CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

08 De Blaauwe Haan Bijlage 1 Cultuurhistorische analyse.pdf

Raadsvergadering 6 oktober 2021, gemeente GoudaBij agendapunt: Bestemmingsplan “De Blaauwe Haan”12.711 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

35).Ten opzichte van de genoemde panden aan de Turfmarkt en de Spoorstraat zijn laatstgenoemde woonblokken eenvoudig in uitvoering.

Afb. 34 Voorbeelden van het werk van D. Stuurman: links Turfmarkt 30-32; rechts Blauwstraat 15 (bron: Google streetview). 37

Denslagen 2001, 480-481. Met dank aan M. Strating voor informatie over D. Stuurman. M. Strating en B. van den Berg werken aan een overzicht van het oeuvre van D. Stuurman. 38

35

Afb. 35 Woningbouwproject aan de Van der Palmstraat van D. Stuurman (bron: Google streetview).

Voor de bouw van het kaaspakhuis uit 1921 is de firma Blankevoort & Zn uit Bloemendaal ingeschakeld.39 Binnen de bouwvergunningen van het Streekarchief komt deze Blankevoort (overigens als Blankenvoort) eenmaal voor en dat is in relatie tot de Kattensingel. Voor zover nu bekend was het kaaspakhuis de enige opdracht. Dit pakhuis maakt nog steeds deel uit van het kaashandelcomplex. Aannemer J.H. de Wilde is verantwoordelijk voor twee expeditieloodsen (1926 en 1927) en wat kleinere verbouwingen. Deze aannemer was gevestigd in Gouda. J.H. de Wilde is onder andere verantwoordelijk voor De Kattensingel 80-80a (1931) en Van Beverninghlaan 5 (1930).40 Beide overigens gebouwd in een stijl die doet denken aan die van D. Stuurman.

39

Op internet is nog steeds een firma D. Blankevoort & Zn B.V. te vinden in Bloemendaal. Het bijgevoegde telefoonnummer is afgesloten. 40 Wanneer gezocht wordt op internet naar aannemer J.H. de Wilde wordt verwezen naar Kattensingel 82 te Gouda, bij telefonisch contact bleek het bouwbedrijf niet meer te bestaan, dhr de Wilde wilde verder geen vragen beantwoorden. Het is daarom niet zeker of dit ook het bouwbedrijf is geweest dat de loodsen heeft gebouwd in de jaren 1926 en 1927. Nader onderzoek is niet verricht. Kattensingel 80-80a: Streekarchief Midden-Holland inventarisnummer 0468-4801; Van Beverninghlaan 5, inv.nr. 0468-4629.

36

6

Waardering van de aanwezige elementen en aanbevelingen 6.1

Cultuurhistorische waarden

Binnen het plangebied en directe omgeving zijn verschillende cultuurhistorische lagen aanwezig die niet allemaal in het zicht of bewaard zijn: Cultuurlandschap: landschappelijke/historisch geografische laag (ontginningen, wetering); Huidige bebouwing die in fasen tot stand is gekomen. Bij de waardering van de verschillende lagen en elementen is gebruik gemaakt van de waarderingssystematiek die wordt toegepast voor archeologisch, gebouwd, groen en stedenbouwkundig erfgoed.41 Hierbij is gekeken naar de cultuurhistorische waarden, de architectuur- en bouwhistorische waarden en de ensemblewaarden/situationele en stedenbouwkundige waarden. Aan de hand van criteria als gaafheid, zeldzaamheid en informatiewaarde wordt de waardestelling uitgedrukt in hoge, positieve, indifferente/lage en negatieve cultuurhistorische waarden: Hoge cultuurhistorische waarden (blauw). Deze elementen zijn van cruciaal belang van de (historische/landschappelijke/stedenbouwkundige) structuur van een gebied, complex en/of object. Positieve cultuurhistorische waarden (groen). Deze elementen zijn van belang voor de (historische/landschappelijke/stedenbouwkundige) structuur en/of betekenis van het complex en/of object. Indifferente cultuurhistorische waarden (geel).

Deze elementen zijn van relatief weinig belang voor de (historische/landschappelijke/stedenbouwkundige) structuur en/of betekenis van het complex en/of object. Negatieve cultuurhistorische waarden (raster). Deze elementen zijn van geen belang voor de (historische/landschappelijke/stedenbouwkundige) structuur en/of betekenis van het complex en/of object. In het verleden is ook wel de term beeldverstorend gebruikt. Besloten is om de waardering in twee kaarten weer te geven om overlapping van kleuren te voorkomen (afb. 36 en 37). Cultuurlandschappelijke waarden Het plangebied heeft deel uitgemaakt van een middeleeuws ontginningsgebied. Dit deel werd ontgonnen vanuit de Gouwe. De op het terrein gelegen (gedempte) Jan Verzwollewetering is e mogelijk al ontstaan als kavelsloot tijdens de vroeg 12 -eeuwse ontginningen. Deze ging vanaf het e midden van de 14 eeuw als gevolg van de aanleg van de stadgracht als wetering voor de afwatering van de polder Bloemendaal functioneren. De Jan Verzwollewetering maakte deel uit van een systeem van sloten en weteringen die was aangelegd om het water naar de IJssel af te voeren. De gedempte wetering is nog steeds als een open structuur in dit deel van de stad te herkennen, dus binnen en buiten het plangebied.

De later langs de stadsgracht aangelegde weg (nu Kattensingel) en de Jan Verzwollewetering hebben eeuwenlang de begrenzingen gevormd van in eerste instantie de tuinen die aan de singel waren gelegen en in tweede instantie het bouwblok waarbinnen het huidige plangebied ligt. Bij de bouw van de huizen of bedrijfspanden aan de Kattensingel is steeds één rooilijn aangehouden en behouden tot op de dag van vandaag. Om deze redenen hebben de gedempte wetering en de huidige rooilijn van de Kattensingel als historische structuren beide een hoge cultuurhistorische waarde gekregen. Stedenbouwkundige (situationele) waarden Het kaashandelcomplex van de Kaashandel Maatschappij “Gouda” B.V. is klein begonnen aan het e eind van de 19 eeuw (toen nog firma Van Eijk) en is uitgegroeid tot één van de grootste kaashandelshuizen van Gouda. Groei in het bedrijf betekende uitbreiding van het kaashandelcomplex. Door de koop van panden aan de Kattensingel met langgerekte percelen tot aan de Jan Verzwollewetering kon uitbreiding op die achterterreinen eenvoudig plaatsvinden. Aan

41

Zie RCE-publicatie Eenheid en verscheidenheid. Een zoektocht naar een integrale cultuurhistorische waardestelling van het materiële erfgoed, juni 2014, de tabellen 1 en 2, waarin de waarderingsmethodieken van de verschillende disciplines zijn samengevat.

37

de plaatsing van de nieuwe gebouwen ligt geen stedenbouwkundig ontwerp ten grondslag, het complex is geleidelijk gegroeid, maar wel werd grotendeels rekening gehouden met de oude perceelsgrenzen. Veel gebouwen zijn (en waren) net iets schuin gericht op de Kattensingel. Een e e afwijkend patroon is zichtbaar bij de vroegste nieuwbouw uit de late 19 en vroege 20 eeuw, direct achter de oude blekerij. Dit patroon is gehandhaafd bij de bouw van het nieuwe kaaspakhuis in 1969/70. De oriëntatie van de huidige gebouwen kent dus een lange geschiedenis die minstens e e teruggaat op een laat 18 of vroeg 19 -eeuwse situatie, behalve die van het kaaspakhuis uit 1969/70 die de afwijkende oriëntatie van de nieuwbouw uit de periode 1889-1904 volgt (afb. 24).

Afb. 36 Waarderingkaart structuren en kaashandelcomplex als geheel. Verbindingen van het complex met omliggend gebied maken geen deel uit van een stedenbouwkundig ontwerp, gezien de geleidelijke groei. De wetering was al aanwezig en is niet specifiek ingepast in het bouwplan. De uitgangen naar de Kattensingel waren vooral praktisch: ingangen voor personeel en transportmiddelen en de kazen konden via het water van de singel verder worden vervoerd. De uitgang naar het noordwesten, over de brug naar de Van Beverninghlaan vormde een verbinding met het Van Bergen IJzendoornpark, je kunt spreken van een zichtlijn vanuit het kaashandelcomplex naar het park. Een brug over de wetering zou er zeker al vanaf 1905 hebben gelegen. Deze verbinding met het groen van het park werd in 1921 nog benadrukt en verbreed met de aanleg van een tuin ter hoogte van de Van Beverninghlaan 8-12. Met de komst van het woonhuis op dit adres in 1961 is de verbinding met en het zicht op het park weer versmald. Daarentegen is de zichtlijn in 1969 juist verlengd met de sloop van panden aan de Kattensingel en het daardoor ontstane gat in de gevelwand. Vanaf dan is sprake van een verbinding met de binnenstad: een doorlopende zichtlijn vanaf de Van Beverninghlaan naar de stad en vanaf de Kattensingel op het groen van het Van Bergen IJzendoornpark.

38

Het kaashandelcomplex is als ensemble gedeeltelijk bewaard. Het onderzoek heeft uitgewezen dat zich binnen het complex panden bevinden uit verschillende bouwperioden vanaf 1912. De panden zijn in gebruik geweest als kaaspakhuis, kistenmakerij, laboratorium, een afdeling korstloze kaas, melkcontrolestation en kantoor. Hiermee vertellen ze een deel van de geschiedenis van het complex. Bijzonder is dat het kaashandelcomplex de naam heeft overgenomen van de blekerij die vanaf 1801 tot aan de overname door de familie van Eijk in 1870 hier gevestigd was en is blijven voeren: De Blaauwe Haan. Op basis van bovenstaande krijgt de interne en externe samenhang van het complex (ensemble, verbindingen, opzet grotendeels rekening houdend met oude perceelsgrenzen, continuïteit in naam) een positieve cultuurhistorische waarde (afb. 35). Cultuurhistorische waarde De handel van de Kaashandel Maatschappij “Gouda” strekte zich uit tot diverse landen in Europa, maar ook in Zuid Amerika en Zuid Afrika. Het bedrijf was van sociaaleconomisch belang in Gouda maar ook daarbuiten. Het had handelshuizen of filialen in heel Nederland, maar ook in Londen en Hamburg. Het bedrijf was dus belangrijk voor de verspreiding van de naam “Gouda”, maar was hierin niet uniek. Binnen Gouda hadden zich vele kaashandelaren gevestigd om de volvette kazen van zelfkazende boeren te verhandelen, waaronder De Producent.

De functie van het complex weegt mee in de waardering van het complex omdat de kaashandel voor Gouda van groot sociaaleconomisch belang was. Omdat hier bijna een eeuw lang één van de grootste kaashandelaren van Gouda gevestigd was, maar niet de enige was in Gouda, krijgt de functie een positieve cultuurhistorische waarde.

Afb. 37 Toegekende cultuurhistorische waarden aan de gebouwen.

39

Waardering huidige gebouwen binnen het kaashandelcomplex Een hoge cultuurhistorische waarde is toegekend aan het pand dat parallel aan de gedempte wetering ligt en gebouwd is in 1936. Hoewel de bouwtekening op het moment van schrijven van dit rapport nog niet is gevonden en verdere gegevens over het pand ontbreken, heeft het gebouw typische karaktertrekken die je in het werk van D. Stuurman ziet. Stuurman was een belangrijk ontwerper voor de stad Gouda binnen de vooroorlogse nieuwbouwwijken waar hij veel ontwierp voor woningbouwverenigingen (bijvoorbeeld in de Van der Palmstraat). Het zijn ontwerpen in eenvoudige architectuur. Hij heeft ook verschillende pakuizen ontworpen, waaronder één voor de Kaashandel Maatschappij in 1927. Meer bijzonder en sprekender zijn de ontwerpen voor individuele woonhuizen of een bankgebouw voor particuliere opdrachtgevers uitgevoerd in een nieuwzakelijke of expressionistische stijl. Van dergelijke ontwerpen bestaan er relatief weinig in Gouda en daarom wordt behoud van het pand uit 1936 op het kaashandelcomplex aanbevolen. Dit gebouw krijgt om die reden een hoge cultuurhistorische waarde (afb. 37). Positieve cultuurhistorische waarden zijn toegekend aan de gebouwen uit 1921 en 1927, respectievelijk gebouwd als kaaspakhuis en uitbreiding van de kistenmakerij.

De panden zijn niet meer volledig maar wel grotendeels nog in hun oorspronkelijke staat aanwezig. Karakteristieke elementen zijn de draagconstructies van beide panden en de ronde vensters, raampartijen en dubbele ‘pakhuis’ deuren op de verdieping. Indifferente cultuurhistorische waarden zijn toegekend aan de kleinere gebouwen uit de jaren 20 van de vorige eeuw en de nieuwbouw uit 1969/70. Architectonisch gezien zijn het geen uitzonderlijke ontwerpen, ze bevatten ook geen bijzondere constructies, maar ze maken wel deel uit van de geschiedenis van het kaashandelcomplex. Ook aan de kistenmakerij uit 1912 is een indifferente cultuurhistorische waarde toegekend. Dit heeft te maken met de staat van overlevering. De karakteristieke gevels zijn grotendeels verdwenen, de noordwest hoek is uitgebroken en daarvoor in de plaats is een ketelhuis (?) gekomen, een deel van de oorspronkelijke draagconstructie is vervangen door een betonnen constructie. Negatieve cultuurhistorische waarde zijn toegekend aan de ruïne in het zuidelijk deel van het plangebied en aan de recente aanbouw aan het pand uit 1936.

6.2

Aanbevelingen

Ten aanzien van de nieuwbouwplannen kunnen de volgende aanbevelingen worden gedaan: Het kaashandelcomplex ligt ingesloten binnen de historische structuren de (gedempte) Jan Verzwollewetering en de Kattensingel met een eeuwenoude rooilijn. Geadviseerd wordt deze hoog gewaardeerde structuren te behouden en de gedempte wetering als een open strook (zoals deze nu ook grotendeels aanwezig is) in het nieuwbouwplan op te nemen. Geadviseerd wordt het karakteristieke pand gebouwd in 1936 in expressionistische stijl en waarschijnlijk van de hand van D. Stuurman te behouden en het een nieuwe functie te geven. Het is bijna onvermijdelijk om bij de nieuwbouw aan het thema kaas voorbij te lopen. Geadviseerd wordt dit thema door te zetten in bijvoorbeeld de architectuur van het geplande appartementencomplex (‘kaaspakhuis’ nieuwe stijl) of de grondgebonden woningen (bijvoorbeeld in expressionistische stijl). De projectontwikkelaar is al voornemens de naam Blaauwe Haan te handhaven, dus in die zin is al een aanzet gegeven. De verbinding met het Van Bergen IJzendoornpark park en de later ontstane verbinding met de stad behouden, of wel de verbinding/zichtlijn park-stad opnemen in het nieuwbouwplan. Voordat eventueel besloten wordt tot sloop van de panden, wordt geadviseerd eerst nader bouwhistorisch onderzoek te laten verrichten.

Dat geldt met name voor de panden uit 1912, 1921, 1927 en 1936 (bij dit pand gaat voorkeur uit naar behoud) en 1921/22? op afb. 37.

40

Literatuur Abels. P.A.M. et al., 2002: Duizend jaar Gouda. Een stadsgeschiedenis. Hilversum. Akkerman, C. et al. 1997: Het Geheim van Bloemendaal. Jaarboek 1995/1996 van de Archeologische Vereniging Golda. Gouda. Bet, E. & D. Broekhuizen 2005: Gouda, naoorlogse architectuur en stedenbouw, een inventarisatie. Gouda. Boer, A., de, 2020: Bureau voor Archeologie Rapport 935. Kattensingel 62, Gouda,gemeente Gouda: een bureauonderzoek. Utrecht. Bontenbal, A. & K. Doedeijns, jaartal onbekend: Het kerkje met het ‘Oude Kerkhof’ in Bloemendaal (website www.gouda-historie.nl). Beknopte inventarisatie cultuurhistorische waarden Ridder van Catsweg en Bloemendaalseweg. Opgesteld door de afdeling SVM van de gemeente Gouda in samenspraak met de Vereniging Bescherming Bloemendaalseweg, versie 19 mei 1998. Bestemmingsplan Nieuwe Park wonen september 2010, gemeente Gouda. Denslagen, W.F., 2001: Gouda. De Nederlandse monumenten van geschiedenis en kunst. Zwolle. Elte, L., 2009: Geschiedenis van de Kaashandel-Maatschappij ‘Gouda’ Groenendijk, M.J., 2009: Archeologievriendelijk bouwen op de Koningshof te Gouda. Een evaluatie van de archeologievriendelijke aanpak. Gemeente Gouda, september 2009. RCE-publicatie Eenheid en verscheidenheid. Een zoektocht naar een integrale cultuurhistorische waardestelling van het materiële erfgoed, juni 2014. Vergunst, A.D., 1990: Geschiedenis van de Blaauwe Haan.

In: Tidinge van de Goude, jrg. 8, nr. 4, 70-72. Gouda.

Geraadpleegde websites https://gis.gouda.nl/viewer/app/Cultuurhistorie_open www.gouda-historie.nl http://www.ruimtelijkeplannen.nl http://www.topotijdreis.nl https://hetnieuweinstituut.nl www.digibron.nl https://www.goudakaasstad.nl/geschiedenis/ http://www.nieuwsbrievengouda.nl/Monumentenzorg/Nieuwsbrief_nr53.pdf http://web.archive.org/web/20120422010709/http://www.groenehartarchieven.nl/themas/handel-ennijverheid/firma-hj-nederhorst

41

Lijst van afbeeldingen Afb. 1 Locatie plangebied. Afb. 2 Kattensingel 61-69. Huidige bebouwing (gebouwd 1970). Afb. 3 Een deel van het plangebied ligt binnen een gebied dat is aangewezen als beschermd stadsgezicht. Afb. 4 Rijks- en gemeentelijke monumenten nabij het plangebied. Daarnaast zijn verschillende panden gerekend tot de Jongere Bouwkunst B en C (potentieel beeldbepalende panden conform de CHBK). Afb. 5 De open strook aan de noordwest zijde van het plangebied. Boven: kijkend naar het zuidwesten; onder: kijkend naar het noordoosten. Afb. 6 De voormalige kistenmakerij van binnen en buiten. De vermoedelijk oorspronkelijke dakdragende constructie is deels aanwezig (nu beschermd met metalen buizen) en deels is deze vervangen door een betonnen draagconstructie (foto rechtsonder, op de achtergrond). De rechthoekige aanbouw aan de voorzijde dateert uit dezelfde periode als de nieuwbouw van het kaaspakhuis in 1970 (foto rechtsboven). Afb. 7 Zicht op het (grijze) dakvlak van het kaaspakhuis uit 1921. Links kijkend richting Kattensingel, rechts kijkend richting het pand gebouwd in 1936. Afb. 8 Kaaspakhuis gebouwd in 1921. De draagconstructie is uitgevoerd met vakwerkkolommen en vakwerkliggers. Afb. 9 Uitbreiding kistenmakerij 1927/28.

Links een deel van de noordwest gevel, gezien vanuit het gebouw uit 1936; rechts een deel van de zuidoost gevel, gezien vanuit het kaaspakhuis uit 1969/70. Afb. 10 Voormalige kistenmakerij 1927 (uitbreiding). Linksboven: zuidoost gevel; rechtsboven: noordoost gevel; linksonder: spantconstructie in de vorm van een enkelvoudig hangwerk, kijkend naar het zuidoosten; rechtsonder: zuidwest gevel. Afb. 11 Kantoorgebouw met werkruimte uit 1936. De onderste foto’s zijn enige jaren geleden gemaakt door dhr. R. Hofman (gemeente Gouda). Afb. 12 In 1970 is een groot deel van de oude gebouwen gesloopt, zodat een nieuw kaaspakhuis met kantoren aan de kattensingel gebouwd kon worden. De foto van de bouw komt uit het familiearchief van Van Eijk (Streekarchief Midden-Holland Varia 387, Band C). Afb. 13 Kijkend naar het zuidoosten. De onderste foto is enige jaren geleden gemaakt door dhr. R. Hofman (gemeente Gouda). Afb. 14 Kijkend naar het noordoosten. Op de voorgrond de werkplaats van afb. 12. Afb. 15 De ruïne langs de toegang vanaf Kattensingel 47. Afb. 16 De huidige topografie met de oudste kernen Bloemendaal en Gouda en de ontginningsassen en -richtingen. De ontwikkelingskaarten zijn afkomstig van de CHBK. Afb. 17 Kaart van H. Verschuur Jzn uit 1812 waarop de ontginningsstructuren goed zichtbaar zijn. Overgenomen uit Van Dasselaar 1997, 24.

a = Gouwe, b= Hollandse IJssel, c = Winterdijk, d = Kleiweg (nu Bloemendaalsweg/Ridder van Catsweg), e = Oude Gouwe, f = Omloopkade, g = Ree of Reekade, h = Uitweg (nu A12).Het plangebied ligt net buiten de oude stadskern van Gouda (binnen de rode rechthoek). Afb.18 Kaart uit de periode 1875-85 met daarop de weteringen buiten de stadsgracht. Het plangebied ligt binnen de rode rechthoek. Afb. 19 Boven: Jacob van Deventer ca. 1560; linksonder: Braun en Hogenberg; rechtsonder: Johannes Blaeu 1649. Het plangebied ligt binnen de blauwe contour. Kaartmateriaal is overgenomen uit De Boer 2020. Afb. 20 Uitsnede uit de kaart van Tiron 1747. Overgenomen uit De Boer 2020. Afb. 21 Kadastrale minuut 1811-1832 met functies van terreinen. De rode contouren geven gebouwen aan. Ter hoogte van het groene vlak bevinden zich in deze periode meerdere lijnbanen van vier verschillende eigenaren. De blekerij is van Martinus Peeters. Overgenomen uit De Boer 2020. Afb. 25 Luchtfoto 1930 (bron: https://data.samh.nl/page/beeldbank/fotocollectie/24232). Op de foto zijn de nog bestaande panden met een jaartal in wit aangegeven. De overige panden binnen het plangebied zijn gesloopt. Afb. 26 Luchtfoto na 1948, na de sloop van de loods uit 1914 nabij de Jan Verwollewetering. Afb. 27 In donkergrijs de nieuw te bouwen panden. Bouwvergunning 1969 (Streekarchief inv.nr. 0468-9279).

42

Afb. 28 Doorsnede van het nieuwe kaaspakhuis met kantoren, ontwerp 1969, bouw 1970. Links ligt de Kattensingel. Afb. 29 Kijkend naar het zuidoosten, zicht op de binnenstad vanuit het plangebied. Afb. 30 Situatietekening behorend bij de bouwvergunning voor het bouwen van de kistenmakerij in 1912 (het witte bouwblok). Afb. 31 Verbindingen met de omgeving. Afb. 32 Zicht vanaf ‘Van Beverninghlaan 13’ over het plangebied naar de binnenstad van Gouda. Afb. 33 Deel van de toegang aan de Crabethstraat ter hoogte van de gedempte wetering. Afb. 34 Voorbeelden van het werk van D. Stuurman: links Turfmarkt 30-32; rechts Blauwstraat 15 (bron: Google streetview). Afb. 35 Woningbouwproject aan de Van der Palmstraat van D. Stuurman. Afb. 36 Waarderingkaart structuren en kaashandelcomplex als geheel. Afb. 37 Toegekende cultuurhistorische waarden aan de gebouwen.

43

Bijlage 1 Ontwikkeling plangebied aan de hand van kadastrale hulpkaarten.

44

De zwarte pijl in kaart 1929 wijst naar het toegevoegde elektriciteitshuisje.

45

1996, het perceel 3067 direct grenzend aan de zuidwest Rand van het hierboven getoonde perceel 2707.

46

Bijlage 2 Kaashandelcomplex 1920 uit familiearchief van Van Eijk

Streekarchief Midden-Holland inventarisnummer Varia 397.

47

Streekarchief Midden-Holland inventarisnummer Varia 397.

48

Bijlage 3 Bouwtekeningen uit het Streekarchief Midden-Nederland 1891 (inv. nr. 468-1085). Gesloopt

1899 Wagenloods, kistenmakerij en kaaspakhuis, gesloopt (inv. nr. 468-1058). H.J. Nederhorst sr.

49

Vervolg 1899

50

1912 Kistenmakerij (inv. nr. 0468-2463). Architect H.J. Nederhorst jr. Nog grotendeels aanwezig.

51

1921 Kaaspakhuis ten noordoosten van de kistenmakerij en houten kantoor of loods langs de Jan Verzwollewetering. Door aannemer D. Blankevoort & Zn te Bloemendaal (inv. nr. 0468-3303). De loods is in 1936 vervangen voor steenbouw. Het kaaspakhuis is nog grotendeels aanwezig. Zuidoostelijk deel ingekort in verband met nieuwbouw 1969/70.

52

1927 Uitbreiding kistenmakerij (inv. nr. 0648-4212). Architect D. Stuurman. Gebouw nog grotendeels aanwezig.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=c75d454f-058d-41bc-ab60-2a7701a79f2e