PPN 2022-2025 boekwerk.docx
Tekst van het document
Wij vragen u de gemaakte keuze duidelijk in de begroting aan te geven, bijvoorbeeld in de inleiding, en deze toe te lichten, zodat we kunnen beoordelen of de gekozen methodiek voldoende aannemelijk, geloofwaardig en daarmee aanvaardbaar is. We betrekken dit bij ons oordeel over de plausibiliteit van de ramingen. Ontwikkeling Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) De commissie BBV geeft in notities aan op welke wijze een bepaald onderwerp in de begroting verwerkt kan of moet worden. Kan, omdat de regelgeving meerdere verwerkingsopties toestaat en moet als de regelgeving verplicht tot een bepaalde verwerkingswijze. De BBV-notities bevatten dan ook aanbevelingen (‘kan’) en stellige uitspraken (‘moet’) voor de juiste toepassing en uitvoering van het BBV. Notitie Rechtmatigheidsverantwoording De verwachting is dat met ingang van het boekjaar 2021 het college van burgemeester en wethouders via de jaarrekening verantwoording af gaat leggen over rechtmatigheid. De accountant controleert vervolgens de getrouwheid van deze rechtmatigheidsverantwoording en geeft geen separaat accountantsoordeel over de rechtmatigheid meer af. Omdat de Kadernota rechtmatigheid met name was gericht op de accountantscontrole, heeft de commissie BBV besloten een notitie Rechtmatigheidsverantwoording te publiceren (naar verwachting in het 1e kwartaal 2021) die vooral is gericht op het college en de raad.
De volgende onderwerpen komen daarbij onder andere aan bod. - De rol van de raad - De criteria waarover het college zich dient te verantwoorden - De keuzemogelijkheden met betrekking tot de verantwoordingsgrens en de gevolgen. Perspectievennota 2022-2025
43
Notitie Meerjarig financieel inzicht In september 2020 heeft de commissie BBV de notitie Meerjarig financieel inzicht voor de raad vastgesteld. Het doel van deze notitie is om de samenhang helder te maken tussen diverse onderdelen uit de begroting en de jaarrekening. Dit maakt het eenvoudiger om een oordeel te vormen over de financiële positie van uw gemeente en/of de gevolgen te overzien van bepaalde beleidskeuzes voor de ontwikkeling van die financiële positie. Daarom gaat deze notitie specifiek in op enkele onderdelen die in het BBV zijn voorgeschreven en die erop gericht zijn om de raad (meer) inzicht te geven in de financiële positie van de gemeente op de korte en langere termijn. Notitie Lokale heffingen In april 2021 is de nieuwe notitie Lokale heffingen gepubliceerd door de commissie BBV. Aanpassing in de wetgeving de afgelopen jaren in combinatie met verschenen jurisprudentie was voor de Commissie BBV aanleiding om de notitie Lokale heffingen te actualiseren. In de notitie wordt een overzicht gegeven van alle relevante aspecten van lokale heffingen en bijbehorende reserves en voorzieningen. Specifieke onderwerpen Inzicht in de structurele begrotingspositie Het inzicht in de structurele begrotingspositie van uw gemeente blijft een belangrijk aandachtspunt.
Nogmaals dringen wij erop aan het begrotingssaldo, zowel voor het betreffende begrotingsjaar als voor de meerjarenraming, inzichtelijk te presenteren. Hiervoor kunt u gebruik maken van de voorbeelden uit het GTK en uit de notitie Structurele en incidentele baten en lasten van de commissie BBV. Wij adviseren u het structureel begrotingssaldo op deze wijze in het raadsvoorstel en de aanbiedingsbrief of in de inleiding van de begroting op te nemen. Overzicht van incidentele baten en lasten Een van de verplicht op te nemen overzichten in zowel de begroting als de jaarrekening is het overzicht van incidentele baten en lasten. De leesbaarheid van dit overzicht wordt vergroot als baten en lasten en incidentele reservemutaties duidelijk gescheiden zijn weergegeven. Daarnaast is het verplicht de opgenomen posten te voorzien van een toelichting. Belangrijk daarbij is dat duidelijk wordt waarom de baten of lasten door u als incidenteel zijn bestempeld. Anders gezegd, waarom er géén sprake is van structurele baten of lasten. Structurele baten en lasten zijn immers regel en de incidentele baten en lasten vormen de uitzondering. Bij het onderzoek van de begroting 2021 van de gemeenten is ons opgevallen dat de notitie structurele en incidentele baten en lasten nog niet altijd goed wordt toegepast in de begroting.
Het doel van de Notitie structurele en incidentele baten en lasten, namelijk het meer eenduidig toepassen van de begrippen ‘structureel’ en ‘incidenteel’, is naar onze mening nog niet helemaal bereikt. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door het feit dat het BBV geen scherpe definitie geeft van de begrippen ‘structureel’ en ‘incidenteel’. Bovendien laat het BBV ruimte voor (interpretatie)verschillen, omdat dit past bij de eigen beoordeling van de lokale omstandigheden (principle based). Gemeenten benutten deze ruimte in (te) grote mate, hetgeen leidt tot discussies tussen de gemeenten en de toezichthouder. In de begrotingscirculaire van vorig jaar kondigden wij het uitbrengen van een (ambtelijke) handreiking aan om deze discussies te beperken. Mede door de coronauitbraak hebben we deze toezegging helaas niet waar kunnen maken. De behoefte aan verduidelijking is nog steeds onveranderd groot. Daarom zeggen wij u toe, dat wij begin 3e kwartaal 2021 een handreiking ter verduidelijking van de begrippen structureel en incidenteel uit zullen brengen. In deze handreiking zal ook een groot aantal voorbeelden opgenomen worden. Kapitaallasten nieuwe (her)investeringen Medio vorig jaar hebben wij, zoals toegezegd in onze vorige begrotingscirculaire, de ‘Handreiking kapitaallasten nieuwe (her)investeringen’ gepubliceerd.
In deze ambtelijke handreiking is het onderdeel ‘Kapitaallasten nog te realiseren (her)investeringen’ uit ons GTK nader uitgewerkt. In de handreiking hebben we uiteengezet hoe wij de ramingen kapitaallasten in uw begroting beoordelen.
Perspectievennota 2022-2025
44
Bij ons onderzoek naar de begrotingen 2021 is het ons opgevallen dat nog niet alle gemeenten de ‘Handreiking kapitaallasten nieuwe (her)investeringen’ toepassen. Bij de beoordeling van de begroting 2022 zullen wij de handreiking toepassen en eventuele correcties op het structureel begrotingssaldo doorvoeren. Wij adviseren u daarom om de ‘Handreiking kapitaallasten nieuwe (her)investeringen’ toe te passen en daarmee correcties op het structureel begrotingssaldo te voorkomen. Taakstellingen Veel gemeenten hebben te maken met bezuinigingsoperaties en takendiscussies. Daarom is het nuttig om specifiek in te gaan op deze onderdelen bij de toelichting op de financiële positie en bij de meerjarenraming. Behalve het benoemen van de stelposten en taakstellingen biedt het concreet toelichten, van de wijze waarop de voorgenomen bezuinigingen en het nieuwe beleid voor de komende jaren zijn vertaald in de begroting, inzicht in de financiële positie. De toelichting is noodzakelijke informatie voor uw en ons inzicht in en de beoordeling van de financiële positie. We zien de omvang van de taakstellingen toenemen en hoewel onze beoordeling op hardheid en haalbaarheid veelal positief is, vinden we het een zorgelijke ontwikkeling.
Om de financiële stabiliteit van de gemeente te waarborgen is het noodzakelijk dat uiteindelijk de voorgenomen taakstellingen en bezuinigingen volledig gerealiseerd worden. Wij adviseren u, indien van toepassing, een integraal beeld van de opgenomen bezuinigingsmaatregelen, taakstellingen, stelposten en reserveringen te presenteren in een paragraaf Taakstellingen en stelposten. In deze paragraaf kunt u in één oogopslag de opgenomen bezuinigingen c.q. taakstellingen zien die verspreid in de begroting op programmaniveau zijn opgenomen en/of de nog openstaande taakstellingen in de meerjarenraming. Daarnaast kunt u hier de voortgang van eerder door u vastgestelde bezuinigingsmaatregelen toelichten. Hetzelfde geldt voor eventuele stelposten (inschattingen of al vrijgemaakte begrotingsruimte) voor toekomstige financiële onzekerheden. Dit versterkt het inzicht in de financiële positie. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Uit onze begrotingsonderzoeken blijkt dat de informatiewaarde van de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bij sommige gemeenten nog verbeterd kan worden.
Met als doel de informatiewaarde te verbeteren adviseren wij het volgende: - Geef in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing duidelijk het vastgestelde beleid aan, zowel voor de inventarisatie en kwantificering van de risico’s als voor de aan te houden weerstandscapaciteit in relatie tot deze kwantificering. - Geef tevens de minimale hoogte of marge aan van de weerstandsratio. Naast deze verplichte onderdelen van de paragraaf adviseren wij u het verloop, van zowel de beschikbare weerstandscapaciteit als de benodigde weerstandscapaciteit (en hiermee ook de weerstandsratio) inzichtelijk te maken. Dit geeft aanzienlijk meer inzicht in het gemeentelijke weerstandsvermogen dan alleen de informatie opnemen van het betreffende jaar. Hierbij kan ook aangegeven en toegelicht worden welke risico’s groter/kleiner worden of verdwijnen. Het is van belang om bij de risico’s de mogelijke scenario’s te schetsen alsmede de (beleidsmatige) opties om de niet geraamde financiële consequenties zo goed mogelijk te beheersen. Hieruit volgt de gewenste omvang van het weerstandsvermogen. Ook de niet-financiële gevolgen spelen een rol bij risicomanagement, maar ook voor de bepaling van de weerstandscapaciteit en het weerstandsvermogen. Omgevingswet en -visie In onze begrotingscirculaire van vorig jaar (Begrotingscirculaire 2020) informeerden wij u al uitgebreid over beide onderwerpen.
De invoeringsdatum van de Omgevingswet is mede naar aanleiding van Covid-19 verschoven naar 1 januari 2022. Aangezien Covid-19 nog steeds niet bedwongen is, lijkt nieuw uitstel onafwendbaar. Een definitief besluit zal binnenkort genomen worden. Zoals u weet, wordt de wet- en regelgeving voor ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water gebundeld en is het de bedoeling om
Perspectievennota 2022-2025
45
het aanvragen van vergunningen te vereenvoudigen. Dit betekent één wet die ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving stimuleert en kwaliteit borgt. De gebruikers staan hierbij centraal.
Omgevingsvisie Met de nieuwe wet zijn het Rijk, de provincies en de gemeenten voortaan verplicht een omgevingsvisie te maken. Dit is een strategische visie voor de lange termijn voor de hele fysieke leefomgeving. De belangrijkste uitgangspunten daarbij zijn: - gemeenten dienen een omgevingsvisie op te stellen; - per gemeente geldt één omgevingsplan; - gemeenten werken de omgevingsvisie uit in een omgevingsplan en programma’s; - het omgevingsplan bevat gemeentelijke regels over de fysieke leefomgeving; - in een programma staan maatregelen waarmee een bevoegd gezag een omgevingswaarde of een andere doelstelling voor de fysieke leefomgeving wil bereiken. Gemeenten krijgen een overgangstermijn van drie jaar voor het vaststellen van de omgevingsvisie. De verplichting voor gemeenten om een omgevingsvisie te hebben én het tijdstip daarvoor wordt bij Koninklijk Besluit vastgelegd. Houd rekening met de financiële gevolgen voor uw gemeente Wij zien dat de nodige betrokken partijen volop bezig zijn met de voorbereidingen. Toch blijkt uit de monitor invoering Omgevingswet, die minister Ollongren onlangs naar de Tweede Kamer stuurde, dat het percentage gemeenten dat denkt tijdig gereed te zijn het afgelopen halfjaar is gedaald. Het is van groot belang om een goede inschatting te maken van wat er op uw gemeente afkomt, zodat u zich adequaat op deze wet kunt voorbereiden.
Daarbij past ook de vraag wat de financiële gevolgen voor uw gemeente zullen zijn. Denk aan: - Welk personeel is nodig? - Hoe begeleidt u het implementatieproces? - Moet u uw medewerkers opleiden? - Wat betekent dit voor ICT? - Wat kost het om de omgevingsdocumenten te ontwikkelen? Dat de financiële gevolgen niet onderschat mogen worden, bleek uit een consultatie onder honderd gemeenten. Daaruit kwam naar voren dat de invoeringskosten van de Omgevingswet veel hoger zijn dan eerder werd verwacht. Gemeenten willen daarom in 2022 € 150 miljoen (extra) compensatie. Gemeenschappelijke regelingen Gemeentelijke bijdragen Bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen maken een belangrijk deel uit van gemeentebegrotingen. De raming die u in uw begroting opneemt als bijdrage in de gemeenschappelijke regeling behoort overeenkomstig de gemeentelijke bijdrage te zijn, zoals deze is opgenomen in de begroting van de gemeenschappelijke regeling. Wij vragen u in de paragraaf verbonden partijen deze bijdrage inzichtelijk te maken, niet alleen voor het begrotingsjaar, maar ook voor de jaren van de meerjarenraming. Gemeenschappelijk Toezichtkader (GTK) Gemeenschappelijke regelingen Bij het verschijnen van het GTK voor gemeenten is een afzonderlijk gemeenschappelijk toezichtkader voor gemeenschappelijke regelingen aangekondigd.
De reden hiervoor is dat niet alle kaders die voor gemeenten gelden één op één op gemeenschappelijke regelingen van toepassing zijn. Bovendien kennen we binnen gemeenschappelijke regelingen veel diversiteit in grootte, aantal deelnemers en beleidsvelden, elk met een eigen dynamiek. De focus bij gemeenschappelijke regelingen ligt op de risico’s voor de deelnemende gemeenten. Dit vroeg om een nadere uitwerking, die landelijk door de provincies is opgepakt. Inmiddels is het concept toezichtkader voor gemeenschappelijke regelingen gereed en is ter consultatie voorgelegd aan enkele gemeenschappelijke regelingen. In afwachting van die reacties en eventuele daaruit Perspectievennota 2022-2025
46
voortvloeiende aanpassingen van het concept, zal dit toezichtkader naar verwachting met ingang van het begrotingsjaar 2023 voor alle gemeenschappelijke regelingen in Nederland gaan gelden. Met de introductie van het nieuwe kader zal worden gewacht tot de inwerkingtreding van de wijzigingen van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Tot die tijd blijft het gemeenschappelijk toezichtkader “Kwestie van evenwicht!” uit 2014 van toepassing op gemeenschappelijke regelingen. Wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen Om de maatschappelijke opgaven waar lokale overheden zich voor gesteld zien te kunnen realiseren en de bestuurlijke slagkracht te vergroten, werken overheden steeds meer en intensiever met elkaar samen. Dat gebeurt op verschillende niveaus en op verschillende manieren, onder andere via gemeenschappelijke regelingen. In de praktijk ervaren gemeenteraden en individuele raadsleden een te grote afstand tot gemeenschappelijke regelingen. Om de positie van de gemeenteraden te versterken is een wijziging van de Wgr in procedure. De instrumenten die de volksvertegenwoordiging kan gebruiken om de eigen controlerende en kader stellende rol bij gemeenschappelijke regelingen beter in te kunnen vullen wordt aangepast. Ook beoogt de wijziging de democratische legitimatie van de besluitvorming binnen een gemeenschappelijke regeling te vergroten.
In het kader van deze begrotingscirculaire zijn de volgende wijzigingen van belang, die met ingang van het begrotingsjaar 2023 gelden: 1) Aanpassing begrotingscyclus door drie wijzigingen: - De kadernota en voorlopige jaarrekening moeten voor 30 april naar gemeenteraden worden gestuurd in plaats van 15 april. - De ontwerpbegroting moet uiterlijk 12 weken voor 15 september voor een zienswijze aan gemeenteraden aangeboden worden, in plaats van 8 weken voor 1 augustus. - De begroting van een regeling moet uiterlijk 15 september naar gedeputeerde staten worden gestuurd in plaats van 1 augustus. 2. Aanscherping artikel 9 van de Wgr met een bepaling over de reikwijdte van de afspraken die moeten worden gemaakt over het regelen van de gevolgen van een uittreding. Een algemeen besluit van het bestuur is niet voldoende. Deze wijzigingen gaan voor het eerst gelden voor de begrotingscyclus 2023. Nadere informatie: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/dossier/35513 Agenda toekomst van het (interbestuurlijk) toezicht Met de Agenda Toekomst (interbestuurlijk) Toezicht (ATT) geven gemeenten, provincies en Rijk gezamenlijk invulling aan de vernieuwing van het interbestuurlijk en financieel toezicht, zodat het toezicht zo effectief mogelijk is en past bij een gezamenlijke aanpak van maatschappelijke opgaven.
In onze vorige begrotingscirculaire informeerden wij u al over de ATT, waarin is beschreven hoe we de komende jaren het (interbestuurlijk) toezicht verder gaan doorontwikkelen. In 2020 is hiervoor een Actieplan opgesteld en is samen met toezichtontvangers en toezichthouders gekeken naar de uitwerking van de verschillende actielijnen. De vijf actielijnen zijn: 1. Versterken verbinding horizontale controle en verticaal toezicht 2. Beter voeren dialoog 3. Beter leren via toezicht 4. Uniformeren uitvoering toezicht 5. Toezichthouder richt zich op gedeelde risico’s Per actielijn zijn de te nemen acties benoemd en is het doel aangegeven zoals dat in de ATT is opgenomen. Inmiddels is er vorig jaar (2020) gestart met risicosessies voor de verschillende (interbestuurlijk) toezicht terreinen (in kader van actielijn 5). Dit jaar worden in het kader van actielijnen 2 en 3 workshops georganiseerd met toezichtontvangers en toezichthouders ten behoeve van het delen van ervaringen van (interbestuurlijk) toezicht. De data voor sessies met het Perspectievennota 2022-2025
47
werkveld van financieel toezicht zijn op dit moment nog niet bekend. Inzendtermijn jaarrekening 2020 Het coronavirus en de hiertegen genomen maatregelen raken alles en iedereen in Noord-Brabant en dus ook de P&C-cyclus van uw gemeente. Wij kunnen ons voorstellen dat dit ook impact heeft op het opstellen, controleren en vaststellen van de jaarrekening 2020. Mogelijk heeft dit ook consequenties voor de inzendtermijn van 15 juli 2021. Gezien de huidige, nog steeds buitengewone omstandigheden hebben wij er begrip voor, dat u de inzendtermijn van 15 juli 2021 mogelijk niet kunt halen. Wanneer er omstandigheden zijn die buiten uw invloed liggen, zullen wij soepel omgaan met het verlenen van uitstel voor het inzenden van de jaarrekening 2020, zonder dat dit leidt tot preventief toezicht voor het begrotingsjaar 2022. Wanneer u voorziet dat de inzendtermijn niet gehaald wordt, neem dan vooral contact met ons op. Samen vinden we een oplossing! Tot slot Inzenden per post of digitaal via de Berichtenbox U kunt uw begrotingen, maar ook voor wijzigingen in begrotingen, jaarrekeningen en andere wettelijk verplichte documenten per post of digitaal via de Berichtenbox inzenden. Zorg er bij digitale inzending voor dat u stukken toestuurt die wij goed kunnen archiveren. Op die manier blijft voor de toekomst duidelijk wat de besluitvorming is geweest.
Een raadsbesluit met bijvoorbeeld alleen een link naar informatie op een website of app is niet voldoende. Zowel de fysieke als de digitale begroting en aarrekening dienen qua vorm en inhoud aan de wettelijke eisen te voldoen. Op brabant.nl staan diverse actualiteiten op het gebied van financieel toezicht. Daar kunt u ook bijvoorbeeld het overzicht ‘Bruto woonlasten 2021 voor een meerpersoonshuishouden’ vinden. Dit overzicht geeft inzicht in de woonlasten van de 61 Brabantse gemeenten. In één oogopslag kunt u daar zien of uw gemeente tot de goedkopere of duurdere gemeenten behoort wat betreft de woonlasten. Hebt u vragen over deze circulaire dan kunt u contact opnemen met de heer T.C. (Teco) Noordegraaf van ons team IBT Financieel Toezicht. Hij is op maandag tot en met donderdag tijdens kantooruren bereikbaar via telefoonnummer 06-52794351. U kunt ook contact opnemen met de contactambtenaar voor uw gemeente. Een kopie van deze begrotingscirculaire hebben wij aan uw college van burgemeester en wethouders gestuurd. Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, namens deze,
N. Wester MSc, programmamanager Kwaliteit Openbaar Bestuur In verband met geautomatiseerd verwerken is dit document digitaal ondertekend.
Perspectievennota 2022-2025
48
Perspectievennota 2022-2025
49
Bijlage 4: Coalitieakkoord Coalitieakkoord CDA – VVD 2018-2022
Samen Doen! Levendig, Duurzaam, Betrokken Gemeente Bergeijk, bestaande uit 6 kernen, kent een krachtige samenleving met betrokken inwoners. Een gemeente die zich kenmerkt door verschillende initiatieven waarin ieder zijn rol heeft om de samenhang te bevorderen. Dit is ook de wijze waarop wij als coalitie onze ambities willen uitvoeren; samen met onze inwoners, ondernemingen, verenigingen en maatschappelijke partners. Samen willen wij de uitdagingen en opdrachten op het gebied van leefbaarheid voortvarend aanpakken. Daarbij is ruimte voor eigen initiatieven. Inwoners, verenigingen en gemeenschapshuizen kunnen hier een belangrijke rol in spelen. Bergeijk is een groene gemeente en hierin blijven we investeren. De kwaliteit van de leefomgeving en het openbaar gebied willen we op niveau houden. We delen de ambitie om de komende vier jaar concrete doelen te stellen en stappen te zetten om tot een toekomstbestendig duurzaam Bergeijk te komen. In de gemeenteraad wordt er op constructieve wijze door de politieke partijen samengewerkt. De focus in dit coalitieakkoord ligt op de ambities en speerpunten, waarbij we ruimte willen laten voor debat. Zo doen we recht aan de democratie. De strategische koers voor Bergeijk wordt bepaald door het versterken van de lokale gemeenschappen.
We zijn van mening dat gemeente Bergeijk de juiste organisatiegrootte heeft om gemeentelijke taken en opgaven goed te kunnen uitvoeren. Om de lokale gemeenschappen te kunnen versterken moet de afstand tussen inwoners en bestuurders klein zijn. Zo kunnen we initiatieven de ruimte geven en de gemeenschap in hun kracht zetten. De bestuurskracht van Bergeijk is goed op orde. Ook financieel staat de gemeente er goed voor. We zoeken de samenwerking in de regio om doelen te bereiken die voor een individuele gemeente moeilijk zijn te realiseren. De samenwerking met de Kempengemeenten willen we intensiveren en verbeteren om zo krachten te bundelen op bovenlokale thema’s en uitdagingen. Kortom: Samen Doen!
Perspectievennota 2022-2025
50