210422 Concept verslag Raadsvergadering.docx
Tekst van het document
Nr. 6
Zitting van donderdag 22 april 2021 Voorzitter: mevrouw R.W.J. Melissant-Briene, burgemeester. Aanwezig zijn de leden: de heren B.C.S. Bahlmann, F.M.T. Barth, R.J.J. van Breemen en H. Chaaby, mevrouw E.L. Dansen, de heer M.A. Hachhouch, mevrouw E.W.H. Hamann, de heren M.S. Hassouna, E.A. Koçak en G.J. van der Lee, de dames A. Mager en M.J. Molengraaf-Vullers, de heren H.J. van Mourik, L.A. Onvlee en J.C. Oostrum, de dames J. van Oversteeg en L.P.W. Pellikaan, de heren J.M. Roeland, N. van Santen en P.C.J. Schefferlie, mevrouw D. Stevens en de heren I. Tekir, C.J.J. Wientjes en C. van Willigen. Griffier: de heer H. Sepers. Tevens aanwezig: de wethouders de heren R.P. van Doesburg, J.P. van der Geest, E.C.M. Kraaijeveld en D. van Zanten, alsmede de directeur gemeente Gorinchem mevrouw P. FillekesBrand. Afwezig: mevrouw A.P. van Maaren.
* 0. Vaststellen presentie voor digitale raadsvergadering.................................................................................................2 1. Opening. .....................................................................................................................................................................2 2. Ingekomen stukken/mededelingen.............................................................................................................................3 3. Vaststellen agenda......................................................................................................................................................3 4. Vaststellen notulen voorgaande raadsvergaderingen en parallelsessies. ...................................................................4 5. Vragenuurtje raadsleden, informatie vanuit het college. ...........................................................................................5 6. Hamerstukken ..........................................................................................................................................................12 6.a. Visie dienstverlening (2021-721569)....................................................................................................................12 6.b. Sportbeleid (2021-732149).
..................................................................................................................................12 6.c. Verzoek ontheffing woonplaatsvereiste wethouder Kraaijeveld (2021-741500)..................................................12 6. d. Benoeming adjunct-griffier (2021-741808).........................................................................................................12 6.e. Meerjaren Programma Grondexploitatie (2021-737025)......................................................................................13 7. Bespreekstukken. .....................................................................................................................................................13 7.a. Noodfonds Economie i.v.m. corona (2021-743259).............................................................................................13 7.b. Initiatiefvoorstel ‘Coronabijstand voor lage inkomens’ PvdA en DG – Tonk (2021-731968). ...........................33 7.c. Global Goals (2021-737667).................................................................................................................................33 8. Overzicht begrotingswijzigingen april 2012 (2012-743336)...................................................................................47 9.
Moties vreemd aan de orde van de dag....................................................................................................................47 9.a. Motie vreemd aan de orde van de dag: Vrijstelling van giften. ............................................................................47 9.b. Motie vreemd aan de orde van de dag: Kinderarmoede. ......................................................................................48 10. Sluiting. ..................................................................................................................................................................50
F-1
0. Vaststellen presentie voor digitale raadsvergadering.
De presentie van de aanwezigen is vastgesteld conform bovenstaande presentielijst. 1. Opening.
De voorzitter: Goedenavond, dames en heren, leden van de raad en ook natuurlijk de luisteraars thuis, of waar dan ook. Hartelijk welkom in deze raadsvergadering van de gemeente Gorinchem. We hebben weer een aardige agenda met elkaar te behandelen, er staan leuke onderwerpen op, dus ik zou zeggen: ga er maar eens voor zitten! Wij vergaderen digitaal en in deze raadzaal zijn maar een paar mensen aanwezig. Links van mij zit de heer Van Breemen. Hij is plaatsvervangend voorzitter van de raad, want ja, bij een burgemeester weet je het maar nooit: het kan zo maar zijn dat er iets gebeurt in de gemeente en dan moet ik weg; hij neemt het dan van mij over. Vervolgens zitten rechts van mij twee medewerkers van de griffie. De griffier is momenteel even elders, maar hij zal ongetwijfeld nog wel komen. En boven zitten drie medewerkers van Facilitaire Zaken die zorgen voor de techniek, maar ook in de persoonlijke verzorging hier, als het gaat om koffie, thee, et cetera, ons van een en ander voorzien. Wij gaan deze vergadering beginnen en eigenlijk is het toch wel een hele mooie traditie – u weet het als leden van de raad wel – om te beginnen met een stukje uit het Regionaal Archief.
Ook voor vanavond heeft René van Dijk van het Regionaal Archief weer een heel leuk stukje gedicht, en dat slaat, zoals gebruikelijk, ook op de agenda: zaken die we nu behandelen en hoe ging dat eigenlijk in het verleden? Boven het stukje dat René van Dijk mij heeft aangeleverd staat ‘In natura’. Het willen helpen van iemand die het minder heeft is een mooi menselijk gegeven, maar men kan ook oog hebben voor het menselijk tekort, in die zin dat een ontvangen aalmoes direct wordt omgezet in jenever. Daarom gaven kerkelijke Armbesturen liever hulp in natura, zoals brood en kleding. Ook het BA, het Burgerlijk Armbestuur, een verre voorloper van onze Avres, verschafte brood en ook wel melk, steenkool en medicijnen. Na de beurskrach van 1929 werd het assortiment uitgebreid. Als werklozen en andere armen toch al kwamen stempelen in het gemeentelijk lokaal in de Korenbeurs, konden ze daar gelijk kortingsbonnen kopen. Met die bonnen konden ze artikelen krijgen in dat lokaal, een gemeentelijke voedselbank dus, of bij bepaalde winkeliers. Ze konden dan kiezen uit soep, groente en gehakt in blik, verse vis, margarine en voor bakken en broden het zogeheten volksvet. Dit kocht de gemeente in via een regeling van het ministerie van Sociale Zaken.
Voor het doorverkopen mocht niet alleen de winkelier één tot anderhalve cent winst maken, maar ook de gemeente, want de gemeente maakte immers kosten voor het drukken van de bonnen en voor de gratificaties voor de betrokken ambtenaren die extra werk hadden. De winkeliers dienden nauwkeurig verantwoording af te leggen aan de gemeente. Dat betekent dat ze van elke bedeelde moesten doorgeven wat hij precies had gekocht. Volgens een socialistisch raadslid werkte dit hele stelsel demoraliserend en beschamend en hij begreep wel waarom de topman van het BA beschikte over een vergunning voor een revolver. De burgemeester repliceerde dat het college en de raad niets te zeggen hadden over de werkwijze van het BA en dat het BA slechts de Armenwet toepaste. Mogelijk dacht de burgemeester ook aan een eerdere magistraat bij wiens villa
F-2
de weduwe Adriaansen, een 90+er, elke dag de restjes van de warme maaltijd kwam afhalen. De vergadering is geopend. Wij hebben eerder de presentie met elkaar doorgenomen, met dank aan de heer Van Breemen. Afwezig is geen enkel lid. Dat is mooi. We zijn dus helemaal compleet vanavond. 2. Ingekomen stukken/mededelingen.
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt besloten conform de voorgestelde afdoening. De voorzitter: Dames en heren. Met ingang van heden zal Tom van der Meijden als fractieassistent fungeren voor de fractie van D66. Ik wens hem heel veel succes en vreugde in die arbeid. Uiteraard zal de heer Van der Meijden zich voorstellen in het Weekbericht van de griffie en daarbij zal ook een foto worden geplaatst, want in het huidige tijdsgewricht zien we elkaar niet zo vaak hier. 3. Vaststellen agenda.
De voorzitter: Drie leden van de raad hebben aangegeven bij dit agendapunt het woord te willen voeren. Ik geef allereerst het woord aan mevrouw Dansen. Mevrouw Dansen: Dank u wel, voorzitter. De reden waarom ik graag het woord wil is dat op de agenda de aangehouden motie van de SP van 25 maart die bij agendapunt 7.a hoort nog als een motie vreemd aan de orde van de dag wordt betiteld. Die wil ik graag inbrengen bij agendapunt 7.a, dus dat zou ik graag veranderen. De voorzitter: Laten we meteen de koe bij de horens vatten. Ik neem aan dat de raad ermee instemt dat de motie Coronastimuleringspakket van de SP onderdeel uitmaakt van de bespreking van agendapunt 7.a. Ik stel vast dat dat het geval is. Dan geef ik de heer Oostrum het woord. De heer Oostrum: Dank u wel, voorzitter. Uw inleiding bij deze raadsvergadering nodigt bijna uit tot een uitvoerige beschouwing, maar dat zal ik nalaten. De reden waarom ik het woord heb gevraagd betreft agendapunt 7.b, het initiatiefvoorstel ‘Coronabijstand’ voor lage inkomens. In februari hebben wij samen met Democraten Gorinchem een initiatiefvoorstel aangeboden, ‘Coronabijstand voor lage inkomens’, waarop u begin maart uw wensen en bedenkingen kenbaar hebt gemaakt.
Met ons voorstel beoogden wij huishoudens met een iets hoger inkomen dan de gebruikelijke toelatingsgrens ook toegang te geven tot de voedselbank en als tweede om een regeling te treffen voor huishoudens met een lager inkomen wanneer ze met hun huisdier naar de dierenarts moeten: een korting, of een vergoeding van de rekening. U gaf in uw reactie aan dat de voedselbank nu al heel flexibel omgaat met de toelatingsregels, tot zelfs 20% boven de normbedragen, en in acute gevallen, ook na doorverwijzing door POORT6, of Avres, of het Leger des Heils, wordt ruimhartig ondersteuning verleend aan mensen die dat nodig hebben. Overigens werd dat ook na het verschijnen van het bericht in de pers direct door F-3
de voedselbank bevestigd. Tot op dat moment was dat een goed bewaard geheim, maar het is nu in ieder geval bekend. Bij het tweede punt erkent u de problematiek van huisdieren in huishoudens met lage inkomens en u verwijst naar een aantal voorliggende voorzieningen, met name elders in het land, en u geeft ook aan de tijdelijkheid van de regeling te betwijfelen. Nou, daarmee heeft u ons eigenlijk uitgedaagd en aan het werk gezet om een verkenning te doen naar die voorliggende voorzieningen. Daarbij stuitten wij op diverse knelpunten en problemen. Een van de grootste problemen is dat er in Nederland een groot tekort is aan dierenartsen. Zo is de door u aangegeven Minimax Dierenarts in Rotterdam inmiddels gestopt met de regeling vanwege het tekort aan dierenartsen en in ons eigen Gorinchem moest om dezelfde redenDe voorzitter: Even voor de duidelijkheid: wij behandelen nu het agendapunt ‘Vaststellen agenda’ en u gaat een heel exposé houden. Wat is uw voorstel? De heer Oostrum: Het was slechts bedoeld als toelichting, voorzitter. Inmiddels zijn wij uitvoerig bezig om te kijken of we een goede regeling kunnen treffen, maar we zijn daar nog niet mee klaar. Daarom stellen wij voor om het agendapunt hier af te voeren. Wij komen er hopelijk binnenkort op terug. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel.
Het voorstel aan de raad is dus: is het akkoord dat dit van de agenda wordt afgevoerd? Ik neem aan dat u hiermee in kunt stemmen. Aldus besloten. Het komt op een ander moment terug. Dan geef ik mevrouw Molengraaf het woord. Mevrouw Molengraaf-Vullers: Voorzitter, om kort aan te kondigen dat wij een motie vreemd aan de orde van de dag zullen indienen. Ik neem aan dat die, zoals gebruikelijk, naar het einde van de vergadering gaat. Wij hebben hem ruim van tevoren al rondgestuurd, maar ik vind het wel netjes om hem hier ook even aan te kondigen. De voorzitter: Prima. De motie zal worden geagendeerd als agendapunt 9.b. De agenda wordt aldus gewijzigd vastgesteld. 4. Vaststellen notulen voorgaande raadsvergaderingen en parallelsessies.
De notulen van de raadsvergaderingen van 18 februari, 23 februari en 25 maart 2021 en de verslagen van de parallelsessies 210401 B&A - Vaststellen nieuw sportbeleid, 210401 I&O - Omgevingswet, 210401 I&O - Bijpraten grote ruimtelijke projecten, 210401 I&O Innovatie en Afstudeer Centrum, 210408 B&A - Global Goals, 210408 I&O Fietsenstalling, 210408 I&O - Meerjarenplan Gorinchem City Marketing, 210408 I&O Ondermijning, 210408 I&O - Visievorming IHP PO SO en knelpunten onderwijshuisvesting, 210415 I&O Gomarus, 210415 I&O Opdracht 2022 Jongerenwerk, 210415 I&O Stichting Hoger Onderwijs Gorinchem, 210415 I&O Kernwinkelgebied Binnenstad, 210415 I&O Parkeerbeleid en 210415 I&OB&A Meerjaren Programma Grex worden zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming ongewijzigd vastgesteld. F-4
5. Vragenuurtje raadsleden, informatie vanuit het college.
De voorzitter: Zoals bekend, moeten vragen voor maandag 24.00 uur zijn ingediend. Daarvan kan alleen worden afgeweken als er sprake is van urgentie. Allereerst geef ik het woord aan mevrouw Dansen van de SP. Mevrouw Dansen: Dank u wel, voorzitter. De SP heeft recent in de krant gelezen dat Waardlanden plannen heeft om in de nabije toekomst weer met diftar te gaan werken. Wij hebben hier een paar vragen over. Ten eerste willen wij graag van de wethouder weten waarom Waardlanden weer diftar wil invoeren na de slechte ervaringen hiermee in het verleden en vooral nadat een motie van D66 waarin gevraagd werd om diftar in te voeren op 12 november 2020 met een grote meerderheid werd verworpen. Daarnaast willen wij graag weten waarom het mogelijk invoeren van diftar niet voorgelegd is aan de raad van Gorinchem. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik geef het woord aan wethouder Van der Geest. Wethouder Van der Geest: Dank u wel, voorzitter, en mevrouw Dansen ook bedankt voor de vragen. Ik begin met de beantwoording van vraag twee, waarom dit niet is voorgelegd aan de raad. Ik zou daar eigenlijk van willen maken: waarom is dit nog niet voorgelegd aan uw raad? Want het komt er nog aan: een dubbele I&O op 20 mei, B&A op 14 juni en 24 juni in de raadsvergadering. Kortom, mevrouw Dansen wordt op haar wenken bediend. Dan de eerste vraag.
Ik heb er de notulen van de begrotingsvergadering op nageslagen. Daarin heeft een aantal partijen opmerkingen gemaakt over het grondstoffenbeleid: ChristenUnie/SGP weet ik nog, Gorcum Actief en ook D66, die met de motie kwam over het onderzoek naar diftar. Ik heb toen in ieder geval vanuit het college aangegeven dat het op dat moment niet nodig was, want kort daarvoor hadden we het analyserapport bij u in de raad en daarin was al aangekondigd dat we gingen kijken naar de mogelijkheden hoe we de afvalstoffenheffing en de afvalstoffen konden beperken en of diftar daarvoor een van de richtingen was. De motie zagen wij als ondersteuning van het lopende proces en daarmee misschien ook als overbodig. Dat waren de antwoorden op de vragen, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Tekir. Mevrouw Dansen: Als ik nog heel even mag, voorzitterDe heer Tekir: Dank u wel voorzitterDe voorzitter: Even de heer Tekir en dan mevrouw Dansen. Mevrouw Dansen: Ik heb heel veel moeite met het feitDe heer Tekir: Wie is er nu eigenlijk aan het woord?
F-5
De voorzitter: Mevrouw Dansen, de heer Tekir heeft aangegeven even een correctie toe te willen passen en dat lijkt me wel correct. De heer Tekir. De heer Tekir: Ik ga het kort houden, maar ik wilde wel graag even vermelden dat wij niet hebben gevraagd om invoering van diftar, maar om een onderzoek naar haalbaarheid van diftar. Overigens verbaast deze move van het college ons ook, omdat er nu kennelijk wel voor wordt gekozen. Tot zover deze correctie. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Dansen. Mevrouw Dansen: Dank u wel, voorzitter. Sorry dat het even wat ongemakkelijk liep. Als het college ermee bezig is en het ons nog gaat voorleggen, kan dat allemaal, dan kunnen we daar nog een beslissing over nemen, maar ik vind het wel hoogst eigenaardig dat Waardlanden dan in de krant laat aankondigen dat het al besloten zou zijn. Dat is in ieder geval niet respectvol naar de raad. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De wethouder heeft in ieder geval een tijdpad aangegeven en zó gaan wij dat in onze raad doen. Dan de heer Tekir, D66, onderwerp: reactivatieplan economie in verband met corona. De heer Tekir: Wederom dank voor het woord, voorzitter. In december vorig jaar hebben we een zogenaamd reactivatieplan voor de lokale economie vastgesteld, want die lokale economie werd toen ook al volop geteisterd door corona.
Er zijn vervolgens een aantal subsidieregelingen uitgewerkt door uw college, maar de fractie van D66 heeft niet bepaald het idee dat hier volop gebruik van wordt gemaakt, terwijl je dat in deze coronacrisis toch wel zou verwachten. Wij zijn eerlijk gezegd bang dat u de voorwaarden zo strak heeft gezet dat het niet meer interessant is voor ondernemers om aan te vragen. U kunt het toeval noemen, maar u beaamt in een memo die u gisteren mailde dat de animo voor deze regelingen inderdaad heel laag is. Los van deze opmerkelijke timing van de memo hebben wij de volgende vragen. Vraag 1. Hoeveel aanvragen van ondernemers zijn tot op heden gehonoreerd in het kader van dit reactivatieplan? Denkt u aan kennisvouchers, innovatieregelingen en regelingen sociaal ondernemerschap. Vraag 2. Hoe beoordeelt het college het succes van deze regelingen op basis van deze cijfers? Vraag 3. Komt er een evaluatie met input van ondernemers op het effect van deze regelingen? Zo ja, wanneer? Zo nee, waarom niet? Tot slot. Hoe staat het met het innovatiefonds voor startups en scale-ups dat was aangekondigd in het reactivatieplan? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Van der Geest. Wethouder Van der Geest: Wederom dank, voorzitter, en ook dank aan de heer Tekir voor zijn vragen.
Uw raad heeft inderdaad op 24 september het reactivatieplan vastgesteld en daarin stonden naast de door de heer Tekir genoemde punten ook de aanpak van het kernwinkelgebied – over de voortgang daarvan hebben we het vorige week in I&O gehad F-6
– en de ontwikkeling van het innovatiefonds; daarop kom ik zo meteen bij het beantwoorden van de vraag van de heer Tekir terug. Met betrekking tot de kennisvouchers, het sociaal ondernemerschap en de initiatievenregeling, daarover is de laatste tijd al meerdere keren geïnformeerd, maar er zijn nog geen aanvragen binnengekomen. Als de heer Tekir vraagt hoe wij het succes daarvan duiden, kan ik alleen maar zeggen dat dat tegenvalt. De maatregelen zijn wel besproken met de ondernemers – wij hebben een gemeentebrede adviesgroep ingesteld om dit soort dingen te toetsen en te kijken wat er breder gebeurt dan de ondernemersvereniging die we vaak spreken –, maar die hebben nog niet het effect gehad dat we toen samen voor ogen hadden. Wij wijten dit vooral aan het feit dat de tijd anders was toen u het besluit nam om dit te gaan doen. Het was september, we hadden net de zomer achter de rug waarin we dachten dat we weer los konden, dat we weer [..0:18:09..] via het initiatievenfonds, dat we weer konden gaan investeren om kennis te vergaren en misschien wel bedrijven die zich op andere gebieden gaan richten met die kennisvouchers, maar daarna zijn er alleen maar strengere lockdowns gekomen. Ik hoop dat het de komende tijd weer aantrekt.
Zoals ik al zei: we hebben het meermaals besproken met ondernemers in die gemeentebrede adviesgroep, recent begin maart, en toen hebben we geen aanleiding gezien om het aan te passen. De heer Tekir heeft terecht gevraagd hoe we de vinger aan de pols houden. De volgende I&O is door uw agendacommissie in juli gepland en dan lijkt het me goed om ook weer hierbij stil te staan. Ten slotte het innovatieplatform voor startups en scale-ups. De voorzitter van de Stichting Economische Ontwikkeling Gorinchem, de onderliggende stichting van IKG, met Jan van Wijk als voorzitter en ook trekker van dit platform-, zijn we bezig de laatste stappen te maken [..0:19:14..] meegenomen en dat platform […] van de grond te gaan tillen, […] juist gaan werken aan deze […]. Het staat in de startblokken, voorzitter. Er gaan een aantal dingen gelukkig heel goed en een aantal dingen kunnen inderdaad beter. Daar houden we u graag van op de hoogte. De voorzitter: Dank u wel. De heer Tekir: Zou ik nog het woord mogen, voorzitter? De voorzitter: U wilt daar nog op ingaan? Heel kort graag. De heer Tekir: Heel kort, ja. Dank voor de beantwoording. De situatie is eigenlijk erger dan wij dachten, aangezien er tot op heden nog geen enkele aanvrage is gehonoreerd. Dat vinden we erg teleurstellend. De enige suggestie die ik zou willen meegeven betreft de kennisvoucher.
Als wij bij ondernemers langs gaan, horen we links en rechts dat men voor die kennisvoucher, waar men duizend euro voor kan aanvragen, een enorm project moet schrijven en dan ook nog de helft, vijfhonderd euro, zelf moet opbrengen en vervolgens aan zoveel aanvullende voorwaarden moet voldoen, dat het helemaal niet meer loont om voor die vijfhonderd euro de boer op te gaan. Dus wilt u ook alstublieft kijken hoe streng dit soort regelingen worden ingestoken, zodat het wel aantrekkelijk blijft voor ondernemers om voor die paar euro’s nog aan de slag te gaan? De voorzitter: Wethouder Van der Geest.
F-7
Wethouder Van der Geest: Graag, voorzitter, en ik zou de heer Tekir willen vragen of die ondernemers zich ook bij ons kunnen melden, dan kunnen we ook daarmee in overleg treden om te kijken wat we daarmee kunnen doen. Dank voor het signaal. De voorzitter: Dank u wel. Een andere vraag van de heer Tekir van D66 betreft het nieuwe afvalbeleid. De heer Tekir: Voorzitter. U zult zich vast nog herinneren dat in de vergadering van vorig jaar december ineens een discussie ontstond over een irritatie die leeft bij veel Gorcumers over het feit dat men het huishoudelijk afval niet mag afvoeren bij het afvalbrengstation als dat afval in een bestelbus zit. Zoals u weet, heeft D66 al ruim een jaar geleden gevraagd om dit op te lossen door te toetsen op het afval en niet op het type vervoermiddel. Het college kondigde toen aan dat hier werk van gemaakt zou worden in het kader van het nieuwe afvalbeleid. Wij vragen ons af waar dat afvalbeleid blijft, vandaar de volgende vragen. Vraag 1. Wat is de stand van zaken met betrekking tot dat afvalbeleid? Vraag 2. In de begroting 2021 was aangekondigd dat dit beleid in het voorjaar van 2021 vastgesteld zou worden. Wat is de reden voor de ontstane vertraging? Tot slot. Is er al een oplossing bedacht voor particulieren die in een bestelbusje hun afval willen langs brengen? Zo ja, wat is die oplossing en wanneer treedt die in werking? Dank u wel.
De voorzitter: Wethouder Van der Geest. Wethouder Van der Geest: Dank, voorzitter, en dank aan de heer Tekir voor deze vragen. Het is te merken aan de vragen dat zijn zoon hem weinig nachtrust gunt! Zojuist heb ik al aan mevrouw Dansen aangegeven dat we dit nog gaan behandelen in de raad. De huidige stand van zaken is eigenlijk, en dan kom ik een beetje tegemoet aan de laatste opmerking van mevrouw Dansen, dat het bestuur van Waardlanden de nieuwe strategienota heeft vastgesteld, om voor te leggen aan de colleges en de raden. Waardlanden zelf heeft daarin niks besloten of vastgesteld, behalve dan akkoord gegeven om het voor te leggen en wij hebben als college weer besloten om het aan u te gaan voorleggen, voor het eerst op 20 mei in I&O. Het heeft inderdaad, daar is de heer Tekir scherp op, een kleine vertraging opgelopen, wat ook te maken heeft met het feit dat wij nog een extra participatieronde wilden hebben als gemeente op de strategienota. Dat heeft tot een kleine vertraging geleid, plus dat we in april en mei een vakantieperiode in gaan, dus als je dan een paar vergaderingen mist, zit je zo ineens twee maanden verder.
In de strategienota zit inderdaad een oplossing voor het probleem dat onder anderen de heer Tekir heeft aangedragen, maar hij was daar wel als eerste in, meen ik mij te herinneren, maar het lijkt me goed om daar niet vanavond inhoudelijk heel lang bij stil te staan, maar dat in I&O op 20 mei te doen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Tekir: Voorzitter. Dank voor de beantwoording. Nog even kort, als het mag. De voorzitter: Heel kort!
F-8
De heer Tekir: Ja. De wethouder noemt het een kleine vertraging, maar als het gaat om vaststelling van het beleid gaat het toch om enkele maanden ten opzichte van wat er was gemeld. Ik zou het college willen vragen om bij dit soort toezeggingen die worden gedaan een afwijking actief te melden aan de raad, zodat we weten wanneer we beleid kunnen verwachten. Dat scheelt namelijk ook mondelinge vragen als deze. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Willigen van Democraten Gorinchem heeft aangegeven een spoedeisende vraag te hebben. Die is niet binnengekomen vóór maandag 24.00 uur, dus we moeten wel even de spoedeisendheid toetsen. De heer Van Willigen. De heer Van Willigen: Dank u wel, voorzitter. Ik hoop dat u die toets dan achteraf wilt doen, anders kom ik niet zo ver natuurlijk. Ik constateer dat er nieuwe maatregelen rondom Covid aangekondigd zijn. Er lijkt per 28 april meer ruimte te komen voor mensen in Gorinchem om zich wat vrijer te kunnen bewegen, hoewel er ook wel weer maatregelen bij zitten die de boel onder druk zetten, en dat snap ik ook. Ik heb ook wel wat redenen voor zorg, ik heb er afgelopen dinsdag schriftelijke vragen over ingediend, maar de acuutheid zit er voor mij in dat er vakantie aan zit te komen. In het kader van die hele nieuwe regelgeving én de aanpak zoals ik afgelopen weekend heb ervaren, heb ik twee vragen.
Mijn eerste vraag is: welke grondhouding heeft het college de komende weken ten aanzien van de handhaving? We hebben immers een nieuwe situatie. En de tweede: welke gevolgen heeft dit voor het bejegeningsprofiel waarmee de boa’s en handhavers de straat op worden gestuurd? Eigenlijk is mijn vraag: gaan wij nu voor ‘mogelijk maken’, of voor ‘nee, niets is mogelijk’? En dat is een beetje een uitdagende stelling. De voorzitter: Het eerste gedeelte lijkt me inderdaad urgent, dus daarop wil ik graag een antwoord geven. Zoals u weet, staat in het coalitieprogramma van het college dat wij zoveel mogelijk mogelijk willen maken, en dat is ook het uitgangspunt. Tegelijkertijd hebben we ook wel regels natuurlijk. We zijn niet voor niets ook een overheid. Er zijn landelijke regels, lokale regels en we hebben ook ons VTH-beleid. De landelijke regels, u doelde er net ook al op, zijn de Wet publieke gezondheid, de Tijdelijke wet en regeling maatregelen Covid-19, dus de Twm en de Trm, en we hebben de Drank- en horecawet. Zoals u weet, dient eenieder zich te houden aan deze landelijke regels. We hebben de lokale regels, de APV, zoals u weet, en we hebben ook het VTH-beleid, dat heeft u ook zelf vastgesteld, en jaarlijks wordt ook een uitvoeringsprogramma vastgesteld. Binnen die kaders opereren onze toezichthouders, onze boa’s.
Wat is in z’n algemeenheid het handelingsperspectief? Als toezichthouders of boa’s een overtreding constateren, spreken zij eerst de overtreder aan. Zij doen dat op een vriendelijke manier, tonen begrip, informeren de betrokken mensen over de geldende regels en geven de mogelijkheid tot herstel van de overtreding. De overtreder krijgt dan een hersteltermijn van minimaal een halfuur om de overtreding te beëindigen. Daarna kan dan een hercontrole plaatsvinden, om te kijken of de overtreding beëindigd is. Als dat nog steeds niet is gebeurd, wordt verzocht per direct de overtreding te beëindigen, wordt mondeling een waarschuwing aangezegd en die wordt later ook schriftelijk bevestigd. Dat is de normale lijn, waarbij we dus eerst mensen in de gelegenheid stellen om de F-9
overtreding te beëindigen. Het beeld dat af en toe in de media wordt geschetst als zouden onze boa’s er zomaar bovenop klappen, klopt dus niet. Er kunnen natuurlijk ook excessen zijn in onze samenleving, in onze gemeenschap, en dan is direct handhaven natuurlijk noodzakelijk. Er zijn niet altijd mogelijkheden om te waarschuwen en nog eens te laten herstellen. In dat geval moet direct worden opgetreden en kan er een bestuurlijke maatregel volgen. Die bestuurlijke maatregel kan een waarschuwing zijn, het opleggen van een last onder dwangsom en in uitzonderlijke gevallen kan tot spoedeisende bestuursdwang worden overgegaan, zoals bijvoorbeeld sluiting of onder dwang stopzetting van de overtreding. Dit soort dingen zijn echt zeer uitzonderlijk en het gebeurt altijd in overleg met de leidinggevende of de burgemeester. Dan hebben we natuurlijk ook de zogenaamde klachten of meldingen. Zoals bekend, hebben we per 1 december 2020 de Fixi-app op de telefoons staan, waarmee inwoners eenvoudig een melding kunnen doorgeven en op basis van die meldingen voeren de boa’s controles uit. Soms zijn er bijzondere activiteiten in onze gemeente en daarover worden aparte afspraken gemaakt, die ook worden vastgelegd.
Als die afspraken niet worden nageleefd, geldt hetzelfde handelingsperspectief: niet meteen erbovenop klappen, nee, eerst mensen aanspreken, gelegenheid geven om de overtreding te beëindigen en als mensen persisteren in hun overtredingsgedrag, dan pas actief worden. Dan hebben we nog de suswachten, die zult u in de openbare ruimte ook regelmatig hebben gezien, en die worden zeker in deze coronatijd ingezet om de doorstroming van bezoekers op een gezonde en veilige manier te laten plaatsvinden. Die suswachten zijn eigenlijk de oren en ogen van de gemeente en staan in direct contact met de gemeente en de politie. Mocht er iets aan de hand zijn, dan geven zij dat door. Het liefst willen wij natuurlijk – ik heb dat hier en daar ook zo gecommuniceerd en u weet daar zelf, denk ik, ook wel van – nul waarschuwingen en nul boetes, want wij willen het liefst gewoon samen met elkaar deze gemeenschap vormen. Als iedereen zich gewoon aan de regels houdt, zoals het hoort, hoeven wij niet op te treden en is er niks aan de hand. Wij doen dat op een zeer prudente manier en pas als mensen echt persisteren, ja, dan moet je op een gegeven moment wel een keer wat, en dat vraagt ook de omgeving trouwens vaak. Het liefst handelen wij proactief, zoals bijvoorbeeld vanaf 28 april, wanneer de terrassen weer open mogen van 12 tot 6.
Dat wachten we natuurlijk niet af, nee: we gaan vooraf communiceren en dus is er bijvoorbeeld morgen, vrijdag 23 april, een breed horecaoverleg, waar wethouder Van der Geest en ik, samen met een paar ambtenaren, om tafel gaan met alle horecaondernemers, om met elkaar de mogelijkheden, spelregels en afspraken te bespreken, zodat iedereen aan de voorkant weet hoe wij omgaan met toezicht en handhaving. Mochten er op enig moment weer verdergaande versoepelingen zijn, dan doen we weer precies hetzelfde, want het is beter aan de voorkant met elkaar afspraken te maken, helderheid te verschaffen, dan het allemaal een beetje diffuus te laten en later strak op te treden. Daar houd ik niet van. We doen het proactief en dat gaat over het algemeen buitengewoon goed. De heer Van Willigen: Dank u wel. Ik weet even niet tot wie ik me nu moet richten, wie nu de voorzitter is, maar laat ik het even heel voorzichtig doen. Beste voorzitter, ik vraag hier dan wel enig inzicht van het optreden en handhaven. In de nieuwe wetgeving staat
F - 10
dat maximaal 50 mensen op een terras mogen zitten. Het ene terras is niet het andere terras en daarbuiten vraag ik ook eventjes begrip voor de situatie: wat doen we dan met een grasveld Buiten de Waterpoort? Oftewel: laten we asjeblieft de mate van handhaving wel in overeenstemming en begrijpelijk houden voor de mensen. De voorzitter: Wij zoeken in de handhaving naar proportionaliteit, wat ik net al aangaf: dat doen we op een redelijke manier. Daar kunt u op rekenen. Natuurlijk zullen er af en toe fouten worden gemaakt, ik ben de eerste om dat toe te geven, maar als ik gewoon kijk naar het optreden van onze boa’s in de afgelopen tijd, kan ik zeggen dat ik daar trots op ben. Dat doen ze op een goede manier. Ik heb me buitengewoon geërgerd aan de berichtgeving die je soms ziet in de media, of de social media, waar mensen over elkaar heen buitelen. Dan denk ik: kom eens even praten met mij, bel me eens op, stuur eens een mailtje, dan wil ik u graag vertellen op welke wijze wij hier handhaven. En ik kan u echt bevestigen: dat doen we buitengewoon zorgvuldig.
Als ik bijvoorbeeld zie hoe dat afgelopen zaterdag gegaan is, toen er overtredingen werden geconstateerd, nota bene op aangeven van collega-horecaondernemers, en toen die contact opnamen met de gemeente, hebben we niet meteen de overtreders bekeurd of wat dan ook, nee, ze zijn keurig netjes gebeld, ze hebben van tevoren aangegeven gekregen: let op, u bent in overtreding, het is verstandig om datgene wat u doet te staken en over een halfuur krijgt u controle. Er zijn dan ook nul waarschuwingen en nul boetes verstrekt. Tegelijkertijd kan het niet zo zijn dat in deze gemeente iedereen maar doet waar hij zin in heeft. We hebben wel wet- en regelgeving en daar heeft eenieder zich aan te houden. Dus ja, wij handhaven hier met verstand en met beleid. Er zijn grenzen en als het moet, treden we wel op. Dank u wel. Daarmee hebben we dit agendapunt gehad. De heer Van Santen: Voorzitter… De voorzitter: De heer Van Santen. De heer Van Santen: Ik wil er nog één ding over zeggen, want ik vind dat u wel wat gemakkelijk zegt dat de media het opblazen en dat het aan de media ligt.
Wij hebben echt ook wel geluiden gehoord van mensen uit de stad die dan misschien niet onheus bejegend zijn, misschien is dat wel netjes gecommuniceerd, maar het gaat natuurlijk niet alleen om hoe je dat communiceert, maar ook gewoon om de hele strekking, dat ben ik wel met de heer Van Willigen eens: hoe ga je nou op een goede manier met je ondernemers om en hoe maak je het nou voor iedereen in deze tijd gewoon zo gemakkelijk mogelijk? En als er dan misschien eens een bord een halve meter van de gevel vandaan staat, of niet goed, of dat het ene bord wel voldoet en het andere niet, ja, daar moet je gewoon over in gesprek gaan en dan mag je best eens een keer, niet zozeer buiten de lijntjes kleuren, als wel creatief meedenken, een beetje ómdenken. Dat is, denk ik, ook wat veel mensen als signaal hebben afgegeven. Dus ik zou het ook van twee kanten daarin bekijken. De voorzitter: Precies, ik ben het helemaal met u eens, mijnheer Van Santen. Daarom hebben we ook niet gewaarschuwd en niet beboet ten aanzien van de sandwichborden twee weken geleden. Ik zei net: we handelen binnen de gemeente proactief. Het leek erop dat mogelijk alle winkels weer open zouden mogen. Nou, dan is het van belang dat je kijkt van: hoe zijn de sandwichborden op dat moment allemaal gesteld, zodat we gesteld F - 11
staan als op een gegeven moment de drukte losbarst? Als je dan ziet dat sandwichborden midden op de straat staan – dat gaat natuurlijk niet lukken als er massa’s mensen op enig moment voorbijkomen –, dan spreek je rustig, op een vriendelijke manier, mensen aan en wijs je op de regels. Dat is wat er is gebeurd, niet meer en niet minder. 6. Hamerstukken 6.a. Visie dienstverlening (2021-721569).
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 6.b. Sportbeleid (2021-732149).
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 6.c. Verzoek ontheffing woonplaatsvereiste wethouder Kraaijeveld (2021-741500).
De voorzitter: De heer Wientjes. De heer Wientjes: Ik wil heel erg voorstemmen dat de heer Kraaijeveld niet in Gorinchem woont. Hij is een goeie wethouder en met plezier stem ik voor. Dat wil ik even als complimentje aan hem meegeven. De voorzitter: Kijk, dat is toch maar weer een complimentje dat je in je zak, kunt steken! Wethouder Kraaijeveld zal het ongetwijfeld gehoord hebben. Zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 6. d. Benoeming adjunct-griffier (2021-741808).
De voorzitter: Voorgesteld wordt de heer Vink te benoemen. Ik neem aan dat mevrouw Dansen als voorzitter van de werkgeverscommissie graag even het woord wil? Mevrouw Dansen: Dat klopt, voorzitter. Na een mooie sollicitatieprocedure, waarin ik de raad mocht vertegenwoordigen, viel de keuze van de sollicitatiecommissie unaniem op de heer Stefan Vink als adjunct-griffier. Als voorzitter van de werkgeverscommissie mag ik u dus mededelen dat de griffie met het aantreden na de heer Vink op 1 juli weer compleet is. Ik wil ze daarmee van harte feliciteren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Zonder hoofdelijke stemming wordt hierna besloten: 1. de heer T.J. Vink met ingang van 1 juli 2021 te benoemen tot adjunct-griffier; 2. de heer W.G. van der Meer met ingang van 1 mei te ontheffen uit zijn functie van adjunct-griffier.
F - 12
6.e. Meerjaren Programma Grondexploitatie (2021-737025).
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 7. Bespreekstukken. 7.a. Noodfonds Economie i.v.m. corona (2021-743259).
De voorzitter: Dames en heren. Voorgesteld wordt in te stemmen met het instellen van een noodfonds voor ondernemers die tussen wal en schip dreigen te raken en 100.000 euro voor het uitvoeren van het noodfonds beschikbaar te stellen vanuit het budget van het reactivatieplan. Allereerst geef ik mevrouw Dansen van de SP het woord. Mevrouw Dansen: Het lijkt wel werken vanavond! Voorzitter. Als ik het voorstel lees, kan ik mij niet aan de indruk onttrekken dat de eerdere besprekingen over coronahulp aan ondernemers een weinig zinvolle besteding van mijn tijd geweest zijn. Het voorstel dat wij – waarmee ik de SP bedoel – op 25 maart in de vorm van een motie ingediend hebben lijkt geheel aan de aandacht van de wethouder ontsnapt te zijn. Een goede reden om het nogmaals onder de aandacht van raad en college te brengen en in stemming te brengen. Ik zal hem dus ook nog een keer voor u voordragen. Het betreft een coronastimuleringspakket en wij stellen voor om Bliekenbonnen uit te geven aan huishoudens met een inkomen tot 120% van het minimum, die alleen in Gorinchem besteed kunnen worden, de waarde van deze bonnen in overeenstemming te brengen met de ondersteuningswaarde voor de ondernemers en bij de uitvoering afspraken te maken met Avres, om te voorkomen dat de waarde van de Bliekenbonnen gekort wordt op een eventuele uitkering.
Dat een coronastimuleringspakket van grote waarde voor de economische overlevingskansen van de plaatselijke ondernemers kan zijn, is duidelijk. Dat met een coronastimuleringspakket ook andere doelgroepen geholpen kunnen worden is misschien wat ingewikkelder, of wat minder voor de hand liggend, maar wel mogelijk. We constateren dat Gorinchemse ondernemers die niet tot de landelijke ketens behoren behoefte hebben aan ondersteuning en dat ook huishoudens met een inkomen tot 120% van het minimum het moeilijk hebben. Als het mogelijk is om die twee doelgroepen allebei tegelijk te helpen, is dat beter dan de ondersteuning van één doelgroep. Wij denken dat de Bliekenbon – zo noemen we die voucher dan maar – daarvoor mogelijkheden biedt. Eindigen wil ik met de opmerking dat dit voor een college dat, voordat ze college werden, hoog in het vaandel had staan dat ze de hele raad wilden betrekken, voor een oppositiepartij als de onze buitengewoon teleurstellend gedrag is. Wij doen moeite met weinig verwachtingen en worden dan toch nog teleurgesteld. Dat is jammer. Dank u wel. Motie M2: Coronastimuleringspakket De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 25 maart 2021. - Bliekenbonnen uit te geven aan huishoudens met een inkomen tot 120% van het minimum die alleen in Gorinchem besteed kunnen worden;
F - 13
- de waarde van deze bonnen in overeenstemming te brengen met de ondersteuningswaarde voor de ondernemers;
- bij de uitvoering afspraken te maken met Avres om te voorkomen dat de waarde van de Bliekenbonnen gekort wordt op een eventuele uitkering;
- het zou overigens te overwegen zijn om winkels die weinig te lijden hebben van de
coronacrisis zoals Doe het Zelfketens, drogisterijketens en supermarktketens uit sluiten van deze ondersteuning maar dat laten wij graag aan de beoordeling van het college over; en gaat over tot de orde van de dag E.L. Dansen, SP.
De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Schefferlie, Democraten Gorinchem. De heer Schefferlie: Voorzitter, dank u wel. Vanavond zijn wij aangekomen op een voorstel dat eigenlijk gestart is met de noodkreet van lokale ondernemers die best indruk maakte op ons en eigenlijk zijn we nu toe aan het nemen van maatregelen die iets toevoegen op dat wat landelijk gebeurt en ook vooral voorzien in een stuk nood die ons heel duidelijk gemaakt is. Wij hebben goede gesprekken gehad, denk ik, met de ondernemers. Er zijn tal van voorstellen gedaan en hoe langer je erover nadenkt, des te beter beseffen wij in ieder geval dat je juist zo’n regeling moet kiezen die de ernstigste nood eigenlijk ondersteunt. Wij denken in dat verband dat een treffende regeling is bedacht door het college, die hier nu voorligt. We moeten wel oppassen dat die niet bureaucratisch wordt in de uitvoering. In de notitie die erbij zat las ik wat zaken over wat mensen moesten aangeven in de zin van wat ze doen op duurzaamheid, voor de werkgelegenheid, de leefbaarheid, et cetera, en dan denk ik: laten we het simpel houden voor de ondernemers die nu in nood zitten en echt een heel andere focus hebben. Uiteraard moeten we wel goed toetsen van wat er dan is. Het is prachtig dat er partners zijn gevonden, FOWW en IKG, om in een gezamenlijke stichting hier uitvoering aan te geven.
Alleen, als wij inzoomen op de regeling, vragen wij ons af of een maand niet te kort is. Het goeie van het starten met een maand is, denk ik, dat er scherp wordt aangezet om nu een aanvraag te doen als die nood er ook inderdaad is. Daarmee krijgen wij een goede blik op wat de behoefte feitelijk is, maar ik denk ook dat de komende weken nog aanleiding kunnen geven tot nood die echt niet meer te houden is en daarom hebben wij een motie ingediend die ervoor pleit om ervoor open te staan en ruimte te bieden aan het college om deze regeling te verlengen en daar natuurlijk wel met de stichtingpartners in overleg over te gaan, want we gaan er niet meer alleen over nu we zo mooi samenwerken. Waar de motie ook in voorziet, is een hardheidsclausule, omdat het kan zijn dat er goed gemotiveerde voorbeelden zijn in bijzondere omstandigheden die voor een ander bedrag pleiten dan 5000 euro. Ook dat is een reden voor onze motie. Wij hopen van harte dat die brede steun krijgt. Ik denk dat op die manier deze maatregel nog beter wordt. Wij hebben goed vertrouwen in wat het college daaromheen nog oppakt, meer op de lange termijn gericht. Zo hebben we twee sporen waarin volgens mij wel degelijk goed gebruikgemaakt is van de sessies die hieraan vooraf zijn gegaan en alle mooie contacten met de ondernemers.
Dus ja, ik denk dat we op die manier onze invloed als gemeente goed pakken en vooral ook die morele steun laten voelen die natuurlijk net zo belangrijk is: hoe gedragen wij ons, hoe communiceren we, et cetera, in de support aan ondernemers die het moeilijk hebben?
F - 14
Ten slotte geef ik ook maar meteen onze reactie prijs op de motie van de SP. Zoals zo vaak, klinkt het wel sympathiek, maar wij vinden dat we ons nu moeten focussen op de ondernemers. Een Bliekenbon voor bijvoorbeeld minima die breed besteed kan worden komt niet per se terecht bij de ondernemers waar het precies om gaat, namelijk die in nood verkeren. Daarom denken wij dat wij veel liever het geld gebruiken voor de regeling zoals die nu bedacht is en een eventuele verlenging daarvan. Dank u wel, voorzitter. Motie M5: Noodfonds voor ondernemers De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 22 april 2021. Indieners stellen de volgende motie voor: a) de gemeenteraad spreekt de bereidheid uit mee te werken aan de verlenging van de looptijd indien de noodzaak bij ondernemers daar aanleiding toe geeft; b) en roept het college op de partners (IKG en FOWW) in de ‘Stichting Economische Ontwikkeling Gorinchem’ te bewegen om mee te werken aan een eventuele verlenging en het hanteren van een hardheidsclausule t.a.v. bijzondere gevallen waarin een hoger bedrag dan € 5000 toegekend kan worden. P.C.J. Schefferlie, Democraten Gorinchem, B.C.S. Bahlmann, Stadsbelang J.C. Oostrum, PvdA L.A. Onvlee, CDA.
De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Hassouna van D66. De heer Hassouna: Dank u wel, voorzitter. Laat ik positief beginnen. Datgene waar de ondernemers voornamelijk om gevraagd hebben, en dat is simpelweg het heropenen van hun winkels en etablissementen, gebeurt mondjesmaat, zij het met de nodige maatregelen, maar versoepelingen komen eraan, dus er is weer licht aan het eind van de tunnel. Wij wensen hen in de komende tijd heel veel succes, om te doen wat zij het liefst doen, en dat is gewoon weer kunnen ondernemen. Dan onze perceptie van de zaken die in de afgelopen twee maanden zijn gebeurd. Daarbij moeten we toegeven dat we eigenlijk buitengewoon teleurgesteld zijn. We zijn teleurgesteld in het raadsvoorstel en in deze uitwerking van het schamele noodfondsje. Het is een te schamel bedrag en een zeer selecte doelgroep, waarbij ook de vraag is hoe willekeur voorkomen zal worden. Wij hadden een grootser plan verwacht met daarin alle elementen die zijn aangedragen gedurende de verschillende sessies die we in de afgelopen tijd hebben gehad. Tijdens de sessies werd ons de impressie gegeven dat we ons mochten uitleven en met ideeën op de proppen mochten komen over hoe wij en de ondernemers dachten dat we de lokale economie een boost konden geven. Volgens ons dachten de ondernemers ook aan een grootser plan.
De ondernemers van Hartje Gorkum hadden een bedrag gevraagd van tegen een miljoen euro, verdeeld over de ondernemers in Gorinchem, waarvan een gedeelte door crowdfunding zou moeten worden opgehaald, maar toch. U komt nu met een noodfonds aanzetten van een ton, dat de ondernemers met wie wij gesproken hebben eigenlijk ook niet helpt, terwijl zij aangaven dat het water hun tot aan de lippen stond. Bij dit raadsvoorstel zien wij ook dat de ondernemers van IKG betrokken zijn geweest en de Stichting FOWW, maar is Hartje Gorkum ook geconsulteerd hierover? Is bijvoorbeeld gesproken met de vertegenwoordiger die van de Zeepkist gebruik heeft gemaakt?
F - 15
Dan terug naar de ideeën die wij hebben opgehaald samen met de ondernemers, maar ook in separate sessies met de raadsleden. Sommige ideeën spraken meer tot de verbeelding dan andere, van een warenhuis Gorinchem tot inzetten op marketing, de bonnen voor de minima, kwijtschelding van gemeentelijke belastingen en heffingen, inzet op innovatie, et cetera. We hadden grootse ideeën, we mochten er zelfs over stemmen in een Mentimeter, maar wij zien niets van dit alles terug in dit voorstel , terwijl beloofd was om terug te komen met een overzicht en uitwerking van alle bedachte keuzemogelijkheden, die we in de raad zouden kunnen toetsen op impact, financials en haalbaarheid. Een soort van à la carte-menukaart met verschillende gerechten en met een aanbeveling vanuit het college. Op basis daarvan zouden we daar verder over debatteren in de raad en een en ander kunnen concretiseren, om te kijken hoe we de ondernemers zo goed mogelijk zouden kunnen ondersteunen. Wij gaven destijds aan dat we het op dat moment nog onvoldoende konden beoordelen, simpelweg omdat we nog niet alle informatie hadden. De SP werd verzocht de motie te bewaren tot de volgende raadsvergadering, juist omdat er dan een volledig overzicht zou worden gepresenteerd. Dat is niet gebeurd, terwijl het college alle tijd heeft gehad, en dat is teleurstellend.
Het is naar onze mening een zeer opmerkelijk proces geweest, met als sluitstuk een toch wel slap aftreksel. Het spijt me om dit te moeten zeggen. Wij merken een gebrek aan omgevingssensitiviteit en een bepaalde sense of urgency om de handen op elkaar te krijgen. Ondanks het schamele voorstel zijn wij toch voornemens om ermee in te stemmen in het kader van “alle kleine beetjes helpen”. Maar in lijn met de voorgestelde ideeën tijdens de ophaalrondes willen wij toch komen met alternatieven. Daarom hebben wij twee moties voorbereid, die mede worden ingediend door Gorcum Actief en ChristenUnie/SGP. De eerste motie heeft als titel ‘Verkenning (gedeeltelijke) kwijtschelding gemeentelijke belastingen en heffingen’. Die titel behoeft niet veel uitleg. De regeling in het raadsvoorstel biedt alleen verlichting aan ondernemers die tussen wal en schip dreigen te raken. Maar ook ondernemers die duidelijk geraakt zijn door corona en wel gebruik hebben kunnen maken van de landelijke steunmaatregelen hebben een noodkreet geslaakt en zijn in financiële moeilijkheden geraakt, waarbij zij hebben moeten interen op reserves, zoals het spaarpotje voor de oude dag, of leningen hebben moeten aangaan.
Wij willen hen een financieel lichtpunt meegeven door te onderzoeken of enkele gemeentelijke belastingen en heffingen die door de coronapandemie bij nader inzien niet opportuun worden geacht, denk aan een parkeervergunning, OZB…. De voorzitter: Mijnheer Hassouna, even. Dit wordt wel een heel lang exposé. Ik verzoek u af te ronden, want er zijn ook nog sprekers na u. De heer Hassouna: Uiteraard. Dus om hen enige armruimte te geven en uiteraard dienen de financiële haalbaarheid en impact goed te worden beoordeeld voordat een dergelijk initiatief kan worden uitgevoerd. Het college wordt daarom verzocht een voorstel te doen aan de gemeenteraad vóór het zomerreces. Ik hoop dat u allen deze motie steunt, zeker omdat het slechts om een verkenning gaat. Dan hebben wij nog een tweede motie, met de titel ‘Sterker uit de crisis door innovatie’, eveneens mede ingediend door Democraten Gorinchem en ChristenUnie/SGP. Zoals eerder aangegeven, vinden wij het huidige raadsvoorstel te beperkt en willen wij, optimist als wij zijn, alvast naar de toekomst kijken. Daarom willen wij het noodfonds voor F - 16
ondernemers ook uitbreiden met een impuls om innovatie mogelijk te maken. Wij verzoeken het college dan ook het noodfonds breder in te zetten voor ondernemers die sterker uit de crisis kunnen komen door te investeren in innovatie en daarmee in bedrijven en banen van de toekomst, om hen zodoende weerbaarder te maken in een snel veranderende wereld en dus nieuwe verdienmodellen mogelijk te maken en de toekomstige economische ruggengraat van onze gemeente veilig te stellen. Wij nodigen iedereen uit daaraan mee te werken en te zorgen voor een goed, snel en transparant proces om de beste voorstellen te honoreren. Zo plukken we ook met z’n allen de vruchten van publieke investeringen. Ook hier hopen wij op uw steun voor innovatie. Dank u wel, voorzitter. Motie Mijnheer3: Verkenning (gedeeltelijke) kwijtschelding gemeentelijke belastingen en heffingen De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 22 april 2021. Indieners stellen de volgende motie voor: a) de gemeenteraad spreekt de bereidheid uit om ondernemers een financieel lichtpunt mee te geven en verzoekt het college om te verkennen of enkele gemeentelijke belastingen en heffingen (bijvoorbeeld parkeervergunning) die door de COVID-19 pandemie bij nader inzien niet opportuun worden geacht (gedeeltelijk) kwijt te schelden; b) en met een voorstel te komen voor het zomerreces.
Motie Mijnheer4: Sterker uit de crisis door innovatie De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 22 april 2021. Indieners stellen de volgende motie voor: a) de gemeenteraad spreekt de bereidheid uit om het noodfonds voor ondernemers die dreigen tussen wal en schip te vallen uit te breiden met óók een impuls om innovatie mogelijk te maken; b) en verzoekt het college om het noodfonds ook breder in te zetten voor ondernemers die sterker uit de crisis willen komen door te investeren in innovatie en daarmee in de bedrijven en de banen van de toekomst, om hen zodoende weerbaarder te maken in een snel veranderende wereld.
De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Bahlmann van Stadsbelang. De heer Bahlmann: Dank u wel, voorzitter. Stadsbelang is verheugd dat na de sessies met de Gorinchemse ondernemers en de Gorinchemse gemeenteraad het college met een raadsvoorstel komt om een noodfonds in te stellen voor ondernemers die ondanks de vele landelijke en lokale ondersteunende maatregelen alsnog tussen wal en schip geraken. Ons inziens is het voorstel nog iets scherper te maken en daarom heeft Democraten Gorinchem een motie ingediend die extra mogelijkheden biedt, een langere looptijd van deze regeling en het hanteren van een hardheidsclausule voor bijzondere gevallen waarmee een hoger bedrag dan 5.000 euro toegekend kan worden, die wij mede indienen. Met betrekking tot de andere moties wachten we de reactie van wethouder Van der Geest af. Ik wil ook nog reageren op het verhaal dat de heer Hassouna net aangaf. We hebben volgens mij in de sessies hiervoor besproken dat we eerst dit zouden doen en later met andere maatregelen zouden komen. Wat de heer Hassouna zojuist heeft gezegd is dus eigenlijk niet volledig waar. We hadden afgesproken eerst dit af te handelen en op een later moment verder te gaan. Dank u wel, voorzitter.
F - 17
De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Breemen, GroenLinks. De heer Van Breemen: Dank u wel, voorzitter. Zoals de heer Bahlmann aan het eind van zijn bijdrage aangaf, is dit een eerste maatregel die voortkomt uit de gesprekken tussen de stad, of eigenlijk de ondernemers, en de raad, die vorige maand geïnitieerd zijn na de brandbrief van de ondernemers. Het is fijn dat het het college gelukt is om in ieder geval dit noodfonds zo snel van de grond te krijgen, fijn in die zin dat het snel is na de actie die de gemeenteraad en de ondernemers hebben gedaan, maar we zijn nu wel een jaar verder in de coronacrisis. Maar goed, een noodkreet en een actie van raadsleden helpt blijkbaar toch en dan is er nu redelijk snel een noodfonds gereed gekomen. Je kunt er allerlei vraagtekens bij hebben: het is een klein potje, is het niet erg bureaucratisch en moet je het niet juist heel toegankelijk maken? Nou, die twijfels hebben sprekers voor mij al genoemd, en die deel ik wel, maar in dit geval is het in ieder geval ook iéts. Wij zijn erg blij dat het gelukt is de samenwerking te zoeken met partners in de stad, zoals FOWW. Daarmee is dit noodfonds een eerste druppel op een gloeiende plaat, die op den duur hopelijk af gaat koelen, want voor ondernemers is dit natuurlijk niet genoeg.
Dit noodfonds gaat om een groep ondernemers die tussen wal en schip vallen, maar er is meer nodig, voor alle ondernemers, om het hoofd boven water te houden, vooral op de langere termijn. Dit is, zeg maar, het noodverband, maar gelukkig heeft de wethouder ook aangegeven snel de andere voorstellen te zullen uitwerken. Eigenlijk is GroenLinks dan ook vooral benieuwd naar de uitwerking van die andere voorgestelde maatregelen, waarover we gisteren nog een memo kregen, waar helaas alleen in stond ‘zo snel mogelijk’. Wij zijn wel benieuwd naar een wat concreter tijdpad. Bij de uitwerking van die maatregelen is wat ons betreft het devies snelheid en zorgvuldigheid. Dat zijn de kernwaarden. Om een tweede termijn te voorkomen zou ik meteen de moties even willen doornemen. De motie van de SP vind ik erg sympathiek. In tegenstelling tot de heer Schefferlie denk ik dat ook ondernemers beter worden van deze maatregel en dus snijdt dit mes aan twee kanten. Ik ben dus erg geneigd om er vóór te zijn, maar wellicht heeft wethouder Van der Geest dadelijk een argument waardoor ik dat niet meer ben. Voorlopig ben ik er echter voor. De motie van de coalitie vindt GroenLinks een beetje een overbodige en bijzondere motie.
Wij nemen aan dat het college bij welke noodzaak dan ook aan de bel trekt, dus ook als het gaat om het noodfonds dat te kort of te klein blijkt en wij nemen ook aan dat, als er meer budget nodig is, het college wel naar de raad toe komt. Maar blijkbaar vinden de coalitiepartijen het toch nodig om dit vast te leggen in een motie. Dus laten we dat dan maar doen. Zij vinden het blijkbaar nodig en wie kent het college beter dan de coalitie? Dan de twee moties van D66. De motie ‘kwijtschelding gemeentelijke belastingen’ lijkt me goed om te onderzoeken, hoewel ik denk dat al deze maatregelen nog terugkomen, dus ook deze. De motie over innovatie begrijp ik, maar vind ik wel echt voor een heel andere doelgroep. Daarom zou ik zeggen: laten we die betrekken bij het vervolgpakket dat wethouder Van der Geest en zijn team van ambtenaren aan het uitwerken is. Tot zover, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Onvlee, CDA.
F - 18
De heer Onvlee: Dank u wel, voorzitter. Het raadsvoorstel dat we bespreken is echt met stoom en kokend water tot stand gekomen. We hebben misschien wel eens het idee dat de overheid, de gemeente, bureaucratisch handelt, maar in dit geval wil ik graag een compliment geven voor de manier waarop dit voorstel snel en adequaat binnen anderhalve maand tot stand is gekomen. Een compliment ook aan de twee partijen die concreet in het voorstel worden genoemd, FOWW en IKG, voor de medewerking die zij gaan verlenen, FOWW concreet met geld, IKG met praktische ondersteuning. Het laat zien dat we daadkrachtig kunnen zijn als gemeente, als we met elkaar ook echt iets willen. Eerder is al gesproken over de voorwaarden die eraan vastgekoppeld zijn, maar laten we vooral met elkaar aan de slag gaan. De motie die is ingediend met betrekking tot het bedrag en die periode laat dat vooral zien: ga gewoon lekker aan de slag en zie het vooral als een stimulans om dit noodfonds vooral te activeren. In de bijgevoegde memo’s kunnen we lezen dat er heel veel gaat gebeuren. Ook daarvoor een compliment, maar vooral ook de vraag om dit met hetzelfde enthousiasme en power als dit raadsvoorstel op te pakken, juist om die ondernemers te helpen, zodat ze snel weer goed kunnen ondernemen. Dan de moties.
De motie over de Bliekenbon is zeker sympathiek, maar mijn onderbuikgevoel zegt me ook dat het misschien wel weer naar partijen gaat die het goed hebben. Dus ik vind de gedachte sympathiek, maar de uitvoering wat minder logisch. Zo op het eerste oog heeft het daarom niet mijn voorkeur. Door D66 zijn twee moties ingediend. Wij hebben niet het idee dat de motie over innovatie bijdraagt aan dit pakket. Misschien is het meer een rijksmaatregel dan dat wij er als lokale partij veel geld voor beschikbaar moeten stellen, waarmee ik overigens niet beweer dat het daarmee minder belangrijk is. Ik ben ook benieuwd hoe het college hierop reageert. Tot slot de motie over de heffingen. Ik zie daar niet veel ruimte in, ook omdat wij al tijdens de I&O wat informatie hebben ontvangen over wat dat betekent. En overigens worden terrasheffingen al niet meer geïnd. Wat dat betreft gebeurt daar ook al heel veel in. Wat ons betreft moeten we nu snel met dit voorstel aan de slag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Wientjes, VVD. De heer Wientjes: Dank u, mevrouw de voorzitter. Het lijkt erop dat we voorzichtig kunnen gaan aannemen dat de pandemie aan het uitdoven is, voorzichtig, maar toch een beetje. Na deze pandemie zal de wereld er echter wel wat anders uitzien.
Hoé die eruitziet is waarschijnlijk heel lastig te voorspellen, maar één ding is zeker: dat we economisch uit een zeer diep dal omhoog zullen moeten kruipen. Vanuit Den Haag is een heel breed en goed werkend steunpakket opgezet. Dat hoor ik als ik met ondernemers praat, niet alleen hier in de stad, maar ook elders. Er zijn ondernemers die claimen dat ze daar geen gebruik van kunnen maken. ‘Tussen wal en schip’ is dat gaan heten in dit verhaal. Voor ons als politiek lijkt me dat erg lastig te beoordelen, dus enige voorzichtigheid is daar op z’n plaats. We moeten niet vergeten dat wij met publieke middelen werken, die we in dienen te zetten voor het publieke belang, dus niet dat van een individuele ondernemer. Dat dienen we heel goed in het oog te houden bij de beoordeling van de aanvragen die zouden kunnen komen. Wij zijn geen bankier voor bedrijven, wij mogen geen directe steun geven aan bedrijven en we moeten additioneel zijn: als iemand anders het kan, moeten wij het F - 19