Beheerplan GOVO 2021-2028
Tekst van het document
27
Ook de komende jaren wordt stabiliteitsonderzoek uitgevoerd. Hiermee kunnen de aannames voor vervanging in een volgend beheerplan weer bijgesteld worden. Van ANWB masten, VOP masten en masten met zonnepanelen is nog onvoldoende bekend. Hiervoor is een inschatting van kosten gedaan, op basis van eerder uitgevoerd werk. Mastvervanging wordt zo mogelijk uitgevoerd in combinatie met andere werkzaamheden, zoals rioolvervanging en ophoging. In wijken waar geen andere werkzaamheden gepland zijn, is OVL vervanging een apart project. Op basis van de stabiliteitsmetingen wordt bepaald of mastvervanging echt noodzakelijk is of dat dit wellicht nog uitgesteld kan worden. Met ingang van het beheerplan 2017 is de kabelvervanging niet meer gekoppeld aan de mastvervanging. In praktijk is bij mastvervanging niet altijd kabelvervanging noodzakelijk. Kabelvervanging is soms wel nodig, bijvoorbeeld op basis van storingen of bij liften van masten (dus zonder vervanging van masten). Voor kabelvervanging is een aanname gedaan van een jaarlijkse vervanging van 2,5%. Deze aanname lijkt erg ruim te zijn. Echter, in 2019 heeft een incident plaatsgevonden waarbij een aantal lichtmasten onder stroom stonden. Uit onderzoek is gebleken dat ouderdom en de inrichting van het ondergrondse net de oorzaak is geweest.
De installatieverantwoordelijke geeft aan dat het oude net in 10 jaar tijd versneld vervangen moet worden. Eind 2019 is er gestart met het in kaart brengen van de problemen. Het in kaart brengen neemt gezien de complexiteit meer tijd in beslag dan vooraf voorzien. Het in kaart brengen zal in het 3e kwartaal 2020 gereed zijn en in 2021 zal gestart worden met het gefaseerd vervangen van het oude net. De verwachting is dat in het volgende beheerplan de kosten voor kabelvervanging zullen stijgen; de versnelde vervanging wordt groter geacht dan de bovengenoemde te ruime aanname. schakelkasten De Goudse verlichtingsinstallatie wordt geschakeld vanuit 104 schakelkasten. Bij vervanging van schakelkasten wordt gerekend met een theoretische levensduur van de kasten van 40 jaar. Daadwerkelijke vervanging wordt ingepland op basis van nadere inspectie levensduur verlengend onderhoud Bij armaturen wordt uitgegaan van een theoretisch levensduur van 20 jaar. Uit de data van 2019 blijkt dat bij ruim 43% deze theoretische levensduur overschreden is. Veel storingen aan deze verouderde armaturen zijn er (nog) niet. Daarom wordt in deze beheerplanperiode maar een deel van deze oude armaturen vervangen. Bij armatuurvervanging zijn de volgende prioriteiten gesteld: - oude armaturen met een hoog vermogen (>55W) en grotere aantallen(> 7 st) in een straat. Dit betreft de doorgaande straten.
In deze straten worden ook de andere oude armaturen (lagere vermogens) vervangen. - oude, van de standaardlijst afwijkende armaturen (exoten), met hoog vermogen. Bij doorgaande wegen is uitval van verlichting ernstiger dan bij rustige woonstraten. Bij vervanging van oude armaturen met een hoog vermogen is de besparing op energieverbruik het grootst. Bijkomend voordeel van deze prioritering is dat hier vaak LED toegepast kan worden. Conform het beleidsplan OVL wordt LED alleen toegepast bij terugverdientijd van minimaal 10 jaar. Afwijkende armaturen (exoten) zijn lastig en duur in dagelijks beheer. 6.3. Financiën OVL vervanging Voor het berekenen van vervanging is het potentieel aantal te vervangen lichtmasten bepaald aan de hand van de theoretische levensduur en het plaatsingsjaar: voor 2019 is gerekend met het aantal lichtmasten geplaatst in 1979 (= 40 jaar later) etc.
28
Op basis van de stabiliteitsmetingen is aangenomen dat niet alle masten direct na verstrijken van de theoretische levensduur vervangen hoeven worden en is gerekend met een vervangingspercentage van 25% (zie 6.2.). De kosten voor stabiliteitsonderzoek van masten zijn opgenomen onder vervanging.
vervanging 2020, vervanging 2021, vervanging 2022, vervanging 2023, incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT OVL klein (hoogte t/m 4 m) normaal (hoogte vanaf 4 t/m 8 m) groot (hoogte vanaf 8 t/m 12 m zeer groot (hoogte > 12 m) overige masten / specials schakelkast kabels mastinspectie
€ 8.485 € 61.077 €0 € 65.163 € 9.243 € 150.199 € 99.395 € 6.470 € 400.031
€ 9.428 € 3.646 €0 €0 € 10.629 € 15.020 € 269.103 € 49.912 € 357.739
€ 137.175 € 74.750 € 22.347 €0 € 9.243 € 30.040 € 269.103 € 9.359 € 552.018
€ 24.041 € 30.082 € 4.705 €0 € 9.243 € 269.103 € 269.103 € 11.554 € 617.832
vervanging 2024, vervanging 2025, vervanging 2026, vervanging 2027, incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT OVL klein (hoogte t/m 4 m) normaal (hoogte vanaf 4 t/m 8 m) groot (hoogte vanaf 8 t/m 12 m zeer groot (hoogte > 12 m) overige masten / specials schakelkast kabels mastinspectie
€ 13.670 € 24.613 € 4.705 €0 € 9.243 € 269.103 € 269.103 € 14.384 € 604.822
€ 22.627 € 12.762 € 7.057 €0 € 9.243 € 269.103 € 269.103 € 2.831 € 592.727
€ 10.842 € 7.293 €0 €0 € 9.243 € 269.103 € 269.103 € 1.791 € 567.375
levensduur verlengend onderhoud (LVO) In paragraaf 6.2. is aangegeven wat de uitgangspunten voor de vervanging van armaturen is. Hiermee wordt in deze beheerplanperiode ca. 12% van het totaal aantal armaturen vervangen. In tegenstelling tot lichtmasten is onderzoeken naar restlevensduur van armaturen niet mogelijk (geen stabiliteitsonderzoek o.i.d.). Voor prioritering van armatuurvervanging zie paragraaf 6.2.
29
€ 56.567 € 38.287 € 10.586 €0 €0 € 269.103 € 9.243 € 4.564 € 388.350
levensverlengend levensverlengend levensverlengend levensverlengend onderhoud 2020, onderhoud 2021, onderhoud 2022, onderhoud 2023, incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT OVL klein (hoogte t/m 4 m) normaal (hoogte vanaf 4 t/m 8 m) groot (hoogte vanaf 8 t/m 12 m zeer groot (hoogte > 12 m) overige / specials schakelkast
€ 5.927 € 54.550 € 5.490 €0 €0 €0 € 65.967
€ 7.244 € 10.572 € 36.436 €0 €0 €0 € 54.252
€ 16.464 € 42.710 € 8.485 € 2.195 €0 €0 € 69.854
€ 15.806 € 50.744 € 3.993 €0 €0 €0 € 70.543
levensverlengend levensverlengend levensverlengend levensverlengend onderhoud 2024, onderhoud 2025, onderhoud 2026, onderhoud 2027, incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT OVL klein (hoogte t/m 4 m) normaal (hoogte vanaf 4 t/m 8 m) groot (hoogte vanaf 8 t/m 12 m zeer groot (hoogte > 12 m) schakelkast overige / specials
€ 2.964 € 29.601 € 53.905 €0 €0 €0 € 86.469
30
€ 9.549 € 40.172 € 23.958 € 2.195 €0 €0 € 75.875
€ 1.976 € 51.167 € 29.947 €0 €0 €0 € 83.090
€ 12.842 € 27.909 € 8.485 €0 €0 €0 € 49.236
7. Verkeersregelinstallaties (VRI) 7.1. Basisgegevens VRI Per 1-10-2021 beheert Gouda 36 verkeersregel-installaties met automaat. Met ingang van het beheerplan 2017 zijn samengestelde VRI als aparte installaties geteld. De installaties hebben immers een eigen aansturing en zijn alleen aan elkaar gekoppeld / op elkaar afgestemd. Bijvoorbeeld de VRI Burg. van Reenensingel / Ridder van Catsweg en de VRI Burg. van Reenensingel / Bloemendaalseweg worden niet meer als 1 installatie gezien. De VRI’s zijn opgenomen in het beheersysteem GeoVisia, en in detail zijn geregistreerd in een excelbestand. Hierin zijn gegevens zoals type, aanlegjaren van de installatie en automaat (regelkast) en de theoretische levensduur vastgelegd. 7.2. Criteria VRI Op basis van het Besluit Begroten en Verantwoorden (BBV 2017) wordt met ingang van het beheerplan 2019 de tussentijdse vervanging van regelkast en armaturen niet meer als groot onderhoud (GO), maar als levensduur verlengend onderhoud (LVO) aangemerkt. Vervanging (VO) is ongewijzigd en betreft vervanging van de complete installatie (palen, armaturen, lussen en regelkast). VO wordt gemiddeld om de 30 jaar uitgevoerd, LVO gemiddeld om de 15 jaar.
Onderhoud automaat, energiekosten, groepsremplace en schilderen masten vallen onder dagelijks onderhoud De vervanging van de volgende VRI’s zijn op verzoek van de verkeerskundige uitgesteld: • VRI 16 (Graaf Florisweg / Zwarteweg / Wethouder Venteweg / Achterwillenseweg) en VRI 18 (Zwarteweg / Steinpad) zijn omgezet in Levensduur-verlengend onderhoud in verband met het verkeerscirculatieplan. • VRI 59 (Nieuwe Veerstal / Oosthaven / Westhaven) uitgesteld tot 2023 in verband met het verkeerscirculatieplan, werkzaamheden aan de keermuur en dijkverzwaringswerkzaamheden (was 2020). In verband met de renovatie van de Haastrechtsebrug is de vervanging van VRI 60 (Goejanverwelledijk / Fluwelensingel) en 61 (Goejanverwelledijk / Haastrechtsebrug / Schoonhovenseweg) uitgesteld tot 2022. Op basis van het definitieve Verkeerscirculatieplan kunnen genoemde jaren nog wijzigingen.
31
7.3. Financiën VRI vervanging vervanging 2020, vervanging 2021, vervanging 2022, vervanging 2023, incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT VRI eenvoudige kruising T-splitsing uitgebreide kruising VOP
€0 €0 €0 €0 €0
€0 €0 €0 €0 €0
€0 €0 €0 €0 €0
€0 €0 € 242.629 €0 € 242.629
vervanging 2024, vervanging 2025, vervanging 2026, vervanging 2027, incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT VRI Eenvoudige kruising T-splitsing Uitgebreide kruising VOP
€0 €0 €0 €0 €0
€0 €0 € 242.629 €0 € 242.629
€0 €0 €0 € 242.629 € 242.629
€0 €0 €0 €0 €0
Levensduur verlengend onderhoud levensverlengend levensverlengend levensverlengend levensverlengend onderhoud 2020, onderhoud 2021, onderhoud 2022, onderhoud 2023, incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT VRI Eenvoudige kruising T-splitsing Uitgebreide kruising VOP
€0 €0 €0 €0 €0
€ 190.406 €0 €0 €0 € 190.406
€0 €0 € 420.556 €0 € 420.556
€0 € 85.267 € 210.278 €0 € 295.545
levensverlengend levensverlengend levensverlengend levensverlengend onderhoud 2024, onderhoud 2025, onderhoud 2026, onderhoud 2027, incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT VRI Eenvoudige kruising T-splitsing Uitgebreide kruising VOP
€0 €0 € 210.278 €0 € 210.278
32
€0 €0 €0 €0 €0
€0 €0 € 210.278 €0 € 210.278
€0 €0 €0 €0 €0
8. Watergangen 8.1. Basisgegevens Watergangen De beheercategorie water kent geen vervanging en groot onderhoud betreft alleen het baggerwerk. Baggeren is niet alleen noodzakelijk voor een goede doorstroming, maar ook om te voorkomen dat het water in de zomer te snel opwarmt. Ondiep warm water bevat minder zuurstof en kan om die reden tot vissterfte leiden. De vereiste diepten van watergangen staan in de legger van het hoogheemraadschap. Per 1-10-2021 beheert Gouda 616.740 m2 water. Nautisch onderhoud Naast regulier baggerwerk voert Gouda bij ruim 242.000 m2 water nautisch onderhoud uit. Nautisch onderhoud wil zeggen dat Gouda het baggerwerk uitvoert / betaalt voor overdiepte (meer dan de keurdiepte) t.b.v. scheepvaart. In bijlage 3 is op kaart aangegeven welke watergangen dit betreft en met welke leggerdiepte en vaardiepte is gerekend. Ontvangstplicht Artikel 5.23 van de Waterwet verplicht eigenaren van land langs watergangen om de verspreiding van bij regulier onderhoud vrijkomende bagger en maaisel op hun land te accepteren (ontvangstplicht). Dit betekent dat Gouda een ontvangstplicht heeft van bagger vrijkomend bij baggerwerk van primaire watergangen van Rijnland. In verband met onvoldoende beschikbare ruimte zal deze bagger afgevoerd moeten worden en de kosten hiervan zijn voor Gouda.
De omvang van het baggerwerk van waterschappen waarvan Gouda ontvangstplicht heeft is niet bekend. In dit beheerplan is hiervoor jaarlijks een aanname van €15.000 per jaar opgenomen (excl. interne VAT). 8.2. Criteria Watergangen In principe wordt een watergang eens in de 10 jaar uitgebaggerd en teruggebracht naar de benodigde diepte volgens de Keur. Op basis van peilingen wordt bepaald of en hoeveel baggerwerk daadwerkelijk noodzakelijk is. In de eerste helft van 2016 zijn baggerpeilingen verricht. Hierbij zijn alle watergangen die niet in 2014 en 2015 gebaggerd waren onderzocht. Dit is de basis geweest voor de prognose van het baggerwerk voor de jaren 2017 t/m 2021. In 2019 zijn de resterende watergangen gepeild, waarmee het baggerwerk voor de periode 2021 t/m 2028 is geprognotiseerd. Bij de prognose is voor alle watergangen op basis van de leggerdiepte, de gepeilde bovenzijde bagger en baggeraanwas de omvang van het baggerwerk berekend en het geprognotiseerde baggerjaar eventueel bijgesteld. Hierbij is rekening gehouden met een overdiepte van 20 cm. Voor de start van de uitvoering wordt er gedetailleerder nagepeild, waarbij de baggervolumes precies bepaald worden. Bij de vergelijking van de baggerprognose en de napeiling is gebleken dat er een verschil zit tussen de prognose en napeiling. Voor is dit beheerplan is daarom met een aanpakpercentage van 50% gerekend.
Particuliere watergangen zijn in dit beheerplan buiten beschouwing gelaten. Bij het uitvoeren van baggerwerk is het echter niet altijd mogelijk dit te scheiden, bijvoorbeeld bij watergangen die half gemeentelijk en half particulier zijn. Bij baggerprojecten wordt per situatie bekeken of er kosten verhaald kunnen worden op particulieren. Nautisch onderhoud Het berekende nautisch onderhoud betreft alleen de extra laagdikte die verwijderd moet worden ten opzichte van de leggerdiepte. Het baggerwerk wat nodig om aan de legger te voldoen is immers regulier baggerwerk door en op kosten van het waterschap. Nautisch baggerwerk wordt uitgevoerd op moment dat het waterschap het reguliere baggerwerk uitvoert. Risico hierbij is dat er onvoldoende nautische diepte is terwijl nog wel aan de keur wordt voldaan. Uit recente baggerpeilingen blijkt dat de nautische diepte overal nog ruim voldoende is,
33
waardoor in deze beheerplanperiode geen sprake is van nautisch baggerwerk. Wel is eenmaal per 2 jaar een klein bedrag opgenomen voor aanpak van plaatselijke verontdiepingen c.q. calamiteiten. 8.3. Financiën Watergangen groot onderhoud Bij de bepaling van de hoeveelheid bagger is gerekend met een baggeraanwas van 2,5 cm per jaar en is rekening gehouden met een overdiepte van 20 cm t.o.v. de legger. In verband met onvoldoende ruimte voor verwerken van bagger op de kant en/of de verwachte kwaliteit van de bagger wordt uitgegaan van het afvoeren van baggerspecie naar een depot van derden. Kosten voor baggeren zijn in het totaaloverzicht opgenomen met een bedrag van €565.000. Bij onderstaande kosten is geen rekening gehouden met verhogende kosten: - door PFAS en - maatregelen vanuit NGE onderzoek, zoals beveiligd baggeren langs de A12.
34
9. Beschoeiingen 9.1. Basisgegevens Beschoeiingen Beschoeiing is de constructie die is aangebracht om de oever tegen afkalving te beschermen en te voorkomen dat afkalving van de oever de doorstroming belemmert. Bovendien geeft beschoeiing stabiliteit voor verhardingen en beplanting direct langs de oever. Per 01-10-21 beheert Gouda: beschoeiing onderwater beschoeiing natuurvriendelijke oever verankerde beschoeiing
67.600 m 30.000 m 57.850 m 185 m
Lijnobjecten zoals kades, walmuren, steenbezetting e.d. zijn geen beschoeiing en zijn opgenomen bij hoofdstuk Kunstwerken. Een natuurvriendelijke oevers (NVO) is een geleidelijk aflopende overgang van land naar water, waarbij ruimte wordt gegeven aan de oever voor een gevarieerde vegetatieontwikkeling met onder andere oeverplanten die de oever kunnen vastleggen. Tevens biedt een NVO leefruimte aan (water)dieren en kan het vanwege het flauwe talud als uitstapplaats fungeren. Alle gegevens van de beschoeiingen zijn vastgelegd in het beheersysteem GeoVisia. Dit systeem bevat informatie over de leeftijd, materiaal, lengte e.d. De kwaliteit van de beschoeiing is niet in het pakket vastgelegd. Wel zijn de maatregelen voortkomend uit de inspecties vastgelegd in GeoVisia. Voorheen was er in GeoVisia sprake van een hoofdoever met daaraan gekoppeld suboevers. Geadviseerde onderhoudsmaatregelen werden alleen gekoppeld aan de hoofdoever. Dit is voorafgaand aan dit beheerplan herzien. Elke (sub)oever is nu een unieke oever met eigen onderhoudsmaatregelen. De geadviseerde onderhoudsmaatregelen welke voorheen waren gekoppeld aan een ‘hoofdoever’ zijn nu in GeoVisia ondergebracht bij de unieke oever waar de geadviseerde onderhoudsmaatregel bij hoort. 9.2. Criteria Beschoeiingen Alle oevers worden 1x per vijf jaar geïnspecteerd.
Het groot onderhoud en vervanging wordt vastgesteld op basis van deze 5-jaarlijkse inspectie. In het voorjaar van 2018 zijn alle oevers geïnspecteerd. Deze inspectie is de basis voor zowel lokale vervanging (groot onderhoud) en gedeeltelijke als gehele vervanging (vervanging). Hierbij is voor de eerste jaren (2021-2023) de planning definitiever dan voor de opvolgende jaren (20242028). Zodra een beschoeiing opnieuw wordt geïnspecteerd, wordt de planning weer bijgesteld. Ten aanzien van onderhoud aan natuurvriendelijke oevers (NVO) is het uitgangpunt dat een eenmaal gerealiseerde NVO geen groot onderhoud en vervanging behoeft en dat de vegetatieontwikkeling in de tijd zorgdraagt voor een stabiele oever en bescherming tegen afkalving en/of uitspoeling. Vanuit de inspectie uit 2018 is echter gebleken dat op locaties bestaande NVO’s niet of niet goed functioneren met als gevolg geen of slechte vegetatieontwikkeling, afkalving en/of uitspoeling. Deze locaties worden op basis van contractuele vooropnames en bijbehorende hersteladviezen herzien en geprioriteerd. Verwachting is dat voor 2025 de noodzakelijke vervangingsmaatregelen zijn uitgevoerd.
35
groot onderhoud Het groot onderhoud betreft met name de 5-jaarlijkse inspectie en het lokaal vervangen/aanbrengen van onderdelen van de beschoeiing. Bij natuurvriendelijke oevers vindt geen groot onderhoud plaats, alleen inboet (nieuwe aanplant op kale plekken) in het kader van dagelijks onderhoud. vervanging Een hardhouten beschoeiing heeft een theoretische levensduurverwachting van ca. 25 jaar. Vervanging van beschoeiing vindt echter plaats op basis van inspectie, niet op basis van theoretische levensduur. Met ingang van 2015 vervangt Gouda hardhouten beschoeiingen door samengestelde beschoeiingen. Dit betreft een combisysteem bestaande uit gerecycled kunststof en Europees naaldhout. Dit beschoeiingstype gaat naar verwachting 2x zo lang mee dan de hardhouten beschoeiing, dus 50 jaar. Alleen de meest urgente oevers worden aangepakt: afslag van oevers wordt geaccepteerd zolang dit geen gevolgen heeft voor de fundering van wegen en paden en de veiligheid / stabiliteit van bomen. Oevers waar versnelde afslag te verwachten is, worden aangepakt om kapitaalsvernietiging te voorkomen. Dit is met name het geval bij golfslag door grote strijklengte en grote hoogteverschillen. Zonder vervanging zouden bij dergelijke oevers binnen enkele jaren duurdere maatregelen noodzakelijk zijn. Waar mogelijk worden beschoeide oevers omgevormd naar natuurlijke oevers, conform het Waterplan.
Bij de afweging voor het wel of niet beschoeien van oevers wordt gebruik gemaakt van de beslisboom oeverbescherming.
9.3. Financiën Beschoeiingen Kosten vervanging:
vervanging 2020, vervanging 2021, vervanging 2022, vervanging 2023, incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT Beschoeiing beschoeiing natuurvriendelijke oever met beschoeiing natuurvriendelijke oever zonder beschoeiing verankerde beschoeiing
€ 223.801 € 286.541 € 318.782 €0 € 829.123
€ 378.692 € 149.887 € 6.366 €0 € 534.945
€ 44.299 € 281.287 € 53.533 €0 € 379.120
€ 790.449 € 345.255 €0 €0 € 1.135.704
vervanging 2024, vervanging 2025, vervanging 2026, vervanging 2027, incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT incl. externe VAT Beschoeiing beschoeiing natuurvriendelijke oever met beschoeiing natuurvriendelijke oever zonder beschoeiing verankerde beschoeiing
€ 386.614 € 24.341 €0 €0 € 410.954
36
€ 502.552 €0 €0 € 234.892 € 737.444
€0 € 546.475 €0 €0 € 546.475
€0 € 2.783.093 €0 €0 € 2.783.093
groot onderhoud Bij de inspectie van 2018 is voor groot onderhoud 5 jaar vooruit gekeken. Groot onderhoud voor de jaren 2023 tot en met 2026 is dus niet bepaald op basis van inspectie. Voor deze jaren is gerekend met het gemiddelde van de jaren 2019 en 2020. Kosten groot onderhoud:
Beschoeiing Beschoeiing Natuurvriendelijke oever met beschoeiing Natuurvriendelijke oever zonder beschoeiing Verankerde beschoeiing
Beschoeiing Beschoeiing Natuurvriendelijke oever met beschoeiing Natuurvriendelijke oever zonder beschoeiing Verankerde beschoeiing
groot onderhoud 2020, incl. externe VAT
groot onderhoud 2021, incl. externe VAT
groot onderhoud 2022, incl. externe VAT
groot onderhoud 2023, incl. externe VAT
€ 6.218 € 4.909 € 15.053 €0 € 26.180
€0 €0 €0 €0 €0
€ 65.695 € 18.571 € 26.507 € 491 € 111.264
€ 3.802 € 2.888 € 10.126 €0 € 16.816
groot onderhoud 2024, incl. externe VAT
groot onderhoud 2025, incl. externe VAT
groot onderhoud 2026, incl. externe VAT
groot onderhoud 2027, incl. externe VAT
€ 3.802 € 2.888 € 10.126 €0 € 16.816
€ 3.802 € 2.888 € 10.126 €0 € 16.816
€ 3.802 € 2.888 € 10.126 €0 € 16.816
€0 €0 €0 €0 €0
37
10. Spelen 10.1. Basisgegevens Spelen Per 1-9-2021 beheert Gouda de volgende speeltoestellen en valondergronden: combinatietoestellen draaitoestellen glijbanen kabelbanen klim- en turntoestellen schommels speelhuisjes sporttoestellen wippen / veerwippen overige toestellen ballenvangers
109 st 82 st 36 st 5 st 185 st 89 st 15 st 165 st 141 st 25 st 1.940 m
houtsnippers / schors rubber tegels/ gietrubber valdempend kunstgras kunstgras trapvelden
1.510 m2 12.620 m2 2.660 m2 4.130 m2
Het aantal reguliere speelplekken bedraagt 151 stuks. Daarnaast zijn er 3 natuurspeelplekken (excl. bewonersinitiatief ’t Groene eiland), 48 trapvelden en of basketbalvelden, 3 skatebanen en 6 pannaveldjes. In het beheersysteem GeoVisia is de data van de toestellen (type, leverancier, leeftijd, type ondergrond etc.) opgenomen. Ook de gegevens vanuit de inspecties, waaronder de kwaliteit van toestellen en ondergronden, worden in het systeem vastgelegd. Speelaanleidingen zoals poefs, hinkelbanen e.d. zijn wel opgenomen in het beheersysteem maar zijn in dit beheerplan buiten beschouwing gelaten. Speelaanleidingen zoals bijvoorbeeld een klimboom zijn wel als speeltoestel meegeteld en opgenomen in dit beheerplan. Alleen kunstgras trapvelden zijn in dit hoofdstuk opgenomen, alle overige trapvelden (asfalt, elementenverharding en halfverharding) vallen onder het hoofdstuk Wegen. Uit de beheergegevens blijkt dat ruim 10% van de speeltoestellen ouder dan 20 jaar is en 42% tussen de 10 en 20 jaar. Uit de jaarlijkse inspectie van 2021 blijkt echter het grootste deel van de speeltoestellen in goede tot zeer goede staat zijn: Leeftijdsopbouw speeltoestellen: > 30 jaar 5 tussen 20-30 jaar 86 tussen 10-20 jaar 367 tussen 5-10 jaar 347 <5 jaar 68
st st st st st
Kwaliteit speeltoestellen: zeer goed 10% goed 87% matig 2% slecht 1%
10.2. Criteria Spelen vervanging Bij de jaarlijkse inspectie wordt de kwaliteit van een speeltoestel aangegeven, deze kwaliteit is de basis voor het plannen van de vervangingen. Op basis van de jaarinspectie van 2021 is dit als volgt bepaald: ▪ slecht vervanging in 2021 ▪ matig vervanging in 2022 t/m 2024 ▪ goed vervanging in 2025 t/m 2028, toestellen van RVS na 2028 (buiten beheerplanperiode) ▪ zeer goed vervanging na 2028, buiten beheerplanperiode
38
Hierbij is ervan uitgegaan dat speeltoestellen van hout of met houten onderdelen binnen de genoemde periodes als eerste vervangen moeten worden en toestellen van metaal of RVS als laatste. De materiaalgegevens van toestellen zijn recent gecontroleerd en waar nodig bijgewerkt Hiermee is de prognose van het vervangingsjaar betrouwbaarder geworden. Jaarlijks wordt op basis van een nieuwe inspectie vastgesteld welke toestellen vervangen moeten worden (afhankelijk van de kwaliteitsklasse waarin het toestel terecht komt). groot onderhoud Tot 2016 gingen we ervan uit dat valondergronden gelijktijdig met toestellen vervangen moesten worden. Gebleken is dat speeltoestellen veel langer mee gaan dan eerder werd aangenomen. Dit betekent wel dat tussentijds renovatie van de ondergrond noodzakelijk is. Bij de jaarlijkse inspectie worden alle valondergronden visueel geïnspecteerd. Op basis van de jaarlijkse inspectie van 2021 is de renovatie van de valondergronden voor de eerstkomende 3 jaar bepaald. Naast de visuele inspectie van valondergronden is in 2019 en 2020 steekproefsgewijs de valdempende waarde van rubber tegels gecontroleerd. Hierbij bleken een aantal rubber valondergronden die er nog goed uitzagen onvoldoende valdempend te zijn. Renovatie van deze valondergronden is opgenomen in dit beheerplan.
Wellicht dat op basis van nieuwe controles van valdemping nog meer valondergronden afgekeurd worden. Hiermee is in dit beheerplan geen rekening gehouden. Klimaatadaptatie & vergroening Waar mogelijk wordt gekozen voor vergroening van de omgeving van speeltoestellen. In de praktijk houdt dit in dat tegels worden vervangen door gras-tech. Groot voordeel hiervan is dat bij hevige regenval het water snel in de bodem kan zakken en tegelijkertijd de omgeving een groenere aanblik heeft. Daarnaast draagt vergroening bij aan vermindering van hittestress. afbouwlijst In het coalitieakkoord 2018-2022 is aangegeven dat er de komende jaren geen speelplekken gesloten worden en dat we alle speelplekken in stand houden. Hiervoor is in 2020 €50.000,- en in 2021 nogmaals €50.000,- gereserveerd. Op basis van het beheerplan GOVO 2018 zijn daarom in 2019 vier versleten speeltoestellen op afbouwlocaties vervangen. In 2019 en 2020 zijn op af te bouwen speelplekken ook valondergronden vervangen, op basis van de visuele inspectie en de steekproef voor de valdemping. Op basis van toekomstige inspecties zullen naar verwachting nog meer valondergronden op afbouwspeelplekken moeten worden vervangen. Deze vervanging van ondergronden was in het coalitieakkoord niet voorzien. Per 1-1-2021 staan er 17 speelplekken op de afbouwlijst.
De speeltoestellen op de af te bouwen speelplekken hebben voor het overgrote deel een redelijke tot goede kwaliteit. Op basis van de criteria zoals beschreven in paragraaf 10.2 zijn de volgende vervangingen op afbouwlocaties te verwachten: 2025 12 speeltoestellen 2026 6 speeltoestellen 2027 9 speeltoestellen Daarnaast zullen er ook in de volgende collegeperiode valondergronden op afbouwplekken moeten worden vervangen. De omvang daarvan is momenteel nog niet bekend. De vervanging van speeltoestellen en valondergronden op afbouwlocaties na 2022 (na de huidige coalitieperiode) zijn NIET meegenomen in dit beheerplan. 10.3. Financiën Spelen Voor het bepalen van vervanging zijn de speeltoestellen ingedeeld in de categorieën zeer groot, groot, middel en klein. Per categorie is een gemiddelde eenheidsprijs per toestel berekend, op
39
basis van de aanschafwaarde van de aanwezige toestellen. Ook is een gemiddelde eenheidsprijs bepaald voor natuurlijke en ‘cultuurlijke’ valondergronden. In onderstaande financiële overzichten zijn de kosten voor vervangen van ballenvangers opgeteld bij die van de speeltoestellen. De periode 2019-2022 (huidige coalitieperiode) is inclusief groot onderhoud en vervanging van speeltoestellen / valondergronden op afbouwlocaties. Voor de periode daarna zijn de afbouwlocaties niet opgenomen. Kosten vervanging:
Kosten groot onderhoud:
40
11. Groen 11.1. Basisgegevens Groen Per 28-9-2021 beheert Gouda: Bomen 22.827 Bosplantsoen 346.681 Heesters 195.444 Hagen 9.121 Vaste planten 3.453 Gazon 587.955 Extensief gras 751.553
st m2 m2 m2 m2 m2 m2
In het beheersysteem GeoVisia is alleen de data van het groen opgenomen (beplantingstype, aanlegjaar etc.), niet de kwaliteit ervan. Jaarlijks wordt 1/3 deel van het bomenbestand geïnspecteerd, bomen langs doorgaande wegen en risicobomen worden vaker (jaarlijks) geïnspecteerd. Natuurlijke oevers (oeverplanting) is opgenomen onder hoofdstuk 9, Beschoeiing. 11.2. Criteria Groen Groot onderhoud en achterstanden worden vaak gebaseerd op de levensduur van elementen. Bij groen is dat niet of nauwelijks mogelijk. De vitaliteit van groen is van veel (meer) factoren afhankelijk: drooglegging, grondslag, bezonning, (oneigenlijk) gebruik, ziektes, strooizout, weersinvloeden e.d. Een beplanting van bijvoorbeeld 5 jaar oud kan in slechtere staat zijn dan een beplanting van 25 jaar. In tegenstelling tot andere elementen van de openbare ruimte is bij groen een kwaliteitsinventarisatie een momentopname. Een strenge winter of periode met veel of juist weinig regen heeft direct gevolgen voor de kwaliteit van het groen. De staat van het groen wordt verder bepaald door de kwaliteitsniveau van dagelijks onderhoud. Voor de kwaliteitsafspraken daarvan zie paragraaf 1.4. vervanging Vervanging van groen vindt alleen plaats aansluitend aan wegophogingen. Het vervangen van dode en zieke bomen naar aanleiding van de reguliere boomcontroles betreft dagelijks onderhoud.
Alleen uitval van grotere en bomen die gekapt moeten worden in verband met overlast (op basis van afwegingsmodel boomwaarde – overlast) zijn opgenomen in dit beheerplan. Bomen die ten gevolge van bouw- en wijkontwikkeling moeten verdwijnen zijn buiten beschouwing gelaten, de kosten voor vervanging van deze bomen zijn immers al opgenomen in de projectkosten.
41
De kwaliteit van bomen neemt niet alleen af door de lage ligging van Gouda. Met name in de wijken Plaswijck en Bloemendaal staan forse aantallen oude populieren die steeds meer gebreken vertonen. Totaal zijn er in Gouda ruim 1.200 populieren ouder dan 40 jaar. In 2018 zijn cultivars (boomsoorten) waarvan bekend is dat deze gevoelig zijn voor takbreuk extra onderzocht:
Landelijk wordt de essentaksterfte een steeds groter probleem. In 2018 is de ziekte op redelijk grote schaal aangetroffen in de Goudse Hout. In Gouda staan ca. 1.200 essen. Uit een onderzoek in 2018 blijken onze essen vooralsnog niet in grote mate zijn aangetast:
In 2020 wordt de aantasting door essentaksterfte in Steinse groen geïnventariseerd. De verwachting is wel dat de ziekte de komende jaren ook in stedelijk gebied tot uitval van bomen zal leiden. In dit beheerplan is (nog) geen rekening gehouden met grootschalige vervanging van oude en/of zieke bomen. In het najaar van 2021 worden alle populieren binnen de gemeente Gouda gecontroleerd op gevaarzetting. De uitkomsten van dit onderzoek zullen in een volgend beheerplan worden meegenomen. In 2021 is een toename geconstateerd van het aantal zieke iepen hetgeen heeft geresulteerd in een hoger aantal gekapte bomen. Op dit moment is het de verwachting dat dit aantal nog toe zal nemen. Aangezien de omvang hiervan nog niet duidelijk in beeld is, is dit nog niet opgenomen in dit beheerplan. groot onderhoud Voor groot onderhoud van groen is in dit beheerplan niets opgenomen. Deze werkzaamheden, zoals bijvoorbeeld het snoeien van bomen of herstel van plantvakken, worden gerekend tot dagelijks onderhoud. 11.3. Financiën Groen Jaarlijks wordt gemiddeld 1% van het totale areaal groen aangepakt naar aanleiding van ophoogprojecten. Dit aanpakpercentage is in 2018 bijgesteld van 1,25% naar 1%, op basis van ervaringscijfers.
42
43
12. Samenvatting financiën 12.1. Financiën algemeen In dit hoofdstuk zijn alle eerder genoemde bedragen verzameld. Dit beheerplan betreft alleen groot onderhoud en vervanging. Hierbij is uitgegaan van één op één vervanging (geen wijzingen van ontwerp). Bij de kostenramingen is geen rekening gehouden met kosten van herinrichting, renovatie, (innovatieve) maatregelen t.b.v. klimaatadaptatie of klimaatmitigatie of (bewoners)wensen. Voor deze specifieke situaties zal aanvullend aan het beheerplanbudget een budget moeten worden gezocht, tenzij dit budgetneutraal aangepakt kan worden binnen de opgenomen projecten. De genoemde bedragen betreffen de totale kosten voor groot onderhoud, levensverlengend onderhoud en vervanging. In de overzichtstabellen is dus geen rekening gehouden met het activeren van kosten voor vervangingsonderhoud en levensduur verlengend onderhoud. Ook dient te worden vermeld dat de doorkijk voor de eerste vier jaar nauwkeuriger van aard is dan die voor de laatste vier jaar. Dit beheerplan geeft (alleen) inzicht in de beheerbehoefte. De wijze van dekking van kosten wordt bepaald met behulp van het IUP. Door het verwerken van de beheerplanprojecten in het IUP is de financiële doorkijk per financieringsbron inzichtelijk. De projecten uit dit beheerplan zijn in het IUP herkenbaar aan de typering B (Beheerplan).
Het IUP bevat verder GRP projecten (aangegeven met een R) en aanvullende projecten (A) zoals bijvoorbeeld aanleg van ondergrondse containers ten behoeve van Afval scheiden loont. 12.2. Samenvatting financiën 2021-2028 Kosten groot onderhoud:
Kosten levensduur verlengend onderhoud:
44
Kosten vervanging:
45
13. Begripsomschrijvingen Achterstallig onderhoud
onderhoud dat niet uitgevoerd/gepland is en leidt tot een onacceptabele staat van de openbare ruimte en kapitaalsvernietiging.
Achterstand
vertraging in de uitvoering van het groot onderhoud en/of vervanging van de openbare ruimte. De planning wordt niet gehaald, zonder dat dit direct schadelijke gevolgen heeft voor de situatie in de openbare ruimte. Uitgestelde vervanging is een vorm van achterstand, waarbij bewust is gekozen voor uitstellen van onderhoud. Uitstel van vervanging vindt meestal plaats op basis van technisch onderzoek zoals bijv. stabiliteitsonderzoek van lichtmasten.
Contractuele vooropname visuele inspectie om nauwkeurig de aard, omvang en locatie van aanwezige gebreken en onderhoudsbehoefte vast te stellen. Doel is het verkrijgen van inzicht in de uit te voeren maatregelen ten behoeve van de contractvoorbereiding (bijvoorbeeld RAW of UAV-GC). CROW
Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek. Deze volledige naam wordt bijna nooit meer gebruikt. CROW noemt zichzelf liever ‘kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte’
Dagelijks onderhoud
de onderhoudsmaatregelen die in regelmatige cycli worden uitgevoerd zoals maaien en onkruidbestrijding, legen van afvalbakken e.d. Ook incidentele reparaties, werkzaamheden ingeval van calamiteiten en serviceverlening naar aanleiding van meldingen vallen onder dagelijks onderhoud.
Drooglegging
het verschil in hoogte tussen het polderpeil en het maaiveld.
GO-OR
voorziening Groot onderhoud openbare ruimte, ter dekking van kosten voor groot onderhoud (voorheen PP).
Groot onderhoud
de onderhoudsmaatregelen die planmatig worden uitgevoerd, meestal verdeeld over een langere periode (meerjaarlijks). Dit zijn de structurele onderhoudsmaatregelen zoals het opnieuw aanbrengen van een deklaag op asfaltverharding. Ook een gedeeltelijke vervanging van een element (brugdek , brugleuning) betreft groot onderhoud.
Hersteladvies
analyse van de beschikbare informatie en uitwerking tot adviezen voor herstel en onderhoud op basis van de huidige toestand, rekening houdend met economische en diverse andere randvoorwaarden vanuit opdrachtgever. Doel is het verkrijgen van inzicht in de meest doelmatige maatregelen voor uitvoering van herstel (en onderhoud) en de hiermee gepaard gaande kosten.
IUP
Integraal uitvoeringsprogramma, zie paragraaf 1.5.
Kademuur
walbescherming van metselwerk of beton t.b.v. aanleggen van boten.
Keermuur
muur om een hoogteverschil op te vangen, grondkerende constructie.
46
Levensduur verlengend onderhoud
groot onderhoud dat ervoor zorgt dat een element (kunstwerk, brug of de verlichting) langer mee gaat dan de beoogde levensduur en afschrijvingstermijn. Dit betreft met name het vervangen van elektrische installaties bij civiele kunstwerken en openbare verlichting.
MUP
Meerjaren Uitvoerings Programma Zakkende Bodem, zie paragraaf 1.6
Openbare ruimte
de door de gemeente Gouda beheerde publiek toegankelijke buitenruimte, zowel boven- als ondergronds.
PP
Project Programmering ten laste van de voorziening Groot onderhoud openbare ruimte. In verband met het nieuwe BBV (Besluit Begroting en Verantwoording, gewijzigd in 2017) heet de PP voortaan GO-OR en dient deze alleen nog ter dekking van Groot onderhoud. Zie ook paragraaf 1.5 en 2.5.
Technische inspectie
meten van de technische kwaliteit op grond van schadebeelden op basis van landelijke normen (bijv. CROW), uitgevoerd door specialisten.
Theoretische levensduur
de gemiddelde levensduur van een element, bepaald op basis van onder andere materiaalsoort en gebruik.
Uitgestelde vervanging
zie Achterstand.
VAT
kosten voor voorbereiding, administratie en toezicht.
Vervanging
het geheel vervangen van een inrichting(element) uit de openbare ruimte aan het eind van zijn theoretische levensduur of naar aanleiding van technische inspectie.
VI-OR
de investeringskredieten VI-OR ter dekking van kosten van vervangingen (VO) en levensduur verlengend onderhoud (LVO).
Wegvak
een stuk weg (rijbaan, maar ook eventueel aangrenzende parkeervakken, fietspaden en/of trottoirs) van maximaal 500 m lengte.
Walmuur
walbescherming van metselwerk of beton.
47
Bijlage 1: kaart Plusgebieden
48
Bijlage 2: Relatietabellen prestatie-eisen wegbeheer
Onder (lager dan) afgesproken kwaliteitsniveau Plusgebied, voldoet aan afgesproken kwaliteitsniveau overige stad Onder (lager dan) afgesproken kwaliteitsniveau
asfalt
dwarsonvlakheid wegtypen 1 -3 - 6 - 7 geen geen A+ 1 (weinig) A+ 2 (redelijk) A+ 3 (veel) A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A B C D
E (ernstig) B D D D
geen A+ A+ A+ A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A A A B
E (ernstig) B C D D
geen A+ A+ A+ A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A A B C
E (ernstig) B D D D
geen A+ A+ A+ A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A A B C
E (ernstig) B D D D
wegtypen 4 - 5 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
asfalt
oneffenheden
wegtypen 1 - 7 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
asfalt
rafeling
wegtypen 3 - 7 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
49
asfalt
randschade
wegtypen 1 - 2 , 6 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
geen A+ A+ A+ A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A A B C
E (ernstig) B D D D
geen A+ A+ A+ A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A A A A
E (ernstig) B B C D
geen A+ A+ A+ A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A A B C
E (ernstig) B D D D
geen A+ A+ A+ A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A A A A
E (ernstig) B B C D
wegtypen 3 - 5 , 7 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
asfalt
scheurvorming
wegtypen 1 - 2 , 6 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel) wegtypen 3 - 5 , 7 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
cementbeton
oneffenheden wegtypen 1 - 7 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
geen A+ A+ A+ A+
50
L (licht) A+ A A A
M (matig) A A B C
E (ernstig) B D D D
cementbeton
scheurvorming wegtypen 1 - 7 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
geen
L (licht)
M (matig)
E (ernstig)
A+ A+ A+
A A A
A B C
D D D
elementenverharding dwarsonvlakheid wegtypen 3 - 5 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
geen A+ A+ A+ A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A A A B
E (ernstig) B C D D
geen A+ A+ A+ A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A B C D
E (ernstig) B D D D
geen A+ A+ A+ A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A A B C
E (ernstig) B D D D
geen A+ A+ A+ A+
L (licht) A+ A A A
M (matig) A B B B
E (ernstig) B C C C
wegtypen 6 - 7 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
elementenverharding oneffenheden
wegtypen 3 - 7 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
elementenverharding voegwijdte
wegtypen 1 - 7 geen 1 (weinig) 2 (redelijk) 3 (veel)
51
Bijlage 3: Watergangen met nautisch onderhoud
52
53
54
Bijlage 4: Indeling speeltoestellen klein speelaanleiding natuurlijk sport turntoestel veerelement wip middel draaitoestel glijbaan speelhuis klimtoestel schommel speelaanleiding groot combinatietoestel draaitoestel speciaal schommel speciaal speelaanleiding speciaal sport speciaal turntoestel speciaal zeer groot combinatietoestel speciaal glijbaan speciaal kabelbaan klimtoestel speciaal sport speciaal extra
55