Bijlage 4,5,6,7a,7b,en 8 van reactie college Gouda op StAB conceptrapport 41014 (4).pdf
Tekst van het document
akd benelux lawyers
Bijlage 4
' Vv-
Turfmarktkerk Contra expertise
Gemeente Gouda 2 november 2020
Project Opdrachtgever
Document Status Datum Referentie
Projectcode Projectleider Projectdirecteur
Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door
Turfmarkt kerk Gemeente Gouda
Contra expertise Definitief 02 2 november 2020 123210/20-016.473
123210 dr.ir. P.A. leeuwen ing. H.L.M. Laagland
dr.ir. P.A. leeuwen ing. H.L.M. Laagland dr.ir. P.A. leeuwen
Paraaf
Adres
Witteveen + Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 Postbus 233 7400 AE Deventer +31 (0)570 69 79 11 www.witteveenbos.com KvK 38Ö20751
Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.
INHOUDSOPGAVE
SAMENVATTING
5
1
INLEIDING
7
1.1
Aanleiding
7
1.2
Werkwijze
7
1.3
Beschikbare informatie
8
1.4
Leeswijzer
8
2
GEGEVENSVERZAMELING
9
2.1
Gebouwkenmerken
9
2.2
Omgevingskenmerken
10
2.3
Betrokken partijen
10
2.4
Relevante voorgeschiedenis
10
2.5
Inventarisatie schadekenmerken constructie
12
3
BEOORDELING RAPPORTAGE STAB
13
3.1
Visuele inspecties van het pand
13
3.2
Zettingen en scheurvorming gevels
14
3.3
Kwantitatieve onderbouwing
14
3.4
Herverdeling van belastingen
15
4
BEANTWOORDING ONDERZOEKSVRAGEN
17
4.1
Onderzoeksvraag 1
17
4.2
Onderzoeksvraag 2
18
5
REFERENTIES
19
Laatste pagina
19
Bijlage(n)
Aantal pagina's
SAMENVATTING De gemeente Gouda is betrokken bij een juridische procedure over de Turfmarktkerk in Gouda. De gemeente is van oordeel dat er op 24 oktober 2018 instortingsgevaar was met betrekking tot de Turfmarktkerk en heeft daarom met spoed ingegrepen om het kerkgebouw te stutten en vervolgens te slopen. De eigenaar van het kerkgebouw is hiertegen in beroep gegaan bij de rechtbank. Hij betwist dat er instortingsgevaar was en stelt dat, als er al instortingsgevaar was, het stutten afdoende zou zijn geweest om het gevaar weg te nemen. De Turfmarktkerk is naar oordeel van de eigenaar onterecht gestut en gesloopt. De rechtbank heeft in deze procedure een gerechtelijk deskundige aangewezen om haar te adviseren. Dat is de Stichting Advisering Bestuursrechtsspraak (STAB). De STAB heeft een concept rapport opgeleverd waarin zij concludeert dat er geen sprake was van instortingsgevaar. Verder is de STAB van mening dat als er al gevaar was, het stutten afdoende was geweest om dat gevaar weg te nemen. Witteveen+Bos heeft in opdracht van de gemeente Gouda een contra-expertise uitgevoerd op de bevindingen van de STAB die zijn gerapporteerd in [ref. 14].
Hierbij is specifiek gevraagd antwoord te geven op de volgende 2 onderzoeksvragen: 1 Onderschrijft u de bevindingen van de STAB voor wat betreft vraag 1 van de rechtbank? 2 Onderschrijft u de bevindingen van de STAB voor wat betreft vraag 2 van de rechtbank? Witteveen+Bos is van oordeel dat op basis van de beschikbare informatie op 24 oktober 2018 niet kon worden uitgesloten dat het kerkgebouw op instorten stond. Gezien de ligging van de kerk zou een instorting een direct gevaar voor personen in de nabije omgeving betekenen. Uit de inspectieverslagen en -rapportages is op te maken dat de constructie van de Turfmarktkerk in beweging was en dat er sprake was van een afname van de staat en samenhang van de constructie in de tijd. De mate waarin de constructie degradeerde is echter niet anders dan visueel vastgesteld. Toenemende (blijvende) vervormingen en degradatie van een constructie leiden uiteindelijk tot een instorting. Wanneer dit precies gebeurt hangt van diverse factoren af, waaronder niet-beïnvloedbare weersinvloeden en externe (sloop) belastingen. Het moment van een instorting laat zich daardoor niet voorspellen. Een instorting betreft immers een onverhoeds fenomeen. Al voorafgaand aan de 1e inspectie door Geelhoed Engineering in mei 2017 stond vast dat het kerkgebouw gesloopt zou gaan worden.
De sindsdien uitgevoerde inspecties hadden tot doel om tot een veilige sloop te komen en gevaar voor de omgeving te beperken. Het is vanuit dat perspectief dan ook begrijpelijk dat er enkel visuele inspecties zijn uitgevoerd, en er geen tijd en geld is besteed aan het uitvoeren van metingen. Derhalve kon er op 24 oktober 2018 dan ook enkel een besluit worden genomen op basis van de gedane visuele waarnemingen. Deze waarnemingen gaven aanleiding tot grote zorgen over de constructieve samenhang. Acuut instortingsgevaar kon op dat moment door niemand worden uitgesloten. Het antwoord op vraag 1 luidt dat Witteveen + Bos de conclusie van STAB niet onderschrijft. Volgens Witteveen + Bos kan (door STAB), op basis van de beschikbare informatie, niet worden uitgesloten dat er sprake was acuut instortingsgevaar. Het stut- en steigerwerk dat op 24 oktober 2018 aanwezig was in de Turfmarktkerk was blijkens de inspectieverslagen en -rapportages op dat moment niet volledig goed uitgevoerd. In de dagen daarna werd het stut- en steigerwerk aangepast waarna de steiger op 3 november 2018 akkoord werd bevonden. Het dan gerealiseerde stut- en steigerwerk is ontworpen om horizontale steun te verlenen aan de metselwerkwanden, en zo de algehele stabiliteit van het kerkgebouw te waarborgen.
Het is berekend om horizontale belastingen uit scheefstand van, en (kortdurende) windbelasting op de metselwerkwanden af te dragen naar de fundering. In de berekening van de steigerconstructie was geen rekening gehouden met de afdracht van verticale belastingen vanuit de toog of de kapconstructie van het kerkgebouw. Het stut- en steigerwerk zou derhalve niet in staat zijn om, in het geval van een (gedeeltelijke) instorting of tijdens de sloop, de dragende functie van de metselwerk wanden over te nemen. Onder andere daarom
5 | 19
Witteveen+Bos | 123210/20-016.473 | Definitief02
dienden er d.d. 25 oktober 2018 nog diverse aanpassingen te worden gedaan aan het steigerwerk ten einde deze geschikt te maken voor de beoogde sloop. Pas op 13 november 2018 was het steigerwerk in een dusdanige staat dat deze gekeurd en geschikt kon worden bevonden om de daarop de diverse te slopen gebouwdelen af te steunen. De fundering en begane grond van het kerkgebouw verkeerden echter in zeer slechte toestand, en waren daardoor (ook na aanpassing van het steigerwerk) niet geschikt om voor langere tijd te dienen als basis voor steigers en stutten. Doordat de ondergrond van de fundering onder invloed was van weersomstandigheden, was de kans op zettingen reëel. Zettingen zouden de krachtswerking in de steiger verstoren. Het gerealiseerde stut- en steigerwerk was daardoor niet in staat om voor lange duur de stabiliteit te waarborgen. De uitgevoerde stut- en steigerwerken beperkten weliswaar het gevaar, maar namen het dus niet weg. Het antwoord op vraag 2 luidt dat Witteveen+Bos de conclusie van de STAB niet onderschrijft. Volgens Witteveen + Bos was het ontwerp van de steiger er enkel op gericht om stabiliteit te verlenen aan de metselwerk wanden onder invloed van kortdurende (wind)belasting, en was deze niet in staat om, in het geval van een (gedeeltelijke) instorting, de verticale belasting uit de kapconstructie of toog voor langere tijd over te nemen.
6 I 19
Witteveen+Bos | 123210/20-016.473 | Definitief02
INLEIDING
1.1
Aanleiding
De gemeente Gouda is betrokken bij een juridische procedure over de Turfmarktkerk in Gouda. De gemeente is van oordeel dat er op 24 oktober 2018 instortingsgevaar was met betrekking tot de Turfmarktkerk en heeft daarom met spoed ingegrepen om het kerkgebouw te stutten en vervolgens te slopen. De eigenaar van het kerkgebouw is hiertegen in beroep gegaan bij de rechtbank. Hij betwist dat er instortingsgevaar was en stelt dat, als er al instortingsgevaar was, het stutten afdoende zou zijn geweest om het gevaar weg te nemen. De Turfmarktkerk is aldus naar oordeel van de eigenaar onterecht gestut en gesloopt. De rechtbank heeft in deze procedure een gerechtelijk deskundige aangewezen om haar te adviseren. Dat is de Stichting Advisering Bestuursrechtsspraak (STAB). De STAB heeft een concept rapport opgeleverd waarin zij concludeert dat er geen sprake was van instortingsgevaar. Verder is de STAB van mening dat als er al gevaar was, het stutten afdoende was geweest om dat gevaar weg te nemen. Tot slot meent de STAB dat als de sloop al nodig was, deze veel te duur is uitgevoerd. De gemeente Gouda heeft echter twijfels bij de juistheid van dit rapport en heeft Witteveen + Bos gevraagd een contra-expertise uit te voeren. In het bijzonder heeft zij de volgende twee onderzoeksvragen voorgelegd: 1
Onderschrijft u de bevindingen van de STAB voor wat betreft de volgende vraag (vraag 1) van de rechtbank?
'Onderschrijft de STAB, op basis van de informatie in de dossiers, de conclusie in het handhavingsrapport van de ODMH van 17 oktober 2018 en in het rapport van Pieters 8i van Leeuwen van 22 oktober 2018'? 2
Onderschrijft u de bevindingen van de STAB voor wat betreft de volgende vraag (vraag 2) van de rechtbank?
'Zo ja, waren de werkzaamheden die het college heeft uitgevoerd noodzakelijk om het geconstateerde instortingsgevaar weg te nemen?' Witteveen+Bos heeft in opdracht van gemeente Gouda een onafhankelijk onderzoek uitgevoerd, en kent geen eerdere betrokkenheid bij de Turfmarktkerk.
1.2
Werkwijze
Ten einde een antwoord te kunnen geven op de gestelde vragen is een uitgebreide dossierstudie uitgevoerd. Tevens is een beroep gedaan op aanvullende literatuur.
7 | 19
Witteveen+Bos | 123210/20-016.473 | Definitief 02
1.3
Beschikbare informatie
Voor het uitvoeren van de in dit rapport beschreven contra-expertise, is gebruik gemaakt van stukken die door de gemeente Gouda beschikbaar zijn gesteld. Een overzicht van de stukken is opgenomen in hoofdstuk 5 van dit rapport. Waar nodig wordt in dit rapport verwezen naar deze bronnen, met vermelding van het referentienummer.
1.4
Leeswijzer
Dit rapport beschrijft studie die is uitgevoerd ter beantwoording van de onderzoeksvragen. In hoofdstuk 2 wordt als eerste een beschrijving gegeven van de verzamelde informatie die relevant is in deze kwestie. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 ingegaan op het concept rapport van de STAB. Tenslotte wordt op basis van de bevindingen die zijn gedaan, in hoofdstuk 4 antwoord gegeven op de gestelde onderzoeksvragen.
8 | 19
Witteveen+Bos | 123210/20-016.473 | Definitief02
2 GEGEVENSVERZAMELING
2.1
Gebouwkenmerken
De Turfmarktkerk dateert uit 1931. De constructie bestond uit dragende metselwerk wanden gefundeerd op houten palen. Het dak betrof uit een houten kapconstructie samengesteld uit spanten en dakbeschot (afbeelding 2.1). De hoogte van het kerkgebouw bedroeg circa 21,0 m. Aan de achterzijde was een lagere aanbouw aanwezig met een hoogte van circa 4,0 m.
Afbeelding 2.1 Afbeelding blauwdruk constructietekening Turfmarktkerk (1931)
9 | 19
Witteveen+Bos | 123210/20-016.473 | Definitief 02
2.2
Omgevingskenmerken
De Turfmarktkerk is gelegen aan de Turfmarkt 60 in de binnenstad van Gouda. Het kerkgebouw bevindt zich in een dichtbebouwde stedelijke omgeving.
Afbeelding 2.2 Links: Foto Turfmarktkerk en de belendende bebouwing (www.indebuurt.nl); Rechts: ligging Turfmarktkerk
2.3
Betrokken partijen
Voorafgaand, tijdens en na de sloop van de Turfmarktkerk zijn er in het kader van de constructieve veiligheid door verschillende partijen onderzoeken en inspecties uitgevoerd. In tabel 2.1 wordt een overzicht gegeven van de betrokken partijen en hun rol.
Tabel 2.1 Overzicht betrokken partijen en hun rol Partij
Rol
Khalid Boutachekourt Holding B.V. (KBH)
eigenaar Turfmarktkerk
Gemeente Gouda
vergunningverlener en handhaver regelgeving
Omgevingsdienst Midden Holland (ODMH)
toezichthouder in opdracht van gemeente Gouda
Geelhoed Engineering B.V. (Geelhoed)
constructeur in opdracht van ODMH
Sweco
constructeur in opdracht van ODMH
Ingenieursbureau SABO (SABO)
adviseur in opdracht van KBH
Pelecon, voorheen Peters & van Leeuwen B.V. (P&vL)
initieel: constructeur in opdracht van KBH later: constructeur in opdracht van der Speld Bouw
2.4
Relevante voorgeschiedenis
Een overzicht van de gebeurtenissen in de tijd in combinatie met de uitgevoerde constructieve inspecties en onderzoeken en de daaruit volgende (belangrijkste) bevindingen is getoond in afbeelding 2.3. Startpunt hierbij is het moment dat het kerkgebouw door KBH wordt verworven. De referenties van de genoemde stukken zijn terug te vinden in hoofdstuk 5.
10 | 19
Witteveen+Bos | 123210/20-016.473 | Definitief02
Afbeelding 2.3 Tijdlijn met gebeurtenissen (links) en uitvoering inspecties en onderzoek (rechts)
Gebeurtenis
Uitvoering inspecties en onderzoeken
20-03-2017 Verwerving Turfmarktkerk door KBH
27-09-2017 Inspectie Geelhoed 13-10-2017
04-2017 - 06-2017
Advies rapport [2]:
Uitvoering funderingsherstel op basis van
- Kerk is instabiel
herstelplan P&vL
- Hoekspant is sterk aangetast -> versterken - Driemaandelijks visueel beoordelen
W f
- Slopen binnen 2 jaar 01-2018 - 05-2018
'
é,
Asbestsanering
30-05-2018 Herinspectie Geelhoed / ODMH [3]:
05-05-2018 Verklaring asbestvrij L.__________________________ ________ A
- Spant niet versterkt, verder aangetast - Scheurvorming verergerd 11-06-2018 Advies rapport [4]: - Duidelijk verslechterde staat - Advies spoedig te slopen
25-07-18
• Aanbrengen steigers en stutten tb.v. sloop
Last onder bestuursdwang tot stutten en slopen kerkgebouw opgelegd 09-2018 Aanbrengen hulpconstructie: - niet adequaat uitgevoerd [5, 6, 7, 8] - dak niet ondersteund 23-10-2018 Noodverordening uitgeroepen, omwonende uit huis
17-10-2018 Inspectie Peters 8i van Leeuwen /ODMH [9] 22-10-2018
24-10-2018 Toepassing bestuursdwang
Advies rapport [10]: - draagkracht twee spanten gevaarlijk slecht - ernstige scheurvorming en vervorming van
02-11-2018
gevels; gevaar voor instorting
Aanpassing steigerwerk gereed 10-12-2018 03-11-2018 Omwonenden terug naar huis
Inspectie en rapport Geelhoed [11]: - Verslechterde staat constructie ten gevolge van plaatsen hulpconstructie - Instorting niet uit te sluiten; gevaar omgeving
20-12-2018 Start sloop 14-01-2019 Rapport SABO [12] 06-02-2019 Sloop voltooid
15-03-2019 Reactie Geelhoed op rapport SABO [13]
11 | 19
Witteveen+Bos| 123210/20-016.473 | Definitief02
2.5
Inventarisatie schadekenmerken constructie
Onderstaand wordt een overzicht gegeven van de geconstateerde schades en gebreken in de tijd. De formuleringen volgen (nagenoeg) letterlijk uit de documenten waarnaar wordt verwezen: -
Smit Westerman (2015): gebreken aan paalfundering waardoor zakking gepaard gaande met scheurvorming in gevels is ontstaan.
-
Inspectie Geelhoed op 27 september 2017 [ref. 2]: enorme aantasting van hoekspant waardoor slechts 20 % van de doornsnede aanwezig is; enorme scheur in metselwerktoog; scheefstand achterwerk gevel; metselwerk penantjes in gevel worden ondersteund door houten blokjes; blootliggende en in slechte staat verkerende fundering. Conclusie: Kerk verkeert in slechte staat maar er is nog geen acuut gevaar voor instorting. Slopen kerk binnen termijn van maximaal 2 jaar. Advies tot versterken aangetast spant en driemaandelijks uitvoeren van een visuele beoordeling. Inspectie Geelhoed op 30 mei 2018 [ref. 4]: het hoekspant is nog verder aangetast; de geadviseerde versterking is niet uitgevoerd; scheur in metselwerktoog is mogelijk vergroot; scheurvorming in achtergevel is verergerd; houtconstructies zijn duidelijk in kwaliteit verslechterd/verzwakt; scheurvorming metselwerk aan met name de achterzijde is verergerd. Conclusie: Kerk verkeert in zeer slechte staat maar er is nog geen accuraat gevaar voor instorting. Inspectie P&vL op 17 en 18 oktober 2018 [ref. 9, ref. 10]: in een hoekpunt zijn beide spanten gevaarlijk slecht; draagkracht is nihil; versterken is geen optie meer; achtergevel lijkt verder te wijken en buikt uit; toegenomen scheurvorming; ernstige scheurvorming ten gevolge van voortschrijdende verzakking fundering; vergroting verzakking gemeten.
aanbouw achterzijde scheurt af van het hoofdgebouw; ernstige scheurvorming is metselwerktoog; toog is doorgescheurd en delen wijken van elkaar; achtergevel is in beweging. Er wordt geconcludeerd dat er géén tot geringe samenhang tussen de geveldelen bestaat waardoor er gevaar voor instorting heerst. Inspectie Geelhoed op 10 december 2018 [ref. 11]: constructieve staat duidelijk verslechterd; instorten kan niet worden uitgesloten; gevaar voor gezondheid of veiligheid; uitgevoerde stut- en steigerwerk beperken het gevaar, maar nemen het niet weg. Conclusie: zo snel mogelijk overgaan tot sloop.
12 | 19
Witteveen +Bos | 123210/20-016.473 | Definitief 02
3 BEOORDELING RAPPORTAGE STAB Op 11 juni 2020 heeft de rechtbank Den Haag de Stichting Advisering Bestuursrechtsspraak (STAB) als een gerechtelijk deskundige aangewezen om haar te adviseren. De STAB heeft een concept rapport opgeleverd [ref. 14] waarin antwoorden op de door de rechtbank aan de STAB voorgelegde vragen zijn onderbouwd. Witteveen + Bos heeft het rapport van de STAB beoordeeld wat betreft de onderbouwing en beantwoording van vraag 1 en 2 van de rechtbank. In dit hoofdstuk worden onze bevindingen toegelicht.
3.1
Visuele inspecties van het pand
In paragraaf 3.4.2 oordeelt de STAB dat op grond van de gedane visuele waarnemingen enkel geconcludeerd kan worden dat er sprake was van een slechte bouwkundige staat van het kerkgebouw, en dat niet kan worden geconcludeerd dat er sprake was van acuut instortingsgevaar. Volgens Witteveen+Bos is in onderhavige kwestie juist het tegenoverstelde van cruciaal belang, namelijk de vraag of op basis van gedane visuele waarnemingen kan worden uitgesloten dat het gebouw op instorten stond. Uit de inspectieverslagen en -rapporten is op te maken dat de constructie van de Turfmarktkerk in beweging was, dat er sprake was van verlies aan samenhang van de constructie en van een verslechtering van de staat van de constructie in de tijd. Toenemende vervormingen en degradatie van een constructie hebben uiteindelijk tot gevolg dat een constructie instort. Wanneer dit precies gebeurt hangt van diverse factoren af, waaronder (niet-beïnvloedbare) weersinvloeden, en laat zich derhalve niet voorspellen. Een instorting betreft immers een onverhoeds fenomeen. Op basis van de beschikbare informatie kan naar oordeel van Witteveen+Bos op geen enkele wijze worden uitgesloten dat het kerkgebouw op instorten stond.
Er was sprake van ernstige schades aan onderdelen met een dragende functie, waardoor enerzijds de constructieve samenhang sterk was verminderd en anderzijds zich wijzigingen in de krachtsafdracht hadden voorgedaan. Doordat de belastingen op onbekende (en onbedoelde) wijze door de resterende constructie werd afgedragen, was eveneens onbekend of, en in welke mate, de constructie nog weerstand kon bieden tegen externe belastingen. Derhalve kon de constructieve veiligheid niet meer worden gegarandeerd en was er sprake van een verhoogd veiligheidsrisico voor personen, in en nabij het kerkgebouw. De kwalificatie van het kerkgebouw door de STAB als zijnde een gebouw met een 'een slechte bouwkundige staat' is hier misplaatst. Waar bouwkundige schade alleen esthetische of functionele gevolgen kan hebben, kunnen constructieve schades ook de fysieke veiligheid van personen in gevaar brengen. In tegenstelling tot haar stellige oordeel dat er géén direct gevaar voor instorting van het kerkgebouw was op 24 oktober 218, concludeert STAB in paragraaf 3.6 echter ook dat de waarnemingen aanleiding geven tot zorg over de draagconstructie, en dat een gedegen onderzoek nodig is om deze zorg te kunnen bevestigen of wegnemen.
Kennelijk kan ook STAB op basis van de beschikbare gegevens niet uitsluiten dat de constructieve veiligheid in het geding was, anders zou zij een dergelijk onderzoek niet noodzakelijk achten.
13 | 19
Witteveen+Bos | 123210/20-016.473 | Definitief02
3.2
Zettingen en scheurvorming gevels
De STAB stelt op basis van de resultaten van de uitgevoerde lintvoegmetingen in paragraaf 3.5.1 vast dat de opgetreden zettingsverschillen in langsrichting van de gevels wel scheurvorming tot gevolg hebben gehad, maar geen invloed hebben gehad op de stabiliteit van (de gevels van) het gebouw. De zettingen zouden derhalve niet zonder meer leiden tot instorten van het gebouw. In paragraaf 3.5.3 concludeert de STAB opnieuw dat verticale scheurvorming geen invloed heeft op de stabiliteit. Witteveen + Bos onderschrijft dat de zettingen van de fundering de oorzaak zijn van de opgetreden scheurvorming. De bewering dat verticale scheurvorming geen invloed op de stabiliteit heeft is op zichzelf staand in algemeenheid juist. Echter dient het effect van de verticale scheurvorming integraal te worden bezien in combinatie met alle overige constructieve schades. De diverse constructieve schades tezamen en hun effect op de constructieve samenhang maken juist dat de constructieve draagkracht in het geding komt. Het enkel beoordelen en duiden van individuele schades leidt dan ook niet tot een juist oordeel over de algehele staat van de constructie. Daarnaast gaat de STAB in haar rapportage voorbij aan het feit dat er naast verticale scheurvorming ook horizontale scheuren zijn geconstateerd. In afbeelding 3.1 zijn deze horizontale scheuren (gemarkeerd met paarse pijlen) zichtbaar.
Deze horizontale scheuren zijn een indicatie voor de aanwezigheid van excentrische belastingen of spatkrachten als gevolg van vervorming van de constructie, en zijn in de regel een reden tot zorg over de staat van een constructie.
Afbeelding 3.1 Overzicht van horizontale en verticale scheurvorming
3.3
Kwantitatieve onderbouwing
In paragraaf 3.4.1 tracht de STAB op basis van de F30 richtlijn 'Houten Paalfunderingen onder gebouwen' [ref. 1] te onderbouwen dat de reeds opgetreden zettingen niet zonder meer tot instorten van het gebouw zouden leiden. De F30 richtlijn heeft primair tot doel de uniformiteit en objectiviteit van het onderzoek aan houten paalfunderingen onder bebouwing ten behoeve van de kwaliteitsbeoordeling en toetsing van houten paalfunderingen te waarborgen.
14 | 19
Witteveen+Bos | 123210/20-016.473 | Definitief 02
Deze beoordeling vindt onder andere plaats op basis van waarnemingen en metingen aan de bovenbouw. De richtlijn is per definitie niet bedoeld om het tegenovergestelde, namelijk de constructieve veiligheid van de bovenbouw, te beoordelen. Op het moment dat er ernstige scheurvorming en een verminderde constructieve samenhang wordt geconstateerd, onderdelen met een dragende functie zo verzijn aangetast dat er geen draagkracht meer aan kan worden ontleend en er sprake is van visueel waarneembare verslechtering in de tijd, dan dient er een integrale beoordeling plaats te vinden van de constructie als geheel. De FBO richtlijn vormt in dat geval geen geschikte basis. De STAB geeft in paragraaf 3.4.3 aan dat een analyse gemaakt had moeten worden van de draagconstructie van de bovenbouw, teneinde vastte kunnen stellen welke veiligheden daar nog in aanwezig zijn. Daarbij verwijst zij naar het afkeurniveau dat is gedefinieerd in de NEN 8700 normenserie voor de beoordeling van bestaande constructies. Witteveen + Bos is van oordeel dat de constructieve schades in het kerkgebouw dermate zijn dat genoemde beoordelingsmethode hierop niet meer van toepassing was. Er was reeds geconcludeerd dat niet aan het afkeurniveau kon worden voldaan; er stond immers al vast dat het kerkgebouw gesloopt moest gaan worden. Daarnaast is het, zoals ook opgemerkt in het rapport van SABO [ref.
12], in praktijk haast onmogelijk om een dergelijke analyse goed uit te voeren wegens gebrek aan juiste gegevens inzake de aanwezige materiaaleigenschappen en de dimensionering van de (gedegradeerde en vervormde) constructie. Het goed uitvoeren van een dergelijke complexe analyse vergt onder andere materiaalonderzoek en inmetingen van de constructie en is een tijdrovende en kostbare opgave. Daarbij geven de verkregen resultaten, gezien de complexiteit van dergelijke analyses, vaak aanleiding tot discussie over de betrouwbaarheid/juistheid van de uitgevoerde analyse. Met het oog op een te slopen bouwwerk heeft het uitvoeren van een dergelijke analyse dan ook geen toegevoegde waarde. Gedurende de tijd die er mee gemoeid is, neemt de kans op een instorting alleen maar verder toe.
3.4
Herverdeling van belastingen
De STAB oordeelt in paragraaf 3.5.5. dat er ondanks de scheur in de toog nog altijd evenwicht bestond tussen de twee helften van de gevel en er geen sprake van is dat de scheur in de toog tot instorting leidt. Witteveen + Bos is van oordeel dat er weliswaar sprake is van een evenwichtssituatie, maar dat de veiligheid die hierbij nog aanwezig is, onbekend is. Mogelijk is er sprake van een labiel evenwicht; kleine verstoringen van het evenwicht (ten gevolge van bijvoorbeeld vervormingen in de constructie of externe factoren zoals (onvoorziene) weersomstandigheden, belastingen tijdens slopen, zettingen) kunnen verstoring van het evenwicht met bezwijken van de constructie tot gevolg hebben. De conclusie van de STAB dat de scheur in de toog niet tot instorting leidt, kan wegens gebrek aan meet- of rekenresultaten, enkel zijn gestoeld op onderbuikgevoel. De STAB schrijft in 3.5.6. over de aantasting van het dakspant dat zij de aantasting van het dakspant (welke was doorgerot, zie afbeelding 3.2), niet problematisch acht, daar de draagwerking van de totale kap inmiddels blijkbaar op een andere manier plaatsvindt.
15 | 19
Witteveen + Bos | 123210/20-016.473 | Definitief02
Afbeelding 3.2 Aangetaste houten spanten
Het klopt inderdaad de belasting op een andere manier wordt afgedragen. Witteveen + Bos is echter van oordeel dat door de aantasting van nagenoeg de volledige doorsnede van het dakspant er een gevaarlijke en dus onwenselijke situatie was ontstaan. Op het moment dat niet bekend is hoe de krachtswerking van de kapconstructie plaatsvindt, is onbekend of er nog (voldoende) veiligheid aanwezig is in de constructie. Ook hier geldt dat er op het moment weliswaar een evenwichtssituatie aanwezig is, maar dat volledig onbekend is of, en in welke mate, er nog veiligheid aanwezig is. Een kleine verstoring van het evenwicht, bijvoorbeeld door het bezwijken van verbindingsmiddelen in de kapconstructie die momenteel anders worden belast dan voorzien, kan een voortschrijdende instorting (domino effect) tot gevolg hebben. Ter vergelijk: in een kaartenhuis heerst ook een evenwichtssituatie; echter onder de minste of geringste invloed van buitenaf (luchtstroming, een trilling van de ondergrond) zakt het kaartenhuis volledig in elkaar. Voor zowel de toog als dakconstructie geldt dat kwantitatief niet kan worden onderbouwd dat er gevaar voor instorting heerste. Echter, het gedrag van de constructie was door verlies aan onderling verband en degradatie van essentiële onderdelen onvoorspelbaar geworden.
Onduidelijk was op welke manier belastingen werden afgedragen, en onbekend was hoeveel reserve (veiligheid) er nog aanwezig was in de constructie. Gevaar van instorting kon derhalve dan ook niet worden uitgesloten. Dit resulteerde in een onacceptabel veiligheidsrisico voor personen in het kerkgebouw en in haar nabij omgeving.
16 I 19
Witteveen + Bos | 123210/20-016.473 | Definitief 02
4 BEANTWOORDING ONDERZOEKSVRAGEN
4.1
Onderzoeksvraag 1
Onderzoeksvraag 1 van de gemeente Gouda luidt: 'Onderschrijft u de bevindingen van de STAB voor wat betreft de volgende vraag (vraag 1) van de rechtbank?' 'Onderschrijft de STAB, op basis van de informatie in de dossiers, de conclusie in het handhavingsrapport van de ODMH van 77 oktober 2018 en in het rapport van Pieters & van Leeuwen van 22 oktober 2018'? Witteveen+Bos onderschrijft het oordeel van de STAB (dat er geen direct gevaar van instorting van het kerkgebouw was, noch dat er een direct gevaar voor de omgeving van het gebouw aanwezig was op 24 oktober 2018) niet. Witteveen + Bos is van oordeel dat door gebrek aan nadere informatie, dat wil zeggen resultaten uit metingen of berekeningen, noch kan worden aangetoond, noch kan worden uitgesloten, dat er sprake was van acuut instortingsgevaar. Dit wil echter niet zeggen dat er geen sprake kan zijn geweest van acuut instortingsgevaar. Uit de diverse waarnemingen die zijn gerapporteerd in de inspectierapportages blijkt dat er tussen oktober 2017 en oktober 2018 sprake is geweest van een toenemende mate van degradatie van de constructie. De mate waarin de constructie degradeerde is hierbij echter niet gekwantificeerd. Deze degradatie heeft een afname van de constructieve samenhang en afname van de draagkracht van de constructie tot gevolg gehad. Dit zou uiteindelijk leiden tot een (gedeeltelijke) instorting.
Het moment waarop een instorting daadwerkelijk plaatsvindt laat zich niet voorspellen. Het was op basis van de beperkte beschikbare informatie ook niet mogelijk hier een kwantitatieve onderbouwing voor te geven. Daarnaast speelt het tijdsaspect hierbij een belangrijke rol; de kans dat zich een instorting voordoet neemt in de tijd verder toe. Het risico (= kans * gevolg) wordt daardoor steeds groter. Gezien de ligging van het kerkgebouw in de binnenstedelijke omgeving, is er daarbij sprake van direct gevaar voor omstanders en omwonenden. Derhalve is er door de gemeente Gouda logischerwijs gehandeld naar het advies van de betrokken deskundige constructeurs en inspecteurs. Dit advies is gebaseerd op de gedane waarnemingen en beschikbare informatie van de situatie op dat moment en is gestoeld op diens kennis en ervaring. Gezien het feit dat al lange tijd vast stond dat het kerkgebouw gesloopt zou gaan worden, is het naar oordeel van Witteveen + Bos begrijpelijk dat er geen (kostbaar en tijdrovend) nader onderzoek (metingen) is uitgevoerd. Dergelijke metingen zouden aanvankelijk weinig meerwaarde hebben gehad; het stond immers al vast dat het kerkgebouw gesloopt zou gaan worden.
17 | 19
Witteveen+Bos | 123210/20-016.473 | Definitief02
4.2
Onderzoeksvraag 2
Onderzoeksvraag 2 van de gemeente Gouda luidt: 'Onderschrijft u de bevindingen van de STAB voor wat betreft de volgende vraag (vraag 2) van de rechtbank?' 'Zo ja, waren de werkzaamheden die het college heeft uitgevoerd noodzakelijk om het geconstateerde instortingsgevaar weg te nemen?' Witteveen + Bos onderschrijft het oordeel van de STAB (dat - mocht er al sprake zijn van acuut instortingsgevaar - de sloopwerkzaamheden die het college heeft uitgevoerd niet noodzakelijk waren om het instortingsgevaar weg te nemen) niet. Het gerealiseerde stut- en steigerwerk is ontworpen om horizontale steun te verlenen aan de metselwerkwanden, en zo de algehele stabiliteit van het kerkgebouw te waarborgen. Het is berekend om horizontale belastingen uit windbelasting op, en scheefstand van, de metselwerkwanden af te dragen naar de fundering [ref. 15]. In de berekening van de steigerconstructie is geen rekening gehouden met de afdracht van verticale belastingen vanuit de toog of het dak van het kerkgebouw. Het stut- en steigerwerk zou derhalve niet in staat zijn om, in het geval van een (gedeeltelijke) instorting of tijdens de sloop, de dragende functie van de metselwerk wanden over te nemen. Onder andere daarom dienden er d.d. 25 oktober 2018 nog diverse aanpassingen [16] te worden gedaan aan het steigerwerk ten einde deze geschikt te maken voor de beoogde sloop.
Pas op 13 november 2018 was het steigerwerk in een dusdanige staat dat deze gekeurd en geschikt kon worden bevonden om de daarop de diverse te slopen gebouwdelen af te steunen [17], De fundering en begane grond van het kerkgebouw verkeerden volgens [ref. 4] echter in zeer slechte toestand, en waren (ook na aanpassing van het steigerwerk) niet geschikt om voor langere tijd te dienen als basis voor steigers en stutten. Doordat de ondergrond van de fundering onder invloed is van de weersomstandigheden, was de kans op zettingen reëel. Zettingen treden met name op onder belastingen die voor langere duur aanwezig zijn; zettingen die ontstaan onder windbelasting (kortdurend) zijn beperkt. Zettingen verstoren de krachtswerking in de steiger. Het steigerwerk is mogelijk niet in staat om evenwicht verstorende krachten ten gevolge van zettingen op te nemen. Het steigerwerk is daardoor niet in staat om voor lange duur de stabiliteit te waarborgen. De uitgevoerde stutwerken beperkten weliswaar het gevaar, maar namen het dus niet weg. Het gerealiseerde stut- en steigerwerk was weliswaar geschikt om stabiliteit te verlenen aan de wanden tegen (kortdurende) windbelastingen, maar onvoldoende om het kerkgebouw voor langere tijd in stand te houden zonder instortingsgevaar. Langdurige belastingen op de steiger zouden leiden tot gevaar voor instorting van de steigerconstructie.
18 I 19
Witteveen+Bos | 123210/20-016.473 | Definitief 02
5 REFERENTIES 1
Oktober 2016, Richtlijn Houten Paalfunderingen onder gebouwen Onderzoek en beoordeling - 3e herziene editie, F30/SBRCURnet. 2 13 oktober 2017, Constructief onderzoek, Geelhoed Engineering B.V. 3 30 mei 2018, Handhavingsrapport Turfmarkt 60 Gouda, kenmerk 2018134587, Omgevingsdienst Midden Holland. 4 11 juni 2018, Expertise rapportage, Herinspectie constructie kerk a/d Turfmarkt 60 Gouda, Geelhoed Engineering B.V. 5 14 September 2018, Handhavingsrapport Turfmarkt 60 Gouda, Handhaving bestuursdwang stutten en sloop kerk, kenmerk 2018230558, Omgevingsdienst Midden Holland. 6 19 september 2018, Stabiliteitsvoorziening voormalige kerk Turfmarkt te Gouda, kenmerk SWNL0231778, SWECO. 7 26 September 2018, Handhavingsrapport Turfmarkt 60 Gouda, Handhaving bestuursdwang stutten en sloop kerk, kenmerk 2018241750, Omgevingsdienst Midden Holland. 8 02 oktober 2018, Stabiliteitsvoorziening voormalige kerk Turfmarkt te Gouda, kenmerk SWNL0232176, SWECO. 9 17 oktober 2018, Handhavingsrapport Turfmarkt 60 Gouda, kenmerk 2018261610, Omgevingsdienst Midden Holland. 10 22 oktober 2018, Conclusie Turfmarktkerk aan de Turfmarkt 60 te Gouda, Peters en van Leeuwen B.V. 11 10 december 2018, Expertise rapportage, Inspectie sloop kerk a/d Turfmarkt 60 Gouda, Geelhoed Engineering B.V. 12 14 januari 2019, Analyse expertiserapportage, beoordeling bestaande constructieve onderzoeken, Ingenieursbureau SABO.
13 15 maart 2019, Expertise rapportage, Inspectie sloop kerk a/d Turfmarkt 60 Gouda, Geelhoed Engineering B.V. 14 25 september 2020, Concept-verslag Bestuursdwang Turfmarktkerk Gouda, kenmerk STAB 4104, STAB. 15 13 juli 2018, Controle sterkte en stabiliteit steigerconstructie, Statische Berekening, Adviesbureau Dekker Engineering. 16 25 oktober 2018, Uitvoering sloop Turfmarktkerk aan de Turfmarkt 60 in Gouda, Peters en van Leeuwen B.V. 17 13 november 2018, Advies Turfmarktkerk Gouda, Peters en van Leeuwen.
19 | 19
Witteveen+Bos| 123210/20-016.473 | Definitief02
www.witteveenbos.com
Van: Roelse, Oscar <Qscar.Roelse@sweco.nl> Verzonden: maandag 5 oktober 2020 15:37 Aan: Polak, A. <apolak(5)odmh.nl> Onderwerp: RE: VERTROUWELIJK - URGENT
Geachte heer Polak,
Bijgevoegd de le reactie op de notitie STAB pagina 34 t/m 36
Met vriendelijke groet,
Oscar Roelse Projectleider Bouwtechniek
Sweco Nederland B.V. Buitenruststraat 225
M+31 6 57 56 82 19
T+31 88 811 66 00 Handelsregister 30129769 www.sweco.nl
4337 ER Middelburg
oscar, roelse(5)sweco.nl
SWECO
Vanaf gepaste afstand blijven wij benaderbaar en betrokken en werken we samen met onze klanten door. Hoe? Lees hier onze verhalen.
%
Reactie op Verslag ex artikel 8:47 Algemene wet bestuursrecht d.d. 11 juni 2020
4.1
Bevindingen STAB
In het herinspectierapport (zie productie 31 in dossier 49/4599) heeft Geelhoed geconcludeerd dat de kerk in een zeer slechte staat verkeerde en dat ten behoeve van de sloop in de kerk steigers en stutten aangebracht moesten worden. Eiseres had een steigerwerk in de kerk laten ontwerpen door Dekker Engineering. Het ontwerp van het steigerwerk is meerdere keren in opdracht van de ODMH door Sweco beoordeeld en door Dekker in overleg met Ingenieursbureau Sweco aangepast. Sweco heeft het steigerontwerp voor het stutten van de kerk uiteindelijk goedgekeurd. In de e-mail van de ODMH van 31 juli 2018 is deze goedkeuring bevestigd en aangegeven dat het werk uitgevoerd mag worden (zie productie 60 in dossier 19/4599). Er is aangegeven dat Dekker in overleg met Sweco aanpassingen heeft voorzien. De rol van Sweco in het gehele proces is slechts toetsend geweest waarbij op-, en aanmerkingen op de aangeleverde documenten zijn gegeven. De tekst "in overleg" suggereert onterecht dat Sweco mede onderdeel is geweest bij het ontwerp proces. Men stelt dat Sweco en ODMH het steigerontwerp heeft "goedgekeurd". De term goedkeuren is echter onjuist. Sweco en ODMH hebben het ontwerp van Dekker Engineering akkoord verklaard. De uiteindelijke verantwoording voor het ontwerp en de achterliggende berekeningen blijven voor verantwoording van Dekker Engineering.
In het oorspronkelijk plan voor het stut- en steigerwerk was overigens geen ondersteuning van de spanten opgenomen, met waarschijnlijk als gedachte dat het dak met de spanten
STAB-41014125 september 2020 | 34
■ ■■ als eerste zou worden gedemonteerd. Gezien de slechte toestand van het ene hoekspant is een aanvullende ondersteuning van dit spant voorafgaand aan de sloop op zichzelf een goed voorstel. Men geeft terecht aan dat gezien de uiteindelijk aangetroffen staat van het hoekspant (dit ten gevolge van de voortschrijdende aantasting door vocht/waterinwerking en houtrot) het ondersteunen van het spant een terechte aanvulling dient te zijn.
4.2
Conclusie
Op grond van het vorenstaande constateert STAB dat er een stut- en steigerwerk is ontworpen conform een goedgekeurd plan, maar dat uit de inspecties van de ODMH/Sweco bleek dat het stut- en steigerwerk (nog) niet volledig goed was uitgevoerd. Hoewel partijen vervolgens een gemeenschappelijk plan van aanpak opstelden, achtte verweerder het op basis van het handhavingsrapport van de ODMH en van het briefrapport van Peters & van Leeuwen noodzakelijk dat de kerk direct gesloopt diende te worden vanwege acuut instortingsgevaar. STAB kan zich niet vinden in de conclusie dat - als er al sprake zou zijn van acuut instortingsgevaar - dit uitsluitend voorkomen zou kunnen worden door onmiddellijke sloop van de kerk. Het noodzakelijke en inmiddels gerealiseerde stut- en steigerwerk was weliswaar niet volledig akkoord bevonden, maar zou met enkele beperkte en eenvoudige verbeteringen snel verantwoord te maken zijn. Dit blijkt ook uit het feit dat slechts enkele dagen later op 2 november 2018 de aangepaste steigerconstructie door Sweco akkoord bevonden werd, waarna de omwonenden weer veilig terug naar hun woning mochten. Dit geeft aan dat zowel ODMH als Sweco van mening waren dat op dat moment de kerk voldoende veilig was gestabiliseerd. Daarmee was de noodzaak tot een acute sloop weggenomen.
Er is inderdaad geconcludeerd dat er een moment was dat sprake was van voldoende stabilisatie om de sloop veilig te kunnen laten plaatsvinden. De aangebrachte voorzieningen waren echter alléén aangebracht met als doel het veilig kunnen slopen en niet het voor langere periode stabiliseren van de gebouw welke onderhevig was aan invloed van zettingen en weersinvloeden. In de e-mail van 22 oktober 208 van mevr Scholtes aan Sweco is gemeld dat sprake is van bestuursdwang en dat sloop wordt voorbereid. Men stelt dat ten gevolge van de veilige stabilisatie de noodzaak tot acute sloop is weggenomen. Men gaat hierbij voorbij aan het feit dat reeds eerder al een termijn is gesteld dat de eigenaar het pand gesloot moet hebben. Steigervoorzieningen zijn aangebracht met als functie om het slopen veilig te kunnen uitvoeren zonder dat dit gevaar met zich meebrengt voor omwonende. 1.
Aanleiding / achtergrond
Khalld Boutachekourt Holding B.V., vertegenwoordigd door de heer K. Boutachekourt. is eigenaar van de Turfmarktkerk gelegen aan de Turfmarkt 60 in Gouda (kadastraal bekend als Gouda sectie B nummer 3733). Per besluit van 25 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders een last onder bestuursdwang opgelegd in verband met de zeer slechte constructieve staat van de kerk. Per besluit van 15 augustus 2018 zijn de aan die last onder bestuursdwang verbonden termijnen opgeschort. Als_gevolg van deze besluiten moet de kerk vóór 1 december 2018 worden oeslonnt m .afwachting van de sloop moest de constructie, gezien de zeer slechte staat, voor 10 september 2018 afdoende worden gestut. ■' ----Na 10 september 2018 is vastgesteld dat niet aan de last is voldaan aangezien de werkzaamheden ter stuttmg van de kerk niet afdoende zijn uitgevoerd. Na overleg met de heer Boutachekourt is de gelegenheid geboden om de stutwerkzaamheden uiterlijk 26 september 2018 alsnog afdoende af te ronden. Op 26 september 2018 is geconstateerd dat nog altijd niet aan de last is voldaan Hierop is de heer Boutachekourt per e-mailbericht van 27 september 2018 te kennen gegeven dat de last van gemeentewege zal worden uitgevoerd. De strekking van dat e-mailbericht is ook per brief bevestigd.
In de kerk staat nu een uitgebreid steigerwerk, deze is aangebracht ter ondersteuning van zowel de gevels en het dak. Dit alles om tot een veilige sloop te kunnen overgaan. In het StAB rapport wordt gesuggereerd dat de steigerwerken als doel hebben het veiligstellen zodat sloop van de kerk achterwege kon blijven. Echter is het doel van de (tijdelijke)steiger,- en stabiliseringsvoorzieningen aangebracht met als doel het veilig kunnen slopen van het bouwwerk.
akd benelux lawyers
Bijlage 6
Van: Jeroen Dekker <i.dekker@steiqeradvies.nl> Verzonden: zaterdag 3 oktober 2020 17:24 Aan: Combé, de la R.C.E.J. <RdelaCombe@odmh.nl> CC: Hop, H. <HHop@odmh.nl>; Polak, A. <apolak@odmh.nl>: Linde, van der R. <rvanderlinde@odmh.nl>: Suzanne Dekker <s.dekker@steiqeradvies.nl> Onderwerp: RE: VERTROUWELIJK - URGENT Geachte mevrouw De la Combé, Allereerst wil ik graag aangeven dat onderstaande reactie van mijn zijde een reactie is die is gebaseerd op kort onderzoek in de afgelopen dagen. Niet alles is gemakkelijk boven water te krijgen qua correspondentie en communicatie, zodoende zijn enkele zaken ook vanuit mijn geheugen nar voren gehaald. Men dient dit vooralsnog als informatief te beschouwen. Onderstaande vraagstelling is mij geheel duidelijk. Echter is de situatie ook dermate complex vanwege diensten die wij hierbij voor verschillende opdrachtgevers hebben verricht, dus daarbij zijn diverse belangen gediend en/of ingevuld. In de basis is de vraagstelling geweest om de veiligheid tijdelijk te borgen om instorten te voorkomen en niet of het gebouw op instorten staat. Hiermee wil ik alleen aangeven dat wij niet een partij zijn die daar een oordeel over heeft afgegeven. Echter om een beeld te schetsen omtrent de condities binnen onze berekeningen en uitgangspunten.
Wij gaan uit van richtlijnen, normen en inzichten die gebaseerd zijn en een duidelijk karakter hebben om in tijdelijke/korte tijdstermijnen te opereren. Hierbij wordt aangestuurd op een inzetduur tot enkele maanden, wellicht 1 jaar. Ook binnen dit project is daarover gesproken en gecommuniceerd, er is eerder de vraag gesteld hoelang de stutconstructie in staat is de functie in te vullen. Daarbij is verwezen naar referentieperiodes zoals bovenstaande en zoals in de normen, richtlijnen, etc. worden aangehouden. Mijn antwoord op vraag 2 zou zijn dat de stutconstructie er 100% op gericht is om instorten vd wanden en het dak te voorkomen. Dat was 100% de inzet van de constructie. Daarnaast heeft de constructie een aanvullende functie ingevuld om de wanden en daken bereikbaar te maken, teneinde veilig te kunnen slopen. Kanttekening bij dit antwoord is dat er sprake is van een tijdelijk karakter, te weten het invullen van deze functie voor een relatief korte tijd, 3-6 maanden. Zoals ik mij kan herinneren is dit aanvullend besproken en volgens mij ook vastgelegd. Dit is relevant, aangezien wij in de basis zijn gestart met een verzorgen van de engineering van een tijdelijke stutconstructie die gebruikt zou worden om de veiligheid naar de omgeving te vergroten en om geheel danwel gedeeltelijk te gaan slopen.
Gaandeweg het traject van uitvoering is duidelijk geworden dat de vraagstelling of functie van de constructie veranderde naar hoe lang deze constructie dit zou kunnen invullen. Daarbij zijn bovenstaande vergelijkbare antwoorden gegeven. Aangezien onze werknemer Twan Clement niet meer bij ons werkzaam is, neemt het meer tijd in beslag om in heel korte tijd zorgvuldig en inhoudelijk te reageren. Mocht dit onverwacht en buiten bovenstaande om alsnog nodig zijn, willen wij u van dienst zijn, maar hebben wij ook meer tijd nodig.
Met vragen of opmerkingen verneem ik dat graag.
Met vriendelijke groet, J.H.W. (Jeroen) Dekker Projectleider - Inspecteur - DGA Inspecteur certificaat DNV CERT-Si-20140613-10316
I r-vA ADVIESBUREAU Hf DEKKER ENGINEERING
Aangelagen 2 5591 KG Heeze 100%BIMProof
040 - 2240 360 / 040 - 7821 900 040-7821 901 (direct) 06-11 16 97 01 i.dekker@adviesbureau-dekkerenqineerinq.nl www.adviesbureau-dekkerenqineerinq.nl
Op onze dienstverlening zijn de volgende algemene leveringsvoorwaarden van toepassing. Tevens verwijzen wij u graag naar ons Privacybeleid. Volg ons ook op Facebook en Linkedln. De informatie verzonden met dit e-mailbericht is uitsluitend bestemd voor de geadresseerde. Gebruik van deze informatie door anderen dan de geadresseerde is verboden. Openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en/of verstrekking van deze informatie aan derden is niet toegestaan. Afzender staat niet in voor de juiste en volledige overbrenging van de inhoud van een verzonden e-mail, noch voor tijdige ontvangst daarvan. Afzender attendeert erop dat de vertrouwelijkheid van informatie verzonden per e-mail niet gewaarborgd is. P Denk aan het milieu voordat u dit e-mailbericht afdrukt
Van: Combé, de la R.C.E.J. rmailto:RdelaCombe@odmh.nll Verzonden: dinsdag 29 september 2020 14:51 Aan: Jeroen Dekker <i.dekker@steiqeradvies.nl> CC: Hop, H. <HHop@odmh.nl>; Polak, A. <apolak@odmh.nl>; Linde, van der R. <rvanderlinde@odmh.nl> Onderwerp: VERTROUWELIJK - URGENT Urgentie: Hoog Geachte heer Dekker, Vandaag hebben wij telefonisch contact gehad en zoals afgesproken mail ik u het volgende: De gemeente Gouda is betrokken bij een juridisch procedure over de Turfmarktkerk in Gouda. Kort samengevat is de gemeente van oordeel dat er op 24 oktober 2018 instortingsgevaar was met betrekking
tot de Turfmarktkerk. Daarom heeft de gemeente met spoed ingegrepen om de kerk te stutten en vervolgens te slopen. De eigenaar van de kerk is hiertegen in beroep gegaan bij de rechtbank. Hij betwist dat er instortingsgevaar was en stelt dat als er al instortingsgevaar was het stutten afdoende was om het gevaar weg te nemen. De gemeente heeft naar zijn mening dus ten onrechte de Turfmarktkerk gestut en gesloopt. De rechtbank heeft in deze procedure een gerechtelijk deskundige aangewezen om haar te adviseren. Dat is de Stichting Advisering Bestuursrechtsspraak (StAB). De StAB heeft de benodigde expertise niet in huis, maar heeft ABT B.V. ingehuurd om het advies te geven. De StAB heeft nu een concept rapport opgeleverd. In dat rapport concludeert de StAB dat er geen instortingsgevaar was. Verder meent de StAB dat als er al gevaar was, het stutten afdoende was om dat gevaar weg te nemen. Tot slot meent de StAB dat als de sloop al nodig was, deze veel te duur is uitgevoerd. De gemeente heeft twijfels bij de juistheid van dit rapport. Eerder heeft de gemeente advies ingewonnen van zowel Pelecon B.V. (destijds: Peters & Van Leeuwen B.V.) en Geelhoed Engineering B.V. Deze partijen onderschreven dat er instortingsgevaar was die de sloop noodzaakte. De StAB komt nu tot een wezenlijk andere conclusie.
De StAB baseert dat op - kort samengevat - het oordeel dat enkele visuele waarnemingen onvoldoende zijn om tot deze conclusie te komen, terwijl de andere indicaties onvoldoende zijn om te concluderen dat er instortingsgevaar was. Naar de mening van de StAB had niet geconcludeerd mogen worden dat er sprake was van instortingsgevaar. De gemeente mag op dit concept reageren. Dat wil zij graag doen op basis van adviezen van deskundigen. In dat kader heeft u telefonisch aangegeven dat u of uw bureau uiterlijk dinsdag 6 oktober 2020 een contra-expertise kan aanleveren ten behoeve van de reactie van de gemeente. 1.
Onderzoeksvraag
De concrete onderzoeksvraag is: “Onderschrijft u de bevindingen van de StAB voor wat betreft vraag 2 van de rechtbank?”. De vragen van de rechtbank zijn in het StAB rapport geciteerd. Vraag 2 is (kort samengevat) of het instortingsgevaar is weggenomen door de stutwerkzaamheden in het pand. Het gaat om pagina’s 34 tot 36 van het StAB verslag (zie bijlage). 2.
Benodigde stukken
De stukken die nodig zijn voor een beoordeling hebben wij voor u verzameld. Het concept verslag (zit ook als bijlage bij deze e-mail) en de bijlagen daarbij zijn te downloaden op: https://stab.app.box.eom/s/oaipbq1wxokqsboq0lp9t43zudvdq0h Daarnaast heeft de gemeente de eerdere rapporten en adviezen van toezichthouders (met foto’s) en deskundigen zijdens de gemeente over de staat van de Turfmarktkerk voor u verzameld. Deze zijn te downloaden op: https://filetransfer.akd.nl/messaqe/r3UapiYEveqZ10KSv6SpTo
3.
Planning
Zoals besproken heeft de gemeente uiterlijk dinsdag 6 oktober een concept reactie nodig. Op 7 oktober zou dan overleg moeten plaatsvinden over deze concept reactie, waarnaar eventueel nog aanpassingen
volgen. Op 8 oktober moet de definitieve reactie beschikbaar zijn voor de gemeente. Uw spoedige reactie wordt zeer op prijs gesteld. Bij voorbaat dank. 1.
Met vriendelijke groet, Reninca de la Combé Afdelingshoofd afdeling bouw- en woningtoezicht Afdeling Bouw- en Woningtoezicht
Omgevingsdienst Midden-Holland | Postbus 45, 2800 AA Gouda | Thorbeckelaan 5, 2805 CA Gouda 088 - 54 50 243 | 06 - 20 51 00 45 | RdelaCombe@odmh.nl | www.odmh.nl | @ODMIDDENHOLLAND Werkdagen: ma, di, do, vr Omgevingsdienst Midden-Holland draagt bij aan een veilige, duurzame en gezonde leefomgeving.
akd benelux lawyers
Gemeente Gouda Burgemeester Jamesplein 1 2803 PG Gouda
LENGKEEK
Rotterdam 29 oktober 2020
Uw referentie: de heer L. Pijlman
Onze referentie: mevrouw Mr. M. Limpens Ing. A.M. Schoon NIVRE-re 4040098/msn
Communicatie: 088 - 554 01 39 m.limpens@lengkeek.nl
Onderwerp: Reactie op concept rapport STAB met betrekking tot kostenverhaal sloop Turfmarktkerk te Gouda
Geachte heer Pijlman, Door de rechtbank werd STAB benoemd als deskundige inzake het geschil tussen de gemeente Gouda en Khalid Boutachekourt Holding B.V. (KB) omtrent de sloop van de Turfmarktkerk en de kosten die in dit kader door de gemeente Gouda worden gevorderd van KB. Op 29 september 2020 ontvingen wij van u de concept rapportage van STAB d.d. 25 september 2020 en met kenmerk STAB-41014 waarbij u ons verzocht om kennis te nemen van de bevindingen van STAB ten aanzien van de gevorderde kosten (hoofdstuk 5) en om te reageren op voornoemde bevindingen. In onderstaande tabel hebben wij samengevat welke kosten volgens onze informatie door de gemeente worden geclaimd, welke kosten door Lengkeek op basis van de door de gemeente verstrekte onderbouwing/toelichting als redelijk en noodzakelijk worden aangemerkt en welke kosten door STAB worden toegekend.
Lengkeek Q Admiraliteitskade 72 3063 ED Rotterdam CD Postbus 4264 3006 AG Rotterdam % 088-554 00 10 Cp rotterdam@lengkeek.nl J3 www.lengkeek.nl
KvK 08104729
Lengkeek B.V. is gevestigd te Rotterdam met vestigingen in Rotterdam, Amsterdam, Zwolle en Eindhoven. Op al onze werkzaamheden voor verzekeraars en makelaars zijn de NIVRE voorwaarden van toepassing. Op onze overige werkzaamheden zijn onze Algemene voorwaarden (AV 2019-01) van toepassing.
Door Lengkeek als
Claim gemeente
Door STAB toegekend
redelijk/noodzakeiijk aangemerkt Fase 1: Stabilisering Fase 2: Sloop tot veilige hoogte Totaal exclusief btw
€531.801,86
€451.458,46
€ 531.801,86
€451.485,46
€ 137.053,94 € 143.000,00 € 280.053,94
Tabel 1.
Uit de rapportage van STAB leiden wij af dat de gemeente een bedrag vordert van € 541.588,81 exclusief btw. Het is ons niet duidelijk waardoor het verschil met het in Tabel 1 opgenomen geclaimde bedrag wordt veroorzaakt. Bij onze beoordeling van de in de rapportage van STAB opgenomen kosten beperken wij ons tot de (significante) verschillen met de door Lengkeek als redelijk/noodzakelijk aangemerkte kosten. Alle in deze rapportage genoemde bedragen zijn overigens exclusief btw, tenzij anders aangegeven. De door Lengkeek als redelijk en noodzakelijk aangemerkte kosten kunnen analoog aan de door STAB gehanteerde fasering/scheiding worden onderverdeeld zoals weergegeven in Tabel 2. Door Lengkeek als
Door STAB
redelijk/noodzakelijk
toegekend
Verschil
aangemerkt - Voorbereiding/stabilisering kerk
€ 181.467,70
€ 135.303,94
€46.172,76
Fase IIA - Feitelijke sloop kerk tot veilige
€238.500,00
€ 143.000,00
€ 95.500,00
€ 31.480,76
€ 1.750,00
€ 29.730,76
€451.485,46
€ 280.053,94
€ 171.404,52
Fase I
hoogte Fase IIIB - Kosten die verband houden met sloop Totaal exclusief btw Tabel 2.
De kosten met betrekking tot extra zorgvuldigheid (€ 21.920,33 exclusief btw) hebben wij niet in deze beoordeling en rapportage betrokken. Wij hebben de verschillen tussen de door ons als redelijk/noodzakelijk aangemerkte kosten en door STAB toegekende kosten beschouwd.
Pagina 2 van 9 behorende bij dossiernummer 4040098
Fase I - Stabilisering kerk:
Het verschil tussen de kosten die door Lengkeek als noodzakelijk/redelijk worden aangemerkt en de door STAB vastgestelde kosten voorfase 1 zijn in hoofdlijn weergegeven in Tabel 3. Onderdeel
Claim
STAB
Lengkeek
Gemeente Kruiswijk
€ 16.125,32
€414,70
Van Wijnen
€ 74.062,99
€74.062,99
Slangen Staal
€8.766,56
€8.766,56
*Gerritse
€ 1.320,61
€ 1.320,61
Verschil
Verschil
Gem-STAB
Lengkeek-STAB
€ 16.125,32
€ 15.710,62
€ 15.710,62
*parkeren
€517,19
€517,19
*24 service
€ 4.627,36
€4.627,36
*uren Van der Speld
€27.116,90
€ 15.452,90
€ 24.648,86
€ 11.664,00
€9.195,96
Peters van
€6.834,30
€ 6.834,30
€4.884,30
€0
-€ 1.950,00
€4.151,25
€0
€0
€4.151,25
€ 18.555,34
€ 18.555,34
€ 18.555,34
€22.172,25
€26.581,50
€11.172,25
Totaal
€52.684,17
Leeuwen Geo ‘materiaal
€26,89
€26,89
‘Alblas
€ 154,89
€ 154,69
‘Bunnik service
€ 1.019,00
€ 1.019,00
OSR Security
€ 18.555,34
€0
Dekker
€ 6.566,45
€ 6.566,45
‘Lomax
€ 530,66
€ 530,66
Fides
€37.581,50
€ 11.000,00
€4.009,64
€4.009,64
*AVB-verzekering correctie
-€3,37
Tabel 3.
Verschil m.b.t. Kruiswijk: Door STAB zijn de kosten van Kruiswijk ad. € 16.125,32 vrijwel volledig afgewezen. De grondslag voor deze afwijzing is niet te herleiden uit het concept rapport van STAB. Vermoedelijk is de afwijzing gebaseerd op de offerte van Kruiswijk voor de sloop van het volledige kerkgebouw (tot aan de fundering) op basis waarvan door Van der Speld opdracht is verstrekt aan Kruiswijk.
Pagina 3 van 9 behorende bij dossiernummer 4040098
Wij zijn echter niet uitgegaan van de offerte voor de volledige sloop, maar hebben de werkelijk gemaakte kosten voor de sloop tot de veilige hoogte (6 m boven maaiveld) begroot op basis van de tijdregistraties van de beveiliger en overige beschikbare informatie. Als gevolg van een kortgeding van KB hebben de sloopwerkzaamheden stilgelegen van 3 december tot en met 19 december 2018. De kosten voor het materieel en materiaal van Kruiswijk zijn door Kruiswijk aan Van der Speld doorbelast (€ 8.789,83 + 10% = 9.679,81) en zo uiteindelijk ook aan de gemeente. Daarnaast heeft Kruiswijk als meerwerk (niet gekeurd) steigermateriaal van KB verwijderd en afgevoerd (stond voor/tegen de buitengevels) en is een uitrit aan de Clarissenplaats gerealiseerd ten behoeve van de afvoer van sloopafval in verband met de beperkte ruimte op de slooplocatie en scheiding van afvalstromen. Deze kosten (€ 4.059,55 + 10% = € 4.465,51) worden door STAB niet als meerwerk aangemerkt. Het is niet duidelijk waarom deze kosten niet worden gehonoreerd door STAB. Verschil m.b.t. uren Van der Speld: Door STAB is een reductie van de kosten van Van der Speld toegepast van ruim € 9.000,00. Uit het rapport van STAB blijkt niet duidelijk waarop deze reductie is gebaseerd. Voor STAB is klaarblijkelijk niet volledig duidelijk waarop de uren van Van de Speld betrekking hebben.
Wij merken op dat Van der Speld belast was met de coördinatie en begeleiding en dat eigen medewerkers zijn ingezet voor het stabiliseren van het kerkgebouw zoals het dichtzetten sparingen en aanbrengen van stabiliserende voorzieningen. Het perceel waarop de Turfmarktkerk was gesitueerd is binnenstedelijk en ingeklemd door bestaande bebouwing. Binnen het invloedsgebied van de stabilisering en sloopwerkzaamheden zijn op korte afstand panden/woningen van derden aanwezig. Verschillende belendingen dateren van 1931 of zelfs daarvoor en zijn door de gemeente als kwetsbaar en trillingsgevoelig aangemerkt. Verschil m.b.t. OSR securitv: Abusievelijk lijken in de opstelling van Lengkeek de kosten voor zowel OSR Security als een separate beveiliger vanuit Kruiswijk opgenomen. De begrote kosten voor de feitelijk sloop van de kerk zoals door ons begroot op € 238.500,00 (zie bijlage 1 bij deze brief en bijlage 2 van ons Expertiserapport 1 revisie 2) zou dan moeten worden gereduceerd met € 21.455,28 exclusief btw (= € 17.415,00 + opslagen). De geclaimde kosten voor een beveiliger ad. € 18.555,51 zijn in het geheel niet gehonoreerd door STAB. De beveiliger zag erop toe dat alleen bevoegden het sloopterrein konden betreden en zorgde voor opening en sluiting van de bouwhekken bij aan- en afvoer van materieel en materiaal.
Wij van mening zijn dat de omstandigheden de inzet van een beveiliger rechtvaardigen. STAB is klaarblijkelijk van mening dat er geen beveiliger noodzakelijk was. Nadere onderbouwing op grond waarvan STAB van mening is dat een beveiliger niet nodig was ontbreekt in het rapport van STAB. Pagina 4 van 9 behorende bij dossiernummer 4040098
Verschil m.b.t. Geo Services en Fides: In dit kader is in opdracht van de gemeente de bouwkundige staat van de belendingen vastgelegd, zodat zij meer zicht kreeg op de bouwkundige staat en op basis van de rapportage eventuele claims op haar juiste merites kon beoordelen. Teneinde schade te voorkomen zijn ondanks de voorgenomen handmatige sloopwerkzaamheden trillingsmeters geplaatst op belendingen. Daarnaast is het kerkgebouw tijdens de stabiliserings-Zsloopwerkzaamheden gemonitord middels deformatiemetingen (Geo Services) teneinde bovenmatige deformatie van het kerkgebouw vroegtijdig te onderkennen, zodat in een dergelijk geval additionele maatregelen konden worden genomen om de stabiliteit van het kerkgebouw te borgen. Het is overigens gebruikelijk om in soortgelijke gevallen bouwkundige vooropnamen uit te voeren en om de deformatie te monitoren. Gezien de afstand en aard van de belendingen achten wij het bovendien reëel dat de gemeente uit voorzorg trillingsmetingen in de omgeving heeft uitgevoerd. Uit ervaring weten wij dat materieelbewegingen niet zelden leiden tot bovenmatige trillingen met schadeclaims tot gevolg. Onze rapportage is gebaseerd op de inzet van een drietal trillingsmeters in verschillende windrichtingen en bouwkundige opnamen van de aangrenzende opstallen.
Wij hebben een deel van de geclaimde kosten aangemerkt als kosten vanwege extra zorgvuldigheid van de gemeente. Waarbij wij opmerken dat het hier een bijzondere situatie betrof waarbij de gemeente op basis van het voorzorgsbeginsel, dat ook voor de gemeente geldt, naar de omgeving toe de juiste zorgvuldigheid heeft betracht. De door ons begrote kosten achten wij derhalve redelijk en proportioneel. STAB is echter van mening dat de inzet van Fides en Geo Service /GeoValk niet in proportie is tot de risico’s voor de omgeving en dat dit niet in de toegepaste omvang is geëist in de sloopvergunning. De door STAB toegekende kosten zijn circa € 11.000,00 lager dan de kosten die wij als redelijk/noodzakelijk hebben aangemerkt. De door STAB genoemde disproportionaliteit is door STAB niet nader gedefinieerd. Fase HA - Feitelijke sloop kerk:
Het gaat hierbij om de kosten voor de sloop van het kerkgebouw tot de als veilig aangemerkte hoogte van 6,0 m.