Bijlage 6.3 bij de toelichting Cultuurhistorische analyse
Tekst van het document
CULTUURHISTORISCHE ANALYSE
KOUDASFALTFABRIEK Voormalig Fabrieksterrein van de N.V. Koudasfalt Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Onderzoek i.o.v. Gemeente Gouda
10 mei 2021
COLOFON Onderzoeksobject Koudasfalt Voormalig Fabrieksterrein van de N.V. Koudasfalt Gouderaksedijk 32-34 2808 NG Gouda Status Geen Opdrachtgever Gemeente Gouda Afdeling Ruimtelijk beleid en advies Contactpersoon: mw. C. Jansen Postbus 1086 2800 BB Gouda Onderzoek en rapportage Ing. G. Korenberg, bnb
Dit is een uitgave van het Monumenten Advies Bureau, Nijmegen, 10 mei 2021, copyright MAB Nijmegen 2021 blad 2 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
MONUMENTEN ADVIES BUREAU bureau voor architectuur- en bouwhistorisch onderzoek, cultuurhistorische gebiedsanalyses, restauratie, onderhoud en bouwtechnisch onderzoek, publieksvoorlichting en publicaties over cultuurhistorie drs. C.J.B.P. Frank drs. F.A.C. Haans, bnb mw. drs. C.H.J.M. van den Broek drs. J. de Jong ing. G. Korenberg, bnb mw. drs. M. Lemmens D. Schaars Ma. Mw. drs. L. Valckx Bredestraat 1 6542 SN NIJMEGEN tel: 024-3786742 info@monumentenadviesbureau.nl www.monumentenadviesbureau.nl
INHOUD 1 Inleiding ......................................................................................................... 4 1.1 De cultuurhistorische analyse ......................................................... 4 1.2 Het onderzoeksgebied .................................................................... 4 1.3 Het doel van de analyse .................................................................. 5 1.4 Werkzaamheden.............................................................................. 5 2 Presentatie van het onderzoeksgebied .......................................................7 2.1 Situering van het onderzoeksgebied ..............................................7 2.2 Begrenzing van het onderzoeksgebied ..........................................7 2.3 Algemeen historisch ruimtelijk beeld ............................................. 8 3 Geschiedenis van de locatie........................................................................ 10 3.1 Een terrein Langs de Hollandsche IJssel ....................................... 10 3.2 De N.V. Koudasfalt.......................................................................... 16 3.2.1 N.V. Vereenigde Fabrieken van Stearine Kaarsen..................... 16 3.2.2 Maatschappij Wegenbouw N.V. ................................................
16 3.3 Gebruik van het terrein tot 1948.................................................... 18 3.4 Het terrein in eigendom van Koudasfalt N.V. .............................. 20 3.5 Transformatie van het terrein in de jaren zestig ......................... 24 3.6 Vernieuwingen in de jaren zeventig .............................................. 31 3.7 Aanpassingen en ontmanteling .....................................................37 4 Het terrein – Ruimtelijke aspecten ............................................................ 41 4.1 Inleiding.......................................................................................... 42 4.2 Ruimtelijke opzet en verkaveling ................................................. 42 4.3 Verkeersstructuur .......................................................................... 45 4.4 Terreinstructuur............................................................................. 46
5
Bebouwing en objecten ........................................................................ 52 5.1 Karakteristiek ................................................................................. 52 5.2 Bijzondere objecten en structuren .............................................. 60 5.2.1 Transformatorhuisje 1944 (8) .................................................... 61 4.2.2 Beheerderswoning (6) ............................................................... 62 5.2.3 Weegbrug (5) ............................................................................ 64 5.2.4 Lange Arm, transportband en trechter (1, 2 en 4) ....................65 5.2.5 Voorraadbunkers (3) .................................................................. 67 5.2.6 Laboratorium (7) ................................................................... 69 5.2.7 Onderbouw asfaltinstallatie (13) en sorteertrechters (12) ........71 5.2.8 Losplaats Hollandsche IJssel (9) en trechters (4 en 11)........ 72 5.2.9 Overige objecten .................................................................... 76
6 Cultuurhistorische kwaliteiten .................................................................. 79 6.1 Inleiding .......................................................................................... 79 6.2 Algemene omschrijving van de gebiedskarakteristiek ................ 79 6.3 Bijzondere (historisch) ruimtelijke aspecten ............................... 80 6.4 Bebouwing en objecten ................................................................ 80 6.5 Historische groenstructuren ......................................................... 81 6.6 Archeologische Verwachting......................................................... 81 6.7 Overzicht objecten ......................................................................... 83 7 Samenvatting en aanbevelingen ...............................................................86 8 Bronnen en literatuur.................................................................................89 8.1 Bronnen ......................................................................................... 89 8.2 Internet .......................................................................................... 89 8.3 Literatuur ....................................................................................... 89 blad 3
1
verkenning van de bestaande kwaliteiten kan in de toekomst als onderlegger dienen voor afwegingen.
INLEIDING 1.1
DE CULTUURHISTORISCHE ANALYSE
De volgende onderdelen komen in de analyse aan de orde: In januari 2020 kreeg het Monumenten Advies Bureau opdracht van de afdeling Ruimtelijk beleid en advies van de gemeente Gouda voor het opstellen van een Cultuurhistorische Analyse van het voormalige fabrieksterrein van de N.V. Koudasfalt te Gouda, gelegen aan de Gouderaksedijk.
• Beknopte beschrijving van de historisch-ruimtelijke ontwikkelingen van het onderzoeksgebied in hoofdlijnen
• Beschrijving en overzicht van de aanwezige cultuurhistorische aspecten (structuren, bouwkundige objecten, ensembles, groen)
In 2013 werd de op het terrein gevestigde asfaltcentrale buiten gebruik gesteld en werd een nieuwe koper voor het terrein gezocht. Het in 2015 tot stand gekomen burgerinitiatief GOUDasfalt zag mogelijkheden om het terrein, na aankoop door de gemeente Gouda, te ontwikkelen tot een plek waar ruimte kan worden geboden aan uiteenlopende initiatieven om daarmee het terrein bij de stad te betrekken en een duurzame bestemming te geven, waarbij vrijwilligerswerkgroepen plannen ontwikkelen en voorbereiden, al dan niet in samenwerking met marktpartijen. Het terrein is thans in eigendom van de gemeente Gouda en wordt aan GOUDasfalt verhuurd. In het licht van huidige en toekomstige initiatieven ten aanzien het gebruik en de inrichting van het terrein bestaat bij de gemeente Gouda de behoefte om inzicht te krijgen in de ruimtelijke kenmerken die bepalend zijn voor de identiteit en kwaliteiten van het terrein. Een dergelijke
blad 4 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
• Duiding van de cultuurhistorische waarden, in woord en beeld (Cultuurhistorische waardenkaart)
• Aanbevelingen ter behoud en versterking van de aspecten met een ruimtelijke en cultuurhistorische waarde;
1.2
HET ONDERZOEKSGEBIED
Het onderzoeksgebied betreft het terrein dat tot 2013 in gebruik was bij de N.V. Koudasfalt, onderdeel van KWS. Dit betreft een tegenover de historische binnenstad van Gouda aan de zuidelijke oever van de Hollandsche IJssel gesitueerd buitendijks terrein. Het onderzoeksgebied ligt direct ten noorden van de Gouderaksedijk en wordt aan de noordzijde begrensd door de Hollandsche IJssel. Aan de oostzijde ligt de monding van
de Stolwijksevaart direct langs het terrein. Aan de westzijde begrenst het Veergat met hieraan grenzende Zelling Veerstalblok het terrein.
van diverse dossiers en documentaties betreffende het terrein en de directe omgeving.
Hoewel niet tot het terrein behorend, is ook de strook tussen de Gouderaksedijk en het oostelijke deel van het Koudasfaltterrein meegenomen vanwege de historische relatie en ruimtelijke samenhang.
Dit rapport bevat de in paragraaf 1.2 opgesomde onderdelen. Alle relevante cultuurhistorische aspecten zijn weergegeven op de cultuurhistorische waardenkaart.
Van het omliggende gebied werd in 2019 een Cultuurhistorische Analyse ‘Stolwijkersluis en de directe omgeving’ opgesteld door Karen Kranen. Hierin is het terrein van Koudasfalt globaal meegenomen.1 In het huidige onderzoek wordt nader ingezoomd op dit specifieke terrein. Voor de omgeving wordt verwezen naar de eerdere Cultuurhistorische Analyse.
Deze rapportage betreft een op punten aangevulde versie van de rapportage d.d. 28 februari 2020. Hierin zijn diverse, door dhr. Hans du Pré aangedragen (historische) aanvullingen verwerkt.
Monumenten Advies Bureau – 10 mei 2021 G. Korenberg, bouwhistoricus bnb
1.3
HET DOEL VAN DE ANALYSE
Deze analyse beschrijft de cultuurhistorie van het voormalige terrein van de N.V. Koudasfalt. Het doel van de cultuurhistorische analyse is om inzichtelijk te maken welke historisch-ruimtelijke kenmerken aanwezig zijn en op welke wijze bij toekomstige ruimtelijke ingrepen met de kwaliteiten omgegaan kan worden, ten einde de specifieke identiteit van het terrein te behouden en waar mogelijk te versterken.
1.4
WERKZAAMHEDEN
De gegevens voor deze analyse zijn verzameld tijdens veldwerkbezoek aan het terrein (uitgevoerd op 8 februari 2019), archiefonderzoek en studie Afbeelding pagina 6: Vogelvluchtbeeld (2005) in noordoostelijke richting, met centraal de dan nog volop in bedrijf zijnde asfaltcentrale van KWS, locatie Koudasfalt. Bron: Bing.com/maps 1 Kranen, K. (2019) pag. 56.
blad 5
blad 6 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
2 2.1
PRESENTATIE VAN HET ONDERZOEKSGEBIED
SITUERING VAN HET ONDERZOEKSGEBIED
Het onderzoeksgebied betreft een buitendijks terrein ten zuiden van de Hollandsche IJssel, tegenover het historische stadscentrum van Gouda. Het gebied valt binnen het buurtschap Stolwijkersluis en behoorde tot 1964 tot de gemeente Gouderak. Het onderzoeksgebied wordt ontsloten vanaf de Gouderaksedijk, die hier de noordelijke begrenzing van de Krimpenerwaard vormt. Recente luchtfoto van het gemarkeerde onderzoeksgebied en direct omliggend gebied. Bron: Google Maps
2.2
BEGRENZING VAN HET ONDERZOEKSGEBIED
De begrenzing van het onderzoeksgebied betreft de maximale omvang van het terrein dat door Koudasfalt N.V. in gebruik is geweest, inclusief de delen die thans niet meer tot dit terrein behoren, maar die hier in het verleden wel een directe relatie mee hebben gehad. De percelen op het kadastrale minuutplan (1811-1832), waaruit het huidige terrein is ontstaan vormen hiervoor de basis. Recente topografische kaart, met centraal het met een rode stip gemarkeerde terrein van Koudasfalt en linksboven het historische centrum van Gouda. Bron: Topotijdreis.nl blad 7
Aan de zuidzijde vormt de Gouderaksedijk de begrenzing van het onderzoeksgebied. Aan de westzijde het Veergat. Aan de noordzijde de Hollandsche IJssel en aan de oostzijde De Wijk. Bij de aan water grenzende terreingrenzen lagen historische perceelgrenzen buiten de huidige waterkant, zodat de begrenzingen van het onderzoeksgebied hier buiten het huidige terrein liggen.
2.3
ALGEMEEN HISTORISCH RUIMTELIJK BEELD
Het historisch-ruimtelijk karakter van het onderzoeksgebied kan worden getypeerd als een in de vroege twintigste eeuw op de buitendijkse Zellingen ontwikkeld bedrijventerrein met een opvallend open karakter door de grote ruimtebehoefte van de asfaltfabriek die tot voor kort de kern van het onderzoeksgebied vormde. Daarbij herinnert de hoofdvorm van het gebied aan de buitendijkse polder; Uiterdijck der Veenderijen, maar is in de inrichting van en bebouwing op het terrein vooral de ontwikkeling van het gebied als bedrijventerrein vanaf het midden van de twintigste eeuw afleesbaar. Het onderzoeksgebied vormt een industriële strook tussen de Hollandsche IJssel aan de noordzijde en het karakteristieke veenontginningslandschap van de Krimpenerwaard aan de zuidzijde.
Afbeelding pagina 9: Luchtfoto (2014) van het onderzoeksgebied, nadat Koudasfalt N.V. de bedrijfsactiviteiten op deze locatie had beëindigd, maar voorafgaand aan de (gedeeltelijke) demontage van de installaties. Bron: Goudabruist.nl blad 8 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Zicht over Hollandsche IJssel in westelijke richting, met links het onderzoeksterrein en rechts de historische binnenstad van Gouda.
Zicht over de Gouderaksedijk in oostelijke richting, met links het onderzoeksgebied en rechts de lager gelegen Krimpenerwaard.
blad 9
3
de ontginningen kenmerkende strokenverkaveling. Het poldergedeelte ter hoogte van het onderzoeksgebied behoort toe aan het Veerstalblok.
GESCHIEDENIS VAN DE LOCATIE
In dit hoofdstuk wordt een beeld geschetst van de historie van het onderzochte complex vanuit verschillende invalshoeken. Hierbij wordt onder meer in gegaan op stedenbouwkundige en architectuurhistorische ontwikkelingen om het terrein en zijn directe omgeving in zijn context te kunnen plaatsen. Daarnaast wordt ingegaan op de aanleg en ontwikkeling en hierbij betrokken partijen. Vervolgens wordt aan de hand diverse bronnen de ontwikkeling van het complex geschetst.
3.1
EEN TERREIN LANGS DE HOLLANDSCHE IJSSEL
De rivier de Hollandsche IJssel ontstond in het midden van de Romeinse tijd als gevolg van een doorbraak van de Lange Linschoten bij Oudewater.2 De omgeving van Gouda bestond uit een groot ontoegankelijk veengebied, waardoor pas vanaf ca. 200 mogelijk enkele boerderijen op de overs van de Hollandsche IJssel ontstonden. Dit nadat de rivier een doorgaande vaarverbinding vormde tussen bewoonde gebieden. In de late middeleeuwen (ca. 1000 tot ca. 1300) vond ontginning van het veengebied aan weerszijden van de Hollandsche IJssel plaats, waarbij boerderijen op de rivieroevers werden gebouwd met daarachter de voor
2 Dasselaar, M. van (2019) pag. 2
blad 10 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Het buitendijks gelegen onderzoeksgebied stond lang onder invloed van de vanaf ca. 1200 toenemende getijdenwerking. Deze invloed van eb- en vloed maakte verhoging van de dijken noodzakelijk. Tegelijkertijd klonken de ontgonnen veengebieden geleidelijk in, waardoor de dijken, daaronder ook de Gouderaksedijk, steeds hoger boven het landschap kwamen te liggen. In ieder geval vanaf 1325 bestond er een veerverbinding tussen Gouda, dat in 1272 stadsrechten kreeg, en de Krimpenerwaard. Het veer meerde aan in het Veergat, direct ten westen van het onderzoeksgebied. Bij het Veergat bevond zich ook het Rechthuis, waar de Goudse bestuurder recht spraken over de ‘heerlijkheid Gouderak’. Tot in de twintigste eeuw was hier ook een uitspanning gevestigd. Het onderzoeksgebied is op de kaarten vanaf het midden van de zestiende eeuw al vrijwel overeenkomstig de huidige omvang en vorm herkenbaar. Zowel Van Deventer (1558) als Blaeu (1649) geven duidelijk buiten de Gouderaksedijk een onbebouwd gebied weer, dat aan de westzijde wordt begrensd door het (niet duidelijk weergegeven) Veergat.3 Aan de oostzijde begrenst de monding van de Stolwijkersluis en hierop aansluitende, in de veertiende eeuw gegraven Goudse Vliet, ook wel Stolwijkervliet genaamd het terrein.4
3 Op de kaart van Blaeu (1649) is het Veergat abusievelijk in het verlengde van de Haven
aangegeven, terwijl het Veergat ten tijde van de kartering van 'J. van Deventer' (1560) wel correct in het verlengde van de Peperstraat is aangegeven. Deze omissie wordt vanaf 1585 tot 1713 door een 9-tal kaartenmakers overgenomen. 4 Groningen, C.L. (1996) pag. 95.
Beide kaarten geven langs de Gouderaksedijk wel enige bebouwing weer. Bij Van Deventer betreft het alleen buitendijkse bebouwing direct naast de eerste Stolwijker(uitwatering)sluis en ter hoogte van Zelling Veerstalblok. Op de kaart van Blaeu worden buitendijks binnen een beboste strook meerdere panden weergegeven. (zie ook par. 6.6).
Aan het eind van de achttiende eeuw ontstond het plan om turf te winnen in de Krimpenerwaard, de zogenaamde “Geoctroieerde Verveening”. In verband hiermee werd de Stolwijker(schut)sluis aangelegd. Een plan voor een langere schutkolk met gescheiden sluishoofden vond geen doorgang. Het onderzoeksgebied werd in die periode omdijkt en ingepolderd en aangeduid als ‘Uiterdijk der Veenderijen’.5
Het tegenover Gouda gesitueerde terrein op de kaart van Jacob van Deventer (1558). Bron: Nationaal Archief, toegang 4.DEF, nr. 1.6
Situatie d.d. september 1799 met plan voor “Geoctroieerde verveenining in den Crimpenener Waard”. Bron: NL-HaNA, Kaarten Hingman Suppl., 4.VTHR, inv.nr. 4600 Detail uit de kaart van Gouda, 1649 door J. Blaeu. Bron: Toonneel der Steden, J. Blaeu
5
Brink, A. van den (2003) Gespaard Landschap blad 11
Tot in de vroege twintigste eeuw veranderde weinig aan het terrein en bleef het een buitendijkse strook ingedijkt weilandpolder en rietland. De ingedijkte polder stond niet onder invloed van de Hollandsche IJssel. De zellingen ten westen van de polder wel. Een situatie die tot op heden zo is gebleven. Topografische kaarten uit de late negentiende eeuw tonen in het westelijke deel van het gebied enkele sloten. Afgraving t.b.v. de winning van klei is bij de percelen ten westen van het Veergat duidelijk waarneembaar, doordat percelen op de twintigste-eeuwse kadastrale kaarten als water worden weergegeven. Binnen het onderzoeksgebied lijkt dit niet plaats te hebben gevonden.
•
670 = Bouwman Jacobus van Vliet? Klaasz. - Rietland
•
671 = Idem, Dijk
•
672 = Herbergier Jacob van Vliet Hz. - Dijk
•
673 = Bouwman Jacob de Bruijn - Rietland
•
674 = De Stad Gouda – Watering (Veergat)
Het terrein is dan door een zomerdijk omgeven, waarbinnen de zuidoosthoek door een afzonderlijke zomerdijk is afgebakend. Langs de buitenzijde van de zomerdijk ligt aan de noord- en westzijde een smalle strook rietland. De delen binnen de zomerdijk zijn als weiland in gebruik.
In de vroege negentiende eeuw kan het gebruik van de grond worden achterhaald uit de bij de eerste kadastrale kaarten vervaardigde Oorspronkelijke Aanwijzende Tafels (OAT). Hieruit kunnen de volgende eigenaren en het grondgebruik per perceel worden gelezen: •
657-659 = Commissarissen der Geoctroieerde Verveening in de Krimpenerwaard
•
660 = Commissarissen der Geoctroieerde Verveening in de Krimpenerwaard - Rietland
•
661 = Idem, Weiland
•
662 = Idem, Dijk
•
663 = Idem, Dijk
•
664 = Herbergier Nicolaas Swanenburg - Dijk
•
665 = Idem, Weiland
•
666 = Idem, Rietland
•
667 = water = Idem, Rivier De Ijssel
•
668 = water = De Stad Gouda – Rivier De IJssel
•
669 = De Stad Gouda - Rietland
blad 12 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
658
659
657
660 661 666 667
665
668 669 673 674
670 672
662 663
664 671
Kadastraal minuutplan (1811-1832), Gouderak, sectie C, blad 02. Bron: Beeldbank RCE.
Topografische kaart 1888, waarop binnen het westelijke deel van het terrein de omdijking en enkele sloten worden weergegeven. Bron: Topotijdreis.nl
Kadastrale hulpkaart, Gouderak, sectie C, nr. 100 d.d. juni 1914. Het balkengat (pijl) is nu weergegeven. Bron: Kadaster.
Zicht over de Hollandsche IJssel in oostelijke richting met rechts het terrein ten oosten van de Stolwijksevaart. Het direct ten westen daarvan gelegen terrein zal eenzelfde aanblik hebben geboden. Bron: Gouda Toen en nu – Oud en modern Gouda in woord en beeld, 1992.
De kadastrale hulpkaart uit juni 1914 toont voor het eerst duidelijke verschillen. De rietzoom langs de noordzijde van het terrein wordt nu als ‘water’ weergegeven en zal door erosie of vergraving zijn komen te vervallen. De zomerdijken worden nu niet weergegeven, maar dit geldt ook voor de Gouderaksedijk die nog altijd aanwezig is. Het oostelijke deel van het terrein is nog altijd als weiland in gebruik. Het westelijke deel wordt op het bijbehorende veldwerk als ‘hooiland’ aangeduid. In de noordwesthoek was omstreeks 1876 een huis gebouwd6. Dit terrein behoorde tot 1892 toe aan de Rotterdamse Rederij Van der Garden en werd vervolgens verkocht aan steenfabrikant Gijsbertus Willem Lans uit Capellen aan de IJssel. 1895 terug verkocht aan de Rederij en in 1905 aan 6
Het huis wordt door het Kadaster voor het eerst op hulpkaart C-37 d.d. april 1876 weergegeven. blad 13
koopman en graanhandelaar Jan Slegt uit Gouderak. In 1914 werden de percelen 951 en 952 verkocht aan de N.V. Koninklijke Stearine Kaarsenfabriek te Gouda. Deze zou dit terrein vanaf 1930 aan de in dat jaar opgerichte N.V. Koudasfalt verhuren. Omstreeks 1950 werd dit terrein door Koudasfalt overgenomen, samen met een tot dan toe nog in het bezit van het Hoogheemraadschap zijnde strook langs de noordzijde van de Gouderaksedijk. De strook langs de Veerhaven bestond in ieder geval tot 1915 uit rietland, maar rond het midden van de twintigste eeuw was deze strook komen te vervallen en bevond zich hier water. Belangrijkste verandering is wel de aanleg van het ‘balkengat’ op de noordoosthoek van het huidige terrein. Dit terrein was tot ver in de twintigste eeuw in bezit van het Hoogheemraadschap, maar werd verhuurd aan houthandel De Hoop. Omstreeks 1950 werd het terrein ten zuiden van het balkengat verkocht aan Koudasfalt. Alleen een strook direct langs de Gouderaksedijk bleef eigendom van het Hoogheemraadschap. In deze periode werd hier het nog bestaande transformatorhuisje gebouwd. Het balkengat werd in deze periode eigendom van de N.V. Houthandel en Stoomzagerij ‘De Hoop’, voorheen H.J. Nederhorst. Korte tijd later werd werd het balkengat, en daarmee ook het eigendom van de houthandel in zuidelijke richting uitgebreid.
De strook direct langs de noordzijde van de Gouderaksedijk was in bezit gebleven van het Hoogheemraadschap en werd omstreeks 1962 verkocht als bouwterrein, maar bleef aanvankelijk grotendeels onbebouwd. Omstreeks 1971 kwamen hier de eerste kleine bouwwerken tot stand. Op 31 januari 1963 werd het uiterste westelijke deel van het balkengat, ter breedte van 50 meter, door Koudasfalt aangekocht van De Hoop en blad 14 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
vervolgens gedicht. Hiermee ontstond de mogelijkheid tot de bouw van de nog aanwezige ‘Lange Arm’. Het balkengat wordt daarna vergroot richting de Gouderaksedijk tot aan de strook grond langs de dijk in eigendom van het Hoogheemraadschap. Omstreeks 1970 kwam het uitgebreide balkengat helemaal in bezit van Koudasfalt en werd dit vanaf 1975 in gebruik genomen als slibdepot en geleidelijk gedempt. De eerste plannen hiervoor dateren al uit 1961. Voor dit gebruik werd de oostzijde met een vaste dam afgesloten. Het hiermee beschikbare terrein werd aan het fabrieksterrein toegevoegd, dat daarmee zijn maximale en huidige omvang bereikte. Omstreeks 1978 werden de huidige bedrijfsgebouwen langs de noordzijde van de Gouderaksedijk gebouwd. Deze delen behoorden niet tot het terrein van Koudasfalt.
Kadastrale hulpkaart, Gouderak, sectie C, nr. 149 d.d. mei 1946. Binnen het terrein van Koudasfalt (stippellijn) zijn nu verschillende kleine bouwdelen aanwezig. De strook rietland (pijl) langs het Veergat is verdwenen. Bron: Kadaster.
Kadastrale hulpkaart, Gouderak, sectie C, nr. 154 d.d. februari 1950. Het balkengat (pijl) is aanzienlijk uitgebreid. Direct naast de Gouderaksedijk is een transformatorhuisje (rode pijl) gebouwd. Bron: Kadaster.
Kadastrale hulpkaart, Gouda, sectie L, nr. 26 d.d. 11 mei 1979. Alle blauw gekleurde objecten zijn nu verdwenen. Langs de Gouderaksedijk is nu de nog bestaande reeks bedrijfsgebouwen (kader) ontstaan. Het balkengat zou in de hierop volgende jaren worden gedicht, waarmee de huidige omvang van het terrein ontstond. Bron: Kadaster.
Kadastrale hulpkaart Gouda, sectie L, nr. 10 d.d. februari 1971. Het meest westelijke deel van het balkengat is nu gedicht en bij het terrein van Koudasfalt gevoegd. Bron: Kadaster.
blad 15
3.2
DE N.V. KOUDASFALT
De Naamloze Vennootschap Koudasfalt N.V werd op 5 september 1930 opgericht door de N.V. Vereenigde fabrieken van Stearine Kaarsen en Chemische producten te Gouda en de Maatschappij Wegenbouw te Utrecht. Daarbij fungeerde de Kaarsenfabriek vooral als investeerder, terwijl de Maatschappij Wegenbouw de productie op zich nam. Hoewel Koudasfalt als zelfstandige Vennootschap werd opgericht resulteerde de Vennootschap altijd onder de Maatschappij Wegenbouw en diens opvolgers.
3.2.1
gevestigd te Gouda. Naast de productie van kaarsen werden ook steeds meer andere stearine-, oleïne- en glycerineproducten geproduceerd. In 1960 werd het bedrijf overgenomen door Unilever-Emery N.V. In 1983 werd de kaarsenafdeling overnomen door Bolsius Kaarsenfabriek uit Schijndel die tegenwoordig de Goudse Kaarsen in Waddinxveen produceert.
3.2.2
Maatschappij Wegenbouw N.V.
De Maatschappij Wegenbouw N.V. ontstond in 1922 uit het in 1901 opgerichte Stoomwalsenbedrijf v/h H. Boesewinkel uit Zutphen en het in 1921 opgerichte Bitumenweg uit Utrecht.8
N.V. Vereenigde Fabrieken van Stearine Kaarsen
In 1853 produceerde de Goudse firma Schoneveld, Westerbaan & Co aardappelstroop, maar de productie lag in de zomer stil in verband met het ontbreken van verse aanlevering van grondstoffen. De Goudse apotheker A.A.G. van Iterson kwam met het idee voor de productie van stearinekaarsen in de zomermaanden en associeerde zich met de firma. In 1857 ontstond hieruit de NV Stearine-Kaarsenfabriek ‘Gouda’.7 In 1901 werden een Chemische fabriek en een Zeep- en waspoederfabriek (T.P. Viruly & Co.) overgenomen. In 1909 werd nog een Amsterdamse kaarsenfabriek overgenomen. In 1929 fuseerde de Goudse fabriek met haar concurrent de Stearine Kaarsenfabriek Apollo uit Schiedam onder de nieuwe naam N.V. Verenigde Stearine Kaarsenfabrieken Gouda-Apollo,
In 1922 kwam de Bataafse Petroleum Maatschappij met asfaltproducten op de markt. De Maatschappij Wegenbouw was de eerste die ze toepaste. Dit betrof aanvankelijk oppervlakte behandelingen met petroleumasfalt, dat in een teermolen werd gemengd met steenslag. Nadat een grote opdracht werd vergund door de gemeente Amsterdam kon een MILLAR asfaltinstallatie, de eerste op het vaste land van Europa, worden geïmporteerd. Naast asfalt werd in 1923 ook de eerste betonweg gemaakt voor Rijkswaterstaat in de gemeente Heumen. Het bedrijf groeide snel en in drukke periode liep het aantal arbeiders in het midden van de jaren dertig soms op tot wel tweeduizend. De Maatschappij Wegenbouw investeerde halverwege de jaren dertig als eerste aannemer in Nederland in een laboratorium waar naast analyses 8
7 Bron: Lintsen, H.W. (1993) pagina 252-256
blad 16 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Bron: archief.nl/bedrijvenpagina/kmw/kmw.sjabloon.htm
http://www.bouwmachinesvantoen-
ook wetenschappelijk onderzoek plaats vond. Enkele jaren later ondervond het bedrijf ook de gevolgen van de crisis zodat aandeelhouder N.V. Verenigde Stearine Kaarsenfabrieken Gouda-Apollo een financiële sanering initieerde en de Duitse aandeelhouder Basalt A.G. werd uitgekocht. Hierna breide het bedrijf de activiteiten gestaag uit en werd onder meer gewerkt aan dijken en havendammen en de sterke uitbreiding van het wegennet. In 1951 werd het predicaat “Koninklijk” verkregen en ging het bedrijf verder onder de naam Koninklijke Maatschappij Wegenbouw N.V. In 1953 werd concurrent Van Hattum & Blankevoort door een kapitaalinjectie grootaandeelhouder. In 1968 bestond het materieelpark van de Koninklijke Maatschappij Wegenbouw uit: 29 Asfaltinstallaties 26 Asfaltroerketels 27 Asfaltafwerkmachines 94 Walsen 8 Betoninstallaties 8 Betonspreiders en trilmachines (betontreinen) 5 Stabilisatiemachines 50 Grondverzetmachines In 1969 werden KMS en het al eerder overgenomen Te Siepe volledig samengevoegd. In 1973 werd de KMS overgenomen door de STEVIN Groep, die in 1970 wat ontstaan uit Van Hattum & Blankevoort, Boele & van Eesteren en Van Splunder. Na opeenvolgende fusies ontstond hieruit in 1997 het bedrijf Koninklijke Volker Wessels Stevin (KWS).
Zicht over het veergat in noordoostelijke richting op het met een houtwal omgeven terrein, waar zich later Koudasfalt zou vestigen. Bron: Dasselaar, M. van (2019)
Op 1 juli 1930 werd een huurcontract afgesloten tussen de N.V. Vereenigde Fabrieken van Stearine, Kaarsen en Chemische Producten en Koudasfalt N.V. Aanvankelijk voor anderhalf jaar voor het bedrag van 1.500 gulden. Op het terrein werd waarschijnlijk direct een menginstallatie opgericht.9 De onderhoudskosten waren voor rekening van Koudasfalt, maar deze had daarbij tot 30 september 1931 het recht om het terrein voor 30.000 gulden over te nemen. Het huurcontract zou steeds stilzwijgend worden
9 In een op 9 augustus 1930 door Koudasfalt N.V. (in oprichting) aan het gemeentebestuur
van Haastrecht gerichte prijsaanbieding wordt al gesproken van ‘onze centrale menginstallatie te Gouda’. blad 17
verlengd, al was de huursom op 27 april 1943 wel verhoogd naar 1.250 gulden per jaar.10
stroef, warm bereid koudasfalt met een goede weerstand tegen scheurvorming. Doordat de toeslag (steenachtig) wordt omhuld met een relatief zacht bitumen is het erg flexibel en daarmee zeer geschikt voor zettingsgevoelige gebieden.11
Briefhoofd, zoals dat tijdelijk door Koudasfalt N.V. werd gebruikt voorafgaan aan de formele oprichting op 7 oktober 1930. Bron: SAM, Archief Koudasfalt.
De formele oprichting van de N.V. Koudasfalt vond pas op 7 oktober 1930 plaats. Dit betrof een samenwerking tussen de N.V. Vereenigde Fabrieken van Stearine, Kaarsen en Chemische Producten en de Utrechtse N.V. Maatschappij Wegenbouw. Het nieuwe bedrijf richtte zich op de productie van Carpave (Cold Asphalt Road Pavement). Hiertoe had het op 1 juni 1930 de rechten gekregen van het Engelse bedrijf Baldry Yerburgh and Hutchinson Ltd. Voor het maken, gebruiken, construeren en verkopen van wegdekken met Carpave koudasfalt en het voeren van de naam Carpave in Nederland. Het is een
Ontwerp voor een advertentie voor Carpave uit ca. 1964. Bron: SAM, Archief Koudasfalt, inv.nr. 11.
3.3
GEBRUIK VAN HET TERREIN TOT 1948
Op het moment dat het terrein (het westelijke deel van het huidige terrein) door Koudasfalt in gebruik werd genomen bevond zich hier alleen in de uiterste noordwestelijke hoek het rond 1876 gebouwde en later iets uitgebreide (houten) huis. Dit huis werd nog in datzelfde jaar gesloopt.12
10
SAM, Archief Koudasfalt inv.nr. 129, afschrift oorspronkelijk huurcontract met begeleidende brief d.d. 27 april 1943. Hulst, E. (2017) vermeldt dat de huurprijs in het ontwerpcontract 2.000 gulden betrof. blad 18 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
11 Bron: https://www.kws.nl/nl/producten_oud/carpave (geraadpleegd 12-02-2020) 12 Door het kadaster vastgelegd op Veldwerk Gouderak C 70 d.d. september 1930.
Ten aanzien van de bebouwing op het terrein wordt daarna pas in 1946 weer een goed beeld verkregen. Een kadastrale hulpkaart en hiervoor gemaakt veldwerk geven de aanwezige bebouwing weer, maar ook worden bij enkele bouwdelen opmerkingen geplaatst.
Kadastraal veldwerk Gouderak, C 89 d.d. mei 1944/maart 1946. Bron: Kadaster.
Het oostelijke deel van het terrein is dan in gebruik als opslagterrein. Aan de westzijde zijn de asfaltinstallatie (met opmerking ‘golfijzer’) en ten zuiden daarvan een grotere loods aanwezig. Rechts hiervan van zuid naar noord een huis, een loods, een kantoor en een in ‘golfijzer’ uitgevoerd bouwdeel waarvan de bestemming niet wordt vermeld. Langs de Hollandse IJssel wordt een begroeiing weergegeven met bijschriften ‘schoei’ en ‘park’. De tot het eigendom behorende westelijke strook bestaat dan uit water met hiernaast de opmerking ‘begroeiing’. Vrijwel dezelfde situatie wordt ook weergegeven op een uit 1945 daterende luchtfoto van de RAF, maar hier zijn nog wat meer elementen herkenbaar. Mogelijk betrof het opgeslagen materialen.
Luchtfoto uit 1945, waarop het balkengat en het terrein van Koudasfalt goed herkenbaar zijn. Opvallend is ook dat het terreingedeelte ten zuidoosten van het balkengat voor een belangrijk deel uit water lijkt te bestaan (pijl). Mogelijk was de ontgraving t.b.v. uitbreiding van het balkengat op dat moment al begonnen. Bron: Dasselaar, M. van (2019) blad 19
3.4
HET TERREIN IN EIGENDOM VAN KOUDASFALT N.V.
In 1948 wordt het terrein door Koudasfalt overgenomen van N.V. Vereenigde Fabrieken van Stearine, Kaarsen en Chemische Producten. Tegelijkertijd vindt een grondruil plaats met De Hoop en wordt een klein deel van het terrein afgestaan aan het Hoogheemraadschap Krimpenerwaard. Hiermee werd het terrein van Koudasfalt kleiner en kon De Hoop het balkengat in westelijke richting uitbreiden. Rondom deze uitbreiding werd het terrein opgespoten voor gebruik door Koudasfalt.
Schets, behorend bij grondoverdracht tussen De Hoop en Koudasfalt in 1948. Het rood gearceerde terrein werd door De Hoop overgenomen. Bron: SAM, Archief Koudasfalt, inv.nr. 129.
blad 20 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Terreinplan, bestaande situatie, ws. ca. 1950. In de linker bovenhoek (gele pijl) de asfaltinstallatie. Aan de voorzijde van het terrein (rode pijl) de eerste beheerderswoning. Bron: SAM, Archief Koudasfalt, inv.nr. 119.
Schets, behorend bij grondoverdracht tussen De Hoop en Koudasfalt in 1948. Het gearceerde gebied werd door ‘opspuiten’ opgehoogd. Bron: SAM, Archief Koudasfalt, inv.nr. 129.
blad 21
Het is de vraag of dit gebouwtje ook daadwerkelijk werd gebouwd omdat het op alle verdere situatietekeningen ontbreekt. Hierop volgde in april 1954 een aanvraag voor de bouw van een gebouw met daarin een wasgelegenheid, een schaftlokaal en een kantoor. Dit gebouw werd direct ten westen van het balkengat gebouwd.
Plan d.d. 14 november 1949 voor de bouw van een transformatorstation direct ten westen van het balkengat (pijl). Bron: SAM, nr. 0468.10994 Schetsontwerp uitbreidingsplan 1:200 ws ca. 1950. Bij de gele pijl de locatie van het gebouw met was- en kleedgelegenheid dat in 1954 zou worden gebouwd. Bron: SAM, Archief Koudasfalt, inv.nr. 119.
De tot 1948 nog zeer provisorische, hoofdzakelijk in golfijzer platen uitgevoerde bebouwing wordt vanaf dan structureler van karakter. Een eerste aanvraag betrof de bouw van een stenen transformatorstation op de noordwesthoek van de westelijke uitbreiding van het balkengat in 1949.
blad 22 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Bouwplan d.d april 1954 t.b.v. de bouw van gebouw met waslokaal, schaftgelegenheid en een kantoorruimte. Bron: SAM, nr. 0468.10995.
In 1955 werd het bestaande huis vervangen door het huidige, iets meer zuidelijk gesitueerde huis. Waarschijnlijk werd het ontwerp door de eigen bouwkundige gemaakt, aangezien op de tekening alleen een naamstempel van Koudasfalt N.V. is geplaatst.
Bouwtekening d.d . juni 1955 t.b.v. de bouw van de huidige beheerderswoning. Bron: SAM, nr. 0468.10996
Kort daarna werd nog een ‘Basculegebouwtje’ gebouwd, globaal ter plaatse van de huidige weegbrug. In het gebouwtje wordt een ‘bascule’ aangeduid, maar hiermee zal het bedieningstableau t.b.v. een buiten het gebouw aanwezige weegbrug bedoeld worden. De aanwezigheid daarvan blijkt echter niet uit deze tekening. Uit latere situatietekeningen blijkt dat dit gebouwtje direct ten westen van de nog altijd aanwezige weegbrug werd gebouwd. Het zou in 1976 worden vervangen.
blad 23
Plan voor de bouw van een ‘Basculegebouwtje’ d.d. januari 1956. Bron: SAM, nr. 0468.10997
Luchtfoto uit 1958, met links het terrein van Koudasfalt. Bron: Sprokholt, H., Dolder-de Wit, H. van (1996), KLM Aerocarto nr. 32395
3.5
Luchtfoto 1959 met een overzicht van het terrein van Koudasfalt. Bron: aanlevering door dhr. H. du Pré.
blad 24 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
TRANSFORMATIE VAN HET TERREIN IN DE JAREN ZESTIG
In de jaren zestig vonden grote veranderingen plaats op het terrein. Dit werd mogelijk met de aankoop van het westelijke deel van het balkgat op 1 januari 1963. De asfaltinstallaties werden fors uitgebreid in in 1964 werd centraal op het terrein door de firma Escher uit Den Haag een grote
zwenkarm met vaste aanvoerband gebouwd, waarmee de vanaf de Hollandsche IJssel aangevoerde grondstoffen over de diverse voorraadbunkers konden worden verdeeld. Deze zwenkarm wordt sinds het terrein in 2015 in gebruik is genomen door de stichting GOUDsafalt aangeduid als de ‘Lange arm’.
Hiervoor werd op 28 maart 1962 door Verlaat’s Houtbouw uit HardinxveldGiessendam en Uden, naar ontwerp van Architectenbureau H. van Hunnik uit Hardinxveld-Giessendam een bouwtekening vervaardigd t.b.v. Het nieuwe kantoor werd gebouwd ter plaatse van het zuidelijke deel van een rij (garage)boxen. Door het gemeente Energiebedrijf Gouda werd in 1961 het in 1949 gebouwde transformatorstation in noordelijke richting uitgebreid. Bij de uitbreidingen van de asfaltinstallatie werd in de fundering van de koeltrommels in 1962 een Schakelruimte & Magazijn geintegreerd. In 1965 werd naar ontwerp van architectenbureau Willers uit Zwolle ook een nieuw gebouw t.b.v. het laboratorium en de was- en kleedgelegenheid voor het personeel gebouwd. Vergunning hiervoor werd op 3 december 1964 verleend. In november 1964 werd ook een aanvraag gedaan voor de bouw van een ‘golfijzeren loods’ ten oosten van de woning. Deze loods werd waarschijnlijk pas enkele jaren later gebouwd en is voor het eerst herkenbaar op een situatietekening uit 1968.
Foto gemaakt tijdens de montage van de zwenkarm en vaste transportband in 1964. Bron: aanlevering door dhr. H. du Pré.
T.b.v. de aanleg van de door betonnen wanden van elkaar gescheiden bunkersilo’s rond de ‘Lange Arm’ werd het merendeel van de vroegste bebouwing gesloopt, waaronder ook het nog geen tien jaar oude kantoor naast het balkengat. In dit gebouw was in de vroege jaren zestig ook een laboratorium ondergebracht. Ter vervanging van dit gebouw werd ten westen van de weegbrug in 1962 een nieuw kantoorgebouw gebouwd
In 1966 werd ten oosten van de weegbrug, direct tegen de zuidwestelijke bunkersilo een werkplaats gebouwd naar ontwerp van Ingenieurs- en Architectenbureau Willers uit Zwolle. Hiermee werd in een periode van tien jaar het gehele terrein rond de bestaande asfaltfabriek heringericht en uitgebreid.
blad 25
Plan voor de uitbreiding van het in 1949 gebouwde transformatorstation op het terrein van Koudasfalt door het Gemeente Energiebedrijf Gouda d.d. 23 januari 1961. Bron: SAM, nr. 0468.10998 Plan t.b.v. de bouw van een ‘Schakelruimte & Magazijn, opgenomen in fundatie Koeltrommels’ d.d. 12 januari 1962. Bron: SAM, nr. 0468.10998
blad 26 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Situatietekening d.d. 20 september 1958 door Architectenbureau Willers uit Zwolle. Bron: SAM, nr. 0468.10998
Terreinplan d.d. 21 november 1962, waarop met blauwe plen op 7 oktober 1964 plannen voor uitbreiding van de installatie zijn geschetst, waaronder de ‘Lange Arm’. Bron: SAM, Archief Koudasfalt, inv.nr. 129
blad 27
Bouwplan door Verlaat’s Houtbouw d.d. 28 maart 1962 voor een kantoorgebouw. Bron: SAM, nr. 0468.10999
Terreinindeling d.d. 14 november 1963 door Ingenieurs- en Architectenbureau Willers uit Zwolle. Deze tekening behoort bij de bouw van de ‘lange arm’, waarvoor een detail van de fundering in de linker onderhoek wordt weergegeven. Bron: SAM, nr. 0468.11000
Plan d.d. 30 september 1964 door Ingenieurs- en Architectenbureau Willers uit Zwolle t.b.v. de bouw van een was- en schaftlokaal en ruimte voor materiaalonderzoek. Bron: SAM, nr. 0468.8575
Plan door Ingenieurs- en Architectenbureau Willers uit Zwolle t.b.v. funderingen van een ‘losinstallatie’ d.d. 15 november 1963. Dit betreft de fundering voor de ‘lange arm’. Bron: SAM, nr. 0468.11000
blad 28 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Plan d.d. november 1964 door ‘Constructie werkplaats “IJzerbouw” J.P.B. Beets’ te Amsterdam t.b.v. een ‘golfijzeren loods’ ten oosten van de woning. De loods is pas op de situatietekening uit februari 1968 voor het eerst weergegeven. Thans is dit gebouw in gebruik bij de Scoutingroep. Bron: SAM, nr. 0468.8581 (uitsnede)
Terreinindeling d.d. 17 januari 1966 door Ingenieurs- en Architectenbureau Willers uit Zwolle. Deze tekening behoort bij de bouw van een werkplaats en een nieuw (niet uitgevoerd) kantoor. Bron: SAM, nr. 0468.8792
blad 29
Zijaanzicht voor de ‘lange arm’, zoals weergegeven op hetzelfde blad als voorgaande terreinindeling d.d. 17 januari 1966. Bron: SAM, nr. 0468.8792
Terreinsituatie d.d. 14 februari 1968. Het betreft een ‘bestaande situatie’ met hierop nog de oude asfaltinstallatie. De ‘lange arm’ wordt nu al wel weergegeven. Bron: SAM, nr. 0468.10060
Plan d.d. 3 mei 1966 voor de bouw van een werkplaats op het terrein naar ontwerp van Ingenieurs- en Architectenbureau Willers uit Zwolle. Bron: SAM, nr. 0468.8792
blad 30 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
3.6
VERNIEUWINGEN IN DE JAREN ZEVENTIG
Na enkele jaren van relatieve rust op het terrein vond rond het midden van de jaren zeventig een volgende reeks ontwikkelingen plaats. De bestaande asfaltinstallatie werd vervangen door een verder zuidwaarts geplaatste installatie, gebouwd door WBM Machinefabriek uit Stramproy. Het betrof een ‘6 x 60 tons asfaltinstallatie’. Deze kwam eind 1973 of begin 1974 gereed en zou tot de beeindiging van het bedrijf in 2013 in gebruik blijven.
Silhouet van het terrein uit het westen voor de vernieuwing van de asfaltinstallatie in de jaren zeventig. Links zijn de vier silo’s op de oever van het veergat herkenbaar. Bron: SAM, nr. 12914.
In november 1976 werd een plan ingediend voor uitbreiding van de losplaats aan de noordzijde van het terrein. Hiervoor werd de oever ter plaatse deels teruggelegd, waardoor de met een stalen damwand omgeven losplaats buiten de over kwam te liggen.
Uitsnede luchtfoto omstreeks 1970 met een overzicht van het al wat verkleinde Balkengat en daarachter het terrein van Koudasfalt. Bron: aanlevering door dhr. H. du Pré. Plan van WBM Machinefabriek b.v. uit Stramproy d.d. 14-09-1973 t.b.v. de bouw van een 6 x 60 tons asfaltinstallatie voor KWS. Bron: SAM, nr. 0468.10060 blad 31
Plantekening 16 januari 1975 t.b.v. de bouw van een hoog- en laagspanningshuisje direct ten oosten van de beheerderswoning (zie ook voorgaande terreinsituatie. Bron: SAM, nr. 0468.10060 Terreinsituatie d.d. 16 januari 1975. Hierop is te zien dat ten opzichte van de situatie in 1962 (pag. 27 links) alle eerdere bebouwing is komen te vervallen met de bouw van de’lange arm’ en de vernieuwing van de asfaltinstallatie. Bron: SAM, nr. 0468.10060
blad 32 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Situatietekening d.d. 29 januari 1976, met daarop al weergegeven de uitbreiding van de woning en het kantoor (pijlen). Bron: SAM, nr. 0468.10593
Detail van hetzelfde blad als voorgaande situatie. Zichtbaar is de nieuwe losplaats en hiervoor benodigde vergraving van het bestaande talud. Het nieuwe talud werd met steen asfalt afgewerkt. Bovenop het talud werd een rij bomen geplant. Bron: SAM, nr. 0468.10556
Situatietekening d.d. 16 november 1976 (nieuwe situatie) t.b.v. de uitbreiding van de losplaats (pijl) aan de noordrand van het terrein. Bron: SAM, nr. 0468.10556 Mogelijk kort na de vernieuwing van de losplaats gemaakte foto. Bron: SAM, nr. 59.183.
blad 33
Zicht in zuidoostelijke richting over de Hollandsche IJssel, met centraal het terrein van Koudasfalt N.V. nadat de asfaltinstallatie werd vernieuwd. Bron: SAM, nr. 59.181.
Mogelijk kort na de vernieuwing van de losplaats gemaakte foto. Bron: SAM, nr. 59.182.
blad 34 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Zicht over het terrein vanaf de toegang in noordelijke richting, met rechts de vernieuwde asfaltinstallatie. Bron: SAM, nr. 59179.
Zicht op het terrein, met de inmiddels vernieuwde asfaltinstallatie met links de “Lange Arm”. Bron: Geillustreerde gids Gouda, D. van Koten 1992.
Bestaande situatie op plan d.d. 27-01-1976 voor uitbreiding van het bestaande kantoor. Bron: SAM, nr. 0468.10306
blad 35
Tekening gewijzigde situatie d.d. 29-01-1976. Bron: SAM, nr. 0468.10306
In 1977 werd de woning uitgebreid naar ontwerp van de bouwkundige afdeling van het inmiddels Koninklijke Wegenbouw Stevin genaamde bedrijf. Bij deze verbouwing werd de noordwestelijke binnenhoek bebouwd met een badkamer en bijkeuken.
blad 36 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Plan nieuwe toestand d.d. 14 maart 1977 t.b.v uitbreiding van de woning. Bron: SAM, nr. 0468.10593
Zicht over de Gouderaksedijk in oostelijke richting, ca. 1980. Bron: SAM, nr. 7745.
Zicht over het balkengat voordat dit eind jaren zeventig werd afgedicht en als slibdepot in gebruik werd genomen. Bron: SAM, nr. 66.607.
3.7
AANPASSINGEN EN ONTMANTELING
In 1995 was de in 1964 gebouwde golfplaten loods ten oosten van de beheerderswoning in gebruik genomen als kantoor. Daarvoor was de gehele buitenzijde vernieuwd en waren gevels deels in baksteen uitgevoerd. In 1995 werd dit gebouw in westelijke richting uitgebreid met een enkellaags bouwdeel met daarin twee kantoorruimtes. Het ontwerp hiervoor werd gemaakt door aannemersbedrijf W. Hoogstad b.v. uit Hekelingen.
blad 37
Plan d.d. 30 januari 1995 t.b.v uitbreiding van het kantoor. Bron: SAM, nr. 0468.16770
Situatieschets op bouwtekening d.d. 27 oktober 2005 (wijziging) t.b.v. de ommanteling van de asfaltinstallatie. Bron: SAM, 0468.16770.
Vanaf 2003 werd een plan ontwikkeld door Archiment b.v. uit Driebergen, voor het omkleden van de asfaltinstallatie met stalen profielplaten. Dit om de geluidsoverlast door het bedrijf in te perken. De asfaltinstallatie kreeg daarmee een aanzienlijk massiever verschijningsvorm. De uiteindelijke tekening en de vergunning dateren eind 2005. Op de bijbehorende situatieplattegrond is te zien dat het kantoor uit 1962 (naast de weegbrug) inmiddels was vervangen door het huidige kantoor. Ter plaatse van het vroegere balkgat worden nu diverse kleinere bunkers weergegeven en ook aan de bestaande bunkers hebben veranderingen plaats gevonden. Na de ommanteling heeft de installatie amper tien jaar gefunctioneerd, voordat de bedrijfsactiviteiten van Koudasfalt N.V. KWS op deze locatie werden beëindigd.
blad 38 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Zicht over de Hollandsche IJssel op het westelijke deel van het terrein van Koudasfalt. Bron: SAM, Nota deelonderzoeken t.b.v. bouwaanvraag deelommanteling, Studio Hesseling Gouda 2003.
Zicht op het terrein vanaf de toegang, in november 2003. Bron: SAM, bouwaanvraag ommanteling asfaltinstallatie 18 november 2004. Zicht uit het noorden op de asfaltinstallatie, voor de ommanteling. Bron: SAM, Nota deelonderzoeken t.b.v. bouwaanvraag deelommanteling, Studio Hesseling Gouda 2003.
Zicht op het terrein over de Hollandsche IJssel, in november 2003. Bron: SAM, bouwaanvraag ommanteling asfaltinstallatie 18 november 2004. blad 39
Aanzicht noordzijde van de asfaltinstallatie met ontwerp (randvoorwaarden) voor ommanteling. Bron: Studio Wesseling 2003.
Aanzicht westzijde van de asfaltinstallatie met ontwerp (randvoorwaarden) voor ommanteling. Bron: Studio Wesseling 2003. blad 40 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
blad 41
4 4.1
HET TERREIN – RUIMTELIJKE ASPECTEN
INLEIDING
In paragraaf 2.3 is het historisch ruimtelijk karakter van het onderzoeksgebied op hoofdlijnen beschreven. In dit hoofdstuk wordt nader ingegaan op de karakteristieken, waarbij achtereenvolgens aandacht worden besteed aan de het stedenbouwkundig concept, de stedenbouwkundige opzet en verkaveling, verkeersstructuren, bebouwingskarakteristiek en historische objecten en structuren. stedenbouwkundige opzet en verkaveling, verkeersstructuur en terreinstructuur.
4.2
RUIMTELIJKE OPZET EN VERKAVELING
Met de ontwikkeling van de historische Zellingen tot bedrijventerreinen ontstond een opmerkelijke stedenbouwkundige situatie, die zich langs veel meer delen van de Hollandsche IJssel voordoet. Daarbij vormen betrekkelijk smalle, vaak intensief bebouwde bedrijventerreinen een overgangszone tussen de rivier en het karakteristieke slagenlandschap van de Krimpenerwaard.
blad 42 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Zicht over de Gouderaksedijk in oostelijke richting, met links bedrijven en rechts het lager gelegen slagenlandschap van de Krimpenerwaard.
Hiermee vormen de historische dijken en hierover lopende (vaak) oorspronkelijke ontsluitingswegen een scherpe grens tussen twee gebieden met volstrekt verschillende karakteristieken. Naar de rivier, en gezien vanaf de overzijde van de rivier ging de oorspronkelijke karakteristiek van de Zellingen, met laaggelegen buitendijkse agrarische gronden met de ontwikkeling van de bedrijven grotendeels verloren. De hoofdvorm van het onderzoeksgebied komt echter direct voort uit een verkaveling die al op de vroegste historische kaarten herkenbaar is.
Ter hoogte van het Veergat is de Hollandsche IJssel vanaf de Gouderaksedijk zichtbaar door het ontbreken van buitendijkse bebouwing.
Ondanks industriële componenten heeft het terrein van Koudasfalt een vrij groen karakter tegenover de historisch stadskern.
Te plaatse van het onderzoeksgebied vormt de Gouderaksedijk de zuidelijke begrenzing van het terrein en tevens de noordelijke begrenzing van het polderlandschap met langs de dijk een smalle strook met kleinschalige individuele bebouwing met een agrarisch, deels dorps karakter. De overige zijden van het terrein grenzen aan het water van de Hollandsche IJssel en hierop aansluitende Veergat en Stolwijksevaart. Door de rond het terrein aanwezige groenstrook fungeert het terrein, ondanks enkele duidelijk herkenbare industriële componenten, als een groen kader voor het tegenoverliggende stadscentrum. Dit in tegenstelling tot enkele meer westelijk gesitueerde bedrijventerreinen, waarvan de bebouwing meer op de Hollandsche IJssel is gericht.
Binnen het onderzoeksgebied heeft het oostelijke deel van de strook langs de Gouderaksedijk een duidelijk afwijkend karakter van het resterende gebied. Deze tot dijkniveau opgehoogde strook werd in 1948 afgesplitst en in afzonderlijke brede, vrij ondiepe bedrijfskavels ontwikkeld. Daarbij vormt de huidige bebouwing met forse bedrijfsgebouwen onder flauwhellende zadeldaken een vrijwel aaneengesloten gevelwand achter een ondiep onbebouwd verhard terrein dat zonder afscheiding aansluit op de Gouderaksedijk. Het wat lager gelegen westelijke deel van de strook langs de Gouderaksedijk behoorde altijd tot het terrein van Koudasfalt en heeft een meer open karakter met meer diverse vrijstaande bebouwing en een meer afwisselende terreininrichting. Van een duidelijke verkaveling is hier geen sprake.
blad 43
Het verdere deel van het onderzoeksgebied vormde het eigenlijke werkterrein van Koudasfalt en heeft ondanks relicten van het voormalige gebruik en enkele meer recente gebouwen een open industrieel karakter. Binnen dit gebied trekken met name de uit 1964 daterende ‘Lange Arm’ met hierop aansluitende losinstallatie en de op het terrein bewaard gebleven betonnen keerwanden van de grondstoffenbunkers de aandacht. Historische verkavelingen zijn hier niet meer herkenbaar. Op de zuidoosthoek van het onderzoeksgebied onttrekken een particuliere woonhuiskavel aansluitend op de Gouderaksedijk en een bebost gebiedje ten noorden van het meest oostelijke bedrijfsgebouw aan de Gouderaksedijk het terrein van Koudasfalt aan het zicht vanaf de Stolwijkersluis. Gesloten reeks bedrijven langs de zuidrand van het Koudasfaltterrein (links) in contrast met het polderlandschap.
Meer open structuur bij het westelijke deel van de strook langs de Gouderaksedijk. blad 44 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Open karakter westelijk deel van het terrein, na de sloop van de asfaltinstallatie.
4.3
VERKEERSSTRUCTUUR
Ter plaatse van het onderzoeksgebied is sprake van een zeer eenvoudige verkeersstructuur. De over de historische Gouderaksedijk lopende asfaltweg vormt vanaf het buurtschap Stolwijk de enige ontsluiting voor het onderzoeksgebied en het verder westelijk gelegen gebied langs de noordrand van de Krimpenerwaard. Aan de westzijde sluit de Gouderaksedijk (verder westelijk Veerstalblok geheten) ter hoogte van de Gouderaksebrug aan op de provinciale weg N207. De aansluiting is echter alleen voor langzaam- en agrarisch verkeer toegankelijk. Voor autoverkeer is de Goudaraksedijk dan ook doodlopend.
Centraal terreingedeelte gedomineerd door keermuren en de ‘Lange Arm’.
Aan de oostzijde sluit de Gouderaksedijk, binnen het buurtschap Stolwijk, aan op de Schoonhovenseweg (N228), die Stolwijk, via de Haastrechtsebrug verbindt met Gouda. Vanaf de Gouderaksedijk zijn de voorterreinen van de bedrijfspanden grotendeels over de gehele breedte toegankelijk. De toegang tot het Koudasfaltterrein bevindt zich op de zuidwesthoek van het terrein en bestaat uit een brede, geasfalteerde inrit met ver teruggeplaatst toegangshek.
Open terrein ter plaatse van het vroegere balkengat aan de oostzijde van het terrein.
blad 45
deel van het terrein heeft in het derde kwart van de twintigste eeuw voor een groot deel uit water bestaan, toen dit deel als balkenhaven/balkengat in gebruik was. In de zuidoosthoek van het terrein is nog een klein niet gedempt deel van het Balkengat als wateroppervlak aanwezig. Dit zogenaamde 'vloedbosje' is met een duiker verbonden met De Wijk. Overige delen van het terrein werden aanzienlijk verhoogd. Eerder langs de oevers aanwezige stroken rietland waren omstreeks 1900 al komen te vervallen, maar aan de noordzijde werd de oever in 1977 nog aanzienlijk teruggelegd, waarna dit deel een steenachtige oeverafwerking kreeg. Ook na de afdichting van het balkengat werd het zuidelijke deel van de oostelijke oever nog weer wat afgegraven.
Zicht vanaf de Gouderaksedijk op de terugliggende terreintoegang.
4.4
TERREINSTRUCTUUR
Terreingrenzen De huidige opzet van het terrein is hoofdzakelijk ontstaan, nadat het vroegere balkengat aan de oostzijde van het terrein werd gedicht en als slibdepot in gebruik werd genomen. Hierna kon ook dit deel in de jaren tachtig bij het terrein van Koudasfalt worden gevoegd als opslagterrein. Ook op dit deel van het terrein werden toen keermuren geplaatst om de verschillende grondstoffen gescheiden van elkaar op het terrein te kunnen opslaan. Van de terreinopzet bij het gebruik als weiland, zoals deze tot ca. 1930 bestond, zijn geen zichtbare kenmerken bewaard gebleven. Het oostelijke
blad 46 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Het ‘vloedbosje’ in de zuidoosthoekvan het terrein vormt een laatste restant van het verder volledig gedemte vroegere Balkengat.
Oevers Langs het Veergat bleef het historische oeverkarakter nog enigszins behouden, met een natuurlijk talud met een reeks wilgen en enkele andere bomen langs de waterkant. Bij het zuidelijke deel is hier bovendien weer rietland voor de oever ontstaan. Vanaf het terrein wordt deze oever echter voor een belangrijk deel aan het zicht onttrokken door de hier aanwezige bebouwing. Karakteristiek is dat de oevers gedurende het gebruik door Koudasfalt steeds een groen karakter hebben gehad door een combinatie van een rietkraag, bodembedekkende planten, lage struiken (veelal Braamstruiken) en deels wat hogere begroeiing die kon ontstaan om dat de oevers achter de betonnen keerwanden onbereikbaar waren. De begroeiing liep over aanwezige verstening van oevers door tot aan de waterlijn.
Natuurlijke oever aan de westzijde van het terrein met langs de oever geplaatste wilgen.
Recent werden de oevers rond de noordwesthoek van het terrein verhoogd en voorzien van nieuwe aanplant.
Deels naast de westelijke oever aanwezig rietland.
blad 47
Recent verhoogde oever op noordwesthoek terrein met nieuwe aanplant.
Groene strook langs de buitenzijde van de betonnen keermuur.
Steenachtige oeverafwerking ter hoogte van losplaats, maar aan het zicht onttrokken door hier overheen groeiende beplanting.
Begroeide, onverharde oever bij het gedichte balkengat aan de oostzijde van het terrein.
blad 48 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
Terreininrichting en interne zichtlijnen Binnen het terrein zijn de ‘Lange Arm’ en hier omheen aanwezige betonnen keerwanden zeer prominent aanwezig. Deze trekken vanaf alle delen van het terrein sterk de aandacht en verlenen het gebied in hoge mate een industrieel karakter. Behoudens de keermuren, die in een krans rond de ‘Lange Arm’ zijn geplaatst, is binnen het terrein geen herkenbare routing of terreinindeling herkenbaar omdat deze in het verleden ook mede werd bepaald door de op het terrein opgeslagen hopen grondstoffen. Door de plaatsing van de keermuren binnen het centrale deel van het terrein zijn slechts zeer beperkte zichtlijnen over het middengebied aanwezig. Bij het westelijke deel is met de sloop van de asfaltinstallatie een ruime zichtlijn vanaf de terreintoegang richting het aan de overzijde van het de Hollandsche IJssel gelegen historische stadscentrum van Gouda ontstaan. Tijdens het functioneren van de asfaltfabriek was deze lijn in mindere mate aanwezig, al waren vanaf de dijk wel delen van het stadsfront zichtbaar.
Zichtlijn over het westelijke deel van het terrein, gezien in noordelijke richting.
Idem, gezien in zuidelijke richting.
blad 49
Het oostelijke deel van het terrein heeft nu een vrij open karakter, met slechts enkele gedeeltelijke keermuren. Ook hier zijn het open karakter en daarmee gecreëerde zichtlijnen over het terrein pas ontstaan met het verdwijnen van de voor het productieproces aanwezige hoge hopen toeslagstoffen. Door de aan de zuidzijde aanwezige bedrijfsgebouwen zijn zichtlijnen vooral in noordelijke richting gericht.
Open zicht over het oostelijke deel van het terrein in noordelijke richting.
Relatie met de omgeving en Externe zichtlijnen Door de grotendeels rond het terrein aanwezige groenzone en deels langs de noordrand van het terrein aanwezige keerwanden bestaat vanuit het terrein slechts deels een zichtrelatie met de directe omgeving. Dit zal nog verder afnemen in de zomerperiode, wanneer begroeiing dichter is. Recent is op de noordwesthoek van het terrein wel meer openheid gecreëerd door het terugsnoeien van hier aanwezige begroeiing en door
blad 50 CHA Koudasfaltterrein, Gouderaksedijk 32-34 Gouda
het plaatselijk wegnemen van keerwanden. Op de hier recent opgehoogde oevers is wel weer nieuwe beplanting geplaatst, zodat ook hier op termijn weer een groen ‘kader’ rond het terrein zal ontstaan. Langs de Gouderaksedijk aan de zuidzijde van het terrein wordt het beeld van het terrein grotendeels bepaald door de hier langs het terrein aanwezige bedrijfsbebouwing. Alleen de terreintoegang en het meer open terrein rond de beheerderswoning bieden zicht op het achterliggende terrein. Van een karakteristieke, laat staan monumentale aanblik is hier zeker geen sprake. Geparkeerde auto’s en uiteenlopende elementen uit zowel de periode van gebruik door Koudasfalt als de recente bestemming bieden hier een rommelig beeld. Behoudens dit beeld ter hoogte van de terreintoegang speelt het terrein van Koudasfalt een ondergeschikte rol voor het totaalbeeld van de Gouderaksedijk. Doordat het terrein rondom door water wordt omsloten is verder alleen zicht op het terrein mogelijk vanaf het water en vanaf de langs de noordelijke oever van de Hollandsche IJssel gesitueerde Schielands Hoge Zeedijk/Nieuwe Veerstal/Goejanverwelledijk en hierlangs aangelegd wandelpad. Vanaf deze zijde heeft het terrein een behoorlijk ‘groen’ beeld door de langs de terreinranden aanwezige groenstrook.
Een deel van de keerwanden, de losplaats met hierop aanwezige trechters en de ‘Lange Arm’ bepalen in eerste instantie het beeld. Daarachter waren ten tijde van het gebruik door Koudasfalt de hopen toeslagstoffen en de hoge asfaltinstallatie zichtbaar. Nu is hier zicht op de achterzijde van de bedrijfsgebouw langs de Gouderaksedijk ontstaan. Ook het recente gebouw van Rederij de Vrijheid is hier vrij prominent aanwezig.
Zicht op het terrein over het aan de westzijde gelegen Veergat.