Bijlage 1 concept Stedenbouwkundig plan WG-IV deel I
Tekst van het document
DEEL-I Stedenbouwkundig plan WG-IV
4 . 0 E I S R E 5 V 2 T 0 P 2 E r C e N b CO tem p se [1]
INHOUD
1 2
UITWERKING AMBITIES WESTERGOUWE 2.0
4 6
5
HOOFDOPZET EILANDRIJK
41
5.1
Structurerende elementen
41
5.2
Groenstructuur
43
5.3
Waterstructuur
44
3
WG-IV ALS ONDERDEEL VAN WESTERGOUWE
11
5.4
Oevers
45
3.1
WG-IV EN DE POLDERKAMER MET STEVIGE RAND
13
5.5
Hoofdontsluitingsstructuur
48
3.2
WG-IV EN DE WATERHUISHOUDKUNDIGE OPZET
15
5.6
Secundaire infrastructuur
49
3.3
WG-IV EN DE HOOFDONTSLUITINGSSTRUCTUUR
17
5.7
Langzaam verkeer en informele routes
52
3.4
WG-IV EN ZUIDWESTELIJKE STADSENTREE
19
5.8
Parkeren
53
3.5
WG-IV EN DE ARCHEOLOGISCHE VINDPLAATS
21
5.9
Oriëntatie en accenten
54
3.6
WG-IV EN HET WOONMILIEU WATERWONEN
23
5.10
Programma/Typologiën
55
3.7
WG-IV EN HET VOORZIENINGENCENTRUM
25
5.11
Bouwhoogte
56
3.8
WG-IV EN DE LANGZAAMVERKEERSVERBINDINGEN
27
5.12
Erfafscheiding
57
5.13
Speel-en verblijfsplekken
58
4
[2]
INLEIDING
HOOFDOPZET STADSWONEN III
29
4.1
Structurerende elementen
29
4.2
Groenstructuur
30
4.3
Waterstructuur
31
4.4
Kunstwerken en oevers
32
4.5
Hoofdontsluitingsstructuur
33
4.6
Secundaire infrastructuur
34
4.7
Langzaam verkeer en informele routes
35
4.8
Parkeren
36
4.9
Oriëntatie en accenten
37
4.10
Programma/Typologiën
38
4.11
Bouwhoogte
39
4.12
Erfafscheiding
40
4.13
Speel-en verblijfsplekken
41
6
WOONMILIEUS
61
7
PARKEREN
62
BIJLAGE SO OPENBARE RUIMTE
[3]
1
INLEIDING
Westergouwe groeit gestaag uit tot de nieuwe zuidwestelijke entree van
Vastgoedontwikkeling
met het stedenbouwkundig plan een gedetailleerd Voorlopig Ontwerp (VO) voor de
Met deze inhoudelijke en procesmatige doorontwikkeling worden de juiste
Gouda. Die ambitie klonk al door in het stedenbouwkundig plan voor fase III, en
Net als in eerdere fases bestaat WG-IV uit meerdere bouwvelden die door de
openbare ruimte werd vastgesteld, wordt in WG-IV volstaan met een Schetsontwerp
randvoorwaarden gecreëerd voor een gevarieerde, kwalitatieve en toekomstgerichte
inmiddels is de transformatie in de wijk duidelijk zichtbaar. Waar in Westergouwe
VOF Westergouwe, de Goudse corporaties en vastgoedontwikkelaars namens
(SO). Dit SO bevat duidelijke profielschetsen op hoofdlijnen en een robuust
wijk. Tegelijkertijd blijven de ruimtelijke samenhang en ontwerpkwaliteit stevig
I en II nog vooral traditionele, grondgebonden woningen domineerden, is vanaf
de gemeente zullen worden ontwikkeld. In fases I en II waren de bouwvelden
beeldkwaliteitskader, zonder alle details vooraf vast te leggen. Het SO typologiseert
geborgd.
fase III ingezet op woonmilieus met een stedelijker karakter. Het woningaanbod
relatief klein, wat veel afstemming vergde en leidde tot stedenbouwkundige- en
de openbare ruimte en legt het ruimtebeslag vast.
is sindsdien aanzienlijk verbreed. Grondgebonden woningen blijven onderdeel
beeldkwaliteitsplannen met een sterk voorschrijvend karakter. Dat resulteerde
Het VO Openbare Ruimte wordt na vaststelling van het stedenbouwkundig plan
van het programma, maar worden aangevuld met een duidelijke toename van
in zorgvuldig ontworpen, consistente buurtjes maar beperkte ook de variatie en
gezamenlijk met BOR en RBA uitgewerkt. Deze volgorde creëert ruimte voor
appartementen. Zo ontstaat een wijk voor iedere woonwens en portemonnee —
flexibiliteit van het woningaanbod.
maatwerk en laat de openbare ruimte flexibel meebewegen met actuele inzichten en
zichtbaar in het veranderende straatbeeld, de vergrote schaal van de openbare
wensen.
ruimte en de bouw van appartementengebouwen, met name in Stadswonen II en
Vanaf fase III is gekozen voor grotere bouwvelden. Die schaalvergroting bood
Parkwonen. Het scholencluster onderstreept deze ontwikkeling en bevestigt dat
ontwikkelaars en architecten meer ruimte om een eigen signatuur te ontwikkelen,
Westergouwe zich ontwikkelt tot een volwaardige stadswijk van Gouda.
en zorgde tegelijkertijd voor een gevarieerder koop- en huuraanbod. Het stedenbouwkundig plan voor WG-III en WG-III.B legde alleen de essentiële elementen
Waar staan we nu?
vast en liet meer ruimte voor ontwerpvrijheid. WG-IV zet deze lijn voort: Maximale
Fase I en II zijn voltooid en volledig bewoond. Een groot deel van Fase III is opgeleverd
creatieve ruimte, met heldere kaders waar dat nodig is. Het beeldkwaliteitsplan in
of in uitvoering. In fase WG-III.B wordt gewerkt aan diverse bouwplannen. Samen
deel II vormt samen met het stedenbouwkundig plan één integraal geheel, met
beslaan deze fases circa 2.440 woningen. Met de toevoeging van WG-IV stijgt het
dezelfde tweedeling als in WG-III.
aantal naar circa 3.400 woningen — grofweg tweederde van het totaal aantal geplande woningen in Westergouwe.
Procesmatige vernieuwingen in fase IV De werkwijze in WG-IV kent enkele bewust gekozen vernieuwingen die het
Positie van WG-IV binnen het geheel
ontwikkelproces transparanter en directer maken. Ontwikkelaars en architecten
WG-IV bestaat uit twee plandelen met elk een eigen ruimtelijke opgave. In het
gaan voortaan zélf in gesprek met de Adviescommissie Omgevingskwaliteit (AOK)
westen wordt met Stadswonen III de stedelijke omranding langs de Provincialeweg
waarmee de ontwerpverantwoordelijkheid nadrukkelijker bij de makers ligt.
voltooid, direct aansluitend op de tweede wijkontsluiting. In het oosten krijgt de Westergouweplas zijn definitieve invulling met Eiland-III, Waterwonen en het
Daarnaast zijn de gemeentelijke afdelingen Beheer Openbare Ruimte (BOR) en
eerste deel van Wonen aan de Polderrand. Met dit laatste deel worden voor het
Ruimtelijk Beleid & Advies (RBA) vanaf de start nauw betrokken. Via een expliciete
eerst woningen gerealiseerd ten zuiden van de BAL-leiding — civieltechnisch
ontwerpopdracht hebben zij hun uitgangspunten op het gebied van beheer en beleid
noemenswaardig vanwege de verstevigingsmaatregelen die hier de afgelopen jaren
vroegtijdig ingebracht. Het planproces is opgeknipt in werkblokken waarin periodiek
zijn uitgevoerd. Dankzij deze ingrepen kunnen bruggen over de BAL-leiding worden
is gespard met BOR en RBA, en specifieke thema’s in aparte ateliers zijn uitgediept en
aangelegd en wordt de Westergouweplas afgerond. Bovendien grenst de wijk met
onderdeel zijn geworden van het stedenbouwkundig plan.
dit plandeel voor het eerst direct aan de GroenBlauwe zone, waarmee de verbinding tussen wijk en recreatief natuurgebied daadwerkelijk gestalte krijgt.
[4]
Ligging WG-IV in huidige situatie anno 2025
Ook de aanpak van de openbare ruimte verandert. Waar in eerdere fases samen
[5]
2 2.1
DE VIJF OVERKOEPELENDE OPGAVEN UIT
HET MASTERPLAN WESTERGOUWE 2.0
UITWERKING AMBITIES WESTERGOUWE 2.0
auto is welkom, maar vervult een meer ondergeschikte rol. Parkeren wordt zorgvuldig ingepast, passend bij de schaal van elk woonmilieu.
In 2022 is het Masterplan Westergouwe 2.0 vastgesteld als leidraad voor de verdere ontwikkeling van de wijk. Voor de periode 2024–2034 is een koers uitgezet waarin
e. Recreatie en identiteit
Westergouwe uitgroeit tot een volwaardige, veerkrachtige stadswijk van Gouda.
Westergouwe is gelegen aan een waardevol recreatielandschap, de GroenBlauwe
De wijk moet toekomstbestendig zijn en tegelijkertijd prettig, gezond en sociaal
zone. De recreatieve waarden in deze zone worden versterkt en gekoppeld aan de
functioneren voor alle bewoners.
wijkvoorzieningen. Die synergie draagt in sterke mate bij aan de leefkwaliteit in Westergouwe.
Het masterplan benoemt vijf overkoepelende opgaven, die als toetsingskader dienen voor alle toekomstige fasen:
Toepassing op WG-IV In de rest van dit hoofdstuk wordt beschreven hoe de vijf overkoepelende opgaven
a. Samenleving
uit het masterplan concreet vorm krijgen binnen WG-IV. Per opgave wordt ingegaan
Een inclusieve wijk waarin mensen met verschillende achtergronden, leeftijden
op de ruimtelijke, programmatische en ontwerptechnische keuzes die zijn gemaakt,
en gezinssamenstellingen zich kunnen thuisvoelen. De inrichting van de openbare
en hoe deze bijdragen aan een sterke, toekomstgerichte wijk. De opgaven vormen zo
ruimte, het woningaanbod én de aanwezigheid van voorzieningen zijn daarbij
niet alleen het inhoudelijke fundament van dit plandeel, maar geven ook richting aan
cruciaal.
de verdere uitwerking in stedenbouw, architectuur en openbare ruimte.
b. Bouwprogramma
De overkoepelende opgaven raken elk aan meerdere van de duurzaamheidsthema’s
Een gevarieerd woningaanbod in typologie en prijssegment, met ruimte voor sociale
zoals deze binnen de systematiek van het NL Gebiedslabel worden onderscheiden.
huur, middenhuur, betaalbare koop en vrije sector. De wijk moet plek bieden aan een
In het masterplan is bepaald dat het behalen van het hoogste label (A) op het NL
brede doelgroep.
Gebiedslabel (conform de systematiek van NL Greenlabel) wordt nagestreefd.
c. Openbaar gebied De buitenruimte is klimaatbestendig en natuurinclusief ingericht. Water, groen en verblijfskwaliteit zijn op een slimme manier verweven. Een bijzonder onderdeel hiervan is het zichtbaar en beleefbaar maken van het prehistorisch landschap. Archeologische vindplaatsen worden geïntegreerd in het publieke domein — als plekken waar gespeeld, bewogen of gerust kan worden, bovenop de geschiedenis van het gebied. d. Mobiliteit De wijk zet in op duurzame mobiliteit, met prioriteit voor fietsers en voetgangers. De
[6]
[7]
2.2 DE INZET IN WG-IV PER OPGAVE
– In Stadswonen III fungeert het autovrije binnengebied als een ‘groene spons’ met
delen van Eiland-III — én in traditionele straatprofielen, waar overzicht en rust in het
a. Samenleving
Waterwonen – kleinschalige clusters van vrijstaande woningen en tweekappers aan
informele paden, wadi’s en verblijfsplekken.
autoverkeer centraal staan.
WG-IV draagt bij aan een inclusieve wijk door herkenbare, gelaagde woonmilieus met
het water, met veel ruimte per woning;
– In Eiland-III en Waterwonen versterken informele groenzones en natuurlijke oevers
– De langzaamverkeersstructuur verbindt alle woonmilieus met het scholencluster,
het landschappelijk karakter van het woonmilieu.
het voorzieningencentrum, de GroenBlauwe zone en de fietsroute naar het centrum
Wonen aan de Polderrand – een gemengd woonmilieu met appartementen en
– De inrichting voldoet aan het gedachtegoed van het Nieuwe Normaal en geeft
van Gouda. In de openbare ruimte is veel aandacht voor de kwaliteit en veiligheid van
rijwoningen op de overgang naar het landschap.
vergaand invulling aan de in het Masterplan 2.0 gestelde vertrekpunten om te
voet- en fietspaden.
een goede spreiding van voorzieningen te bieden. – De verkaveling van de woonmilieus is helder van opzet, met vanzelfsprekend uitgesneden openbare ruimtes die uitnodigen tot ontmoeting en zorgen voor
werken vanuit de ambities van het Convenant Klimaatadaptief Bouwen Zuid Holland
betrokkenheid.
De proefverkaveling van WG-IV maakt een woningbouwprogramma mogelijk dat
en het behalen van het hoogst haalbare label conform het NL Gebiedslabel van NL
e. Recreatie en identiteit
– Er is ruimte voor ruim 25% sociale huur, ruim 30% betaalbaar en vrije
bestaat uit ruim 25% sociale huur, minimaal 30% betaalbare woningen (middenhuur
Greenlabel na te streven. Met deze werkwijze – ondersteund door het gemeentelijke
WG-IV benut de ligging aan de GroenBlauwe zone voor recreatie, natuurbeleving en
sectorwoningen.
en betaalbare koop), en circa 45% vrije sectorwoningen in uiteenlopende
Water en Rioleringsplan 2024 -2028 - is de duurzaamheid van de buitenruimte in
verblijfskwaliteit:
– De wijkvoorzieningen liggen op loop- en fietsafstand van de woonmilieus
typologieën. Daarnaast bevat het plan een cluster met 8 woonwagens. Deze verdeling
ontwerp, aanleg, gebruik en beheer continu onder de aandacht. Verder brengt dit
– Tussen Eiland-III en Wonen aan de Polderrand komt een landschappelijke
en zijn goed bereikbaar via veilige langzaamverkeersroutes en overzichtelijke
sluit aan op het gemeentelijk woonbeleid en de ambitie uit het masterplan om een
met zich mee dat de Sustainable Development Goals 11 (“Duurzame steden en
overgangszone met wandelpaden, zichtlijnen en een informele speelplek.
oversteekvoorzieningen.
brede doelgroep te bedienen.
gemeenschappen”) en 14 (“ (“Leven in het water”) en 15 (“Leven op het land”) als
– Bebouwing en openbare ruimte sluiten visueel en functioneel aan op het
uitgangspunt zijn gehanteerd.
landschap, met open structuren en groene overgangen.
– In Westergouwe wordt ingezet op een lusvormige haltering voor het openbaar busvervoer. Aan de doorgetrokken Burgemeester van Dijkesingel en de Tweede
Bij het opstellen van de proefverkaveling is bewust ingezet op een verspreide
– Er is veel aandacht voor biodiversiteit: inheemse beplanting, nestvoorzieningen,
– De GroenBlauwe zone wordt actief geprogrammeerd als plek om te wandelen,
Moordrechtse Tocht worden bushaltes gerealiseerd, waarmee beide plandelen goed
inpassing van zowel het sociale als het betaalbare programma. Dit draagt bij aan
groene erfafscheidingen en een terughoudende toepassing van verharding.
ontspannen, te spelen en te recreëren, en de natuur te ervaren — voor wijkbewoners
bereikbaar zijn met het openbaar vervoer.
sterke, gemengde buurten en versterkt de sociale veerkracht van de wijk. Ongeveer
– In Stadswonen III wordt een archeologische vindplaats als groene verblijfsplek
én omwonenden. Ter hoogte van Eiland-III en Wonen aan de Polderrand wordt
– In elk woonmilieu is ruimte voor buurtgerichte functies als spelen, ontmoeten
de helft van het betaalbare programma is ondergebracht in Stadswonen III; de andere
geïntegreerd in het hart van het woonmilieu. Hier krijgt het verleden letterlijk een
een speelvoorziening voor oudere kinderen (+12 jaar) gerealiseerd. Deze
en bewegen, altijd op korte loopafstand van de woning. Bij speelplekken wordt
helft in de stevige omranding van Eiland-III en Wonen aan de Polderrand.
plek in het dagelijks gebruik.
recreatieve activering draagt bij aan de leefkwaliteit én aan het unieke karakter van
gestreefd naar minimaal één toegankelijk speeltoestel per locatie.
Westergouwe als wijk in het landschap.
– De menselijke maat staat centraal in zowel de verkaveling als de architectonische
In de proefverkaveling is het sociale programma evenwichtig verdeeld en
schaal en inrichting van de openbare ruimte.
maakt de volgende aantallen mogelijk: In Stadswonen III circa 110 MGW
d. Mobiliteit
(meergezinswoningen) en circa 20 EGW (eengezinswoningen) in de sociale sector; In
De mobiliteitsinrichting van WG-IV past binnen het gelaagde netwerk van
de omranding van Eiland-III en Wonen aan de Polderrand circa 110 MGW sociaal.
Westergouwe:
b. Bouwprogramma WG-IV omvat circa 940 woningen, verdeeld over vier onderscheidende woonmilieus
c. Openbaar gebied
Stadswonen III, waar geclusterd wordt geparkeerd op enige afstand van de woning.
WG-IV is ontworpen met klimaatadaptatie, natuurinclusiviteit en een hoge
– Er wordt gewerkt met ambitieuze maar realistisch afgestelde parkeernormen, met
Stadswonen III – stedelijk van karakter, met compacte appartementen en
ruimtelijke kwaliteit in het achterhoofd:
ruimte voor het toepassen van deelmobiliteit. Meer hierover is aangegeven in het
rijwoningen rond een autovrij binnengebied;
– Regenwater wordt zichtbaar geborgen en pas in een later stadium afgevoerd.
masterplan mobiliteit Westergouwe. Ingegaan wordt op normeringen en de wijze
– Er wodt ingezet op een openbare ruimte met een minimale boomkroonbedekking
waarop deze tot stand zijn gekomen.
Eiland-III – informeel en dorps, met rijwoningen, tweekappers en vrijstaande
van 10%. Bij de verdere uitwerking wordt expliciet aandacht besteed aan de
– De openbare ruimte wordt ingericht met het comfort van langzaam verkeer als
woningen op een eilandstructuur;
groeiplaatsen, zodat de bomen daadwerkelijk in volle wasdom kunnen komen.
uitgangspunt. Dit komt tot uiting in autovrije zones — zoals in Stadswonen III en
met elk een eigen dichtheid, sfeer en woningtypologie:
[8]
– De auto is welkom, maar speelt niet de hoofdrol. Dit komt tot uiting in onder meer
[9]
3
WG-IV ALS ONDERDEEL VAN WESTERGOUWE
Westergouwe kent een heldere ruimtelijke hoofdopzet, met een landschappelijke polderkamer als open middelpunt, omsloten door een stevige stedelijke rand. Deze omranding verschilt per windrichting van karakter: in het oosten markeren de koppen van de eilanden het einde van de wijk, in het noorden en westen zijn het stadse woonmilieus langs de Provincialeweg, en in het zuiden wordt de rand transparanter en compacter ingevuld, met een mix van woonclusters. Binnen deze opzet vormt WG-IV een essentiële vervolgstap. In het westen wordt de robuuste rand voltooid met Stadswonen III, een woonmilieu met een stedelijk karakter dat aansluit op de bestaande woonmilieus en inspeelt op de nabijheid van infrastructuur. In het oosten wordt het gebied rond de Westergouweplas afgerond met drie nieuwe woonmilieus: Eiland-III, Waterwonen en Wonen aan de Polderrand. In de rest van dit hoofdstuk worden de verschillende ruimtelijke en functionele aspecten van WG-IV verder uitgediept. Daarbij wordt achtereenvolgens ingegaan op de positionering van WG-IV binnen de hoofdstructuur van Westergouwe, de waterhuishoudkundige opzet, de ontsluiting en bereikbaarheid van het gebied, en de rol van WG-IV in de nieuwe zuidwestelijke stadsentree van Gouda. Tot slot wordt stilgestaan bij de relatie met het voorzieningencentrum en de langzaamverkeersstructuur binnen de wijk.
[ 10 ]
[ 11 ]
3.1
WG-IV EN DE POLDERKAMER MET STEVIGE RAND
De hoofdopzet van Westergouwe wordt in hoofdstuk 4 van het nieuwe Masterplan
Binnen WG-IV wordt ook gewerkt aan de invulling van de Polderkamer. Op het
Westergouwe 2.0 uitgewerkt aan de hand van een aantal dragende principes. WG-IV
eiland binnen de buurtontsluitingsweg ontstaat een nieuwe woonbuurt met
sluit daarbij aan op het centrale principe van de wijk: een luw binnengebied — de
een lage dichtheid en een bijbehorende losse bebouwingskorrel. Hier krijgt het
Polderkamer — dat via groene assen in verbinding staat met diverse woonmilieus,
landschappelijke karakter van de Polderkamer bij uitstek vorm.
omsloten door een herkenbare stedelijke omkadering die per deelgebied verschilt in karakter.
Waterwonen ligt volledig in de Polderkamer en bestaat uit twee clusters met een
Westergouwe is opgebouwd uit deze stevige stedelijke omranding rondom het open
hoogwaardige programmatische invulling en eveneens een lage woningdichtheid.
en groene binnengebied. Binnen die hoofdstructuur vormt WG-IV een belangrijke schakel. Stadswonen III vormt het sluitstuk van de stevige noordrand langs de Provincialeweg. Het is het laatste woonmilieu in een reeks die zich uitstrekt tussen de twee wijkontsluitingen. Stadswonen III grenst direct aan de N457, het deel van de Provincialeweg dat in de toekomst wordt verbreed tot vier rijstroken. Parallel daaraan liggen, op enige afstand, het spoor en de A20. Ook de tweede wijkontsluiting ligt hier direct ten zuiden. Het woonmilieu markeert daarmee een belangrijke entree tot de wijk, zichtbaar en voelbaar vanaf de N457 en, in het verlengde daarvan, de A20. Eiland-III, Waterwonen en Wonen aan de Polderrand bevinden zich in het oostelijke, beduidend rustigere deel van de wijk, in en rond de Westergouweplas. Ook hier vormt de wijk een omranding, maar dan met een lossere korrel en met als belangrijkste aangrenzende elementen de Oostringdijk (met een sterke fietsfunctie richting Moordrecht en Gouda) en de GroenBlauwe Zone. De stevige rand wordt hier dan ook losser ingezet, met een minder intensief programma en een kleinschaliger opbouw. Conceptuele weergave Westergouwe met in het midden de Polderkamer met daarom heen de stevige omranding, zoals opgenomen in het nieuwe Masterplan Westergouwe 2.0
Met name Eiland-III is uitgesproken landschappelijk en informeel van karakter. Wonen aan de Polderrand krijgt juist een formelere en stadser uitstraling. Binnen WGIV wordt hiervan alleen het eerste deel uitgewerkt; de verdere invulling volgt in WG-V. Dit deel markeert tevens de overgang naar het toekomstige voorzieningencentrum van de wijk.
[ 12 ]
[ 13 ]
3.2 Hoogste Peilgebied NAP -5,5m Middelste Peilgebied NAP -6,0m Laagste Peilgebied NAP -6,37 / -6,48m Scheiding peilgebieden
WG-IV EN DE WATERHUISHOUDKUNDIGE OPZET
Westergouwe kent drie peilgebieden:
Lange zichtlijnen in noordwest–zuidoostelijke en noordoost–zuidwestelijke
– Het hoogste peilgebied, de Westergouweplas, ligt tussen de Tweede
richting zorgen voor ruimtelijke samenhang. Deze verschuiving in opzet is een
Moordrechtse Tocht, de Oostringdijk en de GroenBlauwe Zone.
bewuste keuze, gemaakt in overleg met het Hoogheemraadschap, om het totaal aan
– Het middelste peilgebied ligt ten westen van de Tweede Moordrechtse
natuurvriendelijke oevers te vergroten en grootschalige waterpartijen – die minder
Tocht en wordt omsloten door de N207 en N457 in het noorden en westen, en door
goed bestand zijn tegen kwel – te vermijden.
de BAL-leiding en de zuidelijke ontsluitingsroute (het gedeelte tussen de N457 en de BAL-leiding).
In het nieuwe stedenbouwkundig plan voor WG-IV is de opzet verder verfijnd. Om
– Het laagste peilgebied beslaat het overgebleven gedeelte van de wijk:
de beheerbaarheid van oevers te verbeteren zijn de afstanden tussen de eilandjes
ten westen van de Tweede Moordrechtse Tocht en ten zuiden van het middelste
van Eiland-III verruimd – veelal van ca. acht naar ca. zestien meter. Hierdoor is de
peilgebied.
waterstructuur niet alleen robuuster maar ook beleefbaarder geworden. De clusters van Waterwonen zijn losgeplaatst langs de rechtstand parallel aan de
Met WG-IV wordt het middelste peilgebied afgerond door de realisatie van
Tweede Moordrechtse Tocht, zodat het watersysteem van Westergouwe hier goed
Stadswonen III. Het hoogste peilgebied wordt vrijwel volledig ingevuld met de
zichtbaar en ervaarbaar wordt. Aan deze rechtstand raken namelijk het hoogste en
ontwikkeling van Eiland-III, Waterwonen en het eerste cluster van Wonen aan de
laagste peilgebied elkaar. Door de bebouwing los te leggen, wordt dit hoogteverschil
Polderrand. Alleen het tijdelijke voorzieningencluster wacht nog op definitieve
straks goed beleefbaar vanaf de rechtstand.
herontwikkeling. Stadswonen III sluit aan op het bestaande woonmilieu Stadswonen II en ligt langs de N457. De gebiedsstructuur in dit middelste peilgebied bestaat uit brede, heldere watergangen die de woonbuurten van elkaar lossnijden en lange zichtlijnen creëren. Een bijzonderheid vormt de watergang tussen Stadswonen III en de N457. Waar deze watergang elders langs de Provincialeweg minimaal twintig meter breed is, bedraagt de breedte hier slechts dertien meter omdat de grondverbetering dichter op de weg kon beginnen door het ontbreken van een leidingentracé in de dijk. De Westergouweplas ondergaat in WG-IV een duidelijke transformatie. Tot nu toe is alleen het noordelijke deel ingericht (Eiland-I en deels Eiland-II). In 2024 is de BALWestergouwe en zijn peilgebieden, zoals opgenomen in het nieuwe Masterplan Westergouwe 2.0
leiding verstevigd, wat het technisch mogelijk maakt om het waterpeil op te zetten en kunstwerken aan te leggen voor de ontsluiting van het zuidelijke deel van de plas. Waar Eiland-I een helder uitgesneden vorm kent, omgeven door royale waterpartijen, verandert het beeld zuidwaarts. Eiland-II is al informeler en landschappelijker van karakter. Onder de BAL-leiding ontwikkelt de Westergouweplas zich tot een stelsel van smallere watergangen, die de structuur van het oorspronkelijke polderlandschap volgen. Eiland-III transformeert hier feitelijk naar een reeks kleinere eilandjes.
[ 14 ]
[ 15 ]
3.3 d
WG-IV EN DE HOOFDONTSLUITINGSSTRUCTUUR
Westergouwe krijgt twee autoverbindingen met de Provincialeweg. De eerste, bij de
van Waterwonen worden rechtstreeks ontsloten vanaf de rechtstand. Het cluster van
Voltaweg (N207), is al gerealiseerd en zal worden omgevormd tot een kruispunt met
Wonen aan de Polderrand is bereikbaar via de toegangsroute naar Eiland-III.
verkeerslichten. De tweede aansluiting komt direct ten zuiden van Stadswonen III en sluit aan op de N457. Ook dit wordt een volwaardig kruispunt met verkeerslichten.
In WG-V zal gewerkt worden aan het plandeel ten westen van de Tweede Moordrechtse Tocht, onder de BAL-leiding. Hier komt ook het voorzieningencentrum.
De hoofdontsluiting van de wijk bestaat uit drie onderdelen:
De zuidelijke lus wordt in dit plandeel doorgetrokken tot aan de aansluiting op de
– De noordelijke lus: de Burgemeester van Dijkesingel, die het gebied ten noorden
rechtstand en de ontsluiting van Eiland-III.
van de BAL-leiding ontsluit.
a
– De zuidelijke lus, die ten zuiden van de BAL-leiding komt te liggen. – De rechtstand, evenwijdig aan de Tweede Moordrechtse Tocht. Met WG-IV wordt gestart met de aanleg van de zuidelijke lus. Deze begint bij de nieuwe aansluiting op de N457, kruist de BAL-leiding en loopt door richting het
c
toekomstige voorzieningencentrum in WG-V.
f
a
Ter voorbereiding op het stedenbouwkundig plan is de verkeersopzet voor Westergouwe geactualiseerd. Hieruit blijkt dat zowel de nieuwe aansluiting op de N457 als het toekomstige kruispunt met de Burgemeester van Dijkesingel hoge
e
verkeersintensiteiten zullen verwerken. Beide kruispunten vereisen verkeerslichten en
b
een aanzienlijk ruimtebeslag voor de benodigde opstelvakken. Deze ruimtelijke randvoorwaarden beperken de mogelijkheden voor de ontsluiting van Stadswonen III. Aansluiting op de zuidelijke lus is hier niet mogelijk. Alleen het noordelijke deel van de Burgemeester van Dijkesingel kan worden benut voor de bereikbaarheid. Het ontwerp van het woonmilieu is hierop afgestemd.
[ 16 ]
a:
De noordelijke lus (Burgemeester van Dijkesingel)
b:
De zuidelijke lus
c:
De rechtstand
d:
Wijkaansluiting op de N207
e:
Wijkaansluiting op de N457
f:
Knip voor autoverkeer op Eiland-III
In contrast daarmee ligt het oostelijke deel van WG-IV in de luwte. Eiland-III wordt uitsluitend ontsloten voor bestemmingsverkeer. Een autoknip zorgt ervoor dat de openbare ruimte gericht blijft op langzaam verkeer. Waterwonen en Wonen aan de Polderrand bestaan elk uit meerdere bebouwingsclusters, evenwijdig aan de Tweede Moordrechtse Tocht. De twee clusters
[ 17 ]
3.4
WG-IV EN ZUIDWESTELIJKE STADSENTREE
In het Masterplan Westergouwe 2.0 neemt de nieuwe zuidwestelijke stadsentree van Gouda een centrale positie in. Waar de wijk zich in eerdere plannen vooral oriënteerde op de stad met een stedelijk gezicht naar het noorden, bleef de zuidzijde – richting de GroenBlauwe Zone – informeel en landschappelijk. Wijk en landschap vervlochten zich daar op een losse manier, zonder duidelijke rand. Met het nieuwe masterplan is hierin een duidelijke koerswijziging ingezet. Westergouwe profileert zich niet langer als suburbane uitbreiding, maar als volwaardig stedelijk onderdeel van Gouda. De stevige omranding en de inrichting van een herkenbare stadsentree zijn hierbij sleutelbegrippen. Stadswonen III speelt hierin een hoofdrol. Waar eerdere woonmilieus langs de rand (zoals de Tuinen, Stadswonen I en II) een ontspannen en informeel karakter hadden, ontstaat in Stadswonen III een uitgesproken stedelijk front. Alle gebouwen liggen in één rooilijn en vormen samen een heldere, krachtige gevelwand direct aan de Provincialeweg. Dat dit mogelijk is, komt mede doordat de watergang hier smaller kon worden uitgevoerd. Maar belangrijker: het is een bewuste stedenbouwkundige keuze. Hier moet voelbaar zijn dat men de stad binnenrijdt – compact, herkenbaar en stedelijk. Stadswonen III staat daarin niet op zichzelf.
Samen met het gebied ten zuiden van de monumentale boerderij aan de N457 vormt het een samenhangend ensemble dat de stadsentree markeert. Langs de gehele lijn, van de hoek met de GroenBlauwe Zone tot aan Stadswonen II, ontstaat een formele gevelwand. Binnen dit stedelijke beeld
[ 18 ]
Stadswonen III vormt, samen met de historische boerderij en het zuidwestelijk daarvan gelegen nog te
krijgt ook de bestaande boerderij een plek, als markant rustpunt in een groene kamer
ontwikkelen plandeel aan de GroenBlauwe Zone, de zuidwestelijke stadsentree van Gouda.
– een ingetogen accent binnen het stedelijk ritme.
[ 19 ]
3.5
WG-IV EN DE ARCHEOLOGISCHE VINDPLAATS
Het woonmilieu Stadswonen III ligt in een veenontginningslandschap binnen de Rijn-
– Ophoging beperkt toegestaan: voorbelasting is maximaal 1,5 meter; afwijking is
Maasdelta, in de stroomgordelzone van Gouderak en de Zuidplas. Dit landschap kent
alleen toegestaan met een onderbouwing dat de archeologische waarden behouden
een rijke geschiedenis van rivierafzettingen, getijdegeulen en moerasvorming, en was
blijven.
al vroeg aantrekkelijk voor menselijke bewoning. – Archeologievriendelijk bouwen: er gelden specifieke eisen voor fundering, Tijdens archeologisch onderzoek in het zuidwestelijk deel van Westergouwe zijn
leidingen, drainage en beplanting binnen het monument.
sporen aangetroffen die dateren uit het laat-Mesolithicum tot het vroeg-Neolithicum (circa 5050 v.Chr.). De vondsten bestaan onder meer uit houtskool, bewerkt
– Vrijhouden onderzoeksstrook: in het noordelijk deel van het plangebied blijft een
vuursteen, verbrande botten en resten van aardewerkproductie met berkenteer.
zone van 105 bij 30 meter onbebouwd, als toekomstige onderzoeksstrook.
Vermoedelijk fungeerde deze plek als tijdelijk jacht- en viskamp – een aanwijzing voor vroege menselijke activiteit in het gebied.
– Beleving op maaiveld: het ontwerp moet ruimte bieden voor beleefbaarheid van het archeologisch verhaal in de openbare ruimte door landschappelijke inrichting en
Bij het opstellen van het nieuwe Masterplan Westergouwe 2.0 was het uitgangspunt
architectonische verwijzingen waardoor het ruimtelijke en inhoudelijke betekenis
om de rationele verkaveling van Stadswonen I voort te zetten in Stadswonen III.
krijgt binnen het plan.
In de ondergrond van dit gebied bevindt zich echter een goed geconserveerde archeologische vindplaats van nationaal belang, gelegen op een stroomrug met
De stedenbouwkundige hoofdopzet van Stadswonen III is op deze randvoorwaarden
sporen van menselijke bewoning. In het masterplan werd aangekondigd dat
afgestemd. De vrij te houden zone vormt niet alleen een bescherming van het
aanvullend onderzoek zou volgen. Dit is uitgevoerd in 2022–2023.
erfgoed, maar ook een kans om betekenis te geven aan het openbaar gebied. Op deze plek is het ‘Natuurlijk Hart’ voorzien: een groene, gemeenschappelijke ruimte
Op basis van de resultaten stelde het college van B&W van Gouda op 21 maart
waarin historie, ecologie en beleving op natuurlijke wijze samenkomen. Dit levend
2023 bindende randvoorwaarden vast voor de stedenbouwkundige uitwerking. De
decor verwijst naar de vroegste menselijke sporen in Westergouwe en vormt een
belangrijkste implicaties zijn:
onderscheidend element in de wijk. De archeologische vondst is daarmee geen
– Behoud in situ: de vindplaats is aangewezen als gemeentelijk archeologisch
belemmering, maar een inspiratiebron en verrijking voor de ruimtelijke opzet.
monument. De ondergrond moet zoveel mogelijk onaangetast blijven.
[ 20 ]
[ 21 ]
3.6
WG-IV EN HET WOONMILIEU WATERWONEN
Het woonmilieu Waterwonen verdient een expliciete plaats in de beschouwing
Door technische beperkingen bij de versteviging van de BAL-leiding onder de
van WG-IV binnen het grotere geheel van Westergouwe. Al in het oorspronkelijke
Westergouweplas bleek het uiteindelijk niet mogelijk om de grondverbetering
masterplan Waterstad Westergouwe uit 2005 maakte dit woonmilieu deel uit van de
zo dicht op het water aan te brengen als aanvankelijk voorzien. Dit leidde tot een
opzet. Waterwonen gaf daar op exemplarische wijze vorm aan de overgang tussen de
onverwachte ruimtelijke kwaliteit: over de gehele breedte van Waterwonen en
wijk en het omliggende landschap van de GroenBlauwe Zone. In die tijd werd gedacht
Eiland-III is een zone ontstaan met woningen die volledig in het water liggen, in
aan lange steigers met daaraan – in een zeer losse verkaveling – drijvende woningen.
plaats van op ophoging. Hoewel traditioneel gefundeerd, beschikken deze woningen over vlonders als buitenruimte en een uitgesproken watergebonden karakter.
Masterplan 2005 In de actualisatie van het masterplan, Westergouwe 2.0, zijn de drijvende woningen
Daarmee krijgt het oorspronkelijke droombeeld van wonen in het water alsnog een
vervangen door bebouwing op landtongen, direct gekoppeld aan de rechtstand
prominente plek binnen de opzet van de wijk.
evenwijdig aan de Tweede Moordrechtse Tocht. Deze koerswijziging werd ingegeven door technische beperkingen: de beperkte diepgang van de Westergouweplas in combinatie met het fluctuerende waterpeil maakte drijfwoningen technisch onhaalbaar. Ook veranderden de inzichten over waterkwaliteit. De aandacht verschoof Variant Waterwonen zoals nu verwerkt in deel I en deel II van SBP WG-IV
van open water naar natuurlijke, zuiverende oevers. Een ander belangrijk verschil is
\
dat het woonmilieu Waterwonen zich in de nieuwe plannen niet langer uitstrekt tot in de GroenBlauwe Zone, maar beperkt blijft tot de Polderkamer. Het stedenbouwkundig plan voor WG-IV markeert een volgende stap in de ontwikkeling van dit bijzondere woonmilieu. In plaats van langgerekte landtongen
Verfijnd Masterplan 2007
langs de rechtstand is nu gekozen voor twee losliggende woonclusters. Hierdoor blijft het water aan de rechtstand over de gehele lengte zichtbaar en beleefbaar. Tegelijkertijd wordt hier het verschil in waterpeil tussen de hoogste en laagste peilgebieden van Westergouwe fysiek en visueel voelbaar. Het hoogteverschil bedraagt hier circa één meter – uniek binnen de wijk. De clusters behouden aan de randen het karakteristieke beeld van woningen op ondiepe kavels, met vlonders als buitenruimte en een directe relatie met het water. De binnenzijde van de clusters kent een meer traditionele invulling met vrijstaande woningen en tweekappers, wat zorgt voor een robuustere korrel en opbouw. Gezien de ambitieuze programmering en de toename van het bouwvolume binnen WG-IV is dit een passende doorontwikkeling van het oorspronkelijke concept.
Masterplan Westergouwe 2.0 2022
[ 22 ]
[ 23 ]
3.7
WG-IV EN HET VOORZIENINGENCENTRUM
De stedenbouwkundige omranding van Stadswonen III vervult meerdere functies. Ze
Vanaf hier verandert het beeld. Bij Wonen aan de Polderrand liggen de oevers
vormt een stevige rand langs de drukke verkeersstructuren en begeleidt tegelijkertijd
openbaar en loopt de straat buitenom de bebouwing. Dit resulteert in een
de route naar het toekomstige voorzieningencentrum van Westergouwe.
meer formele randafwerking richting de GroenBlauwe Zone. Hier verschijnen stadswoningen in vier bouwlagen en een zelfbewust appartementengebouw op de
De opbouw van deze rand begint met een torenvolume op de hoek bij de aansluiting
hoek met de Tweede Moordrechtse Tocht. Dit deel van WG-IV is feitelijk de eerste
op de N457. Vervolgens wordt deze lijn voortgezet met bebouwingswanden van
fysieke aanzet voor de begeleiding naar het voorzieningencentrum – het begin van
vier bouwlagen, die de hoek met de Burgemeester van Dijkesingel begeleiden. Hier
de boulevardkwaliteit welke in de volgende fases wordt doorgezet.
eindigt de reeks in een haakvormig appartementengebouw van vijf bouwlagen. Dit gebouw wordt aan de overzijde van de Burgemeester van Dijkesingel gespiegeld door een vergelijkbaar haakvormig appartementengebouw, als onderdeel van het woonmilieu Landschappelijk Wonen in WG-III.B. Hoe het toekomstige voorzieningencentrum er precies uit zal zien, is nog niet vastgesteld. De uitwerking volgt in een latere fase. Wat wel bekend is, is de hoofdstructuur: de zuidelijke ontsluitingsweg loopt langs het voorzieningencentrum, maar de route doorsnijdt toekomstige centrumgebied niet. Zo blijft het hart van het centrum autovrij en optimaal verweven met de centrale groenstructuur van Westergouwe. Langs de de GroenBlauwe Zone kan een boulevardachtig profiel ontstaan: een route met een formele stedelijke bebouwingsrand aan een zijde en levendig recreatiegebied aan de andere. Westergouwe krijgt hier als het ware een ‘voorkant aan de GroenBlauwe Zone’ – een plek waar je kunt wonen, recreëren en het centrum kunt bereiken, in directe samenhang met het landschap en waarbij optimale synergie met het centrum mogelijk is. Ruimtelijke begeleiding naar het toekomstige voorzieningencentrum van Westergouwe.
Ook het oostelijke deel van WG-IV levert een bijdrage aan de ruimtelijke opbouw richting het centrum. De rand van Eiland-III langs de Oostringdijk is ingetogen en sluit aan bij de bebouwing van Eiland-II, met rijwoningen en achtertuinen aan het water. Op de westelijke hoek van het eiland markeert een kleinschalig appartementengebouw de overgang naar de open zone tussen Eiland-III en de woonmilieus Waterwonen en Wonen aan de Polderrand.
[ 24 ]
[ 25 ]
3.8
WG-IV EN DE LANGZAAMVERKEERSVERBINDINGEN
Westergouwe wordt opgezet als een beweegvriendelijke wijk, waarin bewoners
Informele wandelroute Zuid
a:
Informele wandelroute Noord
worden gestimuleerd om zich te voet of per fiets te verplaatsen — zowel binnen de
Deze route verbindt de woonmilieus ten zuiden van de BAL-zone. De
b:
Informele wandelroute Zuid
wijk als in de directe omgeving. Daarvoor is een fijnmazig netwerk van hoogwaardige
wandelverbinding start op Eiland-III, steekt via Waterwonen door naar het
fiets- en wandelroutes essentieel.
toekomstige voorzieningencentrum. Met het stedenbouwkundig plan voor WG-IV wordt het eerste deel van deze zuidelijke route gerealiseerd. De verdere uitwerking
Centrale drager is de autovrije hoofdgroenstructuur, gelegen in de Polderkamer. Deze
a
volgt in een latere fase.
groene as verbindt de diverse woonmilieus met elkaar én met de GroenBlauwe Zone. Hier kunnen bewoners zich ongestoord door de wijk verplaatsen, op weg naar het toekomstige voorzieningencentrum of richting het omliggende landschap. In Stadswonen III woon je aan de stevige, stedelijke rand van de wijk. Om vanuit dit deel van de wijk de hoofdgroenstructuur of voorzieningen te bereiken, moeten bewoners de Burgemeester van Dijkesingel oversteken. De kwaliteit van deze oversteekpunten is dan ook cruciaal. Daarom worden parallel aan
b
dit stedenbouwkundig plan — door een gespecialiseerd verkeersbureau — inrichtingsprincipes opgesteld om veilige, overzichtelijke en comfortabele oversteekplaatsen te waarborgen. Daarnaast kent het masterplan een netwerk van informele wandelroutes die bewoners alternatieve, meer ontspannen loopverbindingen bieden. Binnen WG-IV zijn twee van deze routes van belang: Informele wandelroute Noord Deze route verbindt de woonmilieus in de stevige noordelijke rand van de wijk, langs de N207 en N457, tussen de twee wijkontsluitingen. De route maakt het mogelijk
Hoofdwandelroutes in het nieuwe Masterplan Westergouwe 2.0
om van buurt tot buurt te wandelen, zónder gebruik te maken van de formele Burgemeester van Dijkesingel. In Stadswonen II volgt deze route een gebogen, autoluwe binnenstraat; in Stadswonen III loopt zij door het autovrije binnengebied en komt uit bij de centrale groene ruimte rond het archeologisch monument — het Natuurlijk Hart van het plan.
[ 26 ]
[ 27 ]
4 4.1
HOOFDOPZET STADSWONEN III Structurerende elementen
Binnen het deelgebied vormt een archeologische vindplaats het groene hart van
Stadswonen III is ingebed in een stevige groenblauwstructuur, gevormd door brede
het woonmilieu. De omliggende bouwvelden zijn orthogonaal georiënteerd. Deze
watergangen en de groene boomlanen langs zowel de Burgemeester van Dijkesingel
heldere hoofdstructuur geeft het gebied een stedelijk karakter, met lange zichtlijnen
als de zuidelijke wijkontsluitingsweg. De Burgemeester van Dijkesingel vervult hierbij
en een duidelijke oriëntatie op de openbare ruimte.
een belangrijke rol: als hoofdontsluiting voor het plangebied zelf én als verbindende schakel binnen Westergouwe. De route verbindt de verschillende buurten en draagt
In de hierop volgende paragrafen wordt stap voor stap ingegaan op de hoofdopzet
bij aan de ruimtelijke samenhang van de wijk als geheel.
van Stadswonen III, met aandacht voor verkaveling, mobiliteit, groenstructuur en programmering.
Tekening van de structurerende groene en blauwe elementen in Stadswonen III met de dooradering vanuit het groene raamwerk
[ 28 ]
Belangrijke zichtlijnen van Stadswonen III
[ 29 ]
4.2
Groenstructuur
Stadswonen III kent een fijnmazig groen netwerk, verweven met
ontspanning. Daarnaast is het gebied ingericht voor waterberging, waarmee het
4.3
bijdraagt aan de klimaatbestendigheid van de wijk.
Het plangebied wordt aan zowel de noord- als westzijde begrensd door brede
vervult de centrale groene ruimte — naast functies voor recreatie en ontmoeting —
watergangen. Deze liggen haaks of parallel aan de Tweede Moordrechtse Tocht
ook een belangrijke rol in de waterhuishouding. Hemelwater wordt hier afgevoerd
langzaamverkeersroutes, dat naadloos aansluit op de groenstructuur van Stadswonen
[ 30 ]
Waterstructuur
oppervlakkig afgevoerd naar de aangrenzende watergang. Binnen het plangebied
II. Dit netwerk vormt niet alleen een functionele verbinding, maar draagt ook bij aan
Langs de hoofdontsluiting van Stadswonen III versterkt een gemengde bomenlaan
en reflecteren daarmee de dominante hoofdstructuur van de polder. Ze sluiten
naar een aantal maaiveldverlagingen (wadi’s), waar het vertraagd kan infiltreren in
de ruimtelijke samenhang binnen het wijkdeel als geheel.
met bloeiende heesters de stedenbouwkundige structuur. Aan de zuidzijde markeert
bovendien aan op de orthogonale opzet van de woonmilieus binnen Stadswonen,
de bodem. Daarmee draagt het woonmilieu bij aan een klimaatadaptieve inrichting
de karakteristieke bomenlaan langs de Burgemeester van Dijkesingel de begrenzing
waardoor landschap en verkaveling elkaar versterken.
van de wijk.
Centraal in de groenstructuur ligt de archeologische vindplaats, ingericht als
van het plangebied. Deze laan sluit vanzelfsprekend aan op de groenstructuren van
gemeenschappelijke verblijfsruimte: het ‘natuurlijk hart’. Deze ruimte fungeert
Stadswonen I en II, en zorgt daarmee voor een herkenbare, continue groenzone die
Het gebied maakt onderdeel uit van het middelste peilgebied, met een waterpeil
als kloppend middelpunt van de wijk en biedt plek aan spel, ontmoeting en
de verschillende wijkdelen met elkaar verbindt.
van -6,0 m NAP. Aan de zijde van de N207 wordt het dak- en oppervlaktewater
[ 31 ]
4.4
Kunstwerken en oevers
De ligging van de watergangen in Stadswonen III maakt de oorspronkelijke
alleen functioneel, maar versterkt — samen met de doorlopende groenstructuur —
4.5
Hoofdontsluitingsstructuur
In afwijking van eerdere fasen is ter hoogte van Stadswonen III geen langsparkeren
ook de onderlinge samenhang en bereikbaarheid van de wijkdelen.
Stadswonen III ligt direct aan de westelijke wijkontsluiting van Westergouwe, met
voorzien aan de Burgemeester van Dijkesingel. Vanwege de verkeersveiligheid is het
aansluiting op de provinciale weg N457. Zowel de aansluiting op de N457 als het
op deze locatie niet wenselijk om parkeerbewegingen in de hoofdstructuur toe te
orthogonale polderstructuur nog altijd goed herkenbaar. Deze historische structuur vormt een leesbaar en samenhangend raamwerk voor de opbouw van het
Aan de westzijde verandert het beeld. Hier gaat de strakke beschoeiing over in
kruispunt van de noordelijke en zuidelijke ontsluitingsroute worden uitgevoerd
staan. Parkeren wordt daarom volledig opgenomen in de interne structuur van het
woonmilieu en sluit aan op de hoofdopzet van de wijk als geheel.
een natuurlijke oever met een groene, zachte overgang naar het water. Deze meer
met verkeersregelinstallaties. Deze inrichting waarborgt een veilige en vlotte
woonmilieu.
landschappelijke invulling vormt een fraai contrast met het stedelijke karakter van de
doorstroming van het verkeer, ook op wijkniveau.
Aan de noordzijde zorgt een voetgangersbrug over de watergang met strakke
bebouwing, en voegt ecologische waarde toe. De oever met flauw talud biedt ruimte
beschoeiing voor een directe verbinding tussen Stadswonen II en III. Deze brug is niet
voor biodiversiteit, natuurontwikkeling en recreatief gebruik door bewoners.
De directe ontsluiting van het woonmilieu vindt plaats via de noordelijke ontsluitingsroute: de doorgetrokken Burgemeester van Dijkesingel. Deze hoofdontsluitingsweg vormt een essentieel onderdeel van de verkeersstructuur van Westergouwe en is, net als in eerdere fasen, vormgegeven als een hoogwaardige stadsontsluiting. Het profiel bestaat uit twee vrijliggende rijbanen, een brede middenberm en begeleidende zijbermen. Deze consequente opzet draagt bij aan een duidelijke en herkenbare hoofdstructuur binnen de wijk.
De doorgetrokken Burgemeester van Dijkesingel N457
[ 32 ]
[ 33 ]
4.6
Secundaire infrastructuur
4.7
Langzaam verkeer en informele routes
nodigen uit tot wandelen, ontmoeten en verblijven. De opzet draagt bij aan een
Stadswonen III wordt ontsloten via de Burgemeester van Dijkesingel. De interne
Stadswonen III kent een fijnmazige langzaamverkeersstructuur, die bijdraagt aan
veilige en aantrekkelijke woonomgeving voor alle leeftijden.
verkeersstructuur bestaat uit een buurtonsluitingsweg die als een ring om het
de bereikbaarheid, leefkwaliteit en sociale interactie binnen het woonmilieu. De
deelgebied heen loopt. Vanuit deze ring worden meerdere ‘inprikkers’ ontsloten die
belangrijkste onderdelen zijn:
Aan de noordzijde van het woonmilieu is een ruimte-reservering opgenomen voor
toegang bieden tot de parkeerhoven, gelegen aan de randen van het woonmilieu.
– De ‘buiten om’-route
een mogelijk toekomstige fietstunnel onder de N457. De realisatie van deze tunnel
Deze hoofdroute begeleidt fietsers en voetgangers langs de buitenrand van het
is afhankelijk van de doorgang van de geplande snelfietsroute tussen Westergouwe
Deze opzet zorgt ervoor dat het autoverkeer zich grotendeels beperkt tot de randen
gebied en sluit aan op de bestaande langzaamverkeersstructuur van Westergouwe.
en station Gouda via de rotonde ’t Weegje. In het stedenbouwkundig plan is hiervoor
van de wijk. Het hart van Stadswonen III blijft hierdoor autovrij, wat bijdraagt aan een
– Informele wandelstructuur binnen het woonmilieu
een reserveringszone opgenomen, zodat de tunnel in een later stadium alsnog kan
rustige, veilige en leefbare woonomgeving met ruimte voor ontmoeten, spelen en
In het binnengebied zorgen informele voetpaden voor een netwerk van rustige,
worden ingepast.
groen verblijf.
groene verbindingen. Deze paden doorkruisen het autovrije hart van de wijk en
Voor hulpdiensten wordt een calamiteitenroute aangelegd dwars door het middengebied. Deze route is niet bedoeld voor regulier verkeer, maar waarborgt wel een goede bereikbaarheid in geval van nood.
[ 34 ]
[ 35 ]
4.8
Parkeren
4.9
Oriëntatie en accenten
het gebied, zijn (hoogte)accenten aangebracht. Deze zorgen voor een herkenbare
Het parkeren is hoofdzakelijk gesitueerd langs de buurtontsluitingsweg en in
De bebouwing in Stadswonen III is georiënteerd op de belangrijkste openbare
structuur en dragen bij aan de ruimtelijke kwaliteit en identiteit van de omranding
geclusterde parkeerhoven in de bouwvelden. Aan de zuidzijde wordt een gebouwde
ruimte: de buurtontsluitingsweg en het groene binnengebied. Zo ontstaat er een
van het gebied.
parkeervoorziening gemaakt met parkeren (gedeeltelijk) onder een dek.
goede aansluiting de omgeving en wordt het groene binnengebied op een logische wijze begrensd. Op strategische plekken, zoals de hoeken en het centrale hart van
[ 36 ]
[ 37 ]
4.10 Programma/Typologiën
4.11 Bouwhoogte
een kleinschaliger binnengebied, overwegend met een bouwhoogte van drie
Het programma en de woningtypologieën sluiten aan bij de stedenbouwkundige
In de noordwestelijke rand varieert de bouwhoogte van vier tot acht lagen. In de
lagen. Het karakterverschil tussen binnengebied en omranding komt niet alleen tot
hoofdopzet. Met vierlaagse rijwoningen en appartementen aan de randen en
zuidwestelijke rand is op de hoek sprake van acht lagen, gevolgd door vier lagen,
uitdrukking in de bouwhoogte, maar ook in de beëindiging: in de omranding zijn de
laagbouw met rijwoningen in het binnengebied. Aan de noordoostzijde is een
vervolgens drie (of vier) lagen en op de hoek weer vijf lagen. Zo ontstaat aan beide
bouwvolumes plat afgedekt, terwijl in het binnengebied ook gekapte beëindigingen
woonwagencluster ingepast.
zijden een krachtige beëindiging richting de forse verkeersbundels. De omranding
voorkomen.
aan de zijde van de Burgemeester van Dijkesingel (zuidoostelijke zijde) heeft een bouwhoogte van drie lagen, met op de hoek vijf lagen. Achter de omranding ligt
[ 38 ]
[ 39 ]
4.12 Erfafscheidingen
lage erfafscheidingen met stoeptuinen of veranda’s, een levendig en vriendelijk
4.13 Speel- en verblijfsplekken
De eigendomsgrenzen binnen het plangebied worden grotendeels begrenst door
straatbeeld. De veranda’s versterken de open en uitnodigende sfeer van de buurt.
De speel- en verblijfsplekken in de wijk zijn voornamelijk geconcentreerd rond het
Naast dit centrale gebied zijn er in de omliggende woonstraatjes drie kleinere
groene erfafscheidingen, met aan de voorzijde een lage groene erfafscheiding en aan
Rondom de woonwagens wordt gekozen voor een lage gemetselde erfafscheiding in
‘Natuurlijk Hart’, dat fungeert als het kloppend middelpunt van de buurt. Dit centrale
verblijfsplekken ingericht. Deze rustige hoekjes sluiten direct aan op het groene
de achterzijde een hogere variant voor meer privacy. Deze afscheidingen bestaan uit
combinatie met een begroeid scherm. Het appartementengebouw aan het ‘Natuurlijk
gebied is autovrij en rustig, waardoor het een veilige en aangename plek is voor
netwerk van de wijk en bieden bewoners extra ruimte om buiten te zijn, een praatje
hagen of begroeide hekwerken, die op natuurlijke wijze bijdragen aan het groene
Hart’ is voorzien van terrassen direct langs de gevel, met vrij uitzicht over het
ontmoeting, ontspanning en spel. Kinderen kunnen hier onbezorgd spelen, terwijl
te maken of gewoon te genieten van de omgeving. In het noorden van de wijk
karakter van de wijk. Waar de zijkant van het erf grenst aan de buurtontsluiting of
omliggende groen wat bijdraagt aan het open karakter van het gebied.
bewoners elkaar ontmoeten in een groene en uitnodigende omgeving. Het ‘Natuurlijk
bevindt zich bovendien een compacte speelplek, die uitermate geschikt is voor jonge
het groene binnengebied, loopt de lage erfafscheiding door tot aan de achtergevel
Hart’ is in feite één grote speelplek, met natuurlijke speelaanleidingen rondom de
kinderen uit de nabijgelegen woningen. Zo ontstaat een fijnmazig netwerk van speel-
van de woning. Langs dit groene binnengebied ontstaat zo, door de combinatie van
wadi en een meer besloten speelzone speciaal ingericht voor de jongste kinderen.
en ontmoetingsplekken, verspreid over de hele wijk.
Hier wordt ook de archeologische vindplaats beleefbaar gemaakt.
[ 40 ]
[ 41 ]
5 5.1
HOOFDOPZET EILANDENRIJK Structurerende elementen
De hoofdontsluiting van de wijk bestaat uit de polderring, deze staat in verbinding
Eilandenrijk kenmerkt zich door een waterrijk woonlandschap in de Westergouweplas.
met de Rechtstand aan de westzijde en De Wadden (uit WG III Eiland II) aan de
De unieke opzet met een compacte eilandenstructuur geeft de wijk een open en
oostzijde, wat zorgt voor een goede bereikbaarheid en een logische aansluiting op
natuurlijk karakter, met fraaie doorzichten en zichtlijnen over het water en tussen de
de omliggende buurten. De polderring wordt ingericht als een gemengde laan met
bebouwingsblokken door. Het water vormt het structurerend element.
polderbomen en biedt uitzichten op het water. Eilandenrijk bestaat uit 3 delen: Waterwonen, Wonen aan de Polderrand en Eiland III.
[ 42 ]
[ 43 ]
5.2
Groenstructuur
Naast de eilanden zijn er verspreid door de wijk meerdere groene zones te vinden.
Het meest in het oog springende groen in de wijk zijn de in het water gelegen
Deze liggen onder andere langs de hoofdroute en tussen de woonblokken in. Ze
natuureilanden. Via het noordelijk eiland loopt een wandelpad welke bezoekers
zorgen voor groene zichtlijnen en versterken daarmee het open, natuurlijke karakter
naar de oostzijde van Eilandenrijk leidt. Het andere eiland is een puur natuureiland
van de wijk.
en is geheel ontoegankelijk en is een plek waar flora en fauna ongestoord hun gang
De meeste van deze groene plekken zijn ingericht als verblijfsruimtes waar bewoners
kunnen gaan.
kunnen ontspannen, spelen of elkaar ontmoeten.
Belangrijke zichtlijnen van Eilandrijk
[ 44 ]
[ 45 ]
5.3 Waterstructuur
5.4
Oevers
Eilandenrijk bevindt zich midden in de Westergouweplas en wordt volledig omringd
Rond de Westergouweplas ligt meer dan 6,5 kilometer aan oevers, die een belangrijke
door water. Deze uitzonderlijke ligging geeft het woonmilieu een sterk eigen karakter,
rol spelen in de beleving van het gebied. Ze bepalen niet alleen het zicht op en vanaf
waarbij veel kavels direct aan het water grenzen. Op enkele locaties zijn speciaal
het water, maar vormen ook een essentieel onderdeel van de openbare ruimte.
ontworpen waterwoningen voorzien die als vanzelfsprekend opgaan in het landschap
Het waterschap stelt specifieke eisen aan de inrichting van deze oevers om de
van water, riet en oevervegetatie.
waterkwaliteit te waarborgen. Een natuurvriendelijke oever met riet draagt hieraan bij door haar zuiverende werking. Daarom is een minimum vastgesteld voor de totale
Het water beperkt zich niet tot de buitenranden van het gebied. Via smalle
lengte van oevers die met een rietzone zijn uitgevoerd. In het Eilandenrijk in WG IV
waterlopen — zogeheten ‘inprikkers’ — wordt het water op een speelse wijze de
zijn deze rietzones te vinden langs zowel de openbare oevers als enkele van de oevers
woonbuurten ingetrokken. Deze structuren zorgen ervoor dat het water tot diep
die grenzen aan privéterrein.
5,5 2 2,1
5,5
6
WG-IV natuurvriendelijke oever uitgeefbaar
6
5,5
4,5
6
2,1
2,3
5,5
6 4,5 2,3
in het woonmilieu zichtbaar en beleefbaar is. Zo ontstaat een sterk gevoel van
2
nde Euroroto
2
2,1
6
4,5
5,5
3
6
2,1
verbondenheid met het omliggende landschap, waarin water, natuur en wonen op
5.50
2,5
2,5
4.00
5
10
6
4,5
2,1
10,5
5.50
2,17
7,5
5.50
2,5
een unieke manier samensmelten.
WG-IV natuurvriendelijke oever uitgeefbaar
2,5
4.00
5.50
5
2,17
5,5
5,5
3,5
2,5
4,5
6
2 2,1
5.50
4,5
6
2,1
2,3
5,5
2,1
6
6
5,5
4,5
6
2
nde 2,3
Euroroto
2
2,1
6 5,5
4,5 2,13
5.50
2,5
2,5
0 4.0
5
6
Peilvak: -5.50
10
6
4,5
2,1
10,5
7,5
5.50
2,5
5.50
2,17
contour
gren
s open
baar
voorbelasting
- prive
gren
2,5
s open
baar
- prive
4.00
5.50
5
3,5
2,5
6
4,5
2,17
5.50
2,1
5.50 contour
voorbelas ting
A
C
B
D
B A
A
S
Peilvak: -5.50
contour
grens
open
baar
voorbelasting
- prive
grens
open
E
baar
- prive
D
C
-4.50 -4.50
contour
voorbelast
Helling 4%
ing
E
5.50
-4.68
A
C D
B
S
-4.10 -2.47
A
B
A
D
C
-4.50
E
-6.00
-4.50 -4.50
Helling 4%
E
-4.68
-4.10 -2.47
-4.50
-6.00
S
300m2
S
300m2
S
GEWIJZIGD
Westergouwe
m
et
er
500m2
g: in or
Westergouweplas
Le
B3'
S
ng
te
H
D
D
-b
800m2
GEWIJZIGD m
et
er
500m2
Uitgeefbare oever
Westergouwe
ca . 45
5
Westergouweplas (Peilgebied -5,50)
bo rin
g:
S
B3 '
Le ng
te
HD
D-
800m2
Westergouweplas
Openbare oever
Uitgeefbare oever
WERKNR. Natuurvriendelijke oever
WG-I natuurvr. oeverlengte peilgebied -5.50: 2737 m1
WERKNR.
85441300
B2'
WG-IV natuurvr. oeverlengte peilgebied -5.50: 2.828 m1
WG-I natuurvr. oeverlengte peilgebied -5.50: 2737 m1
Lengte HDD-boring: ca. 155 meter
Trapveld B2'
Zwaluwtil
WG-IV natuurvr. oeverlengte uitgeefbaar: 867 m1 WG-IV natuurvr. oeverlengte peilgebied -5.50: 2.828 m1
Trapveld Zwaluwtil
SCHAAL
1:2000
DATUM
11-06-2025
GETEKEND
N
Openbare oever Lengte HDD-boring: ca. 155 meter
Natuurvriendelijke oever 85441300
SCHAAL
1:2000
DATUM FORMAAT
11-06-2025 A1
PROJECTMAP
GETEKEND
J:\854\413\00\3 Projectresultaat\WG Algemeen (lopend)\DWG
JvZ
N
. 45
5
Westergouweplas (Peilgebied -5,50)
ca
S
FORMAAT
A1
PROJECTMAP J:\854\413\00\3 Projectresultaat\WG Algemeen (lopend)\DWG
BESTAND S-FA-85441300-01-17 WG TOTAAL_waterkaart.dwg
BLAD
BESTAND S-FA-85441300-01-17 WG TOTAAL_waterkaart.dwg
JvZ
BLAD
WG-IV natuurvr. oeverlengte uitgeefbaar: 867 m1
Totaal natuurvr. oeverlengte in Westergouweplas: 6.432 m1
Totaal natuurvr. oeverlengte in Westergouweplas: 6.432 m1
DATUM PLOT USER
[ 46 ]
11/06/2025
DATUM PLOT USER
11/06/2025 JvanZwieten
JvanZwieten
[ 47 ]
Principe natuurvriendelijke oever / rietzone uitgeefbare oever •
De plasberm is altijd openbaar gebied
•
Uitgeefbare natuurvriendelijke oevers voorzien van beschoeiing tussen plasberm
Oeverinrichting
Rietoevers
uitgeefbaar openbaar
uitgeefbaar openbaar
en kavel
Uitgeefbare natuurvriendelijke oevers voorzien van een plasberm van 2m
•
Geen overstekende vlonders over plasbermen
•
Ivm beheer en onderhoud kritisch kijken waar wel of niet een natuurvriendelijke
uitgeefbaar openbaar
•
-4,50 m NAP
-4,50 m NAP
oever wordt toegepast langs uitgeefbare kavels
1:1
K&L
•
5.00
voortuin
Onderwatertalud 1:1,5 ivm bereikbaarheid maaiboot 3.00
4.00
2.00
groenstrook bloemrijk gras
rijbaan 2 richtingen gebakken klinker dikformaat
parkeer- en passeerstrook graskei
2.00
wp -5.5 NAP
3.00 verlaagd tuindeel met vlonder
14.00
0.50
5.00
24.50
groenstrook haag bloemrijk gras
voortuin
kavel
1:1,5
tuin
2.00 plasdras rietoever
KuiperCompagnons
Eilandenrijk
30-04-25 Schaal: 1:100
Profiel D-D'
Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Architectuur, Landschap City & Regional Planning, Urban Design, Architecture, Landscape
J:\624\114\00\3 Projectresultaat\DWG\EILANDENRIJK\L-PR-624.114.00-01-12 Eilandenrijk.dwg
Principe natuurvriendelijke openbare oever •
Watergangen met breedte vanaf 5m uitvoeren met plasberm van 2m
•
Openbare natuurvriendelijke oevers voorzien van een onderwaterbeschoeiing (conform LIOR) en waar het kan met een talud 1:10 zonder Diepte plasberm oplopend van 0 naar 20cm
•
Onderwatertalud 1:1,5 ivm bereikbaarheid maaiboot
uitgeefbaar openbaar
•
openbaar uitgeefbaar
onderwaterbeschoeiing
-4,50 m NAP
-4,50 m NAP
1:7
1:1
13.00 tuin
30-04-25 Schaal: 1:100
J:\624\114\00\3 Projectresultaat\DWG\EILANDENRIJK\L-PR-624.114.00-01-12 Eilandenrijk.dwg
[ 48 ]
verlaagd tuindeel met vlonder
1:1,5
K&L
1:4
wp -5.5 NAP
3.00 1:1,5
2.00
11.00
2.00
3.00
1.50
2.80
4.20
2.00
2.00
1.50
plasdras rietoever
watergang
plasdras rietoever
groen talud
pad halfverharding
groen strook
rijbaan 1 richting dikformaat betonklinker
parkeren graskei
trottoir dikformaat betonklinker
voortuin
Eilandenrijk Profiel B-B' (deel 2)
KuiperCompagnons Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Architectuur, Landschap City & Regional Planning, Urban Design, Architecture, Landscape
[ 49 ]
5.5
Hoofdontsluitingsstructuur
– Toekomstige aansluiting op de zuidelijke lus (WG-V)
5.6
Secundaire infrastructuur
Eilandenrijk wordt op meerdere manieren ontsloten, passend bij de opzet van het
In een latere fase zal de zuidelijke lus als tweede hoofdontsluiting worden
De Polderring vormt de belangrijkste buurtontsluitingsweg binnen Eilandenrijk. Deze
woonmilieu en de gefaseerde ontwikkeling van Westergouwe:
doorgetrokken, waarmee Eilandenrijk ook via het zuiden bereikbaar wordt.
secundaire infrastructuur ontsluit de eilandenstructuur van het woonmilieu, waarbij de woonstraten op logische wijze op de ring aantakken.
– Vanaf Eiland-II
Op Eiland-III wordt een knip voor autoverkeer aangebracht, waardoor doorgaand
Hier wordt een brugverbinding gerealiseerd die het noordelijk deel van Eilandenrijk
verkeer wordt ontmoedigd. Alleen bestemmingsverkeer is hier toegestaan, wat
In het midden van de Polderring is een knip aangebracht. Hierdoor is de wijk feitelijk
verbindt met Eiland-II. Vanuit deze ontsluiting loopt de zogenaamde Polderring over
bijdraagt aan een rustig en veilig woonmilieu.
opgedeeld in twee delen, wat doorgaand autoverkeer tegengaat en bijdraagt aan een
Eiland-III richting de rechtstand, waar deze aansluit op de toekomstige zuidelijke lus
rustig en verkeersluw woonklimaat. Binnen de eilanden is gekozen voor een opzet
van de hoofdontsluitingsroute (te realiseren in het kader van WG-V). Dit is voor auto’s
De twee clusters van Waterwonen worden voor autoverkeer ontsloten vanaf de
met lusstructuren en éénrichtingsverkeer. Dit garandeert voldoende bereikbaarheid
enkel voor bestemmingsverkeer en voor langzaamverkeer een doorgaande route.
rechtstand. Het wooncluster van Wonen aan de Polderrand wordt ontsloten vanaf de
en voorkomt onnodige verkeerscirculatie.
Polderring. – Vanaf de rechtstand langs de Tweede Moordrechtse Tocht
De twee clusters van Waterwonen worden ontsloten vanaf de rechtstand langs de
Deze ontsluiting biedt toegang tot zowel de centrale zone van Eilandenrijk als de
Tweede Moordrechtse Tocht en kennen eveneens een éénrichtingsregime, afgestemd
twee clusters van Waterwonen. Voor deze gebieden vormt de rechtstand de primaire
op de kleinschalige opzet van het woonmilieu.
route voor autoverkeer.
[ 50 ]
[ 51 ]
5.7
Langzaam verkeer en informele routes
Verspreid door het woonmilieu loopt een fijnmazig netwerk van paden door
5.8
Binnen Eilandenrijk vallen de routes voor langzaam verkeer grotendeels samen met
speelplekken en verblijfsgebieden. Deze paden maken het mogelijk voor kinderen en
Het parkeren vindt plaats langs de buurtontsluitingsweg en in geclusterde