CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Toelichting - regels - bijlagen - ontwerp Paraplubestemmingsplan Gil

Gemeenteraad 23 september 2024, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Raadsvoorstel Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 202330.468 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

10.4.2 Archeologisch rapport Indien het bevoegd gezag niet beschikt overeen worde beoordeling van de aanvraag toereikend archeologisch onderzoek worde gronden waarop een aanvraag om omgevngsvergunning wordt gedaan, dient de aanvrager ten behoew van de beoordeling van archeologische waarden van de gronden een archeologisch rapport te owrleggen.

10.4.3 Advies Bij de beoordeling van een archeologisch rapport en de wrlening van een afwijking als bedoeld in lid 10.4.1, laat het bewegd gezag zich advseren dooreen archeologisch deskundige.

10.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 10.5.1

Verbod

Het is wrboden om op de wor 'Waarde - Archeologie 4' aangewezen gronden de wlgende werken en werkzaamheden uit te weren ofte laten uitweren zonder of in afwijking van een omgevngsvergunning van het bewegde gezag: a.

b.

c. d.

e.

f. g.

het uitweren van grondwerkzaamheden, waartoe worden gerekend het afgraven (ook ten behoew van het verwijderen van bestaande funderingen), woelen, mengen, diepploegen, egaliseren en ontginnen van gronden, alsmede het aanbrengen van heipalen; het wijzigen van de waterhuishouding, zoals het aanleggen van drainage en het uitdiepen, grawn en/of wrleggen van waterlopen; het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee wrband houdende constructies, installaties of apparatuur; het wrlagen of wrhogen van het waterpeil; het aanleggen of uitbreiden van oppervlakteverhardingen, zoals wegen, paden, banen of parkeergelegenheden; het aanbrengen of rooien van diepwortelende bomen en/of beplanting, waarbij de stobben worden verwijderd; het ophogen van gronden.

Bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 2023" (ontwerp)

35

10.5.2 Uitzonderingen Het in lid 10.5.1 genoemde verbod is niet van toepassing indien: a. b.

c.

d.

e. f.

g.

h.

het werken of werkzaamheden betreft waarvan de oppervlakte niet meer bedraagt dan 1.000 m2, of; het werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 10.5.1 onder a t/m f betreft die niet dieper reiken dan 0,30 meter onder het bestaande maaiveld, of; de werken en of werkzaamheden het normale onderhoud en beheer betreffen, waaronder begrepen onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen en beplantingen en werkzaamheden binnen bestaande tracés van kabels, leidingen en rioleringen waarbij niet dieper gegraven wordt dan de reeds uitgegraven diepte, of; de werken of werkzaamheden reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan, of; de werken of werkzaamheden mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende omgevngsvergunning, of; de werken en werkzaamheden gericht zijn op archeologisch onderzoek, waaronder begrepen het doen van opgravngen door een gecertificeerde instantie conform een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PV), of; het gronden betreft waar naar oordeel van het bevoegd gezag reeds verstoring heeft plaatsgevonden die dieper reikt dan de te verwachten archeologische vondstlaag. Bij de beoordeling hiervan laat het bevoegd gezag zich adviseren door een archeologisch deskundige, of; het werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 10.5.1 onder g betreft, waarbij: 1.

de bodem als gevolg van het ophogen niet meer wordt belast dan 0,8 ton/m2; 2. het ophogen plaatsvndt op gronden die naar het oordeel van het bevoegd gezag niet zettingsgevoelig zijn; bij de beoordeling hiervan laat het bevoegd gezag zich adviseren door een archeologisch deskundige.

10.5.3 Toetsingscriteria De omgevngsvergunning als bedoeld in lid 10.5.1 wordt slechts verleend indien:

a.

b.

c.

36

op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door het bevoegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in voldoende mate is vastgesteld, dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn, of; op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door het bevoegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in voldoende mate is vastgesteld, dat de archeologische waarden door de werken en werkzaamheden niet onevenredig worden geschaad, of; één of meerdere van de volgende voorschriften worden verbonden aan de omgevngsvergunning indien op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door het bevoegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in voldoende mate is vastgesteld, dat de archeologische waarden door de werken en werkzaamheden kunnen worden verstoord: 1. een verplichting tot het treffen van technische maatregelen conform een door het bevoegd gezag goedgekeurd behoudsmaatregelenplan, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden, of; 2. een verplichting tot het doen van opgravngen door een gecertificeerde instantie conform een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (Pv), of; 3. een verplichting de uitvoering van de werken en werkzaamheden te laten begeleiden door een gecertificeerde instantie conform een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PVE).

Bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 2023" (ontwerp)

10.5.4 Archeologisch rapport Indien het bevoegd gezag niet beschikt overeen worde beoordeling van de aanvraag toereikend archeologisch onderzoek worde gronden waarop een aanvraag om omgevngsvergunning wordt gedaan, dient de aanvrager ten behoew van de beoordeling van archeologische waarden van de gronden een archeologisch rapport te owrleggen.

10.5.5 Advies

Bij de beoordeling van een archeologisch rapport en de verlening van een omgevngsvergunning als bedoeld in lid 10.5.1, laat het bevoegd gezag zich advseren dooreen archeologisch deskundige.

10.6

Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk

10.6.1

Verbod

Het is verboden om op de voor 'Waarde - Archeologie 4' aangewezen gronden bouwwerken te slopen of te laten slopen zonder of in afwijking van een omgevngsvergunning van het bevoegde gezag.

10.6.2 Uitzonderingen Het in lid 10.6.1 genoemde verbod is niet van toepassing indien: a. b.

c. d.

e.

het sloopwerkzaamheden betreft waarvan de oppervlakte niet meer bedraagt dan 1.000 m2, of; het sloopwerkzaamheden betreft die niet dieper reiken dan 0,30 meter onder het bestaande maaiwld, of; de sloopwerkzaamheden reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan, of; de sloopwerkzaamheden mogen worden uitgewerd krachtens een reeds verleende omgevngsvergunning, of; het sloopwerkzaamheden betreft op gronden waar naar oordeel van het bewegd gezag reeds wrstoring heeft plaatsgewnden die dieper reikt dan de te verwachten archeologische wndstlaag; bij de beoordeling hiervan laat het bewegd gezag zich advseren door een archeologisch deskundige.

10.6.3 Toetsingscriteria De omgevngsvergunning als bedoeld in lid 10.6.1 wordt slechts verleend indien:

a.

b.

c.

op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld, dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn, of; op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld, dat de archeologische waarden door de sloopwerkzaamheden niet onewnredig worden geschaad, of; één of meerdere van de wlgende voorschriften worden verbonden aan de omgevngsvergunning indien op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld, dat de archeologische waarden door de sloopwerkzaamheden kunnen worden verstoord: 1. een verplichting tot het treffen van technische maatregelen conform een door het bewegd gezag goedgekeurd behoudsmaatregelenplan, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden, of; 2. een verplichting tot het doen van opgravngen door een gecertificeerde instantie conform een door het bewegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PvE), of; 3. een verplichting de uitvoering van de sloopwerkzaamheden te laten begeleiden door een

Bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 2023" (ontwerp)

37

gecertificeerde instantie conform een door het bewegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PvE). 10.6.4 Archeologisch rapport Indien het bevoegd gezag niet beschikt overeen worde beoordeling van de aanvraag toereikend archeologisch onderzoek worde gronden waarop een aanvraag om omgevngsvergunning wordt gedaan, dient de aanvrager ten behoew van de beoordeling van archeologische waarden van de gronden een archeologisch rapport te owrleggen.

10.6.5 Advies

Bij de beoordeling van een archeologisch rapport en de verlening van een omgevngsvergunning als bedoeld in lid 10.6.1, laat het bevoegd gezag zich advseren dooreen archeologisch deskundige.

10.7

Wijzigingsbevoegdheid

10.7.1

Wijziging op basis van archeologisch onderzoek

Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen en de bestemming 'Waarde - Archeologie 4' geheel of gedeeltelijk laten vervallen, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat ter plaatse geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn.

10.7.2 Advies Alwrens de in lid 10.7.1 bedoelde wijziging wordt toegepast, laat het bewegd gezag zich adviseren door een archeologisch deskundige.

38

Bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 2023" (ontwerp)

Waarde - Archeologie 5

Artikel 11 11.1

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie 5' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd worde bescherming van de archeologische (wrwachtings)waarden en archeologische vindplaatsen, waarbij de bestemming 'Waarde - Archeologie 5' voorrang heeft op de andere daar workomende enkelbestemming.

11.2

Bouwregels

Voor het bouwen gelden de volgende regels:

11.2.1 Verbod Het is verboden om te bouwen ofte laten bouwen op de mede voor 'Waarde - Archeologie 5' bestemde gronden.

11.2.2 Uitzonderingen Het in lid 11.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op: a.

b.

c.

d.

bouwwerken waarvoor bij de bouw geen grondwerkzaamheden worden uitgewerd met een oppervlakte groter dan 25.000 m2 en die kunnen worden gebouwd krachtens de andere daar workomende bestemmingen, of; bouwwerken waarvoor bij de bouw geen grondwerkzaamheden worden uitgewerd dieper dan 0,40 meter onder het bestaande maaiwld en die kunnen worden gebouwd krachtens de andere daar workomende bestemming(en), of; de verbouwing en/of sloop- en nieuwbouw van bestaande bouwwerken krachtens de andere daar workomende bestemming(en), mits: 1. de bestaande fundering wordt gebruikt; 2. de bestaande oppervlakte niet wordt uitgebreid; of gronden waar naar oordeel van het bewegd gezag reeds wrstoring heeft plaatsgewnden die dieper reikt dan de te verwachten archeologische wndstlaag; bij de beoordeling hiervan laat het bewegd gezag zich adviseren door een archeologisch deskundige.

11.3

Nadere eisen

11.3.1 Behoud archeologische waarden in situ

Het bewegd gezag kan nadere eisen stellen ten aanzien van de situering van bouwwerken, de inrichting en het gebruik van gronden, indien uit onderzoek is gebleken dat ter plaatse behoudens- en beschermenswaardige archeologische monumenten of resten aanwezig zijn. De nadere eisen zijn erop gericht dat de archeologische waarden zowel mogelijk in de grond (in situ) worden behouden.

11.4

Afwijken van de bouwregels

11.4.1 Afwijken voor bouwen ten dienste van andere bestemming

Het bewegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevngsvergunning afwijken van het verbod in lid 11.2.1 worde bouw van bouwwerken ten dienste van de andere geldende bestemming(en), mits:

Bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 2023" (ontwerp)

39

a.

b.

c.

op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld, dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn, of; op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld, dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onewnredig worden geschaad, of; één of meerdere van de wlgende voorschriften worden verbonden aan de omgevngsvergunning indien op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld dat de archeologische waarden door de bouwactivteiten kunnen worden verstoord: 1. een verplichting tot het treffen van technische maatregelen conform een door het bewegd gezag goedgekeurd behoudsmaatregelenplan, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden, of; 2. een verplichting tot het doen van opgravngen door een gecertificeerde instantie conform een door het bewegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PvE), of; 3. een verplichting de uitvoering van de bouwactivteiten te laten begeleiden door een gecertificeerde instantie conform een door het bewegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PvE).

11.4.2 Archeologisch rapport Indien het bevoegd gezag niet beschikt overeen worde beoordeling van de aanvraag toereikend archeologisch onderzoek worde gronden waarop een aanvraag om omgevngsvergunning wordt gedaan, dient de aanvrager ten behoew van de beoordeling van archeologische waarden van de gronden een archeologisch rapport te owrleggen.

11.4.3 Advies Bij de beoordeling van een archeologisch rapport en de wrlening van een afwijking als bedoeld in lid 11.4.1, laat het bewegd gezag zich advseren dooreen archeologisch deskundige.

11.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 11.5.1

Verbod

Het is wrboden om op de wor 'Waarde - Archeologie 5' aangewezen gronden de wlgende werken en werkzaamheden uit te weren ofte laten uitweren zonder of in afwijking van een omgevngsvergunning van het bewegde gezag:

g.

het uitweren van grondwerkzaamheden, waartoe worden gerekend het afgraven (ook ten behoew van het verwijderen van bestaande funderingen), woelen, mengen, diepploegen, egaliseren en ontginnen van gronden, alsmede het aanbrengen van heipalen; het wijzigen van de waterhuishouding, zoals het aanleggen van drainage en het uitdiepen, grawn en/of wrleggen van waterlopen; het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee wrband houdende constructies, installaties of apparatuur; het wrlagen of wrhogen van het waterpeil; het aanleggen of uitbreiden van oppervlakteverhardingen, zoals wegen, paden, banen of parkeergelegenheden; het aanbrengen of rooien van diepwortelende bomen en/of beplanting, waarbij de stobben worden verwijderd; het ophogen van gronden.

40

Bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 2023" (ontwerp)

a.

b.

c. d.

e.

f.

11.5.2 Uitzonderingen Het in lid 11.5.1 genoemde verbod is niet van toepassing indien: a. b.

c.

d.

e.

f.

g.

h.

het werken of werkzaamheden betreft waarvan de oppervlakte niet meer bedraagt dan 25.000 m2, of; het werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 11.5.1 onder a t/m f betreft die niet dieper reiken dan 0,40 meter onder het bestaande maaiveld, of; de werken en of werkzaamheden het normale onderhoud en beheer betreffen, waaronder begrepen onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen en beplantingen en werkzaamheden binnen bestaande tracés van kabels, leidingen en rioleringen waarbij niet dieper gegraven wordt dan de reeds uitgegraven diepte, of; de werken of werkzaamheden reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan, of; de werken of werkzaamheden mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende omgevngsvergunning, of; de werken en werkzaamheden gericht zijn op archeologisch onderzoek, waaronder begrepen het doen van opgravngen door een gecertificeerde instantie conform een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PV), of; het gronden betreft waar naar oordeel van het bevoegd gezag reeds verstoring heeft plaatsgevonden die dieper reikt dan de te verwachten archeologische vondstlaag. Bij de beoordeling hiervan laat het bevoegd gezag zich adviseren door een archeologisch deskundige, of; het werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 11.5.1 onder g betreft, waarbij: 1.

de bodem als gevolg van het ophogen niet meer wordt belast dan 0,8 ton/m2; 2. het ophogen plaatsvndt op gronden die naar het oordeel van het bevoegd gezag niet zettingsgevoelig zijn; bij de beoordeling hiervan laat het bevoegd gezag zich adviseren door een archeologisch deskundige.

11.5.3 Toetsingscriteria De omgevngsvergunning als bedoeld in lid 11.5.1 wordt slechts verleend indien:

a.

b.

c.

op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door het bevoegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in voldoende mate is vastgesteld, dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn, of; op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door het bevoegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in voldoende mate is vastgesteld, dat de archeologische waarden door de werken en werkzaamheden niet onevenredig worden geschaad, of; één of meerdere van de volgende voorschriften worden verbonden aan de omgevngsvergunning indien op basis van archeologisch onderzoek, weergegeven in een door het bevoegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in voldoende mate is vastgesteld, dat de archeologische waarden door de werken en werkzaamheden kunnen worden verstoord: 1. een verplichting tot het treffen van technische maatregelen conform een door het bevoegd gezag goedgekeurd behoudsmaatregelenplan, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden, of; 2. een verplichting tot het doen van opgravngen door een gecertificeerde instantie conform een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (Pv), of; 3. een verplichting de uitvoering van de werken en werkzaamheden te laten begeleiden door een gecertificeerde instantie conform een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PVE).

Bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 2023" (ontwerp)

41

11.5.4 Archeologisch rapport Indien het bevoegd gezag niet beschikt overeen worde beoordeling van de aanvraag toereikend archeologisch onderzoek worde gronden waarop een aanvraag om omgevngsvergunning wordt gedaan, dient de aanvrager ten behoew van de beoordeling van archeologische waarden van de gronden een archeologisch rapport te owrleggen.

11.5.5 Advies

Bij de beoordeling van een archeologisch rapport en de verlening van een omgevngsvergunning als bedoeld in lid 11.5.1, laat het bevoegd gezag zich advseren dooreen archeologisch deskundige.

11.6

Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk

11.6.1

Verbod

Het is verboden om op de voor 'Waarde - Archeologie 5' aangewezen gronden bouwwerken te slopen of te laten slopen zonder of in afwijking van een omgevngsvergunning van het bevoegde gezag.

11.6.2 Uitzonderingen Het in lid 11.6.1 genoemde verbod is niet van toepassing indien: a. b.

c. d.

e.

het sloopwerkzaamheden betreft waarvan de oppervlakte niet meer bedraagt dan 25.000 m2, of; het sloopwerkzaamheden betreft die niet dieper reiken dan 0,40 meter onder het bestaande maaiwld, of; de sloopwerkzaamheden reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan, of; de sloopwerkzaamheden mogen worden uitgewerd krachtens een reeds verleende omgevngsvergunning, of; het sloopwerkzaamheden betreft op gronden waar naar oordeel van het bewegd gezag reeds wrstoring heeft plaatsgewnden die dieper reikt dan de te verwachten archeologische wndstlaag; bij de beoordeling hiervan laat het bewegd gezag zich advseren door een archeologisch deskundige.

11.6.3 Toetsingscriteria De omgevngsvergunning als bedoeld in lid 11.6.1 wordt slechts verleend indien:

a.

b.

c.

42

op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld, dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn, of; op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld, dat de archeologische waarden door de sloopwerkzaamheden niet onewnredig worden geschaad, of; één of meerdere van de wlgende voorschriften worden verbonden aan de omgevngsvergunning indien op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld, dat de archeologische waarden door de sloopwerkzaamheden kunnen worden verstoord: 1. een verplichting tot het treffen van technische maatregelen conform een door het bewegd gezag goedgekeurd behoudsmaatregelenplan, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden, of; 2. een verplichting tot het doen van opgravngen door een gecertificeerde instantie conform een door het bewegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PvE), of; 3. een verplichting de uitvoering van de sloopwerkzaamheden te laten begeleiden door een

Bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 2023" (ontwerp)

gecertificeerde instantie conform een door het bewegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PvE). 11.6.4 Archeologisch rapport Indien het bevoegd gezag niet beschikt overeen worde beoordeling van de aanvraag toereikend archeologisch onderzoek worde gronden waarop een aanvraag om omgevngsvergunning wordt gedaan, dient de aanvrager ten behoew van de beoordeling van archeologische waarden van de gronden een archeologisch rapport te owrleggen.

11.6.5 Advies

Bij de beoordeling van een archeologisch rapport en de verlening van een omgevngsvergunning als bedoeld in lid 11.6.1, laat het bevoegd gezag zich advseren dooreen archeologisch deskundige.

11.7

Wijzigingsbevoegdheid

11.7.1

Wijziging op basis van archeologisch onderzoek

Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen en de bestemming 'Waarde - Archeologie 5' geheel of gedeeltelijk laten vervallen, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat ter plaatse geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn.

11.7.2 Advies Alwrens de in lid 11.7.1 bedoelde wijziging wordt toegepast, laat het bewegd gezag zich adviseren door een archeologisch deskundige.

Bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 2023" (ontwerp)

43

Waarde - Archeologie 6

Artikel 12 12.1

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie 6' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd worde bescherming van de archeologische (verwachtings)waarden en archeologische vindplaatsen, waarbij de bestemming 'Waarde - Archeologie 6' voorrang heeft op de andere daar voorkomende enkelbestemming.

12.2

Bouwregels

Voor het bouwen gelden de volgende regels:

72.2.7 Verbod Het is verboden om te bouwen ofte laten bouwen op de mede voor 'Waarde - Archeologie 6' bestemde gronden.

12.2.2 Uitzonderingen Het in lid 12.2.1 genoemde verbod is niet van toepassing op: a.

b.

c.

d.

44

bouwwerken die kunnen worden gebouwd krachtens de andere daar voorkomende bestemmingen en waarvoor bij de bouw geen grondwerkzaamheden worden uitgevoerd met een opperakte groter dan: 1. 100 m2 ter plaatse van de aanduidingen ‘overige zone - archeologie A', 'overige zone archeologie B', 'overige zone - archeologie C' en ‘overige zone - archeologie G'; 2. 250 m2 ter plaatse van de aanduidingen ‘overige zone - archeologie D' en 'overige zone archeologie E'; bouwwerken die kunnen worden gebouwd krachtens de andere daar voorkomende bestemming(en), en waarvoor bij de bouw geen grondwerkzaamheden worden uitgevoerd dieper dan: 1. 0,30 meter onder het bestaande maaiveld ter plaatse van de aanduidingen ‘overige zone archeologie F' en en 'overige zone - archeologie G'; 2. 0,40 meter onder het bestaande maaiveld ter plaatse van de aanduiding ‘overige zone archeologie D'; 3. 0,5 meter onder het bestaande maaiveld ter plaatse van de aanduiding 'overige zone archeologie E'; 4. 0,45 meter onder het bestaande maaiveld ter plaatse van de aanduiding ‘overige zone archeologie H'; 5. 0,65 meter onder het bestaande maaiveld ter plaatse van de aanduiding ‘overige zone archeologie A'; 6. 1,20 meter onder het bestaande maaiveld ter plaatse van de aanduiding ‘overige zone archeologie B'; 7.

1,40 meter onder het bestaande maaiveld ter plaatse van de aanduiding ‘overige zone archeologie C'; of de verbouwing en/of sloop- en nieuwbouw van bestaande bouwwerken krachtens de andere daar voorkomende bestemming(en), mits: 1. de bestaande fundering wordt gebruikt; 2. de bestaande oppervlakte niet wordt uitgebreid; of gronden waar naar oordeel van het bevoegd gezag reeds verstoring heeft plaatsgevonden die dieper reikt dan de te verwachten archeologische vondstlaag; bij de beoordeling hiervan laat het bevoegd gezag zich adviseren door een archeologisch deskundige.

Bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 2023" (ontwerp)

12.3

Nadere eisen

12.3.1 Behoud archeologische waarden in situ

Het bewegd gezag kan nadere eisen stellen ten aanzien van de situering van bouwwerken, de inrichting en het gebruik van gronden, indien uit onderzoek is gebleken dat ter plaatse behoudens- en beschermenswaardige archeologische monumenten of resten aanwezig zijn. De nadere eisen zijn erop gericht dat de archeologische waarden zowel mogelijk in de grond (in situ) worden behouden.

12.4

Afwijken van de bouwregels

12.4.1 Afwijken voor bouwen ten dienste van andere bestemming

Het bewegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevngsvergunning afwijken van het verbod in lid 12.2.1 worde bouw van bouwwerken ten dienste van de andere geldende bestemming(en), mits: a.

b.

c.

op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld, dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn, of; op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld, dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onewnredig worden geschaad, of; één of meerdere van de wlgende voorschriften worden verbonden aan de omgevngsvergunning indien op basis van archeologisch onderzoek, weergegewn in een door het bewegd gezag goedgekeurd archeologisch rapport, in wldoende mate is vastgesteld dat de archeologische waarden door de bouwactivteiten kunnen worden verstoord: 1. een verplichting tot het treffen van technische maatregelen conform een door het bewegd gezag goedgekeurd behoudsmaatregelenplan, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden, of; 2. een verplichting tot het doen van opgravngen door een gecertificeerde instantie conform een door het bewegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PvE), of; 3. een verplichting de uitvoering van de bouwactivteiten te laten begeleiden door een gecertificeerde instantie conform een door het bewegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen (PvE).

12.4.2 Archeologisch rapport Indien het bewegd gezag niet beschikt owreen worde beoordeling van de aanvraag toereikend archeologisch onderzoek worde gronden waarop een aanvraag om omgevngsvergunning wordt gedaan, dient de aanvrager ten behoew van de beoordeling van archeologische waarden van de gronden een archeologisch rapport te owrleggen.

12.4.3 Advies Bij de beoordeling van een archeologisch rapport en de wrlening van een afwijking als bedoeld in lid 12.4.1, laat het bewegd gezag zich advseren dooreen archeologisch deskundige.

Bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan Gilze en Rijen 2023" (ontwerp)

45

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14432464/1