingswijzigingen, het uitvoeren van reguliere updates en nieuwe versies en het inrichten van een testproces en een controleproces na updates; ◦ doorontwikkeling van contractmanagement in het zaaksysteem, waardoor het inkoop- en aanbestedingsproces en het beheer van meerjarige contracten is verbeterd; ◦ besluitvorming omtrent clusterteams voor het financieel beheer, waardoor gestart kan worden met de inrichting van deze teams die dichtbij de vakafdelingen worden georganiseerd en verantwoordelijk zijn voor de registratie van financiële mutaties. • De kwaliteit van medewerkers in de financiële functie én de financiële kennis in de organisatie is verder verbeterd door inwerkprogramma’s voor nieuwe medewerkers, opleiding en training van financiële en niet-financiële medewerkers en het samen werken aan interne verbeterprojecten. • De organisatie is robuuster en toekomstbestendiger gemaakt door meer interne collega’s aan ons te binden met financiële kennis en vaardigheden, van strategie tot uitvoering.

Jaarstukken 2023

89

4.6.2.2 Sturen op realisatie Wat is bereikt? • Verbetering van de financiële informatievoorziening door middel van het ontwikkelen van aangepaste financiële rapportages die digitaal beschikbaar zijn. • Verbetering van het inzicht in personeelskosten door middel van het ontwikkelen van dashboards voor externe inhuur en een aanpak voor een monitor interne personeelskosten. • Verbetering van de financieel administratieve cyclus door het proefdraaien met een periodeafsluiting gericht op de juistheid, tijdigheid en volledigheid per periode. Wat is gedaan? • Ontwikkeling van aangepaste financiële rapportages, waaronder voor budgetbewaking, die rechtstreeks digitaal toegankelijk zijn voor budgethouders en budgetbeheerders. • Ontwikkeling van dashboards voor de monitoring van kosten van externe inhuur. • Proef gedraaid met een vast proces voor periodeafsluiting van de financiële administratie gericht op de juistheid, tijdigheid en volledigheid per periode van exploitatie en investeringen. • Plan van aanpak opgesteld voor het doorlichten van de begroting, gericht op het stapsgewijs verbeteren, reëel ramen en interne sturing te verbeteren. • Het bouwen van een monitor op het gebied van personeelskosten is voorbereid; implementatie in 2024.

4.6.2.3 Digitaal en informatiegestuurd werken Wat is bereikt? De ambitie van het programma Slim snel en digitaal (voorheen Geheugen van Gouda) is het optimaliseren van de dienstverlening van de gemeente. • In 2023 zijn meer dan 50 processen digitaal gemaakt en ondergebracht in het zaaksysteem. • De invoering van de Wembv en de Woo lopen op schema. Voor beide wetten heeft een impactanalyse plaatsgevonden, is het ambitieniveau door het bestuur vastgesteld en is plan van aanpak opgeleverd. Samen met SAMH is er een e-depot aanbesteed. • De voorbereidende werkzaamheden voor de vervanging van het social intranet en het archiefwaardig inrichten van Sharepoint online hebben plaatsgevonden, wordt vervolgd in 2024. • Er is een data-team geformeerd, die aan de slag is gegaan met de kwaliteit en de ontsluiting van data in dashboards zoals het dashboard Financiën. Wat is gedaan? • Het verder uitrollen van zaakgericht werken en uitfasering DMS Verseon. • Het plannen en invoeren van de Wet open overheid. • Het plannen en invoeren van de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer. • Het aanbesteden van het e-depot met SAMH. • Starten met pilot datagedreven werken bij een van de afdelingen in de organisatie. • Het inrichten van het archiefwaardige Sharepoint online is niet gedaan; Het project is door personele wisselingen en daarmee ontbreken van expertise later dan verwacht gestart.

Daarnaast is besloten om eerder gestarte projecten eerst af te ronden (zoals Microsoft Teams voor telefonie en videovergaderen). • Het vervangen van het social intranet is niet gedaan; Het project is door personele wisselingen en daarmee ontbreken van expertise later dan verwacht gestart.

4.6.2.4 Strategische personeelsplanning Wat is bereikt? In 2023 is ter voorbereiding op de verdere implementatie van het SPP-instrument een DPIA doorlopen. Een DPIA is een instrument om vooraf de privacy risico's van een gegevensverwerking in kaart te brengen. Zodat de organisatie maatregelen kan nemen om deze risico's te verkleinen. De aanbevelingen uit de DPIA zijn verwerkt in het SPP instrument. Daarna is een instemmingsaanvraag bij de OR ingediend. We verwachten na instemming van de OR in 2024 het SPP-instrument organisatie breed uit te kunnen rollen, waardoor we nog meer kunnen inspelen op de toekomstige personeelsbehoefte. Ondertussen zien we dat de organisatie groeit, robuuster wordt en aantrekkelijk is. We zijn goed in staat de juiste talenten aan te trekken en te behouden. De recruiters van gemeente Gouda weten 98% van de vacatures zelf in te vullen en de doorstroom is ten opzichte van andere gemeenten bovengemiddeld te noemen. Wat is gedaan? • DPIA workshop met externe partij. • Aanbevelingen verwerkt in het instrument SPP. • Afstemming met OR ten aanzien van openstaande vragen. • Instemmingsaanvraag OR voorbereid en ingediend.

90

Jaarstukken 2023

• Afronden van de pilot op 3 afdelingen, aanpassen van het SPP instrument en opstarten van (minimaal) 6 andere afdelingen met dit instrument is niet gedaan. Deze activiteiten hebben allen niet plaats kunnen vinden, omdat instemming van de OR op de implementatie van het SPP instrument langer op zich liet wachten. 2023 is benut voor het doorlopen van een DPIA, afstemming met de privacy officers en intensieve afstemming met de OR om tot instemming te komen.

4.6.2.5 Gouden Waarden Wat is bereikt? Het doel is dat de in 2022 ontwikkelde missie en set aan Gouden waarden dagelijks doorleefd wordt op de werkvloer. En we zien dat de Gouden waarden steeds meer in het DNA van onze mensen zit. Ook nieuwe mensen komen de Gouden waarden overal tegen en herkennen dit. Dat is een mooie stap. Dit referentiekader geeft elke keer richting aan het gedrag dat nodig is om ons dagelijkse werk te kunnen uitvoeren én vorm te geven aan de maatschappelijke opgaven waar we als gemeenten voor staan. Leiderschap is hierbij de hefboom door voorbeeld gedrag en begeleiden van het goede gesprek. Leidinggevenden en medewerkers zijn begeleid en ondersteund in hun verdere ontwikkeling. Wat is gedaan? • Ontwikkelen en uitvoeren van leiderschaptraject en leiderschapsontwikkeling. Directie, leidinggevenden en senioren dragen de missie en gouden waarden actief uit en tonen voorbeeldgedrag. • Inzet team ontwikkeling: teamleden werken samen aan realiseren van ambities aan de hand van concrete doelstellingen aansluitend bij missie en gouden waarden. • Faciliteren in de ontwikkeling persoonlijk leiderschap individuele medewerkers. • Faciliteren bij het vertalen van de missie en kernwaarden naar ons dagelijkse werk (gedrag (hoe) en inhoud (wat)).

4.6.2.6 Inclusie en diversiteit Wat is bereikt? De doelstelling voor D&I in 2023 was het verder vergroten van de bewustwording rondom D&I. In dit kader zijn de trainingen onbewuste vooroordelen (algemeen) en onbewuste vooroordelen en leiderschap aangeboden. Ook in 2024 zal dat gebeuren. Het door ontwikkelen van inclusief werven heeft doorlopend aandacht en in 2023 heeft het accent gelegen bij het steeds inclusiever maken van de vacatureteksten. Dit geldt ook voor het inclusief communiceren. Teksten en documenten worden steeds meer beoordeeld op het B1 taalniveau en de bewustwording rondom inclusiever taalgebruik/ communicatie wordt hiermee steeds groter. Het concreet meten van D&I en het goede D&I gesprek zijn activiteiten die in 2023 niet haalbaar zijn gebleken en staan nu op de planning voor 2024. Wat is gedaan? • Vervolg inspiratiesessies; D&I cafe; storytelling door collega's (6x); Why van D&I op afdelingsniveau. • Training onbewuste vooroordelen (iedereen). • Training onbewuste vooroordelen en leiderschap (Leidinggevenden en senior medewerkers). • Doorontwikkelen inclusief werven (ook organisatiebreed). • Doorontwikkelen inclusief communiceren; Het goede D&I gesprek; hoe voer je een dialoog; meten van D&I neerzetten.

4.6.2.7 Passende inrichting Wat is bereikt? In 2023 is geïnvesteerd om de ambtelijke organisatie robuuster te maken. Over het algemeen zijn we als gemeente nog steeds in staat om de meeste vacatures in te vullen. Sinds 2021 is de organisatie dan ook met 32% gegroeid naar 670 fte eind 2023. Positief is ook dat vrijwel alle formatie vanuit het bestuursakkoord inmiddels is ingevuld, namelijk 91,5%. Het is formatie van vrijwel alle thema’s uit het bestuursakkoord. De bedrijfsvoering is ook meegegroeid met de groei van het primaire proces. De organisatie is robuuster gemaakt door het versterken van de financiele functie. De inrichting van de organisatie is logischer ingericht door de overgang naar vier directies. Inrichting is hierdoor meer gericht op inhoud. Daarnaast is de organisatie aangepast door de komst van teamleiders in plaats van de coördinatoren. Teamleiders staan dichtbij de medewerkers en hebben straks leidinggevende bevoegdheden om hun rol goed in te vullen. Afdelingshoofden krijgen door deze wijziging meer ruimte om werkzaamheden uit te voeren waar zij nu vaak niet aan toe komen. Verder zijn in 2023 de eerste stappen gezet in het professionaliseren van de inkoop via de Regionale Werkorganisatie Sociaal Domein (RWO). De RWO werkt voor de gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Krimpenerwaard, Waddinxveen en Zuidplas en is in ieder geval tot en met 2024 binnen Gouda georganiseerd.

Wat is gedaan? • Versterking van de organisatie door het aantrekken van nieuwe mensen. In 2023 zijn 106 nieuwe medewerkers gestart. • De overgang naar vier directies; organisatie inrichting logischer en gericht op inhoud. • Overgang van coördinatoren naar teamleiders.

Jaarstukken 2023

91

• Sturen op het terugbrengen van de externe inhuur. Analyse van de afdelingen waar veel of structureel wordt ingehuurd. Inrichten van dashboard om beter te kunnen sturen op inhuur.

4.6.2.8 Rechtmatigheid Wat is bereikt? Over 2023 is het college in staat om een rechtmatigheidsverantwoording af te geven op basis van nieuwe kaders en de bevindingen van uitgevoerde verbijzonderde interne controles (VIC’s). Voor de verbijzonderde interne controles is in 2023 in overleg met de externe accountant een nieuwe aanpak ontwikkeld. De aanpak bestaat uit een stappenplan om per proces op de meest efficiënte manier de rechtmatigheid te onderzoeken. Verder zijn per proces de doelstellingen, risico’s en beheersmaatregelen expliciet gemaakt. Daarmee is inzicht gecreëerd in de mogelijkheden om processen verder te verbeteren en de controlelast te verminderen. Wat is gedaan? • Plan van Aanpak vastgesteld ten behoeve van de rechtmatigheidsverantwoording 2023.. • Workshops rechtmatigheid voor directie, college en auditcommissie georganiseerd. • Kaders uitgewerkt en vastgesteld (normenkader, verantwoordingsgrens, verordeningen). • Verbijzonderde interne controles uitgevoerd op 16 processen. • Doelstellingen, risico’s en beheersmaatregelen uitgewerkt voor tien processen.

4.6.3 Personeel 4.6.3.1 Bezetting Op alle fronten is er na tijden van bezuiniging weer geïnvesteerd in de ambtelijke organisatie. De ambtelijke organisatie groeit. Over het algemeen zijn we als gemeente nog steeds in staat om de meeste vacatures in te vullen. De bezetting is het afgelopen jaar gestegen van 571 naar 670 FTE. Positief is ook dat vrijwel alle formatie vanuit het bestuursakkoord inmiddels is ingevuld, namelijk 91,5%. Het is formatie van vrijwel alle thema’s uit het bestuursakkoord. De groei hangt verder samen met het robuuster maken van de Goudse organisatie. Positief is ook de groei van het aantal medewerkers onder de 35 jaar van 22% naar 27%. Dit past in de ambitie van de gemeente Gouda om ook leerschool te zijn. Omschrijving

31 december 2023

31 december 2022

Bezetting in fte

669,7

571,2

Bezetting in aantal medewerkers

733

627

Bezetting % man

37%

37%

Bezetting % vrouw

63%

63%

% medewerkers jonger dan 35 jaar

27%

22%

Ziekteverzuim %

5,40%

5,80%

% instroom

32%

29%

% uitstroom

12%

13%

% doorstroom

8%

8%

4.6.3.2 Loonkosten In lijn met de doelstelling blijven de loonkosten 2023 (nagenoeg) binnen de begroting De loonkosten zijn hoger dan in 2022 door een stijging van het aantal medewerkers en de CAO-stijging.” Omschrijving (bedragen * € 1.000)

2023

2022

Loonkosten begroot (na wijziging)

56.670

43.867

Loonkosten realisatie

53.586

43.380

Saldo

3.084

487

*Ambtelijke loonkosten

Inhuur derden Het percentage inhuur is gedaald van 30% naar 29% in 2023. Met 29% is het percentage nog steeds hoog. Binnen het Ruimtelijk Domein blijft de arbeidsmarkt ingewikkeld en is de uitdaging om zelf goed personeel aan te trekken nog steeds groot. Dit maakt dat een aantal van de afdelingen binnen dit domein relatief meer inhuren dan gewenst. Ook zien we dat er op regionaal gebied taken zijn bijgekomen en in een aantal gevallen heeft dat voor een toename in inhuur gezorgd. Daarnaast is in 2023 de Regionale Werkorganisatie (RWO) opgericht waar ook relatief veel wordt ingehuurd. De gemeente streeft nog steeds naar een verdere afbouw van het % inhuur. Omschrijving (bedragen * € 1.000)

2023

Externe inhuur (in % totale loonkosten)

29%

30%

Kosten externe inhuur

22.265

18.753

92

Jaarstukken 2023

2022

4.6.4 Individuele fouten en onduidelijkheden rechtmatigheid De jaarrekening 2023 bevat voor het eerst een rechtmatigheidsverantwoording van het college. In de kadernota 2023 is door de commissie BBV uiteengezet op welke wijze het college zich over rechtmatigheid dient te verantwoorden. Van belang is in ieder geval dat het aspect financiële rechtmatigheid kan worden uitgesplitst in negen criteria. Zes criteria worden afgedekt door het getrouwheidsaspect (oordeel externe accountant). De overige drie criteria komen terug in de rechtmatigheidsverantwoording van het college. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruiken oneigenlijk gebruik criterium. In de rechtmatigheidsverantwoording (zie § 6.8) licht het college van burgemeester en wethouders toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd binnen de door de raad gestelde verantwoordingsgrens. De verantwoordingsgrens is 2% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en bedraagt € 7.872.000. In de paragraaf bedrijfsvoering geeft het college een toelichting op alle afwijkingen voor zover deze de rapportagegrens overschrijden. De rapportagegrens is door de raad vastgesteld op 5% van de verantwoordingsgrens en bedraagt € 394.000.

Begrotingscriterium Financiële beheershandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten en lasten, alsmede de balansposten, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s. Het begrotingscriterium is verder verfijnd en uitgewerkt in de kadernota 2023 van de commissie BBV en de notitie rechtmatigheidsverantwoording van de commissie BADO. Een systeem met onvoldoende waarborgen voor tijdige melding aan de gemeenteraad van budgetoverschrijdingen en/of onderschrijdingen heeft het risico in zich dat inbreuk wordt gemaakt op het budgetrecht van de raad. Het binnen de organisatie aanwezige systeem van budgetbeheer en -bewaking moet waarborgen dat de baten en lasten en investeringsbudgetten binnen de begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen en/of onderschrijdingen tijdig worden gemeld aan de gemeenteraad, zodat deze tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit kan nemen. In het boekjaar 2023 zijn de volgende begrotingsonrechtmatigheden geconstateerd ten opzichte van de gewijzigde begroting: • In 2023 bedragen de overschrijdingen van lasten op programmaniveau in totaal € 1.075.000. Dit betreffen de overschrijdingen van de lasten voor de programma’s 1, 5 en 7.

In de toelichting op de staat van baten en lasten en in het jaarverslag (programma’s) is door het college een analyse van de afwijkingen ten opzichte van de begroting na wijzigingen opgenomen. • Verder bedragen de niet-tijdig gemelde onderschrijdingen van lasten en over- en onderschrijdingen van baten in totaal € 4.511.000. Dit heeft betrekking op twee onderschrijdingen van lasten in programma 3 van in totaal € 3.637.000. Dit heeft te maken met het ontbreken van een tijdige analyse van de (tussentijdse) besteding van lasten van projecten als gevolg van ziekte van een medewerker. Bij deze projecten is sprake van vertraging, waardoor ze later worden opgeleverd. De gereserveerde budgetten schuiven daardoor ook in de tijd mee. Daarnaast heeft dit betrekking op een overschrijding van baten in programma 8 van in totaal € 874.000. Dit heeft te maken met hoger dan verwachte parkeeropbrengsten. Om dergelijke afwijkingen in de toekomst te voorkomen zullen de budgetgesprekken tussen budgethouders en financieel adviseurs zich nog scherper richten op vroegtijdige signalering en verantwoording van (geprognosticeerde) begrotingsafwijkingen. Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van financiële beheershandelingen. De eisen zijn afkomstig uit externe wet- en regelgeving, raadsbesluiten en verordeningen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=b821ea00-d60b-4060-a7db-092a160acf11