CConstaterende datBergeijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Lokaal gezondheidsbeleid 2021-2025

Gemeenteraad 28 januari 2021, gemeente BergeijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Lokaal gezondheidsbeleid 2021-2025 gemeente Bergeijk13.587 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Kansen die gegrepen zijn, zijn bijvoorbeeld meedoen aan Kansrijke start, meedoen aan #Kempenbranie, de acties voortkomend uit het Kempisch sport- en beweegakkoord, maar ook het tegen een gereduceerde prijs realiseren van Stuitergras.

2 Burgerkracht De toekomst van het sociaal werk in Nederland Nico de Boer en Jos van der Lans in opdracht van

de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling Den Haag, april 2011 25

4.2.6

Lange adem

Preventie is een kwestie van lange adem. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het Ijslands model. Het duurde 20 jaar voordat er duidelijk resultaten te zien waren. Afname middelengebruik bij de Ijslandse jeugd

Dit rijmt niet altijd met het politieke belang om in een periode van vier jaar aansprekende resultaten te realiseren. Gekoerst zal moeten worden op een goede communicatie met de politiek (raad en raadscommissies) en het continu meten van resultaten om de ingezette lijn/acties onder de ‘warme” aandacht te houden. Dit is een leerproces, dat we met name met Kempenbranie# aan het ontwikkelen zijn. 4.2.7

Nationaal, regionaal waar kan, lokaal/kerngericht waar moet

De Volwassen- en ouderenmonitor van de GGD 2016-2017 heeft voor de kernen van Bergeijk een aantal kern specifieke resultaten opgeleverd. Bijvoorbeeld de Weebosch en Luyksgestel springen eruit wat betreft:  Relatief veel inwoners van Weebosch en Luyksgestel vinden het moeilijk om om hulp te vragen.  In beide kernen komt overgewicht het vaakste voor.  De meeste beperkingen door langdurige ziekte. De inwoners van Riethoven maken zich het meest bezorgd over de invloed van hun leefomgeving op hun gezondheid. De ouderen in de kern Bergeijk voelen zich het eenzaamst. Deze (voorbeelden) van verschillen tussen de kernen betekent dat we de kernen wat betreft gezondheid verschillend moeten benaderen en voor specifieke kernen, samen met inwoners en maatschappelijke en gezondheidspartners naar oplossingen moeten zoeken. 4.2.8 Landelijk gezondheidsbeleid 2020-2024 In paragraaf 1.1 is de Nota landelijk gezondheidsbeleid 202-2024 al kort besproken. Voor de periode van de landelijke nota (2020-2024) is afgesproken om vier gezondheidsvraagstukken met voorrang aan te pakken: A. Gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving B. Gezondheidsachterstanden verkleinen C. Druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen D. Vitaal ouder worden Per vraagstuk heeft het Rijk de volgende ambities: Ad A. Gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving

26

In 2024 is gezondheid een vast onderdeel van de belangenafweging in ruimtelijk beleid

In 2024 creëren we bij landelijke en decentrale beleidsontwikkeling meer verbinding tussen het fysieke en het sociale beleidsdomein.

Ad B. Gezondheidsachterstanden verkleinen 

In 2024 is de levensverwachting van mensen met een lage SES toegenomen en het aantal jaren in goed ervaren gezondheid voor mensen met een lage én een hoge SES toegenomen.

Vanaf 2024 passen we gezondheidsbevordering via de leefomgeving met voorrang toe in wijken en buurten met gezondheidsachterstanden. Op termijn ontwikkelen we in alle wijken en buurten een leefomgeving die een gezonde leefstijl mogelijk en gemakkelijk maakt.

Ad C. Druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen 

In 2024 hebben we kennis over de aard, omvang en determinanten van mentale gezondheid bij jongeren.

In 2024 ervaren jeugd en jongvolwassenen minder prestatiedruk in hun leven, doordat mentale gezondheidsvaardigheden worden gestimuleerd en de fysieke en sociale leefomgeving mentale gezondheid bevorderen.

Ad D. Vitaal ouder worden

27

In 2024 voelen relatief meer ouderen zich vitaal zodat zij (naar vermogen) kunnen blijven participeren in de samenleving.

In 2024 is het risico op spoedeisende hulp na een val bij ouderen afgenomen.

In 2024 hebben alle gemeenten een leefomgeving gecreëerd die ouderen verleidt tot een gezonde leefstijl.

HOOFDSTUK 5. Wat gaan we doen in 2021-2025 De gezondheidsvraagstukken en bijbehorende ambities van het Rijk, zoals genoemd in hoofdstuk 2 en 4 komen voort uit de landelijke nota gezondheidsbeleid 2021-2024 en vormen een aanvulling op de beleidslijnen en landelijke programma’s die al lopen, zoals het Nationaal preventieakkoord. 1. 2. 3. 4.

Gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving Gezondheidsachterstanden verkleinen Druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen Vitaal ouder worden

Op deze vraagstukken wordt de grootste ziektelast verwacht. Met deze vraagstukken kan de grootste gezondheidswinst voor kwetsbare groepen bereikt worden, of leiden ze tot kostenbeheersing in de zorguitgaven en het sociaal domein. Vanuit de Rijksoverheid kan op genoemde vraagstukken inhoudelijke en mogelijk financiële ondersteuning geboden worden. In dit hoofdstuk wordt per vraagstuk aangegeven wat Bergeijk al doet op het betreffende gebied en waar aanvullingen mogelijk zijn. Tevens worden de landelijke ambities vertaald naar Bergeijkse ambities. 5.1

Gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving

5.1.1

Preventief gezondheidsbeleid

In het kader van gezondheid in de sociale en fysieke leefomgeving is “het bevorderen van gezondheid” wel vaker een nevendoel, maar niet leidend. Het belangrijkste is dat de ambtelijke en bestuurlijke vertegenwoordigers van de verschillende domeinen elkaar weten te vinden en elkaars domeinen weten te verbinden. 5.1.2

Aanpalend beleid

Elkaar weten te vinden en verbinding zoeken gebeurt in Bergeijk al op verschillende terreinen:    

Bij de implementatie van de Omgevingswet. Bij het Milieubeleid. Bij de aanleg van fietspaden, speeltuinen, sportvoorzieningen e.d. Bij de wijze waarop we als gemeente omgaan met bijvoorbeeld het aanleggen van het 5G-netwerk.

Bergeijkse ambitie: Gezondheid is een vast onderdeel van de belangenafweging in het ruimtelijk beleid.

5.2

Gezondheidsachterstanden verkleinen

De landelijke programma’s om gezondheidsachterstanden te verkleinen, zijn gebaseerd op drie pijlers: focus op de eerste levensfase, domeinoverstijgend werken en een adaptieve aanpak (aangepast voor bepaalde omstandigheden). Focus op de eerste levensfase Het is belangrijk dat de aanpak van gezondheidsachterstanden preventief en vroegtijdig van start gaat, bij voorkeur in de eerste 1000 dagen van het leven. Ook is het belangrijk dat er extra aandacht is voor degenen in een kwetsbare positie. Daarnaast liggen er voor mensen met een lage SES (Sociaaleconomische Score) kansen door aandacht te besteden aan de leefstijlfactoren die in het Nationaal preventieakkoord een plaats hebben: roken (een rookvrije generatie en een rookvrije zwangerschap), overgewicht (onder andere voeding en bewegen) en problematisch alcoholgebruik. Domeinoverstijgend werken Voor de aanpak van gezondheidsachterstanden is het nodig om het medisch en het sociaal domein met elkaar te verbinden, maar ook de beleidsterreinen gezondheid, werk en inkomen, minima, sport en omgeving. Dit wil het kabinet onder andere bereiken met innovaties op het gebied van leefstijl, leef- en werkomgeving, kwaliteit van en toegang tot zorg en medische technologie, en merkbaar minder (fysieke) drempels voor mensen met een beperking.

28

Adaptieve aanpak Gezondheidsachterstanden vormen een complex probleem waarvoor geen eenduidige oplossing is. Dat vraagt om een adaptieve aanpak, die ruimte biedt om waar nodig ‘buiten de lijnen te kleuren’. 5.2.1

Preventief gezondheidsbeleid

Bergeijkse ambities: 

Het aantal jaren in goed ervaren gezondheid voor mensen in Bergeijk is toegenomen. Hierbij wordt met name aandacht gegeven aan (delen van) kernen waar meer laagopgeleiden en mensen met minder inkomsten wonen. Het aantal (extreem) eenzame mensen is afgenomen en we hebben werkzame interventies ontwikkeld om eenzaamheid in Bergeijk te bestrijden.

Nationaal preventie akkoord: Thema roken De GGD Bzo ondersteunt de gemeenten bij het uitwerken van het Nationaal preventieakkoord thema roken: 

Vanuit de stuurgroep worden er werkgroepen gevormd, te denken valt aan groepen die zich richten op bepaalde pijlers van “de rookvrije generatie”, zoals rookvrije zwangerschap, kinderopvang of sport. De resultaten hiervan komen ten goede aan alle gemeenten.

De lokale maatwerkteams worden gefaciliteerd zodat zij gemeenten kunnen adviseren en ondersteunen bij inzet op het thema roken.

Er worden regiobijeenkomsten Rookvrije Generatie georganiseerd (de geplande bijeenkomst medio 2020 is vanwege COVID-19 niet doorgegaan)

Er kan gebruikt gemaakt worden van het budget uit het ondersteuningstraject Rookvrije Omgeving, dat GGD GHOR Nederland de GGD toegekend heeft. Het thema roken komt al in diverse acties terug in de Kempen/Bergeijk. Het maakt bijvoorbeeld onderdeel uit van #Kempenbranie en het project Kansrijke start. 29

Samen met de Kempengemeenten zullen we bekijken of we binnen deze projecten met de beschikbare middelen specifiek aandacht voor roken kunnen genereren.

Kansrijke start/centering pregnancy 1 september 2020 zijn we in de Kempen gestart met het project Kansrijke start. Na de gezamenlijke bijeenkomst zal een uitvoeringsplan gemaakt worden. Eind 2019 is in Bergeijk gestart met CenteringPregnancy™. Op basis van de resultaten hiervan wordt CenteringPregnancy™ verwerkt in het programma Kansrijke start. Bekeken zal moeten worden of CenteringPregnancy™ daadwerkelijk uitgevoerd kan worden als de COVID-19 pandemie langer blijft voortduren.

Eenzaamheid Eenzaamheid is een aandachtsgebied dat in aanpalende beleidsvelden zoals Wmo, zeker voor de groep ouderen, al expliciet terug komt. De gemeente Bergeijk heeft zich in 2020 aangemeld bij het programma Een tegen eenzaamheid van het ministerie van VWS. Samen met de GGD wordt voor de komende periode een actieprogramma uitgewerkt. (zie ook thema COVID 19 Pandemie). In het project #Kempenbranie wordt expliciet aandacht besteed aan het welbevinden van jongeren en aan het faciliteren van aansprekend vrije tijdsaanbod voor de jeugd. Hiermee kan als neveneffect eenzaamheid onder jongeren bestreden worden. Bewegen voor ouderen met een lage economische status Bergeijk doet mee aan het onderzoek “Gezond ouder worden van ouderen met een lage sociaal economische positie (LSEP)” van de Open Universiteit in Heerlen. Doelstelling van dit onderzoek is: om de groep 65+ ers met een lage sociaal economische positie door middel van een integrale en wijkgerichte aanpak meer te laten bewegen, sociale betrokkenheid te vergroten en digitale vaardigheden te vergroten en daarmee de gezondheid te verbeteren en onder andere eenzaamheid tegen te gaan. Het project start per 1 september 20 en heeft een looptijd van 4 jaar (zie afbeelding voor planning).

COVID-19 Pandemie Het coronavirus houdt Nederland in zijn greep. Ontwikkelingen en maatregelen volgen elkaar snel op. De coronacrisis raakt ook het sociaal domein en dus ook mensen in een kwetsbare positie. Movisie heeft 30

informatie over het coronavirus en de gevolgen die het heeft binnen de verschillende thema's van het sociaal domein verzameld. (Gezondheids-)thema’s zijn: -

Hoe ondersteunen we mantelzorgers in de thuissituatie Extra urgentie voor de aanpak van het thema eenzaamheid Ondersteuning ouderen Corona als life-event voor iedereen Corona in begrijpelijke taal

De coronacrisis laat zien wat echt van belang is in het leven: betekenisvol contact met anderen. Juist dat staat door social distancing onder druk. Het beperken van sociaal contact brengt mentale en sociale uitdagingen met zich mee. Naast kwetsbare ouderen herkennen we drie groepen die nu extra risico lopen om te vereenzamen: Mensen met fysieke gezondheidsklachten Zij zijn extra kwetsbaar als zij het virus oplopen en mijden daarom vaak zo veel mogelijk fysiek menselijk contact. Denk aan mensen met afwijkingen en functiestoornissen van de luchtwegen en longen, chronische hartaandoeningen, diabetes, nieraandoeningen of mensen met verminderde weerstand (bijv. in verband met een orgaantransplantatie of chemotherapie). Mensen met een relatief kwetsbare sociale gezondheid Dat gaat over mensen met een klein of eenzijdig samengesteld sociaal netwerk en alleenstaanden. Denk bijvoorbeeld aan jonge studenten die net op kamers wonen in een nieuwe stad, of alleenstaande gepensioneerden die voor hun sociaal contact voor een belangrijk deel afhankelijk zijn van contact op het vrijwilligerswerk of tijdens het sporten. Door de opgelegde sociale isolatie en het gebrek aan positieve interacties met anderen kunnen bij hen gezondheidsklachten ontstaan, zoals een verhoogd stressniveau, slaapproblemen en neerslachtigheid.

Mensen met een kwetsbare psychische gezondheid Denk aan mensen met angstklachten en depressieve klachten. Ontmoetingsplekken hebben vaak hun deuren voor hen gesloten en afspraken met hulpverleners vinden veelal telefonisch of via internet plaats. Door de afname van sociaal contact, en de grotere fysieke afstand van het contact, kunnen zij minder steun en positieve interacties ervaren, waardoor hun klachten kunnen opspelen of verergeren. De coronacrisis legt allerlei maatschappelijke vraagstukken bloot in onze samenleving, zoals bijvoorbeeld de relatief lage maatschappelijke en financiële waardering voor mensen in wat nu ‘essentiële beroepen’ blijken. Maar wat de coronacrisis ons misschien nog wel het meest laat zien is wat uiteindelijk, buiten de waan van de drukke dagen, echt van belang is in ons leven: betekenisvol contact met anderen. Echt gezien, gehoord en gewaardeerd worden. Bij de uitwerking van het thema eenzaamheid zullen de effecten van de COVID-19 pandemie extra benadrukt worden.

5.2.2

Aanpalend beleid

Armoedebeleid Met het nieuwe armoede, minima en schuldhulpverleningsbeleid worden mensen financieel weerbaarder gemaakt. Getracht wordt om te voorkomen dat mensen keer op keer in de schulden komen met de bijbehorende stress. Door snelle schuldsanering wordt de ergste stress weggenomen en kunnen mensen weer bouwen aan een nieuwe toekomst. Door middel van het minimabeleid kunnen kinderen en jongeren deelnemen aan sportieve en culturele activiteiten. Door middel van de geldplannen van het Startpunt geldzaken krijgen inwoners van Bergeijk mogelijkheden aangereikt om hun geldzaken op orde te krijgen en te houden. Nieuwe wet inburgering De nieuwe Wet inburgering voorziet in maatwerkplannen voor inburgeraars waarbij alle leefgebieden aan bod komen. 31

Kempisch Sport- en beweegakkoord Het Kempisch sport- en beweegakkoord heeft inmiddels geleid tot een aantal uit te werken speerpunten. Dit betreft onder andere:  

In het kader van inclusief sporten wordt sport toegankelijker gemaakt voor specifieke doelgroepen; Er wordt aangestuurd op een dekkend netwerk en goede spreiding van sportvoorzieningen, waar mensen graag gaan sporten en waarmee ingespeeld wordt op de sportwensen van deze tijd. Ook wordt toegewerkt naar rookvrije sportaccommodaties.

Samen met sport- en beweegaanbieders, onderwijs, zorg- en maatschappelijke organisaties, gemeente en eventueel het bedrijfsleven worden deze uitdagingen nu en in de toekomst aangaan. Hiervoor wordt een platform ingericht; een netwerk van partijen die door samenwerking en de inzet van innovaties de gedeelde ambities met betrekking tot sport en bewegen in Kempen kunnen realiseren, bestendigen en succesvol kunnen implementeren. VN-motie inclusie De raad heeft het college gevraagd om te onderzoeken of de gemeente Bergeijk het VNG-Manifest iedereen doet mee wil en kan ondertekenen (zie ook hoofdstuk 2). In het najaar van 2020 zal blijken of dit mogelijk is. In ieder geval wordt ingezet op meer inclusief denken bij bouwaanvragen van derden. Wmo Het Beleidskader Maatschappelijke ondersteuning 2019-2024 heeft zeer grote raakvlakken met het Preventief lokaal gezondheidsbeleid. Denk daarbij aan gezond en vitaal thuis kunnen blijven wonen, ondersteuning voor mantelzorgers, aandacht voor mensen met dementie, aandacht voor een sociale leefomgeving et cetera.

Laaggeletterdheid

Laaggeletterdheid is één van de factoren die kan bijdragen aan een slechte gezondheid. Het DigiTaalhuis in Bergeijk en de nieuwe DigiTaalhuizen in Bladel en Reusel-de Mierden werken actief aan het verkleinen van de groep laaggeletterden in de Kempen. Door goede communicatie en werving wordt nu ook de groep bereikt die Nederlands als eerste taal spreekt, maar door omstandigheden slecht heeft leren lezen en schrijven.

5.3

Druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen

Bergeijkse ambities:

32

Door het project #Kempenbranie hebben we kennis verworven over de aard, omvang en determinanten van de mentale gezondheid van jongeren en sturen we op basis van de verkregen informatie.

De Kempische jeugd en jongvolwassenen ervaren minder prestatiedruk in hun leven, doordat mentale gezondheidsvaardigheden worden gestimuleerd en de fysieke en sociale leefomgeving mentale gezondheid bevorderen. Door Het project #Kempenbranie wordt meer nadruk op het welbevinden van jeugd gelegd, dan op prestaties. Drugs zijn niet nodig om de druk van deze tijd aan te kunnen (Denormalisering drugs).

5.3.1

Preventief gezondheidsbeleid

#Kempenbranie Na de eerste meting in november 2019 zijn diverse acties ingezet om ouders, scholen en andere betrokkenen te informeren over het Ijslandmodel “#Kempenbranie” in de Kempen (zie hoofdstuk 2). In de komende periode gaat de nadruk vooral liggen op de uitwerking van de resultaten van de tweede meting in november 2020 en op de inbedding van het Ijslandmodel in het reguliere beleid.

Denormalisering drugsgebruik In de politieregio Oost-Brabant wordt een project gestart om normalisering van drugsgebruik tegen te gaan. Het project gaat officieel op 1 september 2020 van start. Een belangrijk aspect in dit project is dat we een goed beeld krijgen van het druggebruik in deze regio. De GGD meet al jaren het gebruik onder jongeren. Ook Novadic-Kentron meet onder specifieke risicogroepen het gebruik op lokaal niveau. De huidige onderzoeken geven echter een versnipperd en epidemiologisch incompleet beeld van de gebruikers in Noord-Brabant. Bijvoorbeeld het feitelijk gebruik in de leeftijdsgroep 18-27 jaar is onderbelicht. Daarom wordt er naar gestreefd om een methode te ontwikkelen die aansluit bij de doelgroep (voornamelijk jongvolwassenen) en zo een compleet beeld geeft. Dat beeld vormt de basis voor het verder vormgeven van dit regionale project en lokaal beleid. Uitgebreide en een passende monitoring kan inzicht geven in dit beeld. Een doel van dit project is dan ook om een monitor te ontwikkelen die een compleet en betrouwbaar beeld geeft en vaker in te zetten is. Deze monitor is van groot belang voor een ander doel van dit plan; het ontwikkelen van succesvolle interventiemethoden. Rots en watertrainingen Kempische verenigingen Zolang er animo voor blijft bestaan facilitairen we Rots en watertrainingen aan de Kempische verenigingen. 5.3.2

Aanpalend beleid

Jeugd- en jongerencoaches In het kader van #Kempenbranie gaan de jeugdcoaches in het nieuwe schooljaar starten met een activiteit voor brugklassers op beide scholen op de woensdagmiddag. Volkshuisvesting Bergeijk tracht bij het (ver)bouwen van woningen rekening te houden met de huisvestingswensen van diverse doelgroepen.

5.4

Vitaal ouder worden

Bergeijkse ambitie: 

Relatief meer Bergeijkse ouderen voelen zich vitaal zodat zij (naar vermogen) kunnen blijven participeren in de samenleving.

Door Leefsamen en het onderhouden van 6-minuten-zones is het veiligheidsgevoel van Bergeijkse ouderen vergroot.

In 2025 heeft Bergeijk een leefomgeving gecreëerd die ouderen verleidt tot een gezonde leefstijl. Dit is met name het resultaat van het aanpalende beleid (dementievriendelijke gemeente, aangepast bouwen, BErgeijk Active, Volkshuisvesting).

5.4.1

Preventief gezondheidsbeleid

Leefsamen: e-health 33

De gemeente Eersel heeft het project Leefsamen uitgevoerd. Leefsamen is de basisvoorziening voor ouderen die middels slimme sensoren brand, paniek, vallen, dwaling en inbraak kunnen detecteren en dit, afhankelijk van de persoonlijke situatie van de oudere, via sociale alarmering- en monitoring doorzet. De pilot in Eersel heeft goede resultaten opgeleverd, mensen voelen zich veiliger en 70% wil graag doorgaan met het project. Zonder inbreuk op de privacy wordt op een slimme, persoonlijke manier het sociale netwerk ingezet om ouderen te ondersteunen. Onderzocht wordt of dit project uitgerold kan worden over de overige Kempengemeenten. Duurzame 6-minutenzone Voorgesteld wordt om de huidige, succesvolle, aanpak van de duurzame 6-minutenzones in Bergeijk te continueren. Dit betekent dat er voldoende AED’s en burgerhulpverleners zijn en dat deze aangemeld zijn bij Hartslag Nu. 5.4.2

Aanpalende beleid

Wmo Het Beleidskader Maatschappelijke ondersteuning 2019-2024 heeft zeer grote raakvlakken met het preventief lokaal gezondheidsbeleid. Denk daarbij aan gezond en vitaal thuis kunnen blijven wonen, ondersteuning voor mantelzorgers, aandacht voor mensen met dementie, aandacht voor een sociale leefomgeving et cetera. BErgeijk ACTIVE; ouderencoach In het kader van Be-Active heeft Bergeijk een ouderen-beweegcoach aangesteld. Dementie In 2016 is de gemeente Bergeijk ‘dementievriendelijk’ geworden door het ondertekenen van een intentieverklaring. Met een dementievriendelijke gemeente wordt een gemeenschap bedoeld waarin mensen met dementie kunnen blijven functioneren. Waarin ze iets mogen vergeten. Waarin ze thuis gebracht worden als ze verdwalen en waarin ze zo lang mogelijk aan het verenigingsleven kunnen deelnemen. Om dit te kunnen bereiken is vanuit de gemeente Bergeijk het initiatief genomen om partijen rondom dementie met elkaar te verbinden in het netwerk dementievriendelijke gemeente Bergeijk. Inwoners worden steeds ouder. Nederland telt ruim 270.000 mensen met dementie. Door de vergrijzing zal dit aantal verder stijgen. Gezien de toename van het aantal mensen met dementie en de veranderingen in het zorgstelsel zullen mensen met dementie langer thuis blijven wonen. Dit vraagt om actie, niet alleen voor Nederland maar ook voor de lokale overheid.

De gemeente Bergeijk werkt samen met diverse organisaties zoals Alzheimer NL, Wél!zijn de Kempen/Kordaat, Stichting ZET, dorpsondersteuners en vrijwilligers. Samen vormen deze organisaties het netwerk dementievriendelijke gemeente Bergeijk. De activiteiten van het netwerk richten zich vooral op taboedoorbreking en kennisdeling rondom het thema dementie. Doel is enerzijds om het taboe en negatieve beeldvorming rondom dementie te doorbreken zodat mensen met dementie worden geaccepteerd en ondersteund, en mede hierdoor langer deel kunnen nemen aan de gemeenschap. Doel is anderzijds bij burgers, informele zorg, verenigingen, professionals en publieke en private dienstverleners kennis in het signaleren van dementie en het omgaan met dementie te delen en verspreiden. Volkshuisvesting Bergeijk tracht bij het (ver)bouwen van woningen rekening te houden met de huisvestingswensen van diverse doelgroepen.

34

HOOFDSTUK 6. Evaluatie: output en outcomeresultaten De gemeente Bergeijk is verantwoordelijk voor het lokale preventieve gezondheidsbeleid en de uitvoering ervan. Zoals in hoofdstuk 1 al gemeld is staat Bergeijk daar niet alleen voor. We werken samen met een grote hoeveelheid (in)formele partners. Met de voorliggende nota schept Bergeijk de kaders voor het lokale preventieve gezondheidsbeleid op basis waarvan de gemeente haar regierol in deze in kan vullen. De scores op de zes dimensies van positieve gezondheid (zie paragaaf 4.2.1 en bijlage 3) vormen de belangrijkste indicatoren in het proces van meten- uitvoeren-meten en bijstellen. Met het opnemen van de outcome resultaten in de monitors wordt geprobeerd om de output resultaten om te zetten naar inzicht in daadwerkelijke effecten van maatschappelijke participatie (outcome is het effect van de output). Bij een aantal projecten is in eigen meetcycli voorzien: 

#Kempenbranie(in 2018 en 2020 in de pilotfase), jaarlijks of tweejaarlijks in het vervolg.

Kansrijke start

E-health project

Gezond bewegen voor ouderen met een lage economische status

Denormalisering drugsgebruik

Leefsamen

Voor de overige projecten zullen nieuwe output en outcome resultaten worden bepaald. De GGD-monitors en toekomstverkenningen vormen naast de projectresultaten de belangrijkste bronnen voor outcome resultaten. Ook de verwerking van deze resultaten in een positieve gezondheidsschets (zie bijlage 3) zal als richtinggevend voor het uit te werken beleid worden genomen. Het is hierbij lastig om een direct, causaal verband aan te tonen tussen de gemeentelijke inzet op het gebied van maatschappelijke ondersteuning en het outcome resultaat. Het realiseren van de outcome ambitie is immers maar beperkt aantoonbaar direct te koppelen aan gemeentelijke inspanningen. Er zijn veel meer partijen en factoren welke invloed hebben in en op het sociale domein. Dat mag echter geen reden zijn om geen outcome ambitie per project vast te leggen.

35

BIJLAGEN 1. Wet publieke gezondheid Wet publieke gezondheid De Wet publieke gezondheid (Wpg) is in 2008 vastgesteld en regelt de organisatie van de publieke gezondheid, de bestrijding van infectieziekten, crisis en de isolatie van personen/vervoermiddelen die internationaal gevaren kunnen opleveren. Op basis van de Wpg stelt de gemeenteraad iedere vier jaar een nota gemeentelijk gezondheidsbeleid vast waarin het college van burgemeester en wethouders uitvoering geeft aan de in de artikelen 2, 5 en 6 van de Wpg genoemde taken en uitvoering geeft aan de in artikel 16 genoemde verplichting. Wpg Artikel 2 In artikel 2, lid 1 van de Wpg is geregeld dat het college van burgemeester en wethouders de totstandkoming en de continuïteit van en de samenhang binnen de publieke gezondheidszorg bevordert en alsmede verantwoordelijk is voor afstemming ervan met de curatieve gezondheidszorg en de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen.

Lid 2 van het artikel bevat een uitwerking van deze wettelijke verplichting, namelijk dat het college verantwoordelijk is voor het: - inzicht verwerven in en analyseren van de gezondheidstoestand van de bevolking; - het elke vier jaar, voorafgaand aan de opstelling van de nota gemeentelijk gezondheidsbeleid op landelijke gelijkvormige wijze verzamelen en analyseren van gegevens over deze gezondheidssituatie; - het bijdragen aan opzet, uitvoering en afstemming van preventieprogramma’s, met inbegrip van programma’s voor de gezondheidsbevordering; - bewaken van gezondheidsaspecten in bestuurlijke beslissingen; - bevorderen van medisch milieukundige zorg; - bevorderen van technische hygiënezorg; - verzorgen van psychosociale hulp bij rampen. Wpg Artikel 5 In artikel 5 van de Wpg is geregeld dat het college van burgemeester en wethouders verantwoordelijk is voor de uitvoering van: - jeugdgezondheidszorg, inclusief prenatale voorlichting aan alleenstaande ouders; - preventieve ouderengezondheidszorg.

Wpg Artikel 6 In artikel 6, lid 1 van de Wpg is geregeld dat het college van burgemeester en wethouders zorgdraagt voor de uitvoering van de algemene infectieziektebestrijding, waaronder in ieder geval behoort: - het nemen van algemene preventieve maatregelen op dit gebied; - het bestrijden van tuberculose en seksueel overdraagbare aandoeningen, inclusief bron- en contactopsporing; - bron- en contactopsporing bij meldingen waarbij een gegrond vermoeden bestaat van besmettelijkheid en ernstig gevaar voor de volksgezondheid. Wpg Artikel 16 In artikel 16 van de Wpg is opgenomen dat het college de gezondheidsaspecten in bestuurlijke beslissingen moet bewaken. Artikel 16 Voordat besluiten worden genomen die belangrijke gevolgen kunnen hebben voor de publieke gezondheidszorg vraagt het college van burgemeester en wethouders advies aan de gemeentelijke gezondheidsdienst.

36

2. Wettelijke taken, uitgevoerd door de GGD De GGD heeft tot doel een bijdrage te leveren aan de publieke gezondheidszorg en de ambulancezorg (artikel 3 van de gemeenschappelijke regeling). De GGD is belast met (artikel 4 gemeenschappelijke regeling): a. Het ontwikkelen en in stand houden van een dienst voor de uitvoering van de publieke gezondheidszorg en de ambulancezorg. b. Uitvoering van taken welke bij of krachtens de Wet publieke gezondheid zijn opgedragen aan de colleges en op grond van die wet bij de GGD dienen te worden belegd. In het bijzonder is de GGD belast met:  Het adviseren van gemeenten over hun beleid op het gebied van gezondheidspreventie, gezondheidsbevordering en –bescherming, waaronder het signaleren en monitoren van gezondheidsrisico’s in de fysieke en sociale omgeving en advisering over bestuurlijke beslissingen op andere beleidsterreinen;  Gezondheidsbescherming door middel van Algemene infectieziekten bestrijding, TBC-bestrijding, SOA- preventie, SOA-curatie en Seksualiteitshulpverlening, Medisch milieukundige zorg en Technische Hygiënezorg;  Het bewaken van de publieke gezondheid bij rampen en crisis (crisisteam en crisisplan, psychosociale hulpverlening bij ingrijpende gebeurtenissen);  Het bieden van gezondheidszorg aan personen boven de 65 jaar. c.

Uitvoering van taken welke bij of krachtens enig ander wettelijk voorschrift zijn opgedragen aan de GGD. In het bijzonder betreft dit het houden van toezicht op kinderopvang & peuterspeelzalen; d. Uitvoering van wettelijk voorgeschreven taken die de colleges opdragen aan de GGD. Dit betreffen:  Het bieden van gezondheidszorg aan jongeren van 4-18 jaar;  Het uitvoeren van een rijksvaccinatieprogramma;  Het uitvoeren van de ambulancezorg;  Het leveren van sleutelfunctionarissen voor GHOR-functies bij rampen en crisis;  Het verrichten van lijkschouwingen;  Het afgeven van euthanasieverklaringen;  Het toezicht houden op tattoo- & piercingshops.  Het geven van prenatale voorlichting aan aanstaande ouders (vanaf 1 januari 2021)  De uitvoering van jeugdgezondheidszorg voor 0-4 jarigen (vanaf 1 januari 2021).

Kerntaken GGD (Kadernota 2021)

37

3 . Positieve gezondheidsschets Bergeijk

38

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GemeenteBergeijk&id=c4a5679c-bf7c-41ce-8d66-02a75fc213c1