031. Kadernota 2026 - nieuw def
Tekst van het document
25
kunnen gaan delen met diverse voordelen voor de bedrijfsvoering. Met het verplaatsen van de Goese Maan wordt de locatie die hier kan worden herontwikkeld groter en vervalt daarbij het probleem met de geluidsoverlast van de padelbanen van de Goese Maan. 21. In navolging op de herinrichting van het havengebied is de gehele herinrichting van de Veerweg een belangrijke stap in de opwaardering van het recreatiegebied van Wolphaartsdijk. Ook wordt de riolering toekomstbestendig gemaakt. 22. Op basis van onderzoek een voetgangersbrug realiseren voor het oplossen van de parkeeroverlast rondom De Sprienke. 23. Voor de wijkvoorziening in Goes-West en de ruilwinkel wordt onderzocht welke locatie het meest geschikt is voor huisvesting. 24. Voor de vernieuwbouw Omnium-Scalda en de sporthal zijn de uitvoerende werkzaamheden in 2025 gestart. Naast de werkzaamheden aan de accommodatie, wordt er in het ontwerp rekening gehouden met meerdere infrastructurele wijzigingen. Het Scalda Groencollege krijgt een eigen entree aan de oostzijde van het Omnium en het parkeren wordt verplaatst naar het terrein van de stadscamping. Deze veranderingen bieden kansen en hebben effect op het huidige gebruik, de directe omgeving, de infrastructuur en het park als geheel.
Binnen het krediet voor de verbouwingswerkzaamheden van het Omnium vallen ook noodzakelijke werkzaamheden voor de ingebruikname, zoals het realiseren van 600 m² schoolplein en het verplaatsen van de compound van de Veva-opleiding. De vastgestelde Gebiedsvisie Hollandse Hoeve geeft richting aan de varianten voor de verkeerskundige uitwerking. Vooruitlopend op deze variantenstudie nemen we in deze Kadernota voor het jaar 2028 een uitbreidingsinvestering mee van € 3,45 miljoen. We verwachten in de tweede helft van 2025 de raad een voorstel voor het doen van een variantenstudie voor te leggen. De daaropvolgende keuzes bepalen wat de werkelijk benodigde investering gaat zijn. 25. Met het ADRZ zijn we de planvorming voor de bouw van het nieuwe ziekenhuis aan het voorbereiden. Deze voorziening is belangrijk voor Goes, de regio en Zeeland. Dit vergt een inspanning van ons als gemeente qua gebiedsontwikkeling en zal tegen die tijd ook investeringen vragen. Hoe die er uit zien is nu nog niet 100% duidelijk, dat is afhankelijk van de planvorming rond dit gebied.
26
Uitbreidingsinvesteringen Onderwijs, sport en cultuur Uitbreidingsinvesteringen Onderwijs, sport en cultuur Nr. Onderwijs, sport en cultuur Parkeervoorzieningen en toegankelijkheid Wesselopark Nieuwbouw 2 gymzalen Oranjeweg (1 ter 2 vervanging van bestaand, 1 ter uitbreiding capaciteit) 3 Nieuwbouw Calvijncollege 4 Herhuisvesting 3 scholen Goes-Oost 5 Uitbreiding De Wingerd 6 Herhuisvesting Steenblokschool Aanvullend krediet nieuwbouw Ostrea Lyceum 7 door instroom leerlingen Isaac Beeckman 1
Totaal
Totaal
Dekking Derden Reserve
2026
2027
2028
2029
500
500
0
0
0
0
500
1.100
0
0
0
1.100
0
1.100
6.000 11.000 300 100
0 0 300 0
0 0 0 0
1.000 5.500 0 0
5.000 5.500 0 100
0 0 0 0
0 0 0 0
2.625
2.625
0
0
0
0
0
21.625
3.425
0
6.500
11.700
0
1.600
Het bedrag voor dekking vanuit de reserve kan hoger zijn dan het opgenomen investeringsbedrag in de jaren 2025 – 2028 als gevolg van (voorbereidings)kredieten in andere jaren. Toelichting: 1. Naar aanleiding van het ambitiedocument voor het Wesselopark zijn investeringen nodig om voor dit park de parkeer- en toegankelijkheidsproblemen te verbeteren. 2. Dit betreft de vervanging van een bestaande gymzaal en de bouw van een extra gymzaal, deels ten behoeve van het Hoornbeeck en het Goese Lyceum. Voor deze extra gymzaal kunnen wij huur in rekening brengen bij deze partijen. 3. Het huidige pand van het Calvijncollege aan Klein Frankrijk 19 dateert uit 1983 en daarmee bijna 40 jaar oud. Het gebouw is afgeschreven. Op 20 april 2023 heeft de gemeenteraad het IHP VO vastgesteld. Hierin wordt de nieuwbouw van het Calvijncollege benoemd. De verwachting is dat wij in 2028 de raad voorstellen een voorbereidingskrediet van € 1 miljoen beschikbaar te stellen voor de nieuwbouw van het Calvijncollege. De daadwerkelijke investering in de nieuwbouw zal plaatsvinden in de jaren 2029-2030 en zal resulteren in een totale investering van enkele tientallen miljoenen euro's. 4. In het door uw raad op 20 maart 2025 vastgestelde IHP PO is de verplaatsing van de basisscholen Kohnstammschool, Bisschop Ernstschool en Prinses Ireneschool opgenomen.
Hiervoor is ook een kostenraming opgenomen, deze nemen wij voor dit moment over. Wij leggen later nog een raadsvoorstel aan u voor over een definitieve locatie van de herhuisvesting. 5. Basisschool De Wingerd kampt met een groei van het aantal leerlingen, hiervoor is door hen een aanvraag ingediend voor het huisvestingsprogramma 2026. In eerste instantie proberen wij dit binnen de bestaande capaciteit onderwijshuisvesting op te stellen. Hierover hebben wij gesprekken met verschillende schoolbesturen. Later dit jaar stellen wij dit huisvestingsprogramma vast. 6. De Steenblokschool is nu gehuisvest aan de Zuidvlietstraat 140. Dit willen wij als onderdeel van het Marconigebied herontwikkelen. Wij zijn op zoek naar een alternatieve locatie voor deze school. In het IHP PO wordt nog genoemd dat ook gesprekken plaatsvinden met omliggende gemeenten, omdat hier ook leerlingen vandaan komen. Deze hebben gesprekken hebben plaatsgevonden, maar geen locatie opgeleverd. We zoeken verder naar een locatie binnen Gemeente Goes.
27
7. Tijdens de raadsvergaderingen over de beschikbaarstelling van het krediet nieuwbouw Ostrea Lyceum is al aangegeven dat hierin nog geen rekening was gehouden met de instroom van de leerlingen van Isaac Beeckman. Hierover is inmiddels duidelijkheid. Het is nog mogelijk om hiermee in de tweede fase van de nieuwbouw rekening te houden (behoudens een nieuwe/gewijzigde omgevingsvergunning). Deze wordt in 2026 gerealiseerd. Per saldo wordt er ongeveer 1.000 m² toegevoegd (173 leerlingen).
28
Uitbreidingsinvesteringen Milieu Uitbreidingsinvesteringen Milieu Nr. Milieu 1 Verplaatsing gemeentelijk aannemingsbedrijf 2 Vergroenen stadskantoor 3 Openbaar toilet Dam/Koepoort Totaal
Totaal 13.770 380 170
2026 70 380 170
2027 2.800 0 0
2028 10.400 0 0
2029 500 0 0
14.320
620
2.800
10.400
500
Dekking Derden Reserve PM 0 280 0 0 170 280
170
Toelichting: 1. De ontwerpfase van de gezamenlijke nieuwbouw van een circulair ambachtscentrum Oosterschelde regio en van een gemeentewerf Goes voor de afdeling openbare ruimte start medio 2025. Vanwege het gezamenlijke multifunctionele karakter van het project wordt de vervolgaanpak ontwikkeld met het OLAZ/ ZRD. Op basis van de vervolgaanpak zal een samenwerkingsovereenkomst met het OLAZ, ZRD en de gemeente worden ondertekening. 2. Voor het afremmen van klimaatveranderingseffecten zoals wateroverlast, droogte en hitte is het vergroenen van de omgeving van het stadskantoor wenselijk. Het gaat daarbij om het verwijderen van verharding en het aanbrengen van groen. Groen zorgt voor een dempend effect op hittestress en water kan makkelijker in de bodem infiltreren waarbij het riool wordt ontlast en wat gunstig is tegen droogte. Met dit project is de gemeente Goes betrokken bij twee subsidietrajecten: Interreg Cool Neighbourhoods en Tijdelijke Impulsregeling Klimaatadaptatie (TIK) vanuit het Rijk. Er ligt een voorlopig ontwerp voor de herinrichting wat in een definitief ontwerp wordt vertaald. In 2026 zal de uitvoering plaatsvinden. 3. Het huidige toiletgebouw Ostendestraat voldoet niet meer. Een nieuwe toiletvoorziening zoals die aan de Oostwal zou qua spreiding het beste gesitueerd worden in de omgeving van de Dam/Koepoort. Het toiletgebouw Ostendestraat vervalt hiermee.
29
2 Financiële positie In onderstaand overzicht is het financieel meerjarenperspectief samengevat: Nr. 2.1 2.2 2.3 2.4 1.7
Omschrijving Programmabegroting 2025 na wijzigingen Heroverweging ombuigingen Programmabegroting 2025 Financiële uitgangspunten Mutaties op het bestaande beleid Ombuigingen Saldo begroting en meerjarenraming Saldo totaal incidentele baten en lasten Structureel begrotingssaldo
2026 -2.489 -1.283 11.334 -5.316 5.338 7.584 -5.995 1.588
(Bedragen x € 1.000) 2027 2028 -581 142 -3.816 -5.561 6.898 5.958 -5.062 -6.945 5.534 8.284 2.973 1.878 -1.700 0 1.273 1.878
2029 142 -5.561 4.464 -7.536 8.350 -141 0 -141
In deze paragraaf wordt een samenvatting gegeven van de ontwikkeling van het financieel meerjarenperspectief. Hierbij wordt ingegaan op de belangrijkste mutaties. De detailuitwerking en toelichting is opgenomen in de verschillende paragrafen (zie tabel hierboven). Ook wordt inzicht gegeven in de vrije ruimte in het weerstandsvermogen. Tot slot wordt ingegaan op de gevolgen van deze Kadernota op de kengetallen. Voor de beoordeling van het financieel meerjarenperspectief is het van belang om te weten welke uitgangspunten zijn gehanteerd voor het financieel perspectief. Het opstellen van een financieel perspectief gebeurt op basis van informatie die op dat moment beschikbaar is. Hierbij is altijd sprake van onzekerheden en schattingen. Deze variëren qua omvang en mate van onzekerheid. Daarbij wordt de keuze gemaakt om bepaalde onderwerpen al dan niet financieel te kwantificeren, afhankelijk van de beschikbare informatie en onze inschattingen. Het meerjarenperspectief 2026 – 2029 kent als startpunt de Programmabegroting 2025 na wijzigingen. De door de raad vastgestelde begrotingswijzigingen zijn hier opgenomen. In oktober 2024 is gestart met een ombuigingstraject om ons voor te bereiden op de gevolgen van het ravijnjaar 2026. Daarom is afgesproken om alle ombuigingen vanuit de Programmabegroting 2025 te heroverwegen.
Vervolgens zijn alle financiële uitgangspunten benoemd en doorgerekend. In de financiële uitgangspunten is geen rekening gehouden met verdere compensatie in het gemeentefonds en een eventueel voordelig effect vanuit de herverdeling van het gemeentefonds. Verder zijn de toegestane uitgangspunten vanuit de Provincie voor het opnemen van structureel dividend veranderd. Dit heeft een positief effect op het saldo. In de Landelijke Voorjaarsnota 2025 zijn structurele middelen opgenomen om de terugval van het gemeentefonds in 2026 te dempen. De terugval van ongeveer € 2,4 miljard wordt in 2026 met € 400 miljoen gedempt, oplopend naar € 424 miljoen in 2030. Verder zijn de loon-, prijs- en volumeontwikkelingen in het gemeentefonds toegevoegd. Voor de jeugdzorg zijn in de landelijke Voorjaarsnota 2025 extra middelen toegekend waardoor een gedeelte van het tekort wordt gecompenseerd. Het Rijk legt ons wel een aanvullende taakstelling op voor de Hervormingsagenda Jeugd vanaf 2028 voor ongeveer € 2,5 miljoen. Voor de taakstelling van de huidige Hervormingsagenda, zoals die nu in de begroting is opgenomen, hanteren we een ingroeipad voor de jaren 2026 en 2027. Waarvoor we dekking gebruiken uit reserve sociaal domein.
30
De haalbaar geachte maatregelen uit de Hervormingsagenda, zoals de aanscherping van de verordening Jeugd en de invoering van het Stevig Lokaal Team (SLT), worden vanaf 2026 geïmplementeerd. De voorbereidingen hiervoor zijn reeds in volle gang en zullen in de daaropvolgende jaren hun uitwerking krijgen. Uitgangspunt hierbij is dat we ook de komende jaren maatregelen nemen, om in 2028 de Hervormingsagenda, inclusief aanvullende taakstelling van het Rijk, te halen in 2028. Het rapport van de commissie van Ark is sceptisch over de Hervormingsagenda en heeft diverse aanbevelingen gegeven die door het Rijk opgepakt moeten worden. Vanuit de jaarrekening 2024 en de eerste maanden van 2025 is in beeld gebracht wat de financiële consequenties zijn van het bestaande beleid. De grootste impact op het bestaande beleid wordt veroorzaakt door hogere, op basis van het prognosemodel van de inkooporganisatie jeugd, verwachte stijging van jeugdzorgkosten van structureel € 4,3 miljoen. Deze hogere kosten zijn het gevolg van het met twee jaar verlengen van de inkoopcontracten jeugdzorg. Dit in tegenstelling tot ons standpunt. De uitbreidingsinvesteringen zijn herijkt ten opzichte van de Programmabegroting 2025. Hierbij hebben we net als vorig jaar rekening gehouden met 30% lagere lasten door latere uitvoering dan gepland.
Al deze ontwikkelingen leiden tot een structureel sluitend perspectief vanaf het jaar 2026. Dit is alleen haalbaar met doorvoeren van de voorgestelde ombuigingen. Op basis van de huidige kostenontwikkelingen en de inzet vanuit de reserve is het risico aanwezig dat voor het jaar 2030 opnieuw aanvullende ombuigingen noodzakelijk zijn. Hierbij zijn we echter mede afhankelijk van de bekostiging vanuit het Rijk en de nog op handen zijnde doorvoering van herverdeling gemeentefonds met ingang van 1 januari 2027. Om de begroting op langere termijn te ontlasten stellen we opnieuw voor om zoveel mogelijk uitbreidingsinvesteringen te dekken vanuit reserves. Dit zorgt per saldo voor lagere afschrijvingslasten in de begroting. Rekening houdend met de concept jaarrekening 2024 en aanvullende dekking voor toekomstige investeringen is de ontwikkeling van de vrije ruimte als volgt: Vrije ruimte Kadernota 2026 Weerstandscapaciteit jaarrekening 2024 af: Norm weerstandsvermogen Vrije ruimte t.o.v. norm af: hogere inzet vrije ruimte voor afschrijvingen investeringen Kadernota 2026 Gewijzigde vrije ruimte
herkomst Jaarrekening 2024 Jaarrekening 2024 Kadernota 2026
(bedragen x € 1.000) 54.650 -9.213 45.437 -6.297 39.140
31
Het gevolg voor de kengetallen op basis van de voorliggende Kadernota hebben we in beeld gebracht. We presenteren de kengetallen over de schuldquote, solvabiliteit en de structurele exploitatieruimte. De kengetallen grondexploitatie en belastingen zijn niet anders dan in de jaarrekening 2024 en daarom niet meegenomen. Bij de berekening van de kengetallen is rekening gehouden met de jaarrekening 2024, de primaire begroting 2025 en de Kadernota 2026. Dit leidt tot de volgende kengetallen:
Netto schuldquote 180% 160% 140% 120% 100% 80% 60% 40% 20% 0%
61%
76%
74%
76%
Minst risicovol
80%
83%
180% 160% 140% 120% 100% 80% 60% 40% 20% 0%
Neutraal
5,0%
70%
4,0%
60%
3,0%
50%
2,0%
40%
1,0%
30%
39%
38%
40%
39%
0,0%
20%
-1,0%
10%
-2,0%
0%
R-2024 B-2025 B-2026 B-2027 B-2028 B-2029 Meest risicovol
Neutraal
70%
68%
74%
69%
77%
Neutraal
Structurele exploitatieruimte
80%
41%
55%
Minst risicovol
Solvabiliteitsratio
41%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Minst risicovol
-3,0%
1,1%
2,2%
0,8%
1,8%
1,0% -0,1%
R-2024B-2025B-2026B-2027B-2028B-2029 Meest risicovol
Neutraal
Minst risicovol
De signaleringswaarden (meest risicovol, neutraal en minst risicovol) voor de kengetallen zijn gebaseerd op het gemeenschappelijk financieel toezichtkader voor gemeenten.
32
De netto schuldquote blijft ruim onder de meest risicovolle zone, dit is voornamelijk het gevolg van de toegenomen opbrengsten en de lagere schuld dan verwacht. De lagere schuld is het gevolg van een lager investeringsniveau dan verwacht en hogere bijdragen van derden. In latere jaren loopt de schuldquote iets op door toename van de toekomstige investeringen. De solvabiliteit is in de jaarrekening 2024 fors verbeterd door het positieve jaarrekeningresultaat. Door het positieve begrotingssaldo verbetert deze in de eerstkomende jaren. Vanaf 2028 een lichte daling door inzet algemene reserve ter dekking van het begrotingssaldo. Het structurele begrotingssaldo laat een positief beeld zien voor de eerstkomende jaren op basis van de voorliggende Kadernota 2026. De druk op latere jaren neemt iets toe door hogere kostenstijgingen ten opzichte van de verwachte compensatie hiervoor in het gemeentefonds.
33
2.1
Programmabegroting 2025 na wijzigingen
Het startpunt van de Kadernota 2026 is de Programmabegroting 2025 na wijzigingen. In onderstaand overzicht is deze gepresenteerd: Nr.
Omschrijving
2026 -1.990 -475 -24
2.1.1 Primaire Programmabegroting 2025 2.1.2 Vastgestelde begrotingswijzigingen 2.1.3 Begrotingswijzigingen onderweg Saldo Programmabegroting 2025 na wijzigingen
(Bedragen x € 1.000) 2027 2028 -226 385 -331 -219 -24 -24
-2.489
-581
142
2029 385 -219 -24 142
2.1.1. Programmabegroting 2025 Dit betreft het saldo vanuit de Programmabegroting 2025 voor de jaren 2026 t/m 2028. Het saldo van de nieuwe jaarschijf 2029 is in beginsel gelijk aan het saldo van 2028.
2.1.2. Vastgestelde begrotingswijzigingen 2025 Na het vaststellen van de Programmabegroting 2025 zijn diverse begrotingswijzigingen door de raad goedgekeurd. Het betreft de navolgende wijzigingen: •
1e begrotingswijziging 2025 Beheerplan civiele kunstwerken;
•
2e begrotingswijziging 2025 Septembercirculaire 2024;
•
6e begrotingswijziging 2025 1e begrotingswijziging SWVO 2025;
•
8e begrotingswijziging 2025 Begrotingswijziging 2024 Sabewa;
•
9e begrotingswijziging 2025 Extra bijdrage Startersleningen;
•
12e begrotingswijziging 2025 Voorbereidingskrediet Verplaatsing milieustraat en gemeentewerf;
•
15e begrotingswijziging 2025 Decembercirculaire 2024;
•
17e begrotingswijziging 2025 Verhoging fractiebudgetten;
•
18e begrotingswijziging 2025 Versterken Griffie Goes.
•
19e begrotingswijziging 2025 Spooronderdoorgang Kloetingseweg;
2.1.3. Begrotingswijzigingen 2025 in routing Op het moment dat deze Kadernota het besluitvormingsproces ingaat, zijn een aantal begrotingswijzingen door het college aan de raad voorgelegd. Echter, de raad moet hierover nog een besluit nemen. Voor zo’n volledig mogelijk inzicht in het begrotingssaldo worden deze wijzigingen wel meegenomen in het saldo van de Kadernota 2026. De navolgende begrotingswijzigingen zijn in routing: •
20e begrotingswijziging 2025 Huisvesting scouting
34
2.2 Heroverweging ombuigingen Programmabegroting 2025 In oktober 2024 is gestart met een ombuigingstraject om ons voor te bereiden op de gevolgen van het ravijnjaar 2026. Daarom is afgesproken om alle ombuigingen vanuit de Programmabegroting 2025 te heroverwegen.
2.3 Financiële uitgangspunten De financiële uitgangspunten betreffen de doorrekening van inflatie op budgetten en de opbrengsten. Deze inflatie wordt per kostensoort (bijvoorbeeld salaris, subsidies etc.) berekend. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van cijfers uit het Centraal Economisch Plan 2025 die in februari 2025 zijn gepubliceerd. In deze paragraaf zijn geen beleidswijzigingen verwerkt. De doorrekening van de financiële uitgangspunten leidt tot het navolgende overzicht: Nr. 2.3.1 2.3.2 2.3.3 2.3.4 2.3.5 2.3.6
2.3.7 2.3.8 2.3.9
Omschrijving
2026 840 670 -133 297 268 2.193
Salarissen en sociale lasten Gemeenschappelijke Regelingen en subsidies Materiële kosten Sociaal domein Lokale heffingen en overige opbrengsten Voorjaarsnota 2025 - accres Toevoegen jaarschijf 2029 aan de begroting Compensatie/groeipad hva Jeugd Voorjaarsnota 2025 - compensatie jeugdzorg Voorjaarsnota 2025 - lager budget jeugdzorg Voorjaarsnota 2025 - taakstelling jeugdzorg Herverdeling gemeentefonds Structureel dividend ZEH N.V. en GBE Aqua B.V. Incidenteel dividend ZEH N.V. en GBE Aqua B.V.
700 1.287 0 0 918 4.295
Saldo financiële uitgangspunten
11.334
(Bedragen x € 1.000) 2027 2028 860 930 180 50 -303 -390 366 428 343 165 2.365 2.385
2029 -1.280 -720 -933 -1.849 1.088 2.615 3.053
900 1.270 0 0 PM 918
1.473 -2.300 2.300 PM 918
1.573 -2.500 2.500 PM 918
6.898
5.958
4.464
Salarissen en sociale lasten Voor de indexatie op de lonen en salarissen wordt uitgegaan van de verwachte ontwikkeling cao-loon bedrijven. Daarnaast wordt rekening gehouden met een jaarlijkse additionele last van 0,6% als gevolg van periodieke verhogingen. Het voorlopige resultaat vanuit de cao 2025 voor de jaren 2025 en 2026 is ook verwerkt in deze Kadernota. Meerjarig leidt dit tot de volgende indexatie:
Indexatie salarissen
2026 3,0% 0,6%
2027 2,0% 1,6% 0,6%
2028 3,4% nvt 0,6%
2029 3,2% nvt 0,6%
cao-loon bedrijven cao- gemeenten 2025/2026 periodieke verhogingen Totaal
3,6%
4,2%
4,0%
3,8%
35
Gemeenschappelijke Regelingen en subsidies Voor de indexering van bijdragen aan Gemeenschappelijke Regelingen gaan we uit van de VZG-richtlijn. De voorlopige VZG-richtlijn voor 2026 gaan uit van een bezuinigingsrichtlijn van -/- 2,2%. Deze richtlijn is gebaseerd op de ontwikkeling van de algemene uitkering van de Zeeuwse gemeenten in de septembercirculaire 2024. Voor de jaren 2027 t/m 2029 is een inschatting opgenomen van 1/3 op basis van de prijs bruto binnenlands product en 2/3 cao-loon bedrijven. De definitieve VZG-richtlijn voor het jaar 2026 wordt vastgesteld op basis van de ontwikkeling van de algemene uitkeringen van de Zeeuwse gemeenten in de septembercirculaire 2025. In deze Kadernota gaan we daarom uit van de volgende indexaties:
Indexatie Gemeenschappelijke Regelingen en subsidies Prijs overheidsconsumptie: beloning werknemers (b) (weging 2/3) Prijs bruto binnenlands product (weging 1/3) VZG-richtlijn Totaal
2026
-2,2% -2,2%
2027
2028
2029
5,7%
4,6%
4,3%
2,2% nvt 4,5%
2,2% nvt 3,8%
2,3% 3,6%
Materiële kosten De mutaties in de materiële kosten zijn gebaseerd op de laatste inflatiecijfers zoals gepubliceerd door het centraal planbureau (CPB) van februari 2025. Uitgangspunt voor de materiële kosten is het indexcijfer prijs bruto binnenlands product. Voor de materiële kosten betekent dit een prijsstijging voor de jaren 2026 t/m 2029 van respectievelijk 2,7%, 2,5%, 2,6% en 2,5%.
Sociaal domein In overeenstemming met het raadsbesluit van juli 2020 sluiten we voor de indexering van de zorgkosten in het sociaal domein aan bij de indexering voor de salarissen en de sociale lasten van de gemeentelijke begroting. Deze indexering sluit beter aan bij de prijsontwikkeling van de zorgkosten. Ook is rekening gehouden met de verwachte volumeontwikkelingen. De indexatie voor de overige kostensoorten binnen het sociaal domein worden geïndexeerd volgens de indexatie voor materiële kosten (2.2.3) of de bijdrage aan gemeenschappelijke regelingen en subsidies (2.2.2).
36
Lokale heffingen en overige opbrengsten De indexatie voor de opbrengsten (huren, pachten, belastingen etc.) is gebaseerd op de verwachte ontwikkeling van de prijs bruto binnenlands product. Zie paragraaf ‘materiële kosten’ hierboven.
Landelijke Voorjaarsnota 2025 In de landelijke Voorjaarsnota zijn extra middelen voor het gemeentefonds voorzien. Voor ons betekent dit een voordelig effect van ongeveer € 2,5 miljoen structureel. Voor de jeugdzorg zijn in de landelijke Voorjaarsnota 2025 extra middelen toegekend waardoor een gedeelte van het tekort wordt gecompenseerd. Het Rijk legt ons wel een aanvullende taakstelling op voor de Hervormingsagenda jeugd vanaf 2028 voor ongeveer € 2,5 miljoen. Deze komt boven op de reeds aanwezige taakstelling van € 1,5 miljoen. Voor de taakstelling van de huidige Hervormingsagenda, zoals die nu in de begroting is opgenomen, hanteren we een ingroeipad voor de jaren 2026 en 2027. De haalbaar geachte maatregelen die genomen worden op basis van de Hervormingsagenda, zoals aanscherping van de verordening en het invoeren van het Stevig Lokaal Team (SLT) starten in 2026 en zullen in de jaren erna zijn uitwerking gaan vinden. Uitgangspunt hierbij is dat we ook de komende jaren extra maatregelen nemen, om in 2028 de Hervormingsagenda, inclusief aanvullende taakstelling van het Rijk, te behalen. Het rapport van de commissie van Ark is sceptisch over de Hervormingsagenda en heeft diverse aanbevelingen gegeven die door het rijk opgepakt moeten worden.
Daarnaast willen we ombuigingen doorvoeren op de kosten voor de jeugdzorg met € 1,8 miljoen vanaf het jaar 2028 (zie ook paragraaf 1.7.2 jeugdhulpkosten). Voor de uitwerking van het geheel aan ombuigingen en taakstellingen wordt een maatregelenplan opgesteld. Financieel leidt dit tot het volgende overzicht voor de jeugdzorg: Overzicht jeugdzorg huidige taakstelling hervormingsagenda jeugd (hva) in begroting 2025 aanvullende taakstelling hva - voorjaarsnota 2025 ombuigingsvoorstel nieuwe aanbesteding jeugdzorg compensatie/groeipad maatregelen hva - voorjaarsnota 2025 Totaal taakstelling jeugdzorg haalbaar geachte maatregelen nieuw te nemen maatregelen voor hva invulling ombuigingsvoorstel nieuwe aanbesteding jeugdzorg naar begrotingssaldo
2026 -1.200
1.300 100 600
700
(Bedragen x € 1.000) 2027 2028 -1.300 -1.500 -2.300 -1.800 1.200 -100 -5.600 1.000 1.500 2.300 1.800 900
0
2029 -1.500 -2.500 -1.800 -5.800 1.500 2.500 1.800 0
Herverdeling gemeentefonds De verdeling van de middelen uit het Gemeentefonds dient rekening te houden met de objectieve kenmerken van gemeenten. Om te bekijken of dat goed gebeurt, wordt in het Periodiek Onderhoudsrapport (POR), dat een bijlage is bij de begroting van het Gemeentefonds, geanalyseerd of de uitkomsten van het verdeelmodel van het Gemeentefonds aansluiten bij het actuele uitgavenpatroon van gemeenten.
37
Bij de invoering van het nieuwe verdeelmodel deelden de ROB en VNG in hun adviezen de visie dat het nieuwe model een verbetering is ten opzichte van het oude model, maar benadrukten dat verder onderzoek nodig is. De ROB heeft daartoe een onderzoeksagenda voorgesteld, die door de fondsbeheerders is onderschreven. Het model is geen eindstation en zal continu onderhoud vragen. Naar verwachting vindt bijstelling voor herverdeling van het gemeentefonds plaats in de meicirculaire 2026. Op basis van het huidige verdeelmodel komen wij naar voren als voordeelgemeente voor verdere herverdeling. Bijstelling van het verdeelmodel kan echter ook leiden tot een lager positief effect of zelfs negatief effect.
Structureel dividend ZEH N.V. en GBE Aqua B.V. In deze Kadernota is een nieuwe raming opgenomen voor de dividenden ZEH, Evides en GBE Aqua. Op basis van de meest actuele prognoses van deze dividenden zijn de geraamde opbrengsten voor 2026 tot en met 2029 aangepast. Uitgangspunt bij de raming is dat we 75% van ons aandeel in € 100 miljoen dividenduitkering structureel opnemen voor 2026 tot en met 2029. De totale dividend prognose komt daarmee voor de gemeente Goes uit op € 3,3 miljoen structureel.
Incidenteel dividend ZEH N.V. en GBE Aqua B.V. Voor het jaar 2026 nemen we incidenteel het resterende verwachte dividend mee. Deze is gebaseerd op een dividenduitkering van in totaal € 87 miljoen voor 2026 (exclusief hierboven genoemde € 100 miljoen). Het incidentele gedeelte bedraagt € 4,3 miljoen voor de gemeente Goes. Voor de jaren 2026 en verder nemen we voorzichtigheidshalve nog niet het incidentele dividend mee. Hiermee sluiten we aan bij het advies van de toezichthouder provincie Zeeland.
38
2.4 Financiële mutaties bestaand beleid In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties van het bestaande beleid weergegeven. Deze zijn afkomstig uit de jaarrekening 2024 en/of de eerste maanden van 2025. Alle financiële mutaties kleiner dan € 100.000 in het jaar 2025 zijn gespecificeerd in bijlage 1. Deze financiële mutaties zijn feitelijk geen keuze aangezien ze voortvloeien uit beleid wat door de raad is vastgesteld. Bijstelling in financiële zin kan alleen door aanpassing van het onderliggende beleid. Nr.
Omschrijving
(Bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028
2029
Bestaand beleid 2.4.1 Areaaluitbreiding groen en wegen 2.4.2 Soorten Management Plan (SMP) 2.4.3 Waardeontwikkeling als gevolg van areaaluitbreiding 2.4.4 Uren op voorzieningen wegen en gebouwen 2.4.5 Aanbesteding Jeugdzorg Dekking uit reserve sociaal domein Inzet Stevig Lokale Teams Dekking uit reserve sociaal domein 2.4.6 Volumestijging WMO 2.4.7 Stichting Goes Marketing 2.4.8 Minimabeleid en participatie voorzieningen 2.4.9 Gemeenschappelijke Regelingen 2.4.10 Mutatie uitbreidingsinvesteringen 2026 - 2029 2.4.11 Zelfregiecentrum 2.4.12 Wijkwerkers geestelijke gezondheidszorg 2.4.13 Gemeente van 40.000+ inwoners 2.4.14 Mutaties bestaand beleid < € 100.000
-220 -350 200 -300 -4.285 1.800 -300 300 -270 -100 -394 -885 4 -125 -142 -113 -136
-220 -100 200 -300 -4.285 1.800 -300 300 -270 -100 -394 -970 42 -125 -142 -150 -48
-220 -50 200 -300 -4.285
-220 -20 200 -300 -4.285
-270
-270
-394 -1.036 -125 -125 -142 -150 -48
-394 -1.048 -734 -125 -142 -150 -48
Saldo mutaties bestaand beleid
-5.316
-5.062
-6.945
-7.536
2.4.1. Areaaluitbreiding groen en wegen In 2024 is de gebiedsvisie Goese Schans vastgesteld met als thema’s verbinden, vergroenen en verfijnen. Met een eerste onderzoek willen we de bandbreedte van de investering en de beheerskosten in beeld brengen en meer zicht krijgen op de technische randvoorwaarden en uitdagingen.
2.4.2. Beschermde diersoorten bij isoleren Bij het isoleren van gebouwen moeten eigenaren en isolatiebedrijven rekening houden met de mogelijke aanwezigheid van beschermde diersoorten als vleermuizen. Dit is geregeld in de Omgevingswet en Flora & Fauna wetgeving. Dit kost veel tijd en geld. Daarom wordt er gewerkt aan een lange termijnoplossing via het Soorten Management Plan (SMP). De gemeente onderzoekt daarvoor het hele bebouwde gebied op de aanwezigheid van de diersoorten en voorziet ze in beschermende en compenserende maatregelen. De provincie, als bevoegd gezag, kan dan een gebiedsgerichte omgevingsvergunning verlenen.
39
2.4.3. Waardeontwikkeling als gevolg van areaaluitbreiding Uitbreiding van areaal van woonwijken en bedrijventerreinen leidt tot hogere inkomsten voor de onroerendezaakbelasting, rioolheffing en afvalstoffenheffing.
2.4.4. Uren op voorzieningen wegen en gebouwen In de urenbegroting zijn te veel uren begroot op de voorzieningen wegen en gebouwen. Dit wordt bijgesteld in de Programmabegroting 2026.
2.4.5. Aanbesteding Jeugdzorg De inkooporganisatie jeugd heeft, in tegenstelling tot ons standpunt, de huidige inkoopcontracten met twee jaar verlengd. Dit leidt voor ons tot hogere kosten jeugdzorg. De nieuwe aanbesteding voor jeugdhulp is gepland voor 2028. Ter overbrugging is tot dat moment extra geld nodig uit de reserve sociaal domein van €1,8 miljoen in 2026 en 2027. Vanaf 2028 verwachten we hierop een besparing te realiseren (zie ook paragraaf 1.7.2 jeugdhulpkosten). Door de Hervormingsagenda (HA) moet Goes vanaf 2025 bezuinigen. We gaan diverse maatregelen nemen, waaronder het organiseren van laagdrempelige hulp en collectieve ondersteuning onder andere door de vorming van Stevige Lokale Teams (SLT). We investeringen in kwaliteit en in de toegang €300.000 in 2026 en 2027. Hiervoor hebben we budget nodig uit de reserve sociaal domein.
2.4.6. Volumestijging WMO De kosten van de Wmo stijgen door meer cliënten. De stijgingen wordt gedeeltelijk gecompenseerd door hogere inkomsten in het gemeentefonds. Het verschil hiertussen is meegenomen in deze Kadernota.
2.4.7. Stichting Goes Marketing Het college heeft besloten om de stichting Goes Marketing meer zelfstandig te laten opereren. Zo zullen er per 1 januari 2026 geen bestuursleden of personeelsleden meer vanuit de gemeente Goes worden gedetacheerd aan de stichting Goes Marketing en zijn inhoudelijke kaders vastgesteld die gelden als randvoorwaarden voor de subsidieverlening. Dit zorgt voor extra kosten binnen Goes Marketing. Daarom wordt voorgesteld, twee jaar een extra incidentele bijdrage van 100.000 euro ter beschikking te stellen. In 2027 zal worden geëvalueerd of de verhoging van het budget reëel is en of de nieuwe relatie naar tevredenheid opereert.
40
2.4.8. Minimabeleid en participatie voorzieningen Het aantal bijstandsuitkeringen is gestegen met vijftig in vergelijking met 2024, vooral onder jongeren en statushouders. Dit leidt tot hogere kosten voor re-integratie, bijzondere bijstand en inburgeringstrajecten, maar we ontvangen ook meer inkomsten uit het BUIG-budget. We verwachten dat deze ontwikkeling doorzet in 2026.
2.4.9. Gemeenschappelijke Regelingen De begrotingen 2026 van de gemeenschappelijke regelingen geven een eerste beeld van de financiële ontwikkelingen binnen die organisaties voor de komende jaren. Deze ontwikkeling gaat leiden tot verhoging van kosten boven op de VZG-richtlijn. Vervolgens leidt dit tot een vraag naar een vergroting van de bijdragen van de deelnemers. De begrotingen 2026 van de gemeenschappelijke regelingen doorlopen in het eerste halfjaar van 2025 het proces van het beoordelen door de deelnemers, indienen van eventuele zienswijzen door de gemeenteraden en besluitvorming door het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling. Dit traject wordt in de eerste helft van 2025 afgerond en zal vervolgens bekend zijn voordat de gemeentelijke begroting 2026 wordt opgesteld.
VRZ Regionale Uitvoerings Dienst (RUD) GR de Bevelanden GGD Zeeland De Betho
(Bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028 -PM -PM -PM -465 -484 -487 -350 -350 -350 -70 -70 -70 -66 -129
Saldo mutaties gemeenschappelijke regelingen
-885
Gemeenschappelijke Regeling
-970
-1.036
2029 -PM -495 -350 -70 -133 -1.048
Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) De VRZ heeft het voorziene oplopende begrotingstekort in de Programmabegroting van 2026 opgelost door financiën en taken opnieuw kritisch te beoordelen en maatregelen te nemen. Ondanks deze maatregelen is een niet-sluitende begroting gepresenteerd door het niet toepassen van de bezuinigingsen indexatierichtlijn van de VZG. Deze begroting ligt op dit moment voor bij de Zeeuwse gemeenteraden voor zienswijze waarna in september de begroting definitief wordt vastgesteld. Afhankelijk van de zienswijzen en het besluit van het Algemeen Bestuur wordt inzichtelijk of de gemeenten een extra bijdrage moeten leveren. Daarnaast krijgt de VRZ vanaf 2027 te maken met oplopende kapitaallasten door vervanging van (brandweer)materiaal en -materieel. In de meerjarenraming wordt voorgesteld de gemeentelijke bijdrage hiervoor stapsgewijs te verhogen. Ondertussen wordt vanuit de VRZ en GGD gewerkt aan de samenwerking en de gezamenlijke huisvesting in Goes West.
41
Regionale Uitvoerings Dienst (RUD) De RUD heeft een plan van aanpak opgesteld om vanaf 1 april 2026 te komen tot een robuuste uitvoeringsdienst. Daarvoor zijn forse extra investeringen nodig. Per 1 januari 2026 wordt het contract met Terneuzen voor de huisvesting en dienstverlening beëindigd. De RUD verhuist naar Middelburg. De dienstverleningstaken worden door de provincie uitgevoerd. Ook dat gaat gepaard met aanzienlijke extra kosten. Verder wordt het bedrijvenbestand geactualiseerd en zijn er hogere kosten voor het structureel uitvoeren van de energiebasistaken.
GR de Bevelanden De concept Programmabegroting 2026 voldoet niet aan de VZG-richtlijnen waardoor een tekort ten opzichte van de gemeentelijke begroting ontstaat. Het daadwerkelijke financiële effect is afhankelijk van de vaststelling van deze Programmabegroting in het Algemeen Bestuur.
GGD Zeeland De afgelopen jaren heeft de GGD met het programma "Basis op Orde" hard gewerkt aan het versterken en verbeteren van de organisatie. Uit een externe evaluatie blijkt dat ze op de juiste weg zijn, maar dat verdere inspanningen nog nodig zijn. Daarnaast heeft de GGD de gevolgen van de VZG-richtlijn in kaart gebracht en enkele kansrijke opties voor bezuinigingen uitgewerkt.
2.4.10.
Mutatie uitbreidingsinvesteringen 2026 - 2029
De investeringsplanning voor de jaren 2026 – 2029 is bijgewerkt. De uitwerking en toelichting hier is opgenomen in hoofdstuk 1. Onder deze post is het verschil in de te verwachten kapitaallasten opgenomen ten opzichte van de Programmabegroting 2025.
2.4.11.
Zelfregiecentrum
In Goes is een 'zelfregiecentrum' (laagdrempelig steunpunt GGZ) opgericht voor inwoners met ernstige psychiatrische aandoeningen, zoals vereist door het Integraal Zorg Akkoord. Dit centrum voorziet in een behoefte, dat blijkt uit het aantal bezoekers. Tot en met 2025 is de financiering hiervoor geregeld vanuit het transformatiefonds. Vanaf 2026 is onzeker of er geld beschikbaar blijft.
42
2.4.12.
Wijkwerkers GGZ
Sinds vijf jaar werken er twee wijkwerkers GGZ bij SMWO. Zij helpen vroegtijdig bij verward gedrag en organiseren passende hulp en voorkomen daarmee escalatie en herhaling. De wijkwerkers hebben veel ervaring en kennis. Een goede samenwerking met zorg- en veiligheidsprofessionals is daarbij belangrijk. De financiering komt nu deels uit transformatiefonds, die in 2025 eindigen. Beveland Wonen betaalt ook een deel, waardoor er jaarlijks 142.000 euro vanuit de gemeente nodig is om de subsidie die wegvalt aan te vullen en de inzet te vervolgen.
2.4.13.
Gemeente van 40.000+ inwoners
Het aantal inwoners van de gemeente Goes is gestegen tot boven de 40.000. Dit betekent dat in de volgende raadsperiode uitbreiding van de vergoeding en omvang van de gemeenteraad plaats vindt. Deze extra kosten zijn hier meegenomen.
2.4.14.
Specificatie overige mutaties bestaand beleid < € 100.000
Alle overige mutaties die kleiner zijn dan € 100.000 zijn als specificatie opgenomen in bijlage 1.
2.5 Vervangingsinvesteringen Voor de investeringen wordt gerekend met een rekenrente van 3,25%. Deze sluit aan bij de geldende kapitaalmarktrente en de verwachte renteverhoging van de Europese Centrale Bank in 2025. De detailberekening van de kapitaallasten vindt plaats bij de Programmabegroting. Voor uitbreidingsinvesteringen ontvangt de raad een separaat raadsvoorstel. De vervangingsinvesteringen worden opgenomen en toegekend bij vaststelling van de Programmabegroting.
43
Bijlage 1: Specificatie overige mutaties bestaand beleid Op het bestaande beleid wat wij uitvoeren zitten financiële mutaties. In onderstaande tabel zijn de financiële mutaties op het bestaande beleid verwerkt die kleiner zijn dan € 100.000.
Nr.
Specificatie overige mutaties bestaand beleid < € 100.000 1 Beheerkosten parkeervoorziening Sprienke 2 Bestrijding Aziatische Hoornaar 3 Dekking rioolheffing - Aziatische Hoornaar 4 Uitbreiding rioolareaal 5 Dekking rioolheffing - uitbreiding rioolareaal 6 Onderhoud sportvelden en speelvoorzieningen 7 Onderzoek bruggen Goese Schans
Saldo mutaties bestaand beleid
(Bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028 -53 -15 -15 -27 -27 -27 27 27 27 -52 -52 -52 52 52 52 -33 -33 -33 -50
2029 -15 -27 27 -52 52 -33
-136
-48
-48
-48
44
Bijlage 2: Niet voorgestelde ombuigingsmogelijkheden Ref.
Categorie
BF.23 BF.28
Ombuigingsmogelijkheden
(Bedragen x € 1.000) 2026
2027
2028
2029
Inkomstenverhoging Kostendekkendmaken van de rioolheffing per 2028 (gefaseerd). Stopzetten Stoppen met de subsidie aan Goes Marketing
0 0
0 360
0 380
458 400
Inkomstenverhoging Kostendekkendmaken van de afvalstoffenheffing per 2028 (gefaseerd). Uit de GR treden en een nieuwe vorm van muziekonderwijs opstarten. OSC.19 Stopzetten Of het over laten aan de particulierer sector.
126
252
379
379
0
0
350
350
OSC.17 Stopzetten SD.07 Stopzetten
116 314
232 326
348 337
348 337
Inkomstenverhoging Verhogen van de onroerendezaakbelasting voor niet-woningen BF.14 SD.19 Stopzetten Halveren bijdrage Collectieve Ziektenkostenverzekering Minima Opheffen van st. Musea de Bevelanden en afbouwen subsidie OSC.10 Stopzetten Verhogen van de onroerendezaakbelasting voor woningen met een Inkomstenverhoging extra 1%. BF.24 RE.15 Stopzetten Terug laten komen van het geld dat wij hebben uitstaan bij SVn. Geen sportstimulering aanbieden of versoberen (budget verlagen) OSC.15 Stopzetten
102 0 223
204 240 223
306 240 223
306 240 223
72 55 177
144 55 182
216 55 182
216 205 182
BF.05 Inkomstenverhoging Verhogen lijkbezorgingsrechten naar 80% kostendekkendheid. OSC.14 Stopzetten Afschaffen schoolzwemmen Stopzetten subsidies zoals TEJO, jongerencoaching De Wissel, SD.17 Stopzetten scholenproject, Halt, kleinere subsidies incidenteel BF.02 Stopzetten Traineeship afbouwen Leges evenementen verhogen en ook voor B evenementen een tarief BF.06 Inkomstenverhoging invoeren Vermindering hoeveelheid restafval, vertaling in verhoging van OZB M.01 Efficiency niet - woningen OSC.08 Versoberen Optimalisatie buitensport accommodaties SD.21 Efficiency afbouwen subsidie SVRZ voor de wijkservicepunten. Maatregelen gericht op versobering van het groen en de aankleding van de openbare ruimte RE.05-A Stopzetten Stoppen met subsidie inloop kwetsbare ouderen /indicatievrije SD.18 Stopzetten dagbesteding OSC.05 Stopzetten Subsidieplafond culturele raad of afschaffen culturele raad. SD.32 Stopzetten Stopzetten jaarlijkse subsidie beheer buurthuizen.
SD.10 Stopzetten Het stoppen met het Volwassenfonds Sport & Cultuur SD.26 Stopzetten Het stoppen met het Jeugdfonds Sport & Cultuur BF.03 Stopzetten Geen beveiliger meer bij de receptie BF.04 Stopzetten Op donderdagavond de balie sluiten OSC.06 Stopzetten Minder subsidie Cultuur Het stoppen met de zwemregeling voor kinderen uit gezinnen met SD.27 Stopzetten een laag inkomen onder de 130% OSC.02 Versoberen Het stopzetten van structurele subsidie voor amateurverenigingen
180 163
180 167
180 167
180 167
54 100
108 150
162 150
162 150
100
100
100
100
0 0 33
30 0 66
80 100 99
100 100 100
93
93
93
93
28 81 26 0 75 0 70 0
57 81 52 75 75 70 70 60
85 81 78 75 75 70 70 60
85 81 78 75 75 70 70 60
60 0
60 55
60 55
60 55
BF.22
Korten op de subsidie poppodium het Beest Het afschaffen van het Declaratiefonds
45
Ref.
Categorie
Ombuigingsmogelijkheden
Het verlagen van de financiele tegemoetkoming voor chronisch zieken SD.12 Versoberen en gehandicapten SD.35 Stopzetten Stopzetten van re-integratieactiviteiten in de Ruilwinkel van SMWO M.02 Efficiency Aanpassing tarief inzameling oud papier Niet meer plaatsen vuurwerkkappen parkeerautomaten tussen Kerst en Oud & Nieuw, waardoor het gratis parkeren in deze periode wordt RE.07 Efficiency afgeschaft. Het stoppen met de kledingregeling voor kinderen uit gezinnen met SD.28 Stopzetten een laag inkomen RE.04 Versoberen Terugtreden als aandeelhouder uit NV Economische Impuls OSC.04 Versoberen Versoberen exploitatie subsidie bibliotheek BF.07 Versoberen Stoppen met Goes magazin en Goes info Jaarlijks budget onderzoek verbeteringen participatie €45.000 laten SD.06 Stopzetten vervallen. Kostendekkend maken cateringvoorzieningen Stadskantoor, BF.16 Inkomstenverhoging Troelstralaan OSC.21 Versoberen Stopzetten zorgadviesteams Jaarlijks verlenen wij subsidie aan Emergis Preventie en SMWO voor voorlichting over alcohol en drugsgebruik aan jongeren (b.v. SD.03 Stopzetten voorlichting op scholen, informatieavonden voor ouders) Jaarlijks kopen wij bij het SMWO buurtbemiddeling in. SD.22 Stopzetten Buurtbemiddeling wordt ingezet bij (ernstige) burenruzies.
SD.24 Versoberen Afbouwen vrijwilligersvergoeding Maatregelen op het verminderen van het verwijderen van zwerfafval in RE.05-D Versoberen de gehele gemeente SD.39 Stopzetten Stopzetten jaarlijkse subsidie wijkverenigingen Inleveren vrije ruimte en geen aanvullende diensten GGD meer SD.29 Stopzetten afnemen BF.19 SD.02 SD.11 SD.38
Inkomstenverhoging Betaald parkeren parkeergarage Het verlagen / afschaffen van het wijk- en dorpsbudget (in samenhang Versoberen met de Buurbonus bezien) Het verlagen van de inkomensgrenzen van minimaregelingen van Versoberen 130% naar 120% Stopzetten Stopzetten jaarlijkse subsidie ouderensozen
(Bedragen x € 1.000) 2026
2027
2028
2029
53 10 0
53 25 50
53 52 50
53 52 50
50
50
50
50
50 47 0 45
50 47 0 45
50 47 46 45
50 47 46 45
45
45
45
45
40 20
40 20
40 20
40 40
20
30
40
40
40 40
40 40
40 40
40 40
36 12
36 24
36 35
36 35
33
33
33
33
30
30
30
30
30
30
30
30
30 8
30 16
30 23
30 23
OSC.03 Stopzetten
Stoppen met onderhoud beeldende kunstwerken in openbare ruimte
0
22
22
22
RE.05-B Versoberen
Maatregelen gericht op versobering van het straatmeubilair Beeindigen overeenkomst beiaardier en stopzetten subsidie stichting Goese beiaard Het afschaffen van de buurtbonus Stoppen met JOGG Verlagen mantelzorgwaardering
25
20
20
20
0 17 15 13
20 17 15 13
20 17 15 13
20 17 15 13
Verminderen onderhoud en serviceniveau begraven Maandagochtend sluiting voor de balie. Receptie blijft wel open. Stoppen met de aansluiting bij de landelijke website geldfit.nl Terugdringen dienstverleningsniveau FZ Inboeten op de samenwerking De Bevelanden op het gebied van wonen, werken, recreatie en duurzaamheid Het afschaffen van munt als betaalmogelijkheid parkeerautomaten en betaalautomaten
12 10 7 25
12 10 7 25
12 10 7 25
12 10 7 0
50
50
50
0
35
35
35
0
3.094
4.745
5.935
6.494
OSC.01 Stopzetten SD.01 Stopzetten OSC.12 Stopzetten SD.25 Versoberen RE.05-C Versoberen BF.04B Stopzetten SD.09 Stopzetten BF.18 Versoberen RE.03
Versoberen
RE.06
Efficiency
Totaal niet voorgestelde ombuigingsmogelijkheden
46