20211014 Concept Verslag Raadsvergadering Gorinchem.docx
Tekst van het document
Nr. 11
Zitting van donderdag 14 oktober 2021 Voorzitter: mevrouw R.W.J. Melissant-Briene, burgemeester. Aanwezig zijn de leden: de heren B.C.S. Bahlmann, F.M.T. Barth, R.J.J. van Breemen en H. Chaaby, mevrouw E.L. Dansen, de heer M.A. Hachhouch, mevrouw E.W.H. Hamann, de heren M.S. Hassouna, E.A. Koçak en G.J. van der Lee, de dames A. Mager en M.J. Molengraaf-Vullers, de heren H.J. van Mourik, L.A. Onvlee en J.C. Oostrum, de dames J. van Oversteeg en L.P.W. Pellikaan, de heren J.M. Roeland, N. van Santen en P.C.J. Schefferlie, mevrouw D. Stevens en de heren I. Tekir en C. van Willigen. Griffier: de heer H. Sepers. Tevens aanwezig: de wethouders de heren R.P. van Doesburg, J.P. van der Geest, E.C.M. Kraaijeveld en D. van Zanten, alsmede de gemeentesecretaris mevrouw H. Kromkamp. Afwezig met kennisgeving: mevrouw A.P. van Maaren en de heer C.J.J. Wientjes.
* 1. Opening....................................................................................................................................................................2 2. Ingekomen stukken/mededelingen. .........................................................................................................................3 3. Vaststellen agenda. ..................................................................................................................................................3 4. Vaststellen notulen voorgaande raadsvergaderingen en parallelsessies. .................................................................4 5. Vragenuurtje raadsleden, informatie vanuit het college. .........................................................................................4 6. Hamerstukken.
.........................................................................................................................................................6 6.a Tussentijdse rapportage 2021 (Turap) (2021-767549) ............................................................................................6 6.b Zienswijze begrotingswijziging 2021 GR DG&J voor de Service Organisatie Jeugd (2021-761795) .................18 6.c Verordening Fysieke Leefomgeving (2021-756779) ............................................................................................18 6.d Notitie Reikwijdte en detailniveau (2021-770665) ...............................................................................................18 7. Bespreekstukken. ...................................................................................................................................................18 7.a Tijdelijke noodopvang (2021-771809) ..................................................................................................................18 8. Overzicht begrotingswijzigingen oktober 2021 (2021-770426)............................................................................43 9. Eventuele moties vreemd aan de orde van de dag. ................................................................................................43 10. Sluiting.
..................................................................................................................................................................43
K-1
1. Opening.
De voorzitter: Goedenavond, dames en heren, leden van de gemeenteraad van Gorinchem, college, pers en al diegenen die meekijken en -luisteren via de stream. Als ik zo eens rondkijk, denk ik: dat hebben we toch wel gemist met elkaar. Het is maar liefst anderhalf jaar geleden dat wij voor het laatst in deze samenstelling zo bij elkaar zaten. Aan de blije gezichten te zien – tenminste: bij velen, niet iedereen kijkt vrolijk, zie ik nu –, vinden de meesten het wel erg fijn om hier vanavond weer te zitten. Digitaal waren wij wel in staat om gewoon verder te vergaderen en de goede besluiten te nemen voor onze stad, maar voor het onderlinge debat en het onderlinge contact, ook na afloop van de vergadering, is het natuurlijk veel fijner om elkaar fysiek te zien. Ik ben dus blij u allen weer te zien. Wees welkom in ieder geval. U kunt vanavond spreken vanaf uw plek, maar u kunt ook gebruikmaken van het spreekgestoelte en zeker als u een heel betoog wilt houden is dat wel zo fijn, omdat het over het algemeen ook het debat verlevendigt. Pak daarom die ruimte ook vooral. Ik heb mij laten influisteren dat er straks bij de koffie of thee een traktatie zal zijn, en dat heeft u te danken aan mevrouw Molengraaf, die voor de vijfde keer oma is geworden, dit keer van een meisje, genaamd Ziva. Wij feliciteren haar van harte met dit heuglijke feit.
(Applaus) Mevrouw Molengraaf-Vullers: Het fijne is dat ik er niks voor heb hoeven doen! De heer Van Willigen: U stond aan de basis, mevrouw Molengraaf. De voorzitter: Ik laat onze felicitaties graag vergezeld gaan van een bloemetje. We willen zo snel mogelijk de 40.000 inwoners aantikken, dus ik zou zeggen: moedig uw kinderen vooral aan! Ik zeg zelf altijd: in huize Melissant liever nog even niet, want mijn kinderen zijn tussen 15 en 19, en als er dan zo’n aankondiging is, gaat er toch iets niet helemaal goed! Bij de opening van deze vergadering wil ik weer een tekst citeren van de heer René van Dijk van het Regionaal Archief, verband houdend met agendapunt 6.c over huisnummering, en dat doe ik even vanaf het spreekgestoelte. Er is een geheim agent die gek genoeg bij iedereen welbekend is. Deze bekende spion heeft de naam Bond, James Bond, alias nummer 007. Twee aanduidingen die een connectie lijken te hebben met onze meest onbekende verordening, handelend over naamgeving en nummering, de NNN. Die gaat, als we vanavond de Verordening Fysieke Leefomgeving vaststellen, zelfs helemaal under cover. De NNN regelt de straatnamen, die overigens pas sinds 1930 officieel zijn, alsmede de huisnummers.
En dan is het natuurlijk de vraag, als je kijkt vanuit het perspectief van het Regionaal Archief Gorinchem: hoe komen we nou eigenlijk aan die huisnummers? In de 16de eeuw wist iedereen bijvoorbeeld wel dat brouwerij De Hel op de Langendijk bijna naast brouwerij De Hemel stond, maar lang niet elk pand had een naam. Na een aardse revolutie besloot het stadsbestuur in 1799 om voortaan elk pand een nummer te geven. Dat was namelijk nodig voor het inkwartieren van soldaten, burgers moesten maar wat extra kopen en soepel omgaan met privacy tijdens de nacht. De huisnummers werden op kosten van de gemeente op de gevels geverfd, later kwamen er emaille-plaatjes. De huiseigenaar moest het gedogen op straffe van een boete. Natuurlijk dacht men er ook landelijk over na waar je in de straat K-2
begint met de nummers 1 en 2. Dat werd het punt het dichtst bij het centrum. Zo kun je nimmer verdwalen in een stad waar je nog nooit bent geweest. Maar zoals bij elk system: verslonzing en verwarring sluipen er altijd in. Ga maar eens zitten op het terras van de Chinees in de Arkelstraat. Dat restaurant heeft huisnummer 61, maar de makelaardij op de andere hoek is genummerd 57. Dat roept de vraag op waar nummer 59 is gebleven. Dat is in 1930 afgebroken voor de vergroting van de Varkenmarkt. Daarvoor in de plaats kwam een inmiddels geweldig grote kastanje, ideaal om verstoppertje achter te spelen. De vergadering is geopend. Dames en heren. Ik heb u allereerst een mededeling te doen ten aanzien van de fractieassistenten. De heer Jef Collee vertrekt als fractieassistent bij de VVD. Wij denken hem voor zijn werkzaamheden. Zijn vervanger is de heer Wim den Hartog, die we uiteraard welkom heten. De wijziging zal na de raadsvergadering per RIB bekend worden gemaakt aan de raadsleden en fractieassistenten. Bovendien zal de heer Den Hartog zich (met foto) voorstellen in het Weekbericht van de griffie. In deze vergadering is de heer Wientjes met kennisgeving afwezig.
Het is altijd jammer als een raadslid er niet is, maar voor de heer Wientjes vind ik het deze keer extra jammer, want als er één raadslid is dat in coronatijd herhaaldelijk heeft gezegd graag fysiek te willen vergaderen, omdat dat het debat ten goede komt, is hij het wel. Vlak voor aanvang van deze vergadering heb ik hem de beste beterschapswensen doen toekomen en ik hoop dat hij er de volgende keer weer bij is. Tegelijkertijd moet ik wel zeggen dat het voor de voorzitter van de raad een zegen is! De heer Wientjes kan wel tegen zo’n grapje! Mevrouw Van Maaren heeft laten weten later ter vergadering te zullen komen. 2. Ingekomen stukken/mededelingen.
Zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming wordt besloten conform de voorgestelde afdoening. 3. Vaststellen agenda.
De voorzitter: Het woord is aan de heer Hassouna. De heer Hassouna: Voorzitter. Bij agendapunt 6.a willen wij een motie indienen, die ik graag wil toelichten. De voorzitter: Het lijkt me goed dat u dat doet bij het agendapunt. De heer Van Santen: Moet ik nu begrijpen dat we de turap nog een keer gaan bespreken? De voorzitter: Dat gaan we zeker niét doen! De turap is in de parallelsessie als hamerstuk geagendeerd voor de raad. Als bij het desbetreffende agendapunt een motie wordt ingediend, staat het de raad vrij die te behandelen. Het debat kan dan echter alleen gaan over de motie en niet over de turap. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
K-3
4. Vaststellen notulen voorgaande raadsvergaderingen en parallelsessies.
De notulen van de raadsvergadering van 23 september 2021 en de verslagen van de parallelsessies 20210930 I&O Linge 2 Zuid, 20210930 I&O Opvang vluchtelingen, 20210930 I&O Stichting Hogere Onderwijs Gorinchem, 20210930 Klankbordsessie financiën, 20211007 Afbakening Jeugdhulp, 20211007 I&O Burgerpeiling, 20211007 B&A Invoering Omgevingswet, 20211007 B&A Zienswijze begrotingswijziging, 20211007 I&O Bijpraten grote ruimtelijke projecten worden zonder beraadslaging en zonder hoofdelijke stemming ongewijzigd vastgesteld. 5. Vragenuurtje raadsleden, informatie vanuit het college.
De voorzitter: Dames en heren. In het vragenuurtje is het de bedoeling dat u kort en bondig uw vragen stelt en dat u een kort en bondig antwoord krijgt. De heer Tekir heeft namens D66 een vraag ingediend betreffende de herdenkingsjaren 1572 en 1672. Het woord is aan hem. De heer Tekir: Voorzitter, dank u wel. Ik moet meteen zeggen dat het een beetje als een eeuwigheid geleden voelt dat we hier staan, maar het is wel heel fijn. Het jaar 2022 is in verschillende opzichten een herdenkingsjaar voor Gorinchem, met het oog op de gebeurtenissen in 1572 en 1672. In april van dit jaar is hier al een eerste aankondiging over gedaan in een raadsinformatiebrief. Met de Werelderfgoedstatus van de Hollandse Waterlinie en de verkiezing van mooiste vestingstad is het belang van dit herdenkingsjaar bovendien nog eens extra onderstreept. Intussen zijn er nog twee maanden te gaan tot 2022, dus is de fractie van D66 erg benieuwd naar de programmering en activiteiten die we tegemoet kunnen zien. Enkele vragen daarover. Allereerst: de fractie van D66 hecht eraan dat we samen met de stad onze inwoners herdenken. Kunt u iets zeggen over de betrokkenheid van inwoners bij de programmering en activiteiten die tot stand zullen komen? Vraag 2: het lijkt de fractie van D66 ook zeer voor de hand liggend om de programmering te koppelen aan educatie, c.q. scholen.
Kortom, wat valt er te zeggen over de betrokkenheid van die scholen bij de herdenking? Vraag 3: in de brief van april werd verwezen naar de relatie met de Stad van tolerantie. Hoe ziet die relatie eruit, oftewel: kunnen we ook activiteiten verwachten die gericht zijn op sociale cohesie? Tot slot: wanneer kunnen we het volledig programma voor 2021 tegemoet zien? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Van Zanten. Wethouder Van Zanten: Dank u wel, voorzitter. In de instructie voor de raad staat dat vragen van de raad kort en bondig moeten worden ingediend. Ik had eigenlijk gehoopt dat dat niet zou gelden voor het antwoord, maar u hebt me al direct de pas afgesneden. Op de vragen van de heer Tekir zou een heel lang antwoord heel passend kunnen zijn, omdat het uitnodigt om van alles te vertellen, maar dat zal ik dan maar niet doen. Ik zal proberen de antwoorden kort en bondig te geven, maar wel iets uitgebreider dan de vraagstelling was. K-4
De herdenkingen die het volgend jaar aan de orde zijn betreffen het gedenkjaar 1572 en het rampjaar 1672. 1572 wordt alom beschouwd als het begin van de staatsvorming in Nederland . Mooi dat die beide jaren in één gedenkjaar worden herdacht, waarin heel veel gaat gebeuren. Ik moet iets zeggen over het landelijke en de rol van de gemeente daarin. De gemeente Gorinchem is aangesloten bij het Samenwerkingsverband 1572, waarin inmiddels zo’n 33 steden samenwerken om een programma voor die gedenkjaren landelijk uit te rollen. Bij dat landelijk uitrollen gaat het heel specifiek over een aantal zaken. Er is in ieder geval sprake van een onderwijsproject, er komt een televisieserie, er wordt een basistentoonstelling ontwikkeld die overal kan worden toegepast en er ontstaat een lint van presentaties en tentoonstellingen door het hele land. De lokale activiteiten zullen ongetwijfeld aansluiten bij die landelijke programmering. Een vraag is gesteld over de betrokkenheid van de bewoners daarbij, en die is er uiteraard. De bewoners worden betrokken bij beide gedenkjaren, 1572 en 1672. Het idee is om de stadsprogrammering, onder aansturing van Gorinchem Inspireert, te laten aansluiten bij de thematiek van de herdenkingen, zoals die ook uit het samenwerkingsverband komen.
Je kunt er nu al wat van zien in de praktijk, want deze maand gaat het thema Kleurrijk van start, dat in het voorjaar van 2022 zal worden opgevolgd door thema’s die recht doen aan de beide herdenkingsjaren. Het antwoord is dus ‘ja’: de stad wordt betrokken, en ook uitvoerig. De heer Tekir heeft vervolgens opgemerkt dat het voor de hand ligt om de programmering te koppelen aan educatie en de scholen en gevraagd of er iets te zeggen valt over de betrokkenheid van de scholen. Daar valt veel van te zeggen. Ik zal er niet over uitweiden, maar een voorbeeld dat de stelling illustreert is dat voor het landelijk onderwijsprogramma dat ontwikkeld wordt in het samenwerkingsverband binnenkort een pilot komt, waarvoor 12 scholen uit den lande is gevraagd daarop een input te leveren. Wat schetst mijn verbazing, en waarschijnlijk ook de uwe, dat van die 12 scholen 6 uit Gorinchem afkomstig zijn. Het leeft dus zeer bij de Gorcumse scholen en ze zijn er ook heel actief mee. De derde vraag gaat over de relatie met de Stad van tolerantie. De link met de Stad van tolerantie wordt in allerlei activiteiten gelegd en om dat verder mogelijk te maken heeft het college een actie ondernomen door de subsidie voor cultuureducatie en cultuurparticipatie uit te breiden met het onderwerp inclusie, waarvoor partijen subsidie kunnen aanvragen.
De laatste vraag luidde wanneer het volledige programma tegemoet kan worden gezien. Dat gaat nog even duren. Het wordt nu ontwikkeld. We hopen in ieder geval in april de aftrap te geven voor het programma . Het betekent dat de plannen in dit laatste kwartaal van 2021 en het eerste kwartaal van 2022 in samenwerking met de stad worden geconcretiseerd. Ik denk dat het programma in het vroege voorjaar van het volgend jaar tegemoet kan worden gezien. De voorzitter: Dank u wel. De heer Tekir: Voorzitter, mag ik daarop kort reageren? De voorzitter: Heel kort.
K-5
De heer Tekir: Allereerst dank voor deze uitgebreide beantwoording, inderdaad uitgebreider dan de vraagstelling. Ik hoor heel veel over landelijke initiatieven. Ik zou u ook willen oproepen om de komende tijd te benutten om al die lokale initiatieven uit de stad te krijgen, want die combinatie vinden wij waardevol. Wethouder Van Zanten: Die oproep neem ik zo over. Ik ben zelf betrokken bij het Samenwerkingsverband 1572, vandaar ik dat ik er iets meer over weet dan ambtelijk is ingebracht. De laatste stukken zijn vanmorgen tot ons gekomen… De voorzitter: Het antwoord van de wethouder is: ja. Het landelijke wordt verbonden met het lokale en we wensen de wethouder veel succes. 6.
Hamerstukken.
6.a Tussentijdse rapportage 2021 (Turap) (2021-767549)
De voorzitter: In de parallelsessie is de turap als een hamerstuk afgeconcludeerd, zonder dat er een motie was aangekondigd. Nu komt er toch een motie en het is natuurlijk aan u als raad om een motie in behandeling te nemen, maar voor de vergaderhygiëne lijkt het me wel goed dat we het niet te vaak op deze wijze doen. De heer Tekir: Voorzitter, zou ik vooraf een verduidelijkingsvraag mogen stellen? De voorzitter: Over het proces, of over de inhoud? De heer Tekir: Over het proces. De voorzitter: Ga uw gang. De heer Tekir: Wanneer was de B&A-sessie over de turap? De voorzitter: Ik kijk even naar de griffier. De griffier: Die was er niet. De heer Tekir: Nee, die was er niet, vandaar dat wij het, gelet op die procesafspraak, vrij logisch vinden om de motie nu alsnog in te dienen. Wij zijn het eens met uw proceslijn, maar er is over dit onderwerp geen B&A geweest. De voorzitter: Er was een mogelijkheid om schriftelijke vragen in te dienen, maar van die mogelijkheid is geen gebruik gemaakt. Er is verder ook geen aankondiging van wat dan ook gedaan, en nu komt er opeens een motie. De heer Tekir: De schriftelijke vragenronde gaat over technische vragen. Wij uiten hier een politieke wens, die in onze beleving verder geen technische vraag nodig had. In die werkwijze vinden wij het vrij normaal dat deze motie vanavond wordt ingediend.
Ik had er behoefte aan deze toelichting te geven, omdat u aftrapte met een procesafspraak, maar in deze procedure is er geen B&A geweest.
K-6
De voorzitter: Het punt is helder. Het lijkt mij goed in de agendacommissie nog even te kijken op welke wijze we dat doen. De heer Hassouna heeft een motie aangekondigd. Ik stel voor dat u de motie nu inbrengt en toelicht, waarna de leden van de raad erop kunnen reageren. Het gaat alleen over de motie, omdat het stuk verder een hamerstuk is. De heer Van Santen: Ik vind het wel gek, hoor. Ik snap dat het technisch misschien mogelijk is om dit te doen, en dat zal ook wel, maar het is op z’n minst vreemd dat we dit nu moeten bespreken want een turap is een terugblik. Op dit punt is er juist geen B&A geweest en dat is nu net de reden waarom we dit niet zouden moeten doen. Ik snap ook niet dat die motie nu wordt ingediend, want gaan we eerst nu nog beraad hebben met elkaar over dit punt, of gaan we meteen een motie indienen, en hoort het beraad dan niet beter bij een ander moment, en dan denk ik ook aan de begrotingsraad? Ik ben benieuwd wat de andere collega’s daarvan vinden. Mevrouw Hamann: Als ik daaraan iets mag toevoegen, voorzitter? De voorzitter: Eerst mevrouw Hamann en dan de heer Tekir. Mevrouw Hamann: De turap is nu genoteerd als hamerstuk. Daar is nooit iets over gezegd en ik heb me er ook op voorbereid dat er gewoon gehamerd zou worden. Nu komt er ineens een motie en ik vind dat dat beter voorbereid had moeten zijn met andere gemeenteraadsleden. De voorzitter: Dank u.
De heer Tekir. De heer Tekir: Voorzitter, sorry dat dit ineens een procesdiscussie wordt, maar wat mijn verbazing echt schetst is dat wij het vanavond over de turap hebben, en dat is een tussenrapportage en geen terugblik… Mevrouw Hamann: Daar hebben wij het dus niet over. De heer Tekir: Als ik het woord mag? De tussenrapportage rapporteert over de lopende gang van zaken, wij lezen daarin een bepaalde ontwikkeling waar wij niet tevreden over zijn en nu is het moment om daarop bij te sturen, tijdens de besluitvorming over die tussenrapportage. Dit is een heel logisch moment om dat aan te grijpen. Volgens mij is het niet mooier dan dit. De voorzitter: Uw punt is helder. Ik geef de heer Van Breemen nog het woord en daarna breng ik een voorstel in stemming. De heer Van Breemen: Dank u wel, voorzitter. Ik kan het proces dat D66 doormaakt eigenlijk wel volgen. Volgens mij ligt er een stuk dat als hamerstuk is geagendeerd en wij hebben de afspraak dat je altijd moties en amendementen over een hamerstuk mag indienen. De turap gaat net als de begroting en de perspectiefnota over alles, dus dan kun je ook over alles moties indienen. Volgens mij dient D66 overigens een motie in over iets dat ook nog in de turap staat. Tot slot: de motie is volgens mij ruim van tevoren rond gemaild.
Als de raad nu zou zeggen dat hij de motie niet bij de turap wil behandelen, dan zou ik als D66 een motie vreemd aan de orde van de dag indienen met exact dezelfde
K-7
strekking en dan hebben we het er vanavond alsnog over. Dus volgens mij is het niet zo’n probleem om het gewoon bij de turap te behandelen. De voorzitter: Goed, ik stel voor de motie in behandeling te nemen. Wie is daarop tegen? Niemand. De heer Hassouna heeft het woord. De heer Hassouna: Dank u wel, voorzitter. Wij dienen een motie in met de titel ‘Maak opladen minder beladen’, naar aanleiding van de tussentijdse rapportage 2021 waarin stond dat in het afgelopen halfjaar vijf laadpalen zijn gerealiseerd. Dat, in combinatie met een artikel in de verschillende media, heeft ons getriggerd deze motie in te dienen. Via de griffie hebt u waarschijnlijk al kennisgenomen van de motie. Voor degenen die dat nog niet hebben gedaan en voor de kijkers thuis zal ik een en ander uiteenzetten. De gemeente Gorinchem heeft een maatschappelijke opgave en plicht om te voldoen aan de klimaatdoelen van Parijs en de daarbij behorende energietransitie. De toekomst is elektrisch, en een essentieel onderdeel hierbij is het aanmoedigen van elektrisch rijden. Het plaatsen van gecombineerde ‘laadlantaarnpalen’ kan dit proces stimuleren als onderdeel van een goede laadinfrastructuur. Er zijn steeds meer oplaadpunten nodig, maar de ruimte voor laadpalen op straat is schaars.
De paal staat er toch al, dus waarom niet van de lantaarnpaal een laadpaal maken? Het voordeel is dus dat er geen aparte laadpaal geïnstalleerd hoeft te worden, omdat het geïntegreerd is in de lantaarnpaal. Het is een aanwinst voor het straatbeeld, auto’s opladen via lantaarnpalen voorkomt de verrommeling van de openbare ruimte. In Arnhem doen ze dit al en Gorinchem zou dit voorbeeld kunnen volgen. Zeker voor de groep zonder eigen oprit is toegang tot een publieke laadpaal belangrijk en onontbeerlijk om deze behoefte te kunnen faciliteren. Bijkomend voordeel is dat we, door de lantaarnpalen standaard uit te rusten als oplaadzuil, ook zekerheid kunnen bieden aan de stroomnetbeheerder. Die wordt nu nog vaak verrast door de wirwar aan paaltjes die aan het elektriciteitsnet verbonden worden, op aanvraag. In sommige gevallen kunnen de elektriciteitskabels de wildgroei aan laadpunten niet aan en dreigt overbelasting. Bovendien hoeft de weg niet elke keer opengebroken te worden bij een nieuwe aansluiting, en het is dus toekomstbestendig. Opladen gebeurt met een pasje van en energiebedrijf en is dus niet gratis.
Al met al reden om het college op te roepen om het gebruik van elektrische auto’s te stimuleren, de mogelijkheden te verkennen om gecombineerde laadlantaarnpalen in de stad te plaatsen, te inventariseren waar behoefte is aan dergelijke laadpalen en aan de uitvoering invulling te geven via bijvoorbeeld een pilot. Motie M1: Maak opladen minder beladen De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op 14 oktober 2021; verzoekt het college van B&W: om het gebruik van elektrische auto’s te stimuleren, de mogelijkheden te verkennen om gecombineerde ‘laadlantaarnpalen’ in de stad te plaatsen.
De voorzitter: Dank u wel. Ik inventariseer even wie hierover verder het woord wil voeren. Als eerste heeft zich mevrouw Hamann aangemeld. Mevrouw Hamann: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat er de afgelopen paar jaar heel veel fracties zijn geweest die het met de wethouder weleens over laadpalen hebben gehad. K-8
Ik kan me herinneren dat ik het zelf een halfjaar geleden in een debat heb benoemd, waarop de wethouder opmerkte dat er al enige vorm van beleid voor elektrisch laden was in de parkeernota. Ik heb het inmiddels nog eens nagekeken en geconstateerd dat er inderdaad een alinea aan is gewijd, zij het tamelijk summier. Uit eigen ervaring weten wij, maar we horen het ook van mensen in de stad, dat er een groot gebrek is aan ulaadvoorzieningen, wat voor voorzieningen dat dan ook mogen zijn. Het geval wil dat er verschillende raadsleden zijn die allerlei technische oplossingen en ideeën bedenken, maar ik mis een duidelijk beleid en een plan van aanpak. Ik heb er destijds om gevraagd, met een verwijzing naar het parkeerbeleid, dat wij te summier vinden. We missen in elk geval een plan van aanpak en daarvoor dien ik nu een motie in. In de motie vragen wij te inventariseren waar behoefte bestaat aan meer laadvoorzieningen voor elektrische auto’s en een plan van aanpak op te stellen en dat uit te rollen over de stad. Wij hebben namelijk geconstateerd dat op verschillende plekken in de stad verschillende soorten behoeften bestaan. Er zijn straten waar heel veel elektrische auto’s zijn. Bij mij in de straat liggen allemaal kabeltjes over het trottoir, al dan niet afgedekt, soms ook best gevaarlijk, en er wordt gemopperd dat er onvoldoende capaciteit is.
Er schijnt een app te zijn waarmee je kunt zien of er een locatie beschikbaar is, bijvoorbeeld hier op het Stadhuisplein, en dan blijkt dat mensen die op maandagochtend vroeg moeten werken pas zondagavond laat hier op het plein terecht kunnen. Er is dus gewoon een schreeuwend tekort. De technische mogelijkheden zijn heel divers en daarom zal dat volgens mij maatwerk moeten zijn. Motie M2: Laadpunten voor elektrische auto’s De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op 14 oktober 2021; verzoekt het college: - te inventariseren waar er behoefte bestaat aan meer laadvoorzieningen voor elektrische auto’s. - een plan van aanpak op te stellen voor wat betreft de uitvoering.
De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Hachhouch. De heer Hachhouch: Dank u wel, voorzitter. Wij als Gorinchem kunnen niet onder een aantal trends uit. Het nationaal beleid dat we hebben ingericht gaat richting een wagenpark dat flink verduurzaamd wordt. Alle nieuwe personenauto’s die in 2030 op de markt komen moeten al honderd procent elektrisch zijn. Leaseplan pakte vandaag groots uit dat elektrisch rijden voor het eerst in alle segmenten goedkoper is dan rijden op benzine of diesel; het blijkt uit de jaarlijkse Car Cost Index. Meer en meer mensen vinden hun weg naar duurzame vervoersmiddelen. We gaan dus ook in onze stad een toekomst tegemoet met veel elektrische auto’s, die steeds betaalbaarder worden en, als u het mij vraagt, ook steeds mooier. Maar onze stad is daar nog niet volledig op ingericht. We zien nu al dat in bepaalde wijken meerdere inwoners met een elektrische auto rondrijden, die zitten al snel met het issue dat niet iedereen kan laden en als men een ‘duurzame’ bezoeker op bezoek heeft komt men al helemaal in de knel. De motie die is ingediend door D66 kan op onze steun rekenen, met dank aan de heer Hassouna voor het scherpe lezen. Het betreft hier een praktische oplossing voor een probleem dat met rasse schreden op ons af komt. Uiteraard zien ook wij de nodige uitdagingen, maar wij zijn niet de eerste stad die dit gaat uitvoeren.
Het gebeurt onder andere al in Arnhem en Den Haag. Daar kunnen we gelukkig van leren. Let erop dat de K-9
parkeerplaatsen met laadpunten niet onnodig gereserveerd worden en plaats de punten vooral daar waar nieuwe lantaarnpalen worden geplaatst, om de kosten behapbaar te houden, en neem de capaciteit van het elektriciteitsnet mee in de analyse. Allemaal zaken die we vast terug zullen zien in het onderzoek, dat wij graag tegemoet zien. Wat betreft de motie van Gorcum Actief, verneem ik graag van de wethouder wat momenteel de strategie is om dit uit te werken. Op basis daarvan zullen wij onze stem bepalen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Barth. De heer Barth: Dank u, voorzitter. We hebben nu onverwacht twee moties rondom het laden voor elektrische auto’s. Allereerst wil ik even memoreren dat de ChristenUnie/SGP in het verleden de eerste motie heeft ingediend die vroeg om het plaatsen van laadpalen. Daarom kunnen wij heel makkelijk aansluiten bij de beide indieners. Daarnaast wil ik nog een waarschuwing – zou ik bijna zeggen – laten horen richting het college. De elektrische auto werd geframed als de toekomst, maar dat is slechts gedeeltelijk waar. Het laden zoals we dat nu kennen van de circa 250.000 elektrische auto’s in Nederland zal uiteindelijk stoppen, omdat we de grenzen bereiken van de mogelijkheden om die capaciteit in een accu te stoppen. Dat zal vervangen worden door een watercel, die dient als aggregaat, waarmee het laden op locatie weer komt te vervallen.
Ik kijk hierbij het college aan: elke lantaarnpaal moet dus geen laadpaal worden – dat lijkt me niet verstandig. Ik denk dat ik hiermee duidelijk ben geweest. Wij kunnen beide moties steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Breemen, en daarna de heer Chaaby. De heer Van Breemen: Ja, voorzitter, dank u wel. Elektrisch rijden is heel belangrijk en ik ben het helemaal eens met de motie die D66 heeft ingediend; dat zal vanzelf spreken. Ik vind het knap dat mevrouw Hamann onvoorbereid ineens een motie tevoorschijn tovert, die heeft ze snel geschreven … Mevrouw Hamann: Nou, de motie van D66 was al eerder verstuurd, naar aanleiding waarvan enige discussie ontstond, vandaar. Er zijn heel veel ideeën, maar we missen een duidelijk beleid, zoals ik zei. De heer Van Breemen: Het is mooi dat u veel ideeën heeft, maar net zei u dat u onvoorbereid was en nu hebt u ineens een motie. Dat waardeer ik, want uw motie is erg verstandig wat mij betreft. Het is goed om daar beleid op te maken en dus zal ik die motie ook steunen. De voorzitter: De heer Chaaby. De heer Chaaby: Ik kan het kort houden. Volgens mij is het goed om in ieder geval een onderzoek in te stellen. Het gaat, nogmaals, om een verkenning en Democraten Gorinchem staat positief tegenover zo’n verkenning.
Vooral in de nieuwe wijken willen we zeker een onderzoek stimuleren naar de technische haalbaarheid, maar ook de kosten.
K - 10
Dat is volgens mij de motie van D66. Wat de motie van Gorcum Actief betreft, wacht ik eerst de reactie van de wethouder af. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Santen. De heer Van Santen: Dank u, voorzitter. We hebben het eigenlijk niet meer over de turap. Volgens mij is het ook vooral een voortspinsel van wat in de turap staat, maar goed. Voor ons was het een hamerstuk en anderen denken daar nu kennelijk anders over. Ik vind het wel een goed idee dat de heer Van Breemen meegeeft, dat zal ik onthouden, dus dat we hier ook dit soort ideeën verder kunnen bespreken. Dat gezegd hebbende, vind ik het een beetje uit de hoge hoed, maar laat ik vooropstellen dat ik dit een van de ideeën vind die we graag verkend zouden zien. We vinden het dus een heel goed idee. Het is overigens niet iets nieuws, het idee bestaat al een aantal jaren in diverse gemeenten, waaronder Den Haag. Het is ook al eerder ter sprake geweest. Sterker: we hebben rond het parkeerbeleid vooral gevraagd naar het verkennen van dergelijke nieuwe ideeën, en daar hoort dit zeker bij. We zitten hier immers in hoofdzaak om het goede beleid daarin vast te stellen en dan kun je daar zeker wat uitvoeringsideeën bij aandragen.
Naast dit idee, en ik ben ook blij dat een aantal collega’s alle ideeën goed willen omarmen, zijn er legio andere ideeën op dit gebied, stuk voor stuk goede innovaties die wat ons betreft allemaal het overwegen waard zijn. Het is ook een markt die volop in ontwikkeling is en grote innovaties kent. Het nut kan ook best verschillend zijn per situatie – ik hoorde de heer Barth daarvan al een ander voorbeeld schetsen –, of per wijk. Laten we dan, zoals eerder ook besproken tijdens het parkeerbeleid, voor dit beleid de ideeën gewoon gaan bundelen, of in een groter geheel plaatsen, en dan in een goed samenwerkingsverband. Misschien is het een idee om een ideeënbox te openen daarvoor, of een e-mail, of iets anders in die trant. We zijn vooral benieuwd hoe de wethouder dat ziet. Daar laat ik het even bij voor nu. Overigens zullen we ook de motie van Gorcum Actief zeker steunen. Dank u wel. De voorzitter: De heer Bahlmann. De heer Bahlmann: Dank u wel, voorzitter. Stadsbelang is het ermee eens dat er te weinig laadpalen zijn in Gorinchem en dat daar wat aan gedaan zou moeten worden. Het idee van D66 klinkt goed, ik vraag me alleen af of het kostentechnisch haalbaar is, vanwege het feit dat laadpalen meer stroom nodig hebben dan een lantaarnpaal. Daar zit ik dus een beetje mee.
En wat de heer Barth ook aangaf: het is niet alleen elektrisch rijden, maar straks zullen we ook brandstofcelvoertuigen krijgen. Ik vind dan ook dat we dit breder moeten trekken en ook moeten kijken naar laadpleinen, specifieke plaatsen waar we laadpalen neerzetten en waar we zorgen voor voldoende capaciteit. Laten we het op die manier bekijken, dus niet alleen naar de motie van D66, maar naar meer mogelijkheden, zodat we straks echt met een oplossing komen en dat je niet straks kunt zeggen: die lantaarnpalen zijn te duur, dat doen we niet, want dan is het probleem nog steeds niet opgelost. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. De heer Onvlee. K - 11
De heer Onvlee: Dank u wel, voorzitter. Ik wil kort nog iets zeggen over de duurzame mobiliteit want daar hebben we het hier tenslotte over. De motie van D66 is tijdig aangeleverd en hebben wij ook goed kunnen beoordelen, waarbij we het belangrijk vinden dat die inventarisatie er gaat komen, om gewoon eens te kijken wat er mogelijk is. Ik denk dat het nog best ingewikkeld gaat worden op het huidige net van de verlichting, maar gelukkig gaan we ook nog wat ontwikkelen in deze stad. Misschien kan het wel allemaal heel eenvoudig en dan zou het een praktische, eenvoudige oplossing zijn, want zo klinkt het. Dus ik ben benieuwd wat daar uit gaat komen. De tweede motie heb ik heel snel gelezen. Het eerste punt, de inventarisatie kan ik best wel volgen, maar om dan meteen al over te gaan tot een plan van aanpak wat betreft de uitvoering gaat mij net iets te snel. Ik ben benieuwd hoe het college naar dat onderwerp kijkt. Mevrouw Hamann: U vindt een plan van aanpak te snel, maar je kunt toch beter eerst een plan bedenken voordat je iets gaat aanpakken? Hoe ziet u dat? De heer Onvlee: Als het goed is, stelt u in de motie voor eerst te gaan inventariseren, en dat kan ik me nog wel indenken, maar om daar meteen allerlei acties aan te verbinden voelt in eerste instantie, ook omdat ik de motie zo kort geleden ontvangen heb, net iets te omvangrijk.
Ik kan onvoldoende beoordelen of dat ook allemaal nodig is. Mevrouw Hamann: Misschien kan de heer Onvlee er straks nog even naar kijken, want een inventarisatie uitrollen in een plan van aanpak lijkt mij niet zo heel ingewikkeld. De voorzitter: Dank u wel. Dan mevrouw Stevens. Mevrouw Stevens: Dank u wel, voorzitter. Een maand geleden heb ik het onderwerp op tv gezien, en toen dacht ik: welke partij in de gemeente zal hier aandacht aan gaan besteden? Nou, dat is een goeie gok geweest. Ik werd ook erg geïntrigeerd door wat in de gemeente Arnhem is gezegd over het feit dat de parkeerplaatsen een stuk intensiever gaan worden door de laadpalen. Maar weet je: je kunt natuurlijk allemaal wel nieuwe laadpalen gaan bouwen, maar zoals de heer Barth ook zei – en dat werd ook door de gemeente Arnhem gezegd –: er zijn ontwikkelingen op elektrisch rijden en voor je het weet zijn ze al helemaal niet meer nodig. Dus we zullen zien hoe nodig ze zullen zijn in de toekomst, maar als tussenstap is dit een ideale oplossing. Wij staan dus positief tegenover de motie van D66. Wat de motie van Gorcum Actief betreft, moet ik heel eerlijk zeggen dat het natuurlijk kaders zijn, maar de motie van D66 toont wel heel duidelijk dat het over het verkennen gaat, dus daar wordt eigenlijk al een onderzoek mee gesuggereerd en dit is meer een verduidelijking in het onderzoek.
Misschien staat het eigenlijk al in de motie van D66, maar het kan op zich geen kwaad om er voor te zijn. De voorzitter: Dank u wel. Wethouder Van der Geest. Wethouder Van der Geest: Dank, voorzitter. Ik ga proberen het korter te houden dan mijn collega Van Zanten zojuist, anders worden de borrelhapjes koud, verzekert FaZa mij net, en dat moeten we natuurlijk niet hebben na de eerste raadsvergadering.
K - 12
Allereerst de motie van D66. Die was inderdaad tijdig aangeleverd en ik heb heel veel technische dingen ambtelijk ontvangen, die ik maar gedeeltelijk snap, maar we kunnen inderdaad gewoon gaan verkennen. De boodschap was in ieder geval: het is niet zo simpel als het lijkt; laten we het maar even zo samenvatten. Om de heer Barth gerust te stellen: we hebben 8.024 lantaarnpalen in onze stad en die gaan we niet allemaal, als het al kan, van laadpunten voorzien. De heer Van Santen: Ik hoor u zeggen dat u dit idee gaat verkennen en omarmen. Doet u dat dan ook met ideeën van dezelfde strekking? Wethouder Van der Geest: Volgens mij is de oproep niet alleen maar “zoek deze oplossing’. Zo interpreteer ik de motie in ieder geval niet, maar als er andere oplossingen zijn om dingen te combineren, als dat technisch mogelijk is en niet te veel kosten met zich brengt, nemen we dat mee in de verkenning. Maar het gaat ook, en volgens mij zei de heer Bahlmann dat ook, over echt een verzwaring van het stroomnetwerk, en u hebt ook over de RES van collega Kraaijeveld al meegekregen dat die soms aan z’n max zit, en daar zit natuurlijk wel het grootste probleem. Dus het kan nog wel eens uit verkenningen misschien bij nieuwbouwwijken wel, volgens mij is het in Arnhem ook in een nieuwbouwwijk geweest, dus laten we gewoon die verkenning doen en het ook niet te ingewikkeld maken.
Als we erachter komen dat het lastig is, of te veel kosten met zich brengt, dan koppelen we daarover terug. De motie van Gorcum Actief was er ineens. Recent heeft D66 ook vragen gesteld over het opladen; dat was naar aanleiding van wat verwarring rond afstanden en gevraagd werd of we daar niet wat aan zouden kunnen doen. Toen hebben we ook aangegeven als college dat we momenteel niet de prioriteit en capaciteit hebben om dat op te pakken. Dus daarmee moet ik de motie ook ontraden. Maar goed, de begrotingsraad komt eraan en als u er in meerderheid wat van vindt, zal daarvoor budget, maar vooral capaciteit vrijgemaakt moeten worden om dit op te pakken. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond of er behoefte is aan een tweede termijn. De heer Van Santen. De heer Van Santen: Dank u, voorzitter. We zijn positief over deze ideeën. Dat is wat mij betreft wel een klein beetje willekeurig, want er is een idee dat nu wordt toegepast op Arnhem en Den Haag, maar er zijn ook andere ideeën die op andere gemeenten worden toegepast. Ik heb daar een voorbeeld van: de streetplugs, eigenlijk ondergrondse oplaadpunten, die vooral in Rotterdam en Bergen op Zoom als een soort pilot meegaan in het hele verhaal. Ik heb iedereen heel positief over nieuwe ideeën en nieuwe initiatieven horen praten.
Ik heb daarvoor een motie opgesteld, die ik, denk ik, niet zal indienen, maar ik wil wel meegeven dat ik hem kán indienen. Ik vroeg me eigenlijk af of u die streetplugs ook mee wilt nemen in uw verkenning. Daar ben ik vooral benieuwd naar. Overigens is de motie verder van exact dezelfde strekking als die er was. Ik had gevraagd om die te combineren, maar dat was niet aan de orde, vandaar even mijn vraag aan u. Dank u wel. De heer Bahlmann: Daar wil ik even op reageren. We moeten niet alleen de streetplugs meenemen, maar echt een oplossing zoeken, zodat we straks niet hoeven te zeggen wat K - 13
ik eerder al heb aangegeven: het is te duur, dus we doen het niet. De mensen die een elektrische auto hebben, hebben die laadfaciliteit nodig, dus laten we met een oplossing komen en laten we het breder trekken, zodat er echt een oplossing ligt. De heer Van Santen: Dat is exact mijn punt. We zijn bezig met een soort willekeurig schot op een idee dat ergens in een andere gemeente van toepassing is en waarvan we eigenlijk al weten dat het misschien in sommige wijken wel en in sommige wijken niet zo haalbaar is. Er zijn legio voor- en nadelen te bedenken aan ieder idee. Alles heeft wat dat betreft praktisch nut. Daar kunnen we nog heel de avond over debatteren, maar daar zitten we hier niet voor. De precieze inzet en welk idee waar van toepassing is kunnen we beter overlaten aan onze ambtenaren. Draag het aan, maar laat het dan daarbij. Dat doe ik ook bij dezen. Dit is een van de ideeën die ik graag wil aandragen. Ik ben benieuwd of u dat ook wilt meenemen, en anders ben ik altijd nog bereid daartoe een motie in te dienen van dezelfde strekking. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Hamann. Mevrouw Hamann: Dank u wel, voorzitter. Ik verbaas me wel een beetje over het antwoord dat er niet de capaciteit is om te kijken hoe we die laadpalen moeten gaan uitrollen in Gorinchem.
Als er capaciteit is om een bepaalde technische mogelijkheid uit te zoeken, kan ook onderzocht worden hoe het in de wijken gesteld is. Zoals ik net al zei, zijn er wijken en straten – die kan ik aanwijzen – waar de snoertjes over het trottoir liggen en waar het echt gevaarlijk is. Dus ik zou zeggen: doe er wat aan en kom met een algemeen plan voor de hele stad en voor de wijken, zoals ook de heren Bahlmann en Van Santen benadrukten, want aan alleen één optie hebben we niks, we moeten naar het geheel kijken en bezien hoe we dat per locatie het beste kunnen invullen. Ik zeg niet dat het meteen allemaal ingevuld moet zijn, de uitvoering komt daarna. Wat mij betreft is hier het laatste woord nog niet over gesproken. Dank u wel. De voorzitter: De heer Barth. De heer Barth: Dank u wel, voorzitter. Van de heer Van Santen, maar ook de heer Bahlmann, heb ik heel duidelijk de oproep gehoord om nu met een stukje beleid te komen en niet te gaan inzoomen op lantaarnpalen waar wel of niet een stekker aan moet komen. Dat is eigenlijk wat de wethouder ons als antwoord gaf: we hebben geen capaciteit om een beleidsstuk op te stellen, maar we dragen de motie van D66 voor laadlantaarnpalen wel een warm hart toe – even vrij vertaald.
Ik denk dat we het dan echt heel verkeerd benaderen, want dan ontvangt u een instructie die naar de ambtenaren gaat, en of het nodig is of niet, we maken gewoon tien van die laadlantaarnpalen, zodat de motie is ingevuld. Maar dat is niet het doel. Het doel moet zijn te voorzien in de behoefte, maar ook te kijken naar de langere termijn: waar is de nood het hoogst in Gorinchem en kunnen we daar met een laadoplossing komen? Wat mij betreft mag dat op een manier zijn die wellicht past op de locatie – denk aan inductieladen, dat zou zomaar kunnen – en zo zijn er heel veel verschillende mogelijkheden. Daarvoor hoeven we geen rapport te hebben à la het AIC, waarvoor naar ik meen een budget van 70.000 euro was vrijgemaakt. Dat is K - 14
helemaal niet wat we beogen met een beleidsstuk rondom elektrisch laden. De ambtenaren kunnen gewoon een dagje googelen en ze weten voor ongeveer 90% wat er te koop is. Maak er nu gewoon een beleidsstuk van. De raad zal u echt niet afstraffen als het geen voldragen document van 120 pagina’s wordt met allerlei hypothetische mogelijkheden. Dat is niet wat we met een beleidsstuk bedoelen. Ik zou daarom de wethouder willen uitnodigen iets op te schuiven en van de instructie naar iets breders te gaan. Misschien noemt u het wat anders dan ‘beleid’, maar dan zouden we eigenlijk ook de motie van Gorcum Actief zo kunnen interpreteren en dan denk ik dat we onze stad en onze inwoners recht doen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hassouna. De heer Hassouna: Dank u wel. Allereerst hartelijk dank voor de steun. Als de motie van Gorcum Actief een oproep is om meer capaciteit vrij te maken, steunen wij die ook van harte. De voorzitter: Wethouder Van der Geest. Wethouder Van der Geest: Dank, voorzitter. De heer Barth sprak mij direct aan met de oproep om hiermee aan de slag te gaan. Wij hebben het openbaar beleid oplaadinfrastructuur Gorinchem met beleidsregels van 2014 herbeoordeeld bij het nieuwe parkeerbeleid en wij zijn de mening toegedaan dat dat geen heroverweging nodig heeft, omdat het voldoet.
Natuurlijk duurt het soms lang als mensen een laadpaal aanvragen, maar dat ligt vooral bij Stedin en Allego die die palen neerzetten. Wij hebben geen reden gezien om dat beleid te veranderen. Het beleid en het laadpuntenplan, dat aangeeft waar die laadpanen zouden kunnen komen, hoeven wat ons betreft niet heroverwogen te worden. Daarom hebben wij er ook geen budget voor opgenomen in het parkeerbeleid. Rond deelmobiliteit, ook een manier van duurzame mobiliteit, hebben we dat wel gedaan en daarmee heeft de raad ook ingestemd. Daarom zeg ik nogmaals: als u echt een ander beleid wilt dan er nu ligt, zult u ook met budget moeten komen waarmee wij ambtelijke capaciteit kunnen inzetten, want die zit nu hartstikke vol, zeker op het gebied van mobiliteit en de technische toepassingen, die we nu ook hebben. Ik hoef niet een ideeënbox te openen, dat lijkt mijn mailbox soms ook, meneer Van Santen, dus u kunt hem ook gewoon naar mij toe mailen. Dan gaan we gewoon kijken wat er in de openbare ruimte zit wat we kunnen combineren op een slimme manier, wat een beetje past bij de investering die we moeten doen. Dus ik wil u echt meegeven als raad: wilt u echt een ander beleid dan er is, dat kan, maar wat ons betreft is het niet nodig, want als er laadpalen nodig zijn, dan moeten mensen daar gewoon een aanvraag voor doen en dan kunnen we dat besluit nemen. Dat staat ook in de turap.
Los van de vijf laadpalen zijn er ook elf verkeersbesluiten genomen om daartoe te komen, maar goed, die doorlooptijd is wat langer. Dus nogmaals: ik ontraad de motie nog steeds. Mevrouw Hamann: VoorzitterDe voorzitter: Mevrouw Hamann.
K - 15
Mevrouw Hamann: Het is niet zo dat wij per se meteen een heel ander beleid willen, we willen gewoon een inventarisatie van wat er in de wijken speelt, want wat ik in de parkeernota heb gezien komt niet overeen met de werkelijkheid die wij in de stad zien gebeuren. Zoals de heer Barth al zei, hoeft het geen groot rapport te worden, gewoon eens even inventariseren en kijken wat nodig is, en op welke plek wat handig is – op de ene plek kun je het zien zitten, op een andere plek weer wat anders –, en dan met een plannetje van aanpak komen. Dat is toch allemaal niet zo ingewikkeld? De voorzitter: U hebt uw punt gemaakt en volgens mij heeft de wethouder daarop ook al gereageerd. Ik weet niet of u daar nog iets aan wilt toevoegen? Wethouder Van der Geest: Voorzitter, het is heel simpel. Als mensen behoefte hebben aan een laadpaal, moeten ze een verzoek tot het plaatsen van een laadpaal indienen. Dat is de inventarisatie die er eigenlijk iedere dag is. Als mensen behoefte hebben aan een laadpaal, dan plaatsen wij op basis van het beleid – daar heeft D66 eerder een verduidelijkende vraag over gesteld, over hoe dat beleid in elkaar zit –, dus dat is de inventarisatie die continu loopt. Als er meer behoefte is, zullen er meer verzoeken moeten zijn op centrale voorzieningen. Daar hebben we het al vaker over gehad.
Bij de uitbreiding van Kweeklust bijvoorbeeld zullen we naar extra laadvoorzieningen moeten gaan, en dat doen we op plekken die centraal gelegen zijn, en niet zomaar in elke straat, want dat is, los van dat het niet altijd kan, ook niet altijd wenselijk. De heer Bahlmann: Voorzitter, mag ik nog even reageren op wat de wethouder aangeeft? De voorzitter: De heer Bahlmann. De heer Bahlmann: Op het moment dat je een aanvrage indient, wordt altijd gekeken of er niet binnen tweehonderd meter van je woning al een laadpaal staat. In de Haarwijk bijvoorbeeld geeft u aan dat er binnen tweehonderd meter een laadpaal is, maar dat is geen openbare laadpaal, dus die aanvrage wordt op dat moment afgewezen. Er komen steeds meer elektrische auto’s, dus zul je ook binnen tweehonderd meter meer laadpalen nodig hebben dan die ene laadpaal waar twee auto’s kunnen opladen. Ik denk dat we daar ook naar moeten kijken. Wethouder Van der Geest: Dat punt neem ik mee, voorzitter. De heer Van Santen: VoorzitterDe voorzitter: De heer Van Santen. De heer Van Santen: Een korte reactie. Ik ben blij dat de wethouder ook onze ideeënbox wil zijn, dan hebben we al die moties ook niet meer nodig, want dan kunnen we gewoon ideeën haar hem toe sturen. Ik heb er net eentje aangedragen en ik was benieuwd of u dat idee ook wilt meenemen in deze verkenning.
Wethouder Van der Geest: Ik heb hem niet onthouden, maar ik ga hem meenemen, voorzitter. De voorzitter: Het was wel een goed idee! K - 16
De heer Barth: Voorzitter, mag ik daar een vraag over stellen? De voorzitter: De heer Barth. De heer Barth: De wethouder zegt nu toe dat hij het meeneemt, maar dat is veel breder dan de motie van D66. Dus krijgen we nu toch een smal beleidsstuk en een bredere interpretatie van vraag en aanbod inventariseren? Moet ik het zo samenvatten? Wethouder Van der Geest: De heer Barth heeft het woordenspelletje gemist, merk ik, voorzitter. Ik ken eerlijk gezegd het voorbeeld van de heer Van Santen niet, dus dat gaan we verkennen, en als het iets is wat niet kan, dan is de verkenning heel snel klaar. Kan het wel, dan is de verkenning wat langer. De voorzitter: Goed. Volgens mij hebben we er nu voldoende over gesproken. Er liggen twee moties die ik graag in stemming wil brengen, en daarna uiteraard het voorstel, dat verder een hamerstuk is. De heer Van Mourik: VoorzitterDe voorzitter: De heer Van Mourik. De heer Van Mourik: Dank u wel, voorzitter. Even een opmerking over de twee moties. De ene motie eindigt met ‘Lid Van Mourik’ en de tweede motie heeft geen ‘Lid Van Mourik’, misschien omdat ‘ie te snel gemaakt is. Dus, mevrouw Hamann, u heeft misschien een ander format gehad, ik hoor daar mogelijk nog wel onder, maar ik vind het niet zo erg. Ik vind uw motie buitengewoon sympathiek, ik ga er geen amendement van maken, maar alleen al vanwege de struikelsnoeren zal ik hem steunen.
De voorzitter: Ik zie dit als een stemverklaring. Ik ga nu de moties in stemming brengen, allereerst de motie van D66, met als onderwerp ‘Maak opladen minder beladen’. Zijn er nog anderen die een stemverklaring willen afleggen? Ik ga gewoon het rijtje even langs. De heer Bahlmann. De heer Bahlmann: Wij zullen voor de motie van D66 stemmen, we willen hem alleen wel breder trekken. Dus dat geven we mee aan de wethouder: dit is een oplossing, maar maak hem breder, dat we echt met een oplossing komen, en niet dat hij afgeserveerd wordt vanwege de kosten. De voorzitter: De heer Van Santen. De heer Van Santen: Wij sluiten ons aan bij wat de heer Bahlmann zei. Daarnaast wil ik opmerken dat wij blij zijn met de toezegging van de wethouder om ook streetplugs hierin mee te nemen als verkenning. De voorzitter: Mevrouw Hamann. Mevrouw Hamann: Wij zullen voor deze motie stemmen, maar zijn dus voor een breder beleid en sluiten ons aan bij de woorden van de heer Bahlmann.
K - 17
Motie M1 wordt hierop bij handopsteken in stemming gebracht en met algemene stemmen aanvaard. De voorzitter: Aan de orde is de motie van Gorcum Actief. Voor eventuele stemverklaringen loop ik wederom het rijtje af. De heer Bahlmann. De heer Bahlmann: Voorzitter. Een sympathiek idee, wij zitten alleen met het tweede stuk: plan van aanpak voor de uitvoering op het moment dat je nog niet geïnventariseerd hebt – nee, dat niet, denk ik dan. Daarom zullen wij de motie niet steunen. Motie M2 wordt hierop in stemming gebracht en met 12 tegen 11 stemmen verworpen. De voorzitter: Aan de orde is ten slotte het raadsvoorstel. Het raadsvoorstel wordt bij handopsteken in stemming gebracht en met algemene stemmen aanvaard. 6.b Zienswijze begrotingswijziging 2021 GR DG&J voor de Service Organisatie Jeugd (2021-761795)
De voorzitter: Wil iemand nog een stemverklaring afleggen? Mevrouw Van Oversteeg: Tijdens de B&A-sessie hebben wij namens het CDA verzocht in de zienswijzebrief de positie van de raad en de wijze waarop wij tot nu toe zijn meegenomen te benadrukken. Het stemt ons tevreden dat dat is gebeurd. De voorzitter: Verder geen stemverklaringen, constateer ik. Dan open ik de stemming. De heer Van Willigen: Bij een hamerstuk hoeven we toch niet te stemmen? De voorzitter: Jawel. Het moet vastgelegd worden in het systeem; die instructie heb ik gekregen. Het voorstel wordt hierop in stemming gebracht en met algemene stemmen aanvaard. 6.c Verordening Fysieke Leefomgeving (2021-756779)
Het voorstel wordt in stemming gebracht en met algemene stemmen aanvaard. 6.d Notitie Reikwijdte en detailniveau (2021-770665)
Het voorstel wordt in stemming gebracht en met algemene stemmen aanvaard. De voorzitter: Dames en heren. Ik stel vast dat er behoefte bestaat aan een korte pauze. Ik schors daarom voor enkele minuten de vergadering (20.43 uur). Schorsing
K - 18
De voorzitter: De vergadering is heropend (20.54 uur). 7.
Bespreekstukken.
7.a Tijdelijke noodopvang (2021-771809)
De voorzitter: Dames en heren. Wij stellen u voor toestemming te verlenen voor acute noodopvang van 300 vluchtelingen voor maximaal vier weken in het voormalig belastingkantoor aan de Vroedschapstraat. Diverse raadsleden hebben zich aangemeld om hierover te spreken. In de volgorde waarin zij dat hebben gedaan geef ik hen het woord. Allereerst de heer Schefferlie van Democraten Gorinchem. De heer Schefferlie: Dank u wel, voorzitter. Vanaf deze plek wil ook ik mevrouw Molengraaf van harte feliciteren. Ik vind het altijd leuk om een wedstrijdje met haar aan te gaan, maar op dit gebied sta ik toch echt met 5-0 achter! Reden genoeg om mijn kinderen vanavond bij terugkomst eens goed aan te moedigen. En hoe fijn is het als je kleinkinderen in de veilige en mooie omgeving van Gorinchem kunnen opgroeien. In die zin sta ik hier eigenlijk een beetje met dezelfde schroom als de allereerste keer dat we het over asielzoekersopvang mochten hebben in Gorinchem. Toen overkwam me hetzelfde bij de gedachte hoe luxe het eigenlijk is in de rust waarin wij kunnen vergaderen en hier wonen om te mogen oordelen of in de Stad van tolerantie ook plek is voor mensen in nood. Gelukkig hebben we een hele goede traditie op dat vlak, zoals we ook actueel ruim voldoen aan het opvangen van statushouders.
We hebben twee keer een AZC gehuisvest en ook vandaag, mogen we aannemen, staan we in Gorinchem open om te voldoen aan de acute noodvraag die er is. In die zin kunnen we het hart op die manier laten spreken. Maar naast het hart gebeurt er ook wat in de buik rond dit thema, omdat we nu eenmaal een belast dossier hebben op de plek waar nu acute noodopvang gaat plaatsvinden. Het heeft alles te maken met de manier waarop het COA destijds het gebouw heeft verworven, de breuk in het vertrouwen die dat had kunnen opleveren tussen de gemeente en de inwoners aldaar en het besluit dat we vervolgens genomen hebben om daar, niet passend in de wijk naar ons oordeel, de locatie beschikbaar te stellen voor asielzoekers. Deze situatie brengt wat anders. Dat neemt niet weg dat wij kritisch blijven op het COA, want door de decennia heen mag je toch eigenlijk wel een keer zien dat er in die golven altijd pieken en dalen zijn. Hoe mooi zou het dan zijn als zo’n organisatie ging werken aan een flexibele schil en hoe mooi zou het zijn als het gewoon normaal was dat iedere gemeente een locatie had waarin je vluchtelingen opvangt, waarin er in zulke extra vervelende tijden ook gewoon ruimte is om dat met elkaar te kunnen dragen en op te vangen.
Het is jammer dat het niet zo gaat, maar ik denk dat het goed is deze maximale termijn van vier weken te omarmen – waarom: nou ja, het COA heeft, mag je aannemen, heel goed nagedacht toen het zelf die maximale termijn noemde, het weet van onze broze relatie, dus het zou uitermate merkwaardig zijn, en eigenlijk ook niet kunnen, als het ondanks dat goede nadenken straks met een verlenging zou moeten komen, of een nieuwe aanvrage. Dat vinden we niet meer oké, want dan breekt er iets met het vertrouwen dat wij in die wijk willen houden, en dat moet ook kunnen tegen de achtergrond van het feit dat er in Zuid-Holland gewoon andere locaties zijn die nu gereed gemaakt worden en juist deze overbrugging bij ons nodig is om die tijd door te komen. K - 19
In de tussentijd willen we herhalen dat het goed is dat we in Gorinchem ons steentje blijven bijdragen, wel op een manier die bij ons past, met draagvlak, goed voorbereid, kleinschaligheid en wie weet ook kansen biedend voor win-win-situaties, denkend bijvoorbeeld aan jongerenhuisvesting waar we het een en ander in te doen hebben. Het zou in ieder geval mooi zijn om dat te zijner tijd ook weer in goede participatie te doen, maar met haast en urgentie, want we zien overal in het land de noodzaak die er is en die zal ook over vier weken niet weg zijn. Dus laten we in Gorinchem snel aan de slag gaan, om op een bij ons passende manier die bijdrage weer te gaan leveren. Als fractievoorzitters zijn wij eerder gebriefd, vanuit de haast waarin u moest werken. Ik vind het wel jammer dat we op dat moment niet zijn ingelicht, noch door het COA, noch door het college, dat er ook sprake was van tijdelijke bewoning in wat ik nog maar even het belastingkantoor noem. Het zou ons standpunt niet hebben gewijzigd, maar wel hadden we dan op dat moment alvast aandacht kunnen vragen voor de antikraakbewoners die er waren en die het ondanks hun dunne recht toch ook verdienen om even goed stil te staan bij de haast waarmee zij nu worden opgeroepen om weg te gaan. Hoe dan verder? Samengevat pleiten wij eigenlijk voor een drietal zaken, die wij ook hebben samengebonden in een motie.
Die roept ertoe op om in ieder geval ook snel met de Gildenwijk aan de slag te gaan om te praten over de toekomstige bestemming van de locatie. Daarmee halen we het risico weg dat in die wijk elke keer gedacht wordt: is dit nu het begin van een aaneenschakeling van verzoeken? Het liefst gaan we een bestemming zoeken die past bij de woningtransformatievisie, waar heel wat te doen is, hebben we van POORT6 begrepen. Aansluitend daarop vragen wij het college het COA aan te sporen om deze locatie snel in de verkoop te brengen, zodat die nieuwe ontwikkeling ook kan plaatsvinden. Last but not least dragen wij het college op parallel daaraan de afspraak om met spoed te zoeken naar mogelijkheden voor kleinschalige opvang voortvarend voort te zetten, ons daarover maandelijks te rapporteren en meteen ook te verkennen of daar mogelijkheden zijn om jongerenhuisvesting in te combineren. De motie wordt mede ingediend door de fracties van Stadsbelang en CDA en ook Lid Van Mourik, die ik sinds de nieuwe opstelling toch wel als mijn rechterhand mag beschouwen, hoop ik. Voorzitter. Laten we het vooral samen gaan doen in Nederland. Wij willen ons steentje graag bijdragen op de door ons voorgestelde manier. Dank u wel.
Motie M3: Bevordering verkoop en herontwikkeling van ‘het Belastingkantoor’ De raad van de gemeente Gorinchem, in vergadering bijeen op donderdag 14 oktober 2021; stelt voor om: a) het college op te roepen om met spoed met de wijk in gesprek te gaan over een structurele invulling van de locatie van ‘het Belastingkantoor’ passend bij de woon- en transformatievisie; b) het college de opdracht te geven het COA te stimuleren het ‘Belastingkantoor’ zo spoedig mogelijk in de verkoop te brengen; c) het college opdracht te geven parallel de afspraak om met spoed te zoeken naar mogelijkheden voor kleinschalige opvang voortvarend door te zetten en daarover maandelijks te rapporteren; en daarbij de combinatie met jongerenhuisvesting te overwegen.
De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik nu de heer Roeland van Stadsbelang het woord. K - 20
De heer Roeland: Dank u wel, voorzitter. Op donderdag 7 oktober zijn alle fractievoorzitters bijeen geroepen om hun mening te geven over de acute noodopvang van 300 vluchtelingen in het voormalige belastingkantoor voor maximaal vier weken. Het COA heeft hier in een brandbrief om gevraagd, om te voorkomen dat vluchtelingen in de crisisopvang belanden. De nood is extreem hoog, zoals we ook weten uit de media. Stadsbelang heeft uit humanitaire, menslievende overwegingen besloten om aan deze oproep van het COA/BZK medewerking te verlenen onder strikte voorwaarden. Het zijn wat ons betreft duidelijke, schriftelijk vastgelegde afspraken tussen het COA en de gemeente Gorinchem. Dit betreft een eenmalige actie (punt 1), punt 3: noodopvang voor maximaal 300 vluchtelingen voor vier weken en 4: uitvoerige en heldere communicatie met de omwonenden. Wij zijn er ons terdege van bewust dat tijdens de raadsvergadering van 18 februari 2021 is besloten het voormalige belastingkantoor niét te gebruiken voor de opvang van vluchtelingen. Kleinschalige opvang elders in de stad, is toen besloten. Met deze tijdelijke maatregel om toch nog eenmalig het voormalige AZC in te zetten, kan Stadsbelang bij hoge uitzondering leven.