CConstaterende datGilze en Rijen
Koppel je AI →
Document · PDF

8. Motivering Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit

Gemeenteraad 28 oktober 2024, gemeente Gilze en RijenBij agendapunt: Raadsvoorstel advies aanvraag BOPA Tuinstraat 33 Rijen28.475 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Effectenbeoordeling Storingsfactoren die plaats kunnen vinden door de werkzaamheden zijn geluid, trillingen en stikstofdepositie. De werkzaamheden zijn beperkt van aard en worden op grote afstand uitgevoerd van het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied. Het geluid en de trillingen van de werkzaamheden zullen door het omgevingsgeluid van de bebouwde kom van Rijen en de A27 en A58 het Natura 2000-gebied niet bereiken. Er zijn geen negatieve effecten op beschermde gebieden te verwachten voor deze factoren. Stikstof kan op grotere afstanden een negatief effect hebben. Het projectgebied ligt wel binnen de 25 kilometer van Natura 2000-gebieden met stikstofgevoelig habitattypen. De stikstofuitstoot tijdens de aanleg- en gebruiksfase kan de Natura 2000-gebieden in de omgeving negatief beïnvloeden. Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

P a g i n a | 21

5.1.2 Natuurnetwerk Nederland Het projectgebied ligt op ca. 660 meter van het Natuurnetwerk Nederland (Figuur 4). Dit betreft droog bos met productie.

Figuur 4. Ligging van het projectgebied (rood) ten opzichte van het Natuurnetwerk Nederland (groen). Effectenbeoordeling Het projectgebied ligt niet in het Natuurnetwerk Nederland. Provincie Noord-Brabant hanteert externe werking voor werkzaamheden buiten het Natuurnetwerk Nederland. Tussen het projectgebied en het Natuurnetwerk Nederland is een deel van de bebouwde kom van Rijen aanwezig en het geluid van de werkzaamheden zal daarmee verdwijnen in het omgevingsgeluid van de bebouwde kom. Er zijn geen negatieve effecten van de werkzaamheden op het NNN te verwachten.

5.1.3 Bijzondere natuurgebieden en landschappen Het projectgebied ligt buiten groenblauwe waarden van de provincie Noord-Brabant (Figuur 5). Het dichtstbijzijnde gebied is het sportcomplex De Leemput. Op het terrein staan bomen. Dit ligt in het bosgebied het Boswachterij Dorst, ca. 1,3 kilometer van het projectgebied.

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

P a g i n a | 22

Figuur 5. Ligging van het projectgebied ten opzichte van het bijzonder landschap De Leempunt. Effectenbeoordeling Negatieve effecten van de werkzaamheden op bijzondere natuurgebieden en landschappen kunnen worden uitgesloten, omdat het projectgebied zich buiten de grenzen van deze gebieden bevindt.

5.2 Soortenbescherming Er is een bronnenonderzoek verricht naar de aanwezigheid van beschermde soorten in het projectgebied en in de directe omgeving van het projectgebied. De belangrijkste gegevensbron is de NDFF (Nationale Databank Flora en Fauna). Door middel van het veldbezoek is een inschatting gemaakt van de te verwachte beschermde soorten in het projectgebied. Daarna is onderzocht welke effecten de werkzaamheden kunnen hebben op de mogelijk aanwezige beschermde soorten.

5.2.1 Grondgebonden zoogdieren Bronnenonderzoek Een aantal grondgebonden zoogdieren is in het projectgebied of in de omgeving van het projectgebied waargenomen (NDFF). Tabel 1 geeft een overzicht van deze soorten.

Tabel 1. Overzicht van waargenomen grondgebonden zoogdieren in het projectgebied of in de nabije omgeving van de laatste 10 jaar (NDFF). Soort

Beschermingsstatus Habitatrichtlijnsoorten

Bunzing Das Eekhoorn Steenmarter Wezel Bosmuis Dwergmuis

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

andere soorten X X X X X

vrijgestelde soorten

X X

P a g i n a | 23

Soort

Beschermingsstatus Habitatrichtlijnsoorten

Egel Haas Huisspitsmuis Konijn Ree Rosse woelmuis Veldmuis Vos

andere soorten

vrijgestelde soorten X X X X X X X X

In het bosgebied Boswachterij Dorst zijn de bunzing, eekhoorn, steenmarter en wezel waargenomen. De das komt voor in een bosschage op vliegbasis van Gilze-Rijen.

Veldonderzoek Het projectgebied bestaat uit een voormalige fabriek met bijbehorende gebouwen, bestrating en een strak beheerde tuin. Er zijn geen sporen van (beschermde) soorten waargenomen. Het perceel ligt midden in het bebouwde kom van Rijen waardoor er geen rust of ruimte voor grote zoogdieren, zoals de das, aanwezig is. De aanwezige fruitbomen zijn klein en bevatten geen nesten of grote spleten voor boombewonende soorten, zoals de eekhoorn. Gaten en kieren in de gebouwen zijn niet aanwezig, waardoor gebouwbewonende soorten, zoals de steenmarter niet worden verwacht. Er is geen oppervlaktewater aanwezig binnen het projectgebied, waardoor aan water gebonden zoogdieren kunnen worden uitgesloten. Marterachtigen jagen in rommelig terrein omdat er verstopplekken en mogelijke prooi aanwezig kunnen zijn. Het projectgebied is geen rommelig terrein en de gebouwen bieden geen plekken voor de marterachtigen om te jagen of te verblijven.

Effectenbeoordeling De voorgenomen werkzaamheden hebben geen negatief effect op grondgebonden zoogdieren, omdat geschikt leefgebied ontbreekt.

5.2.2 Vleermuizen Vleermuizen vallen onder het beschermingsregime van de Habitatrichtlijnsoorten. Verblijfplaatsen (kraam-, zomer-, paar- en winterverblijven) en essentiële vliegroutes en foerageergebieden van deze soorten zijn beschermd.

Bronnenonderzoek Er zijn zeven soorten vleermuizen in het projectgebied of in de omgeving van het projectgebied waargenomen (NDFF). Tabel 2 geeft een overzicht van de waargenomen vleermuissoorten.

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

P a g i n a | 24

Tabel 2. Overzicht van vleermuizen die in de laatste 10 jaar zijn waargenomen in het projectgebied of de omgeving (NDFF). Soort Baardvleermuis Franjestaart Gewone dwergvleermuis Gewone grootoorvleermuis Rosse vleermuis Ruige dwergvleermuis Watervleermuis

De meeste vleermuiswaarnemingen betreft de gewone dwergvleermuis. Deze zijn aan de randen van bosgebieden en in de bebouwde kom van Rijen vastgesteld. Baardvleermuizen, franjestaarten, gewone grootoorvleermuis en watervleermuis zijn in de bossen rond het vliegveld waargenomen. Hier zijn ook overwinteringsplekken van deze soorten gevonden. De waargenomen rosse vleermuis en ruige dwergvleermuis betreffen overvliegende dieren die in de bebouwde kom van Rijen zijn gehoord.

Veldonderzoek Verblijfplaatsen van vleermuizen kunnen zich bevinden in gebouwen of bomen. In bomen bevinden vleermuizen zich in holtes, spleten of achter loshangend boomschors. In gebouwen kunnen vleermuizen zich onder andere bevinden in de spouw, onder dakpannen, achter boeiboorden en op zolders. De aanwezige fruitbomen konden goed worden onderzocht op de aanwezigheid van holtes of spleten en deze waren afwezig. De bebouwing is ongeschikt voor gebouwbewonende vleermuizen, vanwege de constructie van het gebouw zijn er geen ruimtes die voor verblijfplaatsen van vleermuizen geschikt zijn. Het oude gedeelte van de fabriek heeft geen spouw of dakbeschot. De spouw van de bijgebouwen is gevuld met glaswol en er zijn geen open stootvoegen aanwezig. De daklijst en gevelbeplating hangen strak tegen de muren waardoor gaten of ruimte voor vleermuizen ontbreken. Er zijn ook geen spleten of gaten in het gebouw waar vleermuizen tochtvrij kunnen verblijven. De houten tuinschuur heeft geen dakbeschot of ruimte tussen houten panelen waar vleermuizen tussen kunnen kruipen. Niet alleen verblijfplaatsen van vleermuizen, maar ook essentiële vliegroutes zijn beschermd. Vleermuizen zijn plaatstrouw en maken vaak jaren achter elkaar gebruik van hetzelfde netwerk aan verblijfplaatsen. De meeste soorten maken ook gebruik van min of meer vaste vliegroutes tussen hun verblijfplaats en het jachtgebied.

Indien er geen alternatieven zijn is de vliegroute van essentieel belang voor een kolonie. Als de dieren niet meer zonder verstoring van hun verblijfplaats bij hun jachtgebied kunnen komen, moeten ze verhuizen. Om deze reden zijn essentiële vliegroutes van vleermuizen beschermd. Lijnvormige landschapselementen die als vliegroute kunnen dienen zijn bijvoorbeeld bomenrijen of watergangen. Deze zijn in het projectgebied niet aanwezig.

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

P a g i n a | 25

Ook essentieel foerageergebied van vleermuizen is beschermd. Het projectgebied zelf biedt weinig geschikt gebied om te foerageren, omdat het projectgebied grotendeels uit bestrating en bebouwing bestaat en boven de fruitbomen hangt fijnmazig net, waardoor foeragerende vleermuizen niet dichtbij kunnen vliegen. Juist bij bomen, groen of water vliegen insecten wat foeragerende vleermuizen aantrekken. In de omgeving zijn tuinen en bomen aanwezig die veel aantrekkelijker zijn als foerageergebied.

Effectenbeoordeling Het projectgebied biedt geen mogelijkheden voor verblijfplaatsen van vleermuizen en essentiële vliegroutes of essentieel foerageergebied is niet aanwezig, waardoor de werkzaamheden geen negatief effect hebben op vleermuizen.

5.2.3 Vogels Alle inheemse vogelsoorten behoren tot de Vogelrichtlijn. Daarnaast is het nest van enkele vogelsoorten jaarrond beschermd.

Bronnenonderzoek In de omgeving van de projectlocatie ligt bebouwd gebied, bosgebied en weiland waardoor een verscheidenheid aan vogelsoorten in de omgeving voorkomt. In Tabel 3 zijn de vogelsoorten met een jaarrond beschermd nest die zijn waargenomen in of in de omgeving van het projectgebied weergegeven (NDFF).

Tabel 3. Overzicht van vogels met jaarrond beschermde nesten die in de laatste 3 jaar zijn waargenomen in het projectgebied of de omgeving (NDFF). Soort Bonte vliegenvanger Boomklever Boomkruiper Bosuil Buizerd Ekster Gekraagde roodstaart Gierzwaluw Groene specht Grote bonte specht Huismus Kleine bonte specht Koolmees Pimpelmees Slechtvalk Spreeuw Torenvalk Wespendief Zwarte kraai Zwarte mees Zwarte roodstaart Zwarte specht

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

Beschermingsstatus jaarrond beschermde nesten 5 5 5 5 4 5 5 2 5 5 2 5 5 5 3 5 5 4 5 5 5 5

P a g i n a | 26

De meest kwetsbare vogels (nest categorie 1 t/m 4) worden kort nader toegelicht. Nesten van de buizend en de wespendief zijn in het bosgebied van de Boswachterij Dorst en bij de bosschages nabij de vliegveld Gilze-Rijen waargenomen. Nesten van de gierzwaluw en de huismus zijn gevonden in woonhuizen in de bebouwde kom van Rijen. Op de Maria Magdalenakerk in Rijen is een nest van de slechtvalk gezien.

Veldonderzoek Tijdens het veldbezoek is een aantal vogels gehoord en gezien, waaronder kauw, ekster en houtduif. Er zaten weinig bladeren aan de bomen waardoor eventuele nesten in de bomen goed te zien waren. In de kleine fruitbomen en struiken zijn geen jaarrond beschermde nesten aanwezig. Het gebouw biedt geen ruimte voor nestlocaties voor jaarrond beschermde nesten (zoals voor de gierzwaluw en huismus) omdat het dak plat is en in de muren gaten en nissen ontbreken. In de bomen en struiken kunnen algemene vogels nestelen maar tijdens het veldbezoek zijn er geen nesten gevonden.

Effectenbeoordeling Jaarrond beschermde nesten kunnen worden uitgesloten, omdat geschikte locaties om te nestelen voor deze soorten ontbreken. Een negatief effect door de werkzaamheden worden op deze soorten niet verwacht. In de bomen en struiken kunnen algemene vogels in het broedseizoen broeden. Indien algemene vogels zijn nest in de kleine bomen of struiken bouwen, kunnen de sloop- en kapwerkzaamheden actieve nesten van algemene vogels verstoren of vernietigen.

5.2.4 Reptielen, amfibieën en vissen Bronnenonderzoek In Tabel 4 is een overzicht weergegeven van de waargenomen beschermde amfibieën, reptielen en vissen in het projectgebied of in de omgeving van het projectgebied (NDFF). In de laatste 10 jaar zijn geen streng beschermde vissen in het projectgebied en omgeving waargenomen.

Tabel 4. Overzicht van waargenomen reptielen, amfibieën en vissen in of nabij het projectgebied van de laatste 10 jaar (NDFF). Soort

Boomkikker Kamsalamander Poelkikker Levendbarende hagedis Alpenwatersalamander Vinpootsalamander Bastaardkikker Bruine kikker Gewone pad Kleine watersalamander

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

Beschermingsstatus Habitatrichtlijnsoorten X X X

andere soorten

vrijgestelde soorten

X X X X X X X

P a g i n a | 27

In poeltjes in het bosgebied Boswachterij Dorst zijn de boomkikker, kamsalamander, poelkikker, Alpenwatersalamander en vinpootsalamander waargenomen. In dit natuurgebied zijn ook levendbarende hagedissen gezien.

Veldonderzoek De grond van het projectgebied is verhard of betreft een strak onderhouden tuin met gazon. Oppervlaktewater is in het projectgebied niet aanwezig, waarmee de aanwezigheid van vissen en voortplantingswater voor amfibieën kan worden uitgesloten. Er zijn ook geen schuilplekken, een laag bladeren of losse grond, die amfibieën kunnen gebruiken als landhabitat. Het projectgebied biedt geen geschikt leefgebied (structuurrijke vegetatie, zanderige plekken) voor zwaar beschermde reptielen en deze soorten worden dan ook niet verwacht.

Effectenbeoordeling Zwaar beschermde vissen, reptielen en amfibiesoorten stellen kritische eisen aan hun leefomgeving. Geschikt habitat om te rusten, zich voort te planten of te overwinteren is voor beschermde vissen, reptielen en amfibieën in het projectgebied niet aanwezig. Negatieve effecten van de werkzaamheden worden niet verwacht.

5.2.5 Flora Bronnenonderzoek De knolspirea is de enige beschermde plantensoort die in de laatste 10 jaar in de omgeving van het projectgebied is waargenomen (NDFF). In een berm langs een fietspad in het landelijk gebied ten oosten van Rijen is de knolspirea in 2023 gezien (eigen waarneming). Deze soort valt onder het beschermingsstatus ‘andere soorten’.

Veldonderzoek Het onderzoek heeft plaatsgevonden buiten de bloeitijd van beschermde soorten. Het projectgebied is grotendeel verhard of bebouwd. In de tuin staan fruitbomen en eromheen is gazon aanwezig. Er groeien ook enkele struiken, onder andere vlinderstruik. De bestrating en de tuin worden strak onderhouden en vanwege de aanwezige cultivars is het grond ook bemest. De knolspirea wordt niet verwacht omdat deze soort in kalkgraslanden of bij bosranden groeit, maar niet in voedselrijke tuinen. Op de muren van het gebouw groeien geen (beschermde) planten en deze soorten worden ook niet verwacht omdat beschermde muurplanten vooral op oude muren voorkomen die met zachte kalkspecie zijn gevoegd waarin ze kunnen wortelen. De meeste beschermde planten zijn zeer kritisch ten aanzien van hun standplaats. Gezien de aard van het projectgebied en de soortensamenstelling van de aanwezige flora worden beschermde planten hier ook niet verwacht.

Effectenbeoordeling Er is geen negatief effect op beschermde flora te verwachten, omdat geschikte groeiplaatsen ontbreken. Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

P a g i n a | 28

5.2.6 Ongewervelden Bronnenonderzoek Tabel 5 geeft een overzicht van beschermde ongewervelden die in het projectgebied of in de naaste omgeving zijn waargenomen (NDFF).

Tabel 5. Overzicht van waargenomen beschermde ongewervelden in het projectgebied of in de nabije omgeving van de laatste jaar (NDFF). Soort

Gevlekte witsnuitlibel Teunisbloempijlstaart Bosbeekjuffer Grote vos

Beschermingsstatus Habitatrichtlijnsoorten X X

andere soorten

vrijgestelde soorten

X X

De gevlekte witsnuitlibel en de grote vos zijn nabij een waterpartij in Boswachterij Dorst waargenomen. In tuinen van enkele woningen in Rijen zijn enkele rupsen van de teunisbloempijlstaart en een imago (adult) van de bosbeekjuffer gezien.

Veldonderzoek Iedere ongewervelde is afhankelijk van een bepaald habitat met bepaalde waardplanten. Er is geen oppervlaktewater in het projectgebied waardoor aan watergebonden ongewervelden, zoals libellen en juffers, kunnen worden uitgesloten. De habitat en waardplanten van beschermde vlindersoorten zijn niet aanwezig binnen het projectgebied, onder andere iepen of wilgen (grote vos) en wilgenroosje of teunisbloem (teunisbloempijlstaart). Het groen binnen het projectgebied is beperkt tot kleine fruitbomen, enkele cultivars en gazon. Deze samenstelling van planten biedt geen leefgebied voor beschermde soorten waardoor deze niet verwacht worden.

Effectenbeoordeling Er zijn geen negatieve effecten te verwachten op beschermde ongewervelden, omdat geschikt habitat ontbreekt.

5.2.7 Specifieke zorgplicht De specifieke zorgplicht geldt voor alle dieren en planten, ook de niet-beschermde soorten. De beschermde soorten (Habitatrichtlijnsoorten, andere soorten en vrijgestelde soorten) zijn al besproken in voorgaande paragrafen. In deze paragraaf worden daarom alleen de nietbeschermde soorten besproken. Er zijn in de laatste 10 jaar geen Rode Lijstsoorten in het projectgebied zijn waargenomen (NDFF).

Effectenbeoordeling De werkzaamheden hebben geen nadelige gevolgen voor de aanwezige lokale populaties van soorten, omdat het gebouw en strakke beheerde tuin niet geschikt zijn als leefgebied voor Rode Lijstsoorten. Er zijn geen schuil-, foerageer- of voorplantingsplekken voor dieren in het

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

P a g i n a | 29

projectgebied aanwezig. De tuin is zodanig beheerd dat er alleen kleine fruitbomen, cultivars en gazon aanwezig zijn. Nadat de werkzaamheden zijn uitgevoerd wordt er groen in de achtertuinen en rondom het parkeerplaatsen geplant.

5.3 Houtopstanden De bomen en struiken in het projectgebied vallen onder de bebouwingscontour houtkap en zijn daarom vrijgesteld van de meld- en herplantplicht van de Omgevingswet.

5.4 Invasieve exoten Er zijn geen invasieve exoten aangetroffen binnen het projectgebied. Wet- en regelgeving voor invasieve exoten is daarom niet van toepassing.

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

P a g i n a | 30

6.

Conclusies en aanbevelingen Aan de hand van het voorgaande kan een aantal conclusies worden getrokken. Daarnaast worden er aanbevelingen gegeven voor de te nemen vervolgstappen. In de effectenbeoordeling en de daaruit volgende conclusies is uitgegaan van de werkzaamheden zoals die zijn omschreven in paragraaf 3.2. Veranderingen of afwijkingen hiervan kunnen tot andere conclusies leiden. Natuuronderzoek heeft doorgaans een juridische houdbaarheid van drie jaar.

6.1 Gebiedsbescherming 6.1.1 Natura 2000 Het Natura 2000-gebied ligt buiten de invloedsfeer van de storingsfactoren geluid en trillingen. De stikstofuitstoot van de werkzaamheden kan mogelijke negatieve effecten, dan wel significant negatieve effecten op de nabijgelegene Natura 2000-gebieden hebben. Voor de aanlegfase, de gebruiksfase en meer autoverkeer is een AERIUS beoordeling nodig om de mogelijke effecten te onderzoeken.

6.1.2 Natuurnetwerk Nederland Het projectgebied ligt buiten de grenzen van Natuurnetwerk Nederland en op voldoende afstand van het Natuurnetwerk Nederland, waardoor er geen negatieve effecten op de kernkwaliteiten van het gebied te verwachten zijn. Het afwegingskader NNN hoeft niet te worden doorlopen.

6.1.3 Bijzondere natuurgebieden en landschappen Er zijn geen negatieve effecten te verwachten op bijzondere natuurgebieden en landschappen. Een omgevingsvergunning is niet nodig.

6.2 Soortenbescherming De Omgevingswet is erop gericht dat overheden, bedrijven en burgers verantwoordelijk zijn voor een veilige en gezonde leefomgeving. Om deze reden geldt de algemene zorgplicht. Activiteiten die aanzienlijke nadelige gevolgen hebben voor de fysieke leefomgeving mogen niet worden verricht of nagelaten. De algemene zorgplicht geldt alleen als er geen specifieke of rijksregels zijn. Tabel 6 geeft een overzicht van de eventueel te nemen maatregelen per soortgroep.

Tabel 6. Samenvatting onderzoeksresultaten en maatregelen. Soortgroep

Soort

Grondgebonden zoogdieren Vleermuizen Vogels

n.v.t. n.v.t. Algemene soorten

Reptielen Amfibieën Vissen

n.v.t. n.v.t. n.v.t.

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

Maatregelen

Verwijder het groen buiten het broedseizoen (half maart – half juli).

P a g i n a | 31

Soortgroep

Soort

Flora Ongewervelden Rode Lijstsoorten

n.v.t. n.v.t. n.v.t.

Maatregelen

6.2.1 Grondgebonden zoogdieren De voorgenomen werkzaamheden hebben geen negatief effect op grondgebonden zoogdieren. Voortplantingsplaatsen, vaste rust- of verblijfplaatsen en (functionele) leefomgeving van beschermde grondgebonden zoogdieren zijn in het projectgebied niet aanwezig. Een omgevingsvergunning voor een flora-en-fauna-activiteit is niet nodig.

6.2.2 Vleermuizen In het projectgebied zijn geen mogelijkheden voor verblijfplaatsen van vleermuizen. Het projectgebied is ook geen essentieel foerageergebied of essentiële vliegroute voor vleermuizen. Een omgevingsvergunning voor een flora-en-fauna-activiteit is niet nodig.

6.2.3 Vogels Geschikte locaties voor gebouwbewonende vogels met jaarrond beschermde nesten zijn niet aanwezig binnen het projectgebied. In de bomen zijn geen jaarrond beschermde nesten aanwezig en het groen is laag waardoor deze ook niet verwacht worden. Een omgevingsvergunning voor een flora-en-fauna-activiteit is niet nodig. De bomen en struiken zijn geschikt als nestlocatie voor algemene vogels. Actieve nesten mogen geen negatief effect ondervinden. De bomen en struiken dienen buiten het broedseizoen (buiten half maart – half juli) verwijderd te worden om te voorkomen dat vogels zich nestelen in de te verwijderen bomen en struiken. Indien het verwijderen niet plaats kan vinden buiten het broedseizoen, dienen de bomen en struiken voor verwijdering te worden gecontroleerd op de aanwezigheid van actieve nesten. Dit neemt een risico met zich mee dat bij een actief nest de werkzaamheden moeten wachten tot de jongen het nest hebben verlaten. Voor het broedseizoen van vogels is geen standaardperiode. Dit omdat het broedseizoen van soort tot soort en van jaar tot jaar kan verschillen. Globaal kan voor het broedseizoen de periode van 15 maart tot 15 juli worden aangehouden.

6.2.4 Reptielen, amfibieën en vissen Geschikt habitat om te rusten, zich voort te planten of te overwinteren is voor beschermde reptielen, amfibieën en vissen in het projectgebied niet aanwezig. Een omgevingsvergunning voor een flora-en-fauna-activiteit is niet nodig.

6.2.5 Flora In het projectgebied zijn geen beschermde planten waargenomen of te verwachten. Een omgevingsvergunning voor een flora-en-fauna-activiteit is niet nodig.

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

P a g i n a | 32

6.2.6 Ongewervelden In het projectgebied worden geen beschermde ongewervelden verwacht. Een omgevingsvergunning voor een flora-en-fauna-activiteit is niet nodig.

6.2.7 Specifieke zorgplicht De werkzaamheden hebben geen nadelige gevolgen voor Rode Lijst soorten. Regelgeving omtrent de specifieke zorgplicht is niet van toepassing.

6.3 Houtopstanden De bomen en struiken in het projectgebied vallen onder de bebouwingscontour houtkap en zijn daarom vrijgesteld van de meld- en herplantplicht van de Omgevingswet.

6.4 Invasieve exoten Er zijn geen invasieve exoten aangetroffen binnen het projectgebied. Wet- en regelgeving voor invasieve exoten is daarom niet van toepassing.

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

P a g i n a | 33

Bronnen Literatuur •

• • • • • •

Bos, F., Bosveld, M., Groenendijk, D., Swaay, van C. & Wynhoff, I., De Vlinderstichting 2006. De dagvlinders van Nederland, verspreiding en bescherming (Lepidoptera: Hesperioidea, Papilionoidea. - Nederlandse Fauna 7. Leiden. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey - Nederland. Broekhuizen, S., K. Spoelstra, J.B.M. Thissen, K.J. Kanters & J.C. Buys 2016. Atlas van de Nederlandse zoogdieren. Natuur van Nederland 12: 1-432. Creemers., R.C.M. & J.J.C.W. van Delft (RAVON)(redactie) 2009. De amfibieën en reptielen van Nederland. - Nederlandse Fauna 9. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, EIS Nederland, Leiden. Kapteyn, K. 1995. Vleermuizen in het landschap. Over hun ecologie, gedrag en verspreiding. Schuyt & Co, Haarlem. Limpens, H., Mosterd, K. & Bongers, W. 1997. Atlas van de Nederlandse vleermuizen. Onderzoek naar verspreiding en ecologie. KNNV, Utrecht. Ministeries van LNV en VROM en de provincies, 2006. Spelregels EHS, Beleidskader voor compensatiebeginsel, EHS-saldobenadering en herbegrenzen EHS. Nederlandse Vereniging voor Libellenstudie, 2002. De Nederlandse libellen (Odonata). Nederlandse Fauna 4. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey - Nederland, Leiden.

Websites • • • • • • • • • • • • • • • • • •

noord-brabant.tercera-ro.nl/MapViewer/Default.aspx?id=NLIMRO9930TAMOvrNBrabantva01 atlas.bij12.nl/WebViewer/index.html?viewer=ikn_pub iplo.nl monitor.aerius.nl/monitor/ wetten.overheid.nl/BWBR0037885/ wetten.overheid.nl/BWBR0041313/ wetten.overheid.nl/BWBR0041330/ www.google.nl/maps www.natura2000.nl www.ndff.nl www.nvwa.nl/onderwerpen/invasieve-exoten/unielijst-invasieve-exoten www.openstreetmap.org www.pdok.nl www.ravon.nl www.rvo.nl/onderwerpen/agrarisch-ondernemen/beschermde-planten-dieren-ennatuur/invasieve-exoten www.sovon.nl www.verspreidingsatlas.nl www.zoogdiervereniging.nl

Quickscan flora en fauna Tuinstraat 33 te Rijen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14653789/2