CConstaterende datGeldrop-Mierlo
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan 1. Toelichting Genoenhuizerweg 6 Geldrop

Raadsvergadering 25 maart 2024, gemeente Geldrop-MierloBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Genoenhuizerweg 620.031 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Dit onderzoek met datum 16 januari 2023 en projectnummer 298590 behoort als bijlage bij deze toelichting. Uit de rekenresultaten blijkt dat ter hoogte van de nieuwe woningen in ruime mate kan worden voldaan aan de normstelling van Stap 2 uit de publicatie bedrijven en milieuzonering en artikel 2.17 van het Activiteitenbesluit. Hierdoor is sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor het onderdeel industrielawaai en worden de activiteiten van het garagebedrijf niet beperkt. Hiermee is het initiatief voor het onderdeel industrielawaai ruimtelijk inpasbaar. 5.9.2.3 Detailhandel Hoog Geldrop 99 In de omgeving van het plangebied is aan Hoog Geldrop 99 een (voormalige) bakkerij gelegen. De richtafstand volgens de VNG-publicatie bedraagt in een rustige omgeving bedraagt ten hoogste 10 meter. Daaraan wordt voldaan binnen het plangebied.

5.10 Externe veiligheid 5.10.1

Beleidskader

5.10.1.1 Inleiding Onder externe veiligheid verstaat men het beheersen van risico’s die direct of indirect voortvloeien uit de opslag, de productie, het gebruik en het vervoer van gevaarlijke stoffen. Het risico is daarbij gedefinieerd als ‘de kans op overlijden’ voor personen. De aanwezige risico’s zijn zeer afhankelijk van het brontype. De relevante typen zijn: bedrijven en vervoer van gevaarlijke stoffen over wegen, spoor, water of leidingen. 5.10.1.2 Besluit externe veiligheid inrichtingen Met Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) wordt beoogd een wettelijke grondslag te geven aan het externe veiligheidsbeleid rondom risicovolle inrichtingen. Het doel van het besluit is de risi-

Crijns Rentmeesters bv

57

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop’ - toelichting

co’s waaraan burgers in hun leefomgeving worden blootgesteld vanwege risicovolle inrichtingen tot een aanvaardbaar minimum te beperken. Op basis van het Bevi geldt voor het plaatsgebonden risico (PR) rondom een risicovolle inrichting een grenswaarde voor kwetsbare objecten en een richtwaarde voor beperkt kwetsbare objecten. Het plaatsgebonden risico is de berekende kans per jaar, dat een persoon overlijdt als rechtsreeks gevolg van een ongeval bij een risicobron, aangenomen dat hij op die plaats permanent en onbeschermd verblijft.. 5.10.1.3 Vervoer van gevaarlijke stoffen Bij de risiconormering voor het vervoer van gevaarlijke stoffen zijn twee verschillende kansen voor het PR verwerkt: de kans dat er daadwerkelijk een zwaar ongeval of ramp plaatsvindt, zoals het ontsnappen van een gevaarlijke stof en de kans dat een persoon daadwerkelijk overlijdt als gevolg van dit zware ongeval of de ramp. Bij een plaatsgebonden risico van 10-6 is de kans dat er daadwerkelijk een zwaar ongeval plaatsvindt 1 op de miljoen. Binnen het nationaal veiligheidsbeleid wordt dit risico als grenswaarde aangemerkt voor de vestiging van kwetsbare objecten. Aan deze normstelling dient voldaan te worden.

Het groepsrisico is de kans per jaar dat een groep van 10 of meer personen in de omgeving van de transportroute of de inrichting voor handelingen met gevaarlijke stoffen in één keer het dodelijk slachtoffer wordt van een ongeval. Het groepsrisico geeft de aandachtspunten aan waar zich mogelijk een ramp met veel slachtoffers kan voordoen en houdt daarmee rekening met de aard en dichtheid van de bebouwing in de nabijheid van de transportroute. In tegenstelling tot het plaatsgebonden risico geldt voor het groepsrisico geen grenswaarde maar een oriëntatiewaarde. Deze oriëntatiewaarde betreft een streefwaarde en heeft geen juridische status. Het overschrijden van de oriëntatiewaarde is mogelijk mits dit in de besluitvorming door het bevoegd gezag gemotiveerd wordt. Bij deze verantwoordingsplicht moet onder andere aandacht besteed worden aan bronmaatregelen, zelfredzaamheid, inzetbaarheid hulpdiensten en dergelijke. Een belangrijke adviserende taak hierin heeft de wettelijk aangewezen adviseur, de regionale brandweer.

5.10.2

Toets

5.10.2.1 Inrichtingen Het plangebied is op de risicokaart van de provincie Noord-Brabant niet aangewezen als gelegen in een risicogebied van een bedrijf met betrekking tot externe veiligheid. Navolgende figuur geeft een uitsnede van de risicokaart externe veiligheid waarop de ligging van het plangebied is aangeduid.

Crijns Rentmeesters bv

58

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop’ - toelichting

Plangebied Figuur 29: Uitsnede risicokaart externe veiligheid, waarop de ligging van het plangebied is aangeduid

5.10.2.2 Transport Het spoortraject Eindhoven–Weert heeft een plaatsgebonden risicocontour 10-6 van 24 meter en een invloedsgebied van 995 meter. Het plangebied is gelegen op een afstand van circa 730 meter tot het spoor. Hierbij is het plangebied gelegen binnen het invloedsgebied van deze spoorlijnverbinding. De gemeente Geldrop-Mierlo heeft geen route gevaarlijke stoffen. Incidenteel vindt vervoer van gevaarlijke stoffen plaats op gemeentelijke wegen van en naar de inrichtingen. Gezien de omvang van dit transport zijn er geen belemmeringen in het kader van externe veiligheid. In de omgeving van het plangebied bevindt zich geen waterwegverbinding waarover gevaarlijke stoffen vervoerd worden. Dit aspect is dus niet van toepassing. In de omgeving van het plangebied zijn geen buisleidingen gelegen. Beïnvloeding vindt hiermee niet plaats. Op korte afstand van het plangebied is een hoogspanningslijn gesitueerd. In de regels en op de verbeelding is een aanduiding opgenomen waarbinnen geen verblijfsfuncties voor kinderen mogen worden gerealiseerd. De woningen worden buiten deze contour opgericht. Er is hiermee geen sprake van een gezondheidsrisico.

5.10.2.3 Groepsrisico Gezien het feit dat het plangebied binnen het invloedsgebied van de spoorwegverbinding Eindhoven-Weert en het invloedsgebied A67 is gelegen, dient er een beperkte verantwoording van het groepsrisico gegeven te worden. De veiligheidsregio heeft een standaardadvies ontwikkeld dat toegepast kan worden aan bepaalde afwegingscriteria, het gaat dan bijvoorbeeld om de afstand en de aard van de ontwikkeling. In dit geval is het plan niet bestemd voor zeer kwetsbare personen, ligt de spoorwegverbinding op een afstand van circa 730 meter tot het plangebied en is de toename van personen in het gebied door dit plan minder dan 50 personen. Derhalve kan het standaardadvies van de Veiligheidsregio overgenomen worden.

Crijns Rentmeesters bv

59

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop’ - toelichting

Het standaardadvies is opgenomen in de bijlagen bij deze toelichting. Communiceer actief met de omwonenden in het plangebied over de risico’s van de gevaarlijke stoffen. Geef daarbij aan wat omwonenden moeten doen bij een incident, namelijk vluchten van risicobron af. Dit bevordert de zelfredzaamheid van omwonenden. Dit advies geldt ook voor bedrijfshulpverleningsorganisaties. Er is binnen het plangebied sprake van een goede bereikbaarheid voor de hulpdiensten en realisatie van een adequate bluswatervoorziening. Er is binnen het plangebied sprake van doodlopende route met een keermogelijkheid aan het einde van de insteekweg. De wegbreedte is meer dan voldoende voor de bereikbaarheid van hulpwagens. De lengte van de weg bedraagt meer dan 80 meter. Hiermee wordt niet voldaan aan de beleidsregel bereikbaarheid en blusvoorziening. Bij de uitwerking van de inrichting van het openbaar gebied bekijkt de gemeente Geldrop-Mierlo in samenspraak met de Veiligheidsregio welke maatregelen nodig zijn om de bereikbaarheid van hulpdiensten te garanderen. Tevens kan worden gesteld dat de bouw van de woningen de zelfredzaamheid van de aanwezige personen niet verkleint. De te realiseren woningen beperken geen ontvluchtingsmogelijkheden en de personen in de woning kunnen als zelfredzaam worden beschouwd.

5.11 Luchtkwaliteit 5.11.1

Beleidskader

5.11.1.1 Bijdrage aan luchtkwaliteitsverontreiniging De Wet luchtkwaliteit is op 15 november 2007 in werking getreden. Belangrijk aspect in de Wet luchtkwaliteit is het begrip ‘Niet In Betekenende Mate’ (NIBM). Ontwikkelingen, projecten en activiteiten die NIBM bijdragen aan een verslechtering van de luchtkwaliteit, hoeven door het bevoegd gezag in principe niet meer afzonderlijk te worden getoetst aan de grenswaarden voor de luchtkwaliteit. In de ‘Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)’ wordt aangegeven op welke manier snel kan worden vastgesteld of de bijdrage van een nieuwbouwproject op de luchtkwaliteit valt onder de term ‘niet in betekenende mate’. De bijlage geeft een harde omschrijving van het aantal gevallen. Voor woningbouw geldt bijvoorbeeld bij 1 ontsluitingsweg een aantal van 1.500 nieuwe woningen netto. 5.11.1.2 Blootstelling aan verontreiniging In de Wet milieubeheer is de Europese richtlijn luchtkwaliteit geïmplementeerd. Het doel van de wet is mensen te beschermen tegen risico’s van luchtverontreiniging. De richtlijn geeft de volgende grenswaarden voor fijnstof: - de grenswaarde jaargemiddelde concentratie van PM10 is 40 µg/m³. - de grenswaarde daggemiddelde concentratie van PM10 is 50 µg/m³. De concentratie fijn stof mag maximaal 35 dagen per kalenderjaar hoger zijn dan deze waarde .

- de grenswaarde jaargemiddelde concentratie van PM2,5 is 20 µg/m³. De Europese richtlijn luchtkwaliteit geeft de volgende grenswaarde voor stikstofdioxide: de grenswaarde jaargemiddelde concentratie van NO2 is 40 µg/m³.

Crijns Rentmeesters bv

60

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop’ - toelichting

5.11.2

Toets

5.11.2.1 Bijdrage aan luchtkwaliteitsverontreiniging De beoogde herontwikkeling ziet toe op realisatie van 14 woningen en ziet hiermee binnen het begrip NIBM. De luchtkwaliteit hoeft voor dit plan niet verder te worden onderzocht. 5.11.2.2 Blootstelling aan verontreiniging Navolgende figuren geven de jaargemiddelde concentratie van fijnstof binnen het plangebied en directe omgeving weer.

Plangebied Figuur 30: Fijnstof PM10 (Bron: RIVM)

Plangebied Figuur 31: Fijnstof PM2,5 (Bron: RIVM)

Crijns Rentmeesters bv

61

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop’ - toelichting

Binnen het plangebied is sprake van jaargemiddelde concentratie PM10 van 16 µg/m³. De jaargemiddelde concentratie PM2,5 bedraagt 9 µg/m³. Gesteld kan worden dat hiermee de luchtkwaliteit ter plaatse acceptabel is en dat de beoogde herontwikkeling in het kader van blootstelling aan luchtverontreiniging als gevolg van fijnstof geen bezwaar is. Navolgende figuur geeft de jaargemiddelde concentratie van NO2 binnen het plangebied en directe omgeving weer.

Plangebied Figuur 32: Stikstofdioxide (Bron: RIVM)

Binnen het plangebied is sprake van jaargemiddelde concentratie NO2 van 13 µg/m³. Geconcludeerd kan worden dan de beoogde ontwikkeling in het kader van de blootstelling aan luchtverontreiniging als gevolg van stikstofdioxide geen bezwaar is.

5.12 Besluit m.e.r. 5.12.1

Beleidskader

5.12.1.1 Inleiding De milieueffectrapportage is een procedure met als hoofddoel om het milieubelang volwaardig te laten meewegen bij de voorbereiding en vaststelling van plannen en besluiten. De milieueffectrapportage (m.e.r.) is geregeld in hoofdstuk 7 van de Wet Milieubeheer (Wm) en in het Besluit m.e.r. 5.12.1.2 Plan-m.e.r.-plicht vanwege Besluit m.e.r.: Voor de beoogde herontwikkeling is gekeken naar activiteiten die een m.e.r.-(beoordelings)plicht kennen. Hierbij is de volgende activiteit gevonden die mogelijk m.e.r.-(beoordelings)plichtig is: ‘D11.2: de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen, bij een oppervlakte van 100 hectare of meer aaneengesloten gebied en dat 2.000 woningen of meer omvat of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m² of meer betreft.)’.

Crijns Rentmeesters bv

62

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop’ - toelichting

5.12.1.3 Plan-m.e.r.-plicht vanwege passende beoordeling Zeker gesteld moet zijn dat een ontwikkeling geen nadelige gevolgen heeft voor een Natura 2000gebied. 5.12.1.4 Vormvrije m.e.r.-beoordeling Het doel van een aanmeldnotitie ten behoeve van de (vormvrije) m.e.r.-beoordeling is om op objectieve wijze informatie over mogelijke relevante milieugevolgen van de voorgenomen activiteit te verzamelen. Met deze informatie kan het bevoegd gezag een oordeel geven over de noodzaak van het doorlopen van een m.e.r.-procedure. Een m.e.r.-beoordeling betekent dat er géén MER wordt opgesteld, tenzij er sprake is van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. Het uitgangspunt is dus: ‘Nee, tenzij…’. De belangrijke nadelige gevolgen moeten worden beoordeeld op basis van het toetsingskader van bijlage III van de Europese Richtlijn Milieueffectbeoordeling (85/337/EEG). Bijlage III noemt drie hoofdthema’s: 1. De kenmerken van de activiteit (waaronder omvang, verontreiniging, hinder en risico van ongevallen). 2. De plaats van de activiteit (in relatie tot de kwetsbaarheid van het milieu). 3. De kenmerken van het potentiële effect (waaronder het bereik, de orde van grootte en waarschijnlijkheid van effect).

5.12.2

Toets

5.12.2.1 1: Plan-m.e.r.-plicht vanwege Besluit m.e.r.: De toelichting behelst de realisatie van 12 grondgebonden woningen. Daarmee blijft dit plan (ruim) onder de drempelwaarden genoemd in onderdeel D11.2. Het plan is daarom niet plan m.e.r.-plichtig. Indien een activiteit een omvang heeft die onder de drempelwaarden ligt, dient op grond van de selectiecriteria in de Europese richtlijn milieueffectbeoordeling te worden vastgesteld of belangrijke nadelige gevolgen van de activiteit voor het milieu kunnen worden uitgesloten, een zogenaamde 'vormvrije m.e.r.- beoordeling'. Pas als dat het geval is, is de activiteit niet m.e.r.-(beoordelings) plichtig. 5.12.2.2 Ad 2: Plan-m.e.r.-plicht vanwege passende beoordeling In de quickscan fora en fauna en de het stikstofdepositie-onderzoek wordt geconcludeerd dat de beoogde herontwikkeling geen nadelige invloed heeft op de Natura 2000-gebieden in de omgeving. Het opstellen van een m.e.r. is niet noodzakelijk.

5.12.2.3 Vormvrije m.e.r.-beoordeling Kenmerken van het project De omvang van het project: Het plan heeft betrekking op realisatie van twaalf grondgebonden woningen binnen de bebouwde kom van Geldrop. Het plangebied kent een oppervlakte van circa 10.741 m². Er is dus sprake van een extensieve woningbouwontwikkeling. Het plangebied bevindt zich te midden van bestaande woningbouw.

Crijns Rentmeesters bv

63

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop’ - toelichting

Cumulatie met andere projecten In de omgeving van het plangebied zijn geen grootschalige ontwikkelingen bekend die kunnen leiden tot een stapeling (cumulatie) van milieueffecten. Er zijn geen relevante activiteiten of projecten waarmee rekening moet worden gehouden in de beoordeling. Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen Het gebruik van natuurlijke hulpbronnen ten behoeve van realisatie en onderhoud van de gebouwde omgeving zal plaatsvinden op een conventionele manier en geeft geen aanleiding aanzienlijke gevolgen voor het milieu te veronderstellen, zodanig dat daarvoor een MER dient te worden uitgevoerd. De woningen worden gerealiseerd met steenachtige materialen, staal en hout. Grondstoffen die niet bijzonder schaars zijn. Wat betreft energie stimuleert de gemeente het gebruik van duurzame (energie)systemen. De woningen worden gasloos gerealiseerd. De productie van afvalstoffen Bij de beoogde herontwikkeling worden geen stoffen, methoden of technologieën gebruikt waardoor afvalstoffen of emissies vrijkomen. Verontreiniging en hinder Tijdens de realisatiefase is er wellicht enige hinder in de vorm van geluid en trillingen. Het (aannemers)bedrijf welke verantwoordelijk is voor de uitvoering van de realisatie zal zich moeten houden aan de algemene wet- en regelgeving en de geldende milieuwetgeving.

Risico van ongevallen, met name gelet op de gebruikte stoffen of technologieën Woningen zijn geen risicobron. Er zijn geen belemmeringen vanuit het plaatsgebonden risico ten aanzien van inrichtingen, transportassen en buisleidingen. Plaats van de activiteit Het bestaande grondgebruik Binnen het plangebied is enkel sprake van braakliggend land. In samenhang met deze herbestemming is het tuincentrum binnen het plangebied gesaneerd. Natuurlijke hulpbronnen Binnen het plangebied zijn geen relevante natuurlijke hulpbronnen die bijdragen aan het project dan wel effect hebben op het project. Opname vermogen / gevoeligheid van het milieu Uit de beoordeling van de planologisch relevante milieuaspecten komt naar voren dat het planvoornemen deze aspecten niet belemmert. Kenmerken van de potentiële effecten Het bereik van het effect betreft de zeer nabije directe omgeving van het plangebied. Er is geen sprake van een grensoverschrijdende karakter van de ontwikkeling. Uit deze toelichting en de uitgevoerde onderzoeken blijkt dat de kans op negatief effect op de omgeving nihil is. Conclusie In voldoende mate is inzicht verkregen in de milieugevolgen van de beoogde herontwikkeling van dit plan. Gelet op de kenmerken van het plan, de locatie van het plan en de kenmerken van de

Crijns Rentmeesters bv

64

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop’ - toelichting

potentiële effecten moet worden geconcludeerd dat het plan niet leidt tot milieueffecten van een dusdanige omvang dat sprake kan zijn van ‘belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu’. De effecten blijven beperkt tot het plangebied en de directe omgeving daarvan. Er is daarom geen aanleiding of noodzaak voor het doorlopen van een formele m.e.r.-(beoordelings)procedure of m.e.r.procedure.

Crijns Rentmeesters bv

65

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop’ - toelichting

6. JURIDISCHE VORMGEVING 6.1 Inleiding Een bestemmingsplan is een planologische regeling die zowel de burger als de overheid rechtstreeks bindt. De regels en verbeelding dienen als één geheel te worden beschouwd en kunnen niet los van elkaar worden gezien. De toelichting op de regels en verbeelding is niet juridisch bindend, maar biedt wel inzicht in de belangenafweging die tot de aanwijzing van bestemmingen heeft geleid. Bovendien draagt de toelichting bij aan de planinterpretatie.

6.2 Toelichting op de verbeelding De verbeelding heeft een belangrijke rol bij het bepalen van de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden in het plangebied. Daartoe zijn op de verbeelding onder meer bestemmingsvlakken, functieaanduidingen en bouwvlakken opgenomen. De verbeelding bestaat uit een planverbeelding, getekend op een digitale kadastrale ondergrond. De bestemmingen ‘Wonen’, ‘Groen’ en ‘Verkeer’ zijn opgenomen. Op de verbeelding is een plangrens en zijn bouwvlakken opgenomen. De bestaande bedrijfswoning binnen het plangebied is voorzien van de bouwaanduiding ‘vrijstaand’. De bouwvlakken voor de nieuwe woningen zijn voorzien van de bouwaanduiding ‘twee-aaneen’. De gronden tot een breedte van 80 meter tot de hoogspanningsleiding die ten westen van het plangebied gelegen is, zijn voorzien van de gebiedsaanduiding ‘veiligheidszone – hoogspanningsverbinding’.

6.3 Algemene toelichting op de regels De opbouw van de regels is gelijk aan Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012. De opbouw is als volgt: Betekenisafspraken (Hoofdstuk 1 Inleidende bepalingen); De gebruiks- en bouwregels per bestemming (Hoofdstuk 2 Bestemmingen); Algemene regels (Hoofdstuk 3 Aanvullende regels); Overige regels (Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels). Een bestemmingsartikel kan uit de volgende leden in deze volgorde worden opgebouwd: Bestemmingsomschrijving; Bouwregels; Nadere eisen; Specifieke gebruiksregels; Afwijking van de gebruiksregels; Omgevingsvergunning voor het aanleggen.

Crijns Rentmeesters bv

66

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop’ - toelichting

6.4 Toelichting op de bestemmingen 6.4.1

Groen

De voor ‘Groen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor aanleg, onderhoud en in stand houding van openbaar groen binnen het plangebied.

6.4.2

Verkeer

De voor ‘Verkeer’ aangewezen gronden zijn bestemd voor verkeer en parkeren en bijbehorende voorzieningen.

6.4.3

Wonen

De voor ‘Wonen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor het wonen, tuinen en erven, groenvoorzieningen, water- en waterhuiskundige voorzieningen. In de regels zijn bouwregels opgenomen voor de beoogde gebouwen binnen het plangebied. Binnen de op de verbeelding opgenomen bouwvlakken mogen in totaal twaalf nieuwe woningen worden gebouwd, bestaande uit twee-onder-één kap woningen. Op de verbeelding zijn bouwaanduidingen opgenomen waarmee wordt verankerd dat de woningen niet aaneen gebouwd worden door verbindingen van aanbouwen of bijgebouwen tussen de woningen.

6.4.4

Waarde – Archeologie

Voor de gronden die zijn bestemd met de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie’ zijn in de regels van dit bestemmingsplan regels opgenomen die voorwaarden stellen aan roering van de gronden binnen het plangebied totdat de gronden zijn vrijgeven door het bevoegd gezag.

Crijns Rentmeesters bv

67

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop’ - toelichting

7. UITVOERBAARHEID 7.1

Economische uitvoerbaarheid

In artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening is bepaald dat een bestemmingsplan vergezeld moet worden van een toelichting waarin ook inzicht wordt gegeven in de uitvoerbaarheid van het plan. De ontwikkelingen die concreet mogelijk gemaakt worden door het bestemmingsplan moeten economisch uitvoerbaar zijn, anders is sprake van een oneigenlijke bestemming. In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de financiële uitvoerbaarheid van het plan. Het plan is op basis van het grondgebruik en de daaruit voortvloeiende kosten en opbrengsten onderzocht. Het plan kent een positief saldo. Gezien het stadium waarin de planontwikkeling zich momenteel bevindt, kan gesteld worden dat het plan financieel uitvoerbaar is. Uit actueel provinciaal en regionaal onderzoek naar de behoefte van woningen is gebleken dat die behoefte er is binnen de gemeente Geldrop-Mierlo. De behoefte naar nieuwe woningen en daarmee de behoefte aan bouwgrond is daarmee aangetoond. Dit wordt ook bekrachtigd door de op 9 maart 2023 overeengekomen Woondeal, die is ondertekend door het rijk, de provincie en de gemeenten in het Stedelijk Gebied Eindhoven. Deze partijen hebben zich langjarig gecommitteerd om de woonopgave in de regio op te pakken en te versnellen. Voorliggend plan past in de ambities zoals vastgelegd in de Woondeal.

7.2

Omgevingsdialoog

Deze ontwikkeling is op 10 mei 2023 middels een inloopavond toegelicht aan de omgeving. Het verslag van deze avond, welke opmerkingen zijn geplaatst en hoe deze verwerkt zijn, is opgenomen als bijlage bij deze toelichting .

Crijns Rentmeesters bv

68

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop - toelichting

8. PROCEDURE BESTEMMINGSPLAN 8.1 Procedure De bestemmingsplanprocedure conform de Wet ruimtelijke ordening wordt beschreven in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. In de Wet ruimtelijke ordening zijn hierop nog enkele wijzigingen beschreven. Samengevat is de bestemmingsplanprocedure als volgt: het ontwerpbestemmingsplan ligt gedurende 6 weken ter inzage; gedurende deze periode kan een ieder schriftelijke of mondelinge zienswijzen naar voren brengen aan de gemeenteraad; binnen twaalf weken na de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan stelt de gemeenteraad het bestemmingsplan vast; de vaststelling van het bestemmingsplan dient binnen twee weken na de vaststelling bekend gemaakt te worden behoudens de hieronder genoemde uitzonderingen; o Gedeputeerde Staten hebben een zienswijze ingediend en deze zienswijze is niet of niet volledig door de gemeenteraad meegenomen in het vastgestelde bestemmingsplan. o De gemeenteraad heeft bij de vaststelling van het bestemmingsplan ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan - met uitzondering van het overnemen van de zienswijzen van Gedeputeerde Staten wijzigingen aangebracht. Is één van bovenstaande twee gevallen aan de orde, dan mag het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan pas bekend worden gemaakt nadat zes weken zijn verstreken.

Het bestemmingsplan wordt dan voor zes weken ter inzage gelegd waartegen beroep kan worden ingesteld.

8.2 Inspraak Dit bestemmingsplan is als voorontwerpbestemmingsplan ter inspraak gelegd. Gedurende de inspraaktermijn zijn inspraakreactie ontvangen op het bestemmingsplan, waarna dit bestemmingsplan is aangepast. De inhoud van de inspraakreacties en hoe dit heeft geleid tot aanpassing van dit bestemmingsplan is weergegeven in de nota van inspraak en vooroverleg. Deze nota is als bijlage bij deze toelichting gevoegd.

8.3 Vooroverleg Artikel 3.1.1 van het Besluit op de ruimtelijke ordening geeft aan dat bij de voorbereiding van een bestemmingsplan burgemeester en wethouders overleggen met het bestuur van de bij het plan betrokken waterschap. Waar nodig plegen zij tevens overleg met besturen van andere gemeenten, met de provincie en met eventuele andere diensten van Rijk en provincie die belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. Dit voorontwerpbestemmingsplan is in het kader van het wettelijk vooroverleg voorgelegd aan de Provincie Noord-Brabant, de veiligheidsregio en waterschap De Dommel. De inhoud van de wettelijke vooroverlegreacties en hoe dit heeft geleid tot aanpassing van dit bestemmingsplan is weer-

Crijns Rentmeesters bv

Bestemmingsplan ‘Genoenhuizerweg 6 Geldrop - toelichting

gegeven in de nota van inspraak en vooroverleg. Deze nota is als bijlage bij deze toelichting gevoegd.

8.4 Zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Het ontwerpbestemmingsplan heeft met ingang van 17 november 2023 voor een termijn van 6 weken ter inzage gelegen. Gedurende deze inzagetermijn zijn vier zienswijzen op dit ontwerpbestemmingsplan ontvangen. Dit bestemmingsplan is niet gewijzigd in navolging van deze zienswijzen. De inhoud van de zienswijzen en de zienswijzenbeantwoording is weergegeven in de Nota van zienswijzen, die als bijlage bij dit bestemmingsplan is gevoegd. Ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan zijn in het vastgestelde bestemmingsplan een aantal ambtshalve wijzigingen verwerkt. Deze wijzigingen zijn weergegeven in de Nota van ambtshalve wijzigingen. Deze nota is als bijlage bij deze toelichting gevoegd.

Crijns Rentmeesters bv

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=GeldropMierlo&id=99203ac1-4ed7-4210-a1ac-cbb353eab36d