CConstaterende datGoes
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 7b - Quickscan Flora en Fauna aanvullende scope

Besluitvormende raad 9 juli 2026, gemeente GoesBij agendapunt: Omgevingsplan ADRZ Goes12.220 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Quickscan Fysieke Leefomgeving NATUUR ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes Kadastraal perceel Gemeente Goes, GOE00-V-658, 794, 615

Omgevingswet, Besluit activiteit leefomgeving Omgevingsverordening en- visie Provincie Zeeland Omgevingsplan Gemeente Goes

Veldbiologische Werken Ecologisch onderzoek en advies VBW r 2025-509 r

Inhoudsopgave

Opdrachtgever

ADRZ ’s-Gravenpolderseweg 114 4462 RA GOES

Locatieonderzoek

E. den Deurwaarder

Datum uitvoering locatieonderzoek

4 september 2025

Rapportage

E. den Deurwaarder

Status rapportage

versie 2.1

Datum rapportage

6 november 2025, aangepast 10 december 2025

Rapportnummer

VBW r 2025-509 r

Aantal pagina’s

38 (inclusief bijlagen)

Foto’s/Afbeeldingen

E. den Deurwaarder

2de Lezing

R. van Ast

Rapportage citeren

QUICKSCAN FYSIEKE LEEFOMGEVING - NATUUR ’S-GRAVENPOLDERSEWEG 114, 4462 RA GOES RAPPORT VBW R 2025-509 R VELDBIOLOGISCHE WERKEN, ROOSENDAAL

Administratieve bedrijfsinformatie Veldbiologische Werken vof Contactpersoon

Coen Knotters (ing. J.C. Knotters)

Adres

Nieuwe Markt 65 C, 4701 AD ROOSENDAAL

Mobiel:

06-20431422

Email:

info@veldbiologischewerken.eu

http:

www.veldbiologischewerken.eu

BTW-nummer:

NL863126182B01

KVK-nummer:

84188812

Veldbiologische Werken is een ecologisch onderzoeks - en adviesbureau dat werkt conform de werkwijzen welke voorgeschreven worden in Kennisdocumenten, Soortenprotocollen en onderzoeksrichtlijnen Netwerk Groene Bureaus. Veldbiologische Werken werkt objectief en consequent, is natuurlijk praktisch en pragmatisch met oog voor communicatie en educatie ten behoeve van bescherming, behoud, beheer en ontwikkeling van onze levende natuur. Ondanks de zorgvuldigheid waarmee dit rapport is samengesteld, zijn Veldbiologische Werken V.O.F. en de auteurs niet aansprakelijk voor eventuele fouten of onvolkomenheden en eventueel daaruit voortvloeiende schade.

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quickscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

2 van 38

Inhoudsopgave

1

2

Inleiding ............................................................................................................................... 4 1.1

Aanleiding Quickscan Fysieke Leefomgeving - Natuur...................................................... 4

1.2

Voorgenomen ingreep plangebied: Activiteit flora en fauna ............................................ 4

1.3

Doel Quickscan Fysieke Leefomgeving - Natuur .............................................................. 5

Wettelijk kader .................................................................................................................... 6 2.1

Omgevingswet .............................................................................................................. 6

2.2

Beschermde gebieden ................................................................................................... 6

2.3

Soortenbescherming ..................................................................................................... 7

3

Methoden van onderzoek ..................................................................................................... 8

4

Plangebied ........................................................................................................................... 9

5

6

7

4.1

Ligging plangebied ........................................................................................................ 9

4.2

Habitats – leefgebieden binnen en/of nabij plangebied ..................................................14

Beschermde planten- en diersoorten ...................................................................................17 5.1

Vaatplanten .................................................................................................................17

5.2

Zoogdieren ..................................................................................................................18

5.3

Vogels .........................................................................................................................22

5.4

Reptielen .....................................................................................................................29

5.5

Vissen en Amfibieën .....................................................................................................29

5.6

Libellen en vlinders ......................................................................................................30

5.7

Overige ongewervelden ...............................................................................................31

5.8

Exoten .........................................................................................................................31

5.9

Gebiedsbescherming ....................................................................................................31

5.10

Houtopstand, te kappen bomen, struweel .....................................................................32

Aanbevelingen ....................................................................................................................33 6.1

Resultaten toetsing omgevingsloket ..............................................................................33

6.2

Resultaten Gebiedsbescherming ...................................................................................33

6.3

Resultaten Soortenbescherming ...................................................................................33

6.4

Passende preventieve maatregelen...............................................................................34

6.5

Vergunning verkrijgen activiteit flora en fauna ...............................................................34

Literatuur en bronnen .........................................................................................................35 7.1

Literatuur / Bronnen ....................................................................................................35

Bijlage 1 - Wettelijk kader ............................................................................................................36 Bijlage 2 - Weerrapport ...............................................................................................................38

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

3 van 38

1

Inleiding

1.1

Aanleiding Quickscan Fysieke Leefomgeving - Natuur

Veldbiologische Werken VOF heeft van het Admiraal de Ruyter Ziekenhuis (ADRZ) opdracht ontvangen voor het uitvoeren van een Quickscan Omgevingswet fysieke leefomgeving - natuur binnen het plangebied aan de ’s-Gravenpolderseweg 114 te Goes. Het betreft een aanvullende scope, waardoor onderliggende quickscan en de eerder opgestelde quickscan met rapportnummer “VBW c 2025-074 r” samen, dekkend zijn voor het gehele plangebied, zie kaart 1. Na realisatie van de nieuwsbouw van het ziekenhuis zal het plangebied uiteindelijk (deels) omgevormd worden tot gezondheidspark. Voor het zover is zal binnen de aanvullende scope het bestaande ziekenhuis worden gesloopt en het terrein ingericht worden met parkeergelegenheid en groenvoorzieningen. Voor het aspect Fysieke leefomgeving – natuur dient formeel aangetoond te worden dat er met de activiteit geen beschermde natuur en/of flora en fauna wordt geschaad of gedood. Indien beschermde soorten aanwezig zijn, dient nader onderzoek plaats te vinden naar de functionaliteit van het plangebied voor deze soorten, aan de hand van de uitkomsten kan het nodig zijn om hiervoor een vergunning Omgevingswet van de Provincie Zeeland te verkrijgen. Om aantoonbaar te maken of in plangebied beschermde flora- en fauna aanwezig is of mogelijk aanwezig kan zijn, is deze Quickscan een verkennend onderzoek.

Met deze Quickscan wordt tevens een advies gegeven ten aanzien van ecologisch waardevolle componenten in het plangebied en mogelijkheden om deze te consolideren en te versterken in de uitvoering van nieuwe plannen. 1.2

Voorgenomen ingreep plangebied: Activiteit flora en fauna

In het plangebied aan de ’s-Gravenpolderseweg 114 te Goes is de initiatiefnemer van plan om de volgende ingrepen uit te voeren, het betreffen puntsgewijs: 1. 2. 3. 4.

Sloop huidige bebouwing Saneren grond Aanleg parkeergelegenheid Aanleg gezondheidspark

Afbeelding 1: Vooraanzicht ziekenhuis Admiraal de Ruyter (ADRZ) te Goes . [Bron: google.nl]

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

4 van 38

1.3

Doel Quickscan Fysieke Leefomgeving - Natuur

Voor activiteiten, zoals de initiatiefnemer in het plangebied voornemens is, dient conform Nationale en Europese wet- en regelgeving eerst onderzoek gedaan te worden naar aanwezigheid of potentiële aanwezigheid van beschermde flora en fauna. Hiervoor is deze Quickscan Natuur uitgevoerd. De Quickscan bestaat uit een bronneninventarisatie en locatieonderzoek naar aanwezigheid of potentiële aanwezigheid van beschermde flora en fauna - soorten. Voor de volledigheid wordt de Omgevingswet en/of Omgevingsvisie en -verordening Provincie Zeeland getoetst. Indien beschermde flora en fauna aanwezig is, of in potentie aanwezig kan zijn, is verdiepend onderzoek nodig naar mogelijk negatieve effecten van de voorgenomen activiteiten op deze soorten (verstorings /verslechteringstoets). Tevens wordt dan onderzocht of de voorgenomen activiteiten mogelijke overtreding van de Omgevingswet en Omgevingsvisie en -verordening Provincie Zeeland (natuurregels Zeeland) inhouden. Ook wordt onderzocht welke mitigerende en/of compenserende maatregelen mogelijk zijn. De Quickscan kan tevens aanleiding zijn voor verdiepend onderzoek naar (functioneel gebruik van) soorten. Tijdens het uitvoeren van de Quickscan wordt ook nagegaan of er negatieve effecten op nabijgelegen beschermde gebieden zijn dan wel dat nadere toetsing in dit kader nodig is.

Kaart 1: Kadastrale kaart plangebied scope II (roze profiel). En plangebied scope I (helderblauwe kader). Kadastraal perceel deels: GOE00-V-793, GOE00-V-794 [BRON: PDOK.nl]

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

5 van 38

2

Wettelijk kader

2.1

Omgevingswet

Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet ingegaan. Deze wet bundelt veel verschillende wetten betreffende de leefomgeving. Voor het aspect natuur toetst Veldbiologische Werken de kerninstrumenten van rijk, provincie, gemeente en indien nodig van het waterschap van het gebied waarbinnen het plangebied gesitueerd is. De volgende kerninstrumenten worden getoetst in het kader van Natuur en worden verwerkt in het bureauonderzoek voor deze Quickscan Fysieke Leefomgeving – Natuur. Niet alle instanties hebben alle documentatie gereed, zij hebben nog tot 2030 de tijd om deze in te vullen, maar daar waar ze voorhanden zijn, worden deze meegenomen in het bureauonderzoek voor deze Quickscan. 2.2

Beschermde gebieden

Natura-2000 Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. In deze Natura 2000gebieden worden bepaalde dieren, planten en hun natuurlijke leefomgeving beschermd om de biodiversiteit (soortenrijkdom) te behouden. Deze richtlijnen bestaan uit twee delen: soortenbescherming en gebiedsbescherming. Alle EU-lidstaten wijzen beschermde gebieden aan voor specifieke (leefgebieden van) (vogel-)soorten. De onder beide richtlijnen aangewezen beschermde gebieden vormen het Natura 2000-netwerk. Specifieke leefgebieden voor specifieke soorten worden beschermd in de Habitatrichtlijn en vogelsoorten worden beschermd in de Vogelrichtlijn. NatuurNetwerk Zeeland Voor de Provincie Zeeland geldt het NatuurNetwerk Zeeland (NNZ) en is onderdeel van het NatuurNetwerk Nederland. Het is een netwerk van deels bestaande en deels nieuwe natuurgebieden die door ecologische verbindingszones met elkaar verbonden zijn. Hierdoor kunnen dieren zich makkelijker verplaatsen tussen verschillende natuurgebieden. Zo wordt de biodiversiteit (het totaal aan planten en dieren) bevorderd. Ter realisatie van ecologische verbindingen zijn planologisch beschermde gebieden aangewezen en vervat in het NatuurNetwerk Nederland – NNN (voorheen de Ecologische Hoofdstructuur (EHS).

Dit NatuurNetwerk Nederland bestaat uit een netwerk van natuurgebieden en ecologische verbindingszones, net zoals het NatuurNetwerk Zeeland. Dit netwerk van verbindingszones mag niet door een ingreep worden aangetast. Effecten van een geplande ingreep of activiteit binnen het NatuurNetwerk moeten worden getoetst. Ten aanzien van invulling van het NatuurNetwerk bestaat er een rijksdeel en een provinciaal deel. De Provincie waarin het plangebied valt is het bevoegd gezag. Vaak is samen met het NatuurNetwerk ook de stikstofbelasting voor een bepaald gebied in kaart gebracht. Opgemerkt moet worden dat Veldbiologische Werken de stikstofberekening niet heeft betrokken in de uitvoering van deze Quickscan tenzij anders wordt aangegeven. Gezonde Zeeuwse Natuur Binnen de Provincie Zeeland liggen de doelstellingen voor een gezonde natuur op schema; de doelstellingen voor een gezonde natuur heeft de Provincie Zeeland met name uitgewerkt in de natuurherstelmaatregelen volgens het Programma Natuur; in het NatuurNetwerk Zeeland (af te ronden in 2027); groenblauwe dooradering in het landschap; het maken van een analyse van de doelen Natura-2000 gebieden; Zeeuwse Bosvisie en het Zeeuws deltaplan ‘Zoet water’. In de toetsing van het plangebied is een check uitgevoerd ten aanzien van bovenstaande documentatie.

Zo is ook getoetst of het plangebied binnen het invloedgebied ligt van duisternisgebied of stiltegebied, ganzenrustgebied of zwerfgebied voor damherten.

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

6 van 38

2.3

Soortenbescherming

In de Omgevingswet staan verbodsbepalingen. Zo zijn activiteiten die schadelijk zijn voor beschermde dier- en plantsoorten verboden. Ten opzichte van de voormalige Flora- en faunawet is dus nauwelijks sprake van een wijziging in verboden activiteiten. Wel zijn enkele definities uit de Flora- en faunawet aangepast. Zo is ‘onopzettelijk verstoren’ niet meer strafbaar en is ‘opzettelijk verstoren van vogels’ in bepaalde situaties toegestaan. Let wel! Verstoren zonder voorafgaand goed onderzoek naar beschermde soorten, blijft strafbaar! Omgevingsverordening Zeeland 1 Het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder g, van de wet, en artikel 11.54, eerste lid, van het besluit activiteiten leefomgeving, geldt niet voor de in bijlage VIII genoemde soorten bij het verrichten van een activiteit in verband met: a. b. c. d. e.

de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden of van kleinschalige bouwactiviteiten, met inbegrip van het daaropvolgende gebruik van het gebied of het gebouwde; bestendig beheer of onderhoud in de landbouw of bosbouw; bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen, spoorwegen of bermen, of in het kader van natuurbeheer; bestendig beheer of onderhoud van de landschappelijke kwaliteiten van een bepaald gebied; of bestendig gebruik.

2 Het eerste lid geldt alleen voor het verrichten van een activiteit die niet al vergunning vrij is op grond van een bij ministeriële regeling aangewezen gedragscode, bedoeld in artikel 11.59, van het Besluit activiteiten leefomgeving. Soorten als bedoeld in artikel 2.152 zijn: • • • • • • • • • • • • • • • • • • •

Aardmuis; Bastaardkikker/middelste groene kikker; Bosmuis; Bruine kikker; Dwergmuis; Dwergspitsmuis; Egel; Gewone bosspitsmuis; Gewone pad; Huisspitsmuis; Kleine watersalamander; Meerkikker; Ondergrondse woelmuis; Ree; Rosse woelmuis; Tweekleurige bosspitsmuis; Veldmuis; Vos; Woelrat.

In bijlage 1 vindt u een uitgebreide uitleg over de Omgevingswet.

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

7 van 38

3

Methoden van onderzoek

Op 4 september 2025 is het plangebied gelegen aan de ’s-Gravenpolderseweg 114 te Goes door een ecoloog van Veldbiologische Werken VOF onderzocht. Weercondities waren gunstig (weerrapport zie Bijlage 2). Op deze datum is het gehele plangebied onderzocht in het kader van deze Quickscan. De volgende materialen (standaard aanwezig bij uitvoeren veldonderzoek Quickscan Omgevingswet Fysieke Leefomgeving – Natuur: te gebruiken indien wenselijk) en methoden van onderzoek/werkwijzen zijn gebruikt: ✓ Inventarisatie te velde van de in het plangebied voorkomende ruimtelijke structuren en ecotopen met behulp van (indien noodzakelijk): ✓ verrekijker; ✓ zaklamp; ✓ endoscoop/holtecamera/spouwcamera; ✓ warmtebeeldcamera; ✓ spiegelstok (voor zicht in/achter holtes); ✓ fotocamera; x verzamelpotjes (voor samples ter nadere determinatie van faeces o.a. muizen/vleermuizen); x bat-detector (Petterson D400 hetrodyne met time expansion). ✓ Samples/laboratorium determinaties: x Determinaties faeces (o.a. muizen/vleermuizen) uit samples m.b.v. Euromex binoculair.

x Indien gewenst via e-DNA bemonstering ✓ Literatuuronderzoek/bronnenonderzoek: ✓ Check van (recente) waarnemingen van beschermde flora en fauna in de omgeving van het plangebied met behulp van de NDFF-ecogrid.nl of Quickscanhulp/BeSI; ✓ Check van (recente) waarnemingen vermeldt in verspreidingsatlassen; ✓ Check van (recente) waarnemingen op websites. ✓ Onderzoek ligging plangebied ten opzichte van nabijgelegen beschermde gebieden, zoals Natura 2000, NatuurNetwerk Nederland (voorheen Ecologische Hoofdstructuur) en Gebiedsprofielen. ✓ Aanwezigheid van (nabije) beschermde landschappen, nationale parken, Natura-2000 gebied, Nederlands NatuurNetwerk, Gebiedsprofielen worden meegenomen in de veldinventarisatie indien nodig, zodat kernkwaliteiten van het plangebied kunnen worden meegewogen ✓ De Flora- en fauna activiteit is getoetst aan de Omgevingsverordening en -plan Provincie Zeeland. ✓ De Flora- en fauna activiteit is getoetst aan de Omgevingsplan van de Gemeente Goes. ✓ Naar aanleiding van de inventarisatie te velde en het literatuur/bronnenonderzoek is een inschatting gemaakt van het (mogelijke) voorkomen van beschermde flora en fauna en de (mogelijke) functies voor deze in het plangebied. ✓ Op basis van deze voorgenomen ingreep is een inschatting gemaakt van de (redelijkerwijs) te verwachten negatieve effecten op de (potentieel) aanwezige beschermde soorten en functies.

✓ Mogelijke negatieve effecten zijn getoetst aan de Omgevingswet. ✓ Vaststellen leemtes/onduidelijkheden. Hiermee is bepaald of negatieve effecten op beschermde gebieden op voorhand zijn uit te sluiten of dat nog een aanvullende toetsing noodzakelijk is.

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

8 van 38

4

Plangebied

4.1

Ligging plangebied

De ’s-Gravenpolderseweg ligt noord-zuid georienteerd in het oostelijke deel van Goes. Daar vormt de ’s-Gravenpolderseweg een drukke rondweg met in het zuiden de ’sGravenpoldersestraat en de Goesestraatweg die de plaats ’s-Gravenplolder verbindt met de stad Goes (Knp Goes-Zuid). En met de aansluiting van de Nansenbaan die zich ten westen met de ’s-Gravenpolderseweg verbindt; een drukke aanrij route richting het centrum van Goes. Met de komst van recente nieuwbouwwijken aan de westzijde van de ’s-Gravenpolderseweg, is de ’s-Gravenpolderseweg een verkeersader van betekenis. Aan de zuidoostzijde ligt het ADRZ met het hoofdgebouw en bijgebouwen, eigen terreinen, opstallen, parkeerterreinen en parkjes. Ten zuiden van het plangebied ligt een boomgaard en akkerland en de rijksweg A58. In de structuurvisie Goes 2024 ligt het plangebied binnen het landschap ‘kreekrug’: [citaat] paragraaf 4.28 in de stuctuurvisie Goes Dit landschap kenmerkt zich door de kleine nederzettingen op de van oudsher wat hoger gelegen gronden. Het is een kleinschalig, besloten en geborgen landschap. Met beplanting kan dit karakter worden versterkt, bijvoorbeeld gecombineerd met de aanleg van landgoederen. Gestreefd wordt naar het behouden en versterken van groene, parkachtige buffers tussen de dorpen, welke refereren aan de oude hoogstamboomgaarden die voorheen veelvuldig op de kreekruggen aanwezig waren.

Kaart 2 toont een globaal overzicht van het plangebied en de ligging van het plangebied aan de ’s-Gravenpolderseweg 114 te Goes. Kaart 4 en 5 tonen een meer gedetailleerd beeld van de ligging en opbouw van het plangebied.

Locatie plangebied

Kaart 2: Locatie plangebied aan de ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes in het streekgebied. [BRON : EARTH.GOOGLE.COM]

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

9 van 38

Locatie plangebied

Kaart 4: Ligging en opbouw plangebied aan de ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

Kenmerken Het plangebied ligt binnen het terrein van het ziekenhuis en is deels bebouwd met snelbouw enerzijds en bestaande bouw anderzijds. Parkeerterreinen en groene elzenhagen markeren de huidige contouren van het terrein. Aan de zuidoostzijde ligt een grote fruitboomgaard, in het oosten aan de Abbekindersezandweg diverse erven met hoge populieren-struweelbossen rondom de erven. Ten noorden ligt het psychiatrisch ziekenhuis met parken en aan de overzijde van de ’s-Gravenpolderseweg (ten westen van het plangebied) verrijst een nieuwbouwwijk ‘Aria’ met groene verbindingszones. Het terrein van het ziekenhuis is volledig bebouwd met hoofdgebouw en aanbouwen met de functies die behoren bij het ziekenhuis. Parkeerterreinen liggen rondom het ziekenhuis . Het te slopen ziekenhuis bestaat uit een hoofdgebouw, een- en bijgebouwen en bestaan voornamelijk uit snelbouw met kunststof/metalen gevelbeplating. Binnen het plangebied ligt een arboretum neonatorum, een geboortebos bestaande uit een verzameling bomen en struiken, aangeplant in een parkachtige omgeving met gemaaid gazon en een vijver. Het plangebied wordt aan de noordzijde begrenst door een grasstrook met bomen en gaat over in een bosje met wandelpad. Deze bosachtige omgeving valt buiten het plangebied.

Aan de west- en zuidzijde bevinden zich parkeerplaatsen omzoomd met opgaande struiken, met verspreid over de parking kleine groenvoorzieningen. De erfafscheiding aan de zuidzijde bestaat uit een groenstrook met bomen en een kruidlaag. Deze kruidlaag bestaat voornamelijk uit grassen, ruigtekruiden en brandnetel. Verspreid over het terrein zijn kleine groenelementen aanwezig in de vorm van (blok)hagen. De foto’s op de volgende pagina geven een impressie van het plangebied en de omgeving.

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

10 van 38

Foto 1

Foto 2

Foto 3

Foto 4

Foto 5

Foto 6

Foto 7

Foto 8

Foto 9

Foto 10

Foto 11

Foto 12

Foto 13

Foto 14

Foto 15

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

11 van 38

Foto 16

Foto 17

Foto 18

Foto 19

Foto 20

Foto 21

Foto 22

Foto 23

Foto 24

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

12 van 38

Beschermde gebieden in de omgeving Natura 2000-gebieden zijn in de omgeving van het plangebied aanwezig. Het meest dichtbij gelegen Natura 2000-gebied betreft: • •

Oosterschelde (ca. 7 km) Veerse Meer (ca. 6,6 km)

Andere Natura 2000 gebieden zijn: •

Westerschelde en Saeftinghe, Yerseke en Kapelse Moer

Legenda Kaart 5 Natura 2000 [Bron: https://natura2000

.eea.europa.eu/]]

Kaart 5: Locatie plangebied ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes - Natura 2000. [BRON : HTTPS://NATURA2000. EEA.EUROPA.EU /]

Het plangebied ligt nabij gebieden die zijn aangewezen als NatuurNetwerk Zeeland, of anderszins aangewezen beschermde natuurgebieden, agarisch waardevolle ecologische gebieden.

Kaart 6: Locatie plangebied ’s-Gravenpoldersweg 114, Goes - NatuurNetwerk Zeeland (groen en geel = bestaande natuur, blauw = agrarisch gebied met ecologische betekenis). [BRON : PROVINCIE ZEELAND]

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

13 van 38

Kaart 7: Locatie plangebied ’s-Gravenpoldersweg 114, Goes - NatuurNetwerk Zeeland agrarische zoekgebieden (kleuren duiden verschillende agrarischnatuurtypen aan). [BRON : PROVINCIE ZEELAND]

4.2

Habitats – leefgebieden binnen en/of nabij plangebied

Een habitat is een bepaald ecosysteem op het land of in het water met kenmerkende eigenschappen voor binnen dit ecosysteem levende organismen. Een habitat wordt ook wel ecotoop genoemd. In Nederland zijn 118 beschermde en daarmee kwetsbare ecosystemen aanwezig oftewel beschermde habitats. Plangebied Binnen het plangebied en/of nabij het plangebied (binnen 3 km zone) zijn beschermde habitats aanwezig in de vorm van Natura-2000, NatuurNetwerk Zeeland of Gezonde Zeeuwse Natuur. Natura-2000 Het Natura-2000 gebied ‘Veerse Meer’ en ‘Oosterschelde’ vormt beschermd landschap en herbergt een grote variatie aan type landschappen en doelsoorten. Het Veerse Meer biedt beschermd leefgebied voor vogels. Het Veerse Meer is een brakwatermeer zonder getijden waardoor schorren zijn drooggevallen. In het Veerse Meer liggen zandbanken en eilanden met in de omgeving agrarisch gebied en vochtige graslanden. De Oosterschelde is afgesloten van de zee, en bestaat uit schorren, slikken en droogvallende platen in het intergetijdengebied. Dit gebied biedt beschermd leefgebied voor soorten van de habitatrichtlijn alsmede de vogelrichtlijn. NatuurNetwerk Zeeland NatuurNetwerk Nederland is een netwerk van bestaande of nog te ontwikkelen natuur. In Zeeland heet dit NatuurNetwerk: NatuurNetwerk Zeeland. Het plangebied ligt niet binnen het NatuurNetwerk Zeeland.

Binnen het plangebied liggen geen beschermde binnendijken behorende tot het NatuurNetwerk. Ten oosten van het plangebied ligt NatuurNetwerk Zeeland ‘Jachts bos’, bijbehorende beheertypen zijn N12.02 (kruiden- en faunarijke graslanden). Ten noordoosten van het plangebied in het dorp Kloetinge ligt agrarisch gebied van ecologische betekenis A01.01, weidevogelgebied. Meer ten zuidoosten van het plangebied ligt agrarisch gebied van ecologische betekenis A02.01, botanisch waardevol grasland. En ten noorden van het plangebied ligt NatuurNetwerk Zeeland in de vorm van vochtige hooilanden N10.01, Oosterschenge.

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

14 van 38

Kaart 8: Agrarisch zoekgebied: A15 (agrarisch natuurtype) valt buiten het plangebied. [BRON : TOPOGRAFISCHE KAART ZEELAND]

Agrarisch zoekgebied Grenzend aan het plangebied ligt een vlak ‘agrarisch zoekgebied’ behorend bij A15. Dit agrarisch zoekgebied biedt de mogelijkheid voor het verkrijgen van subsidies ten behoeve van agrarisch natuurbeheer, de aanvraag kan worden gedaan door agrarische collectieven. Zie kaart 9. Stiltegebied Binnen het stiltegebied geldt een geluidsnorm van gebiedsvreemd geluid van 30dBA [BRON: OMGEVINGSVERORDENING ZEELAND]. Het ziekenhuis en de nieuwbouw locatie liggen niet binnen een stiltegebied en liggen buiten de invloedsgebieden van de zone rond het stiltegebied. Zie kaart 10.

Kaart 9: Stiltegebieden in de provincie Zeeland, Noord- en Zuid- Beveland. Rode stip: plangebied. [BRON : PROVINCIE ZEELAND]

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

15 van 38

Kaart 11: Donkertegebieden in de provincie Zeeland. Rode stip: plangebied. [BRON : PROVINCIE ZEELAND]

Donkertegebieden Voor gebieden die de donkertegebieden nadelig kunnen beïnvloeden geldt de zorgplicht. De gevolgen voorkomen, gevolgen beperken of de activiteit achterwege te laten als de gevolgen niet kunnen worden voorkomen. [BRON: OMGEVINGSVERORDENING ZEELAND]. Het plangebied ligt ten zuiden van Goes, Goes is een van de grotere steden van Zeeland en ligt ten zuiden van de donkertegebieden. Daarmee ligt het plangebied welke mogelijk sterk wordt aangelicht in avond en nachtelijke uren, ‘achter’ de stad Goes ten opzichte van de bekende donkerte gebieden van de provincie.

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

16 van 38

5

Beschermde planten- en diersoorten

Aangezien de voorgenomen ingreep valt onder de categorie ruimtelijke ordening wordt hier voor beschermde soorten uit Omgevingswet en Omgevingsverordeningen van Provincie en Gemeente een nadere beoordeling gemaakt. Op basis van de aanwezige ecotopen, het onderzoek te velde en het literatuur- en bronnenonderzoek is een inschatting gemaakt van (mogelijk) in het plangebied voorkomende beschermde soorten. Uitgaande van de bevindingen van het veldonderzoek, het literatuur- en bronnenonderzoek en de te verwachten effecten van de ingreep is een toetsing aan de Omgevingswet en de Omgevingsverordening Provincie Zeeland en Gemeente Goes uitgevoerd. Deze toetsing geeft aan welke (mogelijke) negatieve effecten te verwachten zijn voor beschermde soorten. De toetsing geeft ook aan of verdiepende onderzoeken wenselijk zijn. Tevens geeft de toetsing aan of een vergunning in het kader van de Omgevingswet dan wel de Omgevingsverordening Provincie Zeeland vereist is. De toetsing richt zich ook op het uitsluiten van negatieve effecten op omliggende beschermde gebieden (Omgevingswet). Of, indien negatieve effecten op omliggende beschermde gebieden niet zijn uit te sluiten, het wenselijk is hiernaar nader onderzoek te doen. De algemene zorgplicht wordt geacht bekend te zijn. Daar waar er sprake is van een specifieke zorgplicht zal deze worden vermeld. 5.1

Vaatplanten

Brononderzoek: Uit bron- en literatuuronderzoek zijn er aanwijzingen dat er binnen 0-2 km waarnemingen zijn gedaan van de volgende vaatplanten: Soort

Status Rode Lijst

Blauw walstro

Rode Lijst: Kwetsbaar

Bokkenorchis

Rode Lijst: Gevoelig

Bosorchis

Rode Lijst: kwetsbaar

x

Klavervreter

Rode Lijst: Kwetsbaar

Nabij plangebied (Abbekinderen)

Kleinbloemige salie

Rode Lijst: Kwetsbaar

x

Knopig doornzaad

Rode Lijst: Kwetsbaar

Binnen plangebied scope I

Korenbloem

Rode Lijst: Gevoelig

Naakte lathyrus

Rode Lijst: Ernstig Bedreigd

Waaiertakmos

Rode Lijst: Bedreigd

x

Zomerklokje

Rode Lijst: Kwetsbaar

x

Beschermingsstatus

Plangebied Binnen plangebied scope II

Bijlage IXb, Bal 11.54

x

x Bijlage IXb, Bal 11.54

x

Blauw walstro heeft een voorkeur voor zandige kalkbodems en Knopig doornzaad groeit bij voorkeur op grazige dijkhellingen. Beide soorten staan op de Rode Lijst Planten met een Rode Lijst - status hebben geen juridisch status, wel wordt specifieke zorgplicht toegepast om te voorkomen dat deze soorten verder achteruitgaan. De strikt beschermde soorten Bokkenorchis en Naakte lathyrus groeien niet binnen het plangebied. Deze soorten zijn waargenomen in het centrum van Goes.

Veldonderzoek: In het plangebied zijn geen strikt beschermde vaatplanten (Bal, art. 11.46) aangetroffen tijdens het veldbezoek. De begroeiing bestaat uit (blok)hagen, gazon, bomen met struiklaag en ruigte vegetaties langs de parkeerplaatsen en oever- en waterplanten. Beschermde soorten (Bijlage IX, Bal 11.54) zijn nabij het plangebied of binnen het plangebied niet waargenomen. Binnen het plangebied is één Rode Lijst - soort waargenomen gebaseerd op bronnen- en

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

17 van 38

literatuuronderzoek, namelijk blauw walstro. Voor rodelijst soorten geldt de zorgplicht te voorkomen dat deze soorten worden beschadigd of dat het groeigebied wordt vernietigd. De zorgplicht die voor blauw walstro kan worden toegepast is het voorkomen van schade van deze soort in het bloeiseizoen (juli - oktober), de groeiplaats kan in deze periode worden gemarkeerd en in het daarvoor bestemde seizoen kan de plant worden uitgestoken om buiten de invloedsfeer van het werk te worden herplant binnen geschikt en/of vergelijkbaar groeigebied. Plangebied

Beschermde vaatplanten Aangetroffen

Uit te sluiten

Nee

Ja

Nee

Nee

Rodelijst: zorgplicht Maatregel: verplaatsen voor aanvang van werkzaamheden

’s-Gravenpolderseweg 114, Goes ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

Ja

• •

5.2

Soort

Blauw walstro

Verdiepend onderzoek

Zorgplicht geldt voor de genoemde Rode Lijst-soorten, de soorten moeten worden verplaatst voor aanvang van de werkzaamheden. Het is redelijkerwijs uit te sluiten dat met de voorgenomen ingreep in het plangebied de Omgevingswet dan wel de Omgevingsverordening Provincie Zeeland / Omgevingsplan Gemeente Goes wordt overtreden t.a.v. beschermde vaatplanten. Zoogdieren

(Spits)Muizen

Brononderzoek

Uit literatuur- en bronnenonderzoek is gebleken dat er binnen 0 - 2 km van het plangebied waarnemingen zijn van bosmuis, huisspitsmuis, rosse woelmuis en algemene soorten (spits)muizen welke bij projecten ruimtelijke ordening zijn vrijgesteld binnen de provincie Zeeland (Omgevingsverordening). Wel dient voor deze soorten rekening te worden gehouden met de algemene zorgplicht.

Veldonderzoek: Het plangebied kent geen kenmerken van biotoop van in Nederland voorkomende beschermde muizen of spitsmuizen. Er zijn geen geschikte biotopen, sporen of holletjes aangetroffen van binnen de provincie Zeeland strikt beschermde soorten (spits)muizen, zoals noordse woelmuis, waterspitsmuis of veldspitsmuis ((Bal, 11.46, lid 1). Plangebied

(spits)muizen Aangetroffen

Uit te sluiten

Nee

Ja

’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

•

Soort

Verdiepend onderzoek Nee, zorgplicht voor vrijgestelde soorten

Het is redelijkerwijs uit te sluiten dat met de voorgenomen ingreep in het plangebied de Omgevingswet dan wel de Omgevingsverordening Provincie Zeeland / Omgevingsplan Gemeente Goes wordt overtreden t.a.v. (spits)muizen.

(Kleine) Marterachtigen

Brononderzoek Uit literatuur- en bronnenonderzoek blijkt dat op een afstand van 0-2 km Bunzing en Wezel kan voorkomen. Bunzing is een soort met een groot jachtterritorium in open agrarisch/cultuurland met houtwallen, bosranden, kapvlakten, greppels, sloten welke worden gebruikt om door het

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

18 van 38

jachtterritorium te trekken. Rust- en slaapverblijven vindt bunzing in holle bomen, onder houtstapels, in steenhopen, maar ook in holen van konijn, mol, das, vos. Wezel is een soort die graag verblijft in open, droog natuur- en cultuurland, zijn favoriete prooidieren zijn woelmuizen. Wezel verblijft onder bosschages, heggen, houtstapels. Ook bewoont Wezel holen van muizen, ratten en konijnen.

Veldonderzoek Waarnemingen van marterachtigen zijn nabij het plangebied bekend. Schuil- of verblijfsplaatsen in de vorm van oude schuurtjes, opslag van materialen, boomholten van voldoende formaat en holletjes van prooidieren zijn binnen het plangebied niet aangetroffen. Het rondom het plangebied aanwezig gebied vormt mogelijk geschik t leefgebied voor marterachtigen doordat daar boomholten in de oude fruitbomen aanwezig zijn en ten oosten van het plangebied bevindt zich een grote composthoop met losse materialen. Zowel in de oude fruitbomen met holten als op diverse plaatsen bij de composthoop zijn geen sporen zoals beschadigingen aan de schors van de oude fruitbomen, latrines of specifiek gedeponeerde faeces, aangetroffen. De bomenrijen langs de boerenerven, sloten, greppels en hagen vormen mogelijk corridors voor marters. Boomholtes zijn aanwezig in de Elzenbomen maar niet van voldoende grootte voor Bunzing. Sporen van marterachtigen (uitwerpselen, resten prooidieren, prent en) zijn niet aangetroffen. Sporen (woelmuizen- en konijnenholen) van prooidieren, waarmee wezel zich kan voeden zijn evenmin aangetroffen. Door een deel van het agrarisch gebied te betrekken bij het plangebied, voldoet het plangebied scope II aan geschikt leefgebied voor marterachtigen.

Mede door de hoge aantallen bezoekers (ook ’s avonds) wordt het plangebied met enige regelmaat verstoord en biedt daarmee geen veilige schuilplaats voor het langdurig verblijven van marterachtigen. Het gebruik van landschapselementen als elzenhagen, greppels, dijktalud en ruigtestroken mede het agrarische gebied ten zuiden van het plangebied met bomenrijen langs boerenerven biedt marters rust en verbinding met mogelijk jachtterrein, immers binnen het agrarisch gebied komen prooidieren als konijn voor. Het is redelijkerwijs niet uit te sluiten dat marterachtigen het plangebied benutten als leefgebied en de rust en verbinding benutten. Verdiepend onderzoek naar marterachtigen kan hieromtrent uitsluitsel geven. Plangebied

(kleine) marterachtigen Aangetroffen

Uit te sluiten

Nee

Nee

’s-Gravenpoldersweg 114, Goes

•

Soort Bunzing, Wezel

Verdiepend onderzoek Ja, foerageergebied, corridors

Het is niet uit te sluiten dat met de voorgenomen ingreep in het plangebied de Omgevingswet dan wel de Omgevingsverordening Provincie Zeeland / Omgevingsplan Gemeente Goes wordt overtreden t.a.v. (kleine) marterachtigen. Verdiepend onderzoek naar marterachtigen kan uitsluitsel hieromtrent geven.

Vleermuizen

Brononderzoek In de omgeving (binnen een straal van 0-2 km.) (NDFF-5 jaar) zijn waarnemingen bekend van een aantal vleermuissoorten, weergegeven in onderstaande tabel. Ned. Naam

Wetenschappelijke naam

Verblijfplaats

Afstand

Gewone dwergvleermuis

Pipistrellus pipistrellus

Gebouwbewonend

0-2 km

Gewone grootoorvleermuis

Plecotus auritus

Gebouw/boom

0-2 km

Het aantal soorten vleermuizen is beperkt, mogelijk doordat er weinig tot geen onderzoek heeft plaatsgevonden binnen het plangebied naar vleermuizen.

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

19 van 38

Veldonderzoek Vaste rust- en verblijfplaatsen Binnen het plangebied is gekeken naar mogelijke vaste rust- en verblijfplaatsen van vleermuizen. Hierbij kan onderscheid worden gemaakt tussen soorten die gebouwbewonend zijn (als gewone dwergvleermuis en laatvlieger) en boombewonende soorten (als rosse vleermuis, watervleermuis). Verblijfsplaatsen van gebouwbewonende soorten zijn uit te sluiten. Het binnen het plangebied aanwezige gebouw heeft geen gevels of daklijsten geschikt voor vleermuizen. De gevels van het ziekenhuis zijn ongeschikt voor vleermuisverblijven met name door het ontbreken van spouwmuren, of gevels waarop voldoende grip te krijgen is voor vleermuizen (gevels zijn voorzien van gladde kunststof beplating, zonder toegankelijke openingen) . De kozijnen sluiten volledig aan op de gevel zonder kieren of spleten die breed genoeg zijn voor toegankelijkheid voor vleermuizen. Binnen en direct nabij het plangebied zijn bomen gecontroleerd op potentiële verblijfplaatsen voor boombewonende vleermuissoorten. Holtes, kieren, spleten of loszittende schors zijn aangetroffen. Daarmee biedt het plangebied mogelijk verblijf aan boombewonende vleermuissoorten als watervleermuis. Verdiepend onderzoek kan uitsluitsel hieromtrent verkrijgen.

Mogelijk verblijf voor vleermuizen is te vinden in de bomenrij met ondergroei (zuidzijde) en het arboretum en bijbehorende park noordwestzijde) welke mogelijk blijven staan. Verdiepend onderzoek is nodig naar de aanwezigheid van deze vleermuizen, omdat deze groenelementen mogelijk binnen de invloedsfeer van de werkzaamheden vallen en mogelijk hinder zal ondervinden van het verlichtingsplan tijdens de bouw en de toekomstige nieuwbouw.

Foerageergebieden Binnen het plangebied kan gefoerageerd worden door vleermuizen. Voor vleermuizen is in de omgeving alom geschikt foerageergebied aanwezig in de vorm van windluw gebied (bij omliggende tuinen, bomen, struweel, open veldjes en sloten nabij agrarisch gebied. Het plangebied vormt geen essentieel foerageergebied, mogelijk dat de oude fruitboomgaard ten oosten van het plangebied foerageergebied is. De terreinen binnen het plangebied en binnen de gronden van het ziekenhuis zijn mogelijk sterk verlicht gedurende de avond- en nachturen.

Vliegroutes Het plangebied is in beperkte mate geschikt als vliegroute voor vleermuizen. Het plangebied wordt aan de zuidzijde omzoomd met een bomenrij waarbij het plangebied grenst aan een boomgaard. De bomenrij vormen een kleinschalig lijnvormig element welke aansluit bij diverse groene parkjes met kleine waterpartijen. Aan de noordzijde, grenzend aan het plangebied bevindt zich een bosachtige omgeving waarlangs vleermuizen een vliegroute kunnen vinden. Verstoring van de vliegroute en eventueel foerageergedrag kan worden verwacht in de vorm van sterke verlichting van het terrein van het ziekenhuis, voornamelijk het parkeerterrein. Het is daarbij altijd mogelijk dat er boven de terreinverlichting wordt gefoerageerd. Door de sterke lampen ontstaat warmte waar vlindertjes en mugjes boven de armaturen terechtkomen waar de lichtbundels geen effect hebben. Verdiepend onderzoek kan uitsluitsel geven omtrent het gebruik van het plangebied en de omliggende omgeving door vleermuizen. Plangebied

Beschermde vleermuizen Aangetroffen

Uit te sluiten

Nee

Nee

’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Soorten Boombewonende vleermuissoorten, Vliegroutes, foerageerplaatsen

Verdiepend onderzoek Ja

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

20 van 38

•

Het is niet uit te sluiten dat met de voorgenomen ingreep in het plangebied de Omgevingswet dan wel de Omgevingsverordening Provincie Zeeland / Omgevingsplan Gemeente Goes wordt overtreden t.a.v. vleermuizen.

Overige zoogdieren

Brononderzoek Uit literatuur- en brononderzoek blijkt dat binnen een afstand van 0-2 km. rond de planlocatie zijn waargenomen: egel, haas, konijn, ree. Egel en ree zijn binnen de provincie Zeeland voor projecten in de ruimtelijke ordening en inrichting, bestendig beheer en onderhoud vrijgesteld. Voor deze soorten geldt de algemene zorgplicht. Voor konijn en haas geldt dat deze soorten beschermd zijn binnen de provincie Zeeland (Omgevingsverordening en Besluit activiteit leefomgeving, art. 11.54 en zijn verwijderd uit artikel 2.154 omgevingsverordening Zeeland). Leefgebied van Haas bestaat uit kleinschalig gras en bouwland, open veld zoals akkers, weiland en open bos. Haas maakt geen holen in de grond maar legers. Leefgebied van konijn bestaat uit halfopen landschap met zandige bodem, zoals perk, tuin en bosranden. Konijnen zijn in scherm- en nachtactief, zij graven meestal zelf een gangenstelsel met verschillende gangen en kamers. Soms nemen ze een oud vossenhol (of dassenburcht) over. In de ruime omgeving van het plangebied en binnen het plangebied (agrarisch deel en oude fruitboomgaard) zijn meerdere waarnemingen van konijn waargenomen (NDFF ecogrid 5 jaar). In de ruime omgeving van het plangebied (agrarisch deel en oude fruitboomgaard) zijn waarnemingen bekend van haas binnen het agrarisch gebied waargenomen (NDFF ecogrid 5 jaar).

Veldonderzoek Tijdens het veldonderzoek zijn sporen aangetroffen of waarnemingen gedaan van haas en/of konijn binnen het plangebied. Er zijn geen konijnenburchten aangetroffen of andere graafsporen die duiden op actief verblijf van konijn binnen het plangebied. Tijdens nachtelijke vleermuisonderzoek van een ander plangebied behorende bij het terrein van het ziekenhuis zijn wel hazen en konijnen waargenomen. Zij trekken vanuit agrarisch gebied ten oosten van het plangebied langs richting de oude boomgaard om daar te foerageren. Er zijn geen rustplaatsen of sporen (uitwerpselen) van egel, ree waargenomen binnen het plangebied. Incidentele aanwezigheid van egel is niet uit te sluiten door de aanwezigheid van geschikt leefgebied in de omgeving. Voor deze soort geldt de zorgplicht. Plangebied

Overige zoogdieren Aangetroffen

Uit te sluiten

Nee

Nee

Haas, konijn

Nee

Ja

Egel, ree

’s-Gravenpolderseweg 114, Goes ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

• • •

•

Soorten

Verdiepend onderzoek Ja, t.a.v. agrarisch deel plangebied Nee, zorgplicht voor egel

Zorgplicht. Houdt rekening met mogelijke aanwezigheid van egel en ree. Voorkom opslag van materialen waaronder egel, kan gaan verblijven. Controleer voor aanvang van de werkzaamheden het werkgebied op aanwezigheid van egel. Treft u egel aan, dan dient de soort zich zelfstandig te kunnen verplaatsen buiten de invloedsfeer van de werkzaamheden. Voert u de werkzaamheden uit in de periode november – mei dan kan egel in winterslaap zijn, treft u een egel in winterslaap, neem dan contact op met de egelopvang in de buurt voor advies hoe te handelen. Zorgplicht. Houdt rekening met mogelijke aanwezigheid van ree en voorkom opslag van struweel waar ree in kan schuilen. Wordt ree aangetroffen dan dient deze zichzelf in

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

21 van 38

• •

• 5.3

veiligheid te kunnen brengen buiten de invloedsfeer van het werk. Jaag het dier niet op richting wegen of waterpartijen. Als egel, ree wordt waargenomen voorafgaand of tijdens werkzaamheden dienen deze dieren zichzelf in veiligheid te kunnen brengen. Met de voorgenomen plannen (scope II) is aantasting van essentieel leefgebied van haas en konijn niet uit te sluiten. Functioneel verdiepend onderzoek naar aantallen en gebruik van het plangebied door haas en konijn kan uitsluitsel geven en maatwerk voor te nemen maatregelen mogelijk maken. Bij het aantreffen van konijn of haas tijdens de werkzaamheden binnen het plangebied, legt u de werkzaamheden stil en raadpleegt u een expert van konijn/haas. Vogels

Het plangebied is tijdens het veldonderzoek geïnspecteerd op mogelijke aanwezigheid van vogels waarvan de vaste rust- en verblijfplaatsen (nesten) jaarrond beschermd zijn. Tevens is gekeken naar vogelsoorten die (mogelijk) in het plangebied kunnen broeden. Onderstaande lijst geeft het resultaat van het bureauonderzoek naar vogels binnen en nabij het plangebied zijn waargenomen: Ned. Naam

Soort

Afstand tot plangebied

Categorie

Aalscholver Appelvink

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Bergeend

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Blauwe kiekendief

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Blauwe reiger

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Boerenzwaluw

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Boomkruiper

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Boomvalk

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Bosrietzanger

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Bruine kiekendief

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Buizerd

Vogels

0 – 2 km

Cat. 4

Dodaars

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Ekster

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Fazant

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Fitis

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Fuut

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Beschermde status

Staat van Instandhouding

Zeer ongunstig Zeer ongunstig Zeer ongunstig Zeer ongunstig

Matig ongunstig

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

22 van 38

Beschermde Afstand tot status plangebied

Categorie

Staat van Instandhouding

Ned. Naam

Soort

Gaai

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Gierzwaluw

Vogels

0 – 2 km

Cat. 2

Goudplevier

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Grasmus

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Grauwe gans

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Grauwe vliegenvanger

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Groene specht

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Groenling

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Grote bonte specht

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Grote gele kwikstaart

Vogels

0 – 2 km

Cat. 3

Grote lijster

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Rode Lijst, matig ongunstig

Grote stern

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Rode Lijst, zeer ongunstig

Grote zilverreiger

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Havik

Vogels

0 – 2 km

Cat. 4

Heggenmus

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Holenduif

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Houtduif

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Huismus

Vogels

0 – 2 km

Cat. 2

Matig ongunstig

Huiszwaluw

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Rode Lijst, zeer ongunstig

IJsvogel

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Kauw

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Keep

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Kerkuil

Vogels

0 – 2 km

Cat. 3

Kievit

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Zeer ongunstig

Kleine barmsijs

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Zeer ongunstig

Kleine bonte specht

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Kleine karekiet

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Kleine plevier

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Kleine zilverreiger

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Rode Lijst

Kluut

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Matig ongunstig

Koekoek

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Rode Lijst, matig ongunstig

Kokmeeuw

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Matig ongunstig

Koolmees

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Koperwiek

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Krakeend

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Kramsvogel

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Kuifeend

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Meerkoet

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Merel

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Nijlgans

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Oeverloper

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Rode Lijst

Patrijs

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Rode Lijst, zeer ongunstig

Pijlstaart

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Rode Lijst, zeer ongunstig

Pimpelmees

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Putter

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Rietgors

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Roodborst

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Scholekster

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Sijs

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Zeer ongunstig

Rode Lijst, matig ongunstig

Rode Lijst, zeer ongunstig

Zeer ongunstig

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

23 van 38

Beschermde Afstand tot status plangebied 0 – 2 km

Categorie

Staat van Instandhouding

Cat. 5

Rode Lijst, zeer ongunstig

Ned. Naam

Soort

Slobeend

Vogels

Sperwer

Vogels

0 – 2 km

Cat. 4

Spreeuw

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Matig ongunstig

Staartmees

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Matig ongunstig

Steenuil

Vogels

0 – 2 km

Cat. 1

Rode Lijst, zeer ongunstig

Stormmeeuw

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Matig ongunstig

Tafeleend

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Matig ongunstig

Tjiftjaf

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Torenvalk

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Tureluur

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Turkse tortel

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Vink

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Water-/Oeverpieper

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Waterhoen

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Matig ongunstig

Wespendief

Vogels

0 – 2 km

Cat. 4

Matig ongunstig

Wilde eend

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Matig ongunstig

Winterkoning

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Wintertaling

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Witte kwikstaart

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Wulp

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Zanglijster

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Zilvermeeuw

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Zwarte kraai

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Zwarte roodstaart

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Zwartkop

Vogels

0 – 2 km

Cat. 5

Rode Lijst, zeer ongunstig

Rode Lijst, matig ongunstig Rode Lijst, zeer ongunstig Matig ongunstig

Tabel: Vogels Nesten die het hele jaar door zijn beschermd Op de volgende categorieën gelden in principe de verbodsbepalingen van artikel 3.1 van de Wet natuurbescherming het gehele jaar: 1. Nesten die, behalve gedurende het broedseizoen als nest, buiten het broedseizoen in gebruik zijn als vaste rust- en verblijfplaats (voorbeeld: steenuil). 2. Nesten van koloniebroeders die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing of biotoop. De (fysieke) voorwaarden voor nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: roek, gierzwaluw en huismus). 3. Nesten van vogels, zijnde geen koloniebroeders, die elk broedseizoen op dezelfde plaats broeden en die daarin zeer honkvast zijn of afhankelijk van bebouwing. De (fysieke) voorwaarden voor de nestplaats zijn vaak zeer specifiek en limitatief beschikbaar (voorbeeld: ooievaar, kerkuil en slechtvalk). 4. Vogels die jaar in jaar uit gebruik maken van hetzelfde nest en die zelf niet of nauwelijks in staat zijn een nest te bouwen (voorbeeld: boomvalk, buizerd en ransuil). Nesten die niet het hele jaar door zijn beschermd Op de volgende categorie gelden in principe de verbodsbepalingen van artikel 3.1 van de Wet natuurbescherming uitsluitend tijdens het broedseizoen: 5.

Nesten van vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan, maar die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen. Deze soorten vragen extra onderzoek, ook al zijn hun nesten niet jaarrond beschermd.

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

24 van 38

Weide-/akkervogels en pleisterende wintergasten

Brononderzoek Het plangebied is niet gesitueerd binnen ganzenrustgebied of aangewezen weidevogelgebied, wel kan door omliggend agrarisch cultuurland de aanwezigheid van weide- en akkervogels niet worden uitgesloten aan de hand van brononderzoek. Let wel er geldt zorgplicht voor broedende weide- en akkervogels.

Kaart 12: Ganzenrustgebied [BRON: GEODATA PROVINCIE ZEELAND]

Kaart 13: Weidevogelgebied [BRON : GEODATA PROVINCIE ZEELAND]

Veldonderzoek Tijdens het veldonderzoek voor deze Quickscan werden geen alarmerende roepen van weide/akkervogels of territoria van weide-/akkervogels binnen het plangebied waargenomen. Het agrarisch gebied ten zuiden van het plangebied biedt mogelijk broedgelegenheid voor agrarische soorten (akkersoorten). Dit gebied wordt betrokken in de planuitvoering en dient te worden onderzocht op grondbroedende vogels, zoals patrijs. Pleisterende wintergasten zijn mogelijk aanwezig in de daarvoor bestemde periode. Voorkom langdurige verstoring of verontrusting van deze soorten. Plangebied

’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

•

Weide-/akkervogels en pleisterende wintergasten Aangetroffen

Uit te sluiten

Soorten

Nee

Ja

Grondbroedende vogels

Verdiepend onderzoek Ja

Het is redelijkerwijs niet uit te sluiten dat met de voorgenomen ingreep in het plangebied de Omgevingswet dan wel de Omgevingsverordening Provincie Zeeland / Omgevingsplan Gemeente Goes wordt overtreden t.a.v. weide-/akkervogels.

Huismus/Ringmus

Brononderzoek Uit bron- en literatuuronderzoek blijkt dat mussen bekend zijn uit de omgeving van het plangebied (0-2 km). Mussen zijn voor het nest afhankelijk van bebouwing, met name dakpannen daken en schuren met openingen kunnen in gebruik zijn. Geschikte bebouwing i s niet aanwezig binnen het plangebied, de gebouwen zijn naaddicht en de daken zijn plat. Verder zijn er binnen het plangebied zijn geen waarnemingen bekend van huismussen/ringmussen (NDFF-ecogrid, 3 jaar). De fruitboomgaard ten noorden van het plangebied biedt vele boomholten waar kauw in nestelt, mogelijk dat er geschikte broedgelegenheid aanwezig is voor ringmus, ringmus broedt namelijk ook in boomholten.

Veldonderzoek Tijdens het veldonderzoek voor deze Quickscan werden geen mussen binnen het plangebied waargenomen. Nesten van mussen zijn tijdens het veldonderzoek niet aangetroffen. Binnen het plangebied zijn geen wintergroene slaapstruiken aangetroffen voor huismussen en/of

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

25 van 38

ringmussen. Het ziekenhuis en het plangebied bieden geen geschikte mogelijkheden voor nestplaats van mussen (aansluitende dakranden, geen nissen of kieren, etc.). Plangebied

Huismus/Ringmus Aangetroffen

Uit te sluiten

Soorten

Nee

Ja

Ringmus

’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

• • •

Verdiepend onderzoek Nee, zorgplicht voor broedende vogels

Het is redelijkerwijs uit te sluiten dat mussen gebruik maken van het plangebied als nestplaats. Met de voorgenomen plannen, is aantasting van het leefgebied van mussen uit te sluiten. De Omgevingsvisie en -verordening Provincie Zeeland wordt ten aanzien van mussen niet overtreden.

Gierzwaluw en overige zwaluwsoorten

Brononderzoek Uit bron- en literatuuronderzoek blijkt dat gierzwaluw bekend is uit de omgeving van het plangebied. Binnen het plangebied is één waarnemingen bekend van gierzwaluw (overvliegend) (NDFF-ecogrid, 5 jaar). Huiszwaluw en boerenzwaluw zijn waargenomen binnen 0-2 km van het plangebied. Huiszwaluw en Boerenzwaluw maken van modder een nestkom of knappen de nestkom van het voorgaande jaar op met modder.

Veldonderzoek Het plangebied biedt geen nestgelegenheid voor gierzwaluwen. Holten, nissen en kieren zijn niet aanwezig in de gevels van de bij de plannen betrokken gevels van het hoofdgebouw, de bijgebouwen en tijdelijke gebouwen (scope I). Ondanks de geschikte hoogte van de gebouwen ontbreken de richels, nissen en kieren in de gevels, achter de daklijsten of achter regenpijpen welke in gebruik kunnen zijn door gierzwaluw. Nestgelegenheid ontbreekt derhalve. Oude nestkommen (of sporen van nestkomen) van boerenzwaluw/huiszwaluw zijn niet aangetroffen binnen het plangebied. Plangebied

Gierzwaluw en overige zwaluwsoorten Aangetroffen

Uit te sluiten

Nee

Ja

’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

•

Soorten

Verdiepend onderzoek Nee

Het is redelijkerwijs uit te sluiten dat met de voorgenomen ingreep in het plangebied de Omgevingswet dan wel de Omgevingsverordening Provincie Zeeland / Omgevingsplan Gemeente Goes wordt overtreden t.a.v. gierzwaluw en overige zwaluwsoorten.

Roofvogels, uilen, e.a.

Brononderzoek Binnen een straal van 0-1 km zijn waarnemingen gedaan van de volgende beschermde Roofvogels: blauwe kiekendief, boomvalk, bruine kiekendief, buizerd, havik, kerkuil, sperwer, steenuil, torenvalk. Binnen het plangebied zijn waarnemingen gedaan van diverse roofvogels welke zijn genoteerd als overvliegend. Steenuil is waargenomen in de oude boomgaard (NDFFecogrid, 2024).

Veldonderzoek

Roofvogels en uilen zijn tijdens het veldonderzoek voor deze quickscan niet waargenomen in het plangebied. Sporen van roofvogels (en uilen) zoals braakballen en ‘krijtstrepen’ (uilenpoep) of oude kraaiennesten zijn binnen het plangebied niet aangetroffen. Wel is een horst van buizerd waargenomen welke in de hoge populierenrij ten westen van het plangebied ligt. Deze horst ligt 25 m binnen het beoogde plangebied.

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

26 van 38

De bebouwing binnen het plangebied heeft geen optimale mogelijkheden voor nest -, rust of roestverblijf voor roofvogels of uilen. In de oude fruitbomen ten noorden van het plangebied zijn verschillende boomholten aangetroffen waarin door kauw wordt gebroed. Het is redelijkerwijs mogelijk dat steenuil ook gebruik maakt van de oude fruitboomgaard om te broeden. Het plangebied biedt geen geschikt broedgebied en/of jachtbiotoop voor steenuil. Mogelijk dat steenuil wel het plangebied oversteekt naar jachtgebied (aan de zuidzijde van het plangebied) tijdens voedselvluchten naar het nest (in de oude fruitboomgaard). Verdiepend onderzoek naar steenuil kan hieromtrent uitsluitsel geven. De oude fruitboomgaard valt niet binnen het plangebied, maar grenst hieraan (noordzijde). Bij de uitvoering van de werkzaamheden dient rekening te worden gehouden met de broedperiode van steenuil en andere broedende vogels. Namelijk alle broedende vogels, hun nesten, eieren en jongen zijn beschermd. Dit geldt ook voor aan- en afvliegroutes vanaf het nest. In aanvulling op de quickscan Natuur opgesteld door Veldbiologische Werken vof, met ref.nr. VBW c 2025-074 r, versie 2 ligt het plangebied voor scope II deels in agrarisch gebied waar steenuil jachtgebied kan vinden. De functie van dit agrarische perceel voor steenuil als jachtgebied dient nader te worden onderzocht.

Verdiepend onderzoek kan hieromtrent uitsluitsel geven. Plangebied

Roofvogels, uilen, e.a. Aangetroffen

Uit te sluiten

Soorten

‘s- Gravenpolderseweg 114, Goes

Nee

Nee

Steenuil

’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

Ja

Nee

Buizerd

•

•

•

Verdiepend onderzoek Nee, reeds uitgevoerd in 2025, aanvullen jachtgebied perceel Maatregelen, opstellen ecol. Werkprotocol

Het is redelijkerwijs niet uit te sluiten dat met de voorgenomen ingreep in het plangebied de Omgevingswet dan wel de Omgevingsverordening Provincie Zeeland / Omgevingsplan Gemeente Goes wordt overtreden t.a.v. roofvogels, met name buizerd. Het is redelijkerwijs niet uit te sluiten dat met de voorgenomen ingreep in het plangebied de Omgevingswet dan wel de omgevingsverordening Provincie Zeeland / Omgevingsplan gemeente Goes wordt overtreden t.a.v. uilen. Verdiepend onderzoek naar steenuil heeft reeds plaatsgevonden in 2025, echter is het agrarische perceel toegevoegd aan scope II, de aanliggende erven ten oosten van dit perceel worden bezocht door steenuil . Hoe het agrarische perceel door steenuil wordt benut is niet geheel duidelijk. Binnen de sfeer van de werkzaamheden ligt een buizerdhorst. Ten aanzien van deze horst dienen maatregelen te worden getroffen om verstoring en verontrusting te voorkomen. Deze maatregelen in de vorm van een ecologisch werkprotocol dienen ter goed keuring te worden voorgelegd aan de vergunningverlener.

Overige vogels

Brononderzoek

Binnen het plangebied (met name in de ruigte kruidenvegetatie, hagen en heggen en arboretum) is het voorkomen van algemene zangvogels en zangvogels met een Rode Lijststatus aannemelijk. Bij de uitvoering van de werkzaamheden dient daarom rekening te worden gehouden met de broedperiode vogels, eventueel per soort. Voor de broedperiode staat geen vastgestelde periode vermeld, maar deze loopt globaal van maart t/m juli en bij geschikte seizoenen soms zelfs tot in september. Alle broedende vogels, in gebruik zijnde nesten en eieren van broedende vogels, zijn beschermd. Voor algemene soorten geldt dat vóór de uitvoering van de werkzaamheden het plangebied moet worden gecontroleerd op in gebruik zijnde nesten. Treft u broedende vogels aan, wacht

Veldbiologische Werken / rapport VBW r 2025-509 r

Quikscan – Natuur, ’s-Gravenpolderseweg 114, Goes

27 van 38

dan met de uitvoering tot de vogel de jongen heeft grootgebracht. Dit geldt niet voor soorten met een jaarrond nest in de categorie 1 t/m 4 (paragraaf 5.3, pag. 21) en vogels met nesten in categorie 5 waarvan bekend is dat de staat van instandhouding ongunstig is, ten aanzien van deze vogels dient u maatregelen te treffen in de vorm van het aanbieden van vervangende nestplaats. Voor vogels op de Rode Lijst kunt u vrijblijvend maatregelen treffen om het toekomstige leefgebied te versterken door aanplant van struweel. Zangvogels, weidevogels en zomer- en wintergasten op de Rode Lijst

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16998572/1