CConstaterende datGoirle
Koppel je AI →
Document · PDF

07b- ROB Zonnepark_Abcoven_Goirle_07062021.pdf

Besluitvormend 20 december 2022, gemeente GoirleBij agendapunt: 11: Raadsvoorstel Afgifte definitieve Verklaring Van Geen Bedenkingen (VVGB) zonnepark Abcovensedijk ong14.147 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

RAPPORT

Ruimtelijke onderbouwing Zonnepark Abcoven Klant:

5.1,2,e

Status:

03/Definitief

Datum:

7 juni 2021

5.1,2,e

5.1,2,e

5.1,2,e

5.1,2,e

5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

5.1,2,e

5.1,2,e

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

5.1,2,e

B.V.

5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

5.1,2,e

5.1,2,e

Transport & Planning 5.1,2,e Trade register 5.1,2,e T F E

5.1,2,e 5.1,2,e 5.1,2,e

W

5.1,2,e

Titel document: Ruimtelijke onderbouwing Referentie: 5.1,2,e _ Status: 03/Definitief Datum: 7 juni 2021 Projectnummer: BH2833 Auteur(s): 5.1,2,e 5.1,2,e

Opgesteld door:

Lieshout 5.1,2,e

Gecontroleerd door: 5.1,2,e Datum/paraaf: 02-07-2020 / NvE / 24-07-2020 / MO

Goedgekeurd door: 5.1,2,e Datum/paraaf: 22-04-21 / TS

cé Classificatie

Projectgerelateerd

sYSTEM,

*,

{ \DMG- l /

ISO 9001 = IS014001 OHSAS 18001

Disclaimer Niets uit deze specificaties/drukwerk mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van 5.1,2,e Nederland B. V; noch mogen zij zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor andere doeleinden dan waarvoor zij zijn vervaardigd. 5.1,2,e Nederland B. V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor deze specificaties/drukwerk ten opzichte van anderen dan de personen door wie zij in opdracht is gegeven en zoals deze zijn vastgesteld in het kader van deze Opdracht. Het geïntegreerde QHSE-managementsysteem van 5.1,2,e B.V. is gecertificeerd volgens ISO 9001:2015, ISO 5.1,2,e en ISO 45001:2018. 7 juni 2021

5.1,2,e

i

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

Inhoud 1

INLEIDING

1

1.1

Aanleiding

1

1.2

Locatie

1.3

Planologische regeling

1 2

2

Gebieds- en projectbeschrijving

4

2.1 2.2

Beschrijving van het plangebied

4

Cultuurhistorische / landschappelijke beschrijving

2.3

Landschappelijke inpassing

5 6

3

Beleidskader

8

3.1 3.2

Rijksbeleid

8 12

3.3 3.4

Gemeentelijk beleid Toetsing van het planvoornemen

3.5

Conclusie

18 20 21

4

Omgevingsaspecten

22

4.1 4.2

Bedrijven- en milieuzonering

22 22

Provinciaal beleid

Geluid

Bodem

23 23 27

Archeologie en cultuurhistorie

28

Ecologie

30

4.8 4.9

Luchtkwaliteit

4.10 4.11

Planologisch relevante leidingen M i I ie u effect rap po rtag e

33 33 34 34

5

Procedure en uitvoerbaarheid

35

5.1 5.2

Procedure

35

Overleg met de omgeving

35

5.3

Economische uitvoerbaarheid

35

6

Conclusies

35

4.3 4.4 4.5 4.6 4.7

7 juni 2021

Externe veiligheid Water

Reflectie en duisternis

5.1,2,e

ii

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6.

7 juni 2021

Natuurtoets Landschappelijke inpassing Participatie & communicatieplan Stikstofdepositieberekening Notitie Participatie in Goirle Beheerplan

5.1,2,e

iii

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

1

INLEIDING

1.1

Aanleiding

is voornemens een zonnepark te realiseren op het perceel I 217 in de gemeente Goirle. Het plangebied grenst in het zuidwestelijke deel aan de Abcovensedijk. Een zonnepark bestaat uit een stuk grond met daarop zonnepanelen die energie opwekken. Via een omvormer en transformator kan deze energie worden afgegeven aan het elektriciteitsnet. Het beoogde perceel heeft een omvang van circa 3 hectare, waarmee potentieel 2,5 MWp aan vermogen gerealiseerd kan worden.

5.1,2,e

De ontwikkeling van het zonnepark is binnen de regels van het huidige bestemmingsplan niet toegestaan. In deze ruimtelijke onderbouwing wordt gemotiveerd dat afwijking van de bestemming verantwoord is en het plan voorziet in een goede ruimtelijke ordening.

1.2

Locatie

De beoogde locatie van het zonnepark bevindt zich aan de Abcovensedijk in de gemeente Goirle. Aan de Oostzijde wordt het plangebied begrensd door een landweg. De kavel heeft een totale oppervlakte van circa 3 hectare. en

e

Het beoogde zonnepark bestaat uit zonnepanelen die in een zuid-opstelling op metalen stellages worden geplaatst. Daarnaast zal er een transformator worden geplaatst om de opgewekte elektriciteit uit te kunnen leveren aan het elektriciteitsnetwerk.

Ak

{

4 In onderstaande dwarsdoorsnede wordt de landschappelijke inpassing vanuit de oost- en westzijde indicatief weergegeven. Zoals hierop te zien is zal het zonnepark omheind worden met een hekwerk en landschappelijk worden ingepast door onder andere het aanplanten van een scheerhaag van veldesdoorn, 2MN struweelhagen van wilg, vlier, meidoorn, Figuur 1 locatie plangebied (Bron: Kadastralekaart.nl) sporkehout en els, en het aanplanten van bloemen kruidenrijk grasland. De zonnepanelen worden op een maximale hoogte van 1,5 meter vanaf maaiveld geplaatst. In hoofdstuk 2 wordt dieper ingegaan op de gebieds- en projectomschrijving.

\

-*

225

Agrarische

■■

ZONNEVELD

GROENE BUFFERZOOM

STRUWEELHAAG

Akker

Zandpad

natuur (NNE)

_

1,5 M

7 juni 2021

5.1,2,e

1

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

Agrarische natuur (NNB)

Sloot

WILGENSINCEL

AMFIBIEËNPOEL

TAKKENRIL

kruioenrijk

GROENE BUFFERZOOM

Sloot

Abcovensed

GRASLAND

FLAUWE ORDOEVER

FLAUWE NOORDOEVER

1I

TUI

Figuur 2 Dwarsdoorsnede oostzijde (boven) en westzijde (onder)

1.3

Planologische regeling

In deze paragraaf wordt ingegaan op de ter plaatse geldende planologische regelingen, indien en voor zover deze voor dit project relevant zijn.

Ter plaatse van het plangebied geldt het bestemmingsplan ‘Buitengebied Goirle’ (vastgesteld op 20-042011). Uit onderstaande afbeelding is op te maken dat de projectlocatie de enkelbestemming ‘Agrarisch Landschapswaarden’ is toegekend. Op grond daarvan zijn de gronden met deze enkelbestemming bestemd voor:

a) b)

c)

d) e) f) g) h)

i) j) k) I)

7 juni 2021

agrarische doeleinden, in de vorm van agrarische bodemexploitatie met bijbehorende voorzieningen; behoud, herstel en ontwikkeling van de landschapswaarden in het algemeen en in het bijzonder voor de op de plankaart aangeduide: • aardkundig waardevol gebied; • landschappelijk besloten. behoud, herstel en/of ontwikkeling van hydrologische waarden ter plaatse van de aanduiding ‘hydrologisch waardevolle kern’ en ‘hydrologisch waardevolle buffer’ op de plankaart; behoud van archeologische waarden ter plaatse van de aanduiding ‘archeologische verwachtingswaarde’ op de plankaart; behoud van cultuurhistorische waarden ter plaatse van de aanduidingen ‘cultuurhistorisch waardevolle akker’ en ‘cultuurhistorisch waardevol gebied’ op de plankaart; volkstuinen ter plaatse van de aanduiding ‘volkstuinen’ op de plankaart; bergbezinkbassin ter plaatse van de aanduiding ‘bergbezinkbassin’ op de plankaart; behoud, herstel en/of ontwikkeling van de waterberging en het waterbergend vermogen van de gronden ter plaatse van de aanduiding ‘bestaand inundatiegebied’ op de plankaart en/of ‘in te richten waterbergingsgebied 2016’ op de zoneringkaart; ecologische verbindingszones; behoud en ontwikkeling van (kleinschalige) landschapselementen; behoud, herstel en/of ontwikkeling van (on- en halfverharde) paden, wegen en parkeervoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen;

5.1,2,e

2

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

m) extensief recreatief medegebruik. sp Enkelbestemming Agrarisch Landschapswaarden

Lettertekenaanduiding archeologische verwachtingswaarde I___ i (av)

.9

Lettertekenaanduiding cultuurhistorisch waardevol gebied i__i

(cwg)

i___ i

Lettertekenaanduidi ng hydrologisch waardevolle kern (hwk)

Figuur 3 Uitsnede Bestemmingsplan Buitengebied Goirle (20-04-2011) (Bron: Ruimtelijkeplannen.nl)

Daarnaast kent de locatie verschillende lettertekenaanduiding, namelijk: • archeologische verwachtingswaarde (av); • cultuurhistorisch waardevol gebied (cwg); • hydrologisch waardevolle kern (hwk).

De aanleg van een zonnepark is op grond van de bestemmingsomschrijving niet toegestaan. Het bestemmingsplan kent voor dit project geen relevante binnenplanse flexibiliteitsbepalingen. Dat betekent dat moet worden omgezien naar een buitenplanse afwijkingsprocedure. In dit geval betreft het een tijdelijke afwijking met een maximale duur van 25 jaar.

1.5 Afwijking van het bestemmingsplan Voor de gevallen, waarbij buitenplans afwijken van het bestemmingsplan op grond van artikel 2.12, eerste lid, sub a, onder 1°of 2° Wabo niet mogelijk is, biedt artikel 2.12, eerste lid, sub a, onder 3° Wabo de mogelijkheid om van het bestemmingsplan af te wijken met een omgevingsvergunning, als de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat. In deze ruimtelijke onderbouwing komen alle relevante aspecten vanuit de ruimtelijke ordening voor dit project aan de orde. Er wordt aangetoond dat het project in overeenstemming is met de beginselen van een goede ruimtelijke ordening.

1.6 Leeswijzer Hoofdstuk twee geeft de beschrijving van de bestaande situatie en het project weer. Het derde hoofdstuk gaat in op het van toepassing zijnde beleidskader. Hoofdstuk vier behandelt de omgevingsaspecten. Hoofdstuk vijf gaat in op de procedurele aspecten en de economische uitvoerbaarheid. Het zesde en laatste hoofdstuk geeft de conclusies van de onderbouwing weer.

7 juni 2021

5.1,2,e

3

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

2

Gebieds- en projectbeschrijving

2.1

Beschrijving van het plangebied

De projectlocatie is gelegen aan de Abcovensedijk in het oostelijke buitengebied van Goirle. De locatie is gelegen aan de rand van het beekdal van de Oude en Nieuwe Ley en wordt gekenmerkt door veel opgaande groenstructuren. De L-vormige kavel van 2,97 hectare is momenteel in gebruik als agrarisch perceel waar momenteel mais op geteeld wordt. Aan de zuidzijde van het plangebied, aan de overzijde van de Abcovensedijk, zijn twee grootschalige agrarische (veeteelt) bed rijven gevestigd.

•d.

sg*

ë

4.

j;

eese

0së

3

19

5

le 4

[ t

g

$.

V 2

2 s h ■ È,

-

nr2.

b

7

ze:

<

.c:

3 ,

■

K

e *

-

!%

-th

■

a23, he

-.^1 ho %* 5 F 6

%

5e,.-

a

• zrTiizH.e m,

38, .4

h‘

■

*

e

8

. e "a5eg2-

te

°

N R

-

$

g.-" 5

Goirle

>

55

4

5

1

L

82

9-

-

*

# * Figuur 4 Situering van het plangebied (locatie aangegeven met witte stippellijn)

7 juni 2021

5.1,2,e

4

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

2.2

Cultuurhistorische / landschappelijke beschrijving

Het plangebied is gelegen in het oostelijke deelgebied van de gemeente Goirle, wat gekenmerkt wordt door het kleinschalige landschap, natuur, water en extensieve recreatie. De historische geografie is op de cultuurhistorische waardekaart aangegeven als ‘Archeologische landschappen’ op de rand/ deels in ‘Akkercomplex en Beekdal Oude Ley’. De Leijstromen zijn een bijzonder stelsel van beken, deels gegraven, deels natuurlijk en deels doorgestoken in een moerasachtig gebied.

a.

a N

i2

-*

Fi-

} o

P‘

-TEi

a,

gemeentegren s

ë

"6-

/,

akker 1 weide

4ok

do» / bossage

.2 3 •3

r

helde

6 o

V

kern

bestaande bebouwingscluster (indicaliel) lintbebouwing (indicatief)

A§

■

bovenlokale weg waterloop / beekdal

M5

I

2

82

*

> 54

gebied intensieve veehouderij)

recreatieve pooit /

oversteckbaarheid EVZ Belt lijntje

0

"v x -

LOG (landbouwontwikkeling*

zichtrelatie

49 MK3 4GR®

n

5.1,2,e

Cl »5,

dee gebied noord accent land­ bouw natuur en recreatie

ÉG43~

2.

deelgebied oost, accent klein achalig landschep, natuur water en extensieve recreatie

H

■

-59 gJ 5a

—347

UNM E

0jX

%

h

(

#Eg

o

„“el : i

-) . \

a2gd

$ N > •E h 2

s"

deelgebied west accent agrarische bedrijvigheid

deelgebied midden, accent natuur en extensieve recreatie

{

f *--

m

8

ITBuRG

N

MH

hm

Figuur 5 Landschappelijke deelgebieden gemeente Goirle (Plangebied aangegeven met rode cirkel) (Bron: Landschapsbeleidsplan Goirle)

Cultuurhistorische Waardenkaart

Historische Bouwkunst •

Reksmonument

.

Monumental Bomen

7

Ovenge Bouakunst

4

Historische zichtr elaties (lijn en vlak) Zichtrelate

OMleneotoop

*k

Historische Stedenbouw

Historische

(lijn)

■ 111 Hoog Rodoikhoog — Zmer hoog

Historische Geografie (vlak) Akercomplex en Beeidal oude

E büstonsch Groen

A

S $ 4

Ascheoogische Landschappen

Indicatieve Archoologische waarden

7

■ ‘

Figuur 6 Cultuurhistorische waardekaart (Plangebied aangegeven met rode cirkel)(Bron: Landschapsbeleidsplan Goirle)

7 juni 2021

5.1,2,e

■ 5.1,2,e

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

Landschappelijke inpassing

2.3

In de Nota Zonnewijzer en Windrichting verwijst de gemeente naar het Landschapsbeleidsplan voor de landschappelijke inpassing van zonneweides buiten de zoekgebieden. In bijlage 2 is het landschappelijke inpassingsplan te zien met de daarbij behorende rapportage. Hierbij is onder andere gebruik gemaakt van de inpassingsprincipes uit het landschapsbeleidsplan. Het ontwerp en de hoofdpunten van het landschappelijke inpassingsplan zijn hier onderstaand beschreven.

BE

V,

-8

y»

2

d

$

O

98

Amfibieënpoel

o

•ld 1 Zonnepanelen in een lineaire zuid opstelling met een hellingshoek van 158, Tussen de panelen is een onder­ linge afstand aangebracht van drie meter. Rondom het zonneveld is ruimte vrijgelaten vooreen beheerpad.

Transformatorhuis Het trafohuis is aan de meest noordelijke zijde van het terrein geplaatst en ligt uit het zicht van voorbijgangers. Het wordt ontsloten door een padwat naar het zandpad leidt aan de oostzijde van het perceel.

Ecologische kans: aanleg van een amfibieëhpoel ter versterking van de fobuustheid van het lokale- en regionale groenblauwe netwerk.

è-

1

(vë

Groene bufferzoom —

Insectenhoek \ Voor de versterking va n insectenbiodiversiteit is.er in deze hoek van het terrein een takkenril van snoeiafval knotwilgen aangebracht. Tussen de takken is ruimte voor kleine zoogdieren en insecten. De opeenstapeling vanë , takken zorgt ook voor een luwe plek waar ruimte vrijkomt voor een (professioneel) bijenhotel

I-

\

a)

2779

cI -e% 3* ■

.

#k

—

Ontwerp Zonnepark Abcoven

"0'

"4

V

•

■

3

♦

Zichtlijnen De struweelhagen zih hier en daar onderbroken zodat het zicht op net achterliggende het achterfiggende

■

e

w

■

•

S

" .m3; a ih.e. S0.E

.-2 - !Kruidenrijk grasland i

5.1,2,e

5.1,2,e

mengsel ingezadid. Dit draagt bij aar de biodiversiteit eri wordt extensief (3 4 wkn) beheerd door—-ipen.

ica

'druweelhaag

Op de beplantingsvrijebpen plekken

terrein wordt een bloem- an ka van hetkruidenrijk (vochfgrassen-) F

CLage struweelhaag die hooggenoeg isom het zonnepark uit het zichtte onttrekken en geen schaduwvalop de de pa panelen veroorzaakt.

-.0

Ma #a Recreatieve rustplt

<84-29 Groene bufferzoom XL

Aanleg van een rustplaats bij het zonnépark. wandel en fietspadenstructuur die over dé' Abcovensedijk loopt. Metoa. kers en walnoten* bomen, een picnickbank, en informatievoorziening over h t zoni

ao

%h

nëe. h 1

Amfibieënpoel

Beheerpad

‘a-1

Recreatieve rustplaats

3 Plangebied

------

Hekwerk

■•

Zichtlijnen

€

Bebouwing

sa

Datum: Schaal:

o

juni 2020 1:1500

A

10 20 30 40 50 m

5.1,2,e 5.1,2,e

5.1,2,e

6

\

b

Bs

• Trafohuis

e,

rk onIcht

3Q

Bloem- en kruidenrijk grasland

Landschappelijk struweel (wilg, vlier, meidoorn, sporkenhout en els)

a-

' ’ AA Een natuurlijke buffer van kruiden- en bloemrijk graslad met een struweelhaag van wilg en ander andere inheemse iheemse doorn, spertenbar en n els. els. Extra Ey soorten zoals vlier, meidoorrvsporkenhput ichtbaarte maken vanaf dé breed om het zonnepark weg en omliggende wonüneÈn

Aansluitend en ondersteurend voor de recreatlevé.

Zonnepanelen

4 Solitaire bomen (soortenvar.)

:T

landschapopen blijft.

3

'- -

I==1IE=I

Knotwilgenrij als perceelsscheiding om de lokale ecologische- en landschappelijke kwaliteiten te versterken.

.

-2-

tjml

5 ,

- Wilgensingel

6,5- 55

6

Een natuurlijke buffer van kruiden- en bloemrijk grasland(lOm) met een struweelhaag van wilg en andere inheemse soorten zoals vlier, meidoorn, sporkenhout en els. Door deze landschap­ pelijke struweelsingel zal het gebied beter aansluiten op de omgeving wanneer aansluitend perceel wordt omgevormd naar natuur (NNB).

morrow tornt energy^

Bb

Figuur 7 Ontwerp Zonnepark Abcoven (Bron: Landschappelijke Inpassing Zonnepark Abcoven)

De L-vormige kavel aan de Abcovensedijk te Goirle is momenteel onbebouwd en wordt gebruikt voor het telen van gewassen zoals mais en aardappelen. Het gebied wordt gekenmerkt door typische smalle percelering. De karakteristieken van het beekdallandschap zijn daarnaast ook zichtbaar door de slootjes met bomenrijen en drassig moerasgebied. De landschappelijke kenmerken van dit coulissenlandschap wordt met de landschappelijke inpassing versterkt door onder andere het aanplanten van solitaire bomen, landschappelijk struweel en het behouden van doorzichten.

7 juni 2021

5.1,2,e

6

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

Het zonnepark wordt geplaatst aan de oostzijde van het terrein, omdat dit perceel het verst mogelijk van de bebouwing aan de Abcovensedijk ligt. De ruimte buiten het zonneveld wordt landschappelijk ingepast; Zo wordt het zonneveld met groen omzoomd, en wordt het westelijke terrein volledig gewijd aan de landschapsintegratie. Doorzichten blijven behouden door openingen aan te brengen in boom- en struweelsingels. Kleine fauna krijgt de mogelijkheid om te migreren door de omheining op enige afstand van het maaiveld te plaatsen. Het bloemrijk grasland verhoogt daarnaast de aantrekkingskracht voor insecten, bijen en vlinders. Op het laagstgelegen deel van het terrein wordt tevens een amfibieënpoel aangelegd. Daarnaast wordt met een recreatieve rustplaats een nieuwe schakel in het knooppuntennetwerk voor fietsers en voetgangers gemaakt. Het terrein zal extensief worden beheerd door schapenbegrazing, waarbij lokale schaapsherders een de ontwikkeling van de natuurwaarden in relatie bijdrage kunnen leveren. Daarnaast zal 5.1,2,e tot het zonnepark monitoren, waarbij gebruik wordt gemaakt van landelijke protocollen.

7 juni 2021

5.1,2,e

7

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

3

Beleidskader

3.1

Rijksbeleid

Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De NOVI is een instrument van de nieuwe Omgevingswet en loopt vooruit op de inwerkingtreding van die wet. De NOVI biedt een langetermijnperspectief op de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland tot 2050. Met de NOVI geeft het kabinet richting aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende dertig jaar ingrijpend zullen veranderen. Denk aan het bouwen van nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van circulaire economie en omschakeling naar kringlooplandbouw. Alles met zorg voor een gezonde bodem, schoon water, behoud van biodiversiteit en een aantrekkelijke leefomgeving. Omgevingskwaliteit is daarmee het kernbegrip: dat wil zeggen ruimtelijke kwaliteit én milieukwaliteit. Met de NOVI benoemt het Rijk nationale belangen en geeft richting met behulp van de volgende vier prioriteiten: 1. ruimte voor klimaatadaptatie en energiestrategie; 2. duurzaam economisch groeipotentieel; 3. sterke en gezonde steden en regio's; 4. toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Centraal bij de afweging van belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving, zowel van de boven- als de ondergrond. Zo wordt 'omgevingsinclusief' beleid gevoerd. De NOVI onderscheidt daarbij drie afwegingsprincipes: 1.

Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies. 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. 3. Afwentelen wordt voorkomen.

Om te stimuleren dat locaties voor zonne-energie zorgvuldig worden uitgekozen, heeft het Rijk in samenwerking met medeoverheden en andere belanghebbenden een voorkeursvolgorde uitgewerkt. De afwegingprincipes van de NOVI leiden tot een voorkeur voor zonnepanelen op daken en gevels van gebouwen. Om aan de gestelde energiedoelen te voldoen, kan blijken dat ook locaties in het landelijk gebied nodig zijn. De voorkeursvolgorde van de NOVI houdt geen volgtijdelijkheid in. Na het verkennen van mogelijkheden voor het toepassen van zon-PV kan worden begonnen met het gelijktijdig benutten van gekozen mogelijkheden. Afweging In de verkenning van mogelijkheden voor de toepassing van zon-PV in Gemeente Goirle is gebleken dat het gelijktijdig benutten van gebouwen en locaties in landelijk gebied noodzakelijk is om de energiedoelen te behalen. Hiermee levert het plan een bijdrage aan de prioriteit die wordt gegeven aan de energietransitie. De afwegingsprincipes van de NOVI zijn geborgd in provinciaal en gemeentelijk beleid en toegepast in de planvorming zoals beschreven in paragrafen 3.3 en 3.2. VN KIimaatakkoord In december 2015 was er een VN-klimaattop in Parijs: de Conference of Parties (COP21). Nederland heeft daar ingestemd met een nieuw VN Klimaatakkoord. Het Klimaatakkoord is in 2016 door Nederland bekrachtigd.

De doelstelling van het akkoord is de opwarming van de aarde te beperken tot ruim onder 2°C, met inspanningen om de stijging verder te beperken tot 1,5°C. In 2020 treedt het Klimaatakkoord in werking. Het Klimaatakkoord vraagt van landen om nationale klimaatplannen op te stellen. In juni 2018 is daarom een voorstel ingediend van de Klimaatwet, welke in december door de Tweede Kamer is aangenomen. Het belangrijkste doel is 95% reductie van de uitstoot van broeikasgassen in 2050 ten opzichte van 1990, met een streven van 49% reductie in 2030. Op 28 juni 2019 heeft de Nederlandse

7 juni 2021

5.1,2,e

8

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

regering een Nederlands Klimaatakkoord gepresenteerd waarin invulling wordt gegeven aan de VNdoelen.

Energieakkoord voor duurzame groei In september 2013 sloten meer dan veertig organisaties het Energieakkoord voor duurzame groei. Eén van de doelen is het vergroten van het aandeel van hernieuwbare energieopwekking (nu ruim 4%) naar 14% in 2020. Een verdere stijging van dit aandeel naar 16% is beoogd in 2023. Om dit te bereiken, is een tiental pijlers geformuleerd. Pijler 3 gaat over het stimuleren van decentrale duurzame energie, waaronder zonne-energie. In het Energieakkoord is aangegeven dat voor deze vorm vooral belemmeringen weggehaald moeten worden. Belemmeringen zijn onder meer (niet uitputtend) een goede ruimtelijke inpassing om belemmeringen bij vrijwaringsgebieden waar mogelijk weg te nemen, het actualiseren van bouwregelgeving aan een grotere inzet van hernieuwbare energie, het actualiseren van vergunningsprocedures gericht op snellere toepassing van innovaties en het verkorten van project doorlooptijden.

Energierapport 2016 Begin 2016 is het nieuwe Energierapport gepresenteerd, met onder meer de volgende passage: ”Op 12 december 2015 zijn 195 landen onder auspiciën van de Verenigde Naties (VN) een belangrijk klimaatakkoord overeengekomen. In dit klimaatakkoord zijn doelen afgesproken zoals het beperken van de opwarming tot ruim onder de twee graden en het bereiken van een balans tussen de uitstoot en vastlegging van broeikasgassen in de tweede helft van deze eeuw. De Europese Raad heeft de komst van dit klimaatakkoord verwelkomd, omdat het een mondiaal en juridisch bindend akkoord betreft. Dit klimaatakkoord is ook van belang voor het Nederlandse energie- en klimaatbeleid. Voor Nederland zijn daarbij de Europese afspraken leidend." Het toenmalige demissionaire kabinet houdt dus onverkort vast aan de Europese afspraken voor 2020, 2030 en 2050 en aan de afspraken uit het Energieakkoord die samen met milieuorganisaties, bedrijfsleven en overheden zijn gesloten.

Dit Energierapport geeft een integrale visie op de toekomstige energievoorziening van Nederland. Het demissionair kabinet stelt voor de transitie naar duurzame energie drie uitgangspunten centraal: • Sturen op CO2-reductie. • Verzilveren de economische kansen die de energietransitie biedt. • Integreren energie in het ruimtelijk beleid. Zonne-enerqie belangrijke bron Volgens het Energierapport 2016 zijn de belangrijkste vormen van hernieuwbare energie in Nederland zonne-energie, windenergie, bio-energie en aardwarmte. Een kleinere rol spelen waterkracht, omgevingswarmte (warmtepompen in woningen) en energie uit potentieel verschil zoet-zout (osmoseenergie of ‘blue energy’). Hoewel grijze energie uit fossiele energiebronnen in de komende decennia nodig blijft, zal hernieuwbare energie een steeds groter onderdeel gaan uitmaken van de energiemix. Zonne-energie speelt daarbij een belangrijke rol, omdat het relatief eenvoudig te installeren is, in tegenstelling tot bijvoorbeeld wind op zee. Daarnaast is zonne-energie een beproefde technologie. Klimaatwet Op 28 mei 2019 is de klimaatwet door de Eerste Kamer goedgekeurd waardoor Nederland het zevende Europese land is met een wet waarin staat hoeveel CO2 er mag worden uitgestoten.

De klimaatwet legt klimaatdoelstellingen in Nederland wettelijk vast en introduceert een mechanisme dat ervoor zorgt dat overheid die klimaatdoelen ook moet halen. De wet legt vast met hoeveel Nederland de CO2-uitstoot

7 juni 2021

5.1,2,e

9

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

terugdringt in 2030 en 2050 en geeft iedereen (burgers en bedrijven) zekerheid over de weg die Nederland inslaat.

De wet bevat drie concrete klimaatdoelen: Een vermindering van de broeikasgasuitstoot tot een niveau dat 95 procent lager ligt in 2050 dan in 1990. Streven naar een reductie van 49 procent van de broeikasgasuitstoot in 2030 ten opzichte van 1990. 100 procent CO2-neutrale elektriciteitsproductie in 2050 (zoals zonne-energie). Door de klimaatdoelen wettelijk te verankeren met een goede borging wordt het klimaatbeleid duidelijk en voorspelbaar. Op die manier kan Nederland ook voldoen aan het klimaatakkoord van Parijs. Op de vierde donderdag van oktober (Klimaatdag) rapporteert het kabinet over de CO2-reductie en presenteert ze, indien noodzakelijk, extra maatregelen om de klimaatdoelen te halen.

Klimaat en Klimaatnota De Klimaatwet voorziet erin dat het kabinet eens in de vijfjaar een Klimaatplan schrijft. Het Klimaatplan bevat de hoofdzaken van het klimaatbeleid voor de komende jaren. Er staat in welke maatregelen worden getroffen om de doelen uit de Klimaatwet te halen. Iedere twee jaar wordt het klimaatplan geëvalueerd en zo nodig aangepast. Op de Klimaatdag wordt jaarlijks bekeken of Nederland nog op koers ligt om de klimaatdoelen te halen en wordt bekend of, en zo ja welk aanvullend beleid noodzakelijk is. Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte De rol van de Rijksoverheid in het ruimtelijke beleid voor nationale elektriciteitsvoorziening is gelegen in het zorgen voor voldoende ruimte voor een adequate infrastructuur. Energiezekerheid is een belangrijk economisch goed. De verdere integratie van de Europese energiemarkt maakt dat er een steeds groter beroep op internationale verbindingen wordt gedaan en hoogspanningsverbindingen mogelijk om uitbreiding vragen. Het Rijk wijst daarbij de tracés van hoogspanningsverbindingen (vanaf 220 kV) en locaties voor de opwekking van elektriciteit (vanaf 500 MW) aan en zorgt voor de inpassing hiervan. Het project valt hier niet onder, aangezien circa 2,5 MWp zal worden opgewekt.

Het Rijk zet in op een transitie naar een duurzame, hernieuwbare energievoorziening en het geschikt maken van de elektriciteitsinfrastructuur op de langere termijn voor meer decentrale opwekking van elektriciteit.

In de Structuurvisie wordt aangegeven dat het aandeel van duurzame energiebronnen als wind, zon, biomassa en bodemenergie in de totale energievoorziening omhoog moet. De ambitie is dat Nederland in 2040 een robuust internationaal energienetwerk kent en dat de energietransitie ver gevorderd is. Het is primair de taak van provincies en gemeenten om voldoende ruimte te bieden voor duurzame energievoorziening (zoals zonne-energie en biomassa). Het ruimtelijk rijksbeleid voor (duurzame) energie richt zich op grootschalige windenergie op land en op zee, gelet op de grote invloed op de omgeving en de omvang van deze opgave. Voor andere energiefuncties zoals zonneparken bestaat geen expliciet ruimtelijk, materieel rijksbeleid. Wel roept het Rijk de regionale overheden op om ruimte te geven aan duurzame energie. Daarnaast heeft het Rijk een belangrijke rol door ontwikkelingen te faciliteren en door het aanpassen van wet- en regelgeving en het delen en ontwikkelen van kennis. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening De borging van de uitspraken uit de SVIR heeft in juridische zin plaatsgevonden in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). In het Barro zijn de verschillende nationale belangen vastgelegd die

7 juni 2021

5.1,2,e

10

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

doorwerking moeten krijgen bij lagere overheden. Het gaat om de volgende nationale belangen: Rijksvaarwegen, project Mainportontwikkeling Rotterdam, kustfundament, grote rivieren, Waddenzee en waddengebied, defensie, Ecologische Hoofdstructuur, erfgoederen van universele waarden, hoofdwegen en hoofdspoorwegen, elektriciteitsvoorziening, buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen, primaire waterkeringen buiten het kustfundament en het IJsselmeer-gebied. Het nationale belang elektriciteitsvoorziening heeft enkel betrekking op grootschalige elektriciteitsvoorzieningen. Het beoogde project is kleinschalig en heeft geen betrekking op de voorgenoemde Rijksbelangen. Het project is daarmee in overeenstemming met het Rijksbeleid, zoals opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte en het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening.

Ladder voor duurzame verstedelijking In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte is de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Doel van deze ladder is dat invulling wordt gegeven aan een goede ruimtelijke ordening, door optimale benutting van de ruimte binnen stedelijk gebied en een zorgvuldige afweging plaatsvindt wanneer ruimte buiten stedelijk gebied wordt aangewend voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening opgenomen. Op 1 juli 2017 is het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd, waarbij een nieuwe vereenvoudigde Laddersystematiek geldt. Daarin staat dat pas als herstructurering of transformatie van bestaand stedelijk gebied onvoldoende ruimte biedt om aan de ruimtevraag van het plan te voldoen, er sprake kan zijn van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Het begrip “stedelijke ontwikkeling” is daarbij als volgt gedefinieerd: “ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.”

Afweging Een zonnepark betreft geen stedelijke functie in de zin van de ladder voor duurzame verstedelijking, zoals hiervoor genoemd. De uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 18 februari 2015 (201400570/1/R6) bevestigt dat functies die niet onder begripsbepaling zijn genoemd en ook niet in de handreiking zijn genoemd, niet als stedelijke functies worden aangemerkt. Daarbij merkt de Afdeling op dat de strekking van de regeling gericht is op het tegengaan van leegstand. De realisatie van het zonnepark leidt niet tot leegstand elders. De ladder voor duurzame verstedelijking is derhalve niet van toepassing op een zonnepark.

7 juni 2021

5.1,2,e

11

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

3.2

Provinciaal beleid

Energieagenda 2019- 2030 Provincie Noord-Brabant In december 2018 is de provinciale Energieagenda 2030 opgesteld. Hierin wordt onderbouwd dat de provincie het tijdelijk gebruik van gebieden voor de inrichting van zonnevelden bevorderd, waarna de ruimte na terugverdientijd alsnog een nieuwe functie kan krijgen en innovatievere technieken kunnen worden toegepast. Structuurvisie Ruimtelijke ordening 2014 Op 19 maart 2014 is de Structuurvisie ruimtelijke ordening 2014 van Provincie Noord-Brabant in werking getreden. Hierin staat wat de provincie van belang vindt en hoe de provincie die belangen wil realiseren. In de verordening is weergegeven hoe de provincie haar belangen veilig wil stellen. De provincie geeft in deze structuurvisie aan dat het steeds belangrijker wordt om alternatieven voor fossiele energiewinning te realiseren. Als duurzame alternatieven noemt de provincie onder andere windenergie, warmtekrachtkoppeling, zonne-energie, bio-massavergisting en geothermie. De provincie wil ruimte bieden aan duurzame energie en heeft dat dan ook benoemd als één van de veertien ruimtelijke belangen van de provincie: ‘ruimte voor duurzame energie’.

Omgevingsvisie Noord-Brabant (2018) Op provinciaal niveau wordt in de Omgevingsvisie ‘de kwaliteit van Brabant, visie op de Brabantse leefomgeving’ ingezet op een energie- en CO2-neutraal Brabant in 2050, door middel van het verminderen van energieverbruik en het duurzaam lokaal opwekken van energie. In 2030 is er ten minste een reductie van 50% van de broeikasgassen t.o.v. de uitstoot van 1990 en is 50% van de energie duurzaam. Ten aanzien van de opgave die er ligt voor elektriciteit wil de provincie voor de periode tot 2030 zo veel mogelijk ruimte bieden aan de ontwikkeling van wind- en zonneparken binnen de spelregels die in de verordening Ruimte zijn opgenomen. Interim omgevingsverordening Noord-Brabant Om uitvoering te geven aan de doelen en ambities uit de omgevingsvisie 'De kwaliteit van Brabant' kan de provincie onder de Omgevingswet onder andere gebruik maken van de omgevingsverordening. Vooruit lopend op de Omgevingswet en de omgevingsverordening hebben de Provinciale Staten van provincie Noord-Brabant de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (geconsolideerd 08-12-2020), verder Interim omgevingsverordening, vastgesteld. Het plangebied ligt in de Interim omgevingsverordening binnen de begrenzingen van het ‘Landelijk gebied’.

In deze gebieden is nieuwvestiging mogelijk van zelfstandige opstellingen van zonnepanelen, mits in lijn met artikel 3.41 wordt voldaan aan de volgende criteria:

+

Figuur 8 Projectlocatie binnen Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (Bron:/noord-brabant.tercera-ro.nl) 7 juni 2021

5.1,2,e

12

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

1. Uit onderzoek blijkt dat de capaciteit voor het opwekken van duurzame energie in Stedelijk gebied, op bestaande bouwpercelen en rekening houdend met de ontwikkelingsmogelijkheden van windenergie onvoldoende is. Met de Nota Zonnewijzer en Windrichting geeft de gemeente Goirle richting aan het op een duurzame wijze lokaal voorzien in de energiebehoefte. Daarbij wordt zowel gekeken naar windturbines als zonnepanelen. Het huidige energieverbruik in de gemeente (gebaseerd op 2016) is 271.400 MWh, waarvan een groot deel bestaat uit fossiele elektriciteit en gas, en een klein aandeel duurzame elektriciteit. Deze elektriciteitsbehoefte zal in de toekomst minimaal gelijk blijven of zelfs toenemen. De Nota Zonnewijzer en Windrichting concludeert daarom ook dat grootschalige energieopwekking nodig is om aan de doelstellingen voor duurzame energie te kunnen voldoen. Uit onderzoek naar de technische mogelijkheden voor windturbines in de gemeente blijkt dat een groot deel van het grondgebied is uitgesloten voor windturbines vanwege beperkingen door regels voor natuur, infrastructuur, veiligheid en leefomgeving. Door deze beperkte ruimtelijke mogelijkheden, is de verwachting dat er één cluster van windturbines in 2030 gerealiseerd kan worden, en twee clusters in 2050. Daarom wordt er ook ingezet op grootschalige energieopwekking door zonnepanelen.

In figuur 9 is de Goirlese ‘zonneladder’ weergegeven, waarbij de voorkeur uitgaat naar stedelijk gebied.

Gebouw gebonden zonnepanelen Grond gebonden zonnepanelen binnen stedelijk gebied

~L Grond gebonden zonnepanelen nabij stedelijk gebied

1

Grond gebonden zonnepanelen in buitengebied Figuur 9 Goirlese Zonneladder (Bron: Nota Zonnewijzer en Windrichting)

Aan de hand van deze zonneladder zet de gemeente in op het stimuleren van zon-op-dak. Uit berekeningen blijkt dat wanneer alle geschikte daken zijn voorzien van zonnepanelen, grondgebonden zonnepanelen noodzakelijk zijn om de resterende energiebehoefte op te wekken. Er is, naast zon-op-dak en clusters van windturbines, nog 40 a 50 hectare aan zonneweide nodig om in 2050 alle elektriciteit op duurzame wijze via zonneweides op te wekken. Hiervoor wordt eerst gezocht naar binnen of nabij stedelijk gebied.

Gebieden die zijn aangewezen binnen het Natuurnetwerk Brabant zijn uitgesloten van zonneweides. Het voormalige Landschapsontwikkelingsgebied (LOG) staat op de onderste trede van de zonneladder. In de Nota wordt een overzicht gegeven van kansrijke locaties binnen/ nabij stedelijk gebied. Voor kleine initiatieven tot 3 hectare bruto en 1,5 ha netto wordt een uitzondering gemaakt om ook buiten de aangewezen kansrijke gebieden te ontwikkelen. Aangezien het planvoornemen bruto 2,97 ha is, waarvan circa 1,5 ha netto zonnepark, valt het initiatief van 5.1,2,e onder kleinschalige initiatieven.

7 juni 2021

5.1,2,e

13

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

2. De nieuwvestiging past in het onderzoek naar geschikte locaties voor zelfstandige opstellingen van zonnepanelen, gelet op zorgvuldig ruimtegebruik en omgevingskwaliteit; in de verordening wordt daarbij aangemerkt dat in de afweging aandacht moet zijn voor de transformatie en het meervoudig gebruik van locaties zoals langs snelwegen en gunstig gelegen vrijkomende locaties in het buitengebied.

Het plangebied is gelegen in het buitengebied van de gemeente, aan de Abcovensedijk, en past gezien de kleine omvang van 2,97 ha bruto en 1,5 ha netto oppervlak, binnen de kaders voor kleinschalige energieopwekking buiten de zoekgebieden uit de Nota Zonnewijzer en Windrichting. Het plan voorziet tevens in meervoudig ruimtegebruik zoals beschreven onder punt 4. >

W ase —a Asa m 45 F-

kemi-masa—

- S.4

"27

i

. I-

ƒ

-A38 :

Oe Katsbogten

ba

N

Hasmna 2

-hp EdyGge

f (5 ha}-

(Sha)- ■" 5.1,2e

i8eeu-booe 1

"RilsenF6-

de ‘

v

Re

o

Goirle

„e"

\

lrprK II Beekse 2, Bergen

*~

„4

g

N N263

/

5.1,2,e

èecise: se per

/

»

>■

■

1

9

M

*

"f ■1 ' r Explosieven Opruimingsdienst iKamrp, de ke

J

■ dE

434

Figuur 10 Zoekgebieden zonneweides (Bijlage bij Nota Zonnewijzer en Windrichting)

3. De ontwikkeling is qua omvang inpasbaar in de omgeving.

Het plangebied is gelegen in het landelijk gebied ten oosten van de dorpskern van Goirle. Het is gepositioneerd aan de rand van het beekdal van de (Oude en Nieuwe) Leij en nabij het bosrijke Safaripak De Beekse Bergen. Dit beekdallandschap wordt gekenmerkt door de beslotenheid, met veel opgaand groen.

Bij de landschappelijke inpassing van het zonnepark wordt rekening gehouden met de landschappelijke karakteristieken van het gebied, door de beslotenheid van het gebied te benadrukken middels een scheerhaag als erfafscheiding. Daarnaast worden elementen zoals het trafohuisje gecamoufleerd door natuurlijke elementen als nieuw aangeplante bomen en scheerhagen. Ten noorden van het plangebied zijn graslanden gelegen die onderdeel uitmaken van het Natuur Netwerk Brabant (NNB), maar nog ontwikkeld moeten worden. Hier wordt met de landschappelijke inpassing van het zonnepark op aangesloten, door deze noordzijde met struweelhagen te beplanten en daarbij uit te gaan van landschappelijke beplantingskeuzes die aansluiten bij de NNB, zoals inheemse soorten als vlier, meidoorn, sporkehout en els.

7 juni 2021

5.1,2,e

14

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

4. De ontwikkeling geeft een maatschappelijke meerwaarde, zoals de mate van meervoudig ruimtegebruik, maatregelen die getroffen worden om de impact op de omgeving te beperken en de bijdrage die wordt geleverd aan andere maatschappelijke doelen.

Het zonnepark wordt zodanig ingericht dat meervoudig ruimtegebruik mogelijk wordt. Ecologische waarden worden versterkt: door een natuurlijke buffer van kruiden- en bloemrijk grasland langs de randen van het zonnepark, aangezet met een struweelhaag van wilg en andere inheemse soorten. Stimulering biodiversiteit: door bloem- en kruidenrijk grasmengsel dat diverse insecten aantrekt. Door de landschappelijke inpassing wordt het zonnepark zoveel mogelijk aan het zicht onttrokken en de impact op de omgeving zoveel mogelijk beperkt. Dit gebeurt door de toevoeging van omvangrijk struweel rond de zonnepanelen. Door toevoeging van landschappelijke elementen, zoals kruiden- en bloemrijk grasland en struweel draagt het zonnepark tevens bij aan landschappelijke kwaliteitsverbetering en versterking van de biodiversiteit. Hierdoor levert de voorgenomen ontwikkeling een bijdrage aan de maatschappelijke opgave voor versterking van de biodiversiteit als tegenhanger van de decennialange afname van biodiversiteit in Nederland. Schapenbegrazing: het zonnepark wordt zo ingericht dat meervoudig ruimtegebruik in de vorm van begrazing door kleinvee mogelijk is. De zonnepanelen worden hiervoor op hoogte geplaatst, waardoor er voldoende ruimte is voor het kleinvee onder de panelen en tussen de panelen het grasland te begrazen.

Vanuit het belang om zorgvuldig om te gaan met de schaarse beschikbare ruimte, heeft deze vorm van meervoudig ruimtegebruik meerwaarde: de ruimte die gebruikt wordt voor de opwek van duurzame energie wordt nuttig gecombineerd met de extensieve agrarische functie in de vorm van begrazing door kleinvee. Het bloem- en kruidenrijke grasland wordt extensief (drie a vier weken) beheerd middels schapenbegrazing. Recreatie: aanleg van een recreatieve rustplaats aan de kop van het zonnepark, als aansluiting en aanvulling op de recreatieve wandel- en fietspadenstructuur die over de Abcovensedijk loopt, (o.a. plaatsing van een fietsenrek en picknickbank). Hiermee levert het zonnepark ook een bijdrage aan het (maatschappelijke) doel voor het benutten van mogelijkheden voor recreatief nevengebruik in lijn met de Structuurvisie Goirle. In de Structuurvisie wordt voor het deelgebied Oost namelijk gesproken over de belangrijke rol van natuur en extensieve recreatie in de vorm van wandelen, fietsen en paardrijden. Het zonnepark draagt met deze recreatieve rustplaats bij aan de beleving van het landschap en natuur.

Educatie: in aanvulling op de recreatieve rustplaats wordt een informatievoorziening met gegevens over het zonnepark aangebracht, en draagt daarmee bij aan de educatieve functie van het zonnepark door informatie te delen over bijv, de doelstelling, de hoeveelheid opgewekte duurzame energie, en de bijdrage aan de omgeving. Concreet laat het bord zien hoe zonne-energie wordt opgewekt, hoeveel huishoudens van groene stroom worden voorzien en welke bijdrage er aan de omgeving geleverd wordt: zoals de verbetering van de biodiversiteit en een nadere toelichting over de soorten. Er wordt uitgegaan van een kunststof bord dat aan het hekwerk gemonteerd kan worden. Waterberging: het perceel kan bijdragen aan de versterking van het lokale- en regionale watersysteem in de omgeving door ruimte te bieden voor waterberging. De mogelijkheid bestaat om de toplaag in het westelijke deel van het plangebied te verwijderen of kleine stroken of stukken af te graven waardoor er ruimte ontstaat voor het water wanneer het nodig is. Dit is tevens mogelijk in combinatie met natuurontwikkeling. 5. De ontwikkeling op regionaal niveau is afgestemd met omliggende gemeenten en de netwerkbeheerder, gelet op de ontwikkeling van overige duurzame energieinitiatieven in de omgeving. In maart 2020 is het concept-bod voor de Regionale Energie- en Klimaatstrategie (REKS) voor de Regio Hart van Brabant opgesteld.

Onderdeel van dit concept-bod is een kaart met mogelijkheden voor wind- en zonne-energie. Hierop staan onder andere clusters van wind en zonne-energie langs de rand van Tilburg aangegeven.

7 juni 2021

5.1,2,e

15

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

Onderdeel van de REKS Hart van Brabant is de Handreiking voor duurzame opwek in zonnevelden in buitengebied. Hierbinnen zijn verschillende initiatieven geformuleerd voor zonneparken in het buitengebied, ook voor de gemeente Goirle. Deze handreiking bevat op hoofdlijnen de volgende punten voor opwekking van zonne-energie in het buitengebied:

De gemeenten bepalen hun eigen ambitie voor de omvang van zonnevelden in het buitengebied. De gemeenten kunnen een tender uitschrijven voor het indienen van initiatieven voor zonnevelden. De gemeenten rangschikken dan de initiatieven met behulp van de uitgewerkte regionale zonneladder en de vereisten op het gebied van participatie. De gemeenten honoreren op deze manier de best scorende initiatieven. De gehonoreerde initiatieven worden ingepast op basis van regionale inpassingsrichtlijnen (nog in ontwikkeling). heeft in het kader van dit planvoornemen contact gehad met de netbeheerder. Een aansluiting tot 2,5 MWp is mogelijk. De transportindicatie is in de bijlage van deze Ruimtelijke Onderbouwing opgenomen.

5.1,2,e

. ......A..A-

clusters in het noorden 20 windturbines

!

M....

$r-

clusters langs ring Tilburg en A58 20 windturbines

-i--r

7

clusters in nieuwe bosontwikkeling na 2030 10 windturbines

Energiehub met koppelkansen klimaat, recreatie, warmte, mobiliteit, energieopslag en energiedistributie: * Cluster alleen windenergie %

Cluster alleen zonne-energie

★ Cluster combinatic van wind- en zonne-energic w Zoekgebied wimdenerrgie • • Hoogspanningslijnen

bosna

Agrarisch landschap Leisure landschap

Figuur 11 Kansenkaart wind- en zonne-energie Concept-bod REKS Hart van Brabant (Bron: regio-hartvanbrabant.nl)

Daarnaast staat er in de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant een zone ‘Groenblauwe mantel’ aangegeven binnen het plangebied. In de Groenblauwe mantel wordt ingezet op behoud, herstel of duurzame ontwikkeling van het watersysteem en de daarmee samenhangende ecologische waarden en landschappelijke waarden en kenmerken en borgt dat een ontwikkeling een positieve bijdrage levert aan de ontwikkeling van deze waarden en kenmerken. Voor natuur wordt daarbij ingezet op versterking van leefgebieden voor plant- en diersoorten en de bevordering van biodiversiteit buiten het NNB. Voor water wordt ingezet op het herstel van kwelstromen in de beekdalen. De landschapselementen in de Groenblauwe mantel kunnen houtwallen en heggen omvatten. Bij de landschappelijke inpassing van het zonnepark wordt rekening gehouden met de ecologische waarden, landschappelijke kenmerken en het

7 juni 2021

5.1,2,e

16

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

watersysteem. Dit is deels hierboven beschreven en wordt in meer detail toegelicht in de landschappelijke inpassing in bijlage 2. 'I ।

I

|| | Groenblauwe mantel - Instructieregels gemeenten: basiskaart Landelijk gebied

Figuur 12 Ligging Groenblauwe mantel (Bron: Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant)

Waarborgen tijdelijkheid Vanuit de Interim omgevingsverordening is in artikel 3.41 lid 3 bepaald dat aan de omgevingsvergunning voor de nieuwvestiging van een zelfstandige opstelling van zonnepanelen een maximale termijn van ten hoogste 25 jaar moet zijn verbonden. Na het verstrijken van deze termijn dient de opstelling voor zonneenergie te worden verwijderd en dient de toestand te worden hersteld zoals deze vóór de verlening van de omgevingsvergunning was. Deze verplichting van verwijdering en herstel dient bij de verlening van de omgevingsvergunning te zijn zeker gesteld. Voor de voorgenomen ontwikkeling van het zonnepark is een omgevingsvergunning aangevraagd voor een maximale termijn van 25 jaar. Na afloop van deze termijn worden de opstelling van zonnepanelen en bijbehorende voorzieningen verwijderd en wordt de daarvoor bestaande situatie hersteld. Hiervoor wordt ook voldoende financiële zekerheid gesteld. Deze verplichtingen worden gewaarborgd door het als voorschriften aan de omgevingsvergunning te verbinden. Landschappelijke kwaliteitsverbetering Vanuit de Interim omgevingsverordening is in artikel 3.9 bepaald dat een nieuwe en ruimtelijke ontwikkeling in Landelijk Gebied gepaard dient te gaan met een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het gebied of de omgeving.

In casu is er sprake van landschappelijke kwaliteitsverbetering binnen het plangebied zelf. De kwaliteiten van het landschap zijn beschreven in paragraaf 2.2 en 2.3. De landschappelijke kwaliteit wordt verbeterd door een versterking van het coulisselandschap zoals nader toegelicht in het landschappelijke inpassingsplan in de bijlage. Uitvoering van het landschappelijk inpassingsplan is geborgd met een voorschrift in de omgevingsvergunning.

7 juni 2021

5.1,2,e

17

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

Gemeentelijk beleid

3.3

Structuurvisie Goirle De Structuurvisie Goirle is vastgesteld op 20-07-2010. De ambitie in de structuurvisie is gericht op een ‘groen’ en ‘sociaal’ Goirle. Deze toekomstvisie voor Goirle formuleert een doorkijk naar Goirle in het jaar 2020, en beschrijft het buitengebied daarbij als mooi, rustig en schoon, waarbij (recreatieve) ontwikkelingen in het buitengebied de huidige kwaliteiten respecteert. De omvang en kwaliteit van de natuur in het buitengebied moet daarnaast, in 2020, zijn toegenomen, en de beekdalen moeten meer ruimte krijgen om water te bergen. Daarnaast kunnen gronden van agrarische bedrijven worden ingezet voor de ontwikkeling van natuur en landschap. In gebieden waar voor agrarische bedrijven geen perspectief aanwezig is, is medewerking verleend om verandering of verbreding van de bedrijfsvoering door te voeren, of de verplaatsing of beëindiging van het agrarisch bedrijf. Op het gebied van bodem en water dient in dit gebied een betere balans gevonden te worden tussen hydrologie, ecologie, natuur, landschap en landbouw. Het plangebied is gelegen in het Deelgebied Oost. Dit deelgebied wordt gekenmerkt door het afwisselend landschap met bossen, en beekdalen die het agrarisch landschap doorsnijden en begrenzen. Naast de agrarische functie spelen ook natuur en extensieve recreatie (fietsen en wandelen) een belangrijke rol in dit deelgebied.

-"•IE

3E"Lh5ë TdByRGN

Legenda Toekomstbeeld deelgebied west, accent agrarische bedrijvigheid

•*

Eaa

!

2

9..K387

gex deelgebied midden, accent natuu ED- en extensieve recreatie NI deelgebied oost, accent kleinËk schalij landschep, landbouw. natuur water en extensieve recreatie

"93 •2

L

\

deelgebied noord, accent land­ bouw. natuur en recreatie

— gemeentegrens V akker / weide

N,

r

/

1

e

►

5

p

S 12.

Vi* ,

' d

K

[I bos / bossage heide

sa kern

a—a a

2) bestaande bebouwingscluster SL (indicatief) lintbebouwing (indicatief) bovenlokale weg

waterloop / beekdal

I

. s5

Deelgebied Oost

LOG (landbouwontwikkelingsgebied intensieve veehouderij! zichtrelatie recreatieve poort / oversteekbaarheid

EVZ 'Bel» lijntje" sportpark

Figuur 13a Structuurvisie Goirle - Deelgebied Oost (Bron: Structuurvisie Goirle)

Figuur 13b Toekomstbeeld Structuurvisie Goirle

Nota Zonnewijzer en Windrichting De Nota Zonnewijzer en Windrichting geeft inzicht in hoe de energiebehoefte op duurzame wijze grootschalig op het Goirlese grondgebied kan worden opgewekt. Daarbij wordt specifiek ingezoomd op het duurzaam opwekken van de elektriciteitsvraag, door zonne-energie en windenergie. De verwachting is dat de elektriciteitsbehoefte in de komende jaren steeds meer zal toenemen, en zonne-energie wordt daarbij als een van de meest kansrijke technieken beschreven. De gemeente heeft daartoe een ‘zonneladder’ opgesteld (zie ook paragraaf 3.2 Provinciaal beleid). Op de bovenste trede staat zon-opdak, maar omdat dit onvoldoende is om in de volledige elektriciteitsbehoefte te voorzien wordt ook

7 juni 2021

5.1,2,e

18

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

gekeken naar de volgende treden: grondgebonden zonnepanelen binnen of nabij stedelijk gebied, en onderaan grondgebonden zonnepanelen in het buitengebied. Naast twee clusters van windturbines zal er in totaal behoefte zijn aan zo’n 50 ha zonneweide. Uitsluitingsgebieden die in de Nota worden genoemd zijn: • Gronden die zijn aangewezen in het kader van Natuur Netwerk Brabant (NNB). • Gebieden in het voormalige Landschapsontwikkelingsgebied (LOG) staan op de onderste trede van de zonneladder. Grootschalige zonneweides zijn hier niet toegestaan. Daarnaast zijn een aantal zoekgebieden voor zonneweides aangewezen (zie ook paragraaf 3.2 Provinciaal beleid). Voor kleine lokale initiatiefnemers is het ook mogelijk om kleinschalige ontwikkelingen (tot 3 hectare) buiten de aangewezen kansrijke gebieden toe te staan. Hieraan zijn enkele voorwaarden verbonden: maximaal 5 zonneweides, welke niet aaneengesloten en in hetzelfde gebied mogen liggen; maximaal 3 hectare per zonneweide; maximale inspanning om draagvlak te krijgen vanuit de omgeving; ontwikkelingen koppelen aan bestaande bebouwing/ infrastructuur. Zonneweides moeten worden ontsloten vanaf bestaande openbare ruimte; landschappelijke inpassing moet aansluiten bij het landschapsbeleidsplan; voldoen aan de algemene sociale randvoorwaarden.

In het geval van dit planvoornemen is sprake van een kleinschalig lokaal initiatief: het netto zonnepark is niet groter dan 1,5 ha en het bruto oppervlak is 2,97 ha (inclusief landschappelijke inpassing). Daarnaast wordt het project en de gesprekken met de omwonenden door de grondeigenaar getrokken. Tomorrow Energy heeft hierbij een adviserende rol. In het participatie- en communicatieplan (zie bijlage 3) wordt dit nader toegelicht. Toetsingscriteria voor locaties zonneparken Goirle: uitwerking van de visie Zonnewijzer en Windrichting Dit afwegingskader is een verdere detaillering van de Nota Zonnewijzer en Windrichting. Dit document onderstreept de behoefte aan circa 40 a 50 hectare zonneweide, netto: oftewel, exclusief de landschappelijke inpassing. Dit afwegingskader gaat uitsluitend over grondgebonden grootschalige zonneparken, waarbij grootschalig is gedefinieerd als >1,5 hectare. Aangezien het zonnepark van 5.1,2,e niet groter is dan 1,5 hectare netto, wordt het planvoornemen beschouwd als kleinschalige ontwikkeling. De toetsingscriteria uit dit afwegingskader zijn daarom niet van toepassing.

Naast ruimtelijke toetsingscriteria zijn er in dit kader ook landschappelijke inpassingsprincipes en maatschappelijke toetsingscriteria aangegeven. Een kort overzicht van een aantal criteria zijn: Natuur: versterking van de natuurwaarden, bij voorkeur gebruik van inheemse, diverse en onderhoudsarme planten. Dit wordt in detail toegelicht in de landschappelijke inpassing, in bijlage 2 van deze ruimtelijke onderbouwing. Landbouw: niet op landschappen voor grootschalige voedselproductie (LOG). Zoals op de kaart in hoofdstuk 2.2 te zien is vallen de LOG-gebieden aan de westkant van Goirle. Meervoudig ruimtegebruik: dubbelgebruik van gronden is een pré, waterbergfuncties moeten geborgd blijven. Het plan voorziet in meervoudig ruimtegebruik zoals in hoofdstuk 3.2 nader is toegelicht. Lokaal eigenaarschap: voldoende streven naar 50% lokaal eigenaarschap. Deze aspecten worden toegelicht in het participatie- en communicatieplan in de bijlage. 7 juni 2021

5.1,2,e

19

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

Energie- of omgevingsfonds: een minimale afdracht van 0,50 euro per MWh. Deze afdracht wordt gezien als onderdeel van de sociale meerwaarde. Gevraagd wordt om een bod te doen wat de initiatiefnemer ziet als voldoende sociale meerwaarde. Educatie en recreatie: een combinatie met educatie en recreatie is een pre. Bij de inpassing van het zonnepark is rekening gehouden met de recreatieve en educatieve functie. Zo is er een rustplaats aansluitend op recreatieve fiets- en wandelpaden gemaakt, en zal hier tevens een educatieve informatievoorziening worden geplaatst.

Landschappelijke inpassing: Landschapsbeleidsplan Het landschapsbeleidsplan onderscheidt een viertal deelgebieden. Het plangebied valt binnen het deelgebied ‘Oost: Beekdallandschap van Oude en Nieuwe Ley’. Met de landschappelijke inpassing is rekening gehouden met de inpassingsprincipes die voor dit deelgebied, en in het algeheel gelden (zie ook landschappelijke inpassing in bijlage 2 voor meer details). J ■ -

1.2 N 1.1 \

1.4 \

1.3

N)

Figuur 14 Deelgebieden uit Landschapsbeleidsplan (Bron: Toetsingscriteria bij Zonne en Windwijzer

3.4

Toetsing van het planvoornemen

De beoogde ontwikkeling past binnen het vigerende nationale, provinciale en gemeentelijke beleid. • De ontwikkeling van het zonnepark draagt bij aan de ambitie uit het energieakkoord voor duurzame groei door middel van het decentraal opwekken van zonne-energie. De ontwikkeling beoogt namelijk het opwekken van 2,5 MWp zonne-energie. • Het zonnepark sluit aan op de regels voor zonneparken uit de Interim Omgevingsverordening van de provincie Noord- Brabant. • De ontwikkeling past bij de ambitie van de gemeente Goirle om klimaatneutraal te worden en de elektriciteitsbehoefte grootschalig op duurzame wijze op het Goirlse grondgebied op te wekken.

7 juni 2021

5.1,2,e

20

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

De ontwikkeling past bij de ambitie uit de structuurvisie voor een 'Groen Goirle', waarbij de ontwikkeling in het buitengebied de gebiedskwaliteiten zoals de natuur en het landschap respecteert, en bijdraagt aan de recreatieve functie van het gebied. Het zonnepark past binnen de kleinschalige lokale initiatieven met een netto zonnepark oppervlak van 1,5 ha en 1,5 ha landschappelijke inpassing, en kan daarom buiten de zoekgebieden voor grootschalige opwekking ontwikkeld worden. Het planvoornemen biedt aan de kernwaarden van de Groenblauwe mantel door versterking van ecologische waarden, landschappelijke kenmerken en waterstructuur. De inpassing van het zonnepark voorziet in meervoudig ruimtegebruik en sluit daarmee aan op de regels voor zonneparken uit de Interim Omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant en het afwegingskader bij de Nota Zonnewijzer en Windrichting: o ecologische waarden worden versterkt; o biodiversiteit wordt gestimuleerd; o extensief beheer door schapenbegrazing; o recreatieve rustplaats aansluiting op de recreatieve wandel- en fietspadenstructuur; o educatieve informatievoorziening. Het zonnepark wordt landschappelijk ingepast en sluit daarmee aan bij de eisen uit de Nota Zon en Windwijzer en de principes uit het Landschapsbeleidsplan.

3.5

Conclusie

De beoogde ontwikkeling past binnen het vigerende nationale, provinciale en gemeentelijke beleidskader. Het draagt bij aan de ambitie van de gemeente Goirle om energieneutraal te worden en daartoe de elektriciteitsbehoefte op duurzame wijze op het Goirlese grondgebied op te wekken. De keuze voor het plangebied is zorgvuldig afgewogen en kan ruimtelijk worden onderbouwd vanuit het vigerende beleidskader zoals in dit hoofdstuk is aangetoond.

7 juni 2021

5.1,2,e

21

Projectgerelateerd 5.1,2,e

5.1,2,e 5.1,2,e

4

Omgevingsaspecten

4.1

Bedrijven- en milieuzonering

In het kader van een goede ruimtelijke ordening is ruimtelijke afstemming tussen bedrijfsactiviteiten, voorzieningen en gevoelige functies (woningen) noodzakelijk. Doorgaans vindt deze ruimtelijke afstemming plaats in de vorm van het aanhouden van voldoende afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. Hiermee wordt hinder en gevaar voor milieugevoelige functies voorkomen of zoveel mogelijk beperkt en wordt bedrijven voldoende zekerheid geboden dat zij hun bedrijfsactiviteiten onder aanvaardbare voorwaarden kunnen ontplooien. Door de VNG is een handreiking ‘Bedrijven en milieuzonering’ gepubliceerd (laatste uitgave dateert uit 2009). In deze handreiking zijn per milieubelastende activiteit richtafstanden voor geur, stof, geluid en gevaar opgenomen tot milieugevoelige functies.

Een zonnepark vormt geen milieuhinderlijke bedrijfsactiviteit in termen van milieuzonering. Eventuele geluidhinder zou door transformatoren kunnen ontstaan. Het betreft transformatoren die vergelijkbaar zijn aan die in woonwijken. Voor transformatorstations (een buitengewoon conservatieve benadering van de te plaatsen transformatoren) geldt een te hanteren afstand van 30 meter.

Binnen een straal van 30 meter rondom het zonneveld zijn geen woningen aanwezig. Het dichtstbijzijnde woonperceel ligt op ruim 50 meter. De transformatoren veroorzaken daarmee geen hinder voor omliggende woonpercelen. De afstand tot een levensbeschouwelijke instelling, de St. Jans de Doper Kerk, bedraagt ruim 1,5 kilometer. De instelling ondervindt geen hinder van het zonnepark. Bedrijven zijn geen milieuhindergevoelige functies en vallen daarmee buiten het kader van de reguliere milieuzonering.

Een zonnepark betreft daarnaast geen milieugevoelige functie, waardoor bestaande bedrijven in de omgeving niet onevenredig in hun belangen worden geschaad bij de realisatie van deze functie.

De conclusie is dat het project uit oogpunt van bedrijven en milieuzonering uitvoerbaar is.

4.2

Geluid

Een zonnepark vormt een type A-inrichting in de zin van de Wet milieubeheer. De inrichting valt daarmee onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit maar er is geen melding of Omgevingsvergunning voor het onderdeel milieu nodig. Relevante geluidsuitstraling kan met name worden veroorzaakt door de transformatoren, hiervoor geldt een richtafstand van 30 m tot geluidsgevoelige bestemmingen. Binnen een afstand van 30 m zijn geen geluidsgevoelige bestemmingen gelegen. Daarom kan worden geconstateerd dat deze inrichting geen relevante geluidproductie heeft. Bij de omliggende woningen zal worden voldaan aan de geluidsnormen uit het Activiteitenbesluit, naar verwachting is deze nagenoeg onhoorbaar.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.goirle.nl/api/v1/meetings/1305/documents/24258