20230629 Concept verslag raadsvergadering
Tekst van het document
Nr. 6
Zitting van donderdag 29 juni 2023 Voorzitter: mevrouw R.W.J. Melissant-Briene, burgemeester. Aanwezig zijn de leden: mevrouw A. Alba Heijdenrijk, de heren B.C.S. Bahlmann, A. Boutachkourt, D.R.E. van Gammeren en J.P. van der Geest, de dames P. de Groot en E.W.H. Hamann, de heren A.C. van Houwelingen, J. Klein, A. Koçak en A. Krol, de dames W. Loderus en G. Metz, de heer J.C. Oostrum, mevrouw J. van Oversteeg, de heer M. de Pagter, mevrouw L.P.W. Pellikaan, de heren N. van Santen en P.C.J. Schefferlie, mevrouw D. Stevens, de heren I. Tekir en D. van Veen, mevrouw T. van ’t Westende-de Bijl en de heer C. van Willigen. Griffier: de heer H. Sepers. Tevens aanwezig de heer M. de Boer, de dames E.L. Dansen, A. Mager en M.J. Molengraaf en de heer F. Polatli (wethouders), alsmede mevrouw H. Kromkamp (gemeentesecretaris). Afwezig met kennisgeving de heer M.C. Houtepen.
* 1. Opening (19.30 uur). ..................................................................................................................................................1 2. Ingekomen stukken. ...................................................................................................................................................5 3. Vaststellen agenda......................................................................................................................................................5 4. Vaststellen notulen voorgaande raadsvergadering en parallelsessies. .......................................................................7 5. Vragenuurtje raadsleden, informatie vanuit college...................................................................................................8 6.
Hamerstukken...........................................................................................................................................................14 6.a Subsidieaanvraag Odensehuis (2023-861706) .......................................................................................................14 6.b Raadsvoorstellen begroting 2024 en jaarstukken 2022 en risicoprofielen gemeenschappelijke regelingen (2023: 859772 / 859442 / 861279 / 859753 / 858465 / 860787 / 860359 / 862249) ..................................14 6.c Nota Reserves, voorzieningen en weerstandsvermogen en Treasurybeleid (2023-864297) .................................14 6.d Begrotingswijziging ten behoeve van projectopdracht Administratieve leegstand in de Basisregistratie personen BRP (2023-861150)......................................................................................................14 7.
Bespreekstukken.......................................................................................................................................................15 7.a Initiatiefvoorstel De Nieuwe Doelen en Bibliotheek (2023-863775)....................................................................15 7.b Procesvoorstel aanbesteding verbouwing De Nieuwe Doelen en aanbesteding exploitatie De Nieuwe Doelen (2023-865157)...........................................................................................................................................15 7.c Jaarstukken 2022 gemeente Gorinchem (2023-863996) .......................................................................................41 7.d Budget landelijke Sinterklaasintocht (2023-864920) ............................................................................................41 7.f Verordening Alcoholwet gemeente Gorinchem en Paracommercie (2023-847519).............................................46 Schorsing tot maandag 3 juli 18.30 uur ............................................................................................68
F-1
1. Opening (19.30 uur).
De voorzitter: Goedenavond dames en heren, leden van de raad. Van harte welkom. Dat geldt ook voor iedereen op de publieke tribune, inclusief uiteraard het college van burgemeester en wethouders. Ook van harte welkom aan al diegenen die thuis kijken of meeluisteren, hetzij nu, hetzij later, We hebben een zeer volle agenda te behandelen. De afgelopen dagen is in de agendacommissie besproken hoe we dat kunnen tackelen, opdat we hier niet tot in de kleine uurtjes hoeven door te gaan en ik heb er ook in de fractievoorzittersappgroep het een en ander over voorbij zien komen. Kortom, iedereen is wel een beetje bezig geweest met de vraag hoe dit in goede banen kan worden geleid. Eerder heb ik al gezegd dat het vanuit goed werkgeverschap belangrijk is, uiteraard ook wel voor ons, om zeer late eindtijden te vermijden. In het maandagochtendbericht hebt u kunnen lezen dat de raadsleden wordt opgeroepen zich te beperken in spreektijd. We hebben hierin met elkaar een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Kijkend naar het vergadermodel, zouden we ons vanavond moeten beperken met de behandeling van moties en amendementen en niet alles weer moeten gaan herhalen wat in de B&A’s is gezegd. De agendacommissie heeft geadviseerd het aantal interrupties per fractie te beperken tot twee per agendapunt.
Vaste afspraak is dat, mocht het op een gegeven moment toch wat later dreigen te worden, ik rond half elf een ordevoorstel zal doen, waarbij we kunnen nagaan of we vanavond verder gaan, en zo ja tot hoe laat. Maandag 3 juli om 19.00 uur is een reservedatum gepland waarop we eventueel verder kunnen gaan. Uiteraard kunnen bij de vaststelling van de agenda nog voorstellen worden gedaan om agendapunten samen te voegen, of te verdagen, om ook zo de vergadertijd te beperken. Ik verzoek u moties en amendementen, zodra ze zijn ontvangen door de voorzitter, ook digitaal toe te zenden aan de griffie via het bekende mailadres griffie@gorinchem.nl. Ten slotte deel ik u mede dat de heer Houtepen van de VVD-fractie met kennisgeving afwezig is. De heer Schefferlie: Voorzitter, een vraagje. U hebt aangegeven dat de agendacommissie heeft geadviseerd het aantal interrupties te beperken tot twee per fractie. Volgens mij gaan wij zelf over de orde. Ik vind het wel een goed voornemen om dat als streven toe te passen, maar niet om er een dogma van te maken. Als dat wel gebeurt, denk ik dat de orde aan de raad zelf is in plaats van aan de agendacommissie. De voorzitter: Het lijkt me goed dit zo meteen bij de vaststelling van de agenda te bespreken, want als we onszelf niet beperken, vrees ik dat we uiteindelijk toch weer heel laat zullen eindigen.
De heer Tekir: Voorzitter, ook ik wil hier graag even op reageren. Wij hebben kennisgenomen van het voorstel van de agendacommissie, en met name van de beperking tot maximaal twee interrupties per agendapunt zijn wij niet zo gecharmeerd, omdat dat verlammend kan werken voor het politieke debat. Wij snappen wel dat we op enigerlei wijze zullen moeten proberen de vergadertijd te beperken, of te beheersen, maar laten we daarvoor met elkaar de tijd nemen. Ik ben het met de heer Schefferlie eens dat we dat vanavond niet als een dogma moeten gaan toepassen. Laten we met elkaar op een later tijdstip zorgvuldig zoeken naar een manier om dat op een goede manier te doen. F-2
De voorzitter: Ik ga daar zo een uitspraak van de raad over vragen. Dan iets anders. We zijn heel blij dat mevrouw Stevens weer in ons midden is, die vanaf vandaag ook weer fractievoorzitter is voor de SP. Welkom terug in de raad. Wegens ziekte bent u twee termijnen even teruggetreden en het is fijn dat u nu weer aanwezig bent. Een terugkeer betekent ook een afscheid, in dit geval van de heer Foppen. De heer Foppen heeft sinds 20 oktober 2022 in de raad gezeten, direct ook als fractievoorzitter. Toentertijd zei ik dat hij net was afgestudeerd en beschikbaar was voor iemand die nog een baan beschikbaar had. Dat is inmiddels niet meer het geval. Hij is volop aan het werk als vakbondsbestuurder. Ik denk dat ik namens iedereen wel kan zeggen dat zijn aanwezigheid in de gemeenteraad niet onopgemerkt is gebleven: altijd zeer actief, zeer betrokken, goed gehumeurd, verbindend, samenwerkend en heel graag speechend, ook bij momenten van afscheid. Natuurlijk is het heel fijn dat mevrouw Stevens weer terug is, maar tegelijkertijd zal zo’n bruisende jongeling in de raad toch wel gemist worden. Aron. Ik wil je vanaf deze plek hartelijk dankzeggen voor je inzet, je betrokkenheid en je bijdrage ten gunste van onze stad. Gelukkig blijf je nog wel betrokken als fractieassistent. Ik wil je graag een bos bloemen geven en je ook via die bloemen nogmaals hartelijk danken.
(Applaus) Ik heb begrepen dat twee mensen hierover nog graag het woord willen voeren. Allereerst mevrouw Hamann. Mevrouw Hamann: Aron. Jij vertrekt als raadslid. Het is niet mijn gewoonte om bij dit soort gelegenheden te spreken, maar voor jou maak ik een uitzondering. Waarom? Omdat je gewoon een te gekke gozer bent. Maakt niet uit wie je bent, altijd ben jij ervoor in om even te kletsen. Nou, even… Toen ik bij het flyeren voor de verkiezingen zomaar ineens bij je voor de deur stond, ontspon zich daar een mooi gesprek over tal van maatschappelijke vraagstukken. Dat duurde wel even wat langer dan een uurtje. Het is je oprechte betrokkenheid die de discussie altijd boeiend maakt. Vele volgden nog toen je tijdelijk deelnam aan deze gemeenteraad. Je had er nog voor geleerd ook. En je keek met een frisse blik naar de zaken die hier zoal spelen. Mooi werk, man! Daarnaast had je nog tijd om met andere jonge, nieuwe raadsleden, Paulien, Tom, Wim, een clubje op te richten van jongelui om spelletjes te gaan doen. Hilarisch natuurlijk, maar ook al een beetje legendarisch in de wandelgangen. Zoals Aron in één keer, ‘bam!’, aanwezig was, zo vertrek je ook weer in één keer. De laatste tijd was je wel erg druk met je nieuwe baan, merkte ik.
Tja, het valt ook niet mee na je studentenleven, hè?, een echte baan, elke dag weer, en dan meteen met je neus in de boter met acties voor hogere lonen en zo. Zet hem op, zou ik zeggen, maar hou tijd voor ontspanning. Jij wandelt graag, één worden met de natuur, onderweg knuffelen met koeien en in de winter toch nog in dat koude water springen om te kijken hoe dat is, om dan later in een of ander klooster weer een beetje bij te komen. Hou dat er in Aron, daar blijf je jong en fris bij. Om je te helpen, zijn we bij de kringloop langs geweest – jawel, wij zijn van duurzaam, zoals je weet –, om deze wandelschoenen op te duikelen. Ik hoop dat ze een beetje passen en anders kun je ze daar natuurlijk wel weer ruilen. Het ga je goed, jongen. We komen elkaar vast wel weer ergens tegen. (Applaus) De voorzitter: Het woord is aan mevrouw De Groot.
F-3
Mevrouw De Groot: Dank, voorzitter. Ik zal het niet te lang houden, gezien de agenda, maar bij het vertrek van de eerste millennial in de raad moeten we toch even stilstaan. Aron werd zonder enige moeite, zo leek het in ieder geval, tijdelijk raadslid. En laten we eerlijk zijn: het afgelopen halfjaar heeft hij niet stil hoeven te zitten, want er was never a dull moment. Hij heeft zijn werk altijd fanatiek opgepakt. Maar, voorzitter, bij de inmiddels welbekende spelletjesavond gaat dat fanatisme nog verder. Ik zie de heer Foppen al bezorgd kijken, maar ik zal niet in detail treden! Ik raad iedereen echter af om een potje Thirty Seconds met Aron te spelen, want voordat u het weet zijn al uw kaartjes dubbelgevouwen omdat de heer Foppen zo enthousiast aan het uitleggen is. Uit betrouwbare bron weet ik ook dat Aron fanatiek is in zijn ijsjesverslaving, en laat dit nou net het seizoen zijn waarin enorm veel ijsjes gegeten worden! Daarom bied ik, ook namens de heer Van der Meijden, Aron een heerlijke ijsbon aan, zodat we zeker weten dat hij zijn ijsjesverslaving in ieder geval in stand kan houden. (Applaus) De voorzitter: De heer Van Houwelingen. De heer Van Houwelingen: Dank u wel, voorzitter.
Speciaal voor deze gelegenheid heb ik een jasje aangetrokken, want ik ken Aron eigenlijk niet anders naast me dan met een jasje, hoewel ik er zelf een pokkenhekel aan heb, en het is nog warm ook nu! Het mooie is: ik ging vanavond weg en mijn jongste dochter zei “Pa, met dat jasje lijk je wel ouderwets”. Dus, alle mannen: doe het niet! Goed. Het wordt wel even wennen nu Dieuwertje weer naast me komt zitten, hè? Want vanaf 21 oktober zit jij naast me en ik moet zeggen dat dat heel vertrouwd aanvoelde, en niet alleen vertrouwd omdat we al aardig wat jaren samenwerken, zes jaar zo ongeveer. Ik weet nog dat je vader – zijn vader en ik zijn collega’s – op het werk naar me toe kwam omdat het in contact komen met het bestuur bij de SP nogal stroef ging en Aron graag actief wilde worden. Nou, dat hebben we geweten! Het duurde maar een paar weken voordat Aron zijn ideeën en ambities duidelijk naar voren bracht. Nu ga ik niet een eindeloos verhaal houden over hoe jij je met de fractie bemoeit en meestuurt. Dat verdien je pas wanneer je er hier drie periodes op hebt zitten, of misschien een keer wethouder wordt. Maar het mag duidelijk zijn: politiek zit in je DNA, net als verantwoordelijkheid nemen en dragen. Dat gaf mij ook vertrouwen. Toen Dieuwertje aangaf dat ze tijdelijk een stap terug moest doen, zag ik langzaam weer voor me wat me drie jaar geleden nekte.
Waar ik een muur zag, stapte jij er overheen en nam verantwoordelijkheid, niet als raadslid, maar van fractieassistent direct als fractievoorzitter. En, dat heb je voortreffelijk gedaan. Ik kan wel zeggen dat je er vrij gemakkelijk doorheen wandelde, maar dat kan ook niet anders met al zo'n geoefende wandelaar als jij. Check zijn Facebookpagina's en je ziet polderwegen, weilanden, duinen en heuvels. Nu moet ik zeggen dat we het ook wel vaak met elkaar eens zijn en qua standpunten veel overeenkomen, en dat helpt ook wel bij vertrouwen. Maar het zijn niet alleen standpunten, maar ook iets anders waar jij, Aron, waarschijnlijk nog meer om bekend staat dan ik, en dat is bier. Dat hebben we ook samen overeen. We hebben zelfs samen bier gemaakt. Dus wat kan ik vandaag beter geven dan een lokaal biertje? Ik zal hier overigens geen merken neerzetten! Aron, enorm bedankt voor je inzet. (Applaus) De voorzitter: Dank u wel. F-4
2. Ingekomen stukken.
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt besloten conform de door de agendacommissie geadviseerde afdoening. 3. Vaststellen agenda.
De voorzitter: Zoals gezegd, komen we bij dit agendapunt even terug op het voorstel dat door de agendacommissie is gedaan om de interrupties in deze vergadering te beperken tot twee per fractie. Ik weet dat sommigen hierover nog een voorstel willen doen. De heer Van der Geest. De heer Van der Geest: Voorzitter. We hebben wat gepeild onder de fractievoorzitters en wij willen u nu, al is het niet helemaal unaniem, voorstellen de agendapunten 7a en 7b gecombineerd te behandelen en de jaarstukken bij de perspectiefnota te behandelen, zoals we dat ook andere jaren wel eens gedaan hebben, zodat de agenda voor vanavond iets behapbaarder wordt. De voorzitter: Zijn er nog anderen die een wijziging van de agenda willen voorstellen? De heer Klein. De heer Klein: Niet zozeer om iets te wijzigen, als wel om iets toe te voegen. In dezelfde app hebben we het er ook over gehad om ze niet als losse stukken te behandelen, maar in één, zodat het niet tot heel veel extra termijnen en spreektijd hoeft te leiden. De heer De Pagter: Mag ik daarop aanvullen? De voorzitter: De heer De Pagter. De heer De Pagter: Volgens mij waren we al op koers om van de jaarstukken een hamerstuk te maken.
D66 wilde nog terugkomen op de schriftelijke vragen die gesteld zijn, en volgens mij Democraten Gorinchem en CDA ook, maar dat hoeft niet weer tot een hele beschouwing te leiden, want volgens mij doen we dat niet in deze raadsvergadering en is dat bedoeld voor I&O en B&A. Dus volgens mij kan dat snel en hoeven we daarvoor volgende week niet weer de perspectiefnota op te rekken en daar ook nog een extra moment voor te maken. Ik zou het graag vanavond willen behandelen. De voorzitter: De heer Schefferlie. De heer Schefferlie: Wij zien dit toch wel als een moment om juist op deze plek, in de raadsvergadering, die nog het best bekeken wordt, een reflectie te geven op het afgelopen jaar, die wat ons betreft heel goed te verenigen is met de perspectiefnota. Wij sluiten ons wat dat betreft aan bij het voorstel van de heer Van der Geest. Als we het vandaag wel behandelen, hebben we daar ook een bijdrage in. De voorzitter: De heer Tekir. De heer Tekir: Voorzitter, dank u wel. In het voorstel om het initiatiefvoorstel De Nieuwe Doelen en het procesvoorstel De Nieuwe Doelen samen te voegen, kunnen wij ons volledig vinden. Sterker nog: het was een suggestie die wij ook zelf deden. Als het F-5
echter gaat om de jaarstukken, vinden wij het geen goed plan om die op 6 juli te gaan combineren met de perspectiefnota en daarvoor niet extra tijd uit te trekken, omdat de jaarstukken, de begroting en de perspectiefnota in die hele planning & controlcyclus belangrijke stukken zijn. Met name de jaarstukken bieden een hele terugblik op alles wat er is gedaan in 2022, en om dat nou als een hamerstuk af te doen vinden wij eerlijk gezegd iets te makkelijk. Het heeft volgens mij ook nog nooit plaatsgevonden in deze raad. Tijdens de B&A was het zo dat de beantwoording van de schriftelijke vragen een uur voor de vergadering binnenkwam, dus toen heeft geen reflectie kunnen plaatsvinden. Die reflectie willen wij wel graag in de raadsvergadering geven, liefst vanavond, maar als het 6 juli wordt, dan wel graag met extra tijd daarvoor, zodat we recht kunnen doen aan de uitvoering van een heel jaar. De voorzitter: Als er geen anderen zijn die hierover nog iets willen zeggen, ga ik gewoon rondkijken, zoals we ook hebben afgesproken in het fractievoorzittersoverleg: niet te lang praten over de orde van de vergadering, maar vrij snel knopen doorhakken. Ik heb in totaal drie voorstellen gehoord. Allereerst wil ik graag even bij handopsteken peilen wie ervoor is om twee interrupties per fractie per agendapunt toe te staan.
De heer Schefferlie: Ik wist niet dat we het ook daarover nu zouden gaan hebben. Als dat wel het geval is, wil ik er ook graag iets over zeggen. De voorzitter: Prima, ga uw gang. De heer Schefferlie: Per agendapunt kan in theorie ook een belangrijk onderwerp zijn. Ik vind dat best wel een grove ontwapening van de raad, de oppositie misschien wel in het bijzonder. Als wij onze spreektijden willen verkleinen en een normale vergadertijd willen hebben, is er een heel arsenaal aan verbeteringsmogelijkheden dat we dan eens rustig moeten bekijken en niet zomaar op voorstel van de agendacommissie nu een heel belangrijk instrument voor onszelf zo gaan kortwieken. Dat neemt niet weg dat ik zeker wil proberen het in die geest te doen, maar ik doe een klemmend beroep om dit niet nu zomaar even te besluiten. We kunnen er wel vast mee oefenen. De heer Klein: Op zichzelf kan ik me daar wel in vinden, maar ik wil ook onszelf die verantwoordelijkheid heel erg toedichten, alsook het volledige mandaat geven om ons daar gewoon extra kort in te houden, gezien de lengte van de agenda. De voorzitter: Voor mij hoeft het niet per se zo scherp geformuleerd te worden, maar het is wel een heel helder signaal vanuit de agendacommissie. Laten we wel wezen: we hebben regelmatig vergaderingen die ontzettend uitlopen. Vaak zit het op twee punten vast: 1. heel veel interrupties en 2.
heel veel schorsingen, en dan loopt het uit in de tijd. Als wij proberen onszelf te beperken, wil ik best die samenwerking met u aangaan, maar als ik in de loop van de vergadering merk dat het niet goed gaat, kom ik er wel weer even op terug. Wij maken deze vergadering met elkaar. Ik krijg regelmatig appjes en mails van “laat het niet te laat worden, want ik moet morgenochtend weer vroeg op” en tegelijkertijd zorgen we er met elkaar voor dat die vergadering zo lang wordt. En een alternatief is natuurlijk maandag; dat kan ook wat mij betreft Laten we onszelf dus beperken en laat
F-6
maximaal twee interrupties het uitgangspunt zijn. Ik ga niet meteen bij de derde interruptie afhameren, maar beperk uzelf. Die oproep wil ik wel in uw richting doen. De heer Schefferlie: Toch nog één keer het voorstel om ook breder op een ander moment in het fractievoorzittersoverleg te kijken hoe we meer maatregelen kunnen nemen in plaats van deze toch wel belangrijke beperking in potentie. De voorzitter: Meedenken is altijd goed. Dan hebben we het voorstel om de bespreekstukken 7a en 7b met betrekking tot De Nieuwe Doelen gezamenlijk te behandelen. Ze zullen dan wel apart in stemming worden gebracht, maar wel gezamenlijk worden behandeld. Wie is daarvoor? De meerderheid, stel ik vast; dan doen we dat op die manier. Voorts is door de heer De Pagter het voorstel gedaan om de jaarstukken gelijk met de perspectiefnota op 6 juli te behandelen en dus niet vanavond, wie is daarvoor? De heer Tekir: Even voor de duidelijkheid: komt daar dan geen extra tijd bij op 6 juli? De voorzitter: Daar moet ik met de agendacommissie nog even overleg over voeren. De heer Klein: Dat vind ik wel een fundamenteel onderdeel van deze keuze, anders gaan we vervolgens de behandeling van de perspectiefnota weer tot middernacht oprekken en dan lopen we in hetzelfde probleem als we nu lopen.
Volgens mij moeten we er vooral voor kiezen om het te combineren, want zoals de heer De Pagter net al zei: het was nagenoeg al een hamerstuk geworden, tenzij er op het laatste moment nog wat informatie bij zou komen, en volgens mij hoeven we daar niet heel veel langer over te praten dan nodig is. De voorzitter: In ieder geval denk ik dat we vanwege publicaties vanwege agenda’s, ook rond werk, niet eerder kunnen beginnen. We lopen natuurlijk tegen hetzelfde vraagstuk aan, namelijk dat we ons moeten beperken in de tijd. Dat hoort er dan natuurlijk ook bij dat we wel binnen de bestaande tijd proberen tot een afronding te komen. Ik breng het voorstel in stemming. Wie is daarvoor? Ik stel vast dat dat de meerderheid is. Dan doen we dat op die manier en behandelen we het dus vanavond niet. Dank u. De agenda wordt aldus gewijzigd vastgesteld. 4. Vaststellen notulen voorgaande raadsvergadering en parallelsessies.
De notulen van de raadsvergaderingen van 20 april 2023 en 25 mei 2023, alsmede de verslagen van de parallelsessies 230608 I&O Begroting en jaarstukken GR'en, 230608 B&A Rekenkamerrapport Huiselijk geweld en kindermishandeling, 230608 B&A Treasurybeleid Nota reserves voorzieningen en weerstandsvermogen, 230608 B&A Verordening Alcoholwet, 230615 I&O Jaarstukken 2022 gemeente Gorinchem, 230615 B&A begroting en jaarstukken gemeenschappelijke regelingen, 230615 I&O Stedenbouwkundig plan Arkelsedijk Lingeoever en 230615 I&O/B&A De Nieuwe Doelen, worden zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming ongewijzigd vastgesteld.
F-7
5. Vragenuurtje raadsleden, informatie vanuit college
De voorzitter: Dames en heren. Er zijn een aantal vragen binnengekomen. Allereerst wil ik de heer Van Santen van de VVD het woord geven over het onderwerp ‘afvalscheiding PMD’. De heer Van Santen: Dank u. Recent is het nieuwe afvalsysteem met pasjes ingevoerd en het doel is dat we op termijn met elkaar een sterke circulaire economie gaan opbouwen en dat ook onze inwoners daarin nog beter gaan inzetten op scheiding vooraf. Maar inmiddels is duidelijk geworden dat grote delen van de binnenstad en hoogbouw hierbij worden uitgesloten, want zij moeten over op nascheiding. De redenering om in deze delen over te gaan op nascheiding is dat voor goede bronscheiding in veel gevallen te weinig ruimte is en dat er te veel PMD in het restafval achterblijft, waardoor scheiding vooraf over het geheel niet effectief genoeg is. Tot zover begrijpt onze fractie beste de redenering, maar er zijn natuurlijk ook een hoop inwoners in onze stad die al jarenlang hun best doen in die scheiding vooraf. Decennialang wordt dat ook meegegeven vanuit het onderwijs en vanuit de overheden. Die mensen kopen daar mooie prullenbakken voor met vakken, houden alles netjes gescheiden, zijn ook bereid stapjes extra te lopen en zij zijn ook niet uit op eventueel lagere lasten of iets, maar dragen graag op hun eigen manier bij aan die duurzame omgeving. Daarom hebben wij als fractie de volgende vragen.
Is het college het met ons eens dat dit wel een vervelend signaal is naar de mensen die al jarenlang goed hun best doen en deden? Hoe wil het college deze splitsing in manier van omgaan met afvalscheiding helder communiceren? Ik doel dan bijvoorbeeld ook op de social media, waarin we wel eens filmpjes voorbij zien komen waarin dan heel erg wordt gezegd hoe ze vooraf moeten scheiden. Maar die filmpjes zien natuurlijk ook de mensen die juist op nascheiding moeten gaan. Wat zijn de mogelijkheden voor deze mensen, die wel echt graag hun steentje bijdragen om toch mee te doen met het scheiden vooraf? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder De Boer namens het college. Wethouder De Boer: Dank u wel, voorzitter. Laat ik beginnen met mijn waardering uit te spreken voor de groep die de heer Van Santen beschrijft: de groep die z’n steentje wil bijdragen en daarom heel goed het afval scheidt. Die doen het volgens mij heel erg goed, zijn ook een voorbeeld voor hun omgeving en wat dat betreft ook echt ambassadeurs van ons afvalbeleid. Maar er is ook een groep die we nog moeten zien te overtuigen en er blijft altijd een klein groepje over dat we niet gaan overtuigen. We weten uit ervaring, en zien dat ook elders in het land, dat in wijken met relatief veel hoogbouw de bereidheid om afval te scheiden lager is.
Als we in die wijken door waren gegaan met bronscheiding, dus plastic en restafval gescheiden inzamelen, dan weten we eigenlijk al dat die stromen te veel door elkaar waren gaan zitten, zoals u zelf ook al aangaf. Dan moeten ze alsnog naar de afvalverbranding, of de sorteerinstallatie, en dan maak je twee keer de kosten. Ik snap dat het voor diegenen die wel goed hun best doen vervelend is dat zij een stapje terug gaan doen. Tegelijkertijd gaan we in hun wijk door middel van een stukje nascheiding ervoor zorgen dat afval uit de hele wijk beter wordt gescheiden. Dus als F-8
individu is het een klein stapje terug, maar we gaan de wijk als collectief helpen een grotere stap vooruit te maken qua milieu-impact. Dat is volgens mij wel belangrijk om voor ogen te houden. Het is namelijk het beleid waarmee de raad heeft ingestemd en dat wij ook als college uitvoeren. We proberen daarover zo goed mogelijk te communiceren. Op dat vlak gebeurt ook al heel erg veel. We merken ook dat onze berichten aankomen en dat mensen ernaar handelen. Tot slot vraagt u wat deze doelgroep wel kan doen. Mijn antwoord is, en dat is niet flauw bedoeld: echt blijven scheiden, papier, glas, GFT, kleding, batterijen, alle dingen die je kunt inleveren, ook bij de milieustraat; dat kan nog steeds. Qua kilo 's restafval is daar ook de grootste klapper te maken. Plastic halen wij er dan voor ze uit. De doelgroep was goed bezig en is nog steeds goed bezig. Wat dat betreft verandert er ook weer niet zo ongelooflijk veel. Waar we nog wel even goed naar willen kijken, is specifiek de laagbouw in de binnenstad. We hebben namelijk de hele binnenstad op het hoogbouwbeleid gezet, ook in het kader van efficiency, terwijl er ook laagbouwwoningen zijn in de binnenstad die wellicht wel de ruimte hebben, ook bijvoorbeeld voor een minicontainer, om zelf via bronscheiding hun afval te scheiden.
Er bestaat eventueel een mogelijkheid, en die zijn we nu goed aan het uitzoeken, om deze woningen toch op bronscheiding te zetten, maar dat betekent wel dat zij dus ook een minicontainer gaan krijgen. We gaan dat niet buiten in de buitenruimte doen, want dan gaan die stromen echt te veel door elkaar lopen. Mensen ontvangen dan een minicontainer. Dat betekent dan wel dat we of alle laagbouwwoningen in de binnenstad op nascheiding zullen zetten, of allemaal op bronscheiding. We gaan niet de wagen bij huisnummer 1, 5, 17 en 23 laten stoppen. Dat gaat niet werken en daarom willen we, als het kan, bijvoorbeeld ook een enquête uitzetten onder de binnenstadbewoners, om te kijken waar hun voorkeur naar uitgaat, want u moet zich wel realiseren dat er ook een deel van de bewoners zal zijn dat helemaal niet zit te wachten op die containers. Best wel veel bewoners hebben ze in het verleden teruggegeven, omdat ze liever de ruimte in hun tuin hadden. Dus dat zou ik op dat moment ook echt wel even aan de bewoners willen voorleggen. We zijn aan het uitzoeken of dat technisch kan en als het kan zullen we die weg ook bewandelen, zodat we zo dicht mogelijk bij het beleid blijven dat hier in de raad is vastgesteld. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Santen. De heer Van Santen: Voorzitter.
Dank voor de beantwoording en fijn dat er in ieder geval voor de laagbouw misschien nog een mogelijkheid is. Heeft u er ook zicht op om hoeveel mensen het gaat die daarvoor mogelijk in aanmerking komen? Wethouder De Boer: 30% van de binnenstad staat officieel geregistreerd als laagbouwwoning. We zijn nu even aan het uitzoeken of dat ook allemaal woningen zijn met een tuin waar daadwerkelijk ook een minicontainer kan worden geplaatst, dus daar kan ik eigenlijk nog geen aantallen van geven, maar het zal een ‘x’ aantal honderden woningen zijn. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de mondelinge vragen van D66. De heer Tekir heeft het woord.
F-9
De heer Tekir: Voorzitter, dank u wel. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik in deze vragenronde ook een beetje sta als ervaringsdeskundige, namelijk als ouder van drie kinderen, waarvan twee nog in de luiers. Hoewel wij hopen ergens volgend jaar toch echt van die luiers af te komen, merken wij op dit moment wel dat de luiers een aanzienlijk deel van ons restafval vormen. Ik durf wel te stellen dat 90% van ons restafval op dit moment bestaat uit luiers. Dat is niet uniek voor gezinnen met jonge kinderen. Ik zou het college daarom willen verleiden om wat te doen voor al die lotgenoten in de stad met jonge kinderen. Laten we hen niet op kosten jagen, als dat ook anders geregeld kan worden. In andere gemeenten, bijvoorbeeld in de gemeente Altena, zie je dat er speciale luiercontainers zijn waarin ouders hun luiers kwijt kunnen, of dat men terecht kan bij de milieustations. Na alle commotie door de invoering van dit nieuwe afvalbeleid roept D66 ook wel op om hierover nu iets positiefs naar buiten te brengen. Daarom stellen wij mede namens Democraten Gorinchem de volgende twee vragen aan het college: 1. Is het college het met ons eens dat luiers een aanzienlijk deel kunnen vormen van het restafval bij gezinnen met jonge kinderen en daarmee dus kostenopdrijvend werkt in het nieuwe afvalbeleid? 2.
Zou het college in Waardlandenverband willen verkennen of deze gezinnen geholpen kunnen worden, bijvoorbeeld door speciale luiercontainers te plaatsen, of een werkafspraak te maken met kinderopvangbureaus, dan wel het inleveren bij milieustations mogelijk te maken? Dank u wel. De voorzitter: Wethouder De Boer namens het college. Wethouder De Boer: Dank, voorzitter. Ik kan u vertellen dat ik zelf ook ervaringsdeskundige ben en ik kan helemaal beamen dat luiers inderdaad een groot deel van de reststroom zijn. Op het moment dat je goed je afval scheidt, is dat eigenlijk een van de weinige dingen die nog overblijven voor een jong gezin. Ik kan ook zeggen dat die doelgroep goed op ons netvlies staat. Wat ons betreft zijn er een drietal oplossingen. Allereerst ligt wat ons betreft de primaire verantwoordelijkheid voor de verwerking van luiers bij de producenten. Een tijdje terug heeft staatssecretaris Heinen een uitgebreide productverantwoordelijkheid voor kleding aangekondigd. Vanaf aanstaande zaterdag zijn verkopers van kleding zelf verantwoordelijk voor inzameling, sorteren, hergebruik en recyclen van afgedankte kleding, ook als stimulans om kleding te gaan produceren die langer meegaat en ook beter te verwerken is.
Met een groepje ‘afvalwethouders’ in Nederland voeren we op dit moment een lobby om dit ook voor luierproducenten in te voeren, in plaats van dat je als gemeenschap allerlei toeren moet uithalen en ook best wel veel kosten moet maken om het allemaal zelf te gaan inzamelen en verwerken, terwijl er gewoon een producent is die wat ons betreft ook echt een verantwoordelijkheid zou moeten nemen. Dat is één. Het tweede is, en dat bedoel ik niet vervelend, de opkomst van wasbare luiers. Die worden steeds beter en de verwachting is dat ze op termijn echt wel een deel van de wegwerpluiers gaan vervangen. Binnen Waardlanden denken we ook na over mogelijkheden om het gebruik daarvan te stimuleren. Het derde, en ik denk dat u daarop vooral zit te wachten, is een stuk recycling. De capaciteit voor het recyclen van luiers is heel beperkt. In Nederland is er eigenlijk maar F - 10
één plek waar die verwerkt kunnen worden, en dat is de ARN in Nijmegen. Die capaciteit is volledig gecontracteerd, dus zij zitten aan hun max. Omdat we wel heel graag willen recyclen, en zelf ook deze doelgroep zien, is het ons in de afgelopen tijd uiteindelijk gelukt een partij te vinden, Scorenet, waarmee we al intensiever samenwerken, die al een contract had met de ARN, waarop wij nu voor een deel mogen meeliften. Dat is niet voldoende voor de capaciteit die ze hebben ingekocht voor alle luiers uit het hele Waardlandengebied, maar we hebben nu wel de inschatting gemaakt dat, op het moment dat we de inzameling op de milieustraten doen, waar toch nog een kleine drempel in zit, we het halen met de capaciteit die we nu hebben bij de ARN. In september besluit het bestuur van Waardlanden hierover, want er zijn wel wat kosten aan verbonden – het valt overigens wel mee hoor – en zodra er een positief besluit over komt, kan die inzameling later dit jaar gaan starten, zodat gezinnen hun luiers dan naar de milieustraat kunnen brengen. We zouden het liefst meer doen en zodra er meer capaciteit vrijkomt en we meer mogelijkheden zien om te recyclen, zullen we die ruimte ook zeker gaan benutten. We hopen dat producenten op den duur dat stokje van ons gaan overnemen. We zitten er dus bovenop.
We zien ook echt oplossingen, we zijn er nog net niet, maar we maken volgens mij hiermee wel een stap. De voorzitter: We zitten bovenop de luierberg! De heer Tekir: Dank voor dit hoopvolle perspectief en niet te vergeten ook voor de oplossing van het stankprobleem! De voorzitter: Dank u wel. Ook het college verzoek ik overigens zich wel enigszins te beperken in spreektijd, maar dat terzijde. Het woord is aan mevrouw Stevens. Mevrouw Stevens: Dank u wel, voorzitter. Ik wil graag een aanvullende vraag stellen. Het antwoord klinkt heel positief en maakt me enthousiast, maar ik vraag me af of ook de doelgroep eronder valt die gebruikmaakt van incontinentiemateriaal. Wethouder De Boer: Jazeker. We zijn sowieso bezig een ruimere regeling te organiseren voor mensen die om medische redenen te maken hebben met veel afval. Ziek zijn mag geen reden zijn om extra belast te worden, dus daar zijn we mee bezig. Bij de behandeling van de begroting gaat u tarieven vaststellen voor diftar, maar ook de uitzonderingen daarop, en daarvoor komen we met een concreet voorstel. De voorzitter: Dank u wel. Het woord is aan mevrouw Albert Heidenrijk van D66 met vragen over rondzwervende weesfietsen. Mevrouw Alba Heijdenrijk: Dank u wel, voorzitter.
Wie hier en daar in Gorinchem rondkijkt, ziet ze soms een soort van idyllisch staan tegen heggen en op andere plekken, en heel soms komt het ook voorbij op social media. Het heeft een naam, het klinkt bijna aandoenlijk en triest, maar het heet ‘weesfietsen’ en weesfietsen worden steeds vaker gesignaleerd in Gorinchem. Ze nemen ruimte in en milieutechnisch is het niet erg fijn dat die dingen staan te roesten, maar niemand zorgt er eigenlijk voor, want weesfietsen kennen namelijk geen eigenaar. Dat kan komen doordat ze gedumpt zijn omdat ze stuk zijn, of omdat ze vriendelijk zijn meegenomen door een andere eigenaar, die niet van die fiets was. Op het moment dat je deze fietsen aantreft en daar een melding van maakt in F - 11
Fixi, wordt door de Fixiapp geantwoord – ik hoop door iemand daarachter! – dat er binnen Gorinchem nog geen beleid is op het weghalen van deze fietsen. Op dit moment is het zo dat een fiets die gesignaleerd wordt als zijnde een weesfiets een label krijgt, en daar blijft hij eigenlijk gewoon mee staan. Onlangs heb ik er zelf eentje in de buurt van Avres zien staan die nu miraculeus wel verwijderd is. Ik weet niet waar die is gebleven en of die een nieuwe eigenaar heeft gevonden, maar desalniettemin toch de volgende vragen. Klopt het dat fietsen die langdurig ergens in Gorinchem staan, niet worden weggehaald door de gemeente en is het college het met ons eens dat het straatbeeld daardoor verloedert en de parkeergelegenheid voor fietsers hierdoor beperkt wordt? Waarom krijgen melders in de Fixiapp een terugkoppeling dat het beleid omtrent het weghalen van fietsen nog niet in orde is? En als laatste: hoe wil het college duidelijkheid bieden om te voorkomen dat weesfietsen blijven rondzwerven in de stad? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Molengraaf namens het college. Wethouder mevrouw Molengraaf: Dank u, voorzitter, en hartelijk dank voor de vragen. Ik denk dat het iets is wat in ieder geval bij mij ook wel irritatie en vragen oproept. Ik ga proberen een goed antwoord voor u te dichten.
Op de vraag of het klopt dat fietsen die langdurig ergens in Gorinchem staan, niet worden weggehaald door de gemeente, kan ik zeggen: ja, dat klopt wel, maar het klopt ook niet. Fietsen die in goede staat verkeren mogen we niet zomaar weghalen. Fietsen die dat niet zijn, dus de zogenaamde wrakken, mogen we wel weghalen en afvoeren. En voor fietsen die verkeerd geplaatst zijn, bijvoorbeeld bij het station, is eind mei nog een actie geweest om ze naar de andere kant van het station te verplaatsen. Daar handhaven we zo goed en zo kwaad als het kan wel op. We mogen dus eigenlijk alleen verkeerd geplaatste fietsen en fietswrakken weghalen, en dat heeft te maken met bijvoorbeeld het eigendomsrecht. We mogen niet zomaar aan andermans eigendom komen met de vraag: waar stallen we die fietsen dan die gewoon nog in orde zijn en van iemand zijn, hoe zorgen we dat de eigenaar zijn fiets terug kan krijgen en hoe gaan we het regelen dat degene die zegt “ik ben de eigenaar van deze prachtige fiets” dat ook inderdaad is en moet hij daar dan nog wat voor betalen? Misschien proeft u al in mijn beantwoording dat we daar zeker wel beleid op willen gaan maken, maar dat is er dus nog niet. Het is dus ja en nee.
We handhaven wel degelijk, er gebeurt ook wel wat, de fietswrakken worden afgevoerd, maar de fietsen die nog goed in goede orde zijn en niet ergens staan waar ze niet mogen staan, mogen we niet zomaar weghalen. We zijn ermee bezig. Ik denk dat we nog een slag moeten maken in de communicatie, want dit is inderdaad een vrij technisch antwoord waarvan een inwoner zal denken “wat moet ik hiermee?” Het lijkt me prima om daar eens naar te gaan kijken, maar het is wel mijn wens om dat aan te pakken. De voorzitter: Dank u wel. Informatie vanuit het college De voorzitter: Het woord is aan wethouder Dansen voor een mededeling over de wachtlijst Wmo.
F - 12
Wethouder mevrouw Dansen: Dank u wel, voorzitter. Op 20 april jl. heeft de raad ingestemd met een wijziging van de Wmo-verordening. Dit raadsbesluit maakt het voor het college mogelijk om bij het beheren van wachtlijsten rekening te houden met het inkomen van de aanvrager. Directe aanleiding was de invloed die de krapte op de arbeidsmarkt en de groei van het aantal huishoudelijke-ondersteuningcliënten had op de inzet van huishoudelijke ondersteuning. Dit heeft gezorgd voor een serieuze mogelijkheid voor het ontstaan van wachtlijsten. Ik heb u tijdens voormelde vergadering toegezegd dat ik u zou informeren op het moment dat we daadwerkelijk aan de gang gaan met wachtlijstbeheer en helaas is dat moment nu gekomen. Deze week kunnen nog maar twee van de veertien aanbieders leveren en met het aantal aanvragen dat nog in de pipeline zit, is starten met wachtlijstbeheer niet meer te vermijden. Ik verwacht dat de situatie de komende weken zodanig zal verslechteren dat niet alleen de nieuwe cliënten hiermee te maken krijgen, maar dat het ook voor bestaande cliënten een kwestie zal worden van het verdelen van schaarste. Hiervoor vallen we terug op de afspraken die we vorig jaar september hebben gemaakt met de aanbieders, waarover wij u met een RIB hebben geïnformeerd.
Via de griffie hebben we u recent de beleidsregel gestuurd aan de hand waarvan wij het wachtlijstbeheer gaan uitvoeren en hoe wij gaan prioriteren. Wanneer na breed onderzoek blijkt dat er sprake is van een urgente situatie, hanteren we geen inkomenstoets. Dat doen we alleen als er geen sprake van urgentie is. We schatten in dat we rond de drie maanden te maken zullen hebben met krapte en dus met wachtlijsten. De vakantieperiode is helaas de belangrijkste veroorzaker. Ook personeel in de zorg mag met vakantie. Wanneer de aanbieders weer kunnen leveren en we verantwoord kunnen stoppen met wachtlijstbeheer, zal ik u daar natuurlijk direct over informeren. We hebben u nu vandaag in deze vergadering geïnformeerd, we zullen de adviesorganen ook op de hoogte brengen en natuurlijk de nieuwe klanten die hiermee te maken krijgen. Dank u wel. De heer Tekir: Mag ik daarover een vraag stellen, voorzitter? De voorzitter: Ga uw gang. De heer Tekir: Dank voor de mededeling, al is die alarmerend en ook zorgelijk voor de doelgroep. Denkt het college op korte termijn nog iets te kunnen doen met bijvoorbeeld de inzet van een deel van de miljoenen die we nog in de reserve sociaal domein hebben? Wethouder mevrouw Dansen: Een goede vraag, al zitten er intussen wel wat minder miljoenen in, maar dat gaat altijd zo. Ik vrees dat dat niet gaat lukken.
Het probleem zit hem er ook niet in dat we geen geld willen inzetten, maar in het feit dat we geen mensen kunnen krijgen. Wat we op de korte termijn gaan doen – dat stond ook in de raadsinformatiebrief die we u vorig jaar gestuurd hebben – is dat we gaan kijken naar verruiming van werktijden voor werknemers, als de klanten het daarmee eens zijn natuurlijk, zodat bijvoorbeeld ook tot acht uur ‘s avonds zorg gegeven kan worden, of in het weekend, als mensen dat wensen. Met name studenten willen meestal wel dat soort tijden werken. We kunnen ook de mogelijkheid weer invoeren die we vorig jaar ook hebben toegepast, door cliënten die bijvoorbeeld twee uur per week hebben dan drie uur per twee weken te geven. F - 13
De heer Tekir: Nog een laatste vraag, voorzitter. Ik ben blij dat geld niet het probleem is, maar heeft u er dan wel eens aan gedacht om die functies op te waarderen, dus aantrekkelijker te maken, door daar een faire beloning tegenover te zetten, waardoor we die mensen wel krijgen? Wethouder mevrouw Dansen: Ik begrijp dat u bedoelt dat wij structureel de lonen zouden moeten verhogen… De heer Tekir: Op welke manier dan ook, in ieder geval aantrekkelijker maken van de functie, waardoor we die mensen misschien wel kunnen aantrekken. Wethouder mevrouw Dansen: Ik hoor wat u zegt. Het is natuurlijk wat moeilijk om bij lonen die gewoon onder een CAO vallen als gemeente te besluiten om meer te gaan betalen, maar ik zou niet weten waarom we niet zouden kunnen kijken of we het leuker kunnen maken, of in ieder geval meer mensen kunnen vinden die in de vakantie zouden willen werken. Daar ben ik best toe bereid. De voorzitter: Dank u wel. 6. Hamerstukken 6.a Subsidieaanvraag Odensehuis (2023-861706)
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 6.b Raadsvoorstellen begroting 2024 en jaarstukken 2022 en risicoprofielen gemeenschappelijke regelingen (2023: 859772 / 859442 / 861279 / 859753 / 858465 / 860787 / 860359 / 862249)
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 6.c Nota Reserves, voorzieningen en weerstandsvermogen en Treasurybeleid (2023-864297)
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 6.d Begrotingswijziging ten behoeve van projectopdracht Administratieve leegstand in de Basisregistratie personen BRP (2023-861150)
De voorzitter: Het woord is aan de heer Tekir voor een stemverklaring. De heer Tekir: Dank u wel. Het is een technisch voorstel, maar waar het mij om gaat is dat er kennelijk zo’n 350 woningen in de stad te vinden zijn waarin wel mensen wonen, maar die niet bij ons geregistreerd zijn in de BRP. Het hele project kost in drie jaar tijd zo’n € 820.000, en dat vindt de fractie van D66 echt heel veel geld. Later vanavond spreken wij over de tijdelijke openstelling van De Nieuwe Doelen. Met dat geld zouden we De Nieuwe Doelen tijdelijk zo’n elf jaar kunnen openstellen. Wij vinden dit dusdanig veel geld dat we ons helaas genoodzaakt zien tegen dit voorstel te stemmen. We roepen het F - 14
college op om in voorkomende gevallen echt efficiënter om te gaan met de uitvoering van dergelijke projecten. Zonder hoofdelijke stemming wordt hierna conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten, onder aantekening dat de fractie van D66 geacht wil worden tegen te hebben gestemd. 7. Bespreekstukken 7.a Initiatiefvoorstel De Nieuwe Doelen en Bibliotheek (2023-863775)
Tegelijk hiermede wordt aan de orde gesteld: 7.b Procesvoorstel aanbesteding verbouwing De Nieuwe Doelen en aanbesteding exploitatie De Nieuwe Doelen (2023-865157)
De voorzitter: Dames en heren. Met betrekking tot de vergaderorde hebben we eerder afgesproken dat we de agendapunten 7a en 7b gezamenlijk zullen behandelen. Aan het eind zal ik de voorstellen wel afzonderlijk in stemming brengen. Mijn vraag is of een van de indieners van het initiatiefvoorstel de behoefte heeft om op het raadsvoorstel of het proces een toelichting te geven. Dat is niet het geval, stel ik vast. Dan is het woord allereerst aan de heer Oostrum van de PvdA-fractie. De heer Oostrum: Dank u wel, voorzitter. In het afgelopen halfjaar, of jaar, en nog veel langer, is al meer dan genoeg gezegd over de situatie rond De Nieuwe Doelen. Ik zal me dus beperken tot de essentie van vandaag: het initiatiefvoorstel vanuit de raad en het procesvoorstel van het college. Het initiatiefvoorstel verdient een compliment aan de opstellers en de indieners, want ze hebben een poging gedaan die eigenlijk al veel eerder de basis had moeten zijn voor de aanpak. We, en ik bedoel daarmee raad en college, hebben met elkaar in aanvang gefocust op een wensbeeld dat we een groot podium zouden kunnen behouden door een eenmalige investering in het gebouw en het buiten de deur laten organiseren van de exploitatie.
Alle inspanningen ten spijt, en daarmee doel ik niet alleen op de gemeentelijke inspanningen, maar zeker ook op de inspanningen van de initiatiefnemers die hun ideeën hebben ingediend, is het tot op dit moment niet gelukt om tot een aanpak te komen die dat doel zou bereiken. Alleen al daarom is het de hoogste tijd om ons te beraden op een vervolgaanpak en om het doel dat we willen bereiken zo helder mogelijk te formuleren. Met het voorliggende initiatiefvoorstel en procesvoorstel zien wij, Partij van de Arbeid en D66, echter nog te veel risico's op verdere vertraging van het proces en dat de openstelling tot na 2026 verschuift. Daarom dienen wij een amendement in, met als doel om De Nieuwe Doelen nog in deze raadsperiode te laten opleveren, door alle vertragende elementen waar mogelijk te schrappen: ten eerste de vertraging in de bouw, die kan worden voorkomen door uit te gaan van de huidige locatie aan Haarstraat 64 en van de mogelijkheden die passen binnen het vigerend ruimtelijk beleid en ten tweede de vertraging in het vinden van een exploitant die kan worden voorkomen door uit te gaan van de exploitatie bijvoorbeeld door een stichting met bestuurders met een maatschappelijke binding. Daarvoor zou bijvoorbeeld het gesprek kunnen worden gezocht met de indieners van de initiatieven op het bidbook, die als meest kansrijk werden beoordeeld.
Wellicht biedt dat inderdaad kansen om tot een exploitatie te komen. In elk F - 15
geval liggen daar de mogelijkheden om een Europese aanbesteding van de exploitatie te voorkomen. Op deze manier willen wij op de snelst mogelijke manier het grote podium voor Gorinchem en regio behouden en in elk geval binnen deze raadsperiode weer beschikbaar krijgen voor de maatschappelijke gebruikers, zoals scholen en verenigingen. We hebben daarvoor twee amendementen. Het ene amendement dienen we in bij agendapunt 7a, het tweede amendement bij 7b, en dat is eigenlijk alleen maar om het procesvoorstel in overeenstemming te brengen met het amendement dat wij bij 7a indienen. Verder dienen wij samen met D66 een motie in, maar die zal de heer Tekir van D66 toelichten. Dank u wel. Amendement A1: Wij willen dat De Nieuwe Doelen nog in deze raadsperiode wordt opgeleverd. Indieners stellen voor het initiatiefvoorstel als volgt te amenderen: 1. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gorinchem de opdracht te geven om de gemeenteraad voor 1 juli 2024 een raadsvoorstel voor te leggen over een groot podium in Gorinchem; daarvoor: 2. De raad voor 1 juli 2023 een startnotitie voor te leggen met daarin een procesvoorstel voor een haalbaarheidsstudie (businesscase) voor renovatie cq verbouw op de locatie Haarstraat 64, waarbij het vigerend ruimtelijk beleid (zoals bestemmingsplan) leidend is; 3.
De raad voor 26 oktober 2023 opties voor te leggen voor duurzaam beheer (varianten van bestuur en exploitatie) door vrijwilligers en/of professionals met aantoonbare binding met Gorinchem en regio of een combinatie daarvan, waarbij wordt afgezien van een Europese aanbesteding voor de exploitatie; 4. Uit te gaan van multifunctioneel (mogelijk gelijktijdig) gebruik van (delen van) de accommodatie voor sociaal-culturele / maatschappelijke activiteiten en ontmoeten; daarbij als uitgangspunt te nemen: 5. Beschikbaar voor zowel lokale als regionale gebruikers & bezoekers; 6. 300 tot 400 stoelen of het aantal dat de uitkomst is van de businesscase; 7. Een mogelijke bibliotheekfunctie, mits in een vroegtijdig stadium overeenstemming wordt bereikt met Bibliotheek AanZet teneinde vertraging in het proces te voorkomen; 8. Het uitvoerend orgaan van de bibliotheek samen met de gemeente de kaders bepaalt die nodig zijn voor de gewenste bibliotheekfunctie, mits realiseerbaar binnen de planning en mits te dekken binnen de beschikbare of voorziene budgetten voor (verhuizing van) de bibliotheek; 9. Participatieproces met betrokken maatschappelijke en sociaal-culturele organisaties die gebruikmaken of naar verwachting zullen gaan maken van de accommodatie; 10. De meerjarige gevolgen voor de begroting van de gemeente Gorinchem uit te werken; en 11.
De gemeenteraad tussentijds actief te informeren over de voortgang en te betrekken bij het voorlopig ontwerp en (een) raadsbesluit(en) voor te leggen over het definitief ontwerp en over de exploitatievorm. Amendement A2: Wij willen dat De Nieuwe Doelen nog in deze raadsperiode wordt opgeleverd. Aanpassen van punten 2 en 3 van het raadsvoorstel: 2. Het college de opdracht te geven voor het primair uitwerken van één variant met betrekking tot het gebouw en de exploitatie: namelijk, renovatie van de Nieuwe Doelen op locatie Haarstraat 64; 3. Het college voor het uitwerken van deze variant de uitgangspunten mee te geven uit het initiatiefvoorstel.
De voorzitter: Dank u wel. De heer Tekir, D66.
F - 16
De heer Tekir: Voorzitter, dank u wel. Niet één, maar zelfs twee amendementen om de oplevering van De Nieuwe Doelen te versnellen. Waar komt die drang naar versnelling vandaan, vraagt u zich misschien af, en daarvoor wil ik u meenemen, kort hoor, in de geschiedenis van dit inmiddels beladen dossier. We moeten wel iets meer terug dan enkele jaren. Het soebatten over De Nieuwe Doelen bereikt binnenkort namelijk haar tienjarig jubileum. Wat begon als een forse bezuiniging op de cultuurbudgetten in 2013 leidde in 2015 tot het besluit van het toenmalige stichtingsbestuur om de handdoek in de ring te gooien. Dat markeerde, met de kennis van nu, eigenlijk het begin van het einde. Wat daarna volgde was een aanbesteding, waaruit de marktpartij, genaamd Drijver & Partners, naar voren kwam als nieuwe exploitant. Deze marktpartij, die twee jaar lang het theater zou runnen, hield het uiteindelijk nog geen jaar vol. Wie die hele geschiedschrijving nog eens terug wil lezen, kan op internet een rekenkameronderzoek uit 2016 opsporen, met als titel ‘De Nieuwe Doelen als casus, een podium voor reflectie’. Voorzitter. Intussen zijn we wel tien jaar verder en het resultaat vanavond is een planning die in het beste geval uitgaat van nog eens drie-, drieënhalf jaar tot de oplevering, dus eind 2026. En dat duurt te lang, voorzitter, zeker met het oog op de langslepende geschiedenis.
Dus daar waar het kan, zouden we moeten versnellen en dat kan alleen maar door vooraf heldere keuzes te maken. Want laten we wel wezen: met het besluit dat vanavond voorligt beginnen we weer van voren af aan. Wat zijn die heldere keuzes dan die we via deze amendementen beogen? Ik zal dat in vier punten kort toelichten. Allereerst kiezen we in het amendement nadrukkelijk voor de uitwerking van één variant, namelijk renovatie dan wel verbouwing, dus geen nieuwbouw. Bij sloop en nieuwbouw kan de oplevering zomaar een paar jaar naar achteren schuiven, en daar komt bij dat we ook financieel niet over de middelen beschikken om nieuwbouw überhaupt te realiseren. Laten we daarin elkaar dus niet voor de gek houden. Sloop en nieuwbouw van een theatergebouw kost gauw enkele tientallen miljoenen. Ten tweede geen ellenlange en ingewikkelde procedures met een Europese aanbesteding voor de exploitatie. Cultuur kost geld, net zoals sport, mobiliteit of onderwijs. Dus is een realistisch budget voor afdekking van de onrendabele top op de exploitatie van een theater noodzakelijk en voor die exploitatie hebben wij vertrouwen in het culturele ondernemerschap in onze eigen stad en regio. Ten derde. We gaan geen toeters en bellen bedenken die het plan haast onmogelijk maken, dus geen woningen of bedrijven die zich tegen, boven, of onder een theaterzaal gaan vestigen.
Dat gaat niet werken en het lijkt me ook niet prettig als je bijvoorbeeld bovenop een theaterzaal zou wonen. Kortom, steek alsjeblieft geen tijd in al die dingen, richt je enkel op de functie die we willen realiseren, en dat is een groot podium, eventueel met een sociaal-maatschappelijke combinatie, zoals de bibliotheek, en dat laatste ook echt alleen als het haalbaar is. Ten vierde. Als we dan toch definitief kiezen voor Haarstraat 64, dat moet nu haast wel, aangezien de partijen buiten deze locatie zijn afgehaakt, laten we dan ook uitgaan van het vigerende ruimtelijke kader. Dat is onder andere het geldende bestemmingsplan, een aanpassing van ruimtelijke plannen geeft namelijk ook onzekerheid en kan voor vertragingen zorgen. F - 17
Voorzitter, dit zijn zo'n beetje de vier belangrijkste keuzes in de amendementen die D66 en de Partij van de Arbeid voorleggen. Daarmee maken we duidelijk welke kant we op willen en hoe we in potentie een versnelling van de oplevering kunnen realiseren. Hoe snel dat precies zal zijn, weten wij natuurlijk zelf ook niet. Maar wat zou het mooi zijn als we nog in deze raadsperiode de oplevering van een groot podium in Gorinchem kunnen realiseren, niet in de laatste plaats omdat dat voor de verkiezingen nog een unaniem uitgesproken wens was van alle lijsttrekkers op het podium van theater Peeriscoop, weet u nog? Laten we vanavond de daad bij het woord voegen. Aan de fracties die hierover twijfelen, zou ik bij voorbaat willen vragen: wat is erop tegen om de realisatie van een lang gekoesterde wens sneller in vervulling te laten gaan? Dan, voorzitter, zitten we nog met de vraag: wat doen we in de tussentijd met dit toch wel veelzijdige pand?, en daarmee doel ik op de periode totdat de bouwwerkzaamheden starten. In 2024 gaat er in ieder geval geen schop in de grond. Dat is wat we nu al weten op basis van de huidige planning. En we kunnen nu al op onze buik schrijven dat verenigingen in 2024 weer op de stoep zullen staan om gebruik te maken van het theater, net zoals dit jaar het geval was.
En laten we eerlijk zijn: dat heeft de stad dit jaar enkele memorabele culturele hoogtepunten opgeleverd, zoals filmvertoningen van het IFFG, eindvoorstellingen van scholen en als kers op de taart de vijftigjarige jubileumshow van Balletschool Papillon. Laten we daarom De Nieuwe Doelen volgend jaar weer tijdelijk openstellen gedurende het productieseizoen, totdat de bouwwerkzaamheden daadwerkelijk starten. De opening zou dan tijdelijk zijn van april tot juni. En als blijkt dat in 2025 ook nog geen bouwactiviteiten starten, dan zetten we dit uiteraard voort. We zijn overigens benieuwd – dat werd niet duidelijk uit de planning in het procesvoorstel – wanneer de bouwactiviteiten daadwerkelijk starten. Als daarover helderheid gekregen kan worden, helpt dat ook in deze motie. Wat we in ieder geval beogen, is de tijd verkorten tussen sluiting en straks de heropening. Zo bieden we Gorcums talenten de gelegenheid om zo lang als mogelijk gebruik te maken van dit podium. De fracties van D66 en PvdA dienen daarvoor samen een motie in, met als titel ‘Tijdelijke openstelling van De Nieuwe Doelen totdat de bouwwerkzaamheden starten’. De motie is reeds rondgestuurd. Tot slot, voorzitter. De genoemde fracties hebben in de aanloop naar deze vergadering voor het eerst gebruikgemaakt van ambtelijke bijstand.
We hebben daarbij gevraagd welke keuzes de raad zou kunnen maken om dit traject te versnellen. Daar komen deze amendementen ook uit voort, die wij zelf hebben opgesteld. De ambtelijke organisatie heeft pijlsnel gereageerd op onze vragen met een zeer heldere notitie en daar wil ik de ambtelijke organisatie namens D66 en de Partij van de Arbeid van harte voor bedanken vanaf deze plek. Dank u wel. Motie M1: Tijdelijke openstelling van De Nieuwe Doelen totdat de bouwwerkzaamheden starten Ondergetekenden verzoeken het college van burgemeester en wethouders: - De Nieuwe Doelen tijdelijk open te stellen (april – juli) voor (amateurkunst)verenigingen, scholen en andere sociaal-culturele gezelschappen; - deze tijdelijke openstelling te laten voortduren totdat de bouwwerkzaamheden in of aan het gebouw starten; - de kosten hiervoor zoveel als mogelijk te dekken uit de onderbesteding binnen het programma Cultuur (coronasteunpakketten van het Rijk).
F - 18
De heer De Pagter: Voorzitter. Het verbaast mij enigszins dat D66 nu vasthoudt aan de locatie Haarstraat, waar dat in het verleden niet het geval was, en daarnaast ook de mogelijkheid om De Nieuwe Doelen eventueel te combineren met woningbouw, waar zij er in het verleden voor heeft gepleit het optoppen van woningruimte hieruit te halen. Daarop zou ik graag een reactie willen krijgen van de heer Tekir. De heer Tekir: Met alle plezier, voorzitter. Allereerst hebben wij, zoals ik in mijn bijdrage heb aangegeven, op dit moment niet veel meer te kiezen. De partijen die zich buiten deze locatie hadden aangemeld, hebben zich al afgemeld. Daarover hebben wij een best wel teleurstellend mailtje ontvangen, en ook wel pijnlijk, moet ik zeggen, voor deze raad, die een besluit neemt om die locatie te verbreden, maar dat toch niet in praktijk kan brengen. Nu dat niet meer aan de orde is, kunnen we maar beter een concrete keuze maken en doorpakken, en dan is dit de enige overgebleven locatie. Wat betreft uw tweede vraag, over optoppen. Daar zijn wij zeker voorstander van en ik kan me nog goed herinneren dat ik daarvoor heb gepleit. Maar dat pleidooi was gericht op optoppen bij appartementen, daar waar het heel logisch is, dus daar waar wonen al in de bestemming zit. Ik heb toen bijvoorbeeld heel concreet het appartement op de Tiende Penninglaan genoemd, maar mogelijk zijn er meerdere.
Maar een theatergebouw: ik ken in Nederland geen voorbeelden van theaters waar woningen pal boven een theaterzaal zitten. Dat lijkt me qua overlast echt niet wenselijk. Het hele punt is dat wij hier niet het initiatiefvoorstel afschrijven. Misschien moet ik dat ook wel even als algemene reactie geven. Wij willen alleen een verdere aanscherping aanbrengen in het initiatiefvoorstel door klip en klaar heldere keuzes te maken, waarmee we meer vertrouwen krijgen in een snelle oplevering van De Nieuwe Doelen, en dat is uiteindelijk wat we allemaal willen. De heer Klein: Voorzitter. Ik hoor de heer Tekir hier iets zeggen over informatie die ze hebben als basis voor de amendementen die ze indienen. Mis ik dan wat, of…. De heer Tekir: Ik heb begrepen, maar daar ga ik zelf niet over, dat die notitie alleen wordt verstrekt aan de aanvragers van de ambtelijke bijstand. Ik heb er geen enkele moeite mee, sterker nog: ik vind het eigenlijk logisch dat informatie die een deel van de raad heeft ook wordt gedeeld met de rest van de raad. Dus, voorzitter, misschien moet ik die vraag aan u stellen, omdat die technisch is. Als dat kan, zou ik het meteen doen. De voorzitter: In de regelgeving staat dat raadsleden ambtelijke bijstand kunnen vragen via de griffie. Dat gaat dan vervolgens naar de gemeentesecretaris en dat moet natuurlijk wel redelijk afgegrensd zijn.