CConstaterende datGorinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

20230629 Concept verslag raadsvergadering

Raadsvergadering 28 september 2023, gemeente GorinchemBij agendapunt: HAMERSTUK Vaststellen notulen voorgaande raadsvergadering en parallelsessies36.465 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Daarom lijkt het me een goed voorstel om een evaluatie uit te voeren, zoals al een paar keer is geopperd, al vind ik één jaar daarvoor wel erg kort, want dan ben je nog maar net bezig en moet je alweer evalueren. Ik zou het liefst zien dat we dat na anderhalf jaar doen, maar een evaluatie lijkt me hoe dan ook een goed plan, want dan weten we ook waar we staan en dan kunnen we ook weer kijken of er al dan niet reden is om de verordening nog aan te passen. Kijkend naar de verordening, denk ik dat een heel groot deel van de begripsverwarring schuilt in het feit dat de verordening is gericht op de exploitanten, de uitbaters. Bij heel veel voorbeelden gaat het, zoals we vanavond ook bij de Zeepkist hebben gezien, over gebruikers, maar het gaat in deze verordening over de exploitanten, de uitbaters. Ik vond het heel mooi in het proces dat we op aangeven van de heer Van Willigen van Democraten Gorinchem ook goed overleg hebben gevoerd met de verschillende maatschappelijke organisaties en verenigingen. Dat heeft in het stadhuis plaatsgevonden, de zaal was afgeladen vol en eigenlijk was ‘overall’ het signaal: ga nou niet teveel beperkingen opleggen, wat willen jullie nou eigenlijk? Dat is een hele mooie vraag, want uiteindelijk gaat het erom: wat willen wij nou als gemeente? We willen beleidsdoelen bereiken.

Ik heb net al aangegeven: oneerlijke concurrentie willen we niet met de commerciële horeca en we willen verantwoord alcoholgebruik. Ten aanzien van dat verantwoord alcoholgebruik hebben ze gezegd: ga nou niet een regel opstellen van ‘sterke drank mag niet meer’, want ja – ik noem maar even de voetbalverenigingen –, we hebben een aantal wat oudere mannen hier rondlopen, die drinken na afloop even een borreltje en dan mag dat opeens niet meer, dat is wel ongelooflijk betuttelend. Toen dacht ik: ja, daar heb je wel een punt, maar tegelijkertijd hadden we allemaal wel zoiets met elkaar van “ja, maar dat verantwoorde alcoholgebruik willen we wel, we willen niet dat de jeugd zomaar aan de sterke drank komt te zitten”. Dus we hebben gezegd: nou, daag ons uit, laten we daar met elkaar over in gesprek gaan. Intern hebben we al afgesproken dat we een bijeenkomst gaan organiseren vanuit het sociaal domein. We gaan met die verenigingen in gesprek om te komen tot verantwoord alcoholgebruik. Dat er iets moet gebeuren op dat terrein, weten F - 58

we ook, dat hebben we in eerdere sessies met elkaar gedeeld, want als je kijkt naar de handhaving bij de sportverenigingen met betrekking tot het alcoholgebruik, dan kan daar toch echt nog wel een tandje bij. Maar het is mooi dat men de handschoen op wilde pakken, vandaar dan ook dat we dat met elkaar gaan doen, en dan heb ik als portefeuillehouder in ieder geval niet de behoefte om nu allerlei regels te stellen, want we moeten terug naar dat doel, het doel van deze verordening. De SP begon haar bijdrage met de opmerking dat het wel lijkt alsof wij hier de rijdende rechter spelen, maar dat is helemaal niet het geval. De raad is gewoon verplicht bij verordening regels te stellen en vervolgens gaan we daarmee gewoon in de praktijk met elkaar aan de slag. Door Stadsbelang heb ik vanavond toch weer Rotterdam horen noemen, waarbij het ‘verlaatje’ in de context wordt geplaatst van de vraag of iets wel of niet mag, of iets in commerciële zin nu wel of niet toestemming krijgt. Het ‘verlaatje’ richt zich op de sluitingstijden en voor die sluitingstijden kon al te allen tijde een ontheffing worden aangevraagd, en die verstrek ik ook regelmatig. Dus laten we in die context het ‘verlaatje’ in ieder geval niet benoemen. Het gaat nu namelijk over toestemming voor zes bijeenkomsten van persoonlijke aard, of derden, om dan alcohol te mogen te mogen verstrekken.

Dan de vraag van de VVD wanneer iets commercieel is en wanneer niet. Dat moeten we per geval beoordelen. Dat kun je niet zomaar met een schaartje knippen, het is niet van “maak maar een lijstje, en dan zijn we er wel uit”. Het hangt af van de omstandigheden. Wordt men gedreven door een winstoogmerk, dan is het al vrij snel iets commercieels. En is het vrij voor publiek toegankelijk? Entreegelden hoeft niet per definitie te betekenen dat het iets commercieels is. Het kan zijn dat een vereniging zegt: we hebben een verenigingsactiviteit, je mag een introducé meenemen, maar die moet wel betalen. Wordt het daarmee commercieel? Dat denk ik niet. Daarom is het denk ik ook van belang dat we in de verordening de meldingsplicht hebben opgenomen, zodat je met elkaar om tafel gaat zitten om te kijken wat de bedoeling is en of het een commerciële activiteit betreft of niet. Maatschappelijke activiteiten dragen bij aan de maatschappij, commerciële activiteiten zouden dat ook kunnen doen, maar dat is niet vanzelfsprekend en in elk geval is daar dus sprake van een winstoogmerk. De voorzitter: Interruptie de heer Van Santen. De heer Van Santen: Ik hoorde de portefeuillehouder zeggen dat het een stukje maatwerk is en dat we per geval gaan bekijken of het commercieel is of niet.

Maar hoe ga je dat dan wegen, wat is het afwegingskader dat je daarvoor gaat gebruiken? Want je wordt waarschijnlijk frequent gebeld, misschien voor handhavingsverzoeken. Ik weet niet hoe dat gaat in de praktijk, maar ik ben wel benieuwd: als je het per geval gaat bekijken, hoe ga je dat dan toetsen? De burgemeester: Dat heeft enige mate van subjectiviteit in zich. Als ik tegelijkertijd ook gewoon even naar de praktijk kijk, zie ik over het algemeen echt wel een heel duidelijk onderscheid of men geld wil verdienen, of dat men het doet om een maatschappelijke bijdrage te leveren. Daarom is, denk ik, ook die periode van anderhalf jaar zo mooi. Stel dat er twijfels zijn, dan ben ik meestal wel van de rekkelijke en niet F - 59

zozeer van de precieze, geef ik het voordeel van de twijfel en denk ik: laten we kijken hoe we daarmee omgaan met elkaar. Nogmaals, het is gewoon niet met een schaartje te knippen. Bij andere gemeenten heb ik lijstjes gezien van: dit is commercieel en dit niet, maar de praktijk is veel weerbarstiger dan die lijstjes, want altijd staat er weer net iets niét in en zul je toch weer in overleg moeten met een partij om te kijken of het wel of niet commercieel is. Ik wil ik dan toch even weer refereren aan die doelen. Het gaat om het voorkomen van oneerlijke concurrentie. De heer Van Willigen: Voorzitter, mag ik een vraag aan de heer Van Santen stellen? De voorzitter: De heer Van Willigen. De heer Van Willigen: Meneer Van Santen, u noemde elke keer ‘commercieel’, vindt u het ook commercieel als een vereniging met een activiteit geld probeert binnen te krijgen om de verenigingskas te spekken, waardoor wij als gemeente bijvoorbeeld minder subsidies zouden hoeven verstrekken? Even over hoe weerbarstig de praktijk is, want dit is toch wat we aanmoedigen? Of moedigt de VVD dat niet aan? Geeft u liever subsidies en zegt dan: maar alles moet wel gratis zijn? De voorzitter: Helder. De heer Van Santen.

De heer Van Santen: Ik zit even te denken waarom de heer Van Willigen dat aan mij vraagt, want wij proberen juist die duidelijkheid te verkrijgen: waar zit nou die scheidingslijn? Naar die scheidingslijn ben ik op zoek, ik heb die wijsheid juist niet in pacht. Ik heb wel het idee dat, als wij de verenigingen willen helpen, dit inderdaad een middel is om dat te doen. Als dat dan minder subsidie kost, zou dat mooi zijn. Maar aan de andere kant moeten wij de verenigingen daarmee helpen, dus ik ben juist zelf op zoek naar die scheidingslijn. Ik heb die wijsheid niet, daarom vraag ik het ook en snap ik niet waarom u dit aan mij vraagt. De heer Van Willigen: Ik vraag het aan u, omdat u er de vinger op legt. U blijft maar zoeken naar ‘commercieel’, alsof dat vies zou zijn. De voorzitter: Meneer Van Willigen, de vraag was helder en het antwoord van de heer Van Santen was dat hij op zoek is naar die scheidslijn. De burgemeester. De heer Van Santen: Voorzitter, toch heel even. Ik weet dat het aantal interrupties beperkt is, maar dit is nu net de essentie. Het is niets vies of zo, maar we gaan kijken wat we kunnen en wat we willen beogen met deze verordening. Als er dan zaken zijn die misschien ver van het beoogde doel staan en we dat met een eerste lijstje al kunnen onderscheiden, zou dat mooi zijn en zo voorkom je misschien wel dingen, maar tegelijkertijd wil je ook ruimte geven.

Die scheidingslijn is juist heel cruciaal in dit verhaal, en daarover willen we wat meer weten. Is de burgemeester bereid om, los van dat maatwerk, in eerste instantie een soort ruwe scheiding aan te brengen van wat dan wel en wat niet? Want als we straks, zoals de heer Krol terecht zei, een exploitant krijgen die door derden wordt benaderd en dan gaat hoppen tussen de gebouwen door, weet ik het, en er een commercieel feest van maakt, dan hebben we misschien heel wat anders dan wat we hier beogen met elkaar. F - 60

De burgemeester: Als het maar enigszins mogelijk zou zijn om zo'n lijst te maken, zou ik onmiddellijk die toezegging doen, Alleen, we gaan met elkaar een schijnwerkelijkheid creëren, want er zijn altijd weer zoveel nuances te bedenken dat je met elkaar in overleg moet over commercieel of niet. Die duidelijkheid is er gewoonweg niet. Die hebben andere gemeenten ook niet. Het is echt een schijnwerkelijkheid waar we dan met elkaar in zitten. De achterliggende gedachte bij u is, dat denk ik tenminste, dat u niet wilt dat de commerciële horeca benadeeld wordt. We hebben natuurlijk al de nodige beperkingen in deze verordening ten aanzien van de aantallen die wel of niet zouden mogen, en we kijken ook gewoon heel kritisch mee, als er een melding wordt gedaan, van: is het nu wel of niet commercieel? Ik denk dat dat al voldoende aanleiding is om niet maar willekeurig megaveel commerciële feesten in maatschappelijke accommodaties te faciliteren. Mocht ik echt tegen problemen aanlopen, dan wil ik daar best met u nog eens het gesprek over aangaan. Maar ik denk dat we daar in de praktijk wel uit zullen komen, dat leert de ervaring in ieder geval, en anders komt u eens een keer een kopje thee drinken met mij na een halfjaar, dan vertel ik u even wat de stand van zaken in de praktijk is.

De heer Van Santen: Blijkbaar wilt u dus al na een halfjaar een evaluatie in plaats van na de anderhalf jaar die u eerder noemde. De voorzitter: Meneer van Santen, volgens mij hebt u antwoord op uw vraag gekregen. De heer Van Santen: Dat klopt, ja. De burgemeester: De evaluatie volgt over anderhalf jaar, maar iedereen die dat wenst kan met mij een kopje thee drinken, en dan vertel ik u, want ik heb geen enkel geheim, ook niet op dit terrein, wat op dat moment de stand van zaken is. De heer Van der Geest: Een suggestie over die evaluatie. We hebben ook nog een preventie- en handhavingsplan alcohol dat over ongeveer anderhalf jaar afloopt. Ik zou de suggestie willen meegeven aan de portefeuillehouder om die twee samen te evalueren. De burgemeester: Dat vind ik een hele mooie suggestie, en dat bevordert ook het integrale denken. Dank u wel. Dan de vraag van ChristenUnie/SGP of een afspraak gemaakt zou kunnen worden voor de training verantwoord alcoholgebruik. Het is zo dat vrijwilligers binnen een vereniging alleen mogen optreden als ze een instructie verantwoord alcoholgebruik hebben gevolgd. Dus dat gebeurt al. Bij de commerciële horeca is die eis nog wat strenger, want daar moet men een verklaring sociale hygiëne hebben.

De instructie verantwoord alcoholgebruik ligt in ieder geval al bij de verenigingen en ik heb net al aangegeven dat wij met de verenigingen de afspraak hebben gemaakt dat wij over het doel van verantwoord alcoholgebruik verder met elkaar in gesprek zullen gaan, omdat zij het belang gelukkig zien, en wij zien dat belang ook. Ik heel benieuwd wat daaruit komt. Het is in ieder geval belangrijk dat we daarmee aan de slag gaan. Dit sluit ook aan op de opmerking van het CDA met betrekking tot NIX 18. Het is een wettelijke taak dat wij moeten handhaven, dat willen wij als college ook serieus nemen, dus dat gaan wij doen.

F - 61

Dan ga ik naar de amendementen, allereerst het amendement ‘Voldoende bijeenkomsten paracommercie’. Het gaat over acht bijeenkomsten. Het is eerder al door een aantal sprekers gezegd en ik ben er daarnet ook mee begonnen: ik zou heel graag gewoon de balans willen hebben in dit voorstel. We gaan van een totaalverbod nu naar zes mogelijkheden. De commerciële horeca heeft bij monde van Koninklijke Horeca Nederland afdeling Gorinchem aangegeven dat zij maximaal drie ziet zitten, dus we zitten er al drie boven. En dan denk ik in alle redelijkheid: laten we voor zes gaan. Dan ten aanzien van het toevoegen van artikel 6, 6de lid, “De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden, in relatie tot de activiteiten van die rechtspersoon, ontheffing verlenen van het bepaalde in lid 1”. Het is overbodig om dat op te nemen, omdat op grond van artikel 4, 4de lid van de Alcoholwet de burgemeester reeds bevoegd is om ontheffing te verlenen van de regels gesteld in de verordening. Het opnemen van een zelfstandige ontheffingsbevoegdheid voegt daarmee dus niets toe. Het amendement ‘Zien drinken doet drinken’ gaat over het verbieden van het verstrekken van een alcoholhoudende drank tot een uur na een jeugdactiviteit. Dat amendement ziet dan op een verbod voor de gehele paracommercie. Ik ben daar geen voorstander van, omdat ik vrees dat we in de uitvoering tegen hele lastige situaties zullen oplopen.

Als ik bedenk dat het bij sportactiviteiten toch wel onderdeel van de cultuur is – denk maar aan de uitdrukking ‘de derde helft’, dan vind ik dat we echt op moeten letten met alcoholgebruik. Kijk ik naar jeugdactiviteiten, dan stel ik me voor dat er heel veel accommodaties zijn met meerdere zalen: er is ergens een jeugdactiviteit, je hebt een centrale bar en er zijn ook volwassenenactiviteiten. Wanneer mag je dan wel wat schenken en wanneer niet? Je verbiedt het dan voor iedereen en dat vind ik ingewikkeld in de uitvoering. Ik denk ook dat bij dat soort gelegenheden de sociale controle wat sterker is en ook alcoholgebruik iets minder usance is dan bij bijvoorbeeld sportverenigingen. Het amendement ‘Ontspannen’. Ik heb net al het een en ander aangegeven ten aanzien van de bevoegdheid van de burgemeester. En dan hebben we nog het onderdeel van het toestaan om verschillende middelen openlijk aan te prijzen en onder de aandacht te brengen. Een van de doelen van de verordening is het tegengaan van oneerlijke concurrentie jegens de commerciële horeca. Dan achten wij het als college gepast om paracommerciële instellingen niet te laten adverteren als waren ze commercieel, want we moeten de indruk richting de gemeenschap voorkomen dat men dit gaat zien als een commerciële locatie.

Bovendien kan adverteren best wel een aantrekkende werking hebben en zou het ook maar zo kunnen dat bezoekers bij de reguliere commerciële horeca weggetrokken worden, en dat lijkt ons niet verstandig. Het moet dan toch wel gaan om wat kleinere bijeenkomsten en juist dat aanprijzen zou die oneerlijke concurrentie kunnen vergroten. De heer Van Houwelingen: Publicatie is nu helemaal verboden, maar is dat ook zo strak dat het geven van een melding in eigen ledenbladen, op eigen platforms en in social media niet is toegestaan? Ik zie dat niet als een commerciële reclame-uiting. De burgemeester: Ik denk dat we hier wel even een onderscheid moeten maken. Zoals ik al eerder zei, richt deze verordening zich op de exploitanten. Van hen verwacht ik niet dat ze opeens allerlei activiteiten van derden gaan aanprijzen. Die derden kunnen natuurlijk wel zelf reclame maken, maar niet vanuit de maatschappelijke accommodatie. F - 62

De heer Krol: Voorzitter. Ik zou de portefeuillehouder graag nog een vraag willen stellen naar aanleiding van haar advisering over het amendement ‘Zien drinken doet drinken’. De voorzitter: Ga uw gang. De heer Krol: Als motivatie geeft u aan dat onder andere de handhaafbaarheid heel erg complex zou zijn. Nu zie ik wel meer onderdelen in de verordening waarbij handhaving best een uitdaging zal zijn, maar kan zo’n amendement uiteindelijk niet ook een signaalwaarde hebben, dat het ook een stuk richting geeft in hoe wij als gemeentebestuur kijken naar het belang om alcoholmisbruik te voorkomen en ook, nou ja, het moment waarop jeugd in aanraking komt met alcohol in ieder geval als het aan ons ligt zo ver mogelijk uit te stellen? De burgemeester: Mijn wederwoord zou zijn: laat ik dit vraagstuk dan eens meenemen in het gesprek dat we gaan voeren met de verenigingen, dat wij dus zien dat er soms een samenloop van activiteiten is, en hoe gaan we nou voorkomen dat jongeren niet gaan drinken, zonder tegelijkertijd de volwassenen te beperken? Het lijkt me goed om dat mee te nemen. De voorzitter: Dank u wel. Ik heb sterk de indruk…, nee, ik zie mevrouw Metz toch nog even. Ga uw gang. Mevrouw Metz: Dank u wel, voorzitter. Misschien treed ik teveel in herhaling, maar ik wil toch nog even wat duidelijkheid hebben.

Stel je voor dat een vereniging een draaiavond, een kerstavond, noem het maar op, heeft, is dat dan ook niet iets wat ze op hun eigen social media mogen plaatsen? Ik bedoel: elke vereniging heeft misschien een eigen site op Facebook of Instagram, kan het daar ook niet, of mag dat wel? De burgemeester: Het draait allemaal om de vraag: wat staat er in de statuten, wat is de statutaire activiteit van de vereniging en welke activiteiten voor haar leden passen daarbinnen? Die toets moet plaatsvinden. Als zij opeens compleet iets anders gaat doen dan wat in haar statuten staat, dan wordt het ingewikkeld, maar als zij gewoon binnen haar maatschappelijke activiteiten dingen organiseert voor haar leden, is dat natuurlijk geen probleem. De voorzitter: Ik kijk nog één keertje rond. Ik ben nu heel soepel, maar dat doe ik in de hoop dat er geen tweede termijn hoeft te volgen. Mevrouw Alba Heijdenrijk. Mevrouw Alba Heijdenrijk: Nog een kleine vraag ter verduidelijking. We hebben het in B&A vooral gehad over het schenken van sterke drank.

Ik heb u daar net wel iets over horen zeggen in het kader van – dan moet ik nette termen gaan gebruiken! – de oude mannenclub bijvoorbeeld, maar is het dan zo dat op een voetbalvereniging wel sterke drank geschonken kan worden, of zegt u: nee, we houden het ‘sec’ bij, en dan ga ik heel erg in stereotypen praten, de biljartvereniging en dat soort verenigingen, waar de komst van jongeren misschien minder hoog is? De voorzitter: De burgemeester.

F - 63

De burgemeester: Nee. We hebben echt wel stevige gesprekken gevoerd met de vereniging en de organisaties. Er werden termen gebezigd als “wat een betutteling!”, en “waar slaat dit allemaal op?” Eerst heb ik alleen maar geluisterd en aan het eind van de bijeenkomst heb ik geprobeerd het terug te brengen tot het doel: verantwoord alcoholgebruik door jongeren, met de vraag “staan jullie daarachter en willen we daar met elkaar het gesprek over voeren?” Er waren ook verenigingen bijvoorbeeld die geen jeugdleden hebben, onder de 18 kom je daar niet eens binnen, en die kwamen na afloop nog even naar me toe met de vraag “wat is dit voor onzinnige regel?”. Toen dacht ik: ja, wie zijn wij als gemeente om hele specifieke dingen – ik heb net een voorbeeld genoemd, maar dat werd letterlijk daar aangehaald – te verbieden? Waar het om gaat, is verantwoord alcoholgebruik en ik probeer de verenigingen mee te krijgen om met elkaar het gesprek aan te gaan over de manier waarop we het alcoholgebruik onder jongeren kunnen beperken. Misschien kunnen we dan tot afspraken komen. Je hebt bijvoorbeeld vrijwilligers die op een gegeven moment hun taak hebben verricht en dan misschien nog even met elkaar in de bestuurskamer willen gaan zitten om daar een jenevertje te drinken.

Nou, naar dat soort oplossingen ben ik op zoek, in plaats van te verbieden en vervolgens de helft van de tijd niet te handhaven, want we kunnen nu eenmaal niet overal handhaven, maar ik heb dan ook niet meer het goede gesprek met die verenigingen. Geef me dus de kans om met die verenigingen te proberen dat verantwoorde alcoholgebruik vorm te geven. Lukt het niet, dan zien we het na anderhalf jaar bij de evaluatie. De voorzitter: Dank u wel, burgemeester. Ik heb de indruk dat u alle antwoorden en toelichtingen uitvoerig hebt gegeven en hoop dat daardoor geen tweede termijn meer nodig is. Ik kijk eventjes of er toch nog iemand is die het durft. Ik zie de heer Van Houwelingen. Goed, dan open ik de tweede termijn, maar graag heel kort. De heer Van Houwelingen: Ik kan het inderdaad kort doen. Mij is betutteling verweten en daarop wil ik nog even reageren. Kijk, het is een keuze: je geeft ruimte om je kinderen in een omgeving te laten waar gedronken of geschonken wordt, of om even in een alcoholvrije omgeving te kunnen napraten met hun teamgenoten. Het is net waar je dan de prio aan geeft, maar het is niet zomaar ergens op gebaseerd. Het is niet zomaar mijn gevoel, want ook NOC*NSF erkent dit en bepleit het ook. Ik heb niet voor niets met het amendement ook de stukken van het Trimbos-Instituut meegestuurd, waarin het juist gaat over een veilige omgeving, over de sfeer, et cetera.

Daar is het op gebaseerd, dus ik vind het verwijt van betutteling sterk overdreven. Controleren zal lastig zijn, want het gaat uit van gedrag, van fatsoen, en helaas geeft die 10% handhaving niet echt een positief gevoel, maar laten we het beste hopen. Wanneer we nauwelijks kunnen controleren op bijvoorbeeld door rood rijden, of afval dumpen, betekent dat nog niet dat de regels niet goed is. De voorzitter: Ik dacht dat u een korte tweedetermijnvraag had, maar…. De heer Van Houwelingen: Ik ben bij mijn laatste zinnen. Mijn voorstel is om dit aan te houden tot aan de evaluatie van het alcoholbeleid en wat we daar nog meer aan gekoppeld hadden. En dan zou ik graag de mystery guest ook andere paracommercie willen laten aandoen, zodat we ook een goed overzicht hebben van wat daar het schenkbeleid is.

F - 64

Daarmee heb ik, het denk ik, wel gehad, behalve dan dat ik het niet helemaal eens ben met de publicatie, dus ik denk dat ik heel het amendement wel kan schrappen, behalve het stukje publicatie. Dat zou ik graag willen aanpassen in het amendement. De voorzitter: Dus u houdt het amendement aan? De heer Van Houwelingen: Nee, ik ga het stuk van al die extra’s schrappen, want dat was overbodig. Het gaat dus eigenlijk om het stukje publicatie. Commerciële reclame maken willen we verbieden, maar wanneer je als sportvereniging of als buurthuis op je eigen platform of in je eigen ledenblad iets wilt aankondigen, vind ik dat die vrijheid er moet zijn. De voorzitter: Ik verzoek u dat op papier te wijzigen. De heer Van Santen; ook graag kort. De heer Van Santen: Ik doe mijn best, maar u bent wel heel streng, moet ik zeggen. Ik werd daarnet uitgenodigd voor de thee en daar wil ik alleen maar op zeggen dat het heel fijn is, want ik interpreteerde dat ook als een soort half-evaluatie. Maar wat ik wilde zeggen, is het volgende. Kijk, oneerlijke concurrentie, ik hoor ‘niet teveel beperkingen’ , het is een beetje aap uit de mouw van mij, want het gaat nu echt om maatwerk en dan hebben we het over subjectiviteit. Ik snap ook dat niet alles in regels te vangen is, maar laten we dan niet die voorbeelden noemen zoals die er nu staan, want dat zet ons een beetje op het verkeerde spoor.

Dus ik zou willen voorstellen: ontwikkel het beleid verder met learning on the job, ontwikkel dan die toetsingskaders ook verder, zodat je niet afhankelijk blijft van de subjectiviteit. En hoezo kunnen wij niet leren van andere gemeenten daarin? Dat kopje thee over een halfjaar is prima, we willen u best die kans geven, maar we kijken ook uit naar de evaluatie. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Van Santen. Mevrouw Metz. Mevrouw Metz: Dank u wel, voorzitter. Ik wil even aangeven dat we de toevoeging van lid 6 aan artikel 6 die we in ons amendement hadden voorgesteld eruit halen, omdat die overbodig is, zoals de burgemeester heeft toegelicht. De voorzitter: Ik verzoek u dat ook op papier te wijzigen. Mevrouw De Groot. Mevrouw De Groot: Voorzitter. Wij twijfelden over de amendementen van de SP, maar na de lijn van de burgemeester sluiten we daarbij aan en steunen we deze amendementen niet. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van der Geest. De heer Van der Geest: Voorzitter. Alleen de opmerking dat ik inmiddels, net zoals heel veel mensen hier, al geruime tijd bij een vereniging rondloop en ik bijna schrik van de harde knippen en de harde scheidslijn die we willen maken. Zo werkt het echt niet bij een vereniging, of je daar nu lid bent, of bestuurslid.

Laten we ook gewoon vertrouwen en vrijheid geven, of een beetje liberalisme richting die verenigingen, om dat goed in te kunnen vullen. F - 65

De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Willigen. De heer Van Willigen: Ik sluit me aan bij het pleidooi van de heer Van der Geest: een beetje liberalisme. Dit is, denk, ik een duidelijk appel aan een partij die zich als meest liberale partij profileert, maar zich niet zo opstelt in deze vergadering. De heer Van Santen: We willen even goed kijken hoe het zit met die scheidslijn en het is juist heel liberaal om dit nu toe te staan. Dat heb ik ook net aangegeven. Ik zou de collega’s willen adviseren om ook goed mee te denken in die toetsingskaders in het vervolg. De voorzitter: Dank u wel. De burgemeester heeft geen behoefte aan een reactie in tweede termijn, zodat we meteen kunnen overgaan tot stemming. Inmiddels zijn wat wijzigingen aangebracht in de amendementen en daarvoor vraag ik even uw aandacht. Amendement A4 is aangehouden, zodat we dat opzij kunnen leggen. Het oorspronkelijke amendement ‘Ontspannen’ is ingetrokken en vervangen door amendement A6, luidende: Amendement A6: Ontspannen. c) Artikel 6.6: Het is paracommerciële rechtspersonen verboden bijeenkomsten genoemd in het eerste lid openlijk aan te prijzen of onder de aandacht te brengen via posters, brochures, publicaties, internet, sociale media of enig ander middel.

Te wijzigen in Het is paracommerciële rechtspersonen wel toegestaan bijeenkomsten genoemd in het eerste lid openlijk aan te prijzen of onder de aandacht te brengen door middel van posters, brochures, publicaties, internet, sociale media of enig ander middel wanneer dit vanaf een eigen platform (kanaal, ledenkrant, eigen locatie) wordt gedaan en daarbij NIX18 is toegevoegd.

Dat amendement kan dus nu in stemming worden gebracht. De heer Klein: Voorzitter. Omdat een aantal amendement zijn gewijzigd, zou ik graag een schorsing van een of twee minuutjes willen voor overleg. De voorzitter: Prima. Dan kunnen de amendementen intussen op iBabs worden geplaatst. Ik schors de vergadering (23.50 uur) Schorsing De voorzitter: Ik heropen de vergadering (23.59 uur) Dames en heren. We kunnen overgaan tot stemming. We beginnen met het aangepaste amendement A6, ‘Ontspannen’, waarin alleen nog wordt voorgesteld artikel 6.6 te wijzigen. Mevrouw De Groot: Voorzitter. Ik heb eerder gezegd dat wij beide amendementen van de SP niet zouden steunen, maar dit amendement in aangepaste vorm kunnen wij wel steunen. De voorzitter: Dat beschouw ik als een stemverklaring. Dank u wel.

F - 66

De heer Van Willigen: Voor ons geldt hetzelfde, voorzitter. Ook ik heb in mijn eerste termijn gezegd dat wij tegen zouden stemmen, maar met het aangepaste amendement kunnen we wel instemmen. De voorzitter: Dank u wel. De stemming over amendement A6 is geopend. Het amendement wordt in stemming gebracht en met algemene stemmen aanvaard. De voorzitter: Aan de orde is amendement A5, met de titel ‘Voldoende bijeenkomsten paracommercie’. Ook dit amendement is aangepast, in die zin dat het voorstel om aan artikel 6 een lid 6 toe te voegen is geschrapt. Ik bied de mogelijkheid tot het afleggen van een stemverklaring. De heer Tekir: Voorzitter. Mevrouw Alba Heijdenrijk heeft eerder al aangegeven dat wij in onze fractie verschillend aankijken tegen de discussie over zes of acht bijeenkomsten. Hij lijkt heel principieel, maar in mijn beleving wordt de principiële zet van niet mogelijk, dus nul, naar zes of acht, al gezet. Als we dan toch die stap zetten naar zes, dan zou ik graag ook die laatste stap willen zetten om het voor verenigingen nog net iets aangenamer te maken door meer ruimte te creëren. Dus ik stem in met dit amendement. De voorzitter: Dat is het voordeel van een tweepersoonsfractie: de één kan voor, de ander kan tegenstemmen! Ik open de stemming over het gewijzigde amendement A5. Het amendement wordt in stemming gebracht en met 17 tegen 7 stemmen aanvaard.

Voor hebben gestemd de leden mw. Bahlmann, Boutachkourt, Van Gammeren, mw. De Groot, mw. Hamann, Van Houwelingen, Klein, Koçak, mw. Loderus, mw. Metz, Oostrum, mw. Pellikaan, Schefferlie, mw. Stevens, Tekir, Van Veen en Van Willigen. Tegen hebben gestemd de leden Alba Heijdenrijk, Van der Geest, Krol, mw. Van Oversteeg, De Pagter, Van Santen en mw. Van 't Westende-de Bijl. De voorzitter: Aan de orde is het raadsvoorstel. Zijn daarover nog stemverklaringen? De heer Krol. De heer Krol: Dank u wel, voorzitter. Wij zullen met wat gemengde gevoelens voor het voorstel stemmen. We kijken uit naar een evaluatie over anderhalf jaar, ook in combinatie met het alcoholpreventiebeleid, met name voor het onderdeel alcohol en jeugd. De voorzitter: De heer Van Santen. De heer Van Santen: Ook wij zullen voorstemmen, voorzitter, mede omdat wij het belangrijk vinden de ruimte te geven om te kijken hoe dit zich gaat ontwikkelen en ook uitkijken naar de evaluatie daarbij. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Alba Heijdenrijk. Mevrouw Alba Heijdenrijk: Voorzitter. Ook wij stemmen voor het voorstel, mede in acht nemend dat een evaluatiemoment ingepland wordt en dat er een kritisch oog blijft richting alcohol en jeugd. F - 67

De voorzitter: Dank u wel. Geen andere stemverklaringen, stel ik vast. Dan kunnen we nu het geamendeerde raadsvoorstel in stemming brengen. Het geamendeerde raadsvoorstel wordt in stemming gebracht en met algemene stemmen aanvaard. (Het voorzitterschap wordt overgedragen aan de burgemeester) De voorzitter: Dames en heren. Het is inmiddels vijf over twaalf. Zojuist heb ik bij enkele fractievoorzitters een beetje gepeild hoe men staat tegenover het vervolg van deze vergadering en de verdeeldheid is groot. Er zijn een paar opties. We hebben nog twee agendapunten te gaan: het rekenkamerrapport en de fietsveiligheid. Het is mij inmiddels gebleken dat er voldoende draagvlak is voor het idee dat ik eerder opperde om laatstgenoemd voorstel naar september te verschuiven. Rest dus nog het rekenkamerrapport. Diverse leden van uw raad hebben aangegeven, mijns inziens terecht, dat dit een belangrijk agendapunt is dat niet zomaar afgeraffeld kan worden. Dan ligt de vraag voor of we het nu nog gaan behandelen, maar dan gaan we het echt consciëntieus behandelen, dus dan gaat het laat worden, of dat we het a.s. maandag gaan bespreken, dan wel verschuiven naar september. We kunnen er nog heel lang over praten, maar ik denk dat ik het maar gewoon in stemming ga brengen en dan zien we wel welk voorstel een meerderheid heeft.

De heer Schefferlie: Voorzitter, is ook nog overwogen om het aan de vergadering van 6 juli toe te voegen? De voorzitter: We hebben de jaarstukken ook al aan die vergadering toegevoegd en daarbij heb ik tegelijkertijd vanuit uw raad gehoord dat het niet de bedoeling is dat we de eindtijd daarvan weer op gaan schuiven. Linksom of rechtsom zullen we toch een keuze moeten maken. Ik breng allereerst het voorstel in stemming om de behandeling nu te laten plaatsvinden, zonder af te raffelen. Ik stel vast dat daarvoor geen meerderheid bestaat. Ik breng het voorstel in stemming om deze vergadering maandag a.s. om 19.00 uur te vervolgen. Ook dat kan niet op een meerderheid rekenen, stel ik vast. En verschuiven naar september? Ook daarvoor kan geen meerderheid worden gevonden. Ik schors de vergadering voor overleg. Als we er dan niet uitkomen, ga ik als burgemeester een besluit nemen (00.09 uur). Schorsing De voorzitter: De vergadering is heropend (00:13 uur). Dames en heren. Tijdens de schorsing hebben we met elkaar beraadslaagd over de vraag: hoe nu verder? Het voorstel is nu, en ik neem aan dat de fractievoorzitters voldoende gezag hebben in hun fracties dat het dat gaat worden, om de vergadering nu te stoppen en maandag a.s. om 18.30 uur verder te gaan. Ik neem aan dat dat uw goedkeuring kan wegdragen. Dan gaan we dat doen. Ik wens u een goede nachtrust toe, met dank voor uw inbreng.

Ik schors de vergadering en zie u maandagavond om half zeven terug (00.14 uur). F - 68

Schorsing tot maandag 3 juli 18.30 uur

F - 69

Sprekersindex: Alba Heijdenrijk, mw. W.T.J., 11, 50, 54, 63, 67 Bahlmann, B.C.S, 54 Boer, M. de, 8, 9, 10, 11 Burgemeester, 44, 57, 59, 60, 61, 62, 63 Dansen, mw. E.L., 13, 14 Geest, J.P. van der, 5, 55, 61, 65 Groot, mw. P. de, 4, 43, 53, 65, 66 Hamann, mw. E.W.H., 3, 22, 24, 32, 38 Houwelingen, A.C. van, 4, 20, 21, 36, 37, 41, 42, 46, 48, 62, 64 Klein, J., 5, 6, 7, 19, 21, 23, 33, 35, 37, 38, 44, 66 Krol, A., 50, 55, 62, 67 Metz, mw. G., 49, 50, 51, 53, 63, 65 Molengraaf, mw. M.J., 12 Oostrum, J.C., 15, 23, 25, 35, 37, 40, 41, 42 Oversteeg, mw. J. van, 26, 27, 28, 32, 33, 35, 42 Pagter, M. de, 5, 18, 24, 25, 28, 31, 36, 39, 40, 43 Pellikaan, mw. L.P.W., 28, 34, 39 Polatli, F., 30, 31, 32, 33, 34, 35 Santen, N. van, 8, 9, 26, 27, 28, 31, 39, 51, 52, 53, 59, 60, 61, 64, 65, 67 Schefferlie, P.C.J., 2, 5, 6, 7, 43, 67 Stevens, mw. D., 11 Tekir, I., 2, 5, 7, 10, 11, 13, 14, 16, 19, 20, 21, 25, 28, 30, 34, 35, 36, 37, 38, 40, 45, 66 Willigen, C. van, 48, 52, 56, 59, 60, 65, 66

F - 70

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gorinchem&id=473e959f-95b4-4113-ba5d-af3106e5b30b