CConstaterende datGeldrop-Mierlo
Koppel je AI →
Document · PDF

Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving.Pdf

Raadsvergadering 27 september 2021, gemeente Geldrop-MierloBij agendapunt: Vaststelling Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving31.269 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving Vastgesteld - NL.IMRO.1771.SVOudven-VA01 <Status>

colofon

titel rapport Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving datum 27 september 2021 projectnummer P03465 opdrachtgever Gemeente GeldropMierlo BRO Projectleider JRi Projectteam GvdS, MvDn, JEr bron Kaft BRO

BRO Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 E info@bro.nl www.bro.nl

“Als we anderen de ruimte niet gunnen zullen we zelf steeds meer opgesloten raken.” Prof. Hans Galjaard

Inhoudsopgave 1

2

Inleiding

3

1.1 1.2 1.3 1.4

3 3 5 5

Aanleiding en doel Begrenzing plangebied Wvg-wetgeving Leeswijzer

Visie Sportpark Oudven en omgeving

6

2.1 Inleiding 2.2 Ruimtelijke visie

6 6

2.2.1 Sportvoorzieningen

6

2.2.2 Ontsluiting en autoparkeren

7

2.2.3 Afronding toekomstig woongebied

7

2.2.4 Gemengde functies

8

2.2.5 Groen- en waterstructuur

3

8 9

Beleidskader

11

3.1 Rijksbeleid

11

3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

11

3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)

11

3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking

11

3.2 Provinciaal beleid

12

3.2.1 Omgevingsvisie Noord-Brabant

12

3.2.2 Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant

12

3.3 Regionaal beleid

14

3.3.2 Visie op Wonen – Stedelijk Gebied Eindhoven

14

3.3.3 Brainport Principes

15

3.3.4 Woondeal BZK-Stedelijk Gebied Eindhoven-provincie Noord-Brabant 3.4.1 Structuurvisie Geldrop-Mierlo december 2010

maandag 27 september 2021

16

3.4.4 Nota Duurzaamheid 2016-2019 Geldrop Mierlo

17

4

5

17

3.5 Bestemmingsplanvergelijking

19

3.5.1 Vigerend bestemmingsplan

19

3.5.2 Vergelijking bestemmingsplan

19

3.5.3 Conclusie

19

Ruimtelijke uitvoerbaarheid

21

4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9

21 21 22 23 23 24 25 25 26

Milieuzonering Geluidhinder Luchtkwaliteit Bodem Water Archeologie en cultuurhistorie Externe veiligheid Ecologie M.E.R.-plicht

Uitvoeringsparagraaf

28

5.1 Economische uitvoerbaarheid

28

5.1.1 Wet voorkeursrecht

28

5.2 Maatschappelijk uitvoerbaarheid

28

5.2.1 Consultatiefase

28

5.2.2 Procedure

28

Bijlage 1 Begrenzing

14

3.3.1 Afsprakenkader Wonen 2017

3.4 Gemeentelijk beleid

16

3.4.3 Woonvisie Geldrop-Mierlo 2020-2028 3.4.5 Groenbeleidsplan 2014-2024

8

2.3 Functionele visie: programma 2.4 Structuurvisiekaart

3.4.2 Sportvisie

15

15

Bijlage 2 Visiekaart Bijlage 3 Verslag consultatieronde conceptstructuurvisie Bijlage 4 Nota van Zienswijzen

15

2

1 Inleiding Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

1

Inleiding

1.1

Aanleiding en doel

Ten westen van de Oudvensestraat in Mierlo, gemeente Geldrop-Mierlo ligt een gebied dat de gemeente voornemens is te ontwikkelen met onder andere sportvoorzieningen, gemengde functies en afronding van de nieuwbouwwijk Luchen (fase 3b). Derhalve is onderhavige structuurvisie Oudvensestraat en omgeving opgesteld. Op 1 oktober 2018 heeft de gemeenteraad van de gemeente Geldrop-Mierlo op gronden westelijk van de Oudevensestraat, zuidelijk van Sportpark ‘t Oudven, noordelijk van de Geldropseweg en aan de oostzijde van het nieuwe woongebied Luchen in Mierlo, het publiekrechtelijke verwervingsmiddel van het gemeentelijk voorkeursrecht tot koop, op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten (WVG) toegepast. De gronden zijn gelegen ten oosten van de nieuwbouwwijk Luchen en een invulling van deze gronden draagt bij aan de afronding van deze woonwijk. Deze structuurvisie voorziet in de laatste stap in de gebiedsontwikkeling van Luchen. De gemeente Geldrop-Mierlo heeft voor de gronden waarop de Wvg is gevestigd onderhavige structuurvisie opgesteld met aanwijzingen voor de toekomstige bestemmingen (niet zijnde een agrarische bestemming). De toegedachte bestemming ziet vooral in ondersteunende en faciliterende functies t.b.v.

afronding van de gebiedsontwikkeling Luchen waaronder voornamelijk sport, enkele gemengde functies, afronding van de woningbouwvelden van Luchen en daaraan ondersteunende bestemmingen zoals verkeer, groen en water. In 2019 heeft de Mierlose Tennis Vereniging (MTV) richting de gemeente toe aangegeven dat ze de voorkeur heeft te verhuizen naar Sportpark ’t Oudven. Deze verplaatsing kan in potentie worden aangewend ter afronding van Luchen.

maandag 27 september 2021

Nog niet duidelijk is of deze verplaatsing daadwerkelijk zal gaan plaatsvinden. In deze structuurvisie wordt daarom ook vestiging van andere (sport)functies dan de tennisvereniging opengehouden. Aan de te ontwikkelen gronden waarop het voorkeursrecht rust worden in het kader van deze structuurvisie hoofdzakelijk bestemmingen met de functies ‘Sport’, ‘Woongebied’, ‘Gemengd’, ‘Verkeer en parkeren’ en ‘Groen/Water’ toebedeeld. Deze bestemmingen wijken af van het huidige agrarische gebruik van de gronden. Direct ten zuiden van de huidige hockeyvelden wordt ruimte geboden voor invulling met (onder andere) een sportfunctie. Rondom dit gebied is een groengordel voorzien. Tevens is aan de zuidzijde, in de richting van de Geldropseweg, ruimte voor afrondende woningbouw aansluitend op de nieuwbouwwijk Luchen die is gelegen ten westen van het structuurvisiegebied. Daarnaast is er aan de Oudvensestraat een gebied gereserveerd ten behoeve van gemengde doeleinden (wonen, werken, sport, dienstverlening en maatschappelijk), waarbij ook reserveringen zijn voorzien voor eventuele toekomstige uitbreidingen en herstructureringen van de sportaccommodaties van de bestaande sportclubs en verenigingen.

Doel van deze structuurvisie is de ontwikkeling van het gebied voor sport, enkele gemengde functies, afronding van de nieuwbouwwijk Luchen en daaraan ondersteunende bestemmingen zoals verkeer, groen en water in samenhang met het bestendigen van het voorkeursrecht.

1.2

Begrenzing plangebied

Het plangebied van onderhavige structuurvisie is gelegen in het noordwesten van de kern Mierlo, gemeente GeldropMierlo. Grofweg wordt het plangebied begrensd door het

Eindhovensch Kanaal en sportpark ’t Oudven aan de noordzijde, de Oudvensestraat met het bedrijventerrein Oudven aan de oostzijde, de Geldropseweg en de kern Mierlo aan de zuidoostzijde en de Burgemeester Termeerstraat en de in afgelopen jaren gerealiseerde nieuwbouwwijk Luchen aan de westzijde. Direct aan de noordzijde zijn de hockeyvelden gelegen. Ten oosten van de hockeyclub is een woonboerderij met praktijkruimte gelegen. Nabij de rotonde aan de Geldropseweg zijn nog enkele woningen gelegen. De rest van het gebied bestaat uit landbouwgronden. De scope van deze structuurvisie betreft in hoofdzaak het gebied waarvoor aanwijzingen voor bestemmingen zijn gegeven in het kader van de Wvg. Omdat dit ontwikkelgebied deel uitmaakt van een grotere zone aan de oostzijde van de nieuwbouwwijk Luchen, is voor de gehele strook tussen het Eindhovensch Kanaal, de Oudvensestraat, Geldropseweg en Burgemeester Termeerstraat/Beoogde nieuw hoofdontsluitingsweg door Luchen een ontwikkelingsperspectief gegeven. Het gebied waarvoor aanwijzingen voor bestemmingen zijn gegeven in het kader van de Wvg behelst ca. 35.445 m2 en is gelegen op het grondgebied van de gemeente GeldropMierlo. Figuur 1 op de volgende pagina geeft de ligging en begrenzing van het gebied aan. Het ontwikkelgebied bestaat uit de percelen die kadastraal bekend staan als gemeente Mierlo, sectie L nummers 661, 807, 809, 812 en 975.

Op vrijwel alle percelen, behalve het perceel gemeente Mierlo, sectie L nummer 975 is een voorkeursrecht gevestigd. Dit perceel waar geen voorkeursrecht op van toepassing is, is wel meegenomen in onderhavige structuurvisie.

3

1 Inleiding Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

Binnen het plangebied komt een relatief beperkt aantal functies voor. Het gebied heeft een landelijk karakter, de gronden kennen een agrarische bestemming. Het plangebied wordt in het oosten ontsloten door de Oudvensestraat Deze straat komt uit op de Geldropseweg welke in noordoostelijke richting via de Brandevoortse Dreef aansluit op de N270.

Figuur 1: Ligging en begrenzing van het plangebied (bron: ruimtelijkeplannen.nl).

maandag 27 september 2021

4

1 Inleiding Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

worden vastgesteld om te voorkomen dat het voorkeursrecht van rechtswege vervalt (artikel 9 lid 2 Wvg).

1.4

Leeswijzer

Deze structuurvisie is als volgt opgebouwd: de visie op het plangebied komt in hoofdstuk 2 aan bod. De beleidscontext is verwoord in hoofdstuk 3. De financiële, milieu- en waarden- en maatschappelijke haalbaarheid worden in hoofdstuk 4 aangetoond. Hoofdstuk 5 omvat ten slotte de uitvoeringsparagraaf van deze structuurvisie.

Figuur 2: Luchtfoto met indicatie ligging plangebied (bron: PDOK Viewer).

1.3

Wvg-wetgeving

De concrete aanleiding voor het opstellen van de structuurvisie Luchen-Oost / Sportpark is de wens om het gevestigde voorkeursrecht van de gemeente te bestendigen. Het juridische kader wordt gegeven door de Wet voorkeursrecht gemeenten. Hierin is bepaald op welke wijze het voorkeursrecht tot stand komt en wat de gevolgen zijn. Op de onderhavige gronden is een voorkeursrecht bestendigd voor de duur van drie jaren conform de artikelen 5 en 9

maandag 27 september 2021

van de Wvg, tenzij binnen deze termijn een structuurvisie of bestemmingsplan wordt vastgesteld. Het voorkeursrecht is van kracht geworden op 2 oktober 2018 en dit betekent dat het voorkeursrecht geldt tot en met 2 oktober 2021, tenzij de raad voor die tijd een Structuurvisie heeft vastgesteld. Indien na de vestiging van een voorkeursrecht op grond van artikel 5 binnen drie jaar een structuurvisie wordt vastgesteld, geldt het voorkeursrecht voortaan op grond van de structuurvisie. Dit betekent dat vervolgens binnen drie jaar na vaststelling van de structuurvisie een bestemmingsplan moet

5

2 Visie Sportpark Oudven en omgeving Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

2

Visie Sportpark Oudven en omgeving

2.1

Inleiding

Met deze structuurvisie wordt de visie voor de ontwikkeling van het plangebied voor sport, enkele gemengde functies (woningen al dan niet met lichte bedrijvigheid, kantoortjes, dienstverlenende en maatschappelijke functies), afronding van de woningbouwvelden van Luchen fase 3b en daaraan ondersteunende bestemmingen zoals verkeer, groen en water in samenhang met het bestendigen van het voorkeursrecht beschreven. In onderstaande paragrafen wordt nader ingegaan op de visie voor Luchen-Oost / Sportpark ’t Oudven. Het is een visie op hoofdlijnen, welke vertaald zal moeten worden in een nieuw bestemmingsplan voor het gebied. In de visie zelf is ten aanzien van dit voornemen gepoogd om een goede balans te bieden tussen enerzijds het schetsen van een duidelijke en eenduidige ontwikkelvisie en anderzijds het behouden van flexibiliteit om in een later stadium nog afwegingen te kunnen maken over de meest passende inrichting van het plangebied. Het geeft daarmee richting aan de uitwerking van stedenbouwkundige plan(-nen) voor dit gebied, zonder dat alles op voorhand wordt vastgelegd.

2.2

staande verenigingen zoals de lopersgroep, de korfbalvereniging en het gilde, is er in onderhavig plangebied ruimte voor andere sportfuncties. Naast de sportfunctie wordt met onderhavige structuurvisie beoogd tot een goede ruimtelijke afronding van de nieuwbouwwijk Luchen te komen, waarbij de gronden in deze structuurvisie kunnen worden ingezet ter afronding van beoogde nieuwe woningbouwvelden. Ook zijn er verschillende ondersteunende functies nodig om het gebied te kunnen ontwikkelen en aangenaam te maken, zoals (langzaam)verkeer, groen en water. Aan de buitenranden van het gebied (Oudvensestraat en Geldropseweg is een overgangszone gedacht die bestaat uit een combinatie van groen/water met gemengde functies.

2.2.1

Sportvoorzieningen

Allereerst ligt ten noorden van het plangebied reeds de hockeyclub die sterk aan het groeien is. Daarnaast zijn er sportverenigingen die belangstelling hebben om zich ook bij het sportpark ’t Oudven te vestigen. In gesprekken met de verenigingen is naar voren gekomen dat concentratie van alle sportverenigingen aan de oostzijde van Mierlo geen optie is. Ook kijkend naar de wordt door sportverenigingen (waaronder de hockeyvereniging) meer potentie in de locatie ’t Oudven vanwege de centralere ligging bij de uitbreidingswijk van Mierlo.

Ruimtelijke visie

Met de structuurvisie worden een aantal functies aan het gebied toebedeeld. Het is de bedoeling om het in de structuurvisie begrepen plangebied de volgende functies te geven:  Het gebied krijgt vooral een sportfunctie. Naast de reeds bestaande Hockeyclub Mierlo en een aantal andere be-

maandag 27 september 2021

De uitbreidingswijk Luchen zelf krijgt met de voorgenomen ontwikkelingen ook meer potentie, omdat er diverse (sport)voorzieningen in de buurt gecreëerd worden. Bovendien zou de keuze voor Mierlo-Oost met zich meebrengen dat de hockeyclub, het Gilde, de korfbalvereniging en de lopersgroep en eventuele andere sportverenigingen (bijvoorbeeld de tennisvereniging) naar een andere locatie zouden

moeten verhuizen. Dat zou gepaard gaan met aanzienlijk hogere kosten. De voorziene ontwikkelingen bieden de verschillende sportverenigingen de kans elkaar te kunnen versterken. Daar waar koppelkansen liggen, bijvoorbeeld bij het onder één dak brengen van clubgebouwen, opslagruimtes e.d. biedt deze structuurvisie ruimte om hierop in te spelen. Hiermee ontstaat een compact en efficiënt sportpark. Er zijn ruime zoekgebieden voor nieuwe bebouwing (clubhuizen) opgenomen en in een centrale zone is er ruimte voor (fiets)parkeren waarbij niet alleen voldoende ruimte voor het autoparkeren, maar ook voor een ruime fietsenstalling gereserveerd is. Er is tevens een doorkijk gegeven voor als de situatie zich voordoet dat de verenigingen groeien of wanneer er wensen zijn om de bestaande terreininrichting te herstructureren en clubgebouwen te vervangen. Daarom zijn er zoekzones aangewezen die als ruimtereserveringen voor (potentiële) toekomstige ontwikkelingen dienen. Of, wanneer en hoe van ruimtereserveringen gebruik gemaakt wordt is afhankelijk van vele factoren zoals de ontwikkeling van ledenaantallen, gebruiksintensiteit en capaciteit van bestaande sportaccommodaties, de mogelijkheid tot dubbelgebruik en combinaties van faciliteiten, de mogelijkheid en noodzakelijkheid om hinderreducerende voorzieningen te kunnen inpassen en ontwikkelingen in de sport zelf.

Met onderhavige visie wordt enerzijds geanticipeerd op deze ontwikkelingen, terwijl er anderzijds nog flexibiliteit geboden wordt om, mocht de noodzaak/wens tot uitbreiding of her-

6

2 Visie Sportpark Oudven en omgeving Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

structurering wegvallen, er een gebiedspassend alternatiefmogelijk is1. Aandachtspunt bij verdere uitwerking is ook de inpassing van de nu aanwezige faciliteiten en de aan te houden veiligheidsafstanden van bijvoorbeeld de schutsbomen van het Gilde. 2.2.2

Ontsluiting en autoparkeren

De nieuwe ontsluitingsstructuur zal vanaf de westzijde gerealiseerd worden. Er zal daarbij ook voldoende parkeergelegenheid aan de westzijde van en/of centraal tussen de sportvelden gecreëerd worden. De Oudvensestraat wordt een autoluwe straat en zal met name een functie krijgen in lokale ontsluiting (bestemmingsverkeer) en als een route voor langzaam verkeer (fietsen en wandelen). Het verwachtte aantal verkeersbewegingen vanwege de mogelijk beoogde nieuwe functies aan de Oudvensestraat zal beperkt zijn. Daarbij zal het verkeer dat nu van/naar het sportpark rijdt, geen gebruik meer maken van de Oudvensestraat. Het autoverkeer gaat in de toekomst rijden via de nieuw aan te leggen ringstructuur door de woonwijk Luchen. Per saldo is het de verwachting dat de intensiteit van het autoverkeer over de Oudvensestraat zal afnemen. Daarbij is het te kleine parkeerterrein aan de Oudvensestraat en de parkeeroverlast in de straat zelf aanleiding geweest om de nieuwe ontsluiting van het sportpark aan de westzijde te realiseren. Ook is de profielbreedte van de Oudvensestraat te smal om goed en veilig als ontsluiting van het sportpark te kunnen functioneren. Het sportpark blijft voor langzaam verkeer (fietsers/voetgangers) nog wel toegankelijk via de Oudvensestraat. De bestaande (bedrijfs)woningen en

1

bedrijven aan de Oudvensestraat zullen ook nog steeds bereikbaar zijn. Bestemmingsverkeer kan namelijk nog steeds gebruik maken van deze weg. Er zal gezorgd worden voor voldoende parkeergelegenheid ten behoeve van het nieuwe sportpark. In de toelichting van het op te stellen bestemmingsplan zal het aspect parkeren uiteindelijk verder worden onderbouwd. Een belangrijk onderdeel van deze onderbouwing is het aantonen dat sprake is van voldoende parkeergelegenheid. Deze behoefte aan parkeerplaatsen is reeds globaal berekend bij het doorrekenen van het programma van de structuurvisie. Er is voldoende ruimte gereserveerd waar de toekomstige parkeerplaats ingepast kan worden. Aangezien onderhavig document een structuurvisie betreft, en in een structuurvisie in beginsel een globaal beeld wordt geschetst van de beoogde ontwikkeling van een gebied, zal een concreet ontwerp voor de ontsluiting en parkeervoorzieningen in een later stadium gemaakt worden. Het bestemmingsplan is een geschikter instrument om de precieze situering van de ontsluitingsweg vast te leggen en het aspect parkeren te regelen. Het is ook noodzakelijk om dit in een later stadium uit te werken omdat nog niet duidelijk is hoe de afronding van de nieuwbouwwijk Luchen er in detail precies gaat uitzien. De ontsluitingsstructuur van woonwijk Luchen wordt in hoofdzaak gekenmerkt door een ringstructuur.

Vanaf de rotonde Geldropseweg-Kwikstaart loopt deze parallel aan de Wetering richting deelgebied 2 en vervolgens via dit plandeel aan de noordzijde de Burg. Termeerstraat kruist. In het nog te

ontwikkelen deelgebied 3B zal deze in zuidelijke richting afzakken om vervolgens weer de Burg. Termeerstraat te kruisen en via de wegen Hooiwagen en Bijenkorf weer op de Kwikstaart aan te sluiten. Op figuur 3 is deze structuur globaal weergegeven.

Figuur 3: Verkeerskundige hoofdstructuur (bron: gemeente GeldropMierlo).

2.2.3

Afronding toekomstig woongebied

Delen van de gronden worden benut voor de afronding van het toekomstig woongebied van de ontwikkellocatie Luchen 3b. Het aantal woningen wordt afgestemd op de draagkracht van het gebied, milieuhygiënische inpasbaarheid en de uitwerking van Luchen deelgebied 3b. De beoogde ontwikkeling Luchen 3b vormt tezamen met de beoogde woningbouw in onderhavig plangebied voor een nieuwe fase van de totale gebiedsontwikkeling van Luchen.

Bij functies kan grofweg een onderscheid gemaakt worden tussen gebiedsgebonden, gebiedspassende en gebiedsstrijdige functies. Gebiedspassende functies zijn functies die, in tegenstelling tot wat het geval is bij gebiedsgebonden functies, niet per definitie aan een bepaald gebied gerelateerd worden maar die ruimtelijk gezien tegelijkertijd wel passen binnen een bepaald gebied. Gebiedsstrijdige functies passen daarentegen niet binnen een specifiek gebied. Uitgangspunt is het streven naar een gebiedspassend alternatief voor het geval de noodzaak/wens tot uitbreiding of herstructurering zou wegvallen.

maandag 27 september 2021

7

2 Visie Sportpark Oudven en omgeving Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

Op deze gronden zullen komende jaren grondgebonden woningen verrijzen met ruimte voor bijhorende voorzieningen als groen, wateropvang, parkeren en verkeer. De eerdere benoemde rondweg van Luchen vormt hierbij een belangrijk onderdeel; deze fungeert namelijk als ruggengraat voor de ruimtelijke opbouw van de nieuwe wijk. De rondweg zal immers als hoofdontsluiting voor de wijk dienen, en vormt zodoende een belangrijke structuurdrager voor de stedenbouwkundige opbouw. Verschillende bouwvelden met woningbouw, de geclusterde sportvoorzieningen, en het groen en water zullen met elkaar verbonden worden middels deze structuurdrager, met als doel om te komen tot een logisch en samenhangend deelgebied van Luchen. 2.2.4

Gemengde functies

De gemengde functies betreffen functies als kleinschalige bedrijvigheid, kleinschalige kantoorruimten, maatschappelijke functies eventueel en, indien milieuhygiënisch inpasbaar, bijbehorende (bedrijfs)woningen. Bebouwing met gemengde functies zijn voorzien in lage dichtheid aan de Oudvensestraat en de Geldropseweg. Aan de Geldropseweg is ruimte voor bijzondere bebouwing. De percelen aan deze zijde vormen op termijn de entree tot de achterliggende woonbuurt Luchen 3b en spelen tevens een rol in het verbinden van de uiteenlopende functies in de directe omgeving. De toekomstige bebouwing op deze plek zal immers moeten aansluiten op bij de bedrijvigheid aan de Bijenkorf, de gemengde functies aan de overzijde van de Geldropseweg en de bedrijvigheid aan de Oudvensestraat. Een ruimtelijk en functionele verbijzondering is op deze plek derhalve gewenst. De invulling van deze zone met gemengde functies zal afhangen van de manier waarop invulling wordt gegeven aan de gronden waarop een nieuwe sportfunctie en daaraan gerelateerde ondersteunende functies zoals geluidsreducerende, groen- en waterhuishoudkundige voorzieningen zijn

maandag 27 september 2021

beoogd. Er wordt gedacht aan een variant waarbij sprake is van een groene afscherming (scherm of wal) op enige afstand van de straat die landschappelijk wordt ingepast of – wanneer de afscherming dichter op de straat komt te staan – een wal of scherm of combinatie hiervan waarin kleinere bouwmassa’s in de wal ‘geschoven’ kunnen worden. Ook is een variant denkbaar waarbij bouwmassa’s (afgewisseld met een wal) zorgen voor de nodige afscherming en afwisseling. De laatste twee opties vergroten de levendigheid aan deze zijde van het lint en voorkomen dat er een zware wal dicht tegen de straat gaat komen. Er worden hierdoor voorzijdes aan de Oudvensestraat gecreëerd. In alle gevallen zal het programma beperkt zijn en passen bij het karakter van de straat (gemengd lint, met bedrijfswoningen en kleinschalige bedrijvigheid en diensten).

De huidige bomenrijen langs de Oudvensestraat, de Burgemeester Termeerstraat en de Geldropseweg zullen waar mogelijk behouden blijven en onderdeel worden van de groenstructuur.

2.2.5

2.3

Groen- en waterstructuur

Het te ontwikkelen gebied wordt ingebed in een landschappelijk raamwerk. Het raamwerk bestaat uit groengebieden welke tezamen een (zoveel mogelijk) aaneengesloten structuur zullen vormen. Het doel is om de woonvelden, de sportvoorzieningen en de ontsluitingsweg te verbinden met de groenstructuur zodat er een aangename (woon-)omgeving ontstaat. De groengebieden kunnen tevens dienst doen als een overgang tussen de verschillende functies, waarbij extra aandacht zal worden besteed aan de overgangen tussen het sportpark en de woongebieden. Daarnaast kunnen diverse plandelen, zoals het parkeerterrein voor het sportpark, voorzien worden van een groene inpassing met opgaande beplanting. Tenslotte biedt de groenstructuur ruimte voor de opvang van hemelwater middels watergangen en verlagingen van het maaiveld (wadi’s) waarin tijdelijk water kan worden geborgen.

Op het zuidelijke perceel is een zoekgebied aangegeven voor een hemelwaterberging. Nader zal worden bekeken of op deze locatie kansen liggen om een hemelwaterberging op te nemen in de uiteindelijke plannen, omdat middels een dergelijke voorziening mogelijk optredende wateroverlast in en rondom het plangebied kan worden voorkomen. Een en ander is ook als zodanig verwoord in het verslag van de consultatieronde die heeft plaatsgevonden in het kader van voorliggend plan (zie par. 5.2.1). Voor dit verslag wordt verwezen naar de bijlagen.

Functionele visie: programma

De visie is vertaald in een globale structuurvisiekaart. In de kaart zijn, op structuurniveau, de hoofdlijnen van de voorgestane ontwikkelingen voor Luchen-Oost / Sportpark ’t Oudven weergegeven. Sport: Ter plaatse van de aanwijzing voor de bestemming Sport wordt een uitbreiding van het bestaande sportpark ‘t Oudven beoogd. Hier is tevens ruimte voor nieuwe sportfuncties. Woongebied: Het woongebied sluit aan op de uit te werken woonbestemming Luchen en zal een afronding van de nieuwbouwwijk Luchen vormen en een overgang tot de Oudvensestraat. Binnen het woongebied is ook ruimte voor, landschappelijke inpassing, groen, ontsluiting, waterberging etc. Gemengd 1: Ten oosten van het sportpark aan de Oudvensestraat is een vlak met de aanwijzing voor de bestem-

8

2 Visie Sportpark Oudven en omgeving Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

ming ‘Gemengd 1’ voorzien. Binnen deze bestemming is beperkt ruimte voor ruimtelijk-landschappelijk goed ingepaste gemengde functies, waaronder lichte bedrijvigheid, dienstverlening en maatschappelijk, sport en wonen, met aandacht voor beheersing van wederzijdse hinder. Gemengd 2: In het uiterste zuiden van het gebied is een vlak met de aanwijzing voor een gemengde bestemming voorzien. Binnen deze bestemming is ruimte voor gemengde functies, waaronder wonen, lichte bedrijvigheid, dienstverlening en maatschappelijke functies. Deze zone vormt een overgangszone en sluit aan op de meer gemengde bebouwing en functies aan de Geldropseweg. Ruimtelijk is hier aanleiding voor een bijzondere functie en/of gebouw. Het verschil met de bestemming ‘Gemengd 1’ is dat binnen ‘Gemengd 2’ geen sportvoorzieningen mogelijk zijn. Verkeer en parkeren: De aanwijzing voor de bestemming ‘Verkeer en parkeren’ dient voor een nieuwe ontsluitingsweg op Luchen, waardoor de Oudvensestraat ontlast wordt en voor parkeergelegenheden ten behoeve van sportvoorzieningen.

2.4

Structuurvisiekaart

Naast de globale structuurvisiekaart (zie figuur 4) met aanwijzingen voor toekomstige bestemmingen op de Wvg-gronden, is er een nader gedetailleerde visiekaart opgesteld met een ontwikkelperspectief voor het gehele gebied tussen het Eindhovensch Kanaal en de Geldropseweg. Deze staat afgebeeld in figuur 5. Beide kaarten zijn tevens opgenomen in de bijlagen. In de visiekaart (figuur 5) staan de belangrijkste ruimtelijke onderdelen indicatief op aangegeven:  De uitbreiding van sportpark ’t Oudven;  Aandacht voor beheersbaarheid van (geluid)hinder en ruimtelijke inbedding van de sportvoorzieningen;  Zoekgebieden voor woningbouw;

maandag 27 september 2021

Figuur 4: Structuurvisiekaart met Wvg-gebied (bron: BRO)

9

2 Visie Sportpark Oudven en omgeving Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

  

Perceelsgewijze ontwikkelingen aan de Oudvensestraat en Geldropseweg; De nieuwe ontsluitingsweg op Luchen; Een langzaamverkeersroute die Luchen en de Oudvensestraat verbindt.

Structuurvisiekaart (figuur 5, zie bijlage voor een grotere weergave)

Figuur 5: Structuurvisiekaart (bron: BRO) : maandag 27 september 2021

Structuurvisiekaart 10

3 Beleidskader Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

3

Beleidskader

In dit hoofdstuk komen de verschillende relevante beleidsaspecten aan de orde welke vanuit de diverse overheden van toepassing zijn op het plangebied. Er is sprake van een doorwerking van beleid dat is vastgesteld op verschillende niveaus van bestuur.

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

In het kader van de invoering van de Omgevingswet, die nu gepland staat voor 1 januari 2022, heeft het Rijk de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) opgesteld. Welke op 11 september 2020 naar de Tweede Kamer gestuurd is. Met de Nationale Omgevingsvisie geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De intentie van het Rijk is om met de NOVI een perspectief te bieden om grote maatschappelijke opgaven aan te pakken. Bij die opgaven kan worden gedacht aan grote en complexe opgaven met betrekking tot klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw. Een centraal aspect van de NOVI is de focus op een nieuwe aanpak van vraagstukken in de fysieke leefomgeving. Werken op basis van integraliteit met betrekking tot verschillende vraagstukken in plaats van sectorale aanpakken voor individuele vraagstukken vormt de kern van deze nieuwe aanpak. Het streven naar integraliteit dat onderdeel is van de NOVI valt samen in vier verschillende prioriteiten waartussen een onderscheid wordt gemaakt in de NOVI, te weten:  Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie;

2

  

Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio’s; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

Binnen de NOVI worden drie afwegingsprincipes gehanteerd om te komen tot weloverwogen beleidskeuzes. Welke zouden moeten helpen bij het afwegen en prioriteren van verschillende belangen en opgaven. De drie afwegingsprincipes zijn:  Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies;  Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal;  Afwentelen wordt voorkomen. Gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk zijn samen verantwoordelijk voor de fysieke leefomgeving. Sommige belangen en opgaven overstijgen het lokale, regionale en provinciale niveau en vragen om nationale aandacht, welke ‘nationale belangen’ genoemd worden. De NOVI richt zich op 21 nationale belangen. Deze worden geografisch weergegeven via de Nationale hoofdstructuur.

3.1.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)

Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) geeft richtlijnen voor de inhoud van bestemmingsplannen voor zover het gaat om ruimtelijke ontwikkelingen van nationaal belang. In de NOVI wordt bepaald welke kaderstellende uitspraken zodanig zijn geformuleerd dat deze bedoeld zijn om beperkingen te stellen aan de ruimtelijke besluitvormingsmogelijkheden op lokaal niveau. Het Barro bevestigt in juridische zin die kaderstellende uitspraken. Doorwerking plangebied Zoals al in voorgaande paragraaf bij de NOVI is aangegeven, is er geen sprake van nationale belangen in het plangebied. Het Barro bevat daarom ook geen kaderstellende uitspraken voor het ontwikkelgebied. 3.1.3

Ladder voor duurzame verstedelijking

Om zorgvuldig ruimtegebruik te bevorderen is per 1 oktober 2012 de ladder voor duurzame verstedelijking in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6 Bro) opgenomen. De ladder ziet op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvor-

Doorwerking plangebied De verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid ligt voor een groot deel bij provincies, gemeenten en waterschappen. Hierdoor kunnen inhoudelijke keuzes in veel gevallen het beste regionaal worden gemaakt. Onderhavige structuurvisie omvat geen ontwikkelingen die in strijd zijn met de nationale belangen en waar de NOVI op van invloed is.

ming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten. De ladder is een motiveringsinstrument dat verplicht moet worden toegepast bij elk ruimtelijk besluit dat een ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’ mogelijk maakt. Wat er onder een nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt verstaan, is in artikel 1.1.1 Bro bepaald: “De ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.” Uit de jurisprudentie komt naar voren dat het wel een nieuwe stedelijke ontwikkeling van enige omvang moet zijn.2

O.a. ABRS 1 juni 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:1503), ABRS 18 februari 2015 (ECLI:NL:RVS:2015:428) en ABRS 24 augustus 2016 (ECLI:NL:RVS:2016:2319).

maandag 27 september 2021

11

3 Beleidskader Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

Doorwerking plangebied Met de voorgestelde ontwikkelingen in deze visie is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling van enige omvang. In het kader van het bestemmingsplan zal onderbouwd moeten worden dat de voorgenomen nieuwe stedelijke ontwikkeling voorziet in een behoefte. “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.” (artikel 3.1.6 lid 2 Bro). Voor de onderbouwing van de woonbehoefte zal worden gekeken naar de afbakening van de relevante regio, om zo de behoefte in beeld te brengen. Hiervoor wordt gekeken naar de regionale woningmarkt, die gedefinieerd wordt op basis van verhuisbewegingen. Voor onderhavig plangebied gaat het om de gemeente Geldrop-Mierlo en het Stedelijk Gebied Eindhoven. De ontwikkeling maakt deel uit van Groot Luchen, deze woningbouwlocatie is in de plancapaciteit van de gemeente opgenomen. Over de exacte verdeling van aantallen en type woningen over de deelgebieden vindt nadere afstemming plaats in het kader van de uitwerking van deze deelgebieden in bestemmingsplannen.

In de toelichting bij het bestemmingsplan wordt een laddertoets opgenomen. Naar verwachting zal de ladder voor duurzame verstedelijking geen belemmeringen vormen voor onderhavige ontwikkeling, gezien er wordt voorzien in een behoefte. De komende jaren nemen de bevolking en het aantal huishoudens toe. Als afgeleide van de bevolkings- en huishoudensontwikkeling en rekening houdend met bestaande tekorten (hoge scenario) is er in de gemeente Geldrop-Mierlo

maandag 27 september 2021

tot 2030 een kwantitatieve behoefte aan 1.040 woningen. In het Stedelijk Gebied Eindhoven bedraagt de behoefte 19.311 woningen. Met de invulling van het plangebied met naast sportvoorzieningen en gemengde functies, maar voornamelijk woningbouw wordt ingespeeld op deze behoefte aan woningen.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie Noord-Brabant

Provinciale Staten hebben op 14 december 2018 de Brabantse Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant’ vastgesteld. De Brabantse Omgevingsvisie voegt daar ambities aan toe voor vier hoofdopgaven: de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. Voor elk van deze opgaven geeft de omgevingsvisie aan wat de ambities op lange termijn zijn: wat is er nodig om Brabant in 2050 een gezonde, veilige en prettige leefomgeving te laten zijn? Doorwerking plangebied De ontwikkeling van onderhavig plangebied heeft geen grote invloed op de vier opgestelde ambities. In een later stadium, bij de definitieve uitwerking van het plangebied zal rekening gehouden worden met duurzaamheid en energietransitie. De bouwplannen zullen uitgaan van zoveel mogelijke energie neutrale nieuwbouw waarbij de laatste ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid worden toegepast/verwerkt. Daarnaast dient de ontwikkeling in lijn te zijn met de basisopgave waarin een veilige, gezonde leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit centraal staan. In hoofdstuk 4 wordt onderbouwd waarom de beoogde ontwikkeling geen negatieve invloed zal hebben op deze aspecten en waarom deze aspecten anderzijds geen belemmering vormen voor de ontwikkeling zelf. In het bestemmingsplan wordt een en ander nog na-

der onderzocht en onderbouwd. Op basis hiervan kan geconcludeerd worden dat de Omgevingsvisie geen belemmering vormt voor deze structuurvisie. 3.2.2

Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant

Op 25 oktober 2019 is de Interim omgevingsverordening vastgesteld, deze is op 1 maart 2020 geconsolideerd. De Interim Omgevingsverordening vormt het toetsingskader voor nieuwe ontwikkelingen in de provincie Noord-Brabant. De provincie wil met haar regels aansluiten op de werkwijze van de Omgevingsvisie en de Omgevingswet. Daarom is er gekozen om de verschillende provinciale verordeningen voor de fysieke leefomgeving samen te voegen tot een interim Omgevingsverordening. Het is een ‘interim’ Omgevingsverordening om zo te benadrukken dat dit een tussenstap is naar de ‘definitieve’ omgevingsverordening gebaseerd op de Omgevingswet. De Interim Omgevingsverordening is gebaseerd op de huidige wetgeving en moet aan de wettelijke bepalingen van die wetgeving voldoen. Dat betekent dat nieuwe mogelijkheden uit de Omgevingswet en de voorwaarden voor een omgevingsverordening nog niet allemaal zijn verwerkt in de Interim Omgevings-verordening. De Interim Omgevingsverordening vervangt zes provinciale verordeningen, waaronder de Verordening Ruimte 2014. De Interim omgevingsverordening is beleidsneutraal van karakter. Dat betekent dat er geen nieuwe beleidswijzigingen zijn doorgevoerd, behalve als deze voortvloeien uit vastgesteld beleid, zoals de omgevingsvisie.

De verordening bestaat uit kaartmateriaal en regels waarmee gemeenten rekening moeten houden bij het opstellen van ruimtelijke plannen.

12

3 Beleidskader Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

Voor gebieden die in het gemengd landelijk gebied liggen, geldt dat het aansnijden van nieuwe ruimte voor verstedelijking pas aan de orde is, als gebleken is dat de bouwopgave voor wonen (en werken) niet binnen bestaand bebouwd gebied, andere kernen of op andere bedrijventerreinen binnen de gemeente kan worden gerealiseerd.

Figuur 6: Uitsnede Interim Omgevingsverordening.

Doorwerking plangebied Ingevolge de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant gelden ter plaatse van het plangebied van onderhavige structuurvisie de volgende werkingsgebieden: ‘Gemengd landelijk gebied’ en ‘Verstedelijking afweegbaar’, zie figuur 6 en 7. Binnen ‘Gemengd landelijk gebied’ en ‘Verstedelijking afweegbaar’ zijn ontwikkelingen mogelijk, mits er wordt voldaan aan een aantal voorwaarden uit de Interim Omgevingsverordening.

Zorgvuldig ruimtegebruik is als basisprincipe opgenomen vanuit de zorg voor een goede omgevingskwaliteit. Uitgangspunt is dat eerst de mogelijkheden van een stedelijke ontwikkeling voor wonen, werken en/of voorzieningen in Stedelijk gebied worden benut of de mogelijkheden in leegkomend of leegstaand erfgoed elders in de gemeente. Als daarbinnen vanuit kwalitatieve- of kwantitatieve overwegingen geen ruimte beschikbaar is, kan een afweging worden gemaakt voor nieuw ruimtebeslag in Verstedelijking afweegbaar. In eerste instantie dient het realiseren van een nieuwe stedelijke ontwikkeling binnen het 'Stedelijk gebied' plaats te vinden (artikel 3.42 duurzame stedelijke ontwikkeling). In afwijking hierop geldt dat op gronden die zijn aangewezen als 'Verstedelijking afweegbaar', voorzien kan worden van de nieuwvesting van een duurzame stedelijke ontwikkeling, mits voldaan wordt aan een aantal voorwaarden (artikel 3.43 afwijkende regels verstedelijking afweegbaar). Artikel 3.43 afwijkende regels verstedelijking afweegbaar In afwijking van bovenstaand artikel 3.42, kan een bestemmingsplan, ter plaatse van ‘Verstedelijking afweegbaar’ voorzien in de nieuwvestiging van een duurzame stedelijke ontwikkeling als: a. binnen Stedelijk Gebied feitelijk of vanuit kwalitatieve overwegingen onvoldoende ruimte beschikbaar is; b.

transformatie van cultuurhistorisch waardevol of geschikt leegstaand vastgoed niet tot de mogelijkheden behoort;

Figuur 7: Uitsnede Interim Omgevingsverordening.

maandag 27 september 2021

c.

de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken, bedoeld in afdeling 5.4 Regionaal samenwerken;

d.

de stedenbouwkundige- en landschappelijke inrichting rekening houdt met de omgevingskwaliteit en structuren in het gebied en de naaste omgeving waaronder een duurzame afronding van het Stedelijk Gebied

Een ontwikkeling dient dus te passen binnen de regionale afspraken. In paragraaf 3.1 staat beschreven dat in het kader van het bestemmingsplan een toetsing aan de Ladder voor duurzame verstedelijking zal worden gedaan. In de gemeente Geldrop-Mierlo is tot 2030 een kwantitatieve behoefte aan 1.040 woningen. In de navolgende paragraaf 3.3 wordt ingegaan op het regionaal beleid, ook hieruit blijkt dat gemeente Geldrop-Mierlo de taakstelling heeft om tot 2030 1.075-1.505 woningen toe te voegen aan de woningvoorraad. Onderhavige ontwikkeling betreft de transformatie van agrarisch gebied naar stedelijk gebied om met name de uitbreiding//verplaatsing van de sportvoorzieningen mogelijk te maken wat bijdraagt aan een duurzame en logische afronding van de wijk Luchen in de kern Mierlo. Deze visie geeft op hoofdlijnen de visie voor onderhavig gebied aan. In de uiteindelijk uitwerking van het stedenbouwkundig plan zal rekening gehouden worden met de stedenbouwkundige en landschappelijke structuren van de omgeving. Daarnaast verplicht de Interim Omgevingsverordening dat ruimtelijke ontwikkelingen een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving bevorderen en dient er rekening te worden gehouden met duurzaamheid.

In het kader van de bestemmingsplanprocedure zullen de verschillende omgevingsaspecten onderzocht en onderbouwd worden, waarmee een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving wordt geborgd. Op voorhand heeft 13

3 Beleidskader Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

een akoestische verkenning plaatsgevonden naar de mogelijkheden van de combinatie sport en wonen. Het plangebied ligt grotendeels in bestaand stedelijk gebied en gedeeltelijk in afweegbaar stedelijk gebied en wordt niet belemmerd door regels uit de Interim Omgevingsverordening.

3.3

Regionaal beleid

3.3.1

Afsprakenkader Wonen 2017

Geldrop-Mierlo maakt deel uit van het Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE). In het Stedelijk Gebied Eindhoven is in oktober 2017 het Afsprakenkader Wonen ontwikkeld. Hierin is afgesproken dat de negen gemeenten op de woningmarkt opereren als ware zij één gemeente. De provincie Noord-Brabant heeft met deze afspraken ingestemd (13 juli 2017). In het Afsprakenkader zijn afspraken vastgelegd over het bouwen van voldoende woningen en over de kwaliteit daarvan. Bouwlocaties moeten elkaar versterken in plaats van elkaar beconcurreren. In de afspraken staan maatregelen en plannen om voldoende woningen te realiseren voor het opvangen van de groei van de bevolking. De gemeenten willen startende huishoudens voldoende en betaalbare woonruimte bieden, doorstromers vasthouden in de regio en daarnaast ook instromers aantrekken. Dat betekent ruim baan voor nieuwe bouwplannen op inbreidingslocaties en voor herstructurering en transformatie van bestaande bouw. In het Afsprakenkader is procedureel vastgelegd welke plannen regionaal afgestemd moeten worden. Dit betreft onder andere plannen die liggen buiten of tegen de structuur ‘bestaand stedelijk gebied’ zoals vastgelegd in de Interim Omgevingsverordening. Voorliggend plan ligt binnen het werkingsgebied ‘Verstedelijking afweegbaar’ en dient daarom regionaal afgestemd te worden.

maandag 27 september 2021

In het afsprakenkader staan maatregelen en plannen om voldoende woningen te realiseren voor het opvangen van de groei van de bevolking. De negen gemeenten krijgen ruimte om in ieder geval te bouwen voor de lokale behoefte, om autonome bevolkingsgroei op te vangen, waarbij voornamelijk wordt gefocust op nieuwe bouwplannen op inbreidingslocaties en voor transformatie-opgaven. Bovenstaande sluit niet uit dat gemeenten ook kunnen inzetten op andere functies dan woonfuncties. Er is daarom ook geen sprake van strijdigheid met dit regionale beleid. Daarnaast zijn ook zones aangewezen waar woningbouw afweegbaar en inpasbaar zou kunnen zijn, zodat ook ruimte binnen het structuurvisiegebied en de directe omgeving kan worden benut om te voorzien in de woningbouwbehoefte. Op dit moment wordt er al ruimte gegeven aan woningbouwprojecten om aan de lokale vraag te voldoen. Een voorbeeld hiervan is te zien in de omgeving van Sportpark ’t Oudven, namelijk de realisatie van de nieuwbouwwijk Luchen. De gemeente vindt het echter ook van belang om andere functies zoals sportfuncties te faciliteren en realiseren. Veel mensen hebben namelijk niet enkel behoefte aan een woning maar ook aan samenkomen en sport. Daarop wordt nu ingespeeld met de clustering en uitbreiding van de sportvoorzieningen op sportpark ’t Oudven.

Daarnaast zijn ook zones aangewezen waar woningbouw afweegbaar en inpasbaar zou kunnen zijn, zodat ook ruimte binnen het structuurvisiegebied en de directe omgeving kan worden benut om te voorzien in de woningbouwbehoefte. Vanwege de toenemende druk op de woningmarkt is vanuit het Stedelijk Gebied Eindhoven besloten om het Afsprakenkader Wonen te gaan herzien. Dit afsprakenkader is nog niet vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Geldrop-Mierlo. Naar verwachting zal dit eind 2021 gebeuren. Bij

de uitwerking van voorliggende structuurvisie in een bestemmingsplan zal de meest actuele versie van Afsprakenkader Wonen als uitgangspunt worden genomen. 3.3.2

Visie op Wonen – Stedelijk Gebied Eindhoven

De negen gemeenten in het Stedelijk Gebied Eindhoven willen woningen en woongebieden die qua innovatie en kwaliteit passen bij de Mainportstatus en het DNA van Brainport Eindhoven. De regionale groeiambities vragen om zowel aantrekkelijke en innovatieve woonvormen in de stad (kleinschalig, hoge dichtheden), als om ruime en groene woonomgevingen in de dorpen. Daarin voorziet het Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE), dat zich kenmerkt als “City of Villages”: een unieke mix van stedelijkheid met daaromheen dorpse rust. Door de unieke kwaliteiten van woonmilieus in de negen gemeenten te benadrukken, versterken zij de regionale woningmarkt in plaats van elkaar te beconcurreren. De Visie op Wonen is het antwoord op de grote uitdaging voor de negen gemeenten in het SGE: gezamenlijk bouwen aan gevarieerde, unieke en betaalbare woningen voor een diversiteit aan doelgroepen. Eindhoven en de omliggende gemeenten maken een stormachtige groeiperiode door. Economisch succes zorgt voor een toestroom van werknemers uit binnen- en buitenland, die allemaal een woning in en om de stad willen vinden. Waarbij rekening moet worden gehouden met veranderde woonbehoeften, zowel bij nieuwe als bestaande inwoners. Denk aan verduurzaming, levensloopbestendigheid en een toename van het aantal kleinere huishoudens.

Tegelijkertijd wordt ingezet op versnelling van de woningbouwproductie, gezien de druk die op dit moment op de woningmarkt ontstaat. De gewenste versnelling is ook een belangrijk onderdeel van de Woondeal die onlangs is gesloten tussen het SGE, het Rijk en de provincie Noord-Brabant. Op

14

3 Beleidskader Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

dit moment wordt gewerkt aan een gezamenlijk uitvoeringsprogramma voor de Visie op Wonen en de Woondeal. 3.3.3

Brainport Principes

Alle nieuwe woningbouwontwikkelingen binnen gemeenten die deel uitmaken van het Stedelijk Gebied Eindhoven dienen te worden ontwikkeld aan de hand van 7 Brainport Principes. De basis voor deze principes is vastgelegd in het regionale Afsprakenkader (zie paragraaf 3.3.1). De Brainport Principes zijn: 1. Koesteren van Identiteit; 2. Ruimte voor Innovatie; 3. Invloed voor bewoners; 4. Aantrekkelijke en gevarieerde woonmilieus: de wauwfactor; 5. Vraaggericht ontwikkelen; 6. Benutting regionaal schaalniveau; 7. Gezonde verstedelijking. Met de uitwerking van deze structuurvisie tot een bestemmingsplan worden deze Brainport Principes meegenomen. Zo zorgt de gekozen hoofdopzet voor een aantrekkelijk, groen en gevarieerd woonmilieu en door uitbreiding en clustering van de sportvoorzieningen in een groene omgeving stimuleert dit de gezonde verstedelijking. In het kader van het bestemmingsplan wordt per principe een korte onderbouwing gegeven hoe het planvoornemen aan het principe bijdraagt / deze versterkt. Aan het einde van 2021 zullen de Brainport Principes vernieuwd worden vastgesteld. Bij de uitwerking van voorliggende structuurvisie in een bestemmingsplan zal de meest actuele versie van de Brainport Principes als uitgangspunt worden genomen.

3.3.4

Woondeal BZK-Stedelijk Gebied Eindhovenprovincie Noord-Brabant

In de Woondeal BZK-Stedelijk Gebied Eindhoven-provincie Noord-Brabant (Woondeal) hebben het Stedelijk Gebied Eindhoven, de provincie Noord-Brabant en het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties afspraken met elkaar gemaakt over de volgende zaken:  het versnellen van de woningbouw en specifieke versnellingslocaties;  de werking van de woningmarkt;  het voorzien in voldoende plancapaciteit;  integrale gebiedsontwikkeling in Eindhoven;  andere randvoorwaarden en condities met betrekking tot wonen. Met de uitwerking van deze structuurvisie tot een bestemmingsplan wordt hetgeen is vastgelegd in de Woondeal meegenomen. Er zal dan worden aangegeven op welke manier rekening gehouden wordt met de gemaakte afspraken.

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1

Structuurvisie Geldrop-Mierlo december 2010

belangrijk landschappelijk kenmerk van het agrarisch gebied in de gemeente Geldrop-Mierlo is de (relatieve) openheid die dit gebied uitstraalt. Binnen deze gebieden krijgt de landbouw in beginsel de ruimte om zich in de door haar gewenste richting te ontwikkelen. De openheid voegt een gebiedseigen kwaliteit toe aan het landschap en dient dan ook zoveel mogelijk gehandhaafd te blijven. Dit landschap biedt niet alleen mogelijkheden deze openheid te versterken, maar ook voor de inplaatsing van de bestaande en nieuwe functies. Zoals figuur 8 laat zien is het plangebied omsloten door woongebied, bedrijventerrein en sportterrein. Er is derhalve nauwelijks sprake van een ‘puur landbouwgebied’. De omliggende functies vormen belemmeringen voor agrarische bedrijfsvoering, het is binnen het plangebied voor landbouw derhalve niet mogelijk om, zoals de structuurvisie aangeeft, in beginsel zich in de door haar gewenste richting te ontwikkelen. Binnen agrarisch gebied is inplaatsing van bestaande en nieuwe functies ook mogelijk.

In de gemeentelijke structuurvisie zijn de verschillende gebieden in de gemeente voorzien van een aanduiding. Groot Luchen is aangeduid als woongebied in ontwikkeling. Volgens de structuurvisiekaart is het plangebied aangeduid als ‘agrarisch gebied’ (zie figuur 8). Doorwerking plangebied Over de aanduiding ‘agrarisch gebied’ is in de structuurvisie het volgende opgenomen: Onder deze aanduiding zijn de meest pure landbouwgebieden opgenomen. Hierbinnen komen de eventuele natuurwaarden of de daarmee samenhangende landschapswaarden in zulke kleine gebiedjes voor of zijn zo algemeen dat deze niet specifiek zijn aangeduid. Een Figuur 8: Uitsnede structuurvisiekaart Geldrop-Mierlo 2010

maandag 27 september 2021

15

3 Beleidskader Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

Met de uitbreidingswijk Groot Luchen is onderhavig plangebied meer in de kern Mierlo komen te liggen waardoor het herbestemmen van het plangebied naar gemengde functies, waaronder sport, wonen en andere faciliterende functies zeer voorstelbaar is geworden.

Om de hierboven beschreven beoogde effecten te bewerkstelligen zijn de volgende uitgangspunten benoemd: A. basisvoorzieningen dienen op orde te zijn; B. sport en bewegen voor iedereen; C. ruimte voor vernieuwing en innovatieve ideeën.

Met de ontwikkeling van onderhavig plangebied en de invulling van deze gronden draagt bij aan de afronding van de woonwijk Luchen en op grotere schaal aan de afronding van de kern Mierlo. De voorgestane ontwikkeling ziet toe op ondersteunende en faciliterende functies ten behoeve van afronding van de gebiedsontwikkeling Luchen waaronder sport, enkele gemengde functies, afronding van de woningbouwvelden van Luchen 3b en daaraan ondersteunende bestemmingen zoals verkeer, groen en water. De visie geeft verder een ontwikkelingsrichting voor de gronden in aansluiting op de Bijenkorf, de gemengde functies aan de Geldropseweg en de bedrijfsfuncties aan de Oudvensestraat.

Bij het op orde laten zijn en brengen van de basisvoorzieningen staan twee zaken van belang. Ten eerste dienen er goede sportaccommodaties te zijn. Ten tweede is het goed functioneren van sportverenigingen van groot belang.

3.4.2

Sportvisie

In 2018 heeft de gemeente Geldrop-Mierlo de ‘Sportvisie’ vastgesteld. Deze visie vormt een uitwerking van de gemeentelijke strategische visie. De opzet van de ‘Sportvisie’ is zodanig dat geen sprake is van volledig dichtgetimmerde beleidsprogramma’s. Wel zijn de uitgangspunten op het gebied van sport verwoord en zijn de ambities op dit gebied zichtbaar gemaakt. De effecten die beoogd worden met het in de ‘Sportvisie’ geformuleerde beleid zijn de volgende: 1. bevorderen van gezondheid; 2. mensen meer laten bewegen; 3. sociale participatie en integratie; 4. zelfredzaamheid.

maandag 27 september 2021

De precieze invulling van de gronden waarop een nieuwe sportfunctie voorzien is dient nog te worden bepaald. Dit zal gebeuren in een later stadium. Dan zal duidelijk worden welke verenigingen zich op het nieuwe/uit te breiden sportpark kunnen gaan vestigen en welke ruimte er is voor uitbreidingen van bestaande verenigingen. De gemeente signaleert dat sportverenigingen te maken hebben met teruglopende ledenaantallen, waarbij de mate van terugloop erg verschilt per sport. Bij hockey en voetbal is de terugloop in ledenaantallen redelijk beperkt, terwijl deze bij tennis veel duidelijker aanwezig is. Wanneer deze daling zich voortzet, zal met sportverenigingen moeten worden gesproken over hoe hiermee wordt omgegaan. Dit heeft mogelijk gevolgen voor de buitensportaccommodaties. Het clubgebouw van Hockeyclub Mierlo, dat zich bevindt binnen het structuurvisiegebied, voldoet volgens de gemeente niet meer aan alle eisen. Daarom is het gebouw toe aan een modernisering. Onderhavige structuurvisie voorziet in ruimtereserveringen voor een nieuw clubhuis waarin (onder andere) Hockeyclub Mierlo gebruik van kan gaan maken.

Voor een sportfunctie kan het interessant zijn zich te vestigen op Sportpark ’t Oudven. Vanwege de ligging nabij de nieuwbouwwijken Luchen (Mierlo) en Brandevoort (Helmond) ontstaan kansen om vanuit deze wijken nieuwe leden aan te trekken. Bovendien kan door de clustering van de faciliteiten en voorzieningen van verenigingen een efficiencyslag in exploitatie worden bereikt en is sprake van zorgvuldig ruimtegebruik. Bij uitwerking in een bestemmingsplan zal nader gekeken worden of bepaalde voorzieningen (zoals het clubhuis en de parkeervoorzieningen) multifunctioneel kunnen worden gebruikt. Daarnaast biedt clustering het voordat dat vrijwilligers meer dan één sportvereniging kunnen ondersteunen. 3.4.3

Woonvisie Geldrop-Mierlo 2020-2028

In 2020 heeft de gemeenteraad de nieuwe woonvisie vastgesteld voor de periode 2020-2028. In de Woonvisie geeft de gemeente Geldrop-Mierlo haar volkshuisvestelijk beleid weer en stelt zij vast wat zij de komende jaren voor ogen heeft. De Woonvisie geeft daarbij invulling aan de ambities van de gemeente op het gebied van het wonen. De focus ligt de komende jaren vooral op:  meer (betaalbare) woningen voor 1 en 2 persoonshuishoudens met name voor starters en senioren;  beperkte toevoeging van sociale huurwoningen waarbij gestreefd wordt naar leefbare en vitale wijken met een gezonde mix aan woningentypen en doelgroepen;  meer aandacht voor transformatie en sloop/nieuwbouw;  op peil houden van de sociale woningvoorraad;  nieuwe woningen moet passen in de wijk;  een goede balans van woningtypen in wijken;  inzetten op doorstroming door: met name voor starters, senioren en alleenstaanden te bouwen: middeldure huurwoningen toe te voegen;

16

3 Beleidskader Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

-

Voldoende woningen realiseren om de uitstroom “beschermd wonen” en “maatschappelijke opvang” mogelijk te maken; ruimte geven aan nieuwe woonconcepten, tiny houses, kangoeroewoningen of mantelzorgwoningen.

Voorop staat dat het toekomstige woningaanbod zo goed mogelijk aansluit op de woonwensen en behoeften op de woningmarkt in Geldrop-Mierlo. Daarbij wordt gestreefd naar een goede mix van woningen, doelgroepen en leeftijden in elke wijk met de overtuiging dat dit bijdraagt aan leefbaarheid en sociale cohesie. Voor Geldrop-Mierlo, als onderdeel van het Stedelijk Gebied Eindhoven, wordt door de provincie een groei verwacht van ongeveer 3% tot een inwonertal van 40.225 in 2040. De bevolkingsgroei valt hoger uit dan eerder door de provincie geprognotiseerd in 2017. Dit komt vooral door de hoger dan geraamde binnen- en buitenlandse migratiesaldi. De bevolkingsopbouw van Geldrop-Mierlo, en vooral de ontwikkeling daarin de komende decennia, illustreert goed wat de effecten van de vergrijzing zijn. De groep inwoners van 60 jaar en ouder neemt tot 2040 toe met 25%. Waar nu ongeveer 28% van de bevolking in Geldrop-Mierlo 60 jaar en ouder is, zal dat in 2040 bijna 34% zijn. Als we inzoomen op de groep inwoners van 80 jaar en ouder dan zien we dat die bijna verdubbelt de komende twee decennia. Tegelijkertijd zien we dat deze groei van de groep 60 jaar en ouder vooral ten koste gaat van de inwonertallen in de leeftijdscategorie 40 tot 60 jaar: in 2017 vormen zij nog 29% van het totale inwonertal in Geldrop-Mierlo maar in 2040 zal dit zijn afgenomen tot 24%.

Daarentegen is de verwachting dat de groep van 40 jaar en jonger min of meer stabiel blijft en lijkt Geldrop-Mierlo minder geconfronteerd te worden met ontgroening van de bevolking.

maandag 27 september 2021

Met de uitwerking van het plangebied zal invulling gegeven worden aan de gemeentelijke ambities. Er wordt gestreefd naar de ontwikkeling van een gemengd gebied met woningbouw met een gevarieerd programma en een goede mix van woningen, doelgroepen en leeftijden. 3.4.4

Nota Duurzaamheid 2016-2019 Geldrop Mierlo

Het milieu- en duurzaamheidsbeleid van Geldrop-Mierlo voor 2016-2019 gaat verder dan de landelijke doelen. De gemeente wil graag in 2040 energieneutraal zijn. Dat wil zeggen dat alle energie die gebruikt wordt in Geldrop-Mierlo duurzaam wordt opgewekt, met behulp van bijvoorbeeld zon, wind, biomassa en omgevingswarmte. In de Nota Duurzaamheid zijn de volgende doelen en ambities uitgewerkt:  Energie: Energieneutraal in 2040;  Duurzaam bouwen: GPR van 8 voor alle thema’s;  Biodiversiteit: Zoveel mogelijk behouden of uitbreiden en waar mogelijk ecologisch bermbeheer toepassen;  Duurzaam inkopen: 100% duurzaam inkopen volgens de minimumeisen van PIANOo en jaarlijks bij ten minste 4 belangrijke aankooptrajecten aanbieders uitdagen op duurzaamheid;  Afval: In 2020 nog maar 5% huishoudelijk restafval en 95% wordt hergebruikt en streven naar een regionale circulaire economie  Klimaatadaptatie: Bij gebiedsontwikkeling en herontwikkeling klimaatbestendig inrichten  Communicatie en participatie: Inwoners van GeldropMierlo betrekken in het veranderproces  Interne professionalisering: Duurzaamheid borgen in de organisatie.

Met de uitwerking van deze structuurvisie in een bestemmingsplan stedenbouwkundig plan worden de doelen en ambities van de gemeente Geldrop-Mierlo op het gebied van duurzaamheid meegenomen. 3.4.5

Groenbeleidsplan 2014-2024

Met het groenbeleid willen de gemeente Geldrop-Mierlo een aantrekkelijke en duurzame groene woon- en leefomgeving realiseren. Het groenbeleidsplan legt het belang van het groen voor de komende 10 jaar vast en geeft richting aan de ontwikkeling en het beheer van openbaar groen. In het groenbeleidsplan staan de volgende doelen en uitgangspunten beschreven. Duurzaamheid Duurzaamheid is een erg breed begrip. In een duurzame wereld zijn mens, milieu en economie met elkaar in evenwicht. Openbaar groen kan op verschillende vlakken bijdragen aan duurzaamheid. Bijvoorbeeld het positieve effect van groen op de leefbaarheid of het vergroten van de biodiversiteit maar ook de inrichting en het onderhoud kunnen op duurzame wijze worden uitgevoerd. Ruimtelijke kwaliteit Het is prettig wanneer het straatbeeld er schoon en verzorgd uitziet en inwoners en bezoekers niet worden geconfronteerd met zaken als zwerfvuil en onkruid. Maar ruimtelijke kwaliteit gaat zeker ook over de inrichting van de ruimte, bijvoorbeeld bomenrijen langs wegen, aanwezigheid van parken, groenstroken in woonstraten, groene speelplekken nabij woningen. Dit draagt bij aan aantrekkelijkheid van de gemeente. Leefbaarheid Leefbaarheid heeft onder andere te maken met (een gevoel van) veiligheid, bereikbaarheid, aanwezigheid van voorzie-

17

3 Beleidskader Structuurvisie Sportpark Oudven en omgeving

menstructuren zorgt voor grotere biodiversiteit maar voorkomt ook dat bomenlanen een snelweg vormen voor plaagdieren. Klimaat Groen kan onderdeel zijn van oplossingen voor problemen die samenhangen met het klimaat en de veranderingen die hierin worden verwacht. Bij beslissingen die de hoeveelheid groen raken, moet de invloed van groen op het klimaat altijd als afweging worden meegenomen. Dit geldt voor nieuwe ontwikkelingen maar ook voor inrichting en beheer van groen. In het groenbeleidsplan is de bomen– en groenstructuur van de gemeente opgenomen. Het plangebied van onderhavige structuurvisie wordt ontsloten door de Burgemeester Termeerstraat, Geldropseweg en Oudvensestraat. Deze wegen zijn opgenomen in de bomen- en groenstructuurkaart (zie figuur 9). De bomenstructuur vormt het groene raamwerk zelf. Dit is opgebouwd uit bomenlanen. Het zijn op zichzelf staande elementen die met elkaar in verbinding staan en die een verbinding vormen tussen de grotere groenvlakken. Het zijn de groene aders van de gemeente. Figuur 9: Bomen- en groenstructuur Mierlo.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GeldropMierlo&id=cae3bd43-6933-4781-87be-eb13f22a3b91