Agendabundel
Tekst van het document
82
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
Overige risico’s, maar met een minder grote impact, betreffen de kans dat de te verwerven grond duurder wordt dan tot nu toe aangenomen en de kans dat door het niet integraal ophogen van het terrein de kavels niet voor de meest optimale grondprijs kunnen worden verkocht. In de grondexploitaties zijn de risico’s met betrekking tot de corona-uitbraak niet meegenomen omdat de impact van de coronacrisis niet te duiden is. In algemene zin is in de grondexploitaties wel rekening gehouden met de risico's van vertraging in de uitgifte van grond en het niet kunnen realiseren van de geraamde grondprijzen. 2. Hoog Dalem De voortgang in het project Hoog Dalem is in zoverre gevorderd dat risico's waarmee in het weerstandsvermogen rekening wordt gehouden zich slechts nog concentreren op de realisatie van het deelplan Middengebied. De risico’s hebben betrekking op de planning; wordt het verwachte afzettempo gehaald op het moment dat de effecten van de coronacrisis op een laat-cyclische sector als de woningmarkt en bouwsector duidelijk worden. Met het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan in februari 2021 is het risico op het niet halen van het verwachte start uitgiftemoment weggenomen. Het aantal verkopen ligt voor op de planning zodoende is het totaalrisico voor de gemeente bepaald op € 0,3 mln.
De onderliggende risico's zijn individueel gewogen (conform de voorgeschreven methodiek). Daarom is er geen percentage opgenomen in de tabel. 3. Waarborgen en garanties De gemeente Gorinchem staat voor € 34,7 mln. garant voor leningen van bijvoorbeeld deelnemingen, onderwijsinstellingen en verenigingen. Deze € 34,7 mln. vormt de financiële grondslag voor de berekening van het risico. De kans dat de gemeente wordt aangesproken voor schulden/leningen van deze instanties is ingeschat als erg onwaarschijnlijk (12,5%). 4. Uitgegeven geldleningen De gemeente Gorinchem heeft ca. € 0,4 mln. leningen verstrekt aan bijvoorbeeld stichtingen. Deze € 0,4 mln. vormt daarmee de financiële grondslag voor de berekening van het risico. De kans dat één of meer van deze stichtingen hun lening niet kan terugbetalen, wordt ingeschat op erg onwaarschijnlijk (12,5%). 5. Corona Het meest lastig te kwantificeren risico, is het effect van de coronacrisis op de gemeentelijke financiën. Het is daarbij nog niet duidelijk in hoeverre het Rijk de gemeenten en inwoners en instellingen blijft compenseren voor de effecten van de crisis. Hoeveel kosten moeten worden gemaakt, is moeilijk in te schatten en is sterk afhankelijk van het verloop van het virus en de bijhorende maatregelen. Voor nu wordt het risico zoals dat is bepaald bij de jaarrekening 2021 gehandhaafd.
Er wordt rekening gehouden met risico's op het gebied van sluiting van bepaalde sectoren (bijvoorbeeld horeca), cultuur, sportverenigingen, openbaar vervoer en de veerdiensten.
6. Bouwkostenstijging investeringen Momenteel stijgen de kosten van grondstoffen/bouwmaterialen sneller dan normaal. Het CBS geeft aan dat de materiaalkosten van juli 2021 t/m juli 2022 met 8,2% zijn gestegen. Ten opzichte van 1 januari 2021 bedraagt de stijging 12,5%. De verwachting is dat de aan de bouwkosten gerelateerde loonstijging nog volgt. De komende jaren staan diverse investeringen op de agenda waarvan een deel van de investeringskosten zijn bepaald voor 2021. De investeringen uit hoofde van Kweeklust, de herinrichting van de Banneweg, realisatie van de brug Arkelsedijk/ Spijksedijk, Station Gorinchem Noord, het i_lab en de nieuwbouw van 't Gilde bedragen ruim € 50 mln. Gezien het bovenstaande wordt rekening gehouden met een kostenstijging van 10% en bedraagt dit risico € 5,0 mln. In de jaarrekening 2021 werd nog rekening gehouden met 8% stijging.
83
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
Risico's met een structureel financieel effect 7. Verbonden partijen Gemeente Gorinchem heeft te maken met diverse verbonden partijen. Het aantal verbonden partijen en het financieel en inhoudelijk belang hiervan neemt de laatste jaren toe. In de paragraaf Verbonden partijen is meer informatie te vinden per verbonden partij met bijvoorbeeld een beschrijving van het publiek belang en de risico's. Niet alle risico's die daar genoemd worden, zijn financieel vertaald. Momenteel is er veel aandacht voor verbonden partijen en in het bijzonder gemeenschappelijke regelingen. Om de eigenaarsrol van de gemeente beter te kunnen ondersteunen, wordt hiervoor sinds 2018 extra capaciteit ingezet. Als financiële grondslag voor de berekening van het risico hanteren wij een bedrag van € 1,5 mln. (was € 1 mln.) en schatten wij de kans in op erg onwaarschijnlijk (12,5%). De twee gemeenschappelijke regelingen die opereren in het Sociaal Domein (Avres en DG&J) vallen niet onder dit risico, maar zijn meegenomen onder het kopje Sociaal Domein. 8. Gemeentefonds a. De hoogte van het Gemeentefonds heeft de afgelopen jaren een fluctuerend verloop gekend. Dit werd met name veroorzaakt door de algemene economische omstandigheden, het uitgangspunt van 'Samen de trap op, samen de trap af' en periodieke herijkingen van de maatstaven.
De jaarlijkse groei of krimp van het gemeentefonds staat ook wel bekend als het accres. De normeringssystematiek 'Samen de trap op, samen de trap af' blijft bestaan, maar is verruimd. Met ingang van 2018 is de basis voor deze berekening de totale rijksbegroting. Dit geeft een bredere basis en daarmee een stabielere ontwikkeling van de accrespercentages. Toch worden fluctuaties in het gemeentefonds niet geheel uitgesloten, daarom wordt een risicobedrag opgenomen gelijk aan € 870.000 (ca.1% van algemene uitkering € 87 mln.) met een kans van 67,5%. b. De herijking is gerealiseerd. Dit risico is nu op nihil gezet en zal als risico bij de volgende beoordeling worden verwijderd. 9. Leegstand panden In de begroting staan ruim € 3 mln. aan huuropbrengsten geraamd. Bij de meeste verhuurde panden is sprake van een maatschappelijke invulling en een meerjarige verhuurovereenkomst en is het risico op leegstand beperkt. Bij enkele panden is het risico groter. Een concreet voorbeeld is het gemeentelijk pand aan het Stadhuisplein, waarin voorheen Avres en ING gehuisvest waren. Het gemeentelijk pand staat daarmee deels leeg en een concrete huurder is nog niet gevonden. Het bedrag voor de panden waar de gemeente risico loopt is ingeschat op € 350.000. Het risico valt in de hoogste categorie (87,5%). 10. Stijging energiekosten Zowel de gasprijs als de olieprijs zijn in 2021 fors gestegen.
In 2022 zijn beide, mede door de geopolitieke situatie, verder gestegen. De olieprijs laat inmiddels vanaf juni 2022 weer een daling zien en is inmiddels 30% gedaald. De gasprijs is erg volatiel maar ook deze laat in september een dalende lijn zien. De energiemarkt is volatiel waardoor voorspellingen moeilijk zijn. Voor het weerstandsvermogen wordt rekening gehouden met 100% stijging van de totale energiekosten van € 1 mln. Mogelijk wordt voor een deel van deze stijging nog een compensatie ontvangen van het Rijk. De kans dat dit risico zich voordoet wordt ingeschat op 87,5%. Bovenstaande heeft geen betrekking op de energielasten van SGS of andere verenigingen en stichtingen. 11. Stijging rentelasten De kapitaalmarktrente is gestegen als gevolg van de inflatie en heeft de ECB de geldmarktrente verhoogd. Daarnaast heeft ook de geopolitieke situatie effect op de rente. Het 10-jaarstarief voor de gemeente Gorinchem is in 2022 met 2,3% gestegen. Op de totale leningenportefeuille zal dit gezien de gemiddelde rentevastperiode nog geen groot effect hebben, maar het effect is wel toegenomen ten opzichte van de jaarrekening 2021. Indien wordt uitgegaan van een verdere stijging van 1% zullen de rentelasten van de bestaande leningenportefeuille gestegen zijn met € 408.000 per jaar aan het einde van de 2026. De stijgende rentekosten van de geplande investeringen zijn een groter risico.
De schulden zullen de komende jaren toenemen met € 73 mln. Indien wordt uitgegaan van een verdere stijging van 1% rente bedraagt de financiële impact € 808.000 per jaar. Deze stijging van € 808.000 komt doordat het huidige kapitaalmarkttarief en de genoemde stijging
84
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
van 1% samen circa 1,1% hoger is dan het het rentepercentage waarmee rekening wordt gehouden in de begroting en bedraagt dus meer dan 1% van € 73 mln. In totaal leidt een stijging van 1% ten opzichte van het huidige 10-jaarstarief na verwezenlijking van alle geplande investeringen tot een stijging van circa € 1,2 mln. per jaar aan extra rentelasten. Voor de verschillende jaren is bepaald hoe groot het renterisico is, waarbij conform de bestaande berekeningsmethodiek de impact op de weerstandscapaciteit per jaar met 25% lager wordt. In 2023 is de impact € 227.000. Voor 2024 wordt het renterisico bepaald op 75% van € 871.000. Voor 2025 wordt het renterisico bepaald op 50% van € 1,16 mln. In 2026 bedraagt het renterisico 25% van € 1,22 mln. Rekening houden met een grotere stijging dan 1,0% is niet nodig omdat er mogelijkheden zijn om korter te financieren. Het tarief voor 5 jaar is lager dan het tarief voor 10 jaar. Ook zal het afgesproken investeringsplafond op termijn zorgen voor afbouw van de schuldpositie. Daarnaast worden vanaf 2027 kasstromen verwacht uit de grondexploitatie Groote Haar waardoor de schuldpositie gaat afnemen. Tot slot kunnen er ook vertragingen ontstaan in het verwezenlijken van de investeringen. Gezien de specifieke aard van dit risico is geen "kans van optreden" genoemd. Risico's zonder financieel effect voor het weerstandsvermogen 1.
Sociaal Domein De reserve Sociaal Domein is op dit moment toereikend om specifieke (incidentele) risico's in het Sociaal Domein af te dekken. Daarom worden de risico's in het Sociaal Domein niet meegenomen in de berekening voor de benodigde weerstandscapaciteit. De financiële ontwikkelingen in het Sociaal Domein zijn niet zonder risico. De gemeenschappelijke regeling Avres zal voor 2023 naar verwachting geen beroep doen op een verhoogde gemeentelijke bijdrage, maar voor de jaren daarna is dit niet nog niet duidelijk. De uitvoering aan de inhoudelijke keuzes uit het ambitiedocument vanaf 2023 moet een oplossing gaan bieden om structureel meer grip op de financiën te krijgen. Bij de gemeenschappelijke regeling Dienst Gezondheid en Jeugd die de jeugdwet voor de gemeenten in de regio uitvoert, is er meer realistisch begroot door rekening te houden met autonome ontwikkelingen. In de begroting 2023 is daarom naast de jaarlijkse indexering, landelijk stijgende zorgsalarissen, stijgende zorgkosten in 2021 en niet eerder bijgestelde taakstellingen (in begroting Gorinchem) ook rekening gehouden met een autonome groei van (5% in 2022 en) 2,5% in 2023. Vanaf 2023 is er geen sprake meer van solidariteit tussen de gemeenten. Dat betekent dat elke gemeente volledig verantwoordelijk is voor de eigen kosten.
Het kabinet heeft ervoor gekozen om de extra middelen voor jeugdzorg nu slechts incidenteel beschikbaar te stellen voor 2023. Eerder was het de verwachting dat hier al structurele duidelijkheid over zou komen. Vanwege de impact van het ontbreken van dit structurele beeld op het begrotingsevenwicht, mogen gemeenten 75% van het eerder gepresenteerde meerjarenperspectief voor de middelen van jeugdzorg opnemen in de begroting. Wij volgen deze lijn. Eventuele verschillen worden verrekend met de reserve sociaal domein. 2. Omgevingswet De Omgevingswet treedt op 1 januari 2023 in werking, dit heeft een forse impact op de gemeentelijke organisatie. Er is een programmaplan opgesteld dat de periode tot 2029 beslaat. Voor het goed implementeren van de Omgevingswet in de organisatie is een projectstructuur opgezet, zodat de wet per ingangsdatum kan worden uitgevoerd. Bij de ontwikkeling van de omgevingswet werken wij nauw samen met de regio zodat er voor de essentiële onderdelen van de wet goede werkafspraken liggen. De risico's van de effecten van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) zijn nog niet bekend. Het DSO betreft een systeeminrichting (ICT) waarbij verschillende overheden zijn aangesloten. Om dit risico te verkleinen is hier bij de aanbesteding van het VTH-systeem voor zover mogelijk rekening mee gehouden.
De leverancier dient ervoor te zorgen dat de aansluiting wordt gegarandeerd. Vooralsnog wordt het risico op nihil geschat en is het uitgangspunt dat na de invoeringen hetzelfde bedrag aan leges wordt gerealiseerd.
3. Waarborggaranties De huidige boekwaarde van de totale garanties bedraagt € 800 mln. hiervan bestaat € 778 mln. uit de garantstellingen door tussenkomst van waarborgfondsen. Dit zijn stichtingen die garant staan voor leningen die kredietverstrekkers zoals banken hebben uitstaan bij woningbouwcorporaties, welzijnsorganisaties, et cetera. De gemeente fungeert als
85
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
achtervang voor het waarborgfonds. Het risico dat de gemeente wordt aangesproken als achtervang is nagenoeg nihil. 4. Station Papland In de Perspectiefnota 2017-2020 is in het hoofdstuk Relevante ontwikkelingen station Papland genoemd: Met betrekking tot de aanleg van station Gorinchem Noord / Papland op de MLL is besloten dat de aanleg daarvan wordt uitgesteld en in principe 'meeloopt' met de ontwikkeling van bedrijventerrein Groote Haar. Het streven is om de halte gereed te hebben, zodra de eerste uitgifte van bedrijventerrein Groote Haar een feit is. De startdatum blijft onzeker. Momenteel worden diverse varianten bekeken voor aanleg van de halte. Het totale tekort wordt ingeschat op minimaal € 3 mln. en maximaal € 4,5 mln. In het mobiliteitsplan is al rekening gehouden met een tekort van € 2 mln. Voor het overige tekort zal co-financiering gezocht worden in de vorm van subsidies dan wel opgevangen worden in de reserve infrastructuur. Het risico dat het tekort niet middels co-financiering of binnen de gemeentelijke begroting opgevangen kan worden is hiermee nagenoeg nihil. Kansen zonder financieel effect voor het weerstandsvermogen 5. Dividendinkomsten In de Perspectiefnota 2021-2024 is het dividend voor Stedin op nihil gesteld. In 2021 zijn cumulatief preferente aandelen Stedin aangekocht met een dividendrendement van € 41.000 per jaar.
Gezien de benodigde middelen voor de energietransitie is er een kans dat de dividenduitkeringen worden verlaagd. Voor de dividenduitkering op de preferente aandelen Stedin is afgesproken dat deze worden gebruikt voor afbouw van de schulden. Daarom is dit onderwerp niet financieel vertaald in de tabel.
3.1.5
Weerstandsvermogen
Het weerstandsvermogen (ook wel weerstandsratio) is de deling van de beschikbare weerstandscapaciteit door de benodigde weerstandscapaciteit. Weerstandsvermogen
Ruim voldoende
Jaarstukken 2021
Begroting 2023
Weerstandsvermogen
1,4 < x < 2,0
2,52
2,43
Voor de begroting 2023 is het weerstandsvermogen 2,43 (inclusief de aanwending van het begrotingssaldo voor investeringen ad € 4 mln.). Hiermee komt de ratio uit boven de door de raad vastgestelde bandbreedte van 1,4 en 2,0 (ruim voldoende). Volgens het beleidskader is deze nu "goed". Na de doorrekening van de septembercirculaire 2022 komt de weerstandsratio uit op 2,54.
3.1.6
Financiële kengetallen
Kengetallen drukken de verhouding uit tussen bepaalde onderdelen van de begroting en/of de balans. Deze kengetallen kunnen behulpzaam zijn bij het beoordelen van de financiële positie van de gemeente. Elk kengetal lichten we toe en vergelijken we met signaleringswaarden van de provincie Zuid-Holland. De provincie hanteert de volgende drie categorieën: minst risicovol, neutraal en meest risicovol. Wij benadrukken dat we voorzichtig moeten omgaan met conclusies te trekken uit individuele kengetallen. De kengetallen moeten altijd in samenhang worden bekeken.
86
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
Netto schuldquote Netto schuldquote (bedragen x € 1.000 ; stand ultimo boekjaar) A
Vaste schulden
Jaarstukken 2021
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
111.240
141.089
177.534
189.474
185.910
B
Netto vlottende schuld
3.365
10.000
10.000
10.000
10.000
C
Overlopende passiva
8.793
10.054
274
-1.565
-1.517
D
Financiële vaste activa (cf. art. 36 lid d, e en f)
3.865
4.848
5.059
5.059
5.059
E
Uitzettingen < 1 jaar
15.176
7.000
7.000
7.000
7.000
F
Liquide middelen
684
0
0
0
0
G
Overlopende activa
H
Totale baten (exclusief mutaties reserves)
I
4.285
1.000
1.000
1.000
1.000
152.714
155.724
143.630
144.260
138.295
Netto schuldquote (A+B+C-D-E-F-G)/H x 100%
65%
95%
122%
128%
131%
Financiële vaste activa (exclusief uitstaande leningen)
3.444
3.444
3.444
3.444
3.444
Netto schuldquote (A+B+C-D-E-F-G-I)/H x 100%
65%
96%
123%
129%
132%
Signaleringswaarde provincie: <90% is minst risicovol, 90-130% is neutraal en >130% is meest risicovol
De netto schuldquote is het totaal van de leningenportefeuille verminderd met de eigen middelen. Hierdoor ontstaat een indicatie van de druk van de rentelasten op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre de gemeente geld doorleent, is ook de netto schuldquote exclusief doorgeleende gelden weergegeven. De netto schuldquote neemt toe in de komende jaren, voornamelijk als gevolg van de geplande nieuwe investeringen. Deze leiden tot een toename van de schulden. De schuldquote bevindt zich met ingang van 2023 boven de bandbreedte van de categorie neutraal en komt daarmee in de categorie meest risicovol. Deze ontwikkeling is in aanloop naar de Perspectiefnota 2021-2024 onderkend. Dit is mede de reden geweest dat er maatregelen zijn getroffen om de schuldpositie niet verder op te laten lopen. Op basis van de huidige keuzes, inzichten en prognoses zal de schuld na 2025 afnemen. Solvabiliteitsratio Solvabiliteit (in procent)
Jaarstukken 2021
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
A
Eigen vermogen (cf. art. 42 BBV)
95.164
92.413
93.620
92.437
90.779
B
Balanstotaal
237.821
271.258
304.553
314.114
309.968
40%
34%
31%
29%
29%
Solvabiliteit (A/B) x 100%
Signaleringswaarde provincie: >50% is minst risicovol, 20-50% is neutraal en <20% is meest risicovol
De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de verhouding van het eigen vermogen tot het balanstotaal. Dit laat zien dat we op de lange termijn aan onze financiële verplichtingen kunnen voldoen. De dalende solvabiliteitsratio wordt veroorzaakt door het stijgende balanstotaal als gevolg van de geplande investeringen. Op basis van de signaleringswaarde is de solvabiliteitsratio neutraal.
87
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
Structurele exploitatieruimte Structurele exploitatieruimte (bedragen x € 1.000)
Jaarstukken 2021
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
A
Totale structurele lasten
124.705
136.168
132.419
132.079
132.128
131.298
138.034
139.291
141.103
133.898
0
25
25
25
25
B
Totale structurele baten
C
Totale structurele toevoegingen aan de reserves
D
Totale structurele onttrekkingen aan de reserves
E
Totale baten Structurele exploitatieruimte ((B-A)+(D-C))/E x 100%
66
95
588
973
1.053
165.953
162.904
156.390
149.763
143.472
4,0%
1,2%
4,8%
6,7%
2,0%
Signaleringswaarde provincie: >0% is minst risicovol, = 0% is neutraal en <0% is meest risicovol
Het kengetal structurele exploitatieruimte laat zien of de structurele baten voldoende zijn om de structurele lasten te dekken. In alle jaren is er sprake van een structureel overschot. De signaleringswaarde komt voor 2022 uit op het minst risicovol. Grondexploitatie Grondexploitatie (bedragen x € 1.000 ; stand ultimo boekjaar)
Jaarstukken 2021
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Bouwgronden in exploitatie
45.851
55.740
59.539
61.371
62.010
A
152.714
155.724
143.630
144.260
138.295
B
Totale baten (exclusief mutaties reserves) Grondexploitatie (A+B)/C x 100%
30%
36%
41%
43%
45%
Signaleringswaarde provincie: <20% is minst risicovol, 20-35% is neutraal en >35% is meest risicovol
Het kengetal grondexploitaties geeft de boekwaarde van grondexploitatie weer ten opzichte van de totale baten van de gemeente. Dit kengetal geeft twee zaken weer. Allereerst is er een risico dat de gemeente bij verkoop van de gronden niet de gehele boekwaarde kan realiseren. Als tweede kan een hoge boekwaarde wel betekenen dat bij verkoop de opbrengsten (incidentele baten) gebruikt kunnen worden om bijvoorbeeld de leningenportefeuille af te bouwen. Op basis van de signaleringswaarde is het kengetal grondexploitaties neutraal in 2022. Vanaf 2023 komt de signaalwaarde in de categorie meest risicovol. Dit wordt met name veroorzaakt door de grondexploitatie Groote Haar, waarvoor de investeringen eerst moeten worden gedaan, maar de inkomsten pas later (buiten dit meerjarenperspectief) gerealiseerd zullen worden.
88
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
Belastingcapaciteit Belastingcapaciteit (bedragen in euro's)
Jaarstukken 2021
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
A
OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde
255
266
266
266
266
B
Rioolheffing voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde
213
203
203
203
203
C
Afvalstoffenheffing voor een gezin
316
371
371
371
371
D
Eventuele heffingskorting
0
0
0
0
0
784
840
840
840
840
E
Totale woonlasten voor gezin bij gemiddelde WOZwaarde Woonlasten landelijk gemiddelde voor gezin (in jaar t -1)
773
811
811
811
811
F
Woonlasten t.o.v. landelijk gemiddelde jaar er voor (E/F) x 100%
101%
104%
104%
104%
104%
Signaleringswaarde provincie: <95% is minst risicovol, 95-105% is neutraal en >105% is meest risicovol
De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk van de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde van 100%. De komende jaren ligt de belastingdruk rond het landelijk gemiddelde en deze is op basis van de signaleringswaarde neutraal. Financiële kengetallen in perspectief
Kengetallen die op groen of oranje staan, beoordelen we als een gezonde situatie. Kengetallen die op rood staan, geven aanleiding tot zorgen en vragen dus nadere aandacht. Op basis van de kengetallen is de conclusie dat de financiële positie in grote lijnen gezond is. Er is nog steeds een trend van oplopende schulden, daardoor afnemende solvabiliteit en een hoog geïnvesteerd vermogen in de grondexploitaties. Met de ingezette lijn bij de Perspectiefnota 2021 (op basis van gesprekken met de klankbordgroep Financiën) is ingegrepen om deze financiële trend te keren vanaf (ongeveer) 2026.
89
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
3.2
Onderhoud kapitaalgoederen
3.2.1
Inleiding
We maken voor de kapitaalgoederen onderscheid tussen vastgoed en niet-vastgoed. Per categorie worden de kapitaalgoederen nader toegelicht, inclusief het daarbij behorende onderhoud.
3.2.2
Vastgesteld beleid
De volgende vastgestelde beleidskaders zijn van toepassing: Beleidskader
Vastgesteld door de raad in
Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2021-2025
2015
Meerjarenonderhoudsplannen gemeentelijke kapitaalgoederen
2017
Nota Vastgoedbeleid
2020
Buitengewoon Groen 2021-2025
2020
Kadernota Maatschappelijk Accommodatiebeleid Gorinchem (KMAG)
2021
3.2.3
Vastgoed
De gemeente Gorinchem heeft vastgoed in eigendom. Hiermee kan zij sturen op gewenste maatschappelijke ontwikkelingen en doelstellingen. Het vastgoed is onderverdeeld naar maatschappelijk, commercieel en overig. De afgelopen jaren heeft het accent van het vastgoedbeleid voornamelijk op het afstoten van overtollig vastgoed gelegen. De komende periode zal daarnaast ook aandacht worden besteed aan het efficiënter huisvesten van maatschappelijke partijen en een verdere verduurzaming van het restant (kernvoorraad) aan gemeentelijke gebouwen. In 2022 is het meerjarenonderhoudsplan (MJOP) vastgesteld. Dit is verwerkt in de begroting 2023 en verder. Alle gebouwen hebben een 0-meting ondergaan en zijn in het vastgoedsysteem gezet. Jaarlijks actualiseren we het MJOP. Actualiseren betekent dat we bepaalde grote onderhoudswerkzaamheden nauwkeuriger in de tijd plannen, sommige stellen we uit, anderen halen we wat naar voren. Zo houden we een goed actueel beeld van de bouwkundige staat, de onderhoudsplanning en daarmee de bruikbaarheid van de panden voor de bedoelde functie, nu en in de toekomst. Voor gebouwen zijn verschillende onderhoudsniveau’s, afhankelijk van de status in het MJOP. Op basis van de onderhoudsprognose doteren we jaarlijks een bedrag in de reserve onderhoud gemeentelijke gebouwen. Daar ligt voor 2023 een taakstelling van €250.000,- op.
In het MJOP zijn zogenaamde quick wins voor de verduurzaming van de panden meegenomen. Bijvoorbeeld dubbel glas of een duurzamere CV ketel. Waar mogelijk worden CO2 besparende maatregelen gekoppeld aan toch al geplande werkzaamheden. De grotere verduurzamingsopgaven van gemeentelijke panden worden via een routekaart verder in beeld gebracht voor de komende jaren. Om zo te kunnen voldoen aan de afspraken in het kader van de energietransitie 2050.
90
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
Feitelijke gegevens van het gemeentelijk vastgoed De gemeente heeft momenteel 87 panden in eigendom. Deze panden zijn naar soort vastgoed onderverdeeld volgens de vastgestelde vastgoedlijst en in onderstaande, geactualiseerde, tabel opgenomen. Aantal 2021
Aantal 2022
Onderwijs Sport Welzijn Cultuur Economie en Toerisme Erfgoed/historie Intern vastgoed (bestuurlijke en ambtelijke huisvesting)
32 8 5 3 3 14 5
32 8 5 3 3 14 5
Commercieel vastgoed
Horeca Kantoor Detailhandel Bedrijfsruimte Kinderdagverblijf/BSO
1 0 1 4 1
1 0 0 4 1
Overig vastgoed
Woningen Ontwikkelingsvastgoed
6 5
5 6
Soort vastgoed
Sublabel
Maatschappelijk vastgoed
Vanuit strategische overwegingen wordt besloten over aan- en verkoop van vastgoed. Vastgoed wordt verkocht als het de realisatie van beleidsdoelstellingen niet meer dient.
3.2.4
Niet-vastgoed
In de openbare ruimte verstaan we onder kapitaalgoederen: wegen, wandel- en fietspaden, civiele kunstwerken, groen, bomen, speelvoorzieningen, riolering, oppervlaktewater, straatmeubilair en verlichting. De kwaliteit van de kapitaalgoederen is van directe invloed op hoe trots de inwoners zijn op hun gemeente. Maar ook op de veiligheid van de gebruikers en voor de leefbaarheid, toegankelijkheid, beleving, aanzien en uitstraling van onze gemeente.
Wegen De aanwezige verharding bestaat uit 22% asfalt en 78% elementverharding. Voor het onderhoud en beheer van onze wegen stellen we een wegenbeheerplan op (laatste versie uit 2020). Daarnaast onderhouden we ongeveer 4.800 stuks verkeersmeubilair. We willen de openbare ruimte meer klimaatadaptief en toekomstbestendig maken. Daarom lopen werkzaamheden aan de wegen vaak samen met rioleringswerkzaamheden en of projecten uit de mobiliteitsvisie. Voor het onderhoudsniveau hanteren we grotendeels CROW B niveau. Via de burgerpeiling en via FIXI blijven de tevredenheid van de gebruiken monitoren.
Groen We voelen ons prettiger in een groenere omgeving. Groen is ook een belangrijk middel voor klimaatadaptatie en biodiversiteit. We trachten het groen op niveau te houden zoals we in ons beleidsplan Openbare Ruimte hebben vastgelegd. Maar het areaal is enorm uitgebreid door de komst van een nieuwe wijk (Hoog Dalem), door grijs voor groen acties (Steenbreek) en we moeten volop renoveren in groenvakken om beheer en onderhoud goed uit te kunnen voeren. Bomen hebben ook een bijzondere plek in ons openbaar groen. We zijn aangesloten bij het bomeninstituut en hebben een eigen bomenploeg. Ook in 2023 gaan we weer voor netto meer bomenplant dan bomenkap. Met de Lokale Adaptatiestrategie willen hier in 2023 verder inhoud aangeven. Speel- en sportvoorzieningen vergroten ook de leefbaarheid binnen de gemeente Gorinchem en hebben een directe positieve invloed om de inwoners. De speeltoestellen controleren we 4 keer per jaar op veiligheid in verband met wettelijke aansprakelijkheid voor gemeenten. In het kader van het speelruimteplan worden in 2023 speelveldjes aangelegd en/of vervangen.
91
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
Riolering In 2020 is een nieuwe Gemeentelijk Riolerings Plan (GRP) 2020-2025 vastgesteld. Dit is de beleidsmatige, financiële en technische basis voor het onderhoud van het rioolstelsel. Hierin is € 200.000 per jaar opgenomen voor klimaatadaptieve werkzaamheden in de stad. Naast onze eigen beheer en onderhoudwerkzaamheden onder de grond hebben we ook te maken met de ondergrondse werkzaamheden van onze netwerkpartners Oasen, STEDIN en HVC (warmtenet) en de aanleg van het glasvezelnetwerk.
Water De gemeente heeft zorg voor oppervlakte-, grond-, hemel – en afvalwater. In 2020 is een nieuw gemeentelijk Riolerings Plan (GRP 2020-2025) vastgesteld. In 2023 zullen we de eerste stappen gaan maken naar een nieuw plan dat ook inspeelt op de omgevingswet. Dat doen we partners in de stad zoals het Waterschap en Rijkswaterstaat en Oasen. De plannen worden door ons uitgevoerd. De ontwikkeling van rioolheffing is op dit plan gebaseerd.
Veerboten De Veerdienst beschikt momenteel over zeven veerboten (twee autoveerboten, twee voet-fiets boten en drie veertaxi's). In 2023 zullen twee veerponten worden vervangen door elektrische vaartuigen. De onderhoudskosten maken deel uit van de reguliere begroting. Hiervoor is (nog) geen meerjarenonderhoudsplan opgesteld.
Havens Onder de havens vallen: • De Lingehaven met het havenkantoor, het voorzieningengebouw, de dienstwoning en alle in de haven aanwezige bruggen, sluizen, steigers en remmingswerken; • De dienstensteiger, een passantensteiger en de steigers van de veerdienst die buiten de waterpoort zijn gelegen en alle overige steigers in de Lingehaven; • De Handelskade en de loswal. De Lingehaven omvat de Lingesluis, Visbrug, de Peterbrug, de Korenbrug, de kademuren Het Eind, de kademuren Kriekenmarkt, kademuren Appeldijk, kademuren Havendijk, kademuren Kortendijk, frontmuren Voorhaven, kademuren Buiten de Waterpoort, kademuren Duivelsgracht, de Waterpoort, historische haven, Ondervloed, twee historische sluizen en voorhaven Lingezijde en Merwedezijde. Het onderhoud aan de havens gebeurt aan de hand van meerjarenonderhoudsplannen. Het onderhoud van de steigers in Sleeuwijk, Woudrichem, Werkendam en Hardinxveld-Giessendam komt voor rekening van de betreffende gemeente met uitzondering van de aluminium laadkleppen die door de gemeente Gorinchem worden onderhouden.
92
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
Civiele kunstwerken, bruggen en beschoeiingen Met civiele kunstwerken bedoelen we civieltechnische constructies zoals bruggen (Gorinchem telt 321 civiele kunstwerken en bruggen), damwanden, duikers, kade- en keermuren. Ook oeverbescherming rekenen we tot dit areaal (ruim 64 km binnen Gorinchem). En binnen dit areaal worden ook de kunstwerken (Gorinchem heeft 111 beelden-kunstwerken) in de stad gerekend. We onderhouden de (civiele) kunstwerken en bruggen volgens het beheerplan (2020).
Openbare verlichting Goede openbare verlichting geeft sfeer, een gevoel van sociale veiligheid en vergroot de verkeersveiligheid. Het is daarom van belang dat we de openbare verlichting goed op orde hebben. Gorinchem telt 7.545 lichtmasten. We hebben de uitvoering van het beheer en onderhoud ondergebracht in de gemeenschappelijke regeling Bureau OVL. Het onderhoudscontract is in 2022 via Bureau OVL bij een aannemer weggelegd. Deze samenwerking loopt nog stroef en moet in 2023 verbeteren. Met de vervanging naar LED werken we aan het verminderen van energieverbruik, maar de energiekosten bewegen niet in dezelfde mate mee. Bovendien heeft Bureau OVL nog een achterstand in te lopen van afgelopen jaren met de vervanging naar LED. Ook in 2023 betrekken wij weer energie (elektriciteit en gas) van HVC via een inbestedingsconstructie. We hebben net als iedereen te maken met stijgende energiekosten, daar hebben we binnen de kapitaalgoederen (openbare verlichting, gemalen, verkeersregelinstallaties), ook in 2023, last van.
3.2.5
Meerjarenonderhoudsplannen (MOP)
Voor het planmatig onderhoud van de gemeentelijke kapitaalgoederen zijn meerjarenonderhoudsplannen opgesteld. Uitzondering daarop zijn de kapitaalgoederen groen en veerboten. De onderhoudskosten voor groen zijn jaarlijks ongeveer gelijk en daar is geen sprake van groot onderhoud. De onderhoudskosten voor veerboten zijn afhankelijk van de keuzes die worden gemaakt naar aanleiding van de businesscase. Voor het kapitaalgoed riolering is het onderhoud opgenomen in het GRP.
93
Gemeente Gorinchem Begroting 2023
3.2.6
Kwaliteitsniveau en onderhoudslasten per kapitaalgoed
In onderstaande tabel is per kapitaalgoed het kwaliteitsniveau van onderhoud en de onderhoudslasten weergegeven zoals deze in de meerjarenbegroting 2023-2026 zijn opgenomen. Kwaliteitsniveau onderhoud kapitaalgoederen en bijbehorende onderhoudslasten (bedragen x € 1.000)
Kwaliteitsniveau
Jaarlijkse Gepland groot Jaarlijks storting in onderhoud budget regulier voorziening jaarschijf 2023 (klein) groot onderhoud onderhoud
Gebouwen: - woningen en panden
normaal en instandhouding
88
102
36
- onderwijspanden
normaal en instandhouding
310
124
282
- panden Stichting Gorinchemse Sportaccommodaties
normaal
354
168
21
- panden t.b.v. kunstuitoefening
normaal
107
75
70
- panden maatschappelijke zorg
normaal
14
12
10
- gemeentelijk onroerend goed
normaal
396
268
540
1.269
749
960
Wegen
zie Buitengewoon Groen1
0
0
1.050
Groen
zie Buitengewoon Groen2
24
26
1.045
Riolering
Conform GRP3
0
0
233
Water
geen kwaliteitsniveau vastgesteld4
0
0
21
Veerboten
geen kwaliteitsniveau vastgesteld
0
0
211
Havens
normaal
100
137
22
Bruggen, kunstwerken en duikers
normaal
122
31
71
Monumenten
normaal
167
226
86
Parkeergarages
normaal
143
271
142
Buitensportaccommodaties
normaal
306
198
100
Openbare verlichting
normaal
24
21
78
Kunst
normaal
15
15
14
2.171
1.673
4.034
Totaal
1. Bij de vaststelling van het beleidskader (Buitengewoon Groen) is ook gekozen voor gebiedsdifferentiatie, waardoor - via maatwerk - verschillende
kwaliteitsniveaus zijn vastgesteld. Deze verschillen dus per gebied/woonwijk en variëren van exclusief, bijzonder niveau, plus niveau tot standaard niveau. Zie hiervoor verder het beleidskader. 2. Bij de vaststelling van het beleidskader Visie en beleidsplan Openbare ruimte Schoon en heel (Buitengewoon Groen) is ook gekozen voor gebiedsdifferentiatie, waardoor - via maatwerk - verschillende kwaliteitsniveaus zijn vastgesteld. Deze verschillen dus per gebied/woonwijk en variëren van exclusief, bijzonder niveau, plus niveau tot standaard niveau. Zie hiervoor verder het beleidskader. 3. In (een bijlage van) het GRP worden de doelen, functionele eisen, maatstaven en meetmethoden beschreven. Dit is de kwaliteit die met het GRP wordt beoogd. 4. Het beheer van de watergangen is de verantwoordelijkheid van het Waterschap Rivierenland. Zij voeren hier de regie en stellen het kwaliteitsniveau vast.
94