CConstaterende datGoirle
Koppel je AI →
Document · PDF

07 Bijlage 1- Rapport haalbaarheid 1 team 1 taak Leerplicht.pdf

Besluitvormend 13 juli 2021, gemeente GoirleBij agendapunt: 10: Regio Hart van Brabant regionale samenwerking leerplicht9.285 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Haalbaarheidsonderzoek ‘één team, één taak’

regionale samenwerking leerplicht, Hart van Brabant Opdrachtgever

: Gemeente Tilburg, namens de regio Hart van Brabant

Contactpersoon DENSA

: Lazlo van Donkelaar

Status

: definitief

Datum

: 18 september 2020

1.

INLEIDING ................................................................................................................ 3

1.1

De opdracht .............................................................................................. 3

1.2

Het proces ................................................................................................ 4

1.3

Leeswijzer ................................................................................................ 4

2.

BOUWSTENEN HAALBAARHEID ‘ÉÉN TEAM, ÉÉN TAAK’ .................................. 5

2.1

Gedeelde uitgangspunten samenwerking uit de verkenning ..................... 5

2.2

Het te onderzoeken scenario: één team, één taak .................................... 6

2.3

Het regionale team leerplicht en RMC ....................................................... 7

2.4

Governance en regionale afstemming....................................................... 8

2.5

Formatie en personeel ............................................................................ 10

2.6

Financiën ................................................................................................ 13

2.7

Juridisch ................................................................................................. 15

3.

HAALBAARHEID REGIONALE SAMENWERKING HART VAN BRABANT...........16

3.1

Beantwoording onderzoeksvragen ......................................................... 16

3.2

Conclusie haalbaarheid regionale samenwerking leerplicht ................... 18

4.

IMPLEMENTATIE REGIONALE SAMENWERKING LEERPLICHT .........................18

4.1

Besluitvorming: najaar 2020 .................................................................. 18

4.2

Implementatie regionaal team: eerste helft 2021 .................................. 18

BIJLAGE 1: DEELNEMERS PROJECTGROEP EN WERKGROEPEN ..............................20 BIJLAGE 2: TEKST MANDAATBESLUITEN LEERPLICHT, APRIL 2018 ..........................21 BIJLAGE 3: CIJFERBIJLAGE .............................................................................................23 BIJLAGE 4: METHODISCHE AANPAK SCHOOLVERZUIM (MAS) ...................................26 BIJLAGE 5: BEGROTING EN KOSTENVERDELING ZONDER WAALWIJK .....................27

2

1. Inleiding In de regio Hart van Brabant bestaat al meerdere jaren een intensieve samenwerking op het gebied van jeugdhulp en jeugdwerkloosheid. In de nu actuele uitvoeringsprogramma’s ‘Samen met de Jeugd’ en ‘Jeugdwerkeloosheidsvrij regio Hart van Brabant’ zijn de regionale ambities, taken en acties vastgelegd. De aanpak van schoolverzuim en VSV staat in directe verbinding met het bestrijden van jeugdwerkloosheid en de inzet van jeugdhulp. In de uitvoeringsprogramma’s is dan ook nadrukkelijk de samenwerking met leerplicht en RMC rondom kinderen en jongeren in de praktijk vorm gegeven, met respect voor de lokale verschillen bij gemeenten. Het bestrijden van voortijdig schoolverlaten is regionaal belegd bij RMC contactgemeente Tilburg. De RMC regio bestaat uit de gemeenten Dongen, Gilze Rijen, Goirle, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Oisterwijk, Tilburg en Waalwijk. De RMC uitvoering is zoveel mogelijk verknoopt met de uitvoeringsprogramma’s op jeugd en jeugdwerkeloosheid in deze gemeenten. 1.1

De opdracht

Bij het voorkomen en bestrijden van schoolverzuim (leerplicht) wordt de uitvoering door meerdere gemeenten in de regio vormgegeven. In de afgelopen jaren is de samenwerking op leerplicht in de regio Hart van Brabant steeds verder toegenomen. Vanuit het team leerplicht, welke samen met het RMC deel uit maakt van de organisatie van de gemeente Tilburg, worden diensten verleend aan een groot deel van de regiogemeenten. In de jaren 2018 en 2019 is een proces doorlopen van het juridisch goed borgen van de samenwerking leerplicht in de regio Hart van Brabant en het verkennen naar de mogelijke toekomstige samenwerking op leerplicht in de regio. In april 2018 zijn door de colleges van de 8 gemeenten afspraken vastgelegd waarin de samenwerking tijdelijk geborgd en geregeld is. Naar aanleiding van de daarop volgende verkenning is door 7 gemeenten (de gemeenten Dongen, Gilze en Rijen, Goirle, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Oisterwijk en Tilburg) gevraagd om een haalbaarheidsonderzoek uit te voeren naar het scenario ‘één team, één taak’. Hierbij is het uitgangspunt dat het regionale leerplichtteam lokaal aansluit en dat de leerplichttaken uit de regio Hart van Brabant samenkomen met de RMC taken in RMC contactgemeente Tilburg. De gemeente Waalwijk volgt met interesse het proces en neemt graag kennis van de uitkomst van het onderzoek.

In het haalbaarheidsonderzoek is het antwoord op de volgende vragen in ieder geval gegeven: 1. Welke juridische constructie(s) is of zijn mogelijk voor deze vorm van samenwerking en welke past het beste bij de situatie in onze regio? 2. Wat vraagt het scenario “één team, één taak” van elk van de betrokken 7 gemeenten qua: a. Personeel b. Financiën c. Organisatorisch 3. Of en hoe kan aan de gestelde voorwaarden (lokale borging en betaalbaarheid) worden voldaan? 4. Het overgrote deel van de betrokken uitvoerende medewerkers is in dienst van Tilburg. Daarnaast worden regionaal al een aantal taken vanuit Tilburg uitgevoerd. Er vanuit gaande dat de regionale samenwerking plaatsvindt vanuit Tilburg: wat betekent het scenario voor het team Leerplicht / RMC in Tilburg?

3

Hierbij gaat het o.a. om beheersmatige aspecten als capaciteit, aansturing, werkplekken, governance, te voeren overleg met de regio etc. 5. Op welke termijn en langs welke paden kan het scenario geïmplementeerd worden? Hoe verlopen dan de rapportage en communicatielijnen voor de vakgebieden leerplicht en RMC in de regio Hart van Brabant dan? 6. Mocht de gemeente Waalwijk (of een andere gemeente) in de toekomst willen aansluiten bij het leerplichtteam Hart van Brabant, is dit dan mogelijk en zo ja, welke stappen dienen dan doorlopen te worden? In dit verslag zijn de resultaten van het haalbaarheidsonderzoek weergegeven en is antwoord gegeven op bovenstaande vragen. 1.2

Het proces

Het proces is op donderdag 30 januari 2020 gestart met een kick-off bijeenkomst voor alle betrokken op inhoud, beleid en management. Vervolgens is het onderzoek onder begeleiding van een projectgroep met afvaardiging van de regiogemeenten uitgevoerd in de maanden februari t/m juli. Daarnaast zijn er drie werkgroepen geformeerd om de aspecten op personeel, financiën en juridisch goed uit te werken. In deze werkgroepen is tevens de regio vertegenwoordigd. De werkgroepleden hebben input gegeven en meegedacht met het onderzoeken van de haalbaarheid van ‘een team, één taak’ voor leerplicht in de regio Hart van Brabant. In de periode maart t/m juni 2020 heeft het proces enige vertraging opgelopen door de Corona maatregelen en heeft vrijwel het gehele proces online vorm gekregen. De deelnemers aan de projectgroep en werkgroepen zijn opgenomen in bijlage 1. De gegevens voor het onderzoek zijn verzameld in de periode februari t/m juli 2020 en vastgelegd in een concept rapport. Het concept rapport is afgestemd in de werkgroepen en projectgroep en vervolgens op 1-9-2020 gepresenteerd aan alle betrokkenen op inhoud, beleid en management. Vervolgens is er een concept collegevoorstel bijgevoegd, voor afstemming van de besluitvorming in de individuele colleges van de gemeenten.

Daarna is het resultaat van het onderzoek besproken in de kring van gemeentesecretarissen (3-9) en het managersoverleg sociaal domein (10-9). Na afstemming met de beleidsmedewerkers onderwijs en in de verschillende gremia is het rapport en collegevoorstel bijgesteld en definitief gemaakt. Presentatie van de uitkomst van het onderzoek aan de bestuurders vindt plaats in oktober 2020. 1.3 Leeswijzer In hoofdstuk 2 zijn gegevens verzameld voor het beantwoorden van de vragen en het bepalen van de haalbaarheid. In hoofdstuk 3 zijn conclusies getrokken over de haalbaarheid en de onderzoeksvragen beantwoord. In hoofdstuk 4 is beschreven op welke wijze de regionale samenwerking leerplicht Hart van Brabant geïmplementeerd kan worden en hoe gemeenten later toe zouden kunnen treden tot de samenwerking.

4

2. Bouwstenen haalbaarheid ‘één team, één taak’ In dit hoofdstuk is informatie verzameld voor het bepalen van de haalbaarheid van een regionale samenwerking leerplicht in de regio Hart van Brabant en het beantwoorden van de onderzoeksvragen. 2.1

Gedeelde uitgangspunten samenwerking uit de verkenning

Uit de verkenning bleek dat er een grote samenwerkingsbereidheid is bij de gemeenten en partners om het recht op onderwijs voor alle kinderen en jongeren te waarborgen. Tijdens de verkenning bleek overeenstemming over de volgende punten die terug moeten komen in de gewenste vorm van regionale samenwerking, hierbij kort herhaald als basis voor de verdere uitwerking van de samenwerking in dit rapport: 1. De gemeenten willen alle kinderen/jongeren en hun ouders gelijk behandelen en maatwerk leveren bij achterliggende problematiek (‘rechtsgelijkheid’). Hiervoor is aan de kant van de gemeenten nodig: a. Voldoende beschikbaarheid, continuïteit en bereikbaarheid in leerplichtformatie; b. Goede balans in jeugdhulp en handhaving: toepassen van de landelijk vastgelegde Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS), voldoende BOA capaciteit en kennis/kunde, visie op handhaving en afspraken hierover met het onderwijs en de partners; c. Doorgaande ondersteuningslijn 5-23 jaar, ondanks verschillende kaders en wetgeving op verschillende leeftijden; d. Professionalisering, het op peil houden van kennis en kunde over het vakgebied; e.

Gezamenlijke administratie voor professionele dossiervorming 5-23 jaar en ondersteuning van de werkprocessen, snelle opvolging verzuim door digitale koppelingen, goede informatievoorziening (management informatie en rapportages) en dossieroverdracht (het Jeugdvolgsysteem (JVS)). 2. Lokaal zicht op casuïstiek en regionale partners regionaal bedienen a. Regionale partners zijn het VO, MBO, PRO, VSO en OM, Halt en RvdK. Primair onderwijs en partners in het sociale domein worden met name gezien als lokale partner; b. Vaste contactpersonen van leerplicht voor de regionale partners die voor alle jongeren uit Hart van Brabant kunnen spreken en handelen. Meer dan 85% van het werk van leerplicht komt voort uit VO, V(SO) en MBO. Deze regionale partners worden regionaal bediend (schoolgebonden werken); c. Vaste contactpersonen voor lokale partners van leerplicht voor alle jongeren van de betreffende gemeente. De vaste contactpersonen moeten passen bij de lokale structuur en cultuur; d. Schakelen van regionaal naar lokaal en andersom, lokaal zicht op de casuïstiek met achterliggende problematiek, voor alle kinderen en jongeren van 5-23 jaar; e. Vaste contactpersonen van leerplicht in het lokale netwerk/sociaal domein en een goede koppeling van de domeinen onderwijs-jeugd-werk & inkomen. 3. Goede regionale samenwerking leerplicht en aansluiting RMC a.

Transparantie in planvorming, besluitvorming, resultaten en financiën op zowel leerplicht als RMC; b. Verbeterde afspraken tussen onderwijs en gemeenten bij de aanpak van schoolverzuim (MAS). Meten en bespreken van de effectiviteit van de keten en elkaar positief kritisch ‘scherp’ houden (meetbaar maken tijdig melden en aanpak van schoolverzuim); c. Regionale afstemming op bestuur, beleid, management en uitvoering om iedereen betrokken te houden en integraal te kunnen werken.

5

De gewenste vorm van regionaal samenwerken komt zoveel mogelijk tegemoet aan bovenstaande punten. 2.2

Het te onderzoeken scenario: één team, één taak

Alle leerplichttaken worden bij elkaar gebracht in één team en bij één gemeente. Deze gemeente is opdrachtnemer voor het uitvoeren van alle leerplichttaken. Management, beleid, administratie en ondersteuning kunnen professioneel en gespecialiseerd worden vormgegeven. De taken worden vervolgens met vaste contactpersonen voor regionale partners en vaste contactpersonen voor de lokale partners uitgevoerd.

De opdrachtnemer regelt alles wat nodig is om efficiënt te kunnen werken en is zelf één van de opdrachtgevers van het team. De regio moet naast de regionale afspraken het vertrouwen hebben dat de opdrachtnemer aan alle belangen van betrokken partijen tegemoet komt. Aangezien een groot deel van de regionale taken al uitgevoerd wordt in Tilburg en de meeste medewerkers daar ook in dienst zijn, wordt er in dit onderzoek vanuit gegaan dat de gemeente Tilburg de opdrachtnemer is. Een gelijke behandeling van casuïstiek, eenduidig werken en het samenwerken met regionale partners in en buiten de regio zijn goed te realiseren in dit scenario. Indien de leerplichttaken bij één gemeente zijn ondergebracht, dan is de doorgaande lijn in ondersteuning richting onderwijs, begeleiding en dossiervorming gewaarborgd. Een groter specialistisch leerplichtteam professionaliseert de leerplichtfunctie in de regio: coördinatie, management en beleid met vakinhoudelijke kennis, deskundigheidsbevordering, meer continuïteit, gezamenlijke uitvoering MAS, gezamenlijke administratie en ondersteuning. Leerplichtambtenaren kunnen zich hierdoor meer bezig houden met jongeren, kinderen, ouders, scholen en ketenpartners in casuïstiek. Deze vorm van samenwerken vereist wel goede afspraken over het samen sturen en transparantie in besluitvorming en financiën (governance).

De risico’s die genoemd worden bij dit scenario komen vanuit het gevoel de ‘grip’ op de uitvoering kwijt te raken en de indirecte manier van aansturen die vertragend werkt bij verandering van lokale behoeften (via opdrachtgever-opdrachtnemer en regionale afstemming). Een mogelijke oplossing om dit effect te verminderen: voor zowel leerplicht als RMC kan afgesproken worden dat vaste contactpersonen actief zijn in de lokale

6

structuur van het sociale domein, naar voorbeeld van leerplicht bij Loon op Zand en Gilze en Rijen. De gemeente heeft invloed op wie de vaste contactpersoon wordt, zodat deze past in de cultuur van de lokale samenwerking. Ondanks dat door strakke wetgeving en de MAS de eigen beleidsruimte op leerplicht beperkt is, kunnen er daarnaast tussen de gemeenten afspraken gemaakt worden over extra inzet vanuit leerplicht, in aanvulling op de regionale afspraken (extra dienstverlening). Hierdoor kunnen snel lokale initiatieven gerealiseerd worden en tegelijk de voordelen van de regionale samenwerking behaald worden. 2.3

Het regionale team leerplicht en RMC

Landelijke kaders en regionale afspraken Leerplicht is een specialistische functie met wettelijke mogelijkheden om in vroeg stadium jongeren en gezinnen met problematiek te signaleren. Het wettelijke kader is breed maar strikt en er zijn landelijke uitvoeringsafspraken met Openbaar Ministerie, Raad voor de Kinderbescherming, Bureau Halt, VNG en Ingrado. Deze afspraken zijn vastgelegd in de Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS). De vrije beleidsruimte voor gemeenten is beperkt, de ruimte die er is zit met name in het preventieve kader. Daarnaast is er een afspraak gemaakt voor samenwerking met het voortgezet (speciaal) onderwijs, praktijk onderwijs en MBO met vestigingen in de regio: iedere vestiging wordt regionaal bediend met vaste contactpersonen voor alle leerlingen uit de regio Hart van Brabant (schoolgebonden werken). In de verkenning is door onderwijs en gemeenten aangegeven tevreden te zijn over het principe van schoolgebonden werken. Alleen Waalwijk is nog niet betrokken in het regionaal schoolgebonden werken; zij voert alle leerplichttaken op alle scholen nog zelfstandig uit.

Het schoolgebonden werken is mede mogelijk gemaakt door de gemeenten in de regio Hart van Brabant omdat in 2018 formeel is vastgelegd dat de bevoegdheden van artikel 16 LPW (aanwijzen, beëdigen, vaststellen ambtsinstructie) gemandateerd zijn aan Tilburg en alle leerplichtambtenaren voor alle gemeenten in de regio aangewezen en beëdigd zijn. Daarnaast zijn alle bevoegdheden uit de leerplichtwet gemandateerd aan alle college’s van de regio Hart van Brabant. (zie bijlage 2: mandaatbesluit, vastgelegd in 8 gemeenten). In eerdere besluitvorming is geregeld dat de taken van de bijzondere opsporingsambtenaar (BOA) ook voor alle gemeenten in de regio Hart van Brabant door alle leerplichtambtenaren uitgevoerd mogen worden. RMC en leerplicht uitvoering Hart van Brabant anno 2020 Bij het regionaal werkende RMC en leerplichtteam in de RMC contactgemeente Tilburg worden de volgende regionale taken uitgevoerd: • Het regionaal werkende team voert de RMC taken, het begeleiden van jongeren en de administratie van voortijdig schoolverlaters, uit voor de hele regio Hart van Brabant, inclusief Waalwijk. Het begeleiden van jongeren gebeurt inclusief aansluiten op de lokale structuur van de woongemeenten en op regionale voorzieningen voor jeugd en jeugdwerkloosheid.

• Daarnaast voert het team alle leerplichttaken uit voor de gemeenten Gilze en Rijen, Loon op Zand, Goirle en Tilburg; • Ondersteuning van de gemeente Dongen bij afwezigheid en ziekte van de leerplichtambtenaar. • Ondersteuning van Oisterwijk/Hilvarenbeek door het oppakken van preventieve meldingen van kinderen/jongeren op Tilburgse scholen, vertegenwoordiging in het LCO, advisering van scholen over inwoners van Oisterwijk/Hilvarenbeek en het fungeren als vraagbaak op casuïstiek.

7

Daarnaast wordt leerplicht in de regio Hart van Brabant uitgevoerd in: • De gemeente Dongen (1 leerplichtambtenaar, 24 uur per week) • De gemeenten Oisterwijk en Hilvarenbeek (1 leerplichtambtenaar, 25 uur per week Oisterwijk en 4 uur per week Hilvarenbeek) De gemeente Waalwijk voert de leerplichttaken zelfstandig uit met 2 leerplichtambtenaren (51 uren per week). Tussen het regionale team en de leerplichtambtenaren in Waalwijk is op casuïstiek en collegiaal niveau regelmatig en goed contact. De aan Waalwijk verbonden RMC medewerker uit het regionale team werkt nauw samen met de leerplichtambtenaren. Niveau van dienstverlening De volgende taken behoren tot de dienstverlening van het regionale leerplichtteam: 1. Basisadministratie leerplicht in het Jeugdvolgsysteem voor alle gemeenten, inclusief het onderhouden van koppelingen met BRP en DUO (BRON, Verzuimloket en vrijstellingenregister). 2. Wettelijke taken (LPW, 1969): a. absoluut verzuim b. relatief verzuim c. langdurig verzuim en thuiszitten d. verlofaanvragen e. vrijstellingen f. de bijbehorende ondersteuning (zorg) en handhaving g. rapportages aan Raad en de minister (art 25 LPW). De taken worden conform de regionale ambtsinstructie (nu geldende versie: april 2018) uitgevoerd. 3. De meest recente versie van de Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS, zie bijlage 4) is de leidraad voor aanpak van verzuim. 4.

Daarnaast worden de afspraken uit het regionale verzuimprotocol uitgevoerd. Deze afspraken hebben o.a. te maken met preventie van schoolverzuim en schooluitval. 5. Afspraken tussen gemeenten en samenwerkingsverbanden over een thuiszittersaanpak worden uitgevoerd. Hierbij is het streven zoveel mogelijk gelijke afspraken met de verschillende betrokken samenwerkingsverbanden in de regio Hart van Brabant, maar worden alle afspraken uitgevoerd, ook als zij niet gelijk zijn. Voor de uitvoering van de taken is een handleiding beschikbaar met meer gedetailleerd hoe werkprocessen lopen en welke keuzes er gemaakt zijn bij bijvoorbeeld het vastleggen van dossiers. Deze handleiding is opvraagbaar via de teamleider van het regionale team leerplicht en RMC in Tilburg. 2.4

Governance en regionale afstemming

Leerplicht is een belangrijke schakel tussen kinderen/jongeren/ouders, onderwijs, gemeente en handhaving en acteert in het sociaal domein. Vanwege het specialistische karakter en beperkte omvang van de taken is in de verkenning aangegeven dat het voor leidinggevenden, beleidsmedewerkers en bestuurders in relatief kleine gemeenten lastig is om de kaders en sturing goed vorm te geven. In de verkenning is aangegeven dat de ongelijkheid tussen de gemeenten nu groot is: Tilburg heeft op management, beleid en coördinatie specifieke medewerkers aangesteld voor leerplicht en RMC. Voor het vormgeven van een goed werkende regionale samenwerking is van belang om de governance goed in te richten en goede afstemming tussen de gemeenten te borgen. De uitdaging voor de regionale samenwerking is: 1. Het vormgeven van een goede bestuurlijke borging voor de leerplichttaken; 2. Het vormgeven van goede afstemming tussen alle deelnemende gemeenten op ambtelijk niveau voor RMC en leerplicht (beleid en management).

8

In onderstaand model is weergegeven op welke manier de regionale afstemming plaats vindt tussen de samenwerkende gemeenten. De bestuurlijke regionale afstemming is ondergebracht op de bestuurlijke Hart van Brabant dagen. Deze dagen worden mede voorbereid door afstemming in regionale overleggen tussen gemeentesecretarissen en managers in het sociaal domein. Voor de beleidsmatige regionale afstemming is een regiegroep leerplicht ingericht, waarin 4 tot 5x per jaar de beleidsmedewerkers onderwijs geïnformeerd worden door de teammanager van het regionale leerplichtteam over de stand van zaken en ontwikkelingen. In de regiegroep kunnen de gemeenten met elkaar afstemmen over alle relevante onderwerpen en wensen ten aanzien van leerplicht. Ook jaarlijkse producten zoals leerplichtjaarverslag, begroting en jaarafrekening komen hier ter sprake. Daarnaast is dit overleg de basis voor afstemming op inhoudelijke thema’s, zoals bijvoorbeeld de thuiszittersaanpak en samenwerking in het sociaal domein. De regiegroep RMC is reeds een bestaande beleidsmatige afstemming tussen gemeenten en onderwijs over RMC zaken, het voorstel is de gemeentelijke advisering en besluitvorming over RMC zaken in dezelfde lijn af te stemmen als voor leerplicht.

9

2.5

Formatie en personeel

Huidige formatie RMC en leerplicht De huidige formatie voor leerplicht en RMC in de regio Hart van Brabant is als volgt samengesteld: Huidige formatie LPA Leerplicht schaal 9 Dongen 0,67 Gilze en Rijen (bij Tilburg) Goirle (bij Tilburg) Hilvarenbeek 0,13 Loon op Zand (bij Tilburg) Oisterwijk 0,68 Tilburg/LopZ/G/GR 9,11 Waalwijk 1,42 Totaal 12,01 *Waarvan 3 fte formatie kwalificatieplicht

RMC TB schaal 9

Management schaal 11-12

Kwaliteit schaal 10

administratie schaal 7

13,78*

2,00

1,00

2,00

13,78*

2,00

1,00

2,00

Naast formatie voor de uitvoering van leerplicht- en RMC taken is er: - Een tijdelijke aanjaagfunctie voor het thuiszitterspact bij het regionale team in Tilburg (0,89 fte, schaal 10), bekostigd vanuit het RMC en verder niet meegenomen in dit onderzoek; - De formatie voor de RMC coördinatie bij de centrumgemeente, bekostiging uit de RMC rijksbijdrage; - De formatie voor beleid in elke gemeente om de lokale verbondenheid met alle andere beleidsgebieden, met name in het sociaal domein, goed vorm te geven. Daarnaast is de lokale beleidsmedewerker de spil in afstemming met het regionaal werkende team en het informeren van en besluitvorming regelen bij de eigen college en raad. De beleidsfuncties blijven in de gemeenten zodat de verbinding met en binnen alle gemeenten behouden blijft. Benodigde formatie RMC en leerplicht Algemeen geldt: hoe groter de problematiek hoe meer formatie ingezet dient te worden. Daarnaast is de taakopvatting en het meer of minder efficiënt werken van invloed op de benodigde omvang van de formatie. Branchevereniging Ingrado heeft voor de goede uitvoering van zowel leerplicht als RMC taken een formatiemeter opgesteld die een indicatie geeft van de benodigde formatie. De formatierichtlijn voor leerplicht gaat uit van een landelijk gemiddelde curatieve caseload van 135 per elke fte leerplichtfunctie.

Door het aantal curatieve zaken af te zetten tegen het landelijk gemiddelde wordt vastgesteld welke formatie minimaal nodig is om de curatieve leerplichttaken te kunnen uitvoeren. De richtlijn noemt dit de onderkant van de bandbreedte. De uitvoering van preventieve taken behoort hier niet toe. Uit onderzoek naar de casuïstiek bij gemeenten in Nederland blijkt dat het aantal preventieve casussen ongeveer 2/3 is van het aantal curatieve casussen. Als de curatieve inzet (onderkant bandbreedte) wordt vermenigvuldigd met 1,66 dan is de bovenkant van de bandbreedte bepaald waarbinnen zowel curatieve en preventieve taken kunnen worden verricht. Binnen de kaders van de bandbreedte kan elke organisatie, afhankelijk van ambitieniveau en beschikbaar budget, zelf bepalen hoeveel formatie wordt ingezet bovenop de minimaal benodigde formatie voor de uitvoering van de wettelijke (curatieve) leerplichttaken. De formatie voor de RMC functie is berekend op basis van de formatiemeter RMC- functie 2015 van Ingrado. Deze formatierichtlijn gaat uit van een landelijk gemiddelde caseload van 300 VSV-ers per elke volledige fte RMC-functie. De basisregel is 1 fte per 3800 jongeren van 18 t/m 22 jaar. Het gaat hier om de wettelijke taken van het RMC. Als het

10

RMC tevens betrokken is in projecten, dan wordt de formatie hiervoor toegevoegd aan de cijfers in onderstaande tabel. Ingrado formatiemeter leerplicht en RMC LP onder LP boven Dongen 0,73 1,22 Gilze en Rijen 1,00 1,66 Goirle 0,79 1,30 Hilvarenbeek 0,24 0,39 Loon op Zand 0,84 1,39 Oisterwijk 0,90 1,49 Tilburg 14,15 23,49 Waalwijk 1,53 2,53 Totaal 20,16 33,47

RMC 0,38 0,38 0,3 0,23 0,32 0,36 4,6 0,66 7,23

totaal onder 1,11 1,38 1,09 0,47 1,16 1,26 18,75 2,19 27,39

totaal boven 1,60 2,04 1,60 0,62 1,71 1,85 28,09 3,19 40,70

De ondergrens van de formatiemeters geeft aan met welke formatie de wettelijke leerplicht- en RMC taken uitgevoerd zouden moeten kunnen worden. De bovengrens van de richtlijn geeft aan met welke formatie zowel de wettelijke als de preventieve taken uitgevoerd kunnen worden. Binnen de richtlijn wordt onderscheid gemaakt in functies. De leerplichtformatie kan onderverdeeld worden in ongeveer 60% leerplichtambtenaar, 30% administratie en applicatiebeheer, 5% beleid en 5% aansturing/coördinatie. De RMC-formatie per volledige fte wordt onderverdeeld in 15% Coördinatie, 20% administratie en 65% begeleiding. De richtlijn gaat er vanuit dat alle functies nodig zijn om de taken te kunnen uitvoeren. Uiteraard kunnen verschillende functies ook verenigd zijn in één of meerdere personen en kennen de taakscheidingen tussen de functies ruimte zodat een andere verdeling binnen het team mogelijk is. Uitgangspunt formatie regionaal team leerplicht De totale huidige regionale formatie leerplicht bestaat uit: - 15,00 fte leerplicht en kwalificatieplicht - 0,5 fte teammanager, 0,5 fte teamcoördinator - 0,5 fte kwaliteitsmedewerker - 1 fte administratie In totaal voor de leerplichtfunctie is dat 17,50 fte. Daarmee blijft de totale formatie onder de ondergrens van de richtlijn (20,16 fte).

De beleidsfunctie blijft echter bij de gemeenten, daar staat in de richtlijn 5% van de leerplichtfunctie voor, in geval van de ondergrens is dat 1 fte. Het verschil met de ondergrens is daarmee kleiner geworden. Ten opzichte van de richtlijn is de verdeling in functies anders. Bij de huidige formatie is meer dan 75% van de formatie leerplichtambtenaar, wat ten opzichte van de richtlijn (60%) veel is. Dit komt echter overeen met ervaringen met andere regionale leerplichtteam in Nederland. Met name de administratieve functie kan met minder fte toe ten opzichte van de richtlijn, wat ten gunste komt van de ‘handen aan het bed’ bij casuïstiek. Dienstverlening, caseload en werkdruk De huidige formatie blijft iets achter bij de volgens de richtlijn minimale formatie die nodig is om alleen de wettelijke taken leerplicht uit te voeren, terwijl de richtlijn gebaseerd is op de hoeveelheid casuïstiek. Bij meerdere gemeenten is de huidige formatie flink minder dan wat nodig is volgens de richtlijn. Bij deze gemeenten kan ervanuit worden gegaan dat de taken niet met voldoende tijd conform de MAS uitgevoerd kunnen worden. In het onderzoek is met betrokkenen besproken dat de huidige formatie mogelijk te beperkt is, waardoor niet alle taken (zie paragraaf 2.3, niveau van dienstverlening)

11

voldoende aandacht krijgen en de werkdruk hoog kan zijn. In de gesprekken is aangegeven dat als de formatie op het huidige niveau blijft, dit zeker bij de start van de samenwerking voldoende is om de dienstverlening op peil te houden. Indien de casuïstiek komende jaren toe- of afneemt, dan zal herijking plaatsvinden op de formatie. Uitgangspunt formatie regionale samenwerking Het uitgangspunt voor de formatie van het regionale team leerplicht is: de huidige formatie blijft behouden en wordt bij elkaar gebracht in één team. Consequenties huidige personeel Op basis van het uitgangspunt dat de huidige formatie bij elkaar gebracht wordt in één regionaal werkend team is geïnventariseerd wat de mogelijke consequenties zijn. De uitgangspositie zoals besproken in de werkgroep personeel is: - Zowel detachering als in dienst treden bij Tilburg is mogelijk; - Het gaat om twee vaste aanstellingen van 0,81 fte (Oisterwijk) en 0,67 fte (Dongen); - Indien Waalwijk deelneemt, dan gaat het tevens om de leerplichtambtenaren vanuit Waalwijk; - Alle leerplichtambtenaren zitten in functieschaal 9; - Een vergelijk van arbeidsvoorwaarden tussen de gemeenten is voor handen, conclusie is dat er geen onoverkomelijke verschillen zijn en dat het maatwerk per medewerker betreft; - P&O adviseurs en leidinggevenden zijn betrokken en geïnformeerd.

Uit verkennende gesprekken binnen Dongen en Oisterwijk is gebleken dat detachering de meest voor de hand liggende optie is om de samenwerking in één team tot stand te brengen. Uiteraard kan een arbeidsvoorwaardenvergelijk gemaakt worden om te bezien of in dienst treden bij Tilburg interessant is, maar dit kan ook in een later stadium. Daarnaast is besproken dat beide medewerkers gekoppeld blijven aan de casuïstiek binnen de huidige gemeente en dus gebruik kunnen blijven maken van hun huidige netwerk. Voor teamzaken en continuïteit wordt de samenwerking op locatie in Tilburg gezocht. Hiervan worden de voordelen duidelijk gezien: collega’s om mee te sparren en ontzorging op het gebied van regelzaken en administratie. Gezien de beperkte omvang van de gevolgen is het voorstel van de werkgroep om met behulp van dit rapport de betrokken ondernemingsraden te informeren. Wanneer er vacatures in het regionale team ontstaan, dan worden deze beschouwd als interne vacature voor medewerkers uit het sociale domein van alle deelnemende gemeenten. Interne kandidaten hebben voorrang ten opzichte van externe kandidaten. Door de Teamleider worden vacatures via de Regiegroep regionaal bekend gemaakt en namens de regio kan/kunnen (een) vertegenwoordiger(s) uit de Regiegroep zitting nemen in de selectiecommissie.

Op deze wijze blijft het team ook op het gebied van personeelszaken verankerd bij alle gemeenten die samenwerken. In Waalwijk zijn de gesprekken in een minder ver gevorderd stadium, aangezien het niet duidelijk is of de gemeente deelneemt in de samenwerking. Intern is er wel over gesproken en detachering ligt het meest voor de hand. Vanuit het perspectief van personeelszaken zijn er geen belemmeringen om het proces te vervolgen.

12

2.6

Financiën

Regionale begroting Op basis van de verzamelde informatie is een jaarbegroting opgesteld, waarbij het kalenderjaar 2021 als uitgangspunt is genomen. Aangezien een groot deel van de kosten bestaat uit formatie, zal de meerjarenbegroting slechts bestaan uit indexering van de onderstaande bedragen. Kosten 2021 Team manager

0,5 fte, schaal 12

€

52.533

Team coördinator Kwaliteitsmed. LPA Administratie

0,5 fte, schaal 11 0,5 fte, schaal 10 15,00 fte, schaal 9 1 fte, schaal 7

€ € € €

46.651 40.883 1.101.195 57.111

Opslag formatie LPA 17,50 fte € 267.348 JVS hele regio € 80.000 Totaal € 1.645.720 *aanname op basis van bekende kosten bij Tilburg

Baten 2021 Gemeentelijke bijdragen RMC kwalificatieplicht regio

€

1.306.760

€

338.960

€

1.645.720

aanname

In bovenstaande begroting is Waalwijk opgenomen. Indien Waalwijk niet deelneemt aan de samenwerking, dan is de begroting in bijlage 5 geldig voor 7 gemeenten. Verdeelsleutel kosten per gemeente en kosten per gemeente Veel gebruikte verdeelsleutels in andere regio’s in Nederland zijn: 1. Percentage inwoners in de leerplichtige leeftijd, een relatief stabiel en goed gedocumenteerd gegeven. 2. Percentage van de leerplichtproblematiek van de regio op basis van artikel 25 LPW, een variabel cijfer afhankelijk van hoeveel problematiek er is. 3. Een combinatie van beide. In onderstaande tabel is te zien hoe de verschillende verdeelsleutels van de kosten in de huidige praktijk zouden uitpakken: Vergelijk verdeelsleutel kosten inwoners/problematiek % LP inwoners % lp problematiek Combi 50/50 Dongen 6,54% 3,64% 5,09% Gilze en Rijen 6,86% 4,96% 5,91% Goirle 6,57% 3,89% 5,23% Hilvarenbeek 3,98% 1,18% 2,58% Loon op Zand 5,67% 4,15% 4,91% Oisterwijk 6,76% 4,45% 5,60% Tilburg 51,70% 70,17% 60,93% Waalwijk 11,91% 7,57% 9,74% Totaal 100% 100% 100%

De meeste rechtlijnige en eerlijke verdeelsleutel is de problematiek van leerplicht. Deze kan vrijwel direct gerelateerd worden aan de inzet van formatie. Gemeenten met meer problematiek betalen een groter aandeel, gemeenten met minder problematiek een kleiner aandeel. In de huidige situatie is echter sprake van ongelijkheid tussen de gemeenten van de administraties en mate van aandacht voor leerplicht, waardoor er niet vanuit kan worden gegaan dat de cijfers geheel vergelijkbaar en betrouwbaar zijn.

13

Het inwonertal is een algemeen geaccepteerde verdeelsleutel. Deze doet echter geen recht aan de verschillen tussen de gemeenten die duidelijk zichtbaar zijn aan de problematiek. Het voorstel van de werkgroep financiën is dan ook een gecombineerde verdeelsleutel voor de periode van 2 jaar. Het betreft een financieel ingroeimodel. Na 2 jaar één regionaal team met één aanpak zijn de cijfers van de problematiek naar verwachting vergelijkbaar en betrouwbaar en kan herijking op de verdeling van de kosten plaatsvinden, telkens vast te leggen voor 2 jaar om jaarlijkse bijstelling van bedragen in de begrotingscyclus van gemeenten te voorkomen. Verdeling kosten over gemeenten en RMC Vanuit de RMC Rijksbijdrage wordt het deel kwalificatieplicht (€338.960) volledig aangewend om een deel van de inzet van het leerplichtteam te bekostigen. Op basis van de 50/50 verdeelsleutel zijn de kosten per gemeente en de formatie leerplichtambtenaar die per gemeente ingezet wordt: Kosten en FTE inzet per gemeente Verdeelsleutel Combi 50/50 FTE LPA* € 66.512 0,76 Dongen € 77.209 0,89 Gilze en Rijen € 68.392 0,79 Goirle € 33.713 0,39 Hilvarenbeek € 64.198 0,74 Loon op Zand € 73.237 0,84 Oisterwijk € 796.237 9,14 Tilburg € 127.261 1,46 Waalwijk € 1.306.760 15,00 Totaal *andere functies werken volledig regionaal

Voor een aantal gemeenten zullen de directe kosten stijgen ten opzichte van nu. Dit heeft een aantal redenen, die per gemeente meer of minder gelden: - De kwaliteit van de dienstverlening gaat omhoog: o In de regio werd in het verleden bij sommige gemeenten te weinig fte ingezet op leerplicht om de problematiek aan te kunnen. Een vergelijk van de huidige fte en de fte benodigd is volgens de richtlijn van Ingrado geeft dit duidelijk weer. De formatie wordt met dit voorstel bij alle gemeenten op peil gebracht. o De in bovenstaande tabel genoemde fte leerplichtambtenaar is alleen met casuïstiek bezig. De LPA is volledig ontzorgd door de aansturing met kennis en kunde, ondersteuning van de regionale administratie, volledige verzorging van jeugdvolgsysteem en rapportage/management informatie. o Tevens zijn geregeld: vervanging bij afwezigheid, doorontwikkeling vakgebied, deskundigheidsbevordering, collegiale consultatie etc. - In bovenstaande gemeentelijke bijdragen zijn de kosten voor gebruik, onderhoud en beheer van het Jeugdvolgsysteem inbegrepen. Eventuele huidige kosten voor software, hardware en beheer voor leerplicht komen te vervallen. Deze bedragen kunnen worden aangewend om het verschil tussen huidige en nieuwe kosten kleiner te maken.

- Kosten voor facilitering die in het regionale team doorbelast worden, staan nu niet onder het kopje ’leerplicht’ in de huidige begroting van de gemeenten. Maar deze kosten komen bij de individuele gemeenten waar de leerplichtambtenaren in dienst zijn in de gemeentelijke begroting wel te vervallen. In de huidige situatie kunnen deze kosten bij de individuele gemeenten wel aanwezig zijn (overhead), maar deze bewegen minder makkelijk mee met het groter/kleiner worden van de

14

totale omvang van de gemeente. Het lijkt daarom op ‘dubbel’ betalen, maar dat is het feitelijk niet. BTW, ondernemerschap en samenwerking leerplicht Indien gekozen wordt voor een samenwerking op basis van mandatering van wettelijke taken van een gemeente naar de faciliterende gemeente, dan dient de faciliterende gemeente BTW te rekenen over de dienstverlening. Bij het beantwoorden van de vraag of de BTW compensabel is, gaat het om of de taken die het RBL uitvoert expliciet gemeentelijke taken zijn. Bij deze samenwerking is onderbouwing mogelijk dat het alleen om uitvoering van wettelijke en preventieve taken in het kader van de leerplicht- en RMC wetgeving gaat. Bij regionale samenwerking leerplicht en RMC elders in Nederland wordt de BTW dan ook volledig gecompenseerd. Een andere situatie ontstaat wanneer het RBL in opdracht van bijvoorbeeld het onderwijs taken gaat uitvoeren. Dan kan de situatie ontstaan dat de opdrachtnemende gemeente voor zowel BTW als VPB als ondernemer wordt gezien voor deze taken, aangezien zij een andere organisatie toebehoren. Het voorkomen van een BTW verrekening kan door het toepassen van het Leerstuk ‘Kosten voor gemene rekening’. Op deze wijze kan voorkomen worden een beroep te doen op het BCF, wat het risico op landelijke overschrijding van het BCF kan beperken.

Afgelopen jaren is echter gebleken dat het plafond niet wordt overschreden, de eisen aan de regeling lastig zijn en extra administratieve last tot gevolg hebben. Het advies is om geen gebruik te maken van deze regeling. 2.7

Juridisch

Benodigde juridische stukken en besluitvorming In voorgaande jaren zijn op het gebied van leerplicht al een aantal besluiten genomen die de regionale samenwerking mede mogelijk maken. In het kader van dit onderzoek zijn zij tegen het licht gehouden en blijken een goede basis om op voort te bouwen. Het gaat om: - Besluitvorming over het toepassen van de BOA bevoegdheden voor de hele regio; - Het mandateren van de leerplichttaken vanuit alle college’s van de regiogemeenten naar o.a. Tilburg (zie bijlage 2 voor mandaattekst) Op basis van de besluitvorming is in de werkgroep juridisch afgestemd dat voor het creëren van een regionaal team leerplicht de volgende stukken nog noodzakelijk zijn: 1. Een aangepast, meer rechtlijnig mandaatbesluit waarin alle leerplichttaken gemandateerd worden aan de gemeente Tilburg. 2. Een juridische verbintenis voor de samenwerking tussen de gemeenten, met daarin afspraken over o.a. de dienstverlening, P&C cyclus en mogelijkheden in- en uittreding. Dit kan een GR of DVO zijn. 3. Een verwerkersovereenkomst: regionaal is afgesproken een afgeleide van het nieuwste model van de IBD toe te passen bij samenwerking. De versie van april 2020 is de meest recente versie. De huidige overeenkomst dient hier op aangepast te worden. De verwerkersovereenkomst kan gedurende de implementatie van de samenwerking (na besluitvorming) aangepast en ondertekend worden.

GR of DVO? De regionale taken worden regionaal belegd bij één faciliterende gemeente die de taken uitvoert: de gemeente Tilburg. Voor de overdracht van (publiekrechtelijke, wettelijke)

15

leerplichttaken zijn er juridisch maar twee opties: dienstverleningsovereenkomst (DVO) en gemeenschappelijke regeling (GR). De voorkeur van de betrokkenen gaat uit naar een DVO. De redenatie hiervoor is mede gebaseerd op de huidige praktische insteek van de leerplichtsamenwerking in Hart van Brabant en de wens om geen complexe nieuwe zaken te gaan regelen. De huidige samenwerkingen op leerplicht zijn gebaseerd op een DVO en eerdere besluitvorming heeft alle leerplichttaken gemandateerd aan Tilburg. Een DVO biedt over het algemeen meer flexibiliteit om de samenwerking te laten ontstaan, met een regeling over in- en uittreden van gemeenten zonder daarmee alle samenwerkende gemeenten met extra besluitvorming te belasten. En de taak leerplicht van de gemeenten is niet groot genoeg qua omvang om een eigen GR voor in te richten, waardoor aansluiten op een andere GR de enige reële optie is. Daarnaast is Tilburg nu al de contactgemeente voor het RMC, en aansluiting van de functies leerplicht en RMC is één van de toegevoegde waardes van de samenwerking. Het uiteindelijke advies is dan ook om een dienstverleningsovereenkomst af te sluiten tussen de samenwerkende gemeenten in de regio Hart van Brabant.

3. Haalbaarheid regionale samenwerking Hart van Brabant In dit hoofdstuk is antwoord gegeven op de onderzoeksvragen. Vervolgens is een conclusie getrokken over de haalbaarheid van de regionale samenwerking leerplicht op basis van het scenario ‘één team, één taak’. 3.1

Beantwoording onderzoeksvragen

1. Welke juridische constructie(s) is of zijn mogelijk voor deze vorm van samenwerking en welke past het beste bij de situatie in onze regio? Het advies is om voort te bouwen op reeds aanwezige samenwerking leerplicht in de regio Hart van Brabant, met als onderlegger de reeds genomen besluiten in 2018 en de reeds aanwezige dienstverleningsovereenkomsten. Voor de regionale samenwerking leerplicht is een aangepast mandaatbesluit en een dienstverleningsovereenkomst in voorbereiding voor besluitvorming in het najaar 2020. Daarnaast wordt de huidige verwerkersovereenkomst uit 2018 geactualiseerd naar het IBD format van april 2020 en vervolgens door de gemeenten ondertekend die gaan samenwerken op het gebied van leerplicht. De werkgroep juridisch en projectgroep hebben het op zich genomen om een concept mandaatbesluit en DVO op te stellen die de gewenste samenwerking zoals vastgelegd in dit rapport mogelijk maakt. 2. Wat vraagt het scenario “één team, één taak” van elk van de betrokken 7 gemeenten qua: a. Personeel b. Financiën c. Organisatorisch Ad a. Personeel: Uitgangspunt is dat de huidige formatie blijft en bij elkaar gebracht wordt in één team. Er is voorkeur uitgesproken om de samenwerking te starten op basis van detachering met zoveel mogelijk behoud van de huidige netwerken en werkomgeving. De verwachting is dat er geen belemmeringen zijn op personeelsvlak.

16

Ad b. Financiën: De grootste kostenpost binnen dit werkveld is formatie. In het onderzoek is de in te zetten regionale formatie bepaald aan de hand van de huidige aanwezige formatie bij de gemeenten, de problematiek, de richtlijn van Ingrado en het geboden dienstverleningsniveau. De inschatting is dat als de huidige bezetting van leerplicht bij elkaar gebracht wordt in één team, de taken uitgevoerd kunnen worden op een kwalitatief hoogwaardig niveau. De kosten voor sommige gemeenten worden in dat geval wat hoger, maar daar staat ook meer kwaliteit en inzet van formatie tegenover. Bij sommige gemeenten is in de huidige situatie sprake van een te lage huidige investering in vergelijking met de aanwezige problematiek. Door inzet van het volledige (rijks)budget voor kwalificatieplicht en een eerlijke verdeelsleutel blijven de bijdragen per gemeente realistisch (zie tabel ‘kosten en inzet fte per gemeente’, blz 14). Ad c. Organisatorisch: Een goede regionale verankering van leerplicht in het sociaal domein ontbreekt nu in de regio. In dit onderzoek is een voorstel gedaan voor borging van de inzet van leerplicht op een gelijkwaardig kwalitatief niveau binnen alle gemeenten en samenwerking in het sociaal domein zowel lokaal als regionaal.

Hiervoor wordt een regiegroep leerplicht (bestaande uit beleidsmedewerkers van de gemeenten) ingericht, die naast de regiegroep RMC (bestaande uit vertegenwoordigers van onderwijs en gemeenten) sturing geeft aan de doorontwikkeling van leerplicht binnen het sociaal domein. 3. Of en hoe kan aan de gestelde voorwaarden (lokale borging en betaalbaarheid) worden voldaan? Lokale borging kan verzorgd worden door de juiste beleidsmatige verankering in het sociaal domein en het lokaal werken met vaste leerplicht contactpersonen in het sociaal domein van de verschillende gemeenten. Door de keuzes voor een eerlijke verdeelsleutel, het werken met een realistische formatie en de inzet van het kwalificatieplicht rijksbudget zijn de aan de gemeenten toe te rekenen kosten op een realistisch niveau gekomen, passend bij wat nodig is voor de problematiek in de gemeenten. De betaalbaarheid van de samenwerking zal echter per gemeente bekeken moeten worden. 4. Het overgrote deel van de betrokken uitvoerende medewerkers is in dienst van Tilburg. Daarnaast worden regionaal al een aantal taken vanuit Tilburg uitgevoerd. Er vanuit gaande dat de regionale samenwerking plaatsvindt vanuit Tilburg: wat betekent het scenario voor het team Leerplicht / RMC in Tilburg? Hierbij gaat het o.a. om beheersmatige aspecten als capaciteit, aansturing, werkplekken, governance, te voeren overleg met de regio etc.

De impact op het uitvoerende deel van het team (leerplicht, administratie, kwaliteitsmedewerker) is gering aangezien veel leerplichttaken al samen uitgevoerd worden en de uitgekristalliseerde werkwijze van het huidige team blijft. Voor management en beleid zijn de veranderingen groter: de binding met en verantwoording aan de regiogemeenten neemt toe. Voor het bepalen van het beleid (bijvoorbeeld op het gebied van thuiszitters), maken van afspraken met partners, invulling van vacatures, aanpassen van taakverdelingen in het team etc zal eerst regionaal afgestemd moeten worden voordat stappen gezet worden. Het is aan de managers en betrokken beleidsmedewerkers om een goede samenwerkingscultuur op te bouwen voor snelle en concrete regionale afstemming. De Tilburgse cultuur kenmerkt zich soms door ‘snel intern schakelen’ en dat zal in de regionale samenwerking op een andere manier tot uiting komen. Positief is hierbij dat de structurele doorontwikkeling van leerplicht in het sociaal domein in de regio Hart van Brabant beter tot zijn recht komt.

17

5. Op welke termijn en langs welke paden kan het scenario geïmplementeerd worden? Hoe verlopen dan de rapportage en communicatielijnen voor de vakgebieden leerplicht en RMC in de regio Hart van Brabant dan? De implementatie van het scenario kan in 2-3 maanden na besluitvorming. Als duidelijk is welke gemeenten deelnemen dan zijn er geen beletsels om snel te starten. Voor implementatie van het scenario wordt verwezen naar hoofdstuk 4. De rapportage en communicatielijnen zijn samengevat in een model op bladzijde 9 van dit rapport. 6. Mocht de gemeente Waalwijk (of een andere gemeente) in de toekomst willen aansluiten bij het leerplichtteam Hart van Brabant, is dit dan mogelijk en zo ja, welke stappen dienen dan doorlopen te worden? Dit rapport voorziet in een uitwerking met en zonder Waalwijk. Voor Waalwijk geldt dezelfde uitwerking van de samenwerking als voor de andere gemeenten. Indien een gemeente, bijvoorbeeld Waalwijk, later wenst aan te sluiten bij de regionale samenwerking leerplicht, dan wordt met die gemeente dezelfde dienstverleningsovereenkomst met identieke afspraken voor alle gemeenten afgesloten en wordt de gemeentelijke bijdrage op identieke wijze berekent als in dit rapport. Voordat een gemeente toetreedt tot de samenwerking wordt regionaal afgestemd volgens het schema op bladzijde 9 of er geen grote bezwaren zijn voor de toetreding.

Vervolgens zal de toetredende gemeente en mandaatbesluit dienen te nemen, de DVO met Tilburg afsluiten en de regionale verwerkersovereenkomst ondertekenen. 3.2

Conclusie haalbaarheid regionale samenwerking leerplicht

Inhoudelijk, organisatorisch, personeel technisch en juridisch zijn er geen belemmeringen om de regionale samenwerking leerplicht te laten ontstaan. De haalbaarheid zal zich toespitsen op financiën en de toegevoegde waarde van de samenwerking. Voor sommige gemeenten zullen de kosten toenemen. Dit is echter sterk te onderbouwen door toename van kwaliteit van dienstverlening, inzet van fte op basis van de aanwezige problematiek in de gemeente, professionalisering en verbeteringen op het gebied van continuïteit en beschikbaarheid van leerplicht. Daarnaast ontstaat er meer rechtsgelijkheid onder ouders, kinderen en jongeren die op dezelfde school zitten en kunnen regionale partners vanuit één team regionaal bediend worden (wat veel efficiënter is). Op basis van deze toegevoegde waarde zou de samenwerking financieel haalbaar moeten zijn.

4. Implementatie regionale samenwerking leerplicht In dit hoofdstuk is beschreven welke stappen er genomen dienen te worden om de regionale samenwerking leerplicht werkelijkheid te maken. 4.1

Besluitvorming: najaar 2020

Na regionale bespreking en afstemming (zie paragraaf 1.2 op bladzijde 4) worden het rapport en bijbehorende stukken aangeboden ter besluitvorming aan de gemeenten. Aangezien het mandatering van taken betreft, is het college beslissingsbevoegd. Alleen bij begrotingswijzigingen dient rekening te worden gehouden met een Raadsbesluit. Voor besluitvorming bij alle gemeenten moet rekening worden gehouden met een doorlooptijd van 2 maanden. 4.2

Implementatie regionaal team: eerste helft 2021

Na besluitvorming bij de individuele gemeenten is duidelijk welke gemeenten definitief meedoen in de samenwerking. Gezien de geringe personele consequenties en de al staande

18

regionale taakuitvoering, kent de implementatie een relatief korte doorlooptijd. Na besluitvorming kan binnen 2-3 maanden gestart worden met de gezamenlijke taakuitvoering. Op zijn snelst kan de volledige samenwerking per 1-1-2021 werken, maar 1-4-2021 is een meer realistische planning. Tijdens de implementatie zullen personele consequenties uitgewerkt moeten worden, werkwijzen op elkaar afgestemd worden, en enkele randvoorwaarden geregeld worden (zoals gegevensstromen (BRP, DUO, SUWI) routeren naar de nieuwe situatie).

19

Bijlage 1: Deelnemers projectgroep en werkgroepen

Werkgroep Financiën Ine Smulders Jaap Maas Lesley Middelkoop Lazlo van Donkelaar

i.smulders@loonopzand.nl jaap.maas@dongen.nl lesley.middelkoop@tilburg.nl lazlo@densa.nl

06-23940017 06-27182228 06-11058902 06-25090747

Werkgroep Juridisch Leendert Tegelaar Marly Verbruggen - Selders Anne Jonkers Jan- Willem van Oorschot Lazlo van Donkelaar

l.tegelaar@loonopzand.nl marly.verbruggen-selders@dongen.nl anne.jonkers@tilburg.nl janwillemvanoorschot@abg.nl lazlo@densa.nl

06-51640269 06-29501647 06-51716378 088-3821492 06-25090747

Werkgroep Personeel Marly Verbruggen - Selders Jorieke Nyst Michel Brouwer Jack Wijffels Lazlo van Donkelaar

marly.verbruggen-selders@dongen.nl Jorieke.Nyst@oisterwijk.nl mbrouwer@waalwijk.nl jack.wijffels@tilburg.nl lazlo@densa.nl

06-29501647 013-5291311 06-15410858 06-5275844 06-25090747

Projectgroep Lazlo van Donkelaar Renske Zebregs Harry van der Moolen Bianca Bijl Miranda Groot/Elisabeth Scholt

lazlo@densa.nl renske.zebregs@goirle.nl harry.van.der.moolen@dongen.nl bianca.bijl@tilburg.nl miranda.groot@tilburg.nl elisabeth.scholt@tilburg.nl

20

06-25090747 013-5310594 06-29036660 06-25730540 06-10882421 06-80098289

Bijlage 2: Tekst mandaatbesluiten leerplicht, april 2018

MANDAATBESLUIT LEERPLICHT EN RMC, Regio Tilburg Het college van burgemeester en wethouders, de burgemeester, ieder voor zover het de eigen bevoegdheid betreft;

-

-

-

-

Overwegende dat: dat de gemeenten in de regio Tilburg zich gezamenlijk verantwoordelijk achten voor een efficiënte en uniforme uitvoering van de uit de Leerplichtwet 1969 voortvloeiende taken en deze door samenwerking voortdurend verder willen professionaliseren en verbeteren; de Colleges van de gemeenten in de regio Tilburg haar bevoegdheden in het kader van de leerplicht en RMC wetgeving aan elkaar wensen te mandateren waardoor iedere gemeente deze bevoegdheden binnen de andere aan deze overeenkomst deelnemende gemeenten kan uitoefenen. Hiermee wordt bereikt dat de aanpak van schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten op regionaal werkende scholen effectief kan worden vormgegeven; de regio Tilburg bestaat uit de gemeenten Dongen, Gilze en Rijen, Goirle, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Oisterwijk, Tilburg en Waalwijk; Gelet op: artikel 10:3, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht; de Leerplichtwet 1969; de Wet van 6 december 2001 tot wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet educatie en beroepsonderwijs en de Wet op de expertisecentra in verband met de invoering van de verplichting voor het bevoegd gezag tot het melden van voortijdige schoolverlaters die niet meer leerplichtig zijn, alsmede van de verantwoordelijkheid van de gemeente voor het bestrijden van voortijdig schoolverlaten (regels inzake regionale melden coördinatiefunctie voortijdig schoolverlaten);

BESLUIT: I.

De bevoegdheden uit de Leerplichtwet 1969, zoals genoemd in de artikelen 3a, 3b, 3c, 5, 5a, 6, 7, 11, 15, 18 19, 21, 21a, 21b, 22, 23 en 25 en de uitvoeringstaken voortvloeiend uit de regels inzake Regionale Meld- en Coördinatiefunctie, per 1 mei 2018 op te dragen aan het college van burgemeester en wethouders respectievelijk de burgemeester van Dongen, Gilze Rijen, Goirle, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Oisterwijk, Tilburg en Waalwijk, ieder voor zover bevoegd, met dien verstande deze bestuursorganen van de gemeente Dongen, Gilze Rijen, Goirle, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Oisterwijk, Tilburg en Waalwijk op hun beurt ondermandaat kunnen verlenen aan haar medewerkers;

II. De bevoegdheden uit de Leerplichtwet 1969, zoals genoemd in artikel 16, per 1 mei 2018 op te dragen aan het college van burgemeester en wethouders respectievelijk de burgemeester van Tilburg, ieder voor zover bevoegd; III. ten aanzien van de uitoefening van de bevoegdheid, de volgende voorschriften vast te stellen. Artikel 1 1. Bij de uitoefening van de bevoegdheid wordt het daaromtrent gestelde bij of krachtens wetten, besluiten, verordeningen, circulaires, regelingen, aanwijzingen en richtlijnen van rijks- of provinciale en gemeentelijke wetgevers of bestuursorganen in acht genomen.

21

2. Ingeval van afwezigheid van de gemandateerde worden deze bevoegdheden uitgeoefend door zijn aangewezen plaatsvervanger.

Artikel 2 Indien bij het namens burgemeester en wethouders te nemen besluit het beleid van dezen is betrokken, legt de gemandateerde of ondergemandateerde de zaak ter verdere besluitvorming aan het college van burgemeester en wethouders voor: a. indien het voornemen bestaat tot aanvulling of afwijking van het tot dan gevoerde beleid; b. indien er rekening mee gehouden moet worden dat het college op zijn of haar verantwoordelijkheid voor het te nemen besluit zal worden aangesproken; c. indien uit het te nemen besluit niet voorziene financiële verplichtingen of andere belangrijke consequenties kunnen voortvloeien. Artikel 3 Bij de uitoefening van de bevoegdheid namens burgemeester en wethouders van de gemeente X, worden uitgaande stukken als volgt ondertekend: "burgemeester en wethouders van de gemeente X, namens dezen", gevolgd door de handtekening van de (onder)gemandateerde, zijn naam en de functienaam. Artikel 4 Op nader gezamenlijk te bepalen wijze doet de gemandateerde aan burgemeester en wethouders van de gemeente <naam gemeente> verslag van de wijze waarop gebruik is gemaakt van de gemandateerde bevoegdheid.

Artikel 5 Dit besluit kan worden aangehaald als "Mandaatbesluit Leerplicht en RMC gemeenten regio Tilburg, gemeente <naam gemeente>". Aldus opgemaakt en rechtsgeldig ondertekend te <naam gemeente> op <datum> Burgemeester en wethouders van <naam gemeente>

De secretaris,

de burgemeester,

………………..

…………………

De burgemeester van <naam gemeente>

………………………

22

Bijlage 3: Cijferbijlage Aantal inwoners per gemeente per 1-1-2020: Inwoners HvB per 1-1-2020 (Bron: CBS statline) 5 t/m 15

16-17

tot lp

%

18-22

%

Dongen

2966

673

3639

6,54%

1494

5,16%

5 t/m 22 5133

% 6,07%

inwoners 26222

6,39%

Gilze en Rijen

3158

656

3814

6,86%

1529

5,28%

5343

6,32%

26431

6,44%

Goirle

3123

533

3656

6,57%

1231

4,25%

4887

5,78%

23904

5,83%

Hilvarenbeek

1819

397

2216

3,98%

886

3,06%

3102

3,67%

15518

3,78%

Loon op Zand

2553

603

3156

5,67%

1253

4,32%

4409

5,21%

23408

5,71%

Oisterwijk

3084

678

3762

6,76%

1510

5,21%

5272

6,23%

26245

6,40%

Tilburg

24000

4753

28753

51,70%

18448

63,66%

47201

55,79%

219789

53,59%

Waalwijk

5530

1094

6624

11,91%

2628

9,07%

9252

10,94%

48637

11,86%

Totaal

46233

9387

55620

100%

28979

100%

84599

100%

410154

100%

Bron: CBS statline, bevolking per 1-1-2020 Cijfers casuïstiek leerplicht, cijfers jaarverslag per 31-7-2019: Curatieve caseload

AV

RV

Vrijstelling

Caseload art 25

Dongen*

33

55

11

99

Gilze en Rijen*

33

89

13

135

Goirle

12

84

10

106

Hilvarenbeek**

0

32

0

32

Loon op Zand

29

73

11

113

Oisterwijk**

9

107

5

121

Tilburg*

125

1658

127

1910

Waalwijk**

9

174

23

206

250

2272

200

2722

Totaal

*Curatieve caseload = absoluut verzuim, relatief verzuim, vrijstellingen DUO VSV cijfers afgelopen 3 schooljaren (Bron: DUO, juni 2020): VSV DUO HvB

2016-2017

gemeente

dln

2017-2018

vsv

vsv%

vsv

vsv%

2163

33

1,53%

2129

38

1,78%

Gilze en Rijen

2177

30

Goirle

1789

29

1,38%

2164

37

1,62%

1822

32

Hilvarenbeek

1369

8

0,58%

1336

Loon op Zand

1879

27

1,44%

Oisterwijk

2173

32

Tilburg

15501

Waalwijk

3639

Dongen

Totaal

vsv

vsv%

2061

39

1,89%

1,71%

2108

34

1,61%

1,76%

1848

35

1,89%

11

0,82%

1343

10

0,74%

1857

31

1,67%

1813

27

1,49%

1,47%

2160

41

1,90%

2165

62

2,86%

439

2,83%

15425

409

2,65%

15367

406

2,64%

60

1,65%

3618

91

2,52%

3582

77

2,15%

30690 658 2,14%

dln

2018-2019

30511 690 2,26%

23

dln

30287 690 2,28%

Financiële achtergrond begroting: Rekeneenheden begroting werkgeverslasten per fte (CAR 2020) schaal 6/11 schaal 7/11 schaal 9/11 schaal 10/11 schaal 11/11 schaal 12/11 opslag facilitering (zie toelichting) effect uren

Variabele kosten per fte t.b.v. externe tarieven

€ € € € € €

52.156 57.111 73.413 81.766 93.301 105.065

€

15.277 1.410

per fte werkplek Regionale samenwerking leerplicht

ovt

€ 1.069

€ 1.069

ov sal componenten

€ 1.202

€ 1.202

reis en verblijfkosten

€ 217

€ 217

vergaderkosten

€ 28

€ 28

representatiekosten

€ 44

€ 44

afdelingsuitstapje

€ 104

€ 104

overige afdelingskosten

€ 188

€ 188

algemene personele uitgaven

€ 489

€ 489

€ 1.377

€ 1.377

overhead financien

€ 147

€ 147

overhead juridisch

€ 205

€ 205

overhead beheer en service werkplek

€ 986 werkplek

overhead kosten werkplek

€ 950 werkplek

overhead personeel & organisatie

overhead huisvesting overhead beheer en service harden software overhead kosten hard- en software

€ 4.341 werkplek

€ 2.986 werkplek € 2.795 werkplek

50%, leerplicht werkt op scholen € 493 en in de regiogemeenten 50%, leerplicht werkt op scholen € 475 en in de regiogemeenten 50%, leerplicht werkt op scholen € 2.170 en in de regiogemeenten leerplicht werkt op afstand op € 2.986 scholen en in de regiogemeenten leerplicht werkt op afstand op € 2.795 scholen en in de regiogemeenten

Leidinggevende (schaal 13, 1:15) Secretaresse (schaal 7, 8 uur per manager)

€ 7.686 € 926

Leidinggevenden zitten in de € 0 regionale begroting Ondersteuning zit in de regionale € 0 begroting

Risico-opslag

€ 1.287

Ziektekosten en WW risico voor € 1.287 rekening van Tilburg

Rente-opslag

€ 1.436

€0

24

Opslag variabele kosten incl. werkplek Opslag variabele kosten excl. werkplek Beschikking OCW RMC vast voet RMC overige Kwalificatieplicht deel RMC uitkering Totaal

Bij een schaal 9 betekent dit € 15.277 20,,8% opslag op werkgeverslasten

€ 28.500 € 16.442

€ €

252.910 216.083

€ 338.960 € 807.953

25

Bijlage 4: Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS) De Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS) is in 2017 in gebruik genomen en sindsdien regelmatig geactualiseerd. Deze integrale aanpak van schoolverzuim beschrijft vier routes met als doel het verzuim te stoppen. De aanpak is licht waar het kan en zwaarder waar nodig. Een effectieve aanpak van schoolverzuim vraagt om samenwerking van de ketenpartners, zeker als er sprake is van achterliggende problematiek. Bij het ontwikkelen zijn daarom alle partners betrokken geweest: Ingrado (brancheorganisatie voor leerplicht/RMC), Raad voor de Kinderbescherming, Halt en het Openbaar Ministerie. De VNG deelt de visie en aanpak. Zie voor de meest actuele versie van de MAS, relevante documenten én een kort introductiefilmpje: https://www.ingrado.nl/onderwerp/methodische_aanpak_schoolverzuim_mas

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://raad.goirle.nl/api/v1/meetings/1188/documents/20683