230525 Concept verslag raadsvergadering Gorinchem.docx
Tekst van het document
Nr. 5
Zitting van donderdag 25 mei 2023 Voorzitter: mevrouw R.W.J. Melissant-Briene, burgemeester. Aanwezig zijn de leden: mevrouw A. Alba Heijdenrijk, de heren A. Boutachkourt, A.H.A. Foppen, D.R.E. van Gammeren en J.P. van der Geest, de dames P. de Groot en E.W.H. Hamann, de heren M.C. Houtepen, A.C. van Houwelingen, J. Klein, A. Koçak en A. Krol, de dames W. Loderus en G. Metz, de heer J.C. Oostrum, mevrouw J. van Oversteeg, de heren M. de Pagter, N. van Santen, P.C.J. Schefferlie, I. Tekir en D. van Veen, mevrouw T. van ’t Westende-de Bijl en de heer C. van Willigen. Griffier: de heer H. Sepers. Tevens aanwezig de heer M. de Boer, de dames E.L. Dansen, A. Mager en M.J. Molengraaf en de heer F. Polatli (wethouders), alsmede mevrouw H. Kromkamp (gemeentesecretaris). Afwezig de heer B.C.S. Bahlmann en mevrouw L.P.W. Pellikaan.
* 1. Opening (19.30 uur). ..................................................................................................................................................1 2. Ingekomen stukken. ...................................................................................................................................................2 3. Vaststellen agenda......................................................................................................................................................2 4. Vaststellen notulen voorgaande raadsvergadering en parallelsessies. .......................................................................3 5. Vragenuurtje raadsleden, informatie vanuit college...................................................................................................3 6.
Hamerstukken.............................................................................................................................................................5 6.a Uitgangspunten herijking RES Windenergie (2023-858694) ..................................................................................5 6.b Investeringsagenda binnenstad (2023-852088)........................................................................................................6 6.c Meerjarenprogramma Grondexploitaties 2023 (2023-858693) ...............................................................................6 6.d Verzamelbesluit verordeningen Omgevingswet (2023-828926) .............................................................................6 6.e Extra budget voorzieningengebouw Lingehaven (2023-858694) ............................................................................6 7. Bespreekstukken.........................................................................................................................................................7 8. Overzicht begrotingswijzigingen mei 2023 (2023-858694) ......................................................................................7 9. Eventuele moties vreemd aan de orde van de dag......................................................................................................7 10.
Sluiting .....................................................................................................................................................................32
1. Opening (19.30 uur).
De voorzitter: Goedenavond dames en heren, uiteraard de leden van de raad, maar ook degenen op de publieke tribune en al diegenen die nu thuis kijken of op een later tijdstip. Van harte welkom! Wij beginnen altijd de raadsvergadering met een stukje vanuit het Regionaal Archief, waarbij ook even gekeken wordt naar wat er op de raadsagenda staat, en daar wil ik dan ook nu mee beginnen. De titel is ‘Lingehaven’. Je leest het nog in oude schoolboekjes: de Batavieren kwamen in uitgeholde boomstammen de Rijn afzakken. Logischerwijs moeten ze dan ook de Linge zijn E-1
afgevaren door de Betuwe en uitkomend in een moeras, waar wij nu een hele stad besturen en kano's verhuren. De Bataven zouden vast raar opkijken van deze metamorfose. Nergens nog een natuurlijke oever, maar vanaf de Korenbrug hoge kades, woest onaantrekkelijk voor bevers. En onder die brug kwam een keersluis in 1809, dus in wat toevallig de Bataafse tijd wordt genoemd. Chronologisch: de tweede waterkering kwam in 1825 bij de Merwede. Zo ontstond tussen de beide sluizen een schutkolk van ruim 600 meter lengte. Dat was zowel voor de waterbeheersing als de scheepvaart bijzonder onhandig. In 1871 dempte men de Kalkhaven, die uitmondde via de Krommenhoek. Daar verrees een villa van de latere burgemeester van Andel, die natuurlijk wel wist wat op stand wonen betekende, maar nog niet dat daaraan een roemloos einde zou komen door brandstichting. In hetzelfde jaar, 1871, vroeg onze eigen Kamer van Koophandel aan minister Thorbecke om die lange schutkolk te onderbreken door een derde waterkering. Het college van B&W ondersteunde dat verzoek zonder iets te vragen aan de gemeenteraad. Ook omwonenden werd niets gevraagd, die de te bouwen massieve sluishoofden misschien wel erg vonden detoneren. Maar de minister vond het prima en twee jaar later was het werk af. Een Amsterdamse aannemer had er bijna een ton aan verdiend.
De hoofdingenieur van Rijkswaterstaat, Van den Thoorn, kon tevreden zijn. Een volgend klusje voor hem was het onderzoeken van de mogelijkheid tot demping der Zuiderzee, met assistentie van Cornelis Lely. Misschien inspireerde dat burgemeester Van Rappard tot het dempen van de Lingehaven. De vergadering is geopend. Enkele mededelingen. Zijn er moties of amendementen, dan kunnen die, zoals bekend, worden ingediend bij de griffie en zullen dan toegevoegd worden aan iBabs, ons vergadersysteem. We hebben een nieuwe fractieassistente van de SP, mevrouw Evelien Otto. Evelien Otto is 48 jaar en woont sinds 2003 in Gorinchem. In het stukje tekst dat mij is voorgelegd zijn de trefwoorden administratie en creativiteit. Als u daar meer over wilt weten, moet u vooral even contact met haar opnemen! Bericht van verhindering voor deze vergadering is ontvangen van mevrouw Pellikaan van Democraten Gorinchem en de heer Bahlmann van Gorinchem Actief. 2. Ingekomen stukken.
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt besloten conform de door de agendacommissie geadviseerde afdoening. 3. Vaststellen agenda.
De heer Klein: Voorzitter. Wij zouden graag twee moties willen indienen, een over Timmerdorp en een over de recente ontwikkelingen rondom De Nieuwe Doelen. De heer Tekir: Voorzitter. Namens D66, Democraten Gorinchem en Partij van de Arbeid wil ook ik graag een motie vreemd aan de orde van de dag aankondigen met betrekking tot de uitkomsten van het Woo-verzoek over De Nieuwe Doelen en de ISK. De motie bevat uitspraken over het bestuurlijk handelen in deze dossiers.
E-2
De voorzitter: Moties vreemd aan de orde van de dag worden conform het reglement van orde besproken aan het einde van de agenda. Ik stel voor eerst de motie ten aanzien van Timmerdorp te bespreken en vervolgens de twee moties ten aanzien van De Nieuwe Doelen. Aldus wordt besloten. De agenda wordt aldus gewijzigd vastgesteld. 4. Vaststellen notulen voorgaande raadsvergadering en parallelsessies.
De notulen van de raadsvergadering van 30 maart 2023, alsmede de verslagen van de parallelsessies 20230511 B&A Investeringsagenda binnenstad, 20230511 B&A Uitgangspunten herijking RES, 20230511 I&O B&A investeringsagenda, 20230511, I&O B&A Meerjarenprogramma grondexploitaties en 20230511 Advieslijst gezamenlijke sessie uitgangspunten herijking RES, worden zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming ongewijzigd vastgesteld. 5. Vragenuurtje raadsleden, informatie vanuit college
De voorzitter: Dames en heren. Voor maandag 24.00 uur zijn vragen ingediend door Democraten Gorinchem. De heer Van Willigen zal spreken over het onderwerp “invoering pasjessysteem voor afvalinzameling. De heer Van Willigen: Dank u wel, voorzitter. Afgelopen week zijn we getuige geweest van wat eigenlijk al een beetje voorspeld was, namelijk onrust rondom de invoering van de pasjes bij ons afvalstoffensysteem. Er is een heleboel bagger langs gegaan, bagger die langs de straat stond en bagger op allerlei sociale media. De polarisatie was heftig aanwezig. Mensen vlogen elkaar in de haren, er werden waarheden en onwaarheden verspreid, en ik vroeg me in dat hele proces af: waar is de communicatie vanuit onze gemeente? Er werd niet gereageerd, er werd niet geanticipeerd en het ging los, en het ging los en het bleef maar losgaan. Dat was ook een beetje voorspeld. In de voorbereiding op 16 maart werd dit al aan de orde gesteld en heb ik zelf ook aan de orde gebracht van: ga alsjeblieft aan de voorkant zitten, leg uit. Maar blijkbaar zijn we er niet in geslaagd om dit allemaal aan onze bewoners uit te leggen, want er gaat een heleboel los: onwaarheden, bedreigingen zelfs en insinuaties over steekgelden en over weet-ik-wat-allemaal. Dat deed mij besluiten om toch maar eens vragen te gaan stellen. Vraag 1.
Hoe reflecteert onze wethouder op de afgelopen weken, waarbij dit pasjessysteem voor de afvalverwerking is ingesteld? Zou hij die reflectie willen geven hier? De tweede vraag, die daaraan gekoppeld is, luidt: is de wethouder op basis van die reflectie ook voornemens om in ieder geval actiever en meer in Jip- en janneketaal te gaan communiceren naar onze bewoners, direct, mogelijk ook vanuit dit huis? Maar laten we alsjeblieft ook fenomenen als Facebook in de gaten houden, want het gaat dan los en we gaan alleen maar verder uit elkaar staan door dit hele systeem en door miscommunicatie. Dus eerste vraag: hoe reflecteert hij en twee: in welke mate gaan we de communicatie dan alsnog oppakken? Dank u.
E-3
De voorzitter: Dank u wel. Namens het college wethouder De Boer. Wethouder De Boer: Dank, voorzitter; dank ook aan de heer Van Willigen voor het stellen van de vragen. Het zijn best spannende weken, daar ben ik eerlijk over. We hebben met elkaar een systeem bedacht om tot minder restafval te komen. Dat is belangrijk voor het milieu en ook belangrijk om te zorgen dat we onze lokale lasten in de grip houden. Maar het is altijd afwachten hoe zo'n maatregel in de praktijk gaat uitwerken. Het algemene beeld op dit moment is als volgt. Allereerst: het systeem ‘an sich’, met de pasjes en containers, werkt zoals we dat gehoopt hadden. We hebben hier en daar wel een kleine storing gehad, maar die zijn tot nu toe elke keer snel opgelost. Waardlanden probeert ook echt zo snel mogelijk op basis van meldingen te acteren. Daarnaast zien we, zoals u ook aangeeft, een toename van het aantal bijplaatsingen. Hoewel we dat in de opstartfase ook zeker verwacht en ingecalculeerd hadden, stemmen de beelden mij uiteraard ook verdrietig. Ik maak elke dag een ronde door de stad om te kijken hoe het erbij staat en dan baal je enorm van de rommel die een kleine groep mensen – want dat moet ik wel zeggen: het is een kleine groep mensen – er in onze stad soms van maakt. Overigens bestaan de meeste naastplaatsingen nog steeds uit grofvuil.
Dat is een probleem dat we al veel langer hadden en dat heeft verder ook niet zo heel veel met de pasjes te maken. Maar je ziet wel dat er meer aandacht voor is en in de aandacht voor de pasjes worden die beelden ook meegenomen. Dat doet niks af aan de opgave of de problematiek, maar we hebben hier wel te maken met een hardnekkig probleem waar we echt ook een aanpak op nodig hebben. Gelukkig komt de handhaving nu wel op gang. We hebben op dit moment een viertal handhavers van Waardlanden bij de gemeente werken, ook een tweetal milieucoaches, die zijn continu in de wijken aanwezig om mensen aan te spreken. Dat gebeurt op dit moment volop. Daarnaast zijn we als college bezig met een aanpak op de bijplaatsingen, ook met partners in de wijken, omdat we daar echt een einde aan moeten gaan maken met elkaar. De eerlijkheid gebiedt ook te zeggen dat een deel van de bijplaatsingen door de pasjes komt. We zagen bijvoorbeeld in het eerste weekend dat met name veel bedrijfsafval naast de containers in de binnenstad lag, en dat is niet de bedoeling. Dat is allemaal afval dat verwerkt moet worden en voorheen gewoon door u en ik met de afvalstoffenheffing betaald werd. Dat is ook een van de redenen voor de invoering van de pas.
Het is ook wel makkelijk te achterhalen van wie het is, dus er zijn ook allerlei interventies op gepleegd en gesprekken gevoerd, en je merkt nu al dat daarvan de eerste resultaten in de binnenstad zichtbaar worden. Het aandeel bedrijfsafval neemt echt af. We spreken mensen meer aan en we hopen dat dat op den duur ook tot verbetering gaat leiden. Maar goed, we zijn er nog lang niet, en volgens mij voelt u heel goed aan dat communicatie een van de sleutelelementen is om hier verder mee te komen. Ik kan u vertellen dat wij dagelijks ongelooflijk veel mails krijgen en heel veel belletjes. Ik weet niet of u al eens geprobeerd heeft om naar Waardlanden of ons eigen KCC te bellen, maar je komt soms in de wachtrij te staan. We staan ongelooflijk veel mensen te woord. Ikzelf, maar ook heel veel medewerkers van Waardlanden proberen zoveel mogelijk zichtbaar aanwezig te zijn in de wijk en op straat, aanspreekbaar voor mensen. Er worden ook heel veel gesprekken gevoerd en ik moet zeggen: daar leren we ook van. Op het moment dat we ergens op een onderdeel veel vragen krijgen, merken we dus dat we op dat onderdeel ook echt nog een
E-4
slag bij moeten zetten, harder moeten gaan lopen. Ook onze Q&A op de website passen we continu aan op nieuwe vragen die binnenkomen. Onze medewerkers lopen in de wijken bijvoorbeeld ook met een soort ‘taalkaart’ om beter in gesprek te kunnen komen, we proberen ook steeds meer beeldtaal te gebruiken, die hebben we ook toegepast in de informatiebrief en zat ook bij de milieupas, omdat we ook gewoon ervaren dat een overheidsbrief voor sommige mensen gewoon te complex is en dat we het eenvoudig moeten houden, maar wel duidelijk wat er gaat gebeuren. Daar investeren we in. Ik ben het niet met u eens dat we op nul staan. We doen al wel heel erg veel, maar ik constateer met u dat we echt nog een stap bij moeten zetten. Gaandeweg kijken we en luisteren we naar wat inwoners vragen, daar passen we onze aanpak op aan en stellen we onze aanpak op bij. De heer Van Willigen: Ik heb in mijn betoog ook Facebook genoemd, omdat het daar met name de spuigaten uitloopt en een polarisatie plaatsvindt op dit thema, waarbij ik denk dat je hier als gemeente echt mee zou moeten kijken en met de feiten zou moeten komen. Daarmee kunnen we voor de komende jaren misschien al een heleboel uit de wereld helpen. Wat vindt u van die suggestie? Wethouder De Boer: Voor mijn eigen gemoedsrust zit ik niet op Facebook, kan ik u vertellen, en lees ik het zelf niet.
Uiteraard wordt heel goed gemonitord wat er op social media gebeurt. Social-mediateams van Waardlanden en de gemeente zitten daar bovenop. In al die monitoring zien we aan de ene kant kritische geluiden, aan de andere kant ontvangen we ook heel veel steunbetuigingen. Er zijn ook veel mensen die het wel eens zijn met de maatregel en die ook op elkaar reageren, in de zin van: ja, u kunt het systeem wel de schuld geven, maar het systeem zet geen zakken naast een container. Die dynamiek zien we ook, maar ik ben het met u eens dat wij mensen zullen moeten bereiken waar zij zich manifesteren. Dat is op social media, maar ook in de wijken. We zijn ook aan het kijken of we bijvoorbeeld naar sportverenigingen kunnen gaan, of op andere plekken, zoals buurthuizen, bijeenkomsten kunnen organiseren, zodat mensen gaan snappen waarom we het doen. Dat is volgens mij vooral belangrijk: weet wat eraan gaat komen en weet wat je ook zelf kunt doen om bij te dragen aan de leefbaarheid in je wijk. Daar investeren we in. De heer Van Willigen: Dank u. En ik denk dat ik namens de hele raad spreek, als ik hier dank uitspreek aan de medewerkers van Waardlanden, want zij zijn soms wel de Kop van Jut. Diep respect voor de mensen van Waardlanden! Wethouder De Boer: Dat kan ik alleen maar beamen, voorzitter. De voorzitter: Dank.
Behalve deze ene vraag hebben we nog informatie vanuit het college over de Wmo, waarvoor ik graag wethouder Dansen het woord geef. Informatie vanuit het college Wethouder mevrouw Dansen: Een heel korte mededeling, voorzitter. Ik had toegezegd dat wij de beleidsregels voor de Wmo zouden aanpassen. Dat hebben wij intussen gedaan en mijn vraag is: stelt u het op prijs dat we die u ook toesturen? Ik stel vast dat dat het geval is. Dan gaan we dat doen. E-5
Dank u wel. 6. Hamerstukken 6.a Uitgangspunten herijking RES Windenergie (2023-858694)
De voorzitter: Voor een stemverklaring is het woord aan de heer Van Houwelingen. De heer Van Houwelingen: Ja, voorzitter. Eigenlijk is het een herhaling van wat we ook in B&A hebben aangegeven. Bij onze buren, Molenlanden, wordt gelijktijdig hetzelfde raadsvoorstel behandeld, wat het een beetje lastig maakt, omdat moties en amendementen natuurlijk een raadsvoorstel kunnen wijzigen. De SP kan met het voorstel akkoord gaan, mits bij onze buren geen moties of amendementen worden aangenomen die het raadsvoorstel daar significant wijzigen, zodat er geen gelijk speelveld meer is. De heer Van Willigen: Dit maakt het natuurlijk superingewikkeld, want er ligt bij Molenlanden een motie voor. Wat gaat u dan stemmen? De heer Van Houwelingen: Zoals ik het gelezen heb, zie ik die motie niet als een significante wijziging, ik vind hem zelfs redelijk logisch, maar ik weet natuurlijk niet wat er op dit moment nog meer binnenkomt, vandaar mijn ‘mits’. De voorzitter: Kan ik met inachtneming van deze opmerking concluderen dat u allen instemt? Zonder hoofdelijke stemming wordt hierna conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 6.b Investeringsagenda binnenstad (2023-852088)
De voorzitter: Ook hier bestaat behoefte aan een stemverklaring. Het woord is aan de heer Foppen. De heer Foppen: Dank u wel, voorzitter. Voor het hamerstuk dat nu voorligt is een mooi proces doorlopen als het gaat om de maatschappelijke participatie. De gemeente staat echter met een beperkt budget voor grote financiële uitdagingen, bijvoorbeeld op het gebied van mobiliteit en onderwijshuisvesting. Mijn fractie vindt het, gelet op die grote financiële uitdagingen, niet gepast om geld te gaan besteden aan een subsidie voor vastgoedeigenaren. Derhalve zullen wij tegen dit voorstel stemmen. Zonder hoofdelijke stemming wordt hierna conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten, onder aantekening dat de SP-fractie geacht wil worden tegen te hebben gestemd. 6.c Meerjarenprogramma Grondexploitaties 2023 (2023-858693)
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten.
E-6
6.d Verzamelbesluit verordeningen Omgevingswet (2023-828926)
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 6.e Extra budget voorzieningengebouw Lingehaven (2023-858694)
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 7. Bespreekstukken
Geen. 8. Overzicht begrotingswijzigingen mei 2023 (2023-858694)
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 9. Eventuele moties vreemd aan de orde van de dag.
De voorzitter: Dames en heren. Het woord is allereerst aan de fractie Stadsbelang, de heer Klein, die een motie wil indienen met de titel ‘Timmerdorp voor iedereen’. De heer Klein: Dank u wel, voorzitter. Timmerdorp. Ik denk dat we allemaal wel bekend zijn met het evenement dat meestal aan het eind van de zomer plaatsvindt, een evenement dat ooit is gestart opdat ook kinderen uit een gezin met een kleiner budget wat kunnen doen in de zomer. Echter, mij, en ook een aantal collega’s, kwam onlangs ter ore dat onder andere Timmerdorp en instanties als de speelgoedbank en de voedselbank constateren dat op dit moment kinderen uit minimagezinnen buiten de boot vallen, omdat ze simpelweg onvoldoende financiële middelen hebben om aan te sluiten bij dit evenement, het evenement dat ooit juist voor hen in het leven is geroepen. Eigenlijk denk ik dat dat al wel genoeg zegt over de motie die voor u ligt en waarom wij als gemeenteraad dit, misschien een beetje voorbarig, maar in mijn optiek unaniem zouden moeten steunen. In de motie roep wij op om voor dit moment in ieder geval een garantstelling te geven aan deze organisaties. Naar hun schatting zou het gaan om 150 kinderen die op dit moment dreigen buiten de boot te vallen. Dat betekent dat de gemeente een garantstelling zou moeten geven van 4.500 euro, waardoor deze kinderen de zekerheid hebben dat ze daarheen kunnen gaan.
Ik hoop dat de wethouder dat zo meteen gewoon direct zal kunnen toezeggen, omdat deze organisaties over ongeveer twee weken beginnen met de voorverkoop en dan gelijk daarop in kunnen spelen. Daarnaast roepen wij de gemeente op een plan op te stellen om in de komende jaren structureel hiervoor een manier te vinden die werkt, want de huidige middelen die bestaan werken helaas niet. Deze motie dien ik in namens Stadsbelang, samen met Gorcum Actief, SP, PvdA en ChristenUnie/SGP en naar ik zojuist heb begrepen ook Democraten Gorinchem. Dank u wel, voorzitter. Motie M1: Timmerdorp voor iedereen De raad van de gemeente Gorinchem,
E-7
in vergadering bijeen op 25 mei 2023; verzoekt het collegebudget beschikbaar te stellen zodat kinderen van Gorinchemse minima kunnen deelnemen aan Timmerdorp en de raad en betrokken partijen te informeren over het beschikbare budget en de uitvoering hiervan: A. voor 2023 een garantstelling te geven aan de organisatie van Timmerdorp voor 150 kinderen à € 30 per kind (totaal € 4.500 garantstelling); B. gezamenlijk met betrokken partijen een plan op te stellen voor de komende jaren.
De voorzitter: Dank u wel. Namens het college zal wethouder Molengraaf een reactie geven. Wethouder mevrouw Molengraaf: Voorzitter, dank u wel, en dank aan de indieners van de motie dat zij dit onderwerp op de radar hebben gezet. Timmerdorp is van oorsprong een activiteit, juist bedoeld voor kinderen die niet op vakantie kunnen, om een hele leuke week te hebben en zo de hele lange zomervakantie ook ietwat door te komen – en voor ouders is het soms ook echt fijn, zeg ik uit ervaring. De bedoeling is inderdaad dat het met name voor kinderen is die niet op vakantie kunnen vanwege gebrek aan financiële middelen. U vraagt eigenlijk twee dingen in deze motie. Allereerst: zorg dat het voor dit jaar geregeld is, zeg ik maar even kort door de bocht. Dat gaan we doen. We gaan 150 kaarten reserveren en die zullen via de speelgoedbank verkocht worden. In de week van 8 en 9 juni kunnen de minimagezinnen een beroep doen op die gereserveerde kaarten, en de verkoop start dan pas later. Dat zijn gegarandeerde kaarten. U vraagt ook om gezamenlijk een plan op te gaan stellen voor de komende jaren, en dat willen we zeker gaan doen, want het lijkt ons ook goed om meer terug te gaan naar de oorspronkelijke bedoeling van het Timmerdorp, zodat dat weer echt aan z'n doel gaat beantwoorden.
Dus we gaan in overleg met het Timmerdorp, met de speelgoedbank en met de Stichting Leergeld, die hier ook een hele belangrijke rol in speelt, om een plan op te stellen. En we gaan ook de publiciteit zoeken. We gaan een artikel in de krant plaatsen op 6 juni, om mensen attent te maken op het feit dat ze kaarten kunnen gaan reserveren. Hiermee hoop ik de motie naar genoegen beantwoord te hebben. De voorzitter: Ik zie instemmend geknik. Dank. Dan kijk ik even rond. Zijn er nog anderen die hier het woord over wensen te voeren? Nee. Wenst iemand nog een stemverklaring af te leggen? De heer Houtepen. De heer Houtepen: Dank u wel, voorzitter. Ik denk niet dat het nodig is om hieraan een termijn te wijden, dus ik houd het even kort. Als hieromtrent een probleem bestaat, ondanks de Stichting Leergeld, en we kunnen dat met een dergelijk bedrag oplossen, dan stemmen we daar graag mee in. De voorzitter: Anderen nog? De heer Tekir: Ja voorzitter, ook een korte stemverklaring, als dat mag. De voorzitter: De heer Tekir. De heer Tekir: Wij waren, denk ik, net niet alert genoeg om de motie mede te kunnen indienen, maar desondanks zou ik wel een stemverklaring willen afleggen. Uiteraard stemmen we hier van harte mee in. Ik zou zelfs nog een oproep mee willen geven. Het E-8
instrument van garantstelling is genoemd, dat houdt een lening in, ik zou het college willen oproepen echt breder te kijken, om eventueel een lening te voorkomen, om hen niet met meer verplichtingen op te zadelen als dat financieel gezien wenselijker is. Kortom, wij stemmen in. Dank u wel. De voorzitter: Kunnen we het zo doen, dat we vaststellen dat iedereen akkoord is en dat de motie unaniem kan worden aangenomen? Dat is het geval. Aldus besloten. Voorts zijn twee moties aangekondigd ten aanzien van De Nieuwe Doelen. Op 26 januari jl. is hieraan een interpellatiedebat gewijd en hebben we al een behoorlijke tijd over het onderwerp gesproken. Ik ga ervan uit dat we niet onderdelen van dat debat over gaan doen en dat we ons met name zullen richten op de moties die zullen worden ingediend. De heer Foppen: Voorzitter. Ik heb nog geen van beide moties gezien, en ik neem aan dat dat voor meerdere raadsleden geldt. Het lijkt me goed dat we die eerst doorgemaild krijgen, zodat we er in ieder geval kennis van kunnen nemen. De voorzitter: Moties worden in een vergadering niet altijd van tevoren verspreid. De indiener van de motie geeft daarop dan meestal een toelichting. Ik heb de moties zelf ook nog niet gezien.
Het lijkt me het verstandigst dat de indieners de beide moties nu gaan toelichten en dat we daarna de vergadering een paar minuten schorsen, opdat iedereen van de inhoud van de moties kennis kan nemen. De heer Tekir: Daarbij wil ik aantekenen dat onze motie betrekking heeft op het bestuurlijk handelen van de dossiers die ik eerder noemde naar aanleiding van het Wooverzoek. Ik verwacht dat wij een vrij verstrekkende motie hebben. Dat wil ik even benoemen met het oog op de volgorde van indiening. De voorzitter: U stelt nu in feite de vraag wie als eerste mag spreken. Ik was al een beetje geprepareerd op deze vraag ten aanzien van de verstrekkendheid, die ik als voorzitter overigens niet zou kunnen beoordelen, want die ken ik niet. Het reglement van orde geeft ook niet aan dat je het type motie al moet benoemen, het geeft alleen aan ‘motie vreemd aan de orde van de dag’ en ‘wie het eerst komt, het eerst maalt’, en dat was in dit geval Stadsbelang, vandaar dat ik die fractie nu als eerste het woord geef. De heer Klein: Bedankt, voorzitter. Ik ben iemand die uitgaat van eerlijkheid van de mens, van goede bedoelingen en juiste intenties en iedere lastige situatie, of onhandige situatie, met een lach tegemoet wil gaan. Maar nu sta ik hier eigenlijk niet op die manier. Ik sta hier moe, uitgeput en zelfs een beetje verdrietig.
Moe omdat ik de afgelopen dagen alleen maar heb zitten overleggen, terwijl ik ook had kunnen slapen. Verdrietig omdat wat er nu naar buiten komt me gewoon enorm aan het hart gaat. Voorzitter, dit is dus absoluut niet de reden waarom ik raadslid wilde worden. Helemaal niet zelfs. Ik wil kritisch zijn op onderwerpen en constructief meewerken, gezamenlijk op zoek naar oplossingen, oplossingen voor bijvoorbeeld een cultuurhuis of de energietransitie. Maar ook de kleine problemen als een missend bankje, een scheve stoeptegel of gewoon een oplossing vinden voor Timmerdorp. En bovenal wil ik het vertrouwen niet verliezen in de mensen die hier in de zaal zitten. Maar de teleurstelling is groot, heel groot.
E-9
Voorzitter, ik heb het over wat we allemaal gezien hebben: de berichtgeving in de krant van de Stad Gorinchem en ook alle informatie op social media die naar buiten komt over een Woo-verzoek. Het gaat hier inderdaad om de dossiers, net al door de heer Tekir aangegeven, over De Nieuwe Doelen, het interpellatiedebat en ook de informatie die naar buiten komt over ISK. Ik geloof niet dat ik alle details opnieuw hoef op te rakelen, maar ik doe hier wel een noodkreet, een echte noodkreet. Ga die woorden over de nieuwe bestuurscultuur nu eens waarmaken. Het zeggen dat we willen werken aan een nieuwe bestuurscultuur is namelijk erg makkelijk, maar ga het nu gewoon eens doén. Ga nu eens gewoon werken aan die bestuurscultuur, open en eerlijk communiceren naar je collega's, de raad, de stad, de gemeente, de inwoners, iedereen. Ga gewoon eerlijk communiceren! Dus niet om wat voor reden dan ook informatie achterhouden, verdraaien, suggestieve communicatie met belanghebbenden hebben. Nee, alsjeblieft niet! Vertel gewoon het eerlijke verhaal, ook al past het een keer niet in je straatje. Kunnen we het niet betalen? Zég dat. Kleven er risico's aan het besluit, zég dat gewoon. Heeft de raad een keer iets geconstateerd wat misschien wel gewoon een eerlijke constatering is? Geeft het gewoon toe. Vertel het eerlijke verhaal. Sta open voor goede suggesties en ideeën.
En zorg daarmee bovenal dat het allemaal zuiver blijft. Want dit schaadt ons allemaal, iedereen in deze zaal wordt hierdoor geraakt. Om die reden, voorzitter, keuren wij, Stadsbelang, de grootste partij van deze raad en grootste partij in de coalitie, de acties van het toen zittende college rondom de tijdelijke openstelling en de verantwoording tijdens het interpellatiedebat op dit moment af. Nog geen wantrouwen, daarvoor wil ik verwijzen naar waar ik mee begon, maar wel zoekende naar vertrouwen. Voorzitter, vanuit ons is dit dan ook de enige en laatste waarschuwing. Wij keuren dit af. De voorzitter: Interruptie de heer Foppen. De heer Foppen: Voorzitter. Waarom kiest Stadsbelang ervoor om heel het zittende college hierin mee te nemen en niet de wethouders genoemd in de Woo-stukken, of enkel de wethouder genoemd in de Woo-stukken? De heer Klein: De heer Foppen vraagt of we dit niet zouden moeten richten op één wethouder en ik denk dat het antwoord daarop eenvoudig is. Het college werkt als één, één wethouder is niet meer of minder dan een ander. In dezen oordelen wij over de hele groep en niet over één wethouder.
Motie M2: motie van afkeuring De raad der gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op 25 mei 2023; spreekt zijn afkeuring uit over het handelen van het college bij de besluitvorming alsook het opvolgende interpellatiedebat over de tijdelijke openstelling en het beheer van De Nieuwe Doelen. Motivatie Op 23 mei publiceerde De Stad Gorinchem een artikel over de gang van zaken rondom de besluitvorming over het beheer van De Nieuwe Doelen. In december 2022 heeft het college besloten de tijdelijke openstelling van De Nieuwe Doelen te beëindigen. Deze besluitvorming heeft plaatsgevonden in een periode waarin wethouder Polatli door ziekte afwezig was. Uit de berichtgeving in De Stad Gorinchem blijkt dat wethouder Polatli als portefeuillehouder aan het college had willen voorstellen om de tijdelijke openstelling te continueren. Het college heeft in december echter een ander besluit genomen.
E - 10
Op 30 januari 2023 heeft over dit onderwerp een interpellatiedebat plaatsgevonden in de gemeenteraad. Het toen zittende college heeft in dit debat niet aan de gemeenteraad laten weten dat de besluitvorming afweek van de richting die wethouder Polatli als portefeuillehouder in had willen zetten. Wij zijn van mening dat het college dit aan de gemeenteraad had moeten melden. Naar aanleiding van bovenstaande, spreekt deze motie afkeuring uit over het handelen van het college bij de besluitvorming over het beëindigen van de tijdelijke openstelling van De Nieuwe Doelen en over de manier waarover het college hierover verantwoording heeft afgelegd tijdens het interpellatiedebat.
De voorzitter: Dank u wel. De heer Tekir. De heer Tekir: Dank u wel, voorzitter. Wat vanavond staat te gebeuren, is eigenlijk een vervolg op het interpellatiedebat van enkele maanden geleden over de openstelling van De Nieuwe Doelen; de heer Klein memoreerde daar zojuist ook al even aan: het befaamde interpellatiedebat dat niet alleen onbevredigend en ongemakkelijk was, maar vooral ook een teleurstellende afloop kende. Veel vraagtekens en veel onduidelijkheden die niet alleen deze raad, maar ook de stad in het ongewisse lieten. Het grote verschil met het interpellatiedebat is nu dat we toén vooral vermoedden dat er van alles mis was en nu zijn die vermoedens door feiten bevestigd. Sterker nog, ook daar refereerde de heer Klein aan: alles ligt op straat, met dank aan een Woo-verzoek van een oplettende burger. Het is ook pijnlijk dat relevante informatie pas na een Woo-verzoek naar buiten komt, terwijl de raad hieraan in januari een heel interpellatiedebat heeft gewijd. In dat debat, blijkt nu, is de raad op tal van punten op het verkeerde been gezet, oftewel onjuist geïnformeerd, willens en wetens. En daar kan een zichzelf respecterende raad niet lichtzinnig over doen. We hebben het handelen van dit college toen al afgekeurd en, voorzitter, dat kunnen we niet blijven doen. Na een gele kaart volgt rood.
Nu klip en klaar is bewezen dat het handelen van wethouder Mager indruist tegen de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, kunnen we niet anders dan daar een politiek oordeel over vellen. Want, voorzitter, dat is uiteindelijk waar het de fractie van D66 in essentie omgaat: de vraag of er gehandeld is conform de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Dat gaat over consistent handelen, over zorgvuldig handelen, een deugdelijke besluitvorming, en natuurlijk het naleven van de informatieplicht aan de raad. En we kunnen helaas niet anders concluderen dan dat al deze punten met voeten zijn getreden. In het interpellatiedebat is een stofwolk opgeworpen, een stofwolk waarbij wethouder Mager ontkende dat zij op de hoogte was van een eerder ingezette lijn van wethouder Polatli. Wethouder Polatli was toen ziek, maar blijkt al in december heel duidelijk te zijn geweest over zijn lijn. Hij appt, en ik citeer maar voor de duidelijkheid, het stond ook in de krant: “Ik vind het wel vervelend dat ik niet word gevraagd of geïnformeerd over een toezegging of een intentie. Ik hoor alleen maar indianenverhalen en hoor verder niets.
Ik hoop wel dat mijn ingeslagen weg met betrekking tot een ambtelijke voorbereiding naar een collegevoorstel, naar een tijdelijke openstelling, tot de daadwerkelijke aanbesteding van de exploitatie gecontinueerd wordt.” Voorzitter, alleen dit appje al is uitermate pijnlijk voor het aanzien van ons lokaal bestuur. En wethouder Polatli lijkt hier niet eens een reactie op te krijgen van wethouder Mager. In het debat houdt wethouder Mager steevast vol dat deze ingezette lijn niet bestaat, zelfs niet als wij doorvragen op de gewekte verwachtingen bij Stichting Pandemonium met het gespreksverslag uit september. En daarmee ontkent zij dat er verwachtingen zijn E - 11
gecreëerd naar de betrokkenen, oftewel richting Pandemonium. Deze stichting is het slachtoffer geworden van haar wanbeleid, wat allesbehalve blijk geeft van collegiaal bestuur. Wat het allemaal erger maakt, is dat wethouder Mager doet alsof we een vaste huis-leegstandsbeheerder hebben, terwijl daar geen enkele overeenkomst onder ligt. Oftewel: wethouder Mager kiest er op dat moment voor om onder het mom van een niet bestaande huis-leegstandsbeheerder goed te praten dat het beheer plotsklaps overgaat naar SGS. Dat besluit toont aan dat de wethouder het zorgvuldigheidsbeginsel ernstig geweld heeft aangedaan en de Stichting Pandemonium onbehoorlijk heeft behandeld. En wie denkt dat deze wethouder één keer de fout is ingegaan, vergist zich. De wethouder heeft ook op een ander onderwerp de raad misleid en haar taken als wethouder verwaarloosd. In het debat over de tijdelijke huisvesting van de Internationale Schakelklas heeft de wethouder informatie achtergehouden, informatie die cruciaal was voor de besluitvorming. De wethouder bleef ook na herhaaldelijke vragen uit de raad volhouden dat de kostenramingen binnen het budget vielen. Uit de Woo-stukken maken wij op dat de wethouder ook toen al wist dat die kostenramingen onvolledig waren. Asbestsanering was een grote onzekerheid, met het risico op meerkosten, terwijl het financiële plafond toen al was bereikt.
De wethouder heeft dit achtergehouden, ondanks dat de raad zichtbaar veel waarde hechtte aan de financiële haalbaarheid van het plan en de veiligheid en gezondheid van leerlingen en leraren. En daarbovenop heeft de wethouder nooit medegedeeld dat het onderzoeksbureau BBN toen al oordeelde dat het gebouw ook na de investeringen niet bruikbaar zou zijn op het niveau dat van een onderwijsgebouw mag worden verwacht. En voor de duidelijkheid: de onderzoekers zelf geven dit vooraf aan. Voorzitter, de wethouder heeft hiermee de informatieplicht aan de raad verzuimd. Dat is ondemocratisch en verwerpelijk. Het is onaanvaardbaar dat de wethouder het functioneren van de raad bewust heeft belemmerd, met ogenschijnlijk als doel een voor haar politiek gewenste uitkomst te bewerkstelligen. Voorzitter, dit brengt mij tot de volgende slotsom. De wethouder heeft met haar handelen de meest fundamentele waarden van het openbaar bestuur geschonden. De waarheid is systematisch gesneuveld in haar antwoorden in de raad. Ze heeft bewust oncollegiaal en onbehoorlijk gehandeld naar collega’s, de raad en onze burgers.
Daarmee is het voor D66 onvermijdelijk om het vertrouwen in de wethouder op te zeggen en dienen de fracties van D66, Democraten Gorinchem en de Partij van de Arbeid een motie van wantrouwen in, die luidt als volgt: Motie M3: motie van wantrouwen De raad der gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op 25 mei 2023; spreekt uit het vertrouwen in wethouder Mager op te zeggen.
Ik roep ieder raadslid op om verantwoordelijkheid te nemen en pal te staan voor een behoorlijk openbaar bestuur. De voorzitter: Dank u wel. Interruptie de heer Van Santen. De heer Van Santen: Dank u. De heer Tekir komt met hele grote woorden en ook veel beschuldigingen over en weer. Dat zou allemaal kunnen, maar in Nederland hebben we de gewoonte dat je onschuldig bent totdat je schuld bewezen is. Nou is er heel veel informatie op straat, zeg maar, en dan ben ik ook heel benieuwd wat dat dan is. Maar we E - 12
hebben de wethouder nog niet eens gehoord vanavond en toch komen al deze uitingen al naar voren. Dus dan ben ik toch benieuwd: wil de heer Tekir niet even de reactie van het college hierop afwachten, of wil hij daar niet eerst wat vragen over stellen? De heer Tekir: Als ik mag, voorzitter? De voorzitter: Ga uw gang. De heer Tekir: Zeker zouden we dat willen, sterker nog: we hebben al die tijd steevast vragen gesteld, maar geen antwoorden gekregen. Deze raad heeft vragen gesteld en geen antwoorden gekregen. En wat blijkt nu, en dat is het pijnlijke: dat die antwoorden pas komen als een oplettende burger een Woo-verzoek doet. Dan krijgen we ineens allerlei berichten, e-mailtjes en aanvullende informatie die primair hier bij de raad zouden liggen. Dat maakt op een gegeven moment wel, meneer Van Santen, dat wij hier als politiek ook een oordeel over moet vellen. Wij zijn geen speeltuinvereniging. Wij vormen hier het stadsbestuur en dat vraagt om verantwoordelijk handelen. De heer Van Santen: Het voelt inmiddels wel een beetje als speeltuinvereniging, maar wat mij wel een beetje frustreert in dit verhaal is dat wij wel antwoorden hebben gekregen de vorige keer, er is nieuwe informatie en voordat er dan een heel relaas komt is het wel netjes om eventjes te vragen hoe het dan zit met dit verhaal. Ga uit van goeie intenties en ga niet meteen uit van slechte, zou ik zeggen.
De heer Tekir: Nogmaals, voorzitter: de vragen zijn gesteld, de antwoorden zijn uitgebleven en die antwoorden zijn nu pas naar buiten gekomen na een Woo-verzoek. Dat is echt de verkeerde volgorde, tenzij u zegt dat u voortaan als raad geïnformeerd wilt worden met een Woo-verzoek, maar dat is niet hoe wij ons functioneren in deze raad zien. De voorzitter: Als het gaat over de procesmatige gang, is het natuurlijk ook niet gebruikelijk dat op basis van ingekomen stukken meteen moties worden ingediend. Veelal is gebruikelijk in het openbaar bestuur dat, als er ingekomen stukken komen die aanleiding geven, of opnieuw aanleiding geven, tot vragen, die dan eerst gesteld worden, dat het gemeentebestuur vervolgens een stuk voorbereidt en dat we daar dan voorbereid met elkaar het gesprek over voeren. Ik constateer als voorzitter van deze raad wel dat dat nu niet gebeurt en ik denk dat het daarom ook goed is, nu de indieners beiden hun motie hebben toegelicht, om te schorsen, zodat überhaupt iedereen kennis kan nemen van de moties die ingediend zijn. En dan lijkt het me goed om een reactie van het college af te wachten. We doen dat dus nu mondeling, terwijl dat normaliter altijd schriftelijk gebeurt. De heer Tekir: Dan wil ik toch een ordeverzoek doen, voorzitter. De raad zit nu met de beraadslagingen in de eerste termijn.
Ik kan me heel goed voorstellen dat we na de eerste termijn schorsen, maar ik hecht er wel aan dat we nu eerst de eerste termijn afronden en dat er een reactie is gegeven vanuit de raad, in ieder geval vanuit de indieners van de motie. De voorzitter: Nee. Ik heb namelijk zojuist aangegeven dat de hele raad geen kennis heeft genomen van de verschillende moties en we kunnen niet een eerste termijn gaan voeren terwijl men niet eens kennis heeft kunnen nemen van de moties. Het kan niet zo E - 13
zijn dat we debatteren over iets waar we niet eens fatsoenlijk kennis van hebben kunnen nemen. Dat gaat echt te ver in het kader van de vergaderorde. Daarom wil ik de vergadering nu vijftien minuten schorsen, zodat iedereen zorgvuldig kennis kan nemen van de moties. Mocht u daarna nog meer tijd nodig hebben om het grondig te bestuderen, dan laat u mij dat weten. Dat is de consequentie van niet voorafgaand moties delen. Ik hecht eraan dat eenieder goed kennis kan nemen van datgene wat ter tafel ligt en ook goed voorbereid een reactie van geven. De vergadering is vooralsnog geschorst voor vijftien minuten (20.22 uur). Schorsing De voorzitter: Dames en heren, het is nog geen tien voor negen, maar mij bereikt een verzoek om de vergadering wat langer te schorsen, namelijk tot negen uur. Is dat akkoord? Ik stel vast dat u daarmee kunt instemmen. .-.-.-. De voorzitter: Ik heropen de vergadering (21.02 uur). Er zijn drie indieners met betrekking tot de laatste motie. D66 heeft bij monde van de heer Tekir het woord gevoerd. Ik geef nu de heer Oostrum van de PvdA het woord en daarna de heer Schefferlie van Democraten Gorinchem. De heer Oostrum: Dank u wel, voorzitter.
Bij het interpellatiedebat over De Nieuwe Doelen was al sprake van serieuze twijfel of de wethouder – en in mijn politieke opleiding heb ik geleerd: sprekend namens het college – wel een volledig en juist beeld schetste van de voorgeschiedenis en de feiten die hebben geleid tot de huidige situatie. Die huidige situatie is dat het leegstandsbeheer is opgedragen aan de Stichting Gorinchemse Sportaccommodaties en dat De Nieuwe Doelen uitsluitend nog beschikbaar is voor incidenteel gebruik. Die twijfel, en met name het feit dat het college het interpellatiedebat niet heeft willen afwachten alvorens afspraken te maken met de Stichting Gorinchemse Sportaccommodaties, heeft destijds geleid tot een motie van afkeuring. Bij de besprekingen rond het verbouwen van het gebouw aan de Lage Slagenstraat, om daar de Internationale Schakelklas te kunnen vestigen, was ook sprake van serieuze twijfel of de wethouder – ik zeg nogmaals: sprekend namens het college – wel alle beschikbare en relevante informatie heeft gedeeld met de gemeenteraad om tot een weloverwogen besluit te komen. En de gemeenteraad heeft door middel van een amendement een ander besluit genomen om tot een passende oplossing te komen voor de Internationale Schakelklas.
Vervolgens, voorzitter, zijn middels verzoeken in het kader van de Wet Openbare Overheid inmiddels feiten naar buiten gekomen waaruit valt af te leiden – ik zeg: waaruit moet worden geconcludeerd – dat in ieder geval door de wethouder onjuiste informatie is verstrekt aan de gemeenteraad. Geconstateerd wordt onjuiste informatie over het voornemen van tijdelijke openstelling van De Nieuwe Doelen, onjuiste informatie over het voornemen om het beheer van De Nieuwe Doelen voort te laten zetten door de Stichting Podium Pandemonium, onjuiste informatie over de zogenaamd vaste leegstandsbeheerder van de gemeente, onjuiste dan wel niet volledige informatie over te verwachten werkzaamheden en daarmee gepaard gaande extra aanpassingskosten van het
E - 14
gebouw aan de Lange Slagenstraat, onjuiste informatie over de verwachtingen dat het gebouw na aanpassing zal voldoen aan alle geldende eisen en derhalve geschikt zal zijn als onderwijsgebouw. Voorzitter, dit gedrag is een wethouder, al dan niet namens het college, onwaardig. In een recent onderzoek door het Centraal Bureau voor de Statistiek over samenleving, sociale samenhang en welzijn in ons land wordt geconstateerd dat in het laatste kwartaal van 2022 het vertrouwen van burgers in de politiek in het algemeen en in de meeste politici het laagste is sinds de afgelopen tien jaar. Er ligt dus een enorme uitdaging om dat vertrouwen terug te winnen en laten we daar nou eens mee beginnen in Gorinchem. Wij laten zien dat we dit gedrag niet alleen afkeuren, maar dat wij, de gemeenteraadsleden als volksvertegenwoordigers en controleurs van het college, dat gedrag niet langer pikken. Een wethouder die, al of niet namens het college, onjuiste informatie geeft, of informatie achterhoudt, is een voorbeeld waarom de gewone inwoner de politiek en de politici wantrouwt. Deze motie van wantrouwen geeft dat aan. Voor ons is de maat meer dan vol. De voorzitter: De heer Schefferlie, Democraten Gorinchem. De heer Schefferlie: Dank u wel, voorzitter.
We leven eigenlijk in een periode waarin landelijk het vertrouwen in de politiek tot een dieptepunt is gedaald en de meest belovende weg om aan herstel te werken is lokaal, dicht bij de mensen. Daarom, voorzitter, is vanavond helaas zo belangrijk. Waar ligt onze meetlat in Gorinchem in wat we acceptabel vinden in de bestuurlijke omgang met inwoners, belanghebbenden, partners en de gemeenteraad zelf? Zeker als het gaat over veiligheid, maar ook als het gaat over zorgvuldigheid in relaties, moeten we niet de ondergrens van behoorlijk bestuur willen passeren. Helaas is dat in niet acceptabele mate wel gebeurd als het gaat over De Nieuwe Doelen en de huisvesting van de Internationale Schakelklas. Wij beginnen bij dat laatste, omdat veiligheid van kinderen wel een heel groot goed is. Zonder vorige sprekers letterlijk te gaan herhalen, moeten ook wij vanwege de ernst naar voren brengen dat het achterhouden van essentiële informatie niet alleen getuigt van ernstig onbehoorlijk bestuur, maar ook een enorm risico had kunnen opleveren indien de gemeenteraad het voorstel niet had afgestemd. Het achterhouden van informatie gaat samen met een opvallende vasthoudendheid van de wethouder, de schijn van reeds gedane toezeggingen en een zeer onprettige bejegening tijdens een schorsing. Maar vooral dat gezondheidsrisico, voorzitter, vinden wij heftig.
Als er belangrijke informatie is over gezondheid en veiligheid, laat je die niet achterwege. Wat kan nu zoveel waard zijn als de veiligheid van schoolkinderen? Daar tellen we het niet meerekenen van de kosten voor asbestverwijdering bij op. Deze feiten, veelal boven tafel gekomen door een Woo-verzoek, zijn reden genoeg voor een gebrek aan vertrouwen, net als het volgende dossier dat tijdelijk onder de hoede viel van dezelfde wethouder. De Nieuwe Doelen dus, voorzitter: een al zo lang ontzettend belast dossier waarin eveneens, en helaas niet voor het eerst, een staaltje onbehoorlijk bestuur is getoond dat zich niet verdraagt met het vertrouwen van onze fractie. Juist op een terrein waarin we de samen-kracht zo nodig hebben zien we tijdens de afwezigheid van wethouder Polatli een koerswijziging waarin de stichting, die zich met hart en ziel heeft ingezet, de biezen kon pakken, en dat zonder deugdelijke motivatie en tegen gewekte verwachtingen in, maar, ook wel opzienbarend, tegen de wens en koers van de reguliere portefeuillehouder in. E - 15
Gewoonweg schokkend is het, als een raad de ernst uitdrukt met een interpellatiedebat en een motie waarin nagenoeg de helft van de raad het handelen al had afgekeurd, dan verwacht je niet dat juist tijdens zo'n debat ook nog onjuist wordt geïnformeerd: de ontkenning van het voornemen tot tijdelijke openstelling, maar ook de fantasie over de Stichting Gorinchemse Sportaccommodaties als huismeester in het leegstandsbeheer. Dat laatste maakt de verwijdering van Stichting Pandemonium nog pijnlijker, onbehoorlijk en onnodig, buitengewoon schadelijk voor onze relaties. Wij, voorzitter, krijgen de indruk dat de waarnemend wethouder op dit dossier de kans heeft gegrepen om een eigen richting in te slaan, zelfs de ernst van een interpellatie en een ingediende motie van afkeuring niet tot een correctie heeft gebracht, maar tot voortzetting en intensivering van onbehoorlijk bestuur, en ook in dit dossier, voorzitter, in een mate die wij niet met voortzetting van ons vertrouwen kunnen belonen. Voorzitter. Wij hechten zeer aan proportionaliteit van maatregelen en uitspraken. Gelukkig kent Gorinchem geen cultuur waarin het regent aan moties van wantrouwen en spreken we hier over een uitzonderlijkheid die we allesbehalve lichtzinnig voornemen.
Sterker nog, voorzitter, ik kan u vertellen dat in de ietwat lange carrière van 23 jaar hier dit de eerste keer is dat ik een motie van wantrouwen mee ga indienen en steunen. Echter, voorzitter, wij ervaren hier nu zulke schendingen van behoorlijk bestuur dat wij naar buiten toe niet de indruk willen wekken van “kijk, dit was niet netjes en zelfs onbehoorlijk, maar je komt er gewoon mee weg in Gorinchem, net als in Den Haag zeg maar”. Laten we zulke afkeer van de politiek niet voeden, want die is er landelijk al genoeg. Soms wordt mij gevraagd “zal er een BBB komen in Gorinchem?” Dan zeg ik: nou, die is hier eigenlijk niet nodig, want met alle respect dat je soms ook voor elkaar kan hebben, we hebben hier een Stadsbelang die, zoals ook in de laatste verkiezingen is gebleken, dicht bij inwoners van Gorinchem staat, haast ongeacht prestaties in de afgelopen raadsperiode, maar dat lukt ze elke keer weer. En bij zo’n partij, die mogelijk de komst van zo’n BBB overbodig maakt, hoort wel dat je geen krokodillentranenmotie indient, maar dat je proportioneel bent. En als je de ernst van de feiten hoort die de heer Klein naar voren heeft gebracht, dan is er maar één proportionaliteit: niet de krokodillentranenmotie, maar een motie waarin het vertrouwen wordt opgezegd. Dank u wel. De voorzitter: Ik kijk rond. Wie wenst nog meer in eerste termijn? Het woord is aan de heer Foppen.
De heer Foppen: Voorzitter, dank u wel. In alle eerlijkheid moet me toch wel het een en ander van het hart vanavond. Ik voel eigenlijk helemaal niet de behoefte om een interpellatiedebat, dat naar mijn mening veel te lang geduurd heeft, over te doen, of het debat dat mijn fractiegenoot heeft gedaan over ISK over te doen. In plaats daarvan zou ik op iets anders willen reflecteren. Wij hebben het namelijk vandaag over personen en als je het over personen hebt, is het des te belangrijker dat je zorgvuldig bent. Ik kwam hier vanavond aan in de veronderstelling dat we een korte agenda hadden, maar nee: zonder enige aankondiging vooraf, zonder rondmailen, kreeg ik te horen dat er een motie van wantrouwen zou worden ingediend, of een motie van afkeuring. Ja, en dan moet je halsoverkop gaan bedenken wat je daarmee aan moet, want je hebt het niet vooraf doorgekregen. En als je dan zorgvuldigheid wilt betrachten, omdat je het over personen E - 16
hebt, vind ik het heel erg belangrijk dat je daarvoor de tijd kunt nemen, zeker gelet op wat de heer Schefferlie zei: Gorinchem heeft immers geen cultuur van moties van wantrouwen. Hierbij zou ik het even willen laten, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Santen. De heer Van Santen: Dank u. Ik zat heel erg na te denken over wat ik hierover zou gaan zeggen. In een ideale wereld hadden we deze hele discussie niet eens gehad, dan had Gorinchem gewoon een mooi groot podium gehad, want we zitten al jaren zonder Nieuwe Doelen en het is ook gewoon echt onwijs vervelend. Maar goed, daar gaat het vanavond niet over, want iedereen vindt dat vervelend en wij kijken er ook naar uit. Daarvoor hebben we ook die raadsagenda met elkaar opgesteld, om dat nou eens met elkaar op te gaan pakken en op te lossen. Ik hoop nog steeds dat we dat echt met elkaar goed kunnen doen en volgens mij waren we daarmee ook op de goede weg. Ik weet ook dat het misschien een kleine illusie is te denken dat dat heel makkelijk is. Dat is het natuurlijk helemaal niet, zeker na al die jaren en ook zeker als mensen net een team hebben gevormd, of de communicatie daar nog allemaal aangescherpt kan worden, dat kan allemaal. We zijn allemaal mensen en dan is het ook best een uitdaging met elkaar, maar ik geloof wel in goede intenties en absoluut niet dat iets doelbewust is gedaan.
Ik wens ook niemand toe dat hij of zij hier moe, uitgeput of verdrietig staat, want ik denk echt dat we het met elkaar moeten doen. We hebben dan ook best wel veel begrip voor de lastige situatie en ik vind het ook heel jammer en pijnlijk de woorden te moeten horen die Stadsbelang hier uitspreekt. Los van die situatie zie ik ook best wel dingen goed gaan. Ik wil nog wel een ander punt maken over iets wat mij is opgevallen. Wij zijn hierdoor namelijk niet helemaal overvallen, want we zagen hier en daar wel wat berichten voorbijkomen, ook op socials en dergelijke, en ik denk dat we als stadsbestuur met elkaar ook moeten waken voor een veilige omgeving. Ik hoorde het woord ‘veilig’ net ook noemen in verband met de kinderen, maar ik denk dat we de veiligheid voor iedereen moeten waarborgen. Op social media zie je dat mensen zwart worden gemaakt met gekke plaatjes, feiten die net anders liggen, stukken die ontbreken, of weet-ik-veel-wat. De waarheid ligt altijd ergens in het midden, of kent ook veel perspectieven. Ik vind dat gewoon betreurenswaardig. Het mag niemand overkomen en toch komt het voor. Op basis daarvan vind ik ook dat we de dingen een klein beetje in perspectief moeten blijven zien en dat er ook grote opgaven voor de stad liggen die we gewoon aan moeten gaan. Daar moeten we de gesprekken over blijven voeren. Heel belangrijk is ook dat wederhoor daarbij hoort.
Je moet altijd hoor en wederhoor toepassen. Dat wilde ik nog even gezegd hebben. Hierbij wil ik het laten. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Oversteeg. Mevrouw Van Oversteeg: Dank u wel, voorzitter. Ik sta hier met een knoop in m’n buik en ik hoop dat ik daarin vanavond niet de enige ben. Ik heb vanavond al een aantal vergelijkbare dingen horen zeggen. Gelukkig hebben wij geen traditie van dit soort moties, of om de vertrouwensvraag vaak op tafel te leggen, en dat het dan vanavond toch aan de orde komt, ja voorzitter, daar worden wij simpelweg verdrietig van. Ik wil mijn eerste termijn graag ook gebruiken om wat vragen te stellen, om daarin ook onze positie E - 17
helder te maken voor de tweede termijn, zonder daarbij, wat de heer Foppen al zei, het interpellatiedebat te herhalen, want ook wij vonden dat interpellatiedebat langdurig en dat willen we absoluut niet overdoen. Maar ik hoop dat u mij toestaat toch wat vragen te stellen, om ook verder te kunnen duiden wat nu uit die informatie naar voren is gekomen in relatie tot het debat dat we hebben gevoerd en de informatie die ons toen door het college is verstrekt, want daar zit simpelweg lucht tussen en wij zouden dat graag verhelderd willen zien door het college vandaag. Uiteraard zijn we ook benieuwd hoe de andere partijen dat verder duiden. Voorzitter. Mijn bijdrage tijdens het interpellatiedebat ging vooral, en ook herhaaldelijk in interrupties, over het vertrouwen dat al dan niet zou zijn gewekt bij de stichting rondom de tijdelijke openstelling. Hoe kan het dat in december ineens van een lijn zou worden afgeweken? Waarop wethouder Mager destijds herhaaldelijk aangaf: ja, het was eigenlijk paniekvoetbal, we wisten niet zo goed wat we moesten doen, dus we moesten snel handelen en snel dat contract sluiten. Even vrij vertaald, maar uit de notulen blijkt duidelijk dat dat de lijn was en ook mijn herinnering volgt dat zo.
Uit de stukken die nu zijn verstrekt blijkt in ieder geval dat er contact is geweest tussen wethouder Polatli en wethouder Mager over de lijn die er toen al zou zijn geweest door middel van een ingeslagen weg en ambtelijke voorbereiding. Voorzitter, mijn vraag is: hoe wordt dat dan beoordeeld? Als dat wordt uitgewisseld, waarom is daar dan geen melding van gemaakt in dat debat? Waarom is eigenlijk de strategie gekozen van: ja, we wisten het niet, we zijn maar snel gaan handelen, en ja, dat heeft dan deze uitkomst, terwijl we eigenlijk met de feiten die nu naar voren komen toch wel een andere lijn hadden mogen verwachten? Voorzitter, waarom is over dat contact geen openheid gegeven? Maar ook: waaruit blijkt dan die lijn? Want we zien wel dat appje – volg je mijn lijn wel, de ingeslagen weg en de ambtelijke voorbereiding? –, maar ook daarnaast een vraag, en wellicht dat wethouder Polatli die dan beter kan beantwoorden: waar zijn daar dan de stukken van? Waarom hebben we die daar dan ook niet van gezien? Ik baal er eigenlijk van dat wij door middel van zulke feitelijke vragen moeten gaan zitten vlooien in een dossier waar we volgens mij met z’n allen ontevreden over zijn en waarin we met z’n allen graag een stap naar voren willen zetten.
Maar voorzitter, de feiten die nu naar boven komen lijken toch te wijzen in een heel verkeerde richting, vandaar dat ik hoop dat die vragen ook op een serieuze toon worden beantwoord, zodat we daarna goed kunnen wegen hoe verder. De voorzitter: De heer De Pagter. De heer De Pagter: Dank u wel voorzitter. In tijden van druk, waarin je met elkaar voor opdrachten staat als college en een van je collegeleden valt weg, dan neem je elkaars portefeuilles over en ga je te goeder trouw actief aan de slag om die portefeuilles op te pakken en daaraan invulling te geven. Dat is ook door dit college gedaan. We hebben een interpellatiedebat gehad over De Nieuwe Doelen en we mogen ervan uitgaan dat een wethouder naar eer en getrouwe die taken oppakt. Helaas staan we hier vanavond met elkaar en worden er moties ingediend, terwijl we juist ook op het dossier De Nieuwe Doelen de weg naar voren willen zoeken en daarover met elkaar als raad ook afspraken willen maken en nadenken: hoe kunnen we met elkaar naar voren, hoe kunnen we daar invulling aan geven? Ik wil graag benadrukken dat we deze positieve weg die we hebben ingeslagen met elkaar, vast moeten houden en daarin moeten continueren. E - 18
Over de ISK zijn we geïnformeerd via een raadsinformatiebrief op 17 februari. Daarbij zat ook een bijlage over de technische staat van het gebouw, en daarin werd geadviseerd op drie dingen: op wet- en regelgeving, op veiligheid en op gezondheid. Asbest is inderdaad een gevaarlijk goed, maar als je dat laat zitten blijft het zoals het is en vormt het geen direct gevaar. Daarnaast is over de luchtcirculatie in het gebouw, waaraan gerefereerd wordt in de moties en in de toespraken, een advies gegeven. Er is geen afkeuring gegeven door deze stichting, dus naar onze mening hoort ISK niet thuis in de onderbouwing van de moties die er nu zijn en zouden we het bij De Nieuwe Doelen moeten laten. Al met al hebben wij geen twijfel over de houding en de acties die zijn uitgevoerd door het college. Daar wil ik het bij laten, voorzitter. De voorzitter: Ik stel vast dat niemand anders het woord wenst. Dan geef ik namens het college het woord aan wethouder Mager. Wethouder mevrouw Mager: Voorzitter, dank u wel. Ook ik heb een knoop in mijn buik, mevrouw Van Oversteeg. Deze week stond er een artikel in de krant en diverse berichten op social media over hoe het college in december is omgegaan met het beëindigen van de tijdelijke openstelling van De Nieuwe Doelen, dit naar aanleiding van een Woo-verzoek. Hierin wordt Stadsbelang expliciet genoemd.