Burgemeesterkwartier Gouda_Bijlagenverkleind.pdf
Tekst van het document
Burgemeesterkwartier Gouda
"Burgemeesterkwartier Gouda" (vastgesteld)
2
Inhoudsopgave
Bijlagen
3
Bijlage 1
Verkeersnotitie
4
Bijlage 2
Mobiliteitsvisie en parkeerbehoefte
13
Bijlage 3
Plantoelichting duurzaamheid
37
Bijlage 4
SPOORZONE kader voor beeldkwaliteit
40
Bijlage 5
Milieuhygiënisch vooronderzoek bodem
59
Bijlage 6
Onderzoek luchtkwaliteit
86
Bijlage 7
Akoestisch onderzoek weg- en railverkeerslawaai
98
Bijlage 8
Akoestisch onderzoek industrielawaai
468
Bijlage 9
Quickscan bedrijven- en milieuzonering
506
Bijlage 10
Quickscan flora en fauna
524
Bijlage 11
Aanvullend onderzoek flora en fauna
548
Bijlage 12
Onderzoek stikstofdepositie
559
Bijlage 13
Onderzoek externe veiligheid
589
Bijlage 14
Vormvrije m.e.r - Aanmeldnotitie
650
Bijlage 15
Watertoets
663
Bijlage 16
Explosieven onderzoek
688
Bijlage 17
Nota Beantwoording Vooroverlegreacties
705
"Burgemeesterkwartier Gouda" (vastgesteld)
3
Bijlagen
"Burgemeesterkwartier Gouda" (vastgesteld)
4
Bijlage 1 Verkeersnotitie
"Burgemeesterkwartier Gouda" (vastgesteld)
Deventer
Den Haag
Eindhoven
Snipperlingsdijk 4
Anna van Buerenplein 46
Emmasingel 15
7417 BJ Deventer
2595 DA Den Haag
5611 AZ Eindhoven
7400 AD Deventer
Leeuwarden
Amsterdam
T +31 (0)570 666 222
F. HaverSchmidtwei 2
De Ruyterkade 143
goudappel@goudappel.nl
8914 BC Leeuwarden
1011 AC Amsterdam
Postbus 161
White House Development
Bestemmingsplan Burgemeesterskwartier Gouda
Verkeersonderzoek
Datum Kenmerk Eerste versie
5 januari 2021 008157.N01.01 5 januari 2021
1
Inleiding
De huidige Blokkerlocatie in Gouda wordt een woonwijk met maximaal 650 woningen en een beperkt oppervlakte aan voorzieningen: het Burgemeesterskwartier genaamd. Deze notitie is een bijlage bij het bestemmingsplan die deze verandering mogelijk moet maken. Meer informatie over de plannen zijn opgenomen in het bestemmingsplan. Leidend voor de plannen voor het Burgemeesterskwartier is het Ontwikkelperspectief Spoorzone, dat de gemeente Gouda voor dit gebied heeft vastgesteld. De verkeerseffecten van de Spoorzone zijn nader onderzocht in het rapport Verkeerseffecten Spoorzone Gouda (Goudappel Coffeng, 30 juni 2020-004125). In deze notitie wordt uitgegaan van 700 woningen in de Blokkerlocatie en rond de Antwerpseweg. Voorts is een rapport opgesteld over de Mobiliteitsvisie en de parkeerbehoefte van het Burgemeesterskwartier (Goudappel Coffeng, 17 oktober 2020-007926). In deze notitie is uitgegaan van het volgende programma: in m2 gbo
totaal
woning groot
> 110
107
woning gemiddeld
85-110
271
woning klein
55-85
140
<55
132
categorie
woning zeer klein commerciële voorzieningen
1.250
maatschappelijke voorzieningen totaal
Tabel 1.1: Programma Burgemeesterskwartier
www.goudappel.nl goudappel@goudappel.nl
750 650
2
Verkeerseffecten Spoorzone
In het rapport verkeerseffecten Spoorzone zijn verkeersberekeningen uitgevoerd om de effecten van alle plannen in de Spoorzone (1.665 woningen) op het omliggende wegennet zichtbaar te maken en eventueel aanvullende maatregelen te treffen. Hiertoe zijn verkeersberekeningen uitgevoerd van de situatie zonder en met de plannen voor de Spoorzone met het regionale verkeersmodel RVMH versie 3.2. Zonder de plannen voor de Spoorzone zijn er op de Blokkerlocatie 236 arbeidsplaatsen opgenomen. Op de uitgangen van het Burgemeesterskwartier zijn de verkeersintensiteiten in het betreffende rapport: 2030 met
effect
Naam
2018
2030 zonder autonoom Spoorzone
effect
Spoorzone
Spoorzone
1. Gentseweg (thv Burg. Van Reenensingel)
1.700
1.500
-12%
3.100
+107%
2. Rijsselseweg (thv Burg, Jamessingel)
3.200
3.700
+16%
4.700
+27%
nvt
nvt
nvt
1.000
nvt
4.900
5.200
+6%
8.800
+69%
3. Oostelijke toegang (thv. Burg. Mijssingel) TOTAAL
Tabel 2.1: Intensiteiten in motorvoertuigen per etmaal volgens het model RVMH 3.2
Uit figuur 1.1 blijkt dat de extra verkeersgeneratie van de plannen voor het Burgemeesterskwartier 3.600 mvt/etmaal en dit betekent een toename van bijna 70% voor het hele gebied tussen de singels. De resultaten voor de wegen rondom het Burgemeesterskwartier zijn: 2030 zonder autonoom Naam
2030 met
effect
effect Spoorzone
Spoorzone
2018
Spoorzone
1. Burgemeester Van Reenensingel (Groenhoven)
17.600
18.400
5%
20.700
13%
2. Burgemeester Jamessingel-west
22.100
22.600
2%
22.900
1%
3. Burgemeester Mijssingel
5.800
3.100
-47%
4.000
29%
4. Burgemeester Jamessingel-midden
22.300
24.000
8%
24.900
4%
5. Goudse Poort-noord
39.000
48.700
25%
49.600
2%
Tabel 2.2: Intensiteiten in motorvoertuigen per etmaal volgens het model RVMH 3.2 Bij de interpretatie van de uitkomsten van tabel 2.2 moet bedacht worden dat autonoom (dus zonder Spoorzone) het inwoneraantal van Gouda autonoom met 4.300 woningen en 1.400 arbeidsplaatsen stijgt in de periode 2018 - 2030. Met de Spoorzone stijgt het aantal woningen met 1.665.
Bestemmingsplan Burgemeesterskwartier Gouda
2
In het rapport Verkeerseffecten Spoorzone is vervolgens nagegaan wat de effecten op de verschillende kruispunten zijn en welke aanpassingen hier nodig en wenselijk zijn. De resultaten zijn opgenomen in bijlage 1. Voor het Burgemeesterskwartier zijn de volgen uitkomsten het belangrijkst: 1. Kruispunt Burgemeester Van Reenensingel – Heuvellaan – Gentseweg Dit kruispunt is autonoom in de avondspits reeds zwaar overbelast. Met de ontwikkeling van de Spoorzone/Burgemeesterskwartier neemt deze overbelasting verder toe. Bovendien wordt de oversteek als onveilig voor het langzaam verkeer beoordeeld. Herinrichting van het kruispunt met verkeerslichten is nodig. 2. Kruispunt Burgemeester Van Reenensingel – Groenhovenweg – Burgemeester Mijssingel. Dit kruispunt kan het verkeersaanbod goed verwerken. Bij een verdere doorgroei van het verkeersaanbod raak het in de avondspits wel volbelast en is de groeimogelijkheid beperkt. 3. Kruispunt Burgemeester Jamessingel – Burgemeester Mijssingel Dit is momenteel een voorrangskruispunt, maar dit raakt autonoom al zwaar overbelast. Deze overbelasting neemt toe met de ontwikkeling van de Spoorzone/Burgemeesterskwartier. Dit kruispunt ligt ook op de belangrijkste langzaamverkeerroute tussen het Burgemeesterskwartier en het station/centrum en daarom is een veilige comfortabele oversteek hier belangrijk. Dat is nu niet het geval.
Duidelijk is dat de genoemde aanpassing autonoom reeds nodig zijn. Tenslotte is er een nieuwe (auto)uitgang van het Burgemeesterskwartier voorzien op de Burgemeester Mijssingel. In het rapport is hiervoor een ontwerp opgenomen, waarbij een middenberm is voorzien.
Figuur 2.1: Schetsontwerp van de oostelijke toegang van het Burgemeesterskwartier op de Burgemeester Mijssingel
De genoemde aanpassingen worden opgepakt in het kader van de realisatie van de totale Spoorzone.
Bestemmingsplan Burgemeesterskwartier Gouda
3
3
Mobiliteitsbeleid en parkeerbehoefte
In al deze documenten komt naar voren dat er een sturend mobiliteitsbeleid wordt gevoerd in de hele Spoorzone en in het Burgemeesterskwartier. Dit betekent: 1. Het realiseren van een volwaardig MaaS-concept (Mobility as a Service, waarbij mobiliteitsdiensten centraal staan en niet het bezit van eigen vervoersmiddelen); 2. Het aanbieden van een divers aanbod van deelmobiliteit met een contractuur van 10 jaar; 3. Het realiseren van excellente fietsparkeervoorzieningen; 4. Het vertalen van het ruimtelijk ontwerp in het STOMP-principe; 5. Het beperken van het parkeeraanbod. Voor de nadere invulling wordt verwezen naar het rapport over de Mobiliteitsvisie en de parkeerbehoefte van het Burgemeesterskwartier. Toepassing van de ‘gewone’ gemeentelijke parkeernorm resulteert in 1.176 parkeerplaatsen voor het Burgemeesterskwartier. Met het mobiliteitsconcept komt dit aantal op 706 parkeerplaatsen (-40%) en 47 plaatsen voor deelauto’s. Door dubbelgebruik voor de verschillende functies (bewoners, bezoekers, medewerkers etc) is het uiteindelijk benodigde aantal parkeerplaatsen nog lager: 651.
4
Verkeersgeneratie Burgemeesterskwartier
4.1
Basis verkeersgeneratie
Op basis van de nadere invulling van het Burgemeesterskwartier, kan de verkeersgeneratie worden berekend op basis van het rapport CROW 3811: categorie
totaal
Klasse
Gem. verkeers-
Totale verkeers-
generatie
generatie
koop-2^1 kap
7,7
824
woning groot
107
woning gemiddeld
271
Koop-tussen
6,8
1843
woning klein
140
Huur-app-midden
3,2
448
woning zeer klein
132
Sociale huur
3,2
422
Comm.
8,7/100
commerciële
1.250 m2
voorzieningen maatschappelijke
dienstverlening 750 m2
voorzieningen totaal
Gezondheidscentrum
650 wo
15,5/100
109 65 3.711
Tabel 4.1: Gemiddelde verkeersgeneratie op een weekdag
1
Hierbij wordt uitgegaan dat Gouda een sterk stedelijk gemeente is met een ligging in de “schil”.
Bestemmingsplan Burgemeesterskwartier Gouda
4
Voor een gemiddelde werkdag (+11%) komt de verkeersgeneratie daarmee op 4.120 mvt/etmaal. Omgeslagen naar het bruto aantal van 1.176 parkeerplaatsen betekent dit gemiddeld 3,5 autoritten per parkeerplaats.
4.2
Effect sturend beleid
Nu wordt op het Burgemeesterskwartier een sturend mobiliteitsbeleid gevoerd waardoor het aantal reguliere parkeerplaatsen wordt teruggebracht tot 706 en nog 47 plaatsen voor deelauto’s. Er wordt vanuit gegaan dat de reguliere parkeerplaatsen evenveel autoritten genereren en de deelauto’s 50% meer. Dit geeft de volgende verkeersgeneratie voor het Burgemeesterskwartier: Basissituatie Reguliere pp Deelauto’s Totaal
Met sturend beleid
Aantal
Verkeersgeneratie
1.176
(x 3,5 =) 4.120
Aantal Verkeersgeneratie 706
(x 3,5 =) 2.471
0
0
47
(x 5,25 =) 247
1.176
4.120
753
2.718
Tabel 4.1: berekening verkeersgeneratie in de basissituatie en bij sturend mobiliteitsbeleid in mvt/etm op werkdagen Door het effect van het sturende mobiliteitsbeleid gaat de verkeersgeneratie van deze locatie omlaag van 4.120 naar 2.718 mvt/etm (werkdag).
4.3
Verkeersgeneratie huidige locatie
De oude functie van de Blokkerlocatie betrof een logistiek centrum en kantoor van 45.000 m2. De verkeersgeneratie van het huidige bedrijfsterrein, uitgaand van een arbeidsextensief en bezoekersextensief gebied is gemiddeld 3,85 ritten/100 m2. Dat betekent dat de oude verkeersgeneratie 1.733 mvt/etm op een weekdag. Voor een werkdag is dat gemiddeld 1.923 mvt/etm. Aangezien de Blokkerlocatie een logistiek centrum was, was ook het aandeel vrachtauto’s behoorlijk groot; veel groter dan dat dit bij de ontwikkeling van het Burgemeesterskwartier zal zijn.
4.4
Conclusie
Door het sturend mobiliteitsbeleid op het Burgemeesterskwartier gaat de verkeersgeneratie van de locatie omlaag van 4.120 naar 2.718 mvt/etm (werkdag): een afname van 34%. De “oude” Blokkerlocatie genereerde 1.923 mvt/etm (werkdag). Per saldo genereert het Burgemeesterskwartier dus 795 mvt/etm (werkdag) extra. Met deze aantallen van bijna 800 mvt/etm (werkdag) extra ruim onder het aantal dat voor het gebied in het verkeersonderzoek Spoorzone is gehanteerd van 3.600 mvt/etm (zie tabel
Bestemmingsplan Burgemeesterskwartier Gouda
5
2.1). Dit betekent dat het Burgemeesterskwartier geen overmatig beslag legt op de verkeerscapaciteit in de omgeving.
Bestemmingsplan Burgemeesterskwartier Gouda
6
Bijlage 1
Effect Spoorzone op kruispunten
In het rapport Verkeerseffecten Spoorzone is nagegaan hoe de verkeerafwikkeling op de relevante kruispunten is in: ■ de autonome situatie 2030; ■ de plansituatie 2030 met realisatie van de Spoorzone ■ een robuustheidstoets als het verkeer in de plansituatie nog met 15% toeneemt. Dit zijn vervolgens de resultaten: toetsing verkeersafwikkeling kruispunt
autonoom 2030
bij realisatie Spoorzone
robuustheidstoets
opmerkingen
1. Goudse Poort -
volbelast in de ochtend-
volbelast in ochtend- en
volbelast in de ochtend- en
in alle varianten Spoorzone
Burgemeester
en avondspits; extra
avondspits. Extra opstellengte
avondspits; er is extra opstel-
en robuust is uitgegaan van
Jamessingel
opstellengte nodig voor
nodig voor richting 001 (+80
lengte nodig voor richting 001
een fietsoversteek over de
richting 001 (+ 65 meter)
m) en 012 (+70 m) en 009 (7
(+ 100 meter) en 012 (+ 80
Nieuwe Gouwe OZ
en 012 (+ 40 meter)
m)
meter) en 009 (12 meter)
2. Goudse Poort -
volbelast in de avond-
volbelast in avondspits. Extra
overbelast in de avondspits:
Burgemeester Van
spits; extra opstellengte
opstellengte nodig voor
op richting 005 is een extra
Reenensingel
nodig voor richting 012
richting 012 (+20 m) en
opstelstrook nodig (in totaal
(+ 10 meter)
richting 004 (+5 m)
drie rijstroken); er is extra opstellengte nodig voor richting 012 (+20 meter) en richting 004 (+5 meter)
3. Burgemeester Van
overbelast: wachtrijen op
overbelast: wachtrijen op
overbelast: wachtrijen op de
de huidige situatie is onvei-
Reenensingel -
de Harderwijkerweg zijn
Harderwijkerweg zijn te lang.
Harderwijkerweg zijn te lang;
lig voor langzaam verkeer,
Harderwijkerweg
te lang, verkeerslichten
Verkeerslichten nodig
verkeerslichten nodig met
verkeerstellingen gewenst
dubbele rechtdoorgaande
vanwege het verkeers-
nodig
rijstroken op de Burgemeester patroon op de HarderwijkerVan Reenensingel
weg; integratie met kruispunt 2
4. Burgemeester Van
zwaar overbelast in de
zwaar overbelast in de
zwaar overbelast,
de huidige situatie is onvei-
Reenensingel -
avondspits,
avondspits, verkeerslichten
verkeerslichten zijn nodig
lig voor langzaam verkeer;
Heuvellaan -
verkeerslichten zijn nodig
zijn nodig
verkeerstellingen gewenst vanwege het verkeers-
Gentseweg
patroon op de Heuvellaan 5. Burgemeester Van
het huidige kruispunt kan
het huidige kruispunt kan
het huidige kruispunt kan het
Reenensingel -
het verkeersaanbod goed
verkeersaanbod goed
verkeersaanbod goed
Groenhovenweg
verwerken
verwerken
verwerken, maar raakt
kruispunt
autonoom 2030
bij realisatie Spoorzone
robuustheidstoets
6. Burgemeester
geen aansluiting
een voorrangskruispunt met
een voorrangskruispunt met
Mijssingel -
middenberm kan het verkeer
middenberm kan het verkeer
Blokkerlocatie
prima verwerken
prima verwerken
geen maatregelen nodig
volbelast in de avondspits
Bestemmingsplan Burgemeesterskwartier Gouda
opmerkingen
B1-1
toetsing verkeersafwikkeling 7. Burgemeester
zwaar overbelast in de
zwaar overbelast in de avond- zwaar overbelast in de
Jamessingel -
avondspits,
spits, verkeerslichten nodig
Burgemeester
verkeerslichten plaatsen,
avondspits, verkeerslichten
mede vanwege een veilige
verkeerslichten nodig
nodig
oversteek (langzaam)
volbelast in de avondspits zwaar overbelast in de
zwaar overbelast in de
ontsluiting parkeerplaatsen
Jamessingel - Dreef
ochtend- en avondspits:
ochtend- en avondspits:
(zuidtak) verplaatsen naar
(Driestar)
realiseren rechtsafvak op
realiseren rechtsafvak op de
het oosten
Jamessingel en afzonderlijk
Burgemeester Jamessingel en
Mijssingel 8. Burgemeester
verkeer
verkeerspleintje parkeerplaats afzonderlijk verkeerspleintje parkeerplaats 9. Burgemeester
zwaar overbelast in de
met een zuidelijke tak neemt
VRI nodig
beschikbare opstelruimte
Jamessingel -
avondspits, verkeers-
de zware overbelasting verder
zuidtak is beperkt; integratie
Rijsselseweg
lichten nodig: VRI nodig
toe: VRI nodig
met knooppunt 1 vanwege korte afstand
Bestemmingsplan Burgemeesterskwartier Gouda
B1-2
13
Bijlage 2 M obiliteitsvisie en parkeerbehoefte
"Burgemeesterkwartier Gouda" (vastgesteld)
■ ■
■
■ ■
■ ■
■ ■ ■
■ ■
■ ■ ■ ■
■ ■ ■ ■
■ ■
■
■
■
■ ■ ■ ■
■ ■
■ ■ ■
■
■ ■ ■ ■ ■
■ ■ ■
■
■
■
■
■ ■
37
Bijlage 3 Plantoelichting duurzaamheid
"Burgemeesterkwartier Gouda" (vastgesteld)
Het plangebied is nadrukkelijk autovrij. Auto’s worden opgevangen aan de zijde van de Antwerpseweg en aan de nieuw te realiseren toegang vanaf de Burgemeester
De visies op duurzame mobiliteit zijn vertaald in het ontwerp voor het Burgemeesterkwartier
Het Burgemeesterkwartier ligt in Gouda centraal tussen het station binnen 1.200 m afstand, de binnenstad en de aansluiting op A12. De nabijheid van het station Gouda, met verbindingen naar de vier grote steden van het land is een unique selling point. Dit geeft enerzijds kansen voor een fors aandeel trein- en Àetsgebruikers en anderzijds is de locatie ook aantrekkelijk voor bewoners die (deels) afhankelijk zijn van de auto.
Het ontwikkelperspectief Spoorzone zet volledig in op duurzame mobiliteit. Per locatie heeft dat zijn weerslag in ontwerp en aanbod aan mobiliteitsvoorzieningen. Onderdeel van de visie is het stimuleren van gewenst gedrag en tegelijkertijd ongewenst gedrag ontmoedigen. Als we bijvoorbeeld een gebied autoluw willen maken, vraagt dat om een goed aanbod aan alternatieve vervoersmiddelen. Ingezet wordt op schone en slimme mobiliteitsconcepten.
NAAR EEN DUURZAME MOBILITEIT
1200m radius
snelweg A12
verkeersweg interlocaal verkeersweg locaal
station NS
stationsgebied spoorlijn bushalte
blokkerlocatie
Het langzaamverkeersnetwerk is Àjnmaziger en sluit aan op de omringende Àetspaden, de omringende wijken en de bushalte aan de Van Reenensingel. Aandachtspunt is het realiseren van aantrekkelijke en veilige routes voor Àetsers en voetgangers naar het station en de binnenstad. Daarvoor moet altijd de drukke Burgemeester Jamessingel overgestoken worden. Gemeente Gouda gaat daarvoor voorstellen uitwerken. Voor de nieuw te maken aansluiting op de Burgemeester Mijssingel is door Goudappel Coffeng een voorstel uitgewerkt.
Mijssingel. Hier worden auto’s de parkeervoorzieningen ingeleid die zich binnen dan wel onder de bouwblokken bevinden. Uitzondering wordt gevormd door hulpdiensten, bezorging, afvalinzameling en incidentele verhuizingen. Zij hebben toegang via op afstand bediende hydraulische palen. (pollers)
Ŷ
Ŷ
Ŷ
Ŷ
Ŷ
CONCLUSIE MOBILITEITSVISIE
Veel aandacht wordt besteed aan de waterhuishouding. Waterbuffering vindt plaats op de daken, in de hoven en in het oppervlaktewater. Dat draagt op zijn buurt weer bij aan het tegengaan van heat-islands, het ophopen van warmte in de stad. Daarnaast ontstaat ook op dit punt een leefmilieu voor verschillen diersoorten.
Door zorgvuldig ontwerp en opname van voorzieningen kunnen ook de gebouwen een bijdrage leveren aan de biodiversiteit. Dat kan door het opnemen van nestvoorzieningen maar ook groene daken kunnen daarin een rol spelen.
Niet alleen de bewoners van de stad proÀteren hiervan, ook Áora- en fauna. Inclusiviteit wordt NATUUR-inclusiviteit.
Door in te zetten op een plan met een nadrukkelijk landschappelijke kwaliteit kan aan veel ambities op een vanzelfsprekende manier worden voldaan. Door landschappelijk groen in te zetten als verbindende kwaliteit kan de scharnierfunctie van de locatie worden ingezet om ontbrekende groene verbindingen te realiseren tussen het Groenhovenpark en het Spoorpark.
gezonde waterhuishouding begint op de dagen.
....en ook de waterstructuren kunnen daaraan bijdragen
gebouwen spelen een rol in de biodiversiteit
n 35 m2
ectra
ectra
voer en trafo tbv warmte
inritparkeren parkeren inrit
invoer en trafo tbv consumenten en warmte inrit parkeren
n, sokkels, en
C
108 pp
90 pp / laag
A evt berging
commerciele ruimte
evt berging
B
D
E
invoer en trafo tbv consumenten en warmte
invoer en trafo tbv warmte
entree
fietsenberging
invoer en trafo tbv warmte
warmtecentrale 35 m2 in kelder
De plannen zijn ten opzichte van het Vooirlopoig Ontwerp verder ontwikkeld maar zullen tijdens de verdere ontwikkeling van het project nader worden uitgewerkt, waarbij de deÀnitieve keuzes mede afhangen van de Ànancisle haalbaarheid.
Binnen dit systeem bestaat de optie om warmtebuffering te realiseren door een aantal WKO bronnen. Daarnaast bestaat door toepassen van een collectief systeem altijd de mogelijkheid om in later stadium aan te takken op een collectief warmtesysteem in het stadsdeel. Daarover wordt nagedacht maar concrete realisering is op dit moment nog niet voorzien.
invoer en trafo tbv consumenten
Er zal gasloos worden gebouwd waarbij voorkeur uitgaat naar collectieve warmteopwekking..Dat is in lijn met het ontwikkelperspectief Spoorzone . Een collectieve warmtevoorziening leidt tot een beperktere capaciteitsvraag van het elektriciteitsnet en lagere piekbelasting. Een collectieve warmtevoorziening is constanter in de energievraag en kan beter opgeslagen worden Het is eenvoudiger om collectief balans te brengen in vraag en aanbod van warmte. en kan de vraag beter worden afgestemd op het aanbod. Op basis van deze uitgangspunten is een eerste concept ontwikkeld dat uitgaat van een warmtecentrale per bouwblok. De warmte zal per centrale worden opgewekt dmv een warmtepomp in combinatie met Dry Coolers op de daken van de torens. De woningen worden vanuit hier gevoed met een laag-temperatuursysteem waarbij voor warmtapwater een individuele booster wordt toegepast.
We willen duurzaam plan realiseren dat antwoorden biedt op actuele energie en mobiliteits-vraagstukken. We doen dat bij voorkeur niet door louter technische oplossingen maar door een intens samenspel van landschap, stedenbouw, bouwmethoden en energieopwekking.
Op het punt van mobiliteit gaat veel aandacht uit naar het verbeteren van verbindingen voor snel-, langzaam-verkeer en openbaar vervoer. Niet alleen met station en snelweg maar de ontbrekende LV-verbindingen met de omringende wijken dienen te worden gerealiseerd. Automobiliteit en parkeren moet zowel op dit moment voldoen (uitgangspunt gereguleerd parkeren) maar ook nadrukkelijk anticiperen op toekomstige vervoersconcepten (zoals STOMP)
NUTSAANSLUITINGEN EN ENERGIE
DUURZAAMHEID EN ECOLOGIE
inrit parkeren
40
Bijlage 4 SPOORZONE kader voor beeldkwaliteit
"Burgemeesterkwartier Gouda" (vastgesteld)
VASTGESTELD: 9 DECEMBER 2020
SPOORZONE KADER VOOR BEELDKWALITEIT
Dit kader voor beeldkwaliteit omvat niet alle deelgebieden van de Spoorzone. Wanneer ontwikkelingen er aanleiding toe geven zullen aanvullingen voor overige deelgebieden worden toegevoegd.
Doordat er één set van criteria is opgesteld voor de hele Spoorzone, zullen er gaandeweg samenhangende kenmerken ontstaan in het hele gebied zonder dat die samenhang vooraf hard is vastgelegd. Het wordt een soort herkenbaarheid van vergelijkbare oplossingen voor vergelijkbare ruimtelijke opgaven.
In de sturing en beoordeling met behulp afzonderlijke criteria geldt dat een projectvoorstel geen optelsom moet zijn van afzonderlijke oplossingen, maar een integraal voorstel waarin de criteria zijn gehanteerd.
De keuzeruimte wordt door Team Spoorzone ingezet om af te stemmen op de stedenbouwkundige randvoorwaarden bij afzonderlijke ontwikkelingen. Zo worden gericht kaders gegeven voor beeldkwaliteit.
waarbij niet aan al deze criteria voldaan hoeft te worden. Zo ontstaat ruimte om keuzes te maken. Wel geldt dat hoe groter een gebouw, of hoe prominenter een plek, hoe meer van de criteria zullen moeten worden gevolgd, of hoe zwaarder die criteria afzonderlijk zullen wegen in de beoordeling door de ARK.
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
De tweede vrijheidsgraad die is ingebouwd, is om een ruime hoeveelheid criteria te geven voor ruimtelijke kwaliteit,
In dit sturingskader is de onzekerheid bewust opgezocht. Allereerst door te begrijpen dat binnen de spelregels die gelden voor de ontwikkelingen er soms meerdere goede oplossingen mogelijk zijn. Het sturingskader benoemt soms parallelle mogelijkheden en geeft daarbij steeds de relevante criteria voor een goede ruimtelijke kwaliteit.
Een grote gebiedsontwikkeling zoals de Spoorzone heeft een zekere mate van onvoorspelbaarheid. Er verstrijkt tijd, de inzichten verschuiven. Dat vraagt om behendigheid in het sturen op samenhang in de ruimtelijke kwaliteit. Een vast eindbeeld vergt een kostbare en tijdrovende regie, en kan alsnog teleurstellen als dit maar ten dele waargemaakt wordt.
Het sturingskader voor beeldkwaliteit begint bij het benoemen van ruimtelijke structuren die nu of straks als samenhangend gezien kunnen worden. Nu, wanneer hier al duidelijke ruimtelijke kwaliteiten herkenbaar zijn die versterkt kunnen worden. En straks, wanneer nieuwe ontwikkelingen op meerdere kavels een herkenbare gemeenschappelijkheid hebben. Die nieuwe ontwikkelingen kunnen door het volgen van kaders voor beeldkwaliteit naar elkaar toe groeien en een samenhangende identiteit geven aan het gebied. Soms overlappen deze ruimtelijke structuren. Een enkele ontwikkeling kan dus te maken hebben met afstemming op meerdere samenhangende ruimtelijke structuren.
De gemene deler van de verschillende gebieden in de Spoorzone is hun nabijheid tot het spoor en elkaar. Maar de gebieden hebben uiteenlopende ruimtelijke kenmerken en verschillende randvoorwaarden voor transformatie. Er is niet a priori een duidelijke samenhangende identiteit. En toch is dit wel wat het Ontwikkelperspectief beoogt, om daarmee een samenhangend stedelijk woonmilieu te creeren en een duidelijke en aantrekkelijke entree tot de stad te maken.
De Spoorzone is een verzameling van transformatiegebieden in de nabijheid van het spoor, vanaf de omgeving van station Gouda tot aan de omgeving van de Nieuwe Gouwe. De gemeente Gouda stelde het Ontwikkelperspectief Spoorzone op om de verschillende gebieden de komende tijd in samenhang te laten transformeren. Dit kader voor beeldkwaliteit is een uitwerking van één van de thema’s in het Ontwikkelperspectief. Het kader voor beeldkwaliteit zal onderdeel uitmaken van de welstandsnota, zodat de ARK (Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit) deze als leidraad kan gebruiken bij de toetsing op ruimtelijke kwaliteit van nieuwe initiatieven in de Spoorzone.
SPOORZONE, KADER VOOR BEELDKWALITEIT INTRODUCTIE
2
Rotterdam: plasticiteit
Cambridge: circulair materiaalgebruik
Antwerpen: transparantie
Cambridge: laagbouw en buitenruimte in samenhang ontworpen
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
Gouda: toren met rustige ritmiek en verfijnd reliëf
Bijzondere geluidwerende gevel
SPOORZONE, KADER VOOR BEELDKWALITEIT INSPIRATIE
Antwerpen: reeks van verschillende torens
Gouda: bijzonder ensemble van laag en middelhoog
Gouda: expressief dankzij bijzondere balkons
3
Een reeks van gebouwde voorbeelden uit Gouda en de rest van de wereld ter inspiratie. De beelden verwijzen met opzet niet 1 op 1 naar de criteria voor beeldkwaliteit. Ze schrijven niet voor, maar zijn ter uitdaging van initiatiefnemers en ontwerpers om met even goede, zorgvuldige of beeldbepalende toevoegingen te komen voor Gouda.
Lelystad: bonte reeks van onderscheidende gebouwen
Amsterdam: ingetogen verticaliteit, expressief door kleur
Gouda: groenblauwe omzoming
Gouda: lage oevers maken water goed zichtbaar
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
Gouda: ruige natuurspeelplek
Gouda: groen en straatmeubilair geïntegreerd
SPOORZONE, KADER VOOR BEELDKWALITEIT INSPIRATIE
Gouda: groene omzoming van een woonblok
Eindhoven: lopen over het water
Gouda: semi-openbare tuin boven een parkeergarage
Wijnegem: hoogteverschillen natuurlijk opgelost
4
GROENBL
AUWE
GEN
OMZ OMI N
ANTWERPSEWEG + BLOKKER
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
A1 LOCATIE
HARDERWIJKWEG
SAMENHANGENDE RUIMTELIJKE STRUCTUREN KAART PROJECTGEBIED SPOORZONE
K
RPAR
SPOO
NOORDELIJK STATIO NSGEBIED
BURGEMEE STER JAMES SINGEL
5
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
Knooppunten vragen extra aandacht, voor de overhoekse werking van de architectuur, de zichtlijnen haaks op de Burgemeester Jamessingel en de ruimtelijke kwaliteit op het maaiveld.
Voor het verweven van de verschillende delen kan gebruik worden gemaakt van de lineaire groene en blauwe elementen langs de burgemeester Jamessingel. Bomenrijen aan één zijde van de weg die met enige overlap worden opgevolgd door bomenrijen aan de andere zijde. Hagen, bloemenperken en bijzondere bermvegetatie versterken dit lineaire weven. Over de hele lengte is links of rechts of aan beide zijden water aanwezig. Door regelmatig zicht op het water en door de benaderbaarheid ervan voor voetgangers wordt ook dit een verbindend kenmerk van de ruggengraat van de Spoorzone.
Meer samenhang in de straat ontstaat wanneer de verschillende delen met elkaar verweven worden. Het stedelijk stenige karakter rond de noordelijke stationsomgeving wordt verweven met de groene ruimte van het Spoorpark. En dat wordt op haar beurt verweven met het hoogstedelijke woonlandschap ter hoogte van het A1-kavel.
De burgemeester Jamessingel is de twee kilometer lange ruggengraat van de Spoorzone. Over deze lengte passeert het afwisselend bebouwde en groene zones. Enkele kruisingen en in-en uitritten geven een steeds wisselend verkeersprofiel. En het bebouwingsprofiel is nergens symmetrisch.
SAMENHANGENDE RUIMTELIJKE STRUCTUREN BURGEMEESTER JAMESSINGEL
BIED
EDSGE
INVLO
burgemeester Jamessingel en invloedsgebied voor beeldkwaliteit
6
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
Zowel de koppen van het projectgebied als de noordelijke stationsentree zijn markante punten. Deze vragen om extra zorgvuldigheid in de beeldkwaliteit.
De ruimtelijke kwaliteit in het noordelijk stationsgebied wordt ondersteund door een actieve, stedelijke plintzone die zorgt voor een aantrekkelijke en levendige openbare ruimte waar het prettig is om te verblijven.
Een reeks van kloeke (stoere, stevige) blokken, eenvoudige gebouwvormen met een op zichzelf staand karakter, geeft samenhang in de diversiteit en sluit aan bij de al aanwezige bebouwing. Bij nieuwe ontwikkelingen wordt dit stevige karakter bereikt door hebt beperken van de complexiteit in de gebouwvorm, zodat de architectuur van een gebouw spreekt als één geheel. Is een complexere bouwvorm onvermijdelijk, bijvoorbeeld meerdere hoge en lagere volumes, dan kan deze door parcellering, een opdeling in meerdere architectonische eenheden, gevormd worden tot een reeks van eenvoudige gebouwvormen met ieder een eigen architectonische uitdrukking.
De directe stationsomgeving is nu al een reeks van markante gebouwen die georiënteerd zijn op de burgemeester Jamessingel. Ze zijn onderling heel verschillend in hun architectuur en maat, maar de plek verdraagt dit goed. De nieuwkomers kunnen deze reeks versterken. Doordat er al enige tijd is verstreken sinds het begin van de ontwikkeling en de verdere ontwikkeling ook niet geheel te voorspellen is, kan je spreken van een zich enigszins organisch ontwikkelend stuk stad. Enigszins, want wel volgens de leidraad van het Ontwikkelperspectief Spoorzone. Hierbij past een architectuurbeeld dat divers is en per gebouw een sterke eigen uitdrukking heeft.
SAMENHANGENDE RUIMTELIJKE STRUCTUREN NOORDELIJK STATIONSGEBIED
PROJECTGEBIED INVLOEDSG EBIED
projectgebied, invloedsgebied en markante punten voor beeldkwaliteit
7
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
In het invloedsgebied van de Spoorzone, aansluitend op het Spoorpark, ligt een verzameling groene en blauwe gebiedjes, ontstaan als restruimte tussen de sporen (Spoorbos). De afzonderlijke delen zijn visueel op veel plekken van elkaar gescheiden, met alleen verbindingen via niet al te ruime onderdoorgangen. Vanuit de ruimtelijke kwaliteit bezien is van belang dat gaandeweg de doorzichten tussen de afzonderlijk delen van het spoorpark/spoorbos worden verbeterd, zodat het als een ruimtelijk eenheid wordt ervaren. Dit kan bijvoorbeeld door het aanpassen van routes uitkomend op de onderdoorgangen zodat rechtere zichtlijnen ontstaan, maar ook door het strategisch situeren van oriëntatiepunten aan weerszijden van die onderdoorgangen. Een oriëntatiepunt kan een bijzonder groenelement zijn, een inrichtingselement of een zicht op open water.
Bebouwing grenzend aan het Spoorpark dient een goede oriëntatie te hebben op het Spoorpark middels transparante, bewoonde gevels.
Het Spoorpark is een parkachtige zone langs de Burgemeester Jamessingel tussen het parkeerterrein van de Driestar en de A1locatie. Doordat dit een functie heeft gekregen voor water- en groencompensatie vormt dit een latent stadspark. Door aanpassing van de paden en inrichtingselementen in een deel van het gebied kunnen aantrekkelijke plekken en recreatiemogelijkheden ontstaan. Het gebied is van belang voor de verdere ontwikkeling van natuur en biodversiteit. Daarom blijft tenminste een kwart van het spoorpark vrij van wandel- of fietspaden. Dit deel van het Spoorpark wordt bewust niet verstoord in welk opzicht ook. Hier heeft de natuur voorrang
SAMENHANGENDE RUIMTELIJKE STRUCTUREN SPOORPARK
INVLOEDSGEBIED
PROJ ECTG EBIED
projectgebied en invloedsgebied voor beeldkwaliteit
8
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
De A1 locatie heeft een groot invloedsgebied. De bebouwing is hoog en de zichtlijnen zijn lang. Van planvoorstellen wordt verwacht dat de impact op de omgeving goed wordt onderzocht, in het bijzonder voor de twee markante uiteinden van de locatie. Hoe hoger een toren, of hoe breder een ensemble, hoe beeldbepalender het zal zijn. Dat vraagt om extra aandacht voor de ruimtelijke kwaliteit.
Als tussen de torens sprake is van meerdere bouwlagen, dan ontstaat een straatwand die de torens verbindt. Hoogbouw en laagbouw vormen dan samen een of meer ensembles. De groene omzoming rond het ensemble krijgt een meer stedelijk karakter.
De langgerekte locatie kan zich ontwikkelen tot een reeks van op zichzelf staande torens verbonden door een plint die goed in het landschap is ingebed. Een lage plint kan volledig opgaan in het landschap, waarbij ook het dak boven deze plint een groenfunctie heeft.
De bebouwing heeft een hoogstedelijk karakter, maar er zijn niet overal publieke voorzieningen in de plint. Daarom wordt de bebouwing voor een groot deel ‘met de voeten’ in het groen gezet. Tussen de straat en de bebouwing bevindt zich een groene omzoming als overgang tussen de straat en de bebouwing. Daarmee ontwikkelt de locatie ook samenhang met het ernaast gelegen Spoorpark.
Met meerdere woontorens, waarvan één echt hoogteaccent, wordt een herkenbare entree gecreëerd voor Gouda. De hoogbouw zal goed zichtbaar zijn langs de lange lijnen van de toegangswegen Goudse Poort, Nieuwe Gouwe O.Z. en het spoor. De torens benadrukken een hoogstedelijke woonomgeving.
SAMENHANGENDE RUIMTELIJKE STRUCTUREN A1 LOCATIE
INVLOEDSGEBIED
PROJECTGEBIED
projectgebied, invloedsgebied en markante punten voor beeldkwaliteit
9
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
Hier en daar kunnen accenten gemaakt worden door gebouwen met hun voeten in het water te zetten. Een goede relatie tussen de bebouwing en het water, op het niveau van het water, is dan belangrijk.
Vanwege het beeldbepalende karakter en de zichtbaarheid vanuit de omringende openbare ruimte dient bebouwing grenzend aan deze omzomingen een alzijdig karakter te hebben. Er zijn geen achterkanten gericht op deze omzoming. De omgang met privétuinen aan de omzoming is terughoudend. Schuttingen en tuinhuisjes werken verrommelend.
De omzomingen liggen doorgaans aan de ‘achterzijde’ van kavels. Er zijn daardoor geen toegangswegen en er is geen of weinig verharding nodig in deze omzomingen. En dat maakt het mogelijk dat bomen ruimte krijgen. Behoud en versterking van de boomstructuur, die op privégrond meer ad hoc is dan lineair, versterkt de ruimtelijke kwaliteit. Lage vegetatie dient niet volledig dicht te zijn, zodat er regelmatig visuele verbindingen zijn met het water.
Een aantal plangebieden, zoals Antwerpseweg/ Blokkerlocatie en de Harderwijkweg, wordt geheel of gedeeltelijke omzoomd door groenblauwe structuren. Deze sloten met lage, groene overs zijn karakteristiek voor het gebied en voor Gouda. Het behoud en versterken van deze structuren draagt bij aan een gebiedseigen identiteit.
SAMENHANGENDE RUIMTELIJKE STRUCTUREN GROENBLAUWE OMZOMINGEN
groenblauwe omzomingen
10
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
Het invloedsgebied reikt tot en met de overzijde van omliggende infrastructuur zodat kansen voor aanknopingspunten met die overzijde benut kunnen worden. Hoogbouw op markante punten is zeer bepalend voor de uitstraling van het gebied en wordt goed vanuit de omgeving onderzocht.
Bijzondere accenten geven een verrijking. Een gebouw dat met de voeten in het water staat, een gebouw dat wat verder terugspringt uit de rooilijn of een toren die zich losmaakt van een bouwblok. Vanuit de vorm van een kavel, of vanuit de ontwikkelstrategie (bijvoorbeeld transformatie in plaats van nieuwbouw) kunnen compactere gebouwvormen ontstaan die daardoor ook ruimer door semiopenbare ruimte omzoomd worden. Hoe ruimer de omzomende ruimte, hoe meer aandacht nodig is voor een zorgvuldige inrichting van deze ruimte.
De structuur van het gebied is robuust genoeg om een grote variatie in vorm en stijl tussen blokken te verdragen. Soms is variatie ook binnen een blok wenselijk, wanneer een blok(zijde) te groot wordt.
De omgeving van de Antwerpseweg en de Blokkerlocatie vormen een samenhangende ontwikkeling van stadse blokken. Er zijn soms iets verspringende rooilijnen en hier en daar hoogtesprongen in de bebouwing. Ieder blok is een eigen architectonisch ensemble waarin zowel grondgebonden wonen voorkomen als appartementen. De blokken hebben een omzoming op eigen terrein met een groen karakter. Privé buitenruimte aan de buitenzijde van de blokken is zorgvuldig mee ontworpen met de bebouwing en verdraagt geen schuttingen. Bewonersparkeren is opgelost binnen de contouren van de blokken.
SAMENHANGENDE RUIMTELIJKE STRUCTUREN ANTWERPSEWEG+BLOKKER
INVLOEDSGEBIED
PROJECTGEBIED
projectgebied, invloedsgebied en markante punten voor beeldkwaliteit
11
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
Het invloedsgebied reikt tot en met het Groenhovenpark, om daarmee kansen te benutten om het projectgebied te beschouwen als een bebouwd en bewoond verlengstuk van het park.
Indien in een kavelpaspoort voor dit gebied een hoogteaccent wordt vastgesteld, dan is deze vanwege de lange zichtlijnen op deze plek automatisch een markant punt. Dit vergt een extra inspanning in de beeldkwaliteit en een goed onderzoek van de uitstraling op de omgeving.
De relatief geïsoleerde ligging van dit plandeel ten opzichte van andere woongebieden en voorzieningen vergt aandacht voor de eigen kwaliteit op maaiveldniveau, en op de ruimtelijke verbinding met het aangrenzende Groenhovenpark. Een fysieke verbinding tussen de Harderwijkweg en het park zal in de planvorming nader uitgewerkt moeten worden. Een continuering van het parkkarakter tussen de gebouwen zorgt ervoor dat het beeld ontstaat van wonen in het park. Dit wordt ondersteund door een zo veel mogelijk bewoonde begane grond. Privé buitenruimte aan de buitenzijde van de blokken is zorgvuldig mee ontworpen met de bebouwing en verdraagt geen schuttingen.
Het gebied van de Harderwijkweg ligt markant op de toegangsweg vanaf de A12. Er ligt hier een kans om een beeldbepalend accent te maken als onderdeel van een ensemble met verschillende bouwhoogtes. De veelhoekige vorm van de locatie biedt kansen voor bijzondere vormen in de gebouwen of in de tussenliggende ruimten. De zijde van het gebied die aansluit op het Groenhovenpark vraagt om een zorgvuldige overgang van het woongebied naar het park.
SAMENHANGENDE RUIMTELIJKE STRUCTUREN HARDERWIJKWEG
PROJECTGEBIED
INVLOEDSGEBIED
projectgebied, invloedsgebied en markant punt voor beeldkwaliteit
12
GEWEVEN GROENE LINTEN
BURGEMEESTER JAMESSINGEL
KLOEKE BLOKKEN
GEPARCELLEERDE REEKS
NOORDELIJK STATIONSGEBIED
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
ECOLOGISCH/KLIMAATADAPTIEF
BIJZONDERE ELEMENTEN i/d BUITENR.
PLEKJES
GRIJS IN GROEN
GROEN IN GRIJS
ZICHT OP HET WATER
TOEGANKELIJK DEK
VERBINDENDE PLINT
ZICHTBAAR CIRCULAIR
GROENE PLINT
GEORIENTEERD OP HET GROEN
DIVERSE REEKS
GELUIDWERING INTEGRAAL
TRANSPARANTIE
PLASTICITEIT OF RELIËF
SLANKHEID
ALZIJDIGHEID
Het programma/ kavelpaspoort met de toegewezen criteria wordt vervolgens voor advies voorgelegd aan de ARK. Hierna kan een initiatiefnemer de resterende keuzevrijheid zelf invullen.”
Stedenbouw wijst de witte criteria nader per kavel toe, bijvoorbeeld in relatie tot bijzonderheden vanuit het kavelpaspoort of het programma.
De criteria met zwarte stippen zijn altijd van toepassing, De criteria met witte stippen bieden ruimte voor meerdere uitwerkingen.
Dit overzicht toont de criteria van toepassing op de verschillende ruimtelijke structuren,. De criteria worden op de volgende pagina’s toegelicht.
SAMENHANGENDE STRUCTUREN OVERZICHT
VERBONDEN PARK
SPOORPARK
TORENS IN HET GROEN
ENSEMBLES IN HET GROEN
A1-LOCATIE
LAGE LANDSCHAPPELIJKE OEVERS
GROENBLAUWE OMZOMINGEN
GELEDE BLOKKEN
COMPACTE BLOKKEN
ANTWERPSEWEG + BLOKKERLOCATIE
ENSEMBLES IN HET GROEN
HOGE ENSEMBLES IN HET GROEN
HARDERWIJKWEG
13
Een transparant gebouw heeft overwegend grote gevelopeningen. Deze kunnen beglaasd zijn, of open waar er buitenruimten zijn. Het maakt de architectuur luchtig en zorgt dat het wonen zichtbaar wordt.
Alzijdigheid zorgt ervoor dat een hoog gebouw, dat vanuit verschillende kanten zichtbaar is, aan alle kanten gelijkwaardig is. De zijden zijn niet noodzakelijk identiek. Maar de architectonische middelen op verschillende gevels zijn met elkaar in balans.
De geluidbelasting door de omringende infrastructuur vraagt soms om aanvullende maatregelen om geluid te weren. Met name bij balkons en dakterrassen kunnen die maatregelen beeldbepalend zijn. Bij een goed mee ontworpen geluidsvoorziening maakt de extra afscherming van deze buitenruimten, meestal grotendeels glas, integraal onderdeel uit van de gevel. Waar mogelijk wordt de ontwerpvrijheid benut om van zo’n glazen ‘tweede gevel’ een verbijzonderde gevel te maken.
DIVERSE REEKS Wanneer elke toren en elk ensemble een architectonische eenheid is met een eigen ontwerp, dan ontstaat een diverse reeks gebouwen. Die reeks is levendig en geeft uitdrukking aan de veelzijdigheid van stedelijk wonen in de stad. Er kunnen gemeenschappelijke kenmerken zijn, zeker bij meerdere architectonische eenheden in één ontwikkeling, maar het onderscheid gaat duidelijk verder dan variatie binnen een thema.
Slankheid maakt hoogbouw elegant. Door de inzet van architectonische middelen oogt een gebouw aanzienlijk slanker dan vanuit de verhoudingen van de bouwmassa zelf. Bijvoorbeeld balkons die niet uitkragen maar in lijn liggen met de gevel. Een geleding in het gevelvlak zorgt voor rijziger verhoudingen. Een gebouw met brede en smalle zijden kan haar smalle zijde extra accentueren in de architectuur zodat de aandacht hierop gevestigd wordt.
PLASTICITEIT OF RELIËF
Plasticiteit of reliëf in de gevel breekt vlakken en geeft daarmee schaal an het gebouw. Het kan ritmiek verlevendigen. De architectuur oogt verschillend vanuit verschillende hoeken en in verschillende lichtomstandigheden. Plasticiteit kan gebruikt worden om de compositie van een ensemble te verlevendigen en de onderdelen met elkaar in verhouding te brengen. Gevelopeningen kunnen worden benadrukt. Buitenruimten van woningen lenen zich goed om in een spel van plasticiteit meegenomen te worden.
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
GELUIDWEREND INTEGRAAL
SLANKHEID
Een goede inpassing van hoogbouw vergt een verkenning van de architectonische uitstraling zowel op korte afstand als op grotere afstand in verschillende richtingen. Daarmee ontstaat inzicht in de manier waarop het gebouw bijdraagt aan de ruimtelijke kwaliteit van de directe omgeving, aan herkenningspunten langs lange zichtlijnen en aan het silhouet van de stad.
TRANSPARANTIE
ALZIJDIGHEID
CRITERIA BEBOUWING
14
De onderste bouwlaag van een ensemble is een belangrijk verbindend element. Het wordt daarom zoveel mogelijk ontworpen als een doorgaande plint. Deze plint heeft in de gevel een duidelijk grotere hoogte dan de overige bouwlagen. De plint wordt extra benadrukt door haar contrast met de bovenliggende gevels. Zowel open delen (bijvoorbeeld entrees) als gesloten delen van de plint zijn aantrekkelijk en in samenhang met elkaar vormgegeven. Lange ‘dode’ plinten worden vermeden.
Bebouwing grenzend aan openbaar of semi-openbaar groen is duidelijk op deze groene ruimten georiënteerd, door bijvoorbeeld grote gevelopeningen. Dit draagt niet alleen bij aan de belevingswaarde van de gebruikers van de gebouwen, maar ook aan de kwaliteit van de groene ruimten. Door de aandacht die aan de architectuur gegeven wordt. En door het visuele contact tussen binnen en buiten, waarmee sociaal toezicht ontstaat in de groen buitenruimte.
Een hoger gelegen dek wordt goed toegankelijk wanneer de toegang integraal onderdeel is van de architectuur, op een duidelijk zichtbare plek is en goed toegankelijk voor een brede groep gebruikers. De vormgeving verduidelijkt of deze entree bedoeld is voor bewoners, bezoekers of een breder publiek.
Een groene plint is meer landschap dan gebouw. Dit kan een talud zijn waarachter een gebouwde parkeervoorziening schuil gaat. Het kan ook een groene gevel zijn die integraal onderdeel is van een groenontwerp op maaiveldniveau. Het kan ook een terugliggende gevel zijn die vrijwel volledig aan het zicht onttrokken wordt door bomen en heesters.
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
Circulair bouwen vraagt soms om het breken met conventies. Andere materialen, andere bouwmethoden. Dat maakt de ruimtelijke kwaliteit niet a priori beter. Maar een gebouw dat circulariteit in haar verschijning duidelijk etaleert is architectuur met een boodschap over een belangrijke transitie.
ZICHTBAAR CIRCULAIR
TOEGANKELIJK DEK
GROENE PLINT
Zorgvuldige overgangen tussen privé en (semi-)openbaar kunnen dit ondersteunen. Bijvoorbeeld integraal met de gebouwen mee ontworpen terrassen, pergola’s, serres of toegangen van gebouwen.
VERBINDENDE PLINT
GEORIENTEERD OP HET GROEN
CRITERIA BEBOUWING
15
Door een goede interactie tussen de architectuur en de inrichting van het maaiveld ontstaan in de openbare en semi-openbare ruimte plekjes met verblijfskwaliteit. Met name bij entrees, waar de sociale controle groot is, is dit een toegevoegde waarde. Plekjes maken de ruimte in de straat herkenbaar, nodigen uit om te verblijven en ontmoeten en geven rustpunten tijdens een wandeling of sport.
Lage, zachte oevers geven water een prominente plek in de buitenruimte van Gouda. De vegetatie op de oevers kan dit versterken. Hoge vegetatie beperkt zich tot clusters, of wordt bij grotere groenstructuren regelmatig onderbroken voor een doorzicht. Daarnaast zijn ook lange zichtlijnen over het water een kwaliteit, bij bruggen, duikers of uiteinden van waterlopen.
Verbijzonderingen in de buitenruimte zorgen ervoor dat plekken herkenbaar worden als oriëntatiepunt, en betekenis krijgen. Dit kan een bijzondere groenvoorziening zijn, of kunst, of een gebruiksfunctie in de openbare ruimte zoals een voor die plek ontworpen zitje of een voorziening voor sport of spel. Het kan klein of groot zijn. Het is in elk geval uniek voor die specifieke plek. Wanneer meerdere plekken bijzondere elementen hebben krijgen ze met elkaar meerwaarde.
ECOLOGISCH EN KLIMAATADAPTIEF Een inrichting van de buitenruimte die de versterking van de ecologie of klimaatadaptatie zichtbaar maakt, versterkt de ruimtelijke kwaliteit en maakt de werking van natuurlijke systemen in de stad leesbaar en beleefbaar. Maatregelen zijn afgeleid uit beleidsnota’s of gaan daar nog een stap verder in. Voorbeelden zijn het gericht vergroten van de soortenrijkdom, natuurlijke systemen voor verbetering van de waterkwaliteit en luchtkwaliteit, tijdelijke opvang van regenwater en vegetatie met een verkoelend effect.
De ruimte heeft in de basis een verhard maaiveld, waarbinnen zich groen bevindt. Een goede regie op straatmeubilair zorgt ervoor dat niet overal een beetje is, maar dat ruime lege plekken worden afgewisseld met functionele plekken. Straatmeubilair en groen worden op elkaar afgestemd en waar mogelijk geïntegreerd, zoals bankjes rond bomen en plantenbakken. Grotere groene elementen bieden meer mogelijkheden dan kleinere, zoals het integreren van water. Verlichting is niet alleen functioneel maar accentueert ook bijzondere plekken in de ruimte.
GRIJS IN GROEN
De ruimte heeft in de basis een onverhard maaiveld, waarbinnen zich verhardingen bevinden. De verhardingen zijn overwegend lineaire elementen zoals paden. Versnippering van groen door verharding wordt vermeden. Inrichtingselementen zijn waar mogelijk geïntegreerd binnen de lineaire verhardingen.
GOUDA SPOORZONE | Sturingskader Beeldkwaliteit
BIJZONDERE ELEMENTEN IN DE BUITENRUIMTE
GROEN IN GRIJS
Incidenteel staan gebouwen met hun voeten in het water. Dan is de zicht- en gebruiksrelatie tussen het gebouw en het water belangrijk, met een beperkt hoogteverschil en voldoende transparantie. Vlonders, steigers en drijvende tuinen kunnen dit ondersteunen.
PLEKJES
ZICHT OP HET WATER
CRITERIA MAAIVELD
16
IN OPDRACHT VAN:
BIJLAGE: RAADSBESLUIT
" ! !"!"""$
$ "$
#! !" $ $
" $ %"" &$!""!"
& "$ !"$ !"
$ %"" &
, +%&. 3 &. -
%$! &
%, / / (&. +1* * &.
59
Bijlage 5 M ilieuhygiënisch vooronderzoek bodem
"Burgemeesterkwartier Gouda" (vastgesteld)
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM PLANGEBIED BLOKKER TE GOUDA
Rapportage bodem
milieuhygiënisch
vooronderzoek
Plangebied Blokker te Gouda Opdrachtgever
Wissing Ruimtelijke Denkers Postbus 37 2990 AA Barendrecht
Rapportnummer Versienummer
11724.001 D1
Status
Eindrapportage
Datum
17 december 2020
Vestiging
Zuid-Holland Max Euwelaan 21-29 3062 MA Rotterdam 088 - 5001600 rotterdam@econsultancy.nl
Opsteller
Mevrouw ing. M.M.A. van Neerven
Paraaf
Kwaliteitscontrole
De heer ir. F.F.J.M. Top
Paraaf
Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadviesen -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhandboek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NEN-EN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Betrouwbaarheid Opgemerkt wordt dat geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Daar Econsultancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING .................................................................................................................................. 1
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE VOORONDERZOEK ................................................ 1
3
GERAADPLEEGDE BRONNEN ................................................................................................. 1
4
HISTORISCH EN HUIDIG GEBRUIK ONDERZOEKSLOCATIE ............................................... 2
5
TOEKOMSTIGE SITUATIE ........................................................................................................ 2
6
CALAMITEITEN .......................................................................................................................... 2
7
UITGEVOERD(E) BODEMONDERZOEK(EN) OP DE ONDERZOEKSLOCATIE..................... 2
8
AANGRENZENDE TERREINDELEN/PERCELEN .................................................................... 3
9
INFORMATIE LOKALE/REGIONALE ACHTERGRONDGEHALTEN ........................................ 4
10
BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ............................................................................... 4
11
TERREININSPECTIE ................................................................................................................. 5
12
SAMENVATTING EN CONCLUSIES ......................................................................................... 6
BIJLAGEN: 1. 2a. 2b.
- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Foto's onderzoekslocatie
1
INLEIDING
Wissing Ruimtelijke Denkers heeft aan Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een milieuhygiënisch vooronderzoek bodem op de locatie Blokker te Gouda. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is uitgevoerd in het kader van de bestemmingsplanwijziging. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem heeft tot doel te bepalen of er aanleiding bestaat voor het uitvoeren van een bodemonderzoek conform de NEN 5740 en/of NEN 5707, door middel van een archiefonderzoek, een interview met de eigenaar/gebruiker en een terreininspectie. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is verricht conform de NEN 5725:2017 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek". 2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE VOORONDERZOEK
Het vooronderzoek omvat de onderzoekslocatie en direct hieraan grenzende terreindelen binnen een afstand van 25 meter. De onderzoekslocatie (± 4 ha) is gelegen aan de Antwerpseweg 2 te Gouda (zie bijlage 1). De onderzoekslocatie is kadastraal bekend gemeente Gouda, sectie M nummer 4084, 6094 (ged.) en 6504. Volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 1,5 m -NAP en zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 107.280, Y = 448.311. 3
GERAADPLEEGDE BRONNEN
In tabel 1 zijn de in het kader van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem geraadpleegde bronnen weergegeven. Van de locatie en de directe omgeving zijn uit verschillende informatiebronnen gegevens verzameld over het historische, huidige en toekomstige gebruik, eventuele calamiteiten, eventueel eerder uitgevoerde bodemonderzoeken, de bodemopbouw en geohydrologie, verhardingen, kabels en leidingen. Tabel 1.
Geraadpleegde bronnen Onderdeel
Bron
Historisch, huidig en toekomstig gebruik
Opdrachtgever (contactpersoon de heer H. Batist), d.d. 25 augustus 2020
Bouw-/milieudossier, ondergrondse tanks, calamiteiten, eerder uitgevoerd bodemonderzoek
Omgevingsdienst Midden-Holland (online bodematlas), d.d. 1 december 2020
Locatiegegevens van internet: - historisch topografisch kaartmateriaal - basisregistratie grootschalige topografie - kadastrale gegevens - hoogtekaart - luchtfoto's - Google streetview - provinciale bodeminformatie - bodemopbouw - geo(hydro)logie - kabels en leidingen
www.topotijdreis.nl www.pdok.nl www.kadaster.nl www.ahn.nl webservices.gbo-provincies.nl/lufo/services/wms maps.google.nl www.bodemloket.nl maps.bodemdata.nl www.dinoloket.nl www.kadaster.nl/klic-wion
Terreininspectie
Uitgevoerd door Econsultancy, d.d. 3 december 2020
R 11724.001 versie D1
Pagina 1 van 6
4
HISTORISCH EN HUIDIG GEBRUIK ONDERZOEKSLOCATIE
Uit historisch kaartmateriaal uit de periode 1900 - 1980 blijkt, dat de onderzoekslocatie deel uitmaakte van het poldergebied. De onderzoekslocatie was in agrarisch gebruik en werd extensief bewoond. Op de onderzoekslocatie waren diverse sloten en dammetjes aanwezig. Deze sloten en dammetjes zijn in de jaren tot 1980 gedempt. Rond 1980 is op het oostelijke terreindeel bebouwing gerealiseerd en zijn de huidige watergangen gerealiseerd. Op het noordwestelijke terreindeel is vermoedelijk een parkeerplaats gerealiseerd. De overige terreindelen zijn in gebruik als groenvoorziening. Rond 1995 is de huidige bebouwing en infrastructuur gerealiseerd. In 2006 is op het zuidwestelijke terreindeel een gebouw bijgebouwd. Tot op heden is de onderzoekslocatie niet wezenlijk veranderd. De onderzoekslocatie is momenteel in gebruik als bedrijventerrein. Op de onderzoekslocatie zijn drie kantoorgebouwen, een loods en een fietsenstalling aanwezig. Op het noordelijke terreindeel is een transformatorhuisje aanwezig. Verder is er een met klinker verharde parkeerplaats aanwezig. De onderzoekslocatie is daarnaast grotendeels verhard met asfalt en betonstelconplaten. Aan de randen van de onderzoekslocatie zijn watergangen aanwezig met bossages.
Voor zover bij de opdrachtgever en de Omgevingsdienst Midden-Holland bekend, heeft er op de onderzoekslocatie nimmer opslag van oliehoudende producten in ondergrondse of bovengrondse tanks plaatsgevonden. Er zijn geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de locatie te verwachten. In bijlage 2a is de huidige situatie op een locatieschets weergegeven. Bijlage 2b bevat enkele foto's van de onderzoekslocatie.
5
TOEKOMSTIGE SITUATIE
De initiatiefnemer is voornemens om te onderzoeken of woningbouw op deze locatie mogelijk is en welke beperkingen hiervoor gelden.
6
CALAMITEITEN
Voor zover bij de opdrachtgever bekend hebben zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan. Ook uit informatie van de Omgevingsdienst Midden-Holland blijkt niet, dat er zich in het verleden bodembedreigende calamiteiten hebben voorgedaan.
7
UITGEVOERD(E) BODEMONDERZOEK(EN) OP DE ONDERZOEKSLOCATIE
In 2000 is door NBM Petrol Stations & Industry, ter plaatse van het huidige bebouwing op het noordoostelijke terreindeel, een verkennend bodemonderzoek (rapportnummer: 950801-R-01/brs, d.d. 19 januari 2000) uitgevoerd. In het opgeboorde materiaal zijn zintuiglijk geen verontreinigingen aangetroffen. Wel zijn enkele boringen gestuit op een vermoedelijke puinlaag. Zowel in de boven- als ondergrond zijn analytisch geen verontreinigingen aangetroffen. Het grondwater is plaatselijk licht verontreinigd met chroom en tolueen en sterk verontreinigd met koper.
R 11724.001 versie D1
Pagina 2 van 6
In 2000 is door NBM Petrol Stations & Industry, ter plaatse van de huidige bebouwing op het noordoostelijke terreindeel, een actualiserend bodemonderzoek (rapportnummer: 950801 -R-02/brs, d.d. 20 januari 2000) uitgevoerd naar een sterke verontreiniging met minerale olie en vluchtige aromaten, welke tijdens een voorgaand bodemonderzoek is vastgesteld. Het voorgaand bodemonderzoek waarbij deze verontreiniging is vastgesteld is niet bekend bij Econsultancy. De verontreiniging is in de bodem terecht gekomen na een incident uit 1995 waarbij hydraulische olie in de bodem is gelekt. In het opgeboorde materiaal is plaatselijk licht puinhoudend. Op basis van de analyseresultaten wordt de verontreiniging in de bodem met minerale olie en vluchtige aromaten geschat op 170 m3. In het grondwater is de sterke verontreiniging niet meer aangetoond, enkel plaatselijk een matige verontreiniging met minerale olie. In 2001 is door NBM Petrol Stations & Industry, ter plaatse van de huidige bebouwing op noordoostelijke terreindeel, een plan van aanpak bodemverontreiniging (rapportnummer: 1472010-R-1/tbr, d.d. augustus 2001) opgesteld. De verontreinigde grond zal middels ontgraven worden gesaneerd en dienen enkele controle monsters genomen te worden.
In 2001 is door NBM Petrol Stations & Industry, ter plaatse van de huidige bebouwing op noordoostelijke terreindeel, een evaluatie bodemsanering (rapportnummer: 1472010-B-2/tbr, d.d. 23 oktober 2001) opgesteld. De verontreinigde grond is ontgraven en afgevoerd naar een erkend verwerker. Uit de controle grond(water)monsters blijken geen restverontreiniging is achtergebleven. Volgens de omgevingsdienst is de sanering in voldoende mate uitgevoerd. In 2000 is door NBM Petrol Stations & Industry, ter plaatse van de huidige bebouwing op het zuidwestelijke terreindeel, een verkennend bodemonderzoek (rapportnummer: 001701-1-R-01/brs, d.d. 20 januari 2000) uitgevoerd. In het opgeboorde materiaal zijn zintuiglijk geen verontreinigingen aangetroffen. Zowel in de boven- als ondergrond zijn analytisch geen verontreinigingen aangetroffen. Het grondwater is plaatselijk licht verontreinigd met arseen en chroom.
8
AANGRENZENDE TERREINDELEN/PERCELEN
In hoofdstuk 3 zijn de geraadpleegde informatiebronnen voor de omliggende terreindelen en aangrenzende percelen binnen 25 meter van de onderzoekslocatie opgenomen. Het bodemgebruik van de omliggende terreindelen is als volgt:
aan de noordzijde bevindt zich de openbare weg, Burgemeester van Reenensingel; aan de oostzijde bevindt zich de openbare weg, Burgemeester Mijssingel; aan de zuidzijde bevindt zich de openbare weg, Burgemeester Jamessingel; aan de westzijde bevindt zich bedrijventerrein met diverse kantoorgebouwen.
Aan de westzijde van de onderzoekslocatie is in 1995 door Milieutechniek Gebr. Reehorst Dodrecht b.v. een indicatief milieukundig bodemonderzoek (rapportnummer: 95.841, d.d. juli 1995) uitgevoerd. Het opgeboorde bodemmateriaal is plaatselijk licht puinhoudend. In de bovengrond zijn analytisch geen verontreinigingen aangetroffen. In ondergrond is een licht verontreiniging met kwik, lood, zink en PAK aangetroffen. Het grondwater is verontreinigd met arseen. Dit zou te relateren zijn naar natuurlijke verhoogde achtergrondwaardes met arseen in het grondwater. Het is het grondwater plaatselijk verontreinigd met vluchtige aromaten.
R 11724.001 versie D1