210610 Concept Verslag Raadsvergadering.docx
Tekst van het document
De voorzitter: In de B&A-sessie van 20 mei is door de voorzitter geconcludeerd dat door de VVD een motie zal worden voorbereid waarin een andere volgorde en andere voorwaarden aan de participatie worden gesteld. Vandaag zal alleen over de motie gesproken worden en daarom is het goed om eerst de VVD bij monde van de heer Wientjes het woord te geven over deze motie, getiteld ‘Iedereen moet meedoen’. De heer Wientjes: Dank u wel, voorzitter. Iedereen moet meedoen, en met ‘iedereen’ bedoelen we alle gemeenten in het verzorgingsgebied van Stedin. Stedin dekt een aanzienlijk deel van Nederland, maar niet helemaal. Er zitten een aantal grote en wat kleinere gemeenten in en 44 daarvan zijn reeds aandeelhouder, maar een groot deel niet, en daar zit bijvoorbeeld Utrecht bij als stad, en ook de stad Amersfoort, toch niet al te klein. Dat betekent dat we met de financiering die we nu doen door deze aandelenparticipatie ook de Stedin-activiteiten en -investeringen financieren die ten G - 39
goede komen aan de gemeenten die geen aandeelhouder zijn. Dat even ter algemene informatie. De VVD vindt het belangrijk dat Stedin goed uitgerust is om te werken aan de elektriciteitsdistributie. Als VVD vinden we het ook niet een goed plan om aan privatisering of zoiets van Stedin te denken, dus dat wij daar als gemeente een rol in hebben is duidelijk. Tenslotte zijn wij aandeelhouder. De VVD heeft er vertrouwen in dat er goed gekeken is naar de financieringsmodaliteiten, maar wat ook te verwachten is, en al aangekondigd wordt, is dat er in de toekomst meer nodig is. Daarom deze motie, waarin wij Stedins belangrijke rol onderschrijven, en onze participatie daarin, maar vooral ook het college oproepen om in haar rol al aandeelhouder via de stichting die daarvoor is opgericht – ik geloof dat het een stichting is waar onze belangen in beheerd worden – te blijven oproepen om ook die andere gemeenten die nog geen aandeelhouder zijn aandeelhouder te laten worden en voor een volgende participatie te zorgen dat het zover is, alvorens wij als Gorinchem besluiten om aan die toekomstige uitbreiding van het aandelenkapitaal, of welke andere financiering waarin wij een rol spelen dan ook, mee te doen. Wij zijn dus voor het voorstel als zodanig, maar in de motie sporen wij het college aan om te zorgen dat die andere gemeenten ook mee gaan doen. Die motie brengen we graag in stemming.
Motie M3: Iedereen moet meedoen De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 10 juni 2021; constaterende dat: - Stedin een belangrijke rol speelt in het verzorgen van vitale infrastructuur; - deze infrastructuur een groot maatschappelijk belang dient; - Stedin dat doet voor een breed verzorgingsgebied; - Stedin nu op korte termijn geld nodig heeft voor de nodige investeringen in onder andere de energietransitie; - wij het belang van de voorgenomen investeringen onderschrijven; - deze investeringen ten goede zullen komen aan alle gemeenten in het verzorgingsgebied van Stedin; - niet alle gemeenten in dat verzorgingsgebied al aandeelhouder zijn van Stedin; verzoekt het college om bij Stedin te bepleiten om zo snel als mogelijk deze gemeenten ook aandeelhouder te laten worden en hun deel bij te laten dragen in het eigen vermogen en de financiering van Stedin en dat deze bijdrage voorwaardelijk is aan de participatie van Gorinchem in een eventueel volgende deelname in de financiering van Stedin.
De motie wordt mede ingediend door Gorcum Actief; dat moet ik niet vergeten te zeggen. De voorzitter: Dank u wel. En daarom ga ik mevrouw Hamann nu het woord geven, Gorcum Actief . Mevrouw Hamann: Dank u wel. Ja, we zijn samen tot deze conclusie gekomen. Ook wij zullen het voorstel steunen, voor nu. Zoals de heer Wientjes uitlegde, betaalt Gorinchem eigenlijk mee aan infrastructuur voor elektriciteit in gemeenten die niet meedoen in deze aandelenemissie. Dus dat betekent dat je eigenlijk meebetaalt aan de bekabelingen in grote steden zoals Utrecht en Amersfoort; de heer Wientjes noemde ze ook al. Als je kijkt naar dit soort investeringen, is het economisch misschien wel uit te leggen dat het wellicht goed is voor Gorinchem, maar het is dan geen maatschappelijke investering meer, omdat
G - 40
niet alle 90 gemeenten die bij Stedin zijn aangesloten meedoen aan deze investeringen. Wij staan nu al voor een bedrag van, naar ik meen, 1,36 miljoen met een been in dit gebeuren. Een volgende emissie zal over veel grotere bedragen gaan, misschien wel 10 miljoen, en omdat we er dan al in zitten zit het er dik in dat we dan weer meedoen. In het kader van een soort solidariteitsbeginsel is het niet handig als dan niet alle gemeenten meedoen. Het zijn 90 gemeenten, waarvan er maar 44 meedoen. Daar hebben we echt een groot probleem mee voor een volgende emissie die komen gaat. Dat is het idee van deze motie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Koçak, PvdA. De heer Koçak: Dank je wel, voorzitter. Ik heb de motie met belangstelling gelezen. Mijn fractie vindt de motie echter onhaalbaar en onhandig. Ik zal proberen het kort en bondig uit te leggen. Dat de heer Wientjes een oproep wil doen, vind ik prima, maar daaraan ook voorwaarden stellen om ervoor te zorgen dat de andere gemeenten ook meedoen, is niet aan ons. Die andere gemeenten hebben een eigen beleid en een eigen besluitvorming, daar zijn wij dan ook tegen. Bij een volgende emissie mag het college zeker wel proberenDe voorzitter: Interruptie. Ik zag eerst mevrouw Hamann en dan de heer Wientjes.
Mevrouw Hamann: De heer Koçak zegt dat wij niet over die andere gemeenten gaan, en dat is zo, maar die andere gemeenten gaan nu wel over ons! Als je het hebt over een maatschappelijke investering, moet je die ook met z’n allen dragen en dan kan het niet zo zijn dat een deel van de gemeenten het wel doet en de andere gemeenten niet. Meer dan de helft doet niet mee en bij nutsvoorzieningenDe voorzitter: Graag beknopt, mevrouw Hamann, en niet hele uitweidingen! Heeft u nu uw punt gemaakt? Mevrouw Hamann: Nou ja-, oké, ik laat het er wel even bij. Het gaat bij ons om het solidariteitsbeginsel. De heer Koçak: Voorzitter, één zinDe voorzitter: Nee, eerst even de heer Wientjes, en daarna kunt u reageren. De heer Wientjes: Het verbaast mij een beetje dat de heer Koçak, toch lid van een partij waar solidariteit over het algemeen heel hoog in het vaandel staat, hiervan ineens zegt: nou ja, dat moeten wij niet beslissen, enz., enz. Wij beslissen over onze eigen centjes en ik denk dat de heer Koçak ook zal begrijpen dat het misschien wel verstandig is om te proberen die andere gemeenten mee te krijgen. Dan moet je op een gegeven moment ook laten zien dat je daar serieus in bent, en de enige manier om dat te laten zien is door te zeggen: wij doen niet mee als die andere niet al mee hebben gedaan. Dat lijkt me zó logisch, dat het nauwelijks enige toelichting behoeft.
De voorzitter: De heer Koçak.
G - 41
De heer Koçak: Voorzitter, heel kort tot mevrouw Hamann: andere gemeenten gaan absoluut niet over ons, want wij bepalen dat zelf. Daarom hebben we ook deelgenomen. En tot de heer Wientjes: uiteraard staan wij voor volledige solidariteit, het gaat alleen te ver om voorwaarden te stellen om deel te nemen. Op grond daarvan zullen wij de motie verwerpen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Dansen, SP. Mevrouw Dansen: Dank je wel, voorzitter. Het zal duidelijk zijn dat wij tegen deze motie zijn, en ook tegen het voorstel trouwens. Wij vinden het buitengewoon eigenaardig dat we nu zo nodig aandelen van Stedin zouden moeten gaan kopen, terwijl we die van Eneco verkocht hebben om onze schulden te verlagen, die we nu weer gaan verhogen door het kopen van andere aandelen. Ik vind dat het echt niet meer is uit te leggen aan mensen dat je zoveel geld gaat uitgeven aan een taak die volgens ons niet bij een gemeente hoort, in ieder geval niet als je daar niets over te zeggen hebt. Dank u wel. De voorzitter: De heer Van Mourik, Stadsbelang. De heer Van Mourik: Dank u wel, voorzitter. Ik merk gewoon in dit kader van Stedin, als we het over spanning hebben, dat er een bepaald spanningsveld is en ik merk ook het maatschappelijk belang. Dat maatschappelijk belang zit hem niet in te zorgen dat we zoveel mogelijk gemeenten bij elkaar krijgen om dit te ondersteunen.
Het maatschappelijk belang zit hem in het leveren en de continuïteit van elektriciteit. De afgelopen weken hebben we gemerkt: de spanning valt weg, liften zitten vast, problemen. We hebben het in Molenlanden gezien, dus ik denk dat we Molenlanden sowieso wel meekrijgen. Maar ik heb gisteren ook gemerkt: dropouts op een gegeven moment in het netwerk, de spanning valt even, één, twee seconden, weg en het gevolg is dat de hele systematiek op een gegeven moment op z’n gat ligt. Van daaruit zeggen wij op een gegeven moment ook van: ja, die motie van de VVD en Gorcum Actief, die klinkt een beetje zo vanuit de oude tijd: beurzen open, dijken dicht! We moeten het met elkaar doen en samen gaan we ervoor. We hebben op een gegeven moment allemaal een onderhoudscontract voor onze fietsen misschien wel, en van die 25 raadsleden zeg ik dan van: ja, we moeten ons onderhoudscontract in ieder geval zorgen dat dat gerealiseerd wordt, ja, dan heb ik ook heel veel commentaar en opmerkingen. Dus de wens is de vader van de gedachte. Je gelooft iets omdat je het wilt, maar zo zit het niet. Ik denk dat wij op dit moment gewoon echt moeten kijken, belangrijk voor Gorinchem, dat we in ieder geval de voorzieningen die we hebben goed op peil houden. Het kan zo zijn dat andere gemeenten daar minder belang bij hebben, maar laten wij dan ookDe voorzitter: Mijnheer Wientjes, interruptie.
De heer Wientjes: Ja, ik hoor met stijgende verbazing het verhaal aan van de heer Van Mourik. Kijk, het maatschappelijk belang is evident en dat wordt ook gediend, Stedin doet zijn best, het gaat niet altijd goed, maar ja, er zijn investeringen nodig, daar zijn we het allemaal over eens. Wij zeggen alleen maar: dat moeten we met z’n allen doen, dus allemaal meedoen. Van de vergelijking met een fietsonderhoudscontract snap ik helemaal G - 42
niks. Maar als je het zou vergelijken met een verzekering, dan zeg je ook: ja, iedereen is verzekerd, iedereen draagt bij aan die verzekering en iedereen heeft dan ook recht, bij schade, op een schadevergoeding. Dit is precies zo. Als we met z’n allen de elektriciteit op orde willen hebben, moeten we ook met z’n allen meedoen in de investeringen daarvan, en dan kun je dus niet, zeker niet de hele grote spelers als Utrecht en Amersfoort, een free ride geven om daaraan mee te doen. Dus stimuleer nou dat die gewoon instappen, en dat zullen ze vast doen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Mourik nog een korte reactie, want u heeft al heel veel tijd gebruikt, en dan ga ik naar de volgende. De heer Van Mourik: Mijn reactie is dan weer een vraag op een gegeven moment. Als ik kijk naar de motie die is ingediend, dan zijn we het met de eerste strekking van het verhaal, dus de basis, volledig eens. Dat kunnen we gewoon helemaal volgen. Alleen, bij het vervolg daarvan is mijn tegenvraag aan de heer Wientjes: stel dat nou op een gegeven moment die grote gemeenten toch niet meegaan, wat doe je dan? Zeggen we dan op een gegeven moment: sorry, dan doen we het alsnog niet? Ik heb echt mijn enorme vragen bij de situatie of we die gemeenten gewoon, zoals u stelt van: wij moeten ze pushen, we moeten gewoon zorgen dat ze meedoenDe voorzitter: Uw punt is duidelijk, mijnheer Van Mourik.
Een kort antwoord graag van de heer Wientjes, en volgens mij staat dat al in de motie. De heer Wientjes: Ja, dat staat in de motie. Als die jongens niet meedoen, dan betekent het dat Stedin niet bij ons zijn geld moet halen, maar elders en dan wordt het dus ook duurder, ook voor die steden. Ik denk dat de dwang voldoende is om die steden ook mee te laten doen. Laten we ze gewoon oproepen om dat te doen. Spreek ze daarop aan en ik weet dat Stedin daar ook mee bezig is. De voorzitter: Uw punt is helder. Dank u wel. De heer Van Mourik: Dank u wel. Dan gaan wij er in ieder geval niet in mee, meneer Wientjes. De voorzitter: Nee, dat is iets wat wij, denk ik, met elkaar hebben begrepen. Dank u wel. Mevrouw Pellikaan, Democraten Gorinchem. Mevrouw Pellikaan: Dank u wel, voorzitter. Ik wil even kort reageren op de motie van VVD en Gorcum Actief. In eerste instantie vond ik het eigenlijk een enorm positieve motie, vanwege het begrip ‘solidariteit’, als je hem zo leest. Wat zij vragen is ook andere gemeenten ertoe te bewegen om aandeelhouder ergens van te worden. Direct daarop volgde mijn reactie: ja, maar zij krijgen nu ook geen dividend uitbetaald en wij wel. Dus dat is dan natuurlijk ook solidariteit. Daarnaast is het volgens mij ook niet onze taak om andere gemeenten aan te moedigen, ofwel dwang te gebruiken, om ergens aandeelhouder van te worden.
Volgens mij is dat niet een precedent dat we moeten gaan scheppen hier. Maar ik ben vooral erg benieuwd naar de reactie van de wethouder hierop. Dank u wel.
G - 43
De heer Wientjes: Ik wil daar graag op reageren, mevrouw de voorzitter. De voorzitter: Interruptie. De heer Wientjes: Natuurlijk is het een positief ingestoken motie, want we zijn het allemaal eens dat Stedin een essentieel onderdeel van onze infrastructuur is. Het is ook zo dat zij geen recht op dividend hebben, maar het dividend van Stedin is nul, want ze maken geen winst. Wij zitten ook niet te wachten op dividend, we zitten te wachten op een maatschappelijke, goed geregelde infrastructuur, zodat de lampen blijven branden. Dat is eigenlijk het dividend waarvoor je het zou moeten doen. En ja, je kunt anderen best aansporen. Daar kan niemand op tegen zijn, lijkt mij, en als gemeente, als aandeelhouder – het is een zakelijke transactie –, is dat ook heel logisch om te doen. Vandaar deze motie. De voorzitter: Nog een interruptie van mevrouw Hamann. Mevrouw Hamann: Ja, ik wilde eigenlijk al eerder reageren. De voorzitter: Heel kort graag! Mevrouw Hamann: Het wordt nu uitgelegd als een economische investering. Dit zou een maatschappelijke investering moeten zijn, en dat is het niet, omdat niet alle gemeenten deelnemen. Op zich is dat misschien niet zo heel erg voor dit moment, maar wij maken ons zorgen over de toekomst. Wij hebben geen idee waarvoor dat geld eigenlijk wordt gebruikt.
Er wordt nu 1,3 miljoen gevraagd en het kan best zijn dat er bijvoorbeeld achterstallig onderhoud moet worden weggewerkt, maar de grote infrastructurele werken voor de energietransitie moeten nog gedaan worden en dan zou de bijdrage van Gorinchem wellicht iets van 10 miljoen kunnen zijn. De bedragen worden dan veel groter en ik denk dat het belangrijk is dat je met z’n allen zoiets draagt en niet hap-snap hier en daar weglegt bij gemeenten die wel of niet mee willen doen. Het lijkt mij vanzelfsprekend dat alle gemeenten met zoiets mee moeten doen. De motie is gericht op de toekomst. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Pellikaan, wenst u verder nog te spreken in uw termijn? Mevrouw Pellikaan: Ja, ik wil alleen nogmaals zeggen dat ik wel snap waar vanuit deze motie geschreven is, maar dat wij er gewoon bij blijven dat wij het niet onze taak vinden om andere gemeenten aan te moedigen om ergens aandeelhouder van te gaan worden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hassouna, D66. De heer Hassouna: Dank u wel, voorzitter. Ook wij zitten hier nog een beetje in dubio. De motie dringt erop aan bij Stedin te gaan bepleiten om ook andere gemeenten in het verzorgingsgebied die nog geen aandeelhouder zijn, aandeelhouder te laten worden en daarmee een fair share te laten bijdragen in het eigen vermogen en de financiering van Stedin.
Dat snappen we en daar zijn we het helemaal mee eens, maar de laatste zinsnede, luidende “en dat deze bijdrage voorwaardelijk is aan de participatie van Gorinchem in een eventueel volgende deelname in de financiering van Stedin”, impliceert dat echt G - 44
iedereen mee met doen, zoals de titel van de motie ook doet vermoeden, en dat vinden wij een behoorlijk beperkende factor. Want stel dat één gemeente niet mee participeert, wat dan, en wie gaat dat participeren afdwongen? Dus bepleiten, ja, maar wij denken niet dat het verstandig is een voorwaarde te stellen voor de volgende financiering. De voorzitter: De heer Wientjes, interruptie. De heer Wientjes: Ja, mevrouw de voorzitter, na de woorden van de heer Hassouna overweeg ik de motie aan te passen en het voorwaardelijke eruit te halen. Misschien kan er dan voldoende steun voor zijn. De heer Hassouna: Dan heeft u in ieder geval mijn steun. De heer Wientjes: Dank. Zijn er nog meer? Misschien kunnen we dat even zo aftasten. Ik weet niet of dat kan, mevrouw de voorzitter, dat laat ik maar even aan u. De voorzitter: Ik stel voor eerst het rondje af te maken. Dan geef ik de wethouder het woord en daarna kunt u aangeven op welke wijze u uw motie wilt aanpassen. De heer Onvlee, CDA. De heer Onvlee: Dank u wel. Toen ik de motie las, werd ik toch wel enthousiast. Ik zag al voor me hoe de wethouder, de heer Van Zanten, met zijn aktetas op pad ging naar de Utrechtse raad, met de heer Wientjes in zijn nette kloffie erachteraan als ambassadeur en mevrouw Hamann met d’r pompon.
Maar toen ik wat verder ging lezen, werd ik wat minder enthousiastDe heer Wientjes: Mevrouw de voorzitter, dit vraagt om een interruptie, als het mag! De voorzitter: Nou, ik stel voor dat de heer Onvlee eerst zijn verhaal afmaaktDe heer Wientjes: Dat stel ik niet voor. Ik vind de bewoording van de heer Onvlee zo onparlementair en zo flauw, dat ik daar toch even een opmerking over wil maken. De voorzitter: Ja, maar eerst gaat de heer Onvlee zijn verhaal afmaken, daarna kunt u daar iets over zeggen. De heer Onvlee. De heer Onvlee: Ja, dank u, voorzitter. Zoals ik aangaf: toen ik hem wat beter ging lezen, werd ik helaas wat minder enthousiast, en dat heeft met name met die voorwaardelijkheid te maken. De heer Wientjes heeft al geopperd dat hij die zinsnede er eventueel uit wil halen. De essentie is wat ons betreft dat de wethouder richting Stedin aangeeft: doe er alles aan om te zorgen dat die andere gemeenten ook meedoen, want dat helpt ons gewoon dit grote financieringsvraagstuk op te lossen. Volgens mij is dat ook de essentie geweest van wat in B&A naar voren kwam. Ik ben benieuwd of de wethouder in ieder geval wil bevestigen dat hij dat in een aandeelhoudersvergadering van Stedin wil bepleiten. Dat lijkt me een belangrijke toezegging, en ook belangrijk om de hele operatie te gaan bekostigen. Dank u wel. De voorzitter: De heer Wientjes.
G - 45
De heer Wientjes: Ja, wat ik daarop wil zeggen is dat de wethouder dat niet direct kan doen, dat gaat via de aandeelhoudersclub, de commissarissen en de aandeelhoudersvergadering, maar inderdaad: daar kan hij zeggen dat we toch graag willen dat iedereen meedoet. Ik heb gesproken met degene bij Stedin die daar investor-relations doet, dus ons als aandeelhouder te woord staat en die vertelde me dat ze daar heel hard mee bezig zijn, dus dat is op zich al goed nieuws en het is goed om dat te versterken. U bent van ons gewend, als VVD, dat wij daar wat zakelijk in zitten en wij zijn gewend van de anderen dat ze er iets minder zakelijk in zitten. Als compromis hebben wij ‘bepleiten’ in de motie gezet, om daarmee te bereiken dat in ieder geval iedereen super zijn best gaat doen, en dan kunnen wij daar ook mee leven. Het lijkt ons belangrijk om te zeggen: “joh, laten we dit samen doen, de opgave is groot, we weten dat hij moet gebeuren”, enz., enz. De voorzitter: De heer Onvlee. De heer Onvlee: De nieuwe informatie die de heer Wientjes brengt, dat hij daarmee gesproken heeft en eigenlijk al bevestigt dat het gebeurt, is een goed signaal. Dan wacht ik alleen nog even op de bevestiging van de wethouder, maar het maakt de motie eigenlijk nog meer overbodig, terwijl we eigenlijk toch hetzelfde willen. De voorzitter: De heer Barth, ChristenUnie/SGP. De heer Barth: Dank u, voorzitter.
Een prima motie voor wat betreft het oproepen van de niet-deelnemende gemeenten, waarbij ik me wel afvraag of Stedin niet al zelf deze gemeenten benaderd heeft en dan kennelijk ‘nee’ als antwoord heeft ontvangen, maar daar kan de wethouder ons vast meer over vertellen. Overigens is de ChristenUnie/SGP pertinent tegen de voorwaardelijkheid die in de motie is opgesloten. Ik hoorde de heer Wientjes daar al wat ruimte in bieden, zeg maar, en als hij inderdaad die component uit de motie haalt, kunnen wij haar steunen, mits de wethouder aangeeft dat zo’n oproep ook nut kan hebben. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik wethouder Van Zanten het woord. Daarna geef ik in tweede termijn als eerste het woord aan de VVD, zodat zij kan aangeven of ze de motie al dan niet wil wijzigen. Wethouder Van Zanten. Wethouder Van Zanten: Dank u wel, voorzitter. Ik heb geluisterd naar alles wat ingebracht is op de motie van de heer Wientjes en ik denk dat ik wel in staat ben licht in dit duistere geheel te brengen. De motie van VVD en Gorcum Actief vraagt het college bij Stedin te bepleiten om zo snel mogelijk de gemeenten binnen Stedin-gebied die nog geen aandeelhouder zijn, ook aandeelhouder te laten worden, om daarmee ook hun deel te kunnen bijdragen in het eigen vermogen en in de financiering van Stedin.
Daarmee wordt eigenlijk enigszins verondersteld dat verbreding van de aandeelhoudersgroep niet op het netvlies bij Stedin zou staan. Niets is echter minder waar. Ik zou eigenlijk gewoon willen verwijzen naar de stukken die bij dit voorstel zitten en vooral naar – en dat is bij een emissie het belangrijke stuk – het voorstel tot uitgifte van preferente aandelen aan de aandeelhouders van Stedin. Het is een stuk van 31 maart, waarin op pagina 3 valt te lezen dat Stedin het als een G - 46
belangrijk strategisch voordeel ziet om zoveel mogelijk decentrale overheden uit haar verzorgingsgebied aan boord te hebben als aandeelhouder, en dan gaat het niet alleen over de gemeenten in het gebied, maar ook over de twee provincies Utrecht en Zuid-Holland in dat gebied, zijnde eveneens decentrale overheden. Optimale samenwerking tussen de gemeenten, provincies en Stedin wordt door Stedin als essentieel gezien om tot de juiste keuzes te komen in de energietransitie. De verbreding van de huidige aandeelhoudersbasis draagt daaraan bij. Stedin – en dat is tevens een antwoord op een aantal vragen die gesteld zijn – voert daarom, en dat doet ze overigens in nauw overleg met de aandeelhouders via de aandeelhouderscommissie, verkennende gesprekken met mogelijk nieuwe publieke aandeelhouders. Het aantrekken van nieuwe aandeelouders is een intensief en tijdrovend proces, dat wilt u vast van mij aannemen, en daarom biedt deze route voor nu geen oplossing voor de kapitaalbehoefte op de korte termijn. Door eerst zelf het eigen vermogen te versterken, bieden de huidige aandeelhouders een goede basis voor het verbreden van de aandeelhoudersgroep, en dat is in ieders belang.
Concluderend: het uitbreiden van de groep aandeelhouders staat helder op het netvlies van Stedin, maar ook bij de aandeelhouders van Stedin, van wie wij er één zijn, en dat wordt in nauw overleg met die aandeelhouders ook al uitgewerkt. Het is daarom niet opportuun voorwaarden te verbinden aan de eventuele participatie van Gorinchem in de mogelijke deelname in de financiering van Stedin. Wat dat betreft acht het college de ingediende motie overbodig, vooral omdat de problematiek – en dan klap ik even uit de aandeelhoudersvergadering – in de afgelopen anderhalf jaar bij iedere vergadering uitgebreid aan de orde is. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu over naar de tweede termijn. Als eerste geef ik de VVD het woord. De heer Wientjes: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Over de korte termijn zijn we het eens. Dat ligt vanavond voor en daar zullen we voor stemmen. Maar in dat hele verhaal zit ook er dat er in de toekomst nog meer investeringen gevraagd zullen worden en daar gaat deze motie over. Ik weet dat de uitbreiding al op de agenda staat en dat Stedin daar al mee bezig is, maar een beetje aansporen kan wat ons betreft geen kwaad en laten we onze positie ook duidelijk maken jegens Stedin. Als aandeelhouder mag je best af en toe wat activistisch zijn, en dat is eigenlijk wat deze motie beoogt.
Voorwaardelijkheid zou natuurlijk het mooiste zijn, maar als dat een heel onoverkomelijk probleem is, dan wil ik dat wel afzwakken. Tegen de opmerking van de wethouder dat de motie overbodig zou zijn, wil ik het volgende inbrengen. De motie is niet alleen een aansporing, maar ook een signaal richting andere aandeelhouders, die natuurlijk dezelfde overwegingen hebben als wij. Als wij erop aandringen daar actief op te blijven zitten als aandeelhouder, blijft dat ook op die agenda staan en zullen andere gemeenten dat ook gaan overnemen. Dat is wat ik erover zou willen zeggen. Nu nog even over de motie. Als de voorwaardelijkheid grote problemen oplevert, wil ik het woord ‘voorwaardelijk’ wel aanpassen in ‘blijvend bepleiten’. Dank u wel.
G - 47
De voorzitter: Met ‘blijvend bepleiten’ loopt die zin niet meer. In feite zegt u dat de laatste zinsnede kan vervallen, en dan zou het woordje ‘blijven’ aan het eerste zinsdeel toegevoegd kunnen worden. Het verzoek zou dan als volgt kunnen luiden: “verzoekt het college om bij Stedin te blijven bepleiten om zo snel als mogelijk deze gemeenten ook aandeelhouder te laten worden en hun deel bij te laten dragen in het eigen vermogen en de financiering van Stedin”. Klopt dit, meneer Wientjes? De heer Wientjes: Ja, de rest kan dan vervallen. De voorzitter: Precies. De heer Wientjes: Dank voor uw hulp.
De voorzitter: De oude motie wordt hiermee ingetrokken en vervangen door een nieuwe, luidende: Motie M4: Iedereen moet meedoen De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 10 juni 2021; constaterende dat: - Stedin een belangrijke rol speelt in het verzorgen van vitale infrastructuur; - deze infrastructuur een groot maatschappelijk belang dient; - Stedin dat doet voor een breed verzorgingsgebied; - Stedin nu op korte termijn geld nodig heeft voor de nodige investeringen in onder andere de energietransitie; - wij het belang van de voorgenomen investeringen onderschrijven; - deze investeringen ten goede zullen komen aan alle gemeenten in het verzorgingsgebied van Stedin; - niet alle gemeenten in dat verzorgingsgebied al aandeelhouder zijn van Stedin; verzoekt het college om bij Stedin te blijven bepleiten om zo snel als mogelijk deze gemeenten ook aandeelhouder te laten worden en hun deel bij te laten dragen in het eigen vermogen en de financiering van Stedin.
Het woord is aan mevrouw Hamann. Mevrouw Hamann: Dank u wel, voorzitter. Wij kunnen ons vinden in deze wijziging, als daarmee de intentie duidelijker wordt voor de overige raadsleden. Kijk, deze motie is heel positief bedoeld. Voor nu snappen we ook dat er geld nodig is, wellicht voor achterstallig onderhoud – ik heb het al genoemd. Het gaat om de grote bedragen die nog komen gaan en de grote investeringen in de toekomst, en dan denk ik dat een signaal vanuit de gemeenteraad van Gorinchem, zowel naar Stedin als naar andere gemeenten, in elk geval Stedin zou kunnen helpen als zij wil praten met die andere gemeentenDe voorzitter: Mevrouw Hamann, we zijn nu bezig met de tweede termijn. U bent nu uw standpunt uit de eerste termijn aan het herhalen. Er ligt nu een gewijzigde motie. Wat vindt u daarvan? Mevrouw Hamann: Daar heb ik al akkoord op gegeven. De voorzitter: Helder. Dank u wel. De heer Koçak, PvdA. De heer Koçak: Voorzitter. Gezien de glasheldere reactie van het college, vinden wij de motie echt overbodig. Dat is eigenlijk ons standpunt. G - 48
De voorzitter: Mevrouw Dansen, SP. Mevrouw Dansen: Mevrouw de voorzitter. De gevoerde discussie en de veranderde motie maakt onze inzichten niet anders. Wij stemmen gewoon tegen. Dank u wel. De voorzitter: De heer Van Mourik, Stadsbelang. De heer Van Mourik: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben het college gehoord. Het is overbodig. We zullen in ieder geval tot in lengte van dagen heel duidelijk aangeven dat de VVD en Gorcum Actief daar heel anders in stonden, maar dat is dan maar zo. Ik vind op zich: het begin is heel erg goed, maar we gaan dit echt niet ondersteunen. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Pellikaan, Democraten Gorinchem. Mevrouw Pellikaan: Dank u wel, voorzitter. Ook wij zullen de gewijzigde motie niet gaan steunen. Volgens mij is de wethouder luid en duidelijk geweest, dat deze motie ook overbodig is. Dank u wel. De voorzitter: De heer Hassouna, D66. De heer Hassouna: Dank u wel, voorzitter. Ik ben het met de heer Wientjes eens dat het blijven bepleiten zeker kan helpen voor wat betreft de overwegingen van andere gemeenten. Wij denken daarom dat het niet overbodig is. Activistische aandeelhouders bij bijvoorbeeld Shell hebben bewezen dat doorzettingsvermogen helpt om aandeelhoudersdoelstellingen te bewerkstelligen en daarom kan bepleiten zeker geen kwaad. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: De heer Onvlee, CDA. De heer Onvlee: Dank u, voorzitter.
De wethouder heeft mijn vraag volledig naar wens beantwoord en dat is wat ons betreft voldoende. Daarom zullen wij niet instemmen met de motie. De voorzitter: De heer Barth, ChristenUnie/SGP. De heer Barth: Dank u wel, voorzitter. De wethouder heeft in zijn reactie duidelijkheid gegeven op de vragen die wij als fractie hadden, specifiek op de vraag hoe Stedin omgaat met de niet-deelnemende gemeenten. Duidelijk is dat Stedin ze actief benadert en helder dat het in hun belang is. Dus wij vinden, net als de wethouder heeft benoemd, de motie dan totaal overbodig. Dank u wel. De voorzitter: Dan geef ik wethouder Van Zanten nogmaals het woord. Wethouder Van Zanten: Voorzitter. Ik heb eigenlijk niks toe te voegen aan wat ik in eerste termijn al vertelde. Ik wil nog wel even kwijt dat activisme waar een aantal sprekers G - 49
het over had, helemaal niet nodig is, omdat echt in iedere vergadering, zowel aan de kant van Stedin als aan de kant van de aandeelhouders, het belang van het deelnemen van in principe liefst alle gemeenten in het gebied van Stedin voortdurend op het netvlies staat en geen enkele aansporing behoeft. Daar wil ik het bij laten, voorzitter. De voorzitter: De gewijzigde motie is inmiddels in iBabs geplaatst. Meneer Wientjes? De heer Wientjes: Als de wethouder kan toezeggen dat hij dat continu blijft bepleiten, heb ik bereikt wat ik wil bereiken en dan vraag ik me af of we de motie als zodanig nog nodig hebben. Het is al laat op de avond en dan kunnen we snel door, maar dan moet de wethouder dat misschien nog even toelichten. Een ‘ja’ is overigens ook voldoende. De voorzitter: Was iedereen maar zo kort, meneer Wientjes! Wethouder Van Zanten. Wethouder Van Zanten: Ja, ik geef het voorbeeld vanavond hè? Ik wil dat de heer Wientjes best toezeggen, want ik heb dat zelf ook al eerder in de aandeelhoudersvergadering bepleit en dat wil ik best blijven doen. Dat ga ik ook doen, want het belang daarvan staat op ieders netvlies. We zullen er echt met elkaar voor zorgen dat dit op geen enkele wijze vergeten wordt. De voorzitter: Meneer Wientjes, wat gaat u met uw motie doen? De heer Wientjes: Die kunnen we dan terugtrekken, mevrouw de voorzitter, want we hebben bereikt wat we wilden bereiken.
De voorzitter: Prima. Ik concludeer dat dan alleen het raadsvoorstel rest. Kan ik concluderen dat alleen de SP tegen is? Mevrouw Van Maaren: Nee, voorzitter. Het gebeurt niet vaak, maar dit keer sluit ik me aan bij de SP, en wel vanwege de onderbouwing; laat ik het maar zo zeggen. Zonder hoofdelijke stemming wordt hierna conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten, onder aantekening dat de fracties SP en Van Maaren geacht willen worden tegen te hebben gestemd. 7.d Parkeerbeleid (2021-749301)
De voorzitter: Ik zie dat de beraadslagingen in de parallelsessie zijn afgesloten met de conclusie dat het voorstel als bespreekstuk geagendeerd zal worden en dat de heer Van Santen nadenkt over een amendement. Ik geef allereerst de heer Van Santen van de VVD het woord. De heer Van Santen: Dank u, voorzitter. De VVD blijft graag denken in kansen en we zien ook wel het nut in van een aantal van de voorgestelde maatregelen. We hechten op dit dossier ook veel waarde aan de participatie vanuit het parkeerpanel. Laten we blijven kijken naar mogelijkheden, ook qua parkeergelegenheden en voorzieningen, zoals laadpalen, om voor iedereen het wonen in onze binnenstad zo aangenaam mogelijk te maken. Wat ons betreft zit er nog wel een belangrijk punt in de stukken, ook in relatie tot G - 50
wat uit het parkeerpanel naar voren kwam als een belangrijk advies, namelijk waarborgen dat onze huidige bewoners niet plotseling de dupe worden van het doorvoeren van de wijzigingen, zonder daarvoor een alternatief aan te bieden. Plan dit goed in, zodat iedereen daar rekening mee kan houden en een oplossing heeft. Dan kom ik toch nog uit bij de inwoners die al sinds jaar en dag een tweede vergunning hebben met volledige, of onbeperkte, rechten, zoals het in de stukken wordt genoemd. Die worden al niet meer uitgegeven, maar enkel verlengd. Het zijn mensen die al langer in onze binnenstad wonen en over het algemeen echt gebaat zijn bij een tweede-autobezit, om diverse redenen. Als we die mensen dwingen om elders te parkeren, aan de rand van de stad, dan moet die gelegenheid ook afdoende zijn op dat moment en dan kun je ook het beste wat ons betreft een goed vooruitzicht in scheppen. Ik bedoel daarmee eigenlijk dat je niet met verbouwingen of bereikbaarheid belemmerd moet zijn en dat het ook fijn is als je niet op de millimeter een plekje moet gaan zoeken omdat er nog ergens één plekje beschikbaar zou moeten zijn.
Wat ons betreft is het dan wenselijk om parkeergarage Kweeklust ook gereed te hebben en in dat kader is er een discrepantie op dit stuk met betrekking tot deze parkeergarage, want de opening daarvan staat gepland op 1 juli 2023, echter: het beëindigen van de tweede vergunning met volledige rechten zou per 1 januari 2023 zijn, wat eigenlijk een halfjaar overbruggingsverschil betekent, lees dan: nog niet die beoogde oplossing, voor deze doelgroep dan. En dan is er natuurlijk altijd nog ergens een kans op eventuele uitloop van de opening. Om dit verschil gelijk te trekken, dient de VVD samen met de fracties D66, CDA, Van Maaren en Democraten Gorinchem een motie in.
Het is dus geen amendement, maar een motie geworden, luidende: Motie M5: Eerst realiseren dan parkeren De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 10 juni 2021; overwegende dat: - een belangrijk advies uit het parkeerpanel is om zo spoedig mogelijk meer capaciteit te realiseren aan de randen alvorens een capaciteitsreductie door te voeren; - deze tweede vergunning met volledige rechten in veel gevallen als noodzakelijk wordt beschouwd door de huidige bewoners; - de geplande opening voor de uitbreiding van Kweeklust staat gepland op 1-7-2023; - het voorstel nu uitgaat van beëindiging van de verlenging van de 2e vergunning met onbeperkte rechten vanaf 1-1-2023; - er dus een discrepantie zit tussen de geplande openingsdatum en de beëindigingdatum van deze 2e vergunning met onbeperkte rechten; roept het college op: - de mogelijkheid voor verlenging van de geldigheid van de 2e vergunning met volledige rechten uit te stellen tot 1-7-2023; - om bij eventuele vertraging van de opening van Kweeklust ook de uitloop van de verlenging van de 2e vergunning met volledige rechten daaraan gelijk te stellen, en dit tijdig aan de raad te communiceren.
Tot zover even onze bijdrage. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Dansen, SP. Mevrouw Dansen: Mevrouw de voorzitter. De SP heeft al sinds wij in de raad kwamen voorgesteld om buiten de lijntjes te kleuren waar het parkeren betreft. Ons voorstel om voor bezoekers van buiten Gorinchem buiten de binnenstad een park & ride in te richten met pendelbusjes is volgens ons nog steeds een goed idee, dat in andere steden volop G - 51
toegepast wordt, maar het college kiest ervoor – en ook de vorige colleges – om dat niet te doen. Waar het college in dit voorstel wel voor kiest is om te denken dat het mogelijk is het aantal auto’s dat in de binnenstad moet parkeren te verminderen door het te willen. Helaas, zo werkt dat niet. Op dit moment heeft de binnenstad 0,7 personenauto’s per huishouden. Dit betekent dat niet alle bewoners van de binnenstad een auto hebben. Op zeer korte termijn wil het college dit aantal naar 0,6 brengen. Hoé wordt ons niet geheel duidelijk. Sterker nog: er komen steeds meer mensen in de binnenstad wonen door de transformatie van winkels en andere gebouwen, veelal op plaatsen waar je niet op straat kunt parkeren. Onze mooie, oude binnenstad is niet geschikt voor intensief autoverkeer en heeft op straat niet genoeg plaats om te parkeren voor bewoners en bezoekers. Minder vergunningen afgeven brengt misschien de vergunningen beter in evenwicht met het aantal beschikbare parkeerplaatsen, maar brengt geen verandering in de parkeerbehoefte van bewoners en bezoekers. Het is een goed idee om de nieuwe huizen in de binnenstad, nieuwe plekken om te wonen, vergezeld te laten gaan van toegevoegde parkeerplaatsen, bij voorkeur op eigen terrein en het liefst ondergronds.
We hebben hiervoor samen met de fracties van D66, Van Maaren en ChristenUnie/SGP een motie voorbereid, luidende als volgt: Motie M6: Liever ondergronds dan op straat De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 10 juni 2021; constaterende dat: er een hoge parkeerdruk wordt ervaren; als we in de Gorcumse binnenstad meer gaan lopen, fietsen of met het OV reizen en minder ruimte voor (stilstaande) auto’s benutten, dan komt er kostbare ruimte vrij voor een veilige omgeving met ruimte voor spelen en groen, en bovendien helpen we daarmee de luchtkwaliteit in de binnenstad te verbeteren; we vervoersmiddelen als elektrische deelfietsconcepten en deelauto’s willen stimuleren en investeren in aantrekkelijke mobiliteitshubs waar mensen gemakkelijk kunnen overstappen tussen fiets, auto en OV; we ook toe willen naar een meer autoluwe binnenstad en woonwijken, maar niet ten koste willen laten gaan van de bereikbaarheid; overwegende dat: voldoende beschikbaarheid van (fiets)parkeerplaatsen in de nabijheid belangrijk is voor de vitaliteit van de stad en de mobiliteit van de bewoners; voor de kwaliteit van de openbare ruimte het beter is als er ondergronds dan bovengronds geparkeerd wordt; verzoekt het college om: in gesprek te gaan met projectontwikkelaars over het realiseren van ondergrondse parkeerplekken voor bewoners van nieuwbouw en transformatie,
tenzij dat fysiek onmogelijk is; het zou mooi zijn als het college bereid is zichzelf op dit gebied een inspanningsverplichting op te leggen.
Tot zover. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Oostrum, PvdA…. Meneer Oostrum? De heer Oostrum: Excuus, voorzitter. Ik zat op mijn telefoon te proberen de motie van de SP te lezen, want ik kende ‘m nog niet en ik heb de neiging om er dan ook tegen te zijn, maar ik wil hem straks nog wel even doorlezen, voordat ik in tweede termijn aan het woord kom.
G - 52
Voorzitter. In B&A heb ik aangegeven dat ik heel blij ben met het feit dat de parkeerpanels ons geadviseerd hebben, want dat betekent dat het ook vanuit de stad zelf komt. De bezoekers en bewoners moeten vanaf 2022 altijd een plek vinden; dat is de ambitie en dat zijn de doelstellingen in de binnenstad. Dat is heel mooi, en als het even kan moet dat vooral niet op straat, maar in de parkeergarages. Nou, dat wordt met het voorstel dat door de parkeerpanels gedaan is en door het college is overgenomen uitstekend verwerkt. Ik kan eigenlijk constateren dat alles wat in het voorstel staat mijn zegen krijgt. Dan kom ik bij de motie van de VVD. Ik moet zeggen dat ik, toen ik hem doorlas, even het gevoel had van “hé, hartstikke goed!”, maar toen ik verder ging, dacht ik ineens: hé, dit is op emotie geschreven. De verklaring is namelijk dat, omdat de parkeergarage Kweeklust nog niet is uitgebreid in 2023, de mensen die een tweede parkeervergunning hebben deze ook zo lang moeten kunnen houden, omdat de uitbreiding daarvoor noodzakelijk is. Ik kan u echter vertellen dat de parkeergarage Kweeklust op dit moment gewoon 150 tot 200 plaatsen over heeft ’s nachts. Daarom lijkt mij dat de motie overbodig is.
Ik vind de motie overigens heel sympathiek, wat dat betreft ben ik nog niet gelijk tegen, maar ik denk dat de VVD en de andere indieners er goed aan doen zich nog even op die overweging te beradenDe voorzitter: Interruptie de heer Van Santen. De heer Van Santen: Ja, dank u, voorzitter. In mijn inleiding heb ik daar wat uitleg bij gegeven. Wat we daarmee bedoelen is dat je mensen wel een beetje comfortabel vooruitzicht moet geven. Je moet niet hebben dat ze straks te maken krijgen met verbouwingen, dat ze belemmerd zijn door bereikbaarheid, en het is natuurlijk ook wel fijn dat je, tegen de tijd dat er misschien wel wat meer parkeerdruk is, niet op de millimeter hoeft te gaan zoeken naar parkeerplaatsen. Zo is het een beetje bedoeld. De heer Oostrum: Dat had ik ook zo begrepen, daarom vind ik de motie nog steeds sympathiek, alleen de argumentatie klopt niet helemaal, want op het moment dat het parkeerbeleid ingaat krijgen mensen met een eerste en een tweede vergunning waarschijnlijk ook de gelegenheid om in de parkeergarages te gaan parkeren, en dan kan het blik dus van de straat af naar de parkeergarages, en daar zou voldoende plek moeten zijn. Ik ben overigens geen hardliner in dit opzicht en ik wil zeker niet het draagvlak onder dit parkeerbeleid vandaan halen, want dát vind ik het belangrijkste.
Daarom zei ik ook dat ik blij ben met die parkeerpanels, want het komt uit de stad zelf. Ik wil dus zeker dat draagvlak niet aantasten. Laten we vooral doorgaan met zoeken naar andere oplossingen, zo snel mogelijk mensen stimuleren om het parkeren op straat te vermijden en naar de garages te gaan, en dat ook mogelijk maken. Maar die tweede vergunningen-, ik denk dat ik zo meteen nog wel mee ga stemmen met uw motie. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Dansen, interruptie. Mevrouw Dansen: De PvdA is een partij die altijd heel erg tegen onze pendelbusjesoplossing is geweest en het verbaast me dan ook niet dat ik van die kant kritische geluiden hoor. Maar als je niet in de binnenstad woont, ken je ook niet het probleem dat je kunt hebben in de binnenstad met parkeren. Dat is gewoon heel erg G - 53
jammer. Ik kan niet overbrengen hoe lastig dat is, maar u ziet dat echt niet somber genoeg in, om het maar even zo te zeggen. Dank u wel. De heer Oostrum: Misschien heb ik daar toch een onverwacht antwoord op: ik woon inmiddels veertien jaar in de binnenstad, waarvan ruim tien jaar in de bovenstad. In de bovenstad had ik twee vergunningen, inmiddels woon ik in de benedenstad en heb ik een vergunning waarmee ik alleen overdag nog maar in de stad kan parkeren, en verder op mijn eigen parkeerplek sta. De voorzitter: Of je nou wel of niet ergens woont, ik denk dat raadsleden ook een informatiepositie hebben op basis van hun volksvertegenwoordigende rol, dus laten we elkaar niet het recht ontnemen om zaken-, dat men geen kennis zou hebben van. Meneer Oostrum, volgens mij had u uw bijdrage in deze termijn afgerond, klopt dat? De heer Oostrum: Nog heel kort even op het pendelbusje ingaand, voorzitter: ik ben nooit tegen een pendelbusje geweest. Sterker nog: ik ben een groot voorstander van parkeren aan de rand van de stad, om van daaruit met pendelbusjes de stad in te gaan. Datzelfde zou voor het goederenvervoer net zo goed zijn: aan de rand van de stad overladen op kleine elektrische voertuigjes en dan de stad in. Maar het is vooralsnog onbetaalbaar. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bahlmann, Stadsbelang. De heer Bahlmann: Goedenavond, voorzitter, dank u wel.
Nogmaals dank richting parkeerpanel. Zoals al eerder aangegeven in B&A van 27 mei, ligt er voor ons een duidelijk en gebalanceerd stuk. Nogmaals geven wij als Stadsbelang Gorinchem aan dat parkeren voor eenieder betaalbaar moet zijn en blijven. Maak de bewoners enthousiast om in de avonduren gebruik te maken van de parkeergarages Kazerneplein en Kweeklust, maar vergeet zeker niet aandacht voor de gehandicaptenparkeerplaatsen, fietsparkeren en het gebruik van de deelauto. De kernboodschap vanuit Stadsbelang Gorinchem: iedereen moet zich welkom voelen in onze vestingstad, bewoner, ondernemer en bezoeker. We begrijpen de zorg die benoemd wordt in de motie van VVD, D66, CDA, fractie Van Maaren en Democraten Gorinchem, ‘Eerst realiseren dan parkeren’, maar wachten eerst de reactie van wethouder Van der Geest af. De motie van de SP zullen wij niet steunen, omdat wethouder Van der Geest daar duidelijk over is geweest in B&A. Voor de rest hebben we weinig toe te voegen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Pellikaan, Democraten Gorinchem. Mevrouw Pellikaan: Dank u wel, voorzitter. Ik ga alleen even heel kort in op de moties. De motie van de VVD, die wij mede hebben ingediend, zegt: stop pas met verlengen van de tweede vergunning als het alternatief, uitbreiding van Kweeklust, gereed is.
In onze optiek is dat niet meer dan gezond verstand en ook gewoon een hele mooie aanscherping bij het stuk, dus die steunen wij uiteraard.
G - 54
De motie van de SP is even nieuw voor ons. Die heb ik nog niet eerder gezien, behalve ongeveer tien minuten geleden, toen het vijf over elf was. Dat vind ik wel jammer. Gelukkig lijkt ‘ie niet al te ingewikkeld. Het is meer een aanmoediging om in gesprek te gaan met de ondernemers, als ik het goed begrepen heb. Volgens mij heeft de wethouder dit al heel duidelijk toegelicht in B&A, dus hij lijkt mij op het eerste gezicht overbodig, maar ik hoor graag de reactie van de wethouder hierop. Dank je wel. De voorzitter: Mevrouw Dansen, interruptie. Mevrouw Dansen: Dank u wel, voorzitter. Ik wil toch graag duidelijk maken dat ik de motie al vóór de raadsvergadering heb ingeleverd. Het blijkt toch wel erg lastig dat je het in iBabs aan en uit moet zetten om toevoegingen te zien te krijgen. De motie stond er in ieder geval op tijd op. Mevrouw Pellikaan: Voorzitter, korte reactie. De motie had ook gewoon rondgestuurd kunnen worden, eerder dan vandaag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Hassouna, D66. De heer Hassouna: Dank u wel, voorzitter. In principe staan wij als D66 achter de visie omtrent het parkeerbeleid. Daarvoor ook dank aan de parkeerpanels. Geconstateerd wordt dat er een hoge parkeerdruk wordt ervaren. Wij willen meer naar een autoluwe binnenstad/woonwijken, maar dat mag niet ten koste gaan van de bereikbaarheid.
Daarom hebben wij ook samen met de SP een motie ingediend om waar mogelijk ondergrondse parkeergarages te realiseren, in overleg met projectontwikkelaars, liever onder de grond dan straatparkeren. De motie die wij samen hebben ingediend met VVD, fractie Van Maaren, Democraten Gorinchem en CDA met betrekking tot de fasering van Kweeklust lijkt ons een no brainer. Ik ga ervan uit dat iedereen die steunt. Hartelijk dank, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Breemen, GroenLinks. De heer Van Breemen: Voorzitter, dank u wel. Het parkeerprogramma dat het college ons vanavond voorlegt kan eigenlijk wel een kleine revolutie genoemd worden. Die revolutie is al ingezet met het mobiliteitsplan en wordt vervolgd met dit parkeerprogramma. Eindelijk verliest de auto zijn onomstreden positie in de Gorcumse binnenstad en er wordt eindelijk serieus gekeken naar mogelijkheden van een historische binnenstad die helemaal niet gebouwd is op veel straatparkeren. Niet langer wordt het beleid gemaakt vanuit het dogma dat je eigenlijk voor je voorkeur met drie auto’s zou moeten kunnen parkeren, en dat is ook niet realistisch als je ziet om wat voor soort gebied het gaat. Het is een gebied met veel historie en dus ook een stratenplan uit een tijdperk waarin hooguit nog wat koetsen rondreden.
Het is dus eenvoudigweg niet realistisch om te verlangen dat je in de binnenstad overal kunt parkeren, en dan het liefst ook nog met allebei je ouders. Dat is het gevolg van in de binnenstad wonen, waar je bewust voor kiest, of gekozen hebt. Het voordeel van onze binnenstad is dan ook weer dat hij niet zo groot is dat je enorme afstanden moet afleggen als je van of naar je auto moet lopen die aan de G - 55
rand van de stad geparkeerd staat. Het is dan wat ons betreft ook onontkoombaar om bestaande rechten van bewoners met parkeervergunningen in te gaan dammen. Er zijn veel meer vergunningen dan plaatsen uitgegeven en het is ook niet verwonderlijk dat we capaciteitsproblemen hebben. GroenLinks is erg tevreden over de doelstelling om doorgaand autoverkeer te weren uit de binnenstad. Met dezelfde argumenten over de historische stad roept GroenLinks dit ook al jaren en we zijn blij te zien dat hier nu breder hetzelfde over gedacht wordt. Natuurlijk is er ook in dit parkeerprogramma aandacht voor deelmobiliteit en fietsparkeren. Het is niet realistisch om alleen te roepen dat je minder auto moet rijden, als je er geen alternatieven voor verzint. Nou, die zijn er inmiddels. Deelmobiliteit heeft echt een vlucht genomen en kan voor een stad als Gorinchem enorm kansrijk zijn. Ook het faciliteren van goede, veilige, hele en logisch gelegen fietsparkeerplaatsen en parkeervoorzieningen draagt enorm bij aan het verminderen van automobiliteit en parkeerproblemen. We zijn blij dat het college de ambitie heeft voor een bewaakte fietsenstalling, of zijn het er meer? In ambitie 3 wordt er namelijk in meervoud over gesproken, dus laten we daar dan maar van uit gaan. Eén maatregel waar we nog wel over twijfelen zijn de afwijkmogelijkheden van de parkeernormen.
Zeker in de binnenstad is de afstand tot een OV-knooppunt vrij duidelijk: je trekt een streep naar het station en je weet het. Ook een hoogwaardig fietspad of een fietssnelweg zien wij niet zo een-twee-drie verschijnen in de binnenstad. En bovendien: mensen die huizen van de ontwikkelaars gaan kopen kunnen die OV-knooppunten en fietspaden bewonderen en ongetwijfeld zeer waarderen, maar vervolgens toch de auto pakken om ergens heen te gaan. Wij hebben grote twijfels bij deze filosofische benadering van deze kwestie. Volgens GroenLinks moet je veel concreter zijn in dezen en kijken welke ruimte er is, en ik kan u zeggen: die is beperkt. Gebaseerd op die ruimte kijk je vervolgens naar de parkeernormen en als blijkt dat die capaciteit, om welke reden dan ook, tekortschiet, dan heeft de ontwikkelaar dus een mooie uitdaging om dat op te lossen voor zijn project. Wij zullen bij de nieuwe parkeernormennota dan ook scherp en kritisch hiernaar kijken. In aansluiting daarop vind ik de motie van de SP overigens erg sympathiek. ‘In gesprek gaan met’ lijkt mij sowieso een no brainer, zoals de heer Hassouna dat zei. Dus die zal ik zeker steunen. De motie van de VVD c.s.
over Kweeklust, zoals ik het maar even zal noemen, vind ik minder een no brainer dan de heer Hassouna dat vindt en ik ben erg benieuwd wat de wethouder daarover te zeggen heeft, want ik zie niet per se het verband daarin, dus daar wacht ik even de reactie van de wethouder op af. Ten slotte wil GroenLinks nog uitspreken dat wij het toch altijd weer bijzonder blijven vinden dat er alleen maar een parkeerplan voor de binnenstad wordt opgesteld, want ook in andere wijken van Gorinchem zou zo’n parkeerplan echt geen overbodige luxe zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Onvlee, CDA. De heer Onvlee: Dank u wel, voorzitter. In de laatste woorden van de heer Van Breemen lag volgens mij een mooie suggestie besloten. Kort over de beide moties. De motie van de VVD hebben wij namens het CDA mede ingediend. Naast alles wat daarover al gezegd is, wil ik nog een andere invalshoek G - 56
benadrukken. Je kunt het ook omdraaien, om een goede trigger te hebben om snel vaart te maken met de realisatie van Kweeklust. Hopelijk gaan beide gevallen gewoon snel gerealiseerd worden, zodat we echt toe kunnen werken naar die parkeernorm van 0,6. Wat de tweede motie betreft, vraag ik me af of het wel handig is om daar vol op in te zetten. De reden daarvoor is dat de brandweer het steeds ingewikkelder vindt worden met de opkomst van elektrische voertuigen, dat die in ondergrondse parkeergarages staan. Het klinkt een beetje pietluttig, maar ik kan het effect ervan niet overzien. We zetten nu in op plannen ondergronds, maar als Gorinchem over tien jaar geëlektrificeerd is met allemaal elektrische auto’s, mogen ze niet meer in de parkeergarage staan. Ik weet niet óf het zo is, maar ik zie wel dat het een risico is. Ik ben benieuwd of de wethouder daar iets over kan zeggen. Het lijkt me niet verstandig om hierop in te zetten als we nog onvoldoende weten. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Maaren, fractie Van Maaren. Mevrouw Van Maaren: Beste voorzitter. Mogelijk kan het voorliggende raadsvoorstel [….] zijn dat de wethouder de binnenstad heeft verlaten, maar wie weet, laat hij ons dat nog weten. Helaas kunnen wij in verband met de tijd de goede elementen van dit raadsvoorstel als tarieven, extra fietsparkeerlocaties et cetera, niet uitgebreid benoemen.
Om mijn betoog kort te houden, benoemen we alleen het punt waar wij onze twijfels hebben bij dit raadsvoorstel. Het belangrijkste punt voor ons is het bevriezen van de eerste vergunning. Onze fractie is van mening dat iedereen die in de Gorcumse vesting wil komen wonen juist de mogelijkheid voor een eerste parkeervergunning zou moeten kunnen verkrijgen. Deze keuze in het raadsvoorstel is naar ons idee een gevolg van het ontbreken van actief beleid met betrekking tot parkeren in de afgelopen jaren als het gaat om het tijdig creëren van extra parkeerlocaties, veel inbreiden en niet het voorzieningenniveau daarvoor tijdig aanpassen, kansen als bijvoorbeeld een plan als Linge Zuid II voor uitbreiding parkeren onbenut laten, et cetera. Natuurlijk zijn wij blij met de uitbreiding van de parkeerlocatie Kweeklust, maar het is een utopie dat die in 2023 gereed zal zijn. En is het voldoende? Wij denken van niet. Er worden steeds al parkeerplaatsen stilletjes ingevorderd. De parkeerdruk overdag kan mogelijk ook verhoogd worden als werkenden ook na Covid meer gaan thuiswerken.
Een extra parkeergarage of -terrein aan de buitenrand van de vesting, naast de uitbreiding van Kweeklust, ondanks de benodigde investeringen, is in onze ogen nog steeds gewenst, met een voorkeur voor een open terrein, omdat door de toename van de elektrische auto ook de veiligheid in gesloten parkeergarages onder druk komt te staan. Wel staan wij achter de visie om de auto zoveel mogelijk uit het zicht te laten verdwijnen en op centrale punten te verzamelen binnen, of aan de randen van de vesting, maar dat moet dan wel voor iedereen mogelijk zijn met een eerste vergunning. Dit was mijn korte reactie op het voorstel. Dank u wel. De voorzitter: Een reactie was het wel, maar of die kort was… Mevrouw Van Maaren: Voor mijn doen wel, denk ik!
G - 57
De voorzitter: Maar goed, ik heb anderen ook de ruimte gegeven en ik vind wel dat u als raadsleden in eerste termijn uw punt moet kunnen maken. Dan de heer Barth, ChristenUnie/SGP. De heer Barth: Dank, voorzitter. Gezien de tijd wil ik mijn reactie heel erg comprimeren. Positief vinden wij dat in het raadsvoorstel de parkeerdruk in de binnenstad naar een beter niveau wordt gebracht, met de adviezen afkomstig uit het parkeerpanel. Ik zou een aantal punten kunnen benoemen, maar we hebben allemaal de inbreng van de heer Van Breemen gehoord en daar kan ik me grotendeels, nee: ik kan wel zeggen geheel, bij aansluiten. Een korte reactie op de twee ingediende moties. Allereerst de motie van de VVD. Wij zijn het in principe eens met de doelstelling dat de tweede volledige vergunning pas afgeschaft moet worden als er voldoende parkeergelegenheid is, en daarbij wordt de parkeergarage Kweeklust specifiek benoemd. Ik ben wel benieuwd naar het antwoord van de wethouder, want ik vond de inbreng van de Partij van de Arbeid ook zeer valide. De motie van de SP is door de ChristenUnie/SGP mede ingediend. Daarbij zou ik tot de fracties die langer dan tien minuten nodig hebben om de motie goed te kunnen waarderen, willen opmerken dat deze motie ten doel heeft dat er geen extra parkeerdruk wordt gegenereerd bij nieuwbouw of herbestemmen tot wonen, indien mogelijk. Zo zou ik het willen samenvatten.
Ik hoorde de heer Onvlee een soort gedachtesprong maken, maar ik weet niet zeker of ik hem goed heb begrepen, die erop neerkwam dat ondergronds parkeren altijd in een parkeergarage dient te zijn. Dat is echter geenszins de doelstelling. Het kan ook op eigen terrein ondergronds, in een bestaand oud pand in de binnenstad. Wellicht is dat ook een optie. Zo is ‘ie wat ruimer te interpreteren. De voorzitter: De heer Onvlee, interruptie. De heer Onvlee: Of het een oud pand is, een nieuw pand, of wat dan ook, het gaat er vooral om dat ondergronds parkeren problemen met zich mee kan brengen met betrekking tot de brandveiligheid. Ik snap de gedachtegang, maar ik vind het wel ingewikkeld om iemand op pad te sturen om deze opdracht uit te voeren, terwijl het eigenlijk gewoon niet de bedoeling is dat we dat moeten willen. Ik kan het nu niet overzien, vandaar mijn opmerking. De heer Barth: Technisch ben ik bekend met de brandgevaarlijkheid van honderd procent elektrische voertuigen, dus ik begrijp uw punt. Daarom zit er ook een klein voorbehoud in: indien mogelijk. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu naar wethouder Van der Geest. Wethouder Van der Geest: Ja, goeienavond, voorzitter, dank u wel. Dank aan uw raad voor de inbreng.
Het was een constructieve B&A, een deel van de punten komt overeen, dus ik ga het, net als een paar van de raadsleden, proberen kort te houden vandaag. Laat ik beginnen met de vraag van de heer Onvlee over elektrische auto’s in parkeergarages. De fractie van Stadsbelang heeft daar eerder schriftelijke vragen over gesteld. Het blijft een aandachtspunt voor ons. Laat ik ook zeggen: fietsen gaan niet zo snel in de fik, dus pak allemaal de fiets. G - 58
En dan zijn er nog twee moties. De eerste is van de heer Van Santen en anderen. Op zich kan ik daar wel mee leven. We stellen eigenlijk daarmee de tweede vergunning, met volledige rechten, een halfjaar uit. Dan moet de uitbreiding van Kweeklust wel ongeveer open zijn. De manier waarop moeten we nog even bekijken, maar ik kan me ook voorstellen dat het voor een aantal gebruikers van die tweede vergunning plezieriger is dat ze een iets langere gewenningsperiode hebben, dus daar kan ik mee leven. Ik snap wel wat de heer Oostrum zegt over de overwegingen, en dat kan ik deels wel met hem delen. Dan is er nog de motie van de SP en anderen die binnenkwam. Ik had er niet zo heel lang voor nodig om die te beoordelen. Tijdens de B&A hebben we die ook uitgebreid aan de orde gehad, want tijdens de I&O had de heer Hassouna daar ook een vraag over. Laat heel helder zijn dat het huidige uitgangspunt is dat wij parkeren op eigen terrein mogelijk willen maken. Als dat ondergronds kan, is dat mooi, maar als het op eigen terrein kan zorgt het in ieder geval niet voor parkeerdruk op de openbare weg. Dat is en blijft het uitgangspunt en daarmee is de motie ook eigenlijk overbodig. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik stel vast dat er geen behoefte is aan een tweede termijn, zodat de moties in stemming kunnen worden gebracht. Allereerst motie M5, ‘Eerst realiseren dan parkeren’.
De motie wordt in stemming gebracht en met 21 tegen 3 stemmen aangenomen. Voor hebben gestemd mevrouw Hamann, de heren Hassouna en Van der Lee, de dames Van Maaren, Mager en Molengraaf-Vullers, de heer Onvlee, de dames Van Oversteeg en Pellikaan, de heren Roeland, Van Santen en Schefferlie, mevrouw Stevens, de heren Tekir, Wientjes, Van Willigen, Bahlmann, Barth, Van Breemen en Chaaby en mevrouw Dansen. Tegen hebben gestemd de heren Koçak, Oostrum en Hachhouch. Stemverklaringen De heer Oostrum: Ik ben tegen de motie, omdat ik nog even de overweging heb dat het uitstel voor de tweede vergunninghouders zou betekenen dat een aantal eerste vergunninghouders, nieuwe bewoners, geen eerste vergunning gaan krijgen omdat die […] worden. De voorzitter: Dan motie M6, ‘Liever ondergronds dan op straat’. Ik kan iedereen wel weer langs gaan, maar misschien is het makkelijker dat een fractie die tegen is zich even wil melden. Wie is tegen de motie? Mevrouw Pellikaan. Kunt u aangeven of dat geldt voor de hele fractie? Mevrouw Pellikaan: Ja. De voorzitter: Dus Democraten Gorinchem is tegen, de PvdA eveneens, het CDA ook, Stadsbelang is ook tegen. Is de heer Van Mourik ook aanwezig? De heer Van Mourik: Uiteraard, voorzitter, ik ben gewoon aanwezig. Ik verbaas me ook over de vorige stemming, maar dat vind ik nu niet zo van belang. G - 59