20221124 Concept Verslag raadsvergadering Gorinchem
Tekst van het document
Nr. 17
Zitting van donderdag 24 november 2022 Voorzitter: mevrouw R.W.J. Melissant-Briene, burgemeester. Aanwezig zijn de leden: de heren B.C.S. Bahlmann en A. Boutachkourt, A.H.A. Foppen, D.R.E. van Gammeren en J.P. van der Geest, de dames P. de Groot en E.W.H. Hamann, de heren W.G. den Hartog, M.C. Houtepen, A.C. van Houwelingen, J. Klein, A. Koçak en A. Krol, de dames W. Loderus en G. Metz, de heren T.I. van der Meijden en J.C. Oostrum, mevrouw J. van Oversteeg, de heer M. de Pagter, mevrouw L.P.W. Pellikaan en de heren N. van Santen, P.C.J. Schefferlie, I. Tekir, D. van Veen en C. van Willigen. Griffier: de heer H. Sepers. Tevens aanwezig de heer M. de Boer en de dames E.L. Dansen, A. Mager en M.J. Molengraaf (wethouders), alsmede mevrouw H. Kromkamp (gemeentesecretaris).
* 1. Opening (19.30 uur). ..................................................................................................................................................2 2. Ingekomen stukken. ...................................................................................................................................................3 3. Vaststellen agenda......................................................................................................................................................3 4. Vaststelling notulen....................................................................................................................................................3 5. Vragenuurtje raadsleden, informatie vanuit het college.............................................................................................3 6. Bespreekstukken.........................................................................................................................................................7 6.a Septembercirculaire gemeentefonds 2022 (2022-829283).
.....................................................................................7 6.b Verordening op de fractieassistenten gemeente Gorinchem: wijziging artikel 4, jaarlijkse vergoeding voor fractieassistenten (2022-828718).............................................................................................................................8 6.c Asielopvang in Gorinchem (2022-829195). ............................................................................................................9 7. Hamerstukken...........................................................................................................................................................43 7.a Maandwijziging besluitvorming begroting 2023 (2022-834954)..........................................................................43 7.b Overzicht begrotingswijzigingen november 2022 (2022-835271)........................................................................44 8. Moties vreemd aan de orde van de dag. ...................................................................................................................44 9. Sluiting. ....................................................................................................................................................................44
Q-1
1. Opening (19.30 uur).
De voorzitter: Dames en heren, leden van de raad, van harte welkom in deze raadsvergadering. In het bijzonder heet ik de leden van de carnavalsvereniging welkom. Fijn dat u hier bent en wie weet bevalt het zo goed, dat u later nog eens komt kijken. Van harte welkom uiteraard ook de andere mensen op de publieke tribune en degenen die vanavond, of op een ander moment, thuis of waar dan ook kijken. Het is gebruikelijk de raadsvergadering te openen met een stukje vanuit het Regionaal Archief Gorinchem, dat wordt opgesteld door René van Dijk, daarbij kijkend naar de agenda van de raad. Ook vandaag heef hij weer een mooi stukje geschreven, dat ik graag even wil voordragen. Boven het stukje staat ‘Assistent’. In Qatar lopen twee assistent-bondscoaches rond om Oranje naar het wereldkampioenschap te leiden, Danny Blind en Edgar Davids. Louis van Gaal begrijpt dus heel goed dat ook de fracties op het speelveld in deze raadzaal assistenten behoeven. Bij ons doen die echter niet aan het coachen van dribbelen, passen en scoren en ook hoeven ze niet te juichen bij een mooie tackle. Waarom zijn die fractieassistenten er dan wel? Dit instituut komt voort uit de wens om grensoverschrijdend gedrag in te dammen. Het gebeurde namelijk geregeld dat raadsleden zomaar iemand stuurden om stukken in te zien in de raadstrommel, de analoge voorganger van iBabs.
Ik heb mezelf ook op de hoogte moeten stellen van wat dat was, een raadstrommel. Ik vroeg me eerst af of het soms een verschrijving was, maar het blijkt echt bestaan te hebben. In die raadstrommel bevonden zich natuurlijk ook geheime stukken. Gelukkig had burgemeester IJssels in zijn vorige gemeente ervaren dat er officiële fractieassistenten waren, die verplicht waren tot geheimhouding. Op zijn voorstel ging de raadscommissie algemene zaken hiermee akkoord: per fractie één assistent. Sinds iBabs kunnen raadsleden natuurlijk niet meer argumenteren stukken niet zelf te kunnen inzien, maar er dook bij de behandeling in de voltallige raad in augustus 1993 nog een bestaansreden voor dit instituut op: fractieassistenten zouden niet alleen lees-assistenten worden, maar bovendien plaatsvervangend lid van een raadscommissie. Vooral kleine fracties waren daar natuurlijk bij gebaat, want commissievergaderingen vonden ook in die tijd vaak parallel aan elkaar plaats, en dan is het voor een kleine fractie natuurlijk wel fijn dat je een fractieassistent naar een parallelle vergadering kunt laten gaan. Nog binnen een jaar besloot men zelfs per fractie twee assistenten toe te laten, wel te betalen door de fractie, niet door de gemeente. Een paar van de fractieassistenten van het eerste uur waren Arjen Rijsdijk en Herman van Santen, beiden later raadslid en wethouder.
Overigens leek de raadsagenda van augustus 1993 wel wat op die van tegenwoordig, want wat stond er toen op de agenda: de toewijzing door het Rijk van 88 vooral Joegoslavische statushouders aan ons, waarmee de raad unaniem akkoord ging – hint, hint! –, alsmede het uitgeven van 40.000 gulden aan een onderzoek naar de financiering van… De Nieuwe Doelen, met drie tegenstemmen! De vergadering is geopend. In het kader van de mededelingen kan ik u melden dat twee fractieassistenten van Democraten Gorinchem vertrekken, mevrouw Versluis en de heer Koolhoven. Moties en amendementen kunnen, voor zover ze nog niet zijn ingediend, worden toegestuurd aan griffie@gorinchem.nl. Afwezig met kennisgeving is wethouder Polatli. Q-2
2. Ingekomen stukken.
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt besloten conform de door de agendacommissie geadviseerde afdoening. 3. Vaststellen agenda.
De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 4. Vaststelling notulen.
De notulen van de raadsvergadering van 29 september 2022 en de verslagen van de parallelsessies 221103 I&O Stedelijke vernieuwing Gildenwijk, 221103 I&O Herinrichting Banneweg fase 2 Piazza Center, 221103 I&O Stijgende bouwkosten voor investeringsplannen, 221103 B&A Asielopvang, 221117 I&O B&A Aanvullende budgetaanvraag brug ArkelsedijkSpijksedijk, 221117 I&O B&A Bestemmingsplan herontwikkeling Van Zomerenlaan, 221117 I&O Integraal Veiligheidsplan en 221117 I&O Omgevingswet delegatie bevoegdheden raad en college, worden zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming ongewijzigd vastgesteld. 5. Vragenuurtje raadsleden, informatie vanuit het college.
De voorzitter: Het woord is allereerst aan mevrouw De Groot van de PvdA. Mevrouw De Groot: Dank, voorzitter. Het is bekend: alles wordt duurder, van boodschappen tot de energierekening, en steeds meer mensen hebben moeite om rond te komen. We leven helaas in een tijd waarin de trend stijgende is met betrekking tot armoede. Hoewel al verschillende acties worden ondernomen, willen wij als PvdA ook stilstaan bij kinderarmoede. We kennen allemaal berichten uit het nieuws waarin wordt geconstateerd dat kinderen zonder ontbijt naar school gaan, omdat ouders het niet meer kunnen betalen. Soms moeten keuzen gemaakt worden tussen ontbijt of avondeten. Onderzocht is of kinderen die zonder ontbijt naar school gaan zich moeilijker kunnen concentreren, en zij hebben evident slechtere leerprestaties dan kinderen die wel ontbijten. Kinderen mogen dan ook niet de dupe worden van de ontstane financiële moeilijkheden die op dit moment door steeds meer ouders worden ervaren. Daarom vragen wij als PvdA het volgende.
Heeft het college er zicht op in welke mate kinderen in onze gemeente zonder ontbijt naar school gaan? Is het college met ons van mening dat we moeten zorgen dat alle kinderen in Gorinchem met een ontbijt naar school kunnen gaan, en wat is hier naar uw mening voor nodig? Krijgt het college meer signalen van Gorcumse scholen, of vanuit verenigingen, over de gevolgen van de stijgende kosten voor kinderen? De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Mager. Wethouder mevrouw Mager: Dank u wel voor uw vragen, heel begrijpelijk in deze tijd. Momenteel ben ik bezig met een tour langs diverse scholen en ik kan u vertellen dat het nuttigen van een ontbijt ook daar regelmatig onderwerp van gesprek is. Het blijkt dat het ook afhankelijk is van op welke school je bent en welke populatie in die school is. Eigenlijk kun je het het beste aan de scholen zelf toevertrouwen om te beoordelen of Q-3
kinderen al dan niet hebben ontbeten. Naar aanleiding van de vragen die vanavond gesteld zouden worden heb ik speciaal nog navraag gedaan bij negen basisscholen, die ons hebben laten weten dat zij op hun school redelijk in beeld hebben of er al dan niet voldoende wordt ontbeten. In de praktijk gaan ze er verschillend mee om. Sommige scholen hebben vers fruit en door scholen wordt ook wel gekeken wat in een broodtrommeltje wordt meegegeven e.d. Ik heb er wel vertrouwen in dat daar op microniveau goed naar gekeken wordt. We hebben ook nog een school in Gorinchem, het Vita College, waarvan de leerlingen zelf hun eigen verse lunch maken in de beschikbare keuken. Het voert te ver om hier allerlei cijfers te gaan noemen, maar op www.hoegezondiszhz.nl staan cijfers over ontbijten, fruit en groente eten voor kinderen van 0 tot 12 jaar, en daar is ook te vinden hoe het daarmee in Gorinchem gesteld is. Verder hangt het vaak ook nog af van de achtergrond van de kinderen, de cultuur waaruit ze komen, of het al dan niet nuttigen van ontbijt als normaal wordt beschouwd. De GGD zet er ook op in met een gezonde-schooladviseur die dat expliciet aan de orde stelt op de basisscholen en op het voortgezet onderwijs. Als scholen een indicatie hebben dat het op hun school meer dan gemiddeld mis gaat, bieden zij maatwerk en ondersteuning.
Daarnaast, en daar bent u vast wel mee bekend, is er op het moment een regeling vanuit het Rijk, ‘Gratis ontbijt op basisscholen met veel kwetsbare leerlingen’. Wij attenderen scholen daarop en onderzoeken met hen de mogelijkheden om hierin als scholen financieel ondersteund te kunnen worden. Tot nu toe hebben wij geen directe signalen ontvangen van scholen of verenigingen dat de armoede waaraan u refereerde van invloed is op kinderen. Wel hebben we begrepen dat het bij sommige scholen voor ouders soms moeilijk is de ouderbijdrage te betalen. Maar zoals bekend, is dat geen verplichte bijdrage, zodat scholen daarop in principe ook geen aanspraak kunnen maken en ik denk dat ze dat in dit geval ook zeker niet zullen doen. Mevrouw De Groot: Mag ik nog een vraag stellen, voorzitter? De voorzitter: Ga uw gang. Mevrouw De Groot: Wat doet de gemeente nu, behalve het promoten van dat Rijksprogramma richting de scholen? Wethouder mevrouw Mager: Er is nauw contact met de scholen. Zij weten de betreffende medewerkers te vinden als er een probleem is en ze weten ook dat ze aan de bel kunnen trekken, maar vooralsnog wordt het niet als een probleem gezien, omdat de scholen die het aangaat maatwerk bieden en niet ervaren dat het nu erger zou zijn dan het was. Het nuttigen van een ontbijt is namelijk niet voor iedereen standaard.
Pubers bijvoorbeeld hebben soms helemaal geen zin om ’s ochtends te ontbijten en liggen liever nog een kwartiertje langer in hun bed. De schrijnende gevallen waaraan u refereert zijn over het algemeen wel bij de scholen in beeld. Mevrouw De Groot: Bedankt. De voorzitter: De tweede vraag betreft een noodkreet van de carnavalsvereniging. Daarover zijn vragen gesteld door D66 en de heer Van der Meijden zal het woord voeren. Q-4
De heer Van der Meijden: Dank u wel, voorzitter. Ik mag deze vragen mede stellen namens de Partij van de Arbeid, Democraten Gorinchem en het CDA. Voorzitter. Tijdens carnaval verandert onze stad voor een paar dagen van naam. Gorinchem wordt Bliekenstad. We kennen in dat opzicht een lange traditie van festiviteiten rondom carnaval. Hoe kan het eigenlijk ook anders, waar onze stad alleen maar door de rivier gescheiden wordt van Brabant? Maar, voorzitter, we hebben een noodkreet ontvangen van de organisatie, en die hebben we zojuist op de Zeepkist ook bevestigd gehoord, over de mogelijkheid dat carnaval dit jaar buiten de stadswallen dreigt te vallen. Daarom de volgende vragen. Klopt het dat carnaval dit jaar moet uitwijken naar Piratenland als uitvalsbasis, bij gebrek aan een beheerder voor De Nieuwe Doelen? Bent u het met D66, Partij van de Arbeid, Democraten Gorinchem en CDA eens dat zo’n feest eigenlijk in de binnenstad hoort? En tot slot: is het college bereid om in overleg met de organisatie nog een keer te kijken en te verkennen of er alsnog een mogelijkheid is om een locatie te vinden in de binnenstad? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Mager. Wethouder mevrouw Mager: Dank u wel voor deze vragen. Ik begrijp inmiddels dat het aantal vragenstellers is uitgebreid, dus ook hen bedankt.
Allereerst: veel waardering voor de aanwezigen van de diverse carnavalsverenigingen. Ik bewonder uw drive en uw inzet. Het is, naar ik heb begrepen, niet de eerste keer dat u op de Zeepkist hebt gestaan voor nagenoeg hetzelfde onderwerp. De gemeente heeft van de carnavalsverenigingen, moet ik, denk ik, zeggen, het verzoek gekregen om De Nieuwe Doelen in 2023 te gebruiken om carnaval te vieren. Ik vind het best lastig om te zeggen, maar aan dat verzoek kunnen wij helaas niet voldoen. Waarom niet? Ik hoorde net al even zeggen, en dat vond ik wel een heel kort antwoord: De Nieuwe Doelen is op het moment gesloten en er vinden geen openbare activiteiten plaats. Dat geldt niet alleen voor carnaval. We hebben al diverse organisaties / verenigingen moeten teleurstellen omdat De Nieuwe Doelen niet gebruikt kan worden. En als je tegen de één ‘nee’ zegt, moet je dat ook tegen de ander doen. Op het moment is er wel leegstandsbeheer, zoals u zelf ook had geconstateerd, en dat is om nog verdere achteruitgang van het pand en ja, helaas ook vandalisme, te voorkomen. Ik hoorde Piratenland langskomen als alternatief. Het is een van de suggesties die vanuit dit huis zijn gedaan om te onderzoeken of het voor de vereniging een alternatieve locatie zou kunnen zijn, want het is niet aan de gemeente om te bepalen waar carnaval gevoerd moet worden.
De verenigingen mogen zelf proberen daarvoor een geschikte locatie te vinden. Dan de vraag of een feest als carnaval niet in de binnenstad thuishoort. Ja, een carnavalsoptocht vindt doorgaans binnen de stadswal plaats. De carnavalsverenigingen weten dat daarvoor de benodigde vergunning moet worden aangevraagd. In principe kan een carnavalsfeest zoals overal in Nederland in de gehele stad plaatsvinden. Zoals ik net al zei, is het niet aan de gemeente om dat te bepalen. Degenen die carnaval vieren weten dat het vooral hoppen is van plek naar plek, met veel gezelligheid en alles wat daarbij hoort.
Q-5
Ten slotte is gevraagd om een nadere verkenning. Natuurlijk zijn wij altijd bereid het gesprek aan te gaan en mee te denken, waarbij de carnavalsverenigingen zelf in principe ‘in the lead’ zijn om te kijken waar zij hun carnavalsfeest zouden willen vieren. Ik kan het helaas niet mooier maken. De heer Schefferlie: VoorzitterDe voorzitter: De heer Schefferlie. De heer Schefferlie: Twee aanvullende vragen. Mijn eerste vraag: vinden in het kader van het huidige leegstandsbeheer helemaal geen activiteiten plaats in De Nieuwe Doelen? Als dat wel zo is, zou het bestuur zich dan willen inzetten om ook deze activiteit binnen de mogelijkheden van het leegstandsbeheer te laten plaatsvinden? Als het helemaal niet lukt, is er wellicht een tweede optie. Ik herinner me dat een aantal jaren geleden, waarschijnlijk ook om redenen dat het elders niet kon, een hele grote tent is neergezet op de Grote Markt, waarin toen op een best succesvolle manier carnaval gevierd is. Zou dat nog een optie zijn waaraan de gemeente eventueel medewerking kan verlenen? Wethouder mevrouw Mager: In antwoord op uw eerste vraag moet ik zeggen dat het nogal een verschil is of er één, twee, of misschien drie mensen in De Nieuwe Doelen rondlopen, dan wel een paar honderd mensen.
Het zal ongetwijfeld wel eens voorkomen, ook in het kader van het leegstandbeheer, dat anderen de behoefte voelen daar een keer een kijkje te gaan nemen, op kleine schaal, maar dat is wel even wat anders dan een evenement. Dit lijkt me een afdoende antwoord op uw eerste vraag. Wat betreft uw tweede vraag: ik gaf net al aan dat wij van harte bereid zijn om samen met de carnavalsverenigingen te kijken wat er verder nog mogelijk zou kunnen zijn, waarbij zij zelf ‘in the lead’ zijn. De voorzitter: De heer Koçak. De heer Koçak: Dank u wel, voorzitter. Begrijp ik dat de wethouder in andere woorden een actieve bemiddeling heeft toegezegd? Wethouder mevrouw Mager: Daar is het woord ‘toezeggen’ weer! Het is geen toezegging, het lijkt me een hele normale gang van zaken. Mensen hebben de moeite genomen vanavond naar de Zeepkist te komen, daar heb ik mijn waardering voor uitgesproken, en volgens mij gaan we in dit huis sowieso altijd het gesprek met elkaar aan en faciliteren we daar waar mogelijk. Maar nogmaals: zoals bij elk evenement hangen er vergunningen aan vast die moeten worden aangevraagd en daaraan zijn voorwaarden verbonden. Dat weet men overigens als geen ander. Wij zijn altijd bereid tot een gesprek. De heer Koçak: Dan roep ik de carnavalsvereniging op morgen gelijk een afspraak te maken. Wethouder mevrouw Mager: Ik denk dat u dat helemaal niet hoeft te doen, maar goed.
De heer Koçak: Dank u wel.
Q-6
De heer Van der Meijden: Voorzitter. Ik verzoek de wethouder het resultaat van de verkenning die ze gaat doen aan ons terug te koppelen. Verder wil ik nog de volgende suggestie meegeven. Eerder is er ook tijdelijk beheer geweest van De Nieuwe Doelen en ik weet dat het heel betrokken mensen zijn die dat doen. Misschien zou het college eens kunnen verkennen of die tijdelijk weer bereid zijn zich te bekommeren om ons cultureel erfgoed, want daar gaat het hier ook over, begrijp ik, en dat is ook onderscheidend ten opzichte van al die andere activiteiten daar. Wethouder mevrouw Mager: Of dat een verkenning moet heten, laat ik graag aan u, maar ik denk dat het antwoord dat ik net aan de heer Koçak gaf wel voldoende moet zijn. En of ik het naar u terug wil koppelen, ik zou zeggen: u hebt mijn nummer, geen enkel probleem. De voorzitter: Dank u wel. Dan is er nog informatie vanuit het college. Wethouder Molengraaf zal een mondelinge toelichting geven op het onderwerp ‘matigen huurindexatie’. Wethouder mevrouw Molengraaf: Voorzitter, dank u wel. Ik heb een mededeling over het matigen van de huurindexatie per 1 juli 2022 en 1 januari 2023. U zult denken: maar 1 juli 2022 is toch al voorbij? Daar kom ik op terug.
Het college heeft van de week besloten de huurindexatie voor panden en gronden die van ons zijn en voor het overgrote gedeelte gebruikt en gehuurd worden door maatschappelijke huurders, en die twee keer per jaar, in juli en januari, geïndexeerd worden, te matigen. Per 1 juli 2022 was vanwege de hoge inflatie de index gestegen naar 9,7% en in januari 2023 zou dat 14,5% zijn. Vanwege het feit dat in ons vastgoed over het algemeen maatschappelijke partners zitten, die voor een heel groot deel zo’n huur ook helemaal niet kunnen opbrengen, hebben wij besloten niet deze indexatie toe te passen, maar de kerninflatie, waarbij de extreme energiekosten, waarvan we ook hopen dat die tijdelijk zijn, eruit halen. Dus willen we de huurindexatie op 4,75% vaststellen. Ik meen dat daarover in juli vragen zijn gesteld, en die zijn hiermee ook beantwoord. Wij zullen de huurders hierover informeren. De huurverhogingen die per 1 juli 2022 zijn ingegaan, zullen wij corrigeren. Ook die huurders zullen we daarover informeren. Dat was mijn mededeling. De voorzitter: De heer Tekir. De heer Tekir: Voorzitter. Langs deze weg wil ik het college bedanken voor de proactieve beantwoording van de vragen die wij destijds hebben gesteld. Deze nieuwe kernindex doet inderdaad meer recht aan de situatie, waardoor maatschappelijke organisaties hopelijk niet onder druk komen. Dank u wel. 6.
Bespreekstukken 6.a Septembercirculaire gemeentefonds 2022 (2022-829283).
De voorzitter: De septembercirculaire is op voorstel van de agendacommissie als bespreekstuk op de agenda geplaatst omdat hierover geen I&O- en B&A-sessie zijn
Q-7
geweest. Tegelijkertijd is er al wel het nodige mee gedaan. Voorgesteld wordt nu het positieve resultaat 2022 van 440.000 euro toe te voegen aan het begrotingssaldo 2022 en de financiële middelen met een specifieke bestemming voor de periode 2022-2026 te verrekenen op de verschillende beleidsterreinen. Zonder hoofdelijke stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 6.b Verordening op de fractieassistenten gemeente Gorinchem: wijziging artikel 4, jaarlijkse vergoeding voor fractieassistenten (2022-828718).
De voorzitter: Ook op deze verordening hebben geen I&O en B&A plaatsgevonden. Het voorstel komt uit het fractievoorzittersoverleg, uiteraard met de goede hulp van de griffie, waarbij door de PvdA de discussie was aangezwengeld met betrekking tot de vergoeding voor de fractieassistenten. Voorgesteld wordt de vergoeding per januari 2023 te koppelen aan de fiscaal niet belaste vrijwilligersvergoeding, de financiële consequenties ter grootte van 5400 euro ten laste te brengen van het begrotingssaldo en te verwerken in de begrotingswijzigingen en de verordening op de fractieassistenten hierop aan te passen. Het woord is aan de heer Oostrum. De heer Oostrum: Dank u wel, voorzitter. Deze aanpassing van de verordening op de fractieassistenten is, zoals u al zei, een uitvloeisel van het voorstel om onze assistentbondscoaches – ik bedoeld natuurlijk de fractieassistenten – meer of beter te waarderen, zoals we dat besproken hebben in het fractievoorzittersoverleg. Ik kan namens alle fractievoorzitters spreken, als ik zeg dat de bedoeling van het voorstel was en is om die waardering niet alleen te laten blijken in de financiële vergoeding, maar ook in de omgang met de fractieassistenten bij de installatie, bij het afscheid, bij activiteiten van de raad en bij het faciliteren van fractieleden.
Fractieassistenten doen namelijk vaak hetzelfde werk als de gekozen raadsleden, voorbereiden en bijwonen van vergaderingen, voorbereiden en opstellen van schriftelijke vragen, moties en amendementen, en ze zijn aanspreekbaar in hun omgeving en voeren ook initiatieven uit. Onze fractieassistenten zijn inmiddels dan ook gewoon fractielid, ondanks dat ze geen lid zijn van de gemeenteraad, en ze zijn ook op straat aanspreekbaar als lid van de fractie. Ik ben ervan overtuigd dat dat ook geldt voor fractieassistenten bij alle andere fracties. Bij dezen doe ik nogmaals de oproep om die waardering niet alleen in geld, maar vooral ook in ons gedrag, dat van college, gemeenteraad en ambtenaren, naar fractieassistenten toe te laten blijken. Misschien helpt een klein applausje, als we dat nu zouden willen geven. (Applaus) De voorzitter: U hebt namens de fractievoorzitters gesproken, dus ik ga ervan uit dat niemand anders het woord wenst te voeren. Dan gaan we over tot stemming en ik heb begrepen dat twee leden uit onze raad daarover het woord wensen te voeren. Allereerst geef ik de heer Foppen het woord, daarna de heer Van der Meijden. De heer Foppen: Voorzitter, dank u wel. Vanavond wordt, zoals u zelf ook al hebt aangegeven, gestemd over een verhoging van de vergoeding voor fractieassistenten. Zoals iedereen weet, ben ik op dit moment vervangend raadslid. Nadat ik als vervangend
Q-8
raadslid de raad heb verlaten, is het voornemen dat ik opnieuw fractieassistent wordt. U zult begrijpen dat ik als persoon, maar ook als goede SP’er, niet wil stemmen over een vergoeding die ik na de vervanging waarschijnlijk zelf als fractieassistent weer ga ontvangen. Dat zou ik niet chic vinden en ik zal me dus onthouden van stemming. De voorzitter: De heer Van der Meijden. De heer Van der Meijden: Dank u wel, voorzitter. Zoals u weet, ben ik tijdelijk lid van uw raad. Na afloop van dat tijdelijke raadslidmaatschap zal ik terugkeren in de rol van fractieassistent. Het voorstel dat voorligt betreft een verhoging van de vergoeding voor fractieassistenten en ik meen daarom een direct persoonlijk belang te hebben bij dit besluit. Ik hecht waarde aan een grote integriteit van ons openbaar bestuur en vind het belangrijk om iedere schijn van belangenverstrengeling te voorkomen. Daarom wil ik gebruikmaken van de mogelijkheid die artikel 28 lid 1 van de Gemeentewet biedt om me te onthouden van stemming. Dank u wel. De voorzitter: In de praktijk zullen twee leden van de raad dus niet meestemmen. Zijn er nog anderen die een stemverklaring wensen af te leggen? Mevrouw Hamann. Mevrouw Hamann: Dank u wel, voorzitter. Wij stemmen in met dit voorstel voor nu, maar willen op termijn wel een keer de discussie aangaan over fractieassistenten in relatie tot de grootte van de fractie.
Ze zijn tenslotte bedoeld om fracties bij te staan. Er zijn grote en kleine fracties en wij zien daar verschil in. Dat hoeven we nu niet te bespreken, maar ik wil het wel graag een keer agenderen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Het lijkt me goed dat te noteren voor het fractievoorzittersoverleg. Aan de orde is thans de stemming. Het voorstel wordt in stemming gebracht en met algemene stemmen aanvaard, onder aantekening dat de heren Foppen en Van der Meijden om hun moverende redenen niet aan de stemming hebben deelgenomen. 6.c Asielopvang in Gorinchem (2022-829195).
De voorzitter: Even een stukje achtergrondgeschiedenis. Het Rijk gaf de gemeente Gorinchem eind 2021 een aanwijzing om vluchtelingen op te vangen in het voormalige belastingkantoor. Tijdens de raadsvergadering van 16 december 2021 is aangegeven dat de gemeente de aanwijzing van het Rijk tot opvang van 300 vluchtelingen in het voormalig belastingkantoor gaat opvolgen. Met het COA zijn in een bestuursovereenkomst afspraken vastgelegd. Daarin is opgenomen dat de overeenkomst van rechtswege eindigt na de duur van één jaar. Het COA heeft het college per brief van 10 oktober jl. gevraagd om verlenging. U wordt voorgesteld: 1. de opvang van 300 vluchtelingen in het voormalig belastingkantoor aan de Vroedschapstraat voor maximaal twee jaar te verlengen, of zoveel korter als mogelijk indien uw raad instemt met een verzoek van het COA tot het vestigen van een nieuwe opvanglocatie in Gorinchem; Q-9
2. de maximale periode van twee jaar te benutten voor het realiseren van een nieuwe opvanglocatie elders in Gorinchem; 3. de overdracht van eigendom tussen het COA en de gemeente Gorinchem van het voormalig belastingkantoor vast te laten leggen met als uiterste datum van overdracht 28 december 2024. Het woord is allereerst aan de heer Klein van Stadsbelang. De heer Klein: Voorzitter. Stadsbelang ontvangt al geruime tijd berichten omtrent de asielopvang in het belastingkantoor. Zojuist, voor deze vergadering, heb ik nog kort een aantal mails kunnen inlezen die waren ingestuurd naar aanleiding van de informatiebrief. Het zijn eigenlijk verhalen van mensen die zich niet meer thuis voelen in hun wijk, in hun stad, maar ook erger: mensen die zich simpelweg niet meer thuis voelen in hun eigen huis. Dit zijn mensen die nachten wakker liggen van geluidsoverlast, of die in de avond niet meer over straat durven omdat ze zich, om wat voor reden dan ook, niet meer veilig voelen op straat. Als klap op de vuurpijl zijn deze mensen ook nog het geloof kwijt geraakt in het bestuur van deze stad, simpelweg omdat we keer op keer loze beloften hebben gedaan, beloften die we klaarblijkelijk niet hebben kunnen waarmaken. Vreselijk, want iedereen verdient een prettige plek om te leven en wonen, oude of nieuwe Gorcumers, wel of geen Nederlander.
Iedereen verdient ook een bestuur waarop ze kunnen vertrouwen. Dit maakt de situatie waar we in zitten ook zo moeilijk. Want, voorzitter, volgens mij is er niemand in deze raadzaal die mensen in nood niet zou willen helpen. Maar er is ook niemand in deze raad die te boek wil staan als onbetrouwbaar bestuurder. Juist daarom hebben wij van Stadsbelang in een spagaat gezeten, een spagaat die als ik hier zo sta nog steeds pijnlijk is. Voorzitter. Uiteindelijk zijn we tot de conclusie gekomen dat we willen helpen, maar we willen wel helpen onder strikte voorwaarden, voorwaarden die de inwoners van de Gildenwijk en Gorinchem zekerheid kunnen bieden naar de toekomst. Om die reden dienen wij vanavond een amendement in, waarin we borgen dat de verlenging geen vrijbrief wordt voor het COA. Amendement A1: Borging asielopvang Gorinchem De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 24 november 2022; stelt voor het voorliggende voorstel als volgt te amenderen: 1. de opvang van vluchtelingen in het voormalig belastingkantoor aan de Vroedschapstraat voor maximaal twee jaar (1 + 1 jaar) te verlengen of zoveel korter als mogelijk indien uw raad instemt met een verzoek van het COA tot het vestigen van een nieuwe opvanglocatie in Gorinchem; 2.
de maximale periode van twee jaar te benutten voor het faciliteren van een nieuwe kleinschalige opvanglocatie vluchtelingen onder verantwoordelijkheid en financiering van het COA. Vuistregel voor kleinschalig is 150 vluchtelingen op één locatie, zie ook raadsvoorstel: Z/21/703219/D8-804756 Onder voorwaarden dat: A. de werkzaamheden voor benodigde aanpassingen aan het voormalig belastingkantoor aan de Vroedschapstraat ter voorkoming van overlast Q1 2023 zichtbaar zijn gestart; B. het aantal vluchtelingen vanaf 2023 op natuurlijke wijze af te bouwen van 300 naar 150 vluchtelingen. Het COA rapporteert op kwartaalbasis over het aantal aanwezige vluchtelingen; C. de overdracht van eigendom tussen het COA en de gemeente Gorinchem van het voormalig belastingkantoor aan de Vroedschapstraat vast te leggen met als uiterste
Q - 10
datum van overdracht 28 december 2024; D. indien het COA voortijdig een nieuwe locatie heeft gevonden en gereed gemaakt, de overdracht van het voormalig belastingkantoor aan de Vroedschapstraat binnen twee maanden zal plaatsvinden; E. de samenstelling van de groep vluchtelingen bestaande uit een mix van families en kansrijke asielzoekers niet zal wijzigen; F. er in Q3 2023 een evaluatiemoment zal zijn met betrekking tot de verlenging (1+1) waarbij de gemaakte afspraken voor verlenging de maatstaf vormen.
Hiermee zal dit besluit hoe dan ook een bittere pil blijven, maar wij geloven erin dat we hiermee voldoende borging kunnen aanbrengen voor Gorinchem, om uiterlijk na twee jaar ook echt definitief afscheid te kunnen nemen van asielopvang in het belastingkantoor en daarmee een oude belofte kunnen inlossen. Bedankt, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Schefferlie, Democraten Gorinchem. De heer Schefferlie: Ik gebruik dit kaartje graag, voorzitter, want ze willen thuis graag zien dat ik hier echt weer ben! Overigens doe ik dat al zo lang dat ik het risico loop dat de archivaris een keer verhalen gaat vertellen uit het verleden waar ik zelf in voorkom! Als hij dat bijvoorbeeld over twintig jaar geleden doet, kan ik u vertellen dat ik toen als fris en fruitig raadslid met schroom hier stond, om te praten vanuit de rare positie waarin je eigenlijk verkeert als je hier staat en mag praten over de plek die je wel of niet aan mensen gunt die om wat voor reden dan ook risico lopen in hun leven, of seksueel belaagd worden, of alles dreigen te verliezen door oorlog en andere misdaden. Dat is nogal wat. Die wetenschap geldt nog steeds vandaag. We staan almaar meer onder druk in ons kleine land om dat op te vangen en tegelijk onze eigen mensen te huisvesten.
Maar het is wel iets waaraan je gewoon wilt blijven bijdragen, tenminste in ieder geval als Democraten Gorinchem, en voor zover ik begrijp tot nu toe ook gelukkig hier unaniem in deze raad. Maar het levert wel een meerstemmigheid op, omdat wij denken dat je dit juist, zeg maar, langdurig kunt doen met draagvlak, als het gebeurt door een betrouwbare overheid te zijn. Net als de heer Klein al zei, is het ontzettend lastig gebleken om daar invulling aan te kunnen geven. Daar worstelen we tot en met de dag van vandaag nog steeds mee. Ik moet even teruggaan naar Gorinchem en de relatie met het COA. Je zou zeggen dat wij een van de beste vrienden zijn van het COA en dat je je eigenlijk ook zo behandeld moet voelen, maar dat vinden we niet. We weten nog dat de aanschaf van het belastingkantoor zonder medeweten van het college op dat moment is gebeurd, de medewerking van het COA aan de onrechtmatige aanwijzing van vorig jaar en de klap op de vuurpijl is voor mij wel de overlast. Je moet je voorstellen dat er altijd geklaagd wordt over overlast, en op een zeer begrijpelijke manier, want je zult maar oud zijn, daar wonen en redelijkerwijs niet meer kunnen verhuizen, terwijl het geluid maar binnen blijft galmen. Je klaagt jaarin, jaar-uit en nu komt het COA op het idee om nóg eens te verlengen, en weet je wat: volgens mij kunnen we wel wat aan die geluidsoverlast doen.
Ik vind dat schokkend, en dan voeg ik er geen woord aan toe, wat ik thuis wel zou doen. Dat is dus waar we mee te maken hebben en je zou eigenlijk kunnen zeggen dat op de relationele bankrekening met het COA het COA ernstig in het rood staat bij de gemeente Gorinchem, wat juist het klimaat zou bieden om nu van het COA te verwachten dat ze niet op basis van hun machtspositie die er is – ze kunnen redelijk hun gang gaan en de Q - 11
Spreidingswet komt er ook nog eens een keer aan – zaken met ons willen doen, maar op basis van een mooie en langdurige samenwerkingsrelatie, ondanks alles van hiervoor. Dat hebben wij verdiend en dat zou voor het college ook ruimte bieden om de afspraken die te maken zijn op zo’n manier te doen, dat ze het meest dicht komen bij wat onze inwoners recht doet, ook weer vanuit de gedachte dat het ons weliswaar niet lukt om die betrouwbare overheid te zijn, maar dat we daar wel zo dicht mogelijk bij willen komen. Voorzitter. Ik moet ook terugkijken naar het gelopen proces, want we kunnen het wel over het COA hebben, maar het gaat hier natuurlijk ook vooral om onze eigen invloed. Ik wil niet te rancuneus doen, omdat ik bijvoorbeeld in de vorige raadsperiode gezien heb met welke vergrootglazen gekeken werd naar procesmatige toestanden, om daar met grof geschut op te schieten, nee, dat wil ik niet. Wij hebben ons voorgenomen een andere oppositiestijl te hanteren. Dat is best moeilijk, zeker omdat hier we kritische noten te kraken hebben, maar dat doen we ook wel met compassie, want we zien ook wel in dat het niet meevalt om dit proces nu goed te doen, in de wetenschap hoe murw iedereen zal zijn, dat geen hond je eigenlijk meer gelooft als overheid en dat we eigenlijk ook met de rug tegen de muur staan als het er echt op aankomt.
Maar dan nog, voorzitter, moet je, denk ik, toch een aantal zaken anders doen dan wij nu ervaren hebben. Er is geen I&O geweest, daardoor vind ik dat we niet op een goede, georganiseerde manier in contact zijn geweest met de inwoners. Natuurlijk doe je dat zelf als politieke partij, maar dat is toch iets wat je eigenlijk zou moeten doen. Wij vinden ook niet dat je inwoners moet vragen: nou, geef maar aan als u een bijeenkomst wilt. Dat doet natuurlijk niemand meer, zoiets op je hals halen, met alles wat er al gebeurd is. We hadden ons heel laagdrempelig voor iedereen open moeten stellen die daar naar binnen had willen lopen en niet door een paar mensen te bellen, of een brief te sturen, van de respons waarvan we gisteren pas kennis konden nemen, die overigens weinig verrassend was. Dat is dan ook wel weer zo en daar vanuit ook wel weer die compassie van “ja, hoe doe je het hier dan wel goed in zo’n proces?”. Maar wat ons betreft toch anders dan nu gebeurd is. Wat wij wel kregen was een besloten bijeenkomst als fractievoorzitters. Wij weten nog steeds niet waarom die besloten was. Daar moeten we echt terughoudender mee worden: liever open mét de inwoners dan telkens besloten bijeenkomsten. Het lijkt bijna een patroon te worden.
En ik vond het eerlijk gezegd ook heel gek dat bij de coalitiepartijen – ik heb ze toen eens geobserveerd – geen verrassing bleek toen werd medegedeeld dat het COA, zeg maar, eigenlijk al bezig was met een andere locatie. Maar goed, anyway: dat zijn ze nu in ieder geval wel aan het doen. Wij hadden graag de wethouder voor participatie gevraagd hoe hij terugkeek op dit proces, maar dat doen we dan een andere keer. Voorzitter. Ik moet ook heel even inzoomen op de kwaliteit van het besluit. Ik wilde er eigenlijk niet te veel tijd aan besteden en ik heb al geprobeerd daarvoor achter de schermen aandacht te vragen, zodat het nu niet had gehoeven, maar ik doe het toch kort, omdat ik het eigenlijk een beetje te gek vind. Voorgesteld wordt in te stemmen met een verlenging van twee jaar, maar: “indien uw raad ook instemt met het verzoek van het COA tot het vestigen van een nieuwe opvanglocatie”. Dus eigenlijk wordt gezegd: ze mogen twee jaar verlengen áls we dat andere ook goed vinden. Heel gek om een voorwaarde aan jezelf te stellen, vooral als je die later niet het besluit opneemt. Er staat namelijk nergens dat wij besluiten een verzoek te honoreren om een nieuwe Q - 12
opvanglocatie te vestigen. Dat kan ook niet, want dat verzoek is er nog niet. Volgens mij had daar hooguit kunnen staan dat wij de principebereidheid uitspreken om daaraan mee tee werken. In plaats daarvan hebt u een nieuw beslispunt 2 opgenomen waarin staat dat wij uiteindelijk een nieuwe opvanglocatie gaan realiseren. Maar als er iéts is wat we niét gaan doen, is dat het. We kunnen het wel faciliteren, of misschien een eigen opvangplan maken, wat straks moet vanuit de Spreidingswet, maar wij gaan het niet realiseren. Dus wat u had moeten opschrijven wat we wel moeten doen volgens onze eigen voorwaarden staat niet in uw besluit en wat wij niet gaan doen staat wel in uw besluit. Maar gelukkig heb ik daar een hele mooie oplossing voor in een amendement. Dan bent u gelijk van deze omissie af. Excuses overigens dat dit amendement pas vandaag bij u is binnengekomen. Ik heb het wel eerder via een app gedeeld en die is wel dinsdag door mij verspreid, maar niet op de goede plekken terechtgekomen, net als de motie; een omissie mijnerzijds. Ik ga extra mijn best doen om het goed uit te leggen. Eigenlijk is het een amendement dat we zelf niet eens willen, want wij willen die kleinschalige opvang waarvoor we al heel lang gepleit hebben en die gelukkig nu ook landelijk gaat landen.
Dus een jaar verlengen is iets waar je zelf niet blij van wordt, maar het is een stuk beter dan twee jaar en ook een stuk beter dan het amendement van Stadsbelang, vinden wij, want 1 + 1 lijkt verdacht veel op 2. En ik neem aan dat de wethouder zelf ook al gedacht had aan de voorwaarde die Stadsbelang voorstelt. Maar goed, wij waarderen die poging en die voorwaarde, maar wij denken dat één jaar beter in de buurt komt om werkelijk een eind te schetsen, ondanks dat er misschien ook niet meer in geloofd wordt door omwonenden, wat ik me kan voorstellen. En waarom? Kijk, wij hebben wat tegoed van het COA en daarom mogen wij ons best inspannen om het wat onder druk te zetten, om echt z’n best te doen om die andere opvang in deze redelijke termijn te realiseren. Wij stellen in het amendement ook voor om daaraan eventueel nog een verlenging van drie maanden toe te voegen, op het moment dat aantoonbaar is dat ze die stappen aan het zetten zijn en dat de afronding nog een aantal maanden vraagt. Ik hoop dat we, desnoods in een schorsing, eens goed nadenken over de vraag of dit niet een beter resultaat zou zijn. Natuurlijk kunnen we altijd gaandeweg nog eens kijken in hoeverre het lukt, maar we willen het COA echt aansporen binnen deze termijn hieraan te voldoen, om toch eens iets terug te doen voor dat mooie draagvlak in Gorinchem.
Het tonen van bestuurskracht is een manier waarmee je dat zou kunnen doen. Het is niet eens zo fraai voor de omwonenden, maar het is volgens mij het beste wat we kunnen doen, vandaar ons amendement. Wij stellen daarin ook voor het aantal vluchtelingen tot 250 te maximeren in plaats van 300, omdat je dan aantoonbaar de eerste stap zet en bovendien dat deel van het gebouw niet hoeft te gebruiken dat mogelijkerwijs tot de meeste overlast leidt. Tot zover het amendement. En ten slotte nog een motie. Daarin roepen wij het college op geen andere vormen van opvang in de vrijkomende ruimte van het belastingkantoor te gebruiken als die ontstaat als gevolg van de geleidelijke afbouw. Tot nu toe kunnen we telkens zeggen dat we met de rug tegen de muur staan en niet anders kunnen, maar we moeten er niet naartoe dat we, door welke noodzaak dan ook, nu ook nog andere vormen van opvang in het gebouw gaan plaatsen. We moeten echt creatief genoeg zijn om daarvoor andere plekken in de stad te vinden, als zulke aanleidingen er zijn. Maar we
Q - 13
kunnen het jegens de omwonenden niet maken om er ook nog eens andere categorieën om andere redenen in te gaan huisvesten. Ik hoop daarvoor op uw steun. Dank u wel. Amendement A2: Asielopvang in Gorinchem De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 24 november 2022; stelt voor beslispunt 1, 2 en 3 als volgt te wijzigen: 1. De opvang van maximaal 250 vluchtelingen in het voormalig belastingkantoor aan de Vroedschapstraat voor maximaal één jaar te verlengen of zoveel korter als mogelijk met een optie tot verlenging van 3 maanden indien die periode aantoonbaar nodig is voor de laatste fase in de afbouw van het gebruik van de locatie voor noodopvang. 2. Medewerking te verlenen aan de selectie en realisatie van een alternatieve locatie. 3. De raad een nader voorstel te doen voor het participatieproces op weg naar de realisatie van een nieuwe opvanglocatie elders in Gorinchem. 4. De overdracht van eigendom tussen het COA en de gemeente Gorinchem van het voormalig belastingkantoor vast te laten leggen met als uiterste datum van overdracht 1 april 2024.
Motie M1: Asielopvang in Gorinchem De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 24 november 2022; roept het college op om niet mee te werken aan verzoeken voor andere vormen van opvang in de vrijkomende ruimte in het belastingkantoor die ontstaat als gevolg van de geleidelijke afbouw door het COA van de huidige noodopvang.
De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw De Groot, PvdA. Mevrouw De Groot: Dank u wel, voorzitter. De afgelopen maanden zijn in deze raadzaal al verschillende crises besproken, crises die ons persoonlijk in onze portemonnee raken, maar er is ook nog steeds een crisis gaande die ons misschien wat minder persoonlijk, maar ons als Partij van de Arbeid in ons hart raakt, namelijk de asielcrisis. Voordat ik aan het voorstel begin, wil ik in het algemeen nog iets benadrukken wat wij als PvdA erg belangrijk vinden. In het afgelopen jaar werden wij in Europa geconfronteerd met een agressief Rusland dat Oekraïne binnenviel. Natuurlijk stonden wij in Gorinchem, net als vele andere gemeenten, klaar om deze vluchtelingen op te vangen. Maar laten we niet vergeten dat er nog veel meer vluchtelingen zijn die ook voor oorlog of ander geweld vluchten, zoals Syriërs en Afghanen. Deze mensen laten alles achter wat zij hebben en vluchten uit hun land om weer een toekomst op te bouwen. De wethouder gaf laatst aan dat we dit dossier zakelijk moeten behandelen vanwege meerdere partijen. Juist omdat we het over mensenlevens hebben, zijn we het als PvdA niet eens met wat de wethouder hier zegt. Mensen komen hier met trauma’s en krijgen veel commentaar op alles wat ze wel, of juist niet, doen. Zij verdienen een veilige plek waar ze perspectief hebben op een betere toekomst.
Wat ons betreft mogen we ons vaker realiseren waar deze vluchtelingen vandaan komen, wat voor gruwelijkheden zij vaak hebben meegemaakt, dat zij vaak in onzekerheid leven of hun familie nog wel in leven is, en welke weg zij hebben moeten afleggen om hier te komen. En laten we eerlijk zijn: zouden wij ook niet geholpen willen worden als wij in hun situatie verkeerden? En dan over het voorstel zelf. Het is geen shock dat wij de twee jaar die dit college uittrekt een goed voorstel vinden. Als het COA een kleinschalige opvang eerder realiseert, is dat altijd welkom, en dat kan met dit voorstel, maar geef hen de tijd om een geschikt gebouw Q - 14
te vinden en dat om te bouwen tot een degelijke opvang, want ook hier is tijd voor nodig. Echter, wij hebben nog wel moeite met de afspraak over de afbouw van het aantal vluchtelingen. In de vorige sessie heb ik het ook al benoemd, maar op 1 januari 2023 zullen er naar verwachting 10.000 opvangplekken tekort zijn. De afbouw van vluchtelingen is een mooi streven, aangezien we een kleinschalige opvang willen realiseren, maar tegelijkertijd voelt het als moreel onjuist om hier nu, op dit moment, voor te kiezen. Is dit, gezien de huidige asielcrisis, wel een realistische optie? Situaties als in Ter Apel moeten simpelweg voorkomen worden, zeker met de winter in het vooruitzicht. Wij vragen ons dan ook hardop af of dit moreel acceptabel is en, zeker ook niet onbelangrijk, of het realistisch is en niet weer tot valse beloften leidt. Ondanks alle zorgen over de vluchtelingen, willen wij ook nog even stilstaan bij de omwonenden. De PvdA hecht er veel waarde aan dat met spoed maatregelen worden getroffen om de overlast die wordt ervaren ook echt aan te pakken. We moeten deze ervaringen serieus nemen. Overlast zal altijd ervaren blijven worden, maar we moeten alles doen om het te minimaliseren. We snappen dan ook de ontevredenheid van omwonenden en het gebrek aan vertrouwen.
We mogen de omwonenden ook niet uit het oog verliezen, want draagvlak voor de keuzes die wij hier maken is enorm belangrijk. Concluderend, voorzitter. De noodzaak is groot om vluchtelingen op te vangen, gezien de asielcrisis. Het is wat ons betreft onze menselijke plicht om vluchtelingen op te vangen en we hebben de morele plicht om niet weg te kijken van dit probleem. Met het voorstel dat er nu ligt kijken wij niet weg en dragen we ons steentje bij aan het oplossen van de asielcrisis, iets wat de PvdA alleen maar kan ondersteunen. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Van der Meijden namens D66. De heer Van der Meijden: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Vandaag is het bijna op de dag af vijf maanden geleden dat ik voor het eerst vanaf deze plek sprak. Ook toen hield ik een betoog over vluchtelingenopvang, over mensen die ontheemd zijn geraakt en hun toevlucht zoeken in onze veilige en welvarende stad. D66 sprak de hoop uit dat voor het einde van dit jaar kleinschalige opvang zou zijn gerealiseerd, maar zei ook, als stok achter de deur, dat D66 zou pleiten voor een continuering van de noodopvang in het voormalige belastingkantoor als dat onverhoopt niet zou lukken. Op dat punt zijn we vanavond aanbeland. In sommige opzichten is de situatie sindsdien veranderd.
Zo is D66 verheugd over de komst van de Spreidingswet, een belangrijke stap naar stabieler en menswaardige opvang, met genoeg plek voor mensen op de vlucht, eindelijk uitzicht op een duurzame oplossing voor de crisis in de asielketen. Maar, voorzitter, in sommige opzichten zijn de dingen ook niet veranderd. Vandaag de dag is het COA nog steeds op zoek naar honderden, zo niet duizenden, opvangplekken, zoals ook in het raadsvoorstel wordt onderkend. Het risico op mensonterende opvang, of buiten slapen in Ter Apel, is nog steeds aan de orde van de dag. Dat brengt mij bij het raadsvoorstel van vanavond, een raadsvoorstel dat getuigt van verantwoordelijkheidsgevoel en plichtsbesef, een raadsvoorstel dat met vreugde en trots ontvangen werd in mijn fractie. Maar, voorzitter, het duurde niet lang voordat deze gevoelens van blijdschap en genoegdoening verdwenen als sneeuw voor de zon. De Q - 15
wethouder heeft zonder medeweten en buiten het zicht van de raad afspraken gemaakt met het COA, afspraken die ertoe leiden dat het voormalig belastingkantoor niet aan 300, maar aan 150 asielzoekers onderdak zal bieden. Het college verkiest hiermee leegstand boven opvang. Het college laat liever 150 bedden leeg dan dat het er vluchtelingen laat slapen, liever een lege kamer dan een slaapplaats voor een vluchteling. Hiermee wordt Gorinchem een gemeente die wel kan, maar die niet wil. Het standpunt van het college breekt het hart van mijn fractie, het druist in tegen de fundamentele waarden die wij als politici, maar ook als mens proberen overeind te houden. Rest mij niets anders dan namens mijn fractie onze treurnis uit te spreken over het door het college gevoerde beleid. Het is in onze ogen onaanvaardbaar en een stad van tolerantie onwaardig. Voorzitter. Dan is er de kwestie over de betrouwbaarheid van ons openbaar bestuur. Dit college en deze raad blijken hun betrouwbaarheid opnieuw in de waagschaal te stellen. Opnieuw wordt geopteerd voor een definitieve einddatum, opnieuw maken we ons op voor een belofte waarvan we niet weten of we die kunnen waarmaken.
Ik vraag het college: waarom deze loze belofte aan de inwoners van Gorinchem? We weten immers dat onder het ruimtelijke-ordeningsinstrumentarium de mogelijkheid aan de minister is om de vergunningverlening naar zich toe te trekken en daarmee, ongeacht het standpunt van de gemeente, een azc te realiseren in onze stad, en ook op deze locatie. Ook in de nieuwe situatie biedt de Spreidingswet de mogelijkheid om een aanwijzing te geven aan gemeenten. En ja, ik zeg er meteen bij: we werken als gemeente mee, we zijn bereidwillig, en dat pleit absoluut voor ons, maar het is naïef om te denken dat het kabinet een locatie met 150 beschikbare plekken aan zich voorbij laat gaan als de nood hoog is. Dat kunnen en mogen we niet uitsluiten. We moeten vaststellen dat de bestuursovereenkomsten in het verleden, en ook deze nieuwe bestuursovereenkomst, daarvoor onvoldoende waarborgen bieden. En afspraken maken, beloften doen tegen beter weten in: dan is er pas echt sprake van een onbetrouwbare overheid. Dat is niet eerlijk en dat is niet fair. Voorzitter. Ik kom tot een afronding. Vanavond breken we met een belofte uit het verleden. We moeten dus van goeden huize komen om het vertrouwen van onze inwoners te behouden of te herstellen. D66 vindt dat het besluit vanavond gedragen kan worden door de argumenten die daarvoor worden aangedragen.
Wel merk ik op dat we hadden verwacht dat het college actiever zou zijn in de communicatie naar de omwonenden. Waarom koos het college ervoor om alleen mensen met klachten te bellen, maar voor de rest de bal volledig bij de omwonenden zelf te leggen? Had het niet op het pad van het college gelegen om juist in deze politiek en maatschappelijk gevoelige kwestie het voortouw te nemen en nog nét een stapje extra te zetten? En hoe verhoudt dit zich tot het participatiebeleid ‘Gorcums Samenspel’, waarin we hebben afgesproken dat bij maatwerk een startnotie wordt voorgelegd aan de raad? Voorzitter. Ik wil graag ook nog opmerken dat ik niet de tijd heb gehad om de gebundelde inspraak van de omwonenden te lezen, nu die maar een dag van tevoren beschikbaar was. Dat vind ik heel erg jammer. Ik vind dat qua informatievoorziening niet goed geregeld. Voorzitter. Het is voor D66 vanavond een sombere avond. Ik hoop dat de toekomst met kleinschalige opvang op een andere locatie ons meer gaat brengen. D66 wenst het college alle voortvarendheid bij het realiseren van die kleinschalige opvangen. Tot slot wil ik ook onze waardering en dank uitspreken aan alle medeweerkers van het COA en de vele vrijwilligers die zich voor deze 300 vluchtelingen hebben ingezet
Q - 16
en dat hopelijk ook voor de 150 in de toekomst blijven doen. Dank voor hun tijd, hun empathie en naastenliefde. Dank u wel. De heer Van Houwelingen: Voorzitter, mag ik een vraag stellen? De voorzitter: Ga uw gang. De heer Van Houwelingen: In begin van uw betoog meende ik u te horen zeggen dat het college voorstelt om af te bouwen naar 150 in het belastingkantoor, maar dat zie ik nergens in het voorstel staan. De heer Van der Meijden: Voorzitter. Er zijn afspraken gemaakt tussen het COA en het college. Het college kiest ervoor om deze afspraak te maken. Het college had ook kunnen zeggen: nee hoor, COA, wij willen graag 300 plekken bieden. Dus het gevolg van de keuze van het college is dat er 150 plekken leeg komen te staan. Dat had u niet hoeven doen, daar kiést u voor, en daarom houd ik het college verantwoordelijk voor die afbouw. De voorzitter: De heer Van Houwelingen. De heer Van Houwelingen: Ik wil punt 1 wel even voorlezen: “de opvang van 300 vluchtelingen in het voormalig belastingkantoor aan de Vroedschapstraat voor maximaal twee jaar te verlengen, of zoveel korter als mogelijk(…)”. Ik zie hier nergens dat een afbouw tot 150 wordt voorgesteld, wel in het amendement dat de heer Klein namens Stadsbelang heeft ingediend, maar niet in het raadsvoorstel. De heer Van der Meijden: Nu begrijp ik uw vraag beter.
Daarom heb ik ook in mijn spreektekst uitgesproken dat het raadsvoorstel ‘an sich’ getuigt van verantwoordelijkheidsgevoel en plichtsbesef. Het zijn de afspraken die later zijn gemaakt die dat verhinderen, die maken het beeld anders. Het college heeft afgesproken dat we gaan afschalen naar 150 en ik ben heel benieuwd hoe het college over de amendementen gaat adviseren, omdat de wethouder in B&A heeft gezegd: “als u aan die afspraken gaat tornen, torpedeert u mijn voorstel”. Dus ik ben heel benieuwd hoe die afbouw zich verhoudt tot de wensen van Democraten Gorinchem en Stadsbelang om toch voorwaarden te gaan stellen en die termijn te gaan beperken. Maar u heeft gelijk: mijn kritiek richt zich op de afspraken die niét staan in het raadsvoorstel, maar die wel van grote betekenis zijn voor de uitvoering van het beleid. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Bahlmann namens Gorcum Actief. De heer Bahlmann: Dank u wel, voorzitter. Veel is al gezegd door mijn collegaraadsleden. Gorinchem heeft in het verleden en heden al meermalen laten zien dat het zijn verantwoordelijkheid pakt, uiteraard op een manier die past bij onze stad. Wij gaan het probleem van Den Haag niet oplossen, maar we kunnen wel een aandeel leveren en wederom onze verantwoordelijkheid pakken. Gorcum Actief is voorstander van het opvangen van mensen in nood.
Voor mij is het misschien iets meer persoonlijk dan voor een ander, ik ben tenslotte een kind van een vluchteling uit Nederlands-Indië, mensen die huis en haard hebben moeten achterlaten
Q - 17
om daarna een nieuw bestaan op te bouwen in het veilige Nederland. Als overheid dien je ook betrouwbaar te zijn richting je eigen inwoners, zowel op lokaal als landelijk niveau, doen wat je belooft. Gorcum Actief is voor een goede opvanglocatie, volledig gefinancierd door het COA. Ook hebben we al eerder aangegeven dat het oude belastingkantoor voor ons geen duurzame oplossing is. Er zijn al vele beloftes gedaan richting de bewoners van de Gildenwijk. Voor eens en altijd dient er nu echt duidelijkheid voor hen te komen. Daarom steunt Gorcum Actief het amendement van Stadsbelang, waarbij een mooie kans ontstaat voor herontwikkeling van de locatie van het oude belastingkantoor, eventueel in combinatie met het Gilde. Wij wensen wethouder Molengraaf heel veel succes bij een constructief gesprek met het COA, om samen met hen tot een kleinschalige, duurzame opvang te komen, die past bij onze stad en de regie in dit maatschappelijk vraagstuk terug te pakken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Van Houwelingen, SP. De heer Van Houwelingen: Dank u wel, voorzitter. Sinds 2012 is de opvang van vluchtelingen zo verwaarloosd, dat het is uitgemond in een opvangcrisis waarin Nederland zich nu bevindt. In tien jaar tijd is er van de opvang van vluchtelingen een puinhoop gemaakt.
Door het hele land zijn asielzoekerscentra gesloten, is personeel ontslagen en ondertussen hebben overlast en falend terugkeerbeleid ervoor gezorgd dat veel gemeenten niet, of niet meer, willen bijdragen aan de opvang. In Ter Apel hebben honderden mensen, waaronder kinderen, vele nachten buiten moeten slapen en ondertussen werd Gorinchem zonder vooraankondiging, en wat achteraf een schijnbevel was, als een van de vijf locaties aangewezen door het kabinet voor de opvang van honderden vluchtelingen. Dat moet anders, dat zal iedereen met mij eens zijn, alleen hebben we dat lokaal niet in de hand. Er is in Gorinchem veel draagvlak voor de opvang van vluchtelingen en zoals ik ook al in B&A aangaf: Gorinchem heeft zich meermalen van z’n beste kant laten zien. De SP wil ook dat Gorinchem zijn sociale kant laat zien: de zwakkeren beschermen en de kans geven een toekomst op te bouwen. Maar er zijn ook zorgen over de manier waarop dat gebeurt en natuurlijk zijn er ook veel tegengeluiden, wat op zich niet zo heel vreemd is. Een steeds terugkerende opvang in een wijk die dat sociaal niet kan dragen leidt tot onrust. De Gildenwijk, misschien wel de minst draagkrachtige wijk in Gorinchem, heeft deze last meer dan voldoende gedragen.
Wij vragen dan ook om zwaar rekening te houden met de draagkracht van de wijk, en dan heb ik het over inkomen en samenstelling van de wijk, voorzieningen e.d., tijdens de zoektocht naar een nieuwe, kleinschalige opvanglocatie. Voorzitter. Het is heel verleidelijk om alles te gaan herhalen wat in B&A is gezegd, maar dat ben ik niet van plan. Met het raadsvoorstel wordt een duidelijke en realistische stip op de horizon gezet: een structurele oplossing naar een stabiele opvang met acceptabele aantallen. Ik begrijp ook de oproep die in B&A is gedaan om het aantal vluchtelingen niet natuurlijk af te bouwen, wat Stadsbelang voorstelt, omdat de crisis zeker nog niet voorbij is, maar, en dan herhaal ik de oproep van de heer Groen van Vluchtelingenwerk die daar aanwezig was ook nog eens even: laten we voorkomen dat we met de mensen moeten slepen van locatie naar locatie. En dan is de natuurlijke afbouw richting het moment van verhuizen naar de kleine, structurele opvanglocatie wanneer je het mij vraagt vele malen Q - 18
menselijker dan wanneer je tegen de laatste dertig, veertig of honderdvijftig mensen moet zeggen: helaas, voor u geen plaats meer, u verhuist weer naar een andere locatie in de stad. Voorzitter. Wij zijn positief over het raadsvoorstel en zullen dat steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van Oversteeg, CDA. Mevrouw Van Oversteeg: Voorzitter, dank u wel. Het is bijna traditie om rond deze tijd van het jaar hierover te debatteren. Zoals ook de vorige keren, hechten wij er vanuit het CDA aan onze worsteling te laten zien tussen aan de ene kant de impact die dit vraagstuk heeft op onze stad en aan de andere kant het feit dat wij mensen die huis en haard hebben moeten verlaten, die op de vlucht zijn, een veilig onderkomen willen bieden en warm in ons huis zullen opvangen. Wat dat betreft zijn wij bereid onze verantwoordelijkheid te nemen en ook te blijven nemen, maar wel met oog voor onze eigen inwoners, en om daarin een overheid te zijn waarop je kunt vertrouwen.