CConstaterende datGeldrop-Mierlo
Koppel je AI →
Document · PDF

Fazantlaan-West (Luchen)_vastgesteld_2_Regels excl markering

Commissie Ruimte 26 augustus 2024, gemeente Geldrop-MierloBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Luchen Fazantlaan-west15.841 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Fazantlaan-West (Luchen)

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

2

Inhoudsopgave Regels

5

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

6 6 12

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12

Bestemmingsregels Groen Verkeer Wonen Wonen - Bungalow 1 Wonen - Bungalow 2 Wonen - Tiny Houses Wonen - Vrijstaand Leiding - Riool Waarde - Archeologie 2 Waarde - Archeologie 3

13 13 14 15 19 23 27 30 34 35 37

Hoofdstuk 3 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16 Artikel 17 Artikel 18 Artikel 19

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene aanduidingsregels Algemene afwijkingsregels Algemene procedureregels Overige regels

39 39 40 41 42 43 44 45

Hoofdstuk 4 Artikel 20 Artikel 21

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

47 47 48

Bijlagen bij regels Bijlage 1 Landschappelijk inpassingsplan

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

49 50

3

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

4

Regels

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

5

Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1

Inleidende regels

Begrippen

Plan:

het bestemmingsplan 'Fazantlaan-West (Luchen)' met identificatienummer NL.IMRO.1771.BPFazantlaanWestLu-VA01 van de gemeente Geldrop-Mierlo. 1.2

Bestemmingsplan:

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3

Aanbouw:

een aan een hoofdgebouw toegevoegde, afzonderlijke ruimte die qua afmetingen en/of visueel opzicht (onder meer voor wat betreft goothoogte, dakhelling en/of dakvorm), ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.4

Aanduiding:

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.5

Aan-huis-verbonden beroep:

een dienstverlenend beroep, dat in of bij een woning wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is. 1.6

Achtergevellijn:

de lijn waarin de achtergevel van het hoofdgebouw is gelegen alsmede het verlengde daarvan. 1.7

Achtergevelrooilijn:

de grens van het bouwvlak die evenwijdig loopt aan de achtergevel van de woning. 1.8

Beroeps- c.q. bedrijfsvloeroppervlakte:

de totale vloeroppervlakte van de ruimte binnen een bouwwerk en/of op een terrein die wordt gebruikt voor de uitoefening van een aan-huis-verbonden beroep c.q. een (dienstverlenend) bedrijf of een dienstverlenende instelling, inclusief opslag- en administratieruimten en dergelijke. 1.9

Bestaande situatie:

a. t.a.v. bebouwing: bebouwing, zoals legaal, met vergunning, aanwezig op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerpplan, dan wel mag worden gebouwd krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde en verleende of te verlenen vergunning;

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

6

b. t.a.v. gebruik: het gebruik van grond en opstallen, zoals aanwezig op het tijdstip dat het plan rechtskracht heeft verkregen. 1.10

Bestemmingsgrens:

de grens van een bestemmingsvlak. 1.11

Bestemmingsvlak:

een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.12

Bijbehorend bouwwerk:

uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak. 1.13

Bijgebouw:

een op zichzelf staand, al dan niet vrijstaand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.14

Bouwen:

het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.15

Bouwgrens:

de grens van een bouwvlak. 1.16

Bouwlaag:

een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder. 1.17

Bouwperceel:

een aaneengesloten stuk grond, waarop krachtens het plan een functioneel zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.18

Bouwperceelgrens:

de grens van een bouwperceel. 1.19

Bouwvlak:

een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

7

1.20

Bouwwerk:

een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.21

Bungalow:

vrijstaande eengezinswoning waarvan de buitenmuren niet hoger zijn dan één verdieping boven het maaiveld. 1.22

Dakopbouw:

een vergroting van een gebouw welke een onzelfstandige uitbreiding vormt van de onder het dak gelegen woning of andere daar gevestigde rechtmatige functie, en daarvan deel uitmaakt. 1.23

Dakvlak:

vlak of hellend dak van een gebouw, waarop dakbedekking is aangebracht. 1.24

Dakvorm:

De specifieke vorm van een dak, zoals een zadeldak, lessenaarsdak, schilddak, mansardedak, asymetrisch dak of plat dak. 1.25

Detailhandel:

het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.26

Dienstverlening als aan-huis-verbonden beroep:

dienstverlening middels een aan huis uitgeoefend beroep op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied in een woning en/of daarbij behorende bijgebouwen en welke activiteit wordt uitgeoefend door ten hoogste twee personen, waarvan er ten minste één woonachtig is in de betreffende woning. 1.27

Eerste bouwlaag:

de bouwlaag op de begane grond. 1.28

Erf:

al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw. 1.29

Escortbedrijf:

de natuurlijke persoon, groep van personen of rechtspersoon die bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, prostitutie aanbiedt, die op een andere plaats dan in de bedrijfsruimte wordt uitgeoefend zoals escortservices en bemiddelings- bureaus.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

8

1.30

Gebouw:

elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.31

Gemeenschappelijke ruimte:

gebouw dat door bewoners dan wel omwonenden gezamenlijk gebruikt kan worden om samen te zijn en gemeenschappelijke activiteiten te organiseren. 1.32

Gemeenschappelijke voorzieningen:

gemeenschappelijke voorzieningen voor bewoners zoals bijvoorbeeld een voedselbos, moestuin en permacultuur 1.33

Hoofdgebouw:

een of meer panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is. 1.34

Huishouden:

Een persoon, of groep personen die een (duurzame) gemeenschappelijke huishouding voert. Indien het huishouden uit twee of meer personen bestaat, betreft het een leefvorm of samenlevingsvorm met een continuïteit in de samenstelling en een onderlinge verbondenheid. Kenmerken van continuïteit in de samenstelling en een onderlinge verbondenheid zijn: voor onbepaalde tijd samenleven; een ieder neemt deel aan het gezinsleven, bijvoorbeeld samen eten en verdeling huishoudelijke taken; eigen kamer, maar gemeenschappelijk sanitair, keuken en woonkamer; personen worden niet door instelling geplaatst, er vindt geen behandelingstraject plaats. Bedrijfsmatige kamerverhuur en bijzondere woonvormen vallen niet onder het begrip 'huishouden'. 1.35

Lichaamsverzorgend beroep als aan-huis-verbonden beroep:

lichaamsverzorgend beroep middels een aan huis uitgeoefend beroep, zoals schoonheidsspecialiste, manicure, pedicure of gelijksoortige beroepen, in een woning en/of daarbij behorende bijgebouwen en welke activiteit wordt uitgeoefend door ten hoogste twee personen, waarvan er ten minste één woonachtig is in de betreffende woning. Kappers/kapsalons zijn hiervan uitgezonderd. 1.36

Nutsvoorzieningen:

ondergrondse en bovengrondsevoorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen en apparatuur voor telecommunicatie. 1.37

Ondergeschikte functie:

functie die ondergeschikt is aan de hoofdfunctie (maximaal 30% van de vloeroppervlakte van de hoofdfunctie).

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

9

1.38

Overig bouwwerk:

een bouwkundige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.39

Overkapping:

een bouwwerk zonder eigen wanden, omsloten door maximaal twee wanden en voorzien van een gesloten dak, waaronder begrepen een carport. 1.40

Pand:

de kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is. 1.41

Peil:

a. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; c. indien in of op het water wordt gebouwd: de hoogte van het terrein ter plaatse van het meest nabij gelegen punt waar het water grenst aan het vaste land. 1.42

Perceelsgrens:

de grens van het bouwperceel. 1.43

Prostitutie:

het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele diensten ten behoeve van een ander tegen vergoeding. 1.44

Raamprostitutie:

een seksinrichting met één of meer ramen van waarachter de prostituee/prostitué tracht de aandacht van passanten op zich te vestigen. 1.45

Seksinrichting:

een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische massagesalon, seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater of een parenclub al dan niet in combinatie met elkaar. 1.46

Straatprostitutie:

het door handelingen, houding, woord, gebaar of op andere wijze passanten tot prostitutie bewegen, uitnodigen dan wel aanlokken.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

10

1.47

Tiny house:

een kleine vrijstaande woning met een complex van ruimtes, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden. 1.48

Uitbouw:

een gebouw dat als vergroting van een bestaande ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw, welk gebouw door de vorm kan worden onderscheiden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.49

Voorgevel:

de naar de weg gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevel, de gevel die op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van het plan kennelijk als zodanig diende te worden aangemerkt. 1.50

Voorgevellijn:

De lijn waarin de voorgevel van het hoofdgebouw is gelegen alsmede het verlengde daarvan. 1.51

Voorgevelrooilijn:

de grens van het bouwvlak die gericht is naar de weg en waarop de bebouwing is georiënteerd. 1.52

Water:

al het oppervlakte water zoals sloten, greppels, (infiltraties)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen; 1.53

Waterhuishoudkundige voorzieningen

voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, hemelwaterinfiltratie en waterkwaliteit. 1.54

Wonen:

het gehuisvest zijn in een woning. 1.55

Woning:

een (gedeelte van) een gebouw dat dient voor de huisvesting van: a. één afzonderlijk huishouden, of b. één huishouden èn maximaal 2 personen niet zijnde een huishouden. 1.56

Zijstroken:

gedeelte van tuin of erf gelegen aan de zijkant(en) van de woning.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

11

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1

De dakhelling:

langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.2

De goothoogte van een bouwwerk:

vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.3

De inhoud van een bouwwerk:

tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.4

De bouwhoogte van een bouwwerk:

vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.5

De afstand tot de zijdelingse bouwperceelgrens:

tussen de zijdelingse grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is. 2.6

De horizontale diepte van een gebouw:

de diepte van een gebouw, gemeten loodrecht vanaf de gevel waaraan wordt gebouwd. 2.7

Oppervlakte van een bouwwerk:

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.8

Vloeroppervlakte

de gebruiksoppervlakte volgens NEN2580. 2.9

De oppervlakte van een overkapping:

tussen de buitenzijde van de afdekking van de overkapping, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van de overkapping. 2.10

Meten:

bij toepassing van deze regels wordt gemeten tot of vanuit een lijn op de (digitale) verbeelding.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

12

Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1

Bestemmingsregels

Groen

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.

groenvoorzieningen; bermen en beplantingen; speelvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen, waaronder waterlopen, waterpartijen en wateroverbruggende voorzieningen; e. voorzieningen van beeldende kunst; f. voorzieningen voor langzaam verkeer en verblijf, met uitzondering ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen uitgesloten - wandelpaden'; g. in- en uitritten; h. parkeervoorzieningen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen parkeervoorziening'; i. nutsvoorzieningen. 3.2

Bouwregels

3.2.1

Algemeen

In of op deze gronden mogen ten behoeve van de bestemming uitsluitend worden gebouwd: a. bouwwerken, geen gebouw zijnde 3.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen gelden de volgende regels: a. toegestaan zijn: lichtmasten ten behoeve van openbare paden en wegen, werken van beeldende kunst, bruggen en speeltoestellen; b. de bouwhoogte bedraagt maximaal: 1. van lichtmasten ten behoeve van openbare paden en wegen 6 m; 2. van speelvoorzieningen 2 m; 3. van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde 4 m; 3.3

Specifieke gebruiksregel

Ter plaatse van de bestemming 'Groen' dient binnen twee jaar na het realiseren van de in het plan mogelijk gemaakte ruimtelijke ontwikkeling de landschappelijke inpassing Fazantlaan West (BRO, december 2023) conform Bijlage 1 te worden aangelegd en in stand te worden gehouden.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

13

Artikel 4 4.1

Verkeer

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.

wegen, straten en paden; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen en bermen; nutsvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen;

4.2

Bouwregels

4.2.1

Algemeen

In of op deze gronden mogen ten behoeve van de bestemming uitsluitend worden gebouwd: a. bouwwerken, geen gebouw zijnde 4.2.2

Bouwwerk, geen gebouw zijnde

De bouwhoogte bedraagt maximaal: a. van kunstobjecten, palen en masten, inclusief voorzieningen voor de verkeersbegeleiding 9 m; b. van speelvoorzieningen 2 m; c. van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, 3 m;

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

14

Artikel 5 5.1

Wonen

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. aan-huis-verbonden beroepen; c. een ontsluitingsweg ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone - weg'; met daaraan ondergeschikt: d. e. f. g.

voorzieningen voor verkeer en verblijf; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; waterhuishoudkundige voorzieningen.

5.2

Bouwregels

5.2.1

Hoofdgebouwen

Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende bepalingen: a. Toegestaan zijn vrijstaande, vrijstaand geschakelde, twee aan een gebouwde en aaneengesloten woningen. b. Hoofdgebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak. c. Per bouwperceel is niet meer dan één woning toegestaan. d. De voorgevel moet gericht zijn op het openbaar gebied en gesitueerd zijn op een afstand van minimaal 4 m en maximaal 5 m van de grens tussen het bouwperceel en het openbaar gebied. e. De afstand van een hoofdgebouw tot de zijdelingse perceelsgrens bij: 1. twee aan een gebouwde woningen mag aan één zijde niet minder bedragen dan 5 m, indien grenzend aan openbaar gebied en mag niet minder bedragen dan 3 m tot de zijdelingse perceelsgrens; 2. vrijstaande en vrijstaand geschakelde woningen mag aan beide zijden niet minder bedragen dan 5 m, indien grenzend aan openbaar gebied en mag niet minder bedragen dan 3 m, indien grenzend aan een belendend woonperceel. 3. eindwoningen van aaneengesloten woningen mag aan één zijde niet minder bedragen dan 3 m. f. De goothoogte mag niet meer bedragen dan 4,5 m. g. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 11 m. h. De bouwdiepte van hoofdgebouwen mag niet meer bedragen dan: 1. 10 meter bij aaneengesloten woningen. 2. 12 meter bij twee aan een gebouwde woningen. 3. 15 meter bij vrijstaande of vrijstaand geschakelde woningen. 4.

de diepte van het bouwperceel bij patiowoningen, met dien verstande dat de maximale bouw- en goothoogte zoals bepaald in lid 5.2.1 f en g slechts is toegestaan over de eerste 10 meter vanuit de voorgevel van de woning. Voor het overige bouwperceel geldt een maximale bouwhoogte van 3,3 m. 5.2.2

Aan- uitbouwen en bijgebouwen

Voor het bouwen van aan- en uitbouwen en bijgebouwen achter de voorgevellijn van het hoofdgebouw gelden de volgende bepalingen:

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

15

a. Aan- en uitbouwen en bijgebouwen dienen op een afstand van tenminste 3 m achter de voorgevellijn van het hoofdgebouw te worden gebouwd. b. Bij hoekwoningen mogen geen aan- en uitbouwen en bijgebouwen worden gebouwd vóór het verlengde van de voorgevellijn van de om de hoek gelegen hoofdgebouwen. Indien er geen hoofdgebouw om de hoek gelegen is, mogen aan- en uitbouwen en bijgebouwen gebouwd worden op een afstand van minimaal 4 meter uit de zijdelingse perceelsgrens. c. De gezamenlijke oppervlakte van aan- en uitbouwen en bijgebouwen mag niet meer bedragen dan 80 m². d. Voor zover de oppervlakte van de strook grond achter de achtergevellijn van het hoofdgebouw meer bedraagt dan 500 m2 mag de onder d geregelde gezamenlijke oppervlakte niet meer bedragen dan 90 m2. e. De gronden gelegen achter de achtergevellijn van het hoofdgebouw en het verlengde daarvan mogen voor maximaal 50% worden bebouwd. f. Bij vrijstaande hoofdgebouwen dienen beide zijstroken tot een breedte van 3 m vanaf de zijdelingse perceelsgrens vrij van aan- en uitbouwen en bijgebouwen te blijven tot de lijn evenwijdig aan en op een afstand van 1 meter achter de achtergevellijn. g. De goothoogte mag niet meer bedragen dan 3,3 m en indien gebouwd wordt aan een éénlaagse bebouwing niet hoger dan dat gebouw. h. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 5 m.

Voor het bouwen van aan- en uitbouwen voor de voorgevellijn van het hoofdgebouw gelden de volgende bepalingen: i.

Aan- en uitbouwen dienen op een afstand van tenminste 2 m achter de perceelsgrens te worden gebouwd. j. De diepte, gemeten vanuit de voorgevellijn, mag niet meer bedragen dan 1 m. k. De oppervlakte mag niet meer bedragen dan 3 m2. l. De hoogte mag niet meer bedragen dan de hoogte van de eerste bouwlaag van het bijbehorende hoofdgebouw. 5.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. De bouwhoogte van een pergola mag niet meer bedragen dan 2,75 m. b. De bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de voorgevellijn niet meer mag bedragen dan 1 m. c. De bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de voorgevel niet meer mag bedragen dan 1 m. d. Een overkapping dient op een afstand van minimaal 3 meter achter de voorgevellijn gebouwd worden. e. De oppervlakte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde inclusief overkappingen mag niet meer bedragen dan 55 m². f. Voor het bouwen van onoverdekte zwembaden gelden de volgende bepalingen: 1. De afstand tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder mag bedragen dan 1 m. 2. De oppervlakte van het zwembad mag niet meer bedragen dan 100 m². 3. Het zwembad mag uitsluitend achter in het achtererfgebied van de woning worden gesitueerd. 4. De bouwhoogte van een zwembad mag niet meer bedragen dan 0,5 m.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

16

5.2.4

Ondergronds bouwen

Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a. Op plaatsen waar hoofd-, aan- en uitbouwen en bijgebouwen zijn of gelijktijdig worden gebouwd mag eveneens ondergronds gebouwd worden, direct aansluitend mogen in- dan wel uitritten ten behoeve van de ondergrondse bouwwerken worden gebouwd. b. De verticale diepte mag bij ondergronds bouwen niet meer bedragen dan 3,5 m. 5.3

Nadere eisen

a. Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen ten aanzien van de situering en de afmetingen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. b. De onder a genoemde nadere eisen mogen slechts worden gesteld met inachtneming van de bouwregels: 1. Indien dit noodzakelijk is ter waarborging van de ruimtelijke kwaliteit, het stedenbouwkundige beeld, dan wel indien dit noodzakelijk is met het oog op een verantwoorde stedenbouwkundige en/of architectonische inpassing in de bestaande bebouwing. 2. Indien dit noodzakelijk is in verband met de sociale veiligheid dan wel de verkeersveiligheid. 3. Ter voorkoming van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken. 5.4

Wetgevingzone - wijzigingsgebied 1

Burgemeester en wethouders zijn overeenkomstig artikel 3.6 Wro bevoegd de bestemming ter plaatse van de aanduiding 'wetgevingzone - wijzigingsgebied 1' te wijzigen ten behoeve van het opnemen van een bouwvlak voor de bouw van woningen, met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. ontwikkeling in samenhang met aangrenzende percelen binnen het plangebied geschied; b. voor de vaststelling van het wijzigingsplan dient inzicht te bestaan in de gewenste verkaveling en het functionele programma, waaronder woningbouw, groen, water, e.d; c. voor de vaststelling van het wijzigingsplan dient een inventarisatie naar het in het wijzigingsgebied aanwezige groen en de aanwezige bomen plaats te vinden en dient vast te staan hoe daarmee in het wijzigingsplan rekening wordt gehouden; d. voor de vaststelling van het wijzigingsplan dient vast te staan dat in het wijzigingsgebied ten aanzien van archeologie geen archeologische- en/of cultuurhistorische waarden worden verstoord danwel dat deze archeologische- en/of cultuurhistorische waarden in voldoende mate zijn beschermd; e. voor de vaststelling van het wijzigingsplan dient vast te staan dat, voorzover het wijzigingsgebied grenst aan de Ecologische Hoofdstructuur, de ecologische waarden en kenmerken van het aangrenzende gebied niet worden verstoord danwel dan negatieve effecten worden gecompenseerd; f.

voor de vaststelling van het wijzigingsplan dient vast te staan dat een aanvaardbare milieuhygiënische woonsituatie zal zijn gewaarborgd; g. voor de vaststelling van het wijzigingsplan dient vast te staan dat in het wijzigingsgebied ten aanzien van bodemverontreinigingen en bodemkwaliteit een aanvaardbare situatie is gewaarborgd; h. voor de vaststelling van het wijzigingsplan dient vast te staan dat in het wijzigingsgebied ten aanzien van de Flora- en faunawet geen beschermde soorten worden verstoord; i. bij het opstellen van het wijzigingsplan moet worden aangesloten bij het gemeentelijk beleid ten aanzien van duurzaamheid en energiezuinigheid; j. bij het opstellen van het wijzigingsplan dient in voldoende mate vast te staan dat de voor het Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

17

wijzigingsgebied benodigde waterberging verzekerd is; k. bij het opstellen van het wijzigingsplan moet worden aangesloten bij het gemeentelijk beleid ten aanzien van parkeren; l. bij de vaststelling van het wijzigingsplan wordt aan de randen van het gebied voorzien in een overgangszone tussen de op te richten woningen en de omliggende gronden. 5.5

Specifieke gebruiksregels

5.5.1

Aan-huis-verbonden beroep

Binnen de bestemming 'Wonen' is de uitoefening van aan-huis-verbonden beroepen toegestaan. Hiervoor gelden de volgende bepalingen: a. Aan-huis-verbonden beroepen zijn uitsluitend toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie. b. Dit houdt in dat de omvang niet meer mag bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing tot een maximum van 50 m². c. Het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte veroorzaken. d. De activiteit dient milieuhygiënisch inpasbaar te zijn in de woonomgeving. e. De activiteit dient te worden uitgeoefend door de bewoner. f. Detailhandel is niet toegestaan. 5.6

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijken van het bepaalde in lid 5.1 onder b voor het toestaan van de uitoefening van een lichaamsverzorgend beroep als aan-huis-verbonden beroep, met dien verstande dat: a. aan-huis-verbonden beroepen uitsluitend zijn toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie. Dit houdt in dat de omvang niet meer mag bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing tot een maximum van 50 m²; b. het gebruik geen nadelige invloed mag hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte mag veroorzaken; c. de activiteit milieuhygiënisch inpasbaar is in de woonomgeving; d. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner; e. detailhandel niet is toegestaan.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

18

Artikel 6 6.1

Wonen - Bungalow 1

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen - Bungalow 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. aan-huis-verbonden beroepen; met daaraan ondergeschikt: c. d. e. f. g.

tuinen en erven; voorzieningen voor verkeer en verblijf; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

6.2

Bouwregels

6.2.1

Hoofdgebouwen

Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende bepalingen: a. Het aantal woningen binnen de bestemming 'Wonen - Bungalow 1' mag niet meer bedragen dan 8. b. Toegestaan zijn uitsluitend bungalows. c. Hoofdgebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak. d. Per bouwperceel is niet meer dan één woning toegestaan. e. De voorgevel moet gericht zijn op het openbaar gebied en gesitueerd zijn in de voorgevelrooilijn of maximaal 3 meter achter de voorgevelrooilijn. f. De goothoogte mag niet meer bedragen dan 3,5 m g. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 3,5 m 6.2.2

Aan- uitbouwen en bijgebouwen

Voor het bouwen van aan- en uitbouwen en bijgebouwen achter de voorgevellijn van het hoofdgebouw gelden de volgende bepalingen: a. Aan- en uitbouwen en bijgebouwen dienen op een afstand van tenminste 3 m achter de voorgevellijn van het hoofdgebouw te worden gebouwd. b. Vrijstaande bijgebouwen zijn niet toegestaan. c. De gezamenlijke oppervlakte van aan- en uitbouwen en bijgebouwen mag niet meer bedragen dan 80 m². d. Voor zover de oppervlakte van de strook grond achter de achtergevellijn van het hoofdgebouw meer bedraagt dan 500 m2 mag de onder c geregelde gezamenlijke oppervlakte niet meer bedragen dan 90 m2. e. De gronden gelegen achter de achtergevellijn van het hoofdgebouw en het verlengde daarvan mogen voor maximaal 50% worden bebouwd. f. Bij vrijstaande hoofdgebouwen dienen beide zijstroken tot een breedte van 1,5 m vanaf de zijdelingse perceelsgrens vrij van aan- en uitbouwen en bijgebouwen te blijven tot de lijn evenwijdig aan en op een afstand van 1 meter achter de achtergevellijn. g. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 3,3 m en indien gebouwd wordt aan een éénlaagse bebouwing niet hoger dan dat gebouw. Voor het bouwen van aan- en uitbouwen voor de voorgevellijn van het hoofdgebouw gelden de Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

19

volgende bepalingen: h. Aan- en uitbouwen dienen op een afstand van tenminste 2 m achter de perceelsgrens te worden gebouwd. i. De diepte, gemeten vanuit de voorgevellijn, mag niet meer bedragen dan 1 m. j. De oppervlakte mag niet meer bedragen dan 5 m2. k. De hoogte mag niet meer bedragen dan de hoogte van de eerste bouwlaag van het bijbehorende hoofdgebouw. 6.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. De bouwhoogte van een pergola mag niet meer bedragen dan 2,75 m. b. De bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de voorgevellijn niet meer mag bedragen dan 1 m. c. De bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de voorgevel niet meer mag bedragen dan 1 m. d. Een overkapping dient op een afstand van minimaal 3 meter achter de voorgevellijn gebouwd te worden. e. De oppervlakte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag inclusief overkappingen mag niet meer bedragen dan 55 25 m². f. Voor het bouwen van onoverdekte zwembaden gelden de volgende bepalingen 1. De afstand tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder mag bedragen dan 1 m. 2. De oppervlakte van het zwembad mag niet meer bedragen dan 100 m². 3. Het zwembad mag uitsluitend in het achtererfgebied van de woning worden gesitueerd. 4. De bouwhoogte van een zwembad mag niet meer bedragen dan 0,5 m. 6.2.4

Ondergronds bouwen

Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a. Op plaatsen waar hoofd-, aan- en uitbouwen en bijgebouwen zijn of gelijktijdig worden gebouwd mag eveneens ondergronds gebouwd worden, direct aansluitend mogen in- dan wel uitritten ten behoeve van de ondergrondse bouwwerken worden gebouwd. b. De verticale diepte mag bij ondergronds bouwen niet meer bedragen dan 3,5 m. 6.3

Nadere eisen

a. Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen ten aanzien van de situering en de afmetingen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. b. De onder a genoemde nadere eisen mogen slechts worden gesteld met inachtneming van de bouwregels: 1. Indien dit noodzakelijk is ter waarborging van de ruimtelijke kwaliteit, het stedenbouwkundige beeld, dan wel indien dit noodzakelijk is met het oog op een verantwoorde stedenbouwkundige en/of architectonische inpassing in de bestaande bebouwing. 2. Indien dit noodzakelijk is in verband met de sociale veiligheid dan wel de verkeersveiligheid. 3. Ter voorkoming van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken 6.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen: Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

20

a. van het bepaalde in lid 6.2.1 e voor het situeren van hoofdgebouwen op kortere afstand tot het openbaar gebied dan 4 meter of op een grotere afstand tot het openbaar gebied dan 7 meter indien dit stedenbouwkundig verantwoord is en niet leidt tot een onacceptabele parkeeroplossing waarbij afgeweken moet worden van het bepaalde in 19.1. b. van het bepaalde in lid 6.2.1 f voor een kortere afstand tot het openbaar gebied indien dit stedenbouwkundig verantwoord is en/of noodzakelijk is vanwege een doelmatige verkaveling; c. van het bepaalde in lid 6.2.1 onder g en h voor een goot- en bouwhoogte indien dit stedenbouwkundig verantwoord is; d. voor de bouw c.q. het plaatsen van kleine hobbyruimten van lichte constructie, waaronder volières, buitenrennen en kassen met een maximale oppervlakte van 10 m2 én indien niet hoger dan 5 m; e. van het bepaalde in lid 6.2.3 onder c voor vlaggenmasten tot een maximale hoogte van 10 m vanaf peil. f. van het bepaalde in lid 6.2.1 voor een dakopbouw tot maximaal 6 meter, met dien verstande dat: 1. maximaal 33% van het dakvlak wordt benut voor een opbouw, met een maximum van 55m2; 2. de dakhelling maximaal 30o bedraagt. 3. de opbouw ligt terug in het dakvlak. De opbouw in één gevelvlak vanaf het maaiveld doortrekken is niet toegestaan. 6.5

Specifieke gebruiksregels

6.5.1

Aan-huis-verbonden beroep

Binnen de bestemming 'Wonen - Bungalow 1' is de uitoefening van aan-huis-verbonden beroepen toegestaan. Hiervoor gelden de volgende bepalingen: a. Aan-huis-verbonden beroepen zijn uitsluitend toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie. b. Dit houdt in dat de omvang niet meer mag bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing tot een maximum van 50 m². c. Het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte veroorzaken. d. De activiteit dient milieuhygiënisch inpasbaar te zijn in de woonomgeving. e. De activiteit dient te worden uitgeoefend door de bewoner. f. Detailhandel is niet toegestaan. 6.6

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijken van het bepaalde in lid 6.1 onder b voor het toestaan van de uitoefening van een lichaamsverzorgend beroep als aan-huis-verbonden beroep, met dien verstande dat: a. aan-huis-verbonden beroepen uitsluitend zijn toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie. Dit houdt in dat de omvang niet meer mag bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing tot een maximum van 50 m²; b. het gebruik geen nadelige invloed mag hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte mag veroorzaken; c. de activiteit milieuhygiënisch inpasbaar is in de woonomgeving; d. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner; e. detailhandel niet is toegestaan.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

21

6.7

Voorwaardelijke verplichting waterberging op eigen terrein

Binnen de bestemming 'Wonen - Bungalow 1' is het gebruik van gronden en gebouwen slechts toegestaan als: a. hemelwater, afkomstig van daken van woningen en bijgebouwen en van verhard oppervlak op eigen terrein wordt geborgen dan wel geïnfiltreerd; met dien verstande dat: b. een bergingsvoorziening c.q. infiltratievoorziening met een minimale omvang van 60mm per m² verhard oppervlak dient te worden gerealiseerd en in stand te worden gehouden. c. de bodem van de voorziening moet boven de gemiddeld hoogste grondwaterstand liggen;

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

22

Artikel 7 7.1

Wonen - Bungalow 2

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen - Bungalow 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. aan-huis-verbonden beroepen; met daaraan ondergeschikt: c. d. e. f. g.

tuinen en erven; voorzieningen voor verkeer en verblijf; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

7.2

Bouwregels

7.2.1

Hoofdgebouwen

Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende bepalingen: a. Het aantal woningen binnen de bestemming 'Wonen - Bungalow 2' mag niet meer bedragen dan 7. b. Toegestaan zijn uitsluitend bungalows. c. Hoofdgebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak. d. Per bouwperceel is niet meer dan één woning toegestaan. e. De voorgevel moet gericht zijn op het openbaar gebied en gesitueerd zijn in de voorgevelrooilijn of maximaal 3 meter achter de voorgevelrooilijn. f. De goothoogte mag niet meer bedragen dan 3,5 m g. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 3,5 m

7.2.2

Aan- uitbouwen en bijgebouwen

Voor het bouwen van aan- en uitbouwen en bijgebouwen achter de voorgevellijn van het hoofdgebouw gelden de volgende bepalingen: a. Aan- en uitbouwen en bijgebouwen dienen op een afstand van tenminste 3 m achter de voorgevellijn van het hoofdgebouw te worden gebouwd. b. Vrijstaande bijgebouwen zijn niet toegestaan. c. De gezamenlijke oppervlakte van aan- en uitbouwen en bijgebouwen mag niet meer bedragen dan 80 m². d. Voor zover de oppervlakte van de strook grond achter de achtergevellijn van het hoofdgebouw meer bedraagt dan 500 m2 mag de onder c geregelde gezamenlijke oppervlakte niet meer bedragen dan 90 m2. e. De gronden gelegen achter de achtergevellijn van het hoofdgebouw en het verlengde daarvan mogen voor maximaal 50% worden bebouwd. f. Bij vrijstaande hoofdgebouwen dienen beide zijstroken tot een breedte van 1,5 m vanaf de zijdelingse perceelsgrens vrij van aan- en uitbouwen en bijgebouwen te blijven tot de lijn evenwijdig aan en op een afstand van 1 meter achter de achtergevellijn. g. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 3,3 m en indien gebouwd wordt aan een éénlaagse bebouwing niet hoger dan dat gebouw.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

23

Voor het bouwen van aan- en uitbouwen voor de voorgevellijn van het hoofdgebouw gelden de volgende bepalingen: h. Aan- en uitbouwen dienen op een afstand van tenminste 2 m achter de perceelsgrens te worden gebouwd. i. De diepte, gemeten vanuit de voorgevellijn, mag niet meer bedragen dan 1 m. j. De oppervlakte mag niet meer bedragen dan 5 m2. k. De hoogte mag niet meer bedragen dan de hoogte van de eerste bouwlaag van het bijbehorende hoofdgebouw. 7.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. De bouwhoogte van een pergola mag niet meer bedragen dan 2,75 m. b. De bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de voorgevellijn niet meer mag bedragen dan 1 m. c. De bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de voorgevel niet meer mag bedragen dan 1 m. d. Een overkapping dient op een afstand van minimaal 3 meter achter de voorgevellijn gebouwd te worden. e. De oppervlakte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde inclusief overkappingen mag niet meer bedragen dan 55 25 m². f. Voor het bouwen van onoverdekte zwembaden gelden de volgende bepalingen 1. De afstand tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder mag bedragen dan 1 m. 2. De oppervlakte van het zwembad mag niet meer bedragen dan 100 m². 3. Het zwembad mag uitsluitend in het achtererfgebied van de woning worden gesitueerd. 4. De bouwhoogte van een zwembad mag niet meer bedragen dan 0,5 m. 7.2.4

Ondergronds bouwen

Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a. Op plaatsen waar hoofd-, aan- en uitbouwen en bijgebouwen zijn of gelijktijdig worden gebouwd mag eveneens ondergronds gebouwd worden, direct aansluitend mogen in- dan wel uitritten ten behoeve van de ondergrondse bouwwerken worden gebouwd. b. De verticale diepte mag bij ondergronds bouwen niet meer bedragen dan 3,5 m. 7.3

Nadere eisen

a. Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen ten aanzien van de situering en de afmetingen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. b. De onder a genoemde nadere eisen mogen slechts worden gesteld met inachtneming van de bouwregels: 1. Indien dit noodzakelijk is ter waarborging van de ruimtelijke kwaliteit, het stedenbouwkundige beeld, dan wel indien dit noodzakelijk is met het oog op een verantwoorde stedenbouwkundige en/of architectonische inpassing in de bestaande bebouwing. 2. Indien dit noodzakelijk is in verband met de sociale veiligheid dan wel de verkeersveiligheid. 3. Ter voorkoming van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

24

7.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen: a. van het bepaalde in lid 7.2.1 e voor het situeren van hoofdgebouwen op kortere afstand tot het openbaar gebied dan 3 meter of op een grotere afstand tot het openbaar gebied dan 7 meter indien dit stedenbouwkundig verantwoord is en niet leidt tot een onacceptabele parkeeroplossing waarbij afgeweken moet worden van het bepaalde in 19.1. b. van het bepaalde in lid 7.2.1 f voor een kortere afstand tot het openbaar gebied indien dit stedenbouwkundig verantwoord is en/of noodzakelijk is vanwege een doelmatige verkaveling; c. van het bepaalde in lid 7.2.1 onder g en h voor een goot- en bouwhoogte indien dit stedenbouwkundig verantwoord is; d. voor de bouw c.q. het plaatsen van kleine hobbyruimten van lichte constructie, waaronder volières, buitenrennen en kassen met een maximale oppervlakte van 10 m2 én indien niet hoger dan 5 m; e. van het bepaalde in lid 7.2.3 onder c voor vlaggenmasten tot een maximale hoogte van 10 m vanaf peil. f. van het bepaalde in lid 7.2.1 voor een dakopbouw tot maximaal 6 meter, met dien verstande dat: 1. maximaal 45% van het dakvlak wordt benut voor een opbouw, met een maximum van 50m2; 2. de dakhelling maximaal 30° bedraagt. 3. de dakhelling minimaal 20° bedraagt, indien de opbouw in één gevelvlak vanaf maaiveld wordt opgebouwd. 7.5

Specifieke gebruiksregels

7.5.1

Aan-huis-verbonden beroep

Binnen de bestemming 'Wonen - Bungalow 2' is de uitoefening van aan-huis-verbonden beroepen toegestaan. Hiervoor gelden de volgende bepalingen: a. Aan-huis-verbonden beroepen zijn uitsluitend toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie. b. Dit houdt in dat de omvang niet meer mag bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing tot een maximum van 50 m². c. Het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte veroorzaken. d. De activiteit dient milieuhygiënisch inpasbaar te zijn in de woonomgeving. e. De activiteit dient te worden uitgeoefend door de bewoner. f. Detailhandel is niet toegestaan. 7.6

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijken van het bepaalde in lid 7.1 onder b voor het toestaan van de uitoefening van een lichaamsverzorgend beroep als aan-huis-verbonden beroep, met dien verstande dat: a. aan-huis-verbonden beroepen uitsluitend zijn toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie. Dit houdt in dat de omvang niet meer mag bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing tot een maximum van 50 m²; b. het gebruik geen nadelige invloed mag hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte mag veroorzaken; c. de activiteit milieuhygiënisch inpasbaar is in de woonomgeving; d. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner; Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

25

e. detailhandel niet is toegestaan. 7.7

Voorwaardelijke verplichting waterberging op eigen terrein

Binnen de bestemming 'Wonen - Bungalow 2' is het gebruik van gronden en gebouwen slechts toegestaan als: a. hemelwater, afkomstig van daken van woningen en bijgebouwen en van verhard oppervlak op eigen terrein wordt geborgen dan wel geïnfiltreerd; met dien verstande dat: b. een bergingsvoorziening c.q. infiltratievoorziening met een minimale omvang van 60mm per m² verhard oppervlak dient te worden gerealiseerd en in stand te worden gehouden. c. de bodem van de voorziening moet boven de gemiddeld hoogste grondwaterstand liggen;

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

26

Artikel 8 8.1

Wonen - Tiny Houses

Bestemmingsomschrijving

De voor Wonen - Tiny Houses aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen in de vorm van tiny houses; b. aan-huis-verbonden beroepen; met daaraan ondergeschikt: c. tuinen en erven, met dien verstande dat deze gronden niet worden beschouwd als erf in de zin van artikel 1 van bijlage II behorende bij het Besluit omgevingsrecht, zoals dat artikel luidt op het moment van de datum van inwerkingtreding van dit plan, of diens rechtsopvolger. d. gemeenschappelijke voorzieningen; e. voorzieningen voor verkeer en verblijf; f. parkeervoorzieningen, mits gebundeld met een maximum van 4 parkeerplaatsen; g. groenvoorzieningen; h. water en waterhuishoudkundige voorzieningen. 8.2

Bouwregels

8.2.1

Hoofdgebouwen

Voor het bouwen van Tiny houses gelden de volgende bepalingen: a. Tiny Houses mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd. b. Het aantal woningen binnen de bestemming 'Wonen - Tiny Houses' mag niet meer bedragen dan 15. c. Het netto bouwoppervlak van een tiny house bedraagt maximaal 35m2. d. Het netto vloeroppervlak van een tiny house bedraagt maximaal 50m2. e. De onderlinge afstand tussen iedere tiny house bedraagt ten minste 5 meter. f. De bouwhoogte bedraagt maximaal 3 meter. g. Een dakopbouw is toegestaan tot een hoogte van maximaal 4,5 meter. h. Dakterassen en dakopbouwen zijn niet toegestaan. 8.2.2

Aan- uitbouwen en bijgebouwen

Voor het bouwen van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen gelden de volgende bepalingen: a. aan- en uitbouwen, bijgebouwen, overkappingen en dakterrassen zijn niet toegestaan; b. in afwijking van het bepaalde onder a is per tiny house één veranda toegestaan met dien verstande dat: 1. het in directe verbinding staat met een tiny house; 2. de oppervlakte maximaal 8 m2 bedraagt; 3. de bouwhoogte maximaal 3 meter bedraagt; 4. de onderlinge afstand tussen ieder tiny house en veranda ten minste 5 meter bedraagt; 8.2.3

Gemeenschappelijke ruimte

Voor het bouwen van één gemeenschappelijke ruimte gelden de volgende bepalingen: a. Uitsluitend binnen het bouwvlak mag één gemeenschappelijke ruimte worden gebouwd. b. De bouwhoogte van een gemeenschappelijke ruimte bedraagt maximaal 3,5 meter. c. Het netto vloeroppervlak van een gemeenschappelijke ruimte bedraagt maximaal 75 m2.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

27

8.2.4

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. erfafscheidingen zijn niet toegestaan; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, bedraagt ten hoogste 3 m. 8.3

Nadere eisen

a. Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen ten aanzien van de situering en de afmetingen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. b. De onder a genoemde nadere eisen mogen slechts worden gesteld met inachtneming van de bouwregels: 1. Indien dit noodzakelijk is ter waarborging van de ruimtelijke kwaliteit, het stedenbouwkundige beeld, dan wel indien dit noodzakelijk is met het oog op een verantwoorde stedenbouwkundige en/of architectonische inpassing in de bestaande bebouwing. 2. Indien dit noodzakelijk is in verband met de sociale veiligheid dan wel de verkeersveiligheid. 3. Ter voorkoming van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken. 8.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen mits daar stedenbouwkundig of vanuit duurzaamheid aanleiding toe is: a. van het bepaalde in lid 8.2.1 onder f voor een bouwhoogte tot maximum van 5 m; b. van het bepaalde in lid.8.2.1 onder c voor een netto bouwoppervlak van een tiny house van maximaal 40m2. c. van het bepaalde in lid 8.2.4 onder a voor het oprichten van een erfafscheiding met een maximum van 1,5 m hoog; 8.5

Specifieke gebruiksregels

8.5.1

Aan-huis-verbonden beroep

Binnen de bestemming Wonen - Tiny Houses is de uitoefening van aan-huis-verbonden beroepen toegestaan. Hiervoor gelden de volgende bepalingen: a. Aan-huis-verbonden beroepen zijn uitsluitend toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie. b. Dit houdt in dat de omvang niet meer mag bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing tot een maximum van 15 m². c. Het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte veroorzaken. d. De activiteit dient milieuhygiënisch inpasbaar te zijn in de woonomgeving. e. De activiteit dient te worden uitgeoefend door de bewoner. f. Detailhandel is niet toegestaan. 8.6

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijken van het bepaalde in lid 8.1 onder b voor het toestaan van de uitoefening van een lichaamsverzorgend beroep als aan-huis-verbonden beroep, met dien verstande dat: Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

28

a. aan-huis-verbonden beroepen uitsluitend zijn toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie. Dit houdt in dat de omvang niet meer mag bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing tot een maximum van 15 m²; b. het gebruik geen nadelige invloed mag hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte mag veroorzaken; c. de activiteit milieuhygiënisch inpasbaar is in de woonomgeving; d. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner; e. detailhandel niet is toegestaan. 8.7

Voorwaardelijke verplichting waterberging op eigen terrein

Binnen de bestemming 'Wonen - Tiny Houses' is het gebruik van gronden en gebouwen slechts toegestaan als: a. hemelwater, afkomstig van daken van woningen en bijgebouwen en van verhard oppervlak op eigen terrein wordt geborgen dan wel geïnfiltreerd; met dien verstande dat: b. een bergingsvoorziening c.q. infiltratievoorziening met een minimale omvang van 60mm per m² verhard oppervlak dient te worden gerealiseerd en in stand te worden gehouden. c. de bodem van de voorziening moet boven de gemiddeld hoogste grondwaterstand liggen. d. met eigen terrein de gronden binnen de bestemming 'Wonen - Tiny Houses' wordt verstaan.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

29

Artikel 9 9.1

Wonen - Vrijstaand

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen - Vrijstaand' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. aan-huis-verbonden beroepen; met daaraan ondergeschikt: c. d. e. f. g.

tuinen en erven; voorzieningen voor verkeer en verblijf; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

9.2

Bouwregels

9.2.1

Hoofdgebouwen

Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende bepalingen: a. Het aantal woningen mag niet meer bedragen dan is aangegeven ter plaatse van de maatvoering 'maximum aantal wooneenheden'; b. Toegestaan zijn uitsluitend vrijstaande woningen. c. Hoofdgebouwen zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak. d. Per bouwperceel is niet meer dan één woning toegestaan. e. De voorgevel moet gericht zijn op het openbaar gebied en gesitueerd zijn in de voorgevelrooilijn of maximaal 3 meter achter de voorgevelrooilijn. f. De goothoogte mag niet meer bedragen dan 3,5 m g. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan: 1. 9 m bij een zadeldak, mansarde kap of asymetrisch dak; 2. 7 m bij een schilddak; 3. 3,5 m bij een plat dak; h. De dakhelling bedraagt: 1. minimaal 30o en maximaal 50o bij een zadeldak of marsarde kap; 2. minimaal 30o en maximaal 75o bij een asymetrisch dak; 3. minimaal 40o en maximaal 75o bij een schilddak; 9.2.2

Aan- uitbouwen en bijgebouwen

Voor het bouwen van aan- en uitbouwen en bijgebouwen achter de voorgevellijn van het hoofdgebouw gelden de volgende bepalingen: a. Aan- en uitbouwen en bijgebouwen dienen op een afstand van tenminste 3 m achter de voorgevellijn van het hoofdgebouw te worden gebouwd. b. De gezamenlijke oppervlakte van aan- en uitbouwen en bijgebouwen mag niet meer bedragen dan 80 m². c. Voor zover de oppervlakte van de strook grond achter de achtergevellijn van het hoofdgebouw meer bedraagt dan 500 m2 mag de onder b geregelde gezamenlijke oppervlakte niet meer bedragen dan 90 m2. d. De gronden gelegen achter de achtergevellijn van het hoofdgebouw en het verlengde daarvan mogen voor maximaal 50% worden bebouwd. e. Beide zijstroken tot een breedte van 3 m vanaf de zijdelingse perceelsgrens dienen vrij van

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

30

aan- en uitbouwen en bijgebouwen te blijven tot de lijn evenwijdig aan en op een afstand van 1 meter achter de achtergevellijn. f. De goothoogte mag niet meer bedragen dan 3,5 m en indien gebouwd wordt aan een éénlaagse bebouwing niet hoger dan dat gebouw. g. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 5 m. Voor het bouwen van aan- en uitbouwen voor de voorgevellijn van het hoofdgebouw gelden de volgende bepalingen: h. Aan- en uitbouwen dienen op een afstand van tenminste 2 m achter de perceelsgrens te worden gebouwd. i. De diepte, gemeten vanuit de voorgevellijn, mag niet meer bedragen dan 1 m. j. De oppervlakte mag niet meer bedragen dan 5 m2. k. De hoogte mag niet meer bedragen dan de hoogte van de eerste bouwlaag van het bijbehorende hoofdgebouw. 9.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen: a. De bouwhoogte van een pergola mag niet meer bedragen dan 2,75 m. b. De bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer bedragen dan 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de voorgevellijn niet meer mag bedragen dan 1 m. c. De bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 m, met dien verstande dat de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, vóór de voorgevel niet meer mag bedragen dan 1 m. d. Een overkapping dient op een afstand van minimaal 3 meter achter de voorgevellijn gebouwd te worden. e. De oppervlakte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde inclusief overkappingen mag niet meer bedragen dan 55 m². f. Voor het bouwen van onoverdekte zwembaden gelden de volgende bepalingen 1. De afstand tot de zijdelingse perceelsgrens mag niet minder mag bedragen dan 5 m. 2. De oppervlakte van het zwembad mag niet meer bedragen dan 150 m². 3. Het zwembad mag uitsluitend achter de achtergevelrooilijn van de woning worden gesitueerd. 4. De bouwhoogte van een zwembad mag niet meer bedragen dan 0,5 m. 9.2.4

Ondergronds bouwen

Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a. Op plaatsen waar hoofd-, aan- en uitbouwen en bijgebouwen zijn of gelijktijdig worden gebouwd mag eveneens ondergronds gebouwd worden, direct aansluitend mogen in- dan wel uitritten ten behoeve van de ondergrondse bouwwerken worden gebouwd. b. De verticale diepte mag bij ondergronds bouwen niet meer bedragen dan 3,5 m. 9.3

Nadere eisen

a. Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen ten aanzien van de situering en de afmetingen van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. b. De onder a genoemde nadere eisen mogen slechts worden gesteld met inachtneming van de bouwregels: 1. Indien dit noodzakelijk is ter waarborging van de ruimtelijke kwaliteit, het stedenbouwkundige beeld, dan wel indien dit noodzakelijk is met het oog op een verantwoorde stedenbouwkundige en/of architectonische inpassing in de bestaande Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

31

bebouwing. 2. Indien dit noodzakelijk is in verband met de sociale veiligheid dan wel de verkeersveiligheid. 3. Ter voorkoming van onevenredige aantasting van de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken. 9.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen: a. van het bepaalde in lid 9.2.1e voor het situeren van hoofdgebouwen op kortere afstand tot het openbaar gebied dan 4 meter of op een grotere afstand tot het openbaar gebied dan 7 meter indien dit stedenbouwkundig verantwoord is en niet leidt tot een onacceptabele parkeeroplossing waarbij afgeweken moet worden van het bepaalde in 19.1. b. van het bepaalde in lid 9.2.1 f voor een kortere afstand tot het openbaar gebied indien dit stedenbouwkundig verantwoord is en/of noodzakelijk is vanwege een doelmatige verkaveling; c. van het bepaalde in lid 9.2.1 onder h en i voor een goot- en bouwhoogte indien dit stedenbouwkundig verantwoord is; d. van het bepaalde in lid 9.2.2 d voor het bouwen van aan- en uitbouwen en bijgebouwen waardoor het bebouwd oppervlak groter wordt dan 50% indien sprake is van levensloopbestendig bouwen en dit stedenbouwkundig verantwoord is; e. voor de bouw c.q. het plaatsen van kleine hobbyruimten van lichte constructie, waaronder volières, buitenrennen en kassen met een maximale oppervlakte van 10 m2 én indien niet hoger dan 5 m; f. van het bepaalde in lid 9.2.3 onder c voor vlaggenmasten tot een maximale hoogte van 10 m vanaf peil. 9.5

Specifieke gebruiksregels

9.5.1

Aan-huis-verbonden beroep

Binnen de bestemming 'Wonen - Vrijstaand' is de uitoefening van aan-huis-verbonden beroepen toegestaan. Hiervoor gelden de volgende bepalingen: a. Aan-huis-verbonden beroepen zijn uitsluitend toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie. b. Dit houdt in dat de omvang niet meer mag bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing tot een maximum van 50 m². c. Het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte veroorzaken. d. De activiteit dient milieuhygiënisch inpasbaar te zijn in de woonomgeving. e. De activiteit dient te worden uitgeoefend door de bewoner. f. Detailhandel is niet toegestaan. 9.6

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijken van het bepaalde in lid 9.1 onder b voor het toestaan van de uitoefening van een lichaamsverzorgend beroep als aan-huis-verbonden beroep, met dien verstande dat: a. aan-huis-verbonden beroepen uitsluitend zijn toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie. Dit houdt in dat de omvang niet meer mag bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing tot een maximum van 50 m²; b. het gebruik geen nadelige invloed mag hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte mag veroorzaken; c. de activiteit milieuhygiënisch inpasbaar is in de woonomgeving; Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

32

d. de activiteit wordt uitgeoefend door de bewoner; e. detailhandel niet is toegestaan. 9.7

Voorwaardelijke verplichting waterberging op eigen terrein

Binnen de bestemming 'Wonen - Vrijstaand' is het gebruik van gronden en gebouwen slechts toegestaan als: a. hemelwater, afkomstig van daken van woningen en bijgebouwen en van verhard oppervlak op eigen terrein wordt geborgen dan wel geïnfiltreerd; met dien verstande dat: b. een bergingsvoorziening c.q. infiltratievoorziening met een minimale omvang van 60mm per m² verhard oppervlak dient te worden gerealiseerd en in stand te worden gehouden. c. de bodem van de voorziening moet boven de gemiddeld hoogste grondwaterstand liggen; 9.8

Voorwaardelijke verplichting groenzone

Binnen de bestemming 'Wonen - Vrijstaand' is het gebruik van gronden en gebouwen slechts toegestaan als: a. de groenzone ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen - bossingel' wordt aangelegd, beheerd en instand wordt gehouden conform de landschappelijke inpassing Fazantlaan West (BRO, december 2023) zoals opgenomen in Bijlage 1.

Fazantlaan-West (Luchen), vastgesteld

33

Artikel 10 10.1

Leiding - Riool

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Leiding - Riool' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen(en), mede bestemd voor een rioolwatertransportleiding, met bijbehorende beschermingszone. Waar een enkelbestemming samenvalt met deze dubbelbestemming geldt primair het bepaalde ten aanzien van de dubbelbestemming. De bepalingen van de enkelbestemming zijn alsdan uitsluitend van toepassing voor zover deze niet strijdig zijn met het bepaalde ten aanzien van de dubbelbestemming. 10.2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GeldropMierlo&id=b06c8f4e-2cff-4391-ab47-1859f351deab