CConstaterende datGouda
Koppel je AI →
Document · PDF

05 De Blaauwe Haan Toelichting.pdf

Raadsvergadering 6 oktober 2021, gemeente GoudaBij agendapunt: Bestemmingsplan “De Blaauwe Haan”19.767 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

De Blaauwe Haan

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Inhoudsopgave

Toelichting

5

Hoofdstuk1 Inleiding 1.1 Aanleiding planherziening 1.2 Ligging, begrenzing en juridische status van het plangebied 1.3 Bij het plan behorende stukken 1.4 Leeswijzer

6 6 6 7 8

Hoofdstuk2 Gebiedsbeschrijving 2.1 Ontstaansgeschiedenis 2.2 Functionele structuur

9 9 12

Hoofdstuk3 Planbeschrijving 3.1 Uitgangspunten en doelstellingen van het plan 3.2 Ruimtelijke hoofdopzet 3.3 Planaspecten

14 14 14 14

Hoofdstuk4 Beleidskader 4.1 Rijksbeleid 4.2 Provinciaal beleid 4.3 Gemeentelijk beleid 4.4 Conclusie

16 16 17 19 24

Hoofdstuk5 Omgevingsaspecten 5.1 Archeologie en cultuurhistorie 5.2 Bedrijven en milieuzonering 5.3 Bodem 5.4 Externe veiligheid 5.5 Flora en fauna 5.6 Geluid 5.7 Luchtkwaliteit 5.8 Niet-gesprongen explosieven 5.9 Verkeer en parkeren 5.10 Water 5.11 Milieueffectrapportage

25 25 28 29 31 32 34 35 36 37 40 43

Hoofdstuk6 Juridische planbeschrijving 6.1 Juridische planbeschrijving 6.2 Regels 6.3 Verbeelding

44 44 44 47

Hoofdstuk7 Uitvoerbaarheid 7.1 Economische uitvoerbaarheid 7.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid

48 48 48

Bijlagen bij toelichting Bijlage 1

Cultuurhistorischeanalyse

Bijlage 2

Bodemonderzoek

Bijlage 3

Bodemonderzoek (inpandig)

Bijlage 4

Quickscan flora en fauna

2

Inhoudsopgave (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Bijlage 5

Nader ecologisch onderzoek

Bijlage 6

AERIUS-berekening

Bijlage 7

Akoestischonderzoek weg- en spoorwegverkeer

Bijlage 8

Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.

Bijlage 9

Onderbouwing parkeerbalans bouwplan

Bijlage 10

Bezonningsstudie

Bijlage 11

Akoestischonderzoek gebouwsinstallaties

Inhoudsopgave (vastgesteld)

3

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

4

(vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Toelichting

Toelichting (vastgesteld)

5

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding planherziening

Op de locatie van het voormalig kaaspakhuis De Blaauwe Haan aan de Kattensingel 61 – 69 en Kattensingel 47, is de bouw van 59 woningen beoogd. Het plan betreft een woningbouwontwikkeling aan de rand van het historische centrum van Gouda. Het oude kaaspakhuis met bedrijfsbestemming staat al enige tijd leeg. De hallen worden gesloopt om op deze plek een appartementengebouw en parkwoningen te realiseren. In de ruimte tussen de woningen is een openbaar, groen park voorzien, dat wordt verbonden met het naastgelegen Van Bergen IJzendoornpark. De locatie is bij uitstek geschikt voor wonen: de gunstige ligging ten opzichte van het stadscentrum met alle voorzieningen, veel groen nabij en een goede bereikbaarheid met het openbaar vervoer geeft de planlocatie voordelen om woningbouw te realiseren. De beoogde appartementen en parkwoningen vormen een goede aanvulling op de gewenste uitbreiding van het woningaanbod. Het vigerende bestemmingsplan "Nieuwe Park Wonen" (2011) staat de beoogde ontwikkeling niet toe, waardoor een herziening daarvan noodzakelijk is. Dit bestemmingsplan voorziet hierin.

1.2

Ligging, begrenzing en juridische status van het plangebied

Het plangebied is gelegen aan de Kattensingel 61 – 69 en Kattensingel 47 in Gouda. Het is gesitueerd ten noordwesten van het historisch centrum en ligt ten zuiden van treinstation Gouda. Kadastraal is de locatie bekend als: gemeentecode GDA01, sectie H, perceel 1615, 1628, 1791, 2707, 3067 en 3962. Het plangebied wordt globaal omsloten door woonpercelen aan de Crabethstraat, de Kattensingel, de Van Swietenstraat en de Van Beverninghlaan met daarachter het Van Bergen IJzendoornpark (zie figuur 1).

Figuur 1.1: Ligging plangebied/projectlocatie (bron luchtfoto: PDOK 2018)

Ter plaatse van het plangebied vigeert het bestemmingsplan "Nieuwe Park Wonen", dat op 11 november 2010 is vastgesteld door de gemeenteraad van gemeente Gouda (op 20 juli 2011 onherroepelijk

6

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan geworden). Hier is aan het overgrote deel van het terrein van de Blaauwe Haan de bestemming 'Bedrijf' toegekend. Een strookje aan de zuidzijde kent de bestemming 'Verkeer - Verblijf' en kleine delen aan de randen van het plangebied vallen in de bestemming 'Wonen', 'Tuin', of 'Gemengd'. Er zijn bouwvlakken met maatvoeringsaanduidingen opgenomen, waarbij het westelijke bouwvlak is voorzien van de functieaanduiding 'kantoor'. Voor zo goed als het gehele plangebied geldt de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' (een kleine zone aan de noordoostzijde uitgezonderd). De zuidoostelijke strook van het plangebied heeft tevens de dubbelbestemming 'Waarde - Beschermd stadsgezicht' en deels de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering'.

Figuur 1.2: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan "Nieuwe Park Wonen" (2011)

De bestemming 'Bedrijf' staat de functie wonen niet toe en de beoogde bebouwing past niet binnen de kaders van de bouwregels van het vigerend bestemmingsplan. Binnen de bestemming 'Wonen' zijn slechts twee woningen toegestaan op basis van de ingetekende bouwvlakken. De bestemming 'Tuin' geldt voor een tuinen en parkeervoorzieningen. Hier zijn in het plan tevens moestuin en parkeervoorzieningen voorzien, dit deel wordt in voorliggend bestemmingsplan dan ook conserverend opgenomen. De woningbouwontwikkeling van 59 woningen is strijdig met het vigerend bestemmingsplan. Het beoogd initiatief kan mogelijk gemaakt worden middels een bestemmingsplanprocedure. Onderhavig bestemmingsplan dient daartoe. Ter plaatse van het plangebied vigeert bovendien de Parapluherziening parkeren, vastgesteld op 21 november 2018. Het aspect parkeren wordt nader toegelicht in §5.9 Verkeer en parkeren.

1.3

Bij het plan behorende stukken

Voorliggend bestemmingsplan De Blaauwe Haan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en de regels vormen tezamen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide onderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast.

Toelichting (vastgesteld)

7

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

1.4

Leeswijzer

Het bestemmingsplan is opgebouwd conform het (wettelijke) model Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP 2012) en de binnen de gemeente Gouda gehanteerde standaard. Hoofdstuk 1 tot en met 3 gaan in op de huidige en toekomstige situatie. In hoofdstuk 4 komt het relevante beleid aan de orde en in hoofdstuk 5 de de omgevingsaspecten. In hoofdstuk 6 en 7 wordt ingegaan de wijze waarop het beoogd initiatief in dit bestemmingsplan mogelijk is gemaakt en wordt de uitvoerbaarheid besproken.

8

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Hoofdstuk 2

Gebiedsbeschrijving

2.1

Ontstaansgeschiedenis

2.1.1

Gouda algemeen

Gouda is ontstaan op de plaats waar de rivier de Gouwe uitmondde in de Hollandsche IJssel. De Gouwe is van oorsprong een rivier die zorgde voor de afvoer van water uit het veengebied tussen de Hollandsche IJssel en de Oude Rijn. De huidige loop van de Hollandsche IJssel is in de Romeinse tijd gevormd, over de Gouwe is minder bekend. Ten tijde van het ontstaan van de stad Gouda zal de Gouwe ongeveer zijn huidige loop door de stad al hebben gehad. De Haven is niet de oorspronkelijke Gouwemond, maar een kunstmatige verbinding naast de oude Gouweloop (langs de huidige Spieringstraat). De ondergrond van Gouda bestaat uit een dik veenpakket, plaatselijk meer dan 10 meter dik. Over het veenpakket is door de rivieren een kleilaag afgezet, naar het noorden wordt deze laag steeds dunner. Vanaf ongeveer 1200 is er, met name in de binnenstad, regelmatig opgehoogd, waardoor een bewoningspakket met een dikte van (plaatselijk) 4 meter is ontstaan. In 1272 kreeg Gouda stadsrechten. De stad groeide daarna binnen ongeveer 100 jaar uit naar de omvang van de huidige binnenstad (gebied binnen de singels). Deze grootte behield het lange tijd. Vanaf de veertiende eeuw begon men met de grootschalige winning van turf als brandstof voor stedelingen en bedrijven. Hierdoor ontstonden plassen die later ten dele weer werden drooggelegd. De eerste grote stadsuitbreidingen dateren van na 1901.

In de tweede helft van de negentiende eeuw wordt een begin gemaakt met de uitbreiding van de stad Gouda buiten de singels. Door de vestiging van nieuwe bedrijven en uitbreiding van de bestaande bedrijven ontstond een grote behoefte aan arbeiderswoningen. 2.1.2

Gebiedsspecifiek

Het plangebied is gelegen in de wijk Nieuwe Park. Burgemeester Albertus Adrianus van Bergen IJzendoorn liet na zijn dood in 1895 de stad Gouda een legaat na van 40.000 gulden voor de aanleg van “…eene wandelplaats op eenigen afstand van de bebouwde kom der Gemeente, die men aan twee kanten kan bereiken, zoodat men niet langs denzelfden weg behoeft terug te keeren...”. Met dit legaat werd het Van Bergen IJzendoornpark aangelegd. Begin negentienhonderd werd het deel tussen het station en de Winterdijk gerealiseerd. Later volgde het deel gelegen tussen de Winterdijk en de Nieuwe Gouwe O.Z. De wijk gelegen tussen de Spoorstraat, Nieuwe Gouwe O.Z., de spoorlijn en de Kattensingel ontleent haar naam hieraan. De wijk Nieuwe Park heeft van oudsher een belangrijke verkeersfunctie. Van transport over water en de remise voor de paardentram van toen tot een intercitystation en recreatievaart van nu. Ook het groen is doorweven met de geschiedenis van de wijk: van akkerbouw na de eerste ontginning en siertuinen langs de singel tot het monumentale stadspark en waardevolle ecologische zones in het heden.

Toelichting (vastgesteld)

9

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

figuur 2.1: Wijk Nieuwe Park omstreeks 1990 (bron: "1910–2010 Een eeuw Nieuwe Park" p.4, Stichting Wijkteam Nieuwe Park te Gouda, 2010)

Kattensingel Al in 1757 wordt de Kattensingel als “de cingel tussen Potterspoort en de Cleywechspoort“ vermeld. De Kattensingel behoort sinds 1979 tot het beschermd stadsgezicht in Gouda. Doel hiervan is om bij toekomstige ontwikkelingen de met de historische ontwikkeling samenhangende structuur en ruimtelijke kwaliteit als zwaar belang te laten meewegen. Voor bedrijven was de Kattensingel een favoriete locatie vanwege de aan- en afvoermogelijkheden over het water. Het terrein van de NV Kaashandel Maatschappij Gouda (uit 1870) op nummer 62-69, een groot deel van onderhavig plangebied, is het laatste grote bedrijfsterrein dat nog in gebruik was. De haan aan de gevel is afkomstig van de in 1801 op deze plek gevestigde ‘Bleekerij, de Blaauwe Haan’. Pas in de 19e eeuw werd de weg langs het water aangeduid met Kattensingel. De straat dankt haar naam aan de nabijgelegen brug die de singel verbond met het Bolwerk: de Jan Kattenbrug. De Jan Kattenbrug is echter in 1960 overkluisd, toen een nieuw verkeersplein op het Bolwerk in gebruik werd genomen. Kaaspakhuizen Vroeger waren in de hele stad Gouda veel kaaspakhuizen. Door de stijgende kaasafzet, kwam er behoefte aan meer bergruimte. Het opslaan van grote voorraden bleek noodzakelijk, daarom werden in 1889 de percelen aan de Kattensingel 65-66 aangekocht: het ene deed dienst als woonhuis De Blaauwe Haan, het andere als pakhuis.

Het terrein achter de percelen werd benut voor de aanbouw van een tweede magazijn, waarachter na twee jaar opnieuw een pakhuis werd gebouwd. Het woonhuis De Blaauwe Haan naast de kaashandel behoorde ooit toe aan de “bleeker” A. Jaspers, die aan het begin van de Kattensingel de bleekerij bezat. Al gauw kwam behoefte aan meer ruimte en werden nieuwe gebouwencomplexen gesticht. Nieuwe pakhuizen, stallingen voor rijtuigen, inkoopfilialen en magazijnen verrezen, niet alleen langs de Kattensingel, maar ook bijvoorbeeld in de Vrouwesteeg en langs de Crabethstraat en de Van Beverninghlaan. In 1912 was de oprichting van de N.V. Kaashandel Maatschappij “GOUDA”.

10

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Figuur 2.2: Kantoor en kaaspakhuizen aan de Kattensingel omstreeks 1903 (bron: Geschiedenis van de Kaashandel-Maatschappij 'Gouda' door Lies Elte p.1, september 2009)

Naamgeving De Blaauwe Haan In 1801 werd een “koophuis en erve met lijnbaan en drie paden” omgebouwd tot “bleekerij”, genaamd De Blaauwe Haan. Vastgelegd was dat na de koop deze naam nog 13 jaar en 4 maanden niet veranderd mocht worden. Het perceel was inmiddels verdubbeld en een aantal malen van eigenaar gewisseld. Het pand had in het midden een kade of poort: De Blauwe Poort, die was afgesloten met een ijzeren draaihek; dit was de ingang voor laden en lossen. Dit pad was destijds openbare weg tussen diverse percelen. Rond 1920 verkocht firma Eyssen haar kaaspakhuis aan firma Paul in de Jeruzalemstraat en eigenaar Eyssen verhuisde naar Alkmaar. Gedwongen door uitbreiding kwam het bedrijf toch weer in Gouda terug op de plek waar de Blaauwe Haan heeft gezeten. Het werd de voortzetting van twee bedrijven, die vroeger samen als kaashandel aan de Kattensingel zaten, maar nu onder één dak. De haan op de gevel werd in bruikleen afgestaan: bij opheffing van de kaashandel of bij verhuizing moet het beeldmerk worden weggehaald.

Toelichting (vastgesteld)

11

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Figuur 2.3: De Blaauwe Haan (bron: Geschiedenis van de Kaashandel-Maatschappij 'Gouda' door Lies Elte p.2, september 2009)

In §5.1 Archeologie en cultuurhistorie van deze toelichting wordt nader ingegaan op het aspect cultuurhistorie.

2.2

Functionele structuur

In het plangebied zijn de hallen van het voormalig Kaaspakhuis nog steeds aanwezig, echter niet meer in gebruik. Het beeldmerk, de haan, is verwijderd, maar de naamgeving is nog zichtbaar op de gevel.

Figuur 2.4: Aanzicht oude kaaspakhuis vanaf de Kattensingel (bron: Google Maps Streetview 2018)

De twee grote hallen beslaan een groot deel van het terrein. De aangrenzende ruimte is grotendeels verhard en dient als aanrijroute en parkeergebied. In het westelijke deel van het plangebied is een braakliggend terrein. In het noordwestelijk deel is in de huidige situatie een moestuin aanwezig en een pad dat ontsluit in de Van Swietenstraat.

12

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Figuur 2.5: Bovenaanzicht plangebied (bron: luchtfoto Google Maps 2020)

De Blaauwe Haan aan de Kattensingel is gezien de ligging zeer geschikt als woonlocatie, direct naast het monumentale stadscentrum met voorzieningen en op loopafstand van het centraal station.

Toelichting (vastgesteld)

13

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Hoofdstuk 3 3.1

Planbeschrijving

Uitgangspunten en doelstellingen van het plan

Aangezien de huidige bebouwing niet meer in gebruik is en niet meer voldoet aan de eisen van de huidige tijd, worden de bestaande hallen gesloopt om plaats te maken woningen. De woningen voorzien in de behoefte aan woningen binnen de gemeente Gouda. Doel van het plan is een comfortabele en groene woon- en leefomgeving te creëren. Gelet op de functies in de omgeving is woningbouw goed inpasbaar deze locatie. Met de nieuwe ontwikkeling wordt bovendien verdere leegstand en verval van de fabriekshallen voorkomen. De beoogde ontwikkeling zal een positieve bijdrage en impuls aan de wijk leveren.

3.2

Ruimtelijke hoofdopzet

Het plan voorziet in de realisatie van 59 woningen. Langs de Kattensingel is een appartementencomplex voor 24 huurwoningen voorzien. Op het achterliggende terrein zijn 35 koopwoningen voorzien. De laatstgenoemde woningen zijn alle naar de binnenzijde toe gericht, waardoor een grotendeels omsloten binnenruimte ontstaat. In deze openbare ruimte tussen de bebouwing wordt een (openbaar toegankelijk) groen park gerealiseerd. De grondgebonden woningen rondom het park worden in onderhavig plan aangeduid als de "parkwoningen". Het park vindt aansluiting op het naastgelegen (tevens openbaar toegankelijke) Van Bergen IJzendoornpark.

3.3

Planaspecten

Het plan bestaat uit de realisatie van 24 huurwoningen in het appartementencomplex langs de Kattensingel. De overige 35 royale parkwoningen zijn voorzien op het achtergelegen terrein. Samen vormen zij een continu ensemble rondom het groene park, in het hart van het plangebied. In het appartementengebouw worden luxe stads(huur)woningen gerealiseerd. Qua doelgroep wordt onder meer gedacht aan vitale senioren en empty nesters. Het complex wordt uitgevoerd in 3 en 4 bouwlagen, en wordt daarmee opgenomen in de schaal van de Kattensingel. De royale parkwoningen zullen worden uitgevoerd in de vorm van rijwoningen, twee-onder-een-kap woningen een vrijstaande woning. Net als woningen uit de omgeving (zoals de straatwand langs de van Beverninghlaan), zijn de nieuwe parkwoningen gericht op het groene park met een ritmiek van grote vensters, (franse) balkons en dakoverstekken. Het terrein wordt voor gemotoriseerd vervoer ontsloten vanaf de Kattensingel. Aan de noordzijde van het plangebied is een inrit voor voetgangers en fietsers (en tevens hulpdiensten in geval van een calamiteit), welke de verbinding naar het Van Bergen IJzendoornpark vormt. Aan de zuidzijde van het door de woningen omsloten park, is tevens een onderdoorgang voorzien onder het appartementencomplex. Hierdoor kunnen voetgangers en fietsers de Kattensingel gemakkelijk bereiken.

Parkeren wordt binnen het plangebied opgelost. Parkeerplaatsen zijn voor het overgrote deel aan de rand van het terrein voorzien, aan de achterzijde van de parkwoningen. De bestaande moestuin wordt hiertoe gedeeltelijk verplaatst. Het resultaat is een prettige en groene, parkachtige woonomgeving. Figuur 3.1 geeft een impressie van de inrichting van het terrein. In onderhavig bestemmingsplan wordt het plangebied bestemd als wonen, tuin, groen en verkeer, met de benodigde flexibiliteit en kaders voor een passende invulling van het terrein. Het totaal aantal woningen is gemaximaliseerd op 59 stuks.

14

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Figuur 3.1: Beoogde inrichting plangebied (kaart is niet noordgericht)

Schaduwwerking en bezonning Tijdens het ontwerpproces is rekening gehouden met de schaduwwerking van het plan. Er is een bezonningsstudie opgesteld, waaruit blijkt dat de woningen aan de Van Beverninghlaan minimaal schaduwwerking ondervinden van de nieuwbouw. Alleen in de wintermaanden vindt een bepaalde schaduwwerking op de gevel plaats, tot ongeveer 12:00 uur in de ochtend. De studie (d.d. 10 mei 2021) is, naar aanleiding van ingekomen zienswijzen, toegevoegd als Bijlage 10 Bezonningsstudie bij deze toelichting. De schaduwwerking is tijdens het participatieproces besproken met indieners van zienswijzen en tevens in een 3D-model gepresenteerd. Geconcludeerd wordt dat de beoogde bebouwing op dusdanige afstand van alle omliggende bebouwing is geprojecteerd, dat het aspect bezonning voldoende is gewaarborgd.

Toelichting (vastgesteld)

15

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Hoofdstuk 4

Beleidskader

4.1

Rijksbeleid

4.1.1

Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte

Door het Rijk is op 13 maart 2012 de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte vastgesteld. De structuurvisie geeft een integraal kader voor het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid op rijksniveau en is de 'kapstok' voor bestaand en nieuw rijksbeleid met ruimtelijke consequenties. In de structuurvisie schetst het Rijk ambities tot 2040 en doelen, belangen en opgaven tot 2028. De forse bezuinigingsopgave van het Rijk, maakt dat er scherp geprioriteerd moet worden. De ambities spelen voornamelijk in op de (inter)nationale ontwikkelingen die de ruimtelijke en mobiliteitsopgaven bepalen richting 2040. Het Rijk zet het ruimtelijke- en mobiliteitsbeleid in voor een concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig Nederland. Hoofdlijn in de structuurvisie vormt de decentralisatie. Het Rijk geeft ruimte aan provincies en gemeenten om in te spelen op de eigen situatie, om zelf beslissingen te nemen en om ruimte te geven aan burgers en bedrijven voor initiatief en ontwikkeling. Conclusie Met het bestemmingsplan zijn geen nationale belangen in het geding. De onderhavige ontwikkeling betreft de herontwikkeling van een binnenstedelijke locatie van bedrijf naar wonen. Het plangebied heeft geen directe relatie met één van de thema’s of bepalingen uit het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Voor het plan zijn ten aanzien van dit beleidsonderdeel dus geen knelpunten te verwachten. 4.1.2

Barro en Bro (Ladder voor duurzame verstedelijking)

Het Rijk legt met het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) de nationale ruimtelijke belangen juridisch vast. Het Barro is het inhoudelijke beleidskader van de rijksoverheid waaraan bestemmingsplannen moeten voldoen. Het eerste deel is 30 december 2011 in werking getreden. Sindsdien hebben enkele wijzigingen plaatsgevonden, momenteel is een geconsolideerde versie d.d. 1 januari 2017 beschikbaar. Sinds 1 oktober 2012 is in het Barro de 'ladder voor duurzame verstedelijking' opgenomen. Het bepaalt dat voor bestemmingsplannen de treden van de ladder moet worden doorlopen. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Met de ladder voor duurzame verstedelijking wordt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten nagestreefd. Om zorgvuldig ruimtegebruik te bevorderen neemt het Rijk enkel nog de 'Ladder voor duurzame verstedelijking' op. De Ladder is als een procesvereiste opgenomen in artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Hierdoor neemt de bestuurlijke drukte af en ontstaat er ruimte voor regionaal maatwerk. Dit betekent dat in de toelichting van een bestemmingsplan een beschrijving wordt opgenomen van de behoefte aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling.

Indien blijkt dat de stedelijke ontwikkeling niet binnen het bestaand stedelijk gebied kan worden voorzien, bevat de toelichting een motivering daarvan en een beschrijving van de mogelijkheid om in die behoefte te voorzien op de gekozen locatie buiten het bestaand stedelijk gebied. Bestaand stedelijk gebied wordt in het Bro gedefinieerd als 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'. Conclusie De ruimtelijke onderwerpen van nationaal belang zijn beperkt. Het Rijk benoemt alleen nog landelijke doelstellingen om de woningmarkt goed te laten werken. Op dit moment legt het Barro geen restricties op voor de onderhavige locatie. De Ladder voor duurzame ontwikkeling wordt doorlopen ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening.

16

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Onderbouwing Ladder voor duurzame verstedelijking De planlocatie is gelegen binnen de bebouwde kom van Gouda en wordt derhalve beschouwd als bestaand stedelijk gebied. Vanwege de toevoeging van meer dan 11 woningen, wordt de ontwikkeling als een nieuwe stedelijke ontwikkeling gezien. Derhalve dient de behoefte aan de nieuwe functie te worden aangetoond. De voorgenomen ontwikkeling voorziet in een lokale en regionale behoefte aan extra woningen in een gewenst woonmilieu. De Regionale Agenda Wonen (RAW) is het vertrekpunt voor de verdere fasegewijze uitwerking tot een regionale woonvisie, het regionale kader voor het woonbeleid. De RAW Midden-Holland is eind 2019 vastgesteld en gaat in op behoud en versterking van de diversiteit aan woonmilieus in de regio Midden-Holland. Als uitwerking van de RAW Midden-Holland geeft de bestaande Regionale Projectenlijst Woningbouw (RPW) Midden-Holland inzicht in de actuele woningbouwplannen van de gemeenten in de regio Midden-Holland. Onderhavig project is opgenomen in de RPW Midden-Holland 2019 met 59 woningen in Blok I. Gedeputeerde Staten heeft met deze RPW ingestemd. Hiermee wordt voldaan aan het regionale behoeftecriterium van de Ladder voor duurzame verstedelijking. Hieruit blijkt dat ontwikkeling van woningen tegemoet komt aan de regionale woonvraag in bestaand stedelijk gebied binnen de gemeente Gouda.

De Ladder voor duurzame verstedelijking is hiermee succesvol doorlopen. Nut en noodzaak van de beoogde ontwikkeling is aangetoond.

4.2

Provinciaal beleid

Het provinciaal beleid is vastgelegd in het Omgevingsbeleid bestaande uit de Omgevingsvisie Zuid-Holland en Omgevingsverordening Zuid-Holland. Beide zijn in werking getreden op 1 april 2019. 4.2.1

Omgevingsvisie Zuid-Holland

De provincie ziet zes richtinggevende ambities in de fysieke leefomgeving. Bij de zes ambities is een aantal opgaven geïdentificeerd. De opgaven zijn vanuit provinciale optiek en op een zeker abstractieniveau geformuleerd zonder een beoogde eindsituatie te schetsen. Daarom omvat de Omgevingsvisie geen eindbeeld voor 2030 of 2050, maar wel ambities die voortkomen uit actuele maatschappelijke opgaven. Het betreft de volgende ambities: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Naar een klimaatbestendige delta Naar een nieuwe economie: the next level Naar een levendige meerkernige metropool Energievernieuwing Best bereikbare provincie Gezonde en aantrekkelijke leefomgeving

In het programma Ruimte zijn de instrumenten opgenomen waarmee de doelen en ambities uit de Omgevingsvisie uitgevoerd gaan worden. Conclusie Het plangebied ligt binnen het aangewezen bestaand stads- en dorpsgebied. In lijn met de maatschappelijke behoefte zet de provincie in op het beter benutten van het bestaand stads- en dorpsgebied. Beter benutten van de bebouwde ruimte krijgt ruimtelijk invulling door verdichting, herstructurering en binnenstedelijke transformatie. Indien een gemeente een ruimtelijke ontwikkeling wil realiseren, wordt de Ladder voor duurzame verstedelijking doorlopen. De Ladder voor duurzame verstedelijking is opgenomen in nationale wet- en regelgeving. Toepassing is van provinciaal belang, daarom is in de verordening een verwijzing opgenomen naar de Rijksladder. Uitgangspunt van de Ladder is dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling voorziet in een behoefte en in beginsel in bestaand stedelijk gebied wordt gerealiseerd. Het doel is een zorgvuldig gebruik van de ruimte. De provincie wil bevorderen dat de ladder op (sub)regionaal niveau wordt toegepast en dat samenwerkende gemeenten een gezamenlijk beeld ontwikkelen van de ontwikkelmogelijkheden binnen en buiten bestaand stads- en dorpsgebied.

De regionale woonvisie vormt het kwalitatieve en kwantitatieve kader voor en de onderbouwing van het door de regio op te stellen regionale woningbouwprogramma en de beoordeling daarvan door de provincie. Het plangebied ligt niet binnen andere relevante aangewezen gebieden van de Omgevingsvisie, die een belemmering zouden vormen voor de beoogde ontwikkeling, zoals een gebied

Toelichting (vastgesteld)

17

bestemmingsplan De Blaauwe Haan met een bepaalde beschermingscategorie. 4.2.2

Omgevingsverordening Zuid-Holland

Ter plaatse van het plangebied gelden geen specifieke regels zoals opgenomen in de Omgevingsverordening. Relevant voor het planvoornemen zijn de regels aangaande stedelijke ontwikkelingen en ruimtelijke kwaliteit. In artikel 6.10 Stedelijke ontwikkelingen van de Omgevingsverordening zijn de regels aangaande stedelijke ontwikkelingen opgenomen en in artikel 6.9 zijn de regels aangaande ruimtelijke kwaliteit opgenomen. Artikel 6.10 stedelijke ontwikkelingen Een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, voldoet aan de volgende eisen: a. de toelichting van het bestemmingsplan gaat in op de toepassing van de ladder voor duurzame verstedelijking overeenkomstig artikel 3.1.6, tweede, derde en vierde lid van het Besluit ruimtelijke ordening; b. indien in de behoefte aan de stedelijke ontwikkeling niet binnen bestaand stads- en dorpsgebied kan worden voorzien en voor zover daarvoor een locatie groter dan 3 hectare nodig is, wordt gebruik gemaakt van locaties die zijn opgenomen in het Programma ruimte. Artikel 6.9 Ruimtelijke kwaliteit 1. Een bestemmingsplan kan voorzien in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling, onder de volgende voorwaarden ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit: a.

de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, voorziet geen wijziging op structuurniveau, past bij de aard en schaal van het gebied en voldoet aan de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart (inpassen); b. als de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, maar wijziging op structuurniveau voorziet (aanpassen), wordt deze uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit per saldo ten minste gelijk blijft door: zorgvuldige inbedding van de ontwikkeling in de omgeving, rekening houdend met de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart; en het zo nodig treffen van aanvullende ruimtelijke maatregelen als bedoeld in het derde lid; c. als de ruimtelijke ontwikkeling niet past bij de bestaande gebiedsidentiteit (transformeren), wordt deze uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit van de nieuwe ontwikkeling is gewaarborgd door: een integraal ontwerp, waarin behalve aan de ruimtelijke kwaliteit van het gehele gebied ook aandacht is besteed aan de fysieke en visuele overgang naar de omgeving en de fasering in ruimte en tijd, alsmede rekening is gehouden met de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart; en het zo nodig treffen van aanvullende ruimtelijke maatregelen als bedoeld in het derde lid.

Uit de provinciale kwaliteitskaart blijkt dat het plangebied deels is aangewezen als 'historisch centrumgebied' en deels als 'steden en dorpen'. Kenmerken als de identiteit van de plek (historische, culturele, toeristische en ruimtelijke kenmerken), de geografische strategische ligging in het stedelijk netwerk en de aanwezige en nieuwe economische dragers maken van iedere stad en ieder centrum in het systeem een unieke plek met een eigen (ruimtelijke) karakteristiek. Een brede waaier aan woon- en werkmilieus is een belangrijke voorwaarde voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Als herstructurering, transformatie of verdichting plaatsvindt binnen de stad, dan draagt dit bij aan de versterking van de ruimtelijke karakteristiek. Bij nieuwe ontwikkelingen wordt gebruik gemaakt van de groen- en waterstructuur als onderdeel van het stads- en dorpsontwerp. De hoogstedelijke centrumgebieden kennen een hoge bereikbaarheid en sterke identiteit. Ze bieden plaats aan (inter)nationale voorzieningen en bijzondere stedelijke woonmilieus. De historische centra en kernen met hun compacte bebouwingsstructuur zijn waardevolle woon- en vestigingsmilieus in Zuid-Holland en dragen bij aan de toeristische kwaliteit.

Als ontwikkelingen plaatsvinden in of in de nabijheid van het historisch centrum dan dragen deze bij aan behoud en versterking van de vitale stads- en dorpscentra met een gevarieerd functioneel en ruimtelijk beeld.

18

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Conclusie De ruimtelijke ontwikkeling past binnen de aard en schaal van het gebied en voldoet aan de richtpunten van de kwaliteitskaart. Er kan hierdoor gesproken worden van inpassing. Het betreft een herontwikkeling naar wonen. Een dergelijke functie past dit (historische) stedelijke gebied en zorgt voor een versterking van een vitaal stadscentrum door de toevoeging van nieuwe woningen. De Ladderonderbouwing is reeds toegelicht onder Rijksbeleid. 4.2.3

Convenant Klimaatadaptief bouwen

De provincie Zuid-Holland heeft een bouwopgave van 100.000 nieuwe woningen tot 2025. Deze grote bouwopgave biedt de kans om deze woningen klimaatbestendig te ontwikkelen en hiermee schade of duurdere herstelmaatregelen in de toekomst te voorkomen. De provincie heeft daarom in 2018 procesafspraken gemaakt met overheden, organisaties en marktpartijen in het Convenant Klimaatadaptief Bouwen. Het doel van het convenant is het verminderen van wateroverlast, hittestress, droogte en bodemdaling en het vergroten van de biodiversiteit. Één van de convenantafspraken is het ontwikkelen van een instrumentarium om de klimaatbestendigheid van nieuwbouw te beoordelen en te bevorderen. Dit is een complex en meerjarig traject. In het convenant is afgesproken om in afwachting van de resultaten van dit instrumentarium alvast een 'Minimaal Programma van Eisen' te ontwikkelen. Dit Programma is bedoeld als voorlopige maatregel om de nieuwbouwplannen die in de komende jaren ontwikkeld worden klimaatbestendig in te richten. Het doel van het Programma van Eisen is het opstellen van praktische eisen die partijen in de provincie Zuid-Holland kunnen gebruiken om op korte termijn klimaatbestendig te ontwikkelen. Conclusie Begin dit jaar heeft Gouda zich aangesloten bij het Convenant Klimaatadaptief Bouwen.

Met de ondertekening van het convenant, heeft Gouda zich gecommitteerd om klimaatadaptief bouwen tot het nieuwe normaal te verheven. Het convenant bestaat uit een aantal producten zoals een Leidraad ter ondersteuning voor beleidsontwikkeling en een Programma van Eisen met handvatten voor nieuwe ontwikkelingen. In het kader van de beoogde ontwikkeling, dient dan ook voldaan te worden aan de praktische eisen die gesteld worden om klimaatbestendig te ontwikkelen. Verderop, in §4.3.7 Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2016 - 2019 en Handreiking duurzaamheid, wordt nader ingegaan op de gemeentelijke visie die in dit kader eveneens relevant is alsmede de duurzaamheidsaspecten van het beoogde plan.

4.3

Gemeentelijk beleid

4.3.1

Structuurvisie 2005

De gemeente Gouda heeft een structuurvisie 2005-2030 opgesteld om een kader te geven waar toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen kunnen plaatsvinden. Deze structuurvisie probeert ontwikkelingen in Gouda zelf en in de omgeving ruimtelijk te vertalen en een koers uit te zetten. Daarmee zet Gouda een belangrijke stap in de richting van een toekomstige, nieuwe positie; onderdeel van een ‘netwerk van steden’ op de zuidvleugel van de randstad, maar gelegen op de overgang van dat zuidvleugel netwerk en het Groene Hart. Hoewel onderhavige locatie De Blaauwe Haan niet direct binnen de structuurvisie wordt benoemd (op de "Visiekaart 2030" is onderhavig plangebied niet specifiek aangeduid), biedt de structuurvisie wel een visie op de ontwikkeling van de randen van de oude stad. Onderstaande figuur toont de Goudse binnenstad met haar omliggende randen. Investeren in de stad begint conform de structuurvisie met investeren in de binnenstad, met als belangrijkste doel die binnenstad vitaal en levendig te houden.

Toelichting (vastgesteld)

19

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Figuur 4.1: Binnenstad en randen (Ruimtelijke Structuurvisie Gouda 2005, p.24)

Het instandhouden en versterken van de binnenstad heeft hierbij absolute topprioriteit. Dit is vooral te realiseren door de binnenstad nieuwe schuifruimte te bieden. Met name aan de oosten noordzijde van de binnenstad liggen goede mogelijkheden voor het realiseren van ‘overlooplocaties’. Hier kan ruimte worden geboden aan functies die te groot zijn (geworden) voor het historische stadshart. Daarnaast is in deze randen ruimte voor woningbouw in hoge dichtheden. Bijkomend effect is dat hiermee extra draagvlak wordt gecreëerd en dat de overgang tussen de binnenstad en de achterliggende wijken kan worden verbeterd. Conclusie Het voorliggend plan sluit aan op de in de structuurvisie geformuleerde uitgangspunten door de realisatie van een woonvoorziening in een hogere bebouwingsdichtheid. Dit zal de aanhechting aan de binnenstad verbeteren en het draagvlak voor de centrumvoorzieningen verder versterken. 4.3.2

Woonvisie Gouda 2015-2020(2015)

Met deze woonvisie zet de gemeente de koers uit voor het wonen in Gouda voor de komende jaren. Gouda is een stad waar het aangenaam wonen is voor alle generaties. De centrale ligging in de Randstad, het historische centrum, de centrumvoorzieningen en de nabijheid van groen en water zijn de kernkwaliteiten van Gouda. De volgende vijf hoofdthema´s staan centraal in het woonbeleid: Woon- en leefkwaliteit in Gouda: wijken met toekomstwaarde; Kwaliteit bestaande woningen: duurzaam - energetisch, veilig en levensloopgeschikt; Wonen voor iedereen: betaalbaar, beschikbaar en toegankelijk; Optimale voorraad: versnelling & vraagsturing woningproductie; Wonen met zorg: een thuis voor kwetsbare groepen. In Gouda is vooral vraag naar het centrumstedelijk wonen in de historische binnenstad en de ring direct er omheen. Daarnaast is er vraag naar meer ontspannen groenstedelijke woonmilieus zoals de luxe stadswijk, rustige stadswijk en wonen aan de randen of in uitleggebieden. Gemeente Gouda zoekt gericht naar (nieuwe) kansen om (meer) te voorzien in de vraag naar centrumstedelijk wonen in de binnenstad en de ring direct er omheen. De gemeente volgt de marktvraag en verwacht een effectieve vraag naar nieuwbouw van gemiddeld 170 woningen binnenstedelijk per jaar de komende tien jaar. Conclusie Herontwikkeling op deze locatie draagt bij aan hetgeen met de woonvisie wordt beoogd.

Namelijk het realiseren van hoogwaardige centrumstedelijke woningen.

20

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

4.3.3

Erfgoed, cultuurhistorie en archeologie

In de Erfgoedvisie (2013) is vastgelegd hoe de gemeente Gouda het cultureel erfgoed borgt en welke prioriteiten zij daarbij stelt. De gemeente geeft hiermee in overleg met ‘de stad’ richting aan een concrete uitwerking hiervan. De Erfgoedvisie is dus de basis over wat de gemeente wel en niet beschermt en hoe dit in stand wordt gehouden, ook in tijden van schaarste of bezuinigingen. Uitgangspunten van de Erfgoedvisie zijn onder meer: de samenhang centraal stellen en het verhaal van de stad beschrijven. Gouda beschikt over een digitale Cultuurhistorische Basiskaart (CHBK). Door het erfgoed in ruimtelijke samenhang te laten zien, worden het ontstaan en de ontwikkeling van Gouda in beeld gebracht. Bovendien wordt er in de behoefte voorzien om de kennis van het Goudse erfgoed te ordenen, te bundelen en te ontsluiten. Middels de CHBK is tevens de archeologische basiskaart te raadplegen. Een belangrijk instrument om de cultuurhistorische waarden in beeld te krijgen, is de Cultuurhistorische Analyse (CHA). Deze is in Gouda sinds 2000 verplicht bij ontwikkelingen in alle gebieden waar waarden worden verwacht Op de zogenaamde "gele-vlekkenkaart" is aangeven waar deze verwachtingen liggen. Conclusie In de Erfgoedvisie zijn de historische binnenstad en water belangrijke onderdelen.

Onderhavig plangebied ligt niet in de binnenstadkern, maar net buiten de singel, aan de rand van de historische binnenstad. De strook langs de Kattensingel maakt onderdeel uit van het beschermde stadsgezicht ter bescherming van de cultuurhistorische waarde. Binnen de grenzen van onderhavig plangebied, zijn op de CHBK zijn geen monumentale gebouwen of monumentale bomen weergegeven. Wel is het plangebied op de "gele-vlekkenkaart" aangewezen als een gebied waar volgens de richtlijnen van de gemeente Cultuur Historische Analyse wordt gevraagd. De archeologische basiskaart laat bovendien zien dat het plangebied archeologische verwachtingswaarde heeft. In §5.1 Archeologie en cultuurhistorie wordt hier nader op ingegaan. 4.3.4

Welstandsnota 2020

Sinds 1 juli 2004 is het toetsen van bouwplannen aan 'redelijke eisen van welstand' alleen nog mogelijk op basis van de Goudse Welstandsnota. Op 9 december 2020 is de Update Welstandsnota 2020 vastgesteld, ter actualisering van het Welstandbeleid 2017. Doel van de welstandstoets is het behartigen van het publieke belang door de lokale overheid. Waarbij de individuele vrijheid van de burger wordt afgewogen tegen de aantrekkelijkheid van de leefomgeving als algemene waarde. Veel mensen zijn bereid mee te werken aan het in stand houden of bevorderen van de ruimtelijke kwaliteit van hun leefomgeving, maar willen wel graag van tevoren op de hoogte zijn van de aspecten die een rol spelen bij de welstandsbeoordeling. Het kader waarbinnen deze beoordeling plaats vindt, wordt zoals gezegd vastgelegd door de gemeenteraad en is daarom een politieke keuze die is gebaseerd op inhoudelijk onderzoek en een maatschappelijke discussie. De Welstandsnota in Gouda bestaat uit drie delen (A, B en C): Deel A heeft betrekking op de beleidsuitgangspunten voor het welstandsbeleid; Deel B bevat het beleid per gebied en categorie, met specifieke uitwerking toezicht per gebied/categorie; Deel C bevat de concrete welstandscriteria voor de verschillende toetsingsniveaus: volledig toezicht, beperkt toezicht en toezichtsvrij.

Conclusie Op de welstandskaart maakt het plangebied deel uit van zone 14 (Binnenstad - Nieuwe Park) met beperkt toezicht voor plannen onder €100.000,-, alsmede zone 1 (Binnenstad e.o.) en 2 (Binnenstad/Nieuwe Park - Van Bergen IJzendoornpark) met volledig toezicht in verband met cultuurhistorische waarden. De bouwplannen zijn daarmee welstandsplichtig. Definitieve bouwplannen worden in het kader van de aanvraag omgevingsvergunning getoetst aan de criteria zoals opgenomen in de Welstandsnota. De bouwplannen worden daartoe voor advies voorgelegd aan de Adviescommissie Omgevingskwaliteit.

Toelichting (vastgesteld)

21

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

4.3.5

Structuurvisie Groen 2019

In de Structuurvisie Groen legt de gemeente Gouda haar visie vast voor behoud en aanleg van (openbaar) groen in de gemeente. Doel is dat bestaand openbaar groen en water behouden blijft en dat bij nieuwe planontwikkelingen 15% openbaar groen gerealiseerd dient te worden. De structuurvisie beschrijft de wijze waarop deze doelstellingen bereikt kunnen worden. Het doel van de Structuurvisie Groen is vergroten van de leefbaarheid door een toename van openbaar groen; het doel vanuit klimaatadaptatie is het bevorderen van maatregelen om de capaciteit van waterberging te vergroten, en wateroverlast en hittestress te verminderen. In de structuurvisie zijn de volgende beleidsregels geformuleerd: Eerste beleidsregel: De oppervlakte bestaand openbaar groen en water, en het aantal bestaande bomen worden ten minste behouden. Tweede beleidsregel: Bij planontwikkelingen dient een oppervlakte ter grootte van ten minste 15% van het totale projectgebied openbaar groen te worden. Derde beleidsregel: Als het niet haalbaar blijkt om binnen het projectgebied de vereiste 15% openbaar groen te ontwikkelen, dan is het mogelijk: 1. binnen het projectgebied compenserende maatregelen te treffen tot maximaal 50% van de opgave voor openbaar groen; 2. de opgave voor openbaar groen te realiseren op andere locaties in dezelfde wijk als waarin het projectgebied ligt.

Het te realiseren openbaar groen buiten het projectgebied dient binnen een jaar na oplevering van het projectgebied te zijn aangelegd. Zijn er compenserende maatregelen mogelijk tot maximaal 50% van de opgave voor openbaar groen. Vierde beleidsregel: Voor iedere niet gerealiseerde of gecompenseerde vierkante meter openbaar groen is een compensatiebijdrage aan de gemeente verschuldigd van € 250 per m2 (prijspeil 2019). Het bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd volgens de Grond-, weg- en waterbouwindex uit het Meerjarenperspectief Grondexploitaties. Vijfde beleidsregel: Het college heeft de bevoegdheid te besluiten tot ontheffing of afwijking van de beleidsregels 2, 3 en 4, indien toepassing leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard. Conclusie Het planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van nieuwe woningen. Het plangebied heeft een omvang van circa 12.388 m2, zodat (op basis van de tweede beleidsregel) ten minste 1.858 m2 openbaar groen gerealiseerd dient te worden. Het nieuwe openbaar groen in het plangebied wordt met name gevonden in het park op het binnenterrein. Het overige openbare groen kan gevonden worden in de vorm van groenvoorzieningen ter plaatse van de parkeergebieden aan de randen van het plangebied. Het park is openbaar toegankelijk en kan door bewoners en omwonenden worden gebruikt.

Bij voorkeur wordt bij de inrichting van het park gekeken naar een natuurlijk verloop van soorten vanuit het Van Bergen IJzendoornpark, om ook hierin aansluiting te vinden. In het plangebied wordt ten minste 15% openbaar groen gerealiseerd. Daarmee wordt voldaan aan de nieuwe taakstelling voor openbaar groen op basis van de Structuurvisie Groen. Er zijn geen compenserende maatregelen nodig. Bovendien is er, ten opzichte van de huidige situatie, sprake van een afname in verhard oppervlak. Dit wordt beschouwd als een positieve ontwikkeling vanuit het oogpunt van groen. 4.3.6

Mobiliteitsplan 2017-2026

Het Mobiliteitsplan 2017-2026 is op 20 september 2017 vastgesteld door de gemeenteraad. Dit plan geeft een antwoord op hoe Gouda in de toekomst als stad in beweging kan blijven. In de nota wordt geconstateerd dat Gouda zich in de komende jaren zal ontwikkelen als regionaal centrum in de Zuidvleugel van de Randstad. Het aantal woningen en voorzieningen zal toenemen. Deze veranderingen gaan gepaard met een toename van verkeer naar en binnen de stad. Belangrijke aandachtspunten bij deze toenemende verplaatsingsbehoefte zijn méér ruimte voor de fiets, betere bereikbaarheid en doorstroming, versterken van leefbaarheid en duurzaamheid. Om onvoldoende bereikbaarheid tegen te gaan en om de kwaliteit van de leefbaarheid en verkeersveiligheid te waarborgen, zijn maatregelen nodig. In het Mobiliteitsplan komen verschillende

22

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan manieren van vervoer aan bod met als doel om mensen te verleiden tot verantwoord mobiliteitsgedrag. Door het stimuleren van onder andere de fiets en het openbaar vervoer wil de gemeente overbelasting van de infrastructuur voorkomen waardoor ruimte blijft bestaan voor belangrijk economisch verkeer. Deze doelstelling is in het plan verder uitgewerkt in een aantal strategische keuzes. Ook is aangegeven wat nodig is om het autogebruik tot 2026 op verantwoorde wijze te verwerken en welke maatregelen verder onderzocht moeten worden. Conclusie Voor het plangebied geldt dat er sprake is van een zeer gunstige ligging ten opzichte van openbaar vervoersvoorzieningen. Er is binnen het plan extra aandacht voor bereikbaarheid voor fiets en voetganger, en voor de aansluiting op en doorstroming naar het Van Bergen IJzendoornpark. Dit biedt mogelijkheden om de bereikbaarheid goed te houden en duurzaamheid te stimuleren. In §5.9 Verkeer en parkeren worden de aspecten verkeer en parkeren nader toegelicht. 4.3.7

Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2016 - 2019 en Handreiking duurzaamheid

Gouda wil actief aan de slag met het thema duurzaamheid. Op 22 maart 2016 is het uitvoeringsprogramma Duurzaamheid Gouda 2016 - 2019 vastgesteld: een uitvoeringsprogramma voor de vergroeningsagenda en de verduurzaming van de energievoorziening. Hiermee geeft de gemeente invulling aan haar duurzaamheidsdoelstellingen. De belangrijkste ambitie uit het Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2016-2019 is Gouda CO2-neutraal in 2040. Hoofddoelen van het uitvoeringsprogramma zijn: Tenminste 1,5% energiebesparing per jaar; 10% toename van productie van duurzame energie in 2020 t.o.v. 2015; Een afvalscheidingspercentage van 75% in 2020; Naar 100% duurzaam inkopen; Samen met Duurzaamheidsplatform Gouda en Samenwerkende Ondernemersverenigingen Gouda naar minder vervoersbewegingen in de stad. Om al deze doelen mogelijk te maken wordt ingezet op een groot aantal deelprogramma's. Om de doelen met betrekking tot CO2 uitstoot op korte én op lange termijn te behalen is extra inzet nodig. Gemeente Gouda ziet zich hier ook deels afhankelijk van regionale en landelijke inzet. Bovendien hanteert gemeente Gouda een Handreiking duurzaamheid bij bouwplannen. Gemeente heeft graag dat initiatiefnemers hier rekening mee houden. Voor bouwplannen geldt: Nieuwbouw is aardgasvrij en in principe energieneutraal. Dit geldt ook voor transformaties naar wonen.

Bij verkoop of oplevering heeft de woning of het gebouw een geldig energielabel. Ook bij transformaties naar wonen. De verbouw of renovatie verbetert de energieprestaties van het pand. Bij de bouw van grondgebonden woningen is een tuin verplicht. Bij planontwikkelingen (bouwsom > € 1 ton) wordt 15% van het projectgebied openbaar groen. Conclusie In dit plan worden woningen toegevoegd in segmenten waarnaar vraag is. Er is sprake van een duurzame verstedelijking, in die zin dat door middel van inpassing in bestaand stedelijk gebied wordt gebouwd, waardoor gebruik kan worden gemaakt van bestaande stedelijke voorzieningen. Inbreiden gaat voor uitbreiden. Alle woningen worden gasloos uitgevoerd en zullen voldoen aan de voor nieuwbouw geldende eisen in het kader van duurzaamheid, isolatie en energieverbruik zoals het Bouwbesluit voorschrijft. Bovendien worden extra maatregelen getroffen. Zo worden de woningen voorzien van ventilatielucht/water combinatiepompen voor warmteterugwinning. Deze combinatiepompen zijn bestemd voor zowel voor de verwarmingsinstallaties als voor de ventilatie- en luchtbehandelingsinstallaties. Ook worden PV-panelen op de woningen aangesloten, om bij te dragen aan een duurzame energievoorziening. Bij de bouw zal zoveel mogelijk duurzaam grondstofgebruik worden toegepast en is aandacht voor hoogwaardige isolatie, zoals isolerende (HR++) beglazing.

In het middenterrein van het plangebied, in het groene park, zijn wadi's voorzien. In geval van (extreme) regenval zullen deze vollopen. Tevens zullen de woningen

Toelichting (vastgesteld)

23

bestemmingsplan De Blaauwe Haan verhoogd worden aangelegd en worden de funderingen dusdanig toegepast, dat bodemdaling geen invloed heeft op de bebouwing. Hiermee wordt wateroverlast voorkomen en leidt hevige neerslag niet tot schade. Aangezien veel groen in het plan is opgenomen, neemt het risico op hittestress en wateroverlast eveneens af. Door de beoogde bomen, zal ook in de zomer sprake zijn van voldoende schaduw, hiermee wordt verdroging of schade bij langdurige droogte tegengegaan.

4.4

Conclusie

Ten aanzien van het Rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk beleid, wordt geconcludeerd dat de beoogde ontwikkeling in lijn is met de beleidsvoornemens. Het ontwikkelen van woningen in het plangebied komt tegemoet aan de regionale woonvraag. De beoogde woningen sluiten aan bij de gemeentelijke ambities om het woningaanbod te versterken in het centrumstedelijk woonmilieu in de historische binnenstad en de ring direct daaromheen.

24

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Hoofdstuk 5

Omgevingsaspecten

In de volgende paragrafen worden de omgevingsaspecten behandeld die binnen de ruimtelijke ordening, en daarmee dus ook voor dit bestemmingsplan, van belang zijn. Veel aandacht gaat daarbij uit naar de milieuaspecten, aangezien de beleidsvelden milieu en ruimtelijke ordening de laatste decennia steeds meer naar elkaar toe zijn gegroeid. Het milieubeleid stelt randvoorwaarden aan ruimtelijke ontwikkelingen en is primair bedoeld om een zo optimaal mogelijke leefomgeving te realiseren.

5.1

Archeologie en cultuurhistorie

Wettelijk kader In 1992 is het Verdrag van Malta tot stand gekomen en in 1998 door Nederland geratificeerd. Doelstelling van het verdrag is de bescherming en het behoud van archeologische waarden. Als gevolg van dit verdrag wordt in het kader van de ruimtelijke ordening het behoud van het archeologisch erfgoed meegewogen zoals alle andere belangen die bij de voorbereiding van het plan een rol spelen. In het verdrag van Malta wordt gesteld dat archeologie van wezenlijk belang is voor de geschiedschrijving van de mensheid. Het verdrag is erop gericht deze waarden voor de toekomst te behouden. De gehanteerde uitgangspunten zijn: archeologische waarden zoveel mogelijk in de bodem bewaren (behoud in situ); in ruimtelijke ordening (planvorming) al rekening houden met archeologische waarden; de bodemverstoorder betaalt archeologisch vooronderzoek en mogelijke opgravingen en de uitwerking van alle archeologische onderzoeken. Het verdrag is geïmplementeerd in de Erfgoedwet die per 1 juli 2016 in werking is getreden. Deze wet is in de plaats gekomen van 6 wetten en regelingen op het gebied van cultureel erfgoed. De gemeenten zijn verplicht om bij het vaststellen van ruimtelijke plannen rekening te houden met eventueel aanwezige archeologische waarden. Het relevante beleid is reeds toegelicht in § 4.3.3 Erfgoed, cultuurhistorie en archeologie. 5.1.1

Relatie tot het plangebied

Archeologie Gemeente Gouda beschikt over een eigen archeologische waardenkaart (de Archeologische Beleidskaart). Hierop wordt het grootste deel van het plangebied aangeduid met een hoge verwachtingswaarde. Het noordwestelijke deel heeft een lage verwachtingswaarde (zie onderstaand figuur). Voor zowel de hoge als lage verwachtingswaarde geldt dat het beleid van toepassing is vanaf 0,5 m -mv.

Figuur 5.1: uitsnede Archeologische Beleidskaart (Gemeente Gouda)

Toelichting (vastgesteld)

25

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Voor het bestemmingsplan heeft dit tot gevolg dat deze gebieden de dubbelbestemming 'Waarde Archeologie' hebben gekregen. Indien op deze gronden een bouwaanvraag wordt ingediend, dient de aanvrager te beschikken over een archeologievergunning voor bodemverstorende activiteiten. Cultuurhistorie In het plangebied zijn geen rijks- of gemeentelijke monumenten aanwezig. Wel is de zuidoostelijke zijde van het plangebied (een strook parallel aan de Kattensingel) aangewezen als beschermd stadsgezicht. In het vigerend bestemmingsplan is hiertoe een dubbelbestemming 'Waarde - beschermd stadsgezicht' opgenomen, welke in onderhavig bestemmingsplan wordt overgenomen. Omdat het hier gaat om slechts één bouwvlak, zijn de planregels versimpeld ten opzichte van de dubbelbestemming in het vigerend bestemmingsplan. Het beschermd stadsgezicht wordt hieronder toegelicht. Voor het plangebied is bovendien een Cultuurhistorische Analyse opgesteld. De rapportage "Kattensingel 61-69 en 47 te Gouda: Een cultuurhistorische analyse" (d.d. 12 november 2020) is bijgevoegd als Bijlage 1 Cultuurhistorische analyse. De resultaten worden eveneens hieronder toegelicht. Beschermd stadsgezicht Op 20 februari 1979 is het beschermd stadsgezicht Gouda ingeschreven in het register van de beschermde stads- en dorpsgezichten (nr. MMA/MO 196.974 I ).

De Kattensingel en zijn bebouwing behoren tot het aangewezen gebied en liggen in zone C. Doel van de aanwijzing is de karakteristieke met de historische ontwikkeling samenhangende structuur en ruimtelijke kwaliteit van het gebied te onderkennen als een zwaar belang bij verdere ontwikkelingen binnen het gebied. De bescherming is in de C-zone met name gericht op het belang van het stratenpatroon en het patroon van watergangen in samenhang met de schaal van de bebouwing. De duidelijke ruimtevorming door aaneengesloten gebouwen, de bebouwingsschaal en de stadssingels zijn, naast de objecten van individuele waarde, belangrijke elementen. Een randvoorwaarde is het behoud van de structuur en ruimtelijke kwaliteit. Onder patroon wordt de bestaande, buitenste begrenzing van de openbare ruimte verstaan, concreet gevormd door: bebouwing; rooilijnen; verkavelingsrichting; zichtlijnen; private open ruimten; begroeiing etc. Onder schaal wordt de maatverhouding tussen het (zichtbare deel van) het gebouw en de openbare ruimte verstaan, concreet gevormd door: goothoogte ten opzichte van straatbreedte; goothoogte ten opzichte van breedte van het pand; onderverdeling van de gevel in de breedte en in de hoogte (o.a. gevelritmiek en verdiepingshoogte).

Om dit beschermd stadsgezicht te kunnen waarborgen, is in het vigerend bestemmingsplan "Nieuwe Park Wonen" (2011) een speciale waarde met bijbehorende regels toegekend aan de gronden waarop het beschermd stadsgezicht van toepassing is. Daarbij is een gevelkaart opgesteld. In voorliggend bestemmingsplan wordt eveneens een dubbelbestemming ('Waarde - Beschermd stadsgezicht') opgenomen. Hiermee blijft de bescherming van het stadsgezicht gewaarborgd. De gevelhoogte wordt hierbij gewijzigd, de gevelhoogte wordt namelijk gelijk gesteld met de hoogte van de aangrenzende bebouwing. In het kader van onderhavige bouwplannen vindt welstandstoetsing plaats. Er wordt voorkomen dat er een onevenredig aantasting van de structuur en ruimtelijke kwaliteit van het beschermd stadsgezicht ontstaat. Aanleiding Cultuurhistorische Analyse Op de "gele-vlekkenkaart" behorende bij de Erfgoedvisie (zie § 4.3.3) is het plangebied aangewezen als een gebied waar een Cultuur Historische Analyse (CHA) wordt gevraagd.

26

Toelichting (vastgesteld)

bestemmingsplan De Blaauwe Haan

Figuur 5.2: Uitsnede Beleidskaart Cultuurhistorische Analyse (Gemeente Gouda), plangebied bij benadering rood omcirkeld

Vanuit erfgoed wordt aandacht gevraagd voor de loop van de voormalige Jan Verzwollewetering en het jaren-'30 pand, waar de melk gekeurd werd ten behoeve van de kaasproductie. De wetering heeft gelegen waar nu de riolering ligt. Het uitgangspunt is dat deze onbebouwd blijft en op passende wijze wordt ingericht met behoud van zichtlijnen. Het gebouw, gelegen langs de voormalige Jan Verzwollewetering, had een bijzondere functie in de (regionale) kaashandel. Hierin was een keuringslaboratorium gevestigd voor de melk. Het gebouw dateert uit de jaren '30 en heeft architectonische bijzondere kwaliteiten. Omdat het gebouw sinds vele jaren niet meer gebruikt en onderhouden wordt, is het in ernstig verval geraakt. Cultuurhistorische waarde De CHA geeft inzicht in de cultuurhistorische waarde van deze objecten. Uit de CHA blijkt dat de gedempte Jan Verzwollewetering en de rooilijn aan de Kattensingel als historische structuren een hoge cultuurhistorische waarde hebben. Aan de interne en externe samenhang van het complex (ensemble, verbindingen, opzet grotendeels rekening houdend met oude perceelsgrenzen, continuïteit in naam) is een positieve cultuurhistorische waarde toegekend. Het pand dat is gebouwd in expressionistische stijl in 1936 en waar lange tijd een melkcontrolestation was gevestigd heeft een hoge cultuurhistorische waarde, ondanks de ernstige mate van verval.

Positieve cultuurhistorische waarden zijn toegekend aan de gebouwen die zijn gebouwd in 1921 en 1927. Indifferente cultuurhistorische waarden zijn toegekend aan de overige gebouwen binnen het complex. Alleen aan de aanbouw aan het pand uit 1936 is een negatieve cultuurhistorische waarde toegekend. In de CHA worden de volgende aanbevelingen gedaan: Geadviseerd is de gedempte Jan Verzwollewetering als open structuur te behouden, evenals de rooilijn aan de Kattensingel. Geadviseerd wordt het karakteristieke pand gebouwd in 1936 in expressionistische stijl te behouden en het een nieuwe functie te geven. Geadviseerd wordt het thema kaas voort te laten bestaan in het nieuwbouwplan. De eerste aanzet is er al aangezien de nieuwe wijk De Blaauwe Haan zal heten. Tevens kan worden gedacht aan het laten terugkomen van architectuur van gebouwen van het kaashandelcomplex in de nieuwbouw. Geadviseerd wordt de verbinding met het Van Bergen IJzendoornpark park en de later ontstane verbinding met de stad te behouden, of wel de zichtlijn park-stad op te nemen in het nieuwbouwplan. Geadviseerd eerst nader bouwhistorisch onderzoek te laten verrichten voordat over gegaan wordt tot sloop van de panden. Dit advies geldt voor de panden die voor 1940 zijn gebouwd. De aanbevelingen zijn zoveel als mogelijk meegenomen in het plan.

Hoewel het advies tot behoud van het vervallen pand gebouwd in 1936 niet wordt overgenomen, worden de overige in de CHA genoemde, en aanvullend met de gemeente Gouda overeengekomen aanbevelingen ter harte genomen: Ter plaatse van de Jan Verzwollewetering wordt zo min mogelijk bebouwing mogelijk gemaakt, om openheid te behouden en zodoende de ligging van de voormalige wetering herkenbaar te houden. Op de verbeelding is hier een aanduiding opgenomen, voor de instandhouding van de gedempte wetering. De nieuwe bebouwing langs de Kattensingel wordt in dezelfde rooilijn geplaatst als in het

Toelichting (vastgesteld)

27

bestemmingsplan De Blaauwe Haan huidige beschermd stadsgezicht het geval is. Vanuit stedenbouwkundig oogpunt is het niet wenselijk om behoud van het pand uit 1936 in te passen. Het stedenbouwkundig plan kent woningen die met de voorgevel naar binnen gericht zijn op een groen park. Het de voorgevel van het pand uit 1936 staat juist naar achteren toe gericht en kan derhalve geen onderdeel uitmaken van het stedenbouwkundig plan. Daarnaast is het zo dat in het belang van de beoogde ontwikkeling in het tegemoetkomen aan de bestaande hoge woonvraag in Gouda, de sloop van dit pand acceptabel wordt geacht. De stedenbouwkundige inrichting, zonder behoud van het pand uit 1936, is door de Adviescommissie Omgevingskwaliteit (voorheen: Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit) reeds besproken (op 2 juli 2019, 18 juni 2020, 7 januari 2021, 4 maart 2021 en 8 juli 2021) en als positief gewaardeerd. Het karakteristieke pand uit 1936 zal, voorafgaand aan de sloop, zorgvuldig in beeld worden gebracht en gedocumenteerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gouda&id=4805875c-6744-46c5-ab2f-8f3d272bfa47