CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1- Strategie-duurzaamheid Gilze-en-Rijen

Raadscommissie Ruimte 23 april 2024, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststellen Strategie Duurzaamheid12.124 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Strategie duurzaamheid Samen duurzaam doen.

1

Voorwoord Samen onze vier prachtige dorpen nog mooier doorgeven aan de volgende generaties. Dat is in één zin de gedachte achter onze gemeentelijke Duurzaamheidsstrategie. In dit document leest u welke stappen we gaan zetten om ons aan te passen aan het veranderende klimaat en zo bij te dragen aan een mooiere en schonere gemeente. Dit kunnen we niet alleen, dat doen we samen met inwoners, maatschappelijke instellingen en bedrijven. En uiteraard blijven we samenwerken met gewaardeerde partners als energiecoöperatie Energie Gilze Rijen (EGR), Natuur- en Landschapsvereniging Gilze en Rijen en GRIC. Samen zetten we de volgende stappen op weg naar een duurzamere gemeente. Het pad dat we samen bewandelen is geen geplaveid pad, maar een pad door soms nog onontgonnen gebied. We krijgen te maken met nieuwe uitdagingen en snelle veranderingen. We kunnen dit niet alleen. We gaan dit samen doen door te proberen, te experimenteren en samen te leren. Of het nu gaat om besparing van water of energie, gebruikmaken van duurzame energiebronnen, minder afval of meer groen in tuinen en openbare ruimtes. Elke actie draagt bij aan ons gezamenlijke doel. Niet alleen de stappen zetten we samen, ook deze strategie is gemaakt door het samen te doen. Inwoners, scholieren, ondernemers, bedrijven, samenwerkingspartners en maatschappelijke organisaties hebben waardevolle inzichten en ideeën aangedragen.

Ook tijdens raadsinformatieavonden ontvingen we goede suggesties. Al deze inzichten en ideeën hebben mede geleid tot een strategie die past bij onze gemeente. Samen gaan we aan de slag. Samen duurzaam doen! Merijn Scheifes Wethouder duurzaamheid

Inhoud 1. V  an visie naar Strategie duurzaamheid 1.1 Waarom een Strategie duurzaamheid 1.2 H  oe is de Strategie duurzaamheid tot stand gekomen? 1.3 Leeswijzer

2. Uitgangspunten 2.1 Inleiding 2.2 A  andacht voor duurzaamheid is nog minder vrijblijvend 2.3 We focussen op deze duurzaamheidsthema’s 2.4 D  uurzaamheid is verankerd in ons totale beleid 2.5 We doen het samen 2.6 Gemeentelijke rol 2.7 We staan open voor innovatie 2.8 We monitoren onze voortgang

4 5 6 7 8 9 9 10 10 10 11 12 12

5 Circulariteit 25 5.1 Inleiding 5.2 Doelstellingen 5.3 Hoe bereiken we dit?

26 27 27

6. Duurzame mobiliteit

31 32 32 33

6.1 Inleiding 6.2 Doelstellingen 6.3 Hoe bereiken we dit?

7. Communicatie en participatie 7.1 Inleiding 7.2 Uitgangspunten

35 36 37

8. Van Strategie duurzaamheid naar Uitvoeringsprogramma 38 3. Energietransitie 3.1 Inleiding 3.2 Doelstellingen 3.3 Hoe bereiken we dit?

4. Klimaatadaptatie en biodiversiteit 4.1 Inleiding 4.2 Doelstellingen 4.3 Hoe bereiken we dit?

3

Strategie duurzaamheid

13 14 15 16 19 20 20 21

8.1 Vervolgproces

39

Bijlagen 40 Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5

Kaders Internationaal Overzichtstabellen Waar staan we nu? Netcongestie en de rol van de gemeente Resultaten ‘Toekomstbus’

41 42 46 48 49

1. V  an visie naar Strategie duurzaamheid

1.1 Waarom een Strategie duurzaamheid Op 29 april 2019 heeft de gemeente Gilze en Rijen een belangrijke stap gezet door het "Koersdocument duurzaam Gilze en Rijen" vast te stellen, waar aan de hand van de Sustainable Development Goals (SDG’s) een toekomstgericht pad werd uitgestippeld naar een duurzamere gemeenschap. Hiermee is de basis gelegd voor het duurzaamheidsbeleid in Gilze en Rijen. In de afgelopen jaren hebben we als gemeente niet stilgezeten, maar juist actief gewerkt aan het uitvoeren en actualiseren van deze visie. De voortdurende ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid en de groeiende bewustwording binnen onze gemeenschap vragen om een geüpdatete integrale aanpak die inspeelt op de meest actuele uitdagingen en kansen. Met de Strategie duurzaamheid streven we ernaar om niet alleen voort te bouwen op de fundamenten die in 2019 zijn gelegd, maar ook om ambitieuze doelen te formuleren die aansluiten bij de nieuwste inzichten en technologische mogelijkheden. Deze Strategie duurzaamheid dient als een leidraad voor een integrale aanpak, waarbij alle betrokken partijen samenwerken om concrete stappen te zetten naar een duurzame en leefbare toekomst voor de inwoners van Gilze en Rijen. We kijken ernaar uit om gezamenlijk verder te bouwen aan een gemeente die niet alleen voldoet aan de behoeften van het heden, maar ook zorgdraagt voor de generaties die na ons komen.

Het sterker inzetten op verduurzaming is in lijn met de internationale houding op het gebied van klimaat. De meest recente IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) rapporten laten zien dat met het bestaande internationale klimaatbeleid de ambities niet zullen worden gehaald. Klimaatverandering gaat sneller dan voorheen werd aangenomen. De mogelijkheden om de wereldwijde temperatuurstijging te beperken tot maximaal 1,5°C raken snel op en de tijd voor oplossingen wordt steeds korter. Inmiddels zijn de Europese klimaatdoelstellingen, en in lijn daarmee ook de nationale doelstellingen, aangescherpt (zie ook bijlage 1).

5

Strategie duurzaamheid

In de Strategie duurzaamheid beschrijven we hoe de gemeente de komende jaren gaat inzetten op de transitie naar een duurzame samenleving. Per duurzaamheidsthema beschrijven we onze ambities en de huidige stand van zaken. We werken per thema vanuit een nulmeting. Voor sommige thema’s starten we met aanvullend onderzoek om in beeld te brengen waar we nu staan. Per thema werken we aan verschillende doelstellingen die we uitzetten in actielijnen. Deze actielijnen worden uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma, waarin we uiteenzetten welke acties en projecten we die periode uitvoeren. De uitvoering van de Strategie duurzaamheid doen we niet alleen. We werken samen met onze inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties en binnen regionale samenwerkingsverbanden.

1.2 Hoe is de Strategie duurzaamheid tot stand gekomen? De Strategie Duurzaamheid is tot stand gekomen in samenwerking met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties uit Gilze en Rijen. Er zijn werksessies georganiseerd met de gemeenteraad, belanghebbenden en ambtenaren. Tijdens deze werksessies is geïnventariseerd welke kansen, knelpunten en oplossingen er zijn voor verschillende duurzaamheidsthema’s. Inwoners zijn direct betrokken via een enquête, acties op straat met de ‘groenboom’, ‘toekomstbus’ en sessies op de basisschool. En ze konden input geven tijdens de inloopsessie met stakeholders. Tijdens deze acties zijn inwoners bevraagd over welke duurzaamheidsthema’s zij belangrijk vinden, waar de gemeente op in moet zetten de komende jaren en wat de gewenste rol van de gemeente is (zie bijlage 5 voor de resultaten van de toekomstbus). De input die tijdens het voorbereidingsproces is ingebracht is geanalyseerd. Binnen de beschikbare middelen (capaciteit en financiën) kan niet alles (tegelijkertijd) worden opgepakt. Er moeten keuzes worden gemaakt.

Bij het maken van de keuzes is rekening gehouden met de volgende criteria: • De impact, ofwel de verwachte bijdrage aan de doelstellingen en ambities; • De verwachte bijdrage aan draagvlak, bewustwording en de mogelijkheid voor inwoners en bedrijven om te participeren in projecten (eigenaarschap); • Het al dan niet wettelijke verplicht zijn; • De haalbaarheid en uitvoerbaarheid op lokaal niveau.

Projecten en activiteiten die bijdragen aan meerdere criteria, krijgen een hogere prioriteit bij het samenstellen van het uitvoeringsprogramma.

6

Strategie duurzaamheid

7

Strategie duurzaamheid

1.3 Leeswijzer In hoofdstuk 2 staan de uitgangspunten beschreven. In de hoofdstukken 3, 4, 5 en 6 zijn de inhoudelijke thema’s voor respectievelijk energie, klimaatadaptatie en biodiversiteit, circulariteit en mobiliteit beschreven. In hoofdstuk 7 is de communicatie- en participatieaanpak beschreven. In hoofdstuk 8 komt als laatste het vervolgproces aan bod.

2. Uitgangspunten

2.1 Inleiding

2.3 We focussen op deze duurzaamheidsthema’s

In de onderstaande paragrafen beschrijven we welke uitgangspunten we hebben gehanteerd bij het opstellen van de Strategie duurzaamheid.

Zoals eerder gesteld kan niet tegelijk aan alle duurzaamheidsthema’s gewerkt worden. Ook zijn sommige thema’s integraal onderdeel van andere opgaven binnen de gemeente. Denk aan bijvoorbeeld Het Schone Lucht Akkoord, het GALA akkoord (Gezond en Actief Leven Akkoord) en de transitie van de agrarische sector. In de Strategie Duurzaamheid kiezen we er als gemeente voor om de prioriteit te geven aan de volgende vier thema’s:

Strategie duurzaamheid

Thema:

2.2 Aandacht voor duurzaamheid is nog minder vrijblijvend Sinds het vaststellen van de het Koersdocument duurzaam Gilze en Rijen in 2019, is er aanzienlijk meer (wetenschappelijk) inzicht en urgentie gekomen voor meer actie op het gebied van duurzaamheid. Daarnaast is ook nationaal meer wet- en regelgeving en overkoepelend beleid verschenen en uitgewerkt.

Energietransitie

Thema: Klimaatadaptatie en biodiversiteit

Thema:

Thema:

Circulariteit

Mobiliteit

De reden dat we aan deze vier thema’s gaan werken zijn allereerst vanwege de hoge urgentie die aan deze onderwerpen zijn verbonden. Gezien de beperkte capaciteit is het belangrijk selectief te zijn in de zaken die we oppakken. Ook kan de gemeente niet op elk thema evenveel invloed uitoefenen. De opdrachten en afspraken vanuit het Rijk en de regio vragen ook aanzienlijke inspanningen.

Gemeenten spelen een belangrijke rol bij het realiseren van de duurzaamheidsdoelen. Dit omvat onder andere de transitie naar een aardgasvrije samenleving, het werken aan klimaatadaptatie, het herstellen van natuur, en het ontwikkelen van duurzame stedelijke en landelijke gebieden. Het thema duurzaamheid is steeds meer een integraal onderdeel van alle gemeentelijke opgaven. Door strengere landelijke richtlijnen is duurzaamheid niet langer een optioneel aspect, maar een onmisbaar element in alle beleidsgebieden. Dit is in lijn met de doelstellingen van de Sustainable Development Goals (SDG's). De SDG's zijn een set van 17 wereldwijde doelstellingen opgesteld door de Verenigde Naties. Deze doelen zijn bedoeld om verschillende mondiale uitdagingen aan te pakken, waaronder bijvoorbeeld klimaatverandering en duurzame consumptie en productie. Elke SDG heeft specifieke subdoelen die moeten worden bereikt om de algehele doelstelling te realiseren. Bron: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/ontwikkelingssamenwerking/internationale-afspraken-ontwikkelingssamenwerking 10 Strategie duurzaamheid

De wethouder is samen met team duurzaamheid langs geweest bij Basisschool het Fonkelbos, Basisschool de Vijf Eiken en bij de jeugdgemeenteraad om informatie op te halen over hoe de leerlingen denken over duurzaamheid:

11 Strategie duurzaamheid

2.4 Duurzaamheid is verankerd in ons totale beleid Duurzaamheid is geen losstaand thema, maar steeds meer een integraal onderdeel van al ons beleid. Het verankeren van duurzaamheid in verschillende beleidsterreinen, zoals wonen, economische zaken en sociaal domein, gaat er voor zorgen dat we meer impact op de lange termijn kunnen maken. De komende periode gaan we inzetten op het borgen van duurzaamheid in de verschillende beleidsthema's.

2.6 Gemeentelijke rol We kiezen als gemeente primair voor de rol van stimulerende, faciliterende en inspirerende overheid op het gebied van duurzaamheid. We laten met ons beleid de ambities zien waar we zelf en onze gemeenschap op dienen in te zetten. Wij willen maatschappelijke initiatieven aanjagen, de ruimte geven en ondersteunen met kennis en stimuleringsmaatregelen waar deze bijdragen aan onze duurzame samenleving. Daarnaast vervullen we met onze eigen projecten en onze bedrijfsvoering een voorbeeldrol die we actief oppakken. Daar waar wetgeving het voorschrijft, maar ook als bepaalde verandering onvoldoende van de grond komt, zal de gemeente normeren, toetsen en handhaven op te nemen maatregelen en stappen.

2.5 We doen het samen De verduurzaming van Gilze en Rijen is niet alleen een taak van de gemeente. We kunnen de transitie naar een duurzame samenleving alleen realiseren als iedereen meedoet. Om onze doelen te kunnen behalen werken we samen met onze inwoners, bedrijven en instellingen, en andere organisaties. Daarnaast werken we ook samen met de gemeenten AlphenChaam en Baarle-Nassau binnen de ABG-organisatie en met andere gemeenten in de regio via de Regionale Energie- en Klimaatstrategie (REKS) Hart van Brabant en water- en klimaatkring de Baronie.

12 Strategie duurzaamheid

2.7 We staan open voor innovatie

2.8 We monitoren onze voortgang

De ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid gaan snel. Voor sommige aspecten van ons duurzaamheidsbeleid vormt technologie al lang niet meer de beperkende factor. Voor andere opgaven zijn echter nog innovaties nodig. Hierbij gaat het onder andere om het slimmer benutten van de infrastructuur voor elektriciteit, nieuwe energie vormen, andere producten (bijvoorbeeld in de bouw en mobiliteit), maar bijvoorbeeld ook sociale innovatie om betrokkenheid en lokaal eigenaarschap te bevorderen. We houden ruimte in de Strategie Duurzaamheid om te kunnen anticiperen op kansen die zich gedurende de looptijd voordoen. Bovendien is het belangrijk dat we op de hoogte zijn en blijven van innovaties en deze toelaten in ons dagelijks handelen. Dit kan onder andere door actief in gesprek te zijn en blijven met de markt (bedrijven, ondernemers, brancheverenigingen), ruimte te bieden aan lokale initiatieven die hiermee aan de slag willen en goede voorbeelden als inspiratiebron te analyseren en zo mogelijk zelf toe te passen of stimuleren.

Monitoring van onze voortgang is van belang voor verslaglegging over het bereiken van onze ambities en doelstellingen, maar ook voor het bijstellen van actielijnen. De monitoring volgt grotendeels uit landelijke databronnen zoals de klimaatmonitor en gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek en onze netbeheerder. Deze data loopt altijd een jaar achter, maar geeft een goed beeld van de voortgang en is ook bruikbaar in vergelijking met andere gemeenten. De monitoring vindt plaats op het niveau van doelstellingen en actielijnen. In de verslaglegging wordt verder ingegaan op lokale acties die vooral bijdrage aan ‘zachte, niet goed meetbare’ indicatoren zoals draagvlak. In bijlage 2 is per doelstelling opgenomen op welke indicatoren we monitoren.

13 Strategie duurzaamheid

3. Energietransitie

3.1 Inleiding We sluiten in de gemeente Gilze en Rijen aan bij de landelijke ambitie om in 2030 55% minder CO2 uit te stoten ten opzichte van 1990. In 2040 wil gemeente Gilze en Rijen energieneutraal zijn. Om deze doelstellingen te bereiken, werken we onder andere aan de energietransitie. De energietransitie is een enorme opgave die vraagt om ingrijpende aanpassingen van ons energiesysteem. Om de afspraken uit het Klimaatakkoord van Parijs en het landelijke klimaatakkoord (zie bijlage 1) te realiseren en dus de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen, gaan we fossiele brandstoffen zoals olie en aardgas vervangen door duurzame energiebronnen zoals zon en wind. Daarnaast gaan we ook meer inzetten op energiebesparing. Energie die niet wordt gebruikt, hoeft namelijk ook niet te worden opgewekt en te worden getransporteerd. De wereldwijde energiecrisis heeft in 2021-2023 gezorgd voor sterk stijgende energielasten, zowel voor huishoudens als voor bedrijven en maatschappelijke organisaties. Hierdoor kwamen meer mensen in de financiële problemen. Zuiniger en slimmer omgaan met energie is daarom meer dan ooit noodzakelijk.

15 Strategie duurzaamheid

3.2 Doelstellingen Onze ambitie op het thema energietransitie vertalen we naar de volgende doelstellingen: 1. We gebruiken minder energie: in 2030 gebruiken we 20% minder energie t.o.v. van 1990. 2. We stappen over op duurzame warmte: in 2026 willen we een verschuiving van 10% realiseren in het energielabel van woningen om deze klaar te maken voor de overstap naar aardgasvrij. Dit is afgesproken in de Transitievisie Warmte. 3.  We wekken duurzame elektriciteit op: in de Regio Hart van Brabant realiseren we in 2030 300 ha zon op bedrijfsdaken. Voor de gemeente Gilze en Rijen vertaalt dit zich naar ca. 22,75 ha bedrijfsdaken (46.252 MWh). Daarnaast wordt in 2030 de energie die we gebruiken in onze gemeentelijke gebouwen volledig duurzaam opgewekt. 4.  We leveren een bijdrage aan het oplossen van netcongestie problematiek. Hiermee sluiten we aan op de doelstellingen uit de Transitievisie Warmte (TVW) en de regionale ambities uit de REKS Hart van Brabant voor grootschalige opwek en energiebesparing. Gezien het feit dat er de komende jaren beperkte mogelijkheden zijn voor grootschalige duurzame opwek vanwege de congestie op het net (zie ook bijlage 4), wordt de komende periode vooral ingezet op energiebesparing en lokale kleinschalige opwek. Tevens dragen we, binnen onze mogelijkheden en in samenwerking met Enexis, bij aan het oplossen van de netcongestieproblematiek.

We werken samen met onze inwoners, maatschappelijke organisaties en bedrijven aan het energiesysteem van de toekomst. In de onderstaande paragraaf is uitgewerkt hoe we de komende periode gaan werken aan deze doelstellingen. In de tabel in bijlage 2 is een overzicht opgenomen van waar we heen willen, waar we momenteel staan en hoe we onze voortgang gaan monitoren.

16 Strategie duurzaamheid

Strategie duurzaamheid

Thema:

Thema: Energietransitie

Klimaatadaptatie en biodiversiteit

Thema:

Thema:

Circulariteit

Mobiliteit

Doelstelling 1:

Doelstelling 2:

Doelstelling 3:

Doelstelling 4:

We gebruiken minder energie

We stappen over op duurzame warmte

We wekken duurzame elektriciteit op

We leveren een bijdrage aan het oplossen van netcongestieproblematiek

Actielijn 1

Actielijn 2

3.3 Hoe bereiken we dit?

Doelstelling 1: We gebruiken minder energie In 2022 zijn we binnen de REKS regio goed op weg om het doel van 20% besparing op het gebruik van warmte te behalen (zie bijlage 2). Om in 2030 55% te besparen op onze CO2-uitstoot t.o.v. 1990 en om in 2040 energieneutraal te zijn, moeten we wel nog grote stappen zetten. Daarom moeten we flink doorpakken op het gebied van energiebesparing. Vanwege de sterk stijgende energielasten is (vanuit financieel perspectief) de noodzaak om energie te besparen voor inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties alleen maar toegenomen. We hebben daarom extra aandacht dat iedereen mee kan doen aan de energietransitie. We voeren hiervoor het gesprek met de woningcorporatie en particuliere verhuurders. Tevens voeren we acties uit voor de doelgroep met kans op energiearmoede. We gebruiken minder energie door in te zetten op de volgende actielijnen: • We zetten in op het beter isoleren van gebouwen; • We nemen samen met bewoners en ondernemers maatregelen voor energiebesparing.

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals: • Uitvoeren van de Lokale Aanpak Isolatie (vanuit het NIP). • Prestatieafspraken met de woningcorporatie.

We nemen samen met bewoners en ondernemers maatregelen voor energiebesparing We staan als gemeente niet alleen aan de lat om het energiegebruik in de gemeente te verminderen. Om onze doelen te behalen zullen we onze inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties betrekken. We informeren en ondersteunen inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties en gaan samen aan de slag. Hiermee dragen we bij aan het vergroten van draagvlak, bewustwording en eigenaarschap over de energietransitie. We zorgen voor voorlichting over kleine en grote besparingsmaatregelen om het energieverbruik te verminderen. Ook de activiteiten die we voor deze actielijn gaan doen worden in samenwerking met bewoners en ondernemers opgepakt.

We zetten in op het beter isoleren van gebouwen We zetten de komende periode in op het verduurzamen van woningen, bedrijfspanden en andere gebouwen in onze gemeente. Door onze gebouwen beter te isoleren reduceren we het gebruik van warmte en dragen we bij aan het de reductie van onze CO2-uitstoot. Deels ligt er ook een wettelijke verplichting om hierop in te zetten, bv. als het gaat om het toezicht op naleving van energiebesparingsverplichtingen bij bedrijven. Daarnaast proberen we inzicht te verschaffen in welke mogelijkheden er zijn om specifieke doelgroepen/ woningtypen te ondersteunen bij verduurzaming.

17 Strategie duurzaamheid

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals: • Stimuleren we de duurzaamheidslening; • Faciliteren we de energiecoaches van Energie Gilze Rijen • Uitvoeren van de witgoedregeling.

Doelstelling 2: We stappen over naar duurzame warmte Een groot deel van het aardgasverbruik vindt plaats in woningen. In 2022 was slechts een klein deel van de woningen in onze gemeente aardgasvrij (zie tabel 1 in bijlage 2). We gaan dus verder met het zetten van stappen om de overstap naar alternatieve warmtebronnen in de gebouwde omgeving te realiseren.

We breiden de duurzame wijkaanpak uit

We bereiken dit door in te zetten op de volgende actielijn:  • We voeren de Transitievisie Warmte uit en weten op welke warmtebronnen de wijken kunnen overstappen. • We breiden de duurzame wijkaanpak uit.

We hebben afgelopen periode gewerkt aan zes duurzame wijkaanpakken. Deze wijkaanpak willen we verder gaan verdiepen en daarnaast willen we ook een strategie bepalen voor in de volgende wijken. Gefaseerd gaan alle wijken mee in een wijkaanpak. Hierbij willen we ook meer inzicht geven in de beste warmteoplossingen voor de wijk.

We voeren de Transitievisie Warmte uit en weten op welke warmtebronnen de wijken kunnen overstappen We hebben in onze Transitievisie Warmte (TVW) de kansen beschreven om over te stappen naar duurzame warmte in de gebouwde omgeving. Om woningen aardgasvrij(-ready) te maken geven we uitvoering aan onze TVW. Daarnaast is het van belang om meer inzicht te krijgen in welke warmtebronnen kansrijk zijn in verschillende wijken. Eerdergenoemde acties gericht op energiebesparing kunnen ook bijdragen aan de overstap naar duurzame warmte (denk aan de Lokale Aanpak Isolatie en de wijkaanpak).

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals: • Uitvoeren lokaal warmtebronnenonderzoek;

18 Strategie duurzaamheid

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals: • Verdiepen en uitbreiden van de duurzame wijkaanpakken.

Doelstelling 3:

Doelstelling 4:

We wekken duurzame energie op

We leveren een bijdrage aan het oplossen van netcongestieproblematiek

We zijn op koers om onze REKS-doelstelling voor duurzame opwek van elektriciteit in 2030 te behalen. We gaan verder nog grote stappen zetten om onze doelen op het gebied van CO2-uitstoot te halen. Daarom blijven we inzetten op duurzame opwek. In de regio wordt gewerkt aan de ontwikkeling van verschillende energiehubs. Deze hubs liggen, vanwege de beperkingen van de vliegbasis Gilze-Rijen, niet binnen onze gemeentegrenzen. Doordat we zijn aangesloten bij het Publiek Ontwikkelbedrijf, leveren we een bijdrage aan de ontwikkeling van de hubs. Binnen de gemeente gaan we de komende periode vooral inzetten op kleinschalige duurzame opwek en grootschalige opwek in combinatie met slimme oplossingen (zoals energieopslag en -uitwisseling). We bereiken dit door in te zetten op de volgende actielijn: • We realiseren het bod van de REKS

We realiseren het bod van de REKS

Momenteel is het elektriciteitsnetwerk in grote delen van Nederland overbelast (zie ook bijlage 4). Zo ook in onze gemeente. Nieuwe bedrijven die een grootverbruikersaansluiting willen, komen op een wachtlijst terecht en grootschalige teruglevering van elektriciteit aan het net is nu niet mogelijk. Op termijn kan ook elektrificatie binnen de gebouwde omgeving voor uitdagingen zorgen, bv. wanneer buurten volledig overgaan op allelectric warmtepompen of elektrische auto’s. In eerste instantie is het oplossen van de problemen een opgave voor de netbeheerders. Als gemeente dragen we, binnen onze mogelijkheden, bij aan het oplossen van de netcongestieproblematiek. Hiervoor stemmen we af met de netbeheerder en proberen we waar mogelijk procedures voor netuitbreidingen te versnellen. Tevens werken we aan het slimmer benutten van het huidige netwerk door middel van de eerdergenoemde verkenning voor pilot met smart energy systems. Dit zijn innovaties in het energiesysteem, waardoor we slimmere energiesystemen krijgen.

We werken in regionaal verband actief mee aan de ambities van de REKS.

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals: • Meewerken aan de versteviging van de energie-infrastructuur.

19 Strategie duurzaamheid

4. Klimaatadaptatie en biodiversiteit

4.1 Inleiding Door opwarming van de aarde krijgen we in toenemende mate te maken met veranderende weersomstandigheden, zoals extreme neerslag, hitte en droogte. Wij bereiden ons hierop voor door in te zetten op klimaatadaptatie. Met klimaatadaptatie bedoelen we dat we ons aanpassen aan het veranderde klimaat, zodat we onze kwetsbaarheid verminderen en de gevolgen van klimaatverandering beperken. Dit betekent echter niet dat er nooit meer water op straat zal komen te staan.

In 2017 is het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie vastgesteld. Met dit plan werken Nederlandse overheden aan het beperken van wateroverlast, hittestress, droogte en de gevolgen van overstromingen. Het doel is om in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust ingericht te zijn. We sluiten in Gilze en Rijen aan bij deze landelijke ambitie en willen in 2030 beter voorbereid zijn op extremer weer.

Bij het streven naar klimaatadaptatie is het tevens van belang om koppelkansen met klimaatmitigatie te benutten om synergie te creëren en efficiëntie te bevorderen. Straten kunnen mogelijk tijdens onderhoud of bij werkzaamheden aan netverzwaring meteen klimaatbestendig worden ingericht. Ook in de woningbouwsector zijn er mogelijkheden voor synergie tussen mitigatie en adaptatie door energieneutraal en klimaatbestendig te bouwen. Het integreren van adaptatie met mitigatie en andere opgaven versterkt de samenhang en efficiëntie van de klimaatmaatregelen. Naast klimaatadaptatie is werken aan klimaatmitigatie ook erg belangrijk. Naast het aanpassen aan de klimaatverandering (adaptatie), wil je ook beperken dat de aarde opwarmt (mitigatie). Straten kunnen mogelijk tijdens onderhoud meteen klimaatbestendig worden ingericht. Ook in de woningbouwsector zijn er mogelijkheden voor synergie tussen mitigatie en adaptatie door energieneutraal en klimaatbestendig te bouwen. Het integreren van adaptatie met mitigatie en andere opgaven versterkt de samenhang en efficiëntie van de klimaatmaatregelen. Het thema klimaatadaptatie heeft veel overlap met het thema biodiversiteit. Bij klimaatadaptatie gaat het vaak over maatregelen op het gebied vanbodem, groen en water en deze maatregelen hebben vaak invloed op de biodiversiteit.

Zo kunnen bomen in de openbare ruimte bijdragen aan een hittebestendige leefomgeving en de biodiversiteit bevorderen. Het inrichten van groen in de kernen is verder uitgewerkt in de Groenvisie. Klimaatadaptatie en bodem- en waterkwaliteit zijn nauw aan elkaar verbonden. De aandacht voor bodem en waterkwaliteit is verwerkt in een van onze doelstellingen waarbij we aanhaken bij landelijk beleid.

21 Strategie duurzaamheid

4.2 Doelstellingen Onze ambitie op het thema klimaatadaptatie en biodiversiteit vertalen we naar de volgende doelstellingen (zie ook bijlage 2, tabel 2): 1. W  e zijn beter voorbereid op perioden van extreme weersomstandigheden; 2. We nemen samen met bewoners en ondernemers maatregelen; 3. We zijn een biodiverse gemeente; 4. We zorgen voor klimaatrobuuste natuur en landschap in het buitengebied; 5. We vertalen landelijke richtlijnen naar lokaal beleid.

4.3 Hoe bereiken we dit?

Doelstelling 1: We zijn voorbereid op perioden van extreme weersomstandigheden Om in beeld te brengen wat nodig is om de fysieke leefomgeving klimaatbestendig en waterrobuust in te richten hebben we in 2020 in de regio De Baronie klimaatstresstesten light uitgevoerd. In de stresstesten zijn de gevoeligheid voor risico's met betrekking tot wateroverlast, hitte, droogte en overstromingen op wijkniveau geanalyseerd. Deze stresstesten wordt elke zes jaar herhaald. Komend jaar worden daarom volledige stresstesten gestart en aan de hand hiervan risicodialogen opnieuw gevoerd. Op basis van deze bevindingen gaan we verder uitwerken hoe we ons verder kunnen voorbereiden op extreme weersomstandigheden en kunnen we een definitie geven aan wat klimaatadaptatie betekend voor onze gemeente. In de tussentijd werken we nog steeds aan de doelstelling door in te zetten op de volgende actielijnen: • We brengen de effecten van extreme weersomstandigheden en op basis daarvan de mogelijke maatregelen om dit aan te pakken in beeld; • We kunnen de risico’s van mogelijke schade aan vitale objecten en faciliteiten in kaart brengen; • We zorgen dat onze buitenruimte klimaatadaptief is ingericht.

We brengen de effecten van extreme weersomstandigheden en op basis daarvan de mogelijke maatregelen om dit aan te pakken in beeld Om acties te kunnen ondernemen hebben we voldoende inzicht nodig in de effecten van extreme weersomstandigheden in onze gemeente. Daarom gaan we elke zes jaar stresstesten doen. Op basis hiervan bepalen we welke maatregelen we moeten treffen om dit aan te pakken en welke plekken urgentie hebben. Bij het uitvoeren van deze onderzoeken betrekken we ook organisaties uit de samenleving. We gaan noodscenario’s opstellen voor bepaalde weersomstandigheden, zoals natuurbranden bij extreme droogte en een hitteplan bij extreme hitte.

22 Strategie duurzaamheid

We kunnen de risico’s van mogelijke schade aan vitale objecten en faciliteiten in kaart brengen We brengen in beeld welke vitale objecten en faciliteiten mogelijk kwetsbaar zijn (bijvoorbeeld transformatorhuisjes, de hoofdroutes, historische gebouwen en telecommunicatie-installaties). Op basis hiervan kunnen we in gesprek gaan met betrokkenen over mogelijke risico’s en maatregelen.

We zorgen dat onze buitenruimte klimaatadaptief is ingericht Wateroverlast, verdroging en hittestress vormen aanzienlijke uitdagingen voor onze leefomgeving. We richten onze buitenruimte klimaatadaptief in onder andere door middel van vergroening, het inrichten van koelteplekken en het realiseren van waterberging. Hiermee kunnen we de effecten van extreme hitte, droogte en wateroverlast verminderen.

Dit doen we door aan de volgende actielijnen te werken: 

• We zetten in op meekoppelkansen bij bestaande en nieuwe projecten; • We zetten de subsidieregeling ‘Klimaatbestendig Gilze en Rijen’ voort en brengen deze breder onder de aandacht; • We passen de voorkeursvolgorde (vasthouden en infiltreren, bergen en eventueel benutten, bovengronds afvoeren, afvoeren door hemelwaterafvoer) toe voor het verwerken van hemelwater toe.

Doelstelling 2: We nemen samen met bewoners en ondernemers maatregelen Zoals in hoofdstuk 2 benoemd staat de gemeente niet alleen aan de lat voor de verduurzamingsopgave. In de openbare ruimte is de gemeente verantwoordelijk voor het treffen van klimaatmaatregelen, maar ook op privaatterrein kunnen klimaatmaatregelen worden getroffen. Om onze doelen te behalen moeten we dus samenwerking met inwoners en ondernemers. We zetten daarom in op de volgende actielijnen: • We werken aan bewustwording en stimuleren inwoners om actie te ondernemen; • We werken samen met ondernemers aan klimaatadaptieve bedrijventerreinen.

We werken aan bewustwording en stimuleren inwoners om actie te ondernemen We informeren onze inwoners over klimaatmaatregelen en stimuleren de toepassing ervan. We zetten in op het organiseren van activiteiten en campagnes. Hierbij zoeken we de samenwerking met lokale verenigingen en organisaties. We maken nadrukkelijk gebruik van de beschikbare communicatiekanalen en voorbeeldprojecten van binnen en buiten onze gemeente.

We werken samen met ondernemers aan klimaatadaptieve bedrijventerreinen Verdroging en hittestress vormen aanzienlijke uitdagingen voor bedrijventerreinen en omliggende gebieden. Waar problemen ontstaan, zoeken we samen met bedrijven en maatschappelijke organisaties naar geschikte oplossingen. Onze inspanningen zijn gericht op het verstrekken van informatie en het bieden van ondersteuning aan initiatieven van bedrijven en andere organisaties.

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals:

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals:

• NK tegelwippen of een andere landelijke actie; • Lokale stimuleringsacties zoals de fruitbomenactie.

•P  ilot klimaatadaptieve bedrijventerreinen i.s.m. regionale samenwerking REKS;

23 Strategie duurzaamheid

Doelstelling 3:

Doelstelling 4:

We zijn een biodiverse gemeente

We zorgen voor klimaatrobuuste natuur en landschap in het buitengebied

We streven naar een hoge kwaliteit van natuur. Hiermee bevorderen we de biodiversiteit, in lijn met de principes van het Deltaplan Biodiversiteitsherstel. We bereiken dit door in te zetten op de volgende actielijn:

We zorgen voor behoud van water, ecosystemen en regio specifieke plant- en diersoorten Om de biodiversiteit te versterken hebben we eerst beter inzicht nodig in de kwaliteit van de natuur in onze gemeente. Onze focus ligt daarom op het in beeld brengen van de huidige stand van zaken, de opgave en de kansen voor biodiversiteit. Bij het uitvoeren van deze onderzoeken betrekken we organisaties en ondernemers uit de samenleving met kennis over de lokale flora en fauna. De onderzoeken vormen de basis voor het formuleren van concrete doelstellingen en het nemen van maatregelen. Op het gebied van biodiversiteit zullen we aanhaken bij klimaatadaptieve projecten van partnerorganisaties en bijvoorbeeld Landelijke acties. Het uitgangspunt is dat onze flora en fauna moet verbeteren en niet verslechtert. In die zin zullen we dan ook acties toevoegen om met partners (bijvoorbeeld buitengebied ondernemers) kwaliteit toe te voegen en anderzijds terughoudend zijn om vermindering in welke vorm dan ook toe te staan.

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals: • Realiseren en uitbreiding van ecologische verbindingszones (EVZ); • We zijn en blijven een bij-vriendelijke gemeente door zelf ecologisch verantwoord te werken in (her)inrichtings-projecten, beheer en onderhoud; • We maaien de bermen en sloten in onze gemeente ecologisch en bijvriendelijk; • We zoeken de samenwerking op met lokale natuurorganisaties zoals Natuur- en Landschapsvereniging Gilze en Rijen; • We werken integraal aan het behouden en het versterken van een groene buffer tussen de gemeenten Tilburg en Gilze en Rijen.

24 Strategie duurzaamheid

Onze natuur en het buitengebied is kwetsbaar voor de gevolgen van klimaatveranderingen. Door te werken aan klimaatrobuuste natuur zorgen we ervoor dat ook in de toekomst de biodiversiteit en de ecosystemen veerkrachtig genoeg zijn om de veranderende neerslagpatronen en droogteperiodes op te vangen. We werken aan het klimaatrobuust maken van onze natuur en het buitengebied door in te zetten op de volgende actielijn:

We werken aan klimaatrobuuste beekdalen Beekdalen zijn niet voldoende robuust om de gevolgen van klimaatverandering om te vangen. Door hevige neerslag en droogte ontstaan in beeklandschappen grote pieken en dalen in de beekafvoer en verdroging. Waterschap Brabantse Delta gaat een Visie Weerbare Beekdalen opstellen, waar wij in participeren. We kijken met het waterschap en landeigenaren ook naar de bufferzones rond de beekdalen.

Doelstelling 5: We vertalen landelijke richtlijnen naar lokaal beleid We geven als gemeente zelf het goede voorbeeld door klimaatbestendige ontwikkelingen in ons beleid te borgen en als organisatie zelf klimaatadaptief te handelen. Hiervoor zetten we in op de volgende actielijnen: • We werken volgens de richtlijn water en bodem sturend; • We integreren klimaatadaptatie in gezonde leefomgeving.

We werken volgens de richtlijn water en bodem sturend Bij beslissingen over de inrichting van ons land wil het kabinet water en bodem sturend laten zijn. Hiermee zijn we beter bestand tegen de gevolgen van klimaatverandering en voorkomen we druk op de biodiversiteit. Dit is een belangrijke pijler van Omgevingsvisie en regionale en provinciale plannen. Bij bodem gaat het niet alleen om vruchtbaarheid en bodemtype, maar ook de ondergrondse vormen (geomorphologie). Bij water kun je denken aan oppervlakte- en grondwatersystemen, maar ook waterzekerheid en waterveiligheid. Al deze punten hebben invloed op de functie van de ruimte. Bij ruimtelijke ontwikkelingen in onze gemeente toetsen we hierop. Er is ruimte nodig voor water, groen, biodiversiteit, wonen, werken en recreëren. Het bodem- en watersturend principe is een belangrijk uitgangspunt om ook in de toekomst een gezonde bodem en voldoende schoon water te hebben. Het wordt de standaardprocedure om te werken vanuit randvoorwaarden die het wateren bodemsysteem stellen. Het verbeteren en behouden van onze bodem- en waterkwaliteit staat daarmee als uitgangspunt in het beleid centraal. 25 Strategie duurzaamheid

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals: • We stimuleren het afkoppelen en het niet aansluiten van hemelwater op afvalwaterriolering; • We dragen er zorg voor dat er nieuw waterbeleid opgesteld gaat worden voor het hemel-, grond- en oppervlaktewater; • We activeren bij het beheer, onderhoud en herinrichting van de openbare ruimte om dit op een klimaatadaptieve wijze uit te voeren.

We integreren klimaatadaptatie in gezonde leefomgeving Het doel is om een gezondere leefomgeving te creëren waarin er een balans is tussen de functie van de ruimte en ruimte voor natuurlijke aspecten. In het GALA akkoord is het volgende opgenomen: Bij besluitvorming over de fysieke leefomgeving (zoals in omgevingsplannen) wordt gezondheidskennis toegepast. Die kennis gaat over gezondheidsbevordering (bijv. uitnodigen tot bewegen en ontmoeten) én over gezondheidsbescherming (bijv. bescherming geluid- en luchtkwaliteit). Klimaatverandering heeft natuurlijk gevolgen voor de gezondheid en veiligheid in ons land. We nemen klimaatadaptatie op in onze inspanningen om een duurzame leefomgeving te bevorderen. We doen dit samen met collega’s van het sociaal domein en recreatie en toerisme.

5. Circulariteit

5.1 Inleiding Onze economie is momenteel grotendeels lineair. Dit betekent dat grondstoffen worden omgezet in producten die na gebruik als afval worden gezien. Dit zorgt voor een verspilling van grondstoffen en energie, onnodig transport, een belasting van het milieu en hoge kosten voor afvalbeheer. Het besef groeit dat we van een lineaire economie naar een circulaire economie moeten.

We gaan volgens de R-ladder (zie figuur) aan een strategie werken om in onze gemeente de circulaire economie verder te vergroten. We zoeken de samenwerking op met andere gemeenten voor het opstellen van een strategie voor de circulaire economie. Het uitwisselen van inzichten kan bijdragen aan collectief leren, elkaar motiveren en wellicht gezamenlijke samenwerking stimuleren.

In een circulaire economie zijn vrijwel alleen herbruikbare primaire, secundaire en duurzame biogrondstoffen in omloop. Producten worden binnen gesloten kringlopen geproduceerd, gedistribueerd en geconsumeerd. Zo wordt de waarde van grondstoffen, materialen en producten zo lang mogelijk behouden, waardoor er bijna geen afval meer is. Bovendien worden in de circulaire economie grondstoffen hoogwaardig benut. Wanneer er nieuwe grondstoffen nodig zijn, worden fossiele, kritieke (schaarse) en niet duurzaam geproduceerde grondstoffen zo veel mogelijk vervangen door duurzaam geproduceerde, hernieuwbare en algemeen beschikbare grondstoffen. Nederland wil in 2050 klimaatneutraal, fossielvrij en circulair te zijn. Circulair zijn betekent dat de milieueffecten van de Nederlandse productie en consumptie in 2050 binnen de draagkracht van de aarde moeten vallen. In het Nationaal Programma Circulaire Economie (NPCE) zijn 4 circulariteitsknoppen als strategieën genoemd om deze ambitie te behalen: 1. Grondstoffengebruik verminderen: Het verminderen van de Nederlandse grondstoffenvoetafdruk, zowel vanuit productie- als consumptieperspectief. 2. G  rondstoffen substitutie: Het zoveel mogelijk vervangen van primaire grondstoffen door secundaire grondstoffen en duurzame hoogwaardige biogrondstoffen. Of het gebruik van andere beschikbare grondstoffen met een lagere milieudruk. 3.

Levensduurverlenging: Het aansturen op een maximale levensduur voor producten en onderdelen, onder meer door hergebruik, refurbishment en reparatie. 4. Hoogwaardige verwerking Het verbeteren van schone, goed gesorteerde inzamelstromen en terugwinning van materialen om materialen tot op een gelijkwaardig niveau als het oorspronkelijke materiaal te recyclen.

27 Strategie duurzaamheid

Bron: Circulair-bouwen-R-Ladder.png (450×300) (smartcirculair.com)

Vanuit de gemeente hebben we op dit moment nog weinig directe invloed op het toepassen van de strategieën en richten ons voornamelijk op stimuleren van hergebruik en recycling door middel van de inzamelingssystematiek voor huishoudelijk afval. Maar het gaat bij het realiseren van een circulaire samenleving ook om circulair produceren en bouwen, bewust consumeren en het verlengen van de levensduur van producten. We hebben een handreiking duurzaam bouwen om te zorgen dat in onze eigen processen circulariteit zoveel mogelijk wordt meegenomen. We zetten maximaal in op bewustwording van de inwoners en ondernemers om verbruik te verminderen. In onze duurzaamheidscommunicatie nemen we dit zoveel mogelijk op en proberen we inwoners en bedrijven hiervan bewust te maken. We zien circulariteit niet als een los beleidsonderdeel, maar verbinden dit altijd met andere beleidsdoelstellingen of acties, om zodoende koppelkansen optimaal te benutten.

5.2 Doelstellingen

5.3 Hoe bereiken we dit?

Onze ambitie op het thema circulariteit vertalen we naar de volgende doelstellingen:

Doelstelling 1:

1. W  e verminderen het gebruik van primaire grondstoffen: in 2030 willen we 50% minder primaire grondstoffen gebruiken en in 2050 is onze economie volledig circulair; 2. We voeren ons afvalbeheer duurzaam uit; 3. W  e verminderen het gebruik van primaire grondstoffen in onze eigen organisatie: in 2030 zijn 50% van onze inkopen en aanbestedingen circulair en in 2050 zijn onze inkopen en aanbestedingen volledig circulair. 4. W  e stimuleren biobased grondstoffen waar ze een vervanging kunnen zijn voor niet duurzaam geproduceerde grondstoffen. In de tabel in bijlage 2 is een overzicht opgenomen van waar we heen willen, waar we momenteel staan en hoe we onze voortgang gaan monitoren.

We verminderen het gebruik van primaire grondstoffen In 2050 willen we dat onze economie volledig circulair is. Dit betekent dat onze kringlopen gesloten zijn en we geen grondstoffen vernietigen na gebruik, maar deze telkens opnieuw inzetten met behoud van waarde. Om onze doelstelling te halen zetten we in op de volgende actielijnen: • We hebben zicht op grondstoffenstromen; • We stimuleren en faciliteren bedrijven in de transitie naar een circulaire economie.

We hebben zicht op grondstoffenstromen We hebben op dit moment beperkt inzicht in het primaire grondstoffen gebruik in onze gemeente. Daarom ligt onze focus in eerste instantie op het in beeld brengen van de opgave en de kansen. Om inzicht te krijgen hoe we binnen onze gemeente kunnen bijdragen aan de transitie naar een circulaire economie brengen we onze grondstoffenstromen in beeld in een grondstoffenmonitor. We stimuleren zoveel mogelijk het vervangen van eindige grondstoffen door secundaire (gebruikte) grondstoffen, biogrondstoffen zoals hout, vlas en suikerbieten of andere meer algemeen beschikbare primaire grondstoffen met een lagere milieudruk.

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals: •O  pstellen grondstoffenmonitor; • In samenwerking met andere gemeenten verkennen we de mogelijkheid om een 'grondstoffenplatform' te kunnen opzetten en beheren.

1

28 Strategie duurzaamheid

Bron: Milieu Centraal - 2 Bron: ElaadNL, Outlook Q3 2021

Doelstelling 2: We voeren ons afvalbeheer duurzaam uit Het scheidingspercentage voor huishoudelijk afval is de afgelopen jaren al sterk toegenomen. We verkennen hoe we ons afvalzamelingssysteem verder kunnen optimaliseren om bij te dragen aan de maximale scheiding van restafval. Vanuit de landelijke doelstellingen ligt de nadruk dan vooral op recycling en hergebruik. Hieraan kan een bijdrage worden geleverd door het nog beter scheiden van restafval. We verbeteren circulaire economie door de kwaliteit van de verschillende deelstromen te verbeteren. We zien hiervoor kansen bij een regionale aanpak waarbij regionale bedrijven, kennisinstellingen en andere overheden worden betrokken.

We stimuleren en faciliteren bedrijven in de transitie naar een circulaire economie We verkennen samen met ondernemers de mogelijkheden om bedrijven te stimuleren en faciliteren in de transitie naar een circulaire economie. Hierbij denken we onder andere aan het koppelen van bestaande en nieuwe innovatieve bedrijven, het uitreiken van de groene pluim en kennissessies. Communicatie van en naar ondernemers en het gebruiken van goede voorbeelden van binnen en buiten onze gemeente staat centraal in deze doelstelling.

Om onze doelstelling te halen, zetten we in op de volgende actielijn:

We kennen ons afvalinzamelingssysteem In 2022 is Diftar ingevoerd. Een belangrijk doel hiervan is reductie van de hoeveelheid restafval per inwoner. We sluiten hiervoor aan bij de VANG-doelstellingen: • verduurzaming aan de voorkant van de keten; • verduurzaming consumptiepatronen (gedragsverandering); • verbetering van de afvalscheiding en inzameling; • bestaand afvalbeleid richten op circulaire economie; • aanpak specifieke ketens en afvalstromen; • ontwikkelen van financiële en andere marktprikkels; • kennis en onderwijs verbinden aan circulaire economie en • vereenvoudigen van meetmethoden, indicatoren en keurmerken. We monitoren het afvalbeleid en waar nodig wordt verbeteringen doorgevoerd. Verwacht wordt dat deze verbeteringen vooral zien op het stimuleren en op gang brengen van de circulaire economie. Verbeteren van de kwaliteit van de verschillende afvalstromen is hierbij een vereiste.

29 Strategie duurzaamheid

Doelstelling 3: We verminderen het gebruik van primaire grondstoffen in onze eigen organisatie We geven als gemeente zelf het goede voorbeeld. Hiervoor zetten we in op de volgende actielijn: • We kopen circulair in en onze aanbestedingen zijn circulair

We kopen circulair in en onze aanbestedingen zijn circulair Duurzaamheid en circulariteit is nu opgenomen in het inkoop- en aanbestedingsbeleid. Bij herziening hiervan, gaan we dit aanscherpen. In 2030 willen we 50% van onze inkopen en aanbestedingen circulair doen. Bij nieuwbouw-, renovatie- en sloopprojecten van ons eigen vastgoed, wel en geen grondpositie en sociale huur onderzoeken we de kansen voor circulariteit en passen we deze zoveel als mogelijk toe. Hierbij maken we gebruik van de Handreiking Duurzaam Bouwen. Ons eigen vastgoed dient als voorbeeld. Daarnaast zetten we, waar passend en mogelijk, in op het herbestemmen van bestaand vastgoed.

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals: • Handreiking duurzaam bouwen implementeren; • We zoeken de samenwerking op met andere gemeenten op het gebied van circulair inkopen en aanbesteden. • Het implementeren van de MVI-zelfevaluatie tool (Pianoo) inzetten om de vooruitgang op organisatieniveau te meten.

30 Strategie duurzaamheid

Doelstelling 4: We stimuleren biobased grondstoffen waar ze een vervanging kunnen zijn voor niet duurzaam geproduceerde grondstoffen Binnen een circulaire economie kunnen technische en biologische cycli onderscheiden worden. Om circulair te zijn, moeten producten in de endof-life fase recyclebaar of herbruikbaar zijn. Veel biologische grondstoffen hebben deze eigenschappen, naast het feit dat ze vaak biologisch afbreekbaar zijn. Op landelijke schaal wordt een stevige impuls gegeven aan biobased materialen, bijvoorbeeld via de Nationale Aanpak Biobased Bouwen (NABB), waarbij de primaire sector (onder andere vezelteelt) gekoppeld wordt aan de bouwsector en de (ver)bouwopgave in Nederland. Dit wordt onder andere gedaan door het Building Balance programma. Vier samenwerkende ministeries: BZK, LNV, EZK en I&W willen via deze NABB een significant aandeel toegepast natuurlijk bouwmateriaal behalen. Voor 2030 zijn de volgende doelen omschreven:  • Minstens 30% van de nieuwbouwwoningen is gerealiseerd met 30% biobased materialen of meer. • Minstens 30% van de isolatie voor verduurzaming is uitgevoerd met biobased materialen. • Minstens 30% van de gebruikte materialen voor utiliteitsbouw is biobased. Het ministerie (BZK)

31 Strategie duurzaamheid

Voor onze gemeente betekent dit een goede kans om met onze (bouw)partners aan te sluiten op deze ambities en bij verbouw en nieuwbouwplannen steeds meer biobased en circulaire bouwstoffen te vragen. In Brabant zijn al tal van goede voorbeelden waar woningen voorzien zijn van (lokale) biobased producten zoals stro-isolatie en vezelwol-isolatie. Ook in de GWW sector (grond-weg en waterbouw) worden steeds meer projecten opgeleverd waarbij cementloos bouwen (bijvoorbeeld via geopolymeerbeton) langzaam maar zeker de norm gaat worden. Onze gemeente kan deze trends volgen en toepassen in het eigen beleid richting de bouw en GWW sector. Hiervoor zetten we in op de volgende actielijn: • We haken aan bij ''Building Balance'' (Een landelijk programma waarbij wordt ingezet op het versnellen van het gebruik van biogrondstoffen in de bouw waardoor de klimaatdoelen en de circulaire doelen kunnen worden gehaald). • Bij ons eigen vastgoed gaan we biobased alternatieven overwegen met als doel om structureel in volumepercentages op te schalen naar 2030.

6. Duurzame mobiliteit

6.1 Inleiding Om een bijdrage te leveren aan de CO2-reductie neemt duurzame mobiliteit een belangrijke positie in binnen de Strategie duurzaamheid van de gemeente Gilze en Rijen. De manier waarop we ons verplaatsen, heeft aanzienlijke gevolgen voor het milieu, de levenskwaliteit en de algemene duurzaamheid van onze gemeenschap. De komende periode onderzoeken en bevorderen we duurzame mobiliteitsoplossingen die niet alleen de ecologische impact verminderen, maar ook bijdragen aan een leefbare en gezonde omgeving voor de inwoners van Gilze en Rijen. Door middel van innovatieve benaderingen en samenwerking met belanghebbenden zetten we in op schonere vervoersnormen, waarbij de behoeften van de huidige generatie worden vervuld zonder de mogelijkheden van toekomstige generaties in gevaar te brengen.

6.2 Doelstellingen Onze ambitie op het thema mobiliteit vertalen we in Gilze en Rijen naar de volgende doelstellingen: 1. We stimuleren schone en duurzame vormen van mobiliteit. 2. We stimuleren en faciliteren transitie van fossiele mobiliteit naar elektrische mobiliteit. 3. We verduurzamen de mobiliteit van onze eigen organisatie. In de tabel in bijlage 2 is een overzicht opgenomen van waar we heen willen, waar we momenteel staan en hoe we onze voortgang gaan monitoren.

6.3 Hoe bereiken we dit?

Doelstelling 1: We stimuleren schone en duurzame vormen van mobiliteit Een andere manier om de CO2-uitstoot van verkeer en vervoer te verminderen, is door in te zetten op schone en duurzame vervoersmogelijkheden, zoals openbaar vervoer, deelmobiliteit, fietsers en voetgangers. Deelmobiliteit omvat het gedeeld gebruik van verschillende vervoersmiddelen, zoals auto’s, scooters en fietsen. In dit model zijn reizigers geen eigenaar van het vervoersmiddel, maar betalen ze voor het gebruik ervan en de afgelegde kilometers. Deelmobiliteit reduceert het aantal gereden autokilometers, vervangt het aantal privéauto’s en kan zo mogelijk de tweede auto vervangen. Het kan ook een alternatief bieden wanneer een gebied slecht te bereiken is via het openbaar vervoer. Daarnaast leidt deelautogebruik tot een afname van ongeveer 7-11 procent CO2-uitstoot1. Om onze doelstelling te halen zetten we in op de volgende actielijnen: • We nemen duurzaamheid mee in ons mobiliteitsbeleid • We geven uitvoering aan het Fietsbeleidsplan

We nemen duurzaamheid mee in ons mobiliteitsbeleid We stellen een mobiliteitsvisie op waarin duurzame mobiliteit een belangrijk uitgangspunt is. We nemen hierin de mogelijkheden voor deelmobiliteit mee, maar kijken ook naar het inzetten op schone vervoersmiddelen zoals de fiets, het openbaar vervoer en elektrisch vervoer. De provincie is verantwoordelijk voor het beheer en de planning van het openbaar vervoer, inclusief het vaststellen van routes. Als gemeente erkennen we het belang van openbaar vervoer voor de leefbaarheid in onze gemeente. We lobbyen bij de provincie voor behoudt en betere OV-voorzieningen.

We geven uitvoering aan het Fietsbeleidsplan Om de fietsmobiliteit te stimuleren hebben we het Fietsbeleidsplan opgesteld, met daaraan gekoppeld een uitvoeringsplan tot en met 2026. De maatregelen zijn gericht op het verbeteren van het fietsnetwerk, het verbeteren van fietsfaciliteiten (parkeren en rustpunten) en het stimuleren van (veilig) fietsgebruik. Waaronder het stimuleren van woon-werkverkeer op de fiets. 33 Strategie duurzaamheid

1

Bron: Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM)

Doelstelling 2: We stimuleren en faciliteren transitie van fossiele mobiliteit naar elektrische mobiliteit Een belangrijke manier om de CO2-uitstoot terug te dringen is door elektrificatie van onze mobiliteit. Elektrisch vervoer stoot over de gehele levensduur ten opzichte van vervoersmiddelen met een uitlaat 60% minder CO2 uit2. Landelijk is afgesproken dat vanaf 2030 alle nieuwe personenauto’s emissievrij moeten zijn. Volgens prognoses van ElaadNL is het aandeel van de elektrische personenauto in 2035 voor Nederland 44,5% en in 2050 zelfs 98,6%3. De vraag naar laadinfrastructuur zal hierdoor sterk toenemen, zowel in de private, publieke als semipublieke ruimte. Via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) hebben we ons verbonden aan de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL). Hierin is vastgelegd dat de laadinfrastructuur geen obstakel mag vormen voor de uitrol van elektrisch rijden en dat gemeenten een essentiële rol spelen bij de uitrol.

We breiden onze openbare laadinfrastructuur uit In het kader van de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) zijn samenwerkingsregio's opgericht om laadinfrastructuur uit te breiden. De gemeente Gilze en Rijen behoort tot de samenwerkingsregio-Zuid (NoordBrabant en Limburg). Hiervoor is een regionale vertaling gemaakt van de NAL, de Regionale Aanpak Laadinfrastructuur (RAL-Zuid). Via de RAL-Zuid nemen we deel aan een gemeenschappelijke concessie voor de plaatsing van publieke laadinfrastructuur.

Om onze doelstelling te halen zetten we in op de volgende actielijnen: • We stellen een laadbeleid op; • We breiden onze openbare laadinfrastructuur uit.

We stellen een laadbeleid op We stellen een laadbeleid op voor de laadinfrastructuur in de gemeente. We verkennen de laadbehoefte van verschillende doelgroepen zoals inwoners, bezoekers, toeristen, logistiek, doelgroepenvervoer en eventuele deelauto’s en betrekken relevante stakeholders hierbij (zoals de logistieke sector en de toeristische sector). We stellen beleidsregels op voor openbare laadpalen. Waaronder een keuze tussen clusteren of spreiden. En bepalen beleid ten aanzien van private laders, semi publieke laders, en snelladers. Bijvoorbeeld het al dan niet toestaan van Verlengde Private Aansluitingen (bijvoorbeeld met zogenaamde kabelgoten).

2

34 Strategie duurzaamheid

Bron: Milieu Centraal - 3Bron: ElaadNL, Outlook Q3 2021

Doelstelling 3: We verduurzamen de mobiliteit van onze eigen organisatie We geven als gemeente zelf het goede voorbeeld op het gebied van duurzame mobiliteit. Hiervoor zetten we in op de volgende actielijn: • We stellen een plan op om de mobiliteit van onze eigen organisatie te verduurzamen

We stellen een plan op om de mobiliteit van onze eigen organisatie te verduurzamen Per januari 2024 moet al het werk-werk- en woon-werkverkeer worden geregistreerd op grond van het ‘Besluit CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit’. Dit geldt voor werkgevers met meer dan 100 werknemers en dus ook voor onze eigen organisatie. Dit geeft ons inzicht in het reisgedrag van onze eigen medewerkers. Op basis hiervan gaan we aan de slag met duurzaam reizen bij werk-werk- en woon-werkverkeer te stimuleren. In dit plan nemen we tevens het verduurzamen van ons eigen wagenpark mee.

In het kader van de actielijn werken we aan acties zoals: • Stimuleren duurzaam werk-werk- en woon-werkverkeer; • Verduurzaming van eigen wagenpark

35 Strategie duurzaamheid

7. Communicatie en participatie

7.1 Inleiding Of het nu gaat om de energietransitie, klimaatadaptatie, mobiliteit of circulariteit. De verduurzaming van Gilze en Rijen is niet alleen een verantwoordelijkheid van de gemeente zelf. Om onze gezamenlijke doelen te behalen zullen we ook inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties in onze gemeente moeten informeren, betrekken, activeren en ondersteunen. Want zonder hun medewerking we nergens. Dus communicatie en participatie zijn essentiële onderdelen van ons duurzaamheidsprogramma. De transitie naar een duurzamere samenleving vraagt om een verandering in de manier waarop mensen omgaan met energie, grondstoffen en hun leefomgeving. Uit onderzoek blijkt dat lang niet iedereen zich bewust is van de noodzaak om deze transitie te maken en van de kansen die dit biedt. Goede doelgroepgerichte communicatie kan op termijn bijdragen tot gedragsverandering. Hiermee informeren en inspireren we publieksgroepen en vergroten we de bewustwording en bereidheid tot het nemen van maatregelen en acties. De combinatie met andere beleidsinstrumenten, zoals financiële prikkels en regelgeving is hierbij nodig.

Denk mee over de toekomst van Gilze en Rijen kom 7 SEPTEMBER naar de WEEKMARKT In RIJEN

en 10 September naar de BRADERIE In GILZE

Samen duurzaam doen.

37 Strategie duurzaamheid

7.2 Uitgangspunten Om communicatie, participatie en samenwerking met de samenleving te versterken stellen we een communicatiestrategie op. Deze vertalen we in communicatieactieplannen per thema of project. • We communiceren doelgroepgericht en op de kanalen waar de doelgroep zich bevindt. • We gebruiken een positieve framing en focussen op de voordelen en positieve impact van duurzaam gedrag. • We richten ons op het verder uitbouwen van het bewonersplatform Ons Gilze-Rijen voor het thema duurzaamheid. We stimuleren het delen van tips, kennis en ervaringen, zodat inwoners elkaar inspireren. • We blijven nauw optrekken met Energie Gilze Rijen (EGR), Natuur- en Landschapsvereniging Gilze en Rijen (NLGR) en ondernemersvereniging GRIC. • We zoeken samenwerking met voorlopers en sleutelfiguren uit de gemeenschap. Zij verspreiden het gedachtengoed vanuit het ‘voorbeeld doet volgen’-principe. • In de communicatie-uitingen gebruiken we veel beeld, aansprekende voorbeelden en verhalen (storytelling).

38 Strategie duurzaamheid

• We haken aan bij én stimuleren lokale initiatieven. Hierbij benadrukken we hoe gezamenlijke acties een grotere impact hebben. Dit kan mensen aanmoedigen om deel te nemen. • We communiceren actief over behaalde resultaten van duurzaamheidsinitiatieven, zoals het bereik en effect van acties, de CO2-besparing, het verminderd energieverbruik of vermindering van restafval. • We blijven de samenleving betrekken via publieksacties zoals het NK tegelwippen en de Nationale Klimaatweek. Hiermee mobiliseren we onze publieksgroepen om bij te dragen aan een duurzame leefomgeving en vergroten we het bewustzijn. • We zetten actief in op het versterken van de voorbeeldrol als gemeente. • We besteden bewust aandacht aan interne communicatie zodat we enerzijds die voorbeeldrol naar buiten toe kunnen vervullen, maar ook om integraal vanuit alle domeinen de duurzame samenleving te ondersteunen. • We gaan experimenteren met innovatieve manieren om doelgroepen te bereiken en in beweging te brengen. • We blijven interactief het gesprek voeren over duurzaamheid met aandacht voor participatie binnen projecten.

8. V  an Strategie duurzaamheid naar uitvoeringsprogramma

8.1 Vervolgproces Het vertalen van de Strategie duurzaamheid naar het uitvoeringsprogramma is een cruciale stap in het realiseren van duurzaamheidsdoelstellingen. De Strategie duurzaamheid biedt een overkoepelend kader en richting maar het is de uitvoering ervan die daadwerkelijke verandering teweegbrengt. Onze doelstelling zijn waar het kan SMART (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden). Door specifieke doelen vast te stellen, zoals het verminderen van de CO2-uitstoot met 55% tegen 2030, kunnen we de voortgang van de verschillende thema’s meten en evalueren. Een succesvol uitvoeringsprogramma vereist betrokkenheid en samenwerking van verschillende belanghebbenden; collega’s, inwoners, andere overheden en maatschappelijke organisaties. Het is essentieel om deze te betrekken bij het proces, zodat er een breed draagvlak ontstaat en de uitvoering hiervan soepel verloopt. De voortgang van de meeste onderdelen van het uitvoeringsprogramma kunnen we meten middels indicatoren. Door regelmatig de prestaties te meten, kunnen we zien waar we succesvol zijn en waar verbetering nodig is. Er zijn ook een aantal onderdelen in het uitvoeringsprogramma die we niet direct kunnen meten. We werken ook veel aan bijv. het vergroten van bewustwording. De effecten van deze acties zijn moeilijk meetbaar, maar wel essentieel om te doen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13997556/1