Bijlage 2 concept Stedenbouwkundig plan WG-IV deel II.pdf
Tekst van het document
•
Geleding in basement en bovenbouw.
gen. De beeldeisen voor Waterwonen (§3.3.1 en §3.3.3) zijn integraal van toepassing
3.2.3.4 Gevelbehandeling
•
Gevarieerde gevelopeningen; geen rigide repetitie, maar een ontspannen
op dit bouwveld.
Gevels zijn horizontaal geleed en weerspiegelen het landschappelijke profiel. Binnen
ritme in de gevelcompositie.
die hoofdstructuur is ruimte voor individuele expressie.
•
Ontwerpmiddelen die zorgen voor een tussenschaal, bijvoorbeeld via raam-
2-4
2-3
verdeling of materiaalgebruik.
[ 42 ]
[ 43 ]
erfafscheiding (van zij-/achtertuin vanaf de achtererfgrens tot halverwege de zijgevel
Oriëntatie
Op deze bouwvelden wordt uitgegaan van (zelf)bouwkavels, die welstandsvrij
van de woning) bedraagt 2 meter. Hoogte en uitvoering van erfafscheidingen tussen
De woning is georiënteerd op de openbare zijde van de kavel (straat of openbaar
blijven. Sturing vindt plaats via nog op te stellen kavelpaspoorten. Deze maken geen
kavels kunnen in overleg met de buren worden bepaald, maar mogen in de voortuin
groen). Deze gevels zijn bij voorkeur transparant (raampartijen) en toegankelijk
deel uit van dit plan en worden op een later moment opgesteld. Hieronder wordt
niet hoger zijn dan 1,20 meter.
(entree), zodat interactie en zicht tussen straat en woning ontstaat.
17,20
toegelicht welke inhoudelijke onderdelen in de kavelpaspoorten worden opgenomen. Voorschriften voor de inrichting van de kavel
Grenst een kavel aan water, dan geldt aan de waterzijde een lage tuinzone van 3
In de kavelpaspoorten wordt beperkt gestuurd op architectonische uitstraling.
Parkeerplaatsen
meter breed, met een lage beschoeiing van 15 cm boven het waterpeil (NAP –5,35
Belangrijk is dat de bebouwing het groene, landschappelijke karakter van Eiland-III
Op elk kavel moeten minimaal twee, naast elkaar gesitueerde parkeerplaatsen
m). Dit zorgt voor een eenduidig beeld aan de waterkant en versterkt de relatie tussen
en het chique karakter van de in de Polderkamer gelegen delen met (zelf)bouwkavels
worden gerealiseerd. Dit mogen carports of open parkeerplaatsen zijn. De parkeer-
tuin en water. Voor de lage tuinzone en de lage beschoeiing geldt een instandhou-
versterkt. De sturing is erop gericht een samenhangend en niet-opdringerig beeld te
plaatsen liggen altijd achter de voorgevelrooilijn. Parkeerplaatsen in garages worden
dingsplicht en een verbod op bouwwerken in deze zone.
creëren.
niet meegerekend.
De lage tuinzone mag worden verbreed, of er mag een verlaagd terras aan het water
Van de architectuur wordt verwacht dat deze eigentijds is; retro- of historiserende
worden aangelegd, mits de lage beschoeiing zoals hierboven beschreven wordt
bouwstijlen zijn niet toegestaan. Uitgangspunt is hoogwaardige materialisatie en
gehandhaafd.
detaillering.
van de inrit wordt de erfafscheiding onderbroken. Inritten kunnen worden gecombi-
Steigers en vlonders
De volumeopbouw is vrij; ook de keuze voor een kap of plat dak is vrij. Voor de mate-
neerd met die van het aangrenzende buurkavel; deze gecombineerde inritten hebben
Het bouwen van steigers en vlonders in het water is niet toegestaan. Wel mag op
rialisatie geldt het kleurenpalet van Eiland-III: gedekte, aardse tinten die het groene,
een totale breedte van 7 meter. De locatie van de inritten wordt aangegeven in de
eigen terrein een verlaagd terras aan het water worden aangelegd, zolang het terras
landschappelijke karakter ondersteunen en zorgen voor samenhang. Bij kappen
kavelpaspoorten.
niet over het water steekt en de lage beschoeiing behouden blijft.
worden donkere, ongeglazuurde keramische dakpannen toegepast.
max 3x8m
3m verlaagd tuindeel aan het water met instandhoudingsplicht talud
8,00
Architectonische uitstraling
3,00
erfgrens
Oevers en beschoeiing
Inritten
openbare rietoever
2,00
3.2.3.8 Bouwvelden 1B-2, 1B-3, 1B-5, 2-5 en 2-6
tuin
groen hekwerk 11,20
3,00
3,00
bouwvlak
17,00
30,00
Elk kavel is bereikbaar via een inrit met een maximale breedte van 4 meter. Ter plaatse
6,00
rende bouwwerken, wordt gerealiseerd. Het bouwvlak ligt minimaal 5 meter van de
geschermd met een haag op eigen terrein. Achter de haag mag, aan de woningzijde,
voorerfgrens en minimaal 3 meter van de zijdelingse erfgrens. Hierdoor ontstaat een
een hekwerk met een maximale hoogte van 1 meter worden geplaatst. De haag heeft
groen straatbeeld en blijft transparantie behouden. De afstand tot de achtererfgrens
bij voorkeur een hoogte van 1,20–1,40 meter en een breedte van circa 0,75 meter.
(of tot de beschoeiing bij kavels aan het water) bedraagt minimaal 8 meter.
De erfafscheiding mag worden onderbroken door maximaal één inrit per kavel. Bij
Maximale bouwhoogte
iedere inrit wordt een entreekolom geplaatst met daarop het huisnummer.
De maximale toegestane bouwhoogte bedraagt 12 mete
Bij hoekkavels is langs een deel van de zij-erfgrens een hogere erfafscheiding
-4,50 m NAP
-4,50 m NAP
toegestaan. Deze bestaat uit een hoge groene haag, waarachter aan de woningzijde een hekwerk is geplaatst, of uit een groen hekwerk. De maximale hoogte van deze
[ 44 ]
uitgeefbaar openbaar
uitgeefbaar openbaar
Robuuste, groene hagen hebben de voorkeur.
1:1
wp -5.5 NAP
K&L
1:1,5
5.00
3.00
4.00
2.00
voortuin
groenstrook bloemrijk gras
rijbaan 2 richtingen gebakken klinker dikformaat
parkeer- en passeerstrook graskei
2.00
4,00
haag
2,00
Eiland-III. Daarom worden tuinen aan de grens tussen privé en openbaar gebied af-
0.50
5.00
11.00
3.00
2.00
groenstrook haag bloemrijk gras
voortuin
tuin
verlaagd tuindeel met vlonder
plasdras rietoever
2,00
Per kavel wordt een bouwvlak aangegeven waarbinnen de woning, inclusief bijbeho-
inrit / parkeren bezoekers
4,00
Erfafscheidingen zijn belangrijk voor het groene beeld dat wordt nagestreefd op
rijweg
3,00
Bouwvlak
uitgeefbaar openbaar
Tuin- en erfafscheidingen
5,00
2 parkeerplaatsen op eigen terrein achter de rooilijn
bloemrijk gras
Voorbeelduitwerking kavelpaspoort (zelf)bouwkavel en profiel verlaagde tuinzone aan het water. (Bijlage SO Openbare Ruimte p.50)
[ 45 ]
3.2.4
[ 46 ]
INSPIRATIEBEELDEN EILAND-III
[ 47 ]
Indicatief sfeerbeeld het woonmilieu Waterwonen vanaf de oostzijde.
3.3.1
WOONMILIEU WATERWONEN
Beschrijving op hoofdlijnen
Groen
Waterwonen is een kleinschalig, exclusief woonmilieu waarin wonen aan het water
De groeninrichting is eenvoudig en past bij het open, waterrijke karakter van het
centraal staat. De opzet is losjes, met individuele woningen op brede, ondiepe kavels.
woonmilieu. Beplanting is voornamelijk opgenomen in de straatprofielen. Vanuit
De sfeer is licht, open en eigentijds, met veel privacy en sterke waterbeleving.
de straten zijn er open doorzichten naar het water, met natuurvriendelijk ingerichte
Binnen het woonmilieu wordt onderscheid gemaakt tussen een buitenrand en een
oevers.
binnengebied. Aan de buitenrand liggen woningen direct aan het water, met ruime
Water
kavels, grote puien en vlonders uitkijkend over het water. In het binnengebied liggen
Water is hier onderdeel van de woonomgeving, de oriëntatie en het uitzicht tege-
woningen aan beschutte, smalle woonstraten. Daar zorgen verspringende rooilijnen,
lijk. De helft van de woningen grenst direct aan een oever of steiger. De oevers zijn
variatie in bouwhoogte en een losse korrel voor een ontspannen, niet-projectmatige
natuurvriendelijk ingericht, met ruimte voor flora, fauna en verblijf. Grote gevelope-
uitstraling.
ningen aan het water, vaak in combinatie met vlonders, maken het water tastbaar en
Het totaalbeeld is eigentijds, met lichte materialen, horizontale belijningen en een
beleefbaar.
sterke onderlinge samenhang per cluster. Variatie in architectuur is welkom, zolang de rust en samenhang van het totaal gewaarborgd blijven. Ligging binnen WG-IV Waterwonen ligt als eilandachtig woonmilieu in de Westergouweplas en maakt deel uit van de Polderkamer. Het bestaat uit twee compacte woonclusters van elk circa 35 woningen. De ontsluiting verloopt via een rechtstand evenwijdig aan de Tweede Moordrechtse Tocht. De ligging biedt rust en openheid, maar ook bereikbaarheid. De oeverzones rondom versterken het karakter van een beschut, waterrijk en exclusief woonmilieu. Openbaar gebied Overgangen openbaar-privé De kavels zijn breed en ondiep en hebben een directe oriëntatie op het water. Overgangen naar het openbaar gebied zijn informeel en groen vormgegeven: lage oevers, houten vlonders, natuurlijke beplanting. Aan de straatzijde zorgen lage hagen en verspringende rooilijnen voor privacy zonder afsluiting. Parkeren Parkeren vindt grotendeels op eigen terrein plaats. Voor bezoekers is beperkt parkeren beschikbaar in de smalle woonstraten, welke worden gedeeld met voetgangers en fietsers. De informele inrichting en lage verkeersintensiteit zorgen voor een rustige, ontspannen sfeer.
[ 48 ]
[ 49 ]
3.3.2
DASHBOARD WATERWONEN
Bouwveld 3B-1a
2.604 m2 60% van oppervlak bouwveld (dus ten minste 40% water). m2
Oppervlak bouwveld Bebouwbaar oppervlak inclusief vlonders, exclusief entreebruggen. Maximale footprint hoofdbouwvolume Programma
Vrijstaande woningen Tweekappers
Bijzonderheden
Programma
Bijzonderheden
Woningen liggen in de Westergouweplas en binnen invloedssfeer BAL-leiding, er is geen grondverbetering mogelijk/toegestaan. Uitgangspunt is dat de woningen in het droge worden gebouwd waarna het water in de Westergouweplas wordt opgezet. Buitenruimtes in de vorm van vlonders. Parkeren voor eigen gebruik op entreebrug uitgaande van twee parkeerplaatsen naast- of achter elkaar. Oever is openbaar en wordt beheerd door de gemeente. Uitgeefbaar water + water onder vlonders en entreebruggen is de verantwoordelijkheid van bewoners.
Rooilijn
Bouwveld 3B-1b
Minimaal 5 meter afstand tussen de beschoeiing (rand water) en bebouwing. Minimaal 3 meter afstand tussen de beschoeiing en vlonders/buitenruimtes. Minimaal 6 meter afstand tussen bouwvolumes + bijhorende vlonders onderling.
4.291 m2
Oppervlak bouwveld Bebouwbaar oppervlak Maximale footprint hoofdbouwvolume
Rooilijn
Erfafscheidingen
Bouwhoogtes
Parkeernorm Parkeerplaatsen beschikbaar in openbaar gebied.
m2
Vrijstaande woningen Tweekappers Parkeren voor eigen gebruik uitgaande van twee parkeerplaatsen naast- of achter elkaar. Minimaal 3 meter afstand bebouwing tot erfgrens voorzijde + zijkant. Minimaal 3 meter afstand tussen bebouwing (inclusief bijhorende bouwwerken) en zijdelingse erfgrens (bij hoekkavels). Minimaal 6 meter afstand tussen hoofdbouwvolumes onderling. Verspringende rooilijn in het straatbeeld.
Voortuinen: lage haag Achtertuinen grenzend aan openbare ruimte: hoge haag of groenscherm. Eén, twee of drie bouwlagen met plat dak of Eén of twee bouwlagen met lessenaarskap. Parkeernormen conform 'Masterplan Mobiliteit p/w Westergouwe versie X.X.' 7,60 p
Erfafscheidingen Bouwhoogtes Eén of twee bouwlagen + lessenaarskap. Parkeernormen conform 'Masterplan Mobiliteit p/w Westergouwe versie X.X.' 2,80 p
Parkeernorm Parkeerplaatsen beschikbaar in openbaar gebied.
3A
1B
3B-1a
1B-4 3B-1c
3B-1b
1B-3
1B-4
1B-5
1B-1
1B-1
3B-1c 3B-2a A=504.7 m²
A=549.0 m²
A=549.0 m²
A=549.0 m²
3B-3
2-5
²m 0 . 9 4 5=A
²m 0 . 9 4 5=A
²m 0 . 9 4 5=A
²m 0 . 9 4 5=A
2-1
²m 0 . 9 4 5=A
2
500m2
2-3
2-4 S
2-3 3B-4
7.082m² 7.082m² 4.964m² 2.200m²
2-1
S
2-3
800m2
1B-1 1B-1 1B-2 1B-3
A=549.0 m²
²m 0 . 9 4 5=A
A=553.5 m²
[ 50 ]
300m2
2-1
3B-2a
Indicatieve voorbeelduitwerking van de woonvelden van Eiland-III
A=549.0 m²
2-6
S
A=549.0 m²
3B-2a
3B-2b
1B-1
1B-2
2-1 2-1 2-2 2-3
2-3 6.906m² 6.906m² 4.983m² 7.155m²
2-2
2-3 2-3
3B-1a 2.604m² 3B-1a 2.604m² 3B-1b 4.205m² 3B-1c 3.053m²
2-2
[ 51 ]
Bouwveld 3B-1c
3.050 m2
Oppervlak bouwveld Bebouwbaar oppervlak Maximale footprint hoofdbouwvolume Programma
Bijzonderheden
Rooilijn
Erfafscheidingen
Bouwhoogtes
Parkeernorm Parkeerplaatsen beschikbaar in openbaar gebied.
m2
Bouwveld 3B-2a
Programma Vrijstaande woningen Tweekappers
Bijzonderheden Ondiepe kavels van 16,8 meter in zuidwestelijke en noordoostelijke rand en 21 meter in zuidoostelijke rand. Oeverzone van 3 meter is verlaagd uitgevoerd. Buitenruimte in de vorm van vlonder met maximale breedte van 8 meter en maximaal uitstekend tot de erfgrens aan het water.
Rooilijn
Minimaal 1,5 meter afstand bebouwing tot erfgrens voorzijde. Minimaal 4,5 meter afstand bebouwing tot waterrand. Minimaal 6 meter afstand tussen bouwvolumes + bijhorende vlonders onderling.
Erfafscheidingen
Voortuinen: lage haag Achtertuinen grenzend aan openbare ruimte: hoge haag of groenscherm.
Bouwhoogtes
Eén, twee of drie bouwlagen met plat dak of Eén of twee bouwlagen met lessenaarskap. Parkeernormen conform 'Masterplan Mobiliteit p/w Westergouwe versie X.X.' 4,05 p
5.196 m2
Oppervlak bouwveld Bebouwbaar oppervlak Maximale footprint hoofdbouwvolume
Parkeernorm Parkeerplaatsen beschikbaar in openbaar gebied.
m2
Vrijstaande woningen Tweekappers Ondiepe kavels van 16,8 meter in zuidwestelijke rand en 21 meter in zuidoostelijke rand. Oeverzone van 3 meter is verlaagd uitgevoerd. Buitenruimte in de vorm van vlonder met maximale breedte van 8 meter en maximaal uitstekend tot de erfgrens aan het water.
Minimaal 1,5 meter afstand bebouwing tot erfgrens voorzijde. Minimaal 4,5 meter afstand bebouwing tot waterrand. Minimaal 6 meter afstand tussen bouwvolumes + bijhorende vlonders onderling. Voortuinen: lage haag Achtertuinen grenzend aan openbare ruimte: hoge haag of groenscherm. Eén, twee of drie bouwlagen met plat dak of Eén of twee bouwlagen met lessenaarskap. Parkeernormen conform 'Masterplan Mobiliteit p/w Westergouwe versie X.X.' 6,85 p
Bouwveld 3B-2b
4.203 m2
Oppervlak bouwveld Bebouwbaar oppervlak Maximale footprint hoofdbouwvolume
m2
Programma
Vrijstaande woningen Tweekappers
Bijzonderheden Parkeren voor eigen gebruik uitgaande van twee parkeerplaatsen naast- of achter elkaar.
Rooilijn
Minimaal 3 meter afstand bebouwing tot erfgrens voorzijde + zijkant. Minimaal 3 meter afstand tussen bebouwing (inclusief bijhorende bouwwerken) en zijdelingse erfgrens (bij hoekkavels). Minimaal 6 meter afstand tussen hoofdbouwvolumes onderling. Verspringende rooilijn in het straatbeeld.
Erfafscheidingen
Voortuinen: lage haag Achtertuinen grenzend aan openbare ruimte: hoge haag of groenscherm.
Bouwhoogtes
Eén, twee of drie bouwlagen met plat dak of Eén of twee bouwlagen met lessenaarskap. Parkeernormen conform 'Masterplan Mobiliteit p/w Westergouwe versie X.X.' 7,60 p
Parkeernorm Parkeerplaatsen beschikbaar in openbaar gebied.
3A
1B
3B-1a
1B-4 3B-1c
3B-1b
1B-3
1B-4
1B-5
1B-1
1B-1
3B-1c 3B-2a A=504.7 m²
A=549.0 m²
A=549.0 m²
A=549.0 m²
3B-3
2-5
²m 0 . 9 4 5=A
²m 0 . 9 4 5=A
2-1
²m 0 . 9 4 5=A
²m 0 . 9 4 5=A
2-1
²m 0 . 9 4 5=A
2
S
500m2
2-3
2-4 S
2-3
800m2
2-3 3B-4
[ 52 ]
A=549.0 m²
²m 0 . 9 4 5=A
A=553.5 m²
7.082m² 7.082m² 4.964m² 2.200m² 5.443m² 8.454m²
300m2
2-1
3B-2a
1B-1 1B-1 1B-2 1B-3 1B-4 1B-5
A=549.0 m²
2-6
S
A=549.0 m²
3B-2a
3B-2b
1B-1
1B-2
2-1 2-1 2-2 2-3 2-4 2-5 2-6
2-3 6.906m² 6.906m² 4.983m² 7.155m² 1.045m² 4.395m² 4.347m²
2-2
2-3 2-3
2-2
3B-1a 2.604m² 3B-1a 2.604m² 3B-1b 4.205m² 3B-1c 3.053m² 3B-2a 5.204m² 3B-2b 4.205m² 3B-3 3.374m² 3B-4 3.591m²
[ 53 ] 0 schaal 1:1000
25
50
75
100m
N
Eis: kubistisch vormgegeven bouwvolumes met ingetogen straatgevels.
Voorbeeld van een ritmisch verfijnde geleding in combinatie met hout en stucwerk.
Een rustig, helder volume met sobere detaillering aan de straatzijde. De metselwerkbehandeling is ingetogen, passend bij het open landschap.
3.3.3
BEELDEISEN WATERWONEN
Achtergrond
Eisen
Waterwonen vormt een uitgesproken woonmilieu met een moderne uitstraling. De
•
Bouwhoogten variëren: zowel twee als drie lagen zijn toegestaan.
woningen zijn individueel en horizontaal van opzet, met een lichte en natuurlijke ma-
•
Kubistische vormgegeven bouwvolumes .
terialisering. De architectuur is ingetogen, zorgvuldig gedetailleerd en sterk gericht
•
Dakvormen: plat dak of eenzijdig hellend dak (lessenaarsdak),
op uitzicht, lichtinval en waterbeleving. De buitenruimte is functioneel en open, met
afhankelijk van oriëntatie.
vlonders, tuinen en transparante overgangen.
•
Materialen: hout, keramiek, lichte of bruinrode baksteen, wit
stukwerk toegestaan in combinatie met zachtere aardetinten.
Doelstelling
•
•
de geleding aan de straatzijde.
Een eigentijdse, horizontaal georiënteerde architectuur die past
Grote puien richting de waterzijde zijn gewenst; ritmische, verfijn-
bij het open waterlandschap.
•
Geen harde afscheidingen aan het water.
•
•
Iedere woning is individueel vormgegeven, maar binnen een clus-
Een los straatbeeld met variatie in rooilijn, dakvorm en bouwhoog-
te.
ter geldt visuele samenhang.
•
Samenhang in materialisatie en kleur binnen elk cluster.
•
Grote gevelopeningen richting het water, ingetogen straatgevels.
•
Geen massieve wandvorming of eentonige ritmiek.
•
Een ontspannen en ruimtelijk totaalbeeld dat aansluit bij het
landschap.
Eis: grote gevelopeningen aan de waterzijde en individuele vormgeving per woning.
Voorbeeld van een kubistisch vormgegeven huis met een individuele en verfijnde gevel-
Eis: kubistisch vormgegeven bouwvolumes en open sfeer binnen het cluster.
De woning opent zich richting het water met brede glaspartijen en horizontale accenten.
behandeling.
Voorbeeld van compacte, kubistische woningen op ondiepe kavels, met voldoende tus-
De asymmetrische vorm versterkt het individuele karakter.
[ 54 ]
senruimte om een open en transparante woonomgeving te waarborgen.
[ 55 ]
Kleurenpalet 3.3.3.1
Bouwmassa
schakelde woningen zijn uitgesloten.
De woningen zijn overwegend twee- of drielaags. De massa’s zijn breed en relatief ondiep, passend bij de kavels en het uitzicht op het water. Binnen een cluster wordt
3.3.3.5
Bouwvelden 3B-1a en 1B-4
variatie aangebracht in bouwhoogte, positie en dakvorm, zodat het straatbeeld
Deze bouwvelden liggen binnen de invloedsfeer van de BAL-zone en worden na het
levendig maar rustig oogt. De volumes volgen geen strakke rooilijn maar zijn los
opzetten van het water in de Westergouweplas volledig omsloten door water. De
geplaatst, met verspringingen en ritme.
woningen worden in het droge gebouwd en kunnen daardoor worden voorzien van een traditionele fundering. Na oplevering worden ze volledig door water omgeven.
3.3.3.2 •
Materialisatie en kleur Hout (vergrijzend of in warme tint), lichte baksteen, wit stucwerk in combi-
De buitenruimte, inclusief entreebrug en parkeerplek op eigen erf, wordt uitgevoerd als vlonder boven het water. Het parkeren wordt functioneel geïntegreerd in het
natie met natuurlijke materialen.
vlondervlak.
•
Van belang is dat er voldoende transparantie in de bebouwingsstrook behouden
Geen verzadigde kleuren; wit alleen in combinatie met hout of rustige
steensorteringen.
blijft. Daarom zijn in de dashboards per veld minimale tussenruimtes voorgeschreven
•
tussen naast elkaar gelegen woningen, inclusief hun buitenruimte en vlonders.
Gevels zijn horizontaal geleed; accenten worden horizontaal aangebracht
via banden, luifels of metselwerkdetails. •
Materialisering is per cluster op elkaar afgestemd, zodat rust en eenheid
ontstaan. 3.3.3.3
Wandvorming
Inspiratiebeeld voor typologie bebouwing bouwveld 3B-1a en 1B-4
Door de losse verkaveling ontstaat een ontspannen straatbeeld. Er zijn geen lange wandvormige reeksen; de woningen zijn vrijstaand of halfvrijstaand, met ruimte tussen de volumes. De gevelwand wordt onderbroken door verspringingen in rooilijn en afwisseling in massa. 3.3.3.4
Gevelbehandeling
Gevels zijn alzijdig, met extra aandacht voor de waterzijde. Daar domineren grote puien, vlonders en een sterke binnen-buitenrelatie. Aan de straatzijde is de uitstraling ingetogen en verfijnd. Overstekken, luifels en geleding in de plint ondersteunen de architectuur zonder overdaad. 3.3.3.4
Korrelgrootte
De korrelgrootte is kleinschalig. Woningen worden individueel of in paren gerealiseerd, zodat de straatprofielen ruim en ontspannen blijven. Lange reeksen aaneenge-
[ 56 ]
[ 57 ]
3.3.4
[ 58 ]
INSPIRATIEBEELDEN WATERWONEN
[ 59 ]
Indicatief sfeerbeeld het woonmilieu Wonen aan de Polderrand vanuit de GroenBlauwe zone.
3.4.1
WOONMILIEU WONEN AAN DE POLDERRAND
Beschrijving op hoofdlijnen
Groen
Wonen aan de Polderrand is een levendig woonmilieu op de overgang van stad en na-
De groenstructuur bestaat uit natuurvriendelijke oeverzones met rietkragen. In de
tuur. Het combineert stedelijke dichtheid met weidse uitzichten over de landschappe-
zuidoosthoek trekt een brede groenzone het landschap van de GroenBlauwe Zone
lijke GroenBlauwe Zone. Het straatbeeld is afwisselend, met een mix van rijwoningen
visueel het plangebied in. De glooiende oevers vormen een krachtig contrast met het
en twee appartementengebouwen. De sfeer is stedelijk en dynamisch, maar dankzij
formele karakter van de bebouwing. Deze groenzone is vormgegeven als antivorm ten
de ligging aan het open landschap is er ook ruimte voor lucht, uitzicht en buitenleven.
opzichte van de ecologische eilanden in de Polderkamer. Hier is een grote speelplek opgenomen, evenals een wandelbrug naar de GroenBlauwe Zone voor een directe
Ligging binnen WG-IV
landschappelijke verbinding.
Het woonmilieu ligt in de zuidwesthoek van de Westergouweplas, op het raakvlak van
Water
de Tweede Moordrechtse Tocht en de GroenBlauwe Zone. Hier vormt het een belang-
Water is op deze plek overal aanwezig. Het bouwblok ligt in de westelijke hoek van
rijke schakel tussen de wijk en het omliggende landschap. In het kader van WG-V
de Westergouweplas, parallel aan de Tweede Moordrechtse Tocht en grenzend aan de
wordt het woonmilieu doorgezet richting het toekomstige voorzieningencentrum.
GroenBlauwe Zone. Aan deze zijde is sprake van een watergang. Aan de zuidoostzijde
Uiteindelijk markeert het de stedelijke rand van de GroenBlauwe Zone op een plek
ligt een bredere waterpartij tussen dit woonmilieu en Eiland-III, die visueel doorloopt
waar recreatieve functies worden versterkt.
in het waterrijke landschap van de GroenBlauwe Zone.
De overgang tussen wijk en landschap krijgt hier vorm als een levendige zone met woningvoorkanten. Bewoners stappen de voordeur uit en staan direct in verbinding met het dynamische landschap. De appartementengebouwen in de rand bieden een panoramisch uitzicht op de GroenBlauwe Zone, met in de verte de skyline van Rotterdam. Openbaar gebied Overgangen openbaar-privé De bebouwing volgt een doorgaande rooilijn, wat bijdraagt aan een formeel en stedelijk straatbeeld. Aan de voorzijde worden de erfgrenzen begrensd door lage hagen. Achtertuinen die grenzen aan het omliggende landschap worden omzoomd met gemetselde tuinmuren, waardoor de losse volumes samen één herkenbaar ensemble vormen. Parkeren Parkeren vindt plaats in langsparkeerstroken rondom het bouwblok en in een centraal gelegen parkeerhof met openbare parkeerplaatsen onder een bladerdek. Deze collectieve, openbare oplossing sluit aan bij de gewenste stedelijke dichtheid en het compacte straatprofiel.
[ 60 ]
[ 61 ]
3.3.2
DASHBOARD WATERWONEN
Bouwveld 3B-3
Bouwveld 3B-4
3.358 m2 m2 m2
Oppervlak bouwveld Bebouwbaar oppervlak Maximale footprint hoofdbouwvolume Programma
Programma
Grondgebonden rijwoningen Meergezinswoningen (in oostelijke hoek)
Bijzonderheden
Mogelijkheid bovenstaande programma deels om te zetten in Meergezinswoningen sociaal, uitgaande van gelijke parkeerbehoefte e e.
Bouwhoogtes
Drie of vier bouwlagen met plat dak. Drie tot zes bouwlagen met plat dak. Parkeernormen conform 'Masterplan Mobiliteit p/w Westergouwe versie X.X.' 68,00 p
Parkeernorm Parkeerplaatsen beschikbaar in openbaar gebied.
NO-rand ZO-rand ZW-rand
Parkeernorm Parkeerplaatsen beschikbaar in openbaar gebied.
3A 1B-4 3B-1c
3B-1b
1B-3
1B-4
1B-5
1B-1
1B-1
3B-1c 3B-2a
S
300m2
A=549.0 m²
A=549.0 m²
A=549.0 m²
2-6
2-1
A=504.7 m²
A=549.0 m²
A=549.0 m²
A=549.0 m²
2-1
3B-2a ²m 0 . 9 4 5=A
2-5
²m 0 . 9 4 5=A
²m 0 . 9 4 5=A
A=553.5 m²
3B-3
²m 0 . 9 4 5=A
²m 0 . 9 4 5=A
2-1
²m 0 . 9 4 5=A
2
S
500m2
2-3
2-4 S
2-3
800m2
2-3 3B-4
[ 62 ]
1B-1
1B-2 3B-2a
3B-2b
Drie (of vier) bouwlagen met plat dak. Vier bouwlagen met plat dak en op de Zuidelijke hoek maximaal acht bouwlagen. Maximaal acht bouwlagen. Parkeernormen conform 'Masterplan Mobiliteit p/w Westergouwe versie X.X.' 89,00 p
1B
3B-1a
Indicatieve voorbeelduitwerking van de woonvelden van Eiland-III
Voortuinen: lage haag Achtertuinen grenzend aan openbare ruimte, inclusief grenzend aan parkeerhof: hoge haag of groenscherm. Achtertuinen grenzend aan straatzijde + achtertuin tegenover appartementengebouw in bouwveld 3B-3: gemetselde tuinmuur met groenscherm.
Voortuinen: lage haag Achtertuinen grenzend aan openbare ruimte, inclusief grenzend aan parkeerhof: hoge haag of groenscherm. Achtertuinen grenzend aan straatzijde: gemetselde tuinmuur met groenscherm. Appartementengebouw: lage haag rondom. NW-rand NO-rand
7.082m² 7.082m² 4.964m² 2.200m² 5.443m² 8.454m²
Vaste rooilijn op 1,5m van erfgrens overal aan de straatzijde.
Erfafscheidingen
Bouwhoogtes
1B-1 1B-1 1B-2 1B-3 1B-4 1B-5
Parkeerhof is onderdeel openbaar gebied. Geen parkeerplaatsen op eigen erf toegestaan. Appartementengebouw in zuidelijke hoek wordt uitgevoerd setback van minimaal 2 meter t.o.v. de straatgevels (ZW + ZO) vanaf de 4e of 5e verdieping.
Rooilijn
Vaste rooilijn op 1,5m van erfgrens overal aan de straatzijde.
Erfafscheidingen
Grondgebonden rijwoningen Meergezinswoningen (in westelijke hoek)
Bijzonderheden
Parkeerhof is onderdeel openbaar gebied. Geen parkeerplaatsen op eigen erf toegestaan.
Rooilijn
3.376 m2 m2 m2
Oppervlak bouwveld Bebouwbaar oppervlak Maximale footprint hoofdbouwvolume
2-1 2-1 2-2 2-3 2-4 2-5 2-6
2-3 6.906m² 6.906m² 4.983m² 7.155m² 1.045m² 4.395m² 4.347m²
2-2
2-3 2-3
2-2
3B-1a 2.604m² 3B-1a 2.604m² 3B-1b 4.205m² 3B-1c 3.053m² 3B-2a 5.204m² 3B-2b 4.205m² 3B-3 3.374m² 3B-4 3.591m²
[ 63 ] 0 schaal 1:1000
25
50
75
100m
N
Eis: peromranding blok geldtwordt een samenhangend kleur- en materiaalgebruik. In de een Insamenhangend dit bouwblok zorgen een uniforme steenkleur en subtiele variatie in metselverbanden totaalbeeld nagestreefd,
3.4.3
voor rust en een gevelbeeld. bijvoorbeeld te eenduidig bereiken door eenheid in materiaal, detaillering en gevelbehandeling.
BEELDEISEN WONEN IN DE POLDERRAND
Achtergrond
Eisen
Wonen aan de Polderrand is een woonmilieu met een stedelijke, moderne uitstraling
•
dat in het kader van WG-V verder zal worden uitgebreid richting het voorzienin-
acht lagen (appartementen); vanaf vijf lagen geldt aan de buitenrand een
gencentrum van Westergouwe. Het wooncluster dat in het kader van WG-IV wordt
duidelijke setback.
gerealiseerd vormt een helder volume aan de rand van de GroenBlauwe zone en biedt
•
Alle volumes zijn plat afgedekt.
rondom uitzicht op het omliggende landschap. Het programma is gevarieerd, met
•
Per blok geldt een samenhangend kleur- en materiaalgebruik;
betaalbare rijwoningen en sociale appartementen, maar ook luxe vierlaagse stadswo-
variatie zit tussen de blokken onderling.
ningen en grote, panoramische appartementen met zicht over de GroenBlauwe zone.
•
Bouwhoogte varieert van drie à vier lagen (rijwoningen) tot vier à
Materialisatie bestaat uit aardetinten (beige tot roodbruin metsel-
werk), afgewisseld met bijzondere metselwerkpatronen en vlakvullingen in
Doelstelling
plaatmateriaal; wit is uitgesloten als gevelkleur.
•
•
Een robuust en herkenbaar bouwcluster met een ingetogen, stede-
Verticale gevelopeningen, al dan niet gevat in grotere metsel-
lijke uitstraling.
werkvlakken, zorgen samen voor een horizontaal gelede gevelcompositie.
•
•
Samenhang tussen bouwvolumes via overeenkomsten in massaop-
Appartementengebouwen zijn alzijdig ontworpen en krijgen aan
bouw en gevelopbouw, met kleurvariatie per blok.
de landschapszijde een krachtige beëindiging met grote gevelopeningen
•
en brede, transparante balkons.
Heldere rooilijnen, gecombineerd met variatie in bouwhoogte en
Eis: brede, transparante balkons aan de landschappelijke zijde.
korrelgrootte.
De horizontaal gelede gevel wordt beëindigd met royale balkons die uitzicht bieden en het
•
blok een lichte uitstraling geven.
de woningen binnen één architectonische familie.
Een vanzelfsprekende schakeling van grondgebonden en gestapel-
Twee bouwvolumes die in kleur en gevelbehandeling zorg-
Goed voorbeeld voor transparante buitenruimten en open gevelcompositie aan de land-
Bijzonder metselwerk in de gevelvlakken
Eis: samenhang in massaopbouw en gevel-
vuldig op elkaar zijn afgestemd. Een sterk voorbeeld van
schappelijke zijde.
en een gemetselde tuinmuur zorgen samen
behandeling, met variatie per blok.
hoe horizontale geleding kan bijdragen aan samenhang
voor een hoogwaardige, robuuste uitstraling
Voorbeeld van contrast in volumopbouw en
binnen een divers woonblok.
van de randbebouwing.
afwijkende gevelbehandeling per blok, binnen een strak rooilijnverloop dat het geheel samenbindt.
[ 64 ]
[ 65 ]
Kleurenpalet 3.4.3.1
Bouwmassa
maar een verbijzondering in het metselwerk. Per blok is de interpretatie hiervan
Elke rij vormt een enkelvoudig bouwvolume. Samen vormen ze een rechthoekig
anders. Bij appartementengebouwen kan de plint worden vormgegeven als een
ensemble. Het appartementengebouw met uitzicht over de Polderkamer telt vier of
basement.
vijf bouwlagen. Ook hier wordt uitgegaan van een enkelvoudig bouwvolume. Het
Een doorlopend thema is de stedelijke laag met gevelopeningen van vloer tot plafond
appartementengebouw op de westelijke hoek markeert de kruising van de Tweede
en een horizontale geleding van de gevels. Soms subtiel, soms meer uitgesproken,
Moordrechtse Tocht en de rechtstand aan de GroenBlauwe zone. Dit gebouw is daar-
maar altijd als samenbindend motief.
om forser van opzet. Het basement maakt deel uit van het rechthoekige ensemble,
De gevels aan de GroenBlauwe zone krijgen bijzondere aandacht. Deze gevels zijn
waardoor een stedelijke laag ontstaat die rondom doorloopt en varieert in hoogte van
opener vormgegeven om de ligging aan het landschap te benadrukken. De stads-
drie tot vijf lagen. Het appartementengebouw op de westelijke hoek heeft als enige
woningen hebben hier vier bouwlagen. Op de begane grond en de eerste verdieping
een opbouw. Deze moet zich duidelijk onderscheiden van de stedelijke laag, met een
komen grote gevelopeningen. Bij voorkeur is het wonen georganiseerd over twee
betekenisvolle setback.
lagen, zodat vanuit de woonkamer op de eerste verdieping optimaal uitzicht is over de GroenBlauwe zone.
3.4.3.2
Materialisatie en kleur
Gevels bestaan overwegend uit metselwerk met een genuanceerd kleurpalet. Binnen
3.4.3.4
Buitenruimten bij appartementengebouwen
het blok is variatie tussen bouwvolumes gewenst, mits onderlinge afstemming
Uitkragende balkons zijn toegestaan, met een maximale diepte van 2 meter. Aan de
voorkomt dat het geheel uit elkaar valt. Herhaling van kleurstellingen per zijde draagt
zijde van de GroenBlauwe zone zijn balkons breed en transparant uitgevoerd.
bij aan een samenhangend palet rondom het ensemble. 3.4.3.5 3.4.3.3
Entree appartementengebouwen
Wandwerking en korrelgrootte
De entree van het appartementengebouw aan de GroenBlauwe zone wordt opgeno-
De korrelgrootte wordt bepaald door de lengte van de bouwvolumes. Het geheel
men in de zuidwestelijke gevel. Bij het appartementengebouw aan de Polderkamer
heeft een zelfbewust stedelijk karakter. Repetitie binnen een bouwvolume is
ligt de entree aan de noordoostzijde.
gewenst, terwijl tussen de volumes juist variatie wordt nagestreefd. Zo ontstaat een gevarieerd en levendig geheel. De bouwvolumes moeten in de beleving een blok vormen. Dit mag op een ontspannen manier. Zo kunnen achtertuinen van kopwoningen aan de rand liggen, mits deze altijd zijn voorzien van een gemetselde erfafscheiding. Dit geldt ook voor de achtertuin van de kopwoning aan de binnenhof, waar het appartementengebouw aan de Polderkamer op uitkijkt. 3.4.3.4
Gevelopbouw
Hoewel een moderne uitstraling wordt nagestreefd, is er sprake van een klassieke opbouw met een plint, een middendeel en een markante dakrand. Geen dakoverstek,
[ 66 ]
[ 67 ]
3.4.4 INSPIRATIEBEELDEN WONEN AAN DE POLDERRAND
[ 68 ]
[ 69 ]
624.114.00 8 SEPTEMBER 2025
[ 70 ]