CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

ap 11d memo inzake uitvoeringsprogramma vergunningverlening, toezicht en handhaving 2021

Raadscommissie Middelen 8 maart 2021, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Ter kennisname stukken:22.075 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

In overleg met de klankbordgroep risicomatrix zijn voor volgend jaar de volgende branches geselecteerd: Doorlopende branches Risicorelevante bedrijven Afval(beheer)bedrijven ITv 2.0* * Vuurwerk Nieuwe branches Transport- en distributiebedrijven Metaal-electrobedrijven Rubber- en kunststofbedrijven_______ *Voor gemeenten die nog niet aan ITV hebben deelgenomen Risicorelevante bedrijven (RRB) Naast de circa 75 bedrijven boven de BRZO-drempel, zitten er in onze regio zo'n 125 bedrijven net onder die drempel. Van deze 125 bedrijven valt ongeveer 90 onder het bevoegde gezag van de ge­ meente. Om grip te houden op deze groep van risicorelevante bedrijven, heeft de OMWB een meerjarenaanpak risicorelevante bedrijven vastgesteld (aanpak risicorelevante bedrijven 2019­ 2020). Er is landelijke aandacht voor RRB. De zes Brzo-omgevingsdiensten werken samen aan een uniforme uitvoering van de VTH-taken bij de Brzo- en RIE4 bedrijven in Nederland. Naast de Brzo en RIE4 bedrijven is er tevens aandacht voor RRB; dit komt tot uiting in het project risicorelevante bedrijven zoals opgezet door Brzoplus.nl. De Staatssecretaris heeft daarnaast in een brief aangege­ ven dat voor RRB veiligheidswinst te behalen is door het veiligheidsbewustzijn bij de betreffende bedrijven te vergroten. Sinds 2020 wordt gewerkt met speerpunten, de gegevens zijn verwerkt in digitale checklists.

Deze gegevens zijn geanalyseerd zodat inzicht is gekregen in onder meer het naleefgedrag van bepaalde onderwerpen, waardoor (beter) informatie gestuurd toezicht kan plaatsvinden. De gegevens kun­ nen over alle bedrijven, per gemeente of op bedrijfsniveau worden uitgelezen. Dit betreft een nieuwe manier van werken, inmiddels is deze systematiek geëvalueerd en verbeterd. De analyse is met de opdrachtgevers gedeeld. Voor 2021 worden nieuwe specifieke speerpunten uitgewerkt voor Brzo, RIE4 en RRB (gemeente­ lijke en provinciaal). Daarbij wordt teruggekeken naar de onderwerpen die uit de recente analyse naar voren zijn gekomen. De speerpunten voor RRB zijn: ^ Bodem, specifiek onderhoud & inspectie rioleringen; ^ Naleefgedrag m.b.t. de specifieke RRB risico's waardoor een bedrijf risico relevant is (voorbeeld: bedrijf heeft een ammoniakkoel- en vriesinstallatie met een inhoud > 1.500 kg). Het doel hiervan is Brabant breed inzichtelijk brengen van het naleefgedrag van deze specifieke risico's. Bovengenoemde speerpunten komen als onderdeel van de integrale controle aan bod. Daarnaast worden bij ongeveer 507 van de bedrijven onaangekondigde bezoeken uitgevoerd en vinden herinspecties plaats in het geval er overtredingen zijn geconstateerd. Indien van toepassing worden ongewoon voorvallen op de reguliere manier in behandeling genomen.

In 2020 is het traject van interventietoezicht verder vormgegeven. Voor deze categorie van bedrijven zijn de gegevens vast­ gelegd in digitale checklists. Een analyse moet nog worden uitgevoerd. Risico relevante bedrijven zijn geselecteerd op basis van vooraf vastgestelde en Brabant brede cri­ teria. Deze criteria is op basis van categorie-indeling en daarmee generiek bepaald. Het naleefge­ drag, de cultuur van het bedrijf en omgevingsfactoren zijn bijvoorbeeld niet meegenomen in deze

8

benadering. Bedrijven met een goed naleefgedrag worden in aanvang hetzelfde behandeld als be­ drijven met een slecht naleefgedrag. In 2021 wordt de methodiek geëvalueerd en verder uitge­ werkt met als doel om op bedrijfsniveau te bepalen in welke mate toezicht nodig is. Brancheplan Afvalbedrijven In 2018 en 2019 nagenoeg alle gemeentelijke afvalbedrijven, verspreid over de hele regio gecon­ troleerd. Dit heeft de OMWB veel inzicht gegeven in de actuele thema's, de 'state of the art' van de branche. Daarnaast is bij deze controles allerlei data vastgelegd, hierbij valt te denken aan keuringsdata van tanks, vloeren en overige voorzieningen. Met deze data kunnen we de bedrijven de komende jaren risicogericht en data gestuurd (administratief) informeren en controleren. In 2021 pakken de we branche op informatie- en risico gestuurde wijze aan met een mix van inter­ venties zoals het actief informeren, het uitvoeren van digitaal toezicht en fysiek toezicht en door flitscontroles. Naast deze aspecten op de bekende inrichtingen zien we voor 2021 nog twee extra thema's name­ lijk inzicht krijgen in de "onbekende" afvalbedrijven en de actieve communicatie over wijzigingen op het gebeid van melden van afvalstoffen.

Per 1 juli 2020 zijn namelijk de wijzigingen van de EUKaderrichtlijn afvalstoffen, die in de Implementatiewet wijziging EU-Kaderrichtlijn afvalstoffen zijn opgenomen, van kracht. Dit heeft gevolgen voor het Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA) en AMICE en dus ook voor de bedrijven in de afvalbranche. Door hierover actief te communiceren ver­ wachten we een stijging in het naleefgedrag. Als richtlijn adviseren wij hetzelfde budget als 2020 aan te houden waarbij we echter een deel van dit budget zullen inzetten op deze twee extra thema's. Het aanwijzen van de individuele te contro­ leren bedrijven volgt later dit jaar, waarbij het reguliere kental van de MWB-norm wordt gehan­ teerd. De individueel te controleren bedrijven zullen worden geselecteerd aan de hand van hun na­ leefgedrag, de risicoprioritering en branche specifieke actualiteiten. ITv a Agrarisch opvolging ITv 1.0 veehouderij IPPC De data voortkomend uit deze manier van werken levert dusdanig bruikbare informatie op welke te gebruiken is voor risicogericht werken, dat de Brabantse omgevingsdiensten graag vasthouden aan deze manier van werken (dus ook vullen ITV app, digitale checklist, controle asbest, energie en vrijkomende agrarische gebouwen). Deze informatie kan in 2021 verwerkt gaan worden in een meerjaren brancheaanpak voor de agrarische sector IPPC/geen IPPC zoals opgenomen in het GUK.

Het idee is dat deze manier van werken op termijn juist een efficiencyslag mogelijk maakt. Door op grote schaal data te verzamelen, waarbij constant aan een verbeterslag op de kwaliteit wordt ge­ werkt, wordt ingezet op een verbeterde prioritering. De gemeente als bevoegd gezag krijgt beter inzicht in de risico's binnen de eigen gemeenten. Verder kan er een benchmark met buurgemeen­ ten plaatsvinden. Het project Intensivering Toezicht en veehouderij loopt in het eerste kwartaal 2021 ten einde. Met het in ontwikkeling zijnde risicoprioriteringsmodel, op basis van risico's voor de leefomgeving een meerjaren brancheaanpak wordt opgesteld waarbij ingezet wordt op informa­ tie gericht toezicht en het inzetten van de meest efficiënte en effectieve interventies. Vooruitlopend op deze evaluatie en brancheaanpak zal de selectie aan agrarische inrichtingen voor 2021 deels al risicogericht plaatsvinden op basis van data uit het ITv project. Ook voor de gemeen­ ten die eerder niet aan het ITv project hebben deelgenomen zal de OMWB een eerste selectie van bedrijven maken overeenkomst de ITv gemeenten, waarbij onder andere rekening wordt houden met de grootste uitstoot aan ammoniak afgezet tegen de omgeving zoals natura-2000 gebieden.

Metalelektro, Rubber a kunststof en Transport a distributie Op basis van de risicomatrix in het GUK zijn bovenstaande branches geselecteerd voor het toezichtsprogramma van 2021. Het gaat hierbij om de gemeentelijke basistaakbedrijven. Voor deze branches willen we een stap vooruitzetten als het gaat om informatie gestuurd en risicogericht werken door zowel in de selectie van de inrichtingen én de instrumenteninzet onze keuzes te base­ ren op de aanwezige risico's. Dit betekent dat we een breder en verdiepend inzicht willen opbou­ wen over deze drie branches om zo tot een effectieve en efficiënte uitvoering van ons toezicht te komen. Daarnaast willen we voor deze drie branches een voorschot nemen op de komst van de Omgevingswet door ons te richten op de Milieu Belastende Activiteiten (MBA's). Om deze ambitie mogelijk te maken borgen we de systematiek van de brancheaanpak in vier stap­ pen: 'weten', 'kiezen', 'uitvoeren' en 'evalueren'. In de zomer van 2020 is de start gemaakt met het uitvoeren van de stap 'weten' waarna we in het najaar onze instrumenteninzet 'kiezen' met

9

behulp van het interventiekompas (voorheen T11). Tijdens deze sessies zullen de opgebouwde in­ zichten op basis van data-analyse over o.a. het historische naleefgedrag, de 'self-assessment' door de branche zelf, experts en vertegenwoordigers uit de branches leiden tot een gerichte en afgewo­ gen instrumenteninzet gegeven het daarvoor gealloceerde budget. De uitwerkingen van de vier stappen worden beschreven in de betreffende brancheplannen en geven op die manier richting voor de uitvoering van ons toezicht. Vuurwerk De Omgevingsdiensten zijn landelijk belast met toezicht op de (legale) verkoop- en opslag punten van consumentenvuurwerk. Deze activiteit valt onder het basistakenpakket echter bij de OMWB is deze activiteit destijds met de ontwikkeling van de MWB-norm niet zodanig aangemerkt. Met de Omgevingswet en de evaluatie van de MWB-norm zal dit herzien worden. In de huidige situatie ervaart de OMWB dat het budget voor het toezicht op deze activiteiten jaar­ lijks bij diverse gemeenten wordt verdrongen door de inzet op diverse locatie prioriteiten. Dit is geen gewenste situatie. De opslag en verkoop van consumentenvuurwerk is een activiteit is waar grote gevolgen kunnen ontstaan, wanneer de voorschriften niet worden nageleefd.

De OMWB stelt voor 2021 dan ook voor om de budgetten bedoelt voor het toezicht op de vuurwerk verkoop- en opslag punten definitief te reserveren in het werk- en toezichtprogramma 2021 zodat verdringen later in het jaar wordt voorkomen. In de vuurwerkbranche speelt de laatste jaren veel, waaronder verbod op knalvuurwerk en moge­ lijk een algeheel verbod voor bepaalde gemeenten. De OMWB controleert jaarlijks een deel van deze locaties en hierbij maken we sinds enkele jaren gebruik van digitale checklists. Door het digi­ taal uitlezen van deze checklists kunnen we betere doelgroep en naleefanalyses maken en daar onze interventies op afstemmen. De risicobepaling gebruiken we als input voor het aandachtsge­ bied voor het volgend jaar. Zo worden verkooppunten waar we meerdere jaren achtereenvolgens geen overtredingen constateren beloond' met minder intensieve controles. Dit doen we doormiddel van een administratieve voorcontrole in plaats van een fysieke voorcontrole. Zo werken we nu al enkele jaren en we krijgen van ondernemers terug dat zij dit als positief ervaren. Ondanks een goede naleving van de voorschriften, blijft het zo dat we bij enkele verkooppunten toch een fysieke voorcontrole adviseren. We stellen dan ook voor om voor 2021 vervolg te geven aan de ingezette toezichtstrategie.

De fysieke voor- en verkoopcontroles bij de adressen waar we overtredingen constateren en de minder intensieve administratieve voorcontroles en fysieke ver­ koopcontroles bij de verkooppunten waar we geen overtredingen constateren. Het advies per ge­ meente zal in het eerste concept toezichtprogramma 2021 worden verwerkt. Ketenaanpak Voor de ketenaanpak OMWB is voor 2021 een werkplan opgesteld. Dit plan wordt u separaat toe­ gestuurd. Hieronder een korte samenvatting van het werkplan. Binnen de ketenaanpak OMWB worden 3 sporen onderscheiden, namelijk: 1. Ketenanalyses Binnen de ketenanalyses wordt gestart met een tactische analyse van de hele keten die sa­ men met de ketenpartners wordt uitgevoerd. Binnen de tactische analyse worden risicoindicatoren benoemd. Op basis van die risico-indicatoren wordt een Top X van bedrijven of fenomenen samengesteld. Voor deze bedrijven of fenomenen geven aanleiding voor het uitvoeren van operationele analyses of projecten. 2.

3.

Ketenprojecten Ketenprojecten is een beproefd instrument bij de uitvoering van de asbestketen binnen de OMWB. Dit maakt daarom een belangrijk onderdeel uit van onze ketenaanpak. Keteninstrumenten Belangrijke instrumenten binnen de ketenaanpak zijn het diepgaand administratief toezicht (DAT) en het basis administratief toezicht (BAT). Deze kunnen worden ingezet n.a.v. signa­ len uit VTH, klachten of projecten maar ook als onderdeel van de operationele analyse.

Data en ketenpartners Centrale activiteiten binnen de ketenaanpak zijn het samen met de ketenpartners delen, analyse­ ren, duiden en interpreteren van data en informatie. Dit zorgt voor het gericht kunnen opwerpen van barrières met als doel om malafide bedrijven dan wel bedrijven met een slecht naleefgedrag een halt toe te roepen. Denk hierbij aan het inzetten van handhavingsinstrumenten, het verstrek­ ken van informatie en of het aanpassen van beleid om de sleutelfiguren die actief zijn in een keten

10

aan te pakken. Het delen, analyseren, duiden en interpreteren van data en informatie zorgt ook voor het gericht kunnen opwerpen van barrières om fenomenen aan te pakken. Een fenomeen is bijvoorbeeld de constatering dat bepaalde type bedrijven de gelegenheid hebben om te kiezen voor illegaliteit of ondermijning. Het negatieve effect daarvan werkt door in een keten. Dat willen we op­ lossen. Programma 2021 Vanuit de landelijke en regionale prioriteiten komen voor 2021 vier (koepel)onderwerpen naar voren waarvoor ketenanalyses en -projecten worden voorgesteld. Tezamen met de inzet van keteninstru­ menten is de ketenaanpak in 2021 gericht op: 1. Asbestketen (ketenprojecten) 2. Bodemketen (ketenanalyses en ketenprojecten) 3. Afvalstromen a. Kunstgrasvelden (ketenproject) b. E-waste (ketenanalyse) c. Co-vergisting (ketenanalyse) 4. Integrale benadering van 4 ketens: asbest - sloop - puin breken - toepassen secundaire grondstoffen en het beheer daarvan (ketenanalyse) 5. Inzet van keteninstrumenten: diepgaand administratief toezicht en basis administratief toe­ zicht. De resultaten van ketenanalyses zijn een essentiële stap voor een gerichte en concrete vervolgaan­ pak. Daarom stellen wij voor om bovengenoemde onderwerpen te agenderen voor de komende 3 jaar.

Besluit mobiel breken Bouw- en Sloopafval Het Besluit mobiel breken Bouw- en Sloopafval stelt regels voor het mogen breken van BSA op de slooplocatie met een mobiel puinbreker. Van 2018 tot en met 2020 is onder het taakveld Ketenge­ richt milieutoezicht het project Besluit mobiel breken Bouw- en Sloopafval uitgevoerd. Het project is opgeleverd en de uitvoering van het preventieve reguliere toezicht gaat vanaf 2021 over van het taakveld NIG - ketengericht milieutoezicht naar het taakveld NIG - Mobiel breken. Deze werkzaam­ heden betreffen basistaakwerkzaamheden. Over de periode 2018, 2019 en 2020 heeft de monito­ ring op aantal meldingen en toezicht plaatsgevonden. Het budgetadvies voor 2021 is daarop afge­ stemd. In de uitvoering worden alle meldingen beoordeeld. Ook wordt er voor iedere locatie een voorcontrole uitgevoerd op de slooplocatie om te zien of het BSA overeenkomt met wat er op de locatie gesloopt wordt. Tijdens het breekproces zelf wordt er risicogericht een controle uitgevoerd waarbij met name wordt gekeken naar het bedrijf wat breekt en de locatie waar wordt gebroken. Nadat het werk klaar is zal na verloop van tijd een (administratieve) nacontrole plaatsvinden om te zien of het granulaat is toegepast of afgevoerd. Het naleefgedrag binnen de branche is gemiddeld zo'n 527. Een groot deel betreft administratieve overtredingen en de afzetting van het terrein.

In 2021 zal hiervoor een doelgroep- en naleefanalyse voor worden uitgevoerd om na te gaan wat hiervan de reden is en daarvoor passen interven­ ties in te zetten? Het zijn relatief weinig bedrijven die puin breken. Mogelijk kan het presenteren van de cijfers en wijze van administreren en afzetten van een terrein aan de branche zorgen voor een sterk verbeterde naleving. 2.4.2

Wat betekent dit voor het WP 2021?

Ook voor de NIG-taken en ketenaanpak wordt voorgesteld om het geïndexeerde budget van 2020 op te nemen voor het programma van 2021.

11

2.5

Energie

2.5.1

Inhoudelijke ontwikkelingen

Evenals in 2020 is energietoezicht als apart taakveld in het werkprogramma opgenomen. Gespecia­ liseerde energietoezichthouders voeren controles uit bij bedrijven die door de OMWB zijn geselec­ teerd. Dit zijn hoofdzakelijk type A- en B-bedrijven. Programmering en prioritering gebeurt op ba­ sis van de ingediende gegevens informatieplicht, het Gemeenschappelijk Uitvoeringskader en ken­ nis van het besparingspotentieel per branche. De efficiëntie wordt vergroot door het inzetten van een mix van administratief toezicht en toezicht ter plaatse. Gemeenten die budget inbrengen voor energietoezicht kunnen tevens gebruik maken van onder­ steuning door het Rijk via het programma Versterkte Uitvoering Energiebesparingplicht en Infor­ matieplicht. Hiervoor heeft de OMWB namens alle gemeenten een plan van aanpak bij het Rijk in­ gediend. De totale waarde hiervan bedraagt in 2021 C 375.000. De aanpak bouwt voort op de inzet in 2020. In dit programma wordt ingezet op administratief toezicht op de informatieplicht, Het be­ oordelen van de kwaliteit van de meldingen informatieplicht en het uitvoeren van (her)controles bij eenvoudige en complexe bedrijven.

Om het Rijksprogramma te coördineren en om de verdere doorontwikkeling van het taakveld mo­ gelijk te maken zal er evenals in 2020 307 van het gemeentelijk budget (met een maximum van C 6.500 per gemeente) worden ingezet voor algemene werkzaamheden die aan specifieke gemeen­ ten of bedrijven te relateren zijn. In 2021 gaan we het effect van onze toezichtinspanning rapporteren in termen van gerealiseerde CO2-reductie. Hiermee wordt inzichtelijk welke bijdrage het energietoezicht levert aan de gemeen­ telijke klimaatdoelstellingen. Een aantal gemeenten neemt sinds 2020 deel aan het project om gemeenten te stimuleren in 2020 en 2021 energiecontroles uit te laten voeren bij kantoren. Zij hebben hiervoor subsidie ontvangen. Dit wordt in 2021 voortgezet. Het budget voor deze controles is onderdeel van het budget voor P1 energie. Per deelnemende gemeente zijn hierover afspraken gemaakt. Met het budget in P1 - Energie worden na aftrek van het budget voor algemene werkzaamheden in 2021 de volgende werkzaamheden uitgevoerd: Afronding energiecontroles 2020; Energie(her)controles bij kantoren voor gemeenten die van de Provinciale subsidie gebruik maken; Uitvoeren energiecontroles bij geselecteerde inrichtingen (voor zover deze niet in het Rijks­ programma zijn opgenomen). Tevens heeft een aantal gemeenten budget opgenomen in P2 - Advies energie en duurzaamheid.

Met dit budget worden extra werkzaamheden uitgevoerd die gerelateerd zijn aan energietoezicht. Dit betreft voornamelijk de werkzaamheden in het kader van de diverse Green Deals waarbij de OMWB betrokken is zoals het uitvoeren van controles en hercontroles bij achterblijvers van de Green Deals bedrijventerreinen en de kennisdeling bij de Green Deals Zorg. Daarnaast kunnen de gemeenten hier budget opnemen voor advisering in het kader van de energietransitie. 2.5.2

Wat betekent dit voor het WP 2021?

Het taakveld energie heeft betrekking op zowel basistaakbedrijven en niet-basistaakbedrijven. Alle gemeenten hebben ons in 2019 gemandateerd om ook het energietoezicht bij niet-basistaakbedrijven uit te voeren. Het budget voor het energietoezicht wordt evenals in 2020 ondergebracht in Programma 1.

12

2.6

Externe veiligheid

Externe veiligheid (EV) betreft het beheersen van risico's die het gevolg zijn van de productie, de opslag, het gebruik en het transport van gevaarlijke stoffen. Hoe hiermee moet worden omgegaan is vastgelegd in wet- en regelgeving en een gemeente kan op dit thema beleid hebben vastgesteld. In 2021 worden hier de volgende producten voor geleverd: ^ advisering VTH ^ advisering RO ^ advisering bij EV inde Omgevingsvisie Z beleidsvisie EV ^ advies vervoer gevaarlijke stoffen ^ advisering externe veiligheid overig: kennisoverdracht, samenwerking, advisering Bel­ gië ^ voorbereiding op de komst van het REV (register externe veiligheid) en het stopzetten van het RRGS (binnen het traject kwaliteitsverbetering RRGS) ^ voorbereiding op de Omgevingswet (o.a. bepalen aandachtsgebieden, advisering om­ gevingsplan) Binnen deze adviesproducten kunnen meerdere aspecten aan de orde komen, bijvoorbeeld de be­ oordeling van een QRA, advisering met betrekking tot de verantwoording van het groepsrisico (VGR), actualiseren van de standaard verantwoording groepsrisico (SVGR), bepalen aandachtsge­ bieden i.h.k.v. de Omgevingswet. Onder overige advisering valt onder andere advisering BRZO Bel­ gië (Helsinki), kennisoverdracht over consequenties voor EV i.h.k.v.

energietransitie, kennisover­ dracht EV bij gemeenten in relatie tot de maatschappelijke opgaven waarmee de gemeenten wor­ den geconfronteerd (verdichting, burgerparticipatie), borging EV-taakuitvoering bij gemeenten en OD, advisering bestuur gemeenten basisnet/spoor en deelname aan landelijke PGS-teams. 2.6.1 Inhoudelijke ontwikkelingen Momenteel wordt een groot deel van deze werkzaamheden door de OMWB uitgevoerd met midde­ len vanuit het programma IOV (Impuls Omgevingsveiligheid). Na 2020 wordt het IOV-programma beëindigd. De middelen voor ’lokaal EV-beleid, IOV-deelprogramma 4' zullen dan aan de hand van een EV-verdeelsleutel in het gemeentefonds worden gestort. Voor meer informatie zie Meerjaren­ programma versterking omgevingsveiligheid 2021-2024 en gemeentelijke verdeelsleutel externe veiligheid, Cebeon, 26 mei 2020. Ook na 2020 zullen de gemeenten, naast de wettelijke taakuitvoering externe veiligheid, zich voor moeten bereiden op de Modernisering van het Omgevingsveiligheidsbeleid, zoals dit opgenomen is in de Omgevingswet. Gemeenten en de Provincie zullen de aandachtsgebieden van risicovolle acti­ viteiten in beeld moeten brengen en voorschriftengebieden opnemen in de omgevingsplannen. In 2019 en 2020 heeft de OMWB de activiteiten waarvoor aandachtsgebieden gaan gelden geïnventa­ riseerd.

Na inventarisatie zal duidelijk zijn voor welke activiteiten standaardafstanden gelden en voor welke activiteiten er berekeningen plaats moeten vinden om de aandachtsgebieden te kunnen bepalen. Geadviseerd wordt in 2021 na te denken over de ambities t.a.v. omgevingsveiligheid in de omgevingsvisie en hoe de voorschriftengebieden op te nemen in het omgevingsplan. 2.6.2. Wat betekent dit voor het WP2021? Het voorstel voor WP2021 voor advisering externe veiligheid is gebaseerd op het bedrag dat in 2019 en voorgaande jaren is besteed t.b.v. de gemeente binnen het Regionaal werkprogramma IOV OMWB (RWP IOV OWMB) gefinancierd vanuit IOV deelprogramma 4 'Lokaal EV-beleid' en het bedrag dat is besteed in 2019 binnen werkprogramma 2. De middelen die tot en met 2020 aan EV besteed zijn en afkomstig waren van het programma Im­ puls Omgevingsveiligheid deelprogramma 4 Lokaal EV-beleid en werden uitgekeerd aan de Omgevingsdienst worden vanaf 2021 in het gemeentefonds gestort.

13

3

Werkprogramma 2021

3.1

Programma 1

In Programma 1 zijn de taken en activiteiten opgenomen die deel uitmaken van de basistaken van de OMWB. De financiële basis voor programma 1 is de MWB-norm. In het hiernavolgende overzicht van P1 is de MWB-norm en het voorstel voor het op te nemen bud­ get voor 2021 opgenomen. De geraamde benodigde bedragen per taakveld zijn in de loop van het jaar bepaald, gebaseerd op de realisatie van de afgelopen jaren en uw ambities.

Taakveld Vergunningverlening (basis) Toezicht grijs (basis) Hercontroles grijs (basis) Repressieve handhaving Bezwaar en Beroep Klachten en bedrijfsmeldingen NIG Asbest

MWB Norm 2021 C 47.305 C 73.324 C 20.970 C 17.011 C 1.306 C 34.113 C 65.203

Inbreng 2020 geïndexeerd C 87.278 C 71.876 C 20.125 C 10.268 C 7.188 C 7.701 C 65.656

Inbreng 2021

e 40.003

e 40.003

e 40.003

e 1.027

e 1.027

e 15.077

e 17.415

Asbest repressief Bodem BBK

e 17.415

Bodem WBB GBES Ketengericht milieutoezicht

e 7.785

3.2

C 68.896

e0

e0

e 3.388

e 3.388

e 6.161

e 6.161

C 10.268 C 280.360

C 10.268

e 902

Mobiel breken

Energie Totaal Programma 1

C 87.278 C 73.324 C 18.677 C 20.000 C 3.000 C 12.000

C0 C 259.232

C 293.443

Programma 2

In onderstaande tabel vindt u de opbouw van de verschillende taakvelden van programma 2. De basis voor programma 2 is uw geïndexeerde inbreng (30Zo) van 2020 en de realisatie van de afgelo­ pen jaren en uw ambities. Als gevolg van COVID-19 is de realisatie van deze budgetten in veel gevallen niet gehaald. Zo zijn veel adviezen en metingen in het kader van evenementen niet uitgevoerd. Omdat op dit moment niet te voorzien is wat de consequenties van COVID 19 zijn op de vraag naar advies en onderzoek in 2021 is voorgesteld om voor 2021 vooralsnog uit te gaan van de budgetten van 2020. De OMWB realiseert zich dat deze budgetten als gevolg van COVID 19, niet in alle gevallen gerealiseerd zullen worden. Zoals bekend is voor de P2 (verzoektaken) al eerder afgesproken dat alleen het werk dat ook daadwerkelijk is uitgevoerd wordt gefactureerd.

14

Inbreng 2020 geïndexeerd

Inbreng 2021

C 4.107

e 1O.O36

Vergunningverlening bouw en totaalsloop

eo

e0

Vergunningverlening water

C0

e0

Toezicht grijs (niet basis)

C 10.726

e 1O.726

Hercontrole (niet-basis)

e 3.388

e 3.388

Toezicht bouw en totaalsloop

eo

e0

Toezicht water

eo

e0

eo

eo

Advies beleid leefomgeving

eo

e 1o.ooo

Advies ruimtelijke ordening

e 1O.268

e 5.ooo

Advies bodem

e 2.259

e 2.259

Advies water(kwaliteit)

e 4.1O7

e 1.ooo

Advies geluid en trillingen

e 3.O8O

e 3.O8O

Taakveld Vergunningverlening (niet basis) Vergunningverlening bodem en grondwater

Toezicht (niet basis)

NIG-taken (niet basis) Asbest

Advies

eo

e0

e 513

e 2.ooo

eo

eo

e 9.447

e 5.8OO

eo

eo

Advies energie en duurzaamheid

e 565

e0

Advies gezondheid

e 791

e 5oo

e 2.567

e 1.ooo

eo

eo

e 12.945

e 5.349

e 5.174

e 75O*

Beheer RRGS

e 5O8

e 5O8

BIS

e 814

e 2.O91

Invoer bodemrapporten

e 5.422

e 1.5oo

Overige (NSL monitoring)

e 1.O27

e 5oo

e 64.762

e 60.138

Sanering verkeerslawaai Advies luchtkwaliteit en geur Advies licht en elektromagnetische straling Advies externe veiligheid Advies asbest

Ondersteuning opdrachtgever Ondersteuning opdrachtgever

informatieverstrekking en gegevensbeheer Informatieverstrekking Bodeminformatie verstrekken aan derden Gegevensbeheer Beheer IB niet-basis

Totaal P2

* Bestemd voor conversie inrichtingenbestand gemeente Gilze en Rijen naar inrichtingenbestand (IB) OMWB. Het (regulier) volledige beheer IB is conform het voorstel Beheer IB 2.0 (Ambtelijk Overleg 8 oktober 2020) ondergebracht in P3. Er is nadrukkelijk aangegeven dat het opnemen van budget niet inhoudt, dat de gemeente op de besteding van dat budget zal worden afgerekend. De afrekening zal plaatsvinden op basis van de werkelijke afname van producten en diensten.

15

3.3

Programma 3

Het budget voor de uitvoering van het collectieve taken (programma 3) bestaat voor 2021 uit drie onderdelen, die op verschillende wijzen door de deelnemers worden gefinancierd, te weten: a. "traditionele" collectieve taken op basis van een bij de oprichting van de OMWB in 2013 afge­ sproken verdeelsleutel; b. een voor alle deelnemers (met uitzondering van de provincie) gelijke bijdrage voor het uitvoe­ ren van de werkzaamheden in het kader van het project Samen Sterk in Brabant (SSiB); Deze bijdrage is n.a.v. het DB-besluit inzake Continuering Samen Sterk in Brabant d.d. 6 no­ vember 2019 bijgesteld. c. een bijdrage voor het beheer van het Inrichtingenbestand op basis van het aantal inrichtingen. Het inhoudelijke programma inclusief financiële verdeling over de diverse onderwerpen wordt in december 2020 vastgesteld. In het collectieve taken programma worden ook de activiteiten rondom de thema's Omgevingswet en bodem uit de OMWB kadernota 2021 opgenomen.

Inbreng 2020

Inbreng 2021

Vast gedeelte

Collectieve taken

C 28.856

C 29.630

SSIB

e 7.725

e 10.000

IB beheer

C 3.078

e 4.705*

C 39.659

C 44.335

Totaal

* Conform het voorstel Beheer IB 2.0 (Ambtelijk Overleg 8 oktober 2020) is het volledige beheer IB ondergebracht in P3.

4. Totaaloverzicht werkprogramma 2021 Inbreng 2020

Inbreng 2021

Programma 1

C 273.042

C 293.443

Programma 2

C 63.072

C 60.138

Programma 3

C 39.659

C 44.335

C 375.773

C 397.916

Totaaloverzicht

Totaal

16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9800165/1