Bijlage 1: Jaarstukken 2021
Tekst van het document
2020 170,04 255,00 255,00
2021 170,04 255,00 255,00
91
De opbrengst rioolheffing bedraagt in 2021 € 1.843.000 (2020: € 1.847.000) De berekening van de kostendekkendheid van de rioolheffing is als volgt tot stand gekomen: Realisatie Begroot Begroot 2021 Realisatie Bedragen x € 1.000 2020 2021 na wijziging 2021 a. Lasten -1.374 -1.461 -1.461 -1.417 b. Baten (excl. Rioolheffing) 19 22 22 53 c. Btw -205 -238 -238 -228 d. Overhead -193 -191 -191 -191 e. Mutatie egalisatievoorziening -93 0 0 -60 f. Totaal lasten (a+b+c+d+e) -1.846 -1.868 -1.868 -1.843 g. Baten rioolheffing 1.847 1.868 1.868 1.843 Dekkingspercentage (g/f) 100% 100% 100% 100%
Verschil 44 31 10 0 -60 25 -25
f. Rioolaansluitrechten De rioolaansluitrechten hebben betrekking op het aansluiten van woningen en andere gebouwen op het gemeentelijk rioolstelsel en het toerekenen van de kosten van een dergelijke aansluiting. De heffingsgrondslag is opgenomen in de gemeentelijke aansluitverordening waarin de verhouding wordt geregeld tussen de gemeente en de burgers betreffende het aansluiten op het rioolstelsel. Voor het jaar 2021 is het tarief voor de rioolaansluitrechten geïndexeerd met 2,6 %. Voor een aansluiting op een vrij-vervalleiding diende € 1.935 betaald te worden, voor een aansluiting op de drukriolering was dit € 2.644. De opbrengst rioolaansluitrechten 2021 is € 26.276 (2020: € 18.860). g. Leges Onder de naam ‘leges’ worden verschillende rechten geheven van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten. Leges vallen onder de bestemmingsheffing (meerdere programma’s). We streven naar 100% kostendekkende tarieven. De tarieven zijn opgenomen in de legesverordening 2021. Bij de bepaling van de kostendekkendheid van de leges maken we een onderscheid in de 3 titels uit de legesverordening: - Algemene dienstverlening - Fysieke leefomgeving / omgevingsvergunningen - Europese dienstenrichtlijn De berekening van de kostendekkendheid van de leges is als volgt tot stand gekomen: Realisatie Begroot Begroot 2021 Realisatie Bedragen x € 1.000 2020 2021 na wijziging 2021 a.
Lasten 739 668 949 720 b. Baten (excl leges) 0 0 0 0 c. Btw 0 0 0 0 d. Overhead 890 727 727 1.036 e. Totaal lasten (a+b+c+d) 1.629 1.395 1.676 1.756 f. Baten leges 1.124 1.080 1.353 1.371 Dekkingspercentage (f/e) 69% 77% 81% 78% Realisatie 2021 Bedragen x € 1.000 Titel 1, Algemene dienstverlening Titel 2, Fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning Titel 3, Europese dienstenrichtlijn Totaal leges
Baten Lasten (excl leges) 231 0 485 5 720
0 0 0
Btw 0
Overhead 332
0 0 0
697 7 1.036
Verschil -228 0 0 309 80 18
Baten Dekkingsleges percentage 481 86% 883 7 1.371
75% 58% 78%
92
Algemene dienstverlening Dit betreft vooral het verstrekken van rij- en reisdocumenten maar ook tal van in omvang kleinere producten die de gemeente verstrekt. Het verstrekken van reisdocumenten aan niet-ingezetenen vormt hierin een bijzondere plek. Vanaf 2014 hebben nieuwe paspoorten en rijbewijzen een geldigheid van 10 jaar. Fysieke leefomgeving / omgevingsvergunningen De opbrengsten van de legesvergunningen schommelen per jaar. Op de omvang van de opbrengsten hebben we maar beperkt invloed. Dit is namelijk afhankelijk van de aanvragen die ingediend worden. In de 2e burap 2021 zijn de omgevingsvergunning nog naar boven bijgesteld. Uiteindelijk zijn de ontvangen omgevingsvergunning circa € 85.000 hoger uitgevallen dan begroot. Dit komt door een sterkere toename in 2021 in de aantal aanvragen waaronder ook een aantal grote aanvragen. Europese dienstenrichtlijn Hieronder vallen met name leges in verband met horeca activiteiten en evenementen. De opbrengst uit de legesverordeningen bedraagt in 2021 € 1.370.000 (2020 € 1.124.000). h. Lijkbezorgingsrechten De gemeente Bergeijk beheert de algemene begraafplaats Kapelakker in Luyksgestel. Rechten worden geheven voor het gebruik van deze begraafplaats. De begraafplaats is ook ingericht voor het bewaren van crematie- as (urnenmuur) en uitstrooien van crematie-as.
De tarieven zijn opgenomen in de tarieventabel behorende bij de Verordening Lijkbezorgingsrechten 2021. De opbrengst in 2021 circa € 17.000 De berekening van de Kostendekkendheid van lijkbezorgingsrechten is als volgt: Realisatie Begroot Begroot 2021 Bedragen x € 1.000 2020 2021 na wijziging a. Lasten 52 38 38 b. Baten (excl leges) 0 0 0 c. Btw 11 8 8 d. Overhead 9 9 9 e. Totaal lasten (a+b+c+d) 72 55 55 f. Baten leges 17 14 14 Dekkingspercentage (f/e) 24% 24% 24%
Realisatie 2021 39 0 8 9 57 17 29%
Verschil 1 0 0 0 1 3
i. Reclamebelasting Op verzoek van de initiatiefgroep Centrummanagement is met ingang van 2014 reclamebelasting ingevoerd. Deze belasting wordt geheven bij ondernemers in een vastgesteld gebied. De hoogte van de belasting is afhankelijk van de WOZ-waarde van het pand. De inkomsten worden volledig doorbetaald aan de stichting Centrummanagement. De opbrengsten in 2021 is € 27.000 (€ 2020 € 28.000). j. Overige bestemmingsheffingen De overige bestemmingsheffingen bestaan uit de vergoedingen voor staangelden op de woonwagen-locaties en de opbrengsten uit de overeenkomst voor de organisatie van de kermissen. Kwijtscheldingsbeleid De gemeente kan kwijtschelding verlenen voor de ozb, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Dit op basis van het door de raad vastgestelde kwijtscheldingsbeleid gemeentelijke belastingen 2019-2022. Dit geldt ook voor privébelastingen van ondernemers indien er sprake is van recht op een Bbz-uitkering. In 2021 werd € 42.324 geraamd voor te verlenen kwijtschelding. Het aantal gehonoreerde verzoeken was met 110 lager dan de 115 in 2020. Er is voor € 40.144 kwijtgescholden. 53 aanvragen werden afgewezen. Er zijn Alleen kwijtscheldingsverzoeken ingediend voor de afvalstoffen en rioolheffing.
93
Belastingdruk Voor de berekening van de belastingdruk gaan we uit van een gemiddelde WOZ-waarde in Bergeijk, zijnde € 339.000 (bron COELO, waarde 1 januari 2020). Voor de rioolheffing gaan we uit van een gemiddeld waterverbruik tussen de 100 en 350 m³. Bij de afvalstoffenheffing hanteren we een gemiddeld aanbod van ca 5 grijze en 5 groene containers.
Onroerende zaak belasting Rioolheffing Afvalstoffenheffing Totale woonlasten Woonlasten landelijk gemiddelde Woonlasten tov landelijk gemiddelde
Begroot na Realisatie Begroot wijziging 2020 2021 2021 (Gemeente) (Gemeente) (Gemeente) 301 310 310 255 255 255 161 179 177 717 744 742 776 776 776 92% 96% 96%
Begroot 2021 (COELO) 311 255 187 753 777 97%
Realisatie 2021 324 255 177 756 777 97%
Voor de afvalstoffenheffing wordt door het COELO een gemiddeld bedrag berekend. Op aandringen van de gemeente hanteert het COELO als uitgangspunt voor de gemeente Bergeijk 8 ledigingen van een 140 liter container restafval voor een huishouden met 3 personen. Voor gft rekent ze met 5 ledigingen van een 140 liter container. De aantallen ledigingen zijn echter niet representatief voor de gemeente Bergeijk. In Bergeijk worden gemiddeld ca 5 groene (gft) en 5 grijze (restafval) containers van 140 liter aan de straat gezet.
94
4.2 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing Portefeuillehouder
Wethouder S. Luijten
Inleiding Het gemeentelijk weerstandsvermogen geeft de mate aan waarin we in staat zijn financiële tegenvallers op te vangen. Om dit te kunnen moet er een zekere mate van vrije ruimte zijn binnen de begroting en/of de vermogenspositie. Deze vrije ruimte heet ook wel de weerstandscapaciteit. De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt om niet geraamde kosten (onverwachte, onvoorziene omstandigheden) te dekken. Dit met inachtneming dat het niet ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. Risico’s worden in dit verband gedefinieerd als gebeurtenissen die de doelrealisatie van de gemeente Bergeijk negatief kunnen beïnvloeden, waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële omvang zijn in relatie tot de financiële positie van de gemeente. Wettelijk kader Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten moet in de paragraaf financiering in ieder geval het volgende onderdeel worden vermeld: Onderdeel Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit; Een inventarisatie van de risico’s; Het beleid over de weerstandscapaciteit en de risico’s Verplicht opnemen van een aantal kengetallen Beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie
Op grond van art. 11 BBV
Beleid • Nota reserves en voorzieningen gemeente Bergeijk (2019) Wat wilden we bereiken? • De financiële positie is (ook op lange termijn) zodanig solide dat de gemeente zonder financiële problemen en zonder aanpassingen in het huidige beleid kan inspelen op externe ontwikkelingen. • De omvang van de weerstandscapaciteit is toereikend voor het opvangen van financiële tegenvallers met structurele en incidentele gevolgen. • De ratio weerstandscapaciteit (verhouding tussen beschikbare en benodigde weerstandscapaciteit) bedraagt minimaal 1. In de nota reserves en voorzieningen 2019 is dit verhoogd naar 1,4. Risico inventarisatie Van de risico’s maken we een inschatting van de waarschijnlijkheid dat een risico zich voordoet en wat de mogelijke schadeomvang kan zijn. Daarvoor stellen we de volgende 2 vragen: 1. Wat is de financiële impact? Dat wil zeggen de beste inschatting van het bedrag indien het risico zich voordoet. 2. Bepaal de kans dat de gebeurtenis zich voordoet aan de hand van de volgende score: Kans score • Zeer gering • Gering • Waarschijnlijk • Hoog
• • • •
5% 25% 50% 75%
De risicoscore is de vermenigvuldiging van het ingeschatte financiële effect van het risico vermenigvuldigd met het percentage wat aansluit op de kans dat het risico zich voordoet. Indien een risico zich zeker voor zou doen dan wordt dit in de begroting opgenomen vanwege de stelregel dat de begroting realistisch 95
opgesteld moet worden. Alleen risico’s met een gekwantificeerd bedrag van > € 25.000 (ongeveer 0,05% van de totale begroting) nemen we op in de risicomatrix. Nadat de risico’s zijn gekwantificeerd wordt de benodigde weerstandscapaciteit berekend. Vervolgens zetten we de benodigde weerstandscapaciteit af tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. Aan de hand van deze gegevens wordt de ratio weerstandscapaciteit berekend. Risicoanalyse Bedragen x € 1.000 Omschrijving risico 0. Taakveld Bestuur en ondersteuning a Verkoop pachtgronden b Algemene uitkering: effect wijzigingen c Coronavirus 6. Taakveld Sociaal domein d Programmakosten jeugdhulp 7. Taakveld Volksgezondheid en milieu e Sanering bodemverontreiniging f Afvalinzameling 8. Taakveld VHROSV g Planschadeclaims actualisering bestemmingsplannen h Risico's grondexploitatie i Programma Aanpak Stikstof Organisatie/bedrijfsrisico j Financieringsfunctie reserve Verbonden partijen k GRSK / GGD / ODZOB / VRBZO / MRE Totaal
Af te dekken met:
Jaarrekening 2021
begroting 2021
Zeer gering Hoog Waarschijnlijk
AR AR AR
31 75 500
31 600 500
Waarschijnlijk
AR
150
150
Waarschijnlijk Hoog
AR AR
50 225
50 225
Waarschijnlijk Hoog Zeer gering
AR AR grex AR
50 505 125
50 1.531 625
Waarschijnlijk
AR
36
79
Waarschijnlijk
AR
85 1.832
67 3.908
Kans
Tabel risico-inventarisatie (AR=algemene reserve, AR Grex = algemene reserve risico’s grondexploitatie)
De kwantificeerbare risico’s zijn als input voor het risicosimulatiemodel gebruikt, met uitzondering van het risico op de grondexploitaties. Het risico op de grondexploitatie komt tot stand op basis van scenarioberekeningen van de exploitaties. Ten opzichte van de begroting 2021 neemt het risico af met € 2,1 miljoen. Dit wordt veroorzaakt door een verlaagd risico op de risicogrondexploitatie. Daarbij zijn de vooruitzichten inzake de herijking van het gemeentefonds voor onze gemeente beperkt, maar wel negatief, waardoor het risico als minimum bestempeld kan doen worden. Tevens is het risico inzake de vennootschapsbelasting opgenomen in de voorziening Vennootschapsbelasting. a. Verkoop pachtgronden (€ 31.000) In de begroting 2022 is € 625.000 aan opbrengst uit grondtransacties van pachtvrije landbouwgrond opgenomen als structureel dekkingsmiddel. De opbrengst van gronden is afhankelijk van marktontwikkelingen en kopers. Om schommelingen op te vangen is daarom ook de afgeschermde algemene reserve behoedzaamheid grondtransacties ingesteld. Het risico dat de opbrengst over een langere periode niet gehaald wordt is als zeer gering (5%) beoordeeld. b.
Algemene uitkering (€ 75.000) Komende jaren vindt naast de overheveling van de resterende integratie-uitkering sociaal domein naar de algemene uitkering een herijking plaats van de verdeling van de andere middelen van de algemene uitkering. Beide trajecten lopen gelijk op. De nieuwe verdeling is uitgesteld naar 2022. Bij herverdeeloperaties zijn er winnaars en verliezers. Dat wil zeggen voor- en nadeelgemeenten. De omvang van het gemeentefonds verandert immers niet bij deze herverdeeloperaties. Een veelgebruikte regeling bij dit soort operaties is dat gemeenten niet meer dan € 15 per inwoner per jaar mogen verliezen. Dit cumulatief voor 4 jaren. De beperking van dit verlies wordt betaald door de gemeenten die voordeel hebben. Deze 96
afspraken betekenen dat de nieuwe verdeling vaak pas na een aantal jaren volledig wordt bereikt. Hierdoor krijgen de nadeelgemeenten meer tijd om hun begrotingen aan te passen aan de lagere inkomsten. Op basis van de huidige signalen lijkt het erop dat een nadelige bijstelling reeel is. Derhalve hanteren wij hier een hoog risico inschatting van 75%. c. Coronavirus (€ 500.000) Nederland was ook in 2021 in de greep van het Coronavirus. Door het rijk zijn forse maatregelen doorgevoerd met als doel de volksgezondheid zo goed mogelijk te beschermen en de werkgelegenheid op peil te houden. Ook als gemeente hebben we de gevolgen van het Coronavirus gemerkt. Meerdere compensatiepakket zijn door het Rijk beschikbaar gesteld. Hierover vindt u de meest actuele toelichting in de 1e Burap 2022. Wat de structurele effecten zijn is nog onbekend. De verwachting is dat de werkloosheid op loopt. Hoe hard dit deze regio gaat raken is nog onduidelijk. Maar er is een reële kans dat er op diverse terreinen, bijvoorbeeld door het meer verstrekken van uitkeringen of door lagere opbrengst toeristenbelasting, de gemeente ook structureel financieel geraakt wordt. Vooralsnog gaan we uit van een waarschijnlijk risico van 2% van onze begrotingsomvang. d. Programmakosten jeugdhulp (€ 150.000) Medio 2018 zijn in de Kempen kostenbeheersingsmaatregelen opgesteld. Deze hebben een positief effect op het risico.
Het risico schatten we hierdoor in op € 150.000. Het CJG+ De Kempen onderkend de volgende risico’s: - Achterblijvend rijksbudget - Wijzigingen in inkoop - Kwetsbaarheid kleine gemeenten - Wijzing woonplaatsbeginsel, compensatie voogdij en 18+ - Ouderproblematiek - Geen / beperkte invloed gemeente/CJG+ - Uitvoering Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg e. Sanering bodemverontreiniging (€ 50.000) Een substantieel gedeelte van de Openbare Ruimte is verontreinigd. Dit is vooral gerelateerd aan het gebruik in het verleden van zinkassen op wegen (en bermen). Een gedeelte van met name onze wegen en bermen buiten de kom zijn zinkassenverdacht. Op zinkassenverdachte wegen moet per definitie vooraf onderzoek plaatsvinden en op veel van die wegen en bermen is een zinkassen gerelateerde verontreiniging homogeen of heterogeen aanwezig. Vanaf 2019 is verontreiniging met PFAS ook actueel geworden. Ook bij de uitvoering van reguliere onderhoudswerkzaamheden is dit een reëel risico geworden, waarvan de extra kosten niet vooraf zijn in te schatten. • Afvalinzameling (€ 225.000) Voor de periode 1-2-1997 t/m 1-2-2017 hebben de 6 Brabantse gewesten (vertegenwoordigd door de Vereniging van Contractanten (VvC)), namens de Brabantse gemeenten, een overeenkomst gesloten met Afvalsturing Brabant (nu: Attero) voor de verwerking van huishoudelijk restafval.
Hierbij is ook een garantieplicht (hoeveelheid aan te leveren afval) afgesproken. Door betere scheiding werd in 2011 voor het eerst niet meer voldaan aan de garantieplicht. Attero en de Brabantse gewesten hebben een juridisch geschil over de garantieplicht van aanlevering van brandbaar restafval. De zaak tussen Attero en de Brabantse gewesten over de garantieplicht van aanlevering van brandbaar restafval over de jaren tot en met 2014 is afgesloten en heeft niet geleid tot naheffing voor de MRE gemeenten. Tegenstrijdig aan het vonnis over de jaren tot en met 2014 heeft de rechter in een vonnis bepaald dat de Brabantse gewesten over de periode 2015 tot en met 2017 wel verplicht zijn de minderlevering te compenseren aan Attero. Als gevolg van deze uitspraak heeft de MRE (contractpartner namens de deelnemende gemeenten van de MRE) een naheffing ontvangen en is voorlopig een bedrag van € 6,1 mln betaald. Dit bedrag is gebaseerd op de totale minderlevering van de MRE gemeenten samen. Het geld staat op een geblokkeerde rekening en is betaald om verdere naheffingsrente te voorkomen.
97
De VvC en de MRE zijn het niet eens met het vonnis. Op aanvraag van het DB van MRE heeft de VVC op 12 november 2019 een vernietigingsprocedure opgestart. Het Hof Den Haag heeft in deze vernietigingsprocedure op 29 juni 2021 het vonnis over de jaren 2015 t/m 2017 vernietigd. Dit houdt in dat er ook geen compensatie aan Attero niet verplicht is over deze jaren en er zal dus geen afrekening plaatsvinden. De reeds betaalde € 6,1 miljoen zal dan door de MRE terug ontvangen worden. Echter na deze beslissing van Het Hof heeft Attero de mogelijkheid om nog eenmaal in cassatie te gaan. En van die mogelijkheid hebben zij gebruik gemaakt. De gewesten en gemeenten zullen daartegen verweer moeten gaan voeren. De looptijd van een eventuele cassatieprocedure zal ongeveer 1,5 jaar zijn. Mocht uit deze cassatie komen dat de gewesten en gemeenten wel compensatie moeten betalen aan Attero dan wordt het voorlopig betaalde bedrag ad € 6,1 mln door MRE definitief. Dit zal dan doorgelegd worden naar de deelnemende gemeenten. f. Planschadeclaims actualisering bestemmingsplannen (€ 50.000) Inwoners hebben bij de actualisatie van bestemmingsplannen de mogelijkheid om een beroep te doen op planschade. Bij particulieren initiatieven is het uitgangspunt dat het risico op planschade middels een overeenkomst bij de betreffende ontwikkelaar wordt gelegd.
Voor de gemeentelijke grondexploitaties wordt hiervoor verwezen naar de paragraaf grondbeleid. Door het verminderen van het aantal plannen is het risico beperkt. De omvang handhaven we op € 100.000 met een waarschijnlijk risico dat zich dit voordoet van 50%. g. Risico´s grondexploitatie (€ 505.000) Bij het opstellen van de jaarrekening 2021 is een actuele doorrekening van de grondexploitatie gemaakt. Daarnaast worden scenario’s beschreven waarin rekening is gehouden met tegenvallers als langere looptijden en geen indexering van de opbrengsten. Daar de huidige grondexploitaties in een afrondende fase zijn verlaagd het risico. Daartegenover staat de onzekerheid inzake de omvang van de te betalen vennootschapsbelasting over 2016 t/m 2021. Voor de te betalen vennootschapsbelasting 2016 t/m 2021 hebben we een voorziening opgenomen. De verwachting is dat toekomstige winsten voor de huidige grondexploitaties afdoende zijn om toekomstige vennootschapsbelasting te dekken. h. Programma Aanpak Stikstof (€ 125.000) De PAS was tussen 15 juli 2015 en 29 mei 2019 de basis voor vergunningverlening in het kader van de Wet natuurbescherming. Op 29 mei 2019 is door de Raad van State bepaald dat de Programma Aanpak Stikstof (PAS) in strijd is met het Europees recht. Toepassing van het PAS in het kader van de Natuurbeschermingswet is niet meer toegestaan.
Inmiddels zijn landelijk de normen aangepast. In de gevoeligheidsanalyse van de grondexploitaties was grotendeels rekening gehouden met dekking in de Algemene reserve risico grondexploitaties voor het deels afdekken van een mogelijke afwaardering van de grond van Waterlaat 7. Dit risico is kleiner geworden omdat het bestemmingsplan is vastgesteld. In het meest negatieve geval is het risico ca € 2,5 miljoen. We schatten dit risico op het moment van schrijven van de jaarrekening als “zeer gering” in. i. Financieringsfunctie reserve (€ 36.000) Conform het beleid in de gemeente Bergeijk wordt de bespaarde rente toegevoegd als baat aan de exploitatie. Dit betekent dat niet vrij beschikt kan worden over de reserves. Het gaat daarbij om het deel van de reserves dat als weerstandsvermogen wordt gezien ter dekking van de risico’s. Dit deel zal immers ingezet moeten worden indien risico’s zich daadwerkelijk voordoen. Bij een inschatting dat maximaal 50% van de risico’s zich gelijktijdig werkelijk voordoen en een rekenrente van 4% betekent dit een risico van € 36.000 in de exploitatie. j. Verbonden partijen (GRSK, GGD, ODZOB, VRBZO, MRE en Kempenplus (€ 85.000) De GRSK houdt geen eigen vermogen aan als weerstandscapaciteit. Dit op basis van vastgesteld beleid. Als calamiteiten zich voordoen worden de deelnemende gemeenten aangesproken, volgens de vastgestelde systematiek.
Wij handhaven het eerder gehanteerde uitgangspunt van een risico van € 0,5 miljoen voor de 5 Kempengemeenten (ca € 100.000 per gemeente). Het is aan de deelnemende gemeenten om weerstandscapaciteit aan te houden. 98
De vier grote verbonden partijen (GGD, VRBZO, ODZOB en MRE) hebben in hun begroting 2022/ jaarrekening 2021 een risicoanalyse gemaakt. Deze risicoanalyse is afgezet tegen hun reservepositie. Daaruit resteert een deel niet afgedekte risico's, aandeel gemeente Bergeijk ca € 85.000). Indien zich dit voordoet kan dat betekenen dat de gemeente moet bijdragen. Uit de jaarstukken 2021 van KempenPlus blijkt dat de verhouding tussen het weerstandsvermogen en de risico’s is gestegen ten opzichte van de jaarstukken 2019 en 2020 naar 1,22.. Conform het financieel kader is de norm voor het weerstandsvermogen minimaal 100% en maximaal 140% van de risico’s. Hierdoor ontstaat er formeel geen bijstortingsplicht meer. Overige risico’s • Risico’s met betrekking tot informatiebeveiliging en privacy Gemeenten gebruiken voor de uitvoering van hun taken over het brede spectrum van beleidsterreinen diverse mogelijkheden van informatie-uitwisseling, zowel onderling als met diverse keten-partners. Het is daarbij van belang dat gegevens beschikbaar en betrouwbaar zijn. Daarnaast mag informatie alleen voor bevoegden inzichtelijk zijn. De beveiliging van informatie moet daarom professioneel georganiseerd worden.
Door het beveiligen van de informatievoorziening verlagen we het risico op beveiligingsincidenten en beperken we de mogelijk negatieve impact van dergelijke incidenten op privacy en de gemeentelijke informatie. Om de risico’s te beperken zijn beheermaatregelen genomen zoals: • Een jaarlijkse audit op de ICT omgeving van de Kempengemeenten. Met een Third Part Mededeling (TPM) wordt een onafhankelijk oordeel afgegeven over de betrouwbaarheid van de geïmplementeerde beheersmaatregelen rondom de ICT-diensten die SSC de Kempen aan de Kempengemeenten levert. • Het uitvoeren van een PEN-test, om de robuustheid van de systemen op dat moment te beoordelen Daarnaast is de gemeente Bergeijk en onze gemeentelijke netwerkbeheerder, SSC de Kempen, aangesloten bij de InformatieBeveiligingsDienst (IBD, onderdeel van de VNG). Vanuit de IBD worden wij geadviseerd over te nemen maatregelen naar aanleiding van bekende beveiligingslekken zoals het Log4j incident eind 2021. Ondanks de aandacht voor informatiebeveiliging en het inzetten van beheersmaatregelen blijven er altijd risico’s bestaan. Het is onmogelijk om alle beveiligingsincidenten te voorkomen. Mogelijke beveiligingsincidenten en daarmee verbonden risico’s zijn te verdelen in: - Het niet beschikbaar hebben van de benodigde informatie(systemen) (aspect beschikbaarheid).
Het uitvallen van een kernapplicatie voor bijvoorbeeld het verstrekken van paspoorten of het uitbetalen van uitkeringen of subsidies, verstoort direct de bedrijfsprocessen, maar kan ook veel inwoners of organisaties direct in de problemen brengen. - Ongeautoriseerde toegang tot vertrouwelijke of geheime informatie (aspect vertrouwelijkheid). Wanneer onbevoegden toegang hebben tot gevoelige informatie kan dat verstrekkende gevolgen hebben. Zo kan de privacy van personen worden aangetast, maar er zou ook gevoelige informatie rondom grondposities kunnen uitlekken. Het kan in bepaalde gevallen zelfs leiden tot fysieke risico’s wanneer bijvoorbeeld via internet pompen, sluizen of gemalen gehackt worden. - Onjuiste of onvolledige informatie (aspect integriteit). Wanneer in administraties of basisregistraties onjuiste gegevens staan, kan dat leiden tot diverse problemen en fouten, bijvoorbeeld foutieve uitbetalingen. De komst van de AVG heeft geleid tot een versterking en uitbreiding van de privacy-rechten van inwoners. De gemeente heeft de verantwoordelijkheid de privacy van haar inwoners te borgen. Beveiligings- en privacy-incidenten brengen voor gemeenten het risico op imagoschade en financiële schade met zich mee. De hoogte van de eventuele financiële consequenties voor de gemeente is moeilijk in te schatten.
99
Weerstandscapaciteit Het weerstandsvermogen wordt gevormd door: • Algemene reserve • Algemene reserve resultaat • Algemene reserve risico grondexploitaties • Post onvoorzien. De algemene reserves betreft incidentele capaciteit en de post onvoorzien structurele capaciteit. Dit is vastgelegd in de nota reserves en voorzieningen 2019. In de nota is eveneens bepaald dat de algemene reserve behoedzaamheid grondtransacties, de bestemmingsreserves, stille reserves en de beschikbare ruimte in de belastingcapaciteit niet meegenomen worden in de bepaling van de weerstandscapaciteit. Bestemmingsreserves kunnen eventueel tot de beschikbare weerstandscapaciteit worden gerekend indien de Raad de bestemming kan veranderen zonder financieel nadelige gevolgen. De dekkingsreserves maken geen deel uit van de weerstandscapaciteit, omdat de bestemming van dekkingsreserves niet kan wijzigen zonder nadelige gevolgen voor de exploitatie. De gemeente heeft een aantal stille reserves (verschil tussen marktwaarde en boekwaarde) door het bezit van vaste activa zoals pachtgronden, erfpachtgronden, bosgronden, gebouwen en terreinen. Een benadering van de marktwaarde van de bos- en landbouwgrond is per ultimo 2021: Omschrijving Aantal ha. per ha. in € per m² in € Marktwaarde in € Bosgronden
1.443
13.500
1,35
19.480.500
Geliberaliseerde pacht (1 jr)
215
74.000
7,40
15.910.000
Geliberaliseerde pacht (6 jr)
78
74.000
7,40
5.772.000
Reguliere pacht
660
74.000
7,40
48.840.000
Erfpacht
359
37.000
3,70
13.283.000
Totaal
2.755
103.285.500
stille reserves
Met betrekking tot de onbenutte belastingcapaciteit van gemeenten zijn de belangrijkste eigen inkomstenbronnen de ozb-inkomsten, de afvalstoffenheffing en het rioolrecht. Uitgangspunt bij het bepalen van de afvalstoffenheffing en de rioolheffing is 100% kostendekkendheid. De weerstandscapaciteitsratio drukt de verhouding tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit uit. Hoe groot de beschikbare weerstandscapaciteit moet zijn, is afhankelijk van de risico’s die de gemeente loopt. Het gaat hierbij om de risico’s die niet goed kwantificeerbaar en niet regulier zijn. In het algemeenheid gaat het om risico’s die de gemeente zelf niet of slechts deels kan beïnvloeden. Voor de overige risico’s zijn beheersmaatregelen genomen, voorzieningen getroffen of verzekeringen afgesloten. In de nota reserves en voorzieningen 2019 staat dat de beschikbare reserves die betrokken worden bij de bepaling van de weerstandscapaciteit minimaal € 6,0 miljoen moet bedragen.
100