CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

Gouds Isolatieprogramma.pdf

Raadsvergadering 21 december 2022, gemeente GoudaBij agendapunt: Gouds Isolatie Programma 2022-203014.959 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gouds Isolatieprogramma 2022 – 2030 v.4 DEF Oktober 2022

Samenvatting Bij vaststelling van de Transitievisie Warmte Gouda (2021)1 heeft de gemeenteraad besloten tot het opstellen van een Gouds Isolatieprogramma (GIP). Het doel van het GIP is om tussen 2022 en 2040 de Goudse woningvoorraad voldoende te isoleren, als voorwaarde voor een aardgasvrije gebouwde omgeving. Ook zijn in het GIP diverse maatregelen voor de bestrijding van energiearmoede ondergebracht, zowel op de korte als op de lange termijn. Het GIP sluit ook aan op het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) om optimaal gebruik te maken van landelijke gelden en regelingen.

prioriteren en omdat de landelijke geldstromen ook deels gekoppeld zijn aan specifieke doelgroepen. De doelgroepen zijn uitgewerkt in twee categorieën: 

Doelgroepen die prioriteit krijgen voor het activiteitenprogramma 2023-2024, grotendeels gekoppeld aan landelijke geldstromen. Het gaat om koopwoningen met slechte energielabels, huishoudens met energiearmoede, en eigenaren van monumenten en woningen in het beschermd stadsgezicht. Overige doelgroepen, waarvoor een doorkijk is gegeven na 2024 en die bij evaluatie van het programma opnieuw kunnen worden geprioriteerd. Het gaat om (gemengde) VvE’s, particuliere verhuurders en woningcorporatiewoningen.

In het GIP wordt ervan uitgegaan dat er tot 2040 nog ca. 29 duizend woningen geïsoleerd moeten worden tot de landelijke Standaard voor woningisolatie. Gebouweigenaren zullen hiervoor ongeveer 40 duizend isolatie-ingrepen moeten doen aan gevels, daken, vloeren en beglazing. Een deel van de opgave wordt gerealiseerd als gevolg van landelijke maatregelen, zoals afspraken met verhuurders, betere (financiële) regelingen en een betere informatievoorziening. Een deel van de woningeigenaren zal echter hulp nodig hebben van de gemeente. In het GIP wordt verwacht dat dat om ongeveer 12 duizend woningen gaat waarbij de komende twee jaar zo’n 1350 isolatie-ingrepen moeten plaatsvinden.

Er bestaan al veel verschillende landelijke en gemeentelijke regelingen voor energiebesparing, zowel voor gebouweigenaren als voor de gemeente zelf. Veel van deze regelingen zijn recentelijk uitgebreid of worden nog uitgebreid. De gemeente heeft incidenteel meer dan 800 duizend euro ontvangen voor de bestrijding van energiearmoede, en kan structureel aanspraak maken op geld uit het NIP. Woningeigenaren in Gouda lopen ondanks de regelingen nog steeds tegen belemmeringen aan, met name bewoners van monumenten en het beschermd stadsgezicht.

De gemeente Gouda hanteert een doelgroepgerichte aanpak. Doelgroepen zijn van belang omdat de gemeente haar inzet moet

Het activiteitenprogramma 2023-2024 is opgebouwd uit vier programmalijnen. Programmalijn A gaat over de isolatie van

1

Gemeente Gouda: https://www.gouda.nl/gouda-werkt-aan-de-stad/goudaaardgasvrij/transitievisie-warmte/

2

koopwoningen met slechte labels en richt zich op het benutten van de meerjarige NIP-gelden voor deze doelgroep. Programmalijn B zet in op een aanpak van energiearmoede en bestaat uit korte termijnacties voor de besteding van de energiearmoede-gelden uit 2022 en uit een meer structurele aanpak van energiearmoede op de lange termijn. Programmalijn C richt zich op het vereenvoudigen van verduurzaming van monumenten en woningen in het beschermd stadsgezicht. Programmalijn D ten slotte bevat ondersteunende activiteiten zoals de gemeentelijke organisatie, ondersteuning van vrijwilligers en monitoring.

Middelen Nationaal Isolatieprogramma en eigen middelen

Middelen energiearmoede 2022-2023 en eigen middelen

A: Collectieve actie voor isolatie van koopwoningen met EFG-labels     

B: Aanpak voor bestrijding van energiearmoede   

3

Collectieve inkoop isolatie Activeringscampagne VvE-ondersteuning NIP-vouchers Goudse Isolatiesubsidie

Huis-aan-huisaanpak laagdrempelige maatregelen Energieklussers Witgoedregeling

Eind 2024 voert de gemeente een uitgebreide evaluatie uit van het GIP: wat zijn de resultaten, wat ging goed en wat kan beter. Op basis daarvan wordt het GIP herijkt en wordt een nieuw activiteitenprogramma opgesteld voor de jaren daarna. VvE’s en verhuurders krijgen na 2024 meer prioriteit, evenals de hybride warmtepomp als belangrijke energiebesparende maatregel naast isolatie. De kosten van het programma over 2023 en 2024 bedragen, na aftrek van inkomsten vanuit de Rijksoverheid, 730 duizend euro.

C: Monumenten en beschermd stadsgezicht   

Maatwerk in regels Goudse Isolatiesubsidie voor monumenten Reizende expositie RCE

D: Ondersteunende activiteiten      

Gemeentelijke organisatie Energiecoaches Digitaal platform Mobiel energieloket Papierwinkel Monitoring

Eigen middelen

Uitvoeringskosten Klimaatakkoord en eigen middelen

4

4.1.3 Instrumenten voor de gemeente ....................................... 24 4.2 Inventarisatie van activiteiten ....................................................... 25 4.3 Inventarisatie van belemmeringen ............................................. 26

Inhoud 1

Inleiding ..................................................................................... 7 1.1 Landelijk beleid ..................................................................................... 7 1.2 Lokaal beleid.......................................................................................... 8 1.3 Doorlopen proces ................................................................................ 8

2

Doel van het Gouds Isolatieprogramma .............................. 10 2.1 Naar welk isolatieniveau gaat Gouda toe?.............................. 10 2.2 Berekening doelstelling Gouds Isolatieprogramma ............ 11 2.2.1 Van aardgasvrij 2040 naar aantal isolatie-ingrepen ... 11 2.2.2 Tempo van het nemen van isolatie-ingrepen............... 12 2.2.3 Uitsplitsing van de doelstelling naar categorieën ....... 13

3

Doelgroepen van het Gouds Isolatieprogramma ................ 14 3.1 Doelgroepen voor 2023-2024 ..................................................... 14 3.1.1 Koopwoningen met E, F en G-energielabels ................. 14 3.1.2 Huishoudens met (risico op) energiearmoede ............. 15 3.1.3 Monumenten en beschermd stadsgezicht .................... 16 3.2 Doelgroepen 2024 – 2030 ............................................................. 17 3.2.1 Particuliere verhuurders ........................................................ 17 3.2.2 (Gemengde) VvE’s ................................................................... 18 3.2.3 Corporatiehuurwoningen ..................................................... 18 3.2.4 Spijtvrije (hybride) warmtepompen .................................. 19

4 Inventarisatie van regelingen, activiteiten en belemmeringen .............................................................................. 21 4.1 Inventarisatie van regelingen ....................................................... 21 4.1.1 Regelingen voor gebouweigenaren ................................. 21 4.1.2 Regelingen voor de gemeente ........................................... 23

5

5

Activiteitenprogramma 2023-2024 ...................................... 28 5.1 A – Collectieve actie voor koopwoningen met slechte energielabels .................................................................................................... 29 5.1.1 Collectieve inkoop- en adviesactie.................................... 29 5.1.2 Activeringscampagne ............................................................. 30 5.1.3 VvE-ondersteuning.................................................................. 32 5.1.4 Regelingen.................................................................................. 32 5.2 B – Aanpak voor huishoudens met (risico op) energiearmoede .............................................................................................. 34 5.2.1 Korte termijnaanpak energiearmoede (t/m 2023) ...... 35 5.2.2 Structurele aanpak energiearmoede ................................ 35 5.3 C – Monumenten en beschermd stadsgezicht ...................... 36 5.3.1 Maatwerk voor monumenten ............................................. 36 5.3.2 Kennisontwikkeling verduurzamen monumenten ...... 37 5.4 D – Ondersteunende activiteiten ................................................ 38 5.4.1 Gemeentelijke organisatie ....................................................

38 5.4.2 Vrijwilligers ................................................................................. 40 5.4.3 Digitale, fysieke en mobiele loketten ............................... 41 5.4.4 Goudse regelingen .................................................................. 42

6

Doorkijk na 2024 .................................................................... 43 6.1 Continuering programmalijnen 2023-2024 ............................ 43 6.1.1 Koopwoningen (met slechte labels) ................................. 43 6.1.2 Huishoudens met (risico op) energiearmoede ............. 43 6.1.3 Monumenten en beschermd stadsgezicht..................... 44

6.2

Doorkijk naar programmalijnen voor nieuwe doelgroepen 44 6.2.1 Spijtvrije (hybride) warmtepompen .................................. 44 6.2.2 Particuliere verhuurders ........................................................ 44 6.2.3 (Gemengde) VvE’s ................................................................... 45 6.2.4 Woningcorporaties ................................................................. 45 6.3 Samenvatting doorkijk na 2024 .................................................. 46 7

Planning en begroting ........................................................... 48 7.1 Planning................................................................................................ 48 7.2 Begroting ............................................................................................. 48 7.3 Vergelijking van ambitiescenario’s ............................................. 49

Colofon ............................................................................................ 50 Bijlage A: Excelbestand Gouds Isolatieprogramma .................... 51 Bijlage B: Indicatieve planning GIP .............................................. 52

6

1 Inleiding Bij vaststelling van de Transitievisie Warmte Gouda (2021)2 heeft de gemeenteraad besloten tot het opstellen van een Gouds Isolatieprogramma (GIP). Het doel van het GIP is om tussen 2022 en 2040 de Goudse woningvoorraad voldoende te isoleren, als voorwaarde voor een aardgasvrije gebouwde omgeving. Ook zijn in het GIP diverse maatregelen voor de bestrijding van energiearmoede ondergebracht, zowel op de korte als op de lange termijn. Het GIP sluit ook aan op het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) om optimaal gebruik te maken van landelijke gelden en regelingen.

1.1 Landelijk beleid

De Rijksoverheid heeft begin juni 2022 het ‘Beleidsprogramma Versnelling Verduurzaming Gebouwde Omgeving’ gepubliceerd3. Onderdeel hiervan is het Nationaal Isolatieprogramma4. In deze programma’s zijn uiteenlopende maatregelen en geldstromen uitgewerkt die ook voor gemeenten relevant zijn. Het voert te ver om deze programma’s hier samen te vatten. Maar enkele onderdelen zijn uitgelicht: 

2

Het Rijk voert momenteel beleid gericht op bestrijding van energiearmoede door snel de energierekening of het

Gemeente Gouda: https://www.gouda.nl/gouda-werkt-aan-de-stad/goudaaardgasvrij/transitievisie-warmte/ 3 Rijksoverheid: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2022/06/01/beleidsprogrammaversnelling-verduurzaming-gebouwde-omgeving

7

4

energieverbruik van huishoudens te verlagen. Gemeenten hebben hierin een belangrijke rol. Gemeentes hebben al tweemaal een specifieke uitkering ontvangen bedoeld voor maatregelen in woningen die snel energie kunnen besparen, en zij hebben geld ontvangen om een energietoeslag uit te keren aan huishoudens op of onder 130% van het sociaal minimum. Het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) voorziet in een meerjarige, lokale aanpak van gemeentes voor isolatie van koopwoningen met E, F en G-labels. Een eerste uitkering uit het NIP heeft de gemeente ontvangen in juli 2022 (samen met een additioneel bedrag ter bestrijding van energiearmoede). Er zijn landelijke prestatieafspraken gemaakt met de woningcorporaties waarin ook de doelstellingen uit het NIP zijn verwerkt. Belangrijke wijziging is het vervallen van de verhuurdersheffing en het versneld isoleren van woningen in de sociale huursector. Onderdeel van de nieuwe prestatieafspraken is ook de oude afspraak om uiterlijk in 2028 de slechtste energielabels uit te faseren. De landelijke prestatieafspraken moeten doorwerken in de lokale prestatieafspraken5. Daarnaast breidt het Rijk (bestaande) landelijke regelingen uit voor huiseigenaren, zowel particulieren, VvE’s als verhuurders,

Rijksoverheid: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/publicaties/2022/04/02/nationaalisolatieprogramma 5 Aedes: https://aedes.nl/nationale-prestatieafspraken/wat-omvatten-de-nationaleprestatieafspraken-op-hoofdlijnen

zodat zij beter in staat zijn hun woningen te verduurzamen. Het gaat dan om een combinatie van financiële steun (zowel subsidie als leningen) en regels, zogenaamde normering. Er is een landelijk Programma Hybride Warmtepomp met als doel om voor 2030 1 miljoen hybride warmtepompen te installeren in Nederland. Het Rijk maakt afspraken met de sector om de installatiecapaciteit uit te breiden en de kosten te verlagen. Ook breidt het Rijk subsidieregelingen uit om de hybride warmtepomp te stimuleren en is het Rijk voornemens om vanaf 2026 normen te stellen aan nieuwe verwarmingssystemen waardoor de hybride warmtepomp het nieuwe standaard verwarmingssysteem wordt voor woningen waar zij technisch haalbaar zijn en waar gemeenten de komende 10 jaar geen plannen hebben om aardgasvrij te worden. Bij de stimulering of normering van de hybride warmtepomp voorziet het Rijk vooralsnog geen rol voor gemeenten. Er zijn landelijke Standaard en Streefwaarden6 voor woningisolatie. De Standaard is een toekomstvaste standaard die aangeeft wanneer een woning transitiegereed is (gereed voor aardgasvrije verwarming). De Streefwaarden zijn technische waarden die voor verschillende bouwdelen aangeven wanneer deze voldoende zijn voor de Standaard.

1.2 Lokaal beleid Het beleid van gemeente Gouda dat relevant is voor energiebesparing is vooral terug te vinden in de transitievisie warmte. Daarnaast is ook het actuele bestuursakkoord relevant. 

In de Transitievisie Warmte Gouda 2021 staat de Goudse ambitie om in 2040 aardgasvrij te zijn. Deze ambitie is bevestigd in het bestuursakkoord 2022-2026. Energiebesparing is randvoorwaardelijk voor aardgasvrije verwarming. Zeker in Gouda, waar weinig tot geen hoge temperatuurbronnen ter beschikking staan. Hoewel het alternatief voor aardgas volgens de Transitievisie Warmte kan verschillen per buurt, is energiebesparing in principe overal nodig. In het Bestuursakkoord 2022-20267 staat dat energiebesparing een van de hoofdpunten is van het duurzaamheidshoofdstuk, en dat de gemeente voornemens is hier extra geld voor uit te trekken. Ook is het college voornemens om een revolverend duurzaamheidsfonds op te zetten waar mogelijk ook energiebesparingsprojecten uit gefinancierd kunnen worden.

1.3 Doorlopen proces Voor het opstellen van het GIP hebben is een proces doorlopen waarbij gedurende een halfjaar vier bijeenkomsten hebben

6

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland: https://www.rvo.nl/onderwerpen/wetten-enregels-gebouwen/standaard-streefwaarden-woningisolatie

8

7

Gemeente Gouda: https://www.gouda.nl/wp-content/uploads/2022/06/Bestuursakkoordgeef-Gouda-door.pdf

plaatsgevonden met een klankbordgroep bestaande uit gemeente Gouda, Energiecoöperatie Gouda, energiecoaches, de woningcorporaties en de huurdersverenigingen. De klankbordgroep heeft steeds input gegeven voor het GIP. Ook is er een brede ambtelijke bijeenkomst geweest. Energiecoöperatie Gouda was daarnaast onderdeel van het opdrachtgeversoverleg. Tevens zijn er isolatiegesprekken gevoerd met in totaal ca. 70 inwoners verdeeld over een fysieke en een digitale bijeenkomst. De deelnemers van de isolatiegesprekken zijn aselect geloot en uitgenodigd door de gemeente.

9

2 Doel van het Gouds Isolatieprogramma In het GIP wordt ervan uitgegaan dat er tot 2040 nog ca. 29 duizend woningen geïsoleerd moeten worden tot de landelijke Standaard voor woningisolatie. Gebouweigenaren zullen hiervoor ongeveer 40 duizend isolatie-ingrepen moeten doen aan gevels, daken, vloeren en beglazing. Een deel van de opgave wordt gerealiseerd als gevolg van landelijke maatregelen, zoals afspraken met verhuurders, betere (financiële) regelingen en een betere informatievoorziening. Een deel van de woningeigenaren zal echter hulp nodig hebben van de gemeente. In het GIP wordt verwacht dat dat om ongeveer 12 duizend woningen gaat waarbij de komende twee jaar zo’n 1350 isolatie-ingrepen moeten plaatsvinden.

2.1 Naar welk isolatieniveau gaat Gouda toe? De gemeente stelt zich ten doel om in 2040 een aardgasvrije gebouwde omgeving te hebben. Dit is 10 jaar eerder dan de landelijke doelstelling. Energiebesparing is randvoorwaardelijk voor aardgasvrij aangezien de meeste aardgasvrije alternatieven voor verwarmen met aardgas werken met lagere temperaturen, waardoor isolatie een noodzakelijke tussenstap is. Daarnaast levert energiebesparing op zichzelf ook al een CO2-besparing op, leidt het tot een lagere energierekening en leidt het vaak ook tot een comfortabelere en gezondere woning met minder tocht en vocht. In de Transitievisie Warmte is gesproken over een niveau van isolatie waarop de woning gereed is voor aardgasvrije verwarming, ofwel

10

‘aardgasvrij-ready’. Inmiddels is er een landelijke definitie van dit niveau in de vorm van de landelijke Standaard voor woningisolatie. De Standaard komt ongeveer overeen met de schilmaatregelen die horen bij een energielabel A of B bij een naoorlogse woning, en een energielabel D bij een vooroorlogse woning. Omdat niet met zekerheid te stellen is of een woning met label B op de Standaard zit, is veiligheidshalve in alle analyses aangenomen van niet. Bijbehorende streefwaarden voor afzonderlijke bouwdelen ondersteunen het behalen van de Standaard bij een stapsgewijze aanpak. Bouwdelen zijn onderdelen van de woning die de warmtevraag bepalen. De vier ‘grote’ bouwdelen zijn het dak, de vloer, de ramen en de gevel. Isolatie van deze bouwdelen is kostbaar en zal door de meeste mensen ervaren worden als een verbouwing. Daarnaast worden gevelpanelen, de voordeur, de mate van kierdichting en de ventilatie ook tot de bouwdelen gerekend. Het aanpassen van deze onderdelen is relatief eenvoudig en minder kostbaar, en kan vaak gecombineerd worden met een groter bouwdeel, bijvoorbeeld kierdichten bij de kozijnen als het glas vervangen wordt. De streefwaarden gaan verder dan de Standaard. Dat betekent dat een woning op de Standaard kan komen zonder alle bouwdelen te

Figuur 1: Schematische weergave van de relatie tussen de Standaard en Streefwaarden

Huidig

Standaard

Som van streefwaarden

hoeven isoleren, mits gebouweigenaren zoveel mogelijk de streefwaarden hanteren voor de bouwdelen die ze wel isoleren. Dit beperkt het aantal ingrepen dat een gebouweigenaar hoeft te zetten voordat de woning ‘klaar’ is. Wanneer alle woningen op de Standaard zitten, zijn zij gereed voor aardgasvrije verwarming. Hieruit volgt dat alle woningen in Gouda uiterlijk in 2040 op de Standaard moeten zitten. Niet alle woningen zullen hetzelfde tempo doorlopen: in oudere woningen moet vaak meer gebeuren en zij zullen dan ook meer ingrepen nodig hebben voordat zij op de Standaard zitten. Daarentegen zijn er ook woningen die al (bijna) op de Standaard zitten.

de technische (on)mogelijkheden van de woning8. De meeste eigenaren zullen bij een ingreep niet meer dan één bouwdeel aanpakken. Koplopers en verhuurders zullen vaker meerdere bouwdelen in één keer aanpakken. In het geval van appartementen worden in principe de bouwdelen van het hele pand in één keer gedaan, dus het hele dak of alle beglazing. Op basis van deze getallen is tot de berekening gekomen dat er tot en met 2040 in Gouda ruim 40 duizend ingrepen moeten plaatsvinden om de hele woningvoorraad op de Standaard te brengen. Een gedetailleerde berekening van deze doelstelling is opgenomen in Bijlage A.

2.2 Berekening doelstelling Gouds Isolatieprogramma

Tabel 1: Indicatoren doelstelling Gouds Isolatieprogramma

2.2.1 Van aardgasvrij 2040 naar aantal isolatie-ingrepen

Aantal woningen

34.937

Aantal woningen nog niet op de Standaard

29.347

Aantal te isoleren bouwdelen (dak, gevel, vloer, glas). Gemiddeld 2,5 bouwdeel tot de Standaard.

48.095

Er zijn bijna 35 duizend woningen in Gouda. Hiervan zitten ongeveer 5,5 duizend al op de Standaard omdat zij al goed geïsoleerd zijn. De isolatieopgave is dus ruim 29 duizend woningen, verdeeld over 18 duizend eengezinswoningen en 11 duizend meergezinswoningen. Te verwachten is dat die 29 duizend woningen niet in één keer zullen isoleren naar de Standaard, maar in twee à drie ingrepen, afhankelijk van natuurlijke momenten zoals verhuizing, de beschikbaarheid van voldoende middelen, de mate waarin een woning al geïsoleerd is, en 8

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland: https://www.topsectorenergie.nl/sites/default/files/uploads/Urban%20energy/publicaties/Keu rmerk%20stapsgewijs%20verduurzamen%20van%20particuliere%20woningen.pdf

11

Indicator

Waarde

Waarvan bij eengezinswoningen

44.855

Waarvan bij meergezinswoningen

3.240

Inschatting aantal ingrepen tot alle bouwdelen zijn geïsoleerd (gemiddeld 1,2 bouwdeel per ingreep)

40.079

Figuur 2: Doelstellingen per jaar als curves in drie scenario's 45.000 40.000

 

Een rechte lijn naar de Goudse doelstelling voor aardgasvrij in 2040 betekent ongeveer 2.200 ingrepen per jaar gedurende de achttien jaar die nog resteren. Dit scenario heeft de voorkeur omdat daarmee voorkomen wordt dat er op een later moment nog versneld moet worden. Het volgen van de landelijke doelstelling zou neerkomen op 1.400 ingrepen per jaar. Dit scenario dient slechts als referentiescenario aangezien de Goudse doelstelling op 2040 ligt. Als gemeente Gouda een versnellingscurve hanteert is de inspanning de komende jaren vergelijkbaar met het landelijk tempo, maar loopt deze ieder jaar steeds verder op.

12

20.000 15.000 10.000 5.000

Lineaire groei GIP

2040

2039

2038

2037

2036

2035

2034

2033

2032

2031

2030

2029

2028

-

2027

Voorkeursscenario: in een rechte lijn naar aardgasvrij 2040 (lineair) Naar aardgasvrij 2040 met een versnelling (exponentieel) Het landelijke tempo aanhouden op basis van het Nationaal Isolatieprogramma en de landelijke doelstelling (aardgasvrij 2050).

25.000

2026

30.000

2025

Vervolgens is het belangrijk om te kijken in welk tempo het nemen van isolatie-ingrepen moet gebeuren. Dit is relevant om te komen tot concrete aantallen voor het activiteitenprogramma 2023-2024. Er zijn drie scenario’s uitgewerkt. Een voorkeursscenario en twee referentiescenario's:

35.000

2024

Tempo van het nemen van isolatie-ingrepen

2023

2.2.2

Exponentiële groei GIP

Opgave NIP 2030 (naar rato)

Tabel 2: Doelstellingen GIP uitgewerkt in twee groeitempo's en het landelijk tempo voor 2023, 2024 en 2030. In aantallen isolatieingrepen. Scenario

2023

2024

Activiteitenprogramma 2023-2024

Doelstelling GIP 2030

Rechte lijn

2.227

2.227

4.453

17.813

Groeicurve

1.431

1.751

3.183

15.736

Landelijk tempo

1.431

1.431

2.863

11.451

In concrete aantallen betekent dit de doelstelling van het GIP tot 2030 ongeveer 16 à 18 duizend ingrepen is, afhankelijk van de keuze voor een groeicurve of niet. Bij een landelijk tempo is dat significant lager met ruim 11 duizend ingrepen. Voor de komende twee jaar, waar het activiteitenprogramma op ingericht is, ligt het landelijk tempo in de buurt van het scenario met groeicurve, namelijk rond de 3 duizend ingrepen. Zonder groeicurve is de doelstelling voor de komende twee jaar al gelijk relatief hoog met meer dan 4 duizend ingrepen.

2.2.3 Uitsplitsing van de doelstelling naar categorieën De doelstellingen zijn concreter gemaakt door deze op te splitsen in enkele categorieën. Deze categorieën volgen uit het NIP en zijn gekoppeld aan landelijke regelingen, geldstromen en regelgeving. Het NIP maakt ten eerste onderscheid in koop- en huurwoningen. Huurwoningen worden opgesplitst in woningcorporatiehuur en particuliere huur. De Rijksoverheid wil energiebesparing in deze sector stimuleren door enerzijds bindende afspraken te maken met verhuurders (normering) en anderzijds middelen beschikbaar stellen. Voor deze sectoren zijn het dus in eerste instantie de verhuurders zelf die aan de slag moeten met hun vastgoed, met behulp van landelijke middelen en normering. Koopwoningen worden onderverdeeld in twee even grote groepen: koopwoningen ‘op eigen initiatief’ en koopwoningen waarvoor de gemeente een lokale aanpak organiseert. Koopwoningen op eigen initiatief zijn woningen van eigenaren die de komende jaren met hulp van landelijke regelingen stapsgewijs verduurzamen, zonder hulp van de gemeente. De lokale aanpak van gemeentes is gericht op

13

woningeigenaren die niet op eigen initiatief hun woning kunnen of willen verduurzamen. Dit zijn ook woningen van eigenaren waarvoor de landelijke regelingen en informatievoorziening niet toereikend zijn. De lokale aanpak moet aansluiten op de Transitievisie Warmte en bewonersinitiatieven, en gemeentes krijgen hier geld voor van de Rijksoverheid. De Rijksoverheid wil dat gemeentes tot 2030 prioriteit leggen op de slechtst geïsoleerde koopwoningen (energielabels E, F en G) van eigenaren die de meeste ontzorging nodig hebben. Op basis van deze categorieën is de Goudse doelstelling voor de lokale aanpak in 2023 en 2024 nader gespecificeerd, zodat de gemeente met haar partners na vaststelling van het GIP meteen aan de slag kan. De Goudse opgave voor de lokale aanpak in 2023 en 2024 is 1.354 isolatie-ingrepen bij een rechte lijn naar de doelstelling en 968 woningen bij een groeicurve.

Tabel 3: Opgave voor de lokale aanpak van de gemeente Gouda, in aantallen isolatie-ingrepen voor 2023 en 2024 Categorie

Isolatieingrepen

Rechte lijn (voorkeursscenario) 1.354

Groeicurve

Landelijk tempo 968

870

3 Doelgroepen van het Gouds Isolatieprogramma Doelgroepen zijn van belang omdat de gemeente haar inzet moet prioriteren en omdat de landelijke geldstromen ook deels gekoppeld zijn aan specifieke doelgroepen. De doelgroepen zijn uitgewerkt in twee categorieën: 

Doelgroepen die prioriteit krijgen voor het activiteitenprogramma 2023-2024, grotendeels gekoppeld aan landelijke geldstromen. Het gaat om koopwoningen met slechte energielabels, huishoudens met energiearmoede, en eigenaren van monumenten en woningen in het beschermd stadsgezicht. Overige doelgroepen, waarvoor een doorkijk is gegeven na 2024 en die bij evaluatie van het programma opnieuw kunnen worden geprioriteerd. Het gaat om (gemengde) VvE’s, particuliere verhuurders en woningcorporatiewoningen.

3.1 Doelgroepen voor 2023-2024 Het GIP prioriteert drie doelgroepen in de programmaperiode 20232024: particuliere woningeigenaren met slechte energielabels die ontzorging nodig hebben, huishoudens met (risico op) energiearmoede en eigenaren van monumenten en woningen in het beschermd stadsgezicht. Deze doelgroepen zijn een voor een uitgewerkt.

14

3.1.1 Koopwoningen met E, F en G-energielabels Er zijn 7.493 woningen in Gouda met een energielabel E, F of G in eigendom van particulieren. 1.587 hiervan zijn onderdeel van een VvE. Niet alle woningen hebben een afgemeld energielabel. Woningen zonder afgemeld energielabel zijn ingeschat op basis van bouwjaar en woningtype. Deze doelgroep sluit volledig aan bij de ‘lokale aanpak’ van het NIP, en voor deze doelgroep zijn ook de structurele middelen uit het NIP bedoeld. Voor de periode 2023-2024

Figuur 3: Kaart met koopwoningen met slechte labels in Gouda, uitgesplitst naar woningen met een onder gemiddeld inkomen en bovengemiddeld gasverbruik en overige koopwoningen.

is de Goudse doelstelling tussen de 1.000 en 1.400 isolatie-ingrepen, afhankelijk van het tempo. Het aantal woningen binnen deze doelgroep is nog relatief groot in vergelijking met de doelstelling, dus is de doelgroep nog iets verder verfijnd door ook te kijken naar gasverbruik en gemiddeld bruto huishoudinkomen op postcodeniveau: bij deze doelgroep is de noodzaak tot energiebesparing relatief groot. Als gekeken wordt naar de combinatie van EFG-labels, bovengemiddelde gasverbruiken en ondergemiddelde inkomens, ontstaat een groep van 4.109 koopwoningen (inclusief VvE-woningen)9. Deze woningen zijn geconcentreerd in de wijken Binnenstad, Kort Haarlem, Korte Akkeren en Noord en langs de oude linten.

Figuur 4: Kaart met postcodes waar verhoogd risico is op energiearmoede en waar besparingspotentie is op basis van energielabels

3.1.2 Huishoudens met (risico op) energiearmoede Een zeer actuele doelgroep is de doelgroep energiearmoede, die bestaat uit zowel kopers als huurders. In 2022 en 2023 zijn eenmalige uitkeringen van de Rijksoverheid beschikbaar om deze doelgroep te helpen met energiebesparende maatregelen. Er zijn verschillende definities van energiearmoede. Een definitie is dat het huishoudens betreft die bezuinigen op energie om andere kosten te kunnen betalen. Een ander definitie is de combinatie van een laag inkomen met een hoge energierekening. De doelgroep die daadwerkelijk momenteel kampt met energiearmoede bedraagt volgens onderzoek van TNO ca. 1.600 huishoudens10. Dit onderzoek is echter uit 2021 en

9

Voor gemiddeld gasverbruik hanteert de gemeente Milieu Centraal als richtlijn met 1.200 m3/jaar. Voor inkomen hanteert de gemeente het gemiddeld bruto huishoudeninkomen op postcode-5 niveau volgens CBS, met 2017 als laatste datapunt.

15

verwacht wordt dat de doelgroep inmiddels is gegroeid. Een andere manier om de doelgroep te definiëren is door te kijken naar de sociale minima: oftewel de ontvangers van de eenmalige energietoeslag in 2022. Voor het GIP is een definitie gehanteerd van de doelgroep zodat deze met openbare data in kaart te brengen is. Ten eerste is ervan 10

TNO: https://www.tno.nl/nl/over-tno/nieuws/2021/9/tno-brengt-energiearmoedegedetailleerd-in-kaart/

uitgegaan dat de woning nog besparingspotentie heeft. Als er geen besparingspotentie meer is en er is toch energiearmoede, dan is energiearmoede op de eerste plaats een armoedeprobleem en geen energieprobleem. Om dit te meten is uitgegaan van energielabel D of slechter, in lijn met de werkwijze van de werkgroep energiearmoede die sinds begin 2022 actief is in Gouda. Daarnaast is ook hier gekeken naar een combinatie van ondergemiddelde inkomens en bovengemiddelde gasverbruiken op postcodeniveau. Hier is wel voor eigendomssituatie gecorrigeerd: huurders wonen vaak in kleinere woningen en hebben dus sowieso al een lagere energierekening. Met deze berekening ontstaat een groep van ca. 5.600 huishoudens, waarvan ca. 1.900 huishoudens wonen in een huurwoning en de rest in een koopwoning. Doordat deze berekening een hoog gasverbruik als criterium meeneemt is het aantal huishoudens dat al (structureel) bezuinigt op de energienota door minder te stoken waarschijnlijk onderschat. De gebruikte data voor gasverbruiken zijn wel uit 2020, van voor de extreme prijsstijgingen dus. Te zien is dat de huishoudens met risico op energiearmoede volgens deze methode in dezelfde buurten wonen als de buurten met de slechte energielabels. Dit zijn overigens ook zeer diverse buurten waar naast huishoudens met lagere inkomens ook huishoudens met hogere inkomens wonen.

Het kan daarom zijn dat er straten en buurten op de kaart oplichten waar energiearmoede zeker niet per se een probleem is. Interessant is het patroon van de eigendomssituatie: particuliere huurders zijn geconcentreerd in de binnenstad, woningcorporatiewoningen in verschillende clusters buiten de binnenstad.

16

3.1.3 Monumenten en beschermd stadsgezicht De derde doelgroep die is geprioriteerd voor de komende twee jaar is de doelgroep gemeentelijke en Rijksmonumenten en woningen in het beschermd stadsgezicht. Uit de Goudse isolatiegesprekken kwam dat er veel belemmeringen worden ervaren bij het verduurzamen van deze woningen. Daarnaast is het een omvangrijke doelgroep in een stad als Gouda en is het verduurzamen van deze woningen relatief complex en tijdrovend, waardoor het belangrijk is om hiermee op tijd te beginnen. Gouda heeft bijna 900 gemeentelijke monumenten en ongeveer 350 Rijksmonumenten. Een groot deel hiervan betreft woningen.

Figuur 5: Detailkaart gemeentelijke en Rijksmonumenten (grijze punten en vlakken) en beschermd stadsgezicht (blauwe zone)

Daarnaast liggen er bijna 4.400 woningen in het beschermd stadsgezicht. De meeste monumenten liggen in het beschermd stadsgezicht (de binnenstad) en langs de oude linten zoals de Bloemendaalseweg. Van alle monumenten en woningen in het beschermd stadsgezicht is iets meer dan de helft in handen van particuliere eigenaren en de rest van woningcorporaties of particuliere verhuurders.

heeft wel wetgeving aangekondigd om de isolatie van huurwoningen (zowel particulier als sociaal) met EFG-labels te verplichten.

3.2 Doelgroepen 2024 – 2030

Figuur 6: Particulier verhuurde woningen die waarschijnlijk nog niet op de Standaard zitten

Naast de doelgroepen voor de komende twee jaar worden doelgroepen onderscheiden die het GIP na 2024 prioriteert:   

In Gouda zijn er naar schatting nog ongeveer 2.700 particulier verhuurde woningen die niet op de Standaard zitten. Hiervan zijn er 700 in handen van natuurlijke personen die één of meerdere woningen hebben. Ruim 2.000 zijn in handen van rechtspersonen

Particuliere verhuurders (Gemengde) VvE’s Woningcorporatiewoningen

3.2.1 Particuliere verhuurders Particuliere verhuurders zijn een relatief kleine, maar ingewikkelde doelgroep omdat dit relatief veel woningeigenaren zijn en omdat de gemiddelde energieprestatie van particuliere huurwoningen ook slechter is dan bij koopwoningen en corporatiehuurwoningen11. Daarnaast hadden particuliere verhuurders tot voor kort geen prikkel om hun woningen te verduurzamen en pas sinds 2022 bestaat er een financiële regeling om hen te helpen bij verduurzaming. Het kabinet

11

WoON 2018: https://www.woononderzoek.nl/nieuws/Inzichten-uit-de-EnergiemoduleWoON-

17

2018/93#:~:text=De%20Energiemodule%202018%20is%20een,ten%20aanzien%20van%20en ergiebesparende%20maatregelen.

(maatschappijen), waarvan de grootste 172 woningen heeft in Gouda en de kleinste 1 woning.

3.2.2 (Gemengde) VvE’s Hoewel Gouda in 2022 al VvE’s ondersteunt met verduurzaming is de verwachting dat het laaghangende fruit op een gegeven moment is geplukt en de huidige aanpak dan niet meer voldoende is. Er zijn ongeveer 6.300 woningen in een VvE in Gouda die nog niet op de Standaard zitten. Ruim twee derde van deze woningen zit in een zogenaamde gemengde VvE, waarbij er naast koopwoningen ook

Figuur 7: VvE's die waarschijnlijk nog niet op de Standaard zitten naar onderscheid gemengd of niet

18

huurwoningen in de VvE zitten (zowel sociale huur als particuliere huur). Als het aantal VvE-woningen gedeeld wordt door het aantal panden waarin die woningen zich bevinden, ontstaat een gemiddelde van negen woningen per pand. Dit is waarschijnlijk een kleine onderschatting van de gemiddelde omvang van VvE’s in Gouda omdat sommige VvE’s bestaan uit meerdere panden.

3.2.3 Corporatiehuurwoningen Tot slot zijn woningcorporatiewoningen onderscheiden als aparte doelgroep. De Rijksoverheid maakt landelijke prestatieafspraken met

Figuur 8: Corporatiehuurwoningen die waarschijnlijk nog niet op de Standaard zitten

koepelorganisatie Aedes. Die werken door in lokale afspraken met lokale woningcorporaties per gemeente. In Gouda is de ambitie om eerder dan de landelijke doelstelling aardgasvrij te zijn. Dit betekent ook dat het isolatietempo van woningcorporaties in Gouda hoger zou moeten liggen dan landelijk. Omdat de Goudse corporaties mogelijk niet voldoende toegerust zijn op de Goudse ambitie, onderscheidt het GIP corporatiehuurwoningen ook als doelgroep. Er zijn in Gouda ongeveer 8.800 corporatiehuurwoningen die waarschijnlijk nog niet op de Standaard zitten. Hiervan zijn ruim zesduizend van Mozaïek Wonen, ruim tweeduizend van Woonpartners Midden-Holland en een kleine tweehonderd van Woonzorg Nederland. Bij deze getallen is op te merken dat de landelijke database van energielabels iets achterloopt, en dat het werkelijke aantal corporatiehuurwoningen dat nog niet op de Standaard zit waarschijnlijk iets lager is.

3.2.4 Spijtvrije (hybride) warmtepompen (Hybride) warmtepompen zijn geen doelgroep, maar een oplossing. Als individuele maatregel waarmee veel gas kan worden bespaard hebben zij wel een plek in het programma. Hybride warmtepompen zijn een belangrijk speerpunt van landelijk beleid en kunnen ook bijdragen aan een snelle CO2-reductie in Gouda. De Rijksoverheid werkt momenteel nog de normering uit die er toe moet leiden dat hybride warmtepompen vanaf 2026 de nieuwe standaard worden voor het verwarmen van woningen in de bestaande bouw. Bij de stimulering of normering van de hybride warmtepomp voorziet het Rijk vooralsnog geen rol voor gemeenten.

19

Als richtlijn geeft de Rijksoverheid dat een hybride warmtepomp spijtvrij is in een buurt als de gemeente niet binnen 10 jaar wil starten met een aardgasvrij alternatief. Met deze richtlijn is gekeken in welke buurten de hybride warmtepomp spijtvrij zou zijn in Gouda op basis van de transitievisie warmte. Dat zijn ongeveer 20 duizend woningen in Gouda. Deze woningen hebben minstens energielabel D en bevinden zich niet in een verkenningsblok van de transitievisie warmte. Van deze 20 duizend woningen zijn er 4.600 met minstens energielabel B en bevinden zich in een buurt waar individuele oplossingen ook het eindbeeld zijn van de transitievisie warmte. Deze

Figuur 9: Woningen waar (hybride) warmtepompen spijtvrij zijn en mogelijk kansrijk op basis van energielabel

woningen zouden in principe ook direct de stap kunnen maken naar all-electric, mits de woning daarvoor geschikt is. Woningen van na 2019 zijn in principe al aardgasvrij en zijn dus uitgefilterd in deze analyse. Van alle woningen waar in ieder geval de hybride warmtepomp spijtvrij is zijn er ruim 11 duizend koopwoning, 7 duizend woningcorporatiewoningen en tweeduizend particuliere huurwoningen.

20

4 Inventarisatie van regelingen, activiteiten en belemmeringen Er bestaan al veel verschillende landelijke en gemeentelijke regelingen voor energiebesparing, zowel voor gebouweigenaren als voor de gemeente zelf. Veel van deze regelingen zijn recentelijk uitgebreid of worden nog uitgebreid. De gemeente heeft incidenteel meer dan 800 duizend euro ontvangen voor de bestrijding van energiearmoede, en kan structureel aanspraak maken op geld uit het Nationaal Isolatieprogramma. Woningeigenaren in Gouda lopen ondanks de regelingen nog steeds tegen belemmeringen aan, met name bewoners van monumenten en het beschermd stadsgezicht.

4.1 Inventarisatie van regelingen Er zijn verschillende landelijke, regionale en lokale regelingen voor woningeigenaren én de gemeente, zowel subsidies als financieringen en voor verschillende type eigenaren. Regelingen die per 1 januari 2023 vervallen zijn niet in het overzichten opgenomen. Het gaat hier om de RREW voor gemeentes en de SVV-V regeling voor woningcorporaties.

12

Overheid.nl: https://www.internetconsultatie.nl/svve/b1

21

4.1.1 Regelingen voor gebouweigenaren Een deel van de regelingen is recentelijk aangepast in het kader van het Nationaal Isolatieprogramma of wordt binnenkort nog aangepast.

Tabel 4: Overzicht van landelijke, regionale en lokale regelingen voor woningeigenaren Regeling

Doelgroep

Toelichting

Verstrekker en link

Investeringssubsidie Duurzame Energie en Energiebesparing (ISDE)

Particulieren

Investeringssubsidie voor bijvoorbeeld isolatie en warmtepompen.

RVO

Subsidie Energiebesparing Eigen Huis (SEEH)

VvE’s

Investeringssubsidie voor energieadvies en energiebesparende maatregelen. Deze regeling wordt op een gegeven moment vervangen door een nieuwe, uitgebreidere regeling12 (SVVE).

RVO

Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH)

Particuliere verhuurders

Doe-hetzelversregeling

Nationaal Warmtefonds (leningen en hypotheken)

Subsidie Lokale Initiatieven Provincie ZuidHolland

22

Investeringssubsidie voor energiebesparende maatregelen

RVO

Particuliere die werken zonder aannemer

Een aangekondigde en nog vorm te geven regeling voor particulieren die zelf hun woning verduurzamen zonder aannemer.

N.n.b.

Particulieren en VvE’s

Het Nationaal Warmtefonds verschaft leningen en hypotheken voor energiebesparing tegen de meest gunstige voorwaarden. Per 1 oktober 2022 worden deze regelingen uitgebreid

Nationaal Warmtefonds

Subsidie voor inwoners die gezamenlijk energie willen besparen of willen

Prov. ZuidHolland

Bewonerscollectieven en energiecoöperaties

investeren in duurzame energie Subsidie Samen Aardgasvrij / Subsidie Samen Naar Duurzame Warmte

Bewonerscollectieven en energiecoöperaties

Bestaande regelingen voor bewonerscollectieven om proceskosten te betalen. Gemeente Gouda wil op termijn toe naar één regeling voor bewonerscollectieven.

Gemeente Gouda

Subsidie Energiezuinig Instellen Verwarming

Particulieren

Subsidie voor het energiezuinig inregelen van de verwarming. Deze regeling loopt af omdat de dekking (RREW) afloopt.

Gemeente Gouda

Korting leges verduurzamen monument

Eigenaren van monumenten

Korting op de bouwleges bij het verduurzamen van een monument

Gemeente Gouda

De inventarisatie van regelingen voor woningeigenaren laat zien dat er al heel veel regelingen zijn voor alle eigendomssituaties. De Rijksoverheid richt zich op investeringssubsidies en financieringen en de provincie en gemeente richten zich op subsidies voor collectieven.

Een belangrijke regeling is die van het Warmtefonds: dit is de enige financieringsregeling in de lijst en wordt per 1 oktober 2022 uitgebreid. Vanaf dat moment kunnen eigenaren met een laag inkomen en zonder leenruimte, zonder restschuldrisico en tegen 0%rente een voorfinanciering krijgen in de vorm van de Energiebespaarhypotheek. Voor overige eigenaren is er de Energiebespaarlening, ook van het Warmtefonds. Er is contact geweest met het Warmtefonds en zij adviseren gemeentes om geen soortgelijke regelingen te creëren, maar juist om de bewoners op de regelingen van het Warmtefonds te wijzen.

4.1.2 Regelingen voor de gemeente Naast regelingen voor gebouweigenaren zijn er ook regelingen voor de gemeente. Hier zijn de landelijke geldstromen aan gekoppeld. Voor de structurele gelden na 2023 is nog niet alles bekend. De gemeente heeft daarom voorlopige bedragen berekend voor Gouda op basis van bedragen in de Rijksbegroting en verdeelsleutels van de gelden die Gouda in 2022 heeft ontvangen.

Tabel 5: Regelingen voor de gemeente. Voorlopige of ingeschatte bedragen zijn cursief. Uitkering

Toelichting

Middelen aanpak energiearmoede januari 2022 (specifieke uitkering)

Een eenmalige, specifieke uitkering bedoeld voor maatregelen die de energierekening verlagen. Te besteden voor 31/12/2023.

23

Beschikbaar bedrag € 423.004

Middelen aanpak energiearmoede juli 2022 (specifieke uitkering)

Een eenmalige, specifieke uitkering met twee bedragen: een additioneel bedrag voor de aanpak van energiearmoede en een bedrag om een begin te maken met de lokale aanpak voor de isolatie van koopwoningen met EFGlabels. Te besteden voor 31/21/2023.

€ 423.004 (energiearmoede)

Decentralisatieuitkering uitvoeringskosten Klimaatakkoord

Gemeenten krijgen in 2022 tot en met 2030 een uitkering voor de uitvoeringskosten van het Klimaatakkoord via het gemeentefonds. In 2022 is dit bedrag al uitgekeerd met de meicirculaire. Deze uitkering is niet alleen bedoeld voor energiebesparing, maar ook voor andere uitvoeringskosten van het Klimaatakkoord. De bedragen van deze uitkering

€ 441.938 (2022)

€ 306.958 (lokale aanpak)

€ 866.545 (2023) € 1.444.242 (2024) € 2.310.787 (2025) € 2.310.787 (2026)

lopen op tot en met 202513. De bedragen na 2022 zijn berekend door de rato van 2022 toe te passen op de begrote bedragen voor komende jaren. Structurele middelen uit het Nationaal Isolatieprogramma op basis van meerjarige plannen

Dit betreft een nieuwe regeling waarbij gemeenten aanspraak kunnen maken op geld uit het Nationaal Isolatieprogramma voor de isolatie van koopwoningen met EFG-labels, op basis van een meerjarig plan. De voorwaarden van deze regeling zijn nog niet volledig bekend. Naar verwachting komt deze regeling in oktober 2022 in consultatie en gaat hij begin 2023 open.

uitvoeringskosten in een verhouding 70/30.

€ 464.692 (2023) € 190.938 (2024) 2025 en verder n.n.b.

De verwachting is dat het geld bedoeld zal zijn voor isolatievouchers voor huishoudens en voor

13

Rijksoverheid: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2022/06/01/beleidsprogrammaversnelling-verduurzaming-gebouwde-omgeving

24

Uit het overzicht van regelingen voor de gemeente blijkt dat er tot en met 2023 veel incidenteel geld beschikbaar is voor energiearmoede. Het is niet uitgesloten dat er nog meer additionele middelen voor de aanpak van energiearmoede volgen als de huidige hoge energieprijzen aanhouden. Daarnaast ziet de gemeente dat de decentralisatieuitkering voor uitvoeringskosten Klimaatakkoord waarschijnlijk gaat oplopen de komende jaren. Dit geld is echter ook bedoeld voor de andere klimaatonderwerpen. Ten slotte is te zien dat er structureel geld beschikbaar komt voor uitvoering van de lokale aanpak van het NIP. Gemeentes kunnen aanspraak maken op dat geld middels een meerjarig plan. De precieze voorwaarden daarvoor zijn nog niet bekend. Op basis van informele bronnen verwacht de gemeente echter dat het gaat om geld dat besteed mag worden aan isolatievouchers voor particulieren met slechte energielabels en uitvoeringskosten in een verhouding 70/30.

4.1.3 Instrumenten voor de gemeente Hoewel de gemeente de regie heeft over de verduurzaming van de gebouwde omgeving, gaan woningeigenaren over hun eigen woning. De Rijksoverheid werkt aan wetgeving om gemeenten meer bevoegdheden te geven voor het bepalen van de energie-

infrastructuur in een wijk. Het Besluit warmtetransitie gebouwde omgeving (Bwig) geeft gemeenten de mogelijkheid om de levering van aardgas in een bepaalde wijk te stoppen na een bepaalde datum. Er moet dan wel perspectief zijn op een alternatieve energievoorziening waar gebouweigenaren op kunnen aansluiten. Aangezien isolatie een randvoorwaarde is voor de meeste duurzame, alternatieve energievoorzieningen, is deze bevoegdheid hooguit een indirecte sturingsmogelijkheid op energiebesparing. De Bwig is in juli 2022 in consultatie gegaan en wordt in 2023 of 2024 verwacht14. De Rijksoverheid werkt daarnaast aan enkele normen, onder andere voor huurwoningen en voor de duurzaamheid van verwarmingsinstallaties. Hierdoor kunnen slecht geïsoleerde woningen vanaf 2030 niet meer worden verhuurd en vervangt de hybride warmtepomp vanaf 2026 de cv-ketel als norm voor verwarmingstoestel. Het is nog onduidelijk hoe de handhaving van deze normen in de praktijk wordt gebracht. Mogelijk krijgen gemeenten hier nog een rol in combinatie met nieuw instrumentarium.

4.2 Inventarisatie van activiteiten Gemeente Gouda organiseert al veel op het gebied van energiebesparing. Daarmee ligt er al een goede basis voor het GIP. De ondersteuning van Gouda varieert van financiële regelingen tot

14

Rijksoverheid: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/duurzaam-bouwen-enverbouwen/nieuws/2022/07/21/besluit-voor-warmtetransitie-in-gebouwde-omgeving-inconsultatie

25

de inzet van energiecoaches en informatievoorziening van een digitaal en fysiek energieloket.

Tabel 6: Huidig ondersteuningsaanbod van de gemeente Gouda Huidig ondersteuningsaanbod

Toelichting

Energiecoaches en monumentenadviseur

Ca. 13 vrijwilligers die met ondersteuning van de gemeente Gouwenaren voorzien van gratis energieadvies. Bewoners van monumenten kunnen daarnaast ook advies krijgen van de monumentenadviseur van gemeente Gouda. Een energiecoach kan ongeveer 35 adviezen per jaar uitbrengen.

Quickscan VvE’s

Kosteloos een uitgebreide doorrekening in een computermodel en advies over verduurzaming van een VvE inclusief toelichting op een VvE-vergadering.

Aanpak laagdrempelige maatregelen

Laagdrempelige energiebesparende maatregelen zoals radiatorfolie en tochtstrips kunnen tot 10% op de energierekening besparen. Voorheen werkte de gemeente met Groene Bonnen die inwoners konden verzilveren voor dergelijke maatregelen.

Gouda verkent inmiddels een huis-aanhuisaanpak om laagdrempelige maatregelen te bezorgen én monteren bij huishoudens die vallen onder de doelgroep met (risico op) energiearmoede. Voor een meer structurele aanpak werft de gemeente momenteel vrijwillige energieklussers voor ondersteuning bij het aanbrengen van laagdrempelige energiebesparende maatregelen. Digitaal platform

Gouda heeft een eigen digitaal duurzaamheidsplatform (www.maakgoudaduurzaam.nl)

Fysiek energieloket

Sinds april 2022 werkt de gemeente met een zichtbaar en mobiel energieloket, bemand door vrijwilligers.

Communicatie

Naast het digitaal platform en het fysieke energieloket organiseert Gouda de Duurzaamheidsmarkt waar in november 2021 ruim 1000 bezoekers waren. De gemeente adverteert via lokale en social media en heeft een nieuwsbrief met ca. 1.800 geabonneerden.

15

Ecorys: https://www.duurzaamerfgoed.nl/initiatieven/belemmeringen-verduurzamenmonumenten

26

4.3 Inventarisatie van belemmeringen Woningeigenaren ervaren veel belemmeringen bij het verduurzamen van hun woning, met name bewoners van monumenten en van het beschermd stadsgezicht. Deze belemmeringen zijn geïnventariseerd tijdens twee Goudse Isolatiegesprekken met inwoners uit Gouda: ca. 20 digitale deelnemers en ca. 50 fysieke deelnemers. Ook is er een rondvraag gedaan bij bewonerscollectieven die zich met duurzaamheid bezighouden en bij de energiecoaches. Het adresseren en verhelpen van deze belemmeringen is een onderdeel van het GIP. Daarnaast is er in juli een onderzoek en advies gepubliceerd door Ecorys in opdracht van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RCE)15. In dit onderzoek zijn veel van de belemmeringen terug te vinden waar monumenteneigenaars in Gouda ook tegenaanlopen.

Tabel 7: Inventarisatie van belemmeringen bij energiebesparing Belemmering

Toelichting

Bevoegd gezag

Handhaving

Onbekendheid of onhandigheid met regels en regelingen

De meest genoemde belemmering is dat mensen niet goed weten wat kan, mag en hoe ze het moeten doen. Mensen voor wie regels en regelingen gelden, weten hun weg niet altijd te vinden of hebben moeite met het

N.v.t.

N.v.t.

aanvragen ervan. Mensen weten ook vaak niet waar ze moeten beginnen. Beschermd stadsgezicht

Strenge eisen aan beeldkwaliteit belemmert zonPV en buitengevelisolatie

Gemeente Gouda

ODMH

Gemeentelijke monumenten

Strengere welstandseisen zoals bij beschermd stadsgezicht, daarnaast ook beperkingen aan toegestane schilverbeteringen zoals type ramen (voorzetramen) en gevelisolatie. Toegestane schilverbeteringen zijn niet altijd subsidiabel omdat noodzakelijke isolatiewaarde in een monument niet behaald kan worden. Daarmee zijn subsidies zoals de ISDE wel in theorie, maar niet in de praktijk geschikt voor monumenten.

Gemeente Gouda

ODMH

Bijna alle constructieve aanpassingen van een Rijksmonument zijn vergunningplichtig, behalve regulier onderhoud. Daarnaast gelden dezelfde beperkingen als bij beschermd stadsgezicht en gemeentelijke monumenten.

Gemeente Gouda

Rijksmonumenten

27

ODMH

Rooilijnen

(Te) strakke rooilijnen of kabels en leidingen direct naast de rooilijn beperkt buitengevelisolatie

Gemeente Gouda

ODMH, gemeente Gouda

Geluid

Landelijke geluidsnorm (40dB) voor de buitenunits van warmte- en koude-installaties (zoals warmtepompen)

Rijksoverheid

ODMH

Omgevingsvergunning voor buitenunits

Buitenunits van warmte- en koude-installaties kunnen vergunning-plichtig zijn als deze leiden tot een verandering van een bestaand bouwwerk. Bij het verlenen van de vergunning zijn dan ook leges verschuldigd.

Gemeente Gouda

ODMH

Natuurinclusiviteit (Wnb)

Beschermde soorten (vleermuizen) leven in gevels en daken. Gevel- en dakisolatie vereist ontheffing Wnb

Provincie ZuidHolland

ODMH

5 Activiteitenprogramma 2023-2024

2022 en uit een meer structurele aanpak van energiearmoede op de

Het activiteitenprogramma 2023-2024 is opgebouwd uit vier

verduurzaming van monumenten en woningen in het beschermd

programmalijnen. Programmalijn A gaat over de isolatie van

stadsgezicht. Programmalijn D ten slotte bevat ondersteunende

koopwoningen met slechte labels en richt zich op het benutten van

activiteiten zoals de gemeentelijke organisatie, ondersteuning van

de meerjarige NIP-gelden voor deze doelgroep. Programmalijn B zet

vrijwilligers en monitoring.

lange termijn. Programmalijn C richt zich op het vereenvoudigen van

in op een aanpak van energiearmoede en bestaat uit korte termijnacties voor de besteding van de energiearmoede-gelden uit

Figuur 10: Schematische weergave van de programmalijnen van het activiteitenprogramma 2023-2024

Middelen Nationaal Isolatieprogramma en eigen middelen

Middelen energiearmoede 2022-2023 en eigen middelen

A: Collectieve actie voor isolatie van koopwoningen met EFG-labels

    

B: Aanpak voor bestrijding van energiearmoede

  

28

Collectieve inkoop isolatie Activeringscampagne VvE-ondersteuning NIP-vouchers Goudse Isolatiesubsidie

Huis-aan-huisaanpak laagdrempelige maatregelen Energieklussers Witgoedregeling

C: Monumenten en beschermd stadsgezicht

  

Maatwerk in regels Goudse Isolatiesubsidie voor monumenten Reizende expositie RCE

D: Ondersteunende activiteiten      

Gemeentelijke organisatie Energiecoaches Digitaal platform Mobiel energieloket Papierwinkel Monitoring

Eigen middelen

Uitvoeringskosten Klimaatakkoord en eigen middelen

5.1 A – Collectieve actie voor koopwoningen met slechte energielabels Deze programmalijn richt zich op de isolatie van koopwoningen met slechte energielabels.

Tabel 8: Activiteiten onder programmalijn A A Collectieve actie voor koopwoningen met slechte energielabels A1

Collectieve inkoop- en adviesactie

A2

Activeringscampagne  Aanbellen bij doelgroep  Brief op naam  Warmtescans  Social media en buitenruimtecampagne

A3

VvE-ondersteuning

A4

Regelingen  NIP-vouchers  Goudse Isolatiesubsidie

5.1.1 Collectieve inkoop- en adviesactie Centraal in deze programmalijn staat een meerjarige collectieve actie voor inkoop van en advies over isolatiemaatregelen voor particulieren. Het doel van deze actie is om zoveel mogelijk bouwdelen te isoleren gedurende de programmaperiode. Een collectieve actie houdt in dat woningeigenaren zich kunnen inschrijven op een financieel gunstig aanbod voor

29

isolatiemaatregelen. De collectieve inkoopactie is een beproefde methode die jaarlijks honderden keren plaatsvindt door heel het land, en waar zowel uitvoeringspartners als aannemers veel ervaring mee hebben. Bij een collectieve actie worden eigenaren uitgenodigd voor een webinar of fysieke informatiebijeenkomst. Hierbij kunnen organisaties zoals Energiecoöperatie Gouda, Energiecoöperatie Kort Haarlem en Duurzaamheidsplatform Gouda ook een rol spelen. Daar krijgen inwoners meer informatie over de actie van de uitvoeringspartner. De gemeente en de betrokken aannemers zijn vaak ook aanwezig. Eigenaren kunnen aangeven voor welke bouwdelen ze zich inschrijven en ontvangen op basis daarvan een offerte. Voor de juiste aanbieding inventariseert de uitvoeringspartner samen met de aannemers de woningen. Uitvoeringspartners hebben hiervoor vaak een eigen werkwijze, zoals een digitaal woningmodel, een schouw van representatieve woningtypes door de aannemer of een zelfschouw door de eigenaar met foto’s. Door akkoord te geven op de offerte doet de eigenaar mee. De actie is gericht op eigenaar-bewoners die niet in een VvEzitten. Voor VvE’s is een aparte activiteit opgenomen binnen deze programmalijn. De collectieve actie heeft de volgende voordelen: 

Onafhankelijk advies voor eigenaren: de uitvoeringspartner ziet toe op kwaliteit van de aannemers en organiseert informatiebijeenkomsten. Uitvoeringspartners stellen ook vaak een klantenservice beschikbaar. Voorspelbaarheid voor eigenaren: zij kunnen de komende jaren plannen wanneer zij instappen en welke bouwdelen ze laten isoleren. Zij kunnen de werkzaamheden dan ook beter

combineren met voor hen logische momenten, en zij kunnen nog geld sparen als dat nodig is. Voorspelbaarheid voor de aannemerij: de capaciteit op de markt is erg krap. Uitvoeringspartners contracteren één of meerdere aannemers en doen daarbij ook de prijsonderhandelingen en bieden ontzorging aan de aannemers waardoor zij een goede prijs kunnen maken voor de werkzaamheden. Doordat uitvoeringspartners de vraag organiseren en veel klantcontact uit handen nemen is de collectieve actie ook voor aannemers een aantrekkelijke activiteit. Kostenvoordeel: door collectief in te kopen en uit te voeren neem je veel werk uit handen van de aannemerij en kunnen bijvoorbeeld materialen grootschaliger worden ingekocht. Dit leidt tot prijsvoordeel voor de woningeigenaar en meer marge voor de aannemer. Ook voor eigenaren in ‘gespikkeld bezit’: blokken of rijen woningen die afwisselend bestaan uit corporatiehuur en particulier eigendom. Door mee te doen met de collectieve actie, kunnen ook de particuliere woningen worden verduurzaamd. Mogelijk zijn er synergievoordelen door de werkzaamheden van de corporatie te timen met de werkzaamheden van de aannemer in de collectieve actie.

Het is gangbaar dat uitvoeringspartijen zowel eigenaren als aannemers in hoge mate ontzorgen, met klantcontact, schouwen en opnemen en met het offertetraject. Bij de selectie van een uitvoeringspartij zal de gemeente ook inventariseren of de

30

uitvoeringspartij eigenaren kan ontzorgen met het aanvragen van regelingen, om drempel zo laag mogelijk te maken. Hoewel het activiteitenprogramma zich richt op 2023 en 2024 zet de gemeente de collectieve actie minstens vier jaar open. De verwachting daarmee is een hogere conversie door de grotere voorspelbaarheid en ook meer schaalvoordeel in de kosten. De collectieve actie staat voor iedereen in Gouda open. Dat betekent dat iedere eigenaar-bewoner die niet in een VvE zit kan profiteren van de collectieve actie (dus ook eigenaren die niet per se in de doelgroep vallen van slechte energielabels). Dat komt de conversie van de actie ten goede. Om er wel voor te zorgen dat juist de doelgroep van slechte energielabels meedoet aan de actie organiseert de gemeente een activeringscampagne.

5.1.2 Activeringscampagne Direct ondersteunend aan de collectieve actie is een activeringscampagne. Het doel is om een conversie te behalen van 870 à 1.354 isolatie-ingrepen komende twee jaar, afhankelijk van het gekozen tempo. Omdat met de activeringscampagne forse conversies behaald moeten worden, is het belangrijk een gedifferentieerde campagne te voeren die allerlei doelgroepen bereikt: ouderen en jongeren, verschillende opleidingsniveaus en culturele achtergronden. De activeringscampagne is per onderdeel uitgewerkt. Aanbellen bij woningen met slechte labels De doelgroep van deze programmalijn is koopwoningen met EFGlabels. Bij alle koopwoningen met een EFG-label die niet in een VvE

zitten gaat een uitvoeringspartner langs de deuren om te vertellen over de collectieve actie en het feit dat men gebruik kunnen maken van verschillende regelingen. Ook wordt de hulp van een energiecoach aangeboden. In de communicatie aan de deur wordt er rekening mee gehouden dat het handelingsperspectief zo eenvoudig mogelijk moet zijn. Het gaat om 5.906 woningen in Gouda. Er wordt ook een brief achtergelaten met alle informatie op een rij. Deze brief wordt opgesteld in verschillende talen om zo ook bewoners met een niet-Nederlandse achtergrond beter te bereiken. In deze brief staat ook de mogelijkheid om te kiezen voor een opt-out op de warmtescans als de woning zich begeeft in een gebied waar deze gemaakt worden. Deze activiteit wordt uitgezet bij een professioneel reclamebureau dat ervaring heeft met deur-aan-deurcampagnes, ook in wijken met relatief veel ouderen of mensen met een nietNederlandse achtergrond. Brief op naam De gemeente stuurt een brief op naam naar alle overige particuliere eigenaren die niet in een VvE zitten en die een energielabel hebben van D of C. Dit zijn 6.797 woningen in Gouda. Bij tegenvallende conversies kunnen ook nog brieven gestuurd worden naar woningen met label B, of aparte herinneringsbrieven. Warmtescans Warmtescans helpen zichtbaar te maken dat een woning warmte verliest en de ervaring is dat warmtescans in een buurt de conversie verhogen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=3c052531-3ebe-4b86-8b8f-a5fd1e55cb61