039. Mulier Instituut Ruimte voor sport in Goes eindrapport
Tekst van het document
KV Tjoba heeft haar thuishaven in ’s-Heer-Hendrikskinderen, op het gelijknamige sportpark, en kan gebruik maken van twee volwaardige kunstgrasvelden. In het seizoen 2023/’24 heeft KV Blauw-Wit twaalf teams ingeschreven voor de zaterdagcompetitie van het KNKV, KV Tjoba zestien en KV TOGO dertien. Geen enkele vereniging nam met een team deel aan een zondagcompetitie van het KNKV. Op basis van deze teamaantallen hebben alle clubs een normatieve behoefte aan twee volwaardige velden (tabel 4.4). Voor KV TOGO betekent dit dat er sprake is van een normatief tekort. De velden van KV Tjoba en KV Blauw-Wit bieden voldoende capaciteit op basis van de ingeschreven teams. Tabel 4.4 Aanbod-behoefteanalyse korfbalvelden gemeente Goes (in aantal velden, 40 bij 20 meter) Sportpark
Vereniging
Behoefte
*
De Weitjes
KV Blauw-Wit
2
2 (1,3)
’s-Heer Hendrikskinderen
KV Tjoba
2
2 (1,7)
Het Schenge
KV TOGO
1
2 (1,4)
5
- (4,4)
Gemeente Goes Bron: Mulier Instituut, 2023. *
Aanbod
De vereniging beschikt hiernaast ook over een pupillenveld.
We verwachten dat de normatieve veldbehoefte tot 2030 ook met de komst van potentiële nieuwe leden als gevolg van bevolkingsgroei gelijk blijft op twee velden per vereniging (tabel 4.5). Voor KV TOGO betekent dit dat het huidige veld ook in de toekomst onvoldoende capaciteit biedt. Richting 2040 is de verwachting dat KV Tjoba net voldoende ruimte heeft op de huidige twee velden. Tabel 4.5 Verwachte ontwikkeling behoefte aan korbalvelden in gemeente Goes (in aantal velden, 40 bij 20 meter; toekomstraming o.b.v. bevolkingsprognoses en stabiele sportdeelname) Vereniging
2023
2030
2040
KV Blauw-Wit
2 (1,3)
2 (1,3)
2 (1,5)
KV Tjoba
2 (1,7)
2 (1,7)
2 (2,0)
KV TOGO
2 (1,4)
2 (1,5)
2 (1,7)
Gemeente Goes
- (4,4)
- (4,5)
- (5,2)
Bron: Mulier Instituut, 2023.
Verenigingen aan het woord KV Blauw-Wit en KV Tjoba hebben in de vragenlijst beide aangegeven dat de sportvelden waarvan zij gebruikmaken voldoende ruimte bieden om de trainingen en bondscompetitie te laten plaatsvinden. KV TOGO heeft de vragenlijst niet ingevuld.
De normatieve behoefte voor rugby hebben we bepaald aan de hand van de richtlijnen van Rugby Nederland en berekend op basis van bondsactiviteiten van de ingeschreven teams (wedstrijden en trainingen). Bij de berekening van de normatieve veldbehoefte hebben we eventueel mede- of nevengebruik niet meegenomen. Verenigingen kunnen eventuele normatieve tekorten of overschotten uit de berekeningen in een andere mate ervaren. De vereniging kan zelf al oplossingen gezocht hebben voor het tekort, bijvoorbeeld verlengde of flexibele speeldagen. Een overschot kan een vereniging in mindere mate ervaren wanneer deze bijvoorbeeld ook niet-bondsgerelateerde activiteiten aanbiedt of wanneer veel mede- en nevengebruik op de velden plaatsvindt.
In gemeente Goes bevindt zich één rugbyvereniging: Goese Rugby Club Tovaal. Zij is gehuisvest op sportpark Het Schenge in Goes en heeft hier de beschikking over een natuurgrasveld. In het seizoen 2023-2024 heeft de Goese Rugby Club Tovaal vijf teams ingeschreven staan bij een zaterdagcompetitie van Rugby Nederland: een senioren heren- en damesteam en drie jeugdteams. Het enkele veld waarover men beschikking heeft, voldoet niet aan de normatieve behoefte van de club (tabel 4.6). Tabel 4.6 Aanbod-behoefteanalyse velden Goese Rugby Club Tovaal (in aantal velden) Jaar
Aanbod
Behoefte
2023
1
2 (1,3)
2030
1
2 (1,3)
2040
1
2 (1,4)
Bron: Mulier Instituut, 2023.
Met het oog op een potentiële toename van het aantal leden door de verwachte bevolkingsgroei blijft er normatief behoefte bestaan aan een tweede veld (tabel 4.6). De afgelopen jaren laten de ledencijfers van de Goese Rugby Club Tovaal een wisselend beeld zien. Waar het aantal jeugdleden in vijf jaar met 24 procent afgenomen is, wint de sport aan populariteit bij de senioren (toename van 46% in laatste vijf jaar). Als deze trend zich doorzet in de toekomst, is er in 2040 mogelijk behoefte aan een derde veld.
Verenigingen aan het woord Goese Rugby Club Tovaal geeft in de vragenlijst aan dat er genoeg ruimte is op het huidige sportveld. Zij geven aan in de toekomst een half veld extra nodig te hebben als trainingsstrook.
De normatieve behoefte voor tennis hebben we bepaald aan de hand van de richtlijnen van de Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond (KNLTB) en berekend op basis van bondsactiviteiten van de ingeschreven teams (wedstrijden en trainingen). Bij de berekening van de normatieve baanbehoefte hebben we eventueel mede- of nevengebruik niet meegenomen. Verenigingen kunnen eventuele normatieve tekorten of overschotten uit de berekeningen in een andere mate ervaren. De vereniging kan zelf al oplossingen gezocht hebben voor het tekort. Een overschot kan een vereniging in mindere mate ervaren wanneer deze bijvoorbeeld ook niet-bondsgerelateerde activiteiten aanbiedt of wanneer veel mede- en nevengebruik op de banen plaatsvindt.
In de gemeente Goes liggen in totaal zeventien tennisbanen. Vergeleken met de diverse referentiecijfers (tabel 4.7) is het aantal tennisbanen per inwoner laag. Vooral het verschil met andere gemeenten in de regio is groot. Circa 1.100 inwoners van de gemeente Goes waren in 2023 lid van een tennisvereniging. Dit levert een ledenpercentage van 2,8 procent op, wat in lijn ligt met de rest van de regio (tabel 4.7). In vergelijking met de referentiegemeenten en Nederland in het algemeen is dit ledenpercentage aan de lage kant. De baandruk in Goes is dubbel zo hoog als de gemiddelde baandruk in de regio. VSG-regio Zeeland heeft een vergelijkbaar ledenpercentage, maar relatief veel banen per 25.000 inwoners. Maar de baandruk is in lijn met het landelijke gemiddelde en het gemiddelde in vergelijkbare gemeenten.
Tabel 4.7 Aantal tennisbanen, ledenpercentage KNLTB en gemiddelde baandruk gemeente Goes in 2023 Aantal banen per 25.000 inwoners
Ledenpercentage
Baandruk
Gemeente Goes
12,2
2,8%
57
VSG-regio Zeeland
22,4
2,9%
32
Referentiegemeenten
20,9
4,5%
59
Nederland
16,4
3,3%
51
Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2024; KNLTB via NOC*NSF, 2023. Toelichting: de baandruk berekenen we door het aantal inwoners dat lid is van een tennisvereniging te delen door het aantal banen.
De zeventien tennisbanen in de gemeente liggen verspreid over vijf sportparken, waarbij elk sportpark een vereniging huisvest. Normatief bieden de huidige banen voldoende capaciteit om in de gemeentebrede maximale behoefte te voorzien (tabel 4.8). LTC de Bongerd en TV de Puye beschikten in 2023 over meer banen dan de maximale behoefte, terwijl het aantal banen waarover TV de Schaepskooi en TV WPD beschikten binnen de behoeftebandbreedte viel (tabel 4.8). Alleen bij De Goese Maan constateren we een normatief baantekort in 2023.
Tabel 4.8 Aanbod-behoefteanalyse banen tennisverenigingen gemeente Goes in 2023 (in aantal banen) Behoefte Kern
Sportpark
Vereniging
Aanbod
Minimaal
Maximaal
Kloetinge
Wesselopark
LTC de Bongerd
5
3 (2,2)
3 (2,8)
Goes
Het Schenge
De Goese Maan
5
8 (7,8)
11 (10,1)
’s-Heer-Hendrikskinderen
’s-Heer Hendrikskinderen
TV de Puye
3
1 (0,7)
1 (0,9)
’s-Heer-Arendskerke
’s-Heer Arendskerke
TV de Schaepskooi
2
1 (0,8)
2 (1,1)
Wolphaartsdijk
Wolphaartsdijk
TV WPD
2
2 (1,1)
2 (1,3)
17
- (12,5)
- (16,1)
Gemeente Goes Bron: Mulier Instituut, 2023.
We verwachten dat de huidige tennisbanen op gemeenteniveau voldoende capaciteit bieden voor de potentiële nieuwe leden als gevolg van de bevolkingsgroei (tabel 4.9). Als de verdeling van de leden blijft zoals deze nu is, groeit het tekort aan banen bij de Goese Maan verder. Tot 2040 groeit de behoefte dan tot maximaal twaalf banen. De afgelopen jaren is het aantal leden bij tennisverenigingen in Goes hard gegroeid. Dit kan niet los worden gezien van de coronamaatregelen (zie hoofdstuk 2). Vooral bij De Goese Maan is dit goed terug te zien. Tussen 2019 en 2023 is het ledenaantal bij deze vereniging nagenoeg verdubbeld, met een huidig capaciteitstekort tot gevolg. (Een deel van) de nieuwe leden zal hoofdzakelijk lid geworden zijn om gebruik te maken van de padelbanen. Het is de verwachting dat de gepresenteerde behoefte op basis van de richtlijn een overschatting is en het normatieve tekort niet in deze mate ervaren wordt.
Tabel 4.9 Verwachte ontwikkeling behoefte aan tennisbanen in Goes (in aantal banen, toekomstraming o.b.v. bevolkingsprognoses en stabiele sportdeelname)
Vereniging
Behoefte 2030
Behoefte 2040
Minimaal Maximaal
Minimaal
Maximaal
LTC de Bongerd
3 (2,3)
3 (3,0)
3 (2,5)
4 (3,2)
De Goese Maan
8 (7,8)
11 (10,0)
9 (8,9)
12 (11,5)
TV de Puye
1 (0,7)
1 (0,9)
1 (0,9)
2 (1,1)
TV de Schaepskooi
1 (0,8)
2 (1,1)
2 (1,0)
2 (1,3)
TV WPD
2 (1,1)
2 (1,4)
2 (1,2)
2 (1,5)
Gemeente Goes
- (13,0)
- (16,8)
- (14,5)
- (18,7)
Bron: Mulier Instituut, 2023.
Padel Padel is de snelst groeiende sport in Nederland. In 2006 werd de eerste (onofficiële) padelbaan aangelegd. In 2023 bestaat het aanbod inmiddels uit ruim 2.200 banen verspreid over circa 580 locaties (Wezenberg-Hoenderkamp et al., 2023). De verwachting is dat de groei van padel de komende jaren doorzet. Tennisverenigingen overwegen padelbanen aan te leggen (ten koste van tennisbanen) en het commerciële aanbod aan padelbanen neemt toe. In de gemeente Goes is er één tennisvereniging waar ook gepadeld kan worden. De Goese Maan heeft beschikking over vier padelbanen. Zij hebben er voor gekozen om twee (gravel) tennisbanen weg te doen en vier padelbanen aan te leggen. Een deel van de leden van deze vereniging is naar alle waarschijnlijkheid minder actief op de tennisbanen, waardoor het normatieve tekort in de praktijk niet zo ervaren wordt. De KNLTB verwacht dat in 2026 in Nederland voldoende aanbod is om in de vraag naar padel te voorzien. Ongeveer twee derde van de padelbanen ligt dan bij verenigingen. Ondernemende sportaanbieders bezitten de rest van de padelbanen.
Verenigingen aan het woord De Goese Maan, TV WPD en LTC de Bongerd geven in de vragenlijst aan voldoende banen ter beschikking te hebben. De Goese Maan geeft aan een ledengroei mee te maken, die kan zorgen voor ruimtegebrek in de toekomst. Daarnaast geven de Goese Maan en LTC de Bongerd aan dat er vraag is naar padelbanen. Op de verenigingsavond hebben verenigingen (zie bijlage 4) aangegeven dat er geen sprake is van een verwachte ledengroei. Met name in de randgebieden, buiten de stad Goes, kunnen verenigingen meer (jeugd)leden gebruiken. Tennisverenigingen hebben (jeugd)leden zien vertrekken naar De Goese Maan door de komst van padelbanen. Initiatieven, zoals het aanbieden van gratis lessen voor scholen, hebben (nog) niet geleid tot een toename van het aantal jeugdleden. TV WPD heeft daarnaast aangegeven wel een tekort aan banen te ervaren voor de competitie. Ze willen samen met TV de Puye gaan kijken of ze hierin (meer) samen kunnen werken. Tot slot ervaren de tennisverenigingen ook andere knelpunten, zoals de kosten voor verduurzaming en de kosten voor de benodigde vervanging van tennisbanen. De verenigingen geven aan dat er voldoende leden nodig zijn om dit mogelijk te maken. Ook leeft er een discussie of de tennisbanen privaat moeten blijven.
De normatieve behoefte voor voetbal hebben we bepaald aan de hand van de richtlijnen van de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB) en berekend op basis van bondsactiviteiten van de ingeschreven teams (wedstrijden en trainingen). Bij de berekening van de normatieve veldbehoefte hebben we eventueel mede- of nevengebruik niet meegenomen. Verenigingen kunnen eventuele normatieve tekorten of overschotten uit de berekeningen in een andere mate ervaren. De vereniging kan zelf al oplossingen gezocht hebben voor het tekort, bijvoorbeeld verlengde of flexibele speeldagen. Een overschot kan een vereniging in mindere mate ervaren wanneer deze bijvoorbeeld ook niet-bondsgerelateerde activiteiten aanbiedt of wanneer veel mede- en nevengebruik op de velden plaatsvindt. Op de sportparken in de gemeente Goes liggen in totaal dertien volwaardige voetbalvelden (pupillenvelden e.d. buiten beschouwing gelaten), waarvan zes natuurgras- en zeven kunstgrasvelden (tabel 4.11). Ten opzichte van het aantal inwoners is dit lager dan de diverse referentiecijfers. Wel heeft gemeente Goes een hoger percentage kunstgrasvelden. Kunstgrasvelden kunnen intensiever worden belast dan natuurgrasvelden.
In 2023 waren circa 2.360 inwoners van de gemeente Goes lid van een voetbalvereniging (6,1%). Dit is iets lager dan de referentiecijfers. De resulterende velddruk ligt onder het gemiddelde van de referentiegemeenten en net iets hoger dan het landelijke gemiddelde. Het verschil in velddruk met de regio is een stuk groter. Door een lager aantal velden per inwoner en een vergelijkbaar ledenpercentage heeft Goes een veel hogere velddruk dan het gemiddelde in de regio. Wanneer we het onderscheid tussen natuurgras- en kunstgrasvelden verwerken in de velddruk (laatste kolom tabel 4.10), valt op dat de velddruk in gemeente Goes vergelijkbaar is met het landelijke gemiddelde en dichter in de buurt komt van het regionale gemiddelde. Tabel 4.10 Aantal voetbalvelden, ledenpercentage KNVB en gemiddelde velddruk Goes in 2023 Velden Aantal per 25.000 Percentage
Gecorrigeerde
Ledenpercentage
Velddruk*
53,8%
6,1%
182
118
17,8
10,5%
6,3%
88
79
Referentiegemeenten
11,7
30,3%
7,3%
165
122
Nederland
12,1
24,9%
6,6%
137
110
inwoners
kunstgras
Gemeente Goes
10,3
VSG-regio Zeeland
Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2024; KNVB via NOC*NSF, 2023. *
De velddruk berekenen we door het aantal inwoners dat lid is van een voetbalvereniging te delen door het aantal velden.
**
In de gecorrigeerde velddruk tellen kunstgrasvelden dubbel mee wegens de extra belastbaarheid van de velden.
De dertien voetbalvelden liggen verspreid over vijf sportparken, waarbij de meeste sportparken één voetbalvereniging huisvesten (tabel 4.11). Alleen op sportpark het Schenge in de stad Goes maken twee verenigingen gebruik van de velden: SSV ’65 en VV Goes. Op dit sportpark hebben beide verenigingen eigen velden. Twee sportparken beschikken naast wedstrijdconforme velden ook over extra kunstgrasvelden met afwijkende afmetingen: op het sportpark Wesselopark en ’sHeer Arendskerke kunnen deze velden gebruikt worden voor trainingen. In het seizoen 2023/’24 hadden de vijf voetbalverenigingen in totaal 117 teams ingeschreven voor een weekendcompetitie van de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB). Slechts een team neemt deel aan een zondagcompetitie. Alle andere teams spelen hun wedstrijden op zaterdag. De wedstrijdveldbehoefte geven we in tabel 4.11 daarom alleen voor de zaterdag weer. Naast de teams die in het weekend hun wedstrijden afwerken zijn er zes teams die deelnemen aan een vrijdagavondcompetitie van de KNVB. Dit zijn vier 35+-teams
velddruk*
en twee vrouwenteams. Deze teams hebben we niet meegenomen in de behoefteberekeningen voor de wedstrijd- en trainingsvelden. Bijna alle voetbalverenigingen hebben normatief voldoende veldcapaciteit om te voorzien in de huidige behoefte, zowel voor wedstrijden als voor trainingen. Alleen VV Kloetinge heeft een normatief tekort aan wedstrijdvelden (tabel 4.11). Om in de behoefte te voorzien zou de vereniging twee extra velden tot haar beschikking moeten hebben. Een uitbreiding van het aantal velden is hier echter niet mogelijk. Dit is bekend bij VV Kloetinge. Een langere wedstrijddag of het spreiden van de wedstrijden over zaterdag en zondag of de vrijdagavond kan het tekort oplossen. SSV ’65 heeft een normatief tekort van een half trainingsveld (tabel 4.11). Naast de aanleg van een extra trainingsveld kan het tekort ook opgevangen worden door een natuurgrasveld te vervangen door een kunstgrasveld. Een kunstgrasveld kan zwaarder belast worden dan een natuurgrasveld en kan voor zowel trainingen als wedstrijden ingezet worden. Tabel 4.11 Aanbod-behoefteanalyse wedstrijdvelden voetbalverenigingen Goes in het seizoen 2023/’24 (in aantal velden, wedstrijdbehoefte op zaterdag) Aanbod
Behoefte
Kern
Sportpark
Vereniging
Natuurgras Kunstgras
Goes
Het Schenge
VV Goes
1
1
1 (0,9)
SSV ‘65
2
1
3 (2,7)
VV Kloetinge
Kloetinge
1
3
6 (5,6)
’s-Heer Arendskerke ’s-Heer Arendskerke VV Arendskerke
Wesselopark
1
1
2 (1,8)
Wolphaartsdijk
1
1
1 (1,0)
6
7
- (11,9)
Wolphaartsdijk
Gemeente Goes Bron: Mulier Instituut, 2023.
VV Wolfaartsdijk
Tabel 4.12 Aanbod-behoefteanalyse trainingsvelden voetbalverenigingen Goes in het seizoen 2023-2024 (in aantal velden) Kern
Sportpark
Vereniging
Aanbod*
Behoefte
Goes
Het Schenge
VV Goes
1
1 (0,5)
SSV ‘65
1
1,5 (1,4)
Kloetinge
Wesselopark
VV Kloetinge
3 + 0,66
3 (2,8)
’s-Heer-Arendskerke
’s-Heer Arendskerke
VV Arendskerke
1 + 0,25
1 (0,9)
Wolphaartsdijk
Wolphaartsdijk
VV Wolfaartsdijk
1
1 (0,5)
7 + 0,25 + 0,66
- (6,0)
Gemeente Goes Bron: Mulier Instituut, 2023 *
Alle trainingsvelden zijn kunstgrasvelden. De voetbalverenigingen in Goes hebben geen natuurgrastrainingsvelden.
De verwachte bevolkingstoename leidt, bij een stabiele sportdeelname, tot een toename in het aantal leden van voetbalverenigingen. Richting 2030 resulteert dit in toenemende veldbehoefte in zowel wedstrijd- als trainingsvelden, waarbij de huidige capaciteit bij een aantal verenigingen onvoldoende toereikend is (tabel 4.13). Het huidige tekort aan wedstrijdvelden op het Wesselopark bij VV Kloetinge en trainingsvelden op het Schenge bij SSV ‘65 neemt toe. Naar verwachting zet tussen 2030 en 2040 de groei door en krijgen ook SSV ’65 en VV Arendskerke te maken met knelpunten in de wedstrijdcapaciteit. Tabel 4.13 Verwachte ontwikkeling behoefte aan voetbalvelden in Goes (in aantal velden, wedstrijdbehoefte op zaterdag, toekomstraming o.b.v. bevolkingsprognoses en stabiele sportdeelname) 2030 Vereniging
Wedstrijdvelden
2040 Trainingsvelden
Wedstrijdvelden
Trainingsvelden
VV Goes
2 (1,2)
1 (0,8)
2 (1,4)
1 (0,9)
SSV ‘65
3 (3,0)
1,5 (1,5)
4 (3,9)
2 (1,9)
VV Kloetinge
7 (6,2)
3 (3,1)
8 (7,6)
4 (3,8)
VV Arendskerke
2 (1,9)
1 (1,0)
3 (2,3)
1 (1,1)
VV Wolfaartsdijk
2 (1,1)
1 (0,6)
2 (1,4)
1 (0,7)
Gemeente Goes
- (13,3)
-(6,8)
-(16,5)
-(8,4)
Bron: Mulier Instituut, 2023.
Verenigingen aan het woord Vier van de vijf voetbalverenigingen geven in de vragenlijst aan dat de voetbalvelden voldoende ruimte bieden voor training en bondscompetitie. Eén voetbalvereniging geeft aan dat er te weinig ruimte is voor bondscompetitie. VV Arendskerke geeft aan in de toekomst extra velden nodig te hebben voor de verwachte toename van het aantal leden. Dit is in lijn met de verwachting op basis van de richtlijn. Op de verenigingsavond geven onder andere SVV’65 en VV Kloetinge aan dat ze een aantal natuurgrasvelden zowel voor trainingen als voor wedstrijden gebruiken om met de huidige tekorten om te gaan. VV Kloetinge geeft aan geen ruimte te hebben om verder te groeien. Daarnaast hebben VV Goes en SVV’65 regelmatig contact over het onderling gebruik van de voetbalvelden, met name op wedstrijddagen. Doordat er tussen de andere sportparken geen tot weinig verbinding is, is het lastiger om samen te werken. Naast capaciteitsgerelateerde knelpunten ervaren de aanwezige voetbalverenigingen een tekort aan gekwalificeerde trainers en vrijwilligers.
Atletiek Gemeente Goes beschikt over één volwaardige atletiekaccommodatie op sportpark het Schenge. Atletiekvereniging AV’56 is actief op deze accommodatie. De accommodatie bestaat uit een kunststof rondbaan van 400 meter met zes lanen en een steeplechasebak. Daarnaast zijn op het middenterrein alle voorzieningen aanwezig voor de gangbare spring- en werpdisciplines. Voor atletiek is er geen richtlijn of norm voorhanden waarmee we een indicatie van de behoefte van de vereniging kunnen geven. In 2023 had AV’56 ruim 500 leden, waarvan ongeveer 80 procent senioren. Gemiddeld telt een atletiekvereniging in Nederland circa 430 leden. De grootste Nederlandse atletiekvereniging telt bijna 2.000 leden (Ruikes & Schadenberg, 2022). Toekomstramingen (o.b.v. bevolkingsprognoses en stabiele sportdeelname) laten zien dat dit ledental kan stijgen tot 600 in 2040. Een dergelijke stijging in leden zou sterk ingaan tegen de dalende trend van de afgelopen jaren.
Vereniging aan het woord AV’56 geeft aan dat de atletiekbaan genoeg ruimte biedt voor de trainingen van de bondsleden en recreanten. Wel ervaart de vereniging een tekort aan gekwalificeerde trainers en aan vrijwilligers.
Handbal De gemeente Goes beschikt over één handbalvereniging, namelijk GSC. Maar deze is actief op een sportpark buiten de gemeente. De vereniging beschikt in Heinkenszand in gemeente Borsele over een verhard handbalveld. De vereniging heeft hiermee nu en in de toekomst ruim voldoende capaciteit tot haar beschikking. Tabel 4.14 Aanbod-behoefteanalyse velden GSC (in aantal velden, toekomstraming o.b.v. bevolkingsprognoses en stabiele sportdeelname) Behoefte Seizoen/jaar
Aanbod
Zaterdag
Zondag
2023/2024
1
1 (0,1)
0 (0,0)
2030
1
1 (0,1)
0 (0,0)
2040
1
1 (0,1)
0 (0,0)
Bron: Mulier Instituut, 2023.
Hoofdstuk 5
In dit hoofdstuk zetten we de belangrijkste conclusies op een rij en geven we op basis van de resultaten een aantal aanbevelingen. We hebben in dit rapport alleen gekeken vanuit de sport, niet vanuit het bewegingsonderwijs.
Binnensport In de gemeente Goes zijn relatief veel gymzalen aanwezig voor het beoefenen van zaalsporten. Het aanbod aan sporthallen en -zalen is in lijn met referentiecijfers. Vanuit de sport is het aanbod aan sporthallen in lijn met de behoefte in de gemeente. Gemeentebreed neemt de behoefte aan sporthallen licht toe. Dit kan in de toekomst zorgen voor een hogere druk op de bestaande sporthallen. Op bepaalde (piek)momenten is de druk op de huidige sporthallen al hoog. De sporthallen zijn in zowel de zomer- als de wintermaanden overdag nagenoeg volledig bezet voor het bewegingsonderwijs door het middelbaar en hoger beroepsonderwijs. In de wintermaanden worden de sporthallen in de avond ook goed gebruikt. Daarnaast liggen de huidige sporthallen allemaal in de stad Goes. Een deel van de inwoners moet hierdoor relatief ver reizen om te kunnen sporten in een sporthal. Landelijk en in andere matig stedelijke gemeenten is de gemiddelde afstand tot de dichtstbijzijnde sporthal een stuk korter. Er is geen normatieve behoefte aan een sporthal in de kernen, met uitzondering van Kloetinge.
Een deel van de gebruikers van de sporthallen, sportzalen en gymzalen en de exploitanten ervaart (capaciteitsgerelateerde) knelpunten: Vijf gebruikers geven aan met de huidige uren niet in de behoefte van de leden te kunnen voorzien, omdat er niet voldoende ruimte beschikbaar is op de tijden en/of dagen dat zij van de accommodaties gebruik willen maken. De meeste verenigingen geven aan dat het voor hun leden en kader niet haalbaar is om doordeweeks voor 18:00 uur of na 22:00 te sporten en dat het wenselijk is om van één locatie gebruik te maken. Dit is nu niet altijd het geval. Een derde van de gebruikers wil in de toekomst meer gebruik maken van de accommodaties, voornamelijk om te voorzien in de behoefte van de huidige leden of om (potentiële) nieuwe leden te accommoderen. De knelpunten worden zowel doordeweeks overdag als in de avonden en op zaterdag ervaren, met name in de winterperiode. De gymzalen en sportzalen zijn daarbovenop voor veel sportverenigingen niet geschikt (capaciteit en functionaliteit). Er is behoefte aan geschikte (of sportspecifieke) accommodaties.
Gebruikers zien daarentegen ook mogelijkheden om de accommodaties beter te benutten: Zowel in de sporthallen als in de gemeentelijke gymzalen is laat in de middag en vroeg in de avond voldoende ruimte beschikbaar. Ook op zondag kan er (meer) gebruik gemaakt worden van de accommodaties. Afstemming tussen de gebruikers, de gemeente en het Omnium kan zorgen voor een efficiëntere inroostering en een passende accommodatie voor elke gebruiker. Tot slot groeit de behoefte aan ruimte voor (nieuwe) specifieke doelgroepen en toegankelijkheid van accommodaties. Buitensport Gemeentebreed is per sport voor alle sportverenigingen normatief voldoende ruimte aanwezig voor de huidige behoefte van de verenigingen, met uitzondering van rugby. Het merendeel van de verenigingen heeft ook op het eigen sportpark voldoende capaciteit om te voorzien in de behoefte van de huidige leden. Op een aantal sportparken constateren we wel knelpunten. De verwachte bevolkingsgroei zorgt voor een potentiële ledengroei bij de verenigingen en leidt tot een verwachte toename van de ruimtebehoefte. In 2023 constateren we een normatief tekort aan: één korfbalveld bij KV TOGO; één rugbyveld bij Rugby Club Tovaal; minimaal drie tennisbanen bij de Goese Maan; twee voetbalwedstrijdvelden op zaterdag bij VV Kloetinge; een half voetbaltrainingsveld bij SSV’65.
Desondanks heeft de Goese Maan de keuze gemaakt om twee (gravel)tennisbanen te vervangen door vier padelbanen. Daarnaast kan VV Kloetinge niet uitbreiden in het aantal velden en dit is bij hen bekend. De bestaande velden en banen kunnen in theorie voorzien in een groot deel van de toenemende behoefte door de bevolkingsontwikkeling. Dan moet de bestaande overcapaciteit op de sportparken goed benut worden. Wel leidt de bevolkingsontwikkeling bij een stabiele sportdeelname tot: een blijvend normatief tekort aan één korfbalveld bij KV TOGO; een blijvend normatief tekort aan één rugbyveld bij Rugby Club Tovaal; een oplopend normatief tekort aan tennisbanen bij de Goese Maan; een oplopend normatief tekort aan voetbalwedstrijdvelden op zaterdag bij VV Kloetinge; een normatief tekort aan één voetbalwedstrijdveld op zaterdag richting 2040 bij SSV’65 en VV Arendskerke; een oplopend normatief tekort aan voetbaltrainingsvelden bij SSV’65. Ondanks de geconstateerde normatieve tekorten op basis van de richtlijnen geeft een groot deel van de verenigingen aan over voldoende capaciteit te beschikken voor de huidige verenigingsactiviteiten.
Goese Rugby Club Tovaal en voetbalverenigingen VV Arendskerke en VV Kloetinge hebben aangegeven in de toekomst extra velden nodig te hebben voor de verwachte ledengroei. Tennisverenigingen Goese Maan en LTC Bongerd geven aan dat de groeiende vraag naar padelbanen voor tekorten zou kunnen zorgen. Tijdens de verenigingsavond gaven verenigingen aan dat ze mogelijkheden zien in (verdere) samenwerking tussen verenigingen.
Het aanbod in de gemeente Goes sluit niet in alle gevallen aan op de normatieve (toekomstige) behoefte én huidige gebruikers ervaren (capaciteitsgerelateerde) knelpunten in het Goese sportaanbod. Ook kan het gebruik van een deel van de accommodaties geoptimaliseerd worden. Daarnaast staat in het Zeeuws Sportakkoord: 'Iedere kern in een Zeeuwse gemeente heeft een sport-, speel- en/of beweegvoorziening waar verschillende vormen van sporten en bewegen mogelijk zijn.' Maar niet in elke dorpskern zijn sportvoorzieningen op een buitensportpark of in een binnensportaccommodatie aanwezig. In Eindewegge, Katendijke en Oud Sabbinge zijn geen sportvoorzieningen op een buitensportpark of geen binnensportaccommodatie aanwezig. Wilhelminadorp heeft geen sportvoorzieningen op een buitensportpark. Op basis van ons onderzoek formuleren we een aantal aanbevelingen voor de gemeente Goes. Laat structureel overleg plaatsvinden tussen exploitant en gebruikers We raden aan structureel overleg plaats te laten vinden tussen gemeente Goes, het Omnium en gebruikers van de accommodaties. Ondanks dat het aanbod aan sporthallen in lijn is met de normatieve behoefte, ervaren gebruikers verschillende knelpunten en blijkt uit de bezettingscijfers dat de druk (op bepaalde momenten) op de sporthallen hoog is.
De verwachte bevolkingsgroei en hiermee potentiële groei van het aantal gebruikers leidt tot een hogere druk op de huidige accommodaties. Structureel overleg kan aan de ene kant de exploitant beter zicht geven op de ervaren knelpunten en behoeften van de gebruikers. Aan de andere kant geeft het de gebruikers meer zicht op de mogelijkheden binnen de huidige accommodaties. Onderling kunnen ze mogelijke oplossingen bespreken voor de ervaren knelpunten en de wensen van de (potentiële) gebruikers. Verken mogelijkheden om het gebruik van binnensportaccommodaties te optimaliseren De gebruikers die knelpunten aangeven, maken allemaal (ook) structureel gebruik van de sporthallen. Voor een deel zijn dit wel seizoensgebruikers. Het verdient aanbeveling om kritisch te kijken naar hoe het gebruik wordt ingeroosterd en welke
mogelijkheden er zijn om het gebruik te optimaliseren, bijvoorbeeld buiten de piekuren. Een deel van de huidige gebruikers van de sporthallen kan wellicht ook terecht in een sportzaal, gymzaal of bijvoorbeeld een danszaal. Hierbij kan gekeken worden of de gebruikers momenteel gebruikmaken van de meest geschikte accommodatie, of dat er optimalisatie mogelijk is in de verdeling van het gebruik over de accommodaties. Naast de capaciteitsgerelateerde knelpunten kan in de structurele overleggen ook gekeken worden naar de functionele knelpunten die gebruikers aangeven, zoals (het opbergen/de aanwezigheid van) materialen, de geschiktheid van de sportvloeren en een online verhuursysteem. Verken opties om het gebruik van sportvelden te optimaliseren De (kleine) capaciteitstekorten bij de buitensport betekenen niet dat per definitie op alle sportparken met een tekort ruimtelijke aanpassingen nodig zijn. Bij een aantal verenigingen is namelijk sprake van een overschotsituatie, terwijl er bij anderen een normatief tekort is. Ook maakt een deel van de Goese verenigingen, met name bij voetbal, suboptimaal gebruik van de aanwezige capaciteit. Een deel van de knelpunten kan opgelost worden door de zondagtak te vergroten of de mogelijkheden te onderzoeken om op vrijdagavond wedstrijden te spelen. Ook zijn er onder andere ontwikkelingen op het gebied van flexibele en verlengde speeldagen.
Lokaal kan worden verkend welke opties er bestaan voor intensivering van het gebruik van de bestaande sportvelden. Een deel van de verenigingen gaf tijdens de verenigingsavond aan open te staan voor (verdere) samenwerking met andere verenigingen. Verkend kan worden of verenigingen die (op bepaalde momenten) een baan- of veldtekort ervaren, gebruik kunnen maken van banen of velden van andere verenigingen. Monitor het gebruik van de sportaccommodaties Tot slot is het aan te raden het gebruik van de accommodaties te monitoren en periodiek een verenigingsmonitor of een gebruikersbevraging uit te laten voeren. Zo krijgt de gemeente zicht op de verhouding tussen aanbod en behoefte in beeld gebracht worden. Hoewel op veel locaties overcapaciteit benut kan worden door verwachte nieuwe sporters op basis van de bevolkingsontwikkeling, is het mogelijk dat inwoners gaan sporten bij verenigingen waar onvoldoende capaciteit is. Door dit te monitoren kan op tijd bijgestuurd worden om een betere spreiding te realiseren.
Bronnenlijst
Gemeente Goes (2007). Sportnota 2008-2011. Gemeente Goes (2019). Beweegvisie 2019-2023. Gemeente Goes (2022). Coalitieakkoord 2022-2026 Goes, een krachtige samenleving. Gemeente Goes (2024). Beweegakkoord. Hoekman, R. (2018). Sport policy, sport facilities and sport participation. Radboud Universiteit. Hoekman, R., & Van der Maat, K. (2017). Monitor Lokaal Sportbeleid 2016. Mulier Instituut. Hoekman, R., & Schadenberg, B. (2023). Onderbenutting van sportaccommodaties. Mulier Instituut. Hoekman, R., Schots, M., & Ruikes, D. (2022). Jaarrapport duurzame sportinfrastructuur. Mulier Instituut. Hoogendam, A., Ruikes, D., & Hoekman, R. (2021). Monitor Lokaal Sportbeleid 2020. Mulier Instituut. Lucassen, J., Van der Roest, J., Brandsema, A., Davids, A., Elling, A., Ter Haar, M., … & Waardenburg, M. (2018). Sportverenigingen in Nederland. Mulier Instituut. Ruikes, D., & Schadenberg, B. (2022). Ruimte voor atletiek in Nederland. Kengetallen over atletiekaccommodaties en -verenigingen. Mulier Instituut. Schadenberg, B. (2022). Ontwikkeling uitbesteding gemeentelijk sportbeleid in beeld. Sport & Gemeenten, 70(1), 50-52. Schadenberg, B., Wezenberg-Hoenderkamp, K., & Hoekman, R. (2020). Binnensportaccommodaties in Nederland. Mulier Instituut. Schots, M., & Schadenberg, B. (2020). Open sportparken in Nederland. Mulier Instituut. SportZeeland & Provincie Zeeland (2019).
Zeeuws Sportakkoord ‘Sport Verenigt Zeeland’.
Van Eldert, P., & Van der Heijde, J. (2023). Exploitatie en financiering. In H. van der Poel & R. Hoekman (Reds.), Sportaccommodaties in Nederland 2023: Kengetallen en kenmerken (pp. 209-250). Mulier Instituut. Van der Poel, H., & Hoekman, R. (Reds.) (2023). Sportaccommodaties in Nederland 2023: Kengetallen en kenmerken. Mulier Instituut. Wezenberg-Hoenderkamp, K., & Rauws, R. (2023). Afstand. In H. van der Poel & R. Hoekman (Reds.), Sportaccommodaties in Nederland 2023: Kengetallen en kenmerken (pp. 70-95). Mulier Instituut. Wezenberg-Hoenderkamp, K., Rauws, R., & Aarnink, A. (2023). Aanbod aan sportaccommodaties. In H. van der Poel & R. Hoekman (Reds.), Sportaccommodaties in Nederland 2023: Kengetallen en kenmerken (pp. 21-69). Mulier Instituut.
Bijlage 1
Capaciteitsbehoefte De behoefte aan velden en banen voor bondsactiviteiten hebben we bepaald aan de hand van algemeen geaccepteerde richtlijnen (geaccordeerd door VSG/VNG). De richtlijnen bieden de mogelijkheid in beeld te brengen hoeveel ruimte een vereniging nodig heeft om bondsactiviteiten te kunnen aanbieden voor de leden, met mogelijkheden voor wedstrijden en trainingen. De richtlijnen zijn gebaseerd op een aantal aannames, zoals de duur en frequentie van wedstrijden en trainingen en het aantal uur dat een veld per dag bespeeld kan worden. De richtlijnen houden geen rekening met lokale factoren die van invloed zijn op de behoefte van verenigingen, zoals het nevengebruik van de voorzieningen door de verenigingen (zoals trainingsteams of interne competities) of door andere gebruikers (zoals onderwijsgebruik) of bijvoorbeeld topsportambities. De daadwerkelijke behoefte aan (en belasting van) velden en banen kan daardoor hoger uitvallen dan de uitkomsten door het toepassen van de richtlijnen. In de berekeningen nemen we de bestaande sportinfrastructuur en het huidige aantal teams/leden als uitgangspunt. Het aantal teams en leden van de verenigingen is aangeleverd door de betreffende bond. Uit de gepresenteerde ruimtebehoefte kunnen we concluderen of het aantal velden/banen van een vereniging conform de huidige behoefte van verenigingen voor bondsactiviteiten is.
Het kan zijn dat verenigingen een ledenstop of wachtlijst hanteren. Daar houden we in de analyse geen rekening mee. De (extra) behoefte van een vereniging hoeft niet per definitie te worden geaccommodeerd op het sportpark waar volgens de berekening een tekort kan ontstaan. Capaciteitsuitbreiding op nabijgelegen sportparken kan ook in de behoefte van sportende inwoners voorzien. De verwachte ruimtebehoefte tot 2040 hebben we geraamd door de bevolkingsprognoses van de gemeente toe te passen, waarbij we rekening houden met de bevolkingsopbouw (figuur 2.1). Een aanname hierbij is dat de nieuwe inwoners rationeel handelen en zich bij de dichtstbijzijnde vereniging van hun sport aanmelden. Ook gaan we uit van een stabiele sportdeelname. Dat wil zeggen dat in de toekomst hetzelfde aandeel van de inwoners lid is van bijvoorbeeld een voetbalvereniging als in 2023. Het doorberekenen van de lokale ontwikkelingen in deelname leidt in sommige gevallen tot een buitensporige toe- of afname van de behoefte. Het is (beleidsmatig) relevant om de ontwikkeling van de verenigingen te monitoren om te bezien langs welke lijn de verenigingen zich ontwikkelen.
Richtlijnen De toegepaste richtlijnen lichten we hieronder per sport toe. Handbal De veldbehoefte van de handbalvereniging hebben we berekend aan de hand van de richtlijn uit het Handboek Sportaccommodaties van NOC*NSF. De richtlijn bedraagt tien teams per veld, waarbij E- en F-teams als een half team gelden. Hockey De veldbehoefte van de hockeyverenigingen hebben we berekend aan de hand van de richtlijn van de KNHB. De richtlijn bedraagt zeven wedstrijdrondes per weekenddag op een zandveld en zes wedstrijdrondes op een (semi-)waterveld. Per ronde is plek voor één normteam, waarbij senioren-, O18-, O16-, O14- en O12teams gelijkstaan aan één normteam, O10-teams aan een half normteam en O9- en O8-teams aan een kwart normteam. Hierbij moeten verenigingen 60 procent van hun teams op een wedstrijddag kunnen inplannen. Korfbal De veldbehoefte van de korfbalverenigingen hebben we berekend aan de hand van de richtlijn uit het Handboek Sportaccommodaties van NOC*NSF. Het aantal teams wordt hierbij vermenigvuldigd met een belastingcoëfficiënt, die afhankelijk is van de leeftijdscategorie. De som van de uitkomsten bedraagt het aantal normteams. De senioren-, A- en B-teams staan gelijk aan één normteam, C- en D-teams aan 0,625 normteam en E- en F-teams aan 0,4 normteam. De Goese verenigingen spelen allemaal op één speeldag, namelijk de zaterdag.
De richtlijn bedraagt voor zaterdagverenigingen één veld voor een vereniging met zeven normteams of minder, twee velden voor een vereniging die tussen de zeven en veertien teams telt en drie velden voor een vereniging met veertien normteams of meer. Tennis De baanbehoefte van de tennisverenigingen hebben we berekend aan de hand van de richtlijn van de KNLTB. De richtlijn bedraagt zeventig tot negentig leden per verlichte baan. In hoeverre de minimale behoefte of de maximale behoefte van toepassing is voor een vereniging, is afhankelijk van diverse factoren, zoals de demografische opbouw van het ledenbestand en het aantal deelnemende teams aan de competities. Voetbal De veldbehoefte van de voetbalverenigingen hebben we bepaald aan de hand van de richtlijn van de KNVB. Hierbij tellen we de bruto-speeltijd waarvoor de teams een veld nodig hebben bij elkaar op. De bruto-speeltijd van een team is afhankelijk van de (leeftijds)categorie. De capaciteit van een wedstrijdveld is op zaterdag van 09:00 tot 16:30 uur en op zondag van 10:00 tot 16:30 uur. Het benodigde aantal wedstrijdvelden berekenen
we door de som van de bruto-speeltijden van de teams te delen door de capaciteit van een wedstrijdveld. De trainingsveldbehoefte staat gelijk aan de helft van de wedstrijdveldbehoefte.
Definities Sporthallen hebben een sportvloer van minimaal 40 bij 20 meter (exclusief uitloopruimte) waarop ruimte wordt geboden om zowel trainings- als competitievormen af te werken voor badminton, basketbal, volleybal, zaalhandbal, zaalhockey, zaalkorfbal, zaalvoetbal en sporten zonder belijning (zoals diverse gevechts- en verdedigingssporten, gymnastiek, tafeltennis en turnen). Sportzalen hebben een sportvloer van circa 28 bij 22 meter waarop ruimte wordt geboden voor badminton, basketbal, volleybal en sporten zonder belijning, met in principe mogelijkheden voor competitie en training. Sportzalen kunnen voor andere zaalsporten als trainingsmogelijkheden fungeren. Gymzalen worden primair gebouwd om het bewegingsonderwijs van (basis)scholen te faciliteren. De afmetingen van gymzalen zijn vaak afgeleid uit de Modelverordening Huisvesting Onderwijs van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG): 21x12x5 meter. De Koninklijke Vereniging voor Lichamelijke Opvoeding (KVLO) adviseert voor het bewegingsonderwijs een minimale vloeroppervlakte van 308 vierkante meter (22x14 meter) met een minimale hoogte van 5,5 meter. Deze afmetingen voldoen in principe aan de afmetingseisen voor diverse gevechtsen verdedigingssporten en tafeltennis. Als de zaal een hoogte van 7 meter heeft, voldoet deze ook aan de eisen voor badminton en volleybal.
Gymzalen, in zowel de ‘kleine’ als de ‘grote’ maatvoering, kunnen wel fungeren als trainingsmogelijkheden voor andere zaalsporten. Capaciteitsbehoefte De normatieve behoefte aan sporthallen voor de (georganiseerde) sport bepalen we aan de hand van draagvlakcijfers. Draagvlakcijfers vormen een planologische richtlijn. Dat wil zeggen dat bij een bepaalde bevolkingsomvang (in theorie) voldoende draagvlak bestaat voor een type voorziening. De draagvlakcijfers geven we weer in een bandbreedte, vanwege de variatie van de lokale context. De bevolkingssamenstelling, de deelname aan sport en de aan- of afwezigheid van andere sport- en recreatievoorzieningen zijn van invloed op het werkelijke draagvlak van een sportaccommodatie. Zo kunnen in een gemeente met een hoge deelname aan binnensporten relatief meer sporthallen nodig zijn en in een gemeente met veel andersoortige accommodaties, zoals turnhallen of blaashallen, juist relatief minder sporthallen.
Voor meer informatie over de planologische richtlijn verwijzen we naar ons onderzoeksrapport ‘Binnensportaccommodaties in Nederland’ uit 2020 (Schadenberg, Wezenberg-Hoenderkamp & Hoekman, 2020). Bezettingsanalyse Het gebruik van de gemeentelijke sporthallen en gymzalen hebben we in kaart gebracht op basis van de verhuuroverzichten van de verhuurafdeling van gemeente Goes en het Omnium. De sporthallen kunnen voor de helft of een derde worden gehuurd, gymzalen alleen als geheel. Het aantal verhuurde uren hebben we gewogen. Dit betekent dat we het aantal bezette uren hebben gecorrigeerd met een deelfactor. Als een derde van een sporthal bezet is, nemen we deze uren daardoor voor een derde mee in het totale aantal verhuurde uren. De bezetting hebben we berekend door het aantal verhuurde uren af te zetten tegen de maximaal mogelijke verhuur.
Bijlage 2
Tabel B2.1 Bevolkingsaantallen gemeente Goes 2023 (in aantallen afgerond op tientallen) Kern
Jonger dan 18 jaar
18 tot 65 jaar
65 jaar en ouder
Goes
5.040
16.950
7.510
Wilhelminadorp
140
480
190
Kloetinge
660
2.080
730
Kattendijke
90
310
150
’s-Heer-Arendskerke
260
780
320
Eindewege
30
120
50
’s-Heer-Hendrikskinderen
260
790
310
Oud-Sabbinge
30
140
40
Wolphaartsdijk
400
1.280
440
Gemeente Goes
6.920
22.940
9.720
Bron: Gemeente Goes, bevolkingsaantallen per leeftijdsjaar per CBS-wijk 30 oktober 2023. Bewerking: Mulier Instituut.
Bijlage 3
Figuur B3.1 Aanbod sporthallen, sportzalen en gymzalen in gemeente Goes in 2023
Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023.
Tabel B3.1 Gymzalen in gemeente Goes in 2023 Kern
Gymzaal
Eigenaar
Goes
Bergweg
Gemeente Goes
Reigerstraat
Gemeente Goes
Thorbeckelaan
Gemeente Goes
De Spinne
Gemeente Goes
Ouverture
Gemeente Goes
MFA Mannee De Krul
Gemeente Goes
Omnium gymzaal
Gemeente Goes
Ostrea Lyceum Fruitlaan
Stichting Christelijk Voortgezet Onderwijs Zeeland
Ostrea Lyceum Bergweg
Stichting Christelijk Voortgezet Onderwijs Zeeland
CIOS
CIOS
Goese Lyceum
Pontes Scholengroep
De Sprienke
Stichting Ozeo
Calvijncollege
Calvijncollege
Praktijkschool De Wissel
Stichting Ozeo
De Tweern
Stichting Ozeo
SO De Kring
Konklijke Aurisgroep
Wilhelminadorp
Stamperiusschool
Albero
Kloetinge
Wesselopark
Gemeente Goes
Odyzeeschool
Stichting Ozeo
’s-Heer-Arendskerke
Heer Arendhuis
Heer Arendhuis
’s-Heer-Hendrikskinderen
Hendrikhuis
Stichting Hendrikhuis
Wolphaartsdijk
Dorpshuis de Griffioen
Stichting de Griffioen
Bron: Mulier Instituut, Database SportAanbod (DSA), 2023.
Bijlage 4
De volgende verenigingen waren op woensdag 17 april 2024 aanwezig op de verenigingsavond voor de binnensport: badmintonvereniging BC ’t Pluumpje; basketbalvereniging BV Volharding; karatevereniging Kyokushin Goes; korfbalvereniging KV Blauw-Wit; volleybalvereniging Start to Volley; volleybalvereniging SV HHK. De volgende verenigingen waren op donderdag 18 april 2024 aanwezig op de verenigingsavond voor de buitensport: atletiekvereniging AV’56; hockeyvereniging GMHC; tennisvereniging TV de Puye; tennisvereniging TV de Schaepskooi; tennisvereniging TV WPD; voetbalvereniging VV Goes; voetbalvereniging VV Kloetinge; voetbalvereniging VV Wolfhaartsdijk.
Daniëlle Ruikes d.ruikes@mulierinstituut.nl Amilia Aarnink a.aarnink@mulierinstituut.nl Niels Meulenbroeks n.meulenbroeks@mulierinstituut.nl
Mulier Instituut | 2024