CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

ondertekende ROK CPG Centrumdeel tbv publicatie

Gemeenteraad 11 oktober 2021, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Raadsvoorstel opheffen geheimhouding documenten centrumplan Gilze16.422 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

lndien het plan, rioleringstechnisch, uitgevoerd wordt als onderbemalen gebied dient een pompinstallatie te worden geïnstalleerd waarbijde pompcapaciteit moet zijn afgestemd op de uit de rioleringsberekening volgende capaciteit. De pompinstallatie dient te zijn voorzien van spoelklep en voorts compleet bedrijfsklaar te worden opgeleverd met hijskettingen, gietijzeren koppelingsvoet, rvs geleidebuizen, balkeerkleppen, schuifaÍsluiters en persleidingen. De put voorzien van een veiligheidsrooslers met handgÍepen en slot. Ten behoeve van de pompaansturing leveren en aanbrengen van een apparatuurkast RAL 6005 met verlichting. ln de apparatuurkast is gemonteerd een schakelautomaat voor directe aansturing van de pomp. Schakelautomaat voorzien van hoofdschakelaar, inslallatie-automaat t.b.v. stuurstroom, lichtgroep met aardlekbeveiligin g, motorbeveiligin gsschakelaars met thermische en magnetische beveiliging voor de pompen, mag n eetschakelaars, traÍ o 230 I 24v, keuzeschakelaars u it- auto matischhand, voeding gemaalcomputer, overspanningsbeveiliging voor netÍilter en telefoonlijn, noodvoedingsaccu's, stroomtrafo voor stroommeting van de pompen, wandcontactdoos, ln de put dient een niveausensor, type LS100, met 10 meter kabel te worden gemonteerd en aangesloten op de pompsturing. ln de apparatuurkast dient een vaste teleÍoonaansluiting van KPN te worden ger-nstalleerd.

Kosten voor deze aansluiting zijn voor rekening van de planontwikkelaar. Abonnementkosten zijn voor rekening van de gemeente.

13

3.5 Ontwerp BÍj het ontwerpen van het riool moet met het volgende afschot gerekend worden

soort

verhang pvc-riool tot 250 1:250 vanaÍ 300mm voor beton en pvc diameter 300 1:350 diameter 400 1:600 diameter 500 1:800 diameter 600 1:1000 diameter 700 1:1200 diameter 800 1:1200 diameter 900 1:1200 diameter 1000 1 :1500 diameter 1250 1 :1500 1 :1500 diameter 1500

mm mm mm mm mm mm mm mm mm mm mm

3.6 Reiniging en inspectie Alvorens het rioolstelselwordt overgedragen dienen de kolken en het hoofdriool onder druk te worden gereinigd en dient de riolering middels een video inspectie te worden gecontroleerd. Deze inspectie wordt aangeleverd op DVD en uitgevoerd door een erkend gespecialiseerd bedrijÍ. De inspecties worden uitgevoerd volgens de normen NEN 3398 en NEN 3399

3.7 Drainage Eventuele drainageleidingen uitvoeren in PVC met een polypropyleenomhulling van 450 mu of 700 mu. De afwateringldrainage van de aanliggende woningen en particuliere eigendommen dient gewaarborgd te blijven. De projectontwikkelaar dient het nieuwe openbare gedeelte en bebouwing op een dusdanige hoogte aan te leggen dat geen wateroverlast bij de aanliggende percelen ontstaat. lndien in een later stadium blijkt dat er sprake is van overlast als gevolg van de uitgevoerde werken dient de ontwikkelaar dit op eigen koslen te herstellen.

14

4 Verhardingen 4.1 Materiaalsoort De toegepasle verhardingsmaterialen dienen de goedkeuring van de gemeente te hebben. Per bestemmingsplan wordt bekekenen wat toepasbaar wordt gesteld.. Uitgangspunt is dat gebruik gemaakt wordt van meer duurzame materialen. Stenen met kleurechte toplaag, waarvan de deklaag van min. 10 mm voor 1007" dient te bestaan uit kleurechte natuursteen, al dan niet ondersteund met een anorganische kleurstof. Gebakken klinkers en natuursteen, tenzij door de gemeente aangêgeven wordt dat hiervan kan worden aÍgeweken. Uitgangspunten: HooÍdriibaan: - Gebakken straatstenen, keiformaat 210x105x80 mm. Kwaliteit A4-12. Kleur rood/bruin oÍ andere kleur door gemeente nader aan te geven. Te straten in keperverband. - AsÍalt minimaal 3 lagen op 0,25 m ongebonden menggranulaat 0i40 en 0,60 m zand voor zandbed. Asfalt STAB 0/16 6 cm, OAB 5 cm en DAB 4 cm of SMA 3,5 cm 0/11. Hiervan kan worden afgeweken indien er asfalt voor stille wegdekken wordt vereist.

.

r Woonsl[aten:

- Rijweg van gebakken straatklinkers KF (keiÍormaat) of DF (dikformaat) 4l12,in keperverband kleur roocl/bruin, Straten in keperverband. ln de ruwbouwÍase, blokverband, op zandbed of puinfundering.

o Voetpaden:

o r

a

o

- Tegels 30x30x4,5cm kleur grÍjs oÍ grijs merwebasalt deklaag (afhankelijk van gebied) halfsteensverband. Ter plaatse van inritten tegels kleur grijs 30x30x8cm toepassen. - Gebakken klinkers dikformaat, halfsteensverband kleur rood/bruin Parkeerstrook: Betonstraatslenen, keiÍormaal, dik 80 mm. Kwaliteit 1. kleur basaltzwart met grove structuur kleurecht. Bestrating in elleboogverband met halve stenen. Vakindeling door witte betonstenen t-1 (20 cm - 20 cm). Fietspaden: - Uit te voeren in asfall op gebroken puinmengsel (menggranulaat 0/40). De constructie dient als volgt te zijn opgebouwd. 0,3 meter zand voor zandbed; 0,20 meter ongebonden verhardingslaag (menggranulaat 0/32) en 10 cm dik. Asfalt in minimaal 2 tagen aanbren ge n. Onderlaag van steenslagasf altbeton STAB 0/22 verkeersklasse 2 150 kg/mZ (6cm) en rode toplaag van dichtasfaltbeton DAB 0/16 voorzien van tilrood 016 met blanke bitumen, verkeersklasse 2. Na eerste walsgang afstrooien met 2,5 kglm? ontstoÍt tilrood 2-6. - Een mogelijke variant is STAB 0/22175 kg/m2 (7 cm) met SMA 0/11 75 kglm2, voorzien van tilrood 0/6 met blanke bitumen. Na eerste walsgang aÍstrooien met 2,5 kgim2 ontstoÍt tilrood 2-6.

-

Fietsoaden: - ln rode structuur betontegels afm 30x30x6 cm op zandbed van 0,40 m lndien gebakken klinkers in de Íiets suggestiestrook worden toegepast zal de keuze bestaan uit dikformaat (df) kleur geet 4/12. 15

. Rode coating thermoflex toepassên bijfietsstroken r Bedriiventerreinen uitvoeren Ín asfalt met een minimale constructie van 3e o .

lagen asfalt (STAB 7 cm, STAB 5 cm en SMA 4 cm), 0,25 m. ongebonden menggranulaat 0/40 op 0.60 m zandbed. Overriidbare oedeeltes fiets- en voetoaden Gedeeltes op voet- en Íietspaden, waar bewegingen te verwachten zijn van zwaar verkeer, dienen uitgevoerd te worden in tegels 30x30x8cm. Plateau Op de plateau's koperslak split tegels 20x20x8 toepassen. Diagonaal straten. Grasbelon teqels Langs wegen in buitengebied bij een wegbreedte van kleiner of gelijk aan 4,00 m grasbetontegels in de berm aanbrengen

4.2 DwarsproÍiel De indeling van de straten en wegen dienen in proÍielovereen te komen rnet de maatvoering op bijbehorende plantekening. De aansluitingen vanuit het plan op de bestaande wegen dienen binnen dit plan te worden opgenomen en uitgevoerd als plateau volgens CROW normen.

Tussen rijloper en langsparkeervakken dient een molgoot te worden aangebracht van tenminste 50 cm. Bovenvermelde wegbreedten zijn exclusieÍ opsluit- en trottoirbanden, maar incl. een straatgoot van 20 cm (dubbele streklaag) oÍ een gedeelte van de molgoot. Bochtstralen R minimaal 6,00 meter toepassen. Wegen op bedrijventerrein / industrieterrein dienen ten minste een breedte te hebben van 7,00 meter verharding en uitgevoerd in asÍalt. Kantopsluitingen achter de afwateringsgoot door opsluitbanden 1 00x250mm. Kantopsluiting bij aanliggend trottoir rijbaanzijde trottoirband 1 30/1 50x250mm oÍ 1 80x200x250 Opsluiting trottoir perceelzijde met opsluitband 60x200mm, Bochlstralen rijbaan minimaal 6,00 meter.

Parkeren

Het aantal te realiseren openbare parkeerplaatsen staat sterk in relatie tot de te bouwen wooneenheden. De parkeerbalans is aÍhankelijk van de bestemming in hel plangebied (wonen, senioren, winkels, sport) en is aan de hand van de richtlijnen ASVV 2004 en de CROW publicatie 182 "ParkeercijÍers - Basis voor parkeernormering" vastgesteld. Het Parkeernorm

16

beleid is door de gemeente d.d 23 nov 2004 vastgesteld . 2 PP per woning is het uitgangspunt AÍmetingen van parkeerplaatsen volgens de van toepassing zijnde normen uit de ASVV (Aanbevelingen vooÍ Stedetilfe Verkeersvoorzieningen). Samengevat houdt dit het volgende in: Langs parkeerhavens 200 cm breed, 600-650 cm lang; haaks parkeren minimaal 230 cm breed, diep 500 cm; schuin parkeren afhankelijk van hoek ten opzichte van de rijweg. Bij haakse parkeerplaatsen aansluitend aan het trottoir dient rekening gehouden te worden met de oversteek van de voorzijde van de auto. Trottoir verbreden tot 2.40 m oÍ in de parkeerhavens stootbanden t0epassen. Fietspaden

Vrijliggend: ín een richting bereden, minimaal 2,50 meter breed ín twee richtingen bereden, minimaal 3,50 meter breed.

Aanliggend: in een richting bereden, minimaal 1,50 meter breed in twee richtingen bereden, minimaal 3,00 meter breed Afstand tussen rijweg en aan te leggen vrijliggend fietspad tenminste 1, 00 meter. Voetpaden Voetpaden en trottoirs minimale breedte 1,65 meter exclusief trottoirband en opsluiting achterzijde. lndien haakse parkeerplaatsen aanwezig zijn dan het trottoir verbreden naar 2.'10 m.

4.3 Dwarshelling/afschot . De bestrating aanleggen als gewijzigd tonrond profielvolgens "De Slandaard". . De dwarshelling bedraagt 20Á, incidenteel4o/o

4.4 Goten/ wateropvang a

a a a

a

a

Maximale gootdiepte bedraagt 40 mm t.o.v. de aansluitende verharding. Het verhang in de lengterichting mag niet meer bedragen dan 1/zo/". Ter plaatse van inritten of toegangsvoorzieningen voor gehandicapten geen kolken plaatsen, Molgoten van elementenverharding dienen te bestaan uit 5 strekse riien klinkers (KF) of 7 strekse rijen (DF) in halÍsteensverband. Molgoot langs parkeerhavens van 5 strekse lagen. 2 strekse lagen van de rijweg, 3 strekse lagen van de parkeerhaven. De straatgoot bijeen elementenverharding bestaat uit 2 strekse lagen voor zowel klinkers in KF als in DF Íormaat. De straatgoot naast asÍaltwegen wordt uitgevoerd in betonklinkers grijs die loodrecht op de betonband worden gesteld (breedte wordt dan 20 cm). Of tegel 150x300 mm

17

4.5 Opsluitingen Ten behoeve van de bestrating dienen de volgende opsluilingen te worden toegepast. o Alle banden beton, kleur grijs r Hele, onbeschadigde trottoirbanden te gebruiken. r Pas maken van banden door middel van zagen r Alle bochtbanden proÍiel 18/20x25cm en 13/15x25cm, straal overeenkomende met tekening. . Overgang trottoir - rijbaan en parkeerstrook naar voor- ên achtertuin woningen trottoirband 18x2o125 oí 13/15x25cm. Kwaliteit l, Kleur: grijs. e Achterzijde trottoir opsluitband 6x20cm kwaliteit 1. Kleur: grijs o lnritconstructie en invalidenopritjes; inritblokken links en rechts hoekstuk 30x60x20cm Kwaliteit 1, Kleur: donkergrijs. Tussen hoekstukken zwarte bss toepassen. Niet kleurecht (moeten verkleuren na verloop van tijd) r Banden 5112/20 ovenijdbaar naast molgoot toepassen . Bij parkeerplaatsen, uitwendige hoekstukken met inwendig bochtstraal0,S aan brengen, . Alle passtukken van opsluitbanden dienen te worden gezaagd. Alle aansluitingen van verschillende opsluitbanden d.m.v. overgangstuk. . Biioverdracht van het openbare gedeelte daent alle verharding vrijte zijn van puin- en zandresten.

4.6 Straatlaag

. Als straatlaag onder klinkerverharding bij aanwezigheid van puinfundering r

brekerzand toe te passen, gemiddelde dikte 50 mm, onder tegelwerk straatzand. Alle bestratingen dienen na aanbrengen te worden ingeveegd met brekerzand en te worden afgetrild.

4.7 voegvulling

. Voegvulling tegen onkruidgroei t.b.v. bestratingen met voeg groter dan 5 mm. . Alleen toepassen bij gebakken materialen of natuursteen.

4.8 betonprint

o Beton print t.b.v. verkeersgeleiders. Kleurecht toepassen (Creteprint) o Almetingen variabel. De eerste 3 meter zwarVwit blokverband toepassen

4.9 Straatwerkdrempelmarkering / verkeersplateau's r markering volgens ASVV 14.41104 oÍ CROW-publicatie 172 r Alle malerialen t.b.v. drempelmarkering nieuw te leveren. . Bss zwarl lwit / grijs e.a. zoals aangeven in ASVV 14.41104 oÍ CROWpublicatie 172 o Maatvoering volgens ASVV 12.416 en 12.414 oÍ CROW-publicatie 172 18

a

a

Drempels van plateaus uit te voeren conÍorm ASVV '9612.416 en lP.4/4 (B cm hoog). CROW-publicatie 172 Op plateau koperslaksplit tegels toepassen. ln diagonaal straten (45 graden) tenzij anders in overleg Kruisingsvlak uit te voeren in ter plaatse van de betreffende kruising vrijgeko men materiale n ; uitvoerin g in keperverband, koperslaksplitteg els

4.10 Markerlng en coatlng

. Markering thermoplast kleur wÍt reÍlecterend. ln overleg type high lntensity toepassen. o Rode coating type thermoÍlex toepassen bíjfietsstroken.

19

5 Groenvoorziening 5.1 Groenvoorzieningen algemeen Het plannen van groenvoorzieningen binnen te ontwikkelen stedelijke gebieden, dient vanaÍ de eerste stedenbouwkundige opzetten meegenomen te worden. De hierna beschreven randvoorwaarden en technische uitvoeringsregels zijn de uitgangspunten ten aanzien van aan te leggen groenvoorzieningen binnen de gemeente Gilze en Rijen. a

Langs erftoegangswegen moet naast het noodzakeÍijke profiel aan weerszijden een extra obstakelvrije strook gereserveerd worden voor de aanplant van bomen.

a

Bomen of beplantingen mogen nooit het verkeer hinderen oÍ het uitzicht belemmeren.

a

De minimale breedte van de fijne heestervakken moeten in verband met het onderhoud 2,00 m. bedragen.

o

De minimale breedte van de heestervakken moeten in verband met het onderhoud 3,00 m. bedragen.

a

Voor bosplantsoen geldt een breedte van minimaal7.00 m.

o

Bij het ontstaan van binnenteneinen in de planontwikkeling, welke de Íunctie speelterrein oÍ openbaar groen krijgen, moet er rekeníng mee gehouden worden dat zij minimaal aan één zijde ontsloten wordt door een pad van tenminste 3.00 m, welke obstakelvrijis.

a

Gespreid groen mag niet leiden tot z.g. 'snippergroen' (overhoeken in woongebieden). Alle vanuit de verkaveling ontstane restgroenstrookjes (snippergroen) moeten uitgegeven te worden en toegevoegd aan de tuinen van de bewoners. Dit in overleg met de aldellng Vastgoed.

a

Waar mogelijk passen we inheemse plantmaterialen toe, ter bevordering van de biodiversiteit.

5.2 Bestaande groenvooÍzieningen Met betrekking tot het inpassen van bestaande groenelementen in het ontwerpplan geldt het volgende: Het bomenbestand dient voor aanvang van het project te worden

geïnventariseerd en opgenomen te worden in het digitale bestand van de inmeting. Er dienen passende maatregelen te worden genomen om eventuele schade, gedurende de tijdsduur van de bouwactiviteiten, aan te handhaven boom c.q. bomen te voorkomen. Hierbijdenkend aan het plaatsen van bouwhekken buiten de kroonprojectie oÍ stam beschermíng van de te handhaven boom c.q. bomen.

.

20

r . o . o . . r

r r .

Wanneer Íysieke aÍscherming van de gehele kroonprojectie niet mogelijk is dan dienen er bij bouwverkeer (om wortelbeschadiging en verdichting te voorkomen), binnen de kroonprojectie beschermende maatregelen genomen te worden. Toekomstige grenzen van kavels moeten buiten de kroonprojectie van bestaande bomen vallen. Binnen de kroonprojectie mogen geen ophogingen of aÍgravingen plaatsvinden. Binnen de kroonprojectie mogen geen uitritten worden geprojecteerd Binnen de kroonprojectie mogen geen materialen worden opgeslagen. Leidingtracés bíj te handhaven bomen worden buiten de kroonprojectie geprojecteerd. Afwijkingen hierop geschieden in nauw overleg met de aÍdeling lngenieursburêau. Bijtoegebrachte schade aan de te handhaven bomen zalde boomwaarde worden bepaald door de methode rekenmodel NVTB Bi.i ontgravingen of andere maatregelen die de waterhuishouding bijte handhaven bomen (ook op particulier tenein) kunnen beïnvloeden dienen co m penserende maatre gelen te worde n getroÍÍe n. Grondophogingen in de directe omgeving van te handhaven bomen, dienen zoveel als mogelijk vermeden te worden. Wordt dit -in overleg met de gemeente alsnog toegepast, dan dient de aanwezige vegetatie verwijderd te worden (gras incl. zoden) om storende lagen in de toekomst te voorkomen en zuurstofopname mogelijk te houden.

De aangebrachte grond mag niet verdicht worden en moet voldoende vochtdoorlatend zijn. Er mag geen grond worden aangebracht onder natte omstandigheden. Bij grotere ophogingen dienen ventilatiekokers te worden aangebracht. Te handhaven groenvoorzieníngen moeten ook beschermd worden met behulp van een raster of hekwerk. Groenvoorzieningen van aanliggende particulieren terreinen dienen beschermd te worden tegen activiteiten die deze voorzieningen kunnen schaden (ontgravingen, ophoging, bronnering, drainage, enz).

5.3 Grondwerkzaamheden . Ter plaatse van toekomstig openbaar groen, dient de bovengrond tot o r r

0,50m diepte te worden doorgespit. Ter plaatse waar een boom gepland is moet de teelaarde laag 80 tot 100cm zijn en dient de ondergrond te worden doorgespit. Het blijvend grondproÍiel dient, na zetting, aan te sluiten op de aanliggende percelen, tenziianders is aÍgesproken met de gemeente. Al het grondwerk dient bijdroog weer te worden uitgevoerd. Plantsoenen en gazons dienen afwaterend (helling 1:50) richting openbare watergangen of waterpartijen te worden afgewerkt.

5.4 Bomen algemeen Bomen vervullen speciÍieke Íuncties zoals bijvoorbeeld ordening, geleiding, oriëntatie, accentuering (al of niet in combinatie met heesters), schaduwwerking en

21

snelheidsbeïnvloeding. Behalve bij geleiding geldt dit alleen voor bomen van de 1e of 2e grootte. AÍhankelijk van de grootte worden bomen toegepast in de volgende situatiesr 1" grootte bij uitzondering in kleinschalige gebieden, wel in grootschalige gebieden; 1'grootte in groepen of bijvoorkeur in grootschalige gebieden; 2e grootte bijvoorkeur in kleinschalige gebieden; 2'grootte in groepen of zowel in groot- als in kleinschalige gebieden; 3ê grootte bij voorkeur in kleinschalige gebieden 3ê grootte in groepen of bijvoorkeur in kleinschalige gebieden.

solitair: solitair: solitair:

rijen: rijen: rijen:

Voor bomen dient de volgende ruimtebehoefle in acht genomen te worden: 1e grootte > 12 m in volwassen toestand (bijv. eik, beuk en iep) Ten behoeve van de wortelhals en de bescherming van de stam dient de boomkrans een diameter te hebben van minimaal2 meter. 2ê grootte 6 - 12 m hoog (bijv. berk, els, lijsterbes) Ten behoeve van de wortelhals en de bescherming van de stam dient de boomkrans een diameter te hebben van minimaal 1,5 meter. 3e grootte < 6 m (bijv. meidoorn, sierappel, sierpruim etc.) Ten behoeve van de wortelhals en de bescherming van de stam dient de boomkrans een diameter te hebben van minimaal l meter.

boom:

boom:

boom:

Bij bomen die geplant worden in wegen waar ook nutsvoorzieningen liggen, moet altijd antiworteldoek (rootcontrolschermen) of kabelbescherming aangebracht worden ter bescherming van deze voorzieningen. De afstand van de te plaatsen bomen tot aan de gevel dient voor:

- bomen 1e grootte minimaal 6 m. te bedragen; - bomen 2ê grootte minimaal4,50 m. en - bomen 3e grootte minimaaÍ3 m.

De aÍstand lussen bomen en kabels en leidingen dient voor bomen 1e grootte minimaal3 m te zijn; bomen 2" grootte minimaal 1,5 m en voor

- bomen 3" grootte minimaal 1,5 m.

De afstand tussen bomen en rioleringistamriolering dient voor: bomen'1e grootte minimaal3,S m te zijn; bomen 2e grootte minimaal3,S m en

- bomen 3" grootte minimaal3 m.

22

5.5

Bomen in verharding

Ter plaatse van bomen in verharding geldt het navolgende: Grond verbeteren ten behoeve van te planten bomen. Grondsoort: bomenzand of boomsubstraat, De grondverbetering dient te zijn; bomen 1e grootte minimaal 16m3. te bedragen; Bomen 2ê grootte minimaal 9m3. te bedragen; bomen 3e grootte minimaal6m3. te bedragen; De ruimten voor de boomrandbanden worden deugdelijk aÍgerasterd ter grootte van minimaal2 x2m, zodat de ruimten beschermd worden tegen het berijden ervan of van materiaalopslag. Bomenzand en -granulaat dient in lagen van maximaal 30cm te worden aangebracht, met een maximale verdichting van 1,S à 2,0 Mpa. Bomenzand en -granulaat moet met droge weersomstandigheden worden aangebracht. Bomen met een boomkrans à niveau dienen t.o.v. de verharding beschermd te worden met een boomframe of boomkorf, type in overleg met de gemeente, Per boom, in de verharding, aanbrengen beluchtings- enioÍ nfiltratiesysteem, geperforeerde voorom hulde drainbuis, om hulling met kokos incl. afsluitdeksel. Diameter drainbuis B0mm. De drainbuis op een diepte van 0,30-0,40m rondom het wortelgestel aanbrengen; lengte per boom: aÍhankelijk van wortelgestel oÍ kluit. ln door de gemeente aan te geven kwalitatieÍ hoogwaardige gebieden dienen boomroosters te worden aangebracht, type in overleg met de gemeente Gilze en Rijen. Alle overige omschrijvingen inzake leveríngen, materialen, werkzaamheden etc.

dienen conform de RAW-systematiek. uitgevoerd te worden.

r

. . .

r

.

i

o r

5.6

Te verplanten bomen Wanneer (grotere) bomen verplant moeten worden is het raadzaam om de bomen op de verplantactie voor te bereiden. lmmers een goede voorbereiding verhoogt de kans op een succesvolle verplanting. De voorbereiding moet plaatsvinden in de jaren voorafgaande aan de daadwerkelijke verplanting. De voorbereiding moet bestaan uit: Rondgraven van de kluit (voldoende ver uit de stam) bij verplanting met een verplantmachine dient de diameter van de kluit zoveel mogelijk afgestemd te worden op de diameter van de plantschep van de verplantmachine. Bij het rondgraven van de kluit dient ook aandacht besteedt te worden aan het snoeien. Als vuistregel geldt !'10 o/o van de kroon uitlichten. Bomen 0,05m dieper planten dan dat ze op de kwekerij hebben gestaan. Het rondgraven, snoeien en verplanten dient door een erkend hoveniersbedrijf utgevoerd te worden. Het uitvoerend bedrijf dient ter goedkeuring aan de toezichthouder van de gemeente voorgelegd te worden.

23

Nazorg verplante boom: De verplante boom moet tot en met 3 jaar na de verplanting verzorgd worden. Er zal een garantie moeten worden afgegeven op het aanslaan van de verplante boom.

Methode van verplanten: Dit is afhankelijk van de grootte en de soort boom. De verplantmethode in overleg met de gemeente Gilze en Rijen Alle overige omschrijvingen inzake leveringen, materialen, werkzaamheden etc. conÍorm de RAW-systematiek dienen uitgevoerd tê worden.

5.7 a

5.8

Boompalen

r Per boom dienen 3 niet verduurzaamde kniepalen (larix-, fijnspar-, of

. r 5.9

Wortel geleidin gssysteem Alle overige omschrijvingen inzake leveringen, materialen, werkzaamheden etc. conform de RAW-systematiek. dienen uitgevoerd te worden

douglashou$ met een lengte van 1,50m en een diameter van 80-90 cm aangebracht te worden. Lengte van de paal boven het maaiveld:0,6m., Bevestiging met boomband breed 40 mm en schuifmoÍ. Boomband van met canvas versterkt rubber met een dikte van 3 tot 7 mm. Bomen met een ondergrondse verankering: Werkzaamheden en leveringen conÍorm de RAW-systematiek dienen uitgevoerd te worden Alle overige omschrijvingen inzake leveringen, materialen, werkzaamheden etc. conÍorm de RAW-systematiek. dienen uitgevoerd te worden Leveranties levende materialen

. Bomen en heesters(wortelgoed)dienen in het najaar, tenzij anders overeengekomen, te worden aangeplant. r Bodembedekkers, heesters en vaste planten (potmateriaal)dienen in het voorjaar te worden aangeplant. r Aan het plantmateriaalwordt een garantietermijn van 3 jaar gekoppeld. e Alle te leveren bomen dienen soortecht te zijn, goed afgekweekt, met rechte stam en doorgaande top en een goed vertakt wortelstelsel. . Het planten van de heesterbeplanting in driehoeksverband. De afstanden tussen de rijen, in de rijen, groepsgrootte worden door de gemeente aangegeven. Het planten van beplanting in wildverband. Het aantal per m2 wordt door de gemeente aangegeven. De plantvakken en boomspiegels dienen vrijvan ongewenste kruidengroei opgeleverd te worden. Het le leveren plantmateriaal dient ziektevrij, onbeschadigd en soorlecht te

r . . zijn. r De plantwerkzaamheden dienen door vakbekwaam personeel uitgevoerd te worden.

24

a

a

a

5.10 a

a

a a

a

a a

5.11 a a a

a

a

a

5.12 a

a

Leveranlies, transport of opslag van bomen geschiedt uitsluitend bij vorstvrijweer. Het plantmateriaal dient zodanig vervoerd te worden, dat het tijdens het transport niet uit kan drogen. Het plantmateriaal moet voldoen aan de Handelsvoorwaarden voor Boomkwekerij in Nederland en dient voor zover van toepassing NAK-B gekeurd te zijn. Alle overige omschrijvingen inzake leveringen, materialen, werkzaamheden etc. dienen conÍorm de RAW-systematiek. uitgevoerd te worden.

Gazonaanleg Na grondbewerking dienen de oppervlakten bestemd voor gazonaanleg te worden verdicht en te worden geëgaliseerd De gazons dienen in en aan de oppervlakle vrijte zijn van stenen, grof vuil, zwerÍvuil en verontreinigingen van welke aard dan ook. Graszaad ten behoeve van gazons dient licht te worden ingewerkt en te worden aangerold. De te gebruiken hoeveelheid graszaad, bestemd voor de aanleg van hel gazon, bedraagt 150k9 per hectare Gazonaanleg geschiedt, aÍhankelijk van de wêersomstandigheden, bij voorkeur in de maanden maarVapriloÍ augustus/september. Het gazon dient gelijktijdig met het inzaaien bemest te worden met 2 kglare beendermeelkorrels. Alle overige omschrijvingen inzake leveringen, materialen, werkzaamheden etc. dienen conÍorm de RAW-systematiek. uitgevoerd te worden Bermaanleg Na grondbewerking dienen de oppervlakten bestemd voor bermaanleg te worden verdicht en te worden geëgaliseerd De bermen dienen in en aan de oppervlakte vrij te zijn van stenen, groÍ vuil, zwerfvuil en verontreinigingen van welke aard dan ook. Graszaad ten behoeve van bermen dient licht te worden ingewerkt en te worden aangerold De te gebruiken hoeveelheid graszaad, bestemd voor de aanleg van de berm, bedraagt 150k9 per hectare Bermaanleg geschiedt, aÍhankelijk van de weersomstandigheden, bij voorkeur in de maanden maarUapril of augustus/september.

Alle overige omschrijvingen inzake leveringen, materialen, werkzaamheden etc. dienen conÍorm de RAW-systematiek. uitgevoerd te worden

Bloemenmengselaanleg Na grondbewerking dienen de oppervlakten bestemd voor aanleg te worden verdicht en te worden geëgaliseerd De bermen dienen in en aan de oppervlakte vrijte zijn van stenen, grof vuil, zwerfvuil en verontreinigingen van welke aard dan ook.

25

a

a a

a

5.13

Bloemenzaad ten behoeve van bermen dient licht te worden ingewerkt en te worden aangerold De te gebruiken hoeveelheid bloemenzaad, bestemd voor de aanleg van de bloemenweide is afhankelijk van het type. Aanleg geschiedt, aíhankelijk van de weersomslandigheden, bij voorkeur in de maanden maart/april oÍ augustuslseptember. Alle overige omschrijvingen inzake leveringen, materialen, werkzaamheden etc. dienen conÍorm de RAW-systematiek. uitgevoerd te worden

Bloembollenaanleg

. Aanleg bijvoorkeur in de maanden oktober I november. o Alle overige omschrijvingen inzake leveringen, materialen, werkzaamheden etc. dienen conÍorm de RAW-systematiek. uitgevoerd te worden

5.í4

Soorten

o Boomsoort: soort en stamomvang voÍgens nadere opgave gemeente Gílze . . . o o .

en Rijen, te leveren met oÍ zonder kluit, aantalop plantekening aan te geven. Heesters: soort, maat, kwaliteit en plantaÍstand volgens nadere opgave gemeente Gilze en Rijen. Hagen: soort, maat, kwaliteit en plantaÍstand volgens nadere opgave van de gemeente Gilze en Rijen. Blokhagen planten op 20cm uit kant verharding. Gazonmengsel: aÍhankelijk van de grondsoort oÍ omstandigheden waarin het gazon moet groeien. Bijnormale omstandigheden het mengsel Rapide gebruiken. Bermmengsel: Bermmengsel 83 Bloembollen: soort op aanwíjs van de gemeente. Zomerbloemen; soort op aanwijs van de gemeente

5.ï5

Boombeschermingbii(bouw-)projecten ln het algemeen geldt dat in gevalvan werken in de nabijheid van oÍ aan bomen, vooraÍgaand aan de werkzaamheden eerst contact opgenomen dient te worden met de gemeentelijke toezichthouder over de wijze van uitvoeren. Wanneer bij (bouw-)projecten bomen gehandhaaÍd worden, moeten de volgende punten in acht genomen worden: r Voordat het ontwerp definitief wordt vastgesteld moet een Bomen EfÍect Analyse (BEA)worden gedaan door een daarvoor erkend en onafhankeliik boomspecialist. Uit de BEA moet blijken welke gevolgen de aanleg heeÍt voor de bomen die er staan en welke maatregelen genomen kunnen worden om de schadelijke efÍecten te minimaliseren. Tijdens de uitvoering moet worden gecontroleerd welke eÍÍecten er plaatsvinden en moeten er passende maatregelen worden genomen. r Er mogen geen graafwerkzaamheden uitgevoerd worden binnen de kroonprojectie.

26

a

a

Het verwijderen van wortels dikker dan 5 cm, dient handmatig met behulp van een zaag ol een bijl te gebeuren. Dit in overleg met de gemeente Gilze

en Rijen. De kroonprojectie dient Íysiek aÍgeschermd te worden met behulp van een deugdelijk raster oÍ hekwerk. Dit hekwerk moet worden aÍgesloten met een slot.

a

a

a

a

a

a

a

a

a

Wanneer fysieke aÍscherming van de gehele kroonprojectie niet mogelijk is, dan dienen er bij bouwverkeer aÍdoende beschermende maatregelen genomen te worden door bijvoorbeeld het leggen van ríjplaten. Dit om wortelbeschadiging en verdichting te voorkomen. Wanneer Íysieke aÍscherming van de gehele kroonprojectie niet mogelijk is, dan dienen de stammen beschermd te worden met planken met daarachter 80m m drainage. Oude verharding vlak bij bomen mag nooit machinaal opgenomen worden, enkel met de hand. Kabels en leidingen mogen nooit dichter dan 3 meter langs bestaande bomen gelegd worden. Kabels en leidingen in de kroonprojectie dienen vermeden te worden. Er mogen geen (vloei)stoÍfen zoals olie, cementwater, chemische stoÍÍen, zuren, kalk, asfalt en beton in de nabijheid van bestaande bomen gedeponeerd worden. Er mogen binnen de kroonprojectie van een boom geen materialen oÍ machines opgeslagen worden. Bouw- en opslagketen mogen niet binnen de kroonprojectie geplaatst worden. Wanneer grond verdicht wordt nabijeen boom, dan mag deze maximaaÍ 2 MPA bedragen. De verdichtingsgraad dient gecontroleerd te worden met een penetrograaf. Kranên, vrachtauto's en/oÍ zwaar materieel mogen niet binnen de kroonprojectie van een boom rijden oÍ werken.

Wanneer tijdens het groeiseizoen gebronneerd moet worden, dient een damwand rond de wortelkluit aangebracht te worden en moet er retourbemaling met zuurstoÍíijk water toegepast worden. Als alternatief kan men de werken uilstellen tot de winterperiode, wanneer bomen minder vocht nodig hebben.

Bij grondophogingen in de directe omgeving van te handhaven bomen, dient men met het volgende rekening te houden: Aanwezige vegetatie dient verwijderd te worden (bij gras, compleet met zode), dit om storende lagen in de toekomst te voorkomen en zuurslofuitwisseling mogelijk te houden. De aangebrachte grond mag niet verdicht worden. De aangebrachte grond moet voldoende vochtdoorlatend zijn. Er mag geen grond worden aangebracht onder natte omstandigheden Ophogingen dienen beperkt te zijn, immers niet alle soorten verdragen grote ophogingen. Bij grotere ophogingen dienen ventilatiekokers aangebracht te worden.

.

. o r . .

27

Wanneer er grondafgravingen plaatsvinden in de nabijheid van een boom, dient men met het volgende rekening te houden: Er mogen geen wortels bloot komen te liggen tijdens de werkzaamheden en nadat de werkzaamheden zijn voltooid. Er dient een minimale grondaÍdekking van 10 cm boven het wortelgestel behouden te blijven. Bij het werken binnen de kroonprojectie mag alleen uiterst voorzichtig te werk gegaan worden.

r r .

6 Straatmeubilair

6.1 Openbareverlichtlng Bovengronds Het lichttechnisch ontwerp moet voldoen aan het "Beleidsplan Openbare Verlichting van de gemeente Gilze en Rijen". Aan de hand van een lichttechnische berekening moel de juiste situering van de masten en hun onderlinge afstand worden bepaald. Als uitgangspunten voor deze berekening wordt het Politiekeurmerk veilig wonen gehanteerd, waarbij door opdrachtgever de soort mast, de lichtpunthoogte, het armatuur èn lamp wordt aangegeven. Als Íunctie van de openbare verlichting kan onderscheid gemaakt worden in verkeersveiligheid, sociale veiligheid en decoratieve aspecten. Nadrukkelijk wordt gewezen op het Íeit dat Enexis zorg draagt voor de aansluiting van de lichtmast. Hiervoor moet bij Enexis oÍferte aangevraagd worden. Deze verplichte aansluitkosten voor lichlmasten worden door Enexis doorberekend. Deze kosten zijn voor rekening van de planontwikkelaar. Alle werkzaamheden aan het openbaar verlichtingsnet die plaatsvinden buiten de plangrenzen maar direct invloed hebben op deze bouwlocatie dienen te worden uitgevoerd namens en voor rekening van de ontwikkelaar. Gedacht moet worden aan het verzwaren van een kabel, het (ver)plaatsen van lichtmasten, extra voorzieningen in het traÍostation enz. Ondergronds De ontwikkelaar is verplicht het ondergronds deel van de openbare verlichting aan te vragen bij Enexis.

Aanleg dient, met instemming van de gemeente, door een erkend installateur te worden uitgevoerd.

Randvoorwaarden Openbare verlichting De openbare verlichting dient te voldoen aan de richtlijnen van de NSvV

(Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde) en het Politiekeurmerk, Toepassen: -Wegen buiten de bebouwde kom -in bochten ter verhoging van de verkeersveiligheid -op kruisingen en T-kruisingen

28

-op komgrenzen, vaak in combinatie met snelheidsremmende maatregelen -bij snelheidsremmende maatregelen -bij verkeersregulerende maatregelen -ter plaatse van lintbebouwing (aaneengesloten bebouwing) B. Wegen binnen de bebouwde kom -op alle wêgen -openbare terreinen, parkeerplaatsen -langs vrijliggende fietspaden en fietsroutes die niet direct door de weg- en oÍ straatverlichting wordt aangestraald. Jangs voetpaden Wat wordt niet verlicht: Binnen de bebouwde kom Brandgangen en achterpaden worden niet van verlichting voorzien. Recreatieve wandelpaden Buiten de bebouwde kom Vrijliggende Íietspaden, ook als rijweg niet verlicht ís.

r e o

Keuze lichtmast: De lichtmasten zijn van staal en thermisch verzinkt - lichtpunthoogte van 4 meter type Valmont paaltop 200.C.135 - lichtpunthoogte van 6 meter type Valmont 100.j.159 - lichtpunthoogte van 8 meter type kromstaf De masten voorzien van: Aansluitsnoer: Draka QWPK / H05B Q-F 3 x 1 mm2 (zgn. stijgkabel) Aansluitvoorziening: type EK-1 8-G1 s-SP-K Íabrikaat Langmatz. Masten aÍvullen met draineerzand. Lichtmasten nummeren: mbv 3M Scotchlite Brand Sheeting 580 Series aanbrengen op lichtmast op een hoogte van ca. 1.80 m. Keuze armaturen: De armaturen worden geleverd door lndustria lndustria type 200.C.135 incl. elektronisch VSA met lamp PLL 24wl84 (PLL 36w184). Type Valmont lndustria type 100.J.159 incl. elektronisch VSA met lamp PLL 24wt84 (PLL 36w/84). Type lris 2551. lndustria type Nemesi 4 met een lamp SON-T 100 W dimbaar naar 70 W

-

De hooÍdstructuur weqen voorzien van armaturen met SONiT verlichtino. Armatuur van lndustria type kromstaf Nemesi 4 met lamp SONff 100w Masten met lichtpunthoogte van I meter. Voorschakelapparaat (VSA) gecompenseerd. De weoen oo het bedrjiventerrein voorzien van wit licht conÍorm het oolitiekeurmerk.

29

Toepassen van lichtmasten met lichtpunthoogte van I meter. Armatuur van lndustria type 2551 lris inclusieÍ elektronisch voorschakelapparatuur met lamp PLL 36 Vsa electronisch dimbaar De doorgaande weoen en wiikontsluitinosweoen SON/T verlíchtino Toepassen van lichtmasten met lichtpunthoogte van 8 meter. Armatuur van lndustria type 2551 lris inclusief elektronisch voorschakelapparatuur met lamp PLL 36 Vsa electronisch dimbaar Buurtontsluitinqsweoen en woonstraten uitvoeren in wit licht. Lichtmasten met lichtpunthoogte van 4 en 6 meter. LPH 4 meter: de keuze uit de volgende armaturen lndustria type 200 ínclusieÍ elektronisch VSA met lamp PLL 36w184. lndustria type 100 inclusief elektronisch VSA met lamp PLL 36w/84. lndustria type 2400 PADVINDER incl. elektronisch VSA met lamp 18w184 (langs Íietspaden)

o o .

LPH 6 meter: de keuze uit de volgende armaturen:

. lndustria 200 met elektronisch VSA met lamp PLL 36d84 r lndustria 100 lris met elektronisch VSA met lamp PLL24wl84 r lndustria type 100 Valmont incl. elektronisch VSA met lamp PLL 36w/84 . lndustria type 200 lRlS incl. elektronisch VSA met lamp PLL 55w/84 Fiets en voe-tpaden binnen de bebouwde kom uituoeren in wit licht Vedichting wordt aangebracht langs fietspaden als zijeen belangrijke verbindingsÍunctie hebben tussen woonwijken onderling dan wel tussen woonwijk en winkelcentra. Overwogen moet worden of een redelijke acceptabele alternatieve Íietsroute aanwezig is. Langs fietspaden worden lichtmasten type paaltop 4 mtr. (200 C 135) met lndustria padvinder (type 2400) armatuur aangebracht (lamp PLL24wl84 of 36w/84)

r

6.2 Verkeersborden: Uitvoerinq

o Uitvoering volgens de Nederlandse norm NEN 3381, de RVV 1990 en voorzien van het keurmerk Qualisign.

r De borden worden uitgevoerd met de oppervlakte van de aÍbeelding in retroreflecterend materiaal klasse lll (Diamond Grade); . Dubbelomgezette rand (D.O.R.) en afgeronde hoeken; randen in twee componenten lak gespoten.

o Het RW {Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens) 1990 en de

uitvoeringsvoorschriften BABW (Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer) zijn hier van toepassing.

30

6.3 Straatnaamborden

Tekst Op de straatnaamborden zalde tekst conÍorm het raadsbesluit worden aangebracht. lndien gewenst kan extra tekst worden toegevoegd onder de straatnaam. Te denken valt hierbij aan de toevoeging van bijvoorbeeld: "politicus van 1956 tot 1985" of 'Verzètstrijder W.O ll". Deze tekst in kleinere letters uitvoeren Uitvoerinq

o Plaatsen door eigen dienst van de Gemeente Gilze en Rijen Beheer en onderhoud: Door het gemeentelijk aannemingsbedrijÍ (BOR) wordt het beheer en onderhoud van de straatnaam- en verkeersborden uitgevoerd. Zj dragen zorg voor de instant houding. De straatnaamgeving wordt door de afdeling B&S verzorgd.

6.4 Banken Op de volgende locaties worden banken geplaatst: speelplekken pleinen looP en Íietsroutes van 55+ woonvoorzieningen richting centra van de kernen wandelroutes zowel binnen als buiten de bebouwde kom markante uitzichtplaatsen en ter plaatse van monumenten

. o . r o

Banken worden onder en rondom van een dusdanige verharding voorzien dat vervuiling en onkruidgroei wordt geminimaliseerd. Uitzonderingsgevallen vormen pleinen die een bijzondere inrichting hebben en waarbij het straatmeubilair qua vormgeving aangepast wordt aan het totaalbeeld.

6.5 AÍvalbakken AÍvalbakken worden op de volgende locaties geplaatst: . bijde hierboven genoemde banken . trapvelden . bij hondentoiletten en overige hondenuitlaatvoorzieningen o naast bushaltes o ln de winkelcentra op duidelijk zichtbare locaties Rondom de paal moet een (boom)spiegel aangebracht worden indien deze in het gazon komt te staan om het maaien van de gazons goed te kunnen uitvoeren.

6.6 Poepzakjesautomaten Poepzakjesautomaten worden op aanwijs van de Gemeente Gilze en Rijen geplaatst. Zie verder hondenuitlaatvoorzieningen 6. 1 3.

31

6.7 Ondergrondse afual veniverki ngssystemen ln overleg met de huidige aÍvalverwerker zijn de volgende voorwaarden van toepassing voor de aanleg van ondergrondse verzamelcontainers: . de beschikbare ruimte voor 1 container (inhoud 4t/2 mg) dient 250 x 270 cm (lengte x breedte)te zijn o de capaciteit van één conlainer bedraagt maximaal 30 huishoudens r de locatie voor het plaatsen van de containers dient vrij te zijn van kabels, leidingen en riolering (vooraÍ KLIC-melding aanvragen en voorafgaand aan de aanleg een sleuf graven) . de afstand van de openbare verharding tot aan de container(s) mag niet meer dan 90 cm bedragen . de verharding waar de ondergrondse container geplaatst wordt, dient nagenoeg horizontaal te liggen . de locatie dient obstakelvrij te zijn o de container dient op openbare grond te staan e indien de container op particuliere grond staat, dient de particuliere grond om niet overgedragen te worden aan het afvalverzamelbedrijÍ c.q. een bruikleenovereenkomst opgesteld te worden . de container dient zo dicht mogelijk bijde uitgang van het gebouw geplaatst te worden o rondom de container dient een verhardingsstrook aangebracht te worden van minimaal90 cm o de maximale loopaÍstand vanaf de in- c.q. uitgang van het gebouw mag niet meer dan 75 meter bedragen .

bij bejaardenwoningen, 55+ woningen, seniorenwoningen en woningen voor lichamelijk gehandicapten ligt de maximale loopaÍstand op 45 meter vanaf de in- c.q. uitgang van het gebouw en dient de route er naar toe drempelvrijte zijn

o het afval verzamelbedrijÍ dient zelf zorg te dragen voor de plaatsing van de container en de stroomvoorziening . de aannemer/projectontwikkelaar dient voor de fínanciering van de ondergrondse containe(s) zorg te dragen

o de container(s) blijven in eigendom van het aÍval verzamelbedrijf o het afval verzamelbedrijf zorgt voor lediging van de containers, onderhoud, o o

6.8

reparatie en vervanging, zonder dat daar extra kosten voor in rekening gebracht worden alleen huishoudens die zijn aangesloten op de container hebben toegang tot de container er dient een zogenaamde clusterplaats (verzamelplaats) in overleg met de Gemeente Gilze en Rijen te worden aangebracht. Deze dient te worden voorzien van een tegel met het symboolvan een aÍval container. De maximale aÍstand bedraagt 20 meter tussen de onderlinge clusterplaatsen. Clusterplaats altijd in overleg met de Gemeente Gilze en Rijen te bepalen.

Fietsparkeersysteem

. type U vorm, inclusieÍ betonnen voet HPL 077 (grÍjs)aÍstand hart op hart bedraagt 90 cm.

32

6.9 Kabels en leidingen Algemeen De materialen van de noodzakelijke kabels en leidingen en de daarbij behorende boven- en ondergrondse onderdelen en accessoires worden bepaald door de betrefÍende verantwoordelijke kabel- en leidingbeheerders Coórdinatie De ontwikkelaar brengt de nutsbedrijven op de hoogte van de geplande werkzaamheden en neemt het initiatief tot het beleggen van een eerste overleg waarbijde tracékeuze zal worden vastgelegd.

Ligging De kabels en leidingen dienen aan 'l zijde van de straat gesitueerd te worden volgens standaardproÍiel. ln dit tracé dienen geen diepwortelende beplanting oÍ bomen voor te komen. Sleuven Sleuven van kabels en leidingen dienen te worden aangevuld met zand. Zand voor sleufaanvullingen moet voldoen aan het gestelde in de Standaard 2000 voor zand in zandbed. Revisie Bij overdracht van het openbaar gebied aan de toekomstige beheerder overlegt de ontwikkelaar revisietekeningen van de uitgevoerde kabelen leidingwerkzaamheden. Revisiegegevens dienen digitaal te worden aangeleverd op DGN ÍoÍmaat (microstation). Werkzaamheden binnen en buiten de plangrens. Alle kabel en leidingwerkzaamheden die plaatsvinden binnen en buiten de plangrenzen en direct of indirect van belang zijn voor deze bouwlocatie dienen te worden uitgevoerd namens de ontwíkkelaar. Gedacht moet worden aan het verzwaren van een kabel, het (veQplaatsen van regelkasten enz. Dit houdt in dat alle kosten die de nutsbedrijven moeten maken om de door hen ontworpen en aangelegde installatie bedrijfsklaar te realiseren en in beheer te nemen, ten laste komen van de ontwikkelaar.

6.1 0 Speelvoorzieningen a

a

Speeltoestellen en ondergronden moeten voldoen aan de eisen gesteld in het Warenwetbesluit Attractie- en speeltoestellen (WAS) en expliciet aan de NENEN 1176 en NEN-EN 1177 normen. ln de gemeentelilke nota 'Ruimte voor Jeugd' staan de randvoorwaarden voor het creëren van een speelplek. bv 3o/o van de openbare ruimte reserveren voor speelruimte en speelcirkels voor de verschillende leeÍtijdsgroepen.

33

a

Een speelplek moet voorzien zijn van een bank, aÍvalbak en een speciaal bord verboden voor honden.

Een jeu de boulesbaan moet worden aangebracht in overleg met het lngenieursbureau.

6.11 Palen a

a

a a

Schakel palen van beton toepassen als zijnde grond kering bij een hoogte verschilvan 50 cm boven het bestaande maaiveld. Recycling aÍzetpaal toepassen alleen waar geen doorgang van gemotoriseerd verkeer gewenst is. ln sommige gevallen kunnen palen toegepast worden ter bescherming van meubilair, bomen oÍ trottoir. Extra palen altijd in overleg met het lngenieursbureau bepalen. Het streven is zo min mogelijk palen in de openbare ruimte toe te passen. Neerklapbare paal gebruiken als inritpaal of afsluiting van bepaalde gebieden die dagelijks toegankelijk moeten zijn. Flexpaal zwart/wit reÍlecterend toepassen op alle geleiders die worden aangebracht bij versmallin gen.

6.12 Hekwerken a

a

Gaashekwerk toepassen bij erÍ aÍscheidíngen, rondom uitbreidingsplannen en rondom hondenlosloopgebieden. Plantsoenhekwerk toepassen rondom plantvakken groter dan 10 m2. en in hagen achter voetbaldoeltjes.

6. 1 3 Hordenuitlaatvoorzieningen

Binnen een straalvan 200m van een woning moet een hondenuítlaatvoorziening aanwezig zijn. Deze voorziening kan bestaan uit: o Een hondentoilet. Deze bestaat uit een zandgedeelte van gm2 met daaromheen verharding. Hierbijkomt een blauwe hondenaÍvalbak en paaltje met blauw bordje. o Een hondenuitlaatplaats. Deze bestaat uit ruig gras en/of beplanting. Hierbij komen minimaal twee paaltjes met groen bordje. Een aan het begin en een aan het eind van het gebied. Oppervlakte richtlijn 100m2. r Een hondenlosloopgebied. Dit is een (liefst omheind)gedeelte gras eniof beplanitng waarbij honden los mogen lopen. Bijde ingang(en) van het terrein een paaltje met geel bordje plaatsen. Oppervlakte richtlijn 2A0m2. . Poepzakjesautomaat. Op plaatsen waar voornoemde voorzieningen niet mogelijk is.

34

7 Diverse regelgeving 7.í Opruimwerkzaamheden De aannemer dient er voor te zorgen dat het openbaar toegankelijk deel van het bouwterrein ordelijk blijÍt zodat er geen gevaar ontstaat voor derden. Hiertoe dient het terrein dagelijks te worden opgeruimd en vrij te zijn van overtollige materialen etc.

7.2 Schade als gevolg van bouwactivlteiten De aannemer is aansprakelijk voor alle door bouwactiviteiten veroorzaakte schade aan derden en openbaar gemeentelijk eigendom. O.a denkbaar zijn: Hei- of trillingsschade aan bestaande woningen in de directe nabijheid van het plan. Schade aan groenvoorzieningen, vijvers en funderingen als gevolg van lan gdurige grondwateronttrekking. Schade aan straatwerk, groen, bebakening en wegmeubilair veroorzaakt door het bouwverkeer. Voor aanvang van de werkzaamheden dient in dit kader een vooropname van het openbare gebied rondom het plangebied uitgevoerd te worden. De aannemer dient 4 weken voor aanvang van de werkzaamheden hierover contact op te nemen met de aÍdeling lB van de gemeente Gilze en Rijen. Eventuele schade aan openbaar eigendom veroorzaakt door aannemer wordt op basis van de werkelijke kosten hersteld namens de gemeente en vergoed door de projectontwikkelaar.

o . .

7.3 Verkeersmaatregelen

. De aannemer dient zorg te dragen voor de plaatsing, instandhouding en verwijdering van een juiste aÍzetting. r Afzetting dient te voldoen aan de aanbevelingen zoals omschreven in CROW publicatie 96b r De aannemer waarborgt de bereikbaarheid en toegankelijkheid van de belendende percelen, woningen, bedrijven en openbare gebouwen, alsmede ten behoeve van de toegankelijkheid voor politie, brandweer, GGD etc.

7.4 Car-verzekering De gemeente adviseert de aannemer en mede ten behoeve van de architect, adviseur, constructeurs, aannemer(s),onderaannemer(s), installateur(s), een Constructie AllRisk Verzekering (BOUW-verzekering) aÍ te sluiten, dekking biedend tegen: (of anders afgesproken) a. beschadiging, verlies oÍ vernietiging van het werk, waaronder voor de bouw bestemde materialen, b, het risico voor aansprakelijkheid voor schade aan goederen van derden, en de daaruit voortvloeiende gevolgschade, alsmede voor dood en/of lichamelijk letselvan peÍsonen, veroorzaakt in verband met de uitvoering van het werk, c. materiële schade aan de in de polis omschreven bestaande eigendommen door de

35

uitvoering van het werk met afsluiting van schade door brand, blikseminslag, explosie, dieÍstal en/of vernieling.

7.5 Oplevering o Opleveringen van het openbare gedeelte vinden plaats in de aanwezigheid . r .

7-G

van de aÍdeling lngenieursbureau (lB) en/of aÍdeling Beheer Openbare Ruimte (BOR) van de gemeente Gilze en Rijen. Van de opleveringen wordt door de gemeente een schriltelijk rapport opgesteld. Gebreken en andere opmerkingen worden zo nodig binnen 4 weken hersteld. Na de onderhoudsperiode draagt het lngenieursbureau het werk over aan de afdeling BOR. Het aÍdelingshoofd van de aÍdeling BOB geeÍt schriftelijk (middels een overdrachtsprotocol) aan dat er geen financiële middelen meer nodig zijn voor het pro,ect.

Nazorgperiode

Tijdens de nazorgperiode worden gebreken opgelost en onderhoud uitgevoerd door en voor rekening van de projectontwikkelaar. De volgende periodes worden genoemd. Verhardingen: Het herstraten van verzakkingen en andere oneffenheden waaronder sleuÍaftekening riolering, in de verharding gedurende 6 maanden na eerste lechnische oplevering. Groenvoorzieningen: Het onderhouden van het gazon en plantvakken en het verzorgen (water geven tijdens droge perioden) van bomen gedurende 1 jaar na eerste technische oplevering. Voor bomen geldt volgens paragraaÍ 3.9.5. een garantietermijn van 3 jaar. Verlichting: het narichten van masten en het vervangen van deÍecte verlichting (voor zover niet veroorzaakt door vernielingen oÍ verkeersschade, gedurende 6 maanden na eerste technische oplevering. Riolering: Het opheÍfen van verstoppingen, het wegnemen van ernstige zettingen en verzakkingen in het leidingsysleem, het opnieuw stellen van verzakte kolken en putten gedurende 6 maanden na eerste technische oplevering. De nazorgperiode gaat pas in nadat alle werkzaamheden aan het openbare gebied zijn afgerond, door de gemeente zijn beoordeeld en akkoord bevonden, zijn overgedragen aan de gemeente en het openbaar gebied o.a. de wegen niet binnen een periode van twee jaar als toegang voor bouwverkeer voor een eventueel volgende bouwÍase worden benut en de aannemer c.q. bouwer dezelfde partij is.

o .

c .

7.7 o

Revisie De volgende gegevens worden verlangd Revisietekening van de verharding waarbijde gehele situatie wordt ingemeten en ingepast in het RD stelsel. Per 50 meter dienen daarnaast hoogteproÍielen t.o.v. NAP te worden opgesteld. ln de legenda dienen materiaalsooÍten duidelijk te zijn benoemd en als zodanig in de tekening te zijn ingemeten.

36

a

a

a

Revisietekening waari n Openbare Verlichting, groenvoorzíening, bebording en eventueel meubilair is aangegeven in coórdinaten en soort. Revisie riolering; waarbij putdeksels en kolken in x,y,z coórdinaten. Buisdiameter in cm en binnen onderkant buis en putbodem in cm. T.o.v. NAP. Ontstoppingsstukken in x,y,z coórdinaten. lnlaten t.o.v. het hart van de inspectieput en het verloop van de huisaansluitingen (incl. aanduiding hwa, dwa) Alle hoogten dienen te worden gerelateerd aan de dichtstbijzijnde peilbout. Nr. ....... Locatie: ...... . + NAP. Peilbouthoogte zaldoor gemeente worden aangegeven. Digitale uitwerking dient in een MicroStation bestand met extensie DGN op CD-rom aangeleverd te worden in een laag- kleur- en stijlindeling die door de gemeente zalworden verstrekt. Handmatige uitwerking van huisaansluitingen en rioolstrengen met inlaten op een door de gemeente ter beschikking te stellen Íormat. De huisaansluiting-schetsen dienen overzichtelijk op kopieën van de genoemde Íormat uitgewerkt te worden met niet meer dan 4 woningen per A4. Op de revisie wordt aangegeven, het huisnummer, ontstoppingsstuk met maatvoering vanuit de gevel, inlaat op rioolstreng (maatvoering inlaat vanaf hart nabij gelegen putdeksel), de diameter van de leiding. ïevens kolken en kolkaansluiting weergeven op tekening.

=

a

a a

37

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10720079/1