CConstaterende datGorinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

20220908 Concept Verslag raadsvergaderingen.docx

Raadsvergadering 29 september 2022, gemeente GorinchemBij agendapunt: HAMERSTUK Vaststellen notulen voorgaande raadsvergadering en parallelsessies33.594 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Ik heb een collega die dadelijk ook nog wat gaat zeggen. Mevrouw Dansen neemt deze motie voor haar rekening. Overigens ben ik blij dat ik toch nog even teruggekomen ben, want ik bedenk me opeens dat ik nog wat vergeten ben, en dat betreft het integrale huisvestingsplan met betrekking tot scholen waaraan mevrouw Hamann

M - 37

refereerde. Het was verder geen motie of iets van dien aard, maar ik werd toch wel even getriggerd, mede door het verloop van de perspectiefnota in juni. Ook dit onderwerp gaan we binnenkort agenderen en op een aanschouwelijke manier tot u brengen, zodat we met vernieuwde inzichten de begroting in kunnen gaan. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder De Boer. Wethouder De Boer: Het is even wennen, voorzitter. Het is ook wel bijzonder om hier voor het eerst bij u aanwezig te zijn. Dank voor de vele vragen die zijn gesteld over mijn portefeuille en de moties die zijn ingediend. Ik zal proberen er themagewijs doorheen te gaan. Het eerste onderwerp: wind op Avelingen. Ik snap dat de raad en de stad snel duidelijkheid willen hebben over wat er gaat gebeuren op Avelingen. Er zijn verkiezingen geweest, we hebben vorige week een debat gehad, en komen ze nou wel of niet? Het is misschien goed voor u het proces te schetsen dat wij als college voor ogen hebben. In de RES zijn de wind-zoekgebieden opgenomen, waaronder Avelingen, en op dit moment wordt het proces doorlopen om te kijken wat de mogelijkheden en onmogelijkheden zijn van wind op die specifieke locatie. Dat doen we niet alleen, maar met allerlei partners, en soms bepaald niet de minsten.

De tussentijdse resultaten staan inmiddels online en zijn ook gepresenteerd op de informatieavond en op een avond voor bewoners van de Parallelweg. Op dit moment druppelen de definitieve resultaten binnen. We verwachten begin oktober alles binnen te hebben en er dan als college een standpunt over te kunnen innemen. Begin oktober weet u dus meer. We zullen de raad dan ook graag uitgebreid bijpraten over de uitkomsten van al die onderzoeken en hoe wij tot ons standpunt zijn gekomen in I&O en, als er behoefte aan is, wellicht in B&A of in de raad. In november komt de stuurgroep Avelingen, waarin al onze samenwerkingspartners zijn vertegenwoordigd, bij elkaar om een besluit te nemen over een ‘go’ of ‘no-go’. Dat is het proces dat we nu doorlopen en we gaan als college daarover in oktober heel graag met de raad in gesprek. Ik wil u dus nog een week of drie, vier geduld vragen. De voorzitter: De heer Tekir. De heer Tekir: Dank aan de wethouder voor zijn toelichting op het proces, die we eigenlijk ook al hadden vernomen op 25 augustus, met een tijdlijn, die ik helaas thuis heb gelaten, maar u kent ‘m: hij loopt van ‘21 t/m ‘26, het begin van de verkenning en uiteindelijk de plaatsing van windmolens.

De motie, die erop is gericht om hier een raadsuitspraak te doen, is eigenlijk ontstaan vanuit de aanleiding dat we nu met elkaar een fors traject ingaan, en eigenlijk midden in dat traject zitten, met allerlei onderzoeken die lopen en participatietrajecten die worden opgestart, waar we als gemeenschap tijd, geld en energie in steken. Ik hoor echter nu al verschillende fracties uitspreken dat windenergie op Avelingen helemaal niet wenselijk is. Als we dat met elkaar nu al constateren – en de raad gaat daarover –, dan is de opdracht aan het college toch heel duidelijk om daar nu mee te stoppen? Dat is de uitspraak waar de motie om vraagt en ik ben benieuwd hoe u daar zelf tegen aankijkt in het licht van de tussentijdse resultaten, die mede door het college zijn gepresenteerd op 25 augustus en waarin u zelf stelt dat het mogelijk is op Avelingen vier tot zes windmolens te plaatsen, en die zijn tot simulaties aan toe uitgewerkt. M - 38

Wethouder De Boer: Voorzitter. De heer Tekir schetst het beeld alsof we midden in een proces zitten, maar we zijn dat proces juist aan het afronden. De raad is ooit akkoord gegaan met een onderzoek naar de mogelijkheden en onmogelijkheden van windenergie op Avelingen. Daarvoor is een heel zorgvuldig traject doorlopen, met een heel participatietraject, er zijn avonden over georganiseerd en heel veel onderzoeken uitgevoerd, die op dit moment eigenlijk allemaal worden afgerond. Het is dus ook niet een kwestie van een stekker die ergens uit valt te trekken. Het wordt nu afgerond, alle stukken worden finaal gemaakt en druppelen binnen. Daarom zullen we als college over een paar weken, als alles rond is, op basis van die totale informatie een afweging maken. De heer Tekir: Dan ben ik benieuwd hoe de wethouder de opdracht vanuit de raad zou interpreteren als de motie die vanavond voorligt om windenergie niet uit te sluiten, vanuit de aanleiding op Avelingen, wordt aangenomen. Wat betekent dat dan voor u in dat hele proces? Want daarmee zegt de raad dat we het op Avelingen uitsluiten, en dan gaat u door met onderzoeken en participatietrajecten. Hoe valt dat te rijmen? Wethouder De Boer: De motie had ik zo meteen in RES-verband wat breder willen bespreken, maar ik wil er ook nu wel op antwoorden.

De motie vraagt volgens mij aan het college om in het vervolgproces, als we gaan nadenken over een RES 2.0 – want je gaat herijken en het lijkt me goed eens in de zoveel tijd opnieuw samen met je partners te kijken hoe we in het huidige tijdsgewricht het beste die opgave te lijf kunnen gaan – alle opties op tafel te hebben. Het lijkt me vanzelfsprekend om dat te doen. Wij werken samen met partners en zijn niet de enige partij die daarin de agenda kunnen bepalen. We gaan met elkaar kijken wat de opgave is: we hebben die ooit bepaald op basis van het energieverbruik in onze regio, maar is die nog hetzelfde, of hebben we meer, of minder, nodig? Die puzzel moet je soms met elkaar leggen. Dat gaan we doen en wat mij betreft zijn daarbij alle onderwerpen bespreekbaar. Vervolgens is het aan de raden en aan Provinciale Staten en de andere bevoegde gezagen om daarover een uitspraak te doen. De heer Tekir: Dat vind ik geruststellend, want daaruit begrijp ik dat ook de wethouder windenergie op Avelingen niet uitsluit. Klopt dat? Wethouder De Boer: Ik lees de motie zó, dat in het proces naar een RES 2.0 over alle onderwerpen gesproken mag worden. Wat mij betreft is dat ook zo en daarmee is de motie ook overbodig. Natuurlijk moeten alle onderwerpen daar besproken kunnen worden. De opgave is gigantisch, dus er kan ook over wind gesproken worden.

Wat ik er nog wel aan wil toevoegen is het volgende. In de toelichting op uw motie gaat het over Avelingen: dat is eigenlijk uw motivatie om de motie in te dienen en daarmee loopt u wel vooruit op die keuze over Avelingen. Wij hebben nu bijna zicht op alle informatie, over enkele weken gaan we daarover een besluit nemen, ook gehoord alles wat hier gezegd is, en dán komt het besluit over Avelingen. Het lijkt me gek om dat via de band van een motie te doen. De heer Tekir: Dat snap ik, maar daarmee zegt u tochDe voorzitter: Het lijkt mij nuDe heer Tekir: Nog even, voorzitter-

M - 39

De voorzitter: Het gaat nu voortdurend heen en weer en volgens mij hebt u uw punt nu wel gemaakt. De heer Tekir: Maar ik zou een snel antwoord willen, als dat mag. De voorzitter: Ik ga nu naar de heer Schefferlie. De heer Schefferlie: Dan ga ik het ook proberen via een andere band, als we het daarover hebben. De toelichting van de wethouder wekt bij mij de indruk alsof het stokje gewoon is overgenomen van de vorige wethouder en dat nu wordt doorgegaan alsof er niks gebeurd is, alsof er geen verkiezingen zijn geweest. Ik vraag me eigenlijk af of het college het niet veel fijner zou hebben gevonden wanneer gewoon klip-en-klaar duidelijkheid was gegeven over dit thema door de coalitie, zoals wij eigenlijk ook bepleiten. Kom daar nu mee, anders bent u bezig met iets richting uw partners, alle geïnteresseerden en belanghebbenden, terwijl er eigenlijk een politieke realiteit lijkt te zijn waarmee u sowieso, ongeacht al die uitkomsten, helemaal niet uit de voeten kunt. Met andere woorden: snakt u er zelf ook niet naar dat deze raad bepaalt hoe hiermee moet worden omgegaan, en niet alleen uw onderzoeken? Mevrouw Hamann: Voorzitter, mag ik daarop reageren? De heer Schefferlie: Nou, nee, het is een vraag aan het college. De voorzitter: De wethouder. Wethouder De Boer: Ik weet niet of het college die aansporing per se nodig heeft.

Over drie, vier weken gaan wij met elkaar om de tafel zitten om dat besluit te nemen en die duidelijkheid te geven. Wij zullen dan een afweging gaan maken aan de hand van wat hier gezegd is en van hetgeen wij op papier hebben gekregen van alle onderzoeken. De heer Schefferlie: Ik vind dit echt het negeren van de vraag. Het gaat mij er helemaal niet om dat u een besluit neemt. U bent gewoon bezig alsof er niks gebeurd is; dát is mijn punt. U zou zich ook wat moeten aantrekken van de politieke realiteit, namelijk dat volgens mij het grootste deel van uw eigen coalitie heeft aangegeven dit niet te willen. U kunt dan toch niet blind doorgaan in de richting van allerlei partners, buurgemeenten en noem-maar-op alsof er niks aan de hand is en gewoon gaan kijken of het wel kan? Het gaat niet over uw besluit als college, het gaat over uw bewustzijn van wat de politieke realiteit nu is. U zou eigenlijk de behoefte moeten hebben om daar scherpte in te krijgen. Dát is mijn vraag, die u eigenlijk niet beantwoordt. De voorzitter: Volgens mij heeft de wethouder net uitgelegd hoe hij er namens het college in staat. Ik geef nu mevrouw Hamann het woord. Mevrouw Hamann: Dank u wel. De heer Schefferlie is zélf buitengewoon onduidelijk, net als sommige andere partijen, door zich niet uit te spreken over de hele kwestie.

Er wordt nu een motie geformuleerd waarin twee verschillende dingen op één lijn worden getrokken, namelijk het aspect wind in een RES, wat veel breder is dan de Rijkspilot voor alleen Avelingen. De inhoud van de motie is dat wind niet moet worden uitgesloten. In mijn betoog heb ik al heel duidelijk aangegeven dat dat het geval is en dat het daarom M - 40

eigenlijk een volstrekt overbodige motie is. Natuurlijk moeten we ook voor de RES 2.0 samenwerking met buurgemeenten blijven zoeken, dat is heel normaal. Maar de vorige coalitie – en daar zal de heer Schefferlie zich zeker van bewust zijn – heeft besloten tot deze pilot en dan moet je – helaas – die rit uitzitten totdat de onderzoeken binnenkomen. Het is heel vervelend, maar zo is het, ik kan het ook niet helpen. Nog even over de verkiezingen, waarover de heer Schefferlie het vanavond al wel tien keer heeft gehad. Ik kan me een avond herinneren in theater Peeriscoop, voor de verkiezingen, waar de vraag werd gesteld of het bod van de RES 1.0 van tafel moest. In reactie daarop konden wij rode of groene blokjes laten zien en ik kan me herinneren dat Democraten Gorinchem toen wél duidelijk was over de vraag hoe ze dachten over wind op Avelingen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van der Meijden: Voorzitter, zou ik ook nog een vraag mogen stellen aan de wethouder? De voorzitter: Ga uw gang. De heer Van der Meijden: De RES gaat uit van een bepaald ambitieniveau, een vrij hoog ambitieniveau als ik het zo begrijp.

Is de wethouder van oordeel dat zonder windmolens op Avelingen nog steeds voldaan kan worden aan dat ambitieniveau, of komen we dan in de problemen? De heer De Pagter: Bij wijze van interruptie, voorzitter: wij hebben het over een motie over het uitsluiten van windenergie en niet over een inhoudelijke behandeling van de RES en uitspraken daaromtrent. Kunnen we deze discussie nu niet stoppen en erop terugkomen in een volgende raadsbijeenkomst waarin de RES wel op de agenda staat? Deze motie gaat puur over het uitsluiten van windenergie en volgens mij zijn wij daar als coalitie heel duidelijk over: windenergie kan niet uit de RES gehaald worden. Volgens mij is dat het antwoord op de motie en dat maakt de motie eigenlijk ook overbodig. De heer Van der Meijden: Mag ik daarop reageren? Het is tenslotte onze motie. De voorzitter: De motie staat in een bepaalde context en daarover mag wel gesproken worden in deze raad. Ik ben het wel met u eens dat we een en ander ook weer niet te gedetailleerd moeten bespreken, anders zitten we hier, om een andere wethouder te citeren, nog tot vanavond half één. Ik geef voor een korte reactie het woord aan de wethouder en dan gaan we over naar een volgend punt. De heer Van der Meijden: Voorzitter, de heer De Pagter heeft een vraag gesteld over onze motie.

Hij vindt dat het buiten de orde is om deze vraag te stellen en daar mag ik dan toch wel op reageren voordat u de wethouder weer het woord geeft? De voorzitter: Dat kan. Ik heb ook niet gezegd dat dat niet kon. Ik heb alleen als voorzitter, omdat ook ik aangesproken werd, even uit willen leggen waarom ik aan de ene kant ruimte bied en aan de andere kant ook wel weer begrens. Ga uw gang.

M - 41

De heer Van der Meijden: Dank u wel. In reactie op wat de heer De Pagter heeft gezegd, zou ik willen verwijzen naar de motie, waar de RES 2.0 ook in het dictum staat. De RES 2.0 is degene die u gaat herontwikkelen, de herijking, en daar zal dus ook een ambitieniveau in zitten. Mijn enige vraag is of het ambitieniveau in het huidige voorstel wordt aangepast door die herijking. Krijgen we zonder windenergie op Avelingen het ambitieniveau nog voor elkaar? Ik ben van mening dat dit binnen de orde valt en zou die vraag daarom toch willen stellen aan de wethouder. De voorzitter: Wethouder De Boer. Wethouder De Boer: Dank u, voorzitter. De RES is een som van alle projecten, ideeën en plannen die in de RES 1.0 zijn geformuleerd. In het verleden is in dit huis een motie aangenomen over een afstandsnorm voor windmolens, waardoor bijvoorbeeld effectief de locatie A15-oost is afgevallen. Als ergens iets afvalt, zul je weer met elkaar om de takentafel moeten om te kijken of er misschien iets anders voor in de plek moet komen. Als bij Oost een aantal molens is afgevallen, is het logisch dat men weer met elkaar om de tekentafel moet.

Dat is nu precies de systematiek die je volgens mij met de RES’en hebt: dat je eens in de twee jaar opnieuw met elkaar om de tafel gaat over ‘wat moeten we onderzoeken, welke nieuwe technieken zijn er en wat is de opgave op dit moment?’ Dat moeten we continu blijven herijken en dat gesprek zullen we volgend jaar met elkaar gaan voeren richting de RES 2.0, samen met onze partners in de regio, met Molenlanden, met de provincie en waterschappen. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu verder met wethouder Dansen. Wethouder De Boer: Nou, voorzitter… De voorzitter: Hebt u nog meer punten? Ik dacht dat u klaar was met uw beantwoording. Wethouder De Boer: Nee, ik heb zelfs nog aardig wat dingen, maar ik zal proberen er kort en bondig in te zijn. De voorzitter: Ga uw gang. Wethouder De Boer: Door Gorcum Actief is een vraag gesteld over geothermie. In het verleden is daarnaar onderzoek gedaan en ik heb begrepen dat geothermie hier zeker kansrijk is. In de opstartfase van het warmtenet is er niet voor gekozen, omdat geothermie eigenlijk pas interessant wordt, ook vanwege de kosten, bij een grote afname – denk aan meer dan vierduizend woningen gelijk. Voor volgende fases van het warmtenet is het zeker een van de elementen waarnaar zal worden gekeken. Door de Partij van de Arbeid is een motie ingediend over zonnepanelen.

Ik deel de wens om het leggen van zonnepanelen zo gemakkelijk mogelijk te maken. Het is volgens mij op dit moment de meest renderende investering die je als particulier kunt doen. Soms vraag ik me ook af waarom niet iedereen ze al heeft. De PvdA vraagt vervolgens de Zonnekaart te gaan gebruiken. Dat is heel sympathiek, maar we hebben al zoiets, namelijk de Zonatlas, die ook via de gemeentelijke website toegankelijk is. Het lijkt er heel erg op en biedt eigenlijk dezelfde oplossing. In het verlengde hiervan vraagt u ook om woningeigenaren en VVE’s goed te ondersteunen, en M - 42

dat doen wij op die manier ook via de wooncoaches, het Nieuwe Wonen en het Regionaal Energieloket. Dat soort tools bieden wij aan bewoners en VVE’s. De heer Oostrum: Het frappante is dat ik ‘m op de website van de gemeente Gorinchem niet kan vinden en dat, als ik op internet willekeurig ga zoeken, de Zonnekaart als eerste tevoorschijn komt en dat ik dan wel de gemeente Sliedrecht tegenkom, maar niet de gemeente Gorinchem. Vandaar de motie. Maar ik ga me nog een keer oriënteren. Dank u. Wethouder De Boer: Daarnaast zijn in het algemeen vragen gesteld door mevrouw Hamann. Ja, we zijn vanavond ook een beetje aan het oefenen met het nieuwe dualisme. Terecht geeft u aan dat zonnepanelen en isoleren dingen zijn waar je direct mee aan de slag kunt, en dat doen we ook. Op 26 september is er een radenbijeenkomst, ook met de gemeenteraad van Molenlanden, waarin heel specifiek op al die elementen van de RES zal worden ingegaan. Ik zal vragen daar de sheets goed klaar te zetten met alle ins en outs over wat we nu doen op het gebied van zonnepanelen en isoleren, en waar we nu staan. We kunnen volgens mij mooie dingen laten zien en ik zal zorgen dat het dan naar u toe komt. Door de fractie Gorcum Actief is ook een vraag gesteld over klimaatadaptatie.

Volgens mij heb ik u begin juli, in de allereerste week dat ik wethouder werd, een raadsinformatiebrief toegezonden waarin ik heb aangegeven dat wij hard werken aan een lokale adaptatiestrategie. Ook voor Gorinchem is een lokale klimaatstresstest uitgevoerd; die zat bij de stukken en maakt enkele kwetsbaarheden in onze gemeente zichtbaar op het gebied van hitte en op het gebied van wateroverlast. Daar schrijven we nu een aanpak op en die komt over enkele maanden naar u toe. Tot slot nog een vraag over luchtkwaliteit, ook van mevrouw Hamann. Op zichzelf is het terecht dat u aandacht vraagt voor dat onderwerp, want schone lucht is heel belangrijk voor een goed leefklimaat, voor kinderen in het bijzonder. Uiteindelijk moeten we natuurlijk wel kijken wat we als gemeente kunnen doen en hoeveel invloed we daarop hebben als gemeente, maar het lijkt me een heel goed onderwerp om te agenderen op de raadsagenda. Dat was ‘m, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Dansen. Wethouder mevrouw Dansen: Dank u wel. Ik mag namens het college nog iets zeggen over een motie en een amendement van de PvdA. De motie betreft de bestaande woningvoorraad. U maakt zich zorgen over de woningnood en vraagt zich af of wij wel genoeg naar alle mogelijkheden kijken om deze woningnood op te lossen. Ik kan beginnen met een geruststelling.

We kijken al goed naar kansen, zowel in de bestaande woningvoorraad als naar kantoren en winkels. Daarin maken we echt mogelijk wat we mogelijk kunnen maken. Platform 31, ook in de motie genoemd, wordt nu al ambtelijk gevolgd, maar ik ben het met u eens dat het helemaal geen kwaad kan om ook als college kennis te nemen van het genoemde rapport en hierover mogelijk nogmaals in gesprek te gaan met de partnerts. We kunnen positief zijn over deze motie. In het amendement wordt voorgesteld het thema sociaal domein aan de onder punt 2 van het raadsvoorstel genoemde thema’s toe te voegen. Ik kan me voorstellen dat u op het M - 43

eerste gezicht het sociaal domein mist in het akkoord, maar dan moet je goed gaan lezen. Het toevoegen van een hoofdstuk over het sociaal domein hoeft helemaal niet, want het sociaal domein is volgens ons heel erg op z’n plaats in het hoofdstuk over de samenleving. Daar hoort het sociaal domein ook thuis. Een nieuw hoofdstuk lijkt ons geen goed idee. Zoals wethouder Molengraaf zojuist al zei, zal de raad binnenkort helemaal worden bijgepraat over het integraal sociaal beleid. Ik zeg met nadruk ‘integraal’, want dat is wat we willen. We willen er integraal naar kijken en dan wordt het hopelijk nog duidelijker waarom wij het sociaal domein ook echt integraal willen zien. Dit amendement raden we dus af, maar het is natuurlijk aan de raad om hierin keuzes te maken. De heer Oostrum: Voorzitter. Wij zijn tot dit amendement gekomen, omdat we hadden gehoopt en verwacht dat in het coalitieakkoord veel meer concrete punten over het sociaal domein zouden zijn terug te vinden. In eerste termijn heb ik concreet een aantal punten genoemd die wij missen in het akkoord. Die punten bij elkaar verdienen naar onze mening alleen al een afzonderlijk hoofdstuk. Niet voor niets heb ik eraan herinnerd dat ongeveer een derde van de gemeentebegroting met het sociaal domein gemoeid is. Als dat geen apart hoofdstuk verdient, weet ik het niet meer.

Wethouder mevrouw Dansen: Ik ben me er terdege van bewust dat er een groot deel van de gemeentebegroting mee is gemoeid. Wij vinden het sociaal domein heel belangrijk, daarin moet u zich niet vergissen, je kunt er alleen op verschillende manieren naar kijken. Wij hebben ervoor gekozen om het op deze manier te doen. Ik zou zeggen: geef ons nou de kans, kom naar die bijeenkomsten binnenkort en hopelijk begrijpt u het dan beter. De heer Oostrum: Ik kom er straks nog even op terug. De voorzitter: Ik zal nu zelf het woord voeren en verzoek de waarnemend voorzitter van de raad, die we vanavond hebben gekozen, het voorzitterschap over te nemen. (Het voorzitterschap wordt overgedragen aan de heer Oostrum) De burgemeester: Ik ga niet reageren op een motie want ik heb geen motie, bijna jammer! Maar nee hoor, een andere keer, ik gun het graag mijn collega’s. Wel wil ik graag reageren op een paar opmerkingen die zijn gemaakt over punten waarmee ik regelmatig te maken heb. Allereerst het cameratoezicht, en dan kijk ik meteen naar de heer Van Santen, die daar via verschillende kanalen regelmatig aandacht voor vraagt. Over het cameratoezicht Buiten de Waterpoort heb ik deze week een besluit genomen. Volgende week zal ik het college daarover informeren, aansluitend daarop wordt het gepubliceerd en uiteraard informeer ik ook heel snel de raad over mijn besluit.

Ook in het coalitieprogramma wordt nadrukkelijk aandacht gevraagd voor cameratoezicht. Verzocht is daarover ook eens in de gemeenteraad van gedachten te wisselen en het lijkt me heel goed dat te doen. Dat kan prima binnen het proces van het Integraal Veiligheidsplan dat de komende weken gaat lopen. De spoedeisende hulp heeft twee kanten. Vanuit de volksgezondheid werkt wethouder Dansen er heel actief aan en uiteraard ook ik als burgemeester, omdat de spoedeisende hulp natuurlijk een buitengewoon belangrijke voorziening is voor onze stad. Zoals M - 44

bekend, zitten wij in de kopgroep van gemeenten die een streekziekenhuis hebben en een warm pleidooi houden voor behoud van de spoedeisende hulp in die regionale ziekenhuizen. Recent hebben we daarover ook weer een overleg gehad. Wij zijn volop bezig met die gemeenten, waarvan wij met vier gemeenten in totaal in de kopgroep zitten, om allerlei acties uit te zetten. We hebben ook een lobbyist ingehuurd die ons daarbij helpt. Een van de activiteiten zal op heel korte termijn plaatsvinden tijdens de algemene beschouwingen in de Tweede Kamer. Er is dan ook altijd een soort informatiemarkt en daar zal ik, Gorinchem representerend, aanwezig zijn, samen met de burgemeester van Doetinchem en een arts/specialist, om actief onze zaak te bepleiten. Daarnaast doen we nog verschillende andere dingen, maar het lijkt me goed om u daar binnenkort over te informeren. Ik weet dat verschillende fracties, waaronder die van D66, er actief mee bezig zijn, dat geldt mogelijk ook voor andere fracties, en ook Democraten Gorinchem is heel actief. Het lijkt me sowieso erg goed om met z’n allen op het vinkentouw te zitten en lobbykracht, ook vanuit deze raad, uit te oefenen richting de fracties in de Tweede Kamer, want we zullen echt met elkaar aan de bak moeten. Op korte termijn hoop ik u te informeren over de laatste ontwikkelingen, uiteraard in samenspraak met wethouder Dansen.

De voorzitter: De heer Koçak. De heer Koçak: Ik wil even terugkomen op veiligheid. U had het over het Integraal Veiligheidsplan, dat we in het jaar 2019 hebben vastgesteld en loopt tot en met 2022. Bent u het met onze fractie eens dat de tijd rijp is om het plan te herzien, of te herijken? De burgemeester: Voor de zomervakantie hebben we in de gemeenteraad het procesvoorstel behandeld en vastgesteld over hoe te komen tot een nieuw Integraal Veiligheidsplan. Dus het proces hebben we vastgesteld met elkaar, het is uitgelijnd en de komende tijd zult u diverse uitnodigingen ontvangen om samen met u, maar ook met de stad, te komen tot een Integraal Veiligheidsplan. De voorzitter: De heer Van der Meijden. De heer Van der Meijden: Dank u wel, voorzitter. Een opmerking daarover. Het proces is inderdaad geschetst, maar inmiddels heb ik wel gezien, omdat ik samen met het CDA aan de agendacommissie een voorstel heb gedaan om iets te betrekken bij die behandeling, dat de behandeling van het Integraal Veiligheidsplan vertraagd is, zelfs naar in 2023. Via u, voorzitter, zou ik de leden van de agendacommissie willen laten weten dat ik dat onwenselijk vind. Ik wil hen daarom verzoeken na te gaan of het mogelijk is om die sessies gewoon in 2022 af te ronden.

De burgemeester: We hadden een heel traject uitgewerkt, volgens hetwelk het Integraal Veiligheidsplan in december van dit jaar in de raad behandeld zou kunnen worden. Doordat er een aantal punten tussen zijn gekomen, moest het traject van het Integraal Veiligheidsplan opschuiven met twee maanden, zodat we in januari en februari ook nog een aantal besprekingen hebben. Ik wacht even af hoe de agendacommissie er tegenover staat. Wat mij betreft prima. De oorspronkelijke planning vanuit het Team Veiligheid voorzag in afronding in december en om politieke redenen is het wat verschoven. Uw M - 45

uitspraak richting de agendacommissie zal zijn gehoord en de griffie heeft het ongetwijfeld genoteerd, dus dan komt het daar aan de orde. De heer Krol: Voorzitter, mag ik nog een vraag stellen over de spoedeisende hulp? De voorzitter: De heer De Pagter. De heer Krol: Krol! De voorzitter: Krol. Neem me niet kwalijk. U lijkt een beetje op elkaar. De heer Krol: We zien er allebei heel degelijk uit! Ik heb begrepen dat in oktober de houtskoolschets in de Tweede Kamer aan de orde is, waarin over de toekomst van de SEH besloten zal worden. Bent u bereid als boegbeeld van onze gemeente nogmaals de oproep te doen aan burgers die de petitie nog niet hebben ondertekend, om dat alsnog te doen? Laten we in ieder geval ook een krachtig signaal afgeven langs die route. De burgemeester: Geen enkel probleem. Alles wat maar helpt om te strijden voor deze goede zaak moeten we doen. De heer Krol: Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, burgemeester. (Het voorzitterschap wordt overgedragen aan de burgemeester) De voorzitter: Daarmee hebben we de termijn van het college gehad. Is er behoefte aan een tweede termijn? Ik zie van diverse zijden instemmend geknik. Wenst u nog een schorsing? De heer Klein: Een korte schorsing van een minuut of tien zou prettig zijn, ja. De voorzitter: Goed. De vergadering is geschorst (23.08 uur). Schorsing De voorzitter: Ik heropen de vergadering (23.29 uur).

Aan de orde is de tweede termijn van de raad. Ik wijs erop dat het in de tweede termijn gebruikelijk is te focussen op de moties en amendementen. Het woord is allereerst aan de fractie van D66, de heer Tekir. De heer Klein: Voorzitter. In eerste termijn hebben we een volgorde aangehouden waarin eerst degenen die een motie of amendement wilden indienen het woord kregen, maar ik vraag me af of we dat ook in tweede termijn op die manier moeten doen. De voorzitter: Nee, ik kan het ook doen door degene het woord te geven die het snelst reageert. Meestal is dat namelijk het systeem in de tweede termijn en doen we dat niet qua grootte van fractie. Dat doen we eigenlijk alleen bij de behandeling van de begroting of de perspectiefnota. Ik heb u nu genoteerd als tweede spreker. De heer Klein: Dank u wel.

M - 46

De voorzitter: De heer Tekir. De heer Tekir: Kijk, zo’n interruptie helpt toch! Het geheim, meneer Klein, is dat ik voor de vergadering aan het joggen was. Ik was dus getraind om pijlsnel te reageren. Ik zag u laatst trouwens ook joggen; misschien kunnen we dat een keer samen doen. Ik zal het nu over de moties hebben, mede op advies van de voorzitter, en om ons te beperken qua spreektijd. De moties M1, M2 en M3 hebben we zelf ingediend. Aan het ondersteunen van niet alleen de minima, maar ook de groep daarboven, is ook breed aandacht geschonken door de raad en het is fijn dat het college daarmee aan de slag wil. Fijn dat dat inzicht wordt geboden, zodat we daar keuzes in kunnen maken en eventueel de regeling kunnen oprekken, om ook die groep te ondersteunen. Het verwachtingenmanagement dat daarbij is gegeven door wethouder Molengraaf vinden wij zeer terecht. Het is iets waarin we, denk ik, als gemeente moeten laveren. Dank bovendien voor de toezegging die is gedaan om nog dit jaar te regelen dat de norm van 130% ook voor Gorinchem wordt geëffectueerd. Persoonlijk heb ik daar alle vertrouwen in, gelet op de acties die u hebt uitgezet door ook Avres daarop te bevragen en capaciteitsvragen te laten uitzoeken. Wat in dat verband nog niet was genoemd, waren de schriftelijke vragen van de Partij van de Arbeid, waarin zij vroeg ook de studenten daaraan toe te voegen.

Die zou ik nog eens willen onderstrepen, om ook de groep studenten in Gorinchem, mede namens de PvdA zie ik, want er wordt geknikt, gebruik te laten maken van de energietoeslag. Dan de motie ‘Bouwen aan Gorinchem’. Er zijn een aantal moties ingediend op dit thema, wat geen verrassing is, want ook dit was een van de belangrijkere verkiezingsitems. Volgens mij sluiten de verschillende moties en oproepen mooi op elkaar aan. Daarmee zeg ik ook meteen dat wij de motie van de PvdA mede indienen, omdat die uitgaat van het beter benutten van de bestaande woningvoorraad en de motie die wij indienen om door te bouwen aan Gorinchem vraagt om de plancapaciteit tegen het licht te houden, waar nodig op te schroeven en te zorgen voor starterswoningen en betaalbare woningen. Dank voor de bewoordingen vanuit het college daarvoor. Straks kom ik terug op wind, omdat ik dat het belangrijkste onderwerp vind waarin we nog iets meer scherpte kunnen krijgen. De overige moties ga ik even heel snel langs. Over het algemeen was er wel consensus, en dat was mooi om te zien. De motie ‘Stimuleren zonnepanelen’ zullen we steunen, omdat die in lijn is met de afspraak die we hier hebben gemaakt om die doelgroep te blijven ondersteunen.

Dat hoeft in deze tijd overigens geen geld te kosten, want zonnepanelen zijn intussen zo rendabel dat ze – en dan sluit ik aan bij de woorden van de wethouder – door iedereen gerealiseerd zouden moeten kunnen worden. Vervolgens kom ik bij de motie ‘Herijking is geen uitsluiting’. Ik snap de worsteling van de wethouder op dit punt. Het is ook precies de aanleiding waarom wij deze motie indienen, want de worsteling van de wethouder vertaal ik als: er is nog geen heldere raadsuitspraak op dit punt. Het coalitieakkoord blijft er vaag over. Er wordt weliswaar gesproken over een herijking en hoezeer verschillende coalitiefracties daar ook duidelijk over zijn –Gorcum Actief, maar ook Stadsbelang; overigens is mevrouw Hamann daar altijd klip-en-klaar over, dus dat is een compliment waard –, het coalitieakkoord blijft er

M - 47

onduidelijk over. Tegelijkertijd zijn wij wel uitgenodigd om op 25 augustus een bijeenkomst bij te wonen waarin we zijn bijgepraat over vier tot zes windmolens die op Avelingen geplaatst kunnen worden. De vraag die ik aan de fracties van Gorcum Actief en Stadsbelang, maar ook andere coalitiefracties, wil stellen is dan ook: als u windenergie in z’n algemeenheid niet wilt uitsluiten, maar alleen op Avelingen, waar ziet u dan wél mogelijkheden voor windenergie in Gorinchem? Mijn tweede vraag is: als u windenergie toch uitsluit op Avelingen, bent u het dan met mij én mevrouw Hamann eens dat het traject dat we nu aan het doorlopen zijn, en dat veel geld, tijd en energie kost, onmiddellijk gestaakt zou moeten worden? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Klein, Stadsbelang. De heer Klein: Voorzitter. Ten eerste moet mij van het hart, en misschien komt dat een beetje door de wereld waar ik uit kom, waardoor het voor mij nog elke dag wennen is om me ook in een ambtelijk apparaat te bewegen, dat ik het gevoel heb dat we vanavond weer de nodige non-discussies hebben lopen voeren. Ik zou daarom iedereen willen oproepen om, als op een gegeven moment een antwoord gegeven is, eventueel nog een verduidelijkingsvraag te stellen, maar als een antwoord een tweede keer gegeven wordt, en een derde keer, dat toch ook een keer te accepteren. Dan de amendementen en moties.

Allereerst heb ik een verduidelijkingsvraag aan Democraten Gorinchem over haar amendement ‘Coalitieakkoord en raadsagenda’. Ik hoop dat de heer Schefferlie in tweede termijn iets meer kan toelichten hoe hij dit voor zich ziet, zeker ook omdat de heer Schefferlie aangaf dat de andere twee amendementen ingetrokken zouden worden als we dit zouden steunen. Daarnaast zei ik ook al in eerste termijn dat het amendement op het sociaal domein, zoals uiteindelijk ook de wethouder adviseerde, geen toegevoegde waarde heeft op het raadsvoorstel. De moties waarop positief geadviseerd is door het college – ‘Ondersteun de middeninkomens’, ‘Bouwen aan Gorinchem’ en ‘Onderzoek gebruik bestaande woningvoorraad’ – zullen wij steunen. De motie ‘Herijking is geen uitsluiting’ vind ik nog steeds overbodig, aangezien nergens in het akkoord is geschreven dat wind wordt uitgesloten. De wethouder heeft ook aangegeven dat we in een afrondende fase zitten met betrekking tot de onderzoeken. Het zou dus een rare keuze zijn om de stekker uit de onderzoeken te trekken, nu we de uitslagen al zo goed als op tafel hebben liggen. De heer Tekir heeft gevraagd waar dan eventueel nog wel opties liggen. Volgens mij is in het verleden sowieso een toezegging gedaan voor windenergie in Noord.

De heer Tekir: Pleit de fractie van Stadsbelang er nu voor om, als we straks mogelijk geen windmolens plaatsen op Avelingen, de verkenning te verplaatsen naar GorinchemNoord en daar een windmolenpark neer te zetten? De heer Klein: Ik zeg niet dat ik daar per definitie een voorstander van ben., ik zeg dat er windmolens vergeven zijn op Noord en dat we kunnen kijken wat we met die zaken zouden kunnen doen.

M - 48

De heer Tekir: Volgens mij kunnen we daar niets meer mee doen, want die besluitvorming is al achter de rug: die twee windmolens in Gorinchem-Noord komen er. Wat voor ons echter onduidelijk is, en nogmaals: het coalitieakkoord is daar ook vaag over, is het volgende. U zegt met heel veel woorden dat windenergie niet wordt uitgesloten, vandaar die herijking, maar dat u het niet wilt op Avelingen. Maar waar wilt u het dan wel? De heer Klein: Op een andere plek dan Avelingen, en dan staat nog steeds ter discussie of die plek een geschikte plek is voor windmolens. Gorinchem is een drukbezette gemeente, zoals u weet, dus lang niet alle plekken bieden daarvoor een optie. Zo hebben we recent helaas moeten besluiten dat er aan de A15 geen plek is voor windmolens. We hebben echter ook te maken met een RES, zodat we met onze partner in de regio ook zullen moeten bekijken hoe we daaraan vorm kunnen geven. De heer Tekir: Ik dank de heer Klein oprecht voor dit antwoord, want ik ben blij dat nu ook vanuit Stadsbelang wordt gezocht naar mogelijkheden om windmolens te plaatsen in Gorinchem, en als dat op Avelingen niet lukt wel op andere plaatsen. Daarmee houden we de RES-ambities in stand. Ik ben oprecht blij met die beweging van Stadsbelang richting D66. De heer Klein: Dat vind ik een verkeerde interpretatie van mijn woorden.

Ik ben van mening, en dan kom ik weer bij mijn eerste punt, dat we nu een beetje in cirkels aan het draaien zijn, waarmee dit een non-discussie wordt. Ik heb aangegeven dat we kunnen kijken naar wat we met ‘geen windmolens op Noord’ zouden kunnen doen, want daar is in het verleden regelgeving voor gegeven, en voor de rest kunnen we nagaan wat de mogelijkheden zijn binnen het RES-gebied. Daarmee ga ik geen locatie aanwijzen waarvan Stadsbelang zou vinden dat ze daar zouden kunnen. Wij vinden het vooral belangrijk dat gekeken wordt naar de leefbaarheid van Gorinchem en wat de impact is van windmolens op die leefbaarheid. De heer Tekir: Dank voor de reactie. Wellicht kan het college al reageren op de suggestie ten aanzien van Gorinchem-Noord en wat de mogelijkheden daar zijn. Die zouden we graag willen meenemen in de herijking van de RES. De heer De Pagter: Bij wijze van interruptie: ik heb nog steeds de indruk dat we hier gedwongen worden om een uitspraak te doen over iets wat binnenkort op de raadsagenda staat. Ik pleit ervoor nu te stoppen met de discussie over wind op een bepaalde locatie in Gorinchem. Volgens mij is de motie heel duidelijk: het gaat over het uitsluiten van windenergie bij een herijking van de RES, en niet over uitsluiting van wind op een locatie.

De heer Tekir: Daar wil ik toch iets over zeggen, voorzitter, want woorden als “we worden gedwongen om een uitspraak te doen” begrijp ik niet en vind ik zelfs kwalijk, want waartoe zijn wij als raad aangesteld als wij geen uitspraken zouden mogen doen over dit soort zaken, die tot verkiezingsitem nr. 1 behoren? De stad wil hier duidelijkheid over en wij als bestuurders van deze stad doen daar uitspraken over. De heer De Pagter: Dat klopt en wij doen daar zeker uitspraken over volgens de agenda van de raad. Volgens mij worden eind oktober resultaten gepresenteerd en kunnen we dan M - 49

een besluit nemen. Volgens mij zal ons dan worden gevraagd om een ‘go’ of een ‘no go’ te geven, en niet vandaag. De voorzitter: Dat is de lijn van het college. Vervolgens is het aan de fracties in deze raad om daarin een versnelling aan te brengen, of om er iets van te vinden, om uitspraken te ontlokken. Zo vindt het politieke debat hier plaats. Indien fracties daar niet op wensen in te gaan, is het hun vrijheid om dat te doen, en ik constateer dat hier en daar wel uitspraken worden gedaan. Het is dus aan de raad waarover men al dan niet wenst te spreken. De heer Klein vervolgt zijn betoog. De heer Klein: Dank u wel. Zoals de heer De Pagter al aangeeft, zal hierover binnenkort verder worden gesproken. Als ik me goed herinner, zullen begin november definitief uitspraken kunnen worden gedaan. De motie ‘Stimuleren zonnepanelen’. Volgens mij heeft de wethouder aangegeven dat dat in Gorinchem al gedaan wordt, maar dat het blijkbaar onvoldoende vindbaar is. Het ligt mijns inzien dan ook meer in de rede de oproep te doen om dit beter vindbaar te maken, bijvoorbeeld door op de website van de gemeente Gorinchem aan te geven wat de mogelijkheden zijn en welke ondersteuning geboden wordt, in plaats van een motie om exact hetzelfde te gaan doen wat we al doen. Rest de motie ‘Help verenigingen de winter door’.

De wethouder heeft geadviseerd hiermee in ieder geval te wachten tot Prinsjesdag, om dan alle ingrediënten te hebben om de juiste stappen te kunnen ondernemen. Deze lijn willen we graag volgen, in de hoop dat voor de raadsvergadering van 29 september meer duidelijk zal zijn over dit onderwerp. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van der Geest. De heer Van der Geest: Ik zal echt proberen rustig te praten. Mocht dat niet zo zijn, dan word ik graag gecorrigeerd. Allereerst vroegen wij om een toelichting van het college over wat nu te doen met het raadsvoorstel. Het moet gezegd: wethouder Molengraaf heeft helder de intentie toegelicht van het college hoe daarmee om te gaan. Daar zijn we tevreden over, dus dank daarvoor. Tussendoor gaf de wethouder ook nog aan dat de extra energietoeslag voor dit jaar om en nabij 500.000 euro zou kosten. Volgens mij is hier best een brede steun om daar toch naar te kijken. Wat ons betreft: ga ermee aan de slag en kom met een voorstel zodra het kan, want volgens mij is het hard nodig om dat te doen. Geadviseerd is onze motie ‘Help verenigingen de winter door’ aan te houden. Volgens mij was er een soort verwarring, en dat wijt ik dan toch maar aan mijn onverstaanbaarheid, over per wanneer dat dan zou moeten. De heer Klein hoorde ik al zeggen dat dat de 29ste zou moeten zijn.

Als deze gemeente het voor elkaar krijgt om alle Prinsjesdagdingen door te rekenen voor de 29ste, kunnen we goud geld verdienen voor andere gemeenten denk ik... De heer Klein: Ik neem aan dat er dan in ieder geval meer duidelijkheid zal zijn over waar we heen kunnen gaan.

M - 50

De heer Van der Geest: Wij vragen om een inventarisatie waarbij ook de uitkomsten van Prinsjesdag moeten worden betrokken. Ik kom dan uit bij de begroting, dat is in november, en dat lijkt me best wel een klus. Over de eerdere toezegging van de wethouder aan mevrouw Hamann ten aanzien van de binnensportverenigingen, was ik zeer te spreken, dus dat is mooi. Bij de andere moties en amendementen zal ik vanwege de tijd niet meer stilstaan, behalve bij die over het niet uitsluiten van windenergie bij de herijking. De RES is breder dan alleen maar Gorinchem en we moeten vooralsnog ook alleen maar bewezen technologieën inbrengen. Je kunt er van alles van vinden, maar we moeten met wind en zon aan de slag. Wij zullen die ook steunen. De rest zult u zo zien. Voorzitter, dank. De voorzitter: De heer Van Santen. De heer Van Santen: Voorzitter. Vanavond heb ik een aantal positieve geluiden gehoord en ik vind het fijn dat voor veel punten draagvlak bestaat, ook richting het coalitieakkoord. ‘Op hoofdlijnen’ was de bedoeling en dan kunnen we samen met elkaar dat draagvlak en het voorgestelde proces verder uitbouwen en naar elkaar toe groeien. Daar zijn we ontzettend blij mee. Content zijn we ook met de toezegging die is gedaan met betrekking tot het cameratoezicht.

We hopen dat dit ook de nodige aandacht zal krijgen binnen het veiligheidsplan en dat we dan eens goed zullen stilstaan bij de vraag wat we als raad nodig hebben en waarop we moeten inzetten. Met de heer Van der Meijden ben ik het eens dat we dit zo snel mogelijk moeten doen, want dit zijn de dingen die binnenkort geëvalueerd worden, dus laten we dat dan ook snel oppakken met elkaar. De heer Van der Meijden: Tijdens de schorsing heb ik toevallig van een lid van de agendacommissie gehoord dat het al gelukt is. Zo ongelooflijk proactief waren ze, dus daar mag u op rekenen. De heer Van Santen: Kijk aan, hartstikke goed! De motie ‘Help verenigingen de winter door’ vinden wij ontzettend sympathiek, maar tegelijkertijd roept ze ook veel vragen op, zoals: hoe definieer je dat dan, en inderdaad de toeslagen. We zijn ook erg benieuwd hoe het Rijk hiermee omgaat, want het is natuurlijk wel een landelijke problematiek waarover we het hier hebben. We willen allemaal de winter door en we zijn ook erg benieuwd naar structurele oplossingen. Een van de punten in de motie gaat bijvoorbeeld over de blokkades bij verduurzaming, en wat zijn dan die blokkades? Tegelijkertijd is het ook een landelijk probleem en zullen we even geduld moeten oefenen om het goed te bekijken met elkaar.

Naar aanleiding van de motie ‘Herijking is geen uitstel’ is door de heer Van der Geest al opgemerkt dat de RES een groter gebied beslaat dan alleen Gorinchem. Binnen de RES kan windenergie volgens mij ook niet uitgesloten worden, want het is juist onderdeel van die RES. Tegelijkertijd vind ik de constatering omtrent de windmolens bij Avelingen vrij kort door de bocht, als het alleen gaat om de vraag of het technisch kan of niet, want het gaat natuurlijk ook over draagvlak, en er zijn veel meer factoren. We hebben ook over kleine windmolens gesproken in Molenlanden en de twee windmolens die in GorinchemNoord gaan komen zijn ook onderdeel van de RES, dus het is sowieso onderdeel van de RES. In dat kader volg ik de redenering van de wethouder. M - 51

De motie ‘Ondersteun de middeninkomens’ roept op tot een onderzoek. Daarbij vraag ik me af of we nu weer iets moeten gaan onderzoeken wat we al weten. Laten we het gewoon oplossen, of komen met heel concrete ideeën. Dat mis ik een beetje in deze motie. De motie ‘Bouwen aan Gorinchem’ bevat een idee dat redelijk vergelijkbaar is met dat in de motie ‘Woningbouw versnellen’. Volgens mij kwam dat vandaag in de beantwoording ook voorbij, waarin werd gewezen op de integraliteit met infrastructuur, want woningbouw en bereikbaarheid gaan wat ons betreft hand in hand. In dat opzicht is de intentie van de motie prima. Eigenlijk zou het gewoon tot het takenpakket van de wethouder moeten behoren. Enige moeite heb ik wel met de term ‘opschroeven’, want er zijn ook veel marktafhankelijkheden en dan lijkt het ons wel handig om daarover een sessie te organiseren, zoals de wethouder suggereerde. De heer Tekir: Voorzitter, een korte duiding van die term. Ik heb me verdiept in deze materie, want die was voor mij ook nieuw, en daarbij is mij gebleken dat de term ‘opschroeven van plancapaciteit’ heel gebruikelijk is in de woningbouwplanning. Gemeenten worden namelijk geacht meer te programmeren dan ze eigenlijk aan kunnen, omdat er altijd sprake is van uitval van plannen. Als er dan een keer enkele plannen sneuvelen, hebben de gemeenten altijd nog andere plannen achter de hand om uit te voeren.

De heer Van Santen: Gelukkig, want aanvankelijk kwam de term bij ons wat hard over. Ook dat is natuurlijk een landelijk probleem waarnaar we met z’n allen moeten kijken. Er zitten gewoon heel veel marktafhankelijkheden in. Wat ons betreft is daar geen motie voor nodig, het kan ook gewoon een verzoek zijn om het snel te agenderen, want het is juist een onderwerp waarover we veel in gesprek moeten gaan en blijven. In motie M4 van de PvdA wordt het college opgeroepen onderzoek te doen naar gebruik van de bestaande woningvoorraad. Ik heb het desbetreffende rapport gelezen, maar dat gaat volgens mij niet over de bestaande woningvoorraad, maar over de bestaande woningbouw. Het rapport is ook niet alleen van toepassing op de huurders, het past gedeeltelijk ook in de lijn van ombouwen, verbouwen en nieuwbouwen. De heer Oostrum: Ik wil u niet op woorden gaan vangen, maar volgens hebt u een ánder rapport gelezen. De heer Van Santen: Nou, dan is het een goed idee om ook dat rapport eens een keer mee te nemen, zou ik zeggen! Laten we dat dan ook maar onderzoeken. Over het stimuleren van zonnepanelen is volgens mij al het nodige gezegd vanavond. Ik had dezelfde vraag als mijn collega van Stadsbelang richting de heer Schefferlie, namelijk: wat bedoelt u nou precies? Want uw beantwoording richting het college lag toch wel in een andere lijn dan ik zelf voor ogen had daarmee.

Ik ben dus benieuwd wat u daarmee precies bedoelt. Hier laat ik het bij. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Oostrum. De heer Oostrum: Voorzitter. In de eerste termijn heb ik geprobeerd aan te geven dat wij zeker bereid zijn om samen de uitdagingen op te pakken waar we als raad voor staan. M - 52

Dat mag als positief gezien worden, denk ik. Daarbij heb ik ook de speerpunten benoemd die voor ons gelden: wonen, energietransitie en armoedebestrijding. Ik kan nu meteen overstappen naar de moties die daarover gaan. Die moties zullen we uiteraard ondersteunen. Belangrijk punt voor ons blijft het sociaal domein. Reagerend op het antwoord van mevrouw Dansen, zeg ik dan: het integraal sociaal beleid is juist in de afgelopen periode als een samenhangend beleid vormgegeven. Het was echt nodig om daar heel samenhangend naar te kijken. In het akkoord komt nu op één plaats de term ‘integraal sociaal beleid’ voor, namelijk onder ‘Economie, arbeidsmarkt en onderwijs’. Is dat de plaats waar het integraal sociaal beleid moet plaatsvinden? Laten we er dan asjeblieft een apart hoofdstuk van maken. Het is bovendien vigerend beleid en het lijkt me heel handig om het als samenhangend vigerend beleid te blijven behandelen. Als het amendement van Democraten Gorinchem om het collegeprogramma en de raadsagenda te splitsen wordt aangenomen, zullen we daar bij de raadsagenda op terugkomen. Het college zou er verstandig aan doen om daar ook iets van over te nemen. Wij steunen amendement A2, maar als amendement A1 wordt aangenomen, gaat dat inderdaad ook naar de raadsbehandeling. De motie over het stimuleren van zonnepanelen trekken wij in. Ik heb de Zonatlas gevonden.

Hij is weliswaar minder helder en minder handig te hanteren dan de Zonnekaart, maar hij is er en is voor alle Gorcumers toegankelijk. Motie M6 over het steunen van de verenigingen zullen wij ook zeker steunen. In de beantwoording van het college viel mij op dat mevrouw Molengraaf heel positief was over de bestrijding van energiearmoede. Gehoord de manier waarop zij dat vorm gaf, denk ik dat het bij haar in vertrouwde handen is. Wij zien met belangstelling tegemoet wat de antwoorden daarop zullen zijn. Hierbij kan ik het laten, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Stevens. Mevrouw Stevens: Dank u wel, voorzitter. Ten eerste wil ik een kleine mededeling doen. Misschien hebt u zich vanachter de schermen afgevraagd waarom al die raadsleden en wethouders een lintje dragen. Dat heeft te maken met World Suicide Prevention Day a.s. zaterdag, ook wel Wereld Zelfdodingspreventiedag. Namens de Stichting 113 is ons, raadsleden, gevraagd om aandacht te geven aan dit belangrijke onderwerp. Praten over zelfdoding is jammer genoeg nog steeds een taboe, terwijl het voor het voorkomen van zelfdoding juist noodzakelijk is dat het onderwerp bespreekbaar is. Door onze lintjes nu al te dragen, attenderen we vast op zaterdag en hopen we het gesprek op gang te brengen. De kleur, geel, is gekozen, omdat het de internationale kleur is voor hoop. Terug naar de vergadering.

Wethouder Molengraaf wil ik graag bedanken voor haar beantwoording van de vraag over de 130% voor de eenmalige energietoeslag. Wij waarderen het dat de wethouder ons op 29 september een update zal geven. Mocht een motie tegen die tijd de wethouder nog kunnen helpen aan concreet draagvlak vanuit de raad, dan kunnen we die natuurlijk alsnog indienen. Ook de raad wil ik vandaag bedanken voor zijn constructieve houding en fijne samenwerking. De heer Schefferlie dank ik voor de erkenning dat wij een hand hebben

M - 53

uitgestoken. Dank daarvoor. Het is een hoopvolle vergadering voor de toekomst en we kijken ernaar uit om nog veel meer van dit soort vergaderingen te hebben. De moties en amendementen. Over het amendement van Democraten Gorinchem heb ik dezelfde vraag als anderen al eerder hebben gesteld. Dat zal u waarschijnlijk niet verbazen. De SP vond de wethouders in de beantwoording erg zinnige dingen zeggen. In grote lijnen kunnen we die dus volgen. De motie ‘Herijking is geen uitsluiting’ vinden we op dit moment erg lastig vanwege het feit dat daarover binnenkort uitgebreid gesproken gaat worden. Vanuit de SP kan ik wel zeggen dat wij Noord wel als een optie zien om over na te denken en verder over te spreken. Dat het CDA de motie ‘Help verenigingen de winter door’ niet wil aanhouden, vinden wij een beetje jammer, want het lijkt ons toch wel handig als de informatie van Prinsjesdag erbij komt. De heer Van der Geest: Dan wil ik graag proberen nog wat duidelijker te zijn. Ik heb nu volgens mij al vier keer gezegd dat het prima is om de informatie van Prinsjesdag af te wachten en te verwerken in de plannen, om die uiterlijk bij de begrotingsbehandeling te presenteren. Daarvoor hoeven we de motie niet aan te houden. Die informatie kan gewoon gebruikt worden.

Overigens – dat ben ik zonet nog vergeten te zeggen – mag daar waar in de oproep aan het college ‘verenigingen’ staat wat ons betreft ook veel breder gekeken worden naar maatschappelijke instellingen en andere stichtingen. Mevrouw Stevens: Dat is in ieder geval fijn om te weten. Ik ben positief over veel dingen, dus ik houd het hier even bij. De voorzitter: De heer Koçak. De heer Koçak: Voorzitter. Ik ken mevrouw Stevens als een aimabele collega en ik wil proberen haar te verleiden om afwijkend te stemmen ten aanzien van onze motie ‘Sociaal domein’. U zei dat u in grote lijnen het college volgt. Mijn fractievoorzitter heeft duidelijk uitgelegd dat hier sprake is van vigerend beleid, van 2019 tot 2024, dat 1/3de van het budget onder het sociaal domein valt en dat er heel veel grote maatschappelijke problemen en aspecten zijn onder het sociaal domein. Zeker voor een fractie als de SP is dit ook evident. Ik ken u als een open en hartelijke collega die echt voor haar mening opkomt.

Hoe kan het dan dat het sociaal domein niet op die lijst komt? Bent u het met mij eens dat het evident is dat dit op die lijst moet komen? Mevrouw Stevens: Ten eerste bedankt dat u mij een aimabel persoon noemt! Ik hoor wat u zegt en ik begrijp ook wat u zegt, maar ik meen zojuist ook van de wethouder te hebben gehoord dat zij het heel serieus neemt en dat het nu alleen op een andere manier verwoord wordt in deze specifieke sessies. Het integraal sociaal domein is echter een vaststaand iets dat niet zomaar ineens weg kan zijn en ook niet losstaat van hoe deze sessies gaan verlopen. Daar hoeft u zich volgens mij geen zorgen over te maken. De heer Koçak: Voorzitter, het lukt me niet haar te verleiden, dus dan houdt het op! De voorzitter: Het is te laat volgens mij! M - 54

Mevrouw Stevens: Het is wel aan de late kant, ja, daarom hou ik er nu ook mee op. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Hamann. Mevrouw Hamann: Voorzitter. Mijn buurman zegt “het is al laat”, en dat is ook zo, daarom houd ik het erg kort. De collegeleden dank ik voor hun antwoorden. Ik wil heel kort reageren op de moties. Met de motie voor het bouwen voor starters en de doorstroming zijn wij het van harte eens. Dat wind en soortgelijke discussies voorrang moeten krijgen in de agenda, vinden wij ook. Wat betreft de motie ‘Coalitieakkoord en raadsagenda’ merk ik op dat wij er als gemeenteraadsleden voor zijn om die agenda’s te maken. Een onderzoek zoals bepleit in de motie ‘Ondersteun de middeninkomens’ vinden wij goed, maar wij kunnen het niet allemaal gaan betalen. Wij hopen dan ook een beetje op Prinsjesdag, zoals de wethouder ook al aangaf. Over het al dan niet uitsluiten van Avelingen voor wind durf ik het bijna niet meer te hebben, want dan gaan we weer een hele grote discussie krijgen. Dus ik zeg er niets meer over… De heer Tekir: U was er eerder al heel duidelijk over, dus dat is prima. Mevrouw Hamann: Ik ga er in ieder geval geen discussie meer over beginnen. De heer Tekir: Ik had u juist gecomplimenteerd voor de duidelijkheid! Mevrouw Hamann: Dank u wel. Met ‘Bouwen aan Gorinchem’ zijn wij het eens. Onderzoeken van de woningvoorraad vinden we ook goed.

Een groot probleem voorzie ik met de sportvoorzieningen, maar binnenkort krijgen we uitsluitsel van de wethouder hoe het zit en dan gaan we het erover hebben. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Pagter. De heer De Pagter: Dank u wel, voorzitter. Naar aanleiding van mijn interruptie van zoeven wil ik nog even terugkomen op de motie ‘Herijking is geen uitsluiting’ – kort, want het is laat. Sprekend voor onze eigen fractie, kan ik alleen maar zeggen dat het heel duidelijk is wat daarover in ons verkiezingsprogramma stond, namelijk: geen windenergie in natuurgebieden. In deze motie worden eigenlijk twee punten door elkaar gehaald: aan de ene kant het uitsluiten van wind en herijking van de RES, aan de andere kant locaties waar mogelijk windmolens zouden moeten komen, of waarnaar nu een onderzoek gedaan wordt. Als raad zijn wij akkoord gegaan met een onderzoek naar de technische mogelijkheden voor windenergie op Avelingen. Dat bevindt zich in de afrondende fase en daarvan kunnen we, zoals de wethouder aangaf, op korte termijn de resultaten verwachten, zodat we die op korte termijn in dit huis kunnen bespreken.

M - 55

Graag wil ik vervolgens van de heer Schefferlie weten of hij het amendement ‘Coalitieakkoord en raadsagenda’ nader kan concretiseren en of hij daarover verder ideeën met ons wil delen. Dat was het. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Schefferlie. De heer Schefferlie: Voorzitter, dank u wel. Aan mij de eer om na middernacht nog een soort raadsel te ontwarren. Mevrouw Molengraaf zei ook al dat ze haar hersens zat te pijnigen over hoe dit raadsvoorstel nu moet worden opgesteld. Een van de rode draden is gelukkig – of eigenlijk óngelukkig, door de urgentie van vandaag de dag – dat er een samenwerkingsbereidheid is. Mensen mogen niet anders dan dat van ons verwachten. Vanuit die geest, die natuurlijk al eerder is uitgesproken door de coalitie, zij het dat het door ons niet altijd gepraktiseerd is gezien, maar goed, we gaan uit van het beste vanaf nu, is ook het raadsvoorstel gemaakt. Alleen is daarmee iets niet helemaal goed gegaan. We hebben nog altijd te maken met een scheiding der machten, waarin, als het goed is, de raad de kaders bepaalt, zeg maar: eigenlijk het beleid vaststelt, en het college voor de uitvoering zorgt, en natuurlijk allerlei voorbereidingen treft om ons goed in staat te stellen die kaders te stellen. In het oorspronkelijke raadsvoorstel is dat echter helemaal verstrengeld geraakt.

Voorgesteld werd eigenlijk dat de raad aan de slag ging met het maken van een collegeprogramma. Van een oppositie kan nooit worden verwacht dat ze zo diep gaat in de samenwerking. Je zou het zelf ook niet moeten willen, want ook voor coalitiepartijen geldt natuurlijk dat je wel dualistisch wilt werken. We moeten gewoon kunnen controleren of het college het werk goed doet dat wij als raad hebben vastgesteld. Daarop is het amendement eigenlijk gericht, dat zegt: laat het college nou het collegewerk doen. Het college werkt een collegeprogramma uit en dat programma wordt gemaakt aan de hand van de door de raad vastgestelde kaders. Als oppositiepartij hadden we liever gehad dat het coalitieakkoord daar wat concreter in was, maar er ligt in ieder geval een akkoord en dat is al een deel waarmee het college aan de slag kan gaan om zo’n collegeprogramma op te bouwen. Tegelijkertijd hebt u zelf gezien dat er een hele hoop onderwerpen zijn waarvoor de kaders nog scherp gesteld moeten worden. Nou, dat gaan we doen. Het is dan echter aan de raad te bepalen in welke volgorde dat gebeurt, wat wanneer op de agenda wordt gezet. Dat zouden we eigenlijk samen kunnen bepalen. Ook daarin worden we weliswaar gevoed door het college, maar het idee is eigenlijk dat de raad de agenda bepaalt aan de hand waarvan de kaders worden vastgesteld.

Dat betekent dat we op een gegeven moment een langeretermijnagenda krijgen met die thema’s. Daarbij kan worden teruggevallen op de drie kolommen die in het oorspronkelijke raadsvoorstel zijn neergezet. Dan zie je een heel stuk beleid dat al is vastgesteld, een aantal onderwerpen die wat moeten worden verscherpt en onderwerpen waarvoor we eigenlijk heel nieuw beleid willen. Het helpt ook dat het collegeprogramma dynamisch mag zijn. Telkens wanneer nieuw beleid door de raad is vastgesteld, zou je het collegeprogramma, dat eigenlijk gewoon een uitvoeringsprogramma is, kunnen opfrissen en doorzetten. Kortom, laat nou iedereen doen waarvoor hij bedoeld is: wij mogen het beleid vaststellen in de raad en het college mag het uitvoeren. Daarop is het amendement gericht. Ik was blij met de omarming ervan door het college en ik hoop dat dat ook voor de raad zal gelden, anders wordt het voor ons wel heel moeilijk om met het raadsvoorstel M - 56

mee te gaan. Alleen: het impliceert wel wat. In het oorspronkelijke raadsvoorstel zat natuurlijk die hele agenda en die maakt er dan geen deel meer van uit. Het jammere daarvan is dat ons amendement om vooral die windmolens en die starterswoningen snel goed met elkaar te bespreken niet meer als amendement kan worden ingediend. Daarvoor is echter een oplossing gevonden. In plaats daarvan worden twee moties aangeboden die precies dezelfde strekking hebben: Motie M7: Prioriteit windturbines De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op 8 september 2022; stelt voor bij het opstellen van een raadsagenda prioriteit te geven aan het vaststellen van kaders op het gebied van windturbines. Motie M8: Prioriteit starterswoningen De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op 8 september 2022; stelt voor bij het opstellen van een raadsagenda prioriteit te geven aan het vaststellen van kaders op het gebied van starterswoningen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Gorinchem&id=d2c130e9-eeea-475a-b32f-dd843388bdfb