CConstaterende datDantumadiel
Koppel je AI →
Document · PDF

Ondermijning in Friesland met opmaak.def

Raadsvergadering (Dantumadiel) 6 mei 2025, gemeente DantumadielBij agendapunt: Notitie Ondermijning - Klaar voor de strijd48.907 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 6 van 6

In de afgelopen vijf jaar is de bestuurlijke aandacht voor ondermijning toegenomen. De schadelijke effecten van de georganiseerde criminaliteit werden meer en meer gezien en onderkend, ook als een fenomeen dat vraagt om gemeentelijke inzet. Dit was merkbaar in de gespreksronde, want gemeenteambtenaren (niet alleen met OOV-taken) en burgemeesters vertelden in concrete bewoordingen over zichtbare drugshandel, over nare gevolgen van drugsgebruik en drugsverslaving, over hennepteelt, over schrijnende woonomstandigheden, over dorpen of kernen met van oudsher criminele praktijken, over ontoereikende zorg en over casus die lokaal de ogen hebben geopend. Het gaf beeld, geluid en urgentie bij de Friese bestuurlijke intentieverklaring – de Friese norm – ten behoeve van de ondermijningsaanpak. Anno 2024 is er prioriteit voor ondermijning. Althans onder burgemeesters, in het regionaal beleidsplan veiligheid en in veiligheidsplannen die zijn of worden opgesteld. De Friese norm onderstreept dat criminele praktijken zich niet aan gemeentegrenzen houden en daarom een Fries vraagstuk zijn. Het betreft in de meeste van de zeventien gemeenten wel een prille prioriteit; vaak is er een gat tussen de prioritering op papier en de ambtelijke uitvoeringspraktijk. Immers, ondermijning is op gemeenteniveau een deeltaak van één of twee OOV-ambtenaren.

Soms is er een ondermijnings-specialist aangewezen die ambtelijk de kar trekt. Er zijn twee bestuurlijke trekkers van de provincie-brede bestuurlijke aanpak van ondermijning, namelijk de burgemeesters van Waadhoeke en Achtkarspelen. Ze worden ondersteund door een ambtelijke werkgroep. De Friese norm is strikt bestuurlijk; de intenties over inspanningen en personele inzet hebben geen betrekking op politie, justitie of andere opsporingsdiensten. De prioritering van de gemeentelijke aanpak van ondermijning is vooruitgang, al komen grenzen en drempels in beeld: 1. Een zeer uitgestrekt en dunbevolkt gebied van dertien gemeenten98 op het vaste land van Fryslân – met ruim een half miljoen inwoners, meer dan vierhonderd dorpen en een gigantisch oppervlakte (2.850 km2 landoppervlakte en 1.161 km2 wateroppervlakte) - telt weinig OOV-ambtenaren. Namelijk 45,81 fte voor dertien gemeenten; dat is gemiddeld 0,88 fte per 10.000 inwoners. Op het vaste land is er in absolute termen één gemeente met meer dan 5,4 fte, namelijk Súdwest-Fryslân met 8,67 fte. Verder loopt de OOV-formatie uiteen van 2,4 fte (Weststellingwerf) tot 5,4 fte (Smallingerland). Op de eilanden is de OOV-functie 98

in drie gemeenten een kwestie van één OOV-er (Schiermonnikoog, Ameland en Vlieland); de formatie ligt op 1,89 fte op Terschelling. Als we kijken naar de OOV-capaciteit per 10.000 inwoners, scoort Harlingen het hoogst, met 2,16 fte. Dat komt doordat het een compacte stad is met centrumfuncties, een zeehaven en ’slechts’ ruim 16.000 inwoners. Acht Friese gemeenten tellen minder dan 0,95 fte OOVcapaciteit per 10.000 inwoners: Tytsjerksteradiel, Achtkarspelen, De Fryske Marren, Heerenveen, Westellingwerf, Ooststellingwerf, NoardeastFryslân en Dantumadiel. In vier gemeenten komt de OOV-capaciteit, per 10.000 inwoners, uit tussen de 0,95 en 1,36: Súdwest-Fryslân, Smallingerland, Opsterland en Waadhoeke. De consequentie is dat een gering aantal OOVambtenaren te maken krijgt met een breed (en groeiend; zie punt 3) aantal veiligheidstaken. Met de gemeentelijke ondermijningsaanpak als prille en veeleisende opdracht. Dit knelt omdat ondermijning daarmee een kwestie is van drukbezette sleutelfiguren (soms extern ingehuurd), terwijl het een gemeente-brede kerntaak behoort te zijn. 2. De dertien Friese vaste land-gemeenten (dus exclusief Leeuwarden) beschikken gezamenlijk over afgerond 59 geüniformeerde boa’s, actief in domein 1. Dit betreft 1,14 domein 1-boa per 10.000 inwoners.

Alles bij elkaar is dit een povere bezetting, afgezet tegen de enorme oppervlakte: in vierkante kilometers 2.850 op het land en 1.161 op het water. Op de vier eilanden is er alleen op Terschelling een boa in dienst; Schiermonnikoog huurt twee boa’s in, Vlieland 0,4 fte boa-capaciteit en Ameland 0,25+. Alleen de gemeente SúdwestFryslân heeft een boa-formatie van meer dan tien, namelijk 16,5 fte. Smallingerland telt 8 fte aan boa’s. Geen enkele gemeente heeft verder meer dan 6 fte beschikbaar. Dit levert reeds problemen op bij inroostering (vaak werken in koppels, ook in de avond en/of in het weekend) en bij verdeling van de inzet over meldingen, gebiedsgerichte taken of taakspecialisaties. BOA-specialisatie ten behoeve van de ondermijningsaanpak is alleen mogelijk in Súdwest-Fryslân; daar is ondermijning een deeltaak van twee boa’s. Er tekent zich - met deze boa-capaciteit en de dunne politiebezetting op het platteland - een dieper probleem of vraagstuk af. Voor burgemeesters is het zaak dat basale, maar belangrijke vragen worden beantwoord, als noodzakelijke input voor de ondermijningsaanpak. Wie wonen er in de gemeente en waar is dat het geval onder slechte of illegale omstandigheden?

Alle Friese vaste land-gemeenten minus Leeuwarden

63

Wat gebeurt er op de campings/parken, hoe gedragen de toeristen zich en hoe gaat het eraan toe in de horeca en de omgeving daarvan? Waar heeft drugshandel plaats en waar zien we verdachte praktijken in het buitengebied? Het is nodig om informatie op te halen op straatniveau (zie Tops en Van der Torre, 2024). Dit vergt (voldoende) professionals op straat die oog hebben voor ondermijnende praktijken en die in contact te treden met burgers. De politie kan lang niet al dit soort vragen beantwoorden voor al die dorpen en kernen; de personele armslag schiet ook tekort bij de gemeente, getuige de dunne boa-bezetting. 3. Naast ondermijning krijgen OOV-ambtenaren te maken met een dubbele groei van de veiligheidsproblematiek: taakverschuiving van politie naar gemeenten; meer veiligheidstaken voor burgemeesters en OOV-ambtenaren; en complexere veiligheidsproblematiek. Hier komen crises bij (b.v. boerenprotesten), evenementen- en toeristendrukte en bijvoorbeeld ordevraagstukken rondom COA-locaties en op het water. De consequentie is dat OOV-ambtenaren worden overvraagd. Incidenten, vaste overlegvormen en crises verdringen beleidsmatige opdrachten, waaronder de ondermijningsaanpak. Ondermijning is thans - uitgedrukt in fte’s, als specialisme binnen de OOV-functie - niet meer dan een bescheiden deeltaak van één of enkele OOV-ambtenaren.

De ondermijningsaanpak is weliswaar geagendeerd en in plannen een prioriteit, aangejaagd door de intentieverklaring (de Friese norm), maar de uitvoeringscapaciteit is ontoereikend. 4. De ondermijningsaanpak is bestuurlijk geagendeerd door burgemeesters, al staat het daarmee nog niet - in alle scherpte - op het netvlies van topambtenaren, colleges of gemeenteraden. Samenwerking en échte prioritering binnen de gemeentelijke organisatie zijn nodig. Daartoe is het Bibob-beleid (met wie doen we zaken?) een aangrijpingspunt. Dit wordt mondjesmaat toegepast, namelijk vooral in geijkte risicobranches, met de focus op horeca. Ook zijn veel gemeenten niet scherp op de vraag waar in de gemeente mensen onder slechte of illegale omstandigheden wonen. Een categorie respondenten wil de Wet goed verhuurderschap gebruiken om daadwerkelijke vooruitgang te boeken, ook wat handhaving betreft. Ze stuiten nog vaak op minimale interpretaties van deze wet, waarbij het voldoen aan wettelijke verplichtingen een doel op zich lijkt. In de interviewronde stuiten we op (grote) zorgen over de kwaliteit van de zorg; er bestaan kansen om onopgemerkt ontoereikende (en mogelijk frauduleuze) zorg te leveren. De stap is wat dit betreft nog niet gezet van signaal naar beleid en actie. Kortom,

Bibob-beleid, de woonsituatie aan de onderkant van de woningmarkt, en goede en eerlijke zorg komen in beeld als aangrijpingspunten om de ondermijningsaanpak te verbreden en te versterken.

7.4 PRESCRIPTIEF: OMWILLE VAN DE ONDERMIJNINGSAANPAK Deze slotparagraaf presenteert aanbevelingen die erop gericht zijn om (verder) een beweging in gang te zetten om de gemeentelijke en integrale aanpak van ondermijning te versterken: eerst wordt bondig een algemene richting voor de gemeentelijke aanpak geformuleerd (7.4.1), waarna concrete aanbevelingen worden gedaan (7.4.2). 7.4.1 Algemeen: de gemeentelijke ondermijningsaanpak Er vallen in algemene zin enkele belangrijke richtingen te formuleren ten behoeve van de gemeentelijke ondermijningsaanpak (Tops en Van der Torre, 2024): • Maak onderscheid tussen georganiseerde misdaad en ondermijning. Georganiseerde misdaad heeft betrekking op criminele samenwerkingsverbanden. Ondermijning heeft betrekking op de schadelijke effecten van georganiseerde misdaad op de samenleving. Dit onderscheid heeft praktische betekenis, omdat het leidt tot rolverduidelijking. De aanpak van georganiseerde misdaad (zoals drugshandel) als zodanig is primair een taak van de opsporingsinstanties, zoals politie en Openbaar Ministerie. De aanpak van ondermijning daarentegen is primair een verantwoordelijkheid voor het openbaar bestuur. Daarbij hebben gemeenten een cruciale taak, met een hoofdrol voor de burgemeester.

Dit vergt dat veiligheid een volwaardige pijler wordt van het lokaal bestuur, naast ruimtelijke ordening, het sociaal domein en de (toeristen-)economie. •

Burgemeesters zijn geen crimefighter of sheriff; dat is voorbehouden aan opsporingsinstanties, in het bijzonder de politie. Burgemeesters hebben wel een belangrijke rol in het beschermen van de lokale gemeenschap. Zij zijn medeverantwoordelijk voor het integer houden van de samenleving, voor het tegengaan van ontwikkelingen die het ontstaan of voortbestaan van georganiseerde misdaad bevorderen en voor het zoeken en benaderen van mensen die klem worden gezet. In Fryslân gaat het onder meer om het organiseren van faire huisvesting van kwetsbare groepen (mede op basis van toezicht en handhaving), om fraudebestendige zorg en om het vergroten van inzicht, controles en handhaving op risicolocaties, zoals

bedrijventerreinen, vakantieparken, allerhande havens en drugsgevoelige campings in het hoogseizoen. 7.4.2 Aanbevelingen 1. Er is in bijna elke gemeente dringend behoefte aan meer ambtelijke OOV-capaciteit, zodat er voldoende tijd en ruimte komt voor een ambtelijke trekker om zich voltijds toe te leggen op de ondermijningsaanpak. Op de eilanden is dit niet realistisch; wel is meer OOV-capaciteit nodig omdat het juist daar zwaar en belangrijk is om gestalte te geven aan controles én handhaving, alsook aan een drugsaanpak op maat, waarbij de focus ligt op horecalocaties en toerisme. 2. Om te kunnen weten wat er – alleen al qua ondermijning – speelt in de uitgestrekte gemeenten, bestaat behoefte aan meer toezicht op straat, met een centrale rol voor geüniformeerde boa’s, aangevuld met andere toezichthouders (zoals BRP-toezicht en bouwtoezicht). Dit vereist een visie op de Friese boa- en toezichtfuncties, al staat vast dat dubbele boa-ontwikkeling nodig is: meer capaciteit en meer kwaliteit, ook voor activiteiten (zoals bestuurlijke controles) in het kader van de ondermijningsaanpak. 3. Vorm, per gemeente, ambtelijke clusters die gezamenlijk een centrale rol vervullen bij de gemeentelijke ondermijningsaanpak.

De sturende en gespecialiseerde OOV-ambtenaar is de trekker, en werkt nauw samen met (natuurlijk is maatwerk nodig): burgerzaken/ BRP-toezichthouder, een gespecialiseerde boa of boa-coördinator, een handhavingsjurist, de Bibob-coördinator, vergunningverlening, bouwinspecteurs, bedrijfscontactfunctionarissen en sociaal domein. Dit ondermijningscluster vormt het hart van het periodieke gemeentelijke ondermijningsoverleg dat elke gemeente (in) voert; elke twee of drie weken móeten er relevante kwesties te bespreken zijn, zo blijkt uit het beeld van de Friese ondermijning in deze studie. Stuur vanuit deze clusters onder andere de integrale controles aan, net als de aanscherpingen van het Bibob-beleid en de implementatie van de Wet goed verhuurderschap. 4. Schrijf in een kort plan van aanpak op hoe de ambtelijke clusters, die een trekkersrol vervullen bij de ondermijningsaanpak (zie aanbeveling 3), de Wet goed verhuurderschap kunnen gebruiken om zicht en grip te krijgen op opportunistische of onrechtmatige verhuurpraktijken. Treedt hierbij in overleg met particuliere verhuurders, want zij vervullen (economische) functies. 5. Investeer in het fraudebestendig maken van het Friese zorgsysteem; voer een audit uit om vast te stellen hoe hieraan gestalte wordt

64

gegeven. Het voortouw van deze aanpak ligt op het sociaal domein, met een rol voor rechtmatigheidstoezichthouders voor wmo-zorg en jeugdhulp. 6. Organiseer onderwijs en training voor gemeenteambtenaren met een trekkersrol bij de ondermijningsaanpak en voor de ambtelijke toplaag. Zet hiertoe een leerkring op, waarbij gebruikgemaakt kan worden van de ambtelijke werkgroep voor de Friese norm en van de expertise en het netwerk van het RIEC. Geef ook trainingen aan raadsleden en bestuurders. 7. Geef gestalte aan een integrale drugsaanpak in Fryslân met prioriteit voor het terugdringen van hennepteelt en drugshandel. Aan de gemeentekant vraagt dit om inspanningen om het drugsgebruik te verminderen of te voorkomen (use prevention), met bijzondere aandacht voor onderwijsinstellingen, horeca en drugsgebruik onder toeristen. Politie en justitie dienen gestalte te geven aan een repressieve aanpak; dit kan worden opgenomen in de Friese norm, waardoor deze een integraal karakter krijgt. De pakkans voor drugshandel en hennepteelt dient te worden opgehoogd; ook en juist voor sturende en organiserende criminelen.

Tops, P., & Torre, E.J. van der (2015). Wijkenaanpak en ondermijnende criminaliteit. Den Haag: Boom Lemma.

Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten (2020). Geen tweederangsburgers. Aanbevelingen om misstanden bij arbeidsmigranten in Nederland tegen te gaan.

Tops, P., Valkenhoef, J. van, Torre, E.J. van der, & Spijk, L. van (2018). Waar een klein land groot in kan zijn, Nederland en synthetische drugs in de afgelopen vijftig jaar. Den Haag: Boom-Criminologie.

Algemene Rekenkamer (2022). Een zorgelijk gebrek aan daadkracht. Onderzoek naar de effectiviteit van zorgfraudebestrijding. Den Haag.

Tops, P & Torre, E.J. van der (2024). Ondermijning. Over de praktische betekenis van een analytisch begrip. Den Haag: Boom.

Beukeveld, A. (2021). Geen gouden (afval)bergen. Een fenomeenonderzoek naar gesignaleerde afvalcriminaliteit in Noord-Nederland. Masterscriptie: Universiteit Leiden.

Torre, E.J. van der, & Hulshof, M.H.M. (2000). Een drugsscene op Zuid (de Millinxbuurt): een model voor de strategische analyse van drugsscenes. Alphen aan den Rijn: Samsom.

Boerman, F., Grapendaal, M., Nieuwenhuis, F. & Stoffers, E. (2017). Nationaal Dreigingsbeeld 2017. Georganiseerde criminaliteit. Driebergen: Dienst Landelijke Informatieorganisatie.

Torre, E.J. van der & Torre-Eilert, T.B.W.M. (2013). Driehoeken: overleg en verhoudingen. Van lokaal tot nationaal. Amsterdam: Reed Business.

Essen, B. van (2014). Illegale handel in professioneel vuurwerk. Een onderzoek naar de logistieke keten, modus operandi, afscherming en verwevenheid binnen de illegale vuurwerkhandel. Masterscriptie. Apeldoorn: Politieacademie.

Torre, E.J. van der, Valkenhoef, J. van, Esman, C. Greven, H. (2017). Veiligheid bij jaarwisselingen. Apeldoorn: Politieacademie.

Fijnaut e.a., 1996 Fijnaut, C., Bovenkerk, F., Bruinsma, G. & Bunt, H. van de (1996). Inzake opsporing: Enquêteopsporingsmethoden, Bijlage VII: Eindrapport georganiseerde misdaad in Nederland. Den Haag: Sdu Uitgevers.

Torre, E.J. van der & Valkenhoef, J.M. van (2017). De lokale betekenis van basisteams. Over het werk van geüniformeerde agenten en het gebrek aan rechercheurs. Apeldoorn: Politieacademie. Torre, E.J. van der, & Heijkoop, M. M. (2020). Zorgfraude. Een wereld te winnen. Rotterdam: LokaleZaken.

Functioneel Parket Afpakken (2016). Wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij bij binnenteelt onder kunstlicht. Functioneel Parket.

LITERATUUR

Torre, E.J. van der, Jongepier, T., Heijkoop, M. & Maan, J. (2021). Zorgfraude in Rotterdam. Ondermijnend genoeg. Rotterdam: LokaleZaken.

Informatie Knooppunt Zorgfraude (2020). Verwevenheid zorg en criminaliteit. Utrecht.

Torre, E.J. van der (2022). Van pionieren naar structureren. Over de gemeentelijke aanpak van zorgfraude. Rotterdam: LokaleZaken.

Kruisbergen, E.W., Kleemans, E.R. & Kouwenberg, R.F. (2015). Wat doen daders met hun geld? Uitkomsten van de Monitor Georganiseerde Criminaliteit. Justitiële verkenningen 2015/01, 81-99. LIEC (2019). Landelijk beeld van ondermijnende criminaliteit. Den Haag.

Torre, E.J. van der & Tops, P. (2022). Groningse Praktijken. Een analyse van (de gemeentelijke aanpak van) ondermijning in de gemeente Groningen. Rotterdam: LokaleZaken.

Noordanus, P., Tops, P. & Torre, E.J. van der (2020). Een Pact voor de Rechtsstaat. Een sterke terugdringing van drugscriminaliteit in tien jaar. Den Haag: Aanjaagteam Ondermijning.

Torre, E.J. van der, Tops, P., Duin, M. van & Jongepier, T. (2023). Ondermijning in het Ommeland. Een analyse van (de gemeentelijke aanpak van) ondermijning in negen Groningse gemeenten. Rotterdam: LokaleZaken.

Noordanus, P., Torre. E.J. van der, Tops. P.W & Kester, J. (2021). Preventie met Gezag. Een strategie voor weerbare wijken. Den Haag: Aanjaagteam Ondermijning.

Torre, E.J. van der, Tops, P. & Jongepier, T. (2023). Leeuwarder Ondermijning. Een bestuurskundig-criminologische analyse. Rotterdam: LokaleZaken.

Spapens, T., Bruinsma, M.Y., Jong, J. de & Hout, L. van (2013). Onrechtmatig verwerken en mengen van olieproducten als vormen van milieucriminaliteit. Den Haag: Boom-Criminologie.

Wiegant, B.(2017). Vanaf de zijlijn bekeken. Commissarissen van de Koning over de Politiewet 2012. Lelystad: provincie Flevoland.

Struiksma e.a. (2020 Struiksma, N. Boxum, C., Hollenberg, S.J. & Woestenburg, N.O.M. (2020). Zoektocht naar georganiseerde criminaliteit in de Noordelijke zeehavens. Onderwereld boven water? Utrecht: Sdu (Politie & Wetenschap).

Media en rapporten In de voetnoten wordt verwezen naar bronnen in de media, op het internet en naar enkele gemeentelijke rapporten.

Tops, P.W., Duin, M.J. van, Os, P. van & Zouridis, S. (2010). Sleuren of Sturen: Gemeenten en de sturing van veiligheid en politie. Apeldoorn: Politieacademie.

66

67

BIJLAGE 1 INFORMATIE PER GEMEENTE Tabel 1: Bibob-beleid per gemeente. Gemeente

Zal-bepaling

Kan-bepaling

Gemeente

Zal-bepaling

Kan-bepaling

Waadhoeke

Drank- en horecavergunning (verkort vragenformulier).

Kan op al het overige.

Tytsjerksteradiel / Achtkarspelen

Drank- en horecavergunning. Vergunning t.b.v. seksinrichtingen. Horeca- en exploitatievergunningen.

Omgevingsvergunning voor bouwactiviteiten voor horeca, kamerverhuur, bouwkundige splitsing van woningen. Omgevingsvergunning milieu. Omgevingsvergunning beperkte milieutoets. Evenementenvergunning. Subsidies. Aanbestedingen (bij overheidsopdrachten die vallen binnen de sectoren milieu, ICT en/of bouw). Vastgoedtransacties (alleen bij hoge mate van financiële complexiteit, complexiteit m.b.t. de bedrijfsstructuur of exceptioneel financieel risico voor de gemeente).

Noardeast-Fryslân / Dantumadiel

Drank- horecavergunning. Exploitatievergunning openbare inrichting. Exploitatievergunning speelgelegenheid. Vergunning t.b.v. seksinrichtingen. Omgevingsvergunning bouwactiviteit bij een bouwsom hoger dan € 750.000,-.

Omgevingsvergunning Milieu bij beperkte milieutoets. Omgevingsvergunning inrichtingen Wet Milieubeheer. Afvalbewerkings- en verwerkingsbedrijven.

Schiermonnikoog

Alcohol- & exploitatievergunningen.

Vastgoed. Grote subsidies.

Ameland

Geen standaard Bibob-toets.

Drank- en horecavergunning. Omgevingsvergunning bouwactiviteit. Vergunning t.b.v. seksinrichtingen. Aanwezigheidsvergunning kansspelautomaten. Huisvestingsverordening. Algemene subsidieverordening. Omgevingsvergunning inrichtingen Wet Milieubeheer. Omgevingsvergunning beperkte milieutoets. Evenementenvergunning. Onttrekkingsvergunning / splitsingsvergunning.

Terschelling

Drank- en horecawetvergunning. Exploitatievergunning horecabedrijven. Speelautomatenvergunning. Exploitatievergunning seksinrichtingen. Vergunning kampeerterrein. Subsidieaanvragen. Omgevingsvergunning Bouwactiviteit.

-

Vlieland

Drank- en horecawetvergunning. Exploitatievergunning horecabedrijven. Speelautomatenvergunning. Exploitatievergunning seksinrichtingen.

Omgevingsvergunning bouwactiviteit. Omgevingsvergunning inrichtingen Wet Milieubeheer. Omgevingsvergunning beperkte milieutoets. Evenementenvergunning.

Vergunning t.b.v. seksinrichtingen. Harlingen

Drank- en horecavergunning. Vergunning t.b.v. seksinrichtingen. Exploitatievergunning openbare inrichting. Exploitatievergunning speelgelegenheid. Vergunning kamerverhuur. Huisvestingsvoorziening. Omgevingsvergunning boven € 750.000

Omgevingsvergunning bouwactiviteit. Omgevingsvergunning inrichtingen Wet Milieubeheer. Omgevingsvergunning beperkte milieutoets. Evenementenvergunning.

Súdwest-Fryslân

Drank- en horecavergunning. Vergunning t.b.v. seksinrichtingen. Exploitatievergunning (o.a. coffeeshop). Vergunning voor aanwezig hebben van kansspelautomaten.

Bij duidelijke aanwijzingen van ondermijnende activiteiten.

Drank- en horecavergunning. Vergunning t.b.v. seksinrichtingen. Vergunning voor aanwezig hebben van kansspelautomaten. Exploitatievergunning ‘droge’ horeca.

Kan op al het overige. Bij duidelijke aanwijzingen dat sprake is van een ernstige mate van gevaar zoals bedoeld in art. 3 Wet Bibob.

Weststellingwerf

Drank- en horecavergunning. Vergunning t.b.v. seksinrichtingen. Exploitatievergunning coffeeshop. Exploitatievergunning speelgelegenheid.

Omgevingsvergunning bouwactiviteit. Omgevingsvergunning inrichtingen Wet Milieubeheer. Omgevingsvergunning beperkte milieutoets. Evenementenvergunning.

Ooststellingwerf

Drank- en horecavergunning. Aanwezigheidsvergunning kansspelautomaten. Vergunning voor speelautomatenhal. Vergunning t.b.v. seksinrichtingen.

Omgevingsvergunning bouwactiviteit. Omgevingsvergunning inrichtingen Wet Milieubeheer. Omgevingsvergunning beperkte milieutoets. Evenementenvergunning.

Heerenveen

Beleid wordt geactualiseerd

Opsterland

Drank- en horecavergunning. Vergunning t.b.v. seksinrichtingen. Aanwezigheidsvergunning kansspelautomaten. Vergunning voor speelgelegenheden.

Omgevingsvergunning bouwactiviteit. Omgevingsvergunning inrichtingen Wet Milieubeheer. Omgevingsvergunning beperkte milieutoets.

Smallingerland

Drank- en horecavergunning. Horecaexploitatievergunning. Exploitatievergunning speelgelegenheid. Winkelvergunning smartshop, headshop, growshop, belwinkel of nachtwinkel. Vergunning t.b.v. seksinrichtingen. Aanwezigheidsvergunning kansspelautomaten. Vestigingsvergunning speelautomatenhal. Evenementenvergunning: vechtsportwedstrijd of -gala, risicogebied. Bouwvergunning boven de € 25.000 in risico categorieën. Omgevingsvergunning inrichtingen Wet Milieubeheer.

Subsidies Vastgoed Aanbestedingen

De Fryske Marren

68

69

Tabel 2: 13b Opiumwet beleid. Gemeente

Is 13b Opiumwet beleid vastgesteld?

Aantreffen van een handelshoeveelheid drugs in woningen

Aantreffen van handelshoeveelheid drugs in publiek toegankelijke ruimten

Strafbare voorbereidingshandelingen

Waadhoeke

V

V

V

V

Harlingen

V

V

V

V

Súdwest-Fryslân

V

V

V

V

De Fryske Marren

V

V

V

V

Weststellingwerf

V

V

V

V

Ooststellingwerf

V

V

V

V

Heerenveen

V

V

V

Afhankelijk van de situatie

Opsterland

V

V

V

X

Smallingerland

V

V

V

X

Tytsjerksteradiel / Achtkarspelen

V

V

V

X

Noardeast-Fryslân / Dantumadiel

V

V

V

V

Schiermonnikoog

X

X

X

X

Ameland

V

V

V

V

Terschelling

X

X

X

X

Vlieland

-

-

-

-

BIJLAGE 2 KORTE TOELICHTING OP OLITIEREGISTRATIES De politie heeft registraties aangeleverd, onder meer over drugsincidenten. Het is nuttig om kennis te nemen van deze cijfers, maar er kleven ook beperkingen aan. We baseren ons op cijfers die de politie ontleent aan het BVH-registratiesysteem. Per geregistreerde gebeurtenis telt één feit-code: de zwaarste of het feit dat als eerste is ingevoerd. Als de politie bijvoorbeeld een aanhouding verricht vanwege een drugsdeal, waarbij de verkoper en de koper (met softdrugs op zak) worden aangehouden, dan wordt dit louter geteld als handel in softdrugs (en dus niet ook als drugsbezit). De categorisering van een drugsincident is niet zo eenduidig of helder als wellicht het geval lijkt. Een incident of gebeurtenis wordt bijvoorbeeld weggeschreven als ‘vervaardigen softdrugs’, omdat dit op dat moment het meest passend lijkt. Er komt bijvoorbeeld een melding binnen over een mogelijke hennepkwekerij, maar uit onderzoek blijkt dat dit niet zo is of het wordt (bijvoorbeeld bij een warmtemeting) niet bevestigd. Toch bestaat de kans dat de registratie blijft staan als ‘vervaardigen softdrugs’, terwijl nog niet duidelijk is dat het hennepteelt betreft of duidelijk si of lijkt dat dit niet zo is.

De grens tussen een drugsregistratie of een andersoortige politieregistratie kan ook diffuus zijn. Wat in het systeem wordt vastgelegd als drugsoverlast of drugshandel, zou in feite bijvoorbeeld kunnen gaan om jeugdoverlast. Al komt het omgekeerde evengoed voor: achter een melding (die wordt geregistreerd als) jeugdoverlast kan in werkelijkheid drugsgebruik of drugshandel schuilgaan. Er treedt onder-registratie op in het politiesysteem. Drugshandel en drugsteelt zijn delicten die in de regel zo goed mogelijk worden afgeschermd. Bij een illegale drugsdeal hebben verkoper en koper een gedeeld belang om dit buiten het blikveld van politie of burgers te doen. Dit betekent dat veel drugshandel of drugsteelt niet wordt geregistreerd. Onder-registratie en foute registraties zijn een structureel verschijnsel. Het doet zich met andere woorden nu voor, maar ook in voorgaande jaren. Het staat - mits er geen veranderingen optreden in de wijze van registreren - vergelijkingen (in de tijd en tussen locaties) daarmee niet noodzakelijkerwijs in de weg. Registraties in het politiesysteem geven op z’n best een indicatie van de ontwikkelingen

Tabel 3: Aantal Bibob-toetsen per gemeente sinds 2019. Gemeente

Aantal Bibob-toetsen

Thema’s / beleidsterrein

Waadhoeke

12

-

Harlingen

Ca. 30

Voornamelijk horeca- en exploitatievergunningen.

Súdwest-Fryslân

Ca. 150

Horeca, prostitutie, standplaatsen en een zonnepark.

De Fryske Marren

Ca. 25

De meeste zijn (nieuwe) horeca met alcoholvergunning. Daarnaast 5 exploitatievergunningen voor inrichtingen (zonder alcohol) en 1 exploitatievergunning voor een speelautomatenhal.

Weststellingwerf

30

-

Ooststellingwerf

50

Voornamelijk horeca.

Heerenveen

-

-

Opsterland

Ca. 22

Horeca.

Smallingerland

Ca. 150

Voornamelijk Drank- en horecavergunning, Horecaexploitatievergunning en bouwvergunningen.

Tytsjerksteradiel / Achtkarspelen

59

-

Noardeast-Fryslân / Dantumadiel

52

Exploitatievergunning i.c.m. alcoholwet, omgeving en bouw, milieu.

Schiermonnikoog

n.v.t.

n.v.t.

Ameland

1

Overname van een horecagelegenheid.

Terschelling

-

-

Vlieland

3

Vergunning alcoholwet

70

71

ten aanzien van drugscriminaliteit of drugsoverlast. Er zijn tijdelijke of toevallige factoren - waaronder beleidsveranderingen - die van invloed kunnen zijn op registraties van drugsincidenten. Respondenten wijzen erop dat de politiecapaciteit voor bestrijding van hennepteelt is afgenomen, waardoor dit een (deel)verklaring is voor de afname van de geregistreerde hennepteelt. Ook lijkt het erop dat kwekerijen beter worden beschermd tegen warmtemetingen. Vanwege dergelijke effecten is voorzichtigheid geboden om op basis van politiecijfers, bij vergelijkingen in de tijd, conclusies te trekken.

ONDERMIJNING IN FRYSLÂN Een analyse van (de gemeentelijke aanpak van) ondermijning in zeventien Friese gemeenten

72

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=gemeentedantumadiel&id=f8c71812-26d9-4e01-b479-8f6e70e2899a